Coolpix 8700 - Camera NIKON - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Coolpix 8700 NIKON in PDF-formaat.
| Type product | Digitale camera |
| Effectieve pixels | 8,0 miljoen |
| CCD | 1/1.8 inch high-density, totaal 8,31 miljoen pixels |
| Objectief | 8× Zoom Nikkor, f=8,9–71,2 mm (35 mm equivalent: 35–280 mm), f/2,8–f/4,2 |
| Digitale zoom | Tot 4× (totale factor 32×) |
| Scherpstelbereik | 50 cm – ∞ (normaal); 3 cm – ∞ (macro en handmatig) |
| Zoeker | 0,44 inch, 235.000 dot, polysilicon TFT kleuren-LCD met dioptrie-instelling (−4 tot +1 m⁻¹) |
| Monitor | 1,8 inch, 134.000 dot, High Transmissive Advanced TFT LCD, draaibaar |
| Belichtingsregeling | Programma-automatiek (P), sluitertijdvoorkeuze (S), diafragmavoorkeuze (A), handmatig (M), belichtingscorrectie (−2,0 tot +2,0 LW in 1/3 LW-stappen) |
| Sluitertijden | 2–1/4000 s (auto/programma), 8–1/4000 s (S/A), BULB/TIME tot 10 min, 1/30–1/8000 s (Ultra HS) |
| Gevoeligheid (ISO) | 50, 100, 200, 400, Auto (tot 200) |
| Flitser | Ingebouwd, bereik 0,5–4,1 m (wijd) / 0,5–2,7 m (tele) |
| Opslagmedia | CompactFlash Type I/II, Microdrive |
| Bestandsformaten | RAW (NEF), TIFF-RGB, JPEG (FINE/NORMAL/BASIC), QuickTime (films), WAV (audio) |
| Aansluitingen | USB, A/V uit, DC ingang, accessoireschoen |
| Stroomvoorziening | Nikon EN-EL1 lithium-ion (oplaadbaar) of 2CR5 (DL245) lithium, optionele EH-53 netadapter |
| Afmetingen (B×H×D) | 113 × 105 × 78 mm |
| Gewicht | Ca. 480 g (zonder batterij en geheugenkaart) |
| Gebruikstemperatuur | 0–40 °C |
| Onderhoud en reiniging | Reinig de buitenkant met een zachte, droge doek. Gebruik geen agressieve chemicaliën. Lens reinigen met blaasbalg en lensdoekje. |
| Veiligheid | Niet in de zoeker naar de zon kijken. Gebruik alleen originele Nikon-accessoires. Bij rook of vreemde geur onmiddellijk uitschakelen en batterij verwijderen. |
| Onderdelen en reparatie | Neem contact op met een erkend Nikon-servicecentrum voor reparatie en vervangingsonderdelen. |
| Informatie | Raadpleeg de volledige handleiding voor uitgebreide instructies, beschikbaar op notice-facile.com. |
Veelgestelde vragen - Coolpix 8700 NIKON
Gebruikersvragen over Coolpix 8700 NIKON
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Camera in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Coolpix 8700 - NIKON en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Coolpix 8700 van het merk NIKON.
GEBRUIKSAANWIJZING Coolpix 8700 NIKON
De Nikon gids voor digitale fotografie met de
COOLPIX 8700
digitale camera

Bevestiging van de draagriem
Bevestig de draagriem als hieronder aangegeven.Herhaal voor het tweede draagoog.

Om de lensdop te plaatsen of te verwijderen drukt u op de klemmetjes aan beide zijden van de dop om de ontgrendeling op te heffen.

Bevestig de dop met het meegeleverde koordje aan de camera (zie afbeelding) om te voorkomen dat u de dop verliest.

Handelsmerk-informatie
Apple, het Apple logo, Macintosh, Mac OS, Power Macintosh, PowerBook en Quick Time zijn gedeponeerde handelsmerken van Apple Computer, Inc. Finder, Power Mac, iMac en iBook zijn handelsmerken van Apple Computer, Inc. Microsoft en Windows zijn gedeponeerde handelsmerken van Microsoft Corporation. Internet is een handelsmerk van Digital Equipment Corporation. CompactFlash is een handelsmerk van SanDisk Corporation. Lexar Media is een handelsmerk van Lexar Media Corporation. Microdrive is een gedeponeerd handelsmerk van Hitachi Global Storage Technologies in de Verenigde Staten en/of andere landen. Adobe en Acrobat zijn gedeponeerde handelsmerken van Adobe Systems Inc. PictBridge is een handelsmerk. Alle andere handelsnamen die in deze gebruikshandleiding worden genoemd of in andere documentatie die bij uw Nikon producten worden geleverd, zijn gedeponeerde handelsmerken van hun respectievelijke houders.
Symbolen en conventies
Om het vinden van bepaalde informatie te vergemakkelijken zijn de volgende symbolen gebruikt:

Deze icoon staat bij tips: aanvullende informatie die van pas kan komen bij het gebruik van de camera.

Deze icoon staat bij waarschuwingen: informatie die belangrijk is om schade aan de camera te voorkomen.

Deze icoon staat bij opmerkingen: informatie die gelezen dient te worden voordat de camera wordt gebruikt.

Deze icoon geeft aan dat er elders in deze handleiding of in de Snelhandleiding meer informatie over dit onderwerp staat.
Inleiding

Voorbereiding

Foto's maken – basistechniek

Onderwerpsstand

Meer weten over foto's maken

Films

Meer weten over afspelen

Menugids

Technische opmerkingen

Voor uw veiligheid
Lees om schade aan uw Nikon product of letsel bij uzelf te voorkomen de nu volgende veiligheidsvoorschriften goed door voordat u het product gaat gebruiken. Bewaar deze veiligheidsvoorschriften op een plaats waar gebruikers van het product er kennis van kunnen nemen.
De mogelijke gevolgen van het niet in acht nemen van de in dit hoofdstuk vermelde veiligheidsvoorschriften worden door middel van het volgende symbool weergegeven:

Dit symbool staat bij waarschuwingen die u moet lezen voordat u uw Nikon-product gebruikt, om mogelijk letsel te voorkomen.
WAARSCHUWINGEN
Kijk niet via de zoeker naar de zon
Via de zoeker naar de zon of een andere sterke lichtbron kijken kan tot gezichtsbeschadiging leiden.
Schakel het apparaat bij storing onmid-dellijk uit
Indien er rook of een ongewone geur uit het apparaat of de lichtnetadapter (optioneel verkrijgbaar) komt, koppel de lichtnetadapter dan los en verwijder de batterij onmiddellijk. Pas daarbij op dat u zich niet brandt.Voortgaand gebruik kan tot letsel leiden. Nadat u de batterij hebt verwijderd, dient u het apparaat door een door Nikon erkende onderhoudsdienst te laten nakijken.
Gebruik het apparaat niet in de buurt van ontvlambaar gas
Gebruik elektronische apparatuur niet in de buurt van ontvlambaar gas, aan- gezien dit kan leiden tot ontploffi ngen of brand.
Wees voorzichtig met de camerariem
Doe de camerariem niet rond de hals van een kind.
▲Demonteer het apparaat niet
Aanraken van de interne onderdelen van het apparaat kan tot letsel leiden. Bij storing mag het apparaat alleen door een daartoe bevoegde monteur te worden gerepareerd. Mocht het product openbarsten als gevolg van een val of ander ongeluk, verwijder dan de batterij en/of lichtnetadapter en laat het apparaat door een door Nikon erkende reparatiedienst nakijken.
Neem bij het gebruik van batterijen onderstaande voorzorgsmaatregelen in acht
Batterijen kunnen lekken of ontploffen wanneer u ze verkeerd gebruikt. Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht wanneer u de batterijen voor dit product gebruikt:
- Zorg dat het product uitstaat en controleer of het voedingslampje uit is, voordat u de batterij wordt vervangen. Zorg bij gebruik van een lichtnetadapter dat deze losgekoppeld is.
- Gebruik uitsluitend Nikon EN-EL1 lithium-ion-batterijen (meegeleverd) of 2CR5 (DL245) lithiumbatterijen (apart verkrijgbaar).
- Probeer niet een batterij ondersteboven of achterstevoren in de camera te plaatsen.
- Sluit een batterij niet kort en demonteer hem niet.
- Stel een batterij niet bloot aan vuur of bovenmatige hitte.
- Dompel een batterij niet onder in water en zorg dat hij niet nat kan worden.
- Plaats het dekseltje op de contactpunten van de batterij wanneer u de batterij vervoert. Berg een batterij (tijdens vervoer) niet op bij metalen voorwerpen zoals halskettingen en haarspelden.
- Volledig ontladen batterijen kunnen gaan lekken. Om schade aan het product te voorkomen dient u de batterij te verwijderen als hij leeg is.
- Onmiddellijk na gebruik, of wanneer het product gedurende langere tijd op batterijvoeding is gebruikt, kan de batterij heet zijn. Voordat u de batterij uit de camera neemt dient u de camera uit te zetten en de batterij af te laten koelen.
- De handgreep van de camera kan goed merkbaar warm worden wanneer er wordt gewerkt met een 2CR5 (DL245) lithiumbatterij in de camera. Dat is normal en wijst niet op een storing.
- Stop onmiddellijk met het gebruik van de batterij als u verandering opmerkt, zoals verkleuring of vervorming.

Gebruik de juiste kabels
Gebruik voor de aansluitingen uitsluitend de door Nikon voor dit doel meegeleverde kabels, opdat u zeker bent dat aan de technische voorwaarden wordt voldaan.

uiten bereik van kinderen houden
Zorg ervoor dat kleine kinderen geen batterijen of andere kleine onderdelen in hun mond kunnen stoppen.

Verwijderen van geheugenkaarten
Geheugenkaarten kunnen tijdens gebruik heet worden. Wees daarom voorzichtig wanneer u geheugenkaarten uit de camera verwijdert.

l-roms
De cd-roms waarop de software en handleidingen staan dienen niet op audio-cd-apparatuur te worden afgespeeld. Het afspelen van cd-roms op een audio-cd-speler kan leiden tot gehoorverlies of schade aan de apparatuur.

Wees voorzichtig met gebruik van de fl itser
Het gebruik van de fl itser dichtbij iemands gezicht kan tot tijdelijke schade aan het gezichtsvermogen leiden. Bij foto's van kleine kinderen is extra voorzichtigheid geboden; ga niet dichterbij dan één meter.

ebruik van de zoeker
Pas bij het verstellen van de Dioptrie-in-stelling van de zoeker op dat u niet per ongeluk een vinger in uw oog krijgt.

Voorkom aanraking met vloeibaar kristal
Mocht de LCD-monitor breken, pas dan op voor letsel veroorzaakt door gebroken glas; voorkom dat het vloeibare kristal uit de monitor in aanraking komt met huid, ogen of mond.
Opmerkingen
- Voor de gehele of gedeeltelijke reproductie, transmissie, transcriptie, opslag in een geautomatiseerd gegevensbestand, of vertaling in welke taal dan ook, in welke vorm dan ook, en met welke middelen dan ook van de bij uw Nikon-product geleverde handleidingen, is de voorafgaande schriftelijke toestemming van Nikon vereist.
-
Nikon behoudt zich het recht voor zonder voorafgaande aankondiging de specifi caties van de hardware en software die in deze gebruikshandleidingen worden beschreven op elke gewenst moment te wijzigen.
-
Nikon is niet aansprakelijk voor schade die voortkomt uit het gebruik van dit product.
- Nikon heeft alles in het werk gesteld om te zorgen dat de informatie in deze handleidingen juist en volledig is; wij stellen het zeer op prijs als u de Nikon-importeur op de hoogte brengt van eventuele fouten of omissies.
Mededeling betreffende het verbod op kopiëren en reproduceren
Let er op dat alleen al het bezit van materiaal dat digitaal is gekopieerd of gereproduceerd door middel van een scanner, digitale camera of ander apparaat wettelijk strafbaar kan zijn.
- Voorwerpen die niet mogen worden gekopieerd of gereproduceerd
Kopieer of reproduceer geen papiergeld, munten, waardepapieren of obligaties van de (plaatselijke) overheid, zelfs als dergelijke kopieën of reproducties voorzien zijn van een stempel "Voorbeeld" of "Specimen".
Het kopiëren of reproduceren van papiergeld, munten of waardepapieren die in het buitenland in circulatie zijn is verboden.
Tenzij vooraf toestemming is verleend door de overheid, is het kopieren of reproduceren van ongebruikte, door de overheid uitgegeven postzegels of briefkaarten verboden.
Het kopieren of reproduceren van door de overheid verstrekte (post)zegels en gecertifi ceerde wettelijke documenten is verboden.
- Waarschuwingen m.b.t. zekere kopieën en reproducties
De overheid heeft waarschuwingen uitgevaardigd met betrekking tot het kopieren of reproduceren van waarde-papieren uitgegeven door commerciële instellingen (aandelen, wissels, cheques, cadeaucertifi caten, etc.), reispassen, of coupons, behalve wanneer het gaat om een minimaal benodigd aantal kopieën voor zakelijk gebruik door een bedrijf.
Eveneens niet toegestaan is het kopieren of reproduceren van door de overheid uitgegeven paspoorten, vergunningen afgegeven door overheidsinstanties en andere instellingen, identiteitskaarten, en kaartjes, zoals pasjes en maaltijdbonnen.
- Auteursrechten
Het kopieren of reproduceren van auteursrechterlijk beschermde creatieve werken zoals boeken, muziek, schilderijen, houtgravures, kaarten, tekeningen, fi lms en foto's is geregeld in nationale en internationale auteurswetgeving. Gebruik dit product niet voor het maken van illegalie kopieën of voor het schenden van het auteursrecht.
Inhoud
Voor uw veiligheid.... ii
Opmerkingen iv
Inleiding
Onderdelen van de camera 2
Gebruik van de monitor.... 4
Informatieweergave.... 5
Camera in- en uitschakelen 7
De ontspanknop.... 7
Navigeren door de menu's 7
Voorbereiding
Batterijen plaatsen 8
Geheugenkaarten plaatsen 10
Eenvoudige voorbereidingen.... 11
Foto's maken-basistechniek
Stap 2—Beelduitsnede bepalen....16
Stap 3 — Scherpstellen en afdrukken.... 18
Stap4—Resultatenbekijken....21
Onderwerpsstand
Foto's maken in de onderwerpsstand 23
Foto's maken voor een panorama 28
Meer weten over foto's maken
Beeldkwaliteit en -afmetingen.... 30
Beeldkwaliteit.... 30
Beeldgrootte 32
Flitsstand 34
Scherpstelstand 37
Zelfontspannerstand.... 38
Belichtingscorrectie.... 39
Belichtingsstand (alleen opnamestanden 1 [Eigen 1] en 2 [Eigen 2]) ..... 40
P: Programma-automatiek 41
S: Sluitertijdvoorkeuze 42
A: Diafragmavoorkeuze 43
M: Handmatig 44
Gevoeligheid (alleen opnamestanden 1 [Eigen 1] en 2 [Eigen 2]) ...... 46
Handmatige scherpstelling (alleen opnamestanden 1 [Eigen 1] en 2 [Eigen 2]) ... 47
Films 49
Filmopties (alleen opnamestanden 1Eigen 1] en 2Eigen 2]) ...... 49
Films opnemen 51
Interval film opnemen.... 52
Films afspelen 54
Meer weten over afspelen
Beelden met de camera bekijken.... 55
Schermvullende weergave 55
Beeldoverzicht: Thumbnail-weergave 57
Foto-informatie 58
Nader bekijken: Zoomweergave.... 60
Kleine kopieën maken: Kleine kopie 62
Spraakmemo's: Opname en weergave 63
Beelden op TV bekijken 64
Beelden op de computer bekijken 65
Foto's printen.... 68
Printen via directe USB-aansluiting.... 69
Menugids
Het opnamemenu (alleen opnamestanden 1 [Eigen 1] en 2 Eigen 2]) .... 74
Witbalans 76
Lichtmeting 79
Continu 80
Best Shot Selector (BSS) 84
Beeld aanpassen 86
Verzadiging 87
Gebr. instelling (Gebruikersinstelling) 88
Verscherping 89
Lensconverter 90
Belicht. opties (Belichtingsopties) 91
Scherpstelopties 93
Zoomopties 95
Flitsopties 96
Auto bracketing 99
Ruisonderdruk. (Ruisonderdrukking) 101
Standaardwaarden 102
Mijn menu.... 103
CF-kaart format. (CF-kaart formatteren) 104
Het weergavemenu.... 105
Wissen 106
Mappen 108
Diashow.... 112
Beveiligen 114
Beeld verbergen 115
Printen 116
Auto-overdracht 118
Verplaats beeld 120
CF-Kaart formatteren 121
Kleine kopie 121
Het setup-menu.... 122
Taal/Language 124
Datum 124
Mappen 126
Monitoropties.... 126
Oplopende nummering 129
Sluitergeluid 130
Automatisch uit.... 131
CF-kaart formatteren.... 131
Bediening 132
Opnamebevestiging.... 133
info.txt 134
USB 134
Videostand 135
Standaardwaarden 135
Datum afdrukken 136
Firmware versie 136
Technische opmerkingen
Optionele accessoires.... 137
Goedgekeurde geheugenkaarten 139
Verzorging van uw camera.... 140
Foutmeldingen 143
Problemen oplossen 146
Specificaties 149
Index.... 151
Inleiding
Gefeliciteerd met uw aanschaf van deze COOLPIX 8700 digitale camera. Deze gebruikshandleiding is erop gericht u maximaal plezier te geven in het maken van digitale opnamen met uw Nikon digitale camera. Lees deze handleiding voor gebruik goed door en bewaar hem waar iedereen die de camera gebruikt hem kan vinden.
Voordat er belangrijke opnamen worden gemaakt
Voordat u foto's neemt van belangrijke gebeurtenissen (zoals een huwelijk of een reis) is het aan te raden testopnamen te maken om vast te stellen of de camera goed werkt. Nikon is niet aansprakelijk voor schade of gemiste opbrengsten als gevolg van een defect aan de camera.
Permanente educatie
Als onderdeel van Nikons streven naar permanente educatie, waarbij Nikon continue productondersteuning en -informatie verschaft, is er online op de volgende sites altijd nieuwe, bijgewerkte informatie beschikbaar.
• Voor gebruikers in de V.S.: http://www.nikonusa.com/
• Voor gebruikers in Europa: http://www.europe-nikon.com/support
- Voor gebruikers in Azië, Oceanië, het Midden-Oosten en Afrika: http://www.nikon-asia.com/
Bezoek deze sites voor de laatste productinformatie, tips en antwoorden op veelgestelde vragen (FAQ's), en voor algemeen advies over digitale beeldweergave en fotografi e. Raadpleeg voor meer informatie uw dichtstbijzijnde Nikon vertegenwoordiger. Zie de URL hieronder voor de contactgegevens:
http://www.nikon-image.com/eng/
Gebruik uitsluitend Nikon elektronische accessoires
Uw Nikon COOLPIX digitale camera is volgens de hoogste technologische standaards ontwikkeld en bevat complexe elektronische circuits. Alleen elektronische accessoires van het merk Nikon (inclusief batterijladers, batterijen, lichtnetadapters en fl itsers), die door Nikon speciaal zijn gecertifi ceerd voor gebruik met uw digitale camera, zijn ontwikkeld om binnen de operationele- en veiligheidseisen van deze elektronische circuits te werken en zijn met het oog daarop getest en goedgekeurd.
HET GEBRUIK VAN NIET-NIKON ELEKTRONISCHE ACCESSOIRES KAN LEIDEN TOT SCHADE AAN UW CAMERA EN KAN UW RECHT OP GARANTIE DOEN VERVALLEN. Het gebruik van oplaadbare Li-Ion batterijen die afkomstig zijn van derden en niet zijn goedgekeurd door Nikon kunnen een normale werking van de camera verstoren of kan leiden tot oververhitting, ontbranding, openbarsten of lekkage.
Neem voor meer informatie over originele Nikon-accessoires contact op met handelaar of importeur.
Onderdelen van de camera

Inleiding





Gebruik van de monitor


Uitklappen voor gebruik

Rotatiebereik

Gebruik voor zelfportretten*

Wegklappen tegen camerabody

* Monitor geeft gespiegeld beeld van wat op uiteinde- lijke foto verschijnt.
† Wanneer de camera wordt ingeschakeld treedt de elektronische zoeker automatisch in werking.

Gebruik geen extra kracht
Gebruik bij het roteren van de monitor geen extra kracht. Negeren van deze waarschuwing kan leiden tot beschadiging van de koppeling tussen monitor en camera.

De h knppen
Wanneer heldere lichtomstandigheden het beeld op de monitor slecht zichtbaar maken is het aan te raden de elektronische zoeker te gebruiken. Met de IeKnop wisselt u tussen monitor en elektronische zoeker. Druk op de DIS'nop om de aanduidingen op de monitor of in de elektronische zoeker op te roepen of te verbergen wanneer de camera in de opnamestand staat.
Instellingen en beeld via het objectief (zoeker/monitor)

flowchart
graph LR
A["DISP"] --> B["Camera Image 1: 1/125 F5.6"]
B --> C["DISP"]
C --> D["Camera Image 1: 1/125 F5.6"]
D --> E["DISP"]
E --> F["Waveform Display 1: 8M, 50Hz, 1/6"]
F --> G["DISP"]
G --> H["Output Image"]
Beeld via objectief met alleen aanduidingen voor batterij, fl its en scherpstelling
Histogram*


* Alleen in opnamestand ① (Eigen 1) en ② (Eigen 2); verschijnt niet in belichtingsstand M, in de fi Imstand of wanneer AE-vergrendeling (belichtingsvergrendeling) actief is.
Informatieweergave
Monitor / elektronische zoeker
De volgende aanduidingen kunnen tijdens opname op de monitor en in de elektronische zoeker verschijnen:

1 Opnamestand......15
2 Zoomaanduiding ^2 .....16
Mapnaam.....22, 108, 126
3 Belichtings-/scherpstelvergrendeling......91, 133
4 Scherpstelstand 37
5 Flitsaanduiding ....18
Opname-aanduiding....19
6 Flitsstand....34
7 Aanduiding batterijconditie ^3 .....14
8 Scherpstelaanduiding ^4 .....18
9 Beeldgrootte 32
10 Beeldgrootte ....30
11 Resterend aantal opnamen .....14
12 Datum afdrukken 136
13 Diafragma 40, 43
14 Sluitertijd....40, 42
15 Icoon "Datum niet ingesteld"5 .....12
16 Belichtingscorrectie....39
1 Icoon is afhankelijk van geselecteerde onderwerpsstand.
2 Verschijnt bij indrukken zoomknoppen.
![18 2119 20 30 32 31 BSS AE BSS BKT NR 29 28 27 1/125 F5.6 22 100 23 24 25 26 [106°]](/content/2026/06/1151589/images/f7384730208eb2d79882b8ccde9f5395aa3d7529b8f368419e646c908c5e9475.jpg)
17 Zelfontspanner ....38
18 Aanduiding Ultra HS opname .....81
19 Handmatige scherpstelling......47
20 Spotmeetkader....79
21 Flitsstand voor externe fl itsers......97
22 Witbalans....76
23 Gevoeligheid (ISO-equivalent) .....46
24 Beeld aanpassen....86
Zwart-witaanduiding ....87
25 Scherpstelvelden....93
26 Duur van de film....51
27 Belichtingsaanduiding....44
28 Belichtingsstand 40
29 Instelling converter .....90
30 Best Shot Selector (BSS) ....84
Bracketing aanduiding....99
Ruisonderdrukking ....101
31 Lichtmeetmethode 79
32 Continu-opname stand......80
3 Verschijnt wanneer batterijen leeg raken.
4 Verschijnt wanneer ontspanknop half wordt ingedrukt.
5 Verschijnt wanneer cameraklok niet is ingesteld.
LCD-venster ^1

1 Gevoeligheid (ISO-equivalent)......46
2 Witbalans (verschijnt wanneer FUNG knop wordt gebruikt om witbalans in te stellen) 76
3 Batterijconditie ....14
4 Beeldkwaliteit....30
5 Belichtingsstand 40
6 Sluitertijd ^2 40, 42
Diafragma ^2 40, 43
Opnamestand....24
Beeldgrootte 32
Belichtingscorrectie....39
Gevoeligheid (ISO-equivalent)......46
Witbalans....76
Overspeelstatus 66
7 Handmatige scherpstelling......47
8 Continu-opnamestand......80
9 Belichtingscorrectie....39
10 Flitsstand....34
11 Opnameteller (resterend aantal opna-men) 14
Belichtingsaanduiding......44
12 Lichtmeetmethode 79
13 Zelfontspanner 38
Scherpstelstand 37
14 Flexibel Programma 41

Knop LCD-verlichting
Wilt u de instellingen ook in het donker kunnen bekijken, druk dan op de knop LCD-verlichting (2). Het LCD-verlichtingssysteem (doorlichtsysteem LCD-venster) zal circa acht seconden aan blijven.
Camera in- en uitschakelen

Wanneer de camera wordt ingeschakeld schuift het objectief naar buiten en verschijnt op de monitor of in de elektronische zoeker een welkomstboodschap. De melding verdwijnt van het scherm wanneer de camera gereed is voor opname of weergave.

Wordt de camera uitgezet, dan trekt het objectief zich terug en verdwijnen de camera-aanduidingen.
De ontspanknop
De ontspanknop van de camera heeft twee indrukposities. Bij half indrukken worden scherpstelling en belichting ingesteld. Scherpstelling en belichting blijven vergrendeld zolang de ontspanknop half ingedrukt wordt gehouden. Druk de ontspanknop verder in om de opname te maken.

Navigeren door de menu's
Met de multi-selector navigeert u door de cameramenu's.

Batterijen plaatsen
Uw camera maakt gebruik van een van de volgende batterijen:
Batterij Omschrijving
Oplaadbare Nikon EN-EL1 lithium-ion batterij (×1)
Zes volt 2CR5 (DL245) lithium-batterij (×1)
- Bij camera geleverd
- Kan worden opgeladen met meegeleverde MH-53 batterijlader (laad de batterij geheel op voordat u de camera voor het eerst of na lange tijd gebruikt). Het duurt circa twee uur om de batterij te laden als hij geheel leeg is.
• In veel winkels verkrijgbaar - Niet oplaadbaar



EN-EL1

2 Open het deksel van de batterijruimte
Schuif de vergrendeling van het deksel van de batterijruimte in de stand Ⓔ(①) en klap het deksel open (②).
Plaats de batterij
5 Plaats de batterij als aangegeven op de binnenzijde van het deksel van de batterijruimte.
Batterijen plaatsen
Proberen de batterij ondersteboven of achterstevoren te plaatsen kan schade aan de camera veroorzaken. Controleer goed of de batterij juist is geplaatst.

4 Sluit het deksel van de batterijruimte Sluit het deksel van de batterijruimte (1) en schuif de vergrendeling in de stand(2).
Batterijen vervangen
Zet de camera uit voordat u batterijen verwijdert of plaatst. Wilt u de batterij verwijderen, open dan het deksel van de batterijruimte als beschreven in Stap 2, zie hierboven, en schuif de batterij naar buiten. Denk erom dat de batterij door het gebruik heet kan worden; wees dus voorzichtig als u de batterij verwijdert.
Lees de batterijwaarschuwingen
Lees waarschuwingen en instructies aangaande batterijgebruik op blz. ii-iii en 140 van deze handleiding en volg ze op, samen met de waarschuwingen en instructies die door de batterijfabrikant worden verstrekt.
Alternatieve stroombronnen
Om de camera voor langere tijd van stroom te voorzien kunt u het beste de EH-53 lichtnetadapter gebruiken (apart leverbaar; 📁 137). Gebruik onder geen voorwaarde een ander type of fabrikaat lichtnetadapter. Negeren van deze waarschuwing kan leiden tot oververhitting van of schade aan de camera.
Geheugenkaarten plaatsen

De camera slaat de opnamen op CompactFlash™ geheugenkaarten op. Kijk onder Technische opmerkingen "Goedgekeurde geheugenkaarten" 39) voor een lijst van compatible kaarten.

1 Zet de camera uit

2 Open het deksel van de kaartsleuf
Z Bij fabricage is in de kaartsleuf een gele notitie over het plaatsen van de geheugenkaart geplaatst. Verwijder de notitie en lees de instructies.

2 Plaats een geheugenkaart
Controleer of de uitwerpknop helemaal ingedrukt is (1) en plaats een geheugenkaart in de camera, als aangegeven op de binnenzijde van het deksel van de kaartsleuf (2).

Geheugenkaarten plaatsen
Plaats een geheugenkaart zo dat de contactpunten voorop gaan. Proberen de geheugenkaart ondersteboven of achterstevoren te plaatsen kan schade aan de camera of de kaart veroorzaken. Controleer goed of de batterij juist is geplaatst.


De uitwerpknop
Staat de uitwerpknop omhoog wanneer het deksel van de kaartsleuf wordt gesloten, dan zal de sleutel van het deksel de geheugenkaart gedeeltelijk omhoog voeren, wat bij inschakeling van de camera tot storing kan leiden. Let goed op dat de uitwerphendel omlaag is voordat u een kaart plaatst.


Verwijderen van geheugenkaarten
De camera moet uit staan als u de geheugenkaart verwijdert; zo kan er geen informatie verloren gaan. Wilt u een geheugenkaart verwijderen, zet dan de camera uit en open het deksel van de kaartsleuf/batterijruimte. Druk op de uitwerphendel (1), om hem omhoog te laten komen, druk er nog eens op om de kaart gedeeltelijk naar buiten te voeren (2). De kaart kan met de hand worden verwijderd. Denk erom dat geheugenkaarten door het gebruik heet kunnen worden; wees dus voorzichtig als u een geheugenkaart verwijdert.

4 Sluit het deksel van de kaartsleuf
Formatteer geheugenkaarten voordat u ze voor het eerst gaat gebruiken Geheugenkaarten moeten worden geformatteerd voordat u ze voor het eerst gebruikt. Kijk onder "Het Opnamemenu: CF-Kaart formatteren (104).
Eenvoudige voorbereidingen
Volg onderstaande stappen om een taal te kiezen en tijd en datum in te stellen.

1 Maak de monitor gebruiksklaar

2 Zet de camera aan De eerste keer dat o
De eerste keer dat de camera wordt aangezet verschijnt het taalselectievenster. Kies een taal en stel tijd en datum in als beschreven op de nu volgende bladzijden.


Markeer Deutsch (Duits), English (Engels), Español (Spaans), Français (Frans), Italiano (Italiaans), Nederlands, Svenska (Zweeds), (日本語), 中文(简体) (Chinees) of (Chireans).
* Wilt u stoppen zonder een taal te kiezen, druk dan u op de MENU knop. Het taalselectievenster verschijnt dan de volgende keer dat de camera wordt ingeschakeld of als de monitor wordt geactiveerd nadat de monitor in de standby stand is gegaan.


† Selecteer Nee om de stand te verlaten die met de keuzeschakelaar werd gekozen. Zijn datum en tijd niet ingesteld, dan knippert de 📋 icoon; alle opnamen krijgen de tijdregistratie "0000.00.00 00:00".Films krijgen de datum "2004.01.01 00:00."


De klokbatterij
Wanneer de hoofdbatterij in de camera zit of de camera op een lichtnetadapter is aangesloten laadt de klokbatterij zich in ongeveer 10 uur op. Wanneer hij volledig is geladen kan de klokbatterij een aantal dagen voor backup-voeding zorgen. Het taal-selectievenster verschijnt automatisch als de klokbatterij leeg is.
De cameraklok
De cameraklok werkt mogelijk minder nauwkeurig dan een horloge of een klok in uw huis. Vergelijk af en toe de tijdaanduiding van uw camera, stel zonodig de tijd bij.


‡ Is de zomertijd (125) gelijk aan de plaatselijke tijdzone, markeer dan Zomertijd en duw de multi-selector naar rechts. Markeer huidige tijdzone om terug te gaan naar Stap 6. Markeer Tijdzone en duw de multi-selector naar rechts.





Ga terug naar de stand die momenteel met de keuzeknop is gekozen. Denk eraan dat tijd en datum van opname niet op de foto's wordt geprint tenzij Datum of Datum en tijd is geselecteerd voor Datum afdrukken (36).
Foto's maken-basistechniek
Stap 1 —Kiesøstand

De stand wordt automatisch gekozen wanneer de camera voor het eerst wordt ingeschakeld. In deze volautomatische stand, bestemd voor simpelweg richten en afdrukken, worden de meeste instellingen door de camera geregeld, op basis van de opname-omstandigheden.

1 Zet de keuzeknop op en zet de camera aan
Het objectief schuift naar buiten en op de monitor of in de elektronische zoeker verschijnt een welkomstboodschap. De camera is klaar voor de opname wanneer de melding wordt vervangen door het zoekerbeeld en de camera-instellingen op het LCD-venster verschijnen.

flowchart
graph TD
A["Opnamestand (5) staat voor automatische stand."] --> B["Monitor/elektronische zoeker"]
B --> C["Batterij-aanduiding"]
C --> D["LCD-venster 125"]
D --> E["Beeldkwaliteit/afmetingen (30) Kies op basis van gebruiksdoel van de opname."]
E --> F["Belichtingsstand"]
F --> G["Resterend aantal opnamen (3)"]
G --> H["Belichtingsstand (40) P (programma-automatiek) wordt in stand automatisch geselecteerd."]

De batterij-aanduiding
Monitor LCD-venster OpmerkingenStatus
| Camera functioneert normaal.Batterij vol.GEI | |||
| Batterij bijna leeg. Houd reserve bat- terij gereed. | Bij gebruik fl itser gaat de monitor / elektronische zoeker uit tijdens op- laden fl itser. | ||
| LET OP! BATTERIJ BIJNA LEEG! | (knippert) | Batterij leeg. | Er kunnen geen foto's worden ge- maakt voordat de batterij is herla- den of vervangen. |

2 Controleer of de stand is geselecteerd
Wanneer de stand niet is geselecteerd Is de stand niet geselecteerd, druk dan op de knop en draai aan de instelschijf totdat de moon in de linker bovenhoek van de monitor of elektronische zoeker verschijnt.

* Icoon is afhankelijk van geselecteerde onderwerp 📁3).
Is Gebr. instelling (Gebruikersinstelling, de standaard optie) niet aan de FUNCnop toegekend (132), dan kan de opnamestand worden geselecteerd via de cameramenu's (88).
Opnamestand
De volgende opnamestanden zijn beschikbaar:
| Icoon | Stand | Omschrijving | |
| Automatisch | Automatische stand, richten en schieten. | 14–20 | |
| Vari-eert | Onder-werp | Automatische stand met keuze uit twaalf situaties, op basis van onderwerpen of opname-omstandigheden. | 23–29 |
| 1 | Eigen 1 | Hier zijn alle instellingen door de gebruiker te rege-len. Separate aanpassingen in elke stand mogelijk. | 88 |
| 2 | Eigen 2 |
Resterend aantal opnamen
Bereikt het resterende aantal opnamen nul, dan verschijnt de melding "GEEN GEHEU-GEN MEER" op de monitor. U kunt pas weer opnemen als u:
- een nieuwe geheugenkaart hebt geplaatst (0)
• opnamen wist (21, 106)
De melding "GEEN GEHEUGEN MEER" kan mogelijk verdwijnen als er een lagere beeld-kwaliteit of kleinere grootte wordt gekozen (30).
Stap 2 — Beelduitsnede bepalen


Pas op dat u bij het fotograferen niet op de knoppen op de linkerzijde van de camera drukt.
1 Maak de camera gereed
Houd de camera rustig en stevig met twee handen vast.

Dek het beeld niet af
Zorg ervoor dat er geen vingers of andere objecten voor microfoon, objectief of het fl itsvenster zitten, anders krijgt u een dof geluid of donkere of gedeeltelijk afgedekte opnamen. Houd uw vingers onder de ribbels op de handgreep om blokkeren van het lampje van de rode-ogen-reductie te voorkomen.

Aanduiding geeft zoom- factor weer wanneer een van de twee knop- pen wordt ingedrukt.

Digitale zoom
2 Neem het onderwerp in beeld
De camera beschikt over twee zoomsystemen: optische zoom, waarbij het objectief van de camera wordt gebruikt om het onderwerp maximaal 8 × uit te vergroten, en digitale zoom, waarin een deel van het beeld via digitale bewerking wordt vergroot tot 4×, voor een totale zoomfactor van maximaal 32×. Gebruik de zoomknoppen om uw onderwerp centraal in beeld uit te kaderen:
- Druk op de knop om uit te zoomen, waardoor u meer overzicht creëert.
- Druk op de knop om in te zoomen, waardoor het onderwerp het beeld meer vult.
- Is de camera maximaal ingezoomd, dan kunt u de digitale zoom in werking brengen door de zoomknop (☐) circa twee seconden ingedrukt te houden. De zoomaanduiding wordt geel. Gebruik de ■ en knoppen om de zoom in het digitale bereik te regelen. Wilt u de digitale zoom annuleren, druk dan op wlotdat de zoomaanduiding wit wordt.

De ingebouwde fl itser
Standaard klapt de ingebouwde fl itser bij half indrukken van de ontspanknop automatisch omhoog indien er fl itslicht nodig is. Houd uw vingers nooit zo dat ze het fl itslicht kunnen blokkeren. Wordt de fl itser geblokkeerd waardoor hij niet kan uitklappen als de ontspanknop half wordt ingedrukt, dan verschijnt er een melding.

Probeer niet de fl itser met de hand uit te klappen. Negeren van deze waarschuwing kan leiden tot schade aan de fl itser. Wilt u de fl itser terugklappen, duw hem dan rustig omlaag totdat hij vastklikt. Oefen geen kracht uit op voorzijde, achterzijde of zijkanten.

Digitale zoom (5)
Bij digitale zoom wordt beeldinformatie van de beeldsensor van de camera digitaal bewerkt, waardoor het centrale deel van het beeld wordt vergroot tot het het beeld vult. In tegenstelling tot optische zoom worden bij digitale zoom de details in de foto niet duidelijker. In plaats daarvan worden details die bij maximale optische zoom zichtbaar zijn simpelweg vergroot, waardoor een ietwat korrelig beeld kan ontstaan.

Bij weinig licht
Bij weinig licht wordt de gevoeligheid verhoogd; het beeld op de monitor kan er extra korrelig uitzien. Dat is normaal en wijst niet op een storing.

Scherp zoekerbeeld
Is het beeld van de elektronische zoeker onscherp, draai dan aan het wieltje van de oogsterkte-aanpassing totdat u het beeld scherp is. Draait u aan de instelling terwijl u het oog aan de zoeker hebt, pas dan op dat u niet met uw vinger in uw oog komt.

Automatische uitschakeling (Standby-stand)
Wordt er een minuut lang geen handeling uitgevoerd (drie minuten wanneer er een menu wordt weergegeven), dan worden de monitor en de elektronische zoeker automatisch uitgeschakeld en gaat de camera in de standby-stand. Hierdoor wordt onnodig stroomverbruik voorkomen (wordt de camera gevoed door de optionele lichtnetadapter, of is de optie Loop gekozen voor weergave van een diashow [112] dan worden monitor en zoeker na dertig minuten automatisch uitgeschakeld. Wilt u de weergave weer activeren, druk dan op de 📄, 🔒, 📞, of de 📄 knop of druk de ontspanknop half in.
De tijdsduur voor het ingaan van de standby-stand kan worden gewijzigd via de optie Automatisch uit in het setup-menu (31).
Stap 3 — Scherpstellen en afdrukken


Scherpstelaanduiding
1 Scherpstellen
Druk de ontspanknop half in om scherpstelling en belichting (7) te vergrendelen. In de stand zal de camera automatisch scherpstellen op wat zich in het midden van het beeld bevindt. Scherpstelling en belichting blijven vergrendeld zolang de ontspanknop half ingedrukt wordt gehouden. Is het onderwerp slecht verlicht en is de fl itser ingeschakeld, dan zal de ingebouwde fl itser uitklappen en zich gaan opladen.
Controleer, terwijl de ontspanknop half ingedrukt wordt gehouden, de scherpstel- en fl itsaanduidingen in de monitor of de elektronische zoeker.
| Flitsaanduiding | Aan (rood) | Bij de opname wordt gefl itst. |
| Knippert rood | Flitser laadt zich op. | |
| Uit Flitser uit of niet nodig. | ||
| Scherpstelaanduiding | Brandt (groen) | Scherpstelling in orde.* |
| Knippert groen | Camera kan niet scherpstellen op onderwerp midden in beeld. Stel met scherpstelvergrendeling scherp op een ander onderwerp op dezelfde afstand, kies opnieuw de compositie en maak de foto. | |

* Brandt altijd wanneer ingesteld is op oneindig (37) of wanneer handmatige scherpstelling (47) wordt gebruikt.
2 Maak de foto
Druk de ontspanknop verder in om de opname te maken. Druk om trillingsonscherpte te voorkomen de ontspanknop rustig in.

Weergavevertraging
Het beeld dat de CCD van de camera opneemt moet worden verwerkt voordat het op de monitor of in de elektronische zoeker kan worden weergegeven, wat leidt tot een korte wachttijd tussen de opname en de weergave van de gemaakte foto. Deze vertraging kan worden verkort door Snel te kiezen bij Monitoropties >Ontspansnelheld in het setup-menu (126).
Tijdens de opname
Terwijl de beelden op de geheugenkaart worden opgeslagen verschijnt de (opname) of (wachten) icoon op de monitor of in de elektronische zoeker. De camera kan doorgaan opnamen te maken totdat de icoon verschijnt. Zet de camera niet uit, verwijder de geheugenkaart niet en verwijder of ontkoppel de stroombron niet als de of icoon te zien is. Onder die omstandigheden kan een stroomonderbreking of verwijdering van de geheugenkaart leiden tot informatieverlies of beschadiging van de camera of de kaart.
Batterij bijna leeg
Wordt de fl itser gebruikt terwijl de icoon voor een bijna lege batterij verschijnt, dan wordt de monitor tijdens het opladen van de fl itser uitgeschakeld.
De AF-hulpverlichting
Is er weinig licht, dan zal de ingebouwde AF-hulpverlichting worden geactiveerd als de ontspanknop half wordt ingedrukt, waardoor de camera ook goed kan scherpstellen als het onderwerp slecht wordt verlicht. De AF-hulpverlichting heeft een bereik van circa 1,2 m. De AF-hulpverlichting treedt niet in werking indien:

- de ingebouwde fl itser wordt geblokkeerd, waardoor hij niet omhoog kan komen (de AF-hulpverlichting kan ook in werking treden als de fl itser uit staat; pas dus op dat u de fl itser niet blokkeert)
- de scherpstelstand (37) is ingesteld op (oneindig)
• (Portret), (Nachtportret) of (Close-up) als onderwerpsstand is gekozen (24–26) of Handmatig werd gekozen bij Scherpstelopties > AF-veld stand (93)
• (Landschap), (Nachtlandschap) of (Vuurwerk) werd gekozen in de onderwerpsstand (5–26)
- een andere instelling dan Interval film werd gekozen in de filmstand (49)
- Handmatig werd gekozen bij Flitsopties>Pop up (89) 96) en de ingebouwde flitser werd neergeklapt
Goede resultaten met autofocus
Autofocus werkt het beste wanneer er contrast is tussen onderwerp en achtergrond en het onderwerp egaal wordt verlicht. Autofocus werkt minder goed als het erg donker is of het onderwerp zich snel verplaatst, als er objecten van sterk uiteenlopende helderheid voorkomen (bijvoorbeeld als de zon achter het onderwerp is en het onderwerp in de schaduw blijft), of als er verschillende objecten centraal in beeld zijn op verschillende afstanden tot de camera (bijv. een dier achter tralies).
Scherpstel-/Belichtingsvergrendeling (AF/AE Lock)
Scherpstelling en belichting blijven vergrendeld als de ontspanknop half wordt ingedrukt, en blijven vergrendeld zolang de ontspanknop in deze stand wordt gehouden (scherpstelvergrendeling). Gebruik scherpstelvergrendeling voor onderwerpen buiten het beeldmidden of wanneer de autofocus niet goed op het onderwerp kan scherpstellen.
1
Scherpstellen


Plaats het onderwerp midden in beeld en druk de ontspanknop half in.
2
Controleer de scherpstelaan- duiding

Controleer of de scherpstelaanduiding brandt, wat aangeeft dat er op het onderwerp is scherpgesteld.
3
Bepaal de beeldcompositie


Scherpstelling en belichting blijven vergrendeld zolang de ontspanknop half ingedrukt wordt gehouden.*
4
Maak de foto

Druk de ontspanknop geheel in om de foto te maken.
* Verander zolang de scherpstelling vergrendeld wordt gehouden de afstand tussen camera en onderwerp niet. Verplaatst het onderwerp zich, laat dan de ontspanknop los en stel opnieuw in op de nieuwe afstand.

De Lock op
Scherpstelling en belichting worden ook vergrendeld als de lock knop ingedrukt wordt gehouden (indien gewenst kan de lock op worden gebruikt om alleen de scherpstelling of alleen de belichting te vergrendelen; 32).

Stap 4 — Resultaten bekijken(Snel terugspelen/Schermvullend terugspelen)
De 📄knop kan worden gebruikt om opnamen te bekijken zonder de opnamestand te verlaten.

Beelden worden weergegeven in de linker bovenhoek van de monitor (snel terugspelen).

Druk opnieuw op op op om beel- den schermvullend weer te geven (schermvullende weergave).
Gebruik de multi-selector om andere opnamen te zien. Duw de multi-selector omlaag of naar rechts om de opnamen in de opgenomen volgorde te zien, omhoog of naar links voor de omgekeerde volgorde. Druk op de knop of druk de ontspanknop half in om terug te keren naar de opnamestand.
Ongewenste opnamen wissen (schermvullend terugspelen)
Druk op de knop om de schermvullend weergegeven opname te wissen. Er verschijnt een bevestigingsscherm; druk de multi-selector omhoog of omlaag om een optie te markeren en druk de multi-selector naar rechts om een selectie te maken.
- Ja: Wis de foto en keer terug naar schermvullend terugspelen
- Nee: Ga terug naar schermvullend terugspelen zonder de opname te wissen

Snel terugspelen
Op de 1 hop drukken wist in snel terugspelen getoonde beelden niet.

U kunt opnamen ook weergeven door de keuzeschakelaar op ▶weergavestand; 55) te zetten.

Weergavetips
Foto's worden alvast op lage resolutie weergegeven terwijl ze nog van de geheugen- kaart worden gelezen. Hierdoor kunt u de opnamen snel laten passeren zonder dat u hoeft te wachten totdat elk beeld volledig is opgebouwd.


Namen beeldbestanden en mappen
Op de geheugenkaart wordt opnamen geïdentifi ceerd met bestandsnamen die uit drie delen bestaan: een uit vier letters bestaande identifi cator, een viercijferig bestandsnummer dat automatisch in oplopende volgorde wordt toegekend, en een uit drie letters bestaande extensie (bijv. "DSCN0001.JPG").
| Type | Identifi cator | Extensie | ||
| Origineel | RAW-kwaliteit foto | 30.NEFDSCN | ||
| HI-kwaliteit foto | 30.TIFDSCN | |||
| FINE-, NORMAL-, of BASIC-kwaliteit | DSCN | 30.JPG | ||
| Film | DSCN | .MOV | 49 | |
| Interval fi lm | INTN | .MOV | 49 | |
| Kopie | Uitsnedekopie | RSCN | 60.JPG | |
| Kleine kopie | SSCN | .JPG | 62 | |
| Audio-bestand | Spraakmemo (gekoppeld aan originele foto) | DSCN .WAV | 63 | |
| Spraakmemo (gekoppeld aan uitsnedekopie) | RSCN | .WAV | 63 | |
| Spraakmemo (gekoppeld aan kleine kopie) | SSCN | .WAV | 63 | |
Wanneer een opname met de camera wordt weergegeven verschijnen bestandsnummer en extensie in de rechter bovenhoek van het scherm. De identifi cator wordt niet weergegeven, maar is wel zichtbaar als de opname is overgespeeld naar een computer.
Foto's worden opgeslagen in mappen die zijn voorzien van een driecijferig nummer gevolgd door een uit vijf letters bestaande identifi cator (bijv. "100NIKON"). De standaard identificator is NIKON; indien gewenst kunnen er mappen met andere identificators worden gemaakt, bijvoorbeeld om foto's op thema te sorteren 📁108). "INTVL" voor interval-opnamen ⚙ 83), "N_" plus een driecijferig volgnummervoor Ultra HS (bijv. "101N_001"; ⚙30), of "P_" plus een driecijferig volgnummer voor Panorama Assist (bijv. "101P_001"; ⚙ 29). Mappen kunnen tot 200 beelden bevatten; werd er een foto gemaakt terwijl de huidige map 200 foto's bevat, dan wordt er een nieuwe map aange- maakt met een nummer dat 1 hoger is dan dat van de huidige map. Maakt u een foto terwijl de huidige map een foto met het nummer 9999 bevat, dan wordt er een nieuwe map aangemaakt en begint de bestandsnummering weer op 0001. Heeft de huidige map het nummer 999 en bevat hij 200 foto's of een foto met nummer 9999, dan kunnen er geen foto's meer worden gemaakt totdat de geheugenkaart is geformatteerd (Ⓧ 104) of er een nieuwe geheugenkaart is geplaatst.
De foto die verschijnt wanneer de [symb] knop wordt ingedrukt is de foto met het hoogste bestandsnummer in de map met het hoogste nummer.
Onderwerpsstand
Foto's maken in de onderwerpsstand
De onderwerpsstand biedt een menu met twaalf onderwerpen ("scènes"), elk overeenstemmend met een bepaalde situatie, zoals tegenlicht, zonsondergang of een interieuropname. De camera-instellingen worden automatisch aangepast aan het geselecteerde onderwerp, waardoor de gebruiker een groot aantal speciale instellingen uit handen wordt genomen. Zo selecteert u een onderwerp:


* Standaardinstelling is 7. Is Gebr. instelling niet aan de FUNC knop toegekend (132), dan kan de onderwerpsstand worden geselecteerd via de cameramenu's (8).

Markeer onderwerp (onderwerp kan ook worden gemarkeerd via instelschijf). Gemarkeerd onderwerp wordt aangeduid met grote icoon en tekst. Om te stoppen zonder de huidige selectie te veranderen drukt u op MENU

Selecteer gemarkeerd onderwerp en keer terug naar de opnamestand. Geselecteerde onderwerp wordt aangegeven door icoon op monitor of in elektronische zoeker.
Het onderwerpsmenu
Het onderwerpsmenu bevat ook een optie Gebr. instelling (Gebruikersinstelling) voor het kiezen van de opnamestand (88) en een optie SET-UP voor toegang tot het setup-menu van de camera (22).

Afhankelijk van het geselecteerde onderwerp kunnen er beperkingen gelden ten aanzien van de flitsstand (⚡; ⚙ 34), de AF-hulpverlichting (💡; ⚙ 19), de scherpstelstand (▲; ⚙ 37), of de scherpstelveldselectie ( 🔊; ⚙ 93). Deze beperkingen worden op de nu volgende bladzijden behandeld.

Portret (SCE1)
Voor portretten. Hoofdonderwerp wordt scherp weergegeven terwijl achtergrond onscherp blijft, wat een gevoel van diepte geeft.
- Mate van verzachting is afhankelijk van hoeveelheid licht.

Om achtergronddetails of het effect van kaarslicht of andere soorten binnenverlichting te behouden.

* Andere standen kunnen worden gekozen.
† Zelfontspanner kan worden gebruikt.

Onderwerpsstand
In hoeverre een onderwerpsstand het gewenste resultaat geeft is mede afhankelijk van de omstandigheden. Voldoet het resultaat niet, kies dan de stand (auto) en probeer het opnieuw.

De AF-hulpverlichting
In de standen 📋 (Portret), 📌 (Nachtportret) en 📋 (Close-up) is de AF-hulpverlichting alleen beschikbaar wanneer het centrale scherpstelveld is geselecteerd.

Cameratrilling (
Bij bepaalde onderwerpsstanden kan door een lange sluitertijd trillingsonscherpte ontstaan. Het aantal sterren naast de coon geeft aan wat nodig is om trillingsonscherpte te voorkomen:
houd de camera met twee handen vast en druk uw ellebogen tegen uw lichaam.
gebruik een statief of plaats de camera op een vlak, zuiver horizontaal oppervlak.

Onderwerp selecteren
U kunt een onderwerpsinstelling ook kiezen door op de knop te drukken en aan de instelschijf te draaien. Geselecteerd onderwerp verschijnt op LCD-venster als SCE1SCEc

Nachtportret 6) [ E 3 ]
Voor het maken van opnamen bij weinig licht, waarbij wordt gezorgd voor een natuurlijke balans tussen het onderwerp en de achtergrond.
![NIKON Coolpix 8700 - Nachtportret 6) [ E 3 ] - 1](/content/2026/06/1151589/images/2318b3010e1ea18181ed4daaf4e02e8c90c9d22cdec3090d37d23e0387fca41d.jpg)
- Ruisonderdrukking(01) wordt bij lange sluitertijden automatisch ingeschakeld.
![NIKON Coolpix 8700 - Nachtportret 6) [ E 3 ] - 2](/content/2026/06/1151589/images/6d59812a357167909e668329b690d434c16bfd1f45d4486808e94033c1eb05af.jpg)
![NIKON Coolpix 8700 - Nachtportret 6) [ E 3 ] - 3](/content/2026/06/1151589/images/1376b2387712cc60ca6b548ef5e56d5a632bfc0a5d1d3d8f692e25d80d083ce9.jpg)
![NIKON Coolpix 8700 - Nachtportret 6) [ E 3 ] - 4](/content/2026/06/1151589/images/f4f92cc1de47bd60ebe62ab7a610a1b4ac05e44742a1192c1e67eb52fbd6a1ee.jpg)
![NIKON Coolpix 8700 - Nachtportret 6) [ E 3 ] - 5](/content/2026/06/1151589/images/67a88289993b2344a1e34a2669d4656b4bfbcc8fba7dbfcc205386303de2c602.jpg)
![NIKON Coolpix 8700 - Nachtportret 6) [ E 3 ] - 6](/content/2026/06/1151589/images/e7e3cbaf12f001fa73aad0dee5d4c124e44d0ac106b0b7d95b3af42981afa57e.jpg)
![NIKON Coolpix 8700 - Nachtportret 6) [ E 3 ] - 7](/content/2026/06/1151589/images/5a97140a79a3b018457615ffc3478885e5a515b8b1410432fad7723c8203843c.jpg)
![NIKON Coolpix 8700 - Nachtportret 6) [ E 3 ] - 8](/content/2026/06/1151589/images/5a9d64b57b40360657dc1efbc0dc5a7ac00245baca5a5807959defde8dc7a84a.jpg)
![NIKON Coolpix 8700 - Nachtportret 6) [ E 3 ] - 9](/content/2026/06/1151589/images/5aabfb693d6457c2e831a0aa6cfd1d6cb89e208d09b35afdc2045bf9f55d3bc5.jpg)
HandinstellingAu
utomatis
![NIKON Coolpix 8700 - Nachtportret 6) [ E 3 ] - 10](/content/2026/06/1151589/images/45faa310b062bbd6da2b88f8c74009e8367ab6195e80cff3e2ca0d1da0bb8197.jpg)
Strand / sneeuw\$E4
Voor zeer heldere onderwerpen, zoals sneeuwlandschappen, stranden en zonbeschenen wateroppervlakken.

Voor levensechte landschapsopnamen die versterking geeft van contouren, kleuren en contrasten in onderwerpen als wolkenluchten en bossen.

- Camera stelt scherp op oneindig. Scherpstelaanduiding licht op wanneer de ontspanknop half wordt ingedrukt.











Zonsondergang 6) C E S
Voor het vasthouden van de diepe kleuren van zonsonder- en opgang.

* Zelfontspanner kan worden gebruikt.
† Andere standen kunnen worden gekozen.

Er wordt een lange sluitertijd toegepast, voor verrassende nachtlandschappen.

- Ruisonderdrukking(101) wordt bij lange sluitertijden automatisch ingeschakeld.
- Scherpstelling wordt ingesteld op oneindig. Scherpstelaanduiding licht op wanneer de ontspanknop half wordt ingedrukt.



—





—

Vuurwerk 638
Lange sluitertijden worden toegepast om de lichtsporen van het vuurwerk vast te leggen.

- Scherpstelling wordt ingesteld op oneindig. Scherpstelaanduiding licht op wanneer de ontspanknop half wordt ingedrukt.
- Zelfontspanner en belichtingscorrectie kunnen niet worden gebruikt.



一





一

Close-up 6)C E9
Voor dichtbij-opnamen van bloemen, insecten en andere kleine objecten.

- Camera stelt continu scherp totdat ontspanknop half wordt ingedrukt om scherpstelling te vergrendelen. De kortste instelafstand varieert met de zoomstand. Om scherp te stellen tot op 3 cm vanaf het objectief
dient u de zoom bij te stellen totdat de macro close-up icoon (♂groen wordt. (Houd er rekening mee dat de fl itser op afstanden van 50 cm of korter mogelijk niet het totale onderwerp uitlicht. Maak testopnamen en controleer ze via monitor of de elektronische zoeker.)



√





Handinstelling

Kopie 6x38
Geeft heldere opnamen van tekst of lijntekeningen op een witte ondergrond of bij drukwerk zoals een visitekaartje.

- Gebruik op korte afstanden de macro close-up-stand (137).
- Gekleurde tekst en tekeningen worden mogelijk niet goed weergegeven.









UitAutomat

Onderwerpsstand

Tegenlicht 51 E6
Te gebruiken wanneer licht van achter het onderwerp komt, waardoor het onderwerp donker zou worden weergegeven, of wanneer het onderwerp in de schaduw ligt en de achtergrond fel wordt verlicht. De fl itser wordt automatisch ontstoken (invulfl its) om de schaduwen op te helderen.

Te gebruiken wanneer u een serie foto's maakt die later worden samengevoegd tot één beeld (bijvoorbeeld een panorama of een 360 graden virtual reality beeld).

- Witbalans en belichting worden vast ingesteld op waarden van de eerste opname in serie. Belichtingscorrectie, fl itsstand, scherpstelstand en zoom kunnen na de eerste opname niet meer worden veranderd.









UitAutomatisch
* Andere standen kunnen worden gekozen.
† Macro close-up en zelfontspanner kunnen worden geselecteerd.
≠ Zelfontspanner kan worden gebruikt.

Ruisonderdrukking
In opnamen die met lange sluitertijden worden opgenomen kan zich "ruis" voordoen, in de vorm van willekeurige voorkomende felgekleurde spikkels. Dat effect is vooral goed zichtbaar in de donkere beeldpartijen. Bij de instellingen 📄 (Nachtportret) en 📄 (Nachtlandschap) worden opnamen die met lange sluitertijden worden gemaakt bewerkt om ruis te onderdrukken (hiermee wordt de tijd voor verwerking en opslag van een foto meer dan verdubbeld). NR wordt weergegeven in deze standen.
Foto's maken voor een panorama

1 Selecteer ▶Panorama assist) in onderwerpsmenu als omschreven in stappen 1-3 van "Foto's maken in de Onderwerpsstand" (23).

Standaard bewegingsrichting verschijnt.

flowchart
graph TD
A["Rechts naar links"] --> B["Boven naar onder"]
C["Onder naar boven"] --> D["Links naar rechts"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style C fill:#cfc,stroke:#333
style D fill:#fcc,stroke:#333
Selecteer hoe de beelden moeten worden samengevoegd in een compleet totaalbeeld. Dit is de richting waarin u de camera na elke opname voor een volgende deelopname richt. Gele AE-L icoon op de monitor geeft aan dat de witbalans- en belichting met de eerste opname worden vergrendeld.

Maak de eerste foto. Ongeveer eenderde van de foto wordt over het door het objectief gevormde beeld geplaatst (is de bewegingsrichting links naar rechts, dan verschijnt dat beeld links in beeld). De AE-L icoon wordt wit om aan te geven dat de witbalans- en belichtingsinstellingen van deze opname voor alle beelden in de serie gelden.


Bepaal de compositie voor het volgende beeld dat met het vorige beeld moet overlappen.
Maak de volgende opname. Herhaal stappen 6–7 totdat alle opnamen in de serie zijn gemaakt.

Beëindig de serie.
Panorama Assist
Bewegingsrichting, zoom, belichtingscorrectie, beeldkwaliteit en –grootte, fl itsstand en scherpstelstand kunnen na het maken van het eerste beeld niet meer worden veranderd. Foto's kunnen niet worden gewist voordat het opnemen is voltooid.
Foto's bekijken die met Panorama Assist zijn gemaakt
Elke serie foto's die met Panorama Assist is gemaakt, wordt opgeslagen in een separate map met een naam die bestaat uit "P_" voorafgegaan door een driecijferig nummer en gevolgd door driecijferig volgnummer (bijv. "101P_001"). Wilt u de beelden bekijken, selecteer dan Alle mappen in het Mappen menu, of selecteer de betreffende map in de lijst van mappen (111).
Gebruik een statief
Door een statief te gebruiken is het makkelijker de beelden goed te laten aansluiten.

Beeldkwaliteit en -afmetingen
Foto's die zijn opgenomen met een digitale camera worden opgeslagen als een beeldbestand. De omvang van die bestanden, en daarmee het aantal foto's dat op de geheugenkaart kan worden opgeslagen, is afhankelijk van de instellingen voor grootte en kwaliteit. Kies vooraf beeldgrootte en –kwaliteit op basis van het gebruik van de foto.
Beeldkwaliteit
De camera slaat foto's in van onderstaande drie formaten op: NEF (RAW), TIFF (HI kwaliteit), of JPEG (FINE, NORMAL, of BASIC kwaliteit).
| Optie Om | Sohmijang | Compressie-verhouding1 | |
| RAW2,3 | NEF | Geen compressie | Raw-data van de CCD worden opgeslagen in Nikon Electronic Image Format (NEF) zonder bewerking of compressie, waardoor maximale detaillering wordt behouden, bij een iets kleinere bestandsgrootte dan bij TIFF beelden. |
| HI2,4 | TIFF | Hoge beeldkwaliteit (vergelijkbaar met NEF) in formaat dat door de meeste beeldbewerkingsprogramma's kan worden verwerkt. | |
| FINE | JPEG | 1:4 | Goede beeldkwaliteit, geschikt voor vergrotingen of kwaliteitsafdrukken. |
| NORM | 1:8 | Normale beeldkwaliteit, geschikt voor de meeste toepassingen. | |
| BASIC | 1:16 | Redelijke beeldkwaliteit, geschikt voor beelden die per e-mail worden verstuurd of in webpagina's worden gebruikt. |
1 Om de ruimte te beperken die een beeldbestand inneemt worden beelden foto's opgeslagen in het gecomprimeerde JPEG-formaat. De compressie kan plaatselijk tot kwaliteitsverlies in het beeld leiden; hoe sterker de compressie, des te zichtbaarder zijn de gevolgen van de compressie voor de kwaliteit. Deze kolom geeft de globale compressieverhouding voor elke instelling.
2 Alleen beschikbaar in opnamestanden 1 (Eigen 1) en 2 (Eigen 2). Selecteren van 📄 (auto) of onderwerpsstand zet beeldkwaliteit op FINE. Digitale zoom ⚙6 wordt niet ondersteund.
3 Alleen beschikbaar op beeldgrootte 8M Direct print ( 📊 ) wordt niet ondersteund.
4 Alleen beschikbaar op beeldgrootten 8Mn . 3:2
Zo kiest u een kwaliteitsinstelling:

Druk op de op totdat de gewenste instelling op het LCD-venster en in de zoeker/monitor verschijnt.
RAW (NEF) beelden op een computer weergeven
RAW (NEF) beelden kunnen alleen worden bekeken met de bij de camera geleverde software of Nikon Capture (versie 4.0 of eerder uitgesloten; kijk voor meer informatie op de websites die op blz. 1 van deze handleiding worden genoemd). Wilt u een TIFF kopie maken, voor weergave in andere software, druk dan op de knop als een RAW beeld schermvullend wordt weergegeven (56). De kopie zal worden opgeslagen onder een naam met de extensie ".TIF".
Beeldgrootte
Beeldgrootte betreft de fysieke afmetingen van het beeld, gemeten in pixels. Opna- men die op kleinere grootten zijn opgenomen nemen minder opslagruimte in be- slag, waardoor ze goed geschikt zijn voor verzending per e-mail of gebruik in web- pagina's. Echter, hoe groter het beeld is, des te groter is het formaat waarop het kan worden geprint of weergegeven zonder dat het zichtbare "korrel" vertoont.
| Beeldgrootte (pixels) | LCD-venster | Omschrijving(printformaat is gebaseerd op een printresolutie van circa 300 dpi) |
| 8M (3.264 × 2.448) | Vooreen | printformaat tot circa 28 × 21 cm. |
| 5M (2.592 × 1.944) | Vooreen | printformaat tot circa 22 × 16 cm. |
| 3M (2.048 × 1.536) | Vooreen | printformaat tot circa 17 × 13 cm. |
| 2M (1.600 × 1.200) | Vooreen | printformaat tot circa 14 × 10 cm. |
| 1M (1.280 × 960) | -/- | Voor een printformaat tot circa 11 × 8 cm. |
| PC (1.024 × 768) | PC | Geschikt voor kleinere printformaten (voor bijvoorbeeld een kleine illustratie in een brief of rapport) of voor weergave op monitors van 17" of groter. |
| TV (640 × 480) | tu | Kan worden weergegeven op 13" monitors. Geschikt voor e-mail-verspreiding of webtoepassing. |
| 3:2 (3.264 × 2.176) | 3:2 | Strook aan boven- en onderzijde vervalt om dezelfde verhouding te krijgen als een normale kleinbeeldop-name. |
Zo kiest u de beeldgrootte:

Druk op de op en draai aan de instelschijf totdat de gewenste instelling op het LCD-venster en in de zoeker/monitor verschijnt.
Printgrootte
Hoe groot een foto kan worden geprint is afhankelijk van de resolutie van de printer: hoe hoger de resolutie, des te kleiner zal de foto worden.
Capaciteit geheugenkaart en beeldkwaliteit/-grootte
Onderstaande tabel geeft bij benadering het aantal beelden dat kan worden opgeslagen op een geheugenkaart van 256 Megabyte bij verschillende kwaliteits-/grootte-instellingen.
| Beeld-grootte | Beeldkwaliteit | ||||
| HI FINE | NORMAL BASICRAW | ||||
| 208M12 MB | 10 | 64 126 244 | Aantal foto's | ||
| 23 MB | 4 MB 2 MB 1 MB | Bestandsgrootte | |||
| 5M | — | 100 195 373— | Aantal foto's | ||
| — 3 MB 2 MB 650 KB— | Bestandsgrootte | ||||
| 3M | — | 159 313 602— | Aantal foto's | ||
| — | 2 MB 800 KB 420 KB— | Bestandsgrootte | |||
| 2M | — | 252 489 870— | Aantal foto's | ||
| — 960 KB 500 KB 270 KB— | Bestandsgrootte | ||||
| 1M | — | 391 712 1306 | Aantal foto's | ||
| — | 630 KB 330 KB 190 KB— | Bestandsgrootte | |||
| PC | — | 602 979 1567 | Aantal foto's | ||
| — 420 KB 230 KB 130 KB— | Bestandsgrootte | ||||
| TV | — | — | 1306 | 1959 | 2612 |
| — | 190 KB 110 KB 80 KB— | Bestandsgrootte | |||
| 3:2 | 11 | 71 142 279— | Aantal foto's | ||
| 21 MB 4 MB 2 MB 900 KB— | Bestandsgrootte | ||||
* Alle getallen zijn benaderingen. Bestandsgrootte van JPEG-foto's is mede afhankelijk van het onderwerp.

Selecteer een fl itsstand die past bij de lichtomstandigheden.
| * | LCD-venster | Hoe het werkt Wanneer te gebruikenStand | |
| GEEN ICOON Automatisch | AUTO | Bij weinig licht klapt ingebouwde fl itser op wanneer ontspanknop half wordt ingedrukt en fl itst wanneer opname wordt gemaakt. Blijft hij uitgeklapt, dan fl itst hij alleen indien nodig. | Aanbevolen voor de meeste situaties. |
| Flitser uit (uit) | Flitser wordt niet ont-stoken, ook niet bij wei-nig licht. | Om bij weinig licht het natuurlijke licht te behouden, of wanneer fl its-licht verboden is. Pas bij weinig licht op voor trilling van de camera. | |
| Automatisch met rode-ogen-reductie | Rode-ogen-reductie-lampje brandt vooraf-gaand aan hoofdfl its, ter voorkoming van het rode-ogen-effect. | Voor portretten (werkt het beste wanneer personen recht naar het lampje voor rode-ogen-reductie kij-ken). Niet aan te bevelen wanneer u snel wilt kunnen fotograferen. | |
| Altijd fl itsen (invulfl its) | Bij elke opname wordt gefl itst. | Voor het invullen (ophelderen) van schaduwen en tegenlicht-onder-werpen. | |
| Flitsen met lange sluiter-tijd | AUTO | Automatisch fl itsen ge-combineerd met een lange sluitertijd. | Te gebruiken om bij nacht of bij weinig licht zowel het onderwerp als achtergrond goed weer te ge-ven. Pas bij weinig licht op voor tril-ling van de camera. |
* Icoon zoeker/monitor eerst, daarna icoon LCD-venster.

Automatisch fl itsen uitgeschakeld
De ingebouwde fl itser wordt automatisch uitgeschakeld wanneer de afstand wordt ingesteld op oneindig (37), wanneer een andere optie dan Enkelvoudig werd geselecteerd voor Continu (80), BSS (84) aan staat, een andere instelling dan Normaal is geselecteerd voor Lensconverter (90), AE-vergrendeling (91) is ingeschakeld of Intern uit werd geselecteerd voor Flitsopties > Flitser selectie (7).

Gevoeligheid (ISO-equivalent; 46)
Een gevoeligheid van 400 wordt voor fl itsopnamen niet aanbevolen.

Flitsopties (96)
Het onderdeel Flitsopties in het opnamemenu bevat opties voor het aansturen van de ingebouwde fl itser en externe fl itsers.
Zo kiest u een fl itsinstelling:

Druk op de op totdat de gewenste instelling op het LCD-venster en in zoeker/monitor verschijnt (er verschijnt geen icoon wanneer de fl itsstand Automatisch is gekozen).
De fl itsstanden circuleren als volgt:

flowchart
graph TD
A["GEEN ICOON AUTOMatisch"] --> B["Flitser uit (uit)"]
B --> C["Automatisch met rodeogen-reductie"]
C --> D["Altijd fl itsen (invulfl its)"]
D --> E["Flitsen met lange sluitertijd"]
E --> A
Handmatig uitklappen
Is Handmatig gekozen voor Flitsopties > Pop up, dan kan de ingebouwde flitser worden uitgeklapt door op de knop te drukken. Is hij uitgeklapt, dan wordt de flitser bij elke opname ontstoken. De fl itsstand kan niet worden veranderd zolang de fl itser is neergeklapt; is de fl itser uitgeklapt, dan zijn de volgende fl itsstanden beschikbaar:

flowchart
graph LR
A["Altijd fl itsen (invulfl its)"] --> B["Invulfl its met rodeogen-reductie"]
B --> C["Invulfl its+ Flitsen met lange sluitertijd"]
Flitsbereik
Het fl itsbereik is afhankelijk van de zoomstand. Wanneer het objectief geheel is uitgezoomd heeft de fl itser een bereik van 0,5-4,1 m. Geheel ingezoomd is het bereik 0,5-2,7 m. Bij een afstand van 0,5 m of minder zal de fl itser mogelijk niet het totale onderwerp uitlichten. Gebruikt u de flitser op korte afstand, speel dan meteen de opnamen af om ze te controleren.
Batterij bijna leeg
Wordt de ingebouwde flitser gebruikt terwijl de icoon voor een bijna lege batterij verschijnt, dan wordt de monitor of elektronische zoeker tijdens het opladen van de fl itser uitgeschakeld.
Gebruik van de ingebouwde fl itser
Probeer niet de fl itser met de hand uit te klappen. Wilt u de fl itser inklappen, duw hem dan zachtjes omlaag totdat hij vastklikt; pas op dat er niets tussen komt. Oefen geen kracht uit op voorzijde, achterzijde of zijkanten van de fl itser. Negeren van deze waarschuwing kan leiden tot schade aan de fl itser.
Hou de ingebouwde fl itser niet tegen
Is Automatisch (de standaard optie) geselecteerd voor Flitsopties > Pop up, dan komt de ingebouwde fl itser automatisch omhoog als hij moet worden gebruikt (omdat de lichtgevoelige cel voor de flitssturing deel uitmaakt van de ingebouwde flitseenheid komt de fl itser automatisch omhoog, zelfs wanneer er een externe fl itser op het accessoireschoentje van de camera zit). Plaats niet uw vingers of andere objecten op de fl itser wanneer u fotografeert. Wordt de fl itser omlaag gehouden als de ontspanknop half wordt ingedrukt, dan verschijnt er een melding. Er kunnen foto's worden gemaakt, maar de ingebouwde fl itser of de externe fl itser zullen niet worden ontstoken. Let op dat de ingebouwde fl itser omhoog komt wanneer de AF-hulpverlichting nodig is, ook wanneer hij uit (④staat.
Zonnekappen
Verwijder zonnekappen (apart verkrijgbaar; 37) wanneer u de fl itser gebruikt.
Bij weinig licht
Is er weinig licht en staat de fl itser uit ⚙, of is fl itsen met lange sluitertijd ( ✉ngesteld, dan kunnen de opnamen door lange sluitertijden onscherp worden. Bij sluitertijden langer dan ¼ seconde wordt de sluitertijdaanduiding op de monitor of in de elektronische zoeker geel om aan te geven dat donkere delen van het beeld licht korrelig worden. Het korreleffect kan worden verminderd door de ruisonderdrukking ⚙01) aan te zetten. Bij sluitertijden langer dan ½ seconde is het aan te bevelen een statief te gebruiken of de camera op een stabiele, vlakke ondergrond te plaatsen.
In de auto) stand of de onderwerpsstanden, of wanneer de gevoeligheid (46) is ingesteld op AUTO in opnamestand 1 en 2, zal de camera automatisch de gevoeligheid verhogen tot een maximum van ISO 200, op basis van de lichtomstandigheden. Hierdoor krijgt u kortere sluitertijden en minder kans op cameratrilling. Er verschijnt een ISO icoon om te waarschuwen dat de opname iets korreliger kan worden.

Extra fl itsers
Een extra fl itser kan op de accessoireschoen van de camera worden geplaatst 96).
Kies een scherpstelstand die past bij onderwerp en compositie.
| Stand Hoe het werkt | Wanneer te gebruiken | |
| GEEN ICOONAutofocus | Camera stelt automatisch afstand in op basis van afstand tot het onderwerp. | Te gebruiken wanneer onderwerp 50 cm of verder van het objectief is. |
Oneindig | Camera stelt scherp op oneindig; scherpstelaanduiding licht op wanneer de ontspanknop half wordt ingedrukt. Flitser uitgeschakeld. | Te gebruiken voor opnamen van ver gelegen onderwerpen door een voorgrondobject als bijvoorbeeld een venster. |
| [Wy6Y]Macro close-up | Indien uitgezoomd totdat icoon zoeker/monitor groen wordt, kan de camera scherpstellen op onderwerpen tot 3 cm vanaf het objectief. | Voor dichtbij-opnamen. |
| [wcx4]Zelfontspanner | Combineert autofocus (zie hierboven) op afstanden van 3 cm of meer met ontspanvertraging van 10 of 3 seconden. | Om zelf op de foto te komen of ter voorkoming van cameratrilling als gevolg van het indrukken van de ontspanknop. |
Zo kiest u een fl itsinstelling:

Druk op de op totdat de gewenste instelling op het LCD-venster en in de zoeker/monitor verschijnt.
De scherpstelstanden circuleren als volgt:

flowchart
graph LR
A["GEEN ICOON\nAutofocus Oneindig"] --> B["▲"]
B --> C["Macro\nclose-up"]
C --> D["Zelfont-\nspanner"]

Handmatige instelling
Kijk voor informatie over handmatige scherpstelling onder "Handmatige Scherpstelling" (7).

De zelfontspanner kan worden gebruikt voor zelfportretten of om trilling te voorkomen die wordt veroorzaakt door het indrukken van de ontspanknop.


* 🚫icon verschijnt; camera stelt scherp in macro close-up stand ( 📁 ).

Start zelfontspanner. Druk eenmaal voor een vertraging van circa 10 seconden, tweemaal voor circa 3 seconden. Piepsignaal klinkt wanneer aftellen start; timer in zoeker/monitor telt af totdat sluiter wordt ontspannen. Wilt u het aftellen stoppen voordat de foto is gemaakt, druk dan tweemaal (10 sec. timer) of eenmaal (3 sec. timer) op de ontspanknop.
Het zelfontspannerlampje op de voorzijde van de camera zal knipperen tot één seconde voor de opname en blijft branden tijdens de laatste seconde om aan te geven dat de opname zal worden gemaakt.

flowchart
graph TD
A["Start"] --> B["Eenmaal indrukken voor 10 sec. vertraging"]
A --> C["Tweemaal indrukken voor 3 sec. vertraging"]
D["Knippert"] --> E["Nog 1 sec."]
F["Sluiter ont-spannen"] --> G["Brandt continu"]

De zelfontspanner
De optie Continu in het opnamemenu wordt automatisch ingesteld op Enkelvoudig wanneer de zelfontspannerstand wordt geselecteerd 80). De zelfontspanner is niet beschikbaar wanneer (Vuurwerk) wordt geselecteerd in de onderwerpsstand 26).
Gebruikt u handmatige scherpstelling 📁 47), selecteer dan de zelfontspanner voordat u een scherpstelafstand kiest. Keuze van een andere scherpstelstand annuleert automatisch handmatige scherpstelling.

Belichtingscorrectie
De belichtingscorrectie wordt gebruikt om de belichting aan te passen ten opzichte van de waarde die de camera voorstelt. De belichtingscorrectie kan worden ingesteld op waarden tussen - 2,0 LW (onderbelichting) en + 2,0 LW (overbelichting), in stappen van 13 LW (lichtwaarden).

Druk op de 10nop en draai aan de instelschijf totdat de gewenste instelling op het LCD-venster en in de zoeker/monitor verschijnt.

Bij andere instellingen dan 0,0 verschijnt de 📁coon op het LCD-venster nadat 📁knop wordt losgelaten.

Beperkingen van belichtingscorrectie
Belichtingscorrectie is niet beschikbaar in handmatige belichtingsregeling (44) of wanneer *Vuurwerk) als onderwerpsstand werd gekozen ( ).

Belichtingscorrectie annuleren
Wilt u de belichtingscorrectie annuleren, kies dan de waarde 0.0. In de stand en de onderwerpsstand wordt de belichtingscorrectie teruggezet op 0.0 wanneer de camera wordt uitgezet of wanneer een andere opnamestand is gekozen.

De waarde voor belichtingscorrectie kiezen
In het algemeen geldt dat u positieve waarden dient te kiezen wanneer grote delen van het beeld zeer sterk verlicht zijn (bijvoorbeeld wanneer u een grote, door de zon beschenen water-, zand- of sneeuwvlakte fotografeert) of wanneer de achtergrond veel helderder is dan het onderwerp. Kies een negatieve waarde wanneer grote delen van het beeld zeer donker zijn (bijvoorbeeld het donkergroen gebladerte van een bos) of wanneer de achtergrond veel donkerder is dan het onderwerp. Deze correcties kunnen nodig zijn omdat de camera extreme over- of onderbelichting wil voorkomen en daarom de belichting vermindert bij zeer lichte onderwerpen en de belichting vermeerdert wanneer het overgrote deel van het beeld erg donker is, waardoor heldere objecten er fl ets uit komen te zien.
Belichtingsstand (alleen opnamestanden 1en) 2

In de stand (auto) en de onderwerpsstanden kiest de camera automatisch sluitertijd en diafragma om de juiste belichting te bereiken. In de opnamestanden ① (Eigen 1) en ② (Eigen 2), zijn er vier belichtingsstanden voor het regelen van sluitertijd en diafragma.
| Stand Hoehet werkt | Wanneer te gebruiken | |
| PProgramma-automatiek | Camera stelt zelf sluitertijd en dia-fragma in voor optimale belichting.Flexibele programma kan wordengebruikt om andere sluitertijd/diafragmacombinaties te kiezendie dezelfde belichting geven. | Aanbevolen voor de meeste si-tuaties. |
| SSluitertijd-voorkeuze | Gebruiker kiest sluitertijd: camera kiest diafragma voor optimalebelichting. | Korte sluitertijden bevriezen beweging. Lange sluitertijden ge-ven actie-effect door bewegingonscherp weer te geven. |
| ADiafragma-voorkeuze | Gebruiker kiest diafragma: ca-mera kiest zelf sluitertijd vooroptimale belichting. | Grote diafragma’s (lage f/-getallen)geven onscherpe achtergrondenen laten meer licht toe, voor eengroter fl itsbereik. Kleine diafrag-ma’s (grote f/-getallen) vergro-ten de scherptediepte, waardoorvoor- en achtergrond ook scherpkunnen worden. |
| MHandmatig | Gebruiker kiest zelf sluitertijd endiafragma. | Voor complete zeggenschap overde belichting. |
Zo kiest u een belichtingsstand:


*Is Gebr. instelling niet aan de FUNC knop toegekend (132), dan kan de opnamestand worden geselecteerd in het opnamemenu (38).
P: Programma-automatiek
Bij programma-automatiek kiest de camera automatisch diafragma en sluiter-tijd aan de hand van de hoeveelheid licht, wat in de meeste situaties optimale resultaten geeft. Belichtingsaanpassingen zijn te maken met de belichtings-correctie (39) of de belichtingsbracketing (9).
Flexibel Programma
Bijdeprogramma-automatiek is het mogelijk andere sluitertijd/diafragmacombinaties te kiezen door aan de instelschijf te draaien (fl exibel programma). Elke combinatie van sluitertijd en diafragma geeft een gelijke belichting.

Sluitertijd en diafragma verschijnen in zoeker/monitor. Asterisk ("*") verschijnt wanneer fl exibel programma actief is. Sluitertijd/diafragma-aanduiding op LCD-venster geeft óf sluitertijd óf diafragma weer; druk op knop om van de een naar de ander te wisselen.
Standaardwaarden voor sluitertijd en diafragma terughalen
De standaardwaarden voor sluitertijd en diafragma kunnen worden teruggehaald door aan de instelschijf te draaien totdat de asterisk ("*") is verdwenen. U kunt de standaardwaarden ook terughalen door even een andere belichtingsstand te kiezen of de camera uit en weer aan te zetten.
S: Sluitertijdvoorkeuze
Bij sluitertijdvoorkeuze selecteert de gebruiker de sluitertijd door aan de instelschijf te draaien; het diafragma wordt automatisch gekozen op basis van de lichtomstandigheden. De sluitertijd is instelbaar op waarden van 8 s tot 14000 s, in stappen van 1 LW (één stop).

Draai aan de instelschijf totdat de gewenste sluitertijd op het LCD-venster en in de zoeker/monitor verschijnt.
Zou de gekozen sluitertijd ertoe leiden dat de foto wordt onder- of overbelicht, dan zal de sluitertijdaanduiding van de monitor of elektronische zoeker knipperen wanneer de ontspanknop half wordt ingedrukt. Kies een andere sluitertijd en probeer het opnieuw. Bij sluitertijden langer dan ¼ seconde wordt de sluitertijdaanduiding in de zoeker/monitor geel om aan te geven dat donkere delen van het beeld korrelig kunnen worden. Kies indien mogelijk een kortere sluitertijd of gebruik ruisonderdrukking (01).

Ultra HS
Hebt u Ultra HS geselecteerd in het menu Continu (80), dan is de beelfrequentie vast ingesteld op dertig beelden per seconde, met als resultaat dat de sluitertijd niet kan worden ingesteld op een waarde langer dan 1/30 s.

Diafragmabeperkingen
Bij een sluitertijd van ^1/4000 seconde wordt het diafragma beperkt tot f/7,4 (geheel ingezoomd) of op waarden tussen f/5,0 en f/8,0 (geheel uitgezoomd).
A: Diafragmavoorkeuze
Bij diafragmavoorkeuze wordt het diafragma geregeld door aan de instelschijf te draaien; de sluitertijd wordt automatisch gekozen op basis van de lichtomstandigheden. Het diafragma is instelbaar in stappen van 13 LW ( 13 stop); afhankelijk van de zoomstand kan f/2,8 tot f/8 worden gekozen.

Draai aan de instelschijf totdat het gewenste diafragma op het LCD-venster en in de zoeker/monitor verschijnt.
Zou het gekozen diafragma ertoe leiden dat de foto wordt onder- of overbelicht, dan zal de diafragma-aanduiding van de monitor of elektronische zoeker knipperen wanneer de ontspanknop half wordt ingedrukt. Kies een ander diafragma en probeer het opnieuw.
Diafragma f/8 is in bepaalde zoomstanden mogelijk niet beschikbaar. Zoom uit wanneer u wilt proberen een kleiner diafragma te bereiken.
Diafragma en zoom
De grootste en kleinste diafragmawaarden worden bepaald door het objectief van de camera en de zoominstelling. Hoge f/-getallen (kleine diafragma's) bereikt u door de camera in te zoomen, lage f/-getallen (grote diafragma's) door uit te zoomen. Tenzij Aan werd gekozen voor Zoomopties>Vast diafragma in het opnamemenu (95), zal het diafragma veranderen als er wordt in- en uitgezoomd. Als u het twee na hoogste diafragma kiest met de camera geheel uitgezoomd en zoomt u vervolgens in, dan past de camera het f/-getal aan om het diafragma op de twee na hoogste instelling voor de huidige zoominstelling te handhaven.
Korte sluitertijden
Afhankelijk van de beschikbare hoeveelheid licht kan het mogelijk zijn sluitertijden te bereiken tot wel 1/4000 seconde (1/8000 sec.in Ultra HS) door de camera geheel uit te zoo-men en het kleinste diafragma te kiezen (hoogste f/-getal).
M: Handmatig
In de stand voor handmatige belichtingsregeling kiest de gebruiker zowel sluitertijd als diafragma. De sluitertijd is instelbaar op waarden tussen 8 en 14000 seconde in stappen ter waarde van 1 LW (één stop); verder kan de sluiter voor lange belichtingen tot tien minuten open blijven (zie volgende bladzijde). Het diafragma is tussen de grootste en de kleinste waarde instelbaar in stappen van 13 LW ( 13 stop).




De belichtingsaanduiding
De belichtingsaanduiding geeft aan in welke mate de opname bij de huidige instellingen voor sluitertijd en diafragma zal worden onder- of overbelicht.
De weergave op het LCD-venster is in LW 's, afgerond naar de dichtstbijzijnde LW. Zou de opname worden onder- of overbelicht met meer dan 9 LW, dan verschijnt een knipperende -9 (onderbelichting) of +9 (overbelichting). Worden er acht seconden lang geen handelingen verricht, dan wordt de aanduiding op het LCD-venster vervangen door het resterend aantal opnamen.

De belichtingsaanduiding op de monitor of in de elektronische zoeker geeft aan hoever de belichting afwijkt van de waarde die de camera voorstelt, in LW (-2 tot +2 LW in stappen van 13 LW).


Lange tijdopnamen
Stel voor lange tijdopnamen tot tien minuten Continu (80) in op Enkelvoudig en draai aan de instelschijf om een sluitertijd van BULB of TIME in te stellen. Hoe lang de sluiter geopend blijft is afhankelijk van de optie die werd geselecteerd voor Belichtingsopties > Bulb/Tijd (92):
- Bulb ontspannen: Is BULB als sluitertijdinstelling geselecteerd, dan blijft de sluiter open zo lang de ontspanknop ingedrukt wordt gehouden, maximaal tien minuten.

- Tijdopname: Is TIME als sluitertijdinstelling geselecteerd, dan gaat de sluiter open als er op de ontspanknop wordt gedrukt en blijft hij open totdat er opnieuw op de ontspanknop wordt gedrukt, of totdat de tijd die werd geselecteerd onder Tijdopname is verstreken.

Gebruik indien mogelijk een statief om onscherpte door cameratrilling te voorkomen. Gebruik ruisonderdrukking om het korrel-effect te verminderen 📁 101).
ISO Gevoeligheid (alleen opnamestanden 1 en 2)
Gevoeligheid (ISO equivalent) is de digitale tegenhanger van de filmgevoeligheid. Hoe hoger de gevoeligheid, des te minder licht is er nodig om een belichting te realiseren, waardoor kortere sluitertijden en kleinere diafragma's mogelijk zijn. Net zoals fi lm met een hoge ISO-waarde "korrelige" beelden geeft, kunnen hoge gevoeligheidsinstellingen leiden tot ruis" " – willekeurig voorkomende, helder gekleurde pixels, geconcentreerd in de donkere delen van het beeld. Ruisonderdrukking 101) kan worden gebruikt om ruis te onderdrukken in opnamen die werden gemaakt met sluitertijden van ¼ sec. of langer.
In de stand (auto) en onderwerpsstanden verhoogt de camera bij weinig licht automatisch de gevoeligheid. In de opnamestanden 1 (Eigen 1) en 2 (Eigen 2) zijn de volgende opties beschikbaar:
| Optie | Omschrijving |
| 50 | Ongeveer equivalent aan ISO 50. Aanbevolen behalve wanneer er weinig licht is of wanneer korte sluitertijden gewenst zijn (bijvoorbeeld wanneer u bewegende onderwerpen fotografeert). Ruis kan zich voordoen in opna-men die met hogere instellingen worden gemaakt. |
| 100 | Ongeveer equivalent aan ISO 100. |
| 200 | Ongeveer equivalent aan ISO 200. |
| 400 | Ongeveer equivalent aan ISO 400. Bedoeld om te gebruiken bij natuurlijk licht, niet aanbevolen bij gebruik van fl itslicht. |
| AUTO | Ongeveer equivalent aan ISO 50 onder normale omstandigheden: wanneer er echter weinig licht is verhoogt de camera de gevoeligheidsinstel-ling automatisch tot maximaal ISO 200 (86). |
Zo kiest u een gevoeligheidswaarde:

Druk op de op en draai aan de instelschijf totdat de gewenste instelling op het LCD-venster en in de zoeker/monitor verschijnt.
AUTO
- Is AUTO geselecteerd bij sluitertijdvoorkeuze of handmatige belichtingsregeling, dan blijft de gevoeligheid ingesteld op ISO 50 en vindt geen aanpassing aan de lichtomstandigheden plaats.
- Bij instellingen anders dan AUTO wordt de gevoeligheid weergegeven op de monitor/elektronische zoeker.
MF Handmatige scherpstelling (alleen opnamestanden 1eh) 2
In de opnamestanden ① (Eigen 1) en ② (Eigen 2) is handmatige scherpstelling beschikbaar voor situaties waarin de gewenste resultaten niet met autofocus kunnen worden bereikt. Voor de scherpstelafstand kan worden gekozen uit vaste waarden vanaf 3 cm tot oneindig.
1



Druk op de MF (AHS) op en draai aan de instelschijf totdat het onderwerp scherp is. Scherpstelpositie (afstand tot objectief) verschijnt bij aanduiding handmatige scherpstelling op monitor of in elektronische zoeker. M.F. on verschijnt op LCD-venster.
2
Controleer afstand in zoeker/monitor. Tenzij Uit werd geselecteerd in Scherpstelopties > Scherptebevestiging (94), wordt de scherptebevestiging automatisch ingeschakeld wanneer handmatige scherpstelling actief is, en objecten die scherp zijn worden verscherpt weergegeven.
3

Maak de foto's.

Handmatige scherpstelling annuleren
Wilt u handmatige scherpstelling annuleren, druk dan op de MF (shop om een andere scherpstelmethode te kiezen.

Gebruik van de zelfontspanner
Gebruikt u handmatige scherpstelling met de zelfontspanner, selecteer dan de zelfontspanner voordat u scherpstelt.

Close-ups
De kortste instelafstand varieert met de zoomstand. In sommige standen kan de camera mogelijk niet scherpstellen op korte afstanden (de 🎯 kant van de handmatige scherpstelinformatie). Is de camera niet in staat in de huidige zoomstand scherp te stellen, dan wordt de handmatige scherpstelinformatie rood.

Scherpstelvergrendeling
De LICK op kan niet worden gebruikt om bij handmatige scherpstelling de scherpstelling te vergrendelen.

Converters
Werkt u met een optionele objectiefconverter (37) gebruik dan autofocus.
Beeld aanpassen (alleen opnamestanden 1en) 2
Het opnamemenu omvat opties voor het regelen van de witbalans, de verscherping, het contrast en de kleurverzadiging. Deze instellingen, alleen beschikbaar in de opnamestanden 1 en 2 40), kunnen worden ingesteld in overeenstemming met de opname-omstandigheden en de persoonlijke voorkeur van de gebruiker.

Witbalans (76)
Corrigeer de witbalans voor een natuurlijke kleurweergave onder uiteenlopende lichtsoorten.

Beeld aanpassen (86)
Corrigeer contrast op basis van het onderwerp en het gebruik van de foto.

Verzadiging (87)
Maak foto's in zwart-wit, of corrigeer de intensiteit van de kleuren voor printen of bewerking in een beeldbewerkingsprogramma.

Verscherping (89)
Verscherp of verzacht contouren.
Houden of Wissen (Snel wissen)
Als foto's worden opgenomen met beeldkwaliteit HI of met een Continu instelling van Ultra HS, dan verschijnt een m DELETE (Snel wissen) icoon op de monitor. Wilt u een foto wissen voordat hij op de geheugenkaart wordt weggeschreven, druk dan op knop. Er verschijnt een bevestigingscherm; druk de multi-selector omhoog of omlaag om een optie te markeren en druk de multi-selector naar rechts om een selectie te maken.
- Ja: Wis de foto en keer terug naar de opnamestand.
- Nee: Keer terug naar de opnamestand zonder de foto te wissen.

Filmopties (alleen opnamestanden 1en ) 2
In de opnamestanden ① (Eigen 1) en ② (Eigen 2) kan de camera de volgende typen fi lms opnemen. Alle fi lms behalve interval fi lms zijn ook voorzien va geluid via de ingebouwde microfoon; de belichtingsstand wordt vast ingesteld op P (programma-automatiek) in alle fi Imstanden.
| OptieOmschrijving | |
| TV fi lm 640 | Films worden opgenomen met 30 beelden per seconde. Elk beeld heeft een grootte van 640 × 480 pixels met verticale interlacing. Maximale lengte voor TV fi lms is 35 sec. |
| Kleine fi lm 320 | Films worden opgenomen met 15 beelden per seconde. Elk beeld heeft een grootte van 320 × 240 pixels. Maximale lengte voor kleine fi lms is 180 sec. |
| Interval fi lm | De camera maakt foto's op vast ingestelde intervals en voegt ze samen om een fi lm zonder geluid te creëren met een beelfrequentie van 30 beelden per seconde op een grootte van 640 × 480 pixels. De zo ontstane fi lm kan maximaal 35 sec. lang zijn (1050 beelden). Tegebruiken voor versnelde weergave van trage processen die met een vaste camera-opstelling worden opgenomen: een bloem die open gaat, een vlinder die uit zijn cocon komt, wolken die langs de hemel bewegen, enz. |
| Sepia fi lm 320 | Films worden in sepia opgenomen met een frequentie van 5 beelden per seconde. Elk beeld heeft een grootte 320 × 240 pixels. Maximale lengte voor Sepia fi lms is 180 sec. |
Filmbestanden
Films worden opgenomen als QuickTime fi Imbestanden met de extensie ".MOV" en een naam die bestaat uit "INTN" (interval fi lms) of "DSCN" (andere fi lms) plus een viercijferig bestandsnummer dat 1 hoger is dan het hoogste nummer in de huidige map (bijv. "INTN0001.MOV" of "DSCN15.MOV"). Films kunnen na overspelen op een computer worden afgespeeld.
Zo kiest u het type fi lm:


* Is de optie Continu niet beschikbaar in MIJN MENU, selecteer dan Alle menus tonen en markeer Continu in het volledige opnamemenu (4–75).






† Is Interval film gemarkeerd, dan verschijnt het Intervalmenu (52).
Films opnemen
Zo neemt u een TV fi Im, kleine fi Im of sepia fi Im op:

1 Zet de keuzeknop op en zet de camera aan De opnameteller op de monitor geeft de maximale totale duur van de fi lm aan die kan worden opgenomen.

2 Start de opname Druk de ontspanknop geheel in om de opname te starten.
De REC aanduiding verschijnt als de camera aan het opnemen is. Wilt u de opname pauzeren, druk dan op de knop. De opname wordt hervat door opnieuw op de knop te drukken.
3 Stop de opname Druk de ontspanknop voor de tweede maal geheel in om de opname te stoppen. De opname stopt automatisch als de geheugenkaart vol is of de fi lm zijn maximale lengte heeft bereikt.
Zoom
Stel de optische zoom in voordat de opname begint van TV fi lms, kleine fi lms of sepia fi lms. Is de opname eenmaal begonnen, dan activeert indrukken van de zoomknoppen de digitale zoom (maximaal 2 x), zelfs wanneer Uit werd geselecteerd voor Zoomopties > Digitale tele 95).
Gebruik van de fl itser
De flitser gaat uit wanneer TV film 640, Kleine film 320, of Sepia film 320 is geselecteerd.
Scherpstelstand
Is Enkelvoudig AF(standaard optie) geselecteerd voor Scherpstelopties > Scherpstel-stand (94), dan wordt de scherpstelling vergrendeld wanneer de ontspanknop wordt ingedrukt om de opname te starten.
Interval fi lm opnemen
Door Interval film te kiezen in het FILM menu, verschijnt het menu dat te zien is bij Stap 1, hieronder.
1

INTERVAL FILM

Markeer Interv instellen (Interval instellen).
2

INTERVAL INSTELLEN
30s
1m
5m
10m
30m
60m
Het menu met interval-opties verschijnt.
3

INTERVAL INSTELLEN

Kies voor interval tussen de opnamen uit 30s (dertig seconden), 1m (één minuut), 5m (vijf minuten), 10m (tien minuten), 30m (dertig minuten) en 60m (zestig minuten).
4

MIJN MENU

Maak selectie en keer terug naar opnamemenu. Wilt u de optie van de belichtingsvergrendeling (AE-lock) veranderen, selecteer dan Continu > FILM>Interval film. Wilt u teruggaan zonder de optie te veranderen, ga dan verder met Stap 9.
5

INTERVAL FILM

Markeer AE-vergrendeling.
6

AE-VERGRENDELING
Uit
Aan
Het menu AE-VERGRENDELING verschijnt.

Maak een testopname
Maak een testopname en bekijk het resultaat voordat u gaat fi Imen.
7

AE-VERGRENDELING

Kies Aan om belichting en automatische witbalans voor alle opnamen vast in te stellen op de waarde voor het eerste beeldje, Uit voor aparte vaststelling van belichting en witbalans voor elke opname.
8

MIJN MENU

Maak selectie.
9


Ga terug naar de opnamestand.
10

Start de opname. De camera zal met de ingestelde interval opnamen maken totdat de ontspanknop opnieuw wordt ingedrukt, de geheugenkaart vol is of de fi lm de maximale lengte heeft bereikt.
Gebruik een betrouwbare stroombron
Gebruik indien mogelijk de EH-53 lichtnetadapter wanneer u een intervalfi lm maakt.
Tijdens de opname
Om stroom te besparen worden monitor, elektronische zoeker en LCD-venster tussen de opnamen door uitgeschakeld. De weergave wordt direct voordat de camera de volgende opname gaat maken automatisch ingeschakeld.
Beeldkwaliteit
De grootte van interval-fi Imbestanden is sterk afhankelijk van de optie die voor beeld-kwaliteit is geselecteerd. Werd HI of RAW geselecteerd, dan wordt de kwaliteit automatisch ingesteld op FINE.
AE-vergrendeling
Is Aan geselecteerd voor AE-vergrendeling, dan verschijnt de gele AE-L icoon op de monitor, wat aangeeft dat belichting en witbalans bij de eerste opname zullen worden vergrendeld. Is de eerste opname gemaakt, dan wordt de icoon wit.

Zet om een fi lm af te spelen de keuzeschakelaar op▶ en roep de fi lm op in schermvullende weergave (fi lmbestanden worden aangegeven met een 🚫icoon). Druk op de 📁knop om het afspelen te starten. Werd de film opgenomen met de optie TV film 640, Kleine film 320, of Sepia film 320 dan wordt het opgenomen geluid afgespeeld via de ingebouwde luidspreker.

| ActieOmschrijvingen | ||
| Weergave starten / pau-zeren / hervatten | ![]() | Druk op knop om weergave te starten. Tijdens de weergave kunt u op de knop drukken om te pauze-ren. Druk opnieuw om te hervatten. Na het einde van de fi lm verschijnt het eerste beeldje weer. |
| Eén fi lm-beeldje terug | ![]() | Is de weergave gepauzeerd dan kunt u met omhoog of naar links drukken van de multi-selector één beeldje terug gaan. |
| Eén fi lm-beeldje voor-uit | ![]() | Is de weergave gepauzeerd dan kunt u met omlaag of naar rechts drukken van de multi-selector één beeldje vooruit gaan. |
| Volume omhoog | ![]() | De volume-aanduiding verschijnt op de monitor wanneer op zoomknoppen wordt gedrukt. Er zijn vier niveaus: hoog ( ), middel ( ), laag ( ), en uit ( ). |
| Volume onlaag | ![]() | |
Snel terugspelen/Schermvullend terugspelen
Films kunnen niet worden afgespeeld door in de opnamestand snel terugspelen of schermvullend terugspelen te kiezen (1).
Direct Print
Films kunnen niet worden geprint via de directe USB-verbinding. (39).
Meer weten over afspelen
Beelden met de camera bekijken
Schermvullende weergave
Wilt u de fi lms die op de geheugenkaart staan schermvullend op de monitor afpelen, zet dan de keuzeschakelaar op ▶
![MENU QUICK 2004.02.01 100 NIKON 10:20 0081.JPO 8M NORM [ 1 13 ]](/content/2026/06/1151589/images/1de02754b4ebc6a9190cc5041173b4fba537554e768952fe4311cb2a859ffef8.jpg)

Extra beelden bekijken
Duw de multi-selector omlaag of naar rechts om de opnamen in de opgenomen volgorde te zien, omhoog of naar links voor de omgekeerde volgorde. Houd de multi-selector ingedrukt om snel naar het gewenste beeld te bladeren.

Foto-informatie
Druk op de Dijkop om de foto-informatie te verbergen of op te roepen (


flowchart
graph TD
A["2007.02.01 1:00:10%"] --> B["DISP"]
C["2007.02.01 1:00:11%"] --> D["DISP"]
E["2007.02.01 1:00:12%"] --> F["DISP"]
G["2007.02.01 1:00:13%"] --> H["DISP"]
I["2007.02.01 1:00:14%"] --> J["DISP"]
K["2007.02.01 1:00:15%"] --> L["DISP"]
M["2007.02.01 1:00:16%"] --> N["DISP"]
O["2007.02.01 1:00:17%"] --> P["DISP"]
Q["2007.02.01 1:00:18%"] --> R["DISP"]
S["2007.02.01 1:00:19%"] --> T["DISP"]
U["2007.02.01 1:00:20%"] --> V["DISP"]
De batterij-aanduiding verschijnt wanneer de batterij bijna leeg is, ook wanneer de foto-informatie uitgeschakeld werd.

Huidige beeld wissen
Druk op de knop om de opname te wissen die op het scherm wordt weergegeven. Er verschijnt een bevestigings-scherm; druk de multi-selector omhoog of omlaag om een optie te markeren en druk de multi-selector naar rechts om een selectie te maken.
- Ja: Wis het beeld en keer terug naar de weergavestand.
- Nee: Keer terug naar de weergavestand zonder het beeld te wissen.

Snel terugspelen/Schermvullend terugspelen
De 📄hop kan worden gebruikt om opnamen te bekijken zonder de opnamestand te verlaten (1).

Hi-kwaliteit kopieën maken van RAW beelden (Schermvullende weergave)
Van beelden in RAW kwaliteit kunnen kopieën in HI-kwaliteit (TIFF) worden gemaakt, waardoor de beelden kunnen worden geopend in elk programma dat TIFF ondersteunt. De kopie zal dezelfde bestandsnaam hebben als het origineel, met ".TIF" in plaats van de extensie ".NEF" (als het origineel de naam "DSCN0001.NEF" heeft zal de kopie de naam "DSCN0001.TIF" dragen). Zet om een kopie te maken de keuzeschakelaar op ▶en volg onderstaande stappen.

Roep het RAW-kwaliteit origineel op.

Er verschijnt een bevestigingsscherm.

Markeer Ja.*

Maak de HI-kwaliteit kopie.†
* Wilt u stoppen zonder een kopie te maken, markeer dan Nee en druk de multi-selector naar rechts. † icoon verschijnt tijdens kopieren. Wacht totdat kopieren is voltooid.

Markeer optie.
- Nee: stop zonder origineel te wissen.
- Ja: wis origineel.
Druk multi-selector naar rechts om gemarkeerde optie te selecteren en terug te keren naar schermvullende weergave.

HI-kwaliteit kopieën maken
Ga voordat u een kopie maakt naar de opnamestand, selecteer HI beeldkwaliteit en controleer het aantal resterende opnamen, om na te gaan of er genoeg ruimte op de geheugenkaart is om minimaal één HI-kwaliteit beeld op te slaan.
Spraakmemo's die bij RAW beelden zijn opgenomen worden niet gekopieerd en gaan verloren als het origineel wordt gewist.
Beeldoverzicht: Thumbnail-weergave
Drukt u bij schermvullend terugspelen of schermvullende weergave op de ☐ (☑ knop, dan verschijnen de beelden die op de geheugenkaart staan in "contactvellen" van vier thumbnails (miniatuurbeelden). Bij weergave van de thumbnails zijn de volgende handelingen mogelijk:

| Actie OmschrijvingIndrukken | ||
| Markeer beelden | ![]() | Druk de multi-selector omhoog, omlaag, naar links of naar rechts om de beelden te selecteren. |
| Blader door de foto's. | ![]() | Draai aan de instelschijf om per pagina door de thumb-nails te scrollen. |
| Veran-der aantal weergege-ven beelden | ![]() | Druk wanneer er vier thumbnails te zien zijn eenmaal op de [O]knop om negen thumbnails te zien. Druk op (R) om "in te zoomen" van negen naar vier thumbnails, of, wanneer er vier thumbnails te zien zijn, om het gemar-keerde beeld schermvullend te zien. |
| Wis ge-markeerd beeld | ![]() | Er verschijnt een bevestigingsscherm. Druk multi-selector omhoog of omlaag om optie te markeren, druk naar rechts om te selecteren.Selecteer Ja om beeld te wissenSelecteer Nee om te stoppen zon-der te wissen![]() |
| Ga terug naar hui-dige stand | ![]() | Ga terug naar schermvullende weergave met gemar-keerd beeld schermvullend weergegeven (schemvullen-de weergave) of ga terug naar de opnamestand (scherm-vullend terugspelen). |
| Kleine ko-pie maken | Ontspan-knop | Maak kleine kopie van gemarkeerd beeld (alleen scherm-vullende weergave, niet mogelijk vanuit schermvullend te-rugspelen). Kijk bij "Kleine kopieën maken: Kleine kopie" (2). |
Foto-informatie
Bij schermvullend terugspelen of schermvullende weergave kan informatie over de opname over het beeld heen worden weergegeven. Er zijn zes pagina's aan foto-informatie per beeld. Roteer de instelschijf om de foto-informatie als volgt te laten passeren: blz 1 ⇔ blz 2 ⇔ blz 3 ⇔ blz 4 ⇔ blz 5 ⇔ blz 6 ⇔ blz 1.

Blz. 1 (Bestandsinformatie)
![1-2004.02.01 10:20 100NIKON 0001.JPG 4 5 6 7 8 9 10 11 3-[8M FINE] 12](/content/2026/06/1151589/images/65e29fb7a59faa391fa53c13228da8a55a8f1d8939df9cb8d6e8b433d292da25.jpg)
1 Opnamedatum
2 Opnametijdstip
3 Beeldgrootte
4 Map
5 Bestandsnummer en -type
6 Aanduiding batterijconditie
7 Voice memo icoon
8 Overspeelicoon
9 Icoon printopdracht
10 Beveiligingsicoon
11 Huidig opnamenummer/ totaal aantal beelden zichtbaar in huidige map
12 Beeldkwaliteit
Blz. 2 (Opname-informatie)

1 Cameratype
2 Firmwareversie
3 Lichtmeetmethode
4 Belichtingsstand
5 Sluitertijd
6 Diafragma
Blz. 3 (Opname-informatie, vervolg)

1 Belichtingscorrectie
2 Brandpuntsafstand
3 Scherpstelstand
4 Flitsstatus
5 Beeldcorrectie
6 Gevoeligheid (ISO equivalent)
Blz. 4 (Opname-informatie, vervolg)

1 Witbalans
2 Kleurverzadiging
3 Verscherping
4 Digitale zoom
5 Instelling converter
6 Bestandsgrootte
Blz. 5 (Belichtingsinformatie)

1 Thumbnail-preview (knipperende rand markeert hoge lichten in beeld, bijv. helderste beeldpartijen)
2 Histogram (geeft verdeling van toonwaarden in het beeld weer; horizontale as correspondeert met pixelhelderheid, met donkere tonen links en lichte tonen rechts, verticale as geeft hoeveelheid pixels per helderheidsniveau weer)
3 Bestandsnummer en -type
4 Belichtingsinformatie (lichtmeting, sluitertijd, diafragma, belichtingscorrectie, gevoeligheid)
Blz. 6 (Scherpstelbevestiging)

1 Bestandsnummer en -type
2 Scherpstelinformatie(brandpuntsafstand, dia- fragma, sluitertijd, scherpstelstand of afstand bij handmatige scherpstelling, ruisonderdrukking)
3 Scherpstelbevestiging (delen van het beeld op de ingestelde scherpstelafstand worden verscherpt weergegeven; actief scherpstelveld verschijnt in rood)
Nader bekijken: Zoomweergave
Gebruik de Q( )knop om in te zoomen op beelden die met schermvullend terugspelen of schermvullende weergave worden vertoond.

| Actie OmschrijvingIndrukken | ||
| Inzoomen | ![]() | Elke keer dat er op de ( )knop wordt gedrukt wordt er verder ingezoomd, tot 6 x. Als er ingezoomd is verschijnen iicoon en zoomverhouding in de linker bovenhoek van de monitor. |
| Bekijk andere delen van het beeld | ![]() | Gebruik multi-selector om te scrollen naar gedeelten die niet in de monitor zichtbaar zijn. Wilt u de multi-selector gebruiken om naar andere beelden te gaan, hef dan de zoom op. |
| Uitzoomen | ![]() | Elke keer dat er op de knop wordt gedrukt wordt er verder uitgezoomd. Om de zoom te annuleren zoomt u uit totdat het gehele beeld weer te zien is. |
| Zoom annuleren | —![]() | Annuleer zoom en ga terug naar schermvullende weergave of opnamestand (schermvullend terugspelen). |
| Uitsnede-kopie ma-ken (alleen scherm-vullende weergave) | Ontspan-knop | Verschijnt icoon bovenin monitor, dan kan uit-snedekopie van huidige beeld worden gemaakt door op ontspanknop te drukken. Druk multi-selector omhoog of omlaag om optie te markeren, druk naar rechts om te selecteren.Selecteer Ja om nieuw beeld aan te maken dat alleen het op de moni- tor zichtbare beeld bevat.Selecteer Nee om te stoppen zon- der een kopie aan te maken. |
Zoomweergave
Zoomweergave is niet beschikbaar voor fi lms en foto's die werden gemaakt met de optie voor kleine kopieën.
Extra tijd is nodig om RAW- of HI-kwaliteit beelden te openen. Verschijnt er een melding wanneer de 9knop wordt ingedrukt om op het beeld in te zoomen, wacht dan tot de melding verdwijnt en probeer het opnieuw.
Uitsneden maken
Wanneer ze met andere Nikon cameramodellen worden bekeken kan het voorkomen dat kopieën niet goed weergegeven of overgespeeld kunnen worden. Uitsneden maken is niet mogelijk bij RAW- of HI-kwaliteit beelden, beelden die zijn gemaakt op een beeldgrootte van 3:2 (3264 × 2176), beelden die zijn gemaakt met Panorama Assist, Films, opnamen die zijn gemaakt met Ultra HS of Intervalopnamen in het Continu menu, uitsnedekopieën en kopieën die werden gemaakt met de functie voor kleine kopie. Kopieën kunnen alleen worden gemaakt als er voldoende ruimte op de geheugenkaart is.
Uitsnedekopieën
Uitsnedekopieën worden opgeslagen als JPEG-bestanden in de kwaliteit NORMAL en hebben dezelfde aanmaakdatum en -tijd als het origineel. Afhankelijk van de grootte van het origineel en de zoomverhouding op het moment dat de kopie werd gemaakt worden de kopieën 3.264×2.448 (8M), 2.592×1.994 (5M), 2.048×1.536 (3M), 1.600×1.200 (2M), 1.280×960 (1M), 1.024×768 (PC), 640×480 (TV), 320×240 (■), of 160×120 (□) pixels groot. Kopieën worden opgeslagen als aparte bestanden op de geheugenkaart met een naam in de vorm "RSCnnnn.JPG", waarin "nnnn" een viercijferig getal is dat automatisch door de camera wordt toegewezen. Kopieën zijn onafhankelijk van de originelen: wissen van de kopie heeft geen gevolgen voor het origineel, wissen van het origineel geen gevolgen voor de kopie. Kopieën worden aangemaakt met dezelfde overspeelmarkeringen als het origineel, maar elke volgende verandering aan overspeelmarkering of handelingen voor beveiligen, verbergen of printen moet per beeld worden gemaakt.

Kleine kopieën maken: Kleine kopie
Wilt u een kleine kopie maken van het beeld dat schermvullend wordt weergegeven of dat in het thumbnail-overzicht is gemarkeerd, druk dan op de ontspanknop.


* Wilt u stoppen zonder een kleine kopie te maken, markeer dan Nee en druk de multi-selector naar rechts.

Maak kopie en keer terug naar weergave. Gebruik multi-selector om te bladeren naar laatste opname in huidige map. Bij weergave in de camera worden kopieën gemarkeerd door een grijze rand. Kopieën kunnen niet met zoomweergave worden bekeken.
Afhankelijk van de optie die werd geselecteerd voor Kleine kopie in het weergavemenu (121), worden de kopieën 640×480 (TV), 320×240 (☐), of 160×120 (☐) pixels groot. Kleine kopieën worden opgeslagen als JPEG-bestanden in BASIC kwaliteit, ideaal voor verzending per e-mail en gebruik in webpagina's.
Kleine kopieën
Kopieën worden opgeslagen als bestanden met een naam in de vorm "SSCNnnnn.JPG", waarin "nnnn" een viercijferig getal is dat automatisch door de camera wordt toegewezen. Kopieën zijn onafhankelijk van de originelen: wissen van de kopie heeft geen gevolgen voor het origineel, wissen van het origineel heeft geen gevolgen voor de kopie. Kopieën worden aangemaakt met dezelfde overspeelmarkeringen en datum en tijd als het origineel, maar elke volgende verandering aan overspeelmarkering of handelingen voor beveiligen, verbergen of printen moet per beeld worden gemaakt.
Wanneer ze met andere Nikon cameramodellen worden bekeken kan het voorkomen dat kopieën niet goed weergegeven of overgespeeld kunnen worden. Kleine kopieën kunnen niet worden aangemaakt in schermvullend terugspelen of zoomweergave. Uitsneden kunnen niet worden gemaakt van RAW- of HI-kwaliteit beelden, beelden die zijn gemaakt op een beeldgrootte van 3:2 (3.264×2.176), films, opnamen die zijn gemaakt met Panorama Assist of de opties Ultra HS of Interval opnamen in het Continu menu, uitsnedekopieën en andere kleine kopieën. Kopieën kunnen alleen worden gemaakt als er voldoende ruimte op de geheugenkaart is.
Spraakmemo's: Opname en weergave
Korte spraakmemo's kunnen aan beelden worden toegevoegd die worden weergegeven in schermvullende weergave (55). Spraakmemo's kunnen niet aan fi Imbestanden worden toegevoegd. Memo's worden op de geheugenkaart opgeslagen in WAV-formaat geluidsbestanden. Tijdens weergave wordt de aanwezigheid van een memo gemarkeerd met een [♪] icoon.

| Actie OmschrijvingIndrukken | ||
| Spraakmemo opnemen | ![]() | Memo's van maximaal 20 seconden kunnen worden opgenomen als de knop wordt ingedrukt. De op-name stopt na ongeveer 20 s of na loslaten van de knop. |
| Spraakmemo afspelen | ![]() | Verschijnt de icoon in de bestandsinformatie tijdens weergave, dan kan de memo worden afgespeeld via de ingebouwde speaker door op de te drukken. Weergave stopt wanneer gehele opname is afgespeeld of wanneer voor de tweede maal wordt ingedrukt. |
| Pauze / afspe- len hervatten | ![]() | Druk op knop om weergave te pauzeren. Druk op-nieuw om te hervatten. |
| Volume ver- hogen | ![]() | De volume-aanduiding verschijnt op de monitor wan- neer op zoomknoppen wordt gedrukt. Er zijn vier ni- veaus: hoog ( ), hiddel ( ), laag ( ), en uit ( ). |
| Volume ver- lagen | ![]() | |
| Foto of spraakmemo wissen | ![]() | Er verschijnt een bevestigingsscherm. Druk multi-se- lector omhoog of omlaag om optie te markeren, druk naar rechts om te selecteren.Selecteer Ja om zowel beeld als spraakmemo te wissen.Selecteer om alleen spraak- memo te wissen.Selecteer Nee om te stoppen zonder beeld of spraakmemo te wissen. ![]() |
Beelden op TV bekijken

Met de EG-E5000 audio/video (A/V) kabel, die bij uw camera wordt geleverd, kunt u de camera aansluiten op een TV-toestel of een videorecorder.

Videostand kiezen
Het onderdeel Videostand in het setup-menu biedt de keuze tussen NTSC en PAL (135). Let op dat de gekozen stand past bij de standaard die in het gebruikte apparaat wordt gebruikt.
1 Zet de camera uit
Zet de camera uit voordat u de A/V-kabel aansluit of afkoppelt.
2 Sluit de A/V-kabel aan
2 Steek de zwarte stekker in de A/V-out aansluiting van de camera. Steek de gele stekker in de video-in aansluiting van de TV of videorecorder. Sluit de witte stekker aan op de audio-in aansluiting.

Kies het videokanaal van de televisie
3 Kijk bij twijfel in de gebruikshandleiding van uw televisie of videorecorder.
4 Zet de keuzeschakelaar op ▶

De monitor van de camera blijft uit en de televisie geeft het beeld weer dat anders op de monitor te zien zou zijn geweest.

PAL
Is PAL geselecteerd voor Videostand terwijl de camera is aangesloten op een TV of videorecorder, dan wordt de video-output gestopt en de monitor/zoeker van de camera wordt ingeschakeld als er fi lms worden opgenomen of als er foto's worden gemaakt met Continu ingesteld op Ultra HS.
Beelden op de computer bekijken
Met behulp van de bij de camera geleverde UC-E1 USB-kabel en software kunt u foto's en fi lms op een computer bekijken. Voordat u beelden naar uw computer overspeelt (kopieert) dient de meegeleverde software te zijn geïnstalleerd. Meer informatie over het installeren van de meegeleverde software en het overspelen naar een computer is te vinden in de documentatie op de naslag-cd en de Snelhandleiding.
Voordat u de camera aansluit
Voordat u beelden naar een computer overspeelt dient u de USB-optie in het setup-menu van de camera af te stemmen op het besturingssysteem van de camera 134). De camera biedt twee opties: Mass storage (de standaardinstelling) en PTP (Picture Transfer Protocol).

Besturingssysteem USB optie
| Windows XP Home EditionWindows XP ProfessionalMac OS X (10.1.2 of later) | Kies Mass storage of PTP. |
| Windows 2000 ProfessionalWindows Millennium Edition (Me)Windows 98 Second Edition (SE)Mac OS 9 (9.0–9.2) | Kies Mass storage. |
USB-kabel aansluiten
Zet de computer aan en wacht totdat hij is opgestart. Sluit nadat u hebt gecontroleerd dat de camera uit staat de UC-E1 USB-kabel aan als hieronder aangegeven. Sluit de camera rechtstreeks op de computer aan; sluit de camera niet aan via een USB-hub of een toetsenbord.

Wordt de camera ingeschakeld, dan komt het objectief naar buiten en verschijnt in het LCD-venster. Alle instelorganen zijn inactief, behalve de hoofdschakelaar.

Windows 2000 Professional, Windows Millennium Edition (Me), Windows 98 Second Edition (SE), Mac OS 9 (9.0–9.2)
Selecteer PTP NIET wanneer u de camera aansluit op een computer die draait met een van bovenstaande besturingssystemen. Hebt u de camera aangesloten op een computer die draait met een van bovengenoemde besturingssystemen terwijl PTP is geselecteerd in het USB-menu, ontkoppel dan de camera als hieronder beschreven. Denk eraan dat u Mass Storage selecteert voordat u de camera weer aansluit.
Windows 2000 Professional
Er verschijnt een venster dat u welkom heet bij de wizard voor nieuw gevonden hardware. Klik op Annuleren (Cancel) om het venster te sluiten en ontkoppel de camera.
Windows Millennium Edition (Me)
Na het weergeven van een venster dat aangeeft dat de database voor nieuwe hardware wordt bijgewerkt, start de computer de wizard voor het toevoegen van nieuwe hardware. Klik op Annuleren (Cancel) om de wizard te verlaten en ontkoppel de camera.
Windows 98 Second Edition (SE)
De wizard voor nieuw gevonden hardware verschijnt. Klik op Annuleren (Cancel) om de wizard te verlaten en ontkoppel de camera.
Mac OS 9 (9.0 -9.2)
Er verschijnt een venster met de melding dat de computer niet in staat is de driver (stuurprogramma) te gebruiken voor het "Nikon Digital Camera E8700_PTP" USB-apparaat. Klik op Annuleren (Cancel) om het venster te sluiten en ontkoppel de camera.
Ontkoppelen van de camera
Is PTP geselecteerd in het USB-menu, dan kunt u de camera uitzetten en de USB-kabel loskoppelen als het overspelen is voltooid. Hebt u de USB-optie in het setup-menu van de camera niet anders ingesteld dan de standaardinstelling Mass storage, dan moet u de camera uit het systeem verwijderen, zoals hieronder wordt aangegeven.
Windows XP Home Edition / Windows XP Professional
Klik op het pictogram "Safely Remove Hardware" (5) n de taakbalk en selecteer Safely remove USB Mass Storage Device in het menu dat verschijnt.

Windows 2000 Professional
Klik op het pictogram "Unplug or Eject Hardware" icon (in de taakbalk en selecteer Stop USB Mass Storage Device in het menu dat verschijnt.

Klik op het pictogram "Unplug or Eject Hardware" (in de taakbalk en selecteer Stop USB Disk in het menu dat verschijnt.

Klik in Deze computer met de rechtermuisknop op het pictogram dat het camerageheugen voorstelt en selecteer Eject in het menu dat verschijnt.

Mac OS X
Sleep het pictogram dat het camerageheugen voorstelt ("NO_NAME") naar de Prullenmand.

flowchart
graph TD
A["NO NAME"] --> B["unblinded"]
B --> C["Touch"]
Mac OS 9Mac O
Mac OS 9
Sleep het pictogram dat het camerageheugen voorstelt ("untitled") naar de Prullenmand.

Zo print u de foto's die op de geheugenkaart staan:
- selecteer te printen beelden met de optie Printen en breng de geheugenkaart naar een digitale afdrukcentrale (16)
- selecteer te printen beelden met de optie Printen en steek de geheugen-kaart in een inkjet printer die van een kaartsleuf is voorzien (16)
- gebruik de USB-kabel om de camera aan te sluiten op een PictBridge compatible printer en print de foto's direct vanuit de camera (59)
- speel de foto's over met de software die bij de camera wordt geleverd en print ze vanuit de computer (zie de documentatie op de naslag-cd)
Zo krijgt u datum en tijd van opname op de foto:
- maak foto's met de optie Datum afdrukken in het setup-menu, waardoor datum of datum en tijd van opname rechtstreeks in het beeld wordt geplaatst (36)
- ondersteunt de printer of het afdrukbedrijf Digital Print Order Format (DPOF), gebruik dan de Datum optie in het Printen > Print selectie menu
- speel de foto's over met de software die bij de camera wordt geleverd en print ze met de optie datum afdrukken (zie de documentatie op de naslag-cd)

De optie Printen in het weergavemenu wordt gebruikt om een digitale printopdracht te maken met daarin welke beelden er moeten worden geprint, het aantal prints per beeld, en de informatie die in het beeld wordt geprint. Deze printopdracht wordt opgeslagen op de geheugenkaart in de camera in Digital Print Order Format (DPOF). Is een printopdracht eenmaal aangemaakt, dan kan de geheugenkaart in een DPOF compatible apparaat worden gestoken, waarna de beelden direct vanaf de geheugenkaart kunnen worden geprint. Controleer voordat u deze optie gebruikt of de printer of printservice DPOF ondersteunt. Opmerking:
- Werd de optie Printen niet gebruikt om een printopdracht aan te maken, dan zal van alle opnamen op de geheugenkaart één exemplaar worden geprint

“Datum afdrukken” versus de “Datum” optie van Printen
| Datum afdrukken Print selectie > Datum | |
| Instellen voordat foto wordt gemaakt | Instellen nadat foto is gemaakt |
| Datum permanent opgenomen in beeldbestand | Datum apart opgeslagen |
| Datum verschijnt altijd in de print | Datum verschijnt alleen wanneer foto wordt geprint met DPOF compatible printer |
Printen via directe USB-aansluiting
Wordt de camera aan gesloten op een PictBridge compatible printer via de UC-E1 USB-kabel, dan kunt u geselecteerde opnamen rechtstreeks vanaf de geheugenkaart van de camera printen.

flowchart
graph TD
A["Stel de USB optie in op PTP (39)"] --> B["Sluit de USB-kabel aan (70)"]
B --> C["Printen\n• Print de geselecteerde beelden (70)\n• Print DPOF printopdracht (72)"]
Stap 1 — Stel de USB optie in op PTP
Voordat fotos kunnen worden geprint via een directe USB-verbinding moet de optie USB in het setup-menu worden ingesteld op PTP 134; de standaard optie is Mass storage) Denk eraan de USB-optie te veranderen voordat u de printer aansluit.
Voordat u gaat printen
Controleer voordat u via de directe USB-aansluiting gaat printen of de printer PictBridge ondersteunt, en controleer de printerinstellingen. Kijk in de gebruikshandleiding van de printer voor meer informatie.
Foto's die niet kunnen worden geprint via de directe USB-verbinding
Films en RAW-kwaliteit foto's 📊30) kunnen niet via de directe USB-verbinding worden geprint. Sommige printers laten het mogelijk niet toe HI-kwaliteit (TIFF) beelden rechtstreeks te printen; raadpleeg de documentatie die bij de printer werd geleverd voor meer informatie.
Gebruik een betrouwbare stroombron
Gaat u door middel van een rechtstreekse USB-aansluiting printen, zorg dan voor een volledig geladen batterij. Laad bij twijfel de batterij op voordat u gaat printen, of gebruik de optionele EH-53 lichtnetadapter.
PictBridge
PictBridge is een industriestandaard die compatibiliteit waarborgt tussen camera's en printers, waardoor het mogelijk is rechtstreeks vanuit de camera te printen, zonder gebruik van een computer.

Stap 2 — Sluit de USB-kabel aan
Sluit nadat u hebt gecontroleerd dat de camera uit staat de UC-E1 USB-kabel aan als hieronder aangegeven.

Zet de camera en de printer aan. Het rechts getoonde menu verschijnt op de cameramonitor.

Stap 3 —Printen
Zo print u geselecteerde foto's:


* Wilt u één afdruk van alle foto's op de geheugenkaart, markeer dan Print alle beel- den en druk de multi-selector naar rechts. Selecteer Annuleren om terug te keren zonder foto's af te drukken.

Blader door de foto's. Huidige foto verschijnt onderin display.
4

PRINT SELECTIE

Selecteer huidige foto en stel aantal prints in op 1. Geselecteerde foto's krijgen een □coon.
5

PRINT SELECTIE

Gebruik multi-selector om aantal prints op te geven (maximaal 9). Wilt u de selectie van het beeld annuleren, druk dan multi-selector omlaag wanneer het aantal prints op 1 staat. Herhaal stappen 3–5 om extra beelden te selecteren.
6

Geselecteerde foto's bekijken. Druk de multi-selector omhoog, naar rechts, naar links of omlaag om foto's te bekijken die niet op de monitor te zien zijn. Na bevestiging van de selectie drukt u opnieuw op de opnop om verder te gaan met de volgende stap.
7

DPOF PRINTEN

Markeer Start Printen.*
8


Start het printen. ^†
* Selecteer Bevestigen om terug te keren naar Stap 6, Annuleren om terug te gaan zonder foto's te printen.
† Druk om het printen te onderbreken voordat alle beelden zijn geprint op de o.kx knop.
9

Links weergegeven melding verschijnt wanneer printen is voltooid. Zet de camera uit en ontkoppel de USB-kabel, of druk op de 📄nop om terug te gaan naar Stap 1.
De optie Printen in het weergavemenu wordt gebruikt om een digitale printopdracht te maken met daarin welke beelden er moeten worden geprint, het aantal prints per beeld, en de informatie die in het beeld wordt geprint (16). Zo drukt u de huidige printopdracht af:




Markeer Bevestigen (wilt u terug gaan zonder foto's af te drukken, markeer dan Annuleren en druk multi-selector naar rechts).
Printopdracht verschijnt. Druk de multi-selector omhoog, naar rechts, naar links of omlaag om foto's te bekijken die niet op de monitor te zien zijn.

DPOF printen
De optie DPOF Printen is alleen beschikbaar als er een printopdracht werd aange- maakt.


* Selecteer Bevestigen om terug te keren naar Stap 4, Annuleren om terug te gaan zonder foto's te printen.

Start het printen. Wilt u het printen onderbreken voordat alle beelden zijn geprint, druk dan op de clickknop, zet vervolgens de camera uit en ontkoppel de USB-kabel.

Links weergegeven melding verschijnt wanneer printen is voltooid. Zet de camera uit en ontkoppel de USB-kabel, of druk op de 📄nop om terug te gaan naar Stap 1.
Foutmeldingen
Verschijnt het rechts weergegeven venster, dan heeft er zich een fout voorgedaan. Na controle van de printer en het oplossen van problemen aan de hand van de printer-gebruiksaanwijzing kunt u Hervatten markeren en vervolgens de multi-selector naar rechts drukken om het printen te hervatten. Selecteer Annuleren om terug te keren zonder de resterende foto's af te drukken.

Menugids
Het opnamemenu (alleen opnamestanden 1en) 2
In de opnamestanden ① (Eigen 1) en ② (Eigen 2) kunnen de op de tegenoverliggende bladzijde weergegeven instellingen via het opnamemenu worden gewijzigd. Zet om het opnamemenu te laten verschijnen de keuzeschakelaar op een volg onderstaande stappen.


* Illustratie toont standaard menu.
Door op de 📂knop te drukken roept u een eigen menu op van één pagina, met daarin vijf onderdelen uit een totaal van de negentien opties van het volledige opnamemenu (standaard verschijnen de opties Witbalans, Lichtmeting, Continu, BSS en Gebr. instelling). Welke onderdelen in het eigen menu voorkomen kunt u selecteren met de optie Mijn menu ⚪ 103). Het volledige opnamemenu, dat bestaat uit drie bladzijden met opties, roept u als volgt op:


Het volledige menu bevat de volgende opties:

| ALLE MENU’S 1/3 | |
| Witbalans | 76–78 |
| Lichtmeting | 79 |
| Continu | 80–83 |
| BSS | 84–85 |
| Beeld aanpassen | 86 |
| Verzadiging 87 | |
| Gebr. instelling 88 |

| ALLE MENU'S 2/3 | |
| Verscherping | 89 |
| Lensconverter | 90 |
| Belicht. opties | 91–92 |
| Scherpstelopties | 93–94 |
| Zoomopties | 95 |
| Flitsopties 96–98 | |
| Auto bracketing 99–100 |

| ALLE MENU'S 3/3 | |
| Ruisonderdruk. | 101 |
| Standaardwaarden | 102 |
| Mijn menu | 103 |
| CF-kaart format. 104 | |
| SET-UP 122–136 |
De Sicoon
Een Soon verschijnt naast de gemarkeerde optie en geeft aan dat de geselecteerde optie kan worden veranderd door aan de instelschijf te draaien.
Witbalans
De kleur van het licht dat door het onderwerp wordt gerefl ecteerd is mede afhankelijk van de kleur van de lichtbron. Onze hersenen passen zich aan kleurveranderingen aan, met als resultaat dat we witte objecten als wit zien, ongeacht het feit dat ze zich in de schaduw bevinden, in direct zonlicht of onder het licht

van gloeilampen. Digitale camera's kunnen deze automatische aanpassing nabootsen door de informatie van de beeldsensor (CCD) van de camera te bewerken overeenkomstig de kleur van de lichtbron. Deze bewerking wordt "automatische witbalansinstelling" genoemd.
In de 📷 en onderwerpsstanden wordt de witbalans automatisch aan de opname-omstandigheden aangepast. In de opnamestanden 1en , kan voor de witbalans uit de volgende opties worden gekozen:
| Optie | Omschrijving |
| A-WAutomatisch | De witbalans wordt automatisch aangepast aan de lichtomstandigheden. Aanbevolen voor de meeste situaties. |
| PREWitbal. Preset | Wit object wordt als referentie gebruikt om de witbalans onder ongewone lichtomstandigheden in te stellen. |
| ☀ Daglicht | Witbalans afgestemd op zonlicht. |
| ☀Gloeilamp-licht Witbalans afgestemd op gloeilamplicht. | |
| ☀TL-licht | Witbalans afgestemd op meeste typen TL-licht. |
| ☀Bewolkt | Te gebruiken buiten bij bewolkt weer. |
| ☀Flitslicht | Witbalans afgestemd op licht van ingebouwde flitser. |
| ☀Schaduw | Te gebruiken bij zonnig weer met het onderwerp in de schaduw. |

Witbalans
Bij andere instellingen dan A-WB (Automatisch) verschijnt er een aanduiding voor de witbalans in de zoeker/monitor.

Witbalans fi jnregelen
Bij andere instellingen dan A-WB (Automatisch) en PRE (Witbal. Preset) kan de witbalans worden fi jngeregeld om te corrigeren voor variaties in de kleur van de lichtbron of om met opzet een warme of koele kleurzweem in de opname te brengen. Aanpassingen zijn mogelijk in een bereik van +3 tot -3, in hele stappen, in alle standen behalve (TL-licht). De hogere instellingen kunnen worden gebruikt om een koel effect te krijgen, of om te corrigeren voor een lichtbron met een gele of rode tint. De lagere instellingen kunnen worden gebruikt om een warm effect te krijgen, of om te corrigeren voor een lichtbron met een blauwe tint.
Wordt de witbalans ingesteld op (TL-licht), dan kunt u kiezen uit drie verschillende lichtbronnen (zie tabel rechts).

Zo kiest u een fi jninstelling van de witbalans:

PREWitbal.Preset (Vooringestelde witbalans)
De vooringestelde witbalans (witbalans preset) wordt gebruikt onder menglicht-omstandigheden (verschillende soorten licht) of om een correctie te realiseren voor lichtbronnen met een duidelijke kleurzweem (bijvoorbeeld om foto's die werden gemaakt met het licht van een lamp met een rode kap, er uit te laten zien alsof ze bij normaal licht werden gemaakt). Is PRE (Witbal. Preset) geselecteerd in het witbalans-menu, dan zoomt de camera in en het menu verschijnt rechtsboven.

| Optie | Omschrijving |
| Annule-ren | Roept de meest recente waarde voor de vooringestelde witbalans uit het geheugen op en stelt witbalans op deze waarde in. |
| Meten | Plaats om een nieuwe waarde voor de witbalans te meten een wit object, een vel papier bijvoorbeeld, in het licht dat voor de foto gaat worden gebruikt. Neem het object zo in beeld dat het het vierkant in het hierboven getoonde menu vult. Markeer Meten en druk de multi-selector naar rechts om de nieuwe waarde voor de witbalans te meten (de sluiter wordt ontspannen en de camera keert terug naar de oorspronkelijke zoomstand; er wordt echter geen foto gemaakt). |

Gebruik van de fl itser
Ongeacht de gekozen fl itsstand wordt de fl itser niet ontstoken wanneer de camera de vooringestelde witbalans meet. De vooringestelde witbalans kan niet met fl itslicht worden vastgesteld.
Lichtmeting
Kies een lichtmeetmethode die past bij de compositie en de lichtomstandigheden.

| Optie Hoe het werkt | Wanneer te gebruiken | |
Matrix | Camera vergelijkt de metingen van 256 velden in beeld met een archief van composites en fotosituaties om een optimale belichting te geven voor het totale beeld. | Aanbevolen voor de meeste situaties. |
Spot | De camera meet het veld dat wordt aangegeven door een rechthoek in het midden van de monitor. Ongeveer 1/32 van het beeld wordt gemeten. | Zorgt ervoor dat onderwerp in meetveld juist wordt belicht, ook als de achtergrond veel lichter of donkerder is. Te gebruiken met AE-vergrendeling (20) om te meten op onderwerpen die zich niet in het midden bevinden. |
Centrum-gericht | De camera meet het gehele beeld maar laat het centrum van het beeld, dat ongeveer 1/4 van het totaal beslaat, voor 80 % meetellen. | Klassieke meting voor portretten; blijft in enige mate rekening houden met de achtergrond, terwijl het midden van het beeld bij de belichtingsmeting het zwaarst weegt. Te gebruiken met AE-vergrendeling (20), om te meten op onderwerpen die zich niet in het midden bevinden te meten. |
| [G8BY]SpotAF-veld | Koppelt spotmeting aan actief scherpstelveld wanneer automatische of handmatige scherpstelveldselectie actief is (93). | Te gebruiken in plaats van AE-vergrendeling, om te meten op onderwerpen buiten het midden. Matrixmeting wordt gebruikt wanneer scherpstelveldselectie uit staat. |
Lichtmeting
De lichtmeting wordt aangeduid met iconen op het LCD-venster en in de zoeker/monitor. Er verschijnt geen icoon in de zoeker/monitor wanneer (Matrix) is geselecteerd. Is Spot AF-veldmeting geselecteerd, dan verschijnt er een icoon op het LCD-venster.
LCD-venster

![P 1/125 R50 [ 18]](/content/2026/06/1151589/images/5daba860b65ba7f07fd5caeb578141669344b83286b67505de22a1a50c99027b.jpg)
Kader voor spotmeting
Zoeker/monitor
Continu
Gebruik de opties in dit menu om de vluchtige expressie in een gezicht te vangen, een onderwerp te fotograferen dat zich onvoorspelbaar verplaatst of om beweging in een serie beelden te vangen.

| Optie | Omschrijving |
| [TWGS]Enkelvoudig | Camera maakt één opname per keer dat de ontspanknop wordt ingedrukt. |
Continu H1, 2 | Zolang de ontspanknop ingedrukt wordt gehouden maakt de camera opnamen tot ongeveer 5 beelden met maximaal 2,5 bps (beelden per sec.). Monitor en elektronische zoeker worden tijdens het opnemen uitgeschakeld. |
Continu L2, 3 | Zolang de ontspanknop ingedrukt wordt gehouden maakt de camera tot 12 opnamen met een frequentie tot ongeveer 1,2 bps. Opname wordt uitgesteld als 2 icoon te zien is [IMAGE]1). |
Multi-shot 162, 3 | Elke keer dat de ontspanknop wordt ingedrukt maakt de camera 16 achtereenvolgende opnamen van 816×612 pixels met circa 1,5 bps en rangschikt hij ze in vier rijen binnen één enkel totaalbeeld van 3264×2448 pixels. Beeldgrootte wordt automatisch ingesteld op [8M]. |
Ultra HS4 | Zolang de ontspanknop ingedrukt wordt gehouden maakt de camera opnamen tot 100 beelden met maximaal 30 bps. Beeldkwaliteit wordt automatisch ingesteld op NORMAL en beeldgrootte op TV (640 × 480). Bij elke opnameserie maakt de camera een nieuwe map aan waarin alle foto’s in volgorde worden opgeslagen. De mapnaam bestaat uit “N_” gevolgd door een driecijferig serienummer, dat automatisch door de camera wordt toegekend. Opnameteller verschijnt in zoeker/monitor. |
5 Opnamen buffer2, 3 | Camera maakt zolang de ontspanknop ingedrukt wordt gehouden opnamen met 1 bps, maar alleen de laatste vijf beelden worden op de geheu-genkaart opgeslagen. |
Intervalopnamen3 | Camera maakt automatisch foto’s op vast ingestelde interval. Kijk bij “Interval opnamen” [IMAGE] 82). |
FILM4 | Maakt fi Imopname van maximaal 3 minuten lang. Zie “Film” [IMAGE]49). |
1 HI Image kwaliteit teruggezet op FINE.
2 Ingebouwde fl itser wordt uitgeschakeld.
3 RAW en HI Beeldkwaliteit teruggezet op FINE.
4 Ingebouwde en externe fl itsers worden uitgeschakeld (FILM>Interval fi Im uitgesloten).
RAW en HI Beeldkwaliteit teruggezet op FINE
Andere instellingen dan Enkelvoudig kunnen niet worden gebruikt in combinatie met BSS (84), witbalans-bracketing (99), ruisonderdrukking (101). Multi-shot 16, Ultra HS, 5 Opnamen buffer, Intervalopnamen, en FILM kunnen niet worden gebruikt in combinatie met auto bracketing (99). Digitale zoom (16) kan niet worden gebruikt bij instelling op Multi-shot 16 of Ultra HS.
Scherpstelling, belichting en witbalans
Bij andere instellingen dan Enkelvoudig worden scherpstelling, belichting en witbalans bepaald voor de eerste opname in de serie.
Ultra HS
Wordt de monitor gedraaid om tijdens de opname in dezelfde richting te wijzen als het objectief, dan wordt het beeld op de monitor gespiegeld.
Tijdens de opname gaat de zoomaanduiding van de monitor van S (start) naar E (einde). Wilt u het opnemen stopen voordat er honderd foto's zijn gemaakt, haal dan uw vinger van de ontspanknop.

Tijdens het fotograferen worden de beelden opgeslagen in een tijdelijk buffergeheugen voordat ze voor opslag naar de geheugenkaart gaan. U kunt doorgaan foto's te maken zolang als er ruimte in het buffergeheugen is. Wanneer het buffergeheugen vol is verschijnt een (wachten) icoon en wordt het opnemen opgeschort. U kunt meer foto's maken zodar er weer ruimte in het buffergeheugen vrij is gekomen.
Continu
Bij andere instellingen dan Enkelvoudig wordt de actieve "continu" instelling in de zoeker/monitor aangegeven met een icoon. Bij instelling op Continu H, Continu L, 5 Opnamen buffer, en Intervalopnamen verschijnt een icon op het LCD-venster. Er verschijnt een icon op het LCD-venster wanneer Multi-shot 16 wordt geselecteerd, in de standen Ultra HS en FILM knippert de icon op het LCD-venster. Bij instelling op Ultra HS knippert de beeldkwaliteits-aanduiding (NORM) op het LCD-venster.

Intervalopnamen
Om het menu getoond in Stap 1, hieronder, op te roepen markeert u Interval-opnamen in het menu CONTINU en drukt u de multi-selector naar rechts.



Kies voor interval tussen de opnamen uit 30s (dertig seconden), 1m (één minuut), 5m (vijf minuten), 10m (tien minuten), 30m (dertig minuten) en 60m (zestig minuten).

Maak selectie en keer terug naar opnamemenu. Wilt u de optie van de AEvergrendeling veranderen, selecteer dan Continu>Intervalopnamen. Wilt u teruggaan zonder de optie te veranderen, ga dan verder met Stap 9.


Maak een testopname
Maak een testopname en bekijk het resultaat voordat u gaat fi Imen.
7

AE-VERGRENDELING

Wanneer Aan is geselecteerd worden belichting en automatische witbalans voor de hele serie vast ingesteld op de waarde voor het eerste beeldje, Uit om voor elke opname belichting en witbalans opnieuw in te stellen.
8

MIJN MENU

Maak selectie.
9


Ga terug naar de opnamestand.
10

Start de opname. De camera zal met de ingestelde interval opnamen maken totdat de ontspanknop opnieuw wordt ingedrukt, de geheugenkaart vol is, of er 1.800 opnamen zijn gemaakt.
Gebruik een betrouwbare stroombron
Om te voorkomen dat de opnameserie onverwachts tot een einde komt is het aan te bevelen voor intervalopnamen de optionele EH-53 lichtnetadapter te gebruiken.
Tijdens de opname
Om stroom te besparen worden monitor en elektronische zoeker tussen de opnamen door uitgeschakeld. De weergave wordt direct voordat de camera de volgende opname gaat maken automatisch ingeschakeld.
Mappen
Elke serie foto's wordt opgeslagen in een separate map met een naam die bestaat uit een driecijferig mapnummer, gevolgd door "INTVL" (bijvoorbeeld "101INTVL").
Snel terugspelen/Schermvullend terugspelen
Snel terugspelen en schermvullend terugspelen zijn tijdens intervalopnamen niet beschikbaar.
De opties in het Best Shot Selector (BSS) menu worden aanbevolen voor situaties waarin ongewilde camera-beweging tot onscherpe foto's kan leiden, of wanneer delen van het beeld onder- of overbelicht zouden kunnen raken.

| Optie Omschrijving | ||
| BSSuit BSS uit. | ![]() | |
| BSAan | Camera neemt foto's zolang ontspanknop ingedrukt wordt gehouden, maximaal tien. De beelden worden daarna vergeleken en de scherpste opname (de opname met de hoogste detaillering) wordt op de ge-heugenkaart opgeslagen. De fl itser wordt automatisch uitgeschakeld en de scherp-stelling, belichting en automatische witbalans worden bepaald op basis van de eerste foto in de reeks. Aanbevolen voor situaties waarin ongewilde camerabeweging tot onscherpe foto's kan lei-den, bijvoorbeeld wanneer:de camera wordt ingezoomdmacro close-up is ingeschakelder weinig licht is en de fl itser niet kan worden gebruikt | ![]() |
Optie Omschrijving

Belich- ting BSS
Selecteren van deze optie roept het rechts afgebeelde submenu op. Kies uit:
- Hoge lichten BSS: opname met kleinste overbelichte partij wordt gekozen.
- Schaduw BSS: opname met kleinste onderbelichte partij wordt gekozen.
- Histogram BSS: uit de opnamen met de minste onder- en overbelichting kiest de camera de opname met de beste toonwaardenverdeling.
Hoge lichten BSS Schaduw BSS Histogram BSS
Camera maakt vijf opnamen per keer dat de ontspanknop wordt ingedrukt. De beelden worden daarna vergeleken en de opname die het best aan het geselecteerde criterium beantwoordt wordt op de geheugenkaart opgeslagen. De fl itser wordt automatisch uitgeschakeld en de scherpstelling, belichting en automatische witbalans voor alle foto's worden bepaald op basis van de eerste foto in de reeks. Aanbevolen voor onderwerpen waarin een hoog contrast voorkomt, wanneer het moeilijk is de belichtingsinstelling goed te bepalen.
BELICHTING BSS

Beperkingen BSS
BSS zal mogelijk niet het gewenste resultaat opleveren bij een bewegend onderwerp of wanneer u de compositie verandert terwijl u de ontspanknop ingedrukt houdt. BSS kan niet worden gebruikt met de zelfontspanner (38), Continu (80) instellingen dan Enkelvoudig, auto bracketing (belichting) of witbalansbracketing (99), of ruisonderdrukking (01). Beeldkwaliteitsinstellingen RAW en HI zijn bij Belichting BSS niet beschikbaar.

BSS
Bij andere instellingen dan Uit wordt de actieve BSS instelling in de zoeker/monitor opgegeven met een icoon.

Beeld aanpassen
Met de opties van dit menu regelt u het contrast.

| Optie Omschrijving | |
| Auto-matisch | Camera stelt automatisch contrast in op basis van opname-omstandigheden. |
| Normaal | De camera past op alle beelden dezelfde standaard contrastaan-passing toe. Geschikt voor allerlei onderwerpen, van donkere tot lichte. |
| Meer contrast | Beeld wordt bewerkt om het verschil tussen lichtste en donkerste partijen te vergroten, wat het contrast verhoogt. Nuttig voor opna-men bij bewolkt weer of bij het fotograferen van onderwerpen met een laag contrast. |
| Minder contrast | Beeld wordt bewerkt om het verschil tussen lichtste en donkerste partijen te verkleinen, wat het contrast verlaagt. Aanbevolen wanneer er fel licht is, dat sterke schaduwen op het onderwerp laat val-len. |

Beeld aanpassen
Bij andere instellingen dan Automatisch wordt de actieve instelling voor beeld aanpassen in de zoeker/monitor aangegeven met een icoon. Er verschijnt geen icoon voor Beeld aanpassen wanneer Zwart-wit is geselecteerd voor Verza-diging.

Verzadiging
Met de verzadigingsinstelling verhoogt of verlaagt u de intensiteit van de kleuren.

| Optie Omschrijving | |
| +2 Maximaal | Voor een levendig kleurrijk effect voor foto's die u zonder enige nabewerking wilt printen. |
| +1 Verbeterd | |
| ±0 Normaal Aanbevolen voor de meeste situaties. | |
| -1 Gemiddeld | Te gebruiken voor foto's die later op een computer zullen wor- den gewerkt. |
| -2 Minimaal | |
| Zwart-wit | Foto's worden opgenomen in zwart-wit. Zwart-witfoto's ver- eisen dezelfde geheugenruimte als kleurenopnamen, maar ze bieden een hogere detaillering. Zwart-wit kan niet worden gebruikt in combinatie met digitale zoom (16), witbalans (76), witbalansbracketing (99), of RAW beeldkwaliteit (0). |

Verzadiging
Is Zwart-wit in werking wanneer Sepia film 320 werd geselecteerd in het filmmenu (49), dan wordt Verzadiging teruggezet op Normaal.

Zwart-wit
Is Zwart-wit geselecteerd, dan geeft de monitor het opgevangen beeld in zwart-wit weer en verschijnt een □oon in de zoeker/monitor.

Gebr. instelling (Gebruikersinstelling)
Het menu Gebr. Instelling kan in plaats van de FUNC knop worden gebruikt voor het kiezen van de opnamestand. Kies uit Automatisch (☐), Onderwerp (Onderwerpsstand), Eigen 1 (opnamestand 1), en Eigen 2 (opnamestand 2). De camera slaat de veranderde instellingen in opnamestand 1 en 2 op de activeert deze instellingen weer de volgende keer dat deze stand wordt geselecteerd, waardoor het mogelijk is twee sets "eigen" instellingen aan te maken (één voor opnamestand 1 een tweede voor opnamestand 2 en ze op te roepen wanneer u ze wilt gebruiken. Meer informatie over opnamestanden op blz. 15.

Het menu Gebruikersinstelling oproepen in (Auto) stand
Druk op de wiknop. Het menu getoond in Stap 1 verschijnt op de cameramonitor.


Het menu Gebruikersinstelling oproepen in de Onderwerpsstand
Druk op de 📌hop. Het menu getoond in Stap 1 verschijnt op de cameramonitor.


Opnamestand
De huidige opnamestand verschijnt in de linker bovenhoek van de zoeker/monitor.

Verscherping
De camera bewerkt beelden automatisch om min of meer scherpe licht/donker-overgangen te versterken, waardoor contouren worden verscherpt. Dit gebeurt na de opname en het effect kan dus niet voorafgaand aan de opname worden beoordeeld. In opnamestanden 1en , de mate van verscherping instelbaar.

| Optie | Omschrijving |
| Auto-matisch | De camera verscherpt contouren voor optimale resultaten; de mate van verscherping varieert van beeld tot beeld. |
| Hoog | Het beeld wordt zodanig bewerkt dat de scherpte-indruk wordt versterkt; contouren worden duidelijk verscherpt. |
| Normaal | De camera past op alle beelden dezelfde standaard verscherping toe. |
| Laag De mate van verscherping ligt onder het normale niveau. | |
| Lit Er wordt geen verscherping toegepast. | |
Lensconverter
Het menu Lensconverter wordt gebruikt om de camera-instellingen af te stemmen op het gebruik van de hieronder genoemde optionele converters en adapters. Deze accessoires kunnen alleen worden gebruikt in combinatie met een verloopring (137). Kijk voor complete informatie over het gebruik in de handleiding die bij de converter wordt geleverd.

| Optie | Omschrijving |
Normaal | Geen veranderingen in de instellingen. Te gebruiken wanneer er geen converter is gemonteerd (denk eraan de verloopring te verwijderen). |
Groothoek (voor WC-E80) | Camera zoomt uit tot grootste beeldhoek. Zoom kan worden ingesteld tussen het midden van het optische zoombereik en de grootste beeldhoek. |
Tele (voor TC-E15ED) | Optische zoom wordt ingesteld op uiterste telestand. Digitale zoom kan worden gebruikt. |
Fisheye (voor FC-E9) | Zoom wordt ingesteld op grootste beeldhoek.Scherpstelling wordt vast ingesteld op oneindig.Lichtmeting wordt vast ingesteld op centrumgerichte meting (###9).Als gevolg van het ronde beeld blijven de hoeken van het beeld zwart. |

Flitser gebruiken
De ingebouwde flitser wordt bij andere instellingen dan Normaal automatisch uitgeschakeld. Externe fl itsers die op het accessoireschoentje worden geplaatst 96) kunnen worden gebruikt met de Instellingen voor externe flitsers Groothoek en Tele.

Autofocus gebruiken
Gebruik bij andere instellingen dan Normaal autofocus (37). Handmatige scherpstelling en oneindig geven geen resultaten die overeenkomen met de gekozen instelling.

Lensconverter
Bij andere instellingen dan Normaal wordt de instelling voor lensconverter op de monitor aangegeven met een icoon.

Het menu voor belichtingsopties bevat twee opties voor het sturen van de belichting.

AE-vergrendeling
Vergrendeling van de automatische belichting (AE) geeft een serie foto's met dezelfde belichting en witbalans. Dat is nuttig wanneer u foto's maakt die later zullen worden samengevoegd tot een enkel beeld na overspelen naar de computer (bijv. een 360 graden virtual reality beeld).

| Optie | Omschrijving |
| Uit | Herstelt normale belichting en witbalans. |
| Aan | Is Aan geselecteerd, dan bepaalt het eerste beeld de belichting (sluitertijd, diafragma en gevoeligheid) en witbalans voor alle volgende beelden. De fl itser wordt uitgeschakeld wanneer de AE-vergrendeling actief is. |
| Herstellen | Heft de huidige belichtingsinstellingen op. Is deze optie geselecteerd, dan bepaalt het eerstvolgende beeld de belichting (sluitertijd, diafragma en gevoeligheid) en witbalans voor alle volgende beelden. |
AE-vergrendeling
Als AE-vergrendeling actief is verschijnt een AE-L icoon in de zoeker/monitor. Nadat u Aan of Herstellen hebt geselecteerd wordt deze icoon geel om aan te geven dat de belichting bij de volgende opname wordt vergrendeld. De icoon wordt wit als u eenmaal een opname hebt gemaakt waarvan de belichting wordt vergrendeld.

In de M stand (handmatige belichtingsregeling) kunt u de sluitertijd instellen op BULB voor tijdopnamen van maximaal tien minuten (45). Met het tijdopname-menu regelt u hoe tijdopnamen worden gemaakt.

Lange tijdopnamen
Houd er rekening mee dat langere sluitertijden de hoeveelheid zichtbare ruis in een opname doen toenemen; het is aan te bevelen de ruisonderdrukking in te schakelen (01).

| Optie | Omschrijving | |
| Bulb ont-spannen | De sluiter blijft open zo lang de ontspanknop ingedrukt wordt gehou-den, maximaal tien minuten. | |
| Tijdopname | Selecteren van deze optie roept menu met belich-tingstijden op. Kies uit 30s (dertig seconden), 1m (één minuut), 3m (drie minuten), 5m (vijf minu-ten) of 10m (tien minuten). De sluiter gaat open na indrukken van de ontspanknop en blijft open totdat er opnieuw op de ontspanknop wordt ge-drukt, of totdat de tijd die werd geselecteerd is verstreken. | ![]() |
Scherpstelopties
Het menu met scherpstelopties omvat drie opties voor het regelen van de scherpstel-instellingen.

AF-veld stand
In de (auto) stand stelt de camera automatisch scherp op het onderwerp in het midden van het beeld. In de opnamestanden 1 en 2 (en in sommige onderwerpsstanden; 24–27), zijn er vijf scherpstelvelden beschikbaar, waardoor het mogelijk is scherp te stellen op onderwerpen buiten het beeldmidden zonder scherpstelvergrendeling te gebruiken.

| Optie | Omschrijving | |
| Auto-matisch | Camera kiest automatisch scherpstelveld dat het onderwerp bevat dat het dichtst bij de camera ligt. Het geselecteerde scherpstelveld verschijnt in rood als de ontspan-knop half wordt ingedrukt. Kies deze instelling om het risico zo klein mogelijk te houden dat foto's onscherp worden als gevolg van een grillige verplaatsting of in andere situaties waarin er weinig tijd is om de scherpstelling te controleren. | |
| Hand-matig | In de zoeker/monitor verschijnen vijf scherpstelvelden; druk de multi-selector omhoog, naar rechts, naar links of omlaag om het veld te kiezen dat op het onderwerp is gericht. Te gebruiken in plaats van scherpstelvergrendeling (20) om scherp te stellen op relatief bewegingloze onderwerpen die zich niet midden in beeld bevinden; bij gebruik in combinatie met scherpstelvergrendeling om scherp te stellen op onderwerpen die in de uiteindelijke compositie niet in een scherpstelveld zouden vallen. | ![]() |
| Uit | Camera stelt scherp op onderwerp in centraal scherpstelveld. Er verschijnen geen scherpstelveldaanduidingen in de zoeker/monitor. Gebruik scherpstelvergrendeling (20) voor scherpstelling op onderwerpen buiten het beeldcentrum. | |
Digitale zoom
Scherpstelveldselectie is niet beschikbaar in combinatie met digitale zoom (6). Het centrale scherpstelveld wordt gebruikt als de digitale zoom in gebruik is.
Spot AF-veld meting
Scherpstelveldselectie (zowel handmatig als automatisch) kan worden gebruikt in combinatie met spot AF-veld meting, om de belichting uitsluitend in het actieve scherpstelveld te meten (29).
Scherpstel-Stand
Met de Scherpstel-stand bepaalt u hoe de camera scherp stelt. De geselecteerde optie is eveneens geldig voor fi Imopnamen.

| Optie | Omschrijving |
| Enkelvou-dig AF | De camera stelt scherp wanneer de ontspanknop half wordt ingedrukt. De scherpstelling blijft vergrendeld zolang de ontspanknop half ingedrukt wordt gehouden. Denk eraan dat u ook foto's kunt maken als de scherpstelling niet in orde is; controleer de scherpstelaanduiding voordat u de foto maakt. |
| Continu AF | De camera blijft de scherpstelling bewaken en bijregelen totdat de ontspanknop half wordt ingedrukt; hierdoor is de tijd die nodig is om een foto te maken korter. Scherpstelling wordt vergrendeld als ontspanknop half wordt ingedrukt. Denk eraan dat u ook foto's kunt maken als de scherpstelling niet in orde is; controleer de scherpstelaanduiding voordat u de foto maakt. |
Scherptebevestiging
Gebruik voordat u de foto maakt scherptebevestiging om precies te bepalen welke delen van het beeld scherp worden. De scherptebevestiging betreft alleen het door het objectief gevormde beeld in de zoeker/monitor; er verschijnen geen scherptemarkeringen in het uiteindelijke beeld.

| Optie | Omschrijving |
| Handmatige inst. (MF) | Delen van het beeld die zich op de ingestelde afstand bevinden worden bij handmatige scherpstelling in de zoeker/monitor verscherpt weergegeven (47). |
| Aan | Delen van het beeld die zich op de ingestelde afstand bevinden worden bij alle scherpstelstanden in de zoeker/monitor verscherpt weergegeven . |
| Uit Er verschijnt geen scherpteaanduiding in de zoeker/monitor. | |
Zoomopties
Het Zoomopties menu bevat opties voor digitale en optische zoom.

Digitale tele
Wanneer Aan is geselecteerd kan de digitale zoom worden geactiveerd door in de uiterste zoomstand circa twee seconden op de knop te drukken. Selecteer Uit om de digitale zoom uit te zetten voor opnamestanden 1 en 2 (niet voor fi Imopnamen).

Digitale zoom
Digitale zoom is niet beschikbaar bij RAW en HI beeldkwaliteit (30), de Continu instellingen Multi-shot 16 of Ultra HS (80), een Verzadiging instelling op Zwart-wit (87), of de Lensconverter instellingen Groothoek of Fisheye (90).
Vast diafragma
Deze optie regelt of het diafragma aan de zoomstand wordt aangepast.

| Optie | Omschrijving |
| Aan | In de standen A en M wordt het diafragma zo dicht mogelijk bij de geselecteerde f/-waarde gehouden. Om te voorkomen dat het geselecteerde f/-getal in de nieuwe zoominstelling het belichtingsbereik overschrijdt dient u een opening van f/5 tot f/8 te kiezen. |
| Uit | Diafragma verandert met de zoomstand. |
Zoomsnelheid
De zoomsnelheid is instelbaar.

| Optie | Omschrijving |
| Hoog | Snel zoomen. |
| Laag | Zoom start langzaam en gaat geleidelijk aan steeds sneller. Voor fi jnaanpassingen van de zoomstand. |
Flitsopties
Het menu Flitsopties bevat drie opties voor het regelen van de ingebouwde fl itser en externe fl itsers die op het accessoireschoentje van de camera zijn geplaatst.

Pop Up
Hiermee bepaalt u of de ingebouwde fl itser automatisch omhoog komt als er fl itslicht nodig is.

| Optie | Omschrijving |
| Auto-matisch | De ingebouwde fl itser bij klapt half indrukken van de ontspanknop automatisch omhoog indien er fl itslicht nodig is; de fl itser wordt ontstoken wanneer de ontspanknop geheel wordt ingedrukt. Is de fl itser eenmaal uitgeklapt, dan wordt hij alleen ont-stoken als er fl itslicht nodig is. |
| Hand-matig | De ingebouwde fl itser klapt uit wanneer op knop wordt gedrukt; bij elke opname wordt gefl itst. |
Flitsbel. Corr. (Flitsbelichtingscorrectie)
Gebruik deze optie om de fl itsdosering aan te passen van -2 LW tot +2 LW, in stappen van ^1/3 LW.


Zonnekappen
Verwijder zonnekappen (apart leverbaar; 📁 37) wanneer u de fl itser gebruikt.

Het accessoireschoentje
De camera is uitgerust met een accessoireschoentje, waarop Nikon fl itsers zonder fl itskabel kunnen worden aangesloten. Het accessoireschoentje is voorzien van een veiligheidsvergren- deling voor fl itsers met een vergrendelingspin, waaronder de SB-800, 30, 28, 28DX, 26, 25 en 22S fl itsers. Verwijder het kapje van het accessoireschoentje voordat u een fl itser bevestigt en plaats het kapje terug als het schoentje niet wordt gebruikt.

Deze optie wordt gebruikt om de ingebouwde en de optionele fl itsers te sturen bij het gebruik van optionele fl itsaccessoires die op het accessoireschoentje zijn geplaatst.

| Optie | Omschrijving |
| Automatisch | Optionele fl itser op de camera fl itst indien aanwezig. Indien niet aanwezig, dan wordt de ingebouwde fl itser ontstoken. |
| Intern & Extern | Zowel externe als ingebouwde fl itser fl itst. |
| Intern uit | Ingebouwde fl itser wordt uitgeschakeld. |

Flitsstandaanduiding voor externe fl itsers
Is Intern uit of Automatisch geselecteerd voor Flitser selectie en is er een externe flitser op de camera geplaatst, dan wordt de flitsstand als volgt aangegeven. De camera zal overigens de aanwezigheid van een externe fl itser niet opmerken als het fl itsgereedlampje op de externe fl itser uit is. Let er voordat u de foto maakt op dat het fl itsgereedlampje brandt.
| Flitsstand (Pop up ingesteld op Automatisch) Zoeker | ||
| Automatisch | ![]() | ![]() |
| Flitser uit | [BYWH] | ![]() |
| Automatisch met rode-ogen-reductie | ![]() | ![]() |
| Altijd fl itsen (invulfl its) | [19830] | [19842] |
| Flitsen met lange sluitertijd | [19840] | [19842] |
| Altijd fl itsen (invulfl its) | [19830] | [19842] |
| Invulfl its met rode-ogen-reductie | [19840] | [19842] |
| Invulfl its + Flitsen met lange sluitertijd | [19840] | [19842] |
Externe fl itsers gebruiken
Kijk in de handleiding van de fl itser voor meer uitgebreide instructies. Motorische zoomverstelling van de fl itskop wordt niet door de camera aangestuurd; de zoomstand van de fl itser moet handmatig worden ingesteld. Wordt een WC-E80 lensconverter gebruikt met de camera geheel uitgezoomd, dan is de gecombineerde brandpuntsaf-stand 22 mm (kleinbeeld-equivalent). Gebruik een groothoekadapter om een wijdere lichtspreiding te krijgen dan voor 22 mm.
Zet de fl itsstand van de fl itser voordat u begint op DDL. In deze stand wordt de optionele fl itser gestuurd door de fl itser, naar gelang de gekozen fl itsstan 34) en de instellingen onder Flitsopties 96). Wordt de flitser ontstoken, dan wordt het licht dat de externe fl itser op het onderwerp werpt door de lichtgevoelige cel van de camera gemeten; de duur van de fl its wordt aangepast om een optimale belichting te bereiken. Houd er rekening mee dat de lichtgevoelige cel van de camera, die deel uitmaakt van de ingebouwde fl itser, de fl itsdosering ook regelt als de ingebouwde fl itser uit staat; denk eraan dat u de lichtgevoelige cel niet blokkeert. Is Handmatig geselecteerd voor Pop up, druk dan voor dat u de foto maakt op de knop om de ingebouwde flitser uit te laten klappen.
Bij instelling op STBY (standby) zal de externe fl itser gelijk met de camera worden in- en uitgeschakeld. De camera stuurt geen AF-hulpverlichting en rode-ogen-reductie vanuit de fl itser aan.
Auto bracketing
In sommige situaties kan het soms moeilijk zijn om de juiste mate van belichtingscorrectie- en witbalans-instellingen te selecteren, terwijl de tijd ontbreekt om de resultaten te controleren en de opnamen over te doen. Met auto bracketing varieert u deze instellingen binnen een serie opnamen, waardoor u kunt kiezen uit een serie met belichtings- of witbalans-varianties.

| Optie | Omschrijving |
| Uit Herstelt normale belichting en witbalans. | |
| Auto bracketing | Camera varieert belichting voor elke opname, uitgaande van de huidige belichtingsinstelling (Auto bracketing; 📋00). |
| WB bracketing | Camera bij elke keer dat de ontspanknop geheel wordt ingedrukt drie opnamen, waardoor een reeks met witbalansvariaties ontstaat: een foto met de normale witbalans-instelling, een foto met een roodachtige zweem, een foto met een blauwachtige zweem. De opname-duur verdrievoudigt ongeveer. Te gebruiken bij onzekerheid over juiste witbalansinstelling. |
Beperkingen van auto bracketing
Auto bracketing kan niet worden gebruikt in combinatie met een sluitertijdinstelling op BULB of TIME (45), BSS (84), Belichting BSS (84), AE-vergrendeling (20), ruisonderdrukking (101), of Continu instellingen op Multi-shot 16, Ultra HS, 5 Opnamen buffer, Intervalopnamen, of Film (80).
Witbalans-bracketing kan niet worden gebruikt in combinatie met BSS (84), Belichting BSS (84), AE-vergrendeling (20), ruisonderdrukking (101), beeldkwaliteit RAW of HI (30), Zwart-wit (87), andere Continu instellingen dan Enkelvoudig (80).
Auto bracketing
Is Auto bracketing actief, dan verschijnt er een BKToon met de gekozen belichtingsvariatie.
Is witbalans-bracketing actief, dan verschijnt WBT EKT op de monitor.

Is Auto bracketing geselecteerd, dan wordt de belichting per opname gevarieerd; het aantal opnamen en de sterkte van de belichtingscorrectie kunnen worden geselecteerd in het rechts weergegeven submenu. De waarden worden toegevoegd aan een eventueel ingestelde belichtingscorrectie (geselecteerd met de knop 9). Bracketing wordt verwezenlijkt door variatie in sluitertijd (A en M stand), het diafragma (S stand) of sluitertijd én diafragma (P stand).

| Optie Aantal opnamen Belichtingsverschil | Bracketingvolgorde | ||
| 3 ±0.3 | 3 ± | 13 EV | 0, +0,3, -0,3 |
| 3 ±0.7 | 3 ± | 23 EV | 0, +0,7, -0,7 |
| 3 ±1.0 | 3 | ±1 EV | 0, +1,0, -1,0 |
| 5 ±0.3 | 5 ± | 13 EV | 0, +0,7, +0,3, -0,3, -0,7 |
| 5 ±0.7 | 5 ± | 23 EV | 0, +1,3, +0,7, -0,7, -1,3 |
| 5 ±1.0 | 5 | ±1 EV | 0, +2,0, +1,0, -1,0, -2,0 |

Continu-opnamen (Autoexposure bracketing)
Bij instelling op Continu H of Continu L (80), stopt het opnemen na voltooiing van elke bracketing-serie. Is Enkelvoudig geselecteerd, dan moet de ontspanknop eenmaal ingedrukt worden voor elke opname in de bracketingreeks.

In de stand voor automatisch flitsen (34) wordt de flitsinstelling voor de eerste opname in elke bracketing-serie toegepast op alle opnamen. Wordt er bij de eerste opname gefl itst, dan wordt er bij de overige opnamen ook gefl itst; wordt er bij de eerste opname niet geflitst, dan wordt er ook bij de overige opnamen niet geflitst. Is de gevoeligheid (ISO equivalent) ingesteld op AUTO (46) in de stand S, A of M, dan wordt de gevoeligheidswaarde die voor de eerste opname werd gebruikt ook op de andere opnamen toegepast (in de P-stand varieert de gevoeligheid per opname).
Ruisonderdruk. (Ruisonderdrukking)
In opnamen die met lange sluitertijden worden opgenomen kan zich "ruis" voordoen, in de vorm van willekeurige voorkomende felgekleurde spikkeltjes, vooral in de schaduwen. Ruisonderdrukking kan worden gebruikt om ruis te onderdrukken bij sluitertijden van ¼ sec. of langer.

| Optie | Omschrijving |
| Aan | Ruisonderdrukking treedt in werking bij sluitertijden van 1/4 sec of langer. De vereiste tijd voort het wegschrijven van de opnamen op de geheugenkaart wordt meer dan verdubbeld. |
| Uit | Ruisonderdrukking uit, camera werkt normaal. |
Beperkingen van ruisonderdrukking
Ruisonderdrukking kan niet worden gebruikt in combinatie met BSS (84), Belichting BSS (84), belichtings- of witbalans-bracketing (99), of met andere Continu instellingen dan Enkelvoudig (80).
Gevoeligheid (ISO-equivalent)
Ruisonderdrukking vermindert de ruis die bij hogere gevoeligheden voorkomt (146), maar alleen in opnamen met sluitertijden van 1/4 s of langer.
Ruisonderdruk.
Wanneer de ruisonderdrukking aan staat verschijnt de NR (Noise Reduction) icoon in de zoeker/monitor.

Standaardwaarden
Selecteer deze optie om de instellingen voor de huidige opnamestand (stand 1 of 2) terug te zetten op hun standaardwaarde.
| Optie | Omschrijving |
| Nee | Verlaat menu en laat instellingen on-veranderd. |
| Standaard | Zet instellingen terug op hun sta-daard waarden. |

Standaardwaarden kiezen zet de volgende opties voor de huidige opnamestand (Eigen 1 en Eigen 2) terug op hun standaardwaarden. Instellingen van de andere opnamestand blijven ongemoeid.
| Basisinstellingen | Standaard |
| Flitsstand Automatisch | |
| Scherpstelstand Autofocus | |
| Belichtingscorr. 0.0 | |
| Beeldkwaliteit NORM | |
| Beeldgrootte | 8M (3264×2448) |
| Gevoeligheid | AUTO |
| Menu-opties Standaard | |
| Witbalans Automatisch | * |
| Lichtmeting Matrix | |
| Continu Enkelvoudig | |
| BSS Uit | |
| Beeld aanpassen | Automatisch |
| Verzadiging Normaal | |
| Verscherping Automatisch | |
| Lensconverter Normaal | |
* Fijnregeling teruggezet op 0.
| Menu-opties Standaard | |
| Belicht. opties | |
| AE-vergrendeling | Uit |
| Bulb/TijdBulb ontspannen | |
| Scherpstelopties | |
| AF-veld stand | Automatisch |
| Scherpstel-stand | Enkelvoudig AF |
| Scherptebevest. | Handmatige inst. |
| Zoomopties | |
| Digitale tele | Aan |
| Vast diafragma | Uit |
| Zoomsnelheid Hoog | |
| Flitsopties | |
| Pop up | Automatisch |
| Flitsbel. corr. | 0.0 |
| Flitser selectie | Automatisch |
| Auto bracketing | Uit |
| Ruisonderdruk. Uit | |
Mijn menu
Deze optie bepaalt welke van de 19 onderdelen uit het complete opnamemenu verschijnen in het uit vijf onderdelen bestaande eigen menu dat verschijnt wanneer er op de MENU knop wordt gedrukt in opnamestand 1 en 2. Standaard bevat het menu de opties witbalans, lichtmeting, continu, BSS en gebruikersinstelling. Zo verandert u de onderdelen die in het eigen menu verschijnen:





* Er kan ook een selectie worden gemaakt door de onderdelen te markeren en aan de instelschijf te draaien. Om het menu te verlaten en terug te keren naar de opnamestand drukt u opnieuw op de MENU knop.


CF-kaart format. (CF-kaart formatteren)
CF-kaart format. fomatteert geheugenkaarten voor gebruik in de camera. Formatteren verwijdert alle informatie permanent van de geheugenkaart, ook beveiligde beelden en eventuele andere bestanden dan beeldbestanden. Speel beelden die u wilt behouden eerst over naar de computer voordat u met formatteren begint (65–67).

| Optie | Omschrijving | |
| Nee Ga | terug zonder de geheugenkaart te formatteren. | |
| Format- teren | Formatteert de geheugenkaart. Rechts weergegeven melding verschijnt terwijl formatteren plaatsvindt.Als het formatteren in gang is mag u de camera niet uitzetten, de geheugenkaart en de batterij niet verwijderen en de netstroomadapter niet afkoppelen. | FORMATTEREN... |
Het weergavemenu
Het weergavemenu bevat de volgende opties:

| WEERGAVEMENU 1/2 | |
| Wissen | 106–107 |
| Mappen | 108–111 |
| Diashow | 112–113 |
| Beveiligen | 114 |
| Beeld verbergen | 115 |
| Printen 116–117 | |
| Auto-overdracht 118–119 |

| WEERGAVEMENU 2/2 | |
| Verplaats beeld | 120–121 |
| CF-kaart format. | 104, 121 |
| Kleine kopie | 121 |
| SET-UP 122–136 |
Zo roept u het weergavemenu op:

Wissen
Het wismenu bevat de volgende opties:
| Optie | Omschrijving |
| Selectie Wis geselecteerde beelden. | |
| Alle beelden Wist alle opnamen. | |

Selectie wissen



![4 SELECTIE WISSEN 2004. 02. 01 10: 25 ON OFF / 4] MENU Terug Ingestid Selecteer huidige foto. Geselecteerde beelden gemarkeerd door 📞oon.](/content/2026/06/1151589/images/0f28671536ff8534297ea076cce65b8b4847f998d4aea964cbaa1a3693f7b205.jpg)
5 Herhaal stappen 3–4 om extra beelden te selecteren. Om een beeld te de- selecteren selecteert u het en drukt u de multi-selector omlaag of omhoog. Om te stoppen zonder de selectie te veranderen drukt u op de M4 hop.

Er verschijnt een bevestigingsscherm. Druk multi-selector omhoog of omlaag om optie te markeren, druk naar rechts om te selecteren: - Selecteer Ja om selectie te wissen. - Selecteer Nee om terug te gaan zon- der beelden te wissen.
Alle beelden wissen
1

WISSEN

Markeer Alle beelden.
2

ALLE BEELDEN WISSEN
Verwijder alle beelden

Er verschijnt een bevestigingsscherm. Druk multi-selector omhoog of omlaag om optie te markeren, druk naar rechts om te selecteren:
- Selecteer Ja om alle beelden te wissen die niet zijn verborgen of beveiligd.
- Selecteer Nee om terug te gaan zonder beelden te wissen.
Voordat u gaat wissen
Gewiste beelden kunnen niet worden teruggehaald. Speel indien gewenst de beelden naar de computer over voordat u ze gaat wissen (35).
Beveiligde beelden
Beelden die met een 📄con zijn gemarkeerd zijn beveiligd en kunnen niet worden gewist (14).
Verborgen beelden
Beelden die zijn verborgen met de optie Beeld verbergen (115) verschijnen niet in het Wissen>Selectie menu en kunnen niet worden gewist.
Mappen
Standaard worden beelden opgeslagen in een map met de naam NIKON. Om het makkelijker te maken foto's bij weergave te lokaliseren kunt u extra mappen maken en foto's op thema sorteren. Het weergavemenu Mappen wordt gebruikt om mappen te creëren en te beheren, en om de map te selecteren van waaruit foto's zullen worden weergegeven.

Door Mappen te selecteren in het weergavemenu Mappen krijgt u de volgende opties:
| Optie | Omschrijving |
| Nieuw Nieuwe mappen aanmaken. | |
| Hernoemen Hernoem bestaande mappen. | |
| Wissen | Wis mappen en alle onderdelen die ze bevatten. |

Nieuwe mappen aanmaken




* Mapnamen kunnen hoofdletters bevatten ("A"-"Z"), cijfers en spaties.
5
Herhaal stap 3 en 4 om een nieuwe vijfl etterige mapnaam aan te maken. Wilt u stoppen zonder een map aan te maken, druk dan u op de MENU knop.
6

WEERGAVEMENU 1/2

Markeer de laatste letter en druk de multi-selector naar rechts om de handeling te voltooien en terug te keren naar het weergavemenu.
Bestaande mappen hernoemen
1

MAPPEN

Markeer Hernoemen.
2

HERNOEMEN

Lijst met bestaande mappen verschijnt.*
* Map NIKON kan niet worden hernoemd.
3

HERNOEMEN

Bewerk naam als beschreven in stappen 3–6 van "Nieuwe mappen aanmaken".

Mapopties
Het menu Mappen kan ook worden bereikt vanuit het setup-menu (22).
Mappen wissen


* Map NIKON kan niet worden gewist.

Er verschijnt een bevestigingsscherm. Druk multi-selector omhoog of omlaag om optie te markeren, druk naar rechts om te selecteren.
- Selecteer Ja om geselecteerde map te wissen.
- Selecteer Nee om terug te gaan zonder de map te wissen.
Verborgen en Beveiligde Beelden
Als de geselecteerde map verborgen of beveiligde beelden bevat, dan wordt de map niet gewist. Houd er echter goed rekening mee dat alle beelden in de map die niet zijn verborgen of beveiligd wel worden gewist.
Map voor weergave kiezen
Het onderdeel Mappen in het weergavemenu kan worden gebruikt om alle mappen voor weergave te kiezen of om juist alleen de beelden in een geselecteerde map af te spelen.


Selecteer map en keer terug naar het weergavemenu.

Terug naar weergave. De laatst gemaakte opname wordt weergegeven.
De gekozen map wordt gebruikt voor weergave totdat er een nieuwe map wordt geselecteerd.
Panorama Assist/Ultra HS/Intervalopnamen
Elke serie foto's die met een van bovenstaande instellingen is gemaakt krijgt zijn eigen map. Wilt u alleen de beelden van een geselecteerde serie zien, kies dan de desbetreffende map uit het menu Mappen. Wilt u alle beelden van een geselecteerde serie wissen, kies dan de desbetreffende map uit het menu Mappen>Mappen>Wissen. Houd er rekening mee dat mappen die met deze instellingen zijn gemaakt niet kunnen worden gebruikt om extra beelden op te slaan; foto's die werden genomen terwijl een van deze mappen werd geselecteerd voor weergave zullen worden opgeslagen op de standaardlocatie.
Diashow
Deze optie wordt gebruikt om de beelden in de huidige map in een geautomatiseerde "diashow" af te spelen. Verborgen beelden worden niet afgespeeld.

| Optie | Omschrijving |
| Start | Start diashow. |
| Tussenpauze | Kies hoe lang ieder beeld wordt weergegeven. |
| Loop | Is deze optie actief, dan wordt de diashow her-haald totdat op de auknop wordt gedrukt. |
Zo speelt u een diashow af:


Foto's worden stuk voor stuk afgespeeld in de opgenomen volgorde, met een pauze tussen de beelden. Films worden weergegeven als foto (het eerste beeldje wordt weergegeven). De volgende handelingen kunnen worden uitgevoerd:
| Actie Omschrijvingkken | ||
| Diashow pau- zeren | Het rechts weergegeven menu ver- schijnt. Markeer Herstarten en duw de multi-selector naar rechts om de diashow te hervatten. Selecteer Einde om de diashow te stop- pen en terug te keren naar scherm- vullende weergave. | |
| Ga één beeld naar voren of terug | Duw multi-selector naar boven of naar links om één beeld terug te gaan, naar beneden of rechts om door te gaan naar het volgende beeldje. | |
| Diashow stoppen | Stopt diashow, terugkeer naar schermvullende weergave. | |
Eindigt de diashow, dan verschijnt het pauzemenu (112). Druk de multi-selector naar links om terug te ke-ren naar het weergavemenu, of druk op de weknop om schermvullende weergave te verlaten.

Tussenpauze veranderen
Het Slide show menu op de vorige bladzijde en het pauzescherm hierboven bevatten een Tussenpauze optie voor de keuze hoe lang elk beeld wordt vertoond. Wilt u de tussenpauze veranderen, markeer dan Tussenpauze en druk de multi-selector naar rechts. Het menu met intervalinstellingen, zie rechts, verschijnt; markeer de gewenste instelling en druk de multi-selector naar rechts.

Automatisch uit
De camera gaat tijdens een diashow in de standby-stand als er dertig minuten lang geen handelingen zijn uitgevoerd.
Tussenpauze
Als gevolg van verschillen in bestandsgrootte en de snelheid waarmee beelden van de geheugenkaart kunnen worden gelezen kan de werkelijke tussenpauze afwijken van de geselecteerde waarde.
Beveiligen
Deze optie wordt gebruikt om beelden tegen onbedoeld wissen te beveiligen. Beveiligde bestanden kunnen niet worden gewist door op de knop te drukken of de opties uit het Wissen menu te gebruiken. Beelden worden echter wel gewist als de geheugenkaart wordt geformatteerd.


Blader door de foto's. Huidige foto verschijnt onderaan monitor.

Selecteer huidige foto. Geselecteerde beelden gemarkeerd door 9oon.
3 Herhaal stappen 1–2 om extra beelden te selecteren. Om een beeld te deselecteren selecteert u het en drukt u de multi-selector omlaag of omhoog. Om te stoppen zonder de selectie te veranderen drukt u op de knop.

Wanneer u een diashow samenstelt of beelden aan anderen gaat vertonen kunt u met de Beeld verbergen optie bepaalde beelden verbergen. Verborgen beelden zijn alleen zichtbaar te maken in het Beeld verbergen menu en kunnen niet worden gewist met de knop of de wis-opties in de weergave- en map-menu's. Beelden worden echter wel gewist als de geheugenkaart wordt geformatteerd.


Blader door de foto's. Huidige foto verschijnt onderaan monitor.
![2 BEELD VERBERGEN 2004. 02. 01 10: 25 ON OFF 2/ 4] MENU Terug QUICK Ingestld](/content/2026/06/1151589/images/1170fe2cf3b075a8c714bab19be7b63b77efe45adb1b49b6346cff79a375600b.jpg)
Selecteer huidige foto. Geselecteerde beelden gemarkeerd door 📄oon.


"ALLE BEELDEN ZIJN VERBORGEN"
Als alle beelden in de huidige map verborgen zijn, dan verschijnt de melding "ALLE BEELDEN ZIJN VERBORGEN" bij terugspelen en schermvullende weergave. Er kunnen geen beelden worden bekeken voordat een andere map is geselecteerd of Beeld ver- bergen wordt gebruikt om een aantal van de beelden in de huidige map te onthullen.
Printen
Printen wordt gebruikt om beelden te selecteren voor printen met apparatuur die PictBridge of Digital Print Order Format (DPOF) ondersteunt, om het aantal te maken prints te kiezen en om op te geven welke informatie in de print moet worden opgenomen. Kijk voor informatie over het printen van de beelden in de printvolgorde bij "Meer over weergeven: Beelden printen (68).

| Optie | Omschrijving |
| Print selectie | Creëer of modifi ceer printopdracht als hieronder beschreven. |
| Selectie wissen | Printopdracht annuleren De printmarkering wordt bij alle beelden verwijderd, maar er worden geen beelden gewist. |
Zo creëert u een printopdracht of verandert u de bestaande printopdracht:




5


Gebruik multi-selector om aantal prints op te geven (maximaal 9). Wilt u de selectie van het beeld annuleren, druk dan multi-selector omlaag wanneer het aantal prints op 1 staat. Herhaal stappen 3–5 om extra beelden te selecteren. Om te stoppen zonder de printopdracht te veranderen drukt u op de MENJ knop.
6




Voltooi printopdracht en roep een menu van printopties op.
- Wilt u de opnamedatum op alle prints van de opdracht hebben, markeer dan Datum en druk de multi-selector naar rechts. Aan verschijnt in vakje naast onderdeel.
- Wilt u sluitertijd en diafragma op alle prints van de opdracht hebben, markeer dan Info en druk de multi-selector naar rechts. Aan verschijnt in vakje naast onderdeel.
- Wilt u het geselecteerde onderdeel uitschakelen, markeer dan het onderdeel en druk de multi-selector naar rechts.
Om de printopdracht te voltooien en terug te keren naar weergave markeert u Gereed en drukt u de multi-selector naar rechts. Om te stoppen zonder de printopdracht te veranderen drukt u op de 📂nop.
Printen
Verschijnt het menu getoond in Stap 6 na het aanmaken van een printopdracht, dan worden de opties Datum en Info teruggezet.
"Datum"
Is Datum geselecteerd in het menu Printen, dan verschijnt de opnamedatum op alle foto's die worden geprint met apparatuur die de DPOF-datumfunctie ondersteunt. Houd er rekening mee dat de geprinte informatie niet juist zal zijn wanneer de cameraklok niet goed stond toen de foto werd gemaakt (1).

Auto-overdracht
Is de camera aangesloten op een computer waarop de meegeleverde Nikon software draait, dan kunnen beelden worden overgespeeld naar de computer (65). De software kan worden gebruikt om alle beelden over te spelen of alleen de beelden die vooraf werden geselecteerd in Auto-overdracht.

| Optie | Omschrijving |
| Geselec. beelden | Beelden voor overspelen selecteren. |
| Alle beelden | Markeer alle beelden voor overspelen. |
| Annuleer overdr. | Verwijder overspeelmarkering van alle beelden. |
Geselecteerde beelden voor overspelen markeren

![2 GESELEC. BEELDEN 2004. 02. 01 10:25 ON OFF 2/ 4] MENU Terug Ingestid Selectievenster verschijnt.](/content/2026/06/1151589/images/bc60b87484d2292f20f26d5e31b17e682946ad32a7fc4b064d2ad391528f5d60.jpg)


5 Herhaal stappen 3–4 om extra beelden te selecteren. Om een beeld te deselecteren markeert u het en drukt u de multi-selector omlaag. Om te stoppen zonder de selectie te veranderen drukt u op de 📂knop.

Alle beelden voor overspelen markeren


Beperkingen van Auto-overdracht
Met Auto-overdracht kunnen maximaal 999 beelden worden overgespeeld. Wilt u meer dan 999 beelden overspelen, gebruik dan de meegeleverde software om alle beelden over te spelen, of selecteer de beelden en speel ze over in groepen van 999 beelden of minder.
U kunt de COOLPIX 8700 niet gebruiken om beelden over te spelen die met een ander model Nikon camera voor overspelen zijn geselecteerd. Selecteer de beelden opnieuw met de COOLPIX 8700.
Verplaats beeld
Zo verplaatst u beelden naar een andere map op de geheugenkaart:

![SELECTEER BEELD(EN) 2004. 02. 01 10: 25 ON OFF / 4] MENU Terug Ingestld Selecteer huidige foto. Geselecteerde beelden gemarkeerd door 1 noon.](/content/2026/06/1151589/images/8e5dc074bc4cd41c5b16f4d299644b5cbdcb21184a1a04b611779e905d322465.jpg)


Bron- / Bestemmingsmappen
De volgende mappen kunnen niet als bron- of bestemmingsmap worden gekozen:
- Mappen aangemaakt met Ultra HS (mapnamen beginnen met "N_")
- Mappen aangemaakt met Intervalopnamen (mapnamen beginnen met "INTVL")
- Mappen aangemaakt met een instelling op Panorama assist (mapnamen beginnen met een "P_")

CF-Kaart formatteren
CF-kaart format. fomatteert geheugenkaarten voor gebruik in de camera. Kijk bij "Het opnamemenu: CF-kaart format." (04).

Kleine kopie
Met Kleine kopie regelt u de grootte van de kopieën die worden gemaakt met de functie voor Kleine kopie (62). Kies uit de maten 640×480, 320×240 en 160×120.

info.txt
Verplaatsen van beelden wist de gerelateerde informatie uit het info.txt bestand (134).
Bestandsnamen
Wordt een beeld verplaatst, dan krijgt het een nieuw bestandsnummer dat wordt gegenereerd door 1 toe te voegen aan het hoogste bestandsnummer in de bestemmingsmap. De identifi cator (DSCN, SSCN, RSCN) en extensie (.NEF, .TIF, .JPG, .MOV) zullen niet veranderen.
Het setup-menu
Het setup-menu bevat de volgende pagina's met opties:


| SET-UP 1/3 | |
| Taal/Language | 124 |
| Datum | 124–125 |
| Mappen | 126 |
| Monitoropties | 126–128 |
| Oplopende numm. | 129 |
| Sluitergeluid 130 | |
| Automatisch uit 131 |

| SET-UP 2/3 | |
| CF-kaart format. | 104, 131 |
| Bediening | 132–133 |
| Opnamebevest. | 133 |
| info.txt | 134 |
| USB | 134 |
| Videostand 135 | |
| Standaardwaarden 135 |

| SET-UP 3/3 | |
| Datum afdrukken | 136 |
| Firmware versie 136 |
Wilt u het setup-menu oproepen, druk dan op de knop om het menu voor de huidige stand op te roepen, volg daarna de stappen op de tegenoverliggende bladzijde.

(Auto) stand


Onderwerpsstand


Opnamestanden 1(Eigen 1) en (Eigen 2)


Weergavestand


Taal/Language
Kies de taal voor cameramenu's en meldingen: Deutsch (Duits), English (Engels), Espanöl (Spaans), Français (Frans), Italiano (Italiaans), Nederlands, Svenska (Zweeds), (Chi-中文(简体) nees), of 한글 (Koreaans).

Datum
Het datummenu bevat de volgende opties:
| Optie | Omschrijving |
| Datum | Stel camera in op huidige datum en tijd ( ). |
| Tijdzone | Kies tijdzone voor thuis en op reis; schakel zo-mertijd in of uit. |

Tijdzones voor thuis en op reis kiezen
Door Tijdzone te kiezen in het Datum menu verschijnt het menu dat te zien is bij Stap 1.




* Tijdzone van een reisbestemming kan niet gelijk zijn aan eigen tijdzone. Om te stoppen zonder geselecteerde tijdzone te veranderen drukt u op de MENU knop.
Wisselen tussen tijdzones voor thuis en op reis:

Markeer tijdzone voor thuis (♂) of reisbestemming (→) (een stip markeert geselecteerde onderdeel).*

Selecteer gemarkeerde tijdzone. Klok ingesteld op tijd in geselecteerde zone.
* Wilt u zomertijd in- of uitschakelen, markeer dan Zomertijd en druk de multi-selector naar rechts. Na het selecteren van zomertijd gaat de klok automatisch een uur vooruit. Om te stoppen zonder de instellingen te veranderen drukt u op de 📂.
Tijdzones
De tijdzone kan niet worden geselecteerd als datum en tijd niet ingesteld zijn.
De camera ondersteunt onderstaande tijdszones. Stappen van minder dan een uur worden niet ondersteund; reist u naar of van bestemmingen met kwartier- of halfuurverschillen ten opzichte van Greenwich Mean Time (GMT) zoals Afghanistan, Centraal Australië, India, Iran, Nepal of Newfoundland, stel dan de cameraklok op de plaatselijke tijd in 12).
| GMT +/- | Locatie |
| GMT -11 Midway, Samoa | |
| GMT -10 Hawaii, Tahiti | |
| GMT -9 Alaska, Anchorage | |
| GMT -8 PST (PDT): Los Angeles, Seattle, Vancouver | |
| GMT -7 MST (MDT): Denver, Phoenix, La Paz | |
| GMT -6 CST (CDT): Chicago, Houston, Mexico City | |
| GMT -5 EST (EDT): New York, Toronto, Lima | |
| GMT -4 Caracas, Manaus | |
| GMT -3 Buenos Aires, San Paulo | |
| GMT -2 Fernando de Noronha | |
| GMT -1 Azores | |
| GMT | London, Casablanca |
| GMT +/- | Locatie |
| GMT +1 Madrid, Paris, Berlin | |
| GMT +2 | Athens, Helsinki |
| GMT +3 Moscow, Nairobi | |
| GMT +4 | Abu Dhabi, Dubai |
| GMT +5 | Islamabad, Karachi |
| GMT +6 | Colombo, Dacca |
| GMT +7 | Bangkok, Jakarta |
| GMT +8 | Beijing, Hong Kong, Singapore |
| GMT +9 | Tokyo, Seoul |
| GMT +10 | Sydney, Guam |
| GMT +11 New Caledonia | |
| GMT +12 | Auckland, Fiji |
Mappen
Naast het aanmaken, hernoemen en wissen van mappen (108), kunt u de optie Mappen gebruiken om de map te selecteren waarin komende foto's zullen worden opgeslagen. Druk de multi-selector omhoog of omlaag om een map te markeren, druk de multi-selector vervolgens naar rechts om te selecteren: Alle nieuwe foto's worden in de geselecteerde map opgeslagen totdat een nieuwe map wordt gekozen.

De opties in dit menu regelen de kwaliteit van de preview die op de monitor verschijnt, zoals de weergave na de opname (beelden terugspelen), de helderheid en kleur van het monitorbeeld en het welkomstscherm dat verschijnt na inschakeling van de camera.

Ontspansnelheid
In de opnamestanden 1 (Eigen 1) en 2 (Eigen 2), kan deze optie worden gebruikt om de vertraging tussen het indrukken van de ontspanknop en het maken van de opname te verkorten, ten koste van een kleine verlaging van de kwaliteit van het preview-beeld op de monitor.

| Optie | Omschrijving |
| Normaal | Kwaliteit preview-beeld heeft prioriteit. |
| Snel | Vermindert tijdsverloop tussen indrukken ontspanknop en openen van de slui-ter bij het maken van foto’s (niet van toepassing bij fi lms)*. Horizontale lijnen kunnen in preview-beeld verschijnen; het beeld zelf wordt niet aangetast. |
*Wordt een opname gemaakt tijdens het terugspelen van beelden (127) dan worden de instellingen van scherpstelling, belichting en automatische witbalans voor de vorige opname op de nieuwe opname toegepast. Voor een snelle reactie zal de ingebouwde fl itser mogelijk niet worden ontstoken indien er een foto wordt gemaakt tijdens het terugspelen van beelden; optionele flitsers worden mogelijk niet ontstoken indien Continu is ingesteld op Enkelvoudig.
Panorama Assist/ Ultra HS/ Intervalopnamen
Mappen aangemaakt met de Panorama Assist (27), Ultra HS (80), en Interval-opnamen (30) opties kunnen niet worden gebruikt om extra foto's op te slaan.
Terugspeelopties
Met deze optie bepaalt u of foto's direct nadat ze zijn gemaakt worden vertoond (beeld terugspelen) in de opnamestanden 1(Eigen1) en 2(Eigen 2).

| Optie | Omschrijving |
| Terugspelen aan | De foto’s worden na de opname ongeveer één seconde weergegeven. |
| Terugspelen uit | De foto’s worden na de opname niet weergegeven. |
Helderheid
Deze optie regelt de helderheid van de zoeker/monitor. Duw de multi-selector omhoog of omlaag om de helderheid te verhogen of te verlagen. Het resultaat van de gekozen verandering is onmiddellijk zichtbaar in het midden van het beeld. Duw de multi-selector naar rechts om de verandering in werking te laten treden en terug te keren naar het setup-menu. Wilt u terugkeren te veranderen, duw dan de multi-selector naar links.

Kleur
Deze optie regelt de kleurweergave van de monitor. Het resultaat van de gekozen verandering is onmiddellijk zichtbaar in het midden van het beeld. Duw de multi-selector naar rechts om de verandering in werking te laten treden en terug te keren naar het setupmenu. Wilt u terugkeren zonder de kleur van het beeld te veranderen, duw dan de multi-selector naar links.

"Helderheid" en "Kleur"
Deze opties kunnen niet worden veranderd als de EG-E5000 AV-kabel is aangesloten (34); veranderingen in helderheid en kleur werken niet door in het beeld op TV.
Opstartscherm
Met de optie Opstartscherm regelt u of de monitor of de elektronische zoeker na het opstarten van de camera actief is. Deze optie werkt alleen in opnamestanden ① (Eigen 1) en ② (Eigen 2) in alle andere standen werkt de monitor normaal. Ongeacht de gekozen instelling kan de gebruiker zelf wisselen met de knop wanneer de camera in de opnamestand staat.

| Optie | Omschrijving |
| Monitor aan | Monitor wordt na opstarten ingeschakeld. Zoeker wordt automatisch ingeschakeld als monitor wordt gesloten. |
| Zoekerbeeld aan | Zoeker wordt na opstarten ingeschakeld, en wanneer opnamestand wordt geselecteerd na terugspelen. |
Welkomstscherm
Kies het welkomstscherm dat verschijnt wanneer de camera wordt ingeschakeld.

| Optie | Omschrijving | |
| Geen Er verschijnt na inschakelen van de camera geen welkomstschem. | ||
| Nikon | Rechts weergegeven beeld verschijnt wanneer de camera aan wordt gezet. | ![]() |
| Selecteer beeld | Kies welkomstschem uit beelden op geheugen-kaart. Druk de multi-selector naar links of rechts om door de beelden te bladeren, druk op [QUICK] om selectie te maken. Om te stoppen zonder het welkomstschem te veranderen drukt u op de [MEN]. knop. | ![]() |
Oplopende nummering
De opnamen krijgen een bestandsnummer toegekend dat een viercijferig bestandsnummer bevat dat wordt verkregen door 1 toe te voegen aan het hoogste nummer in de huidige map. Met deze optie regelt u hoe bestandsnummers worden toegekend wanneer er een nieuwe map is aangemaakt, een nieuwe geheugenkaart is geplaatst of de geheugenkaart is geformatteerd. Meer informatie over

bestands- en mapnamen vindt u onder "Beeldbestands- en mapnamen" (22).
| Optie | Omschrijving |
| Aan | Wanneer er een nieuwe map is aangemaakt, een nieuwe geheugenkaart is geplaatst of de geheugenkaart is geformatteerd begint de bestandsnum-mering vanaf het laatst gebruikte nummer. Hierdoor hebt u minder kans op bestanden met dezelfde naam, waardoor het makkelijker is uw opnamen te ordenen na het overspelen naar de computer. |
| Uit | De bestandsnummering begint met 0001 wanneer er een nieuwe map is aangemaakt, een nieuwe geheugenkaart is geplaatst of de geheugenkaart is geformatteerd. |
| Standaar-waarden | Wist laatst gebruikt bestandsnummer uit het geheugen. Werd de geheu-genkaart geformatteerd of werd er een lege geheugenkaart geplaatst voor-dat Standaarwaarden werd geselecteerd, dan begint de bestandsnum-mering vanaf 0001. Bevat de geheugenkaart al beelden, dan wordt het volgende nummer gegenereerd door 1 op te tellen bij het hoogste nummer in de huidige map. |
Welkomstscherm (28)
Werd Standaardwaarden (135) gebruikt om de instellingen terug te zetten, dan wordt Welkomstscherm teruggezet op Nikon. Werd Selecteer beeld gekozen nadat de instellingen werden teruggezet op Standaard, dan wordt teruggekeerd naar het laatste beeld dat was gekozen voor Selecteer beeld.
Werd Selecteer beeld gekozen nadat er een eigen welkomstscherm werd gekozen, dan verschijnt het rechts weergegeven dialoogvenster. Selecteer Ja om het huidige beeld door het nieuwe welkomstscherm te vervangen, Nee om het welkomstscherm te verlaten zonder dat het werd veranderd.

Panorama Assist/ Intervalopnamen
Bij de instellingen Panorama Assist en Intervalopnamen zal de nummering steeds met 0001 beginnen wanneer een nieuwe map aangemaakt wordt, ongeacht de instelling die bij Oplopende numm. gekozen is
Sluitergeluid
Met Sluitergeluid regelt u de akoestische signalen van de luidspreker van de camera.

| Optie | Omschrijving |
| Aan | Camera piept eenmaal om te bevestigen dat:de camera werd aangezetcamera voorbereiding voor opname heeft voltooidbeelden zijn gewist of geheugenkaart is geformatteerdhandmatige scherpstelling is geactiveerd of een optie voor een converter werd geselecteerd in menu Lensconverterveranderingen zijn gemaakt in de beeldstatus met de opties Beveiligen of Beeld verbergen in het weergavemenuSluitergeluid werd ingeschakeldCamera piept tweemaal om te bevestigen dat:ontspanknop volledig werd ingedrukt om de sluiter te ontspannen (er klinkt geen piepsignaal wanneer Ontspansnelheid werd ingesteld op Snel)Wanneer camera na het indrukken van de ontspanknop viermaal piept:dan is geheugenkaart vol of niet geplaatst, ofbatterijen zijn leeg |
| Uit | Akoestische bevestigingen en waarschuwingen zijn uitgeschakeld. Spraakmemo’s en geluid dat werd opgenomen bij fi lms kunnen wel ge-woon worden afgespeeld. |
Automatisch uit
Wanneer de camera vanuit de batterij wordt gevoed gaat hij in de standby-stand wanneer er geen handelingen werden uitgevoerd binnen de tijdsduur die werd geselecteerd in het menu AUTOMATISCH UIT. Kies uit dertig seconden (30s), één minuut (1m, de standaardinstelling), vijf minuten (5m) of dertig minuten

(30 m). In de standby-stand worden alle camerafuncties inactief gemaakt en is de camera feitelijk uitgeschakeld; er wordt dan vrijwel geen stroom gebruikt. De camera kan worden gereactiveerd door op de 📄, 🐎, 🐎CK knoppe drukken of door de ontspanknop half in te drukken. Ongeacht de optie die werd gekozen in het menu AUTOMATISCH UIT, blijft de monitor drie minuten aan wanneer er menu's zijn geopend. De camera gaat niet in de standby-stand als hij op een computer is aangesloten.
CF-kaart formatteren
Met de functie CF-kaart format. formatteert u geheugenkaarten voor gebruik in de camera. Kijk bij "Het opnamemenu: CF-kaart format." 04).


2CR5 (DL245) Batterijen
Wanneer hij wordt gevoed met een zes volts 2CR5 (DL245) lithium batterij kan de camera heet worden indien hij langere tijd ingeschakeld blijft. Het is aan te bevelen Automatisch uit in te stellen op vijf minuten of minder wanneer u dit type batterij gebruikt.

Lichtnetadapter gebruiken
Wordt de camera gevoed met de optionele EH-53 lichtnetadapter, dan blijft de camera dertig minuten lang ingeschakeld na de laatste handeling, ongeacht de instelling die werd gekozen in het menu Automatisch uit. Is de camera aangesloten op een TV of videorecorder, dan blijft de video output na het uitschakelen van de monitor onbeperkt aan.
Bediening
Dit menu bevat de volgende opties:
| Optie | Omschrijving |
| FUNC Specifi ceer functie voor knop. | |
| AE-L, AF-L | Specifi ceer functie voor knop. |

FUNC
Door een gebruikte functie aan de Fukhop toe te kennen kunt u die functie met één hand regelen, zonder dat u cameramenu's nodig hebt.

| Optie | Omschrijving |
| Gebr. instelling | Opnamestand (Onderwerp, Eigen 1, Eigen 2) kan worden geselecteerd door op de knop te drukken en aan de instelschijf te draaienl (1) |
| (scherpstel-stand) | Scherpstelstand (37) kan worden geselecteerd door op de knop te drukken. Druk op de FUNK stand en roteer instelschijf om handmatige scherpstelafstand te selecteren (47). |
| (fl itsstand/gevoeligheid) | Flitsstand (34) kan worden geselecteerd door op de FUNK knop te drukken. Druk op de Ustand en roteer instelschijf om gevoeligheid in te stellen (ISO-equivalent; 46). |
| Witbalans | Witbalans kan worden ingesteld door op de knop te drukken en aan de instelschijf te draaien wanneer de camera in opnamestand of 2. staat. Witbalans kan niet worden fijngeregeld bij gebruik FUNK knop. Camera meet nieuwe waarde voor vooringestelde witbalans als knop ingedrukt wordt gehouden. |
| Beeldkwal./afm. | Beeldkwaliteit kan worden geselecteerd door op de FUNK knop te drukken. Beeldgrootte kan worden ingesteld door op FUK knop te drukken en aan de instelschijf te draaien. |
| Continu | Continu kan worden ingesteld door op de FUNK knop te drukken en aan de instelschijf te draaien wanneer de camera in opnamestand of 2staat. |
AE-L, AF-L
Standaard worden zowel scherpstelling als belichting vergrendeld als de LOKI hop wordt ingedrukt. Indien gewenst kan de knop worden ingesteld om alleen een van beide te vergrendelen.

| Optie | Omschrijving |
| AE-L & AF-L | kTOP vergrendelt scherpstelling en belichting. |
| AE-L | LOCK knop vergrendelt alleen belichting. Scherpstelling wordt vergrendeld als ontspanknop half wordt ingedrukt. |
| AF-L | LOCK knop vergrendelt alleen scherpstelling. Belichting wordt vergrendeld als ontspanknop half wordt ingedrukt. |
Opnamebevestiging
Is Aan voor deze optie geselecteerd, dan brandt het zelfontspannerlampje na de opname om te bevestigen dat de sluiter werd ontspannen. Werd Multi-shot 16 geselecteerd voor Continu, dan gaat het lampje branden nadat alle beelden in de serie werden gemaakt. Het lampje zal niet gaan branden bij instelling op Ultra HS of wanneer er bij de opname werd gefl itst.

info.txt
Worden beelden opgenomen als Aan is geselecteerd voor info.txt, dan wordt informatie over elk beeld toegevoegd aan een onafhankelijk tekstbestand ("info.txt") dat is opgeslagen in dezelfde map als de opname. Wordt de inhoud van de geheugenkaart op een computer bekeken, dan kan dit bestand worden gelezen met een tekst-

programma als NotePad (Kladblok) of SimpleText. Is Uit (de standaard optie) geselecteerd, dan zal foto-informatie niet langer in het info.txt bestand worden opgenomen. Informatie over beelden die zijn opgenomen wanneer Uit was geselecteerd, kan wel worden bekeken in de foto-informatieweergave 📁 58).
Is Aan geselecteerd, dan wordt de volgende informatie opgenomen:
- Bestandsnummer en -type
- Cameratype en fi rmwareversie
- Lichtmeetmethode
- Belichtingsstand
- Sluitertijd
- Diafragma
- Belichtingscorrectie
- Scherptediepte en digitale zoom-factor
- Beeldcorrectie
- Gevoeligheid (ISO-equivalent)
- Witbalans
- Beeldverscherping
- Opnamedatum
- Beeldgrootte en -kwaliteit.
- Kleurverzadiging
• Actief scherpstelgebied
Beelden worden in volgorde van opname opgesomd, gescheiden door een witregel.
USB
USB confi gureert de camera voor verbinding met een computer of printer. Kijk bij "Beelden op een computer bekijken" (65) en "Beelden Printen: Printen via directe USB-aansluiting" (69).

Het info.txt bestand kan niet naar een computer worden overgespeeld met de bij de camera geleverde software. Het kan worden gekopieerd met standaard Verkenner of Finder handelingen wanneer de USB optie is ingesteld op Mass storage.
Videostand
Voordat u de camera aansluit op een video-apparaat zoals een TV-toestel of een videorecorder (64), dient u de videostand te kiezen die hoort bij de standaard die het video-apparaat gebruikt. De camera ondersteunt de NTSC en PAL standaards.

Standaardwaarden
Zet instellingen terug op hun standaardwaarden.
| Optie | Omschrijving |
| Nee | Verlaat menu en laat instellingen onveranderd. |
| Standaard-waarden | Zet alle instellingen terug op standaard-waarden, behalve de opnamestand, de belichtingsstand, Taal, Datum, Videostand en USB. |

Datum afdrukken
De optie datum afdrukken wordt gebruikt om de datum of de datum en tijd van opname in de beeld op te nemen als ze op de geheugenkaart worden opgeslagen. De optie kan niet worden gebruikt om achteraf tijd en datum aan het beeld toe te voegen.

| Optie | Omschrijving |
| it Geen tijd | en datum op de foto's. |
| datum | Datum wordt in gemaakte foto opgenomen. |
| datumen tijd | Datum en tijd worden in gemaakte foto opgenomen. |
Firmware versie
Selecteer deze optie om de huidige fi rmware-versie weer te geven. Druk de multi-selector naar links om terug te keren naar het setup-menu.


Datum afdrukken
Data die zijn geprint in een beeld van TV (640×480), PC (1.024×768), of 1M (1.280×960) zijn mogelijk niet goed te lezen.
Datum afdrukken kan niet worden gebruikt met Panorama Assist (27), een beeld-kwaliteitsinstelling op RAW (30), Continu instellingen Continu H, Ultra HS, 5 Op-namen buffer, of FILM (30), of Belichting BSS ( ).
De datum/tijd vormt een permanent deel van het beeld en zal altijd in een afdruk verschijnen, ongeacht de datum-optie die werd gekozen in het Printen menu. Bij een andere instelling dan Uit zal er tijdens het opnemen een icoon voor datum afdrukken verschijnen. Controleer voordat u gaat fotograferen of de cameraklok op de juiste tijd en datum is ingesteld.

De datum wordt opgenomen in de volgorde die werd gekozen in het DATUM menu. Datum afdrukken kan niet worden geselecteerd als de cameraklok niet ingesteld is (1–13).
Technische opmerkingen
Optionele accessoires
Op het moment van samenstelling van deze handleiding waren de volgende accessoires voor deze camera leverbaar: Neem contact op met uw handelaar voor extra informatie.
| Oplaadbare batterijen / Battery packs / Batterijladers / Lichtnetadapters | Extra EN-EL1 Li-Ion batterijen zijn verkrijgbaar bij uw handelaarMB-E5700 battery packMH-53C batterijlader (past in aanstekeraansluiting van auto)EH-53 lichtnetadapter |
| Draagtas | CS-CP11zachte tas |
| PC-kaartadapters | EC-AD1 PC kaartadapter |
| Converters (verloopring vereist) | FC-E9 fi sheye converter (0,2×)WC-E80 groothoekconverter (0,8×)TC-E15ED teleconverter (1,5×) |
| Verloopringen | UR-E8 verloopring voor WC-E80 en TC-E15EDUR-E12 verloopring voor FC-E9 |
| Afstandsbedieningskabel | MC-EU1 afstandsbedieningskabel |
| Zonnekappen | HR-E5700 zonnekapHN-CP11 zonnekap |
| Filters (passen op HN-CP11 zonnekap) | 77 mm Nikon fi Iters |
| Externe fl itsers | SB-serie 800, 80DX, 50DX, 30, 28, 28DX, 26, 25, 24, 22s |
| Flitskabels (voor gebruik fl itser los van camera) | SC-29SC-28 |
Gebruik uitsluitend elektronische accessoires van het merk Nikon
Gebruik uitsluitend Nikon Speedlight fl itsers. Wordt het accessoireschoentje in verbinding gebracht met negatieve voltages of voltages boven 250 V, dan kan er niet alleen storing ontstaan, de elektronische circuits van camera en fl itser kunnen beschadigd raken. Bent u van plan een fl itser te gebruiken die hierboven niet wordt genoemd, raadpleeg dan eerst uw Nikon dealer of de importeur.
De HN-CP11 en HR-E5700 zonnekappen
Wilt u de HN-CP11 of HR-E5700 gebruiken, verwijder dan de lensdop en bevestig de zonnekap als rechts weergegeven. Een 77-mm fi Iter kan als afgebeeld in de HN-CP11 worden geschroefd (houd er rekening mee dat stof op het fi Iter zichtbaar kan zijn bij opnamen die op korte afstand worden gemaakt met de standen macro close-up [37] en [lose up; 26]). Op de HR-E5700 kunnen geen fi Iters worden bevestigd. Verwijder de zonnekappen bij gebruik van de ingebouwde fl itser of wanneer u een externe fl itser gebruikt die op het ac-

cessoireschoentje is geplaatst. Neemt u deze voorzorg niet in acht, dan zal een deel van het fl itslicht door de zonnekap worden afgeschermd.
Het MB-E5700 Battery Pack
De MB-E5700 gebruikt zes AA (LR6) alkaline, lithium, NiCad of NiMH batterijen en kan worden gebruikt om de camera voor langere tijd te gebruiken voor opname of weergave. Voordat u de battery pack bevestigt dient u de deksels van de battery pack aansluiting en batterijruimte te verwijderen. Verwijder het deksel van de battery pack aansluiting door hem in de aangegeven richting te schuiven (A-1). Het deksel van de
batterijruimte kan worden verwijderd door het te openen tot een hoek van circa 45 graden (A-②), waarna het als weergegeven gemakkelijk kan worden verwijderd (A-③). Probeer niet het deksel van de batterijruimte te verwijderen zonder eerst het deksel van de battery pack aansluiting te verwijderen; negeren van deze waarschuwing kan tot schade aan de camera leiden.

Wilt u de deksels van de battery pack aansluiting en batterij- ruimte terugplaatsen wanneer u de battery pack niet gebruikt, plaats dan het deksel van de batterijruimte onder een hoek van circa 45 graden (B-①) en schuif het deksel van de battery pack aansluiting op z'n plaats (B-②). Kijk in de handleiding van de MB-E5700 voor gedetailleerde informatie.

Goedgekeurde geheugenkaarten
De volgende geheugenkaarten zijn getest en goedgekeurd voor gebruik in de COOLPIX 8700:
| EC-CF Alle capaciteitenNikon | ||
| SanDisk | CompactFlash (SDCFB) | 32 MB, 64 MB, 128 MB, 256 MB, 512 MB |
| Ultra (SDCFH) 128 MB, 256 MB, 512 MB | ||
| Ultra II (SDCFH) 256 MB | ||
| Lexar Media | 4 × USB | 16 MB, 32 MB, 64 MB, 128 MB, 256 MB, 512 MB |
| 8 × USB | ||
| 12 × USB | 64 MB, 128 MB, 256 MB, 512 MB | |
| 16 × USB | ||
| 24 × USB | ||
| 24 × WA USB | ||
| Renesas Technology (Hitachi) | Compact FLASH HB28 | 128 MB, 256 MB, 512 MB |
| Microdrive DSCM 10512 (512 MB), 11000 (1 GB) | ||
Bij gebruik van andere merken geheugenkaarten wordt de werking niet gega-randeerd. Voor meer informatie over de bovenstaande kaarten kunt u contact opnemen met de betreffende fabrikanten.

Geheugenkaarten
- Geheugenkaarten kunnen door gebruik heet worden. Wees voorzichtig bij het verwijderen uit de camera.
- Formatteer geheugenkaarten voordat u ze voor het eerst gebruikt.
- Schakel de camera uit voordat u een geheugenkaart plaatst of verwijdert. Verwijder geheugenkaarten niet uit de camera, schakel de camera niet uit of ontkoppel de lichtnetadapter niet van de camera als de camera een geheugenkaart formatteert of bestanden wegschrijft, wist of overspeelt. Negeren van deze waarschuwing kan leiden tot informatieverlies of beschadiging van de camera of de kaart.
- Raak de contactpunten van de kaart niet aan met uw vingers of met metalen objecten.
- Oefen geen kracht uit op het exterieur van de kaart. De kaart kan anders beschadigd raken.
- Buig de kaart niet, laat hem niet vallen en stel hem niet bloot aan sterke fysieke schokken.
- Niet blootstellen aan water, hitte, hoge luchtvochtigheid of direct zonlicht.
Om lang plezier van uw Nikon product te hebben is het belangrijk dat u bij opslag en gebruik de volgende voorzorgsmaatregelen in acht neemt:

roog houden
Dit product zal defect raken indien het wordt ondergedompeld in water of aan hoge vochtigheid wordt blootgesteld.

Wees voorzichtig bij het hanteren van het objectief en alle bewegende onderdelen
Oefen geen kracht uit op het objectief, de LCD-monitor, of de deksels van aansluiting-, geheugenkaart- en batterijruimte. Deze onderdelen zijn gemakkelijk te beschadigen.

icht de lens niet gedurende langere tijd op sterke lichtbronnen
Zorg er voor dat de lens niet gedurende langere tijd is gericht op de zon of andere sterke lichtbronnen – niet tijdens gebruik en ook niet tijdens opslag van de camera. Intens licht kan de CCD beeldsensor beschadigen, hetgeen een witte waas op opnamen geeft.

chakel de camera uit voordat u de batterij verwijdert of de lichtnetadapter afkoppelt
Haal de stekker van de lichtnetadapter (optioneel leverbaar) van de camera niet uit het stopcontact en verwijder de batterij niet terwijl de camera aan staat, of terwijl er beelden worden opgeslagen of gewist. Onder deze omstandigheden kan een stroomonderbreking leiden tot informatieverlies of beschadiging van de interne schakelingen of het geheugen. Om te voorkomen dat de stroom per ongeluk wordt onderbroken, dient u het product niet te verplaatsen als de lichtnetadapter aangesloten is.

Laat de camera niet vallen
Bij sterke schokken of trillingen kan de camera storingen vertonen.

Houd de camera uit de buurt van sterke magnetische velden
U dient dit apparaat niet te gebruiken of op te bergen in de buurt van apparatuur die een sterke elektromagnetische straling of magnetische velden produceert. Sterke statische ladingen of de magnetische velden die worden geproduceerd door bijvoorbeeld zendapparatuur, kunnen storingen veroorzaken op de monitor, informatie op de geheugenkaart beschadigen, en de interne schakelingen van het product aantasten.

ermijd plotselinge temperatuurverschillen
Plotselinge temperatuurverschillen, zoals die zich voordoen bij het binnenkomen of verlaten van een verwarmd gebouw op een koude dag, kunnen condensatie in de camera veroorzaken. Om condensatie te voorkomen dient u de camera in de cameratas of een plastic zak te plaatsen voordat u hem aan plotselinge temperatuurverschillen blootstelt.
Reinigen
Objectief/Elektronische zoeker
Belangrijk bij het reinigen van de glazen onderdelen is ze nooit met uw vingers aan te raken. Verwijder stof en vezels met een blaasbalgje (een rubberen balletje met een spuitmondje waaruit de lucht wordt geblazen). Vingerafdrukken en ander vuil dat niet met een blaasbalgje van de lens kan worden verwijderd kunt u wegvegen met een zachte doek; maak een spiraalbeweging vanuit het midden en werk naar de randen toe.
Monitor
Verwijder stof en vezels met een blaasbalgje. Verwijder vingerafdrukken en andere vlekken van de monitor met een zachte, droge doek; pas op dat u geen druk op de monitor uitoefent.
Vermijd aanraking met vloeibaar kristal
Mocht de monitor of het scherm van de elektronische zoeker breken, pas dan op voor letsel veroorzaakt door gebroken glas; voorkom dat het vloeibare kristal uit de monitor in aanraking komt met de huid of in ogen of mond komt.
Camerahuis
Verwijder stof en vezels met een blaasbalgje en veeg de camera schoon met een zachte, droge doek. Na gebruik van de camera aan het strand dient u zand en zout met een doek te verwijderen die licht is bevochtigd met water; droog de camera daarna grondig.
Gebruik geen alcohol, thinner of andere vluchtige chemicaliën.
Opmerkingen over de monitor en de elektronische zoeker
- De monitor en de elektronische zoeker kunnen een aantal pixels bevatten die altijd oplichten of juist niet oplichten. Dit is normaal voor alle TFT LCD-monitoren en wijst niet op een storing. Foto's die met de camera zijn gemaakt worden hier niet door beïnvloed.
- Wanneer u heldere lichtpunten in beeld hebt, kunnen verticale komeet-achtige lichtsporen op de monitor te zien zijn. Dit fenomeen, "smear" genaamd, komt niet voor op de uiteindelijke opname en is niet het gevolg van een defect. In fi Imopnamen kan zich wel enige smear voordoen.
- Bij helder licht kunnen de beelden op de monitor moeilijk te zien zijn.
- De monitor wordt van achteren verlicht door een LED-systeem. Mocht de verlichting zwakker worden of gaan knipperen, raadpleeg dan de onderhoudsdienst van Nikon.
Opslag
Zet de camera uit wanneer u hem niet gebruikt en controleer of het voedingslampje uit staat voordat u de camera opbergt. Om schimmel en meeldauw te voorkomen dient u de camera in een droge, goed geventileerde ruimte op te bergen. Wanneer u niet van plan bent de camera binnen afzienbare tijd te gebruiken, verwijder dan de batterij om lekkage te voorkomen en berg de camera op in een plastic tas met een droogmiddel. Plaats de cameratas (optioneel leverbaar) niet in een plastic zak, aangezien het materiaal hierdoor kan worden aangetast. Let er ook op dat het droogmiddel na verloop van tijd zijn vermogen om vocht te absorberen verliest en daarom regelmatig dient te worden vervangen. Berg het apparaat niet op bij nafta- of kamfermottenballen of in ruimten die:
- slecht geventileerd of vochtig zijn
- apparatuur bevatten of zich bij apparatuur bevinden die sterke magnetische velden produceert
- die worden blootgesteld aan temperaturen onder -10^ of boven 50^ (bijvoorbeeld dichtbij een kachel of in een afgesloten auto op een warme dag)
• die bloot staan aan een luchtvochtigheid boven 60%
Haal de camera om schimmel of meeldauw te voorkomen minstens eenmaal per maand uit de opslag. Zet de camera aan en ontspan de sluiter een aantal malen voordat u hem weer wegbergt.
Bewaar de batterij op een koele, droge plaats.

Batterijen
- Controleer na het aanzetten van de camera of de batterij voldoende lading heeft. De monitor geeft een waarschuwing als de batterij bijna leeg is.
- De batterij gaat langer mee wanneer u de elektronische zoeker gebruikt na de opname.
- Neem een verse 2CR5 of een geheel geladen EL-EN1 batterij mee als reserve wanneer u foto's van belangrijke gebeurtenissen gaat maken. Het kan soms moeilijk zijn snel even vervangende batterijen te kopen. Gebruik geen 2CR5 batterijen waarvan de uiterste verkoopdatum is verlopen.
- Bij koude nemen de prestaties van batterijen af. Zorg ervoor dat de batterijen geheel geladen zijn voordat u bij koud weer naar buiten gaat om te fotograferen. Houd reserve batterijen op een warme plaats. Een batterij die weer op temperatuur is gekomen kan soms een deel van zijn capaciteit herwinnen.
- Zijn de batterijpolen vuil, veeg ze dan voor gebruik schoon met een schone, droge doek.
- Gebruikte batterijen bevatten waardevolle materialen. Voer gebruikte batterijen a volgens de lokale regels voor klein chemisch afval.
Foutmeldingen
In de volgende tabel vindt u de foutmeldingen en andere waarschuwingen die op de monitor verschijnen en hoe u er gevolg aan dient te geven.
| Melding Probleem Oplossing | |||
| (Knippert) | Klok niet ingesteld. | Stel klok in op huidige datum en tijd. | 11 |
| NIEUWE STAD IS IN DE HUIDIGE TIJDZONE | Reisbestemming in zelfde tijdzone als thuislocatie. | Niet nodig nieuwe tijdzone op te geven als reisbestemming in zelfde tijdzone als thuislocatie ligt. | 124 |
| LET OP!BATTERIJ BIJNA LEEG! | Batterijen leeg. | Zet de camera uit en vervang de batterij. | 8 |
| GEEN KAART AANWEZIG | Camera detecteert de ge-heugenkaart niet. | Zet de camera uit en contro-leer of geheugenkaart goed is geplaatst. | 10 |
| DEZE KAART KANNIET GEBRUIKT WOR-DEN | Storing in communicatie met geheugenkaart. | Gebruik een goedgekeurde kaart.Controleer of de contact-punten schoon zijn.Zet de camera uit en ver-zeker u er van dat de ge-heugenkaart correct is ge-plaatst. | 139—10 |
| WAARSCHUWING!DEZE CF-KAART KANNIET GELEZEN WORDEN! | |||
| ONGEFORMATTEER-DE KRTNEE ▷FORMATTEREN | Geheugenkaart is niet ge-formatteerd voor gebruik in de camera. | Druk de multi-selector om-hoog om FORMATTEREN te markeren en druk hem naarrechts om de kaart te format-teren, of zet de camera uit en vervang de kaart. | 104 |
| GEEN GEHEUGEN MEER | Camera in opnamestand: Onvoldoende geheugen om bij huidige instellingen opnamen te maken. | Kies lagere beeldkwaliteit of -grootte.Plaats nieuwe geheugen-kaart of wis beelden. | 3010,106 |
| Camera op computer aangesloten: Niet genoeg ruimte op geheugenkaart om informatie voor over-spelen op te nemen. | Ontkoppel camera, wis on-gewenste beelden van ge-heugenkaart en probeer op-nieuw. | 67,106 | |


| Melding Probleem Oplossing | |||
| BEELD KAN NIET WOR-DEN OPGESLAGEN | Geheugenkaart is niet geformatteerd voor ge-bruik in camera, of sto-ring deed zich voor tij-dens opslag. | Formatteer geheugenkaart opnieuw. | 104 |
| Camera kan geen nieuwe bestandsnummers aan- maken. | Plaats nieuwe geheugen- 10, kaart of wis beelden. | 106 | |
| Camera kan beeld niet kopieren voor kleine ko-pie of uitsnedekopie. | Kopieën kunnen niet wor- 61, 62 den gemaakt van fi lms of andere kopieën. | ||
| KAART BEVAT GEEN BEELDEN | Geen beelden op geheu-genkaart, of huidige map bevat geen beelden. | Selecteer om beelden te bekij- ken de map met beelden via het menu Mappen. | 108 |
| ALLE BEELDEN ZIJN VERBORGEN | Alle beelden in huidige map zijn verborgen. | Selecteer andere map of ge-bruik Beeld verbergen om de verberg-status van beel- den in huidige map te ver- anderen. | 115 |
| BESTAND BEVAT GEEN BEELDGEGEVENS | Bestand aangemaakt door computer of andere camera. | Bekijk bestand op computer of met juiste camera. | 65 |
| DIT BEELD KAN NIET GEWIST WORDEN | Poging beveiligd beeld te wissen. | Hef beveiliging op voordat u beeld wist. | 114 |
| DE MAP KAN NIET GEWIST WORDEN | Map bevat verborgen of beveiligde beelden, of beelden die niet met de COOLPIX 8700 zijn ge- maakt. | Verwijder verberg- of beveili-gingsmarkering van beelden. Map kan niet worden gewist als hij beelden bevat die niet met de COOLPIX 8700 zijn gemaakt. | 114, 115 |
| FLITSLICHT IS IN GE-SLOTEN POSITIE | Flitser wordt tegengehou-den; kan niet uitklappen voor extra verlichting. | Zorg ervoor dat de fl itser vrij kan uitklappen en druk ont- spanknop half in. | 17 |
| AFSTANDSBEDIENING KAN IN DEZE STAND NIET WORDEN GEBRUIKT | MC-EU1 afstandsbedie-ningskabel aangesloten en Intervalopnamen of FILM geselecteerd voor Continu. | Ontkoppel afstandsbedie-ningskabel of verander Con-tinu instelling. | 80 |
| LENSFOUT | Fout deed zich voor tijdens gebruik objectief. | Zet camera uit en weer aan.Blijft fout zich voordoen, neem dan contact op met Nikon dealer of importeur. | — |
| SYSTEEMFOUT | Fout deed zich voor in interne circuits van de camera.* | Zet camera uit, ontkoppel optionele lichtnetadapter (in-dien in gebruik), verwijder en herplaats batterijen, en zet camera aan. Blijft fout zich voordoen, neem dan contact op met Nikon dealer of im-porteur. | 8 |
* De letters Err verschijnen in het LCD-venster wanneer er zich een systeemfout heeft voorgedaan.
Problemen oplossen

Functioneert uw camera niet naar behoren, kijk dan eerst bij de nu volgende algemene problemen voordat u zich tot uw dealer of de importeur wendt. In de rechter kolom vindt u de paginacijfers die verwijzen naar meer informatie.

Elektronisch gestuurde camera's
In zeer uitzonderlijke gevallen kunnen er ongewone lettertekens op de monitor verschijnen, waarbij de camera ophoudt te functioneren. Meestal is dit het gevolg van een sterke externe statische lading. Zet de camera uit, haal de batterij eruit en plaats hem terug, en zet de camera weer aan; werkt u met de lichtnetadapter (optioneel leverbaar), zet dan de camera uit, ontkoppel de lichtnetadapter, sluit de lichtnetadapter weer aan en zet de camera weer aan. Is de storing hiermee niet te verhelpen, neem dan contact op met uw dealer of de importeur. Het als boven beschreven stroomloos maken van de camera kan ertoe leiden dat beeldinformatie verloren gaat die op het moment dat de storing optrad nog niet was opgeslagen. Reeds op de geheugenkaart opgeslagen informatie wordt niet aangetast.
| Probleem Oplossing | ||
| Camera gaat uit zonder melding | Batterij leeg.Batterij koud. | 14142 |
| LCD-venster is blanco | Camera staat uit.Batterij niet goed geplaatst, of deksel batterijruimte is niet goed gesloten.Batterij geheel leeg.Lichtnetadapter (apart verkrijgbaar) is niet goed aangesloten turn.Camera in standby-stand. Druk de ontspanknop half in turn.Camera is bezig met intervalfi lm turn.Camera is bezig met intervalopname-serie. | 7814—175383 |
| Monitor is blanco | Elektronische zoeker is ingeschakeld. Druk op de knop.Lensdop op objectief. Verwijder lensdop.USB-kabel aangesloten. Ontkoppel USB-kabel.A/V-kabel is aangesloten. Ontkoppel A/V-kabel.MC-EU1 afstandsbedieningskabel is aangesloten in stand-by-stand turn.Camera is bezig met intervalfi lm turn.Camera is bezig met intervalopname-serie. | 4—6664—5383 |
| Er verschijnen geen aanduidingen op de monitor | Aanduidingen zijn verborgen. Druk op knop tot aanduidingen weer verschijnen.Diashow wordt vertoond. | 4, 55112 |
| Monitor is slecht af te lezen | Omgevingslicht te sterk. Gebruik elektronische zoeker.Monitorhelderheid moet worden aangepast.Monitor is vuil: reinig monitor. | 4127141 |
| Er wordt geen foto gemaakt wanneer ontspanknop wordt ingedrukt | Camera in weergave-stand.Batterij geheel leeg.Resterend aantal opnamen is nul: onvoldoende geheugen om beeld op te nemen bij huidige instelling voor beeldkwaliteit/-grootte.Flitsaanduiding knippert: fl itser laadt zich op.Melding “ONGEFORMATTEERDE KRT” verschijnt op monitor: ge-heugenkaart is niet geformatteerd voor gebruikt in uw camera.Melding “GEEN KAART AANWEZIG”verschijnt op monitor: 10 geen geheugenkaart in camera. | 55141418104 |
| Foto’s te don-ker (onderbelicht) | Flitser staat uit.Flitsvenster afgedekt.Onderwerp buiten fl itsbereik.Belichtingscorrectie te beperkt.Sluitertijd knippert: sluitertijd te kort.Diafragma knippert: f/-getal te hoog. | 3416150394243 |
| Foto’s te licht (overbelicht) | Belichtingscorrectie te hoog.Sluitertijd knippert: sluitertijd te lang.Diafragma knippert: f/-getal te laag. | 394243 |
| Foto’s zijn on-scherp | Onderwerp niet in scherpstelgebied op moment dat ontspan-knop half werd ingedrukt of LOCK knop werd ingedrukt turner camera kan met autofocus niet scherpstellen op geselecteerd onderwerp. Gebruik scherpstelvergrendeling. | 1820 |
| Foto’s zijn bewogen (trillingson-scherpte) | Camera werd tijdens opname niet goed stilgehouden: kies kor-tere sluitertijd. Als sluitertijd niet kan worden verkort zonder onderbelichting te veroorzaken:Gebruik fl itslichtZoom camera uitVerhoog gevoeligheid (ISO-equivalent)Kies groter diafragma (lager f/-getal)Zo beperkt u trilling bij lange sluitertijden:Gebruik Best Shot Selector (BSS)Zet camera op statief, gebruik zelfontspanner | 40341646408436 |
| Beelden bevatten willekeurig voorkomende heldere pixels (“ruis”) | Gevoeligheid (ISO-equivalent) te hoog.Sluitertijd te lang. Schakel bij sluitertijden van 14 sec. of langer ruisonderdrukking aan. | 46101 |

| Probleem Op | lossing | |
| Flitser wordt niet ontstoken | Flitser staat uit. Flitser gaat automatisch uit wanneer:Scherpstelstand is ingesteld op ▲(oneindig)Landschap, Zonsondergang, Nachtlandschap, Vuurwerk, Close-up, Kopie of Panorama Assist is geselecteerd in de onderwerpsstandContinu is op een andere optie is ingesteld dan EnkelvoudigBSS of Belichting BSS is ingeschakeldLensconverter is ingesteld op een andere optie dan Nor-maalFlitser selectie is ingesteld op Intern uitExterne flitser is op camera geplaatst en Flitser selectie is ingesteld op Auto | 3437238084909797 |
| Digitale zoom niet beschikbaar | Beeldkwaliteit ingesteld op RAW of HI.Multi-shot 16 of Ultra HS geselecteerd voor Continu.Zwart-wit geselecteerd voor Verzadiging.Groothoek of Fisheye geselecteerd voor Lensconverter.Uit geselecteerd voor Zoomopties > Digitale tele. | 3080879095 |
| Kleuren zijn on-natuurlijk | Witbalans stemt niet overeen met lichtbron.Verzadiging te hoog of te laag. | 7687 |
| Bestand kan niet worden afge-speeld | Bestand is overschreven of hernoemd door computer of ander merk camera. | — |
| Camera kan geen kopie aanmaken met kleine kopie of uitsnedekopie | Beeldbestand is een fi lm.Beeld is een uitsnedekopie of kleine kopie.Resterende ruimte op geheugenkaart is onvoldoende. Wis op-namen. | 4961, 62106 |
| Kan niet op beeld inzoomen | Beeldbestand is een fi lm.Beeld was gemaakt als kleine kopie.Uitsnede van beeld tot minder dan 320 x 240. | 496261 |
| Geen beeld op TV | A/V-kabel niet correct aangesloten, TV niet op videokanaal ingesteld of Videostand niet goed ingesteld. | 64,135 |
| Bij camera ge-leverde soft-ware start niet op wanneer camera wordt aangesloten of geheugenkaart wordt geplaatst in kaartlezer of kaarsleuf | Camera staat uit.Lichtnetadapter (apart leverbaar) is niet goed aangesloten of batterijen zijn leeg.USB-kabel is niet correct aangesloten, kaart is niet correct in kaartlezer of kaartsleuf geplaatst.USB onderdeel in setup-menu ingesteld op PTP wanneer camera op computer is aangesloten met Windows 2000 Professional, Windows Millennium Edition (Me), Windows 98 Second Edition (SE) of Mac OS 9.Camera is niet geregistreerd bij Apparaatbeheer (alleen Windows).Raadpleeg de documentatie op naslag-cd voor meer informatie. | 71410, 6665— |
Specificaties
| Type E8700 digitale camera | |
| Effective pixels 8,0 miljoen | |
| CCD | 13 " high-density CCD; totaal aantal pixels: 8,31 miljoen |
| Beeldgrootte (pixels) | 3264× 2448(8M)\ 2048× 1536(3M)\ 1024× 768(PC) 3264× 2176(3:2)\ 1600× 1200(2M)\ 640× 480(TV) 2592× 1944(5M)\ 1280× 960(1M) |
| Objectief | 8 × Zoom Nikkor |
| Brandpuntsafstand | F=8,9 – 71,2 mm (kleinbeeldequivalent: 35 - 280 mm) |
| Lichtsterkte | f/2,8–f/4,2 |
| Constructie | 14 elementen in 10 groepen |
| Digitale zoom Tot 4 x | (kleinbeeldequivalent: 1120 mm) |
| Autofocus (AF) | Contrastdetectie Door De Lens (DDL) AF met AF-hulpverlichting |
| Scherpstelbereik | 50 cm – ∞; 3 cm – ∞ in macrostand en handmatige scherpstelling (middelste zoompositie) |
| Scherpstelveldselectie | Vijfvelds multi-AF; handmatige selectie mogelijk |
| Zoeker | 0,44", 235.000-dot, polysilicon TFT kleuren-LCD-zoeker |
| Vergroting 0,27–2,1× | |
| Beelddekking Circa 9 | 7% horizontaal en 97% verticaal |
| Dioptrie-instelling –4–+1 m ^-1 | |
| Monitor | 1,8", 134.000-dot, High Transmissive Advanced TFT LCD-monitor met helderheids- en kleurinstelling |
| Beelddekking Circa 9 | 7% horizontaal en 97% verticaal (opname) |
| Belichting | |
| Lichtmeting | Door-De-Lens-meting (DDL) met vier methoden: 256 segments Matrixmeting\ meting \ AF-veld meting |
| Belichtingsregeling | Programma-automatiek met flexibel programma, sluitertijdvoorkeuze, diafragmavoorkeuze, handinstelling, belichtingscorrectie (-2,0 – + 2,0 LW in stappen van 13 LW), auto bracketing, belichting BSS |
| Bereik | W: -1,0–+19,0 EV T: +0,5–+19,0 EV |
| Sluiter | Mechanische sluiter en CCD-sluiter |
| Sluitertijden 2 – | 14000 sec (auto en programma-automatiek), 8 – 14000 sec. (sluitertijd- en diafragmavoorkeuze), BULB / TIME (tot 10 minuten) en 8 – 14000 sec. (handinstelling), 130 – 18000 sec. (Ultra HS). Bij sommige diafragma's is de kortste sluitertijd 12000 sec. |
| Diafragma | Zevenbladig irisdiafragma. |
| Bereik Tien standen, | stappen van 13 LW (tot een minimum van f/8) |
| Gevoeligheid | Equivalent aan ongeveer ISO 50, 100, 200, 400; Auto (automatische verhoging tot ISO 200 equivalent) |
| Zelfontspanner Voorboptijd 10 of 3 seconden | |
| Ingebouwde fl itser | |
| Bereik (Auto ISO) | W: 0,5–4,1 m T: 0,5–2,7 m |
| Flitssynchronisatie Automatische synchronisatie | |
| Accessoireschoentje | Standaard ISO schoentje met contacten en vergrendeling |
| Synchronisatiecontact | Alleen X-contact |
| Opslag | |
| Media Type I en II CompactFlash ^TM (CF) en Microdrive kaarten | |
| Bestandssysteem | Voldoet aan Design Rule for Camera File System (DCF)*, Exit 2.2 ^ , en Digital Print Order Format (DPOF) |
| Bestandsformaten Ongecomprimeerd: RAW (NEF), TIFF-RGBGecomprimeerd: Voldoet aan JPEG-baseline (1 : 4, 1 : 8, 1 : 16)Films: QuickTime Geluidsbestanden: WAV | |
| Interface USB | |
| Video output | Keuze uit NTSC en PAL |
| In- en uitgangen | DC in; audio/video (A/V) uit; digitaal I/O (USB) |
| Stroombronnen | Eén oplaadbare Nikon EN-EL1 lithiumbatterij (meegeleverd)MB-E5700 battery pack voor zes AA (LR6) alkaline, lithium, Ni-Cad of NiMH batterijenEén 2CR5 (DL245) lithiumbatterijEH-53 lichtnetadapter |
| Gebruiksduur bat-terij | Circa 210 opnamen (EN-EL1) / 240 opnamen (2CR5). Gemeten op 20°C met vol geladen batterij onder standaard Nikon testomstandigheden: monitor aan, zoom versteld voor elke opname, fl its gebruikt eenmaal per drie opnamen, beeldkwaliteitNorm. |
| Afmetingen | 113 × 105 × 78 mm (B×H×D) |
| Gewicht | Circa 480 gram zonder batterij en geheugenkaart |
| Gebruiksomgeving | |
| Temperatuur | 0–40°C |
| Luchtvochtigheid | Minder dan 85 % (geen condens) |
* Een breed toegepaste standaard in de camera-industrie voor compatibiliteit tussen verschillende cameramerken.
† Uitwisselbaar beeldbestandsformaat voor digitale fotocamera's. Versie 2.2 maakt het mogelijk informatie die met het beeld is opgeslagen te gebruiken voor optimale kleurweergave bij afwerking met Exif compatible printers.
Symbolen
- 215
50, 100, 200, 400, 46
8M, 5M, 3M, 2M, 1M, PC, TV
3:2, 32-33
(auto) stand, 14–20
, zie Keuzeschakelaar
▶, zie Keuzeschakelaar
knop, 30–33
knop, 34–36
knop, 37, 38, 47
knop, 39, 63
knop, 21, 48, 55
knop, 4, 128
en knoppen, 16, 57, 60
, 14
12
#
23=29
↓, ⊕, ●34-6
,,27,38
39
面→DELETE,48
A-WB PRE
76-78
, , ,79
图层
80-83
A0, O, 186
□, 87
W
A◇, ◇, ◇39◇
[J]. 63
114
, 115
, 116-117
, 118-119
→, 120-121
A
A, zie Belichtingsstand Accessoireschoentje, 2, 96
AE lock, 20, 133
AE-L, 20, 133
AE-L, AF-L, 133
AE/AF vergrendeling, 20, 133
AF, zie Autofocus
AF●, zie Focus indicator
AF-hulpverlichting, 19
AF-veld stand, 93
Alle menus tonen, 74
Audio / Video uit aansluiting, 64
Audio, zie Films, Spraakmemo
Auto bracketing, 99-100
Autofocus stand, 94
Autofocus, 18
Automatisch overspelen, 118-119
Automatisch uit, 17, 131
B
BASIC, 30
Batterij, 8-9, 14
2CR5 (DL245), 8-9
EN-EL1, 8-9
opladen, 8
Bediening, 132-133
Beeld aanpassen, 86
Beeld verbergen, 115
Beeld verplaatsen, zie Verplaats beeld
Beeldbestanden, 22
Beelden afspelen, 21, 54, 55-63
filmweergave, 54, 153
op een computer, 65-67
op een TV, 64
schermvullend, 55
snel terugspelen, 21
Beelden verplaatsen, 120-121
Beeldgrootte, 30, 32-33
Beeldkwaliteit, 30-31, 33
Belichting BSS, 84-85
Belichtingsbracketing, 99-100
Belichtingscorrectie, 39
Belichtingsinformatie, zie foto-informatie
Belichtingsopties, 91-92
Belichtingsstand, 40-45
Belichtingsvergrendeling, 20
Bestanden, zie Beeldbestanden
Bestandsnummering, 22, 129
Beveiligde beelden, 104, 107, 110, 114
Beveiligen 114
Bewegingsonscherpte, 24, 84, 147
BSS, BSS 84E-85
BSS, 84-85
BULB, zie Bulb/Tijd, Lange tijdopnamen
Bulb/Tijd, 92
C
CF-kaart format., 104
CF-kaart, zie Geheugenkaarten
Close-ups, 26
CompactFlash, zie Geheugen- kaarten
Compressie, zie Beeldkwaliteit
Computer, 65-67. Zie ook E-mail, Printen van foto's, Overspelen
Continu, 80-83
Contrast, zie Beeld aanpassen
D
DATE, DATE DB6
Datum afdrukken op foto's, 68, 117
Datum printen, 136
Datum, 12-13, 124-125
Datum, 12-13, 68, 124-125
DCF, 150
Design Rule for Camera File System, zie DCF
Diafragma, 40-45
Diashow, 112-113
Diashows, 112-113
Flitsbelichtingscorrectie, 96
Flitser, 34-36, 96-98
bereik, 35
extern, 97-98, 137
fl itsstand, 34-36
ingebouwde, 2, 34-36
Flitser selectie, 97
Flitsopties, 96-98
Formatteren, zie Geheugen- kaart, formatteren
Foto-informatie, 58-59

knop, 15, 132
FUNC, 132
G
plaatsen en verwijderen, 10-11
Gevoeligheid, 36, 46
Groothoek, zie Zoom
H
Handmatige scherpstelling, 47
Helderheid, 127
HI, 30, 56
Hoofdschakelaar, 2, 7
|
info.txt, 134
Informatie, zie Foto-informatie
Instelschijf, 2
Intervalfi lms, 49-50, 52-53, 54
Intervalfoto's, 80, 82-83
Invulfl its, 34-35
ISO, zie Gevoeligheid
J
JPEG, 22, 30, 150
JPG, 22, 30, 150
K
Keuzeschakelaar, 14, 55
Kleine kopie, 121
Kleur, 127
Klok, zie Datum
Kopie, 27
Kopieren van foto's, zie Ver-
plaats beeld, Overspelen
Kwaliteit, zie Beeldkwaliteit
L
Landschap, 25
Lange tijdopnamen, 45, 92
Lensconverter, 90
Lensconverter, 90, 137
verloopring, 90, 137
Lichtmeting, 79
Luidspreker, ingebouwde, 3, 54, 63
LOCK knop, zie AE/AF vergren- deling
M
M, zie Belichtingsstanden
Macro close-up, 37
kiezen voor weergave, 111
wissen, 110

knop, 74
MF knop, 47
Microdrive, zie Geheugen- kaarten
Microfoon, ingebouwde, 2, 49, 63
Mijn menu, 74, 103
helderheid en kleur, 127
openen en sluiten, 4
uitsnede bepalen, 16
Monitoropties, 126-128
MOV, 22, 49-54
Multi-selector, 7
N
Nachtlandschap, 26
Nachtportret, 25
Objectief, 2, 16, 90, 137-138
Ondersteuning, 1
Onderwerpsstand, 23-29
Oneindig, zie Scherpstelstand,
Ontspansnelheid, 126
Oplopende numm., 129
Opnamebevest., 133
Opnamemenu, 74-104
Opstartscherm, 128
Overspelen, 65-67, 118-119
foto's markeren voor, 118-119
P
P, zie Belichtingsstand
PAL, zie Videostand
Printen van beelden, 68-73. Zie
ook Datum printen, DPOF
via directe USB verbinding
Printgrootte, 32
Q
knop, 21
QuickTime, zie Films
R
RAW, 22, 30-31, 33, 56, 150 converteren naar TIFF, 56
Resterend aantal opnamen, 5, 14
Rode-ogen-reductie, 34
Ruisonderdrukking, 27, 101
Ruisonderdruk., 101
S
S, zie Belichtingsstanden
SB●, zie Flitsaanduiding
Scherpstelaanduiding, 18
Scherpstelling, 37, 93-94
Scherpstelopties, 93-94
Scherpstelstand, 37, 38
Scherpstelveld, 24-27, 93
Scherpstelvergrendeling, 20
Scherptebevest., 94
Scherpte-informatie, zie
Scherptebevest., Foto-in- formatie
Sepia fi Im 320, 49-51, 54, 87
SETUP-menu, 122-136
Sluitergeluid, 130
Sluitertijd, 40-45
Smear, 141
Snel terugspelen, 21
Spraakmemo's, 63
Standaard, 102
Standaardwaarden, 135
Standby-stand, 17, 131
Strand/Sneeuw, 25
Statief, 3, 24, 29, 45, 147
T
knop, zie Zoom, knoppen
Taal, 11-12, 124
kiezen, 11-12, 124
Tegenlicht, 27
onderwerpen, 27, 34
Tele, zie Zoom
Televisie, 64
aansluiten op, 64
Terugspeelopties, 127
Thumbnail-weergave, 57
Tijdzone, 12-13, 124-125
Timer, zie Intervalfoto's, Zelf- ontspanner
U
Uitsnedekopie, 60-61
USB, 65, 134
USB, 65-67, 69-73, 134
direct print, 69-73
kabel (UC-E1), 65-66, 69
V
Vast diafragma, 95
Verborgen beelden, 107, 112, 115
Verplaats beeld, 120-121
Verscherping, 89
Verzadiging, 87
Voorlooptijd, zie Zelfontspan- ner
Vuurwerk, 26
W
knop, zie Zoom, knoppen
WAV, 22, 63, 150
Weergavemenu, 105-121
Weergavestand, 21, 54, 55-63
Welkomstscherm, 128-129
Wissen, 106-107
Wissen, 21, 48, 55, 106-107
alle beelden, 107
geselecteerde opnamen, 106
bij schermvullende weer- gave, 55
met map, 110
tijdens fotograferen, 21, 48
Witbalans, 76-78
bracketing, 99
fi jnregeling, 77
vooringestelde, 78
Z
Zelfontspanner, 37, 38
Zelfontspannerlampje, 2, 38
Zelfportretten, 4, 37, 38
Zoeker,18
beelduitsnede, 16
Zonsondergang 25
Zoom, 16, 95
aanduiding, 16
digitale, 16, 95
knoppen, 16
optische, 16, 95
weergave, 60-61
Zoomopties, 95
Zwart-wit, 87
Nikon
Niet uit deze uitgave mag worden overgenomen, in welke vorm ook, volledig of gedeeltelijk, zonder de schriftelijke toestemming van NIKON CORPORATION (met uitzondering van korte citaten in artikels of besprekingen).
Oneindig










Ontspan-knop



Ontspan-knop






Matrix
Spot
Centrum-gericht
Continu H1, 2
Continu L2, 3
Multi-shot 162, 3
Ultra HS4
5 Opnamen buffer2, 3
Intervalopnamen3
FILM4

Normaal
Groothoek (voor WC-E80)
Tele (voor TC-E15ED)
Fisheye (voor FC-E9)







