REMKO RXT 1052 DC - Airconditioner

RXT 1052 DC - Airconditioner REMKO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis RXT 1052 DC REMKO in PDF-formaat.

📄 76 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag ⚙️ Specs
Notice REMKO RXT 1052 DC - page 5
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
Producttype Inverter wand-/plafondairconditioner (split-uitvoering)
Model RXT 1052 DC
Merk REMKO
Nominaal koelvermogen 10,50 kW (4,10 – 12,60 kW)
Nominaal verwarmingsvermogen 11,40 kW (4,10 – 14,90 kW)
Energie-efficiëntieklasse koelen A++
Energie-efficiëntieklasse verwarmen A
Netspanning 230 V, 1~, 50 Hz
Afmetingen binnenunit (HxBxD) 675 x 1650 x 235 mm
Gewicht binnenunit 40 kg
Afmetingen buitenunit (HxBxD) 1369 x 938 x 392 mm
Gewicht buitenunit 102,5 kg
Koelmiddel R410A, basishoeveelheid 4,35 kg
Geluidsdrukniveau binnenunit (max) 52 dB(A) (turbo: 65 dB(A))
Geluidsdrukniveau buitenunit (max) 56 dB(A) (max. 67 dB(A))
Luchtverplaatsing binnenunit 1500 / 1850 / 2200 m³/u (laag/midden/hoog)
Beschermingsgraad buitenunit IP 24
Koudemiddelaansluitingen Vloeistof 3/8", zuig 5/8"
Maximale leidinglengte 60 m
Maximaal hoogteverschil 25 m
Werkbereik koelen +5 °C tot +50 °C (met accessoire tot -15 °C)
Werkbereik verwarmen +5 °C tot +24 °C (met accessoire tot -15 °C)
Bediening Infrarood afstandsbediening, handbediening
Functies Koelen, verwarmen, ontvochtigen, circuleren, timer, slaapstand, follow-me, swing, turbo, self-clean
Montage Wand of plafond
Onderhoud Luchtfilter elke 2 weken reinigen; jaarlijks onderhoud door vakman
Veiligheid Elektrische installatie door erkend vakman; netstroom uitschakelen voor reiniging

Veelgestelde vragen - RXT 1052 DC REMKO

Wat is het koelvermogen van de REMKO RXT 1052 DC?
Kan de binnenunit van de RXT 1052 DC aan het plafond worden gemonteerd?
Hoe reinig ik het luchtfilter van de RXT 1052 DC?
Wat moet ik doen als de airconditioner niet aangaat?
Welk type koelmiddel wordt gebruikt in de RXT 1052 DC?
Wat is het maximale leidingverschil tussen binnen- en buitenunit?
Hoe stel ik de timer in op de RXT 1052 DC?
Wat betekent foutcode E1 op de binnenunit?
Is de buitenunit geschikt voor gebruik bij lage buitentemperaturen?
Hoe kan ik de afstandsbediening van de RXT 1052 DC resetten?

Gebruikersvragen over RXT 1052 DC REMKO

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Airconditioner in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RXT 1052 DC - REMKO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RXT 1052 DC van het merk REMKO.

GEBRUIKSAANWIJZING RXT 1052 DC REMKO

Montage- en gebruikershandleiding

REMKO RXT...DC

RXT 522 DC, RXT 682 DC, RXT 1052 DC, RXT 1402 DC

Inverter wand-plafondunit in split-uitvoering

REMKO RXT 1052 DC - Montage- en gebruikershandleiding - 1

Vóór het in bedrijf nemen / gebruik van dit apparaat deze installatiehandleiding zorgvuldig lezen!!

Deze handleiding maakt deel uit van het apparaat en dient steeds in directe nabijheid van de opstellocatie resp. bij het apparaat bewaard te worden.

Wijzigingen voorbehouden; we aanvaarden geen aansprakelijkheid voor drukfouten en vergissingen!

Montage- en gebruikershandleiding (vertaling van het origineel)

Inhoudsopgave

1 Veiligheids- en gebruiksinstructies.... 5

1.1 Algemene veiligheidsvoorschriften.... 5
1.2 Markering van instructies.... 5
1.3 Kwalificaties van het personeel.... 5
1.4 Gevaren bij het niet-opvolgen van de veiligheidsvoorschriften.... 5
1.5 Veiligheidsbewust werken.... 6
1.6 Veiligheidsvoorschriften voor de exploitant.... 6
1.7 Veiligheidsvoorschriften voor montage-, onderhouds- en inspectiewerkzaamheden.... 6
1.8 Zelfstandige ombouw en veranderingen.... 6
1.9 Bedoeld gebruik.... 7
1.10 Garantie....7
1.11 Transport en verpakking 7
1.12 Milieubescherming en recycling.... 7

2.1 productgegevens....8
2.2 Apparaatafmetingen 11
2.3 Capaciteitscurven verwarmen en koelen 12

3 Opbouw en functie.... 16

3.1 Beschrijving van het apparaat.... 16

4 Bediening.... 17

5 Montageaanwijzingen voor het vakpersoneel.... 27

5.1 Belangrijke aanwijzingen voor het installeren.... 27
5.2 Wanddoorvoeren.... 27
5.3 Montagemateriaal.... 27
5.4 Keuze van de installatielocatie 28
5.5 Minimale vrije ruimte.... 30
5.6 Aansluitvarianten.... 30
5.7 Olieretourmaatregelen.... 30

6 Installatie.... 31

6.1 Installatievoorbereidingen.... 31
6.2 Installeren binnenunit.... 31
6.3 De koudemiddelleidingen aansluiten.... 32
6.4 Extra instructies voor het aansluiten van de koudemiddelleidingen.... 34
6.5 Controle op lekkages.... 34
6.6 Koudemiddel bijvullen.... 35

7 Condensaataansluiting en gewaarborgde afvoer.... 35

8 Elektrische aansluiting.... 37

8.1 Algemene instructies.... 37
8.2 Aansluiten van de binnenunit.... 37
8.3 Aansluiten van de buitenunit.... 38
8.4 Elektrisch aansluitschema.... 38
8.5 Elektrisch schema.... 40

9 Vóór de inbedrijfstelling.... 47

10 Inbedrijfstelling.... 47

11 Uit bedrijf nemen.... 49

REMKO RXT...DC

12 Verhelpen van storingen, klantenservice, foutanalyse.... 50

12.1 Verhelpen van storingen en klantenservice.... 50
12.2 Storingsanalyse binnenunit.... 53
12.3 Storingsanalyse buitenunit 55
12.4 Weerstanden van de temperatuursensoren.... 64
12.5 Weerstanden van de heetgassensoren.... 65

13 Reiniging en onderhoud.... 67

14 Illustratie van het apparaat en onderdelenlijsten.... 69

14.1 Apparaatafbeelding binnenunits.... 69
14.2 Reserveonderdeellijst binnenunits.... 70
14.3 Apparaatafbeelding buitenunit.... 71
14.4 Reserveonderdeellijst buitenunit.... 72

15 Index....73

1 Veiligheids- en gebruiksinstructies

1.1 Algemene veiligheidsvoorschriften

Lees de handleiding voor het eerste gebruik van het apparaat zorgvuldig door. Deze bevat nuttige tips, instructies en waarschuwingen voor de veiligheid van personen en goederen. Het niet opvolgen van de gebruikshandleiding kan gevaar voor personen, het milieu, de installatie en tot het verlies van mogelijke aansprakelijkheid leiden.

Bewaar deze gebruikshandleiding en het koelmiddelgegevensblad in de buurt van het apparaat.

1.2 Markering van instructies

Deze paragraaf geeft een samenvatting van alle belangrijke veiligheidsaspecten voor een optimale persoonlijke bescherming en voor een veilig en storingvrij bedrijf.

De in deze handleiding gegeven instructies en veiligheidsvoorschriften dienen opgevolgd te worden, zodat ongelukken, persoonlijk letsel en beschadigingen worden vermeden. Direct aan de apparaten aangebrachte instructies dienen absoluut te worden opgevolgd en in goed leesbare toestand te worden gehouden.

Veiligheidsvoorschriften zijn in deze handleiding gemarkeerd door bepaalde symbolen. Verder beginnen de veiligheidsvoorschriften met bepaalde signaalwoorden die de aard van de risico's aan-geven.

REMKO RXT 1052 DC - Markering van instructies - 1

GEVAAR!

Bij het aanraken van spanningvoerende delen bestaat direct levensgevaar door een stroomstoot. Beschadiging van de isolatie of van componenten kan levensgevaarlijk zijn.

REMKO RXT 1052 DC - GEVAAR! - 1

GEVAAR!

Deze combinatie van symbool en signaalwoord wijst op een direct gevaarlijke situatie die de dood of zwaar letsel tot gevolg heeft, als deze situatie niet wordt gemeden.

REMKO RXT 1052 DC - GEVAAR! - 1

WAARSCHUWING!

Deze combinatie van symbool en signaalwoord wijst op een mogelijk gevaarlijke situatie die de dood of zwaar letsel tot gevolg kan hebben, als deze situatie niet wordt gemeden.

REMKO RXT 1052 DC - WAARSCHUWING! - 1

VOORZICHTIG!

Deze combinatie van symbool en signaalwoord wijst op een mogelijk gevaarlijke situatie die gering of licht letsel tot gevolg kan hebben en die materiële schade of aantasting van het milieu kan veroorzaken, als deze situatie niet wordt gemeden.

REMKO RXT 1052 DC - VOORZICHTIG! - 1

AANWIJZING!

Deze combinatie van symbool en signaalwoord wijst op een mogelijk gevaarlijke situatie die materiële schade of aantasting van het milieu kan veroorzaken, als deze situatie niet wordt gemeden.

REMKO RXT 1052 DC - AANWIJZING! - 1

Met dit symbool wordt gewezen op nuttige tips, adviezen en informatie over hoe een efficiënt en storingsvrij bedrijf gewaarborgd kan worden.

1.3 Kwalificaties van het personeel

Het personeel voor de inbedrijfstelling, bediening, het onderhoud, de inspectie en de montage dient over de betreffende kwalificaties voor deze werkzaamheden te beschikken.

1.4 Gevaren bij het niet-opvolgen van de veiligheidsvoorschriften

Het niet opvolgen van de veiligheidsvoorschriften kan zowel gevaar voor personen opleveren als voor het milieu en voor apparatuur. Het niet-opvolgen van de veiligheidsvoorschriften kan leiden tot het verlies van iedere aanspraak op schadevergoeding.

In detail kan het niet-opvolgen van de voorschriften bijvoorbeeld de volgende risico's opleveren:

REMKO RXT...DC

  • Het uitvallen van belangrijke functies van de apparatuur.
  • Het feit dat voorgeschreven methods betreffende normaal en technisch onderhoud niet werken.
  • Het in gevaar brengen van personen door elektrische en mechanische effecten.

1.5 Veiligheidsbewust werken

De in deze handleiding vermelde veiligheidsin-structies, de bestaande nationale voorschriften ter voorkoming van ongevallen evenals eventuele interne arbeids-, bedrijfs- en veiligheidsvoorschriften van het bedrijf moeten in acht worden genomen.

1.6 Veiligheidsvoorschriften voor de exploitant

De veiligheid van de apparaten en componenten is alleen gegarandeerd bij het bedoeld gebruik en in volledig gemonteerde toestand.

  • Het plaatsen, installeren en onderhouden van de apparaten en componenten mag alleen gebeuren door vakpersoneel.
    Eventueel aanwezige aanraakbescherming (rooster) voor bewegende delen mag niet worden verwijderd bij een apparaat dat in bedrijf is.
    De bediening van apparaten of componenten met zichtbare defecten of beschadigingen is verboden.
  • Het aanraken van bepaalde onderdelen of componenten van de apparaten kan brandwonden of letsel veroorzaken.
    De apparaten of componenten mogen niet worden blootgesteld aan mechanische belasting, extreme vochtigheid of extreme temperaturen.
    Ruimten waarin koudemiddel kan lekken voldoende te laden en te ventileren. Anders bestaat er gevaar voor verstikking.
    Alle delen van de behuizing en openingen, bijv. luchtin- en uitgangen, moeten vrij zijn van vreemde voorwerpen, vloeistoffen of gassen.
    De apparatuur dient tenminste eenmaal jaar- lijks door een deskundige gecontroleerd te worden. Visuele controles en reinigingswerk- zaamheden mogen in spanningsloze toestand door de gebruiker uitgevoerd worden.

1.7 Veiligheidsvoorschriften voor montage-, onderhouds- en inspectiewerkzaamheden

Bij het installeren, het repareren, het onderhouden of het reinigen van de apparaten moeten geschikte maatregelen worden genomen om de van de apparaten uitgaande gevaren voor personen te voorkomen.
Het opstellen, aansluiten en gebruik van de apparaten en componenten moet volgens de gebruiks- en bedrijfsomstandigheden uit de gebruikshandleiding en de geldende lokale voorschriften gebeuren.
- Men dient zich aan de regionale verordeningen en wetten te houden, zoals de wet op de waterhuishouding.
De elektrische voeding moet worden aangepast aan de eisen van de apparaten.
De apparaten mogen uitsluitend op die punten worden bevestigd die de fabrikant hiervoor heeft voorzien. De apparaten mogen uitsluitend aan constructies of wanden of op vloeren worden bevestigd of geplaatst die deze belasting kunnen dragen.
- Apparaten voor mobiel gebruik moeten veilig en verticaal op een geschikte ondergrond opgesteld worden. Apparaten voor stationair bedrijf mogen alleen in vast geïnstalleerde toestand gebruikt worden.
De apparaten en componenten mogen niet worden gebruikt op plaatsen met verhoogd risico op beschadigingen. De minimale vrije ruimte moet worden aangehouden.
De apparaten en componenten moeten voldoende veiligheidsafstand hebben ten opzichte van ontvlambare, explosieve, brandbare, agressieve en vervuilde zones en atmosferen.
- Veiligheidsinrichtingen moeten niet worden gewijzigd of omzeild.

1.8 Zelfstandige ombouw en veranderingen

Het ombouwen of wijzigen van de apparaten of componenten is niet toegestaan en kan storingen veroorzaken. De veiligheidsvoorzieningen mogen niet worden veranderd of overbrugd. De originele reserveonderdelen en door de fabrikant geautoriseerde accessoires zijn afgestemd op de vereiste veiligheid. Het toepassen van andere onderdelen kan leiden tot het vervallen van de aansprakelijkheid voor gevolgen daarvan.

1.9 Bedoeld gebruik

De apparaten mogen afhankelijk van de uitvoering en uitrusting uitsluitend worden toegepast als air-conditioning om het bedrijfsmedium lucht binnen een gesloten ruimte te koelen resp. verwarmen.

Ander of verdergaand gebruik geldt als niet bedoeld gebruik. Voor de hieruit voortvloeiende schade is de fabrikant / leverancier van de machine niet aansprakelijk. Het risico wordt uitsluitend door de gebruiker gedragen. Bij het bedoeld gebruik hoort ook het opvolgen van de bedieningsen installatie-instructies en het aanhouden van de onderhoudsbepalingen.

De in de technische specificaties opgegeven grenswaarden mogen in geen geval worden overschreden.

1.10 Garantie

Voorwaarde voor eventuele aanspraken op garantie is, dat de inkoper of zijn afnemer tegelijk met de verkoop en het in gebruik nemen, de bij het apparaat meegeleverde "Garantieoorkonde" volledig ingevuld naar REMKO GmbH & Co. KG teruggestuurd heeft. De garantievoorwaarden zijn opgenomen in de "Algemene verkoop- en leveringsvoorwaarden". Daarnaast kunnen alleen tussen de bij de overeenkomst betrokken partijen speciale afspraken gemaakt worden. Neem daarom eerst contact op met uw directe handelspartner.

1.11 Transport en verpakking

De apparaten worden in een stevige transportverpakking geleverd. Controleer het apparaat direct bij de levering en noteer eventuele schade of ontbrekende onderdelen op de pakbon en informeer de transporteur en uw leverancier. Bij klachten achteraf wordt geen garantie verleend.

REMKO RXT 1052 DC - Transport en verpakking - 1

WAARSCHUWING!

Plastic folie en tassen etc. zijn gevaarlijk speelgoed voor kinderen!

Daarom:

  • Verpakkingsmateriaal kan niet worden onzorgvuldig.
  • Verpakking mag niet toegankelijk zijn voor kinderen!

1.12 Milieubescherming en recycling

Afvoeren van de verpakking

Alle producten worden voor het transport zorgvuldig verpakt in milieuvriendelijke materialen. Lever een waardevolle bijdrage aan de vermindering van afval en het recyclen van grondstoffen en lever het verpakkingsmateriaal alleen in bij de daarvoor aangewezen inzamelplaatsen.

REMKO RXT 1052 DC - Afvoeren van de verpakking - 1

Afvoeren van de apparaten en componenten

Bij de productie van de apparaten en componenten worden uitsluitend recyclebare materialen gebruikt. Draag bij aan de bescherming van het milieu, door er voor te zorgen dat apparaten of componenten (bijv. batterijen) niet in het huisvuil komen maar alleen op milieuvriendelijke wijze volgens de plaatselijk geldende voorschriften, bijv. door een erkend afvalverwerkingsbedrijf en recycling of via een inzamelpunt worden verwerkt.

REMKO RXT 1052 DC - Afvoeren van de apparaten en componenten - 1

Serie RXT 522 DC RXT 682 DC RXT 1052DC RXT 1402 DC
WerkingInverter wand-/plafond-airconditioningcombinatie voor koelen en verwarmen
Nominaal koelvermogen 1)kW5,30(1,60-6,30)7,30(3,20-7,60)10,50(4,10-12,60)14,00(5,00-16,10)
Energie-efficiëntieklasse SEER 1)6,26,66,5---
Energieverbruik, jaarlijks, Q_CE 3)kWh299393612---
Energieverbr. koelen, jaarlijks 500 uurkWh------2125
Energie-efficiëntieklasse koelen 1)A++A++A++A
Nomin. verwarmingsvermogen 2)kW5,30(1,60-6,40)8,00(3,20-8,10)11,40(4,10-14,90)14,60(5,00-16,70)
Energie-efficiëntieklasse SCOP 4)3,83,83,8---
Energieverbruik, jaarlijks, Q_HE 3)kWh195329474310---
Energieverbr. verwarmen, jaarl. 500 uurkWh------1965
Energie-efficiëntieklasse verwarmen 2)AAAA
El. nominaal opgen. vermogen koelen 1)kW1,642,193,284,25
El. nominale stroomopn. koelen 1)A7,5110,0215,017,34
El. nominale opgen. vermogen koelen 1)kW1,462,113,243,93
El. nominale stroomopn. verwarmen 2)A6,689,6614,836,79
Max. opgenomen vermogenkW2,202,907,107,20
Max. opgenomen stroomA10,0013,0011,0013,00
EDV-nr.1619445161945516194651619475

1) Luchtinlaattemp. TK 27°C / FK 19°C, buitentemperatuur TK 35°C, FK 24°C, max. luchtverplaatsing, 5 m leidinglengte
2) Luchtinlaattemp. TK 20°C, buitentemperatuur TK 7°C, FK 6°C, max. luchtverplaatsing, 5 m leidinglengte
^3) De opgegeven waarde is gebaseerd op resultaten van de genormeerde keuring. Het werkelijk verbruik is afhankelijk van het gebruik en van de gebruikslocatie van het apparaat
4) De opgegeven waarde is gebaseerd op de gemiddelde verwarmingsperiode (average)

Bijbehorende binnenunitRXT 522 DC BinnenunitRXT 682 DC BinnenunitRXT 1052 DC BinnenunitRXT 1402 DC Binnenunit
Aansluiting netspanningV/fasen/Hz230 / 1~ / 50
Toepassingsbereik (ruimtevol.) ca. m^3 160 230 320 470
Instelbereik ruimtetemperatuur °C +17 tot +30
Werkbereik °C +17 tot +32
Luchtverplaatsing per snelheid m^3/u 600/750/9001100/1250/14001500/1850/22001700/1900/2300
Geluidsdrukniveau p. snelheid 5)dB (A)36/41/45 43/47/5041/47/52 49/52/54
Geluidsniveau (turbo-modus) dB(A) 60 63 65 64
Beschermingsgraad IP X 0
Condensaansluiting mm 25
Afmetingen: H/B/D mm 675 / 1068 / 235675 / 1650 / 235
Gewichtkg25 25 40 40
EDV-nr.1619447 1619457 16194671619477

5) Afstand 1m vrije ruimte. Opgegeven waarden zijn maximale waarden

REMKO RXT...DC

Bijbehorende buitenunitRXT 522 DC BuitenunitRXT 682 DC BuitenunitRXT 1052 DC BuitenunitRXT 1402 DC Buitenunit
Aansluiting netspanningV/fasen/Hz230 / 1~ / 50 400 / 3~ / 50
Werkbereik koelen °C+5 tot +507)
Werkbereik verwarmen °C+5 tot +247)
Luchtverplaatsing, max. m3/u 25003500 7200 7200
Beschermingsgraad IP 24
Geluidsdrukniveau5)dB (A) 54 58 56 56
Geluidsniveau max. dB (A) 65 69 67 67
Koudemiddel6)R 410A
Koudemiddel, basishoeveelheid kg1,8 2,2 4,35 3,8
Bedrijfsdruk, max. kPa4200 / 1500
Koudemiddel, extra hoeveelheid >5mg/m11 30 30 30
Koudemiddelleiding, lengte, max.m30 45 60 50
Koudemiddelleiding, hoogte, max.m15 20 25 25
Koudemiddelaansluiting VloeistofleidingInch (mm)1/4 (6,35)3/8 (9,52)3/8 (9,52)3/8 (9,52)
Koudemiddelaansluiting ZuigleidingInch (mm)1/2 (12,70)5/8 (15,90)5/8 (15,90)5/8 (15,90)
Afmetingen: H/B/Dmm695/842/324862/895/3131369/938/392
Gewichtkg46,059,0102,5
EDV-nr.1619446161945616194661619476

5) Afstand 1m vrije ruimte. Opgegeven waarden zijn maximale waarden

6) Bevat broeikasgas volgens Kyoto-protocol, GWP 1975 (meer informatie in hoofdstuk "Koudemiddel bijvullen")

7) Uitbreiding naar -15 °C mogelijk met bijbehorende accessoireset

2.2 Apparaatafmetingen

Buitenunits
B C A D E

Afb. 1: Afmetingen buitenunits RXT 522 DC-1402 DC AT

Afmetingen (mm) A B C D E
RXT 522 DC AT 695 842 324 560 335
RXT 682 DC AT 862 895 313 590 333
RXT 1052 DC AT 1369 938 392 634 355
RXT 1402 DC AT 1369 938 392 634 355

Binnenunits
REMKO RXT 1052 DC - Apparaatafmetingen - 2

Wijzigingen in de afmetingen en de constructie, door de technische vooruitgang, voorbehouden.

REMKO RXT...DC

2.3 Capaciteitscurven verwarmen en koelen

Verwarmingsvermogen RXT 522 DC

REMKO RXT 1052 DC - Capaciteitscurven verwarmen en koelen - 1

Afb. 3: Capaciteitscurve verwarmen RXT 522 DC (gegevens bij binnenruimtetemperatuur 20 °C)

A: Buitentemperatuur

2: Verwarmingsvermogen in kW

1: COP

3: Opgenomen vermogen in kW

Buitentemperatuur in °C 12 7 2 0 -7 -10 -15
Verwarmingsvermog. in kW 6,01 5,28 4,59 3,84 3,28 3,04 2,88
Opgenomen vermog. in kW1,43 1,41 1,35 1,29 1,23 1,21 1,19
COP4,20 3,74 3,41 2,99 2,66 2,52 2,42

Koelvermogen RXT 522 DC
REMKO RXT 1052 DC - Capaciteitscurven verwarmen en koelen - 2

Afb. 4: Capaciteitscurve koelen RXT 522 DC (gegevens bij binnenruimtetemperatuur 27/19 °C)

A: Buitentemperatuur

1: EER
2: Koelvermogen in kW
3: Opgenomen vermogen in kW

Buitentemperatuur in °C21253035404550
Koelvermogen in kW5,10 5,44 5,48 5,284,53 4,304,18
Opgenomen vermog. in kW1,26 1,36 1,48 1,621,64 1,671,74
EER4,04 3,99 3,70 3,262,76 2,572,41

Verwarmingsvermogen RXT 682 DC
REMKO RXT 1052 DC - Capaciteitscurven verwarmen en koelen - 3

A[°C]
Afb. 5: Capaciteitscurve verwarmen RXT 682 DC (gegevens bij binnenruimtetemperatuur 20 °C)

A: Buitentemperatuur

1: COP

2: Verwarmingsvermogen in kW

3: Opgenomen vermogen in kW

Buitentemperatuur in °C 12 7 2 0 -7 -10 -15
Verwarmingsvermog. in kW 8,67 7,62 6,63 5,54 4,73 4,39 4,16
Opgenomen vermog. in kW 2,08 2,05 1,96 1,87 1,79 1,75 1,73
COP4,17 3,72 3,39 2,96 2,64 2,50 2,40

Koelvermogen RXT 682 DC
REMKO RXT 1052 DC - Capaciteitscurven verwarmen en koelen - 4

line | X-Axis Label | Series 1 | Series 2 | Series 3 | | :--- | :--- | :--- | :--- | | 21253035404550 | 4.0 | 7.0 | 1.8 |

A[°C]
Afb. 6: Capaciteitscurve koelen RXT 682 DC (gegevens bij binnenruimtetemperatuur 27/19 °C)
A: Buitentemperatuur
1: EER
2: Koelvermogen in kW
3: Opgenomen vermogen in kW

Buitentemperatuur in °C21253035404550
Koelvermogen in kW6,79 7,24 7,30 7,03 6,03 5,72 5,57
Opgenomen vermog. in kW 1,71 1,84 2,00 2,19 2,22 2,26 2,35
EER3,98 3,93 3,64 3,21 2,72 2,53 2,37

Verwarmingsvermogen RXT 1052 DC
REMKO RXT 1052 DC - Capaciteitscurven verwarmen en koelen - 5

Afb. 7: Capaciteitscurve verwarmen RXT 1052 DC (gegevens bij binnenruimtetemperatuur 20 °C)

A: Buitentemperatuur

1: COP

2: Verwarmingsvermogen in kW

3: Opgenomen vermogen in kW

Buitentemperatuur in °C 12 7 2 0 -7 -10 -15
Verwarmingsvermog. in kW13,3411,7210,208,527,286,756,40
Opgenomen vermog. in kW3,263,213,072,932,81
COP4,093,653,332,912,59

Koelvermogen RXT 1052 DC
REMKO RXT 1052 DC - Capaciteitscurven verwarmen en koelen - 6

Afb. 8: Capaciteitscurve koelen RXT 1052 DC (gegevens bij binnenruimtetemperatuur 27/19 °C)
A: Buitentemperatuur
1: EER
2: Koelvermogen in kW
3: Opgenomen vermogen in kW

Buitentemperatuur in °C21253035404550
Koelvermogen in kW10,1910,8610,9610,559,058,588,36
Opgenomen vermog. in kW2,532,732,973,253,303,363,48
EER4,033,983,683,252,752,562,40

Verwarmingsvermogen RXT 1402 DC
REMKO RXT 1052 DC - Capaciteitscurven verwarmen en koelen - 7

line | Date | Value | | ---------- | ----- | | 12/20-7-10-15 | 16.50 | | 03/03 | 8.50 |

Afb. 9: Capaciteitscurve verwarmen RXT 1402 DC (gegevens bij binnenruimtetemperatuur 20 °C)

A: Buitentemperatuur

1: COP

2: Verwarmingsvermogen in kW

3: Opgenomen vermogen in kW

Buitentemperatuur in °C 12 7 2 0 -7 -10 -15
Verwarmingsvermog. in kW16,6714,6512,7510,659,108,448,00
Opgenomen vermog. in kW4,074,013,833,663,513,433,38
COP4,103,653,332,912,592,462,36

Koelvermogen RXT 1402 DC
REMKO RXT 1052 DC - Capaciteitscurven verwarmen en koelen - 8

line | Temperature (°C) | Series 1 | Series 2 | Series 3 | | ---------------- | -------- | -------- | -------- | | 2125 | 4.00 | 13.50 | 3.50 | | 3035 | 4.00 | 14.50 | 3.75 | | 4045 | 3.75 | 14.50 | 4.00 | | 50 | 3.00 | 14.00 | 4.25 | | 60 | 2.50 | 12.00 | 4.50 | | 70 | 2.25 | 11.50 | 4.75 | | 80 | 2.00 | 11.00 | 5.00 |

Afb. 10: Capaciteitscurve koelen RXT 1402 DC (gegevens bij binnenruimtetemperatuur 27/19 °C)
A: Buitentemperatuur
1: EER
2: Koelvermogen in kW
3: Opgenomen vermogen in kW

Buitentemperatuur in °C21253035404550
Koelvermogen in kW13,5914,4914,6214,0712,0711,4511,15
Opgenomen vermog. in kW3,383,653,974,344,404,484,65
EER4,023,973,683,242,742,552,40

3 Opbouw en functie

3.1 Beschrijving van het apparaat

De ruimteairconditioners RXT 522 DC-1402 DC beschikken over een REMKO RXT...DC AT buiten-unit evenals een binnenunit RXT...DC IT.

De buitenunit dient tijdens koelbedrijf voor het afgeven van de door de binnenunit uit de te koelen ruimte opgenomen warmte aan de buitenlucht. Bij verwarmingsbedrijf kan de door de buitenunit opgenomen warmte via de binnenunit worden afgegeven aan de lucht in de te verwarmen ruimte. In beide bedrijfsmodi wordt het door de compressor te leveren capaciteit exact aangepast aan de vraag en wordt de insteltemperatuur met minimale temperatuurschommelingen geregeld. Door deze "inverter-techniek" wordt, ten opzichte van conventionele splitsystemen, energie bespaard en wordt het geproduceerde geluidsniveau teruggebracht tot een zeer beperkte waarde. De buitenunit kan buiten of onder bepaalde voorwaarden binnen worden gemonteerd. De buitenunit bestaat uit een koudekringloop met compressor, condensor in lamellenuitvoering, condensorventilator, keerklep en een elektronische expansieklep. De besturing van de buitenunit gebeurt via de regeling van de binnenunit.

Het ontwerp is dusdanig, dat de binnenunit kan binnen zowel op de wand als op het plafond kan worden gemonteerd. De bediening gebeurt via een infrarood-afstandsbediening. De binnenunit bestaat uit een verdamper in lamellenuitvoering, verdamperventilator, regeling en condensopvangbak.

Vloerconsoles, wandconsoles, koudemiddelleidingen, kabelafstandsbediening en condenspompen zijn verkrijgbaar als accessoires.

De verbinding tussen binnenunit en buitenunit wordt tot stand gebracht met koudemiddelleidingen.

REMKO RXT 1052 DC - Beschrijving van het apparaat - 1

Afb. 11: Systeemopbouw RXT 522 DC-1402 DC

A: Buiten
B: Binnen
1: Binnenunit
2: Buitenunit
3: Condensleiding
4: Condensorventilator
5: Netaansluiting
6: Afsluitklep
7: Zuigleidingen
8: Inspuitleidingen
9: stuurleidingen

REMKO RXT 1052 DC - Beschrijving van het apparaat - 2

flowchart
graph TD
    subgraph A
        A1["Reactor 1"] --> A2["Reactor 2"]
        A2 --> A3["Reactor 3"]
        A3 --> A4["Reactor 4"]
        A4 --> A5["Reactor 5"]
        A5 --> A6["Reactor 6"]
        A6 --> A7["Reactor 7"]
        A7 --> A8["Reactor 8"]
        A8 --> A9["Reactor 9"]
        A9 --> A10["Reactor 10"]
        A10 --> A11["Reactor 11"]
        A11 --> A12["Reactor 12"]
        A12 --> A13["Reactor 13"]
        A13 --> A14["Reactor 14"]
        A14 --> A15["Reactor 15"]
        A15 --> A16["Reactor 16"]
        A16 --> A17["Reactor 17"]
        A17 --> A18["Reactor 18"]
        A18 --> A19["Reactor 19"]
        A19 --> A20["Reactor 20"]
    end

    subgraph B
        B1["Reactor 1"] --> B2["Reactor 2"]
        B2 --> B3["Reactor 3"]
        B3 --> B4["Reactor 4"]
        B4 --> B5["Reactor 5"]
        B5 --> B6["Reactor 6"]
        B6 --> B7["Reactor 7"]
        B7 --> B8["Reactor 8"]
        B8 --> B9["Reactor 9"]
        B9 --> B10["Reactor 10"]
        B10 --> B11["Reactor 11"]
        B11 --> B12["Reactor 12"]
        B12 --> B13["Reactor 13"]
        B13 --> B14["Reactor 14"]
        B14 --> B15["Reactor 15"]
        B15 --> B16["Reactor 16"]
        B16 --> B17["Reactor 17"]
        B17 --> B18["Reactor 18"]
        B18 --> B19["Reactor 19"]
        B19 --> B20["Reactor 20"]
    end

    subgraph C
        C1["Reactor 3"] --> C2["Reactor 4"]
        C2 --> C3["Reactor 5"]
        C3 --> C4["Reactor 6"]
        C4 --> C5["Reactor 7"]
        C5 --> C6["Reactor 8"]
        C6 --> C7["Reactor 9"]
        C7 --> C8["Reactor 10"]
        C8 --> C9["Reactor 11"]
        C9 --> C10["Reactor 12"]
        C10 --> C11["Reactor 13"]
        C11 --> C12["Reactor 14"]
        C12 --> C13["Reactor 15"]
        C13 --> C14["Reactor 16"]
        C14 --> C15["Reactor 17"]
        C15 --> C16["Reactor 18"]
        C16 --> C17["Reactor 19"]
        C17 --> C18["Reactor 20"]
    end

    subgraph D
        D1["Reactor 4"] --> D2["Reactor 5"]
        D2 --> D3["Reactor 6"]
        D3 --> D4["Reactor 7"]
        D4 --> D5["Reactor 8"]
        D5 --> D6["Reactor 9"]
        D6 --> D7["Reactor 10"]
        D7 --> D8["Reactor 11"]
        D8 --> D9["Reactor 20"]
    end

    subgraph E
        E1["Reactor 5"] --> E2["Reactor 6"]
        E2 --> E3["Reactor 7"]
        E3 --> E4["Reactor 8"]
        E4 --> E5["Reactor 9"]
        E5 --> E6["Reactor 10"]
        E6 --> E7["Reactor 11"]
        E7 --> E8["Reactor 20"]
    end

    subgraph F
        F1["Reactor 6"] --> F2["Reactor 7"]
        F2 --> F3["Reactor 8"]
        F3 --> F4["Reactor 9"]
        F4 --> F5["Reactor 10"]
        F5 --> F6["Reactor 11"]
        F6 --> F7["Reactor 20"]
    end

    subgraph G
        G1["Reactor 7"] --> G2["Reactor 8"]
        G2 --> G3["Reactor 9"]
        G3 --> G4["Reactor 10"]
        G4 --> G5["Reactor 11"]
        G5 --> G6["Reactor 20"]
    end

Afb. 12: Schema koudekringloop binnenunit

A: Buiten

B: Binnen

1: RXT 522 DC-682 DC

2: RXT 1052 DC-1402 DC

M1: Condensorventilator

M2: Compressor

M3: Verdamperventilator binnenunit

V1: Omschakelklep K/H

EEV: Elektr. expansieklep

FLT: Filter

OEL: Olieretour

PSH: Hogedrukbewaking buitenunit

PSL: Lagedrukbewaking buitenunit

T1: Sensor verdamper binnenunit

T2: Sensor luchtinlaat binnenunit

T3: Sensor condensor buitenunit

T4: Sensor luchtinlaat buitenunit

T5: Sensor heetgas buitenunit

4 Bediening

De binnenunit kan comfortabel bediend worden met de meegeleverde infrarood afstandsbediening. Een correcte gegevensoverdracht wordt door de binnenunit met een pieptoon bevestigd. Als het programmeren via de infrarood-afstandsbediening niet mogelijk is, kan de binnenunit ook handmatig worden bediend.

Handbediening

De binnenunit kan handmatig in gebruik worden genomen. Door indrukken van de toets "MANUEL" wordt de automatische modus geactiveerd. Bij handbediening gelden de volgende instellingen:

Koelbedrijf: 24 °C, ventilatorsnelheid: AUTO

Verwarmingsbedrijf: 26 °C, ventilatorsnelheid: AUTO

Door het indrukken van een toets op de infrarood afstandsbediening wordt de handbediening onderbroken.

Infrarood-afstandsbediening

De infrarood-afstandsbediening stuurt de geprogrammeerde instelling over een afstand tot 6 m naar de ontvanger op de binnenunit. Een storingsvrije ontvangst van de gegevens is alleen mogelijk als de afstandsbediening op de ontvanger wordt gericht en er geen voorwerpen zijn die de overdracht belemmeren.

max. 6 m

Afb. 13: Maximale afstand van afstandsbediening t.o.v. binnenunit

Eerst moeten de meegeleverde batterijen (2 stuks, type AAA) in de afstandsbediening worden geplaatst. Trek daarvoor de klep van het batterijvak los en plaats de batterijen, let daarbij op de polariteit (zie markering).

REMKO RXT...DC

Kabel-afstandsbediening

Aansluiting van de kabel-afstandsbediening (optie)

Er zijn twee mogelijkheden:

  1. De stekker voor de aansluiting van een kabel-afstandsbediening bevindt zich achter de afschermkap van de displayprintplaat (Afb. 14). De 5-aderige kabel kommende van de displayprintplaat is aangeduid met de letters "A-E" versehen (Afb. 15).

PRICE 85°C 80°C 75°C 25.40 A.M.

Afb. 14: Afschermkap van de binnenunit
REMKO RXT 1052 DC - Kabel-afstandsbediening - 2

Afb. 15: Displayprintplaat

  1. De kabel-afstandsbediening (optie) kann eveneens direkt op de stuurprintplaat gestoken worden (Afb. 16). De plaats voor de aansluiting is met "CN 40" aangeduid.

REMKO RXT 1052 DC - Kabel-afstandsbediening - 3

Afb. 16: Stuurprintplaat

VOORZICHTIG!

Correcte omgang met batterijen

Batterijen kunnen giftige stoffen bevatten.

Daarom:

a) Zorg dat batterijen niet in de handen van kinderen kunnen komen. Kinderen kunnen batterijen in de mond nemen en inslikken. Mocht een batterij worden ingeslikt, zoek dan direct een arts op. b) De batterijen daarom altijd volgens de geldende wettelijke voorschriften en milieuvriendelijk recyclen. Gooi batterijen nooit bij het normale huishoudelijk afval.

- Stel batterijen nooit bloot aan open vuur of sterke hitte, omdat anders explosiegevaar bestaat.

- Vervang lege batterijen direct door een nieuwe set, omdat gevaar voor uitlopen bestaat. Uitlopende batterijen kunnen beschadigingen een de afstandsbediening veroorzaken. Bij langer uit gebruik nemen wordt aanbevolen de batterijen te verwijderen. Vervang batterijen altijd door hetzelfde type.

REMKO RXT 1052 DC - Correcte omgang met batterijen - 1

Storingen worden gecodeerd aangegeven (zie het hoofdstuk Verhelpen van storingen en klantendienst).

REMKO RXT 1052 DC - Correcte omgang met batterijen - 2

Help mee bij het besparen van energie tijdens standby! Wordt het apparaat, de installatie of de component niet gebruikt, raden we het onderbreken van de voedingsspanning aan. Componenten met een veiligheidsfunctie zijn uitgesloten van onze aanbeveling!

Display op de binnenunit

De indicatie-LED's gaan branden op basis van de instellingen:

123 MANUAL OPERATION TIMER DEF./FAN ALARM 456

Afb. 17: Indicaties op het apparaat

1: Handmatig bedrijf
2: Bedrijfsindicatie
3: Timerindicatie
4: Ontvanger voor signalen van de afstandsbediening
5: Ventilator dooien
6: Alarmdisplay

Toetsen op de afstandsbediening

REMKO RXT 1052 DC - Toetsen op de afstandsbediening - 1

Afb. 18: Toetsen op de afstandsbediening

① Toets "AAN/UIT"

Met deze toets neemt u het apparaat in gebruik.

② Toets "

Met deze toets wordt de temperatuur tot 17 °C beperkt.

③ Toets "

Met deze toets wordt de gewenste temperatuur tot 30 °C verhoogd.

④ Toets "MODE"

Met deze toets wordt de bedrijfsmodus gekozen. De binnenunit heeft 5 modi:

  1. Automatische modus

In deze modus kiest het apparaat automatisch via de ingestelde instelwaarde de koel- of verwarming-modus.

  1. Koelmodus

In deze modus wordt de warme ruimtelucht afgekoeld naar de gewenste temperatuur.

  1. Ontvochtigingsmodus

In deze modus wordt de ruimte ontvochtigd, hierbij wordt de ruimtetemperatuur aanzienlijk verlaagd. Het beïnvloeden van de temperatuur en de ventilatorsnelheid is in deze modus niet mogelijk.

  1. Verwarmingsmodus

In deze modus wordt de koude ruimtelucht verwarmd naar de gewenste temperatuur.

  1. Circulatiemodus

In deze modus wordt de ruimtelucht zonder temperatuurverandering gecirculeerd.

⑤ Toets "VENTILATOR"

Met deze toets wordt het gewenste ventilatortoe- rental ingesteld. Er zijn 4 niveaus beschikbaar:

automatisch, hoge, midden en lage ventilatorsnelheid.

⑥ Toets "LED/FOLLOW ME"

Kort drukken op deze toets activeert/deactiveert de LED-indicatie op de binnenunit.

Door het langer dan 2 seconden ingedrukt houden van deze toets, wordt de meting van de ruimtetemperatuur van de binnenunit verplaatst naar de afstandsbediening. De temperatuurmeting door de afstandsbediening wordt daarna met tussenpozen naar de binnenunit verzonden.

REMKO RXT...DC

⑦ Toets "SLEEP"

Na het indrukken van deze toets stijgt de theoretische temperatuur in koelbedrijf binnen één uur 1 °C, bij verwarmingsbedrijf daalt de theoretische temperatuur binnen één uur 1 °C.

⑧ Toets "SWING"

Deze toets dient voor het starten en stoppen van de automatische op en neergaande beweging van de horizontale uitstroomlamellen.

⑨ Toets "DIRECT"

Met deze toets kunt u de stand van de uitstroomlamellen instellen. De positie van de lamellen wijzigt bij elke druk op de "DIRECT"-toets met 6°.

⑩ Toets "TIMER ON"

Met deze toets wordt de automatische inschakeltijd van de binnenunit gestart. Elke druk op de knop verhoogt de automatische tijdinstelling in stappen van 30 minuten. Is de instelling 10,0, verhoogt elke druk op de knop de automatische tijdinstelling in stappen van 60 minuten. Om de automatische tijdinstelling te onderbreken, wordt de inschakeltijd eenvoudig ingesteld op 0,0.

⑪ Toets "TIMER OFF"

Met deze toets wordt de automatische uitschakeltijd van de binnenunit gestart. Elke druk op de knop verhoogt de automatische tijdinstelling in stappen van 30 minuten. Is de instelling 10,0, verhoogt elke druk op de knop de automatische tijdinstelling in stappen van 60 minuten. Om de automatische tijdinstelling te onderbreken, wordt de uitschakeltijd eenvoudig ingesteld op 0,0.

Deze toets heeft geen functie.

⑬ Toets "SHORTCUT"

Door het voor het eerst indrukken van deze toets wordt de instelwaarde ingesteld op 24 °C en de ventilatorsnelheid op automatisch. Wordt de toets bij geactiveerde afstandsbediening tijdens bedrijf ingedrukt, wordt het apparaat teruggeschakeld naar de laatst ingestelde bedrijfsmodus.

⑭ Toets "LOCK"

Door indrukken van deze toets wordt de afstandsbediening buiten gebruik gesteld. Na het opnieuw indrukken kan de afstandsbediening weer worden gebruikt.

⑮ Toets "RESET"

Door het drukken op de "RESET"-toets, worden alle instellingen gereset naar de toestand bij levering.

Display van de afstandsbediening
54321 auto cool dry heat fan SET TEMP. TIMER ONOFF 8.8°E sleep follow me lock run ⑥ SET TEMP. TIMER ONOFF ⑦ ⑧ ⑨ ⑩ ⑪1213

Afb. 19: Display van de afstandsbediening

1: Automatische modus
2: Koelmodus
3: Ontvochtigingsmodus
4: Verwarmingsmodus
5: Circulatiemodus
6: Indicator signaaloverdracht
7: Display voor temperatuur/timer
8: Timer geactiveerd/gedeactiveerd
9: Indicatie van de ventilatorsnelheid
10: Sleep-modus geactiveerd
11: Follow-me functie geactiveerd
12: Afstandsbediening geblokkeerd
13: Display aan/uit

Toetsfuncties

De overdracht van de instellingen wordt door het kort verschijnen van een symbool op het display aangegeven.

auto SST TEMP. 22°C run ①

Afb. 20: Toetsfuncties

Aan/uit-afstandsbediening

De status aan/uit wordt door het cirkelvormige symbool rechtsonder op het weergaveveld van de afstandsbediening weergegeven.

REMKO RXT 1052 DC - Aan/uit-afstandsbediening - 1

flowchart
graph TD
    A["auto"] --> B["SET TEMP. 22°C"]
    B --> C["Power Icon"]
    C --> D["auto"]
    D --> E["SET TEMP. 22°C"]
    E --> F["run Icon"]
    F --> G["Power Icon"]

Afb. 21: Aan/uit-afstandsbediening

"en " -toetsen

Met deze toetsen kan de insteltemperatuur met 1 °C naar boven of beneden worden versteld. Het temperatuurbereik kan worden gewijzigd tussen 17 °C - 30°C.

REMKO RXT 1052 DC - "en " -toetsen - 1

Afb. 22: "en" "toetsen

REMKO RXT...DC

Toets "MODE"

Gebruik de "Modus"-toets voor het omschakelen tussen de afzonderlijke bedrijfsmodi.

Er zijn 5 modi beschikbaar:

  1. Automatisch
  2. Koelen
  3. Ontvochtigen
  4. Verwarmen
  5. Circulatie

REMKO RXT 1052 DC - Toets "MODE" - 1

flowchart
graph TD
    A["auto SET TEMP. 22°C run"] --> B["① MODE"]
    B --> C["②"]
    C --> D["③ MODE"]
    D --> E["④ MODE"]
    E --> F["⑤ MODE"]
    F --> G["⑥ MODE"]

Afb. 23: Mode Toets

Modus "Automatisch"

In de modus "Automatisch" kiest de besturing zelfstandig op basis van de ruimtetemperatuur Tr en de gekozen instelwaarde Ts voor de verwarmings-, circulatie- of koelmodus.

De instelwaarde kan met de toetsen "en"

tussen 17 °C en 30 °C worden versteld. De ventilatorsnelheid wordt automatisch geselecteerd.

REMKO RXT 1052 DC - Modus "Automatisch" - 1

Tr<Ts=1 °C, wordt de bedrijfsmodus "Verwarmen" gekozen.

Tr>Ts=2 °C, wordt de bedrijfsmodus "Koelen" gekozen.

Tr<-1 °C...Ts...+2 °C, wordt de bedrijfsmodus "Circulatie" gekozen.

Als na het uitschakelen van de compressor tijdens een bedrijfsmodus de compressor 15 min. lang niet wordt geactiveerd, wordt, als de temperatuur afwijkt, opnieuw een van de modi verwarmen, koelen of circulatie gekozen.

Modus "Koelen"

In de modus "Koelen" wordt de lucht in de ruimte tot de ingestelde richttemperatuur afgekoeld. De gewenste ruimtetemperatuur kan met de "Temp"-toetsen in stappen van 1 °C worden ingesteld. Ligt de temperatuur in de ruimte 0,5 °C boven de gekozen insteltemperatuur, begint de binnenunit met afkoelen van de lucht in de ruimte. Als de ingestelde temperatuur in de ruimte ca. 1 °C wordt onderschreden, schakelt de regeling de koeling uit. Ter bescherming van de compressor schakelt de regeling pas na een wachttijd van 3 minuten de koeling weer in.

REMKO RXT 1052 DC - Modus "Koelen" - 1

In de modus "Ontvochtigen" wordt geadviseerd de insteltemperatuur op 24 °C in te stellen. Door de lage temperatuur van het koudemiddel wordt het dauwpunt onderschreden. Het overtollige vocht in de lucht condenseert op de verdamper, de ruimte wordt zo ontvochtigd.

REMKO RXT 1052 DC - Modus "Koelen" - 2

In de modus "Verwarmen" hebt u de mogelijkheid de ruimte in de herfst en de lente te verwarmen. De gekozen ruimtetemperatuur kan met de "Temp"-toetsen in stappen van 1 °C worden ingesteld. Komt de temperatuur in de ruimte 1 °C onder de insteltemperatuur, begint de binnenunit met het verwarmen van ruimtelucht. Als de ingestelde temperatuur in de ruimte met ca. 1 °C wordt overschreden, schakelt de regeling de verwarming uit. Ter bescherming van de compressor schakelt de regeling pas na een wachttijd van 3 minuten de verwarming weer in. Het ventilatorbedrijf start pas bij een temperatuur van 32 °C bij de warmtewisselaar.

REMKO RXT 1052 DC - Modus "Koelen" - 3

Automatische functie:

<ca. 1,5 °C = laag niveau
<ca. 1,5 °C = middelmatig niveau
<ca. 3,5 °C = hoog niveau

REMKO RXT 1052 DC - Modus "Koelen" - 4

flowchart
graph TD
    A["cool SET TEMP. 22°C run"] -->|①| B["FAN"]
    A -->|②| C["cool SET TEMP. 22°C run"]
    C -->|③| D["FAN"]
    C -->|④| E["cool SET TEMP. 22°C run"]
    E --> F["FAN"]

Afb. 28: Toets "Ventilator"

"Follow me"-functie

Met deze toets wordt de meting van de temperatuur in de ruimte van de binnenunit verplaatst naar de afstandsbediening. De meting van de temperatuur vanaf de afstandsbediening wordt daarna in intervallen naar de binnenunit gestuurd.

REMKO RXT 1052 DC - "Follow me"-functie - 1

Afb. 29: "Follow Me"-functie

Toets "SLEEP"

Met deze toets wordt een programma ingeschakeld, waarmee de richttemperatuur in de koelmodus na één uur met 1 °C en na twee uur met 2 °C daalt. Het apparaat wordt na acht uur automatisch uitgeschakeld.

REMKO RXT 1052 DC - Toets "SLEEP" - 1

Deze toets maakt het mogelijk het apparaat in uitgeschakelde toestand binnen een instelbare interval van 30 minuten (0,5 h) in te schakelen.

Toets "TIMER-OFF"

Deze toets maakt het mogelijk het apparaat in ingeschakelde toestand binnen een instelbare interval van 30 minuten (0,5 h) uit te schakelen.

REMKO RXT 1052 DC - Toets "TIMER-OFF" - 1

flowchart
graph TD
    A["SET TEMP. 2.2 °C run"] --> B["TIMER ON"]
    C["TIMER ON"] --> D["TIMER ON"]
    E["TIMER ON"] --> F["TIMER ON"]
    G["TIMER ON"] --> H["TIMER ON"]
    I["TIMER ON"] --> J["TIMER ON"]
    K["TIMER ON"] --> L["TIMER ON"]
    M["TIMER ON"] --> N["TIMER ON"]
    O["TIMER ON"] --> P["TIMER ON"]
    Q["TIMER ON"] --> R["TIMER ON"]
    S["TIMER ON"] --> T["TIMER ON"]
    U["TIMER ON"] --> V["TIMER ON"]
    W["TIMER ON"] --> X["TIMER ON"]
    Y["TIMER ON"] --> Z["TIMER ON"]
    AA["TIMER ON"] --> AB["TIMER ON"]
    AC["TIMER ON"] --> AD["TIMER ON"]
    AE["TIMER ON"] --> AF["TIMER ON"]
    AG["TIMER ON"] --> AH["TIMER ON"]
    AI["TIMER ON"] --> AJ["TIMER ON"]
    AK["TIMER ON"] --> AL["TIMER ON"]
    AM["TIMER ON"] --> AN["TIMER ON"]
    AO["TIMER ON"] --> AP["TIMER ON"]
    AQ["TIMER ON"] --> AR["TIMER ON"]
    AS["TIMER ON"] --> AT["TIMER ON"]
    AU["TIMER ON"] --> AV["TIMER ON"]
    AW["TIMER ON"] --> AX["TIMER ON"]
    AY["TIMER ON"] --> AZ["3 sec."]

Afb. 31: Toets "TIMER-ON"

REMKO RXT 1052 DC - Toets "TIMER-OFF" - 2

flowchart
graph TD
    A["SET TEMP. 22℃ run"] --> B["TIMER OFF"]
    C["TIMER OFF"] --> D["3 sec."]
    E["TIMER OFF"] --> F["3 sec."]
    G["TIMER OFF"] --> H["3 sec."]
    I["TIMER OFF"] --> J["3 sec."]

Afb. 32: Toets "TIMER-OFF"

REMKO RXT...DC

Met de "TURBO/SELFCLEAN"-functie worden de maximale ventilatorsnelheid en de compressor ingeschakeld.

REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 1

Met deze verzonken toets worden de functies van de afstandsbediening geblokkeerd. Zo kan het per ongeluk verstellen van de ingestelde waarden worden voorkomen.

REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 2

Met deze verzonken toets kan de afstandsbedie- ning worden gereset.

auto SET TEMP. 2.2 °C run 1 RESET auto cool dry heat fan SET TEMP. TIMER ONOFF 8.8 °E sleep follow me lock run

Afb. 35: Toets "RESET"

5 Montageaanwijzingen voor het vakpersoneel

5.1 Belangrijke aanwijzingen voor het installeren

■ Breng het apparaat in de originele verpakking zo dicht mogelijk bij de montagelocatie. Zo vermijdt u transportschade.

- Controleer de inhoud van de verpakking op volledigheid en op zichtbare transportschade. Meld eventuele schade onmiddellijk aan uw leverancier en de transporteur.

- Til het apparaat op aan de hoeken en niet aan de koudemiddel- of condensaansluitingen.

De koudemiddelleidingen (vloeistof- en zuigleiding), kleppen en de verbindingen moeten dampdiffusiedicht worden geïsoleerd. Eventueel moet ook de condensleiding worden geïsoleerd.

Kies een montageplaats, die een vrije luchttoe- en -afvoer waarborgt (zie de paragraaf "Mini- male vrije ruimte").

Installeer het apparaat niet in de onmiddellijke nabijheid van apparaten met een sterke warmtestraling. De montage in de buurt van warmtebronnen vermindert de capaciteit van het apparaat.

Open de afsluitkranen van de koudemiddelleidingen pas na het afronden van alle installatiewerkzaamheden.

Sluit open koudemiddelleidingen tegen het binnendringen van vocht met geschikte doppen, resp. plakband en knik of druk niet op de koudemiddelleidingen.

Vermijd onnodig buigen. Zo wordt het drukverlies in de koudemiddelleidingen geminimaliseerd en wordt de vrije retour van de compressorolie gewaarborgd.

Neem bijzondere voorzorgsmaatregelen voor de olieretour, als de buitenunit hoger dan de binnenunit is geplaatst (zie de paragraaf "Maatregelen olieretour").

Is de enkele lengte van de koudemiddelleiding langer dan 5 meter, moet koudemiddel bijgevuld worden. De hoeveelheid bij te vullen koudemiddel kunt u vinden in het hoofdstuk "Koudemiddel bijvullen".

■ Voer alle elektrische aansluitingen uit volgens de geldende DIN- en VDE-bepalingen.

Sluit de elektrische leidingen altijd volgens de voorschriften aan op de elektrische aansluit-klemmen. Anders kan brand ontstaan.

- Gebruik de voor de apparaten meegeleverde bevestigingsmaterialen.

- Gebruik (geldt alleen voor plafondcassettes) vier ophangbeugels en de bijbehorende haken voor de ophanging van de plafondcassette.

Gebruik de meegeleverde geïsoleerde condensaatslang als verloopstuk naar de verderop gelegen condensaatafvoer. Fixeer de condensaatafvoer met de meegeleverde klembeugels.

5.2 Wanddoorvoeren

Er moet een wanddoorbreking worden gemaakt met een diameter van minimaal 70 mm en met minimaal 10 mm verval van binnen naar buiten.

Om beschadigingen aan de leiding te voorkomen, moet de doorbraak aan de binnenkant worden bekleed of bijv. worden voorzien van een PVC-buis (zie afbeelding).

Vanwege de brandveiligheid dient de muur van de wanddoorvoer na de montage met een geschikt afdichtmiddel worden afgesloten. Gebruik geen cement- of kalkhoudende materialen!

REMKO RXT 1052 DC - Wanddoorvoeren - 1

Afb. 36: Wanddoorbraak

1: Vloeistofleiding

2: Besturingskabel

3: Condensleiding

4: Zuigleiding

5: PVC-buis

5.3 Montagemateriaal

De binnenunit wordt met 4 schroeven (niet meegeleverd) op een wandhouder bevestigd.

De buitenunit wordt met behulp van 4 bouten via een wandframe tegen de wand of op een vloerconsole aan de vloer bevestigd.

REMKO RXT...DC

5.4 Keuze van de installatielocatie

Binnenunit

De binnenunit is voor horizontale montage aan de wand onder ramen ontworpen. Deze kan ook bovenaan de wand (max. 1,25 m boven de vloer) worden geplaatst. Het apparaat is eveneens ontworpen voor horizontale montage aan het plafond. Hierbij moet vooral worden gelet op de condensafvoer.

REMKO RXT 1052 DC - Binnenunit - 1

De buitenunit is ontworpen voor een horizontaal staande positie buiten. De opstellocatie van het apparaat moet horizontaal, vlak en stevig zijn. Bovendien moet het apparaat worden vastgezet zodat het niet kan kantelen. De buitenunit kan zowel buiten als binnen een gebouw worden geplaatst. Bij de buitenmontage moet u rekening houden met de volgende aanwijzingen ter bescherming van het apparaat tegen weersinvloeden.

Regen

Het apparaat bij vloer- of dakopstelling met min. 10 cm bodemvrijheid monteren. Een vloerconsole is leverbaar als accessoire.

Zon

De condensor van de buitenunit is een module die warmte afgeeft. Instraling van de zon verhoogt de temperatuur van de lamellen en vermindert daardoor de warmteafvoer van de lamellenwarmtewisselaar. De buitenunit moet indien mogelijk aan de noordzijde van het betreffende gebouw worden geplaatst. Indien mogelijk moeten er bouwkundige voorzieningen worden aangebracht die voor schaduw zorgen. Dit kan door een klein afdak gebeuren. De uitgaande warme luchtstroom mag door de maatregelen echter niet worden beïnvloed.

Wind

Als het apparaat op een winderige plaats wordt geïnstalleerd, let er dan op dat uitstromende warme lucht met de hoofdwindrichting mee wordt afgevoerd. Als dit niet mogelijk is, moeten bouwkundige voorzieningen worden aangebracht ter bescherming tegen wind. Let er op, dat de windbescherming de luchttoevoer van het apparaat niet beïnvloedt.

REMKO RXT 1052 DC - Wind - 1

In gebieden met sterke sneeuwval moet het apparaat bij voorkeur tegen een wand worden geïnstalleerd. De montage dient dan min. 20 cm boven de te verwachten sneeuwhoogte te gebeuren, om het binnendringen van sneeuw in de buitenunit te verhinderen. Een wandconsole is leverbaar als accessoire.

20 cm ①

Afb. 39: Minimale afstand tot sneeuw

1: Sneeuw

Opstelling binnen een gebouw

Zorg voor voldoende warmteafvoer als het apparaat in een kelder, op het dak, in een aangrenzende ruimte of in hallen wordt geplaatst (Afb. 40).

Installeer een extra ventilator, met hetzelfde luchtdebiet als de in die ruimte op te stellen buitenunit, die de eventuele drukverliezen in de luchtkanalen kan compenseren (Afb. 40).

Houd u zich aan de statische en andere bouwtechnische voorschriften en bepalingen in verband met het gebouw en zorg eventueel voor geluidsdemping.

REMKO RXT 1052 DC - Opstelling binnen een gebouw - 1

flowchart
graph TD
    A["①"] --> B["②"]
    B --> C["③"]
    C --> D["④"]
    D --> E["⑤"]
    E --> F["⑥"]
    F --> G["⑦"]
    G --> H["⑧"]
    H --> I["⑨"]
    I --> J["⑩"]
    J --> K["⑪"]
    K --> L["⑫"]
    L --> M["⑬"]
    M --> N["⑭"]
    N --> O["⑮"]
    O --> P["⑯"]
    P --> Q["⑰"]
    Q --> R["⑱"]
    R --> S["⑲"]
    S --> T["⑳"]
    T --> U["㉑"]
    U --> V["㉒"]
    V --> W["㉓"]
    W --> X["㉔"]
    X --> Y["㉕"]
    Y --> Z["㉖"]
    Z --> AA["㉗"]
    AA --> AB["㉘"]
    AB --> AC["㉙"]
    AC --> AD["㉚"]
    AD --> AE["㉛"]
    AE --> AF["㉜"]
    AF --> AG["㉝"]
    AG --> AH["㉟"]
    AH --> AI["㉟"]
    AI --> AJ["㉟"]
    AJ --> AK["㉟"]
    AK --> AL["㉟"]
    AL --> AM["㉟"]
    AM --> AN["㉟"]
    AN --> AO["㉟"]
    AO --> AP["㉟"]
    AP --> AQ["㉟"]
    AQ --> AR["㉟"]
    AR --> AS["㉟"]
    AS --> AT["㉟"]
    AT --> AU["㉟"]
    AU --> AV["㉟"]
    AV --> AW["㉟"]
    AW --> AX["㉟"]
    AX --> AY["㉟"]
    AY --> AZ["㉟"]
    AZ --> BA["㉟"]
    BA --> BB["㉟"]
    BB --> BC["㉟"]
    BC --> BD["㉟"]
    BD --> BE["㉟"]
    BE --> BF["㉟"]

Afb. 40: Opstelling binnen een gebouw

K: Koude verse lucht

W: Warme lucht

1: Buitenunit
2: Extra ventilator
3: Lichtschacht

REMKO RXT...DC

5.5 Minimale vrije ruimte

De minimale vrije ruimte is nodig voor onderhoudsen reparatiewerkzaamheden en voor een optimale luchtverdeling.

Minimale vrije ruimte buitenunits RXT 522 DC-1402 DC AT
① ② A B C D E

Afb. 41: Minimale vrije ruimte buitenunit

1: Luchtinlaat / 2: Luchtuitlaat

Afmetingen (mm)RXT 522 DC-1402 DC AT
A 300
B 2000
C 600
D 200
E 400

Minimale vrije ruimte binnenunits RXT 522 DC-1402 DC IT

A 800 700 50 B 50

Afb. 42: Minimale vrije ruimte binnenunit (alle gegevens in mm)
A: Wandmontage / B: Plafondmontage

5.6 Aansluitvarianten

De volgende aansluitvarianten voor de koude-middel-, condens- en besturingsleidingen kunnen worden gebruikt.

REMKO RXT 1052 DC - Aansluitvarianten - 1

Afb. 43: Aansluitvarianten

A: Koudemiddelleidingen

1: Afvoer op de wand rechts
2: Afvoer door de wand rechts
3: Afvoer op de wand onder

5.7 Olieretourmaatregelen

Als de buitenunit hoger dan de binnenunit wordt geplaatst, moeten geschikte maatregelen voor de olieretour worden getroffen. Dit gebeurt meestal door het maken van een olie-syfon, die om de 2,5 meter stijging moet worden geïnstalleerd.

A ① ② ③ B

Afb. 44: Olieretourmaatregelen

A: Buitenunit
B: Binnenunit
1: Olie-syfon in de zuigleiding naar de buitenunit 1 x elke 2,5 stijgende meter
2: Radius: 50 mm
3: Max. 10 m

6 Installatie

6.1 Installatievoorbereidingen

Demontage van het luchtinlaatrooster

REMKO RXT 1052 DC - Installatievoorbereidingen - 1

AANWIJZING!

Het installeren mag alleen door geautoriseerd vakpersoneel worden uitgevoerd.

  1. Het ventilatierooster naar voren klappen.
  2. Verwijder de middelste roosterhouder, door de beide nokken uit de bevestiging los te maken.
  3. De bevestigingsschroeven aan de zijkanten losdraaien en het rooster verwijderen.
  4. Na montage moeten alle gedemonteerde onderdelen weer worden gemonteerd.

6.2 Installeren binnenunit

Wandmontage

Het apparaat wordt op het wandframe gemon- teerd, waarbij rekening moet worden gehouden met de luchtuitstroom aan de bovenkant.

  1. Teken op basis van de afmetingen van het wandframe de bevestigingspunten af op een statisch geschikte bouwconstructie.
  2. Verwijder evt. de uitbreekopening in de behuizing.
  3. Hang het apparaat op de eerder gemon- teerde houder.
  4. Sluit, zoals verder beschreven, de koudemiddelleidingen, elektrische leidingen en condensleiding aan op de binnenunit.
  5. Hang de binnenunit iets naar achter gekanteld in het wandframe en druk daarna de onderkant van het apparaat tegen het wandframe.
  6. Controleer nogmaals of het apparaat waterpas hangt.

Het wandframe voor de apparaten moet met geschikte schroeven en pluggen worden bevestigd.

Plafondmontage

Het apparaat wordt via de geïntegreerde plafondhouder bevestigd, waarbij rekening moet worden gehouden met de luchtuitstroom aan de voorkant.

  1. Teken op basis van de afmetingen van het wandframe de bevestigingspunten af op een statisch geschikte bouwconstructie.
  2. Verwijder evt. de uitbreekopening in de behuizing.
  3. Hang het apparaat aan de eerder gemon- teerde bouten/draadeinden.
  4. Monteer het apparaat zodanig, dat het apparaat aan de aansluitkant (luchtinlaat) 5 mm lager dan aan de luchtuitstroomzijde wordt bevestigd!
  5. Sluit, zoals verder beschreven, de koudemiddelleidingen, elektrische leidingen en condensleiding aan op de binnenunit.

REMKO RXT...DC

6.3 De koudemiddelleidingen aansluiten

De gebouwaansluiting van de koudemiddelleidingen gebeurt aan de achterkant van de apparaten.

Eventueel moet op de binnenunit een verloopnippel naar een grotere of kleinere diameter worden geïnstalleerd. Deze verloopnippels worden standaard meegeleverd met de binnenunit. Na de montage moeten de verbindingen dampdiffusiedicht worden geïsoleerd.

REMKO RXT 1052 DC - De koudemiddelleidingen aansluiten - 1

AANWIJZING!

Het installeren mag alleen door geautoriseerd vakpersoneel worden uitgevoerd.

REMKO RXT 1052 DC - AANWIJZING! - 1

AANWIJZING!

Het apparaat is vanuit de fabriek gevuld met gedroogde stikstof voor lekdichtheidscontrole. De onder druk staande stikstof ontsnapt bij het losdraaien van de wartelmoeren.

REMKO RXT 1052 DC - AANWIJZING! - 1

AANWIJZING!

Er mag alleen gereedschap worden gebruikt, dat geschikt is voor gebruik in de koeltechniek (bijv.: buigtang, pijpsnijder, ontbramer en felsgereedschap) koelmiddelbuizen mogen niet worden afgezaagd.

REMKO RXT 1052 DC - AANWIJZING! - 1

AANWIJZING!

Bij alle werkzaamheden dient te worden uitgesloten dat vuil, spaanders, water enz. in de koelmiddelleidingen terechtkomt!

De volgende aanwijzingen hebben betrekking op het installeren van de koudekringloop en de montage van de binnen- en buitenunit.

  1. De vereiste leidingdiameters kunt u vinden in de tabel "Technische gegevens".
  2. Installeer de binnenunit en sluit de koudemiddelleiding aan volgens de gebruikshandleiding van de binnenunit.

  3. Installeer de buitenunit met het wandframe resp. met de vloerconsole aan statisch geschikte delen van het gebouw (montage-aanwijzingen van de consoles opvolgen).

  4. Zorg dat geen geluid wordt overgedragen naar delen van het gebouw. Contactgeluiden kunnen door trillingsdempers worden verminderd!

  5. Leg de koudemiddelleidingen van de binnen- naar de buitenunit. Zorg voor een voldoende bevestiging en neem evt. maatregelen tegen voor de olieretour!

  6. Verwijder de vanuit de fabriek gemonteerde beschermdoppen evenals de wartelmoeren van de aansluitingen en gebruik deze tijdens de montage.

  7. Zorg voor het maken van de felsranden aan de leidinguiteinden dat de wartelmoeren aanwezig zijn op de leidingen.

  8. Bewerk de verlegde koudemiddelleidingen zoals hierna afgebeeld (Afb. 45 en Afb. 46).

  9. Controleer of de felsrand een correcte vorm heeft (Afb. 47).

  10. Maak nu de verbinding van de koudemiddel-leidingen met de aansluiting met de hand, om te waarborgen dat ze goed zitten.

  11. Bevestig de schroefgfkoppelingen nu definitief net 2 steeksleutels met een geschikte sleutelwijdte. De schroefkoppeling tijdens het vastdraaien met een steeksleutel tegenhouden (Afb. 48).

  12. Gebruik alleen voor het temperatuurbereik geschikte en diffusiedichte isolatieslangen.

  13. Let bij de montage op de buigradius van de koudemiddelleidingen en buig een leiding nooit tweemaal op dezelfde plaats. Hierdoor kan de leiding bros worden en scheuren.

  14. Voorzie ten slotte de geïnstalleerde koude-middelleidingen, inclusief koppelingen, van een geschikte warmte-isolatie.

  15. Ga bij het aansluiten van alle overige koude-middelleidingen bij de afsluitkleppen te werk zoals hierboven beschreven.

REMKO RXT 1052 DC - AANWIJZING! - 1

Markeer de koudemiddelleidingen (inspuit- en zuigleiding) evenals de bijbehorende elektrische besturingsleiding van elke binnenunit met een letter. Sluit de leidingen alleen aan op de aansluitingen die bij elkaar horen.

REMKO RXT 1052 DC - AANWIJZING! - 2

AANWIJZING!

Let beslist op de juiste combinaties en aansluit- posities van elektrische- en koudemiddellei- dingen! De aansluitingen van de individuele kringlopen mogen niet onderling verwisseld worden. Een verwisseling van de besturings- en koudemiddelleidingen kan fatale gevolgen hebben (schade aan de compressor)!

De inbedrijfstelling van de individuele circuits moet na elkaar gebeuren.

REMKO RXT 1052 DC - AANWIJZING! - 1

Afb. 45: Ontbramen van de koudemiddelleiding

1: Koudemiddelleiding
2: Ontbramer

REMKO RXT 1052 DC - AANWIJZING! - 2

Afb. 46: Omfelsen van de koudemiddelleiding

1: Felsgereedschap
90° Ø A

Afb. 47: Correcte felsvorm

REMKO RXT 1052 DC - AANWIJZING! - 4

Afb. 48: Schroefkoppelingen aanhalen
1: Vastdraaien met de eerste steeksleutel
2: Tegenhouden met de tweede steeksleutel

6.4 Extra instructies voor het aan-sluiten van de koudemiddelleidingen

Bij het combineren van de buitenunit met meerdere binnenunits kan de procedure voor het aansluiten van de koudemiddelleidingen afwijken. Monteer de met de binnenunit mee-geleverde verloopnippels resp. verdeelstukken op de binnenunit.
Is de enkele lengte van de verbindingsleiding groter dan 5 m, moet bij het in bedrijf nemen van de installatie koudemiddel worden bijgevuld (zie hoofdstuk "Koudemiddel bijvullen").

6.5 Controle op lekkages

Zodra alle aansluitingen gemaakt zijn, wordt het manometerstation als volgt aangesloten op de schraderkleppen, indien aanwezig:

$$ \text { rood } = \text { kleine klep } = \text { hogedruk } $$

$$ \text { blauw } = \text { grote klep } = \text { zuigdruk } $$

Na het maken van alle aansluitingen wordt de lektest met droge stikstof uitgevoerd.

Voor het controleren op lekkages lekzoekspray spuiten op alle aansluitingen. Zijn bellen te zien, is de aansluiting niet correct uitgevoerd. Draai dan de schroefkoppelingen strakker aan of maak eventueel een nieuwe felsrand aan de leiding.

Na succesvolle lektest, de overdruk uit de koude-middelleidingen onlasten en een vacuümpomp met een absolute onderdruk van min. 10 mbar aansluiten, om te zorgen voor een vacuum in de leidingen. Bovendien wordt zo het aanwezige vocht uit de leidingen verwijderd.

! AANWIJZING!

Er moet een vacuum van min. 20 mbar abs. worden bereikt!

De tijdsduur voor het verkrijgen van het vacuum is afhankelijk van het leidingvolume van de binnen-unit en de lengte van de koudemiddelleidingen, de procedure duurt echter minimaal 60 minuten. Zodra de vreemde gassen en het vocht volledig uit het systeem verwijderd zijn, de kleppen van het manometerstation sluiten en de kleppen van de buitenunit openen, zoals beschreven is in het hoofdstuk "Inbedrijfstelling".

6.6 Koudemiddel bijvullen

De apparaten beschikken over een basisvulling met koudemiddel. Daarnaast moet bij koudemiddelleidingen van meer dan 5 meter enkele lengte per koudekringloop een extra vulhoeveelheid volgens de hiernaast opgenomen tabel worden bijgevuld:

Tot en met 5 mVanaf 5 m tot max. lengte
RXT 522 DC0 g/m11 g/m
RXT 682 DC30 g/mRXT
RXT 1402 DC

REMKO RXT 1052 DC - Koudemiddel bijvullen - 1

VOORZICHTIG!

Draag bij de omgang met koudemiddelen altijd de betreffende beschermende kleding.

REMKO RXT 1052 DC - VOORZICHTIG! - 1

GEVAAR!

Let er op dat het gebruikte koudemiddel altijd in vloeibare vorm wordt bijgevuld!

REMKO RXT 1052 DC - GEVAAR! - 1

AANWIJZING!

De vulhoeveelheid van het koudemiddel moet gecontroleerd worden op basis van de oververhitting.

REMKO RXT 1052 DC - AANWIJZING! - 1

AANWIJZING!

Lekkage van koudemiddel draagt bij aan de klimaatverandering. Koudemiddelen met een geringer broeikaseffect dragen bij een lekkage minder bij aan de opwarming van de aarde dan degene met een hoger broeikaseffect. Dit apparaat bevat koudemiddel met een broeikaseffect van 1975. Hierdoor heeft een lekkage van 1 kg van dit koudemiddel een 1975 keer grotere invloed op de opwarming van de aarde dan 1 kg CO ^2 , over een periode van 100 jaar. Geen werkzaamheden aan het koudecircuit uitvoeren of het apparaat demonteren in onderdelen - altijd de hulp inroepen van vakpersoneel.

7 Condensaataansluiting en gewaarborgde afvoer

DC 100 ④ ② ③ ⑤ ⑥ ⑤ ⑦ ⑧ ⑨ ⑩ ⑫ 2 ⑪

Afb. 49: Condensafvoer, infiltratie van condens en strokenfundering (doorsnede)

1: Buitenunit
2: Richel
3: Condensopvangbak
4: Vloerconsole
5: Gewapende strokenfundering HxBxD = 300 x 200 x 800 mm
6: Grindlaag voor infiltratie
7: Condensafvoer-verwarming
8: Aansluiting op het riool
9: Beschermbuis voor koudemiddelleidingen en elektrische verbindingsleiding (temperatuurbestendig tot minimaal 60°C)
10: Vorstgrens
11: Drainagebuis
12: Aarde

REMKO RXT...DC

B E B 5 5 ⑨ ⑧ ③ ① A D C ⑪

Afb. 50: Afmetingen van strokenfundering (bovenaanzicht)

De aanduidingen 1, 3, 5, 8, 9 en 11 staan in de legenda van de Afb. 49

Afmet. van strokenfundering (in mm) / * = maat

*RXT 522DC ATRXT 682DC ATRXT 1052DC ATRXT 1402DC AT
A800 800 800800
B200 200 200200
C560 590 634634
D335 333 355355
E360 390 434434

Condensaataansluiting

Door de dauwpuntonderschrijding bij de lamellencondensor, ontstaat er tijdens verwarmingsbedrijf condens. Onder het apparaat moet een condensopvangbak worden gemonteerd die het condenswater kan afvoeren.

De in het gebouw gemonteerde condensleiding moet gelegd worden met een verval van minimaal 2 %. Monteer eventueel dampdiffusiedichte isolatie.
Bij gebruik van het apparaat bij een buitentemp. van minder dan 4 °C, moet worden gezorgd voor een vorstvrije plaatsing van de condensafvoer. Daarnaast moeten de onderzijde van de bekleding van de behuizing en de condensopvangbak vorstvrij worden gehouden, om een doorlopende afvoer van condens te waarborgen. Monteer eventueel een lintverwarm. langs de leiding.
Na het leggen controleren op een vrije afvoer van het condens en zorgen voor een permanente lekdichtheid.

min. 2%

Afb. 51: Condensaansluiting binnenunit op de wand

REMKO RXT 1052 DC - Condensaataansluiting - 2

Afb. 52: Condensaansluiting binnenunit op het plafond

Gewaarborgde afvoer bij lekkages

Met de REMKO olieafscheider OA 2.2 wordt voldaan aan de hieronder opgegeven eisen van de lokale voorschriften en wetgeving.

! AANWIJZING!

Regionale voorschriften of wetten betreffende het milieu, bijv. wetgeving betreffende de waterhuishouding (WHG), kunnen bepalingen bevatten dat ongecontroleerde afvoer bij lekken voorkomen dient te worden, zodat uittredende koelmachineolie of potentieel gevaarlijke koelmiddelen veilig afgevoerd kunnen worden.

8 Elektrische aansluiting

8.1 Algemene instructies

Voor de apparaten moeten een netaansluiting voor de stroomtoevoer worden aangesloten op de buitenunit en een stuurleiding worden geïnstalleerd naar de binnenunit, deze moeten voldoende afgezekerd zijn.

REMKO RXT 1052 DC - Algemene instructies - 1

GEVAAR!

Het elektrische installeren moet gebeuren door een gespecialiseerd bedrijf. De montage van de elektrische aansluiting moet spanningsloos gebeuren.

REMKO RXT 1052 DC - GEVAAR! - 1

WAARSCHUWING!

Alle elektrische leidingen moet gekozen worden volgens VDE voorschriften.

REMKO RXT 1052 DC - WAARSCHUWING! - 1

AANWIJZING!

De elektrische aansluiting van de apparaten moet worden uitgevoerd volgens de plaatselijke voorschriften op een bijzonder voedingspunt met aardlekschakelaar en moet daarom door een elektricien worden.

REMKO RXT 1052 DC - AANWIJZING! - 1

We raden aan de besturingsleidingen als afgeschermde leiding uit te voeren.

REMKO RXT 1052 DC - AANWIJZING! - 2

Controleer of alle elektrische stekker- en klem- verbindingen goed vastzitten en goed contact maken, eventueel aandraaien.

8.2 Aansluiten van de binnenunit

Bij het apparaat is een zes-aderige besturingsleiding nodig van de binnenunit naar de buitenunit.

We adviseren ter plaatse een hoofd-/reparatieschakelaar te installeren in de buurt van de binnenunit.
De stroomtoevoer gebeurt bij de buitenunit, de binnenunit wordt via de besturingsleiding naar de binnenunit door de binnenunit gevoed.
De klemmenstroken van de aansluitingen bevinden zich binnenin het apparaat.
Wordt bij het apparaat een als accessoire verkrijgbare condenspomp gebruikt, is bij het gebruik van het uitschakelcontact van de pomp evt. een extra relais voor het verhogen van het schakelvermogen en het uitschakelen van de compressor noodzakelijk.

Voer de aansluiting op volgende wijze uit:

  1. De aansluitklemmenstrook bevindt zich aan de rechter binnenin het apparaat (Afb. 53)
  2. Verbind het apparaat met de besturingsleiding van de buitenunit. Zie hoofdstuk "Elektrisch aansluitschema".

  3. Het apparaat weer samenbouwen.

REMKO RXT 1052 DC - Aansluiten van de binnenunit - 1

Afb. 53: Aansluiten van de binnenunit

1: Elektrische aansluiting (klemmenkastje)
2: Aansluiting koudemiddel-leidingen

REMKO RXT...DC

8.3 Aansluiten van de buitenunit

Voor het aansluiten van de leiding als volgt te werk gaan:

  1. Verwijder het deksel in de zijwand.
  2. Kies de doorsnede van de aansluitingleiding volgens de voorschriften.
  3. De leidingen volgens het aansluitingschema aansluiten op de klemmen.

  4. Veranker de leiding in de trekontlasting en het apparaat weer samenbouwen.

REMKO RXT 1052 DC - Aansluiten van de buitenunit - 1

Afb. 54: Aansluiten van de buitenunit

8.4 Elektrisch aansluitschema

Aansluiting RXT 522 DC-682 DC

REMKO RXT 1052 DC - Elektrisch aansluitschema - 1

Afb. 55: Elektrisch aansluitschema

A: Buitenunit RXT 522 DC-682 DC AT
B: Binnenunits RXT 522 DC-682 DC IT
1: Netaansluiting
2: Communicatieleidingen
3: Niet gebruikt

Aansluiting RXT 1052 DC-1402 DC
REMKO RXT 1052 DC - Elektrisch aansluitschema - 2

Afb. 56: Elektrisch aansluitschema
A: Buitenunit RXT 1052 DC-1402 DC AT
B: Binnenunits RXT 1052 DC-1402 DC IT
1: Netaansluiting
2: Communicatieleidingen
3: Niet gebruikt

REMKO RXT 1052 DC - Elektrisch aansluitschema - 3
Afb. 57: Elektrisch schema hoofd- en inverterprintplaat RXT 522 DC-682 DC IT

A: Hoofdprintplaat
B: Inverterprintplaat
1: Aansluiting kabelafstandsbediening (optioneel)
2: Aansluitmogelijkheid MCC-1 controller
3: Naar buitenunit
4: Externe vrijgave (optioneel)
5: Alarmcontact (optioneel)
6: Klemcontact (rood) / netkabel (L/L1)
7: Sensor verdamperuitlaat
8: Sensor verdamper / sensor luchtinlaat

9: Aansluiting kabelafstandsbediening
10: Klemcontact (zwart) / netkabel (N/L2)
11: Ventilator
12: Condenspomp
13: Zwenkmotoren
14: Reactor
15: Verbinding met inverterprintplaat (contact CN 13)
16: Verbinding met hoofdprintplaat (contact CN 15)
17: Verdamperventilator

Binnenunits RXT 1052 DC-1402 DC IT
CE-KFR105T1/BP3N1Y-D.18.NP1-2 202302141035 ① ② ③ ④ ⑤ ⑥ ⑧7910 ⑪ ⑫ ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ⑪ ⑫ ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ⑪ ⑫ ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ⑪ ⑫ ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ⑪ ⑫ ⑬

Afb. 58: Elektrisch schema hoofd- en inverterprintplaat RXT 1052 DC-1402 DC IT

A: Hoofdprintplaat
B: Inverterprintplaat
1: Aansluiting kabelafstandsbediening (optioneel)
2: Aansluitmogelijkheid MCC-1 controller
3: Naar buitenunit
4: Externe vrijgave (optioneel)
5: Alarmcontact (optioneel)
6: Klemcontact (rood) / netkabel (L/L1)
7: Sensor verdamperuitlaat
8: Sensor verdamper / sensor luchtinlaat

9: Aansluiting kabelafstandsbediening
10: Klemcontact (zwart) / netkabel (N/L2)
11: Condenspomp
12: Zwenkmotoren
13: Reactor
14: Verdamperventilator 1
15: Verbinding met inverterprintplaat (contact CN 13)
16: Verbinding met hoofdprintplaat (contact CN 16)
17: Verdamperventilator

Buitenunits RXT 522 DC AT
202302130D995 CE-KFR80W/BP3T/MN(DC MOTOR)-310.D.03.WP1-1 ① ② ③ ④ ⑤ ⑥ ⑦ ⑧ ⑨ ⑪ ⑫ ⑬ X Y Z X1 X2 X3 X4 X5 X6 X7 X8 X9 X10 X11 X12 X13 X14 X15 X16 X17 X18 X19 X20 X21 X22 X23 X24 X25 X26 X27 X28 X29 X30 X31 X32 X33 X34 X35 X36 X37 X38 X39 X40 X41 X42 X43 X44 X45 X46 X47 X48 X49 X50 X51 X52 X53 X54 X55 X56 X57 X58 X59 X60

REMKO RXT 1052 DC - Elektrisch aansluitschema - 6

CE-KFR80W/BP2T4N1-310(B):D:13:MP1 202302130890 ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ⑴ ⑵ ⑶ ⑷ ⑧ ⑨ ⑩ ⑪ ⑫ ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ㉑ ㉒ ㉓ ㉔ ㉕ ㉖ ㉗ ㉘ ㉙ ㉚ ㉛ ㉜ ㉝ ㉞ ㉟ ㉟A ㉟B ㉟C ㉟D ㉟E ㉟F ㉟G ㉟H ㉟I ㉟J ㉟K ㉟L ㉟M ㉟N ㉟O ㉟P ㉟Q ㉟R ㉟S ㉟T ㉟U ㉟V ㉟W ㉟X ㉟Y ㉟Z

REMKO RXT 1052 DC - Elektrisch aansluitschema - 8
Afb. 59: Elektrische schema's hoofd- en inverterprintplaat RXT 522 DC AT

A: Hoofdprintplaat
B: Inverterprintplaat
1: Verbinding met inverterprintplaat (contact CN 4)
2: Verbinding met inverterprintplaat (contact CN 5)
3: Sensor buitentemperatuur, sensor condensor
4: Communicatieleiding naar binnenunit
5: Sensor heetgas
6: Verbinding met inverterprintplaat (contact CN 1)
7: Elektronische expansieklep
8: Verbinding met inverterprintplaat (contact CN 6)
9: Condensor ventilatormotor
10: Verbinding met inverterprintplaat (contacten CN11, CN 12)

11: Toevoerleiding binnenunit (rood), contact L, (L1)
12: Toevoerleiding binnenunit (zwart), contact N, (L2)
13: Verbinding met hoofdprintplaat (cont. CN 21)
14: Verbinding met hoofdprintplaat (cont. CN 38)
15: Verbinding met hoofdprintplaat (cont. CN 39)
16: Verbinding met hoofdprintplaat (contact NO-OUT)
17: Verbinding met hoofdprintplaat (contact RY2 COM)
18: Compressor

Buitenunits RXT 682 DC AT

CE-KFR80W/BP3T4N18.(DC MOTOR)-310,D,03.WP1-1 202302130895 ① ② ③ ④ ⑤ ⑥ ⑦ ⑧ ⑨ ⑪ ⑫ ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ㉑ ㉒ ㉓ ㉔ ㉕ ㉖ ㉗ ㉘ ㉙ ㉚ ㉛ ㉜ ㉝ ㉞ ㉟ ㉳ ㉴ ㉵ ㉶ ㉇ ㉈ ㉒ ㉓ ㉔ ㉕ ㉖ ㉗ ㉘ ㉙ ㉚ ㉛ ㉜ ㉝ ㉞ ㉟ ㉓ ㉔ ㉕ ㉖ ㉗ ㉘ ㉙ ㉚ ㉛ ㉜ ㉝ ㉞ ㉟ ㉓ ㉔ ㉕ ㉖ ㉗ ㉘ ㉙ ㉚ ㉛ ㉜ ㉝ ㉞ ㉟ ㉓ ㉔ ㉕ ㉖ ㉗ ㉘ ㉙

A

CE-KFR80W/BP2T4N1-310(B):D:13:MP1 202302130B90 ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ⑴ ⑵ ⑶ ⑷ ⑧ ⑨ ⑩ ⑪ ⑫ ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ㉑ ㉒ ㉓ ㉔ ㉕ ㉖ ㉗ ㉘ ㉙ ㉚ ㉛ ㉜ ㉝ ㉞ ㉟ ㉟A ㉟B ㉟C ㉟D ㉟E ㉟F ㉟G ㉟H ㉟I ㉟J ㉟K ㉟L ㉟M ㉟N ㉟O ㉟P ㉟Q ㉟R ㉟S ㉟T ㉟U ㉟V ㉟W ㉟X ㉟Y ㉟Z ㉟A ㉟B ㉟C ㉟D ㉟E ㉟F ㉟G ㉟H ㉟I ㉟J ㉟K ㉟L ㉟M ㉟N ㉟O ㉟P ㉟Q ㉟R ㉟S ㉟T ㉟U ㉟V ㉟W ㉟X ㉟YT ㉟U ㉟P ㉟Q ㉟R ㉟S ㉟T ㉟U ㉟P

B

Afb. 60: Elektrische schema's hoofd- en inverterprintplaat RXT 682 DC AT

A: Hoofdprintplaat
B: Inverterprintplaat
1: Verbinding met inverterprintplaat (contact CN 4)
2: Verbinding met inverterprintplaat (contact CN 5)
3: Sensor buitentemperatuur, sensor condensor
4: Communicatieleiding naar binnenunit
5: Sensor heetgas
6: Verbinding met inverterprintplaat (contact CN 1)
7: Elektronische expansieklep
8: Verbinding met inverterprintplaat (contact CN 6)
9: Condensor ventilatormotor
10: Verbinding met inverterprintplaat (contacten CN11, CN 12)

11: Toevoerleiding binnenunit (rood), contact L, (L1)
12: Toevoerleiding binnenunit (zwart), contact N, (L2)
13: Verbinding met hoofdprintplaat (cont. CN 21)
14: Verbinding met hoofdprintplaat (cont. CN 38)
15: Verbinding met hoofdprintplaat (cont. CN 39)
16: Verbinding met hoofdprintplaat (contact NO-OUT)
17: Verbinding met hoofdprintplaat (contact RY2 COM)
18: Compressor

Buitenunit RXT 1052 DC AT
CE-KFR160W/BP3T1SN1-5A0.D.13.WP1-1 202302141041 ① ② ③ ④ ⑤ ⑥ ⑦ ⑪ ⑫ ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ⑴ ⑵ ⑶ ⑷ ⑩ ⑪ ⑫ ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ㉑ ㉒ ㉓ ㉔ ㉕ ㉖ ㉗ ㉘ ㉙ ㉚ ㉛ ㉜ ㉝ ㉞ ㉟ ㉳ ㉟1 ㉟2 ㉟3 ㉟4 ㉟5 ㉟6 ㉟7 ㉟8

Afb. 61: Elektrisch schema hoofdprintplaat RXT 1052 DC AT

1: Verbinding met vermogensprintplaat (contact CN 7)
2: Carterverwarming
3: 4-wegklep
4: Condensorventilator FM2
5: Condensorventilator FM1
6: Communicatieleiding naar binnenunit
7: Lagedrukschakelaar / hogedrukschakelaar
8: Sensor heetgas

9: Sensor buitentemperatuur, sensor condensor
10: Temperatuursensor van koelplaat voor de printplaten
11: Verbinding met vermogensprintplaat (contact CN 9)
12: Verbinding met klemcontact (contact 4)
13: Verbinding met klemcontact (contact 5)
14: Compressor (U, V, W)

Buitenunit RXT 1402 DC AT
CE-KFR160W/BP3T1SN1-5A0.D.13.WP1-1 202302141041 ① ② ③ ④ ⑤ ⑥ ⑦ ⑪ ⑫ ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ⑴ ⑵ ⑶ ⑷ ⑩ ⑪ ⑫ ⑬ ⑭ ⑮ ⑯ ⑰ ⑱ ⑲ ⑳ ㉑ ㉒ ㉓ ㉔ ㉕ ㉖ ㉗ ㉘ ㉙ ㉚ ㉛ ㉜ ㉝ ㉞ ㉟ ㉳ ㉟1 ㉟2 ㉟3 ㉟4 ㉟5 ㉟6 ㉟7 ㉟8 ㉟9 ㉟10 ㉟11 ㉟12 ㉟13 ㉟14 ㉟15

Afb. 62: Elektrisch schema hoofdprintplaat RXT 1402 DC AT

1: Condensorventilator (FAN 1)
2: Verbinding met vermogensprintplaat (contact CN 7)
3: Condensorventilator (FAN 2)
4: Carterverwarming
5: 4-wegklep
6: Communicatieleiding naar binnenunit
7: Lagedrukschakelaar / hogedrukschakelaar
8: Sensor heetgas

9: Sensor buitentemperatuur, sensor condensor
10: Temperatuursensor van koelplaat voor de printplaten
11: Verbinding met vermogensprintplaat (contact CN 9)
12: Verbinding met klemcontact (contact 4)
13: Verbinding met klemcontact (contact 5)
14: Compressor (U, V, W)

Buitenunits RXT 1052 DC-1402 DC AT
CE-KFR160W/BP3T1SN1-5A0.13.DP1-1 202302141078 ① ② ③ ④ ⑤ ⑥ ⑦ ⑧ ⑨ CN14 CN13 CN12 CN7 CN17 CN15 PC3 X

Afb. 63: Elektrisch schema vermogensprintplaat RXT 1052 DC-1402 DC AT

1: Klemcontact X 3
2: Klemcontact X 2
3: Klemcontact X 1
4: Verbinding met hoofdprintplaat (contact CN1 en CN2)
5: Verbinding met hoofdprintplaat (contact CN 12)
6: Verbinding met de klemmenstrook XT1 (contact L1)

7: Verbinding met de klemmenstrook XT1 (contact L2)
8: Verbinding met de klemmenstrook XT1 (contact L3)
9: Verbinding met de klemmenstrook XT1 (contact N)

9 Vóór de inbedrijfstelling

Na succesvolle lekdichtheidscontrole moet de vacuümpomp via het manometerstation worden aangesloten op de klepaansluitingen van de buitenunit (zie hoofdstuk "Lekdichtheidscontrole") en moet daarna worden gezorgd voor een vacuum.

Vóór de eerste inbedrijfstelling van het apparaat en na ingrepen in de koudekringloop moeten de volgende controles worden uitgevoerd en in het inbedrijfstellingsprotocol worden gedocumenteerd:

Controle van alle koudemiddelleidingen en - kleppen met lekzoekspray of zeepwater op lekdichtheid.
Controle van de koudemiddelleidingen en de isolatie op beschadigingen.
- Controleer de elektrische verbinding tussen binnen- en buitenunit op de juiste polariteit.
- Controleer alle bevestigingen, ophangingen etc. op correcte houding en correct niveau.

10 Inbedrijfstelling

REMKO RXT 1052 DC - Inbedrijfstelling - 1

AANWIJZING!

De inbedrijfstelling mag alleen door speciaal geschoold vakpersoneel en volgens de certificeringseisen worden uitgevoerd en moet worden gedocumenteerd. Voor de inbedrijfstelling van de totale installatie moeten de gebruikshandleidingen van de binnenunit en de buitenunit worden opgevolgd.

Nadat alle onderdelen zijn aangesloten en getest, kan de installatie in bedrijf worden genomen. Voor een correcte werking moet voor de overdracht aan de exploitant een functiecontrole worden uitgevoerd, om eventuele onregelmatigheden tijdens bedrijf te kunnen constateren.

REMKO RXT 1052 DC - AANWIJZING! - 1

AANWIJZING!

Controleer na elke ingreep in de koudekring- loop de afsluitkleppen en de afsluitdoppen op lekkages. Gebruik eventueel geschikt afdicht- materiaal.

Functiecontrole en proefdraaien

Controleer de volgende punten:

Lekdichtheid van de koudemiddelleidingen.
Gelijkmatige loop van compressor en ventilator.
Afgifte van koude lucht aan binnenunit en verwarmde lucht aan buitenunit in koelbedrijf.

  • Functiecontrole van de binnenunit en het correcte verloop van alle programma's.
    Controle van de oppervlaktetemperatuur van de zuigleiding en bepaling van de verdamperoververhitting. Houd voor een temperatuurmeting de thermometer op de zuigleiding en trek van de gemeten temperatuur, de op manometer afgelezen kookpunttemperatuur af.
    De gemeten temperaturen in het inbedrijfstellingsprotocol noteren.

REMKO RXT...DC

Functietest van bedrijfsmodi koelen en verwarmen

  1. Neem de afsluitdopen van de kleppen.
  2. Begin de inbedrijfstelling, door de afsluiters van de buitenunit kort te openen, tot de manometer een druk van ca. 2 bar aangeeft.

  3. Controleer de lekdichtheid van alle gemaakte aansluitingen met lekzoekspray en geschikte lekzoekapparatuur.

  4. Heeft u geen lekkages gevonden, draai dan de afsluiters met een zeskantsleutel linksom tot de aanslag open. Heeft u lekkages gevonden, moet de defecte aansluiting opnieuw tot stand worden gebracht. Het opnieuw tot stand brengen van een vacuum en een droging is daarbij verplicht.

  5. Schakel de aanwezige hoofdschakelaar resp. de zekering in.

  6. Druk op de testknop in de buitenunit en wacht tot een frequentie van 50 Hz is ingesteld.

  7. Het apparaat via de afstandsbediening inschakelen en kies de koelmodus kiezen, het maximale ventilatortoerental en laagste insteltemperatuur.

  8. Meet de oververhitting, buiten-, binnen-, uit- laat- en verdampingstemperaturen en noteer de meetgegevens in het inbedrijfstellingsprot- ocol en controleer alle regel-, besturings- en veiligheidsinrichtingen op correcte werking en correcte instellingen.

  9. Controleer de apparaatbesturing met de in hoofdstuk "Bediening" beschreven functies. Timer, temperatuurinstelling, ventilatorsnelheden en het omschakelen naar de circu-latie- resp. ontvochtigingsmodus.

  10. Controleer de werking van de condensleiding, door gedestilleerd water in de condensopvangbak te gieten. We raden u aan hiervoor een fles met een tuit te gebruiken die het water in de condensopvangbak kan leiden.

  11. Schakel de binnenunit in de verwarmingmodus.

  12. Controleer tijdens het proefdraaien alle eerder beschreven veiligheidsinrichtingen op correcte werking.
  13. Noteer de meetgegevens in het inbedrijfstellingsprotocol en geef instructie aan de exploitant m.b.t. de installatie.
  14. Verwijder de manometer. Zorg ervoor dat de afdichtingen in de afsluitdoppen aanwezig zijn.
  15. Monteer alle gedemonteerde onderdelen.

Display

Op het display op de printplaat in de buitenunit kunnen de bedrijfsparameters van de installatie in de bovenstaande volgorde worden opgevraagd. Druk daarvoor op de check-knop op de stuurprint in de buitenunit naast het display.

1 8.8

Afb. 64: Check-knop SW1

Opvragen van de bedrijfsparameters via check-knop

Nr.Display Opmerking
00Normale weergaveHet display toont de actuele frequentie, bedrijfsmodus of foutcode
01Capaciteit binnenunitGeeft de capaciteit van de aangesloten binnen-unit gecodeerd
06Temperatuur verdamperuitlaat binnenunitTemperatuur van sensor T2 (verwarmen) of T2B (koelen)
07Temperatuur condensor Geeft de sensortemperatuur bij de condensor
08Temperatuur omgeving Geeft buitentemperatuur
09Temperatuur heetgasleiding Geeft de temperatuur bij de compressoruitlaat
10Actuele stroomopname Geeft de stroomopname gecodeerd
11Actuele voedingsspanning Geeft de aangesloten spanning gecodeerd
12Bedrijfsmodus binnenunit Off: 0. Circulatie: 1. Koelen: 2. Verwarmen: 3
13Bedrijfsmodus buitenunitOff: 0. Circulatie: 1. Koelen: 2. Verwarmen: 3. Geforceerde koelmodus: 4
14Openingsgraad expansieklepGeeft de actuele openingsgraad in stappen (waarde*4)

11 Uit bedrijf nemen

Tijdelijk uit bedrijf nemen

  1. Laat de binnenunit 2 tot 3 uur in circulatiebedrijf of in koelbedrijf met maximale temperatuurinstelling draaien, zodat de restvochtigheid uit het apparaat wordt verwijderd.
  2. Neem de installatie met de afstandsbedie- ning uit bedrijf.
  3. Schakel de stroomvoorziening van het apparaat uit.
  4. Controleer het apparaat op zichtbare beschadigingen en reinig het zoals in het hoofdstuk "Verzorging en onderhoud" is beschreven.

Afdanken van de apparatuur

Het afvoeren van de apparaten en componenten moet volgens de lokaal geldende voorschriften, bijv. door geautoriseerde gespecialiseerde bedrijven op het gebied van afvalverwerking en recycling of inzamelpunten, worden uitgevoerd.

De firma REMKO GmbH & Co. KG of haar vertegenwoordigers verwijzen u graag naar een gespecialiseerd bedrijf bij u in de buurt.

12 Verhelpen van storingen, klantenservice, foutanalyse

12.1 Verhelpen van storingen en klantenservice

De apparaten en componenten worden volgens de modernste methods gefabriceerd, en meervoudig op feilloze werking gecontroleerd. Ontstaan desondanks toch storingen, controleer dan de werking volgens de onderstaande lijst. Bij installaties met binnen- en buitenunit moet eveneens het hoofdstuk "Verhelpen van storingen en service" uit beide bedieningshandleidingen worden opgevolgd. Als alle controles zijn uitgevoerd en het apparaat nog steeds niet probleemloos werkt, licht dan uw gespecialiseerd bedrijf in!

Functiestoring

Storing Mogelijke oorzaken Controle Oplossing
Het apparaat start niet of schakelt zelfstandig uitStroomuitval, onderspanning, netzekering defect / hoofdschakelaar uitgeschakeldWerken alle andere elektrische bedrijfsmiddelen?Spanning controleren ev. wachten op herinschakelen
Netkabel beschadigd Werken alle andere elektrische bedrijfsmiddelen?Reparatie door een vakbedrijf
Wachttijd na het inschakelen te kortZijn er na het herstarten ca. 5 verstreken?Langere wachttijden inplannen
Werktemperatuur over-/ onderschredenWerken de ventilatoren van de binnen- en buitenunit?Rekening houden met temperatuurbereiken van binnen- en buitenunit
Overspanningen door onweerZijn er de laatste tijd plaatselijke blikseminslagen geweest?Uitschakelen van de netzekering en opnieuw inschakelen. Controle door gespecialiseerd bedrijf
Storing van de externe condenspompIs de pomp zelf door een storing uitgeschakeld?Pomp controleren evt. reinigen
Hogedruk-/lagedrukbe-waking geactiveerdKoudemiddeldruk contro- leren, evt. lekkage zoekenLekkage verhelpen en weer in bedrijf nemen
Het apparaat reageert niet op de afstandsbedie- ningZendafstand te groot/ ontvangst gestoordHoort u een pieptoon bij de binnenunit na het indrukken van een toets?Afstand terugbrengen naar minder dan 6 m en uw positie veranderen
Afstandsbediening defectWerkt het apparaat in handbediend bedrijf?Afstandsbediening ver- vangen
Ontvangst- resp. zen- dunit krijgt teveel zonWerkt het apparaat na het maken van schaduw?Zorgen voor schaduw bij zend- resp. ontvangstunit
Elektromagnetische velden storen de over- drachtWerkt het apparaat weer normaal na uitschakelen van eventuele stoor- bronnen?Geen signaaloverdracht bij gelijktijdige gebruik van storingsbronnen
Toets van afstandsbedie- ning klemt / dubbele toetsbedieningVerschijnt het "Zend"- symbool op het display?Toets losmaken / één toets tegelijk indrukken
Batterijen van de afstandsbediening leegZijn nieuwe batterijen geplaatst? Is de weer- gave onvolledig?Nieuwe batterijen plaatsen
Storing Mogelijke oorzaken Controle Oplossing
Het apparaat werkt met verminderd of zonder koel- / verwarmingscapaciteitFilter verontreinigd / luchtinlaat-/uitlaatopening geblokkeerd door een vreemd voorwerpZijn de filters gereinigd? Filters reinigen
Ramen en deuren geopend. Warmte-/resp. koelbelasting is toegenomenIs er een bouwkundige / gebruiksmatige wijziging?Ramen en deuren sluiten / extra installaties monteren
Geen koel- / verwarmingsbedrijf ingesteldVerschijnt het koelsymbol op het display?Instelling van het apparaat corrigeren
Lamellen van de buiten-unit door vreemde voorwerpen geblokkeerdWerkt de ventilator van de buitenunit en zijn de lamellen van de warmtewisselaar vrij?Ventilator of winterregeling controleren, lucht-weerstand verminderen
Lekkage in koudekring-loopIs er rijpvorming te zien op de lamellen van de binnenunit?Laten repareren door gespecialiseerd bedrijf
Buitenunit bevroren Buitenunit controleren. Is de voeler van de cassette op de buitenunit goed geplaatst?Ontdooien en de voeler op een plek monteren waar de meeste ijsafzetting is
Condenswaterlekkage bij het apparaatAfvoerleiding van de opvangbak verstopt / beschadigdIs een ongehinderde condensafvoer gewaarborgd?Reinigen van de afvoer-leiding en opvangbak
Externe condenspomp resp. vlotter defectIs de opvangbak vol en de werkt de pomp niet?Pomp door gespecialiseerd bedrijf laten vervangen
Er bevindt zich niet afgevoerd condens in de condensafvoerleidingIs de condensleiding met voldoende verval gelegd en niet verstopt?De condensleiding met verval leggen resp. reinigen
Condens kan niet afgevoerd wordenZijn de condensleidingen vrij en met verval gelegd? Werken de condenspomp en de vlotterschakelaar?De condensleiding met verval leggen resp. reinigen. Is de vlotterschakelaar resp. de condenspomp defect, deze laten vervangen
Vlotter blijft hangen of klemt door teveel vervuilingKnipperen de LED's van het ontvangstdeel op de binnenunit?Door gespecialiseerd bedrijf laten reinigen

Storingsindicatie op de binnenunit

Display Oorzaak Wat te doen?
E1 Communicatiefout tussen buiten- en binnenunit Elektr. verbindingsleidingen controleren
E2 Temperatuursensor T1 defectWeerstand en temperatuur bij sensor contro- leren
E3 Temperatuursensor T2 defect
E4 Temperatuursensor T2B defect
EEVlotterschakelaar condensopvangbak aange-sprokenCondensafvoer controleren
E7 EEPROM storing Controleren of EEPROM goed vastzit
Ed Storing buitenunit Buitenunit controleren
E8 Storing toerentalregelaar binnenunit Netspanning uitschakelen
F0Communicatiefout tussen hoofdprintplaat en inverterprintplaatBedrading controleren
F1 Paneelstoring Bedrading controleren, stroomloos schakelen
F2 Geen aanvraag via paneel Bedrading controleren, stroomloos schakelen
F3Communicatie tussen "Master" en "Slave"-apparaatBedrading controleren
F4Andere storing aan "Master" en "Slave"-appa-raatBedrading controleren, stroomloos schakelen

Weerstand sensoren

Sensor verdamper binnenunit, sensor circulatie binnenunit

Temperatuur [°C]Weerstand [kΩ]
0 35,20
5 26,88
10 20,72
15 16,12
20 12,64
25 10,00
30 7,97
35 6,40

12.2 Storingsanalyse binnenunit

  1. Display geeft E2 of E3: Storing in verdampervoeler of ruimtetemperatuurvoeler
Is de weerstand van de verdampervoeler OK? (Hoofdstuk 12.4 „Weerstanden van de temperatuursensoren“ op pagina 64)REMKO RXT 1052 DC - Storingsanalyse binnenunit - 1Temperatuursensor vervangen
REMKO RXT 1052 DC - Storingsanalyse binnenunit - 2
Is de weerstand van de ruimtevoeler OK? (Hoofdstuk 12.4 „Weerstanden van de temperatuursensoren“ op pagina 64)REMKO RXT 1052 DC - Storingsanalyse binnenunit - 3Temperatuursensor vervangen
REMKO RXT 1052 DC - Storingsanalyse binnenunit - 4
Printplaat binnenunit vervangen
  1. Display geeft E1: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit
Is spanning aanwezig bij binnenunit?NEE→Zorg voor toevoer van spanning
REMKO RXT 1052 DC - Storingsanalyse binnenunit - 5
Is de verbindingsleiding een afgeschermde kabel en is deze geaard?REMKO RXT 1052 DC - Storingsanalyse binnenunit - 6Afgeschermde, geaarde kabel gebruiken
REMKO RXT 1052 DC - Storingsanalyse binnenunit - 7
De verbindingsleiding tussen binnenunit en buitenunit correct aangesloten?REMKO RXT 1052 DC - Storingsanalyse binnenunit - 8De leiding correct aansluiten
REMKO RXT 1052 DC - Storingsanalyse binnenunit - 9
De verbindingsleiding tussen binnenunit en buitenunit correct beschadigd?REMKO RXT 1052 DC - Storingsanalyse binnenunit - 10De leiding vervangen
↓NEE
Hoofdprintplaat binnenunit of buitenunit vervangen

REMKO RXT...DC

3. Display geeft EE: Vlotterschakelaar / condenspomp

Op de binnenunit de koelmodus inschakelen en laat de installatie zo een paar minuten draaien. Is de storing nog steeds aanwezig?
REMKO RXT 1052 DC - Display geeft EE: Vlotterschakelaar / condenspomp - 1
Werkt de vlotterschakelaar goed?NEE→Vlotterschakelaar vervangen. Storing nog steeds aanwezig?
REMKO RXT 1052 DC - Display geeft EE: Vlotterschakelaar / condenspomp - 2
Werkt de condenspomp goed?NEE→Condenspomp vervangen. Storing nog steeds aanwezig?
REMKO RXT 1052 DC - Display geeft EE: Vlotterschakelaar / condenspomp - 3
Controleer de condensafvoer, of deze geknikt is. Is de condensafvoer OK?NEE→Condensafvoer vervangen of repareren
REMKO RXT 1052 DC - Display geeft EE: Vlotterschakelaar / condenspomp - 4
Printplaat van de binnenunit vervangen

12.3 Storingsanalyse buitenunit

Storings-code op DISPLAYBeschrijving van de fout Wat te doen?
E0 EEPROM storing„1. Storingscode E0: EEPROM storing“ op pagina 56
E2Communicatiefout tussen binnen- en buiten-unitTabel op pagina 56
E3 Communicatiefout hoofd- en inverterprintplaat„3. Storingscode E3: Communicatiefout op printplaat van buitenunit“ op pagina 57
E4 Temperatuursensor T3/T4 defect„4. Storingscode E4: Storing van de buitentemperatuurvoeler T4 of van de condensor-ventilator T3“ op pagina 58
E5 Overspanningsbeveiliging compressor„5. Storingscode E5: Overspanningsbeveiliging compressor “ op pagina 58
E6 Overspanningsbeveiliging "PFC"-module Netspanning uitschakelen
P0 Temperatuur compressor te hoog Vulhoeveelheid koudemiddel controleren
P1 Hogedrukstoring„6. Storingscode P1: Hogedrukstoring“ op pagina 59
P2 Lagedrukstoring„7. Storingscode P2: Lagedrukstoring“ op pagina 60
P3 Stroomopname compressor te hoog„8. Storingscode P3: Overstroombeveiliging compressor aangesproken“ op pagina 61
P4 Heetgastemperatuur bij compressor te hoog„9. Storingscode P4: Heetgastemperatuur te hoog“ op pagina 61
P5 Temperatuur van condensor te hoog„10. Storingscode P5: Temperatuur van condensor te hoog“ op pagina 62
P6Vermogensprintplaat IPM veiligheidsuitscha-keling„11. Storingscode P6: Vermogensprint IPM veiligheidsuitschakeling“ op pagina 63
P7 Temperatuur bij verdamper te hoog

Bij lage omgevingstemperaturen geeft het display "LC"

REMKO RXT...DC

1. Storingscode E0: EEPROM storing

Is de EEPROM correct ingebouwd?NEE→EEPROM correct inbouwen
REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E0: EEPROM storing - 1
Hoofdprintplaat buitenunit vervangen

2. Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit

Is spanning aanwezig bij binnenunit?NEE→Zorg voor toevoer van spanning
REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 1
Zijn de DIP-schakelaars op de printplaat correct ingesteld? Zie dekselNEE→DIP-schakelaar opnieuw instellen en 5 minuten stroomloos schakelen.
REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 2
De verbindingsleiding tussen binnen- en buiten-unit correct aangesloten?NEE→De leiding correct aansluiten
REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 3
De verbindingsleiding tussen binnen- en buiten-unit correct beschadigd?JA→De leiding vervangen
REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 4 E
Hoofdprintplaat binnenunit of buitenunit vervangen
  1. Storingscode E3: Communicatiefout op printplaat van buitenunit
Knippert LED1 op de hoofdprintplaat van de buitenunit?REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 5Hoofdprintplaat vervangen
REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 6
Is de elektrische verbinding tussen de vermogensprintplaat en CN4 van de hoofdprintplaat OK?REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 7Zorg voor een correcte verbinding
REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 8
Verwijder de elektrische verbinding tussen de vermogensprintplaat en CN4 van de hoofdprintplaat. Meet u op de vermogensprintplaat CN1 tussen de 3e pen en de 4e pen 5 V?REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 9Hoofdprintplaat vervangen
REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 10
Is de verbinding tussen IPM-module (positieve pool) en CN12 van de vermogensprintplaat OK?REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 11Zorg voor een correcte verbinding
REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 12
Is de verbinding tussen IPM-module (negatieve pool) en CN13 van de vermogensprintplaat OK?REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 13Zorg voor een correcte verbinding
REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 14
Meet u tussen CN12 en CN13 op de vermogensprintplaat 277 - 345 V?REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 15Vermogensprintplaat vervangen
REMKO RXT 1052 DC - Storingscode E2: Communicatiefout tussen binnen- en buitenunit - 16IPM-module vervangen

REMKO RXT...DC

  1. Storingscode E4: Storing van de buitentemperatuurvoeler T4 of van de condensorventilator T3
Is de condensorsensor correct aangesloten?REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 1Condensorsensor correct aansluiten
REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 2
Meet de weerstand van de sensor. (Hoofdstuk 12.4 „Weerstanden van de temperatuursensoren“ op pagina 64) Weerstand OK?REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 3Sensor vervangen
REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 4
Is de buitentemperatuurvoeler correct aangesloten?REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 5Buitentemperatuurvoeler correct aansluiten
REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 6
Meet de weerstand van de voeler. (Hoofdstuk 12.4 „Weerstanden van de temperatuursensoren“ op pagina 64) Weerstand OK?REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 7Voeler vervangen
REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 8
Hoofdprintplaat vervangen
  1. Storingscode E5: Overspanningsbeveiliging compressor
Is de voedingsleiding correct aangesloten en staat er tussen L1 en N 172 - 265 V?REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 9Voedingsleiding vervangen
REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 10
Vermogensprintpla REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 11 rvangen. Werkt het apparaat goed HS het vervangen?REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 12Hoofdprintplaat vervangen
  1. Storingscode P1: Hogedrukstoring
Is de verbindingsleiding van hogedrukschakelaar naar de hoofdprintplaat OK?NEE→Verbindingen corrigeren
REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 13
Hogedrukschakelaar eventueel defect
=
Hogedrukschakelaar op de printplaat over-bruggen. Werkt het appa-raat nu wel goed?JA→Hogedrukschakelaar ver-vangen
=
Koudemiddelleidingen controlerenIs de buitentemperatuur te hoog?JA→Apparaat uitschakelen
=
Is de werking van de ventilator van de buitenunit OK?REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 14Zorgen voor een goede werking van de venti-lator
=
Is het register van de buitenunit vervuild?REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 15Register van de buiten-unit schoonmaken
=
Hoofdprintplaat buiten-unit vervangenZijn de koudemiddelleidingen verstopt of dichtgeknikt?REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 16Koudemiddel afzuigen, leiding vervangen / ver-stopping verwijderen, afpersen, zorgen voor vacuum en opnieuw vullen

REMKO RXT...DC

  1. Storingscode P2: Lagedrukstoring
Is de verbindingsleiding van lagedrukschakelaar naar de hoofdprintplaat OK?NEE →Verbindingen corrigeren
REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 1
Lagedrukschakelaar eventueel defect
Lagedrukschakelaar op de printplaat over-bruggen. Werkt het appa- raat nu wel goed?JA →Lagedrukschakelaar ver- vangen
Koudemiddelleidingen controlerenIs de buitentemperatuur te laag?JA →Apparaat uitschakelen
De koudemiddelleidingen kunnen evt. een lekkage ver- tonen.
Controleer de koudemiddeldruk met een manometer. Is de kou- demiddeldruk lager dan 1,4 bar?JA →Koudemiddelleidingen met lekzoekspray of een elektronisch lekzoekap- paraat controleren
Koudemiddel afzuigen, leiding vervangen / ver- stopping verwijderen, afpersen, zorgen voor vacuum en opnieuw vullen
Hoofdprintplaat van bui- tenunit vervangen
  1. Storingscode P3: Overstroombeveiliging compressor aangesproken
Is de ingangsstroom meer dan 20 A?
↓NEE
Koudemiddelleidingen controleren
↓JA
Is de buitentemperatuur te hoog?JA→Apparaat uitschakelen
↓NEE
Is de werking van de ventilator van de buiten-unit OK?NEE→Zorgen voor een goede werking van de ventilator
↓JA
Is het register van de buitenunit vervuild?JA→Register van de buitenunit schoonmaken
↓NEE
Zijn de koudemiddelleidingen verstopt of dicht-geknikt?JA→Koudemiddel afzuigen, leiding vervangen / verstopping verwijderen, afpersen, zorgen voor vacuum en opnieuw vullen
↓NEE
Hoofdprintplaat buitenunit vervangen
  1. Storingscode P4: Heetgastemperatuur te hoog
Is de heetgastemperatuur hoger dan 115°C?JA→Is er sprake van een koudemiddellekkage?JA→Lekkage verhelpen en koudemiddel bijvullen
REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 2
Is de verbinding tussen sensor en printplaat OK?NEE→Zorg voor een correcte verbinding
REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 3
Is de weerstandswaarde van de sensor correct (Hoofdstuk 12.5 „Weerstanden van de heetgas-sen-soren“ op pagina 65)?NEE→Heetgassensor vervangen
REMKO RXT 1052 DC - REMKO RXT...DC - 4
Hoofdprintplaat buiten-unit vervangen

REMKO RXT...DC

  1. Storingscode P5: Temperatuur van condensor te hoog
Is de condensoruitlaat-temp. hoger dan 65°C?JAIs de buitentemperatuur te hoog?
Apparaat uitschakelenJA←
↓NEE↓NEE
Controleer de weerstand van de voeler. (Hoofdstuk 12.4 „Weerstanden van de temperatuursen-soren“ op pagina 64) Is de weerstand OK?NEE→Voeler vervangen
↓JA
Hoofdprintplaat van bui- tenunit vervangenCondensorregister reinigenJA←Is het condensorregister vervuild?
↓NEE
Koudemiddel afzuigen, lei- ding vervangen / verstopping verwijderen, afpersen, zorgen voor vacuum en opnieuw vullenJA←Zijn de koudemiddellei- dingen verstopt of dicht- geknikt?
↓NEE
Hoofdprintplaat van bui- tenunit vervangen
  1. Storingscode P6: Vermogensprint IPM veiligheidsuitschakeling
Is het spanningsbereik tussen P en N van de IPM-module OK?NEEIs het ingangsspanning tussen P en N van de IPM-module 230V / frequentie 50 Hz?NEE→Zorg voor een correcte voedingsspanning
JA→Zijn de elektrische leidingen correct aangesloten?
↓JALeidingen correct aansluiten, storing nog aanwezig?NEE←
↓JA
Is de enkelfase-brug OK? Meet met een multimeter tussen "+" en de beide wisselstroomcontacten en tussen "-" en de beide wisselstroomcontacten. Is de weerstand bij beide metingen 0 Ω?
Is de verbinding tussen hoofdprintplaat en IPM-module OK?NEE→Zorg voor een correcte verbinding
↓JA
Is de verbinding met de compressor OK?NEE→Zorg voor een correcte verbinding
↓JA
IPM-module vervangen. Storing nog steeds aanwezig?Enkelfase-brugschakeling vervangenJA←
↓JA↓NEE
Hoofdprintplaat vervangen. Storing nog steeds aanwezig?Verbindingsleidingen vervangenJA←Zijn de verbindingsleidingen naar de smoorspoelen OK? Is de weerstand van ede verbindingsleidingen ∞?
↓JA↓NEE
Compressor vervangen. Storing nog steeds aanwezig?Vervang de defecte zekeringNEE←Controleer de zekeringen op de vermogensprintplaat. Zijn deze OK?
↓JA
Vervang de vermogensprintplaat

4-wegklep / opmerking: Verwarmingsbedrijf 0 V AC, koelbedrijf 230V AC

Temperatuur Weerstand Meetpunten
20 °C 1,5 kΩ Blauw - blauw

12.4 Weerstanden van de temperatuursensoren

Temp. (°C)Weerstand kΩ
RmaxR(t)normaalRmin
-20 116.539 106.732 96.920
-19 110.231 100.552 91.451
-18 103.743 94.769 86.328
-17 97.673 89.353 81.525
-16 91.990 84.278 77.017
-15 86.669 79.521 72.788
-14 81.684 75.059 68.815
-13 77.013 70.873 65.083
-12 72.632 66.943 61.574
-11 68.523 63.252 58.274
-10 64.668 59.784 55.169
-9 61.048 56.524 52.246
-8 57.649 53.458 49.492
-7 54.456 50.575 46.899
-6 51.456 47.862 44.455
-5 48.636 45.308 42.150
-4 45.984 42.903 39.977
-3 43.490 40.638 37.927
-2 41.144 38.504 35.992
-1 38.935 36.492 34.165
0 36.857 34.596 32.440
1 34.898 32.807 30.810
2 33.055 31.120 29.271
3 31.317 29.528 27.815
4 29.681 28.026 26.440
5 28.138 26.608 25.140
6 26.682 25.268 23.909
7 25.310 24.003 22.745
8 24.016 22.808 21.644
9 22.794 21.678 20.601
10 21.641 20.610 19.614
11 20.553 19.601 18.680
12 19.525 18.646 17.794
Temp. (°C)Weerstand kΩ
RmaxR(t)normaalRmin
13 18.554 17.743 16.955
14 17.636 16.888 16.160
15 16.769 16.079 15.406
16 15.949 15.313 14.691
17 15.174 14.588 14.014
18 14.442 13.902 13.372
19 13.748 13.251 12.762
20 13.093 12.635 12.183
21 12.471 12.050 11.634
22 11.883 11.496 11.112
23 11.327 10.971 10.617
24 10.800 10.473 10.147
25 10.300 10.000 9.700
26 9.848 9.551 9.255
27 9.418 9.125 8.834
28 9.010 8.721 8.434
29 8.621 8.337 8.055
30 8.252 7.972 7.695
31 7.900 7.625 7.353
32 7.566 7.296 7.029
33 7.247 6.982 6.721
34 6.944 6.684 6.428
35 6.656 6.401 6.150
36 6.381 6.131 5.886
37 6.119 5.874 5.634
38 5.870 5.630 5.395
39 5.631 5.397 5.167
40 5.404 5.175 4.951
41 5.188 4.964 4.745
42 4.982 4.763 4.549
43 4.785 4.571 4.362
44 4.596 4.387 4.183
45 4.417 4.213 4.014
46 4.246 4.046 3.851
47 4.082 3.887 3.697
48 3.925 3.735 3.550
49 3.776 3.590 3.409
50 3.632 3.451 3.274
51 3.495 3.318 3.146
52 3.363 3.191 3.023
53 3.237 3.069 2.905
54 3.116 2.952 2.793
55 3.001 2.841 2.685
56 2.890 2.734 2.582
57 2.784 2.632 2.484
58 2.682 2.534 2.390
59 2.585 2.440 2.299
60 2.491 2.350 2.213
61 2.401 2.264 2.130
62 2.315 2.181 2.051
63 2.233 2.102 1.975
64 2.154 2.026 1.903
65 2.077 1.953 1.833
66 2.004 1.883 1.766
67 1.934 1.816 1.702
68 1.867 1.752 1.641
69 1.802 1.690 1.582
70 1.740 1.631 1.525
71 1.680 1.574 1.471
72 1.622 1.519 1.419
73 1.567 1.466 1.369
74 1.514 1.416 1.321
75 1.463 1.367 1.275
76 1.414 1.321 1.230
77 1.367 1.276 1.188
78 1.321 1.233 1.147
79 1.277 1.191 1.108
80 1.235 1.151 1.070
81 1.195 1.113 1.034
82 1.156 1.076 0.999
Temp. (°C)Weerstand kΩ
R_max R(t)_normaal R_min
83 1.118 1.041 0.966
84 1.082 1.007 0.934
85 1.047 0.974 0.903
86 1.014 0.942 0.874
87 0.982 0.912 0.845
88 0.951 0.883 0.818
89 0.921 0.855 0.791
90 0.892 0.828 0.766
91 0.864 0.802 0.742
92 0.838 0.777 0.719
93 0.812 0.753 0.696
94 0.787 0.730 0.675
95 0.763 0.708 0.654
96 0.740 0.686 0.634
97 0.718 0.666 0.615
98 0.697 0.646 0.597
99 0.677 0.627 0.579
100 0.657 0.609 0.562
101 0.638 0.591 0.546
102 0.620 0.574 0.530
103 0.602 0.558 0.515
104 0.585 0.542 0.501
105 0.569 0.527 0.485

12.5 Weerstanden van de heetgassensoren

°C kΩ °C kΩ
-20 542.7 -12 343.6
-19 511.9 -11 325.1
-18 483 -10 307.7
-17 455.9 -9 291.3
-16 430.5 -8 275.9
-15 406.7 -7 261.4
-14 384.3 -6 247.8
-13 363.3 -5 234.9
-4 222.8 31 42.33
-3 211.4 32 40.57
-2 200.7 33 38.89
-1 190.5 34 37.3
0 180.9 35 35.78
1 171.9 36 34.32
2 163.3 37 32.94
3 155.2 38 31.62
4 147.6 39 30.36
5 140.4 40 29.15
6 133.5 41 28
7 127.1 42 26.9
8 121 43 25.86
9 115.2 44 24.85
10 109.8 45 23.89
11 104.6 46 22.89
12 99.69 47 22.1
13 95.05 48 21.26
14 90.66 49 20.46
15 86.49 50 19.69
16 82.54 51 18.96
17 78.79 52 18.26
18 75.24 53 17.58
19 71.86 54 16.94
20 68.66 55 16.32
21 65.62 56 15.73
22 62.73 57 15.16
23 59.98 58 14.62
24 57.37 59 14.09
25 54.89 60 13.59
26 52.53 61 13.11
27 50.28 62 12.65
28 48.14 63 12.21
29 46.11 64 11.79
30 44.17 65 11.38
°C kΩ °C kΩ
66 10.9998 3.927
67 10.6199 3.812
68 10.25100 3.702
69 9.902101 3.595
70 9.569102 3.492
71 9.248103 3.392
72 8.94104 3.296
73 8.643105 3.203
74 8.358106 3.113
75 8.084107 3.025
76 7.82108 2.941
77 7.566109 2.86
78 7.321110 2.781
79 7.086111 2.704
80 6.859112 2.63
81 6.641113 2.559
82 6.43114 2.489
83 6.228115 2.422
84 6.033116 2.357
85 5.844117 2.294
86 5.663118 2.233
87 5.488119 2.174
88 5.32120 2.117
89 5.157121 2.061
90 5 1222.007
91 4.849123 1.955
92 4.703124 1.905
93 4.562125 1.856
94 4.426126 1.808
954.294127 1.762
B(25/50)=3950 k128 1.717
129 1.674
96 4.167130 1.632
974.045
R(90°C)=5kΩ±3%

13 Reiniging en onderhoud

Een regelmatige verzorging en het opvolgen van enkele basisvoorwaarden, garandeert een storingsvrij gebruik en een lange levensduur van het apparaat.

REMKO RXT 1052 DC - Reiniging en onderhoud - 1

GEVAAR!

Vóór alle werkzaamheden aan het apparaat moet de netvoeding worden uitgeschakeld en beveiligd tegen onbevoegd herinschakelen!

Verzorging

Houd het apparaat vrij van vuil, begroeiing en andere afzettingen.
■ Reinig het apparaat alleen met een vochtige doek. Gebruik geen bijtende, schurende of oplosmiddelen bevattende reinigingmiddelen. Gebruik geen waterstraal.
Reinig vóór een langere stilstandperiode de lamellen van het apparaat.

Onderhoud

We adviseren een onderhoudsovereenkomst voor een jaarlijkse onderhoudsbeurt met een gespecialiseerd bedrijf af te sluiten.

REMKO RXT 1052 DC - Onderhoud - 1

Op deze manier is de bedrijfszekerheid van de installatie altijd gegarandeerd!

REMKO RXT 1052 DC - Onderhoud - 2

Bij installaties die het hele jaar continue draaien (bijv. serverruimten) moeten de onderhoudsintervallen korter zijn.

REMKO RXT 1052 DC - Onderhoud - 3

AANWIJZING!

Wettelijke voorschriften eisen een jaarlijkse lektest van de koudekringloop in relatie tot de koudemiddelvulhoeveelheid. De controle en het documenteren hiervan moet gebeuren door het betreffende vakpersoneel.

Aard van de werkzaamhedenControle/Onderhoud/InspectieInbedrijf-stellingMaande-lijksHalfjaar-lijksJaarlijks
Algemeen
Spanning en stroom controleren
Werking compressor/ventilatoren controleren
Vervuiling condensor/verdamper
Vulhoeveelheid koudemiddel controleren
Condensafvoer controleren
Isolatie controleren
Bewegende delen controleren
Lektest koudekringloop●1)

1) Zie instructie

REMKO RXT...DC

Reiniging van de behuizing

  1. Onderbreek de stroomvoorziening naar het apparaat.
  2. Open het luchtinlaatrooster aan de voorzijde en klap het naar voren, resp. beneden.
  3. Reinig het rooster en de afdekking met een licht bevochtigde doek.
  4. Sluit het rooster.
  5. Schakel de stroomvoorziening weer in.

Luchtfilter van de binnenunit

Reinig het luchtfilter minimaal om de 2 weken. Verkort deze periode bij sterk verontreinigde lucht.

Reiniging van de filters

  1. Onderbreek de stroomvoorziening naar het apparaat.
  2. Open de voorzijde van het apparaat, door het rooster naar beneden/voren te klappen (Afb. 65).
  3. Trek het filter naar boven eruit ( Afb. 65).
  4. Reinig het filter met een normale stofzuiger. Draai daarvoor de verontreinigde zijde naar boven (Afb. 66).
  5. U kunt verontreinigingen ook voorzichtig met lauwwarm water en een mild reinigings-middel verwijderen (Afb. 67). Draai hiervoor de verontreinigde zijde naar onder.
  6. Laat het filter bij gebruik van water eerst volledig drogen in de omgevingslucht, voor het weer in het apparaat plaatsen.
  7. Plaats het filter voorzichtig. Let daarbij op de correcte plaatsing.
  8. Sluit de voorzijde zoals hierboven beschreven in omgekeerde volgorde.
  9. Schakel de stroomvoorziening weer in.
  10. Schakel het apparaat weer in.

Reiniging van de condenspomp (accessoire)

In de binnenunit kan evt. een ingebouwde of losse condenspomp aanwezig zijn die het condens naar een hoger gelegen afvoer pompt.

De verzorgings- en onderhoudsaanwijzingen in de separate gebruikshandleiding opvolgen

REMKO RXT 1052 DC - Reiniging van de condenspomp (accessoire) - 1

Afb. 65: Rooster nar voren klappen

REMKO RXT 1052 DC - Reiniging van de condenspomp (accessoire) - 2

Afb. 66: Reinigen met de stofzuiger

REMKO RXT 1052 DC - Reiniging van de condenspomp (accessoire) - 3

Afb. 67: Reinigen met lauwwarm water

14 Illustratie van het apparaat en onderdelenlijsten

14.1 Apparaatafbeelding binnenunits

REMKO RXT 1052 DC - Apparaatafbeelding binnenunits - 1

Afb. 68: Apparaatafbeelding RXT 522 DC-1402 DC IT
Wijzigingen in de afmetingen en de constructie, door de technische vooruitgang, voorbehouden.

14.2 Reserveonderdeellijst binnenunits

Nr.Omschrijving RXT 522 DCITRXT 682 DC ITRXT 1052 DC ITRXT 1402 DC IT
Vanaf serienummer: 1320... 1323... 1321... 1322...
1Voorwand compleet 1112600 1112600 1112614 1112614
2Luchtfilter, set 1112601 1112601 1116221 1116221
3Printplaat, display 1112602 1112602 1112602 1112602
4Swingmotor verticaal, horizontaal 1112603 1112603 1112603 1112603
5Uitstroomlamellen, set 1112604 1112604 1112615 1112615
6Condensopvangbak 1112605 1112605 1112616 1112616
7Verdamper 1112606 1112606 1112617 1112617
8Ventilatorwiel 1112607 1112607 1112607 1112607
9Ventilatormotor1112608 1112608 1112618 1112618
10Besturingsprintplaat 1112609 1112609 1112619 1112619
11Temperatuursensoren, set1112610 1112610 1112610 1112610
12IR-afstandsbediening1112611 1112611 1112611 1112611
13Transformer1112612 1112612 1112612 1112612
14Inverterprintplaat1112613 1112613 1112620 1112620

Bij reserveonderdeelbestellingen naast het EDV-nr. graag ook altijd het apparaatnr. en apparaattype (zie typeplaatje) opgeven!

14.3 Apparaatafbeelding buitenunit

REMKO RXT 1052 DC - Apparaatafbeelding buitenunit - 1

Afb. 69: Apparaatafbeelding RXT 522 DC-1402 DC AT

Wijzigingen in de afmetingen en de constructie, door de technische vooruitgang, voorbehouden.

14.4 Reserveonderdeellijst buitenunit

Nr.Omschrijving RXT 522 DCATRXT 682 DC ATRXT 1052 DC ATRXT 1402 DC AT
Vanaf serienummer: 1320... 1323... 1321... 1322...
1Voorwand 1111935 1111900 1111917 1111917
2Ventilatorblad, condensor 1111936 1111901 1111918 1111918
3Ventilatormotor, condensor 1111937 1111902 1111919 1111952
4Condensor 1111938 1111903 1111920 1111953
5Afdekplaat 1111939 1111904 1111921 1111921
6Zijdeel, voor rechts 1111940 1111905 1111922 1111922
7Zijdeel, achter rechts 1111941 1111906 1111923 1111923
8Compressor, cpl. 1111942 1111907 1111924 1111924
9Afsluiter, zuigleiding1111943 1111908 1111925 1111925
10Afsluiter, vloeistofleiding1111944 1111909 1111930 1111930
11Keerklep1111945 1111910 1111926 1111926
12Hoofdprintplaat1111946 1111911 1111927 1111954
13Inverterprintplaat11119471111912------
14Reactor1111948 1111913 1111928 1111928
15Temperatuursensoren, set1111949 1111914 1111929 1111955
16Elektronische expansieklep1111950 1111915 1111931 1111956
17Carterverwarming11119511111916---1111957
Reserveonderdelen niet afgebeeld
Vermogensprint------11119321111932
Lagedrukschakelaar ------1111933 1111933
Hogedrukschakelaar------11119341111934

Bij reserveonderdeelbestellingen naast het EDV-nr. graag ook altijd het apparaatnr. en apparaattype (zie typeplaatje) opgeven!

15 Index

A

afstandsbediening Toetsen 19

Afvoeren van de apparaten en componenten . . . 7

Afvoeren van de verpakking 7

Apparaatafbeelding 69,71

B

Bedoeld gebruik 7

C

Capaciteitscurven Koelen ..... 12, 13, 14, 15 Verwarmen ..... 12, 13, 14, 15

Condensaataansluiting en gewaarborgde afvoer 35

D

Display op de binnenunit ..... 19 Drijfgas volgens Kyoto-protocol ..... 8

E

Elektrisch aansluitschema .... 38 Elektrisch schema .... 4 041, 42, 43, 44, 45, 46 Elektrische aansluiting .... 37

F

Functiecontrole .... 47 Functietest van bedrijfsmodi koelen en ver- warmen .... 48

G

Garantie .... 7 Gewaarborgde afvoer bij lekkages .... 3 6

H

Handbediening 17

1

Infrarood-afstandsbediening .... 17 Installatielocatie, kiezen .... 2 8 Installeren van het apparaat .... 3 1

K

Keuze van de installatielocatie 28 Klantendienst 50

M

Milieubescherming .... 7 Minimale vrije ruimte .... 30 Montage Strokenfundering .... 35 Montagemateriaal .... 27

0

Olieretourmaatregelen .... 3 0 Onderhoud .... 67

P

Proefdraaien 47

R

Recycling 7

Reiniging Behuizing .... 68 Condenspomp .... 68 Luchtfilter van de binnenunit .... 6 8

Reiniging en onderhoud .... 6 7 Reserveonderdeellijst .... 70, 72 Reserveonderdelen bestellen .... 70, 72

S

Storingen Controle .... 50 Mogelijke oorzaken .... 50 Oplossing .... 50 Storingsindicatie op de binnenunit .... 52

T

Toetsen op de afstandsbediening ..... 1 9

U

Uit bedrijf nemen Langdurig .... 49 Tijdelijk .... 49

V

Veiligheid Algemene .... 5 Gevaren bij het niet-opvolgen van de veiligheidsvoorschriften .... 5 Kwalificaties van het personeel .... 5 Markering van instructies .... 5 Veiligheidsbewust werken .... 6 Veiligheidsvoorschriften voor de exploitant .... 6 Veiligheidsvoorschriften voor inspectiewerkzaamheden .... 6 Veiligheidsvoorschriften voor montage .... 6 Veiligheidsvoorschriften voor onderhouds .... 6 Zelfstandige ombouw .... 6 Zelfstandige vervaardiging van reserveonderdelen .... 6 Verhelpen van storingen en klantenservice .... 5 0

W

Wanddoorbraak 27

REMKO RXT...DC

REMKO INTERNATIONAL

... en altijd dicht bij u in de buurt! Maak gebruik van onze ervaring en advies

REMKO RXT 1052 DC - REMKO INTERNATIONAL - 1

Via onze intensieve training brengen we de vakkennis van onze adviseurs steeds op de nieuwste stand. Dit heeft ons de reputatie opgeleverd, meer te zijn dan een goede, betrouwbare leverancier: REMKO, een partner, die helpt bij het oplossen van problemen.

De verkoop

REMKO beschikt niet alleen over een goed uitgebouwd netwerk van vertegenwoordigingen in binnen- en buitenland, maar ook over hoog gekwalificeerd vakkundig personeel voor de verkoop. REMKO-medewerkers in de buitendienst zijn meer dan alleen verkoper: voor alles dienen zij voor onze klanten adviseurs te zijn in de airconditioning- en warmtetechniek.

De servicedienst

Onze apparaten werken nauwkeurig en betrouwbaar. Als er onverhoopt toch een storing optreedt, dan is de REMKO servicedienst snel ter plaatse. Ons omvangrijk netwerk van ervaren speciaalzaken waarborgt u altijd een snelle en betrouw-bare service.

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : REMKO

Model : RXT 1052 DC

Categorie : Airconditioner