GNP 2476 - Koelkast vriezer combinatie LIEBHERR - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GNP 2476 LIEBHERR in PDF-formaat.
| Merk | LIEBHERR |
| Model | GNP 2476 |
| Producttype | Koel-vriescombinatie |
| Categorie | Koel-vriescombinatie |
| Ontdooisysteem | NoFrost (automatisch) |
| SuperFrost-functie | Ja, voor snel invriezen |
| Alarm | Deuralarm en temperatuuralarm |
| Kinderslot | Ja, kinderslot inschakelbaar |
| Binnenverlichting | Ja, automatisch bij openen van de deur |
| Koelmiddel | R600a (isobutaan) |
| Voeding | 220-240 V, 50 Hz |
| Klimaatklasse | SN tot T (van +5°C tot +43°C) |
| Vriestemperatuurbereik | -14°C tot -28°C (instelbaar) |
| Vriescapaciteit | Tot 25 kg/24u (afhankelijk van model, zie typeplaatje) |
| Lampsoort | Max. 25 W, fitting E14 |
| Temperatuurweergave | Digitale weergave van de warmste temperatuur |
| FrostControl-functie | Geeft de maximaal bereikte temperatuur aan bij stroomuitval |
| Reiniging | Handmatig reinigen met lauw water en mild wasmiddel; geen stoomreiniger gebruiken |
| Repareerbaarheid | Een erkende technische dienst inschakelen; reserveonderdelen beschikbaar |
| Afmetingen (H x B x D) | Hoogte: zie typeplaatje (ca. 1850 mm voor dit model) |
Veelgestelde vragen - GNP 2476 LIEBHERR
Gebruikersvragen over GNP 2476 LIEBHERR
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast vriezer combinatie in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GNP 2476 - LIEBHERR en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GNP 2476 van het merk LIEBHERR.
GEBRUIKSAANWIJZING GNP 2476 LIEBHERR
voor diepvriesapparaten, NoFrost
NL

Bedienings- en controlepaneel, afb. A1
① Temperatuur- en insteldisplay met nA-indicator voor stroomuitval en FrostControl met warmste temperatuuropvraging
② Tiptoetsen voor temperatuur:
UP = warmer,
DOWN = kouder,
aanbevolen instelling: -18 °C
③ Aan/Uit-toets
④ SuperFrost-toets, licht op = functie ingeschakeld
Voor het snel invriezen van grote hoeveelheden verse levensmiddelen.
- Druk kort op de SuperFrost-toets ④ zodat ze oplicht.
- 6-24 uur wachten.
- Leg de verse levensmiddelen vervolgens bij voorkeur in de bovenste laden. SuperFrost wordt afhankelijk van de behoefte uitgeschakeld - het apparaat schakelt automatisch op normaal vriezen over.
⑤ Toets voor uitschakelen geluidssignaal bij alarm
⑥ Indicator voor kinderbeveiliging, licht op = functie ingeschakeld, tegen ongewenst uitschakelen. Meer informatie vindt u in de paragraaf 'Extra functies'.
Typeplaatje, afb. A2
① Typeaanduiding
② Servicenummer
③ Apparaatnummer
④ Invriescapaciteit in kg/24h
Overzicht van apparaat en uitrusting
Afb. A
Transportgrepen achter
Bedienings- en controlepaneel
Verlichting
NoFrost-systeem voor automatische ontdooiing
Invriesplateau*, koudeaccu*
Typeplaatje
Laden met info-systeem*
VarioSpace door vakvergroting*
IJsblokjeshouder*
Stelpoten, transportgrepen voor, transportwieltjes achter
* afhankelijk van model en uitvoering
Wij feliciteren u met uw nieuwe apparaat. Door uw aankoop heeft u gekozen voor alle voordelen van de modernste koudetechniek, die u een hoogwaardige kwaliteit, een lange levensduur en een hoge bedrijfszekerheid garandeert.
De uitvoering van uw apparaat biedt u elke dag opnieuw optimaal bedieningscomfort.
Met dit apparaat, gefabriceerd met milieuvriendelijke technieken en recyclebare materialen, leveren u en wij gezamenlijk een actieve bijdrage aan het behoud van ons milieu.
Lees, om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, a.u.b. de informatie in deze gebruiksaanwijzing aandachtig door.
Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe apparaat.
Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig en geef hem eventueel aan de volgende eigenaar door.
Deze gebruiksaanwijzing is voor verscheidene modellen geldig, afwijkingen zijn daarom mogelijk.
Inhoud
pag.
Gebruiksaanwijzing
| Het apparaat in vogelvlucht | 26 |
| Inhoud | 27 |
| Bepalingen | 27 |
| Tips voor energiebesparing | 27 |
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen.... 28
| Aanwijzing m.b.t. afdanken | 28 |
| Opstellen | 28 |
| Aansluiten | 29 |
Ingebruikneming en controlepaneel.... 29
| In- en uitschakelen | 29 |
| Temperatuur instellen | 29 |
| Temperatuurdisplay | 29 |
Alarm - geluidssignaal 29
| Indicatie bij stroomuitval/FrostControl-melding | 29 |
| Extra functies - kinderbeveiliging | 29 |
| Intensiteit van het display* | 29 |
SuperFrost 30
| Aanwijzingen voor het invriezen en bewaren ..... 30 |
Uitrusting 31
| Info-systeem | 31 |
| Invriesplateau | 31 |
| Koudeaccu's | 31 |
| IJsblokjes maken | 31 |
| VarioSpace* | 31 |
| Verlichting | 31 |
Reinigen 31
| Storingen - Problemen | 32 |
| Technische dienst en typeplaatje | 32 |
Opstel- en ombouwaanwijzingen
| Afmetingen van het apparaat | 32 |
| Draairichting deur veranderen | 32 |
Bepalingen

- Het apparaat werd ontworpen voor het invriezen en bewaren van levensmiddelen evenals het maken van ijs. Het is bestemd voor huishoudelijk gebruik. Bij ander gebruik kan er geen garantie voor de onberispelijke werking worden verleend.
- Het apparaat is ontworpen voor een bepaalde klimaatklasse d.w.z. een minimale omgevingstemperatuur waaronder en een maximale omgevingstemperatuur waarboven het apparaat niet gebruikt mag worden. U vindt de klimaatklasse van het apparaat op het typeplaatje. Hierbij worden de volgende afkortingen gebruikt:
| Klimaatklasse | ontworpen voor omgevingstemperaturen |
| SN, N | tot +32 °C |
| ST | tot +38 °C |
| T | tot +43 °C |
- Een storingvrij bedrijf van het apparaat is tot een laagste omgevingstemperatuur van +5 °C gewaarborgd.
- Het koelmiddelcircuit werd op lekkages gecontroleerd.
- Het apparaat voldoet aan alle van toepassing zijnde veiligheidsbepalingen en de EG-richtlijnen 73/23/EEG en 89/336/EEG.
Tips voor energiebesparing
- Houd de ventilatieopeningen vrij.
● Laat de deur nooit onnodig lang open staan. - Plaats de levensmiddelen soort bij soort in het apparaat; houdt u aan de maximale bewaartijd.
- Bewaar alle levensmiddelen goed verpakt of afgedekt; rijpvorming wordt zo voorkomen.
- Laat warme gerechten eerst tot kamertemperatuur af-koelen voordat u ze in het apparaat plaatst.
- Laat diepvriesproducten in het koelgedeelte ontdooien.
- Houd de deur van het apparaat bij een storing gesloten. Zo voorkomt u dat de temperatuur snel oploopt en blijft de kwaliteit van de levensmiddelen langer bewaard.
De energiebesparende Vario-isolatieplaat voor halfvolle apparaten
is als extra via speciaalzaken te verkrijgen.
Als u weinig levensmiddelen in uw diepvriesapparaat bewaart, kunt u met behulp van de energiebesparende Vario-isolatieplaat het energieverbruik tot wel 50% verlagen.
- Op wens kunt u 1, 2, 3, naargelang het model tot wel 5 laden "uitschakelen". Voor de koeling zijn minstens 2 laden noodzakelijk.
Meer informatie hierover vindt u in de verpakking van de energiebesparende Vario-isolatieplaat.

Aanwijzing m.b.t. afdanken
De verpakking als transportbescherming van het apparaat en afzonderlijke onderdelen is van recy-clebare materialen gefabriceerd.

- Golfkarton/karton
- Voorgevormde delen van PS (geschuimd, cfk-vrij polystyreen)
- Folies en plastic zakken van PE (polyetheen)
- Spanbanden van PP (polypropeen)
- Verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor kinderen - verstikkingsgevaar door folies!
- Breng a.u.b. het verpakkingsmateriaal naar het dichtstbij-zijnde officiële inzamelpunt zodat de verschillende materialen hergebruikt resp. verwerkt kunnen worden.
Het afgedankte apparaat
bevat nog waardevolle materialen; niet gewoon met het huis-of grofvuil meegeven.
- Afgedankte apparaten onmiddellijk onbruikbaar maken, stekker uit het stopcontact trekken en aansluitkabel doorsnijden.
Verwijder een evt. snap- of grendelslot, zodat spelende kinderen zich niet zelf kunnen insluiten - ze stikken.
- Let erop dat het afgedankte apparaat totdat het wordt weggevoerd naar een recycle- resp. inzamelpunt aan het koelmiddelcircuit niet beschadigd wordt. Op deze wijze is gewaarborgd dat het koelmiddel in het circuit of olie niet ongecontroleerd vrijkomt.
- Nadere informatie over het gebruikte koelmiddel vindt u op het typeplaatje. De warmte-isolatiestof is PU met pentaan.
- Informatie over ophaaldata of inzamelpunten verkrijgt u bij de plaatselijke stadsreiniging of het gemeentelijke informatiekantoor.
- Om persoonlijk letsel en materiële schade te voorkomen, het apparaat alleen verpakt transporteren en met twee personen neerzetten.
- Het gebruikte koelmiddel R 600a is milieuvriendelijk, maar brandbaar.
- Leidingen van het koelmiddelcircuit niet beschadigen. Eruit spuitend koelmiddel kan oogletsel veroorzaken of ontbranden.
- Wanneer koelmiddel vrijkomt, dan open vuur of ontstekingsbronnen in de nabijheid van het lekpunt verwijderen, stekker uit het stopcontact trekken en de ruimte goed ventileren.
- Bij schade aan het apparaat onmiddellijk - voor het aansluiten - bij de leverancier reclameren.
- Om een veilig gebruik te waarborgen het apparaat alleen volgens de informatie in de gebruiksaanwijzing monteren en aansluiten.
- In geval van een storing het apparaat van het net loskoppelen: stekker uit het stopcontact trekken (hierbij niet aan de aansluitkabel trekken) of zekering laten aanspringen resp. eruit draaien.
- Reparaties en ingrepen aan het apparaat alleen door de technische dienst laten uitvoeren, daar anders
aanzienlijke gevaren voor de gebruiker ont- staan. Hetzelfde geldt voor het vervangen van het netsnoer.

Veiligheid bij gebruik
- Bewaar geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare drijfgassen, zoals butaan, propaan, pentaan enz., in het apparaat. Eventueel vrijkomende gassen zouden door elektrische componenten kunnen ontbranden. U herkent dergelijke spuitbussen aan de erop gedrukte inhoudsver-
melding of aan een vlamsymbool.
- Producten met een hoog percentage alcohol alleen goed afgesloten en staande bewaren.
- In het inwendige van het apparaat geen open vuur of ontstekingsbronnen gebruiken.
- Geen elektrische apparaten binnen het apparaat gebruiken (bijv. stoomreinigingsapparatuur, verwarmingsapparatuur, ijsmakers enz.).
- Plint, laden, deuren enz. niet als voetensteun of om te leu- nen misbruiken.
- Kinderen niet met het apparaat laten spelen, bijv. door ze in laden te laten zitten of aan de deur laten hangen.
- Consumptie-ijs, met name waterijs of ijsblokjes, na het eruit nemen niet onmiddellijk en niet te koud consumeren. Door de lage temperaturen bestaat "Gevaar voor verbranding".
- Consumeer geen levensmiddelen die over de datum zijn, ze kunnen een voedselvergiftiging veroorzaken.
Opstellen
- Let er bij het opstellen/inbouwen op dat er geen leidingen van het koelsysteem beschadigd raken.
- Schuif het apparaat in de nis. Verdraai de stelpoten met de bijgevoegde steeksleutel 10 om het apparaat stevig en waterpas op te stellen.
- Vermijd standplaatsen direct in het zonlicht, naast het fornuis, de radiator en dergelijke, evenals in vochtige omgevingen met spatwater.
Een ideale plaats voor het apparaat is de kelder.
- De plaatsingsruimte van uw apparaat moet volgens de norm EN 378 pro 8 g koelmiddelmassa R 600a 1 kubieke m bezitten zodat er in geval van een lekkage in het koel-middelcircuit geen ontvlambare gas-lucht-mengeling in de plaatsingsruimte van het apparaat kan ontstaan. Informatie over de hoeveelheid koelmiddel vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.
- Dek de ventilatieopeningen nooit af. Zorg altijd voor een goede luchttoevoer en -afvoer! Lees de informatie in de opstel- en ombouwaanwijzingen.
- Plaats geen apparaten die warmte afgeven op de koel- of vrieskast, bijv. magnetron, broodrooster enz.
- Als u de deur de eerste keer open doet, klikt de greep van de transport- in de gebruikspositie, hoorbaar door een zachte klik.
- Verwijder alle transportbeveiligingsonderdelen.
Aansluiten
De stroom (wisselstroom) en spanning
op de opstelplaats moeten overeenkomen met de gegevens op het typeplaatje. Dit bevindt zich op de linker binnenkant van het apparaat, afb. A.



- Sluit het apparaat uitsluitend op een correct geïnstalleerd randaardestopcontact aan.
- Het stopcontact moet door een zekering van 10 A of meer beveiligd zijn, niet door de achterkant van het apparaat bedekt worden en goed toegankelijk zijn.
- Het apparaat niet
- op stand-alone ondulatoren aansluiten*,
- in combinatie met zgn. energiebesparingsstekkers gebruiken - de elektronica kan beschadigd worden,
- samen met andere apparaten aansluiten via een verleng-kabel - gevaar voor oververhitting.
- Wanneer u het netsnoer afrolt adviseren wij u het kunststof snoerhoudertje te verwijderen, om onnodig rammelen te voorkomen.


flowchart
graph TD
A["Up"] --> B["Down"]
B --> C["-18 °C"]
C --> D["⑥"]
D --> E["①"]
E --> F["③"]
F --> G["④"]
G --> H["⑤"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#f9f,stroke:#333
style C fill:#ccf,stroke:#333
style D fill:#ccf,stroke:#333
style E fill:#cfc,stroke:#333
style F fill:#cfc,stroke:#333
style G fill:#cfc,stroke:#333
style H fill:#cfc,stroke:#333
In- en uitschakelen
- Inschakelen: Druk op de Aan/Uit-toets ③ ; het temperatuurdisplay licht op/knippert.
- Bij de inbedrijfstelling en een warm apparaat zijn streepjes zichtbaar, totdat een temperatuur onder 0 °C bereikt is.
- De verlichting brandt wanneer de deur geopend is.
- Uitschakelen: Druk ca. twee seconden op de Aan/Uit-to-ets; het temperatuurdisplay gaat uit.
Temperatuur instellen
Het apparaat is standaard ingesteld voor normaal vriezen; wij adviseren een temperatuur van -18 °C.
- Temperatuur verlagen/kouder: Druk op de DOWN-insteltoets ②.
-
Temperatuur verhogen/warmer: Druk op de UP-insteltoets ②.
-
Tijdens het instellen knippert de ingestelde temperatuur op het temperatuurdisplay.
- De eerste keer dat u op een temperatuur-tiptoets drukt toont het temperatuurdisplay de laatst ingestelde temperatuur.
- Door meermaals kort op een tiptoets te drukken, laat u de ingestelde temperatuur in stapjes van 1 °C verspringen. Houdt u de tiptoets langer ingedrukt dan verandert de temperatuur doorlopend.
- Ca. 5 sec. na de laatste druk op een tiptoets schakelt de elektronica automatisch om en wordt de daadwerkelijke temperatuur van de levensmiddelen op dat moment getoond.
- De temperatuur is instelbaar van -14 °C tot -28 °C. Afhankelijk van de opstelplaats wordt de laagste temperatuur ook daadwerkelijk bereikt of niet (staat het appa-raat op een warme plaats dan wordt de laagste temperatuur niet altijd bereikt).
Temperatuurdisplay
Bij normaal vriezen wordt de hoogste temperatuur ① van de ingevroren levensmiddelen getoond.
Het temperatuurdisplay knippert wanneer u
- de ingestelde temperatuur verandert en wanneer
- de temperatuur enkele graden gestegen is. Hierdoor wordt u erop geattendeerd dat de temperatuur is opgelopen. Dit kan gebeuren wanneer u verse levensmiddelen op kamertemperatuur in het apparaat gelegd hebt of wanneer u het apparaat lang open liet staan en er warme lucht in kon stromen. In dit geval zorgt de ingebouwde elektronica er automatisch voor dat de ingestelde temperatuur weer bereikt wordt. De korte temperatuurstijging heeft geen gevolgen voor de levensmiddelen.
- Verschijnt op het temperatuurdisplay een foutmelding "F1" tot "F5" dan is sprake van een storing. Neem in dit geval contact op met de technische dienst van de leverancier van het apparaat. Wanneer u het nummer van de foutmelding (bijv. "F2") noemt, kan men u snel van dienst zijn.
Alarm - geluidssignaal
Het alarm helpt u om de temperatuur van ingevroren levensmiddelen te bewaken en energie te besparen.
- Het alarm stopt wanneer u op de Alarm-toets ⑤ drukt en
- automatisch wanneer de temperatuur weer voldoende ver gedaald is of de deur gesloten wordt.
Deuralarm
- Het apparaat geeft alarm wanneer de deur langer dan ca. 60 sec. openstaat.
Het alarm blijft ingeschakeld zolang de deur openstaat. Door het sluiten van de deur is de alarmfunctie automatisch gereed voor bedrijf.
Temperatuuralarm
- Het alarm blijft ingeschakeld zolang de levensmiddelen niet koud genoeg zijn (afhankelijk van de ingestelde temperatuur).
- Tegelijkertijd knippert het temperatuurdisplay.
Mogelijk oorzaak van het alarm:
- er werden warme, verse levensmiddelen in het apparaat gelegd;
- bij het overpakken/eruit halen van levensmiddelen is te veel warme lucht in het apparaat gestroomd.
Het temperatuurdisplay blijft knipperen totdat de alarmsituatie beëindigd is. Vervolgens schakelt het display automatisch op continu branden over en is het alarm weer gereed.
Indicatie bij stroomuitval/
FrostControl-melding

Staat op het display ^nh dan betekent dit: De temperatuur van de ingevroren levensmiddelen is door een stroomuitval, door een netspanningsonderbreking in de afgelopen uren of dagen te ver opgelopen.
- Wanneer u tijdens de melding ^nh op de Alarm-toets ⑤ drukt, ziet u op het display hoe ver de temperatuur gedurende de stroomonderbreking is opgelopen.
- Controleer, afhankelijk van de temperatuurstijging of zelfs ontdooiing, of de levensmiddelen nog geschikt zijn voor consumptie!
- De hoogste temperatuur tijdens de stroomonderbreking is ca. 1 min. zichtbaar. Daarna toont het display weer de temperatuur die de levensmiddelen op dat moment hebben. Druk nogmaals op de Alarm-toets om de weergave van de hoogste temperatuur voortijdig af te breken.
Zodra het apparaat weer stroom krijgt zal de ingestelde temperatuur weer worden aangehouden.
Extra functies
Via de instelmodus kunt u gebruik maken van de kinderbeveiliging en de intensiteit van het display* veranderen: Instelmodus activeren:
- SuperFrost-toets ca. 5 sec drukken - de SuperFrost-toets knippert - het display toont c voor kinderbeveiliging. Aanwijzing: de waarde die dient te worden veranderd knippert.
- Door op de Up/Down-toets te drukken, de gewenste functie kiezen:
c = kinderbeveiliging of h = lichtintensiteit.
- Nu door kort op de SuperFrost-toets te drukken, de functie selecteren/bevestigen:
- Bij c = kinderbeveiliging door op de Up/Down-toets te drukken c1 = kinderbeveiliging AAN of c0 = kinderbeveiliging UIT kiezen en met de SuperFrost-toets bevestigen. Als het symbool ⑥ oplicht, is de kinderbeveiliging actief.
- Bij h = lichtintensiteit door op de Up/Down-to-ets te drukken h1 = minimale tot h5 = maximale intensiteit selecteren en met de SuperFrost-toets bevestigen.

Instelmodus verlaten:
- Door op de On/Off-toets te drukken, de instelmodus beeindigen; na 2 min. schakelt de electronica automatisch om.
- Het standaard regelbedrijf is weer actief.
SuperFrost
Afb. A1
Met de SuperFrost-functie zorgt u ervoor dat verse levensmiddelen zo snel mogelijk door en door bevriezen, terwijl reeds ingevroren levensmiddelen een "koudereserve" krijgen. Zo blijven voedingswaarde, uiterlijk en smaak van de ingevroren levensmiddelen het beste bewaard.
- Op het typeplaatje (zie afb. A2, ④ , onder "Invriescapaciteit ... kg/24h") vindt u hoeveel kilo verse levensmiddelen u binnen 24 uur maximal kunt invriezen. De invriescapaciteit is afhankelijk van het model en de klimaatklasse van het apparaat.
SuperFrost
Invriezen met SuperFrost
- Druk kort op de SuperFrost-toets ④ zodat ze oplicht.

De temperatuur daalt; het apparaat werkt met maximale koeling.
- Bij een geringe hoeveelheid in te vriezen levensmiddelen ca. 6 uur wachten/voorvriezen - gewoonlijk is dit lang genoeg. Wacht bij de maximale hoeveelheid levensmiddelen, zie het typeplaatje onder "Invriescapaciteit", ca. 24 uur.
- Daarna de verse levensmiddelen erin leggen, bij voorkeur in de bovenste laden.
Vries bij de maximale hoeveelheid de verpakte levens-middelen zonder laden in. Leg ze direct op de plateaus en na het invriezen in de laden!
- SuperFrost wordt automatisch uitgeschakeld, afhankelijk van de ingevroren hoeveelheid (variërend van 30 tot 65 uur). Het invriesproces is voltooid - de SuperFrost-toets is donker - het apparaat werkt weer in de normale energiebesparende stand.
Opmerking: Bij SuperFrost werkt het apparaat met de maximale koelcapaciteit, de geluiden van het koelaggregaat kunnen tijdelijk luider zijn.
Schakel SuperFrost niet in
- wanneer u reeds ingevroren diepvriesproducten in het apparaat legt;
- bij het in vriezen van minder dan 2 kg verse levensmiddelen per dag.
Aanwijzingen voor het invriezen en bewaren
- De volgende levensmiddelen kunt u invriezen: vlees, wild, gevogete, verse vis, groente, fruit, zuivelproducten, brood, bakkerijproducten, kant-en-klare maaltijden.
Ongeschikt zijn: kropsla, rammenas, druiven, hele appels en peren, vet vlees. - Als verpakkingsmateriaal zijn geschikt: diepvrieszakjes, voor hergebruik geschikte koelkastdozen van kunststof of metaal (bijv. aluminium).
- Breng in te vriezen levensmiddelen nooit in contact met ingevroren levensmiddelen. Leg uitsluitend droge verpakkingen in het apparaat zodat ze niet aan elkaar kunnen vastvriezen.
- Schrijf altijd de invriesdatum en inhoud op de verpakkingen. Houd u aan de maximale houdbaarheid om kwaliteitsverlies te voorkomen.
- Verpak levensmiddelen die u zelf invriest altijd in afgeme- ten porties. Houd bij voorkeur de volgende hoeveelheden per portie aan, om de porties meteen door en door te laten bevriezen:
- fruit, groente: max. 1 kg,
-
vlees: max. 2,5 kg.
-
Blancheer groenten na het wassen en afmeten van de porties door ze 2-3 minuten in kokend water onder te dompelen en vervolgens snel onder koud water af te spoelen. Gebruikt u een stoompan of magnetron, lees dan de bijbehorende gebruiksaanwijzing.
- Voeg geen zout of specerijen toe aan verse levensmiddelen en te blancheren groente. Voeg aan overige levensmiddelen slechts weinig zout en specerijen toe: verschillende specerijen veranderen door het invriezen van smaak.
-
Vries geen flessen en pakken met koolzuurhoudende dranken in aangezien deze kunnen exploderen. Haal flessen die u snel wilt koelen uiterlijk na één uur al weer uit het apparaat!
-
Bewaren: De afzonderlijke laden en plateaus kunnen max. 25 kg levensmiddelen dragen.
- Als u het maximale volume wilt gebruiken, kunt u de laden eruit nemen en de vriesproducten direct op de plateaus be-waren.
- Laden eruit halen: trek de lade tot aan de aanslag naar
- Als u de laden eruit neemt, moet u erop letten dat u de luchtgaten van de ventilator niet afdekt, dat is heel belangrijk voor een goed functioneren van het apparaat.
- Bewaar dezelfde soort levensmiddelen altijd bij elkaar. Zo voorkomt u dat de deur te lang open staat en bespaart u energie.
- Houd u aan de voorgeschreven bewaartijden.

- Ontdooien: Haal steeds slechts zoveel levensmiddelen uit het apparaat als u direct nodig hebt. Verwerk eenmaal ontdooide levensmiddelen zo snel mogelijk tot een gerecht. Ingevroren levensmiddelen kunt u als volgt ontdooien:
- in een oven/heteluchtoven;
- in een magnetron;
- bij kamertemperatuur;
- in het koelgedeelte: de warmte die voor het ontdooien nodig is, wordt aan de overige levensmiddelen onttrokken.
- Reeds enigszins ontdooide platte porties vlees en vis kunnen heet bereid worden.
- Groenten kunt u direct bereiden, zonder dat u ze ontdooit (in de helft van de tijd die normaal nodig is om gaar te worden).
kant-en-klare maaltijden ijs vis varkensvlees groente fruit

worstjes brood paddestoelen wild gevogelte rund-/kalfs- vlees
G

De ingevroren levensmiddelen moeten binnen de aanbevolen bewaartijd worden gebruikt. De getallen tussen de symbolen staan voor de bewaarduur in maanden voor meerdere soorten diepvriesproducten.
De vermelde bewaartijden zijn richtwaarden voor vers in te vriezen levensmiddelen. Of de minimale of maximale bewaartijd geldig is, hangt van de kwaliteit van de levensmiddelen en de voorbehandeling af. Houd voor de wat vettere levensmiddelen altijd de minimale bewaartijd aan.
Het invriesplateau\*
Hiermee vriest u bessen, kruiden, groenten en andere kleine diepvriesproducten in. De levensmiddelen behouden hun vorm en zijn later eenvoudiger in porties te verdelen.
- Verdeel de diepvriesproducten losjes over het invriesplateau, afb. H.
- Laat de levensmiddelen 10 à 12 uur invriezen, stop ze vervolgens in een diepvriesdoos of -zak en leg ze in een lade.
- Ontdooien: Spreid de ingevroren levensmiddelen losjes naast elkaar uit.
De koudeaccu's\*
voorkomen bij stroomuitval dat de temperatuur te snel oploopt - de kwaliteit van de levensmiddelen blijft beter bewaard.
- De koudeaccu's kunt u ruimtebesparend in het invriesplateau invriezen en bewaren, afb. I.
- Wilt u ingevroren levensmiddelen bij een eventuele storing zo lang mogelijk kunnen bewaren, leg dan de bevroren accu's in de bovenste lade direct op de levensmiddelen.
IJsblokjes maken
● Aanzetbout naar beneden drukken.
- IJsblokjeshouder met water vullen. Overtollig water vloeit via de afvoeropening weg.
● Aanzetbout naar boven drukken.
- IJsblokjeshouder in het apparaat zetten en laten bevriezen.
- Vervorm de houder enigszins om de ijsblokjes eruit te laten springen of houd hem even onder stromend water.
VarioSpace\*
- Als u een lade en een draagplateau eruit neemt, krijgt u over twee ladehoogtes plaats voor grote diepvriesproducten. Gevogelte, vlees, grote stukken wild bijvoor-beeld kunnen onverdeeld worden ingevroren en als "ge-heel" verder worden verwerkt. Ook hoge bakproducten en ijsverpakkingen kunt u zonder problemen bewaren.
- Voorbeeld (afb. K1/2): Neem de derde en de vierde lade eruit, druk het borghaakje - achteraan onder het plateau - omlaag en trek het draagplateau er naar voren uit. Plaats de derde lade terug en leg er hoge diepvriesproducten op.
- Als u het draagplateau er terug inschuift, moet u het borghaakje horen klikken.
De verlichting
wordt automatisch uitgeschakeld wanneer het apparaat langer dan ca. 15 minuten open staat. Gaat de verlichting niet automatisch aan wanneer u het apparaat opent maar is het temperatuurdisplay wel verlicht, dan is de gloeilamp mis-schien defect.
Vervangen van de gloeilamp:
- Type gloeilamp: max. 25 W, de stroom en spanning moeten overeenkomen met de gegevens op het typeplaatje. Gebruik enkel gloeilampen met dezelfde afmeting. E14-fitting.
- Schakel het apparaat uit. Trek de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit.
- Vervang de gloeilamp onder het bedieningspaneel volgens de afbeelding.
Tips voor het ontdooien
Het NoFrost-systeem zorgt ervoor dat het apparaat automatisch wordt ontdooid.
Het vrijkomende vocht slaat op de verdamper neer, wordt periodiek ontdooid en verdampt.
Door de automatische ontdooiing blijft de diepvrieskast altijd vrij van ijs en kan het tijdrovende en moeizame handmatige
ontdooien achterwege blijven.


Reinigen
- Trek altijd de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit, voordat u het apparaat schoonmaakt.
- Buitenwand, binnenruimte en delen van het interieur met lauwwarm water en een beetje schoonmaakmiddel met de hand reinigen.
- Niet met stoomreinigingsapparatuur werken - gevaar voor verwonding en beschadiging!
- Gebruik nooit schurende/krassende sponsjes of gecon-centreerde schoonmaakmiddelen en gebruik geen producten die zand, zuren of chemische oplosmiddelen bevatten.
- Gebruik bij voorkeur zachte poetsdoeken en een pH-neutrale allesreiniger.
- Gebruik in de binnenruimte van het apparaat enkel levensmiddelenvriendelijke reinigings- en onderhoudsproducten.
- Let erop dat er geen water in de ventilatieroosters of elektrische delen dringt. Maak het apparat goed droog met een doek.
- Beschadig of verwijder het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat nooit: het is belangrijk voor de technische dienst.
- Maak het aggregaat en de warmtewisselaar (het metalen rooster aan de achterkant van het apparaat) minimaal één
keer per jaar stofvrij en schoon. Stof verhoogt het energieverbruik.
- Let erop dat u geen kabels of andere onderdelen lostrekt, knikt of beschadigt.
- Steek vervolgens de stekker weer in het stopcontact (of schakel de zeker-ing in de meterkast weer in) en scha-
kel het apparaat in. Schakel de SuperFrost-functie in en leg de levensmiddelen weer terug in het apparaat zodra de temperatuur begint te dalen.
Moet het apparaat voor langere tijd uitgeschakeld worden, maak het dan leeg, trek de stekker uit het stopcontact, maak het op de hierboven beschreven manier schoon en laat de deur van het apparaat open staan om geurvorming te voorkomen.

Het apparaat is zodanig geconstrueerd en gefabriceerd dat storingen nagenoeg niet voorkomen en een lange levens-duur gegarandeerd is.
Doet zich desondanks een storing voor, ga dan a.u.b. na of deze misschien het gevolg is van een verkeerde bediening. Is dit het geval dan moeten we helaas - ook tijdens de garantie-termijn - de reparatiekosten in rekening brengen.
De volgende storingen kunt u zelf opsporen en verhelpen:
Storing - mogelijke oorzak en oplossing
Het apparaat werkt niet, het display blijft donker.
- Is het apparaat correct ingeschakeld?
- Zit de stekker goed in het stopcontact?
- Is de zekering in de meterkast in orde?
De verlichting brandt niet.
- Is het apparaat ingeschakeld?
- Stond de deur langer dan 15 min. open?
- Is het gloeilampje defect? Controleer het lampje als onder "Verlichting" beschreven en vervang het indien nodig.
Het apparaat maakt te veel lawaai.
- Staat het apparaat op een stevige ondergrond? Worden meubels/voorwerpen naast het apparaat door het draaiende aggregaat aan het trillen gebracht?
Schuif het apparaat eventueel iets weg, stel het met de stelpoten waterpas, zet de flessen en verpakkingen van elkaar af.
- Normaal zijn: stromingsgeluiden (borrelen of ruisen) veroorzaakt door het koelmiddel dat in het koelmiddelcircuit stroomt.
Een kort klikken. Dit ontstaat altijd als de compressor (de motor) automatisch in- of uitgeschakeld wordt.
Brommen van de motor. De motor bromt even iets harder als het aggregaat wordt ingeschakeld. Bij een ingeschakelde SuperFrost, net erin gelegde levensmiddelen of nadat de deur lang openstond, neemt de koelcapaciteit automatisch toe.
Het apparaat geeft een alarmsignaal, de temperatuur is niet laag genoeg.
- Hebt u er een te grote hoeveelheid verse levensmiddelen ingelegt zonder SuperFrost? (zie passage "SuperFrost")
- Sluit de apparaatdeur goed?
- Is er voldoende be- en ontluchting?
Ventilatierooster eventueel vrijmaken.
- Is de omgevingstemperatuur te hoog? (zie passage "Bepalingen")
- Werd het apparaat te vaak of te lang geopend?
- Eventueel afwachten of de gewenste temperatuur vanzelf weer wordt bereikt.
Op het display staat nH.
- De stroom was uitgevallen. Handel als onder "Indicatie bij stroomuitval/FrostControl-melding" beschreven.
Apparaat voelt aan de buitenkant op sommige plekken warm aan.
- Dat is helemaal in orde. De warmte van het koelmiddel-circuit wordt gebruikt ter voorkoming van condenswater.
Technische dienst en typeplaatje
Kunt u geen van de hierboven beschreven oorzaken vaststellen en de storing niet zelf verhelpen of verschijnt op het temperatuurdisplay een foutmelding
"F1" tot "F5" dan is er sprake van een storing. Neem in dit
geval contact op met de dichtstbijzijnde technische dienst (zie bijgevoegd overzicht). Geef het nummer van de foutmelding (F1 enz.) door evenals de volgende gegevens op het typeplaatje, afb. A2:
de typeaanduiding ①,
het servicenummer ②
het apparaatnummer ③.

Hierdoor wordt een snelle en efficiënte service mogelijk. Het typeplaatje vindt u op de linker binnenkant van het apparaat. Laat het apparaat dicht tot de klantendienst komt om een nog groter koudeverlies te vermijden.
Afmetingen van het apparaat
De uitwendige afmetingen van het apparaat vindt u in afb. S en de onderstaande tabel.
| Model, bruto-inhoud (l)(zie typeplaatje) | hoogte H(mm) | |
| 190 | (20..) | 1250 |
| 236 | (24..) | 1447 |
| 282 | (29..) | 1644 |
| 327 | (33..) | 1841 |
Opstelaanwijzing
- Modellen zonder zijwandverwarming niet side-by-side met een andere koel-/vrieskast plaatsen! Belangrijk voor het vermijden van condensatiewater en daaruit resulte-ren-de schade.
- Modellen met zijwandverwarming zijn voor het side-by-side plaatsen gemaakt; ze zijn voor de combinatie met een koelapparaat geconcipieerd.
Voor meer informatie kunt u bij uw vakhandelaar terecht. Bevestigingsaanwijzingen vindt u in het accessoire-zakje.
Draairichting deur veranderen
Desgewenst kan de draairichting worden veranderd:
- Open de deur en de plint ① m.b.v. een schroevendraaier aan de scharnierkant uitklinken en naar voren uittrekken.
- Wip de afdekking ② met een schroevendraaier los. Sluit de deur.
- Draai schroef M5 ③ eruit.
- Trek de scharnierbasis ④ en de lagerpen ⑤ er naar beneden uit, zwenk ze eruit en verwijder ze.
- Open de deur, kantel de onderzijde eruit en til de deur weg, let hierbij op de afstandsring ⑥.
-
Zet alle lagerdelen naar de andere kant over:
-
Afdekkingen ⑧ met een schroevendraaier naar voren uitklinken en schuin naar beneden verwijderen. Lagerpen ⑦ uitdraaien en op de andere kant indraaien. Daartoe het inbusgedeelte van de bijgaande steeksleutel (sleutel 5) gebruiken. Afdekkingen ⑧ opnieuw monteren: achteraan inzetten en vooraan inklinken.
- Onder: met een schroevendraaier het afstandsstuk ⑨ verwijderen en aan de tegenovergestelde kant monteren.
- Deur weer monteren:
- Wip de stopjes ⑬ uit de lagerbussen van de deur en zet ze naar de andere kant over.
- Hang de deur over de lagerpen ⑦, let hierbij op de afstandsring ⑥, sluit de deur.
- Draai de scharnierbasis ④ 180°, trek de lagerpen ⑤ eruit en zet hem omgekeerd weer terug. Monteer beide delen in het scharnier ⑭: schuif de pen door het scharnier in het deurlager, zwenk de scharnierbasis erin, schuif hem omhoog en monteer hem met de schroef ③ voor.
- Lijn de deur via het sleufgat in het scharnier ⑭ uit ten opzichte van de behuizing, draai vervolgens de schroef ③ stevig vast.
● Schuif de plint ① erop en druk hem vast. - Open de deur en zet afdekking ② van voren in de plint en druk hem achter vast.
- Deurgreep ⑩ en stopjes ⑪ van plaats veranderen*. Zet de deur open en klik de drukplaatjes* ⑫ vanvoor voorzichtig uit en schuif ze zijlings weg; schroef de greep eraf. Bij het monteren omgekeerd te werk gaan: schuif de drukplaatjes eraan en let op een juist inklikken.
![[mm] 660 683 662 704 1287 H 56.5 S](/content/2019/11/89041/images/e910f40e802e48cb2f5f9347945ea5767a09d5c9c3f16814be7f4341fbb70814.jpg)

De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkeling van alle typen en modellen. Hebt u er daarom a.u.b. begrip voor dat wij wijzigingen in vorm, uitvoering en techniek moeten voorbehouden.