R-3730 - Magnetrons SHARP - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis R-3730 SHARP in PDF-formaat.
| Producttype | Magnetron |
| Merk | Sharp |
| Model | R-3730 |
| Kleur | Wit |
| Inhoud | 25 liter |
| Magnetronvermogen | 800 W |
| Grillvermogen | 1000 W |
| Afmetingen (B x H x D) | 490 x 290 x 380 mm |
| Gewicht | 11,5 kg |
| Voeding | 230 V / 50 Hz |
| Vermogen | 1250 W |
| Bedieningstype | Digitale toetsen |
| Display | LED |
| Deuraanslag | Links |
| Draaiplateau | Ja, 31,5 cm diameter |
| Functies | Ontdooien, Verhitten, Grillen, Combinatiekoken |
| Timer | Ja, tot 99 minuten |
| Kinderbeveiliging | Ja |
| Reiniging | Binnenkant afnemen met vochtige doek, draaiplateau vaatwasserbestendig |
| Veiligheid | Thermische beveiliging, deurvergrendeling |
| Accessoires | Draaiplateau, grillrooster, gebruiksaanwijzing |
| Energie-efficiëntieklasse | A |
| Garantie | 2 jaar |
Veelgestelde vragen - R-3730 SHARP
Gebruikersvragen over R-3730 SHARP
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Magnetrons in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding R-3730 - SHARP en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. R-3730 van het merk SHARP.
GEBRUIKSAANWIJZING R-3730 SHARP
NL Deze gebruiksaanwijzing bevat belangrijke informatie die u dient te lezen alvorens u de oven in gebruik neemt.
Waarschuwing: Het niet naleven van de gebruiks- en onder- houdsvoorschriften evenals elke ingreep die het mogelijk maakt dat het toestel in niet-gesloten toestand in werking kan gesteld worden, kan leiden tot ernstige gezondheidsletsels.
Wij feliciteren u met uw nieuwe magnetron, die u voortaan het werk in de huishouding aanmerkelijk zal vergemakkelijken.
U zult aangenaam verrast zijn over hetgeen men allemaal met de magnetron kan doen. U kunt er niet alleen snel mee ontdooien en verhitten, maar u kunt
tevens hele menu's bereiden.
Wij adviseren u de gebruiksaanwijzingen de bijgeleverde kooktips zorgvuldig door te lezen. Op die manier zal het bedienen van uw apparaat voor u geen enkel probleem opleveren.
Waarschuwing voor apparaat MikroFix
De programma-nummers zijn speciaal afgestemd op de vriesverse menu's van Apetito. Zie voor manueel gebruik de separate gebruiksaanwijzing.
Veel plezier met uw magnetronoven en met het uitproberen van de heerlijke recepten. Uw Magnetron-team

INHALT
Bedienungsanleitung
GERAT 3
ZUBEHÖR 4
BEDIENFELD 5
1 Deur
2 Deurscharnieren
3 Ovenlamp
4 Afdekplaatje (voor golfgeleider)
5 Bedieningspaneel
6 Deur open-toets
7 Bediening van het deurslot
8 Afdichtingspakking
9 Ovenruimte
10 Deurafdichtingen en pasvlakken
11 Veiligheidsvergrendeling
12 Ventilatiegaten
13 Buitenste behuizinng
14 Elektriciteitssnoer
D ZUBEHÖR:
Controleer of de volgende accessoires zijn bijgeleverd:
15 Draaitafel 16 Draaitafelsteun
Zorg ervoor dat de Draaitafelsteun over de koppeling op de bodem van de ovenruimte heen past. Plaats daarna de draaitafel op de Draaitafelsteun.
Om schade aan de draaitafel te vermijden, moet u ervoor zorgen dat borden of schalen niet tegen de rand van de draaitafel stoten, wanneer ze uit de oven worden gehaald.
Opmerking:
Vermeld bij het nabestellen van accessoires bij uw dealer of erkend SHARP onderhoudsbedrijf de naam van het onderdeel en het type van uw magnetronoven.


De lampjes van deze symbolen gaan branden wanneer de desbetreffende functies zijn ingeschakeld.
▼ : Kooktijdverkorting
: Geheugen
: Handmatig
% : Percentage (van magnetronenergie)
: Vergrendeling (geeft aan dat de magnetronoven vergrendeld is)
: Koken (geeft aan dat de magnetronoven aanstaat)
BEDIENINGSTOETSEN:
- NUMMER-toetsen voor het instellen van de kooktijd en het geheugen
- START-toets
- DEUR OPEN-toets
- STOP-toets
- KOOKTIJDVERKORTING-toets
- GEHEUGEN-toets
- TOON-toets
- TIJDSCHAKELAAR-toets
- ONTDOOIEN-toets
- 1 MINUUT LANGER-toets
- ENERGIE-toets
Om het magnetronenergie te wijzigen
- HANDMATIG-toets
Laat de magnetronoven tijdens gebruik niet onbeheerd achter. Te hoge niveau's of te lange kooktijden kunnen het voedsel mogelijk oververhitten met brand tot gevolg.
Deze magnetronoven kan niet in een keukenblok ingebouwd worden.
Het stopcontact moet gemakkelijk toegangbaar zijn, zodat de stekker er in geval van nood direct uitgetrokken kan worden.
Sluit de oven alleen aan op een stopkontakt met 230 V, 50Hz wisselstroom met een minimale 16 A zekering of een minimale 16 A circuitonderbreker.
Het wordt aanbevolen om een apart circuit voor deze oven te gebruiken.
Plaats de oven niet in de buurt van verwarmingselementen, Plaats of gebruik de oven niet buitenshuis.
OPEN NOOIT DE OVENDEUR indien er rook van verwarmd voedsel in de oven komt. Schakel de oven uit, trek de stekker uit het stopkontakt en wacht todat er geen rook meer van het voedsel komt. Openen van de ovendeur terwijl er rook van het voedsel komt kan brand veroorzaken.
Gebruik alleen bakjes, schalen en dergelijke die geschikt zijn voor magnetronovens (op paginas 44 - 45).
Blijf in de buurt van de oven indien u wegwerp-plastik, papier of andere brandbare materialen gebruikt.
Reinig het afdekplaatje voor de golfgeleider, de ovenruimte en draaitafel na gebruik. Deze onderdelen dienen droog en vetvrij te zijn. Vet kan mogelijk oververhitten, gaan roken en vlam vatten.
Plaats geen ontvlambare materialen in de buurt zoals bijvoorbeeld naast een kachel of dichtbij een gasfornuis.
Plaats de oven niet in een zeer vochtige of natte ruimte.
Blokkeer de ventilatie-openingen niet.
Verwijder alle metalen draadjes, verzegelingen, enz. van het voedsel en de verpakking.
Vonken van metalen voorwerpen kunnen mogelijk brand veroorzaken.
Gebruik de magnetronoven niet voor bakken met olie of het verwarmen van frituurvet. De temperatuur kan namelijk niet worden geregeld en de olie kan mogelijk vlam vatten. Gebruik alleen popcorn dat in een voor magnetronovens geschikt materiaal is verpakt. Bewaar geen voedsel of andere voorwerpen in de magnetronoven. Kontroleer dat de instellingen van de magnetronoven juist zijn nadat u de oven heeft gestart. Volg de aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing en het kookboek op.
Voorkomen van persoonlijk letsel
WAARSCHUWING
Gebruik de oven niet indien deze is beschadigd of niet normaal funktioneert. Kontroleer alvorens gebruik het volgende:
a) Kontroleer dat de deur goed sluit en niet krom is of anderzijds beschadigd.
b) Kontroleer dat de scharnieren en veiligheidsdeurgrendels niet gebroken zijn of los zitten.
c) Kontroleer dat de deurafdichtingen en pasvlakken; niet zijn beschadigd.
d) Kontroleer dat er geen deuken in de ovenruimte of in de dew zijn.
e) Kontroleer dat het netsnoer en de stekker niet zijn beschadigd.
De oven nooit zelf repareren en geen onderdelen van de oven aanpassen of vervangen. Niemand, behalve een gekwalificeerde technicus, dient onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uit te voeren waarbij een afdekking die bescherming biedt tegen blootstelling aan microgolven, wordt verwijderd. Dit kan gevaarlijk zijn.
Gebruik de oven niet met de deur geopend. Breng geen veranderingen in de veiligheidsdeurgrendels aan.
Gebruik de oven niet indien er een voorwerp tussen de deurafdichtingen en pasvlakken is.
Zorg dat er geen vet of vuil is op de aangrenzende oppervlakken. Volg de aanwijzingen bij "ONDERHOUD EN REINIGEN" op pagina 43 goed op.
Personen met een PACEMAKER dienen een dokter of de fabrikant van de pacemaker te raadplegen aangaande speciale voorzorgsmaatregelen bij gebruik van een magnetronoven.
Voorkomen van een elektrische schok
De behuizing mag nooit worden geopend of verwijderd.
Zorg dat er geen vloeistoffen of andere voorwerpen in de openingen van de deurvergrendelingen of ventilatie-openingen komen. Schakel de oven onmiddelijk uit, trek de stekker uit het stopkontakt en raadpleeg erkend SHARP onderhoudspersoneel indien er iets in deze openingen terecht is gekomen.
Dompel het netsnoer en de stekker niet in water of andere vloeistoffen onder.
Laat het netsnoer niet over de rand van een tafel of buffet hangen. Houd het netsnoer uit de buurt van warme oppervlakken, zoals ook de achterkant van de oven.
Vervang niet zelf de ovenlamp en laat de lamp niet door ondeskundige, niet door SHARP erkende elektriciens uitvoeren.
Raadpleeg uw handelaar of erkend SHARP onderhoudspersoneel indien de ovenlamp niet meer funktioneert.
Indien het netsnoer van dit toestel is beschadigd, dient het door een speciaal snoer, te worden vervangen. Laat het vervangen van het snoer aan erkend SHARP onderhoudspersoneel over.
Voorkomen van een explosie en spatten van kokend voedsel:
WAARSCHUWING: Vloeistoffen en andere etenswaren moeten niet in afgesloten bakjes worden opgewarmd, aangezien ze kunnen ontploffen.
Gebruik nooit verzegelde containers of bakjes. Verwijder zegels en deksels alvorens gebruik. Verzegelde bakjes en dergelijke kunnen zelfs nadat de oven is uitgeschakeld namelijk ontploffen indien de druk in het bakje te hoog is opgelopen. Let op bij het bereiden van vloeistoffen met de magnetron. Gebruik altijd flessen of containers met een wijde hals zodat bellen kunnen ontsnappen.
Kook nooit in flessen met een dunne hals, zoals baby-zuigflessen, daar de vloeistof plotseling uit de fles zou kunnen spuiten met brandwonden mogelijk tot gevolg.
Voorkom dat kokende vloeistof uit de fles spat:
- Roer de vloeistof alvorens het verwarmen/opwarmen door.
- Steek voor het opwarmen een glazen staaf of dergelijk voorwerp in de vloeistof.
- Laat de vloeistof na het koken even in de oven staan zodat wordt voorkomen dat de vloeistof later uit de fles spuit.
Kook nooit hele eieren in hun schaal in de magnetron. Ook hardgekookte eieren moeten niet in magnetronovens worden opgewarmd, aangezien ze kunnen ontploffen, zelfs nadat de magnetronoven is uitgezet. Opwarmen van eieren die niet zijn geslagen of op een andere manier zijn verwerkt, dient u ter voorkomen van het ontploffen van het ei het eigeel en het eiwit door te prikken. Pel eieren en snijd hard gekookte eieren in plakjes alvorens deze in de magnetronoven te verwarmen.
Prik ter voorkomen van het ontploffen van voedsel de schil of het vel van aardappelen, worstjes, fruit en dergelijke door alvorens deze te koken.
Voorkomen van brandwonden
Voorkom brandwonden en gebruik ovenhandschoenen of aanzetbare stelen voor pannen indien u het voedsel uit de oven haalt.
Voorkom brandwonden door hete stoom en houd open bakjes, popcornschalen, kookzakken en dergelijk uit de buurt van uw gezicht en handen.
Voorkom brandwonden en test de temperatuur van het voedsel en roer even door alvorens het voedsel te serveren. Let vooral op alvorens het voedsel aan babies, kinderen of ouderen te geven.
De temperatuur van de container komt niet overeen met de temperatuur van het voedsel of de vloeistof. Kontroleer aitijd de temperatuur van het voedsel of de vloeistof.
Blijf altijd op veilige afstand van de ovendeur staan wanneer u hem open doet, om verbranding door ontsnappende stoom of hitte te voorkomen.
Snijd gevulde gebakken etenswaren na het koken even open om de stoom te laten ontsnappen en verbrandingen te vermijden.
Houd kinderen uit de buurt van de oven zodat zij zich niet aan een hete oven kunnen branden.
Let op kleine kinderen
WAARSCHUWING: Laat kinderen de oven alleen zonder toezicht gebruiken als ze voldoende instructies hebben gekregen, zodat ze weten hoe de oven veilig gebruikt dient te worden en de gevaren begrijpen die gepaard gaan met het oneigenlijk gebruik ervan.
Kinderen dienen alleen de oven onder toezicht van een volwassene te gebruiken.
Let op dat kinderen niet aan de deur of oven gaan hangen. De oven is geen speelgoed.

BELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
Zorg dat uw kinderen ook van de veiligheidsmaatregelen op de hoogte zijn. Vertel wat wel en niet gebruikt kan worden en gevaarlijk is. Benadruk dat verpakking van bepaalde gerechten (bijvoorbeeld voor het knapperig maken van voedsel) zeer heet kan worden.
Ovenge waarschuwingen
Breng op geen enkele manier een verandering in de oven aan. Verplaats de oven niet terwijl deze werkt.
Deze oven dient voor het bereiden van voedsel bij u thuis en dient derhalve alleen voor het koken van voedsel te worden gebruikt. Gebruik de oven niet voor commerciële doeleinden of in een laboratorium.
Voorkomen van problemen of beschadiging.
Zet de oven nooit leeg aan.
Ter voorkomen van beschadiging van de draaitafel door oververhitting dient u bij gebruik van bruineringschalen of zelf-verwarmende materialen altijd een hittebestendig isolatiemateriaal zoals een porseleinen bord, onder de schaal of het materiaal te plaatsen. Stel nooit een langere tijd in dan de voor het gerecht voorgeschreven kooktijd.
Gebruik geen metalen voorwerpen. Mikrogolven reflekteren hier namelijk op waardoor vonken worden opgewekt. Plaats geen blikjes in de oven.
Gebruik alleen de voor deze oven ontworpen draaitafel en draaisteun. Gebruik de magnetron niet zonder het draaiplateau.
Voorkomen van barsten van de draaitafel:
(a)Laat de draaitafel afkoelen alvorens deze met water te reinigen.
(b)Plaats heet voedsel of een hete schaal en dergelijke niet op een koude draaitafel.
(c) Plaats koud voedsel of een koude schaal en dergelijke niet op een warme draaitafel.
Plaats tijdens gebruik geen enkel voorwerp op de behuizing van de oven.
OPMERKING:
Raadpleeg een erkend electriciën indien u twijfels aangaande het aansluiten van de oven heeft.
Noch de fabrikant noch de handelaar zijn aansprakelijk voor schade aan de oven of persoonlijk letsel indien de oven niet op de voorgeschreven, juiste manier is aangesloten.
Kondens of vocht kan mogelijk op de ovenwanden of rond de deurafdichtingen en pasvlakken worden gevormd. Dit is normaal en duidt niet op een defekt of het lekken van mikrogolven.

INSTALLATIE
- Verwijder al het verpakkingsmateriaal uit de ovenruimte. Verwijder de verpakkingsfolie, die zich tussen de ovendeur en de ovenruimte bevindt. Verwijder de sticker met alle functies (indien aanwezig) op de buitenkant van de ovendeur.

Verwijder deze folie.
- Controleer goed of de magnetronoven niet is beschadigd.
-
Plaats de magnetronoven op een vlakke, gelijke ondergrond die sterk genoeg is voor het gewicht van de magnetronoven plus het maximaal te verwachten gewicht van te bereiden etenswaar.
-
Zorg voor een vrije ruimte van minstens 19 cm boven de magnetronoven.

- Deze oven niet stapelen.

- Steek de stekker van de magnetronoven stevig in een standaard geaard stopcontact.
VOORDAT U DE MAGNETRONOVEN IN GEBRUIK NEEMT
VERGRENDELINGSFUNCTIE
- De magnetronoven heeft een vergrendelingsfunctie en is vergrendeld als u hem voor het eerst op een stopcontact aansluit. Op dat moment ziet u het volgende op de display:

- Zodra u de stekker in het stopcontact steekt, wordt de vergrendeling ingesteld en kan u alleen vanuit het GEHEUGEN-toets koken.
- Om de vergrendeling op te heffen moet u op de HANDMATIG-toets drukken en deze 2 seconden lang ingedrukt houden totdat u de klik hoort. Het VERGRENDELINGS-symbool verdwijnt en nu kan u van de GEHEUGEN-toets gebruikmaken. Om de magnetronoven te vergrendelen drukt u op de HANDMATIG-toets en houdt u deze 2 seconden lang ingedrukt.
- De magnetronoven is reeds ingebouwd met 30 geheugen programma voor apetito produkts in elk nummer-toets. De eerste 20 programma mogen niet veranderen.
- De programmeerstand of controlestand worden opgeheven als u langer dan 3 minuten niet op een van de toetsen heeft gedrukt.
GELUID INSTELLEN

Als u de magnetronoven zonder geluid wilt gebruiken, drukt u eenmaal op de HANDMATIG-toets en eenmaal op de GELUID-toets. Als u het signaal hoort, zal de magnetronoven zonder geluid werken. Als u het geluid weer wilt instellen, drukt u nogmaals op de HANDMATIG-toets en de GELUID-toets. U hoort het signaal nu tweemaal.
MAGNETRONOVEN UITZETTEN

- verdwijnt op het display wanneer de tijd zero bereik (bij voorbeeld, einde van de kooktijd). Als u tijdens het koken tweemaal op de STOP-toets drukt, verschijnt er 0.
- Als u de magnetronoven tijdens het koken wilt uitzetten, gaat u als volgt te werk:
Druk eenmaal op de STOP-toets of open de deur.
Om de magnetronoven weer aan te zetten, sluit u de deur en drukt u binnen 1 minuut op de START-toets.
- Als u een program tijdens het koken wilt opheffen, drukt u tweemaal op de STOP-toets.
- Als u tijdens het programmeren een fout wilt wissen, drukt u eenmaal op de STOP-toets.
KOKEN MET VOORGEPROGRAMMEERDE GEHEUGENS

- De magnetronoven heeft 30 geheugens (1 - 30). Het program nummers van geheugen is speciaal vir diep-gevroren Apetito menus gemaak.
- De totaal kooktijd vir elk geheugens verschijnen in de tabel op pagina's 34. U kan deze geheugens desgewenst afzonderlijk wijzigen (zie paginas 40 - 41).
- Bovendien is er voor alle geheugens een kooktijdverkortingsfactor opgeslagen. Als u verkiezen een beetje niet zo gaar, dit is aanbevelend om het kooktijdverkortingsfunctie te gebruik.
De kooktijdverkortingsfactor is voor elk gerecht verschillend. De opgeslagen kooktijdverkortingsfactor voor 21 - 30 kan desgewenst ook afzonderlijk worden gewijzigd (zie paginas 41 - 42).
- Bij een stroomstoring worden de gegevens in de geheugens niet gewist. Als de stroom uitvalt, hoeft de magnetronoven niet opnieuw geprogrammeerd te worden. Voor dit soort geheugens zijn geen batterijen nodig.
- Zie "geheugen controleren" op pagina 42 als u de opgeslagen programma's of de kooktijdverkortingsfactoren wilt bekijken.
Bijvoorbeeld: Onderstellen dat u bevroren Apetito menu wou weer opwarmen met GEHEUGEN 1. Volgen het instructies op de Apetito Gids.
-
Druk op de NUMMER-toets 1.
-
Druk op de START-toets.
Display zal door de kooktijd aftellen






De bevoegde menus voor elk geheugen program is in die toevoegen Apetito Gids opsommen.
Als u verkiezen een beetje niet zo gaar, dit is aanbevelend om het kooktijdverkortingsfunctie te gebruik. Hiermee verkort u de totaal kooktijd.
Kooktijdverkorting = totaal kooktijd x verkortingsfactor.
Voorbeeld: Onderstellen dat u een bevroren Apetito menu wil weer opwarm door GEHUEGEN 1 met verkortingsfunctie te gebruik.

flowchart
graph LR
A["1. Druk op de TIJD-VERKORTING-toets."] --> B["2. Druk op de NUMMER-toets 1."]
B --> C["3. Druk op de START-toets."]
C --> D["Display zal door de kooktijd aftellen"]
HANDMATIG KOKEN

- U kan de magnetronoven op maximaal 3 kookfasen programmeren. Voor elke fase kunt u een maximale kooktijd van 99 minuten en 99 seconden invoeren. (Voor nadere informatie hierover zie pagina 38.)
-
Om handmatig koken te programmeren, gaat u als volgt te werk:
-
Druk op de HANDMATIG-toets.
- Voer de kooktijd in.
- Kies de gewenste energieniveau.
- Druk op de START-toets.
- Als u tijdens het koken de deur opent, gaat de magnetronoven uit en wordt het programma opgeheven als u niet binnen 1 minuut nadat u de deur weer heeft gesloten op de START-toets druk. (Maar het programma wordt niet opgeheven als de magnetronoven klaar is met voorverwarmen of als u een pauze instelt in de fasen van uw kookprogramma.)
- Controleren voordat u gaat koken of u het juiste gerei heeft op paginas 44 - 45).
MET DE MAGNETRON KOKEN

Uw oven heeft 6 energieniveaus. Kies de kookstand die in elk recept staat aangegeven. Over het algemeen gelden de volgende regels:
100 % - (900 W) voor snelle bereiding of het opwarmen van b.v. soep, ovenschotels, voedsel uit blik, warme dranken, groenten, vis, etc.
70 % - (630 W) voor langduriger bereiding van compact voedsel, zoals braadstukken en gehaktbrood, tevens voor gevoelige gerechten, zoals kaassaus en cake van biscuitdeeg. Bij deze verlaagde stand kookt de saus niet over en wordt voedsel gelijkmatig gaar, zonder aan de zijkanten overgaar te worden.
50 % - (450 W) voor compact voedsel dat een lange bereidingstijd nodig heeft wanneer het conventioneel bereid wordt, b.v. rundvleesschotels; deze vermogens-instelling wordt gekozen om er zeker van te zijn dat het vlees mals blijft.
30 % - (270 W Ontdooistand) om te ontdooien; kies deze vermogensstand om er zeker van te zijn dat het voedsel gelijkmatig ontdooit. Deze instelling is ook ideaal voor het zachtjes koken van rijst, pasta, knoedels en voor de bereiding van custardpudding.
10 % - (90 W) voor zachtjes ontdooien, b.v. slagroomtaart of -gebak.
0 % - (0 W) voor standaardstijd in te stel. (Geen Magnetronenergie)
Er zijn 6 voorgeprogrammeerde energieniveaus.
| Druk op de ENERGIE- | t o e | t | s | x | 1 | |
| Magnetron energieniveau 100 % 70 % | 50 % 30 % | 10 % 0 % | ||||
x 2
Voorbeeld: Onderstellen dat u 2 minuten en 30 seconden lang op 50 % wil koken.
-
Druk op de HANDMATIG- toets.
-
Inschrijven de gewenste kooktijd in.
-
Inschrijven de gewenste energieniveau van 50 % in door driemaal op de ENERGIEtoets te drukken.






- Druk op de START-toets.
Display zal door de kooktijd aftellen



Opmerking:
- Als de magnetronoven eenmaal gestart is, kunt u zien welk energieniveau u geprogrammeerd heeft door op de ENERGIE-toets te drukken. Het energieniveau wordt op het display getoond. Dit is niet van invloed op het programma of de kooktijd.
- Als het energieniveau niet gekeuzen, is 100 % automatisch stellen.
U kunnen baaie verskillenden voedsels ontdooien met de ONTDOOIEN-toets. De ONTDOOIEN-toets is op 30 % energieniveau geprogrammeerd.
Voorbeeld: Onderstellen dat u 7 minuten en 30 seconden wilt ontdooien.
-
Druk op de HANDMATIG- toets.
-
Inschrijven de gewenste ontdooientijd in.
-
Druk op de ONTDOOIEN-toets.






- Druk op de START-toets.
Display zal door de kooktijd aftellen



Opmerking:
Toelaten het voedsel voor paar minuten naar ontdooien te staan, om het temperatuur te gelijkmaken voor beter kookresultate. Naar het voedsel stand, controle. Als meer tijd nodig is, aanhou om te ontdooien met de ONTDOOIEN-toets. Voedsels van selfde dikte door en door, ontdooien beter. Als voedsels verschillend dikte heben, mischien wordt het noodelijk om dunne stukjes met aluminiumfolie te afdekken om oorontdooien te voorkom.
Verwijzen naar het ontdooien tafel op pagina 51.
1. STADIAKOKEN
Deze faciliteit in staat stellen doorlopend en onafgebroken bediening van tot 3 verschillend volgreeksen.
Voorbeeld:
Onderstellen u wilt koken:
2 minuten en 30 seconden lang met een magnetronenergie van 70 % (Fase 1)
5 minuten lang met een magnetronenergie van 50 % (Fase 2)
FASE 1
-
Druk op de HANDMATIG- toets.
-
Inschrijven de gewenste kooktijd in.
-
Inschrijven de gewenste magnetronenergie van 70 % in door tweemaal op de ENERGIE-toets te drukken.






FASE 2
-
Inschrijven de gewenste kooktijd in.
-
Inschrijven de gewenste magnetron-energie van 50 % in door driemaal op de ENERGIE-toets te drukken.
-
Druk op de START-toets.

Display zal door de kooktijd aftellen

Opmerking:
- U kan een pauze programmeren toe u twee kookreeks programmeren (Fase 1 → Pauze → Fase 2). Om een pauze in te stellen drukt u eenmaal op de NUMMER-toets 0 en op de ENERGIE-toets, naar u fase 1 geprogrammeerd. Tijdens een pauze blijft het programma gehandhaafd. Na pauze, moet u op de START-toets steunen om de keuken te hernemen.
2. MINUUT PLUS FUNCTIE
Met de +1min-toets kan u de twee volgende functies uitvoeren:
a. Koken met Magnetron 100 %
U kan gemakkelijk voor 1 minuut lang op 100 % koken.
- Druk op de
HANDMATIG-toets.
- Druk tweemaal op
de +1min-toets.
Display zal door de
kooktijd aftellen

x1


x2

b. De kooktijd verlengen
U kan de kooktijd telkens met 1 minuut verlengen als u tijdens het koken op de toets drukt.
Opmerking:
U kan niet deze functie gebruik met Apetito produkten tijdens Geheugen koken.
3. TIJDOPNEMER FUNCTIE
U kan de tijdopnemer gebruik voor tijdopnamen waar koken met de magnetron is niet ingewikkeld, bij voorbeeld, voor tijdopnamen van gekookt eieren wat op een conventioneel haardplaat koken is.
Voorbeeld: Om de tijdopnemer voor 5 minuten te stellen:
- Druk op de
HANDMATIG-toets.
- Inschrijven de gewenste
tijd.
- Drukop de
TIJDOPNEMER-toets.

x1


x1 x1 x1


x1

- Druk op de START-
toets.
Controle het Display

x1


[NO TEXT]
U kan de programma's van de 10 geheugens wijzigen (21 - 30).
U kan programmeer tot aan maximaal 3 verschillend volgreeksen en u kan een kooktijd instell tot aan 99 minuten en 99 seconden voor elk fasen.
Voor details om programme intestel, zie pagina 35.
Zorg dat de vergrendelingsfunctie uitstaat voordat u veranderingen in het geheugen aanbrengt.
Als u wilt het gewenste programma te veranderen, nota nemen dat, naar het wijziging van het program, een optimale koken van het apetito-menus wordt niet meer verzekerd.
4a. KOOKTIJD EN ENERGIENIVEAU IN EEN GEHEUGEN ZETTEN
Voorbeeld: Onderstellen dat u het programm voor Geheugen 23 wilt veranderen, volgenderwijze:
4 minuten lang met een magnetronenergie van 50 % (Fase 1)
2 minuten lang met een magnetronenergie van 10 % (Fase 2)
-
Druk op de GEHEUGEN-toets en houd deze 5 seconden lang ingedrukt, totdat u het signaal tweemaal hoort. Het lampje van het GEHEUGEN symbool gaat branden.
-
Kies het nummer van Geheugen. Om 23 te programmeer, druk op de NUMMER-toets 3 om het flikkering nummer 1 te verander.
-
Druk op de HANDMATIG-toets.

x1 für 5 Seconden


x1


x1

◇

◇

◇
FASE 1.
-
Inschrijven de gewenste kooktijd in.
-
Druk driemaal op de ENERGIE-toets voor een energieniveau van 50 %.
FASE 2.
- Inschrijven de gewenste kooktijd in.

-
Druk vijfmaal op de ENERGIE-toets voor een energieniveau van 10 %.
-
Druk op de GEHEUGEN-toets.
-
Druk op de STOP-toets om de stand voor het instellen van het geheugen op te heffen.

Opmerkingen:
- Om het geheugen nummer 30 te kies, drukt u op de NUMMER-toetsen 3 en 0 of net op de NUMMER-toets 0 druk.
- Als u daarna nog een ander voorgeprogrammeerd geheugen wilt wijzigen, dient u op de-toets van het desbetreffende geheugen drukken voordat u op de STOP-toets drukt.
- De voorgeprogrammeerde kooktijdverkortingsfactors van de geheugens hebben betrekking op de kookprogramma's in de desbetreffende geheugens. U wordt aangeraden de kooktijdverkortingsfactor ook te wijzigen als u een geheugen opnieuw programmeert.
4b. KOOKTIJDVERKORTINGSFACTOR WIJZIGEN
De kooktijdverkortingsfactor is voor elk programma in de geheugens ook al voorgeprogrammeerd, maar u kan deze desgewenst aanpassen.
Zie de tabel op pagina 34 voor de voorgeprogrammeerde kooktijdverkortingsfactors.
Voorbeeld: Stel dat u de kooktijdverkortingsfactor in GEHEUGEN 23 (0,96) aan 0,9 wilt wijzigen.
-
Druk op de GEHEUGEN-toets en houd deze 5 seconden lang ingedrukt. Het lampje van het GEHEUGEN symbool gaat branden.
-
Druk op de TIJDVERKORTINGS -toets.
-
Kies het nummer van GEHEUGEN. Druk op de NUMMER-toets3 om het flikkering nummer 1 te verander.

x1 für 5
Sekunden


x1


x1


-
Stel de nieuwe kooktijdverkortingsfactor in.
-
Druk op de GEHEUGEN-toets.
-
Druk op de STOP-toets om de stand voor het instellen van het geheugen op te heffen.

Opmerkingen:
- Om het geheugen nummer 30 te kies, drukt u op de NUMMER-toetsen 3 en 0 of net op de NUMMER-toets 0 druk.
- De kooktijdverkortingsfactor kan van 0,00 tot 0,99 worden ingesteld.
- Als u daarna nog een ander voorgeprogrammeerd geheugen wilt wijzigen, dient u op de-toets van het desbetreffende geheugen drukken voordat u op de STOP-toets drukt. Nadat u het nummer van het geheugen heeft gekozen, volgt u de stappen van bovenstaand voorbeeld opnieuw.
5. GEHEUGEN CONTROLEREN
U kan de in een geheugen opgeslagen gegevens van een kookprogramma controleren, bijvoorbeeld de kooktijd en het energieniveau.
Zorg dat de vergrendelingsfunctie uitstaat voordat u een geheugen gaat controleren.
KOOKTIJD EN ENERGIENIVEAU CONTROLEREN
Voorbeeld: Onderstellen dat u de gegevens in GEHEUGEN 28 wilt bekijken, geprogrammeerd in de eerste fase voor 56 seconden lang op 100 % en 15 seconden lang op 30 % voor het tweede fase.
- Druk op de GEHEUGEN-toets.

flowchart
graph LR
A["→"] --> B["2 x1 8 x1"]
B --> C["→"]
C --> D["x1"]
De programma-indicator verschijnt.
FASE 1

flowchart
graph LR
A[".56"] --> B["1.00"]
B --> C[".15"]
C --> D["30"]
D --> E["%"]
FASE 2
Opmerkingen:
- Als u wilt stoppen met het CONTROLEREN VAN EEN GEHEUGEN, drukt u op de STOP-toets.
- Als u nog een ander voorgeprogrammeerd geheugen wilt controleren, dient u op de-toets van het desbetreffende geheugen drukken voordat u op de STOP-toets drukt.
- Als u de tijdverkortingsfactor wilt controleren, drukt u op de TIJDVERKORTING-toets voordat u op de-toets van het nummer van het geheugen drukt.
Let op
Gebruik geen in de handel verkrrijgbare ovenreinigers, oplosmiddelen of schuurmiddelen en schuursponsjes op welk gedeelte van de magnetronoven dan ook.
Buitenkant van de oven
De buitenkant van de oven kan eenvoudig gereinigd worden met een milde oplossing van zeep en water. Veeg zeepresten met een vochtig doekje weg en droog vervolgens met een zachte doek.
Bedieningspaneel
Open de deur voordat u begint schoon te maken, om het bedieningspaneel uit te schakelen. Het bedieningspaneel dient voorzichtig schoongemaakt te worden. Gebruik een enkel met water bevochtigde doek om het bedieningspaneel voorzichtig aftenemen totdat het schoon is. Gebruik niet te veel water. Gebruik beslist geen chemische middelen of schuurmiddelen.
Binnenkant van de oven
-
Veeg na elke maal dat de oven gebruikt wordt eventuele spatten of overkooksels weg met een zachte vochtige doek of een spons terwijl de oven nog warm is. Bij hardnekkiger vuil, veeg weg met een milde zeepoplossing bevochtigde doek totdat alle vlekken verdwenen zijn.
-
Zorg ervoor dat de zeepoplossing of het water niet door de ventilatie-openingen in de wanden dringen daar dit de oven kan beschadigen.
-
Gebruik voor de binnenkant van de oven geen spray-type reinigers.
Draaitafel en draaisteun
Verwijder eerst de draaitafel en de draaisteun uit de oven. Was daarna de draaitafel en de draaisteun in een lauw sopje. Afdrogen met een zachte doek. Zowel de draaitafel als de draaisteun kan in de afwasmachine worden afgewassen.
Deur
De deur aan beide kanten, de deurafdichting alsmede de dichtingsoppervlakken regelmatig met een vochtige doek reinigen om verontreinigingen te verwijderen.
VOORDAT U EEN REPARATEUR BELT

Kontroleer het volgende alvorens de reparateur te bellen:
- Voeding
Ga na dat de stekker stevig in het stopkontakt zit.
Ga na dat de zekering/circuitonderbreker in orde is.
- Plaats een kop met water (bij benadering 150 ml) in de oven en doe de deur goed dicht.
Stel de oven in op 1 minuut op 100 P en zet de oven aan.
Gaat het ovenlichtje aan? JA NEE
Draait de draaitafel? JA NEE
OPMERKING: De draaitafel draait in beide richtingen.
Werkt de ventilator? JA NEE
(Leg uw hand over de ventilatiegaten en controleer of u een luchtstroom voelt)
Hoort u na 1 minuut het belsignaal? JA NEE
Gaat het lichtje dat aangeeft dat de oven aan staat uit? JA NEE
Is de kop met water na deze minuut warm? JA NEE
Als u op een van deze vragen NEE heeft geantwoord, dient u uw leverancier of een erkende SHARP reparateur te bellen en de resultaten van uw controle door te geven.
OPMERKING: Wanneer u het eten gedurende de standaardtijd met 100 % energie, dan zal de oven automatisch zachter koken om oververhitting te voorkomen. (Het energieniveau van de oven wordt verminderd.)
| Kookstand | Standaardtijd |
| Magnetronstand 100 % | 40 Minuten |
Microgolven zijn - evenals radio- en televisiegolven elektromagnetische golven.
Microgolven worden in de microgolven door de magnetron opgewekt en brengen de watermoleculen in het voedsel aan hettrillen. Door de wrijving ontstaat warmte, die ervoor zorgt dat de gerechten worden ontdooid, verwarmd of gekookd.
Het geheim van de korte kooktijden ligt in het feit dat de microgolven van alle kanten direct in het voedsel dringen. Energie wordt optimaal benut. In vergelijking hiermee dringt de energie bij het koken op een elektrisch fornuis via omwegen vanaf de kookplaat door de pan op een indirecte manier door tot de gerechten. Via deze omweg gaat er veel energie verloren.
EIGENSCHAPPEN VAN DE MICROGOLVEN Microgolven doordringen alle niet-metalen voorwerpen zoals glas, porselein, keramiek, kunststof, hout en papier. Daarom worden deze materialen niet in de magnetron verhit. De schalen worden slechts indirect via het voedsel verwarmd. Voedsel neemt microgolven op (absorbeert) en wordt daardoor verwarmd.
Metalen materialen worden door de microgolven niet doordrongen, de microgolven worden echter teruggekaatst. Daarom zijn voorwerpen van metaal in het algemeen niet geschikt voor de magnetron. Er zijn echter uitzonderingen waar u juist van deze eigenschappen kunt profiteren. Zo worden gerechten op bepaalde plaatsen tijdens het ontdooien of koken met een stukje aluminiumfolie bedekt. Daardoor voorkomt u te warme of te hete resp. te gare gedeelten bij voedsel van onregelmatige grootte. Voor nadere informatie hierover raadpleegt u de gids.

GESCHIKTE SCHALEN
GLAS EN GLAS-KERAMIEK

Vuurvaste glazen schalen zijn bijzonder geschikt. De kookprocedure kan van alle kanten worden geobserveerd. Deze mogen echter geen metaal bevatten (o.a. zinkkristal), of van
een metalen laag voorzien zijn (o.a. gouden rand, kobaltblauw).
KERAMIEK
is over het algemeen zeer geschikt. Keramiek moet

geglazuurd zijn, omdat er bij ongeglazuurde keramiek vocht in het serviesgoed kan dringen. Vocht verhit het materiaal en kan ertoe leiden dat het barst. Indien
u twijfelt, of uw serviesgoed geschikt is voor de magnetron, voert u een servies-geschiktheidstest uit. Zie pagina 43.
PORSELEIN
is bijzonder geschikt. Let u erop dat het porselein geen goud-of zilverlaagje heeft, resp. niet metaalhoudend is.
KUNSTSTOF

Hittebestendig, voor de magnetron geschikt plastiek servies is geschikt voor het ontdooien, verwarmen en koken. Hou a.u.b. rekening met de gegevens van de fabrikant.
Hittebestendig, voor de magnetron geschikt papieren serviesgoed is eveneens geschikt. Hou a.u.b. rekening met de gegevens van de fabrikant.
KEUKENPAPIER
kan worden gebruikt, om het ontstane vocht bij

korte verhittingsprocedures op te nemen, bijv. van brood of gepaneerd voedsel. Het papier tussen het voedsel en de draaitafel leggen. Zo blijft het oppervlak van het voedsel
knappend en droog. Door vettige gerechten met keukenpapier te bedekken worden vetspetters opgevangen.
MAGNETRONFOLIE
of hittebestendige folie is zeer geschikt voor het bedekken of omwikkelen. Hou a.u.b. rekening met de gegevens van de fabrikant.
BRAADZAKKEN
kunnen eveneens in de magnetron worden toegepast. De metalen klemmen zijn echter niet geschikt voor het afsluiten daar de braadzakfolie kan smelten. Gebruik touwtjes om de zakken af te sluiten en steek meermaals met een vork in de zak. Niet hittebestendige folie, zoals bijv. keukenfolie, is slechts in beperkte mate geschikt voor het gebruik in de magnetron. Ze dient uitsluitend voor korte verhittingsprocedures te worden gebruikt en mag niet met het voedsel in contact komen.
BRUINERINGSSERVIES
is speciaal magnetron-serviesgoed van glaskeramiek met een metaallegering op de bodem, die ervoor zorgt dat de gerechten bruin worden. Als er bruineringsserviesgoed wordt toegepast, moet er een geschikte isolator, bijv. een porseleinen bord, tussen de draaitafel en de bruineringschaal worden gelegd. Houdt u nauwkeurig aan de voorverwarmingstijd zoals aangegeven door de fabrikant. Bij overschrijdiging kan er beschadiging aan de draaitafel en aan de drager van de draaitafel ontstaan, c.q. de zekering van het toestel kan eruit springen en het toestel uitschakelen.
METAAL

mag over het algemeen niet worden gebruikt, omdat microgolven metaal niet kunnen doordingen en op die manier de gerechten niet kunnen bereiken.
Er zijn echter uitzonderingen: smalle strookjes aluminiumfolie kunnen worden gebruikt voor het bedekken van gedeelten, zodat deze niet te snel ontdooien of gaar worden (bijv. de vleugels bij een kip).

Kleine metalen pannen en aluminium schalen (bijv. bij panklare gerechten) kunnen worden gebruikt. Ze moeten echter in verhouding tot het gerecht klein zijn, bijv. aluminium schalen moeten tenminste ^2/3 tot ^3/4 met voedsel gevuld zijn. Het verdient aanbeveling het voedsel over te gieten in serviesgoed dat geschikt is voor de magnetron.
Als er aluminium schalen of ander metalen serviesgoed wordt gebruikt, moet er minstens een afstand zijn van ca. 2,0 cm ten opzichte van de wanden van de kookruimte omdat deze anders door mogelijke vonken kunnen worden beschadigd.
GEEN SERVIESGOED MET EEN METAALLAAGJE
metalen onderdelen of ingesloten metaal, zoals bijv. met schroeven, banden of grepen gebruiken.
GESCHIKTHEIDSTEST VOOR SERVIESGOED

Als u niet zeker weet, of uw serviesgoed geschikt is voor de magnetron, voert u de volgende test uit: Het serviesgoed in het toestel plaatsen. Een glazen reservoir met 150 ml. water
gevuld op of naast het serviesgoed plaatsen. Het toestel één tot twee minuten op 100 P vermogen laten lopen. Als het serviesgoed koel of handwarm blijft, is het geschikt. Deze test niet bij plastiek servies uitvoeren. Het zou kunnen smelten.
TIPS EN BDVEN

VOORDAT U BEGINT ...
Om u de omgang zo gemakkelijk mogelijk te maken, hebben wijhieronder de belangrijkste aanwijzingen en tips voor usamengevat: Zet u uw toestel alleen aan, wanneer er gerechten in de kookruimte zijn.
De ontdooi-, verwarmings- en kooktijden zijn over het algemeen aanzienlijk korter dan bij een conventioneel fornuis of oven. Houdt u zich daarom aan de in dit kookboek aanbevolen tijden. U kunt de tijden beter korter instellen dan langer. Voert u na het koken een kooktest uit. Het is beter achteraf kort even bij te koken dan iets te gaar te laten worden.
UITGANGSTEMPERATUUR
De ontdooi-, opwarmingss- en kooktijden zijn afhankelijk van de uitgangstemperatuur van de gerechten. Bevroren en in de koelkast bewaarde gerechten vereisen bijv. een langere verwarming dan produkten op kamertemperatuur.
Voor het opwarmen en koken van gerechten wordt uitgegaan van normale bewaartemperaturen (koelkasttemperatuur ca. 5°C, kamertemperatuur ca. 20°C). Voor het ontdooien van gerechten wordt uitgegaan van een diepvriestemperatuur van -18°C.
Popcorn uitsluitend in speciale, voor de magnetron geschikte popcorn-schalen toebereiden. Houdt u zich nauwkeurig aan de gegevens van de fabrikant. Geen normale papieren schalen of glazen serviesgoed gebruiken.

Eieren niet in de dop koken. In de dop wordt er een druk opgebouwd, die tot het exploderen van het ei zou kunnen leiden.[Het eigeel prikken voor het koken.]

Geen olie of vet in de magnetron opwarmen om te frituren. De temperatuur van olie kan niet worden gecontroleerd. De olie zou plotseling uit de schaal kunnen spatten.
Geen gesloten reservoirs, zoals bijv. glazen potten of blikkenverwarmen. Door de ontstane druk zouden de reservoirs kunnen barsten (uitzondering: inmaken).
ALLE VERMELDE TIJDEN: in dit kookboek zijn richtlijnen, die naargelang de uitgangstemperatuur, het gewicht en de hoedanigheid (water-, vetgehalte etc.) van het voedsel kunnen variëren.
ZOUT, KRUIDEN EN SPECERIJEN
In de magnetron gekookte gerechten bewaren hun eigen smaak beter dan bij conventionele bereidingsmethoden. Maakt u daarom zeer spaarzaam gebruik van zout en voegt u in de regel pas na het koken zout toe. Zout bindt vloeistof en droogt het oppervlak uit. Kruiden en specerijen kunnen op de gebruikelijke manier worden gebruikt.
KOOKTEST De kooktoestand van gerechten kan evenals bij een conventionele toebereiding worden getest:
- Voedselthermometer: elk gerecht heeft aan het einde van de verwarmings- of kookprocedure een bepaalde binnentemperatuur. Met een voedselthermometer kunt u vaststellen, of het gerecht heet genoeg resp. gaar is.
- Vork: vis kunt u met een vork controleren. Als het visvlees er niet meer glazig uitziet en gemakkelijk van de graten loslaat, is het gaar. Als het te gaar is, wordt het taai en droog.
- Houten prik: taart en brood kunt u testen door er met een houten prik in te prikken. Als de prik bij het uittrekken schoon en droog blijft, is het gerecht gaar.
KOOKTIJDBEPALING MET DE VOEDSELTHERMOMETER
Elke drank en elk gerecht heeft na het einde van de kookprocedure een bepaalde binnentemperatuur.Indien de kookprocedure wordt gestopt dan is het resultaat goed. De binnentemperatuur kunt u met een voedseltemperatuur vaststellen. In de temperatuurtabel zijn de belangrijkste temperaturen vermeld.
TABEL: KOOKTIJDBEPALING MET DE VOEDSELTHERMOMETER.
| Drank/gerecht | Binnentemperatuur aan het einde van de kooktijd | Binnentemperatuur na 10 tot 15 minuten standtijd |
| Dranken verwarmen (koffie, thee, water enz) | 65-75°C | |
| Melk verwarmen | 75-80°C | |
| Soep verwarmen | 75-80°C | |
| Stamppotten verwarmen | 75-80°C | |
| Gevogelte | 80-85°C | 85-90°C |
| Lamsvlees | ||
| roze gebraden | 70°C | 70-75°C |
| doorgebraden | 75-80°C | 80-85°C |
| Rosbief | ||
| licht aangebraden (rare) | 50-55°C | 55-60°C |
| half doorgebraden (medium) | 60-65°C | 65-70°C |
| goed doorgebraden (well done) | 75-80°C | 80-85°C |
| Varkens-, kalfsvlees | 80-85°C | 80-85°C |
TOEVOEGING VAN WATER
Groenten en andere gerechten die veel water bevatten, kunnenin het eigen sap of met toevoeging van een weinig water wordengekookd. Daardoor blijven vele vitaminen en mineraalstoffen inhet voedsel behouden.
VOEDSEL MET VEL OF SCHIL
zoals worstjes, kip, kippenpootjes, ongeschilde aardappelen, tomaten, appels, eigeel en dergelijke met een vork of een houten staafje doorprikken. Daardoor kan de zich vormende stoom verdwijnen, zonder dat de vel of de schil barst.
VETTE GERECHTEN
Met vet doorregen vlees en vetlagen worden sneller gaar dan magere delen. Dekt u deze delen daarom bij het garen af met een stukje aluminiumfolie of legt u het voedsel met de vette kant naar beneden.
BLANCHEREN VAN GROENTEN
Groente dient voor het invriezen te worden geblancheerd. Zo blijven de kwaliteit en de aromastoffen optimaal behouden.
Procedure: De groenten wassen en kleinsnijden. 250 gr. groenten met 275 ml. water in een schotel plaatsen en toegedekt 3-5 minuten verwarmen. Na het blancheren meteen in ijswater dompelen, om het doorkoken te vermijden en daarna laten afdruipen. De geblancheerde groenten luchtdicht verpakken en invriezen.
HET INMAKEN VAN FRUIT EN GROENTEN

Het inmaken in de magnetron gaat snel en eenvoudig. In de handel zijn weckflessen, rubber ringen en passende plastiek weckflesklemmen verkrijgbaar, die speciaal voor de magnetron
geschikt zijn. De fabrikanten geven nauwkeurige gebruiksaanwijzingen.
KLEINE EN GROTE HOEVEELHEDEN
De tijden in uw magnetron zijn geheel afhankelijk van de hoeveelheid van het voedsel dat u wilt ontdooien, verwarmen of koken. Dat houdt in dat kleine porties sneller gaar worden dan grote.
Als vuistregel geldt:
Beide schalen hebben hetzelfde volume, maar in de diepe schaal is de kooktijd langer dan in de ondiepe.

Dus gebruikt u bij voorkeur ondiepe schalen met een groot oppervlak. Diepe schalen alleen voor gerechten gebruiken, waarbij het gevaar van overkoken bestaat,
bijv. voor noedels, rijst, melk enz.
RONDE EN OVALE SCHALEN
In ronde en ovale schotels worden gerechten gelijkmatiger gaar dan in hoekige, omdat de microgolf-energie zich in hoeken concentreert, waardoor de gerechten op deze plaatsen te gaar zouden kunnen worden.
BEDEKKEN

Door een gerecht te bedekken blijft het vocht in het voedsel, waardoor de kooktijd wordt verkort. Voor het bedekken een deksel, magnetronfolie of een afdekkap gebruiken. Gerechten die een
korstje dienen te krijgen, bijv. braadvlees of kip, niet bedekken. Hierbij geldt de regel dat alles wat op het conventionele fornuis wordt bedekt ook in de magnetron dient te worden bedekt. Wat op het fornuis open wordt gekookd, kan ook in de magnetron open worden gekookd.
VOEDSEL VAN ONREGELMATIGE GROOTTE

met de dikkere of stevige kant naar buiten plaatsen. Groenten (bijv. broccoli) met de steel naar buiten leggen. Dikkere porties hebben een langere kooktijd nodig en krijgen aan de buitenkant meer
microgolf-energie, zodat het voedsel gelijkmatig gaar wordt.
ROEREN

Het roeren van de gerechten is noodzakelijk, omdat de microgolven eerst de buitenste gedeelten verwarmen. Hierdoor wordt de temperatuurwaarde overal gelijk en het voedsel wordt
gelijkmatig verwarmd.
RANGSCHIKKING
Meerdere afzonderlijke porties, bijv. puddingvormpjes, kopjes of ongeschilde aardappelen, ringvormig op de draaitafel plaatsen. Tussen de porties ruimte open laten, zodat de microgolf-energie van alle kanten kan binnendringen.
OMDRAAIEN
Middelgrote porties zoals hamburgers en steaks, tijdens het koken één keer draaien, om de kooktijd te verkorten. Grote porties zoals braadvlees en kip, moeten worden omgedraaid, omdat de naar boven toe gekeerde zijde meer microgolf-energie krijgt en zou kunnen uitdrogen indien deze niet wordt omgedraaid.
STANDTIJD
Het aanhouden van de standtijd is een van de belangrijkste microgolf-regels. Bijna alle gerechten die in de magnetron worden ontdooid, verwarmd of gekookd, hebben een korte of langere standtijd nodig waarin een temperatuurgelijkmatigheid plaatsvindt en de vloeistof zich overal gelijk in het voedsel bevindt.
BRUINERINGSMIDDELEN

Gerechten worden na een kooktijd van meer dan 15 minuten bruin. Deze bruine kleur kan men echter niet vergelijken met de intensieve bruinering en
korst bij het conventionele koken. Om een aantrekkelijke bruine kleur te verkrijgen, kunnen er bruineringsmiddelen worden gebruikt. Meestal worden ze tegelijk als kruiden gebruikt. Hiernavolgend vindt u enkele adviezen voor bruineringsmiddelen en gebruiksmogelijkeden:
BRUINERINGSMIDDEL
| Gesmolten boter en paprikapoeder | gevogelte | het gevogelte met de boter/paprikamengsel bestrijken |
| Paprikapoeder | soufflé's, kaastosties | met paprikapoeder bestuiven |
| Sojasaus | vlees en gevogelte | met de saus bestrijken |
| Barbecue- en Worcestersaus, braadvleessaus | braadvlees, klein gebraden vlees | met de saus bestrijken |
| Gesmolten spekdobbelsteentjes of gedroogde uien | soufflé's, tosties, soepen, stamppotten | met de spekdobbelsteentjes of gedroogde uien bestrooien |
| Cacao, chocokruimels bruine glazuren, honing en confituren | taart en desserts | taarten en desserts hiermee bestrooien of bedekken. |
GERECHTEN
METHODE

VERWARMEN
- Panklare gerechten in aluminium dienen uit de aluminium verpakking te worden genomen en op een bord of in een schaal te worden verwarmd.
- Bij gesloten schalen de deksels verwijderen.
- Gerechten met magnetronfolie, bord of afdekkap (in de handel verkrijgbaar) bedekken, zodat het oppervlak niet uitdroogt. Dranken behoeven niet te worden afgedekt.
- Bij het koken van vloeistoffen zoals water, koffie, thee of melk een glazen staafje in de beker/kan plaatsen.
- Grotere hoeveelheden, indien mogelijk af en toe roeren, zodat de temperatuur zich gelijkmatig verspreid.
- De tijden zijn vermeld voor het voedsel op een kamertemperatuur van 20°C. Bij voedsel op koelkasttemperatuur wordt de verwarmingstijd in geringe mate verhoogd.
- Laat u de gerechten na het verwarmen één tot twee minuten staan, zodat de temperatuur zich gelijkmatig binnen het gerecht kan verspreiden (standtijd).
- De vermelde tijden zijn richtlijnen, die naargelang de uitgangstemperatuur, het gewicht, het watergehalte, vetgehalte en de gewenste eindtoestand etc. kunnen variëren.
De magnetron is ideaal voor het ontdooien van voedsel. De dooitijden zijn korter dan bij het ontdooien optraditionele wijze. Hierna volgen enkele tips. Neem het vriesgoed uit de verpakking en leg het voor hetontdooien op een bord.
VERPAKKINGEN EN RESERVOIRS
Zeer geschikt voor het ontdooien en verwarmen van gerechten zijn verpakkingen en reservoirs die geschikt zijn voor de magnetron en zich zowel lenen voor de diepvries (tot ca. min - 40° C) alsook hittebestendig zijn (tot ca. 220° C). Zo kunt u in hetzelfde serviesgoed ontdooien, verwarmen en zelfs koken, zonder de gerechten tussendoor te moeten overgieten.
BEDEKKEN

Dunnere gedeelten voor het ontdooien met kleine aluminium stroken bedekken. Ontdooide of warme gedeelten tijdens het ontdooien eveneens met aluminium stroken bedekken. Hierdoor voorkomt u dat dunnere gedeelten vlug te heet worden, terwijl dikkere delen nog bevroren zijn.
HET MAGNETRONENERGIE
eerder te laag dan te hoog instellen. Zo bereikt u een gelijkmatig dooiresultaat. Als het magnetronvermogen te hoog ingesteld is, wordt het oppervlak van het voedsel reeds gaar, terwijl het binnenste gedeelte nog bevroren is.
OMDRAAIEN/ROEREN

Vrijwel alle gerechten moeten af en toe een keer worden omgedraaid of geroerd. Delen, die aan elkaar vastzitten, zo spoedig mogelijk van elkaar scheiden en anders rangschikken.
KLEINERE HOEVEELHEDEN
ontdooien gelijkmatiger en sneller dan grote. Wij adviseren daarom zo klein mogelijke porties in te vriezen. Zo kunt u snel en gemakkelijk hele menu's samenstellen.
GEVOELIGE GERECHTEN
zoals taart, slagroom, kaas en brood, niet geheel ontdooien, maar slechts voordooien en op kamertemperatuur verder laten ontdooien. Daardoor voorkomt u dat de buitenste gedeelten reeds te heet worden, terwijl de binnenste nog bevroren zijn.
DE STANDTIJD
na het ontdooien van voedsel is zeer belangrijk, omdat de dooiprocedure gedurende deze tijd wordt voortgezet. In de dooitabel vindt u de standtijd voor verschillende gerechten. Dikke, compacte gerechten hebben een langere standtijd nodig dan vlakke of gerechten met een poreuze structuur. Als het voedsel niet voldoende ontdood is, kunt u het verder ontdooien in de magnetron of de standtijd dienovereenkomstig verlengen. Gerechten na de standtijd bij voorkeur onmiddellijk verder verwerken en niet opnieuw invriezen.
HET KOKEN VAN VERSE GROENTEN

- Let bij het kopen van groenten op, dat de stukken zoveel mogelijk van gelijke grootte zijn. Dit is vooral van belang, wanneer u de groenten heel wilt koken (bijv. ongeschilde aardappelen).
- Groenten voor de bereiding wassen, panklaar maken en pas dan de vereiste hoeveelheid voor het recept afwegen en snijden.
- Kruidt zoals normaal, maar voeg in het algemeen pas na het koken zout toe,
-
Per 500 gr. groenten ca. 5 EL water toevoegen. Groenten die rijk aan vezels zijn, hebben wat meer water nodig. De nodige gegevens hierover vindt u in de tabel.
-
Groenten worden in het algemeen in een schaal met deksel gekookd. Vloeistofrijke groenten, zoals bijv. uien of geschilde aardappelen, kunnen zonder toevoeging van water in magnetronfolie worden gekookd.
- Groenten na de helft van de kooktijd roeren of omdraaien.
- Na het koken dient u de groenten ca. 2 min. te laten staan, zodat de temperatuur zich gelijkmatig verspreid (standtijd).
- De vermelde kooktijden zijn richtlijnen en zijn afhankelijk van gewicht, uitgangstemperatuur en hoedanigheid van de groenten. Hoe verser de groenten, des te korter zijn de kooktijden.

HET KOKEN VAN VLEES, VIS EN GEVOGELTE
- Let bij het kopen van vlees op, dat de stukken zoveel mogelijk van gelijke grootte zijn. Op die manier krijgt u een goed kookresultaat.
- Vlees, vis en gevogete voor de bereiding grondig wassen onder stromend koud water en met keukenpapier betten. Daarna zoals normaal verder werken.
- Rundsvlees dient goed behangen te zijn en weinig pezen te bevatten.
- Ondanks de gelijkmatige grootte van de vleesstukken kan het kookresultaat verschillend zijn. Dit hangt onder andere af van het soort vlees, van het verschillende vet- en vloeistofgehalte alsmede van de temperatuur van het vlees voor het koken.
- Vanaf een kooktijd van 15 min. verkrijgt men een natuurlijke bruinering, die door de toepassing van bruineringsmiddelen nog kan worden versterkt. Om daarnaast een knapperig oppervlak te verkrijgen, dient u bruineringsserviesgoed te gebruiken of het voedsel op het fornuis aan te braden en in de magnetron te laten gaar sudderen. Op die manier verkrijgt u tegelijkertijd een bruine substantie voor de toebereiding van de saus.
- Grotere vlees-, vis- en gevogeltestukken na de halve kooktijd draaien, zodat ze van alle kanten gelijkmatig gaar worden.
- Bedek uw braadvlees na het koken met aluminiumfolie en laat het ca. 10 min. rusten (standtijd). Gedurende deze tijd kookt het braadvlees na en de vloeistof wordt gelijkmatig verdeeld, zodat er bij het snijden minder vleessap verloren gaat.

ONTDOOIEN EN KOKEN VAN VOEDSEL
Diepvriesgerechten kunnen in de magnetron in één keer worden ontdooid en tegelijkertijd worden gekookd. In de tabel vindt u hiervan enkele voorbeelden. Zie pagina 51. Let u bovendien op de algemene aanwijzingen bij "verwarmen" en "ontdooien" van voedsel.
Voor toebereiding van in de handel gebruikelijke panklare diepvriesprodukten dient u zich aan de gegevens van de fabrikant op de verpakking te houden.
TABEL: MET DE MAGNETRON ONTDOOIEN
| Voedings- Hoeveel- Energie- Ontdooiings- Aanwijzingen Standtijd middel heid niveau tyd - Min -g - - % - - Min - | |||||
| Braadstuk 1500 | 10 55 - 60 Op een omgekeerd bord leggen en 30 - 90 1000 10 38 - 42 halverwege het ontdooien omdraaien 30 - 90 500 10 20 - 25 30 - 60 | ||||
| Biefstuk, kotelet, kalfslap | 200 | 30 | 2 - 4 | Op een omgekeerd bord leggen en halverwege het ontdooien | 10 - 15 |
| Runderstooflap | 500 | 30 | 8 - 9 | Op een bord leggen en halverwege het ontdooien omdraaien | 10 - 15 |
| Vleeswaren (zoals gekookte ham) | 200 | 30 | 2 - 4 | Op een bord leggen. Na 1 minuut bovenste en onderste plakje verwijderen omdraaien voordat u doorgaat | 5 |
| Worst | 300 | 30 | 3 - 5 | Op een omgekeerd bord leggen en halverwege het ontdooien omdraaien | 5 - 10 |
| Eend, kalkoen | 1500 | 10 | 42 - 46 | Op een omgekeerd bord leggen en halverwege het ontdooien omdraaien | 30 - 90 |
| Kip | 1200 30 | 18 - 20 Op een omgekeerd bord leggen en 30 - 90 halverwege het ontdooien omdraaien | |||
| Drumsticks (kip) | 200 | 30 | 3 - 4 | Op een bord leggen en halverwege het ontdooien omdraaien | 10 - 15 |
| Vis (heel) | 700 | 30 | 12 - 13 | Op een bord leggen en halverwege het ontdooien omdraaien | 30 - 60 |
| Visfilet | 400 | 30 | 5 - 7 | Op een bord leggen en halverwege het ontdooien omdraaien | 5 - 10 |
| Garnalen | 300 | 30 | 6 - 8 | Op een bord leggen en halverwege het ontdooien omdraaien | 5 |
| Broodjes, 2 | 80 | 30 1 - 1 | 12 | Op een bord leggen; niet helemaal ontdooien | - |
| Brood, gesneden | 250 | 30 | 2 - 3 | Op een bord legge; niet helemaal ontdooien | 5 |
| Brood, ongesneden | 1000 | 30 | 8 - 10 | Op een bord leggen en halverwege het ontdooien omdraaien | 15 |
| Cake, 1 plakje | 150 | 30 | 1 - 3 | Op een bord leggen | 10 |
| Cake, heel, met een doorsnede van 24cm | 30 | 9 - 11 | Op een cakeschaal leggen | 60 - 90 | |
| Boter | 250 | 30 | 1 - 3 | Op een bord leggen; niet helemaal ontdooien | 15 |
| Room | 200 | 30 | 2 + 2 | Deksel verwijderen; na 3 min. in een kom gieten en doorgaan met ontdooien | 5 - 10 |
| Plakjes kaas | 200 | 30 | 1 - 2 | Op een bord leggen en halverwege het ontdooien omdraaien | 10 |
| Fruit, zoals aardbeien frambozen, kersen, pruimen | 250 | 30 | 3 - 5 | Gelijkmatig over een bord uitspreiden en halverwege het ontdooien omdraaien | 5 |
Opmerking: U kan gemakkelijk ontdooien met de ONTDOOIEN-toets voor het menu's dat 30 % energieniveau gebruik.
TABEL: ONTDOOIEN EN KOKEN
| Voedings- Hoeveel- Energie- Ontdoolings- Aanwijzingen Standtijd middel heid niveau tyd - g - - % - - Min - | |||||
| Visfilet | 300 100 | 9 - 11 Op een | bord plaatsen en met | 1 - 2 magnetronfolie afdekken | |
| Forel, heel, 1 | 250 | 100 | 6 - 8 | Op een bord plaatsen en met magnetronfolie afdekken | 1 - 2 |
| Groenten 300 100 | 7 - 8450 100 | In een schaal met deksel plaatsen, 9 - 11 wat water toevoegen volgens de aanwijzingen op de verpakking en halverwege het koken omroeren | 2 | ||
TABEL: VOEDSEL EN DRANKEN OPWARMEN
| Voedings- Hoeveel- Energie- Ontdoolings- Aanwijzingen middel heid niveau tyd - g -- % -- Min - | ||||
| Drankje, 1 kopje | 150 100 b.b. | 1 Niet afdekkenzz | ||
| Opgediende 400 maaltijdz | 100 3 - 5500 100 | Saus of jus4 - 6 roeren, ook na het koken | met wat water besprenkelen, af en toe | |
| Stoofpot, soep | 200 100400 100 | 14 - 5 | 12 - 2 | Afdekken en na verwarmen omroeren |
| Bijgerechten | 200 100500 100 | 2 - 34 - 5 Met wat water besprenkelen en af en toe roeren | ||
| Vlees, 1 stuk | 200 100 | 3 - 4 Giet er wat jus overheen | ||
| Frankfurters | 180 | 70 1 - 1 | 12 | Op een bord leggen doorprikken |
| Babyvoeding, 1 potje | 190 | 50 | 12 - 1 Deksel verwijderen; na verwarmen goed omroeren temperatuur controleren | |
| Boter of margarine, smelten | 50 | 100 | 12 - 1 In een soepkom smelten | |
| Chocola, smelten | 100 | 50 | 3 - 4 | In een soepkom smelten |
ÖSTERREICH
Indien uw magnetron problemen geeft kunt u zich wenden tot uw dealer of een van de onderstaande Sharp service centra.
SHARP ELECTRONICS, Phone: 0900-10158, Web: http://www.sharp.be
Indien uw magnetron problemen geeft kunt u zich wenden tot uw dealer of naar onderstaand Sharp Service Centrum.
SHARP ELECTRONICS BENELUX BV,- Helpdesk -,Postbus 900,3990 DW Houten, Telefoon: 0900-7427723, Web: http://www.sharp.nl
DEUTSCHLAND
Stroombenodigdheid: Magnetron
Uitvoermogen Magnetron
Magnetronfrequentie
Afmetingen buitenkant
Afmetingen binnenkant
Ovencapaciteit
Draaitafel
Gewicht
Ovenlampje
: 230 V, 50 Hz, enkele fase
: Minimum 10 Å
: 1,35 kW
: 900 W (IEC 60705)
: 2450 MHz
: 520 mm (B) × 305 mm (H) × 422 mm (D)
: 342 mm (B) × 207 mm (H) × 368 mm (D)
: 26 liter
: ø325 mm, glas
: 15,5 kg
: 25 W/240 - 250 V
Deze magnetronoven voldoet aan de vereisten van Richtlijnen 89/336/EEC en 73/23/EEC zoals gewijzigd door 93/68/EEC.
DOOR CONTINUE VERBETERINGEN KUNNEN SPECIFICATIES ZONDER AANKONDIGING VERANDEREN.
SHARP

De pulp die gebruik is voor de vervaardiging van dit papier is voor 100 % afkomstig uit bossen die doorlopend opnieuw aangepland worden