EHC 12425 E - Keukenapparaat AMICA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis EHC 12425 E AMICA in PDF-formaat.
| Type product | Ingebouwd keukenapparaat (fornuis) |
| Merk | Amica |
| Model | EHC 12425 E |
| Afmetingen (H x B x D) | 59.5 x 59.5 x 57.5 cm |
| Gewicht | Ongeveer 44 kg |
| Voeding | 400/230V ~50 Hz, max 10.0 kW |
| Bruikbare oveninhoud | 53-58 liter |
| Type kookplaat | Keramische kookplaat met 4 verwarmingszones (inclusief een verbrede zone 14x25 cm) |
| Ovenfuncties | Bovenverwarming, onderverwarming, grill, hetelucht met ringverwarmingselement, hetelucht braden, verbeterde braadfunctie, snel opwarmen, ontdooien, drogen |
| Elektronische programmeur | Timer, halfautomatisch, automatisch bedrijf, instelbare pieptonen |
| Type bediening | Uittrekbare knoppen met elektronische sensoren |
| Veiligheidskenmerken | Kinderveiligheid, restwarmte-indicatoren, automatische uitschakeling, veiligheidssluiting op deur |
| Type deur | Verwijderbare deur met binnenste glasplaat voor eenvoudige reiniging |
| Ovenverlichting | Vervangbaar: 230V, 25W, E14, 300°C bestendig |
| Reiniging | Stoomreinigingsfunctie; schraper voor keramische kookplaat inbegrepen |
| Inbegrepen accessoires | Bakplaat, grillrooster, braadslede (optioneel) |
| Energie-efficiëntieklasse | Niet gespecificeerd in de handleiding (energielabel aanwezig) |
| Installatietype | Ingebouwd; uitsparing in werkblad: 560x490 mm |
| Aansluitingstype | Driefase (400V 3N~) aanpasbaar naar enkelfase via brugverbinding |
| Conformiteit | CE, Laagspanningsrichtlijn 73/23/EEG, EMC 89/336/EEG |
Veelgestelde vragen - EHC 12425 E AMICA
Gebruikersvragen over EHC 12425 E AMICA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Keukenapparaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EHC 12425 E - AMICA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EHC 12425 E van het merk AMICA.
GEBRUIKSAANWIJZING EHC 12425 E AMICA
De fornuizen van Amica combineren uitzonderlijk gebruiksgemak en optimale doeltreffendheid. Na het lezen van deze gebruikershandleiding zult u zonder problemen dit fornuis kunnen bedienen.
Voor het ingepakt werd en de fabriek verliet, werd dit fornuis bij de controleposten grondig gecontroleerd op het gebied van veiligheid en functionaliteit.
Voordat u het toestel aanschakelt, dient u deze gebruikershandleiding grondig door te lezen. De instructies uit deze handleiding helpen u om verkeerd gebruik van het toestel te voorkomen.
Bewaar deze gebruikershandleiding goed en zorg dat ze altijd binnen bereik is.
Om ongelukken te vermijden moeten de instructies uit deze handleiding precies nageleefd worden.
Opgelet!
Het fornuis mag pas gebruikt worden nadat u deze gebruikershandleiding grondig doorgelezen heeft.
Het toestel is uitsluitend ontworpen voor huishoudelijke kookdoeleinden.
De producent behoudt zich het recht voor om wijzigingen aan te brengen die geen invloed hebben op de werking van het toestel.
INHOUDSTAFEL
Veiligheidsinstructies....37
Beschrijving van het toestel....40
Installatie 44
Bediening 51
Bakken in de oven – praktische tips....60
Reiniging en onderhoud van het fornuis 62
- Tijdens het gebruik wordt het toestel heet. Wees voorzichtig en raak de hete onderdelen in de oven niet aan.
- Wees bijzonder voorzichtig als er kinderen in de buurt van het fornuis zijn, want ze kennen de bedieningsprincipes van het fornuis niet. De hete branders van de gaskookplaat, de ovenkamer, het rooster, de ruit van de deur, en potten en pannen met hete vloeistoffen kunnen brandwonden veroorzaken!
- Zorg ervoor dat er geen kleine keukentoestellen of hun kabels in direct contact komen met de hete oven of de kookplaat, want de isolatie van deze toestellen is niet bestand tegen hoge temperaturen.
- Laat het fornuis niet achter zonder toezicht terwijl u kookt. Oliën en vetten kunnen ontvlammen als gevolg van oververhitting of overkoken.
- Zorg ervoor dat de kookplaat niet vuil wordt of onderloopt door overlopende spijzen. Eventueel vuil moet onmiddellijk verwijderd worden.
- Plaats geen potten of pannen met een natte bodem op de hete kookvelden, want dit kan onomkeerbare wijzigingen aan de plaat veroorzaken (onverwijderbare vlekken).
- Gebruik enkel potten en pannen die volgens de aanwijzingen van de producent geschikt zijn om te koken op een keramische plaat.
- Als het oppervlak van de kookplaat gebarsten is, moet het toestel van het stroomnet ontkoppeld worden om elektrocutie te vermijden.
- Schakel de kookplaat niet aan zonder er eerst een pot of pan op te plaatsen.
- Het is verboden om potten of pannen met scherpe randen te gebruiken, want die kunnen de keramische plaat beschadigen
- Kijk niet naar de halogene kookvelden terwijl ze opwarmen (als ze niet afgedekt zijn met een pot of pan).
- Plaats geen potten of pannen met een gewicht van meer dan 15 kg op de open deur van de oven, en geen potten of pannen met een gewicht van meer dan 25 kg op de kookplaat.
- Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen of scherpe metalen voorwerpen om de glazen deur te reinigen. Hierdoor kan het oppervlak gekrast raken, wat kan leiden tot barsten in het glas.
- Het is aan te raden het deksel te reinigen vooraleer u het opent. U laat het oppervlak van de kookplaat best eerst afkoelen voordat u het deksel sluit.
- Het is verboden om een fornuis met technische defecten te gebruiken. Defecten mogen enkel hersteld worden door een erkend technicus met gepaste kwalificaties.
- Bij problemen veroorzaakt door technische defecten, moet het fornuis van het stroomnet ontkoppeld worden en moet het defect gemeld worden voor herstelling.
- Er mogen geen toestellen voor reiniging met stoom gebruikt worden om het fornuis te reinigen.
- Dit toestel mag niet gebruikt worden door personen met beperkte motorische, sensorische of psychische capaciteiten (met inbegrip van kinderen), of personen zonder ervaring of kennis van het toestel, tenzij dit gebeurt onder toezicht of in overeenstemming met de gebruikershandleiding van het toestel, die overgedragen werd door de personen die verantwoordelijk zijn voor hun veiligheid.
- Men moet ervoor zorgen dat kinderen niet met het toestel spelen.

Door op verantwoorde wijze energie te gebruiken bespaart u niet alleen op de kosten van het huishouden, maar werkt u ook bewust mee aan de bescherming van het milieu. Laten we daarom ons steentje bijdragen aan energie-besparing! Dat kan op de volgende manier:
- Gebruik goede potten en pannen om te koken.
Kookpotten en pannen mogen niet kleiner zijn dan de kroon van de vlam van de brander. Dek de potten en pannen steeds af met een deksel.
- Zorg ervoor dat de branders, het rooster en de gaskookplaat rein zijn.
Vuil verstoort de warmteoverdracht – sterk aangebrand vuil kan soms enkel verwijderd worden met gebruik van reinigingsmiddelen die niet milieuvriendelijk zijn.
Let er bijzonder op dat de vlamopeningen in de ring onder de branderdop en de openingen van de branderkoppen rein zijn.
- Vermijd onnodig opheffen van deksels om het kookproces te controleren.
Open ook niet onnodig vaak de deur van de oven.
- Gebruik de oven enkel voor grotere hoeveelheden.
Porties vlees tot 1 kg kunnen spaarzamer bereid worden in een pot op een brander van het fornuis.
- Gebruik de restwarmte in de oven.
Schakel bij baktijden van meer dan 40 minu- ten de oven 10 minuten voor het einde van de bakbeurt uit.
Opgelet! Hou rekening met de kortere baktijd bij het instellen van de programmator.
- Sluit de deur van de oven zorgvuldig. Otherwise energy consumption increases unnecessarily.
- Bouw het fornuis niet in de onmiddellijke nabijheid van koelkasten of diepvriezers.
Het energiegebruik van deze toestellen stijgt hierdoor onnodig.

Het toestel wordt door zijn verpakking beveiligd tegen beschadigingen tijdens het transport. Na het uitpakken van het toestel dient u de verpakkingselementen te recycleren op milieuvriende-
lijke wijze.
Alle materialen die gebruikt worden voor de verpakking zijn onschadelijk voor het milieu. Ze zijn 100% geschikt voor recyclage en zijn aangeduid met het gepaste symbool.
Opgelet! De verpakkingsmaterialen (zakjes uit polyethyleen, stukken piepschuim, enz.) moeten tijdens het uitpakken buiten het bereik van kinderen gehouden worden.

Op het einde van de gebruiksperiode mag dit product niet bij het gewone huisvuil geplaatst worden, maar moet afgegeven worden bij een verzamelpunt voor recyclage van elektrische en elektronische toestellen. Dit
wordt aangegeven door het gepaste symbool op het product, in de gebruikershandleiding of op de verpakking.
De materialen die gebruikt zijn bij de productie van het toestel, zijn geschikt voor hergebruik volgens hun aanduiding. Dankzij dit hergebruik, de verwerking van materialen of andere vormen van hergebruik van afgedankte toestellen draagt u bij tot de bescherming van het milieu.
Informatie over het verzamelpunt voor gebruikte toestellen kunt u krijgen bij de gemeentediensten.
BESCHRIJVING VAN HET TOESTEL


1 Draaiknop van de temperatuurregelaar
2 Draaiknop voor de keuze van de functie van de oven
3, 4, 5, 6 Draaiknoppen voor de bediening van de kookplaten
7 Controlelampje van de temperatuurregelaar rood
8 Greep van de deur van de oven
9 Keramische plaat
10 Elektronische programmator
BESCHRIJVING VAN HET TOESTEL

1 Draaiknop van de temperatuurregelaar
2 Draaiknop voor de keuze van de functie van de oven
3, 4, 5, 6 Draaiknoppen voor de bediening van de kookplaten
7 Controlelampje van de temperatuurregelaar rood
8 Greep van de deur van de oven
9 Keramische plaat
Keramische plaat

Verwarmingsindicator van een kookveld
3a ∅ 18 / ∅ 12 cm
4a ∅ 14 x 25 cm
5a ∅ 18 cm
6a ∅ 14,5 cm
Uitrusting van het fornuis – overzicht:

Bakplaat voor gebak*

Grillrooster (droogrekje)

Bakplaat voor gebraad
*Bepaalde modellen
Voorbereiding van het meubelblad om de plaat in te bouwen
- De keukenruimte moet droog en goed verlucht zijn en een goed werkende ventilatie bezitten. De opstelling van het fornuis moet een vrije toegang tot alle bedieningselementen garanderen. Het fornuis is ontworpen volgens klasse Y, d.w.z. dat het aan één zijde ingebouwd kan worden tegen een hoog meubel of een muur.
- Het meubelblad moet tussen 28 en 40 mm dik en minimum 600 mm diep zijn. Het blad moet vlak zijn en goed waterpas staan. Het blad moet aan de kant van de muur afgedicht en beveiligd zijn tegen insijpelend water en vocht.
- De afstand tussen de rand van de opening en de rand van het blad moet vooraan min. 60 mm en achteraan min. 50 mm bedragen.
- De bekleding en lijm die voor de inbouwmeubelen gebruikt zijn, moeten tegen een temperatuur van 100°C bestand zijn. Als deze voorwaarde niet voldaan is, kan het oppervlak vervormd raken of kan de bekleding loskomen.
- De randen van de opening moeten beveiligd worden met vochtbestendig materiaal.
- De opening in het blad moet volgens de afmetingen op fig. 1 gemaakt worden.

Montage van de schuimrubber dichting
Inbouw van het apparaat zonder dichting is verboden.
Breng de dichting als volgt op het apparaat aan:
Plak de meegeleverde schuimrubber dichting op de onderkant van het frame van de kookp- laat, voordat u het apparaat in het werkblad inbouwt.
- verwijder de beschermende folie van de dichting;
- plak de dichting vervolgens op de onderkant van het frame (afb.).

Montage van de plaat in het meubelblad
- Bij een blad met een dikte van 38 mm moet u 4 bevestigingsgrepen „A” gebruiken om de plaat te bevestigen. De montagewijze is opgegeven op fig. 2 en 3. Bij een blad met een dikte van 28 mm moet u naast de bevestigingsgrepen “A” nog 4 houten blokjes met een afmeting van 15x15x50 mm gebruiken. De montagewijze is opgegeven op fig. 4 en 5.
- Controleer of de pakking goed tegen de plaat aansluit.
- Draai de bevestigingsgrepen lichtjes aan de onderkant van de plaat.
- Reinig het blad, plaats de plaat in de opening en druk ze tegen het blad aan.
- Plaats de bevestigingsgrepen loodrecht op de randen van de plaat en draai ze stevig aan.
2

1 - meubelblad
2 - schroef
3 - bevestigingsgreep
4 - kookplaat
5 - pakking van de
plaat
③

Montage van de plaat in het meubelblad
4

1 - meubelblad
2 - schroef
3 - bevestigingsgreep
4 - kookplaat
5 - pakking van de
plaat
6 - houten blokje
5

Montage van de oven:
- bereid de montageopening voor de oven voor in het meubel volgens de afmetingen die op de figuur aangeduid zijn (fig.A),
- sluit de oven aan op het stroomnet terwijl de stroom uitgeschakeld is,
- schuif de oven gedeeltelijk in de voorbereide opening in het meubel en sluit de oven aan op de kookplaat (fig.B).
- de aardkabel van de plaat (geel-groen) moet verbonden worden met de aardklem van de oven (aangeduid met_) die zich bij de aansluiting bevindt.
- schuif de oven volledig in de opening en beveilig hem tegen uitschuiven met behulp van vier schroeven op de plaatsen die op de figuur aangeduid zijn (fig.C).

Fig. A

flowchart
graph TD
A["Machine"] --> B{Switch}
B --> C["Internal Components"]
C --> D["External Component"]
D --> E["Final Assembly"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style C fill:#cfc,stroke:#333
style D fill:#fcc,stroke:#333
Fig. B

Aansluiting van het fornuis op de elektrische installatie
Opgelet!
De plaat mag enkel op de elektrische installatie aangesloten worden door een erkend installateur met de gepaste kwalificaties. Het is verboden om zelfstandig wijzigingen of aanpassingen aan te brengen aan de elektrische installatie.
Instructies voor de installateur
Het fornuis is in de fabriek aangepast aan voeding met driefasige wisselstroom (400V 3N\~50Hz). De nominale spanning van de verwarmingselementen van het fornuis bedraagt 230V. Het fornuis kan aangepast worden aan voeding met eenfasige stroom (230V) door een gepaste overbrugging op de contactstrip volgens het bijgevoegde aansluitschema. Er is ook een aansluitschema bij de aansluiting van het fornuis geplaatst. De contactstrip is bereikbaar nadat u het deksel van de aansluiting wegneemt door de klemmen te deblokkeren met een platte sleutel. Vergeet niet een gepaste leiding te kiezen volgens het soort aansluiting en het nominale vermogen van het fornuis.
De aansluitleiding moet gemonteerd worden op de steun voor de aansluiting van het for- nuis.Opgelet!
Vergeet niet het aardingscircuit aan te sluiten op de klem van de contactstrip, die aangegeven is met het teken ^1/2 . De elektrische installatie die het fornuis van stroom voorziet, moet beveiligd zijn met een gepaste zekering die de stroom afsluit in noodgevallen. De afstand tussen de werkcontacten van de zekering moet min. 3 mm bedragen.
Voordat u het fornuis op de elektrische installatie aansluit, moet u de informatie op het typeplaatje en het aansluitschema lezen.

| SCHEMA MET MOGELIJKE AANSLUITINGENOpgelet! Spanning van de verwarmingselemen-ten 230VOpgelet! Bij elke aansluitingsvariant moet de aardingsleiding aangesloten zijn op de klem + PE | ![]() | Aanbevolen soort aansluit-leiding | ||||
| 1 Bij een stroomnet van 230 V eenfas-sige aansluiting met een nulleiding, de bruggen verbinden de klemmen 1-2-3 en 4-5, aardingsleiding op + | ![]() | H05VV-F3G4 | ||||
| 2 Bij een stroomnet van 400/230 V tweefasige aansluiting met een nul-leiding, de bruggen verbinden de klemmen 2-3 en 4-5, aardingsleiding op + | ![]() | H05VV-F4G2,5 | ||||
| 3 Bij een stroomnet van 400/230 V drie-fasige aansluiting met een nulleiding, de bruggen verbinden de klemmen 4-5, de faseleidingen zijn aangesloten op 1, 2 en 3, de nulleiding op 4-5, aardingsleiding op + | ![]() | H05VV-F5G1,5 | ||||
| Faseleidingen - L1=R, L2=S, L3=T; N – nulleiding; PE – aardingsleiding | ||||||
voor u de oven voor de eerste maal aanschakelt
- verwijder de verpakkingselementen en de onderhoudsmiddelen die in de fabriek aangebracht werden, uit de binnenkant van de oven,
- neem de uitrusting uit de oven en was ze met warm water met afwasmiddel,
- schakel de ventilatie in de ruimte aan of open het raam,
- druk de draaiknop zachtjes in en draai hem naar rechts in de stand of (zie hoofdstuk: Werking van de timer en besturing van de oven),
- verwarm de oven (tot een temp. van 250°C, ong. 30 min.), verwijder alle vuil en was de oven grondig uit.
De draaiknoppen zijn "verborgen" in het bedieningspaneel, om een functie te kiezen gaat u als volgt tewerk:
1.druk zachtjes de draaiknop in en laat hem weer los,
2. stel de gewenste functie in. De aanduiding rond de draaiknop komt overeen met de opeenvolgende functies die door de oven uitgevoerd kunnen worden.


In ovens die zijn uitgerust met de elektronische programmeerfunctie Ts, verschijnt na aansluiting op het lichtnet op het display de pulserende tijdsaanduiding „00:00”.
Stel de actuele tijd van de program- meerfunctie in. (Zie bediening van de programmeerfunctie) De oven werkt niet als u de actuele tijd niet instelt.
Belangrijk!
De elektronische programmeerfunctie Ts is uitgerust met sensors die worden geactiveerd door met de vinger een gemerkt oppervlak aan te raken (tip-toetsen).
Elke aanraking van een sensor gaat gepaard met een geluidssignaal. Houd de oppervlakte van de sensors schoon.
Bediening van de kookvelden van de keramische plaat.
Keuze van potten en pannen
Goed gekozen potten en pannen hebben een bodemgrootte en vorm die ongeveer overeenstemt met het gebruiksoppervlak van het kookveld. Voor braadsleden is er een speciaal verbreed kookveld van 140 x 250. Gebruik geen potten en pannen met een holle of bolle bodem. Hou er rekening mee dat de potten en pannen een gepast deksel moeten hebben. Het is aan te raden om potten en pannen met een dikke, gedraaide bodem te gebruiken. Als het oppervlak van de kookvelden en de potten en pannen vuil is, kan de warmte niet volledig benut worden.

Keuze van het verwarmingsniveau
De kookvelden hebben verschillende verwarmingsvermogens. Het verwarmingsvermogen kan stapsgewijs geregeld worden door de draaiknop naar links of rechts te draaien.
Voorbeeldinstellingen van de draaiknop
0 Uitschakelen
• MIN. Opwarmen
1 Stoven van groenten, langzaam koken
- Koken van soepen, grotere hoeveelheden
2 Langzaam braden
• Aanbraden van vlees, vis
3 MAX. Snel opwarmen, snel koken, braden

Aanschakelen van het verbrede kookveld
Belangrijk!
Het kookveld mag enkel aangeschakeld worden door de draaiknop in wijzerzin te draaien. Als u in de andere richting draait, kunt u de schakelaar beschadigen.

Binnen het bereik 0 ● 1 ● 2 ● 3 van de draaiknop werkt het binnenste kookveld en kan de hoeveelheid naar de pot aangevoerde warmte geleidelijk geregeld worden. Door de knop kort door te draaien naar de stand Ⓞ wordt het buitenste kookveld aangeschakeld. Vanaf dat moment kan de hoeveelheid warmte die door de twee kookvelden (binnenste en buitenste) naar de pot aangevoerd wordt, geleidelijk geregeld worden, omdat de binnenste schakelaar deze velden pas uitschakelt als de draaiknop op stand 0 geplaatst wordt.
Verwarmingsindicator van een kookveld
Als de temperatuur van een kookveld meer dan 50°C bedraagt, wordt dit aangegeven door het gepaste veld van de indicator.
De verwarmingsindicator van een kookveld waarschuwt de gebruiker zodat hij het aanraken van een heet kookveld kan vermijden. Na het uitschakelen van de verwarming van een kookveld, zal het veld nog voor ong. 5-10 minuten de vergaarde warmte behouden, die bv. benut kan worden voor het opwarmen of warm houden van spijzen zonder dat de verwarming van het veld nog moet aangeschakeld worden.
AUTO aanduiding van de functies
1 - sensor voor de keuze van de functies van de programma-
tor
2 - sensor „-”
3 - sensor „+”
Instelling van het uur
Nadat het toestel aangesloten is op het stroomnet of opnieuw aangeschakeld werd na een stroompanne, geeft de display knipperend,

Opgelet!
De oven kan opgestart worden nadat het symbool 📋bp de display verschijnt.
Nadat het toestel van het stroomnet ontkoppeld wordt of na een stroompanne, onthoudt de programmator de instellingen voor ongeveer 2,5 minuten.
Timer
De timer kan op elk moment geactiveerd worden, ongeacht de werkstand van de andere functies van de programmator. Het tijdsbereik gaat van 1 minuut tot 23 uur en 59 minuten. Om de timer in te stellen moet u:
- sensor 1 indrukken. Op de display begint het symbool te knipperen :

- druk op sensor 1, en op de display ver schijnt het symbool , 3 e
- stel het huidige uur in met beh sensors 2 en 3.
Ongeveer 7 sec. na het instellen van het uur worden de nieuwe gegevens opgeslagen en stopt de uuraanduiding met knipperen.
U kunt het uur later corrigeren door tegelijkertijd op sensors 2 en 3 te drukken. De aanduiding op de display begint te knipperen. Daarna kunt u het ingestelde uur corrigeren.
*Bepaalde modellen
ver de tijd van de timer instellen met sensors 3 en 2 . De display geeft de ingestelde tijd van de hulp van timer aan en de actieve functie
Na het verstrijken van de ingestelde tijd gaat het geluidssignaal aan en begint te knipperen,
- druk op sensor 1, 2 of 3 om het signaal uit te schakelen. De functie gaat uit en de display geeft weer het huidige uur aan.
Opgelet!
Als het geluidssignaal niet handmatig uitgeschakeld wordt, slaat het automatisch af na ongeveer 7 minuten.
Als de oven zichzelf moet uitschakelen op een bepaald uur, moet u:
- de draaiknop voor de functie van de oven en de draaiknop voor de temperatuurinstelling instellen op de standen, waarin de oven moet werken,
- sensor 1 indrukken totdat de aanduiding van de display begint te knipperen:

- de gewenste tijd instellen met sensors 3 en 2, gaande van 1 minuut tot 10 uur.
De ingestelde tijd wordt in het geheugen opgeslagen na ongeveer 7 sec. Daarna geeft de display opnieuw het huidige uur aan en de actieve functie AUTO.
Na het verstrijken van de ingestelde tijd schakelt de oven zichzelf automatisch uit, slaat het geluidssignaal aan en begint de functie AUTO te knipperen.
- plaats de draaiknoppen voor de van de oven en de temperatuurinstelling in uitstand.
- druk op sensor 1, 2 of 3 om het signaal uit te schakelen. De functie AUTO gaat uit en de display geeft weer het huidige uur aan.
Opgelet!
De ovens zijn uitgerust met één bedieningsknop: de draaiknop voor de functie van de oven en de temperatuurregelaar zijn geïntegreerd in één knop.
Automatische stand
Als de oven aangeschakeld moet worden voor een bepaalde duur en zichzelf op een bepaald uur moet uitschakelen, dan moeten de werkingstijd en het einduur ingesteld worden:
- druk op sensor 1 totdat de aanduiding op de display begint te knipperen:

- stel de gewenste werkingstijd in met sensors 3 en 2, net zoals bij de halfautomatische stand,

- stel het uur voor het uitschakelen (einduur) in met sensors 3 en 2. Het einduur is functie beperkt tot een tijdstip binnen 23 uur en 59 minuten.
- stel de draaiknop voor de functie van de oven en de draaiknop voor de temperatuurinstelling in op de gewenste standen, waarin de oven moet werken.
De functie AUTO is actief, de oven zal beginnen werken op het moment dat blijkt uit het verschil tussen het ingestelde einduur en de ingestelde werkingstijd (bv. de ingestelde werkingstijd bedraagt 1 uur, het ingestelde einduur is 14.00, dus de oven zal zichzelf automatisch aanschakelen om 13.00).
Automatische stand
Nadat het einduur bereikt is, schakelt de oven zichzelf automatisch uit, slaat het geluidssignaal aan en begint de functie AUTO te knipperen.
- plaats de draaiknoppen voor de van de oven en de temperatuurinstelling in uitstand
- druk op sensor 1, 2 of 3 om het signaal uit te schakelen. De functie AUTO gaat uit en de display geeft weer het huidige uur aan, bv. 12.35.

Wijziging van de toon van het geluidssignaal
De toon van het geluidssignaal kunt u op de volgende manier wijzigen:
- druk tegelijkertijd op sensors 2 en 3, functies met sensor 1 de functie "toon". D aanduiding van display begint te knipperen:

- kies met sensor 2 de gepaste toon tussen 1 en 3.
Resetten van de instellingen
De instellingen van de timer of de automatische stand kunnen op elk moment gereset worden.
Om de instellingen van de automatische stand te resetten moet u:
- tegelijkertijd op sensors 2 en 3 drukken.
Om de instellingen van de timer te resetten moet u:
- met sensor 1 de functie timer kiezen
- nogmaals op sensors 2 en 3 drukken.
Functies en bediening van de oven
Oven met gestuurde luchtcirculatie (met ventilator en verwarmingselement voor heteluchtcirculatie)
De oven kan verwarmd worden met behulp van een verwarmingselement bovenaan en onderaan, een grillelement en een verwarmingselement voor heteluchtcirculatie. De oven kan bediend worden met behulp van de draaiknop voor de functie van de oven - draai de draaiknop naar de gewenste functie om de oven in te stellen – en met behulp van de draaiknop van de temperatuurregelaar – draai de draaiknop naar de gewenste temperatuur om de oven in te stellen.
De draaiknoppen zijn "verborgen" in het bedieningspaneel, om een functie te kiezen gaat u als volgt tewerk:
- druk zachtjes de draaiknop in en laat hem weer los,
- stel de gewenste functie in. De aanduiding rond de draaiknop komt overeen met de opeenvolgende functies die door de oven uitgevoerd kunnen worden.

De oven kan uitgeschakeld worden door beide draaiknoppen in de stand „ ●” / „0”te plaatsen.
Opgelet!
Als er een functie van de oven ingesteld is, wordt de verwarming (van een verwarmingselement enz.) pas aangeschakeld als de temperatuur ingesteld is.

Nulstand

Onafhankelijke verlichting van de oven
Door de draaiknop in deze stand te plaatsen wordt de binnenkant van de oven verlicht.

Heteluchtcirculatie aangeschakeld
Als de draaiknop in de stand „hete-luchtcirculatie aangeschakeld” ingesteld is, wordt de verwarming van de oven op gecontroleerde wijze ondersteund met behulp van een heteluchtventilator die op een centrale plaats in de achterwand van de kamer van de oven gemonteerd is. In vergelijking met een conventionele oven wordt een lagere baktemperatuur gebruikt. Deze verwarmingsmethode zorgt voor een gelijkmatige spreiding van de warmte rond de gerechten in de oven. Bereiding van kant-en-klare (ingevro-ren) gerechten zoals cake, pizza, frie-ten. Ontdooien (vlees, fruit, groenten, gebak). Bij delicate gerechten (die rauw gegeten worden, bv. aardbeien) wordt de verwarmingsfunctie niet aangeschakeld, bij het ontdooien van bv. vlees wordt de temperatuur op 50-75°C ingesteld.
Drogen van fruit, paddenstoelen (op enkele niveaus, temperatuur 50-80°C).

Heteluchtcirculatie en verwarmingselement onderaan aangeschakeld
Bij deze stand zijn de functie heteluchtcirculatie en het verwarmingselement onderaan aangeschakeld, waardoor de temperatuur aan de onderkant van het gerecht verhoogt. Er wordt een grote hoeveelheid warmte onderaan het gerecht geleverd. Nat gebak, pizza.

Ventilator en grill aangeschakeld
Bij deze stand van de draaiknop voert de oven de functie van grill met ventilator uit. In de praktijk laat deze functie toe om het braadproces te versnellen en de smaak van de gerechten te verbeteren.
Opgelet!
Bij het gebruik van de functie werkt alleen de ventilator als de temperatuurregelaar op nulstand staat. In deze stand kunnen gerechten of de oven gekoeld worden.

Grill aangeschakeld
Oppervlakkig "grillen" wordt toegepast om kleine porties vlees te braden: steaks, schnitzels, vis, toasts, worstjes, ovenschotels te grillen (het gegrilde gerecht mag niet dikker dan 2-3 cm zijn, tijdens het bakken moet het omgedraaid worden).

Supergrill
Met de functie „supergrill” worden gerechten gegrild terwijl het verwarmingselement bovenaan ook aangeschakeld is. De functie laat toe om een hogere temperatuur in de bovenlaag van de oven te bereiken, waardoor de gerechten meer gebruind worden. Dit laat ook toe om grotere porties te braden.

Verwarmingselement bovenaan aangeschakeld
Door de draaiknop in deze stand te plaatsen wordt de oven enkel met behulp van het verwarmingselement bovenaan verwarmd. Bruinen van het gerecht, bijbakken van boven, bijgrillen.

Verwarmingselement onderaan aangeschakeld
Bij deze stand wordt de oven enkel met het verwarmingselement onderaan verwarmd. Bijbakken van gebak onderaan (bv. vochtig gebak en gebak met vruchten).

Verwarmingselement onderaan en bovenaan aangeschakeld
Door de draaiknop in deze stand te plaatsen wordt de oven op conventionele wijze verwarmd. Ideaal om taarten, vlees, vis, brood, pizza (vo- orverwarmen en gebruik van donkere bakplaten vereist) te bakken en om op één niveau te bakken.
Het aanschakelen van de oven wordt aangegeven met twee controlelampjes, een geel en een rood. Het gele controlelampje geeft aan dat de oven werkt. Als het rode controlelampje uitgaat, heeft de oven de ingestelde temperatuur bereikt. Als het recept aangeeft dat het gerecht in een voorverwarmde oven geplaatst moet worden, dan mag u dit pas doen als het rode controlelampje voor de eerste maal uitgaat. Tijdens de bereiding zal het rode lampje af en toe aan- en uitgaan (de temperatuur in de oven wordt op peil gehouden). Het gele controlelampje kan ook branden als u de draaiknop in stand "Verlichting van de oven" plaatst.
Snel opwarmen van de oven
Bij ovens met een gestuurde luchtcirculatie, die uitgerust zijn met een ventilator en verwarmingselement voor heteluchtcirculatie, kunt u gebruik maken van de functie 'snel opwarmen' – de oven bereikt in ong. 4 min. een temperatuur van 150°C.
Handelswijze:
- stel de draaiknop voor de functie van de oven in op stand heteluchtcirculatie + verwarmingselement onderaan
- stel de temperatuurregelaar in op de stand 150°C,
- de oven warmt op tot een temperatuur van 150°C (of lager indien zo ingesteld). Als de temperatuur bereikt wordt, gaat het rode controlelampje van de temperatuurregelaar uit,
- nu kunt u de bakplaat met deeg in de oven plaatsen,
- stel de draaiknop voor de functie van de oven in op de gewenste verwarmingsfunctie (zie hoofdstuk Bakken in de oven – praktische tips).
Opgelet!
Tijdens de snelle verwarming mogen er geen bakplaten met deeg of andere onderdelen van de uitrusting in de oven staan.
Het is niet aangeraden om de functie voor snelle verwarming te gebruiker als de programmator geprogrammeerd is.
Gebruik van de grill
Tijdens het grillproces ondergaan de gerechten de inwerking van infrarood dat uitgezonden wordt door het verhitte verwarmingselement van de grill.
Om de grill aan te schakelen moet u:
- de draaiknop van de oven op de stand
- de oven ongeveer 5 minuten verwarmen (met gesloten deur)
- de bakplaat met het gerecht op het gepaste niveau plaatsen, en als u gebruikt maakt van het spit een bakplaat voor het druipende vet vlak onder het spit plaatsen.
- de deur van de oven sluiten.

Voor de grillfunctie en supergrill moet de temperatuur ingesteld worden op 250°C, en voor de functie grill met ventilator op maximum 200°C.
Opgelet!
Tijdens het grillen moet de deur van de oven gesloten zijn.
Als de grill gebruikt wordt, kunnen de bereikbare onderdelen heet worden. Laat geen kinderen bij de oven komen.
Gebak
- het is aan te raden om gebak te bereiden op de bakplaten die deel uitmaken van de uitrusting van het fornuis,
- gebak kan bereid worden in bakvormen of bakplaten die op het droogrekje geplaatst moeten worden. Voor gebak worden best zwarte bakvormen gebruikt omdat deze beter de warmte geleiden en de baktijd verkorten.
- we raden af om bakvormen en bakplaten met een helder en blinkend oppervlak te gebruiken wanneer u gebruik maakt van de conventionele verwarmfunctie (verwarmingselementen bovenaan + onderaan). Bij dit soort bakvormen wordt de onderkant van het gebak niet goed doorbakken.
- als u gebruik maakt van de functie voor heteluchtcirculatie moet u de oven niet voorverwarmen. Voor de andere verwarmingsfuncties moet de ovenkamer voorverwarmd worden voordat u het gebak erin plaatst,
- voordat u het gebak uit de oven neemt, kunt u de kwaliteit ervan controleren met een houten stokje (als het gebak gelukt is, blijft het stokje droog en zuiver wanneer u het erin steekt),
- het is aangeraden om het gebak nog ong. 5 min. in de oven te laten nadat u de oven uitgeschakeld heeft.
- de baktemperaturen bij gebruik van de functie voor heteluchtcirculatie zijn normaal gezien ong. 20-30 graden lager dan bij conventioneel bakken (met gebruik van de verwarmingselementen bovenaan en onderaan),
- de parameters voor gebak in tabel geven enkel aanwijzingen en kunnen gecorrigeerd worden volgens uw eigen ervaring en culinaire smaak,
- indien de informatie in kookboeken duidelijk afwijkt van de waarden in de handleiding van het fornuis, laat u zich best leiden door de richtlijnen in de handleiding.
Vlees braden
- in de oven kunnen porties vlees van meer dan 1 kg bereid worden. Kleinere stukken worden beter op de gasbranders van het fornuis bereid.
- bij het braden worden best vuurvaste schotels gebruikt. Ook de handgrepen van deze schotels moeten bestand zijn tegen hoge temperaturen.
- bij braden op het droogrekje of op het rooster wordt er best een braadplaat met een kleine hoeveelheid water op het laagste niveau geplaatst.
- het vlees wordt best minstens éénmaal halverwege de braadtijd omgedraaid op zijn andere zijde. Tijdens het bakken moet het vlees ook af en toe overgoten worden met de saus die ontstaat bij het braden of met heet, zout water. Het vlees mag niet met koud water overgoten worden.
| Soort gebak gerecht | Functies van de oven | Temperatuur Niveau Tijd* [min.] | |
![]() | ![]() | 160 - 200 2 - 3 | 30 - 50 |
![]() | [K8KK] | 160 - 180 2 20 | - 40* |
![]() | ![]() | 140 - 160 2 10 | - 40* |
![]() | ![]() | 200 - 230 1 - 3 | 10 - 20 |
![]() | ![]() | 210 - 220 2 45 | - 60 |
![]() | ![]() | 160 - 180 2 - 3 | 45 - 60 |
| [KBCC] | ![]() | 190 2 - 3 60 | - 70 |
![]() | ![]() | 230 - 250 4 14 | - 18 |
![]() | [BCY8] | 225 - 250 2 120 | - 150 |
![]() | ![]() | 160 - 180 2 120 | - 160 |
![]() | ![]() | 160 - 230 2 90 | - 120 |
| [7ABZ] | ![]() | 160 - 190 2 90 | - 120 |
![]() | ![]() | 200 - 220 2 - 3 | 50 - 60 |
![]() | ![]() | 160 - 180 2 45 | - 60 |
![]() | ![]() | 175 - 190 2 60 | - 70 |
![]() | ![]() | 190 - 210 2 40 | - 50 |
![]() | ![]() | 170 - 190 3 40 | - 50 |
* Kleine gebakjes
Belangrijk!
De parameters in tabellen geven enkel aanwijzingen en kunnen gecorrigeerd worden volgens uw eigen ervaring en culinaire smaak.
De zorg waarmee de gebruiker het fornuis reinigt en onderhoudt, heeft een belangrijke invloed op zijn levensduur en probleemloze werking.
Voor de reiniging moet de oven uitgeschakeld worden. Let er hierbij op dat alle draaiknopen in de stand “●”/“0” staan. De oven mag pas gereinigd worden als hij afgekoeld is.
Reiniging na elk gebruik
- Licht, niet aangebrand vuil moet verwijderd worden met een vochtige doek zonder reinigingsmiddel. Bij gebruik van een afwasmiddel kan er een blauwachtige verkleuring ontstaan. Hardnekkige vlekken laten zich niet altijd verwijderen bij de eerste reiniging, zelfs bij gebruik van een speciaal reinigingsmiddel.
- Sterk aangekoekt vuil moet verwijderd worden met een schraper. Daarna moet het oppervlak gereinigd worden met een vochtige doek.

Schraper om de kookplaat te reinigen
- De oven moet na elk gebruik gereinigd worden. Bij de reiniging moet de verlichting aangeschakeld worden, zodat u beter de werkruimte ziet.
- De kamer van de oven mag enkel met warm water met een beetje afwasmiddel gereinigd worden.
- Stoomreiniging – Steam Clean:
- giet 0,25l water (1 glas) in een komme-tje dat u op het eerste niveau van onder in de oven plaatst,
- sluit de deur van de oven,
- stel de temperatuurknop in op stand 50°C, en de functieknop op de functie verwarmingselement onderaan.
- warm de ovenkamer ongeveer 30 minuten op,
- open de deur van de oven, reinig de binnenkant van de oven met een doek of sponsje en was de oven daarna uit met warm water met afwasmiddel.
- Wrijf na het wassen de ovenkamer droog.
Opgelet!
Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen voor het reinigen en onderhouden van de glazen voorzijde.
Vervanging van het verlichtingslampje van de oven
Om elektrocutie te vermijden dient u het toestel uit te schakelen vooraleer u het lampje vervangt.
- Stel alle draaiknoppen in op stand “●”/“0” en schakel de voeding uit,
- Draai het omhulsel van de lamp uit, was het en wrijf het goed droog,
-
Draai het verlichtingslampje uit en vervang het indien nodig door een nieuw lampje dat bestand is tegen hoge temperaturen (300°C), met volgende parameters:
-
spanning 230 V
- vermogen 25 W
- schroefdraad E14

- Draai het lampje in en zorg ervoor dat het goed in de keramische fitting zit,
- Draai het omhulsel van het lampje in.
Fornuizen die aangeduid zijn met letter D, zijn uitgerust met gemakkelijk uitneembare staafgeleiders (laddertjes) voor insteekonderdelen van de oven. Om ze te demonteren moet u aan de klem vooraan (Z1) trekken, daarna de geleider wegbuigen en uit de klem achteraan nemen (Z2). Na het reinigen plaats u de geleider terug in de montageopeningen en drukt u de klemmen (Z1 en Z2) weer aan.

Demontering van de zijladdertjes
Fornuizen die aangeduid zijn met de letters Db, hebben roestvrije, uitschuifbare geleiders die vastgemaakt zijn aan de staafgeleiders*. Deze geleiders moeten samen met de staafgeleiders weggenomen en gereinigd worden. Voordat u er bakplaten op plaatst, moet u ze uitschuiven (als de oven warm is kunt u de geleiders uitschuiven door de achterrand van de schotel vast te haken aan de schokdempers die zich vooraan de uitschuifbare geleiders bevinden) en daarna samen met de bakplaat terugschuiven.
*Bepaalde modellen
REINIGING EN ONDERHOUD VAN HET FORNUIS
Wegnemen van de deur
Om gemakkelijker toegang te hebben tot de ovenkamer en die te reinigen, kunt u de deur wegnemen. Hiervoor moet u de deur openen en de beveiliging op het scharnier naar boven klappen. Doe de deur lichtjes toe, hef ze op en neem ze naar voor toe uit. Om de deur opnieuw te monteren gaat u omgekeerd te werk. Bij het monteren moet u erop letten dat de uitsparing op het scharnier correct op de uitstulping van de scharnierhouder geplaatst is. Plaats altijd de beveiliging terug nadat u de deur terug gemonteerd hebt en druk ze goed aan. Als u de beveiliging niet correct terug-plaatst, kan het scharnier beschadigd raken wanneer u de deur probeert te sluiten.

Verwijderen van de binnenruit
- Draai met behulp van een kruisschroe-vendraaier de schroeven in de zijdoppen uit (fig. A).
- Duw de doppen uit met behulp van een platte schroevendraaier en neem de bovenlat van de deur weg (fig. A, B).
- Trek de binnenruit uit de houder (in het onderste deel van de deur) (Fig. C).
3a. Neem de middenruit weg. - Was de ruit met warm water en een klein beetje reinigingsmiddel.
Ga omgekeerd te werk om de ruit op- nieuw te monteren. Het gladde deel van de ruit moet zich bovenaan bevinden.

Verwijderen van de binnenruit
Periodieke controle
Naast het lopende onderhoud en reiniging van het fornuis moet u ook:
- regelmatig de werking van de bedienings-elementen en de werkende onderdelen van het fornuis controleren. Na het ver-strijken van de garantieperiode moet u ten minste één maal per twee jaar een technische controle van het fornuis laten uitvoeren door een onderhoudsdienst,
- de vastgestelde gebreken verhelpen,
- een regelmatig onderhoud van de werkende onderdelen van het fornuis uitvoeren.
Opgelet!
Alle herstellingen en instellingen moeten uitgevoerd worden bij een erkende onderhoudsdienst of door een erkend installateur met gepaste kwalificaties.
HANDELSWIJZE BIJ PROBLEEMSITUATIES
Bij probleemsituaties moet u:
- de werkende onderdelen van het fornuis uitschakelen
- de elektrische voeding ontkoppelen
- een herstelling aanvragen
- sommige kleine problemen kan de gebruiker zelf oplossen met behulp van de aanwijzingen in de tabel hieronder. Controleer opeenvolgend alle punten in de tabel voordat u de onderhouds- of klantendienst contacteert.
| PROBLEEM | OORZAAK | HANDELSWIJZE |
| 1. de elektrische uitrusting werkt niet | Stroompanne | Controleer de zekering van de huisinstallatie, vervang de doorgebrande zekering |
| 2.de display van de programmator geeft het uur “0.00” aan | Het toestel werd van het stroomnet ontkoppeld of er was een tijdelijke stroom-panne | Stel het uur in (zie Gebruikershandleiding van de programmator) |
| 3. de verlichting van de oven werkt niet | losgekomen of beschadigd lampje | draai het lampje aan of vervang het doorgebrande lampje (zie hoofdstuk Reini-ging en onderhoud) |
Nominale spanning 400/230V\~50 Hz
Nominaal vermogen max. 10,0 kW
Afmetingen van het fornuis 59,5/59,5/57,5 cm
Gebruiksinhoud van de oven* 53-58 liter
Energieklasse Zie energie-etiket
Gewicht ca. 44 kg
Voldoet aan de vereisten van de Europese voorschriften normen EN 60335-1, EN 60335-2-6
* volgens EN 50304
De capaciteit afhankelijk van de uitrusting van de oven is opgegeven bij de technische kenmerken en op het etiket voor energieverbruik.
Verklaring van de producent
De producent verklaart hierbij, dat dit product voldoet aan de basisvereisten van de hieronder vernoemde Europese richtlijnen:
● Laagspanningsrichtlijn73/23/EEG,
- Richtlijn voor elektromagnetische compatibiliteit 89/336/EEG,
en dat het product daarom gemerkt is met € en dat er een conformiteitsverklaring voor afgeleverd werd, die ter beschikking gesteld wordt aan de organen die toezicht houden over de markt.

































