MGK 604 - Fornuis M-SYSTEM - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MGK 604 M-SYSTEM in PDF-formaat.
| Producttype | Inbouw gaskookplaat |
| Merk | M-System |
| Model | MGK 604 |
| Aantal branders | 4 (afhankelijk van configuratie) |
| Brandertypes | Hulpbrander (1,00 kW), Halfsnel (1,75 kW), Snel (3,00 kW), Driekringsbrander (3,50 kW) |
| Elektrische kookplaat | Optioneel normaal (1000 W) of snel (1500 W) bij sommige modellen |
| Ontsteking | Elektrische vonkontsteking (knop of geïntegreerd in draaiknop); handmatige ontsteking mogelijk |
| Veiligheidsvoorziening | Vlambeveiligingsventiel (T-sonde) bij modellen met veiligheidsvoorziening |
| Gasaansluiting | Flexibele roestvrijstalen slang (max 2 m), conische of cilindrische bocht |
| Gas categorieën | II 2L 3B/P of II 2H3+ (afhankelijk van model) |
| Voeding | 230 V AC 50 Hz |
| Netsnoer | H05V2V2-F, 3 x 0,75 mm² (of 1 mm² voor hogere vermogens) |
| Uitsparing afmetingen | Ongeveer 560 x 480 mm (typisch voor kasten van 600 mm diep) |
| Vrije ruimte boven kookplaat | Minimaal 650 mm tot bovenkasten of afzuigkap |
| Vrije ruimte tot zijwanden | Minimaal 200 mm |
| Branderbediening | Draaiknoppen met indicatielijnen voor uit, max en min standen |
| Pannendrager | Gietijzeren roosters (met speciale grill voor wok en kleine pannen) |
| Materiaal | Geëmailleerd staal, roestvrijstalen onderdelen |
| Reiniging | Geëmailleerde delen: zeepsop; roestvrij staal: mild schoonmaakmiddel of azijn; branders verwijderbaar voor reiniging |
| Repareerbaarheid | Injectoren vervangbaar, gaskranen smeerbaar, netsnoer vervangbaar |
Veelgestelde vragen - MGK 604 M-SYSTEM
Gebruikersvragen over MGK 604 M-SYSTEM
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MGK 604 - M-SYSTEM en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MGK 604 van het merk M-SYSTEM.
GEBRUIKSAANWIJZING MGK 604 M-SYSTEM
Gebruiksaanwijzing en installatievoorschriften
KOCHMULDEN
Nederlands Bladz Gebruiksaanwijzing en installatievoorschriften
Bedankt dat u uw voorkeur heeft geschonken aan een van onze producten.
De adviezen en waarschuwingen vermeld in deze gebruiksaanwijzing zijn voor uw veiligheid en die van uw naasten.
Wij adviseren u deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door te lezen zodat u het apparaat optimaal kunt benutten.
Tevens is het belangrijk deze gebruiksaanwijzing als naslagwerk bij de hand te houden of bij de verkoop van het apparaat aan de volgende eigenaar te overhandigen.
Het apparaat mag alleen worden gebruikt voor het bereiden van voedingsmiddelen. Elk ander gebruik is oneigenlijk en dus gevaarlijk.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die te wijten is aan het oneigenlijke, verkeerde of onverantwoorde gebruik van het apparaat.
BELANGRIJKE RAAD EN AANWIJZINGEN VOOR HET GEBRUIK VAN ELEKTRISCHE APPARATEN
Voor een veilig gebruik van elektrische apparaten dient u een aantal regels in acht te nemen. De belangrijkste zijn:
√ Raak het apparaat nooit aan wanneer uw handen of voeten nat of vochtig zijn.
√ Gebruik het apparaat nooit op blote voeten.
√ Laat kinderen of onbevoegden het apparaat niet zonder toezicht gebruiken.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor de gevolgen van het verkeerde, oneigenlijke of onverantwoorde gebruik.
BELANGRIJKE AANWIJZINGEN EN WAARSCHUWINGEN
√ Verwijder de verpakking en verzeker u ervan dat het apparaat niet beschadigd is. Gebruik het apparaat niet in geval van twijfel, maar raadpleeg dan eerst uw leverancier of een bevoegd vakman.
√ Het verpakkingsmateriaal (plastic zakken, piepschuim, spijkers, enz.) kan gevaarlijk zijn voor kinderen. Bewaar het daarom buiten het bereik van kinderen.
√ De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal en is gemerkt met het kring-loopsymbool ⬆.
√ Wijzig in geen geval de technische specificaties van het apparaat, want dat kan zeer gevaarlijk zijn.
√ De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die te wijten is aan het oneigenlijke, foute of onverstandige gebruik van het toestel.
√ Wanneer u het apparaat niet langer gebruikt of vervangt door een ander model, ontdoet u zich dan van het apparaat in overeenstemming met de voorschriften die in uw woonplaats gelden: zorgt u ervoor dat het niet meer functioneert en maak alle delen die gevaarlijk kunnen zijn, bijvoorbeeld voor kinderen die er mee spelen, onschadelijk.
√ De installatie en de aansluiting op het gas en elektra moeten door bevoegd personeel verricht worden en voldoen aan de plaatselijk geldende veiligheidsvoorschriften en aan de aanwijzingen van de fabrikant.
RAAD VOOR DE GEBRUIKER
√ Tijdens en meteen na het gebruik van het komfoor zijn sommige delen ervan zeer heet. Raak de hete delen niet aan.
√ Houd kinderen uit de buurt van het komfoor, vooral wanneer het aan staat.
√ Controleer nadat u het komfoor heeft gebruikt of alle gasknoppen in de gesloten stand staan en draai de kraan van de toevoerleiding of gasfles dicht (gas- en gas/elektrische kooktoestellen).
√ Wend u tot de servicedienst als de gaskranen niet goed werken.
√ Sluit voor iedere ingreep de kookplaat af van het elektriciteitsnet.
Brandgevaar!
√ Leg geen brandbaar materiaal op de kookplaat.
√ Zorg dat de voedingskabels van andere apparaten niet in aanraking kunnen komen met de kookplaat.
√ Kook het voedsel in geen geval rechtstreeks op een kookzone, maar altijd in een pan.
■ KOMFOOR MET 3 GASBRANDERS ■ - met of zonder veiligheidsventie -

afb. 1a
Dit toestel behoort tot klasse 3
- Hulpbrander (A) - 1,00 kW
- Superbrander met driedubbele krans(TC) - 3,50 kW
- Halfsnelle brander (SR) - 1,75 kW
BESCHRIJVING BEDIENINGSKNOPPEN
- Bedieningsknop Bedieningsknop hulpbrander (1)
- Bedieningsknop superbrander (2)
- Bedieningsknop halfsnelle brander (3)
- Drukknop van de elektrische ontsteking; deze knop is niet aanwezig in de volgende gevallen:
- de elektrische ontsteking is ingebouwd in de bedieningsknoppen van de gasbranders (symbool ★ bij het symbool ⚠ - hoogste stand, grootste gasdebiet).
- het komfoor heeft geen elektrische ontsteking (geen symbool ★ bij de bedieningsknoppen).
OPMERKING:
Als het komfoor van een model met veiligheidsventielen is (bij iedere brander is een sonde "T" aanwezig – zie afb. 3.1 (bladzijde 16) – niet te verwarren met de elektrode "S" van de elektrische ontsteking), wordt de gastoevoer gestopt als de vlam per ongeluk dooft.
■ KOMFOOR MET 4 GASBRANDERS met superbrander - met of zonder veiligheidsventie -

afb. 1b
Dit toestel behoort tot klasse 3
- Hulpbrander (A) - 1,00 kW
- Superbrander met driedubbele krans (TC) - 3,50 kW
- Halfsnelle brander links (SR) - 1,75 kW
- Halfsnelle brander rechts (SR) - 1,75 kW
BESCHRIJVING BEDIENINGSKNOPPEN
- Bedieningsknop hulpbrander (1)
- Bedieningsknop superbrander (2)
- Bedieningsknop halfsnelle brander links (3)
-
Bedieningsknop halfsnelle brander rechts (4)
-
Drukknop van de elektrische ontsteking; deze knop is niet aanwezig in de volgende gevallen:
-
de elektrische ontsteking is ingebouwd in de bedieningsknoppen van de gasbranders (symbool ★ bij het symbool ⚠ - hoogste stand, grootste gasdebiet).
- het komfoor heeft geen elektrische ontsteking (geen symbool ★ bij de bedieningsknoppen).
OPMERKING:
Als het komfoor van een model met veiligheidsventielen is (bij iedere brander is een sonde "T" aanwezig – zie afb. 3.1 (bladzijde 16) – niet te verwarren met de elektrode "S" van de 6 elektrische ontsteking), wordt de gastoevoer gestopt als de vlam per ongeluk dooft.
■ KOMFOOR MET 4 GASBRANDERS - met of zonder veiligheidsventie -

afb. 1c
Dit toestel behoort tot klasse 3
- Bedieningsknop hulpbrander (1)
- Bedieningsknop snelle brander (2)
- Bedieningsknop halfsnelle brander links (3)
-
Bedieningsknop halfsnelle brander rechts (4)
-
Drukknop van de elektrische ontsteking; deze knop is niet aanwezig in de volgende gevallen:
- de elektrische ontsteking is ingebouwd in de bedieningsknoppen van de gasbranders (symbool ★ bij het symbool ⚠ - hoogste stand, grootste gasdebiet).
- het komfoor heeft geen elektrische ontsteking (geen symbool ★ bij de bedieningsknoppen).
OPMERKING:
Als het komfoor van een model met veiligheidsventielen is (bij iedere brander is een sonde "T" aanwezig – zie afb. 3.1 (bladzijde 16) – niet te verwarren met de elektrode "S" van de elektrische ontsteking), wordt de gastoevoer gestopt als de vlam per ongeluk dooft.
- KOMFOOR MET 3 GASBRANDERS met superbrander + elektrische zone - met of zonder veiligheidsventie -

Dit toestel behoort tot klasse 3
- Bedieningsknop elektrische kookzone (3)
- Bedieningsknop hulpbrander (1)
- Bedieningsknop superbrander (2)
- Bedieningsknop halfsnelle brander (4)
-
Controlelampje elektrische kookzone
-
Drukknop van de elektrische ontsteking; deze knop is niet aanwezig in de volgende gevallen:
- de elektrische ontsteking is ingebouwd in de bedieningsknoppen van de gasbranders (symbool ★ bij het symbool ⚠ - hoogste stand, grootste gasdebiet).
- het komfoor heeft geen elektrische ontsteking (geen symbool ★ bij de bedieningsknoppen).
OPMERKING:
Als het komfoor van een model met veiligheidsventielen is (bij iedere brander is een sonde "T" aanwezig – zie afb. 3.1 (bladzijde 16) – niet te verwarren met de elektrode "S" van de 8 elektrische ontsteking), wordt de gastoevoer gestopt als de vlam per ongeluk dooft.
GASBRANDERS
De gastoevoer naar de branders wordt geregeld door bedieningsknoppen (afbeelding 2.1) waarmee u de gaskranen van de branders opent en sluit.
De gaskraan is voorzien van een veiligheidssluiting.
U regelt de gastoevoer door de aanwijzer van de bedieningsknop te draaien op de symbolen die op het bedieningspaneel zijn gedrukt :
- merkpunt ● : gesloten kraan (uitgedoofde brander)
- merkpunt ⚠ o ⚡ :vol debiet (brander op maximum)
- merkpunt : vertraagd debiet (brander op minimum)
√ U ontsteekt de brander door een lucifer vlak boven de brander te houden en de bijbehorende bedieningsknop in te drukken en tegen de klok in op het symbool grote vlam te draaien.
√ Om de gastoevoer te verminderen draait u de knop verder tegen de klok in, desgewenst tot het aanslagpunt, waar de aanwijzer van de knop op het symbool kleine vlam wijst.
√ De maximale gastoevoer gebruikt u om vloeistof snel aan de kook te brengen, de minimale gastoevoer voor het voorzichtig opwarmen en warm houden.
√ Kook altijd met de bedieningsknop op een stand tussen maximaal en minimaal. Nooit tussen maximaal en uitstand.

Voor het aansteken van de brander houdt u een lucifer dichtbij de brander. Door nu de gasknop in te drukken en naar links te draaien, opent u de gastoevoer naar de brander (voor een maximale gastoevoer draait u de knop tot het merkpunt maximale vlamhoogte) en de vlam gaat aan.
Modellen met aparte ontstekings-knop
Bij deze modellen ontsteekt u een brander door de bijbehorende bedieningsknop in te drukken en naar de hoogste stand te draaien (symbool grote vlam) en tegelijkertijd op de knop van de ontsteking te drukken totdat de brander aan is.
Regel de gaskraan op de gewenste stand.
Modellen met ontsteking ingebouwd in de bedieningsknoppen van de branders
Deze modellen zijn te herkennen aan het symbool ★ bij het symbool ♘hoogste stand, grootste gasdebiet) (afb. 2.1). Om een brander te ontsteken moet u de bijbehorende bedieningsknop indrukken en naar de hoogste stand (grote vlam) draaien; houd de bedieningsknop ingedrukt totdat de brander aan is.
Regel de gaskraan op de gewenste stand.
OPMERKING: Indien bijzondere lokale omstandigheden van het gedistribueerde gas de ontsteking van de brander moeizaam maken wanneer de bedieningsknop in de hoogste stand staat, adviseren wij de procedure nogmaals uit te voeren, maar nu met de knop in de minimumstand.
ONSTEKING VAN DE BRANDERS MET VEILIGHEIDS-VENTIEL
Om de branders aan te steken:
1 – Draai de knop van de gaskraan tegen de wijzers van de klok in tot aan het maximumdebiet, druk de knop in en houd hem ingedrukt.
Bij modellen met ontsteking ingebouwd in de bedieningsknoppen treedt de ontsteking nu in werking. Als de stroom is uitgevallen kunt u de brander ontsteken door er een vlam bij te houden.
2 – Alleen voor modellen met aparte ontstekingsknop: - druk de knop van de elektrische ontsteking in.
3 – Wacht ongeveer tien seconden na de ontsteking van de brander, alvorens de knop weer los te laten (de tijd om het veiligheidsventiel te bewape- nen).
4 – Regel de gaskraan op de gewenste stand.
Mocht de vlam van de brander om welke reden ook doven, dan zal de veiligheids-klep de gastoevoer automatisch afbreken.
Om de werking weer te hervatten moet u de knop in de stand • draaien en de brander opnieuw ontsteken volgens bovenstaande instructies.
Indien bijzondere lokale omstandigheden van het gedistribueerde gas de ontsteking van de brander moeizaam maken wanneer de bedieningsknop op het maximum staat, adviseren wij de procedure nogmaals uit te voeren, maar nu met de knop in de minimumstand.
ROOSTERTJE VOOR KLEINE PANNEN
Meegeleverd accessoire (afb.2.3).
Plaats het roostertje op de panhouder van de halfsnelle brander wanneer u een pan met een kleine diameter gebruikt, om te voorkomen dat de pan omvalt.

- optioneel (Afb. 2.4a - 2.4b)
Zet het speciale wokrooster op het rooster van de brander met driedubbele krans.
LET OP:
- Het gebruik van een wok zonder het speciale onderstel kan de werking van de brander zwaar storen.
- Zet geen pan met een platte bodem op het speciale onderstel. (Afb. 2.4a - 2.4b).


KEUZE VAN BRANDERS
De positie van de branders staat aangeduid op het bedieningsbord. Het symbool met verschillende kleur of grafisme duidt de brander aan die bediend wordt door de kraan die zich er net onder bevindt.
De brander dient gekozen te worden in funkcie van de diameter en de inhoud van de gebruikte kookpan.
Ter inlichting: de branders en kookpannen moeten volgens de hiernavolgende aanduidingen gebruikt te worden:
Het is belangrijk dat de diameter van de kookpan aangepast is aan het vermogen van de brander teneinde het hoog rendement van de branders zo goed mogelijk te gebruiken en het onnodig gasverbruik te vermijden. Een kleine kookpan op een grote brander plaatsen teneinde het gerecht vlugger aan de kook te brengen, dient tot niets want de warmteabsorptie blijft steeds dezelfde tegenover het volume en de oppervlakte van de braadpan.
DIAMETER VAN DE PANNEN
BRANDER MINIMUM MAX.
| * Hulpbrander 12 cm 14 cm |
| Halfsnelle brander 16 cm 24 cm |
| Snelle brander 24 cm 26 cm |
| Superbrander 26 cm 28 cm |
| diameter WOK maxiamaal 36 cm |
| * met roostertje voor kleine pannen:diameter minimum 6 cm |
| Gebruik geen pannen met een holleof bolle bodem |

Let op: Het oppervlak van het komfoor wordt tijdens het koken zeer heet. Houd kinderen uit de buurt van het komfoor.
GEWONE PLAAT
De gewone plaat wordt bediend met een schakelaar met 7 standen; als volgt onderverdeeld op het bedieningspaneel: stand 0 = uit; stand 1 tot 6 = werkings-standen met, afhankelijk van de stand, stijgende temperatuur.
De kookplaat wordt bediend door de knop (fig. 2.6) op de weerhouden stand te plaatsen.
SNELKOOKPLAAT
De bediening van de snelkookplaat gebeurt op dezelfde wijze als bij de gewone plaat met 6 regelstanden en 1 stroomonderbrekingsstand.
De snelkookplaat onderscheidt zich van de andere door de ingebouwde verhittingsbegrenzer. Dank zij deze plaat kan:
- snel de gewenste temperatuur worden bereikt, het totale vermogen worden ingezet voor pannen met vlakke bodem, het vermogen worden beperkt wanneer niet aangepaste pannen worden gebruikt.
Let op: Het oppervlak van het komfoor wordt tijdens het koken zeer heet. Houd kinderen uit de buurt van het komfoor.

afb. 2.6
DE ELEKTRISCHE KOOKZONE CORRECT GEBRUIKEN
Minder het vermogen van de kookzone zodra de inhoud van de pan kookt. Houd er rekening mee dat de kookplaat na het uitschakelen nog 5 minuten voldoende warmte voor het koken afgeeft.
Houd u aan de volgende regels:
√ laat de kookzone niet zonder een pan met inhoud erop werken
√ zorg dat u geen vloeistof op de kookzone morst wanneer deze heet is
√ gebruik pannen met een platte bodem, geschikt voor elektrische kooktoestellen
√ gebruik pannen met een ronde bodem die even groot is als de kookzone, of iets groter
√ Kook met het deksel op de pan als dat mogelijk is, om energie te sparen.
√ Kook voedsel in geen geval rechtstreeks op een elektrische zone, maar altijd in een pan.
De indicatielampjes bij de bedieningsknoppen geven aan of de kookzone in werking is.

afb. 2.7
| Stand knop | Toepassing |
| 0 | Uitgeschakeld |
| 12 | Voor het smelten (bijv. boter of chocola) |
| 2 | Voor het warm houden van voedsel of het opwarmen van een kleine hoeveelheid vloeistof |
| 3 | Voor het opwarmen van een grotere hoeveelheid vloeistof of voor het opkloppen van room en sauzen |
| 34 | Voor het langzaam koken (bijv. spaghetti, soepen, gekookt vlees) of voor het stoven (bijv. vlees) |
| 4 | Voor het bakken van bijv. karbonades en steaks en voor het koken zonder deksel |
| 45 | Voor het aanbruinen van vlees, gekookte aardappelen, gekookte vis en om een grote hoeveelheid vloeistof aan de kook te brengen |
| 6 | Voor het bakken of roosteren |
ALGEMENE RAAD
√ Sluit het komfoor af van het elektriciteitsnet en wacht totdat het is afgekoeld voordat u begint met het schoonmaken.
√ Schoonmaken met een doek gedrenkt in warm water met zeep of in warm water met een vloeibaar handafwasmiddel.
√ Gebruik geen schurende, bijtende, chloorhoudende producten en geen metalen schoonmaakgereedschap.
√ Verwijder op het komfoor gemorste zure of basische stoffen (azijn, zout, citroenzuur, enz.) voordat zij drogen.
GEËMAILLEERDE DELEN
√ De geëmailleerde delen mogen alleen met eens spons en zeepwater of met een niet-bijtend speciaal reinigingsmiddel worden schoongemaakt.
√ Zorgvuldig afdrogen.
ROESTVRIJSTALEN DELEN
√ Schoonmaken met een speciaal - in de handel verkrijgbaar - middel.
√ Afdrogen met een zachte doek, liefst met een zeem.
√ Opmerking: Bij een ononderbroken gebruik kan de voortdurend hoge temperatuur verkleuringen om de branders veroorzaken.
KNOPPEN
√ U kunt de knoppen losmaken om deze makkelijker schoon te maken. Let op dat u de pakking van de knoppen niet beschadigt.
ONDERHOUD VAN DE ELEKTRISCHE KOOKZONE
√ Maak de kookzones schoon wanneer deze lauw zijn.
√ Schoonmaken met een doek gedrenkt in zout water en afwerken met een doek gedrenkt in olie.
GASKRANEN
√ De gaskranen moeten periodiek gesmeerd worden; dit mag uitsluitend worden gedaan door gespecialiseerd personeel.
√ Wend u tot de Servicedienst als de gaskranen niet goed werken.
BRANDERS EN ROOSTERS
√ Deze kunnen van het komfoor afgenomen worden en in een sopje gewassen worden
√ Na het schoonmaken moet u de branders goed afdrogen en zorgvuldig op hun plaats terugzetten.
√ Het is zeer belangrijk dat u controleert of u de vlamverdeler goed teruggezet heeft, omdat een verkeerd geplaatste vlamverdeler zware storing kan veroorzaken.
√ Bij toestellen met elektrische ontsteking moet er worden gecontroleerd of de elektrode schoon is, zodat deze goed kan vonken.
√ Opmerking: De elektrische ontsteking kan defect raken als deze wordt gebruikt wanneer de branders zijn verwijderd.
DE BRANDERS CORRECT PLAATSEN
Het is zeer belangrijk dat u de vlamverdeler "F" en de kap "C" van de branders goed op hun plaats teruggezet (afb. 3.1 -3.2).
De brander kan niet goed werken als deze onderdelen verkeerd geplaatst zijn.
Bij toestellen met elektrische ontsteking moet er worden gecontroleerd of de elektrode "S" (afb. 3.1) schoon is, zodat deze goed kan vonken.
Zorg ervoor dat de sonde "T" (afb. 3.1) in de buurt van elke brander goed schoon blijft, zodat de veiligheidskleppen probleemloos kunnen werken.
Zowel de sonde als de ontsteker moeten heel voorzichtig schoon worden gemaakt.


BRANDER MET DRIEDUBBELE KRANS
De brander moet geplaatst worden zoals in afb. 3.3 is aangegeven.
De ribben van de brander moeten in de uitsparingen steken zoals is aangeduid met de pijlen.
Zet de kap A en de ring B op hun plaats (afb. 3.4 - 3.5).
Als de brander goed geplaatst is kan hij niet draaien (afb. 3.4).

Aanwijzingen voor de installatie
4
INSTALLATIE
IMPORTANT
√ De installatie mag uitsluitend worden uitgevoerd door een gekwalificeerd elektricien, in overeenstemming met de lokaal geldende voorschriften en de aanwijzingen van de fabrikant.
√ Het komfoor moet volgens de geldende voorschriften worden geïnstalleerd.
√ Schakel het komfoor altijd uit, voordat u onderhoud of reparatie uitvoert.
√ Deze kooktoestellen zijn ontworpen voor de inbouw in een warmtebestendig keukenmeubel met een diepte van 600 mm.
√ De wanden van het meubel mogen niet boven het werkblad uitsteken en moeten bestand zijn tegen een temperatuur van 105 °C boven de omgevingstemperatuur.
√ Plaats het apparaat niet dichtbij ontvlambare materialen zoals gordijnen.
√ Installeer het komfoor niet in de buurt van brandbaar materiaal (bijv. gordijnen).
Om het komfoor in het keukenmeubel in te bouwen, moet er een gat gemaakt worden met de afmetingen die zijn aangegeven in afbeelding 4.1. Bovendien moet er aan de volgende voorwaarden worden voldaan:
√ Tussen de onderkant van het komfoor en het eronder geplaatste meubel of een ander apparaat, moet een minimale afstand van 30 mm aangehouden worden
√ Wanden aan de zijkant die hoger zijn dan het komfoor moeten zich minstens op een afstand van 200 mm bevinden (afb. 4.1).
√ De wand achter het komfoor moet zich op een afstand bevinden van niet minder dan 60 mm (afb. 4.1).
√ Wanneer er boven het komfoor een keukenkastje of een wasemkap geïnstalleerd is, moet een afstand tussen het rooster van het komfoor en bovengenoemd kastje of wasemkap worden aangehouden van minsterns 650 mm (zie ook afb. 4.2).
√ Als het komfoor wordt geïnstalleerd zonder daaraan gekoppelde oven, is het gebruik van een scheidingspaneel tussen de bodem van het komfoor en het inbouwmeubel beslist geboden.
√ Indien er sprake is van een koppeling oven/komfoor (hetgeen dus mogelijk is), moet een minimumafstand tussen de twee apparaten worden aangehouden van 30 mm. Bovendien moeten de oven en het komfoor apart op het gasnet worden aangesloten, in overeenstemming met de plaatselijk geldende veiligheidsvoorschriften.

afb. 4.2

INSTALLATIE IN EEN KEUKEN- KAST MET EEN DEUR (afb. 4.3)
Het is aan te bevelen een opening van 30 mm aan te houden tussen het komfoor en de bovenkant van het keukenmeubel (afb. 4.3).

MONTAGE VAN DE BEVESTIGINGSBEUGELS (afb. 4.4)
- Ledker komnfoor is voorziem van een aantal beugels en schroeven voor het vastzetten in een werkblad met een dikte van 20 tot 40 mm.
- Draaii het komfoor om em bevestig de beugels "F en R" in de voorziene openingen zonder de schroeven "B" aan te draaien.
- Controleer of de beugels correct gemonteerd zijn, zoals aangegeven in afbeelding 4.4.
BEVESTIGING VAN HET KOMFOOR (afb. 4.4)
- leg de pakking "C" precies langs de rand van de opening in het werkblad
- plaats het komfoor in de opening
- zet de beugels "F en R" goed en draai de schroeven "B" aan, zodat het komfoor vast zit
- verwijder de uitstekende rand van de pakking met behulp van een scherp mes.

KIES DE JUISTE OMGEVING
Het vertrek (de keuken) waar een gastoe- stel wordt geïnstalleerd moet voldoende geventileerd zijn voor een goede verbrand- ding.
De verse lucht moet rechtstreeks toestromen door een of meer ventilatieopeningen in de buitenmuur met een gezamenlijke doorsnede van minstens 100 cm².
Als het gastoestel niet voorzien is van veiligheden die ingrijpen wanneer de vlam dooft, dan moet de doorsnede van de openingen minstens 200 cm² bedragen.
De beste plaats voor de ventilatieopeningen is dicht bij de vloer, aan de overkant van de muur met de afvoeropening van de verbrandingsproducten.
De ventilatieopeningen moeten zo gemaakt zijn dat deze niet verstopt kunnen raken, noch van binnen af, noch van buiten af.
Als het niet mogelijk is te voorzien in de nodige ventilatieopeningen, dan moer er voor worden gezorgd dat er verse lucht toestroomt uit een aangrenzend vertrek dat wèl is geventileerd zoals aangegeven, op voorwaarde dat het geen slaapkamer of gevaarlijke ruimte is.
AFVOER VAN VERBRANDINGSPRODUCTEN
De verbrandingsproducten van een gas-komfoor moeten worden verwijderd door een afzuigkap met een afvoerkanaal dat rechtstreeks naar de buitenlucht voert (afb. 4.5).
Als dit niet mogelijk is, dan kan er een elektrische ventilator worden gemonteerd in een buitenmuur of vensterruit, met voldoende vermogen om per uur een doorstroming van 3 à 5 maal het volume van de keuken zeker te stellen (afb. 4.6).
Een ventilator mag slechts worden geïnstalleerd als er ventilatieopeningen aanwezig zijn die voldoen aan hetgeen vermeld in het hoofdstuk "Ventilatie".



Cat: II 2L 3B/P
GASAANSLUITING
De gasaansluiting moet door een bevoegd installateur verricht worden en voldoen aan de plaatselijk geldende voorschriften.
Het komfoor is door de fabricant ingesteld om te werken op het type gas dat op het typeplaatje en in deze handleiding is vermeld.
De gasvoorziening moet voldoen aan de plaatselijk geldende voorschriften.
Sluit het komfoor aan op de gasleiding of op een gasfles door middel van een roestvrijstalen gasslang die voldoet aan de plaatselijk geldende voorschriften.
Als het komfoor wordt aangesloten met een metalen slang, dan moet deze minstens 2 meter lang zijn.
Let op: Als het komfoor wordt aangesloten met een roestvrijstalen slang, dan moet deze zo geplaatst worden dat deze niet in aanraking kan komen
met beweeglijke delen van het meubel of andere voorwerpen en dat deze over de hele lengte geïnspecteerd kan worden.
De aansluiting van het komfoor is als volgt samengesteld:
- 1 moer "A"
- 1 kniestuk "C" - kegelvormig
- 1 pakking "F"
BELANGRIJK
√ Draai het verbindingsstuk "C" nooit zonder eerst nippel A los te maken (afb. 5.2). Het is af te raden om het kniestuk volledig horizontaal of verticaal te zetten.
√ De pakking "F" (afb. 5.1) is het element dat de afdichting van de aansluiting verbindingsstuk - omhooglopende pijp garandeert. Het wordt aangeraden de pakking te vervangen wanneer er ook maar sprake is van een minieme vervorming of imperfectie.
√ Controleer de dichtheid van de gasaansluiting met behulp van zeepwater. In geen geval met


Elk komfoor wordt geleverd met een serie sproeiers voor de verschillende gassoorten.
Als er geen spuitstukken zijn meegeleverd, dan zijn deze te verkrijgen bij de Servicecentra.
De nieuwe sproeiers moeten gekozen worden op grond van de "Tabel van de sproeiers".
De diameter van de sproeiers, uitgedrukt in honderdste millimeters, is aangegeven op de buitenkant.
Ga als volgt te werk om de sproeiers te vervangen:
√ Verwijder de panroosters en de kapjes van de branders, trek de bedieningsknoppen en de eventueel aanwezige ontstekingsknop los en verwijder ook deze.
√ Vervang m.b.v. een pijpsleutel de sproeiers "J" (afb. 5.3 - 5.4) door nieuwe die geschikt zijn voor het type gas dat gebruikt wordt.
De branders zijn zodanig ontwikkeld dat regeling van de primaire lucht niet nodig is


Modellen zonder veiligheidsventie
| BRANDERS | NOMINAAL DEBIET [kW] | VERMINDER DEBIET [kW] | G30/G31 G 25 30/30 mbar 25 mbar | |||
| By-pass [1/100 mm] | ∅ spuitstuk [1/100 mm] | By-pass [1/100 mm] | ∅ spuitstuk [1/100 mm] | |||
| Hulpbrander (A) | 1,00 0,30 | 27 50 7 | 2 (F1) | Afstellingen | ||
| Halfsnelle (SR) | 1,75 0,45 | 34 65 9 | 4 (Y) | |||
| Snelle brander (R) | 3,00 0,75 | 44 85 1 | 21 (F2) | |||
| Driedubbele kroon (TC) | 3,50 1,50 | 65 95 1 | 38 (F3) | |||
Modellen met veiligheidsventie
| BRANDERS | NOMINAAL DEBIET [kW] | VERMINDER DEBIET [kW] | G30/G31 G 25 30/30 mbar 25 mbar | |||
| By-pass [1/100 mm] | ∅ spuitstuk [1/100 mm] | By-pass [1/100 mm] | ∅ spuitstuk [1/100 mm] | |||
| Hulpbrander (A) | 1,00 0,30 | 25 50 72 (F1) | Afstellingen | |||
| Halfsnelle (SR) | 1,75 0,45 | 30 65 94 (Y) | ||||
| Snelle brander (R) | 3,00 0,75 | 40 85 121 (F2) | ||||
| Driedubbele kroon (TC) | 3,50 1,50 | 62 95 138 (F3) | ||||
| Benodigde luchttoevoer voor de verbranding van gas (2 m3/h x kW) | |
| BRANDERS | Benodigde luchttoevoer [m3/hr] |
| Hulpbrander (A) | 2,00 |
| Halfsnelle (SR) | 3,50 |
| Snelle brander (R) | 6,00 |
| Driedubbele kroon (TC) | 7,00 |
AFSTELLING VAN HET MINI- MUM VAN DE GASBRAN- DERS
Bij de overgang van de ene gassoort naar de andere moet ook het minimumdebiet van de kraan gecorrigeerd worden, en moet de brander ook aan blijven bij een plotselinge overgang van de maximum- naar de minimumstand.
De vlam wordt als volgt afgesteld:
- Steek de brander aan.
– Draai de kraan in de “minimum”-stand - Verwijder de knop
Voor kranen met een stelschroef binnenin de staaf (afb. 5.5):
- draai met een schroevendraaier met max. diam. 3 mm aan de schroef binnenin het staafje van de kraan, totdat de juiste instelling verkregen wordt.
Voor kranen met een stelschroef op het kraanlichaam (afb. 5.6):
√ draai de schroef "A" met een schroevendraaier, totdat de juiste instelling verkregen wordt.
Voor het gas G30/G31 moet de stelschroef geheel worden aangedraaid
DE GASKRANEN SMEREN
Als een gaskraan stroef draait moet deze worden gedemonteerd, schoongemaakt met benzine en ingesmeerd met speciaal warmtebestendig vet.
Deze ingreep moet door een bevoegd vakman worden gedaan.

BELANGRIJK: De aansluiting op het elektriciteitsnet moet uitgevoerd worden door een bevoegd vakman en voldoen aan de geldende voorschriften. Een foute installatie kan schade aan personen, dieren en zaken ten gevolge hebben waarvoor de fabrikant zich niet aansprakelijk stelt.
AANSLUITING OP HET ELEKTRICITEITSNET
√ De aansluiting op het elektriciteitsnet moet uitgevoerd worden door een vakman en voldoen aan de geldende veiligheidsvoorschriften;
√ het apparaat moet aangesloten worden op het elektriciteitsnet, nadat men eerst heeft vastgesteld dat de netspanning overeenstemt met de voedingsspanning die op het typeplaatje is vermeld en dat de elektrische voorziening de aansluitwaarde van het toestel kan dragen;
√ In het geval dat het toestel zonder stekker is geleverd, moet er worden gezorgd voor een stekker die geschikt is voor het vermogen dat het toestel opneemt (alleen voor gas- en gas/elektrische komforen);
√ de tweepolige stekker moet worden aangesloten op een geaard stopcontact dat voldoet aan de plaatselijke veiligheidsnormen.
√ het is mogelijk om het apparaat direct op het elektriciteitsnet aan te sluiten door middel van een lijnschakelaar met een minimumafstand van 3 mm tussen de contacten;
√ de voedingskabel mag niet in aanraking komen met hete oppervlakken en moet zo geplaatst worden dat de temperatuur nergens boven de 75°C komt;
√ het toestel moet zo worden geïnstalleerd dat het stopcontact of de lijnschakelaar altijd bereikbaar zijn.
√ N.B. Gebruik geen adapters, verloopstekkers en meervoudige stekkerdozen omdat deze oververhitting en verbrandingen kunnen veroorzaken.
Als de elektrische voorziening in uw woning aangepast moet worden om het toestel te installeren of als de stekker niet in het stopcontact past, laat de nodige werkzaamheden dan verrichten door een bevoegd vakman.
Deze moet bovendien controleren of de doorsnede van de bekabeling van het stopcontact groot genoeg is voor het vermogen dat het toestel opneemt.
Het is verplicht het apparaat te aarden.
De fabrikant stelt zich niet aansprakelijk voor schade die voortkomt uit het veronachtzamen van dit voorschrift.
Alvorens reparaties aan de elektrische onderdelen van het apparaat te verrichten, moet het apparaat worden afgesloten van het elektrici- teitsnet.
DE VOEDINGSKABEL VERVANGEN
- De voedingskabel mag alleen worden vervangen door een van hetzelfde type.
- De draden van de voedingskabel moeten worden aangesloten op de contacten zoals aangegeven in afb. 6.1.

afb. 6.1
DOORSNEDE VAN DE VOEDINGSKABEL
Type "H05V2V2-F"
bestand tegen een temperatuur van 90°C
230 VAC 50 Hz 3 x 0,75 mm²
230 VAC 50 Hz 3 x 1 mm² (modellen met elektrische snel kookzone - 1500 W)
De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden voor onwaarheden in deze folder veroorzaakt door druk- of vertaalfouten. De fabrikant heeft het recht alle wijzigingen aan het produkt aan te brengen die zij voor commerciële- of fabricagedoeleinden noodzakelijk acht, op ieder moment en zonder voorafgaande kennisgeving.
– N.B. Gebruik geen adapters, verloopstekkers en meervoudige stekkerdozen omdat deze oververhitting en verbrandingen kunnen veroorzaken.
Als de elektrische voorziening in uw woning aangepast moet worden om het toestel te installeren of als de stekker niet in het stopcontact past, laat de nodige werkzaamheden dan verrichten door een bevoegd vakman.
Deze moet bovendien controleren of de doorsnede van de bekabeling van het stopcontact groot genoeg is voor het vermogen dat het toestel opneemt.