XR-12K - Airconditioner Proklima - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis XR-12K Proklima in PDF-formaat.
| Type product | Draagbare airconditioner |
| Model | XR-12K |
| Koelcapaciteit | 12000 BTU/h |
| Voeding | AC 220-240V, 50Hz |
| Koelmiddel | R290 (brandbaar) |
| Minimale ruimteoppervlakte | 15 m² (voor 12000 BTU/h) |
| Bedieningspaneel | LED-display met aanraakknoppen |
| Afstandsbediening | Inbegrepen (batterijgevoed) |
| Standen | Koelen, Ontvochtigen, Ventileren |
| Ventilatorsnelheden | Hoog, Gemiddeld, Laag |
| Timer | 0-24 uur (AAN/UIT) |
| Slaapmodus | Ja (temperatuuraanpassing) |
| Automatische zwaai | Ja (horizontale lamellen) |
| WiFi-functie | Ja (compatibel met mobiele app) |
| Luchtfilter | Wasbaar (elke 2 weken reinigen) |
| Afvoer | Handmatige afvoer en optie voor continue afvoer |
| Lengte afvoerslang | Inbegrepen (ca. 1,5 m) |
| Raamkit | Inbegrepen (verstelbaar voor horizontale/verticale ramen) |
| Zwenkwielen | Ja (voor eenvoudige verplaatsbaarheid) |
| Beschermingsklasse | Klasse I (geaarde stekker) |
Veelgestelde vragen - XR-12K Proklima
Gebruikersvragen over XR-12K Proklima
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Airconditioner in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding XR-12K - Proklima en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. XR-12K van het merk Proklima.
GEBRUIKSAANWIJZING XR-12K Proklima
Bedankt voor uw vertrouwen!
Hartelijk dank dat u heeft gekozen voor een PROKLIMA airconditioner, verwarming of luchtontvochtiger. U heeft daarmee een uitstekende keuze gemaakt en wij hopen dat deze tot uw volle tevredenheid zal functioneren.
Voor de beste resultaten is het belangrijk dat u deze gebruikershandleiding vóór gebruik aandachtig doorneemt en begrijpt. Schenk daarbij ook speciaal aandacht aan de verschillende veiligheidsvoorschriften die u zult aantreffen. Deze worden vermeld ter bescherming van u en uw omgeving.
Mocht u dit product ooit aan iemand anders willen overdragen, lever er dan deze gebruikershandleiding en verpakking bij.
Wij wensen u veel plezier met dit product!
PROKLIMA is een geregistreerd handelsmerk van:
Global Devices BV
Nies van der Schansstraat 2A
5161 CE Sprang-Capelle
Nederland
Deze gebruikershandleiding is tevens uw garantiedocument.
Dit document is met de grootste zorg samengesteld. Niettemin behouden wij ons het recht voor deze handleiding op elk moment te optimaliseren en technisch aan te passen.

Lees deze gebruikershandleiding zorgvuldig door om correct gebruik, onderhoud en installatie te garanderen
Inhoudsopgave
- Veiligheidswaarschuwing
- Namen van onderdelen
- Accessoires
- Bedieningspaneel & Functieomschrijving
- Uiterlijk en functies afstandsbediening
- Inleiding tot bediening
- Uitleg installatie
- Onderhoudsuitleg
- Probleemoplossing
1. Veiligheidswaarschuwing
ERG BELANGRIJK!
Installeer of gebruik uw mobiele airconditioner niet voordat u deze handleiding zorgvuldig heeft gelezen.
Bewaar deze instructiehandleiding voor eventuele productgarantie en naslag in de toekomst.
WAARSCHUWING
- Gebruik geen andere middelen om het ontdooiproces te versnellen of schoon te maken dan aanbevolen door de fabrikant.
- Het apparaat mag niet worden opgeslagen in een ruimte met continu werkende ontstekingsbronnen (bijvoorbeeld: open vuur/openhaard, een werkend gastoestel of een werkende elektrische kachel).
- Niet doorboren of verbranden.
- Houd er rekening mee dat de koelmiddelen mogelijk geen geur bevatten.
- Het apparaat moet worden geïnstalleerd, bediend en opgeslagen in een ruimte met een vloeroppervlak groter dan X m ^2 .
| MODEL | X ( m^2 ) |
| 5000Btu/h,7000Btu/h,8000Btu/h | 4 |
| 9000Btu/h,10000Btu/h,10500Btu/h | 12 |
| 12000Btu/h,14000,16000Btu/h,18000Btu/h | 15 |
Waarschuwing (voor R290)
Specifieke informatie over apparaten met koelmiddel R290.
- Lees alle waarschuwingen zorgvuldig door.
- Gebruik bij het ontdooien en reinigen van het apparaat geen ander gereedschap dan de aanbevolen gereedschappen door het productiebedrijf.
- Het apparaat moet in een ruimte worden geplaatst zonder continue ontstekingsbronnen (bijvoorbeeld: open vuur, gas- of elektrische apparaten in werking).
- Niet doorboren en niet verbranden.
- Dit apparaat bevat Y g (zie typeplaatje op de achterkant van het apparaat) R290 koelmiddel.
- R290 is een koelgas/-middel dat voldoet aan de Europese richtlijnen inzake het milieu. Doorboor niet een deel van het koelcircuit.
- Als het apparaat wordt geïnstalleerd, gebruikt of opgeslagen in een ongeventileerde ruimte, moeten er maatregelen worden genomen om ophoping van koelmiddellekken in de ruimte te voorkomen. Koelmiddellekken kunnen leiden tot brand- of explosiegevaar als gevolg van ontsteking van het koelmiddel, veroorzaakt door elektrische kachels, fornuizen of andere ontstekingsbronnen.
- Het apparaat moet zo worden opgeslagen dat mechanische defecten worden voorkomen.
- Personen die het koudemiddelcircuit bedienen of eraan werken, moeten de juiste certificering hebben, uitgegeven door een geaccrediteerde organisatie die bekwaamheid garandeert in het
omgaan met koudemiddelen volgens aan een specifieke evaluatie erkend door verenigingen in de industrie.
- Reparaties moeten worden uitgevoerd op basis van de aanbeveling van het productiebedrijf.
- Onderhoud en reparaties waarbij de hulp van ander gekwalificeerd personeel nodig is, moeten worden uitgevoerd onder toezicht van een persoon die gespecialiseerd is in het gebruik van brandbare koelmiddelen.
Algemene veiligheidsinstructie
- Het apparaat is uitsluitend bedoeld voor gebruik binnenshuis.
- Gebruik het apparaat niet op een stopcontact dat wordt gerepareerd, niet correct is geïnstalleerd of niet naar behoren werkt.
- Gebruik het apparaat niet in onderstaande situaties, maar volg de voorzorgsmaatregelen:
A: In de buurt van een brandhaard.
B: Een gebied waar olie kan spatten.
C: Een gebied dat is blootgesteld aan direct zonlicht.
D: Een gebied waar water kan spatten.
E: In de buurt van een bad, een wasruimte, een douche of een zwembad.
- Steek nooit uw vingers of staven in de luchtuitlaat. Wees extra voorzichtig wanneer kinderen in de buurt zijn en waarschuw kinderen voor deze gevaren.
- Houd het apparaat tijdens transport en opslag omhoog, zodat de compressor goed kan worden geplaatst.
- Schakel de stroomtoevoer altijd uit of koppel de stroomtoevoer af voordat u de airconditioner reinigt.
- Als u de airconditioner verplaatst, schakel hem dan altijd uit, koppel de voeding los en verplaats hem langzaam.
- Om de kans op brand te voorkomen, mag de airconditioner niet worden afgedekt.
- Alle stopcontacten van de airconditioner moeten voldoen aan de lokale elektrische veiligheidseisen. Indien nodig, controleer de elektrische veiligheidseisen.
- Houd toezicht op kinderen om ervoor te zorgen dat ze niet met het apparaat spelen.
- Als het netsnoer is beschadigd, moet het worden vervangen door de fabrikant, diens onderhoudsvertegenwoordiger of een vergelijkbaar gekwalificeerde persoon om gevaar te voorkomen.
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en personen met verminderde fysieke, sensorische of mentale vermogens of gebrek aan ervaring en kennis, mits ze onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilige gebruik van het apparaat en de gevolgen van verkeerd gebruik begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet zonder toezicht door kinderen worden uitgevoerd.
- Het apparaat moet worden geïnstalleerd in overeenstemming met de nationale bedradingsvoorschriften.
- Details van het type en het vermogen van de zekeringen: T, 250V AC, 2A of hoger.
- Recycling

Deze markering geeft aan dat dit product in de hele EU niet met ander huishoudelijk afval mag worden weggegooid. Om mogelijke schade aan het milieu of de menselijke gezondheid door ongecontroleerde afvalverwijdering te voorkomen, moet u het op een verantwoorde manier recyclen om het duurzame hergebruik van materiële hulpbronnen te bevorderen. Om uw gebruikte apparaat te retourneren, gebruikt u de retour- en ophaalsystemen of neemt u contact op met de winkel waar het product is gekocht. Ze kunnen dit product meenemen voor milieuveilige recycling.
-
Neem contact op met een geautoriseerde servicetechnicus voor reparatie of onderhoud van dit apparaat.
-
Niet trekken, vervormen, het netsnoer wijzigen of het apparaat onderdompelen in water. Het wijzigen of misbruiken van het netsnoer kan schade aan het apparaat opleveren en elektrische schokken veroorzaken.
-
Er moet worden voldaan aan de nationale gasregelgeving.
-
Houd ventilatieopeningen vrij van obstakels.
-
Iedereen die betrokken is bij het werken aan of inbreken in een koudemiddelcircuit moet beschikken over een actueel geldig certificaat van een door de industrie geaccrediteerde beoordelingsinstantie, die hun competentie autoriseert om veilig met koelmiddelen om te gaan in overeenstemming met een door de industrie erkende beoordelingsspecificatie.
-
Onderhoud mag alleen worden uitgevoerd zoals aanbevolen door de fabrikant van de apparatuur. Onderhoud en reparatie waarbij de hulp van ander bekwaam personeel nodig is, moeten worden uitgevoerd onder toezicht van de persoon die bekwaam is in het gebruik van brandbare koelmiddelen.
-
Schakel het apparaat niet in of uit door de stekker in het stopcontact te steken of eruit te trekken. Dit kan elektrische schokken of brand veroorzaken als gevolg van warmteontwikkeling. In- en uitschakeling van het apparaat gebeurt middels de aan- en uitknop.
-
Haal de stekker uit het stopcontact als er vreemde geluiden, geuren of rook uit het apparaat komen.

- Neem bij beschadiging van onderdelen contact op met de dealer of een aangewezen reparatiewerkplaats; - Schakel in geval van schade de luchtschakelaar uit, koppel de voeding los en neem contact op met de dealer of een aangewezen reparatiewerkplaats;
- Het netsnoer moet in elk geval stevig geaard zijn;
- Om elk risico tot gevaar te voorkomen, moet de luchtschakelaar uitgeschakeld worden en de voeding worden losgekoppeld als het netsnoer is beschadigd. Het moet worden vervangen door de dealer of een aangewezen reparatiewerkplaats.
INSTRUCTIES VOOR HET REPAREREN VAN APPARATEN MET R290
1. ALGEMENE INSTRUCTIES
1.1 Controles naar het gebied
Voordat wordt begonnen met werkzaamheden aan systemen die ontvlambare koelmiddelen bevatten, zijn veiligheidscontroles nodig om ervoor te zorgen dat het risico op ontsteking tot een minimum wordt beperkt. Bij reparatie aan het koelsysteem moeten de volgende voorzorgsmaatregelen in acht worden genomen voordat werkzaamheden aan het systeem worden uitgevoerd.
1.2 Werkprocedure
Het werk moet worden uitgevoerd volgens een gecontroleerde procedure om het risico tot ontsnapping van brandbaar gas of damp te minimaliseren.
1.3 Algemeen werkgebied
Al het onderhoudspersoneel en anderen die in de omgeving werken, moeten worden geïinstrueerd over de aard van het uitgevoerde werk. Werk in besloten ruimtes wordt vermeden en de ruimte rondom de werkruimte moet worden afgeschermd. Zorg ervoor dat de omstandigheden in het gebied veilig zijn gemaakt door controle op brandbaar materiaal.
1.4 Controleren op aanwezigheid van koelmiddel
De ruimte moet voorafgaand aan en tijdens het werk worden gecontroleerd met een geschikte koelmiddeldetector om er zeker van te zijn dat de technicus op de hoogte is van mogelijk ontvlambare atmosferen. Zorg ervoor dat de lekdetectieapparatuur die wordt gebruikt geschikt is voor gebruik met brandbare koelmiddelen, d.w.z. niet-vonkend, afdoende afgedicht of intrinsiek veilig.
1.5 Aanwezigheid brandblusser
Als er werkzaamheden moeten worden uitgevoerd aan de koelapparatuur of bijbehorende onderdelen waarbij verhitting nodig is, moet geschikt brandblusapparatuur beschikbaar zijn. Zorg voor een droog poeder- of CO2-brandblusser naast het oplaadgebied.
1.6 Geen ontstekingsbronnen
ledereen die werkzaamheden uitvoert die betrekking hebben op het koelsysteem waarbij leidingen worden blootgelegd die ontvlambaar koelmiddel bevatten of hebben bevat, mogen geen ontstekingsbronnen gebruiken op een manier die kan leiden tot brand- of explosiegevaar. Alle mogelijke ontstekingsbronnen, inclusief het roken van sigaretten, dienen voldoende ver weg te worden gehouden van de plaats van installatie, reparatie, verwijdering en afvoer, waarbij brandbaar koelmiddel mogelijk kan vrijkomen in de omringende ruimte. Voordat er werkzaamheden worden uitgevoerd, moet het gebied rond de apparatuur worden gecontroleerd om er zeker van te zijn dat er geen ontvlambare gevaren of ontstekingsrisico's zijn. 'Niet roken-borden' moeten worden opgehangen.
1.7 Geventileerde ruimte
Zorg ervoor dat de ruimte in de open lucht is of dat deze voldoende wordt geventileerd voordat u het apparaat openmaakt of verhittende werkzaamheden uitvoert. Gedurende de periode dat de werkzaamheden worden uitgevoerd, wordt een zekere mate van ventilatie verlangd. De ventilatie moet het eventueel vrijgekomen koudemiddel veilig verspreiden en bij voorkeur naar buiten afvoeren.
1.8 Controle van de koelapparatuur
Wanneer elektrische componenten worden gewijzigd, moeten deze geschikt zijn voor het doel en voldoen aan de juiste specificaties. Te allen tijde dienen de onderhouds- en servicerichtlijnen van de fabrikant te worden gevolgd. Raadpleeg bij twijfel de technische afdeling van de fabrikant voor assistentie. De volgende controles moeten worden toegepast op installaties die brandbare koelmiddelen gebruiken: de grootte van
de vulling is in overeenstemming met de grootte van de ruimte waarin de koelmiddelhoudende onderdelen zijn geïnstalleerd; de ventilatieapparatuur en uitlaten moeten naar behoren werken en niet worden belemmerd; indien een indirect koelcircuit wordt gebruikt, moet het secundaire circuit worden gecontroleerd op de aanwezigheid van koelmiddel; marking op de apparatuur blijft zichtbaar en leesbaar. Markeringen en tekens die onleesbaar zijn, worden gecorrigeerd; koelpijp of -componenten zijn geïnstalleerd op een plaats waar het onwaarschijnlijk is dat ze worden blootgesteld aan enige stof die koelmiddelhoudende componenten kan aantasten, tenzij de componenten zijn gemaakt van materialen die inherent bestand zijn tegen corrosie of die op passende wijze zijn beschermd tegen corrosie.
1.9 Controles aan elektrische apparaten
Reparatie en onderhoud aan elektrische componenten moeten initiele veiligheidscontroles en inspectieprocedures voor componenten omvatten. Als er een storing is die de veiligheid in gevaar kan brengen, mag er geen elektrische voeding op het apparaat worden aangesloten totdat deze naar tevredenheid is verholpen. Als de storing niet onmiddellijk kan worden verholpen, maar bedrijfsactiviteiten moeten worden voortgezet, moet een geschikte tijdelijke oplossing worden gebruikt. Dit wordt gerapporteerd aan de eigenaar van de apparatuur, zodat alle partijen worden geïnformeerd.
De eerste veiligheidscontroles omvatten: of de condensatoren ontladen zijn: dit moet op een veilige manier gebeuren om vonkvorming te voorkomen; dat er geen spanningvoerende elektrische componenten en bedrading worden blootgesteld tijdens het opladen, herstellen of doorspoelen van het systeem; dat er continuïteit is in de aardverbinding.
2 REPARATIES AAN VERZEGELDE COMPONENTEN
2.1 Tijdens reparaties aan verzegelde componenten moeten alle elektrische voedingen worden losgekoppeld van het apparaat waaraan wordt gewerkt voordat verzegelde afdekkingen etc. worden verwijderd. Als het absoluut noodzakelijk is om tijdens het onderhoud het apparaat te voorzien van elektriciteit, moet een permanent werkende vorm van lekdetectie op het meest kritieke punt worden geplaatst om te waarschuwen voor een mogelijk gevaarlijke situatie.
2.2 In het bijzonder zal aandacht moet worden besteed aan het volgende om ervoor te zorgen dat door werkzaamheden aan elektrische componenten de behuizing niet zodanig wordt gewijzigd dat het beschermingsniveau wordt beïnvloed.
Dit omvat schade aan kabels, buitensporig aantal aansluitingen, klemmen niet gemaakt volgens de originele specificatie, schade aan afdichtingen, onjuiste montage van wartels, etc. Zorg ervoor dat het apparaat stevig is gemonteerd. Zorg ervoor dat afdichtingen of afdichtingsmaterialen niet zodanig zijn verslechterd dat ze niet langer dienen om het binnendringen van brandbare atmosferen te voorkomen. Vervangende onderdelen moeten in overeenstemming zijn met de specificaties van de fabrikant.
OPMERKING Het gebruik van siliconenkit kan de effectiviteit van sommige soorten lekdetectieapparatuur verminderen. Intrinsiek veilige componenten hoeven niet te worden geïsoleerd voordat eraan wordt gewerkt.
3 REPARATIE AAN INTRINSIEK VEILIGE COMPONENTEN
Pas geen permanente inductieve of capaciteitsbelastingen toe op het circuit zonder ervoor te zorgen dat dit de toegestane spanning en stroom die is toegestaan voor de gebruikte apparatuur niet overschrijdt. Intrinsiek veilige componenten zijn de enige typen waaraan gewerkt kan worden terwijl ze functioneren in de aanwezigheid van een brandbare atmosfeer. De testapparatuur moet de juiste classificatie hebben. Vervang onderdelen alleen door onderdelen die zijn gespecificeerd door de fabrikant. Andere onderdelen kunnen leiden tot ontbranding van koelmiddel in de atmosfeer door een lek.
4 BEKABELING
Controleer of de bekabeling niet onderhevig is aan slijtage, corrosie, overmatige druk, trillingen, scherpe randen of andere nadelige milieueffecten. Bij de controle moet ook rekening worden gehouden met de effecten van veroudering of voortdurende trillingen van bronnen zoals compressoren of ventilatoren.
5 DETECTIE VAN ONTVLAMBARE KOELMIDDELEN
In geen geval mogen potentiële ontstekingsbronnen worden gebruikt bij het zoeken naar of detecteren van koelmiddellekken. Een halogenidetoorts (of een andere detector die een open vlam gebruikt) mag niet worden gebruikt.
6 LEKDETECTIEMETHODEN
De volgende lekdetectiemethoden worden aanvaardbaar geacht voor systemen met brandbare koelmiddelen. Elektronische lekdetectoren moeten worden gebruikt om brandbare koelmiddelen te detecteren, maar de gevoeligheid is mogelijk niet voldoende of moet mogelijk opnieuw worden gekalibreerd. (Detectieapparatuur moet worden gekalibreerd in een koelmiddelvrije ruimte.) Zorg ervoor dat de detector geen potentiële ontstekingsbron is en geschikt is voor het gebruikte koelmiddel. Lekdetectieapparatuur moet worden ingesteld op een percentage van de LFL van het koelmiddel en moet worden gekalibreerd op het gebruikte koelmiddel en het juiste percentage gas (maximaal 25%) wordt bevestigd. Lekdetectievloeistoffen zijn geschikt voor gebruik met de meeste koelmiddelen, maar het gebruik van chloorhoudende reinigingsmiddelen moet worden vermeden aangezien het chloor kan reageren met het koelmiddel en de koperen leidingen kan aantasten. Als een lek wordt vermoed, moet alle open vuur worden verwijderd/gedoofd. Als er een koelmiddellek wordt gevonden waarvoor solderen vereist is, moet al het koelmiddel uit het systeem worden teruggewonnen of worden geïsoleerd (door middel van afsluiters) in een deel van het systeem dat ver van het lek verwijderd is. Zuurstofvrije stikstof (OFN) zal dan zowel voor als tijdens het soldeerproces door het systeem worden gespoeld.
7 VERWIJDERING EN EVACUATIE
Bij het inbreken in het koudemiddelsysteem om reparaties uit te voeren - of voor enig ander doel - moeten conventionele procedures worden gevolgd. Het is echter belangrijk dat de procedures worden gevolgd, aangezien er risico is op ontvlambaarheid. De volgende procedure moet worden gevolgd: verwijder koelmiddel; reinig het apparaat met inert gas; evacueer; spoel opnieuw met inert gas; open het apparaat door te snijden of te solderen. De koudemiddelvulling moet worden teruggewonnen in de juiste terugwinningscilinders. Het systeem moet worden 'gespoeld' met Zuurstofvrije stikstof (OFN) om het apparaat veilig te maken. Dit proces moet mogelijk meerdere keren worden herhaald. Er mag geen perslucht of zuurstof worden gebruikt voor deze taak. Het spoelen wordt bereikt door het vacuum in het systeem met OFN te onderbreken en door te gaan met vullen totdat de werkdruk is bereikt, vervolgens te ontluchten naar de atmosfeer en tenslotte tot een vacuum te trekken. Dit proces wordt herhaald totdat er geen koelmiddel meer in het systeem aanwezig is. Wanneer de laatste OFN-lading wordt gebruikt, moet het systeem worden ontlucht tot atmosferische druk om het werk mogelijk te maken. Deze handeling is absoluut noodzakelijk als soldeerwerkzaamheden aan het leidingwerk moeten plaatsvinden. Zorg ervoor dat de uitlaat voor de vacuumpomp zich niet in de buurt van ontstekingsbronnen bevindt en dat er ventilatie aanwezig is.
8 OPLAADPROCEDURES
Naast conventionele oplaadprocedures moeten de volgende vereisten worden gevolgd:
- Zorg ervoor dat tijdens het gebruik van vulapparatuur geen vervuiling van verschillende koelmiddelen optreedt. Slangen of leidingen moeten zo kort mogelijk zijn om de hoeveelheid koelmiddel erin te minimaliseren.
- Cilinders moeten rechtop worden gehouden.
- Zorg ervoor dat het koelsysteem geaard is voordat u het systeem met koelmiddel vult.
- Label het systeem wanneer het opvullen is voltooid (indien niet gedaan).
- Wees uiterst alert en zorg ervoor dat het koelsysteem niet te vol wordt gevuld.
Voordat het systeem opnieuw wordt gevuld, moet het onder druk worden getest met OFN. Het systeem moet op lekken worden getest na voltooiing van het vullen, maar vóór inbedrijfstelling. Voordat de locatie wordt verlaten, moet een vervolglektest worden uitgevoerd.
9 BUITENBEDRIJFSTELLING
Voordat u deze procedure uitvoert, is het essentieel dat de technicus volledig vertrouwd is met de apparatuur en alle details. Het wordt aanbevolen om alle koudemiddelen veilig terug te winnen. Voordat de taak wordt uitgevoerd, moet een olie- en koelmiddelmonster worden genomen voor het geval dat analyse vereist is voordat het teruggewonnen koelmiddel opnieuw wordt gebruikt. Het is essentieel dat er elektrische stroom beschikbaar is voordat er met deze taak gestart kan worden.
a) Raak vertrouwd met de apparatuur en de bediening ervan.
b) Isoleer het systeem elektrisch.
c) Voordat u de procedure uitvoert, moet u ervoor zorgen dat mechanische behandelingsapparatuur beschikbaar is en indien nodig, voor het hanteren van koelmiddelcilinders, alle persoonlijke beschermingsmiddelen aanwezig zijn en correct worden gebruikt, het herstelproces te allen tijde staat onder toezicht van een bevoegd persoon en dat de terugwinningsapparatuur en cilinders voldoen aan de toepasselijke normen.
d) Pomp indien mogelijk het koelsysteem leeg.
e) Als een vacuum niet mogelijk is, maak dan een verdeelstuk zodat het koelmiddel uit verschillende delen van het systeem kan worden verwijderd.
f) Zorg ervoor dat de cilinder zich op de weegschaal bevindt voordat herstel plaatsvindt.
g) Start de herstelmachine en bedien hem in overeenstemming met de instructies van de fabrikant.
h) Overvul cilinders niet. (Niet meer dan 80% vloeistofvulling).
i) Overschrijd de maximale werkdruk van de cilinder niet, ook niet tijdelijk.
j) Zorg ervoor dat wanneer de cilinders correct zijn gevuld en het proces is voltooid, u alle cilinders, apparatuur en alle isolatie onmiddellijk van de locatie verwijdert. En zorg ervoor dat de kleppen op de apparatuur zijn gesloten.
k) Teruggewonnen koelmiddel mag niet in een ander koelsysteem worden gevuld tenzij het is schoongemaakt en gecontroleerd.
10 ETIKETTERING
Apparatuur moet worden geëtiketteerd met de mededeling dat het buiten gebruik is gesteld en de koeling is leeggemaakt. Het label moet worden gedateerd en ondertekend. Zorg ervoor dat er labels op het apparaat zitten waarop staat dat het apparaat brandbaar koelmiddel bevat.
11 HERSTEL
Bij het verwijderen van koudemiddel uit een systeem, zowel voor onderhoud als buitenbedrijfstelling, wordt aanbevolen om alle koudemiddelen veilig te verwijderen. Zorg er bij het overbrengen van koelmiddel in cilinders voor dat alleen geschikte koelmiddelterugwinningscilinders worden gebruikt. Zorg ervoor dat het juiste aantal cilinders voor de totale systeemvulling beschikbaar is. Alle te gebruiken cilinders zijn bedoeld voor het teruggewonnen koelmiddel en gelabeld voor dat koelmiddel (d.w.z. speciale cilinders voor het terugwinnen van koelmiddel). Cilinders moeten compleet zijn met een overdrukventiel en bijbehorende afsluiters moeten in goede staat zijn. Lege opvangcilinders worden leeggepompt en, indien mogelijk, gekoeld voordat herstel plaatsvindt.
De terugwinningsapparatuur moet in goede staat verkeren met een set instructies met betrekking tot het apparaat dat voorhanden is en moet geschikt zijn voor het terugwinnen van brandbare koelmiddelen. Daarnaast moet een set gekalibreerde weegschalen beschikbaar zijn en in goede staat verkeren. Slangen moeten compleet zijn met lekvrije ontkoppelingskoppelingen en in goede staat verkeren. Voordat u de terugwinningsmachine gebruikt, moet u controleren of deze in goede staat verkeert, goed is onderhouden en of alle bijbehorende elektrische componenten zijn afgedicht om ontsteking te voorkomen in het geval dat er koelmiddel vrijkomt. Raadpleeg bij twijfel de fabrikant.
Het teruggewonnen koudemiddel wordt teruggestuurd naar de koudemiddelleverancier in de juiste recuperatiecilinder, en de relevante afvaloverdrachtsbrief wordt geregeld. Meng geen koudemiddelen in terugwinunits en zeker niet in cilinders.
Als compressoren of compressoroliën moeten worden verwijderd, zorg er dan voor dat deze tot een aanvaardbaar niveau zijn afgevoerd om er zeker van te zijn dat er geen brandbaar koelmiddel in het smeermiddel achterblijft. Het evacuatieproces moet worden uitgevoerd voordat de compressor aan de leveranciers wordt geretourneerd. Alleen elektrische verwarming van het compressorlichaam mag worden gebruikt om dit proces te versnellen. Wanneer olie uit een systeem wordt afgetapt, moet dit op een veilige manier gebeuren.
Bekwaamheid van servicepersoneel
Algemeen
Speciale training naast de gebruikelijke reparatieprocedures voor koelapparatuur is vereist wanneer apparatuur met brandbare koelmiddelen wordt aangetast. In veel landen wordt deze training gegeven door nationale trainingsorganisaties die geaccrediteerd zijn om les te geven in de relevante nationale competentienormen die in wetgeving kunnen zijn vastgelegd. De behaalde competentie moet worden gedocumenteerd door een certificaat.
Opleiding
De training moet de inhoud van het volgende bevatten:
Informatie over het explosiepotentieel van ontvlambare koelmiddelen om aan te tonen dat ontvlambare stoffen gevaarlijk kunnen zijn als ze onzorgvuldig worden gehanteerd. Informatie over mogelijke ontstekingsbronnen, vooral degene die niet voor de hand liggen, zoals aanstekers, lichtschakelaars, stofzuigers, elektrische kachels.
Informatie over de verschillende veiligheidsconcepten:
Ongeventileerd - (zie artikel GG.2) De veiligheid van het apparaat hangt niet af van de ventilatie van de huisvesting. Het uitschakelen van het apparaat of het openen van de behuizing heeft geen noemenswaardige invloed op de veiligheid. Desalniettemin is het mogelijk dat lekkend koelmiddel zich ophoopt in de behuizing en dat er een brandbare atmosfeer vrijkomt wanneer de behuizing wordt geopend. Geventileerde behuizing - (zie artikel GG.4) De veiligheid van het apparaat hangt af van de ventilatie van de behuizing. Het uitschakelen van het apparaat of het openen van de behuizing heeft een aanzienlijk effect op de veiligheid. Er moet voor worden gezorgd dat er voldoende ventilatie is.
Geventileerde ruimte - (zie artikel GG.5) De veiligheid van het apparaat hangt af van de ventilatie van de ruimte. Het uitschakelen van het apparaat of het openen van de behuizing heeft geen noemenswaardige invloed op de veiligheid. De ventilatie van de ruimte mag niet worden uitgeschakeld tijdens reparatieprocedures.
Informatie over het concept van afgedichte componenten en afgedichte behuizingen volgens IEC 60079-15:2010.
Informatie over de juiste werkprocedures:
a) Inbedrijfstelling
- Zorg ervoor dat het vloeroppervlak voldoende is voor de koudemiddelvulling of dat het ventilatiekanaal op de juiste manier is gemonteerd.
- Sluit de leidingen aan en voer een lektest uit voordat u koelmiddel bijvult.
- Controleer de veiligheidsuitrusting voordat u deze in gebruik neemt.
b) Onderhoud
- Mobiele apparatuur moet buiten of in een werkplaats worden gerepareerd die speciaal is uitgerust voor het onderhoud van units met ontvlambare koelmiddelen.
- Zorg voor voldoende ventilatie op de reparatieplaats.
- Houd er rekening mee dat een storing in de apparatuur kan worden veroorzaakt door verlies van koelmiddel en dat een koelmiddellek mogelijk is.
- Ontlaad de condensatoren op een manier die geen vonk veroorzaakt. De standaardprocedure om de condensatorklemmen kort te sluiten, veroorzaakt meestal vonken.
- Zet verzegelde behuizingen nauwkeurig weer in elkaar. Vervang de afdichtingen als deze versleten zijn.
- Controleer de veiligheidsuitrusting voordat u deze in gebruik neemt.
c) Reparatie
- Mobiele apparatuur moet buiten of in een werkplaats worden gerepareerd die speciaal is uitgerust voor het onderhoud van units met ontvlambare koelmiddelen.
- Zorg voor voldoende ventilatie op de reparatieplaats.
- Houd er rekening mee dat een storing in de apparatuur kan worden veroorzaakt door verlies van koelmiddel en dat een koelmiddellek mogelijk is.
- Ontlaad de condensatoren op een manier die geen vonk veroorzaakt.
- Als solderen vereist is, moeten de volgende procedures in de juiste volgorde worden uitgevoerd:
- Verwijder het koelmiddel. Als terugwinning niet vereist is volgens de nationale voorschriften, tap het koelmiddel dan af naar buiten. Zorg ervoor dat het afgetapte koelmiddel geen gevaar oplevert. Bij twijfel moet één persoon het stopcontact bewaken. Let er vooral op dat het afgetapte koelmiddel niet terug het gebouw in drijft.
- Vacumeer het koelcircuit.
- Spoel het koudemiddelcircuit gedurende 5 minuten met stikstof.
- Evacueer opnieuw.
- Verwijder te vervangen onderdelen door te snijden, niet door vlammen.
- Spoel het soldeerpunt door met stikstof tijdens de soldeerprocedure.
- Voer een lektest uit voordat u met koelmiddel vult.
- Zet verzegelde behuizingen nauwkeurig weer in elkaar. Vervang de afdichtingen als deze versleten zijn.
- Controleer de veiligheidsuitrusting voordat u deze in gebruik neemt.
d) Buitenbedrijfstelling
- Als de veiligheid in het gedrang komt wanneer de apparatuur buiten bedrijf wordt gesteld, moet de koudemiddelvulling worden verwijderd voordat deze buiten bedrijf wordt gesteld.
- Zorg voor voldoende ventilatie op de plaats van de apparatuur.
- Houd er rekening mee dat een storing in de apparatuur kan worden veroorzaakt door verlies van koelmiddel en dat een koelmiddellek mogelijk is.
- Ontlaad de condensatoren op een manier die geen vonk veroorzaakt.
-
Verwijder het koelmiddel. Als terugwinning niet vereist is volgens de nationale voorschriften, tap het koelmiddel dan af naar buiten. Zorg ervoor dat het afgetapte koelmiddel geen gevaar oplevert. Bij twijfel moet één persoon het stopcontact bewaken. Let er vooral op dat het afgetapte koelmiddel niet terug het gebouw in drijft.
• Vacumeer het koelcircuit. -
Spoel het koudemiddelcircuit gedurende 5 minuten met stikstof.
- Evacueer opnieuw.
• Vul stikstof bij tot atmosferische druk. - Plak een label op de apparatuur dat het koelmiddel is verwijderd.
e) Verwijdering
- Zorg voor voldoende ventilatie op de werkplek.
- Verwijder het koelmiddel. Als terugwinning niet vereist is volgens de nationale voorschriften, tap het koelmiddel dan af naar buiten. Zorg ervoor dat het afgetapte koelmiddel geen gevaar oplevert. Bij twijfel moet één persoon het stopcontact bewaken. Let er vooral op dat het afgetapte koelmiddel niet terug het gebouw in drijft.
• Vacumeer het koelcircuit.
- Spoel het koudemiddelcircuit gedurende 5 minuten met stikstof.
- Evacueer opnieuw.
- Schakel de compressor uit en tap de olie af.
Transport, marking en opslag voor units die ontvlambare koelmiddelen gebruiken. En transport van apparatuur die brandbare koelmiddelen bevat
De aandacht wordt gevestigd op het feit dat aanvullende transportvoorschriften kunnen bestaan met betrekking tot apparatuur die brandbaar gas bevat. Het maximale aantal apparaten of de configuratie van het apparaat dat samen vervoerd mag worden, wordt bepaald door de geldende transportvoorschriften.
Markering van apparatuur met behulp van veiligheidsborden
Veiligheidsborden voor soortgelijke apparaten die in een werkgebied worden gebruikt, vallen over het algemeen onder de plaatselijke voorschriften en geven de minimumvereisten aan voor het aanbrengen van veiligheids- en/of gezondheidsborden voor een werklocatie. Alle vereiste borden moeten worden onderhouden en werkgevers moeten ervoor zorgen dat werknemers passende en voldoende instructie en training krijgen over de betekenis van geschikte veiligheidsborden en de acties die moeten worden ondernomen in verband met deze borden.
De effectiviteit van borden mag niet worden verminderd door te veel borden bij elkaar te plaatsen. Alle gebruikte pictogrammen moeten zo eenvoudig mogelijk zijn en alleen essentiële details bevatten.
Verwijdering van apparatuur met ontvlambare koelmiddelen
Zie nationale regelgeving.
Opslag van apparatuur/apparaten
De opslag van apparatuur moet in overeenstemming zijn met de instructies van de fabrikant. Opslag van verpakte (onverkochte) apparatuur
De bescherming van de opslagverpakking moet zodanig zijn geconstrueerd dat mechanische schade aan de apparatuur in de verpakking geen lekkage van koelmiddel veroorzaakt.
Het maximale aantal apparaten dat samen mag worden opgeslagen, wordt bepaald door lokale voorschriften.
2. Namen van onderdelen

text_image
1 2 3 4 5
text_image
6 7 8 9 10| 1. | Ventilatiekoepel | 6. | Luchtinlaat |
| 2. | Bedieningspaneel | 7. | Afvoeropening |
| 3. | Voorpaneel | 8. | Luchtinlaat |
| 4. | Achterpaneel | 9. | Netsnoer |
| 5. | Rolwielen | 10. | Afvoeropening |
3. Accessoires
| Onderdeel | Omschrijving | Aantal | |
![]() | Uitlaatslang | 1 | |
![]() | Behuizingsadapter | 1 | |
![]() | Raamconnector | 1 | |
![]() | Afstandsbediening | 1 | |
![]() | Raamkit | 1 | |
| Pluggen | 2 | ||
| Batterijen | 2 | ||
* Controleer na het uitpakken of de bovengenoemde accessoires zijn meegeleverd en controleer hun doel in de installatie-inleiding in deze handleiding.
4. Bedieningspaneel & Functieomschrijving
Model met koelfunctie

text_image
1 2 3 SLEEP SWIND THER MODE DOWN UP SPRING POWER H G F E D C B A 4 5 6 7 • HIGH • MEDIUM • LOW • TAI| A | Aan-/uitknop | 1 | Koelen |
| B | Ventilatorsnelheid | 2 | Ontvochtigen |
| C | Temperatuur omhoog | 3 | Ventilator |
| D | Temperatuur omlaag | 4 | Hoge ventilatorsnelheid |
| E | Operatiemodus | 5 | Gemiddelde ventilatorsnelheid |
| F | Timer aan/uit | 6 | Lage ventilatorsnelheid |
| G | Swing aan/uit | 7 | Water vol |
| H | Slaapmodus |
Model met koelfunctie en wifi

text_image
1 2 3 SLEEP SWING TIMER MODE DOWN UP SPEED POWER H G F E D C B A 4 °C 5 6 7 8 • High • Medium • Low • FAI| A | Aan-/uitknop | 1 | Koelen |
| B | Ventilatorsnelheid | 2 | Ontvochtigen |
| C | Temperatuur omhoog | 3 | Ventilator |
| D | Temperatuur omlaag | 4 | Wifi |
| E | Operatiemodus | 5 | Hoge ventilatorsnelheid |
| F | Timer aan/uit | 6 | Gemiddelde ventilatorsnelheid |
| G | Swing aan/uit | 7 | Lage ventilatorsnelheid |
| H | Slaapmodus | 8 | Water vol |
5. Uiterlijk en functies afstandsbediening
Afstandsbediening zonder display

text_image
5 6 7 8 4 3 2 1| 1 | POWER | Aan-/uitzetten |
| 2 | TIMER | Timer aan/uit |
| 3 | MODE | Operatiemodus |
| 4 | TEMP- | Temperatuur omlaag |
| 5 | TEMP+ | Temperatuur omhoor |
| 6 | SPEED | Ventilatorsnelheid |
| 7 | SLEEP | Slaapmodus |
| 8 | SWING | Automatische swing |
Opmerkingen:
- Laat de afstandsbediening niet vallen.
- Leg de afstandsbediening niet op een plek die aan direct zonlicht wordt blootgesteld.
6. Uitleg bediening
Voordat u start met de bediening, zorg eerst hiervoor:
1) Zoek een plaats met stroomvoorziening in de buurt.
2) Installeer de uitlaatslang, zoals getoond in Figuur 5 en Figuur 5a, en stel de raamstand goed af.

3) Sluit de afvoerslang goed aan (alleen bij gebruik van het verwarmingsmodel).
4) Steek het netsnoer in een geaard AC220 \~ 240V/50Hz stopcontact.
5) Druk op de aan-/uitknop om de airconditioner in te schakelen.

text_image
Drainage outletFiguur 6 6.1. Voor gebruik Ter kennisgeving:
- Temperatuurbereik:
| Maximalekoeltemperatuur | Minimalekoeltemperatuur | |
| DB/WB(°C) | 35/24 | 18/12 |
Controleer of de uitlaatslang correct is gemonteerd.
Waarschuwingen voor koelen en ontvochtigen:
- Houd bij gebruik van functies voor koelen en ontvochtigen een interval van minimaal 3 minuten aan tussen elke aan-/uitzetactie.
- De stroomvoorziening voldoet aan de eisen.
- Het stopcontact is geschikt voor gebruik op netstroom.
- Deel een stopcontact niet met andere apparaten.
- Druk op de MODE-knop totdat het pictogram 'Cool' verschijnt.
- Druk op de knop 'DOWN' of 'HIGH' om de gewenste kamertemperatuur te selecteren. (16 °C -31 °C)
- Druk op de SPEED-knop om de ventilatorsnelheid te selecteren.
6.3 Ontvochtigen
Druk op de MODE-knop totdat het pictogram 'Dehumidify' verschijnt.
- Stel de geselecteerde temperatuur automatisch in op de huidige kamertemperatuur minus 2 °C. (16 °C -31 °C)
- Stel de ventilatorsnelheid automatisch in op laag.
6.4 Ventilatorwerking
- Druk op de MODE-knop totdat het pictogram 'Fan' verschijnt.
- Druk op de SPEED-knop om de windsnelheid te selecteren.
6.5 Verwarmingsfunctie (deze functie is niet beschikbaar voor het model dat alleen kan koelen)
- Druk op de MODE-knop totdat het pictogram 'Heat' verschijnt.
- Druk op de knop 'DOWN' of 'UP' om een gewenste kamertemperatuur te selecteren. (16 °C -31 °C)
- Druk op de SPEED-knop om de ventilatorsnelheid te selecteren.
6.6 Timer
Aanzetten timer begintijd:
- Als de airconditioner uit is, drukt u op de TIMER-knop en selecteert u een gewenste tijd om de airconditioner aan te zetten met de temperatuur- en tijdinstelknoppen.
- 'Preset On Time' wordt weergegeven op het bedieningspaneel.
- De starttijd kan op elk moment worden ingesteld in 0-24 uur.
Aanzetten timer eindtijd:
- Wanneer de airconditioner aan is, drukt u op de TIMER-knop en selecteert u een gewenste eindtijd met de temperatuur- en tijdinstelknoppen.
- 'Preset Off Time' wordt weergegeven op het bedieningspaneel.
- De eindtijd kan op elk moment worden ingesteld in 0-24 uur.
Nadat het apparaat is ingeschakeld, drukt u op deze toets, de ventilator zal continu naar links en rechts zwaaien. Door nogmaals op deze knop te drukken stopt de beweging en blijft de ventilator in die positie.
6.8 Slaapmodus
- Druk in de koelmodus op de SLEEP-knop om de temperatuur in te stellen. Het neemt na een uur 1 °C toe en neemt hoogstens 2 °C na 2 uur toe.
- Druk in de verwarmingsmodus op de SLEEP-knop om de temperatuur in te stellen. Het neemt na een uur 1 °C af en neemt na 2 uur hooguit 2 °C af.
- Druk nogmaals op de SLEEP-knop om de instelling te annuleren.
6.9 Waterafvoer
Het Water-vol-alarm
De binnenste waterbak in de airconditioner heeft één waterniveau-veiligheidsschakelaar, deze regelt het waterniveau. Wanneer het waterpeil een verwachte hoogte bereikt, gaat de indicator voor water vol branden. Als het water vol is, verwijder dan de rubberen verstopping van de afvoer aan de onderkant van de unit en voer al het water naar buiten af.
Continue afvoer
- Als u van plan bent dit apparaat voor een lange tijd niet te gebruiken, verwijder dan de rubberen verstopping uit de afvoeropening aan de onderkant van het apparaat en laat al het water naar buiten lopen.
- U kunt de continue afvoer gebruiken met een afvoerslang die is aangesloten op het onderste afvoergat, wanneer de unit in de verwarmingsmodus werkt.
- De continue afvoer hoeft niet te worden toegepast wanneer de unit in de koelmodus of ontvochtigingsmodus werkt. De unit kan het condenswater automatisch verdampen door de spatmotor. Zorg ervoor dat de afvoergaten goed zijn afgedicht.
- Als de waterspatmotor beschadigd is, kan continue afvoer worden gebruikt. Om de afvoerslang aan te sluiten op de onderste afvoer (Figuur 6), kan de unit ook goed werken.
- Als de spatmotor is beschadigd, kan ook periodieke afvoer worden gebruikt. Onder deze omstandigheden, wanneer het indicatielampje 'Water vol' gaat branden, sluit u een afvoerslang aan op de onderste afvoeropening, waarna al het water in de watertank naar buiten wordt afgevoerd. Het apparaat kan dan ook weer goed werken.
6.10 Wifi-functie
- Druk lang op de SPEED-knop gedurende 5 seconden en ga naar de wifi-fabrieksinstellingen.
- Het apparaat is verbonden met wifi. Als het wifi-lampje brandt, is er geen verbinding. Wanneer de wifi-indicator langzaam knippert, staat het apparaat in de wifi-instelmodus, als het snel knippert, is het apparaat verbonden met wifi.
- U kunt alle functies van de airconditioner instellen via de app van de mobiele telefoon die met de wifi verbonden is.
7. Uitleg installatie
7.1 Installatie uitleg:
- Een verplaatsbare airconditioner zal op een vlakke en ruime plaats moeten worden geïnstalleerd. Blokkeer de luchtuitlaat niet en de vereiste afstand rondom moet minimaal 30 cm zijn. (Figuur 8)
- Mag niet worden geïnstalleerd op een natte locatie, zoals de wasruimte.
- De bedrading van de stopcontacten moet in overeenstemming zijn met de lokale elektrische veiligheidseisen.

7.2 Installatie van de afvoerslang

Tijdelijke installatie
- Draai de behuizingsadapter en de raamconnector naar de uiteinden van de uitlaatslang.
- Steek de bevestigingsclip van de behuizingsadapter in de openingen aan de achterkant van de airconditioner.
- Plaats het andere uiteinde van de uitlaatslang in de vensterbank (zie Figuur 9).
Installatie raamkit
De installatiemethode van de raamschuifkit is meestal horizontaal of verticaal. Controleer de minimale en maximale grootte van het raam voor de installatie, zoals getoond in Figuur 10 en Figuur 10a.
- Installeer de raamkit op het raam (Figuur 10 en 10a).
- Pas de lengte van de raamschuifkit aan aan de raambreedte of -hoogte en zet deze vast met de plug.
- Steek de raamkoppeling van de slang in het gat van de raamkit (Figuur 11).

Figuur 10
Figuur 10a

Figuur 11
7.3 Water vol alarm
De binnenste waterbak in de airconditioner heeft één veiligheidsschakelasr voor het waterniveau, deze regelt het waterniveau. Wanneer het waterpeil een verwachte hoogte bereikt, gaat de indicator voor water vol branden. (Als de waterspatmotor beschadigd is en de waterbak vol is, verwijder dan de rubberen verstopping aan de onderkant van het apparaat en al het water wordt naar buiten afgevoerd.)

8. Onderhoudsuitleg
Verklaring:
1) Zorg ervoor dat u het apparaat loskoppelt van een stopcontact voordat u het schoonmaakt.
2) Gebruik geen benzine of andere chemicaliën om het apparaat te reinigen.
3) Was het apparaat niet rechtstreeks.
4) Als de conditioner beschadigd is, neem dan contact op met de dealer of reparatiewerkplaats.

- Als het luchtfilter verstopt raakt met stof of vuil, moet het luchtfilter eens in de twee weken worden gereinigd.
- Demonteren
Open het luchtinlaatrooster en verwijder het luchtfilter.
- Schoonmaak
Maak het luchtfilter schoon met een neutraal reinigingsmiddel in lauwwarm (40 °C) en laat het in de schaduw drogen.
- Montage
Plaats het luchtfilter in het inlaatrooster en vervang de componenten zoals ze waren.
8.2 Maak het oppervlak van de airconditioner schoon
Reinig het oppervlak eerst met een neutraal schoonmaakmiddel en een natte doek, en veeg het daarna af met een droge doek.
9. Trouble Shooting
| Probleem | Mogelijke oorzaken | Voorgestelde oplossingen |
| 1. Het apparaat start niet wanneer er op de aan-/uitknop wordt gedrukt. | - Indicatielampje van ‘water vol’ knippert en de waterbak is vol. | Giet het water uit de waterbak. |
| - De kamertemperatuur is hoger dan de ingestelde temperatuur (elektrische verwarmingsmodus). | Reset de temperatuur. | |
| - De kamertemperatuur is lager dan de ingestelde temperatuur (koelmodus). | Reset de temperatuur. | |
| 2. Het apparaat koelt niet genoeg | - De deuren of ramen zijn niet gesloten. | Zorg ervoor dat alle ramen en deuren gesloten zijn. |
| - Er zijn warmtebronnen in de kamer. | Verwijder de warmtebronnen indien mogelijk. | |
| - Afvoerluchtslang is niet aangesloten of verstopt. | Sluit de afvoerluchtslang aan of reinig deze. | |
| - Temperatuurinstelling is te hoog. | Reset de temperatuur. | |
| - Luchtinlaat is geblokkeerd. | Reinig de luchtinlaat. | |
| 3. Lawaaierig | - De grond is niet vlak of niet vlak genoeg. | Plaats het apparaat mogelijk op een vlakke ondergrond indien. |
| - Het geluid is afkomstig van het stromende koelmiddel in de airconditioner. | Dat is normaal. | |
| 4. E0 Code | Kamertemperatuursensor defect. | Vervang de kamertemperatuursensor (de unit kan ook zonder vervanging werken.) |
| 5. E2 Code | Waterbak vol tijdens koelen. | Verwijder de rubberen stop en laat het water weglopen. |
Let op: de producten kunnen er in het echt anders uitzien.
Nies van der Schansstraat 2A
5161 CE Sprang-Capelle
The Netherlands




