ES9D18C - Koelkast AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis ES9D18C AEG in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over ES9D18C AEG
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ES9D18C - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ES9D18C van het merk AEG.
GEBRUIKSAANWIJZING ES9D18C AEG
Welkom bij AEG! Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebt gekozen.

Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, informatie met betrekking tot service en reparatie:
www.aeg.com/support
Wijzigingen voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
- VEILIGHEIDSINFORMATIE....3
- VEILIGHEIDSINSTRUCTIES....5
- BEDIENINGSPANEEL....8
- DAGELIJKS GEBRUIK.... 10
- AANWIJZINGEN EN TIPS.... 12
- ONDERHOUD EN REINIGING....14
- PROBLEEMOPLOSSING.... 16
- TECHNISCHE GEGEVENS....19
- INFORMATIE VOOR TESTINSTITUTEN.... 19
- HET MILIEUPERSPECTIEF....20
1. AVEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees de meegeleverde instructies voordat je het apparaat installeert en gebruikt zorgvuldig. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeien uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige en toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen in de leeftijd van 3 tot 8 jaar en personen met zeer uitgebreide en complexe beperkingen mogen het apparaat in- en uitladen op voorwaarde dat ze de juiste instructies hebben
gekregen. Kinderen jonger dan 3 jaar dienen, tenzij zijn voortdurend onder toezicht staan, bij het apparaat uit de buurt te worden gehouden.
- Houd toezicht op kinderen om te voorkomen dat zij gaan spelen met het apparaat.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
1.2 Algemene veiligheid
- Dit apparaat is alleen bedoeld voor het bewaren van voedsel en dranken.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt.
- Neem de volgende instructies in acht om besmetting van voedsel te voorkomen:
– open de deur niet gedurende lange perioden;
– reinig regelmatig oppervlakken die in contact kunnen komen met voedsel en toegankelijke afwateringssystemen;
- bewaar rauw vlees en vis in geschikte recipienten in de koelkast, zodat het niet in contact komt met of druppelt op andere levensmiddelen.
- WAARSCHUWING: Houd de ventilatieopeningen vrij van obstructies. Dit geldt zowel voor losstaande als ingebouwde modellen.
-
WAARSCHUWING: Gebruik geen mechanische apparaten of andere middelen om het ontdooiproces te versnellen, behalve de middelen die door de fabrikant worden aanbevolen.
-
WAARSCHUWING: Beschadig het koelcircuit niet.
- WAARSCHUWING: Gebruik geen elektrische apparaten in de bewaarvakken van het apparaat, tenzij dit het type is dat door de fabrikant wordt aanbevolen.
- Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
- Reinig het apparaat met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale reinigingsmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
- Als het apparaat lange tijd leeg is, schakel het dan uit, ontdooi, reinig en droog het en laat de deur open om te voorkomen dat er schimmel in het apparaat ontstaat.
- Bewaar geen explosieve stoffen zoals spuitbussen met een ontvlambaar drijfgas in dit apparaat.
- Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, een erkende serviceverlener of vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen.
2. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
2.1 Installeren

WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwde structuur installeert omwille van veiligheidsredenen.
- Volg de afzonderlijke instructies voor de installatie van het apparaat en het achteruitrijden van de deur die beschikbaar zijn op onze website.
-
Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
-
Zorg ervoor dat rondom het apparaat de lucht vrij kan circuleren.
- Bij de eerste installatie of na het omdraaien van de deur moet u minstens 4 uur wachten voordat u het apparaat op de stroom aansluit. Dit is om de olie terug te laten stromen in de compressor.
- Trek de stekker uit het stopcontact voordat u handelingen aan het apparaat uitvoert (bijv. het omdraaien van de deur).
- Installeer het apparaat niet in de buurt van radiatoren of fornuizen, ovens of kookplaten, tenzij anders aangegeven in de installatie-instructies.
- Stel het apparaat niet bloot aan regen.
- Installeer het apparaat niet als er direct zonlicht is.
- Installeer dit apparaat niet in ruimtes die te vochtig of te koud zijn.
-
Als je het apparaat verplaatst, til het dan op aan de voorrand, om krassen op de vloer te voorkomen.
-
Bescherm de vloer tegen krassen bij het omdraaien van de deur van het apparaat.
- Het apparaat bevat een zakje droogmiddel. Dit is geen speelgoed. Dit is geen levensmiddel. Gooi het onmiddellijk weg.
2.2 Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.

WAARSCHUWING!
Zorg er bij het plaatsen van het apparaat voor dat het stroomsnoer niet klem zit of wordt beschadigd.

WAARSCHUWING!
Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
- Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact.
- Gebruik altijd een juist geïnstalleerd schokbestendig stopcontact.
- Als het stopcontact voor huishoudelijk gebruik niet geaard is, sluit je het apparaat aan op een aparte aarding in overeenstemming met de huidige voorschriften. Raadpleeg hiervoor een gekwalificeerde elektricien.
- Zorg ervoor dat de elektrische onderdelen (bijv. stekker, netsnoer, compressor) niet beschadigd raken. Neem contact met de Bevoegde Servicedienst of een elektricien om de elektrische onderdelen te wijzigen.
- Het netsnoer moet onder het niveau van de stekker blijven.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
- Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
2.3 Gebruik

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.

Het apparaat bevat ontvlambaar gas, aan (R600a), een aardgas met een ecologische compatibiliteit. Zorg ervoor het koelcircuit dat isobutaan bevat, niet adigt.
- De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
- Elk gebruik van het ingebouwde product als vrijstaand product is ten strengste verboden.
- Dit apparaat is bedoeld voor gebruik bij een omgevingstemperatuur variërend van 10°C tot 38°C. De juiste werking van het apparaat kan alleen worden gegarandeerd binnen het gespecificeerde temperatuurbereik.
- Zet geen elektrische apparaten (bijv. ijsvormers) in het apparaat, tenzij dit van toepassing is op de fabrikant.
- Als er schade optreedt aan het koelcircuit, zorg er dan voor dat er geen vlammen en ontstekingsbronnen in de kamer aanwezig zijn. Ventileer de kamer.
- Laat geen hete voorwerpen de kunststof onderdelen van het apparaat aanraken.
- Zet geen frisdranken in het vriesvak. Hierdoor ontstaat er druk op de drankverpakking.
- Bewaar geen ontvlambare gassen en vloeistoffen in het apparaat.
- Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
- Raak de compressor of de condensator niet aan. Ze zijn heet.
- Verwijder of raak geen voorwerpen uit het vriesvak als je handen nat of vochtig zijn.
- Vries voedsel dat ontdooid is niet opnieuw in.
- Bewaar de voedingswaren volgens de instructies op de verpakking.
- Wikkel het voedsel in eender welk contactmateriaal voor voedsel alvorens het in het vriesvak te plaatsen.
- Zorg dat er geen voedsel in contact komt met de binnenwanden van de compartimenten van het apparaat.
2.4 Binnenverlichting

WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrische schokken.
- Dit product bevat een of meer lichtbronnen van energie-efficiëntieklasse F.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
2.5 Onderhoud en reinigen

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat je onderhoudshandelingen verricht.
- Dit apparaat bevat koolwaterstoffen in de koelunit. Alleen een gekwalificeerd persoon mag het apparaat onderhouden en bijvullen.
2.6 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Houd er rekening mee dat zelfreparatie of niet-professionele reparatie gevolgen kan hebben voor de veiligheid en de garantie kan doen vervallen.
- De volgende reserveonderdelen zullen gedurende 7 jaar nadat het model niet meer verkrijgbaar is leverbaar zijn: thermostaten, temperatuursensoren, printplaten, lichtbronnen, deurgrepen, deurscharnieren, laden en mandjes. Deurpakkingen zijn beschikbaar tot 10 jaar nadat het model uit de handel is genomen. De termijn kan in uw land langer zijn. Ga voor meer informatie naar onze website.
- Houd er rekening mee dat sommige van deze reserveonderdelen alleen beschikbaar zijn voor professionele reparateurs en dat niet alle reserveonderdelen relevant zijn voor alle modellen.
2.7 Verwijdering

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Haal de stekker uit het stopcontact.
- Snij het netsnoer van het apparaat af en gooi dit weg.
- Verwijder de deur om te voorkomen dat kinderen en huisdieren opgesloten raken in het apparaat.
- Het koelcircuit en de isolatiematerialen van dit apparaat zijn ozonvriendelijk.
- Het isolatieschuim bevat ontvlambare gassen. Neem contact met uw plaatselijke overheid voor informatie m.b.t. correcte afvalverwerking van het apparaat.
- Veroorzaak geen schade aan het deel van de koeleenheid dat zich naast de warmtewisselaar bevindt.
3. BEDIENINGSPANEEEL

text_image
1 Extra Cool 2 88 3 4 3 0° Mode 5 61 Extra Cool-knop/aanduiding
2 Indicatielampje koelvak
3 Alarmindicator Deur open
4 0° Mode-indicatielampje
5 0° Mode-toets
6 Koelkasttemperatuurknop/aanduiding
3.1 In-/uitschakelen
Inschakelen
Steek de stekker in het stopcontact.
Zie 'Temperatuurregeling' om een andere temperatuur in te stellen.
Zie als in het display de melding dE on wordt weergegeven 'Probleemoplossing'.
Schakel de
- Houd de temperatuurknop van de koelkast gedurende 5 sec ingedrukt. In het display wordt de melding OF knipperend weergegeven.
- Trek de stekker uit het stopcontact wanneer op het display OF verschijnt.
3.2 Temperatuurregeling
Het temperatuurbereik kan variëren tussen 3°C en 8°C voor de koelkast (aanbevolen 4°C).
Druk op de temperatuurknop van de koelkast om de temperatuur van het apparaat in te stellen.
De temperatuurlampjes tonen de ingestelde temperatuur.

De ingestelde temperatuur wordt binnen 24 u bereikt.
Na een stroomstoring herstelt het apparaat de ingestelde temperatuur.
3.3 Extra Cool-functie
De Extra Cool-functie wordt gebruikt voor voorvriezen en vervolgens snelvriezen in het vriezercompartiment. Deze functie versnelt het invriezen van verse etenswaren en beschermt de etenswaren die al in de vriesruimte aanwezig zijn tegen opwarmen.

Activeer de functie Extra Cool minstens 24 u van te voren om het voorvriezen te voltooien voordat je de etenswaren in de vriesruimte plaatst.
Druk op de knop Extra Cool om deze functie te activeren.
Het Extra Cool controlelampje licht op. De functie Extra Cool stopt automatisch na maximaal 52 u.
Druk op de knop Extra Cool om de functie uit te schakelen voordat deze automatisch wordt uitgeschakeld.
3.4 0° Mode instellingen
Met de 0° Mode kunt u verschillende temperatuurniveaus in het LongFresh-vak instellen.
9 is de standaardinstelling. De koudste instelling is 1 en de warmste 9.
Om de instelling te wijzigen
- tikt u op de knop 0° Mode totdat u het gewenste temperatuurniveau selecteert.
- Het 0° Mode indicatielampje geeft een geluid en knippert gedurende 3 seconden.
- Wanneer het 0° Mode indicatielampje stopt met knipperen, wordt het huidige weergegeven temperatuurniveau geactiveerd.
i
Instellingen van 1 tot 5 zijn geschikt voor vis en vlees. Instellingen van 6 tot 9 zijn geschikt voor fruit en groenten. In deze instellingen werkt het vak op dezelfde manier als de koelruimte.
3.5 Deur open-alarm
Het alarmindicatielampje 'deur open' knippert en het akoestische alarm klinkt als de deur van de koelkast gedurende 5 min geopend blijft.
Het alarm stop als de deur wordt gesloten. Druk op een willekeurige knop om het akoestisch alarm en het knipperen van de binnenverlichting van de koelkast uit te schakelen.
i
Als je niet op een willekeurige knop drukt, wordt het akoestische alarm na ongeveer 1 uur automatisch uitgeschakeld.
3.6 Instellingsmodus
Met de instellingsmodus kunt u de geluiden, en de demomodus in- of uitschakelen, de fabrieksinstellingen van het apparaat resetten en de temperatuureenheden wijzigen van °C in °F:
De instelmodus activeren
- Houd de toets Extra Cool gedurende ongeveer 3 sec ingedrukt. Het display toont afwisselend een knipperende SE en tt.
- Zodra de instellingsmodus is ingeschakeld, toont het display afwisselend tS en on.
- Houd de toets Extra Cool gedurende ongeveer 3 sec ingedrukt om de instellingsmodus uit te schakelen.
De instellingsmodus wordt automatisch uitgeschakeld als u gedurende 60 sec het bedieningspaneel niet gebruikt.
Navigeren door de instellingsmodus
Tik op de Extra Cool om de parameter te wijzigen. Tik op de temperatuurknop van de koelkast om de parameterwaarde te wijzigen.
Display Standaardparameters
tS on Knopgeluiden
CF °C Temperatureuneheden
dE OF Demo-modus
FS 03 Fabrieksinstellingen
Knopgeluiden
De geluiden in- of uitschakelen:
- De instellingsmodus activeren.
- Navigeer door de instellingsmodus totdat tS op het display verschijnt. Tik op de toets koelkasttemperatuur om de geluiden in of uit te schakelen. Het indicatielampje verandert in On voor de ingeschakelde of OF voor de uitgeschakelde geluiden.
- Verlaat de instellingsmodus.
Temperatuureenheden
De temperatuureenheid wijzigen:
- De instellingsmodus activeren.
- Navigeer door de instellingsmodus totdat CF en °C op het display verschijnt. Tik op de toets koelkasttemperatuur om te kiezen tussen °C voor Celsius en °F voor Fahrenheit.
- Verlaat de instellingsmodus.
Demo-modus
De Demo-modus simuleert de werking van het apparaat zonder koeling. Het is uitsluitend ontworpen voor showroom- of displaydoeleinden.
i
U kunt geen voedsel bewaren als de demomodus is ingeschakeld.
De Demo-modus inschakelen:
- De instellingsmodus activeren.
- Navigeer door de instellingsmodus totdat dE op het display verschijnt. Tik op de toets koelkasttemperatuur om de modus in of uit te schakelen. Het indicatielampje verandert in On voor de ingeschakelde of OF voor de uitgeschakelde Demo modus.
- Verlaat de instellingsmodus.
Fabrieksinstellingen
Deze functie herstelt elke instelling naar de fabrieksinstellingen. De standaardfabrieksinstellingen herstellen:
- De instellingsmodus activeren.
- Navigeer door de instellingsmodus totdat FS op het display verschijnt. Tik op de
toets koelkasttemperatuur om de fabrieksinstellingen te herstellen. Het display toont on en verandert in 03.
- Verlaat de instellingsmodus.
4. DAGELIJKS GEBRUIK

LET OP!
Dit koelapparaat is niet geschikt voor het invriezen van levensmiddelen.
4.1 Het plaatsen van de deurschappen
Om het bewaren van voedsel te vergemakkelijken, kunnen de deurrekken op verschillende hoogtes worden geplaatst. Trek het schap omhoog om deze te verplaatsen.

4.2 Verplaatsbare legrekken
De wanden van de koelkast zijn voorzien van geleiders. U kunt de positie van de planken wijzigen.
Dit apparaat is uitgerust met een flexibel schap. De voorste helft van het schap kan onder de tweede helft worden geplaatst:
- Haal de voorste helft er voorzichtig uit.
- Schuif het in de onderliggende geleider en onder de andere helft.

Verplaats de glazen plaat boven de groentelade niet, om de juiste luchtcirculatie te garanderen.
4.3 LongFresh-vak
De temperatuur en de relatieve vochtigheid in het compartiment bieden optimale omstandigheden voor het bewaren van verschillende soorten vers voedsel (vis, vlees, zeevruchten, enz.).
Zie voor de temperatuurinstellingen in het vak het gedeelte "0° Mode instellingen".
4.4 Vochtregeling
Het LongFresh-vak heeft stoppers die zorgen dat de lades niet uit het apparaat vallen wanneer ze geheel naar buiten worden getrokken. De lade verwijderen:
- Trek de lade tot het maximum uit.
- Til de lade op en trek hem naar buiten.

text_image
PAN PAN LONGFRESHDe laden die symbolen bevatten: MAX en MIN kunnen worden gebruikt in overeenstemming met de gewenste opslagcondities, onafhankelijk van elkaar, met lagere of hogere luchtvochtigheid.
De regeling voor elke lade is afzonderlijk en wordt geregeld met behulp van de schuifklep aan de voorkant van de lade.
- "Droog": lage relatieve vochtigheidsgraad. Dit vochtigheidsniveau wordt bereikt wanneer beide schuifregelaars in deze positie MIN zijn ingesteld en de ventilatieopeningen wijd open zijn.
- "Vochtig": hoge relatieve vochtigheidsgraad. Dit vochtigheidsniveau wordt bereikt wanneer beide schuifregelaars in deze positie zijn ingesteld MAX en de ventilatieopeningen zijn gesloten. Vochtigheid blijft behouden en kan niet ontsnappen.
4.5 MULTIFLOW
De koelruimte is uitgerust met de MULTIFLOW ventilator die snelle en effectieve koeling van voedsel mogelijk maakt en zorgt voor een gelijkmatige temperatuur in het vak.
De ventilator wordt alleen automatisch ingeschakeld als de deur gesloten is.

Blokkeer de ventilatieopeningen niet.

flowchart
graph TD
A["Step 1"] --> B["Step 2"]
B --> C["Step 3"]

Verwijder het MULTIFLOW-paneel niet. Raadpleeg voor reinigingsinstructies het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging".
4.6 CleanAir+-filter
In het apparaat kan een CleanAir+ koolstofffilter worden geleverd door de fabrikant.
De koolstofffilter zuivert de lucht van geuren in het koelvak, waardoor de bewaarkwaliteit verbetert.
Bij levering bevinden het filter en de plastic behuizing zich in een plastic zak (zie "Het CleanAir+ -filter installeren en vervangen" hoofdstuk "Onderhoud en reiniging" voor de installatie).
4.7 Bottle Stop
Het accessoire voorkomt dat flessen of blikken kunnen rollen. Bewaar de flessen of blikjes op elkaar.
Voor het accessoire is geen montage of gereedschap nodig. Plaats het accessoire met de siliconen onderkant naar beneden om de flessen te bewaren.

Bewaar max. 10 kg aan flessen en/of blikjes van verschillende afmetingen in maximaal twee rijen, zoals weergegeven in de afbeelding.
Berg alleen dichte flessen of blikjes op en plaats ze met de opening naar voor gericht.

Plaats onverpakt voedsel niet in direct contact met het accessoire.

4.8 Vers voedsel invriezen
Gebruik het vriesvak voor het invriezen van vers voedsel en voor het gedurende een
lange periode bewaren van ingevroren en diepgevroren voedsel.
Overschrijd niet de maximale hoeveelheid voedsel die kan worden ingevroren zonder binnen 24 u ander vers voedsel toe te voegen (zie het typeplaatje).
Raadpleeg voor meer informatie "Tips voor het invriezen".
4.9 Het bewaren van ingevroren voedsel

LET OP!
Als de stroom langer uitstaat dan de waarde die op het typeplaatje staat vermeld onder "stijgtijd", moet het ontdooide voedsel onmiddellijk worden geconsumeerd.
5. AANWIJZINGEN EN TIPS
5.1 Tips voor energiebesparing
- Koelkast: Het meest efficiënte energiegebruik is verzekerd in de configuratie waarbij de lades zich in het onderste deel van het apparaat bevinden en de rekken gelijkmatig verdeeld zijn. De positie van de deurbakken heeft geen invloed op het energieverbruik.
- Open de deur niet te vaak of laat deze niet langer open staan dan noodzakelijk.
• Vriezer: Hoe kouder de temperatuurinstelling, hoe hoger het energieverbruik. - Koelkast: Stel de temperatuur niet te hoog in om energie te besparen, tenzij dit nodig is vanwege het soort voedsel.
- Dek de ventilatieroosters of -gaten niet af.
- Zorg ervoor dat voedingsmiddelen in het apparaat lucht door speciale gaten in de achterzijde van het apparaat laten circuleren.
5.2 Tips voor het invriezen
- Vries flessen of blikjes niet in met vloeistoffen, met name dranken die kooldioxide bevatten. Ze kunnen tijdens het invriezen exploderen.
- Plaats geen warm voedsel in het vriesvak.
- Plaats vers niet-bevroren voedsel niet direct naast al ingevroren voedsel.
- IJsblokjes, ingevroren water of waterijsjes niet meteen nadat ze uit de vriezer zijn gehaald opeten om bevriezingen te voorkomen.
- Ontdooid voedsel niet opnieuw invriezen.
5.3 Tips voor het bewaren van ingevroren voedsel
- De vriesruimte is gemarkeerd met het
- Een goede temperatuurinstelling die de conservering van ingevroren voedsel garandeert is een temperatuur lager dan of gelijk aan -18°C.
- Een hogere temperatuurinstelling in het apparaat kan leiden tot een kortere houdbaarheid.
- Het hele vriesvak is geschikt voor de opslag van diepvriesproducten.
- Laat voldoende ruimte rond het voedsel om de lucht vrij te laten circuleren.

12 NEDERLANDS
5.4 Houdbaarheid voor vriescompartiment
| Soort voedsel Houd- | |
| baarheid (maanden) | |
| Brood 3 | |
| Fruit (met uitzondering van citrusvruchten) | 6 - 12 |
| Groenten 8 - 10 | |
| Restjes zonder vlees 1 - 2 | |
| Zuivelproducten: | |
| Boter 6 - 9 | |
| Zachte kaas (zoals mozzarella) 3 - 4 | |
| Harde kaas (zoals Parmezaanse kaas, cheddar) | 6 |
| Vis/Zeevruchten: | |
| Vette vis (zoals zalm, makreel) 2 - 3 | |
| Magere vis (zoals kabeljauw, bot) 4 - 6 | |
| Garnalen 12 | |
| Gepelde mosselen en mosselen 3 - 4 | |
| Gekookte vis 1 - 2 | |
| Vlees: | |
| Gevogelte 9 - 12 | |
| Rundvlees 6 - 12 | |
| Varkensvlees 4 - 6 | |
| Lamsvlees 6 - 9 | |
| Worst 1 - 2 | |
| Ham | 1 - 2 |
| Restjes met vlees | 2 - 3 |
5.5 Tips voor het koelen van voedsel

Het vak voor verse levensmiddelen is gemarkeerd met het .
- Een goede temperatuurinstelling die de conservering van vers voedsel garandeert
is een temperatuur lager dan of gelijk aan +4°C.
- Gebruik altijd gesloten recipienten voor vloeistoffen en voor voedsel, om smaken of geuren in het vak te voorkomen.
- Om kruisbesmetting tussen gekookt en rauw voedsel te voorkomen, bedekt je het gekookte voedsel en scheidt je het van het rauwe.
- Wikkel het vlees in en plaats het op de glazen plank boven de groentelade.
- Ontdooi het voedsel in de koelkast.
- Plaats geen warm voedsel in het apparaat.
- Reinig fruit en groenten en plaats ze in een speciale lade (groentelade).
- Bewaar geen exotisch fruit in de koelkast.
- Bewaar geen groenten zoals tomaten, aardappelen, uien en knoflook in de koelkast.
- Sluit de flessen voordat u ze in de koelkast plaatst.
5.6 Tips voor het bewaren van vers voedsel in de LongFresh lade
De LongFresh lade is gemarkeerd met MAX en MIN.
| Soort voed-sel | Aanpassing van de lucht-vochtigheid | Bewaartijd |
| Boter | MIN “droog” | maximaal 1 maand |
| Biefstuk, wild, kleine stukken vlees, gevogel-te | MIN “droog” | maximaal 7 da-gen |
| Tomatensaus | MIN “droog” | maximaal 4 da-gen |
| Vis, schaaldie-ren, gekookte vleesproducten | MIN “droog” | maximaal 3 da-gen |
| Gekookte zee-vruchten | MIN “droog” | maximaal 2 da-gen |
| Salade, groen-ten Wortelen, krui-den, spruitjes, bleekselderij | MAX “vochtig” | maximaal 1 maand |
| Artisjokken, bloemkool, ci-chorei, ijsberg-sla, andijvie, lamssla, sla, prei, radicchio | MAX “vochtig” maximaal 21 da-gen | |
| Broccoli, Chine-se bladeren, boerenkool, kool, radijsjes, savooiekool | MAX “vochtig” maximaal 14 da-gen | |
| Erwten, koolrabi | MAX “vochtig” maximaal 10 da-gen | |
| Lente-uitjes, ra-dijsjes, asper-ges, spinazie | MAX “vochtig” maximaal 7 da-gen | |
| FruitPeren, dadels (vers), aardbei-en, perziken | MAX “vochtig” maximaal 1 maand | |
| Pruimen rabarber, kruis-bessen | MAX “vochtig” maximaal 21 da-gen | |
| Appels (niet koudegevoelig), kweeperen | MAX “vochtig” maximaal 20 da-gen | |
| Abrikozen, kersen | MAX “vochtig” maximaal 14 da-gen | |
| Damsons, drui-ven | MAX “vochtig” maximaal 10 da-gen | |
| Soort voed-sel | Aanpassing van de lucht-vochtigheid | Bewaartijd |
| Bramen, zwarte bessen | MAX “vochtig” maximaal 8 da-gen | |
| Vijgen (vers) MAX “vochtig” maximaal 7 da-gen | ||
| Bosbessen, frambozen | MAX “vochtig” maximaal 5 da-gen | |
Bewaar taarten met room niet langer dan 3 dagen in de lade.
Leg exotische groenten en fruit die bij kamertemperatuur moeten worden bewaard niet in de lade.
Het type voedsel dat hierboven niet wordt genoemd, dient te worden bewaard in het koelvak (bijv. alle soorten kaas, koude vleeswaren, enz.).

Het niveau van luchtvochtigheid in de laden hangt af van de hoeveelheid vocht in het opgeslagen voedsel en van de frequentie waarop de deur wordt geopend.
De lade is geschikt voor het langzaam ontdooien van voedsel. Bewaar het ontdooide voedsel niet langer dan twee dagen in de lade.
Neem al het voedsel dat in de lade is bewaard 15-30 minuten voor consumptie uit de lade.
6. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING!
Zie de hoofdstukken over veiligheid.
6.1 Het reinigen van de binnenkant
Reinig vóór het eerste gebruik de binnenkant en alle accessoires met lauwwarm water en neutrale zeep en droog vervolgens af.

LET OP!
De accessoires en onderdelen van het apparaat zijn niet vaatwasserbestendig.

LET OP!
Reinig het bedieningspaneel met een vochtige doek. Gebruik geen reinigingsmiddelen. Veeg het bedieningspaneel droog met een zachte doek.
6.2 Periodieke reiniging
Reinig de apparatuur regelmatig:
- Reinig de binnenkant en de accessoires met lauw water en wat neutrale zeep. Spoel af en veeg ze droog.
- Veeg de deurafdichtingen regelmatig schoon.
6.3 Het ontdooien van de koelkast
Het vriesvak wordt automatisch ontdooid. Het water dat condenseert loopt in een opvangbak op de compressor en verdampt. De opvangbak kan niet worden verwijderd.
6.4 De vriezer ontdooien

LET OP!
Gebruik nooit scherp metalen gereedschap om vorst van de verdamper af te schrapen. Gebruik alleen door de fabrikant aanbevolen accessoires om het ontdooien te versnellen.

Stel een lagere temperatuur in ongeveer 12 u voorafgaand aan ontdooien.
Het is normaal dat er zich een dunne laag rijp vormt op de vriesplanken en rond het bovenste vak. Ontdooi de vriezer wanneer de rijplaag een dikte van ongeveer 3-5 mm heeft.
- Schakel het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact.
- Verwijder opgeslagen voedsel.
- Laat de deur open staan en bescherm de vloer tegen het water.
- Plaats een pan warm water in het vriesvak om het ontdooien te versnellen.
- Droog de binnenkant na het ontdooien.
- Schakel het apparaat in. Sluit de deur.
- Stel ten minste 3 u de laagste temperatuur in voordat je het voedsel weer in de vriesruimte plaatst.
6.5 Het CleanAir+ -filter installeren en vervangen

Ga voorzichtig met het luchtfilter om, om krassen op het oppervlak te voorkomen. Bij levering zit het koolstofffilter verpakt in een plastic zak om de werking ervan optimaal te houden.
Monteer het luchtfilter voor u het apparaat inschakelt.
- Open de plastic behuizing en plaats het gevouwen oppervlak op het rooster, waarbij u het filter in het gemarkeerde gebied op het roosteroppervlak plaatst.

- Druk het filter voorzichtig omlaag terwijl u de plastic behuizing sluit en een klik hoorbaar is.

- Verwijder het bovenste glazen plateau uit het vriesvak. Schuif de kunststof behuizing met het luchtfilter aan de linkerkant van het glazen plateau.

- Plaats het glazen plateau terug in het koelvak. Raak het filter niet aan.

Het luchtfilter vervangen
- Open het filterhuis.

-
Verwijder het gebruikte luchtfilter.
-
Plaats het nieuwe luchtfilter in het huis en sluit het.

Vervang het luchtfilter elke 6 maanden.

Het luchtfilter is een verbruiksartikel en valt als zodanig niet onder de garantie. U kunt nieuwe luchtfilters aanschaffen bij uw lokale dealer.
6.6 Periode dat het apparaat niet gebruikt wordt
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen als het apparaat gedurende lange tijd niet gebruikt wordt:
- Koppel het apparaat los van de stroomtoevoer.
- Verwijder alle etenswaren.
- Ontdooi het apparaat.
- Reinig het apparaat en alle accessoires.
- Laat de deur geopend om onaangename luchtjes te voorkomen.
- Laat de deuren geopend om onaangename luchtjes te voorkomen.
Zie de hoofdstukken over veiligheid.
7.1 Wat moet je doen als ...
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
| Het apparaat werkt niet. Het apparaat werd uitgeschakeld. Schakel het apparaat in. | ||
| De stekker zit niet goed in het stop-contact. | Steek de stekker goed in het stop-contact. | |
| Er staat geen spanning op het stop-contact. | Sluit het apparaat aan op een ander stopcontact. Neem contact op met een erkend elektrotechnisch installateur. | |
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
| Het apparaat is lawaaiig. Het apparaat staat niet stabiel. Controleer of het apparaat stabiel staat. | ||
| Er is een hoorbaar of zichtbaar alarm. | De deur is open blijven staan. Sluit de deur. | |
| De compressor werkt voortdurend. | De temperatuur is verkeerd inge-steld. | Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie-ningspaneel". |
| Te veel voedsel wordt tegelijkertijd | bewaard. | Wacht een paar uur en controleer dan de temperatuur opnieuw. |
| De temperatuur in de ruimte is te | hoog. | Raadpleeg het hoofdstuk "Installe-ren". |
| Het voedsel dat in het apparaat | werd geplaatst was te heet. | Laat voedsel afkoelen tot kamertem-peratuur voordat je ze opbergt. |
| De deur is niet goed gesloten. Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten". | ||
| De Extra Cool-functie is ingescha-keld. | Zie de rubriek over 'Extra Cool-func-tie'. | |
| De compressor start niet onmiddel- lijk na het drukken op "Extra Cool", of na het veranderen van de tempe-ratuur. | De compressor start niet direct. Dit is normaal en geen storing. | |
| De deur is niet goed gemonteerd of dekt het ventilatierooster af. | Het apparaat staat niet waterpas. Raadpleeg de montage-instructies. | |
| Deur gaat moeilijk open. Je probeerde deur direct nadat je die sloot opnieuw te openen. | Wacht even met de deur openen nadat je die hebt gesloten. | |
| De verlichting werkt niet. De stand-bystand van de verlichting is ingeschakeld. | Sluit en open de deur. | |
| De lamp is defect. Neem contact op met de erkende servicedienst. | ||
| Er is te veel bevroren rijp en ijs. De deur is niet goed gesloten. Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten". | ||
| Het deurrubber is vervormd of vuil. Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten". | ||
| Voedsel is niet goed verpakt. Wikkel het voedsel goed in. | ||
| De temperatuur is verkeerd inge-steld. | Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie-ningspaneel". | |
| Apparaat is volledig geladen en is | ingesteld op de laagste tempera-tuur. | Stel een hogere temperatuur in. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie-ningspaneel". |
| De ingestelde temperatuur in het | apparaat is te laag en de omge-vingstemperatuur is te hoog. | Stel een hogere temperatuur in. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie-ningspaneel". |
| Er stroomt water over de achter-wand van de koelkast. | Tijdens automatisch ontdooien smelt rijp op de achterwand. | Dit is correct. |
| Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing | ||
| Er bevindt zich te veel condenswa-ter in de koelkast. | De deur werd te vaak geopend. Open de deur alleen als het nodig is. | |
| De deur is niet volledig gesloten. Zorg ervoor dat de deur volledig ge-sloten is. | ||
| Het bewaarde voedsel was niet in-gepakt. | Verpak voedsel in geschikt materi-aal voordat je het in het apparaat plaatst. | |
| Dit is normaal dat er in de zomer en herfst meer condensatie kan ont-staan door de verhoogde lucht- en voedselvochtigheid. De koelkast produceert geen vocht. Na deze periode neemt de vochtigheid in de koelkast af. | Stel in de zomer en herfst de war-mere temperatuur in de koelkast in (ca. 6-7°C). | |
| Er zitten waterdruppels op de gla-zen planken. | Er zit te veel vocht in de koelkast. Veeg de glazen planken af met een doek om waterdruppels te verwijde-ren. | |
| Er stroomt water op de vloer. De smeltwaterafvoer is niet aange-sloten op de verdampschaal boven de compressor. | Sluit de smeltwaterafvoer aan op de verdampschaal. | |
| De temperatuur kan niet worden ingesteld. | De Extra Cool-functie wordt inge-schakeld. | Schakel Extra Cool-functie handma-tig uit, of wacht totdat de functie au-tomatisch wordt gedeactiveerd.Raadpleeg de rubriek over "Extra Cool functie". |
| De temperatuur in het apparaat is te laag/te hoog. | De temperatuur is niet correct inge-steld. | Stel een hogere/lagere temperatuur in. |
| De deur is niet goed gesloten. Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten". | ||
| Het eten is te heet. Laat het voedsel afkoelen voordat u het opbergt. | ||
| Te veel voedsel wordt tegelijkertijd bewaard. | Bewaar minder voedsel tegelijker-tijd. | |
| De dikte van de rijp is groter dan 4-5 mm. | Ontdooi het apparaat. | |
| De deur werd vaak geopend. Open de deur alleen als dat nodig is. | ||
| De Extra Cool-functie is ingeschakeld. | Zie de rubriek over 'Extra Cool-func-tie'. | |
| Er wordt geen koude lucht gecircu-leerd in het apparaat. | Er wordt geen koude lucht gecircu-leerd in het apparaat. Raadpleeg het hoofdstuk "Aanwijzingen en tips". | |
| dE on verschijnt op het display. Het apparaat staat in de demonstratiemodus. | ||
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
| Er CE verschijnt en het alarmlampje brandt. | Communicatieprobleem. Neem contact op met de erkende servicedienst. Het koelsysteem blijft de voedingsproducten koelen, maar de temperatuurinstelling kan niet worden gewijzigd. |
| Er t1 of Er t3 of Er t5 en de huidige instelling verschijnt afwisselend voor 5 sec en het alarmlampje brandt. | Storing van de temperatuursensor. Neem contact op met de erkende servicedienst. Het koelsysteem blijft de voedingsproducten koelen, maar de temperatuurinstelling kan niet worden gewijzigd. |

Als het probleem aanhoudt, neemt dan contact op met een erkende servicedienst.
7.2 Het lampje vervangen
Neem voor het vervangen van de lamp contact op met het erkende servicecentrum.
7.3 De deur sluiten
- Reinig de deurpakkingen.
- Raadpleeg de installatie-instructies om de deur aan te passen.
- Neem contact op met het erkende servicecentrum om de defecte deurpakkingen te vervangen.
De technische gegevens staan op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat en op het energielabel.
De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een internetkoppeling naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPREL-database. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd.
Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de koppeling https://eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die u vindt op het typeplaatje van het apparaat.
Zie de koppeling www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel.
9. INFORMATIE VOOR TESTINSTITUTEN
De installatie en voorbereiding van het toestel voor elke EcoDesign-verificatie moeten in overeenstemming zijn met EN 62552 (EU). De ventilatievoorschriften, de afmetingen van de uitsparingen en de minimale open afstanden aan de achterzijde moeten voldoen
aan de voorschriften van deze gebruikershandleiding in "Installeren". Neem contact op met de fabrikant voor verdere informatie, inclusief laadplannen.
10. HET MILIEUPERSPECTIEF
Recycle materialen met het symbool. Gooi de verpakking in de juiste containers om het te recyclen. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycle het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi
apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar de milieustraat bij je in de buurt of neem contact op met de gemeente.