KIF6840IS - Fornuis AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KIF6840IS AEG in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over KIF6840IS AEG
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KIF6840IS - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KIF6840IS van het merk AEG.
GEBRUIKSAANWIJZING KIF6840IS AEG
NL Gebruiksaanwijzing | Kookplaat 2
EN User Manual | Hob 26
Welkom bij AEG! Hartelijk dank dat je voor once apparatuur hebt gekozen.

Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, informatatie met betrekking tot service en reparatie:
www.aeg.com/support
Wijzigingen voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
1.VEILIGHEIDSINFORMATIE 2
2.VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN 4
3. INSTALLEREN 7
4.PRODUCTBESCHRIJVING. 9
5.DAGELIJKS GEBRUIK 10
6.FLEXIBELEINDUCTIEKOOKZONE 14
7.AANWIJZINGEN EN TIPS. 18
8. ONDERHOUD EN REINIGING 21
9.PROBLEEMOPLOSSING 21
10. TECHNISCHE GEGEVENS 24
11. ENERGIEVERBRUIK 24
12.MILIEUBESCHERMING 25
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installmentie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is nicht verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installmentie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies.altijd op een veilige, toegankelijkke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligkeit van kinderen en kwetsbare Personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8年龄段 en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zich onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zich de bevaren begrijpen. Kinderenjonger dan 8年龄段 en personen met zware en complexe beperkingen dienen.altijd uit de buurt van het apparaat te
2 NEDERLANDS
worden gehonden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
- Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zich gaan spelen met het apparaat.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen. - Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
- Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in cantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijk gebruiksniveauaus nicht overschrijdt.
WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heetijdens het gebruik. U dient te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.
WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zichen en tot brand leiden. - Rook is een indicatie van oververhitting. Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen. Schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met bijv. een branddeken of deksel.
WAARSCHUWING: Het apparaat mag Niet van stroom worden voorzien door een extern schakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat door
het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit worden geschakeld.
- OPGELET: Tijdens het kookproces要去 in de buurt blijven Een kort kookproces要去 voortdurend bewaakt worden.
WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken. - Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen Niet op het oppervlak van de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet+kennen worden.
- Gebruik het apparaat Niet voordat je het in de ingebouwde constructie installeert.
- Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
- Schakel het kookplaatelement na elk gebruik UIT met de bedieningstoetsen. Vertrouw Niet op de pandetector.
WAARSCHUWING: Als het oppervlak gebarsten is, schakte het apparaat dan uit om de kans op elektrische schokken te vermijden. In het geval het apparaatrechtstreeks op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem algtd contact op met de erkende servicedienst. - Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden verrangen door de fabrikant, een erkende service of vergelijkbaar gekwalificeerde Personen om gevaar te voorkomen.
WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschemmers die door de fabrikant van het kookapparaat� ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt� aangegeven of kookplaatbeschemmers die in het apparaat� geintegrereerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschemmers kan ongelukken veroorzaken.
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installeren

WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installmenttechnicus mag dit apparaat installereren.

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialien.
- Installee en gebruik geen beschadigd apparatus.
- Volg de installment-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
- Houd de minimumafstand maar andere apparaten en units in acht.
- Pas.altijd op bij verplaatsing van het apparaat,want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en geslotenschoeisel.
Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht. - Bescherm de bodem van het apparaat gegen stoom en vocht.
- Installer het apparaat Niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam worden geopend.
- Elk apparaat hebft koelventilatoren op de bodem.
- Als het apparaat gemonteerd wordt boven een lade:
Leg geenkleine dingen of papier dewelke kuren binnengezogen worden,omdat ze de koelventilatoren kuren beschadigen of het koelsystemkuren belemmeren.
-
Houd een minimumafstand van 2 cm tussen de bodem van het apparaat en de voorwerpen die u in de lade opbergt.
-
Verwijder de afterschadingsspanelen die in de kast onder het apparaat zich geinstalleerd.
2.2 Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Alle elektrische aansluitingen要去en worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien.
, moet het apparaat geaard worden. - Verzeker gezelf ervan dat de stekker uithet stopcontact is getrokken, voordat jewelke werkzaamheden dan ook uitvoert.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
- Controller of het apparaat correct geinstalleerd is. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van toepassing) hunnen ertoe leiden dat de contactklem te heet worden.
- Gebruik het juiste netsnoer.
Zorg dat de stroomkabel Niet verstrikt raakt. - Controller of er een aardlekschakelaar is geinstalleerd.
- Gebruik de trekontlastingsklem op de kabel.
Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hare apparaat of heet kookgerei Niet aanraakt als je het apparaat op een nabijgelegen contactdoos aansluit. - Gebruik geen adapters met meerere stekkers en verlangkabels.
- Zorg ervoor dat je de stekker (indien van toepassing) of het netsnoer Niet beschadigt. Neem contact op met ons erkende servicecentrum of een elektricien om een beschadigde stroomkabel te verrangen.
- De schokbescherming van delen onder stroom en geisoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het nicht zonder gereedschap kan worden verplaatst.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatione is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatione bereikbaar is.
-
Als het stopcontact los zit, mag u de stekker Niet in het stopcontact steken.
-
Trek Niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek.altijd aan de stekker.
- Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen要去en uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
- De elektrische installmentie要去 een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat要去 een contactopening hebben met een minimale bredte van 3 mm.
2.3 Gebruik

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.
- De specificatie van dit apparaat nicht wijzigen.
- Verwijder voor het eerste gebruik alle verpakkingsmaterialen, etiketten en beschermfolie (indien van toepassing).
- Zorg ervoor dat de ventilatieopengingen Niet geblokkeerd worden.
- Laat het apparaatijdens de werkung nicht onbeheerd anschter.
- Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik.
- Plaats geen bestek of deksels van steelpannen op de kookzones. Ze können heet worden.
- Gebruik het apparaat Niet met natte handen of als het contact maakt met water.
- Gebruik het apparaat Niet als werkoppervlak enplaats geen voedsel in direct contact met het apparaat.
- Als het oppervlak van het apparaat gebarsten is, koppel het apparaat dan onmiddelijk los van de stroomtoevoer om elektrische schokken te voorkomen.
- Gebruikers met een pacemaker要去en een afstand van minimaal 30~cm aanhonden tot de inductiekookzones als het apparatusat in werkig is.
-
Als je voedsel in hete olieplaatst, kan het spatten.
-
Gebruik geen aluminiumfolie of andere materialen tussen het kookoppervlak en het kookgerei, tenzij anders aangegeven door de fabrikant van dit apparatus.
- Gebruik alleen accessoires die door defabrikant voor dit apparaat worden aanbevolen.

WAARSCHUWING!
Risico op brand en explosie.
- Wanner ze verwarmd worden, können vetten en oliën ontvlambare dampen afgeven. Houd open vuur of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vetten en oliën wanner je ermee koott.
- De dampen die boven hete olie ontstaan kuren spontaan ontbranden.
- Gebrukke olie, die voedselresten kan bevatten, kan ontbranden bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer worden gebruikt.
- Plaats geen ontvlambare producten of articiken die bevochtigd zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.

WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het apparaat.
- Plaats geen heet kookgerei op het bedieningspaneel om het risico op brandwonden te vermijden.
Leg geen hete deksel op het glazen oppervlak van de kookplaat. - Laat kookgerei niedroogkoken.
- Zorg ervoor dat je geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat LAST vallen. Het oppervlak kan beschadigd raken.
- Schakel de kookzones nicht verwijl er leeg kookgerei of geen kookgerei op geplaatst is.
Kookgerei gemaakt van gietijzer of met een beschadigde bodem kan krassen op het glas/glaskeramiek veroorzaken. Til deze voorwerpen algtd op als je ze op de kookplaat要去verplaatsen.
2.4 Onderhoud en reiniging
-
Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak anschueruitgaat.
-
Schakel het apparaat UIT enaar het afkoelen voordat u het schoonmaakt.
- Reinig het apparaat met een vochtige, zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schurende producten, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen, tenzij anders aangegeven.
2.5 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen+zijn bedoeld om bestand teijken gegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijkke
apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigkeit, of zich bedoeld om informatatie te gehen over de operationele status van het apparaat. Ze zich Niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zich Niet geschikt voor verlichting in huishoudelijkke ruimten.
2.6 Verwijdering
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Neem contact op met uwplaatselijke overheid voor informatatie over het afvoeren van het apparatus.
Haal de stekker uit het stopcontact. - Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
3. INSTALLEREN
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
3.1 Voor montage
Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat.
Serienummer
3.2 Ingebouwde kookplaten
Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt nadat zij ingebouwd zich in geschikte inbouwunits of werkbladen die aan de normen voldoen.
3.3 Aansluitsnoro
- De kookplaat worden geleverd met een aansluitkabel
- Gebruik als verwangting van het beschadigde netsnoer het volgende snoertype: H05V2V2-F dat bestand is谈起 een temperatuur van 90^ of hoger. Neem contact op met de servicedienst. Het aansluitsnoer mag alleen worden verwangen door een gekwalificeerde elektricien.
3.4 De afdichting bevestigen - Geintegreerde installment
- Reinig de sponningen in het werkblad.
- Snijd de meegeleverde 3 × 10 ~mm aufdichtingsstreep in vier strepen. De strepen要去en bezelfde lenghte hebben als de sponningen.
- Knip de uiteinden van de strepen in een hoek van 45^ . Ze要去en nauwkeurig in de hoeken van de sponningen passen.
- Bevestig de strepen aan de rabbels. Rek de strippen Niet UIT. Plak de uiteinden van de strippen Niet over elkaarBeen.
Dicht na plaatsing van de kookplaat de kier tussen het werkblad en het glaskeramiek met siliconenkit. Zorg ervoor dat de siliconen nicht onder het glaskeramiekkommen.
3.5 De afdichting bevestigen - Installatie aan bovenkant
- Reinig het werkblad rond het uitgesneden gebied.
-
Bevestig de meegeleverde 2x6 mm affdichtstrip gegen de ondderrand van de kookplaat langs de buitenrand van de keramische plaat. Rek het Niet uit. Zorg dat de uiteinden van de affdichtstrip zich in het midden van een van de zijden van de kokplaat bevinden.
-
Tel een paar millimeter bij de af te knippen lenghte van de affdichtstrip.
- Duw de twee uiteinden van de affdichtstrip samen.
3.6 Montage
Als je de kookplaat onder een kap installeert, raadpleeg je de installment-instructies van de afzuigkap voor de minimumafstandussen de apparaten.

Als het apparaat boven een lade worden geinstalleerd, kan de ventilatie van de kookplaat de artikelen die zich in de lade bevindenijdens het vereidingsproces opwarmen.
INSTALLATIE OP DE BOVENKANT

GEINTEGREERDE INSTALLATIE


Zoek de videotutorial "Hoe installeert u uw AEG inductiekookplaat - installment op het aanrecht" door de volledige naam die in de onderstaande afbeelding staat in te typen.
YouTube www.youtube.com/electrolux www.youtube.com/aeg
Zoek de videotutorial "Hoe installeert u uw AEG inductiekookplaat - inbouwinstallatie" door de volledige naam die in de onderstaande afbeelding staat in te typen.
4.1 Indeling van het kookoppervlak

1 Inductie kookzone
2 Bedieningspaneel
3 Flexibele inductiekookzone bestaande uit vier secties
4.2 Indeling Bedieningspaneel

Om het bedieningspaneel en de zoneposities te zien, activeert u het apparaat met ①
Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedieren. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt.
| Tip- toets | Functie Opmerking | |
| 1 | ① | AAN / UIT De kookplaat in- en uitschakelen. |
| 2 | ¾ | Hob²Hood De handmatige modus van functie in- en uitschakelen. |
| 3 | ½ | Pauze De functie in- en uitschakelen. |
| 4 | +/- | - Dearend verlungen of verdorkten. |
| 5 | ➀ | - Timerfunctie instellen. |
| 6 | - Timerdisplay De tijd in minutes weergeven. | |
| 7 | ➁ | FlexiBridge (Flexible Bridge) Om over te schakelenCUSen drie modi van de functie. |
| 8 | ➂ | PowerSlide De functie in- en uitschakelen. |
| 9 | - Bedieningsstrip Het instellen van de kookstand. | |
| 10 | P | PowerBoost Het inschakelen van de functie. |
| 11 | ➀ | Blokkering / Kinderbeveiligingsin- Het bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen.richting |
5. DAGELIJKS GEBRUIK

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 In- of uitschakelen
Raak 1 seconde aan om de kookplaat in- of uit te schakelen.
Het bedieningspaneel gaat aan als u de kookplaat aanzet en gaat uit als u de kookplaat uitschakelt.
Als de kookplaat is uitgeschakeld Aunt u alleen Zien.
5.2 Warmte-instelling

- Druk op de gewenste warmte-instelling op de regelbalk. U Aunt uw vinger ook langs de regelbalk bewegen om de warmte-instelling voor een kookzone in te stellen of te wijzigen.
- Druk op 0 om een kookzone UIT te schakelen.
Als u eenmaal een pan op de kookzone zeten de kookstand instelt, blijft deze gedurende
50 seconden gelijk nadat u de pan heeft verwijderd. De regelbalk knippert voor de tweede helft van die tijd. Als u de pan binnen dezeijd waar op de kookzoneplaatst reactiveert de kookstand. Zo Niet worden de kookzone uitgeschakeld.
5.3 PowerBoost
Deze functie activeert meer vermogen voor de geschikte inductiekookzone, afhankelijk van de grootte van het kookgerei. De functie kan maar voor een beperkteperiode worden geactiveerd.
Druk op Pom de functie voor de kookzone te activeren. De functie worden automatisch uitgeschakeld.

Raadpleeg voor maximale tijdsduur 'Technische gegevens'.
/ Zelang het indicatielampje brandt, bestaat er een risico op brandwonden door restwarmte.
De inductiekookzones creeren de voor het kookproces benodigde warmte rechtstreeks in de bodem van het kookgerei. Het glaskeramiek worden verwarmd door de warmte van het kookgerei.
De indicateilampjes F/ verschijnen als een kookzone heet is. De aanduidingen tonen het niveau van de restwarmte voor de kookzones die je momenteel gebruikt.
Het indicatielampje kan ook verschijnen:
- voor de aangrenzende kookzones, zichs als je ze Niet gebruikt,
- als er heet kookgerei op de koude kookzone worden geplaatst,
- als de kookplaat is uitgeschakeld, maar de kookzone nog heet is.
Het indicatielampje verdwijnt als de kookzone is afgekoeld.
5.5 Automatische uitschakeling
De functie schakelt de kookplaat automatisch uit als:
- u gedurende 50 seconden geen kookgerei op de kookplaatszet,
- u binnen 50 seconden na hetplaatsen van het kookgerei geen warmtestand instelt,
- u iets hebt gemorst of langer dan 10 seconden iets op het bedieningspaneel hebt gelegd (een pan, doek). Als het geluidssignaal klinkt, schakelt de kookplaatuit. Verwijder het voorwerp of reinig het bedieningspaneel.
- de kookplaat te heet worden (b.v. als een pan droogkookt). De kookzone要去 aufgekoeld zijn voordat u de kookplaat waar kunt gebruiken.
- u een kookzone nicht uitschakelt of de kookstand verandert. Na eenijdje gaat de kookplaat UIT.
De verhouding tussen kookstand en de tijd waarna de kookplaat uitschakelt:
| Warmte-insteling De kookplaat wordenuitgeschakeld na |
| 1 - 2 6 uu r |
| 3 - 4 5 uu r |
| 5 4 uu r |
| 6 - 9 1,5 uu r |
5.6 timer opties
Timer met aftelfunctie
Gebruik deze functie om aan te given hoelang een kookzone要去 werken tijdens een enkele kooksessie.
Stel eerst de warmte-instelling in en dan de functie.
- Raak ① aan om de functie in te schakelen of deijd te wijzigen.
De timercijfers ande indicatoren en -verschijnen op het scherm.
Als de timer nicht worden ingesteld, verwijnen + en 3 seconden.
- Raak or aanom deijd in te stellen (00 - 99 minutes).
Na 3 seconden gaat de timer automatisch aftellen. De individatoren +, en -verdwijnen. Als deijd verstreken is, klinkt er een signaal en knippert m het signaal te stoppen, raakt u dan.
Voor het uitschakelen van de functie raakt u aan. De individielampjes ten gaan
branden. Gebruik of om op display in te stellen. U kurz ook het warmte-niveau instellen op 0. Als gevolg waarvan hoort u een geluid en wordt de timer geannuleerd.
Kookwekker
U kunt deze functie gebruiken verwijl de kookplaat is ingeschakeld maar de kookzones nicht werken.
Plaats een pan op een kookzone om het symbol te zien.
- Raak om de functie te activeren.
- Tik op od om deijd in te stellen.
De functie worden automatisch na 4 seconden gestart.
Als u de functie instelt, kurz u de pan verwijderen.
Als deijd verstreken is, klinkt er een signalen knippert op om het signalaui te schakelen.
Voor het uitschakelen van de functie raakt u aan. De aanduidingen en gaan branden. Gebruik of om op het display in te stellen.
i
De functie heeft geen invloed op de werking van eender welke kookzone.
5.7 Pauze
Deze functie stelt alle kookzones in die op de laagste warmte-instelling werken.
Als de functie in werkung is kennen ① len ① worden gezruikt. Alle andere symbolen op het bedieningspaneel zijn vergrendeld.
- Om de functie in te schakelen: druk op II.
De warmte-instelling worden verlaagd maar 1.
- Om de functie uit te schakelen, druk op II.
De vorige kookstand verschijnt.
5.8 Blokkering
U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl de kookplaat in werkig is. Hiermee worden voorkomen dat de kookstand per ongeluk worden veranderd.
Stel eerst de kookstand in.
Tik op om de functie in te schakelen. Als u de functie wilt deactiveren, houdt u ingedrukt.
i
Als u de kookplaat uitzet, stopt u deze functie ook.
5.9 Kinderbeveiligingsinrichting
Deze functie voorkomt dat de kookplaat onbedoeld worden gezruikt.
Schakel eerst de kookplaat in, maar stel geen kookstand in.
Raak taan totdat u het geluid hoort en de indicator oplicht om de functie te activeren. De regelbalken verdwijnen. Schakel de kookplaatuit.
i
Als u de kookplaat uitschakelt, is de functie nog steeds actief.
Om de functie gedurende een kooksessie te deactiveren: Schakel de kookplaat in met ①. Gaat branden. Raak aan totdat u het geluid hoort en de indicatoruit gaat. De regelbalk verschijnt. Stel de warmte in binner 50 seconden.U kunt de kookplaat bedieren. Als u de kookplaat uitschakelt met ① is de functie nog steeds actief.
Om de functie permanent te deactiveren: activeer de kookplaat en stel geen kookstand in. Raak tbtdat u een geluid hoort en de indicatoruit gaat.De regelbalken verschijnen. Schakel de kookplaatuit.
5.10 OffSound Control (De geluiden in- en uitschakelen)
Schakel eerst de kookplaat UIT.
-
Raak 3 seconden aan om de functie in te schakelen. Het display的那一an en uit.
-
Gedurrende 3 seconden anraken. of gaat aan.
3.Raak op de timer aan om een van het volgende te kiezen: -de geluiden zich uit -de geluiden zich aan
- Om uw keuze te bevestigen moet u wachten tot de kookplaat automatisch uitschakelt.
Als de functie op bstaat, kunt u de geluiden alleen horen als:
·ukiest ①
- Kookwekker afgaat
- Timer met aftelfunctie afgaat
- u iets op het bedieningspaneelplaatst.
Als er meertere zones actief zijn en het verbruike vermogen de limiet van de stroomtoevoer overschrijdt, verdweit deze functie het beschikbare vermogen:tussen alle kookzones (verbonden metdezelfde fase). De kookplaat regelt de warmte-installingen om de zekeringen van de installmentie in het huis te beschermen.
- Kookzones zijn gegroepeerd volgens de locatie en het aantal fasen van de kookplaat. Elke fase heeft een maximale elektriciteitslading van 3680 W. Als de kookplaat de limiet van het maximaal beschikbare vermogen bereikt binnen een fase, worden het vermogen van de kookzones automatisch verlaagd.
Voor kookzones met verminder vermogen toont het bedieningsspaneel de maximaal mogelijkke warmte-installingen. - Als er geen hogere warmte-instelling beschikbaar is verlaag dit dan eerst voor de andere kookzones.
- De activering van de functie is afhankelijk van het+aantal en de groote van de paffen.
Zie de afbeelding voor möglichke combinaties waarin vermogen over de kookzones kan worden verdelijk.

5.12 Hob²Hood
Het is een geavanceerde automatische functie die de kookplaat op een speciale kap aansluit. Zowel de kookplaat als de afzuigkap hebben een infraroodontvanger. De snugheid van de ventilator worden automatisch bepaald op basis van de modusinstelling en de temperatuur van de heetste pan op de kookplaat. Je kurz de ventilator ook handmatig van de kookplaat bedieren.
i
Bij de meeste afzuigkappen is het afstandsbedieningssystem in eerste instantie uitgeschakeld. Als de functie is uitgeschakeld, activeert u deze voordat u de functie gebruikt. Zie voor meer informatatie de gebruikershandleiding van de afzuigkap.
De functie automatisch bedieren
Omde functie te bedieren, stelt u de automatische modus automatisch in op H1 - H6 De kookplaat is oorspronkelijk ingesteld op H5. De afzuigkap reageert wanner u de kookplaat bedient. De kookplaat herkent de temperatuur van de pannen automatisch en stelt de snugheid van de ventilator erop af.
Het lampje inschakelen
Je kunt de kookplaat instellen om het Licht automatisch te activeren wanner je de kookplaat activeert. Zet waaroor de automatische modus op H1 - H6.
i
Het lampje op de afzuigkap gaat 2\ minutes na het uitschakelen van de\ kookplaat UIT.
Automatische modi
| Auto- | Koken1) | Bakken2) |
| ma-tischlampje | ||
| Modus H0 Uit Uit Uit | ||
| Modus H1 Aan Uit Uit | ||
| Modus H23) | Aan Ventilator-snelheid 1 | Ventilator-snelheid 1 |
| Modus H3 Aan Uit Ventilator- | snelheid 1 | |
| Modus H4 Aan Ventilator- | Ventilator-snelheid 1 | |
| snelheid 1 | ||
| Modus H5 Aan Ventilator- | Ventilator-snelheid 2 | |
| snelheid 1 | ||
Auto-
Koken1)
Bakken2)
ma-
tisch
lampje
Modus H6 Aan Ventilator
snelheid 2
Ventilator
snelheid 3
1) De kookplaat detecteert het kookproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus.
2) De kookplaat detecteert het bakproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus.
3) Deze modus activeert de ventilator en de verlichting en reageert nicht op de temperatuur.
- Schakel het apparaat UIT.
- Raak 3 seconds aan. Het display gaat aan en uit.
3.Raak 3 seconds aan. - Raak een paar keer aan tot aan gaat.
- Raak van de timer aan om een automatische modus te selecteren.
Als u stop met koken en de kookplaat uitschakelt, kan de ventilator nog even blijven werken. Daarna schakelt het systemeventilator automatisch uit en worden
voorkomen dat u de ventilator per ongeluk de komende 30 seconden activeert.

Schakel de automatische modus van de functie uit om de kookplaat direct te bedieren op het kookplaatpaneel.
De ventilatorsnelheid handmatig bedieren
U kunt de ventilator van de kookplaat handmatig bedieren.
Raak aan als de kookplaat actief is.
Dit schakelt de automatische bediening van de functie uit zodate ventilatorsnelheid handmatig kunt veranderen.
Als u op drukt, worden de ventilatorsnelheid met een verhoogd. Als u een intensief niveau bereikt en weeer op drukt, stelt u de ventilatorsnelheid in op 0 waardoor de afzuigkapventilator uitschakelt. Om de ventilator wee ter starten met ventilatorsnelheid 1, raakt u aan.

Schakel de kookplaatuit en weeer aan om de automatische bediening van de functie te activeren.
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
6.1 FlexiBridge-functie
De flexibele inductiekookzone bestaande uit vier secties. De gebieden können worden gecombineerd in twee kookzones met verschillende maten, of in een große kookzone. De zijkanten van de zones die samen werken, lichten op en zijn verbonden met kortere verlichte lijnen. U kiest de combinatie van de secties door de modus te kiezen die van toepassing is op de grootte van het kookgerei dat u wilt gebruiken. Erijken drie modi: Standaard (automatisch
geactiveerd als u de kookplaat aanzet), Bigmodus (grote overbrugging) en Max-modus (maximale overbrugging).

Gebruik de twee linker bedieningsknuppen voor de warmteinstelling.
Schakelen tussen de modi
Gebruik het sensorveld om te schakelen tussen de modi:


Als u:tussen de modi schakelt dan wordt de warmte-instelling teruggezet op 0.
Diameter en positie van het kookgerei
Kies de modus die van toepassing is op de groorte en de vorm van het kookgerei. Het kookgerei要去 het gekozen gebied zoveel möglichk bedekken. Plaats het kookgerei in het midden van de geselecteerde gebied.
Plaats kookgerei met een bodem kleiner dan 160~mm diameter centraal op een een deel van de kookzone. Je kunt een grillpan gebruiken voor de grote en de maximale brugmodi.

Plaats kookgerei met een bodem groter dan 160~mm diameter centraalussen twee gedeelten.

6.2 FlexiBridge Standaardmodus
Deze modus worden geactiveerd als u de kookplaat aanzet. Het brengt de gedeelten samen in twee afzonderlijke kookzones. De zijkanten van de zones die in deze modus samenwerken gaan branden en ze worden verbonden met kortere brandende lijnen.U kunst de warmte-instelling voor iedere zone apart instellen. Gebruik de twee regelbalken aan de linkerkant.

Juiste positie voor kookgerei:

Onjuiste positie kookgerei:

6.3 FlexiBridge Big Bridge-modus (grote overbrugging)
Om de modus te activeren, drukt u op totdat u het lampje van de juiste modus ziet. Deze modus brengt drie achefterste gedeelten samen in een kookzone. Het voorste gedeelte is Niet verbonden en blijf werken als afzonderlijke kookzone. U kunt de warmte-installung voor elke zone afzonderlijk instellen. Gebruik twee regelbalken aan de linker zijkant.

Juiste positie voor kookgerei:
Om deze modus te gebruiken moet u het kookgerei op de drie samengebrachte gedeeltenplaatsen. Als u kookgerei gebruikt datkleiner is dan twee gedeelten, knippert dereregelbalk en schakelt de zone na 2 minutenuit.

Onjuiste positie kookgerei:


6.4 FlexiBridge Max Bridge mode (Maximale overbrugging)
Om de modus te activeren, drukt u op 30 totdat u het lampje van de juiste modus ziet. Deze modus brengt alle gedeelten samen in een kookzone. Gebruik een van detwee regelbalken links om de warmteinstelling te bedieren.

Juiste positie voor kookgerei:
Om deze modus te gebruiken moet u het kookgerei op de vier samengebrachte gedeeltenplaatsen. Als u kookgerei gebruikt dat kleiner is dan drie gedeelten, knippert de regelbalk en schakelt de zone na 2 minutesuit.

Onjuiste positie kookgerei:

6.5 PowerPoint
Met deze functie kurz u de temperatuur aanpassen door het kookgerei maar een andere positie op het inductiekookoppervlak te verplaatsen.
De functie verdweit de verticale kookzone in drie zones met verschillende warmteinstellungen. De kookplaat detecteert de positie van het kookgerei en past het van te voren ingestelde warmte-instelling overeenkomstig aan. U kunt de pan in de voorste, de middelste of de achechterste positie zetten. Als je het kookgerei in de voorste positie staat, krijg je de hoogste warmteinstelling. Om het te verminderen, verplaatst u het kookgerei maar de middelste of
achterste positie.

i
Gebruik slechts eén pan als je de functie gebruikt.
Als u de warmte-instelling wilt wijzigen, tilt u het kookgerei op en staat u het op een andere plek om het gebied.
- Gebruik voor deze functie kookgerei met een bodem diameter van minimaal 160 mm.
- Als u de pan in de voorste positie plaatst,licht op het bedieningspaneel op. De bedieningsbalk toont de standardwarmte-installung 9.
- Als u de pan in de middelste positie plaatst,licht op het bedieningspaneel op. De bedieningsbalk toont de standardwarmte-installung 6
- Als u de pan in de haltenste positie plaatst,licht op het bedieningspaneel op. De bedieningsbalk toont de standard warmte-installung 3
9
6
3
-
Raak aan om de functie te activeren. De indicator gaat branden en de regelbalk geeft de standard warmte-instelling wee. 2. Plaats de pan of zet deze maar behoefte waar een andere positie.
-
U(Int)knt de standaard warmte-installling voor elke positie afzonderlijk wijzigen. Gebruik de bedieningsbalk linksvoor.

De kookplaat za uw instellenen onthouden voor de volgende keer dat u de functie activeert.
Om de functie uit te schakelen: raak aan.
7. AANWIJZINGEN EN TIPS

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
7.1 Pannen

Voor inductiekookzones creëert een sterk elektromagnetisch veld de hitte in de pannen zeer snug.
Gebruik de inductiekookzones met geschikte pannen.
- Om oververhitting te voorkomen en de prestaties van de zones te verbeteren,要去 het kookgerei zo dik en vlak möglichelijk zichn.
- Zorg ervoor dat bodems schoon en droogঙরdat het kookgerei op de kookplaat worden gezet.
- Let er alkijd op dat u het kookgerei nicht schuift of wrijft op de randen en hoeken van het glas, odomat dit het glasoppervlak kan beschadigen.
Panmaterialen
- goed: gietijzer, staal, geëmailleerd staal, roestvrij staal,meerlaagse bodem (aangemerkt als geschikt door de fabrikant).
- nied goed: aluminium, koper, messing, glas, keramiek, porselein.
Een pan is geschikt voor een inductiekookplaat als:
water op de hoogste kookstand binnen korteijd worden verwarmd,
- een magneet op de onderkant van het kookgerei plakt.
Afmetingen van pannen
-
Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmetingen van pannen aan. Raadpleeg "Technische gegevens" > "Specificatie van kookzones" voor de juiste afmetingen van kookgerei. Plaats het kookgerei in het midden van de gekozen kookzone.
-
De efficientie van een kookzone hangt samen met de diameter van de pan. Gebruik voor een optimale warmteverdracht kookgerei met een bodem diameter die vergelijkbaar is met de grotte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in "Technische gegevens" > "Specificatie van de kookzone").
-
Pannen met een diameter kleiner dan een bepaalde kookzone ontvangen slechts een deel van het vermogen dat door de kookzone worden opgewekt, wat resulteert in een langzamere opwarming.
- Gebruik zowel om veiligheidsredenen als voor optimale kookresultaten geen pannen groter dan aangegeven in de kookzonespecificaties. Zorg ervoor dat pannenijdens het koken Niet zich bij het bedieningspaneel blijven. Dit kan invloed hebben op de werkking van het bedieningspaneel of onbedoeld de kookplaatfuncties activeren.

Raadpleeg de technische gegevens.
7.2 Geluidenijdens bedrijf

Deze geluiden zijn normal en hebben niets met een defect te make. Geluiden van kookgerei konnen varieren afhankelijk van het materiaal van het kookgerei en het vermogen.
Geluiden gerelateerd aan kookgerei:
- kraakgeluid: kookgerei is gemaakt van verschillende materialen (sandwich-constructie).
- fluitend geluid: bij gebruik van een kookzone met een hoge kookstand en als het kookgerei is gemaat van verschillende materialen (een sandwich-constructie).
- bromgeluid: als u een hoge kookstand gebrukt.
Kookplaatgerelateerde geluiden:
- klikken: er treedt elektrische schakeling op.
-
sissen, zoemen: de ventilator werkt.
-
ritmisch geluid: kookgerei worden gedetecteerd.
Om energia te besparen, worden de verwarming van de kookzone uitgeschakeld voordat de afteltimer klinkt. Het verschil in bedriifstijd is afhankelijk van het kookstandniveau en de duur van de bereiding.
7.4 Vereenvoudigde kookgids
De correlatie:tussen de kookstand en het stroomverbruik van de kookzone is nicht linear. Wanner u de kookstand verhoogt, is dit Niet proportioneel met de toename in stroomverbruik van de kookzone. Het betekent dat een kookzone op de medium kookstand minder dan de helft van het vermogen gezruikt.

De gegevens in de tabel dieren alleen als richtlijn.
| Warmte-instel- ling | Gebruik om het volgende te doen: | Tijd (min) | Tips |
| 1 Houd gekocht voedsel warm. indien no-dig | Doe een deksel op het kookgerei. | ||
| 1 - 2 Hollandisesaus, smelten: boter, cho- colade, gelatine. | 5 - 25 Roer af en toe. | ||
| 2 Stollen: luchtige omeletten, gebakken eieren. | 10 - 40 Kook met een deksel erop. | ||
| 2 - 3 Zachtjes aan de kook brengen van rijst en gerechten op basis van melk, reeds bereide gerechten opwarmen. | 25 - 50 Voeg minimaal twee koer zo veel vocht toe als rijst en roer gerechten op melkbasis halverwege de procedure door. | ||
| 3 - 4 Stoofgroenten, vis, vlees. 20 - 45 Voeg een paue eetlepels water toe. | Controleer de hoeveelheid water tij-dens het proces. | ||
| 4 - 5 Stoom aardappelen en andere groen-ten. | 20 - 60 Bedek de bodem van de pan met 1-2 cm water. Controleer het waterpeil tij-dens het proces. Houd het deksel op de pan. | ||
| 4 - 5 Kook grotere hoeveelheden voedsel, stoofschotels en soepen. | 60 - 150 Tot 3 I vloeistof plus ingredienten. | ||
| 6 - 7 Zacht bakken: | escalope, kalfscordon bleu, koteletten, rissoles, worstjes, le- ver, roux, eieren, pannenkoeken, do- nuts. | indien no- dig | Draai om wanner nodig. |
| 7 - 8 Flink bakken, hash browns, lendenbief- stuk, steaks. | 5 - 15 Draai om wanner nodig. | ||
| 9 Kook water, kook pasta, schroei vlees (goulash, braadpan), frituur frietjes. | |||
| P | Kook groe hoeveelheden water. PowerBoost is ingeschakeld. | ||
7.5 Praktische tips voor Hob²Hood
Wonneer je de kookplaat gebruikt met de functie:
- Bescherm het paneel van de kap gegen direct zonlicht.
- Schijn geen halogeenlicht op het paneel van de kap.
- Dek het bedieningspaneel van de afzuigkap Niet af.
- Onderbreek het signaal tussen de kookplaat en de afzuiigkap Niet (bijvoorbeeld met een hand, een handgreep van een pan of een große pan). Zie de afbeelding.
De kap hieronder is alleen bedoeld ter illustratie.

i
Andere op afstand bediende apparaten kuren het signaal hinderen. Gebruik dergelijkke apparaten Niet in de buurt van de kookplaat verwijl Hob2Hood ingeschakeld is.
Afzuigkappen met de Hob²Hood-functie Voor het volledige assortment afzuigkappen dat met deze functie werkt, raadpleeg je once website van de consument. De AEG-afzuigkappen die met deze functie werken,要去en het symbool hebben.
8. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
8.1 Algemene informatie
- Reinig de kookplaat na elk gebruik.
- Gebruik als bijkogerei met een schone bodem.
- Gebruik voor zowel de dagelijkse reiniging van het glasoppervlak als de reiniging na installmente en het verwijderen van eventuele achtergebleven lijm alleen een mild schurende reinigingsmelk en een fijnie antikras-spons. Afhankelijk van de mate van verruiling reinigt u het glasoppervlak metkleine cirkelvormige bewegingen en matige druk. Veeg tot slot het glazen oppervlak droog met een microvezeldoek.

WAARSCHUWING!
Gebruik de klassieke gele en groene spons Niet, odomat de aluminiumdeeltjes op de harde laag het glas kuren beschadigen en verkleuren.

Het gebruik van andere reinigingsinstrumenten dan de aanbevolen is Niet effectief en kan het glasoppervlak beschadigen of verkleuren.
- Gebruik.altijd een schraper die wordt aanbevolen voor kookplaten met een glazen oppervlak. Gebruik de schraper alleen als extra hulpmiddel voor het reinigen van het glas na de standardreinigingsprocedure.

WAARSCHUWING!
Gebruik geen messen of anderscherp, metalen gereedschap om hetglasoppervlak te reinigen.

De afdruk op de flexibele
inductiekookzone kan vies worden of van
kleur veranderen door het bewegen van
kookgerei. U kunt het gebied op de
beschreiben manier reinigen.
8.2 Het glazen oppervlak van de kookplaat reinigen
- Verwijder onmiddelijk: gesmolten kunststof, plastic folie, zout, suiker en suikerhoudend voedsel, anders kan dit schade aan de kookplaat veroorzaken. Doe voorzichtig om brandwonden te voorkomen. Gebruik de speciale schraper op de glazenplaat en verwijder resten door het blad over het oppervlak te schuiven.
- Verwijder dit als de kookplaat voldoende afgekoeld is: kalkringen, waterringen, vetvlekken, glanzende metaalverkleuring. Reinig de kookplaat met een mild schurende reinigingsmelk en een antikras, fijn e spons (zie Algemene informatatie). Veeg de kookplaat na het reinigen droog met een microvezeldoek.
Blijvende vlekken en vlekken: oefen matige druk uit en schrob het oppervlak met een antikras, delicate spons (zie Algemene informatatie) en eenlicht schurende reinigingsmelk totdat de vlekken Niet langer zichtaar+zijn.
9.PROBLEEMOPLOSSING

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
9.1 Wat moet je doen als ...
| Problem Mogelijk oorzaak Oplossing | ||
| Je kunt de kookplaat Niet inschä-kelen of bedieren. | De kookplaat is Niet aangesloten op een stopcontact of Niet goed gein-stalleerd. | Controleer of de kookplaat goed aan-gesloten is op het lichtnet. |
| De zekering is doorgeslagen. Verzeker je ervan dat de zekering de | ||
| oorzaak van de storing is. Als de zeke-lingen keer op keer doorslaan, neem je contact op met een erkende installa-teur. | ||
| Je stelde gedurende 50 seconden geen kookstand in. | Schakel de kookplaat opnieuw in en stel de kookstand binnen 50 seconden in. | |
| Je hebt 2 ofmeer sensorvelden te-gelifiekertijd aangeraakt. | Raak slechts=eén sensorveld aan. | |
| Pauze is in werkung. Zie "Pause". | ||
| Water of vetvlekken op het bedie-ningspaneel. | Reinig het bedieningspaneel. | |
| Je kunt een constant piepgeluid horen. | De elektrische aansluiting is ver-keerd. | Trek de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Laat de installmentie controllederen door een erkende elektricien. |
| Je+kunt de maximale warmte-stand Niet instellen voor een van de kookzones. Je+kunt een van de kookzones Niet inschaken. | De andere zones verbruiken het maximaal beschikbare vermogen. Je kookplaat werkt correct. | Verlaag de warmtestand van de andere- re kookzones die opdezelfde fase+zijn aangesloten. Zie 'Stroommanage-ment'. |
| Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat worden uitzgeschakeld. Als de kookplaat worden uitzgeschakeld, klinkt er een geluids-signaal. | Je hebtiets op een of meer sensor-velden geplaatst. | Verwijder het voorwerp van de sensor- velden. |
| De kookplaat worden uitzgeschakeld. | Je hebtiets op het sensorveld①geplaatst. | Verwijder het voorwerp van het sen-sorveld. |
| De restwarmte-indicator waar nicht aan. | De zone is Niet heet omdat deze slechts kortstondig is gebruikt, of de sensor is beschadigd. | Als de zone voldoende lang gebruikt is om heet teijken, neem je contact op met een erkende servicedienst. |
| Hob?Hood werkntiet. Je hebt het bedieningspaneel afge-dek't. | Verwijder het voorwerp van het bedie-ningspaneel. | |
| Je maakt gebruik van een hele hoge pan die het signaal blokkeert. | Gebruik een Kleinere pan, verander van kookzone of bedien de afzuigkap handmatig. | |
| Het bedieningspaneel worden het bij aanraking. | Het kookgerei is te groot of je plaatst het te zichbij het bedieningspaneel. | Plaats grotere pannen indien möglich op dechterste kookzones. |
| Er klinkt geen geluidsignaal wan- neer je de tiptoetsen van het be-dieningspaneel aanraakt. | De signalen zijn uit. Schakel de geluiden in. Raadpleeg 'Dagelijks gebruik'. | |
| Probleem Mogelijk oorzaak Oplossing | ||
| De flexibele inductiekookzone verwarmt de pan nicht. | De pan staat op een verkeerde plek op de flexibele inductiekookzone. | Plaats de pan op de juiste plek op de flexibele inductiekookzone. De plaat van de pan is afhankelijk van de ingeschakelde functie of modus. Zie 'Flexi-bele inductiekookruimte'. |
| De diameter van de panbodem isverkeerd voor de ingeschakeldefunctie of functiemodus. | Gebruik alleen pannen met een diameter die geschikt is voor de ingeschakelde functie of functiemodus. Zie 'Flexi-bele inductiekookruimte'. | |
| gaat aan. | Kinderbeveiligingsinrichting of Blok-ering werk. | Zie "Kinderbeveiliging" en "Blokke-ring". |
| De bedieningsbalk knippert. Er staat geen pan op de zone, of de zone is Niet volledig bedekt. | Zet een pan op de zone, zodat de pan de zone volledig bedekt. | |
| De pan is Niet geschikt. Gebruik kookgerei dat geschikt is voor | inductiekookplaten. Zie 'Aanwijzingen en tips'. | |
| De diameter van de bodem van de pan is te Klein voor de zone. | Gebruik pannen met de juiste afmetinen. Raadpleeg de technische gevevens. | |
| FlexiBridge (Flexible Bridge) is inwerking. Eén of meerere delen van de werkende functiemodus Niet af-gedekt door de pan. | Plaat de pan op het juiste,aantal ge-deelten van de functiemodus die inwerking is of wijzig de functiemodus. Zie 'Flexibele inductiekookruimte'. | |
| Opwarmen duurt lang. Pan is te Klein en ontvangt slechtseen deel van het vermogen dat doorde kookzone worden gezengereerd. | Gebruik voor een optimale warmte-overdracht kookgerei met een bodem-diameter die vergelijkbaar is met degrootte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in "Technische gege-vens" > "Specificatie van de kookzo-ne"). | |
| Fgaat aan. | PowerSlide is in werking. Er worden twee pannen op de flexibele induc-tiekookzone geplaatst of het kookgerei dekt更是 dan een kookzone die door de functie worden geactiveerd. | Gebruik slechts een pan. Zie 'Flexibele inductiekookruimte'. |
| En een getal gaan branden. | Er is een fouit opgetreden in de kookplaat. | Schakel de kookplaat uit en schakeldeze na 30 seconden weein. Wan-neer Weer verschijnt, trek je de stekker van de kookplaat uit het stop-contact. Steek de stekker van de kook-ptaat er na 30 seconden weerin. Als het probleem zich blijft voordoen,neem je contact op met een erkende servicedienst. |
9.2 Als je geen oplossing=kunt vinden...
Als je nicht zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met je verkoper of een
erkende serviceafdeling. Verstrek de gegevens van het typeplaatje. Zorg ervoor dat je de kookplaat correct gebruikt. Is dit nicht het geval, dan is het onderhoud door een servicemonteur of dealer nicht gratis, ook nicht
Model KIF6840IS PNC 949 598 632 00
Type 62 D4A 21 AA 220 - 240 V / 400 V 2N, 50 - 60 Hz
Inductie 7.35 kW Gemaakt in: Duitsland
Serienr. 7.35 kW
AEG

10.2 Specificatie kookzones
| Kookzone Nominal vermo-gen (max warmte-instelling) [W] | PowerBoost [W] | PowerBoost maximale duur [min] | Diameter van het kookgerei [mm] |
| Middenachter 2300 3200 10 125 - 210 | |||
| Rechtsvoor 1800 2800 10 145 - 180 | |||
| Flexibel inductie-kookgebied | 2300 3200 10 minimaal 105 | ||
Het vermogen van de kookzones kan binnen een bepaalde keine marge verschillen van de gegevens in de tabel. Dit kan veranderen afhankelijk van het materiaal en de afmetingen van het kookgerei.
Gebruik voor een optimale warmteoverdracht en kookresultaat kookgerei met een
bodem diameter die vergelijkbaar is met de grotte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in de tabel). Gebruik geen kookgerei dat groter is dan de diameter van de kookzone.
11. ENERGIEVERBRUIK
11.1 Productinformationé volgens de EU Ecodesign regulering
| Modelnummer KIF6840IS |
| Type kookplaat Inbouwkookplaat |
| Aantal kookzones 2 |
| Aantal kookgebieden 1 |
| Verwarmingstechnologie Inductie |
| Diameter van Ronde kookzones (Ø) Middenachter | Rechtsvoor | 21.0 cm 18.0 cm |
| Lenght (L) en bredte (W) van het kookgebied Links L 41.8 cm | W 24.8 cm | |
| Energieverbruik per kookzone (EC electric cooking) Middenachter | Rechtsvoor | 190.8 Wh/kg 194.2 Wh/kg |
| Energieverbruik van het kookgebied (EC electric cooking) | Links 187.0 Wh/kg | |
| Energieverbruik van de kookplaat (EC electric hob) 189.2 Wh/kg | ||
IEC / EN 60350-2 - Huishoudelijkke elektrische kookapparaten - Deel 2: Kookplaten - Methoden voor het meten van prestaties.
11.2 Energiebesparende
Je kunt energie besparenijdens het dagelijkkoken als je de onderstaande aanwijzingen volgt.
- Gebruik bij het opwarmen van water alleen de hoeveelheid die je nodig hebt.
- Plaats, indien möglichk, alsijd de deksels op het kookgerei.
- Plaats het kookgerei direct in het midden van de kookzone.
- Gebruik de restwarmte om het voedsel warm te houden of om het te lately smelten.
11.3 Productinformatie voor stroomverbruik en maximaleijd om de toepasselijkke modus voor laag vermogen te bereiken
Stroomverbruik inuit-modus 0.3 W
De maximaleijd die de apparatuur nodig heeft om automatisch de toepasselijke 2 min modus voor laag vermogen te bereiken
12. MILIEUBESCHERMING
Recycler de materialen met het symbol Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycler op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten.
Gooi apparaten gemarkeerd met het symbol
niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het productaar het milieuustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.