PIE775N14E - Kookplaat BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PIE775N14E BOSCH in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over PIE775N14E BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Kookplaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PIE775N14E - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PIE775N14E van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING PIE775N14E BOSCH
[nl] Gebruiksaanwijzing 13
Raadgevingen en waarschuwingen omtrent de veiligheid... 13
Veiligheidsaanwijzingen.... 13
Oorzaken van schade....14
Bescherming van het milieu....15
Verwijdering van afvalstoffen op een milieuvriendelijke manier .... 15
Tips om energie te besparen 15
Koken op Inductie 15
Voordelen van het Koken op Inductie 15
Geschikte pannen.... 15
Het apparaat leren kennen 16
Het bedieningspaneel....16
De kookzones....16
Restwarmte-indicator.... 16
Programmeren van de kookplaat....16
De kookplaat in- en uitschakelen 16
Afstellen van de kookzone.... 17
Kooktabel 17
Kinderslot....18
Het kinderslot activeren en deactiveren.... 18
Het permanente kinderslot inschakelen of uitschakelen...... 18
Functie Powerboost ....18
Gebruiksbeperkingen.... 18
Zo wordt dit geactiveerd 19
Zo wordt dit gedeactiveerd.... 19
Timerfunctie....19
Een kookzone automatisch uitschakelen.... 19
Bescherming bij reiniging 20
Automatische tijdslimiet....20
Basisinstellingen....20
Toegang tot de basisinstellingen.... 21
Onderhoud en reiniging 21
Kookplaat 21
Omlijsting van de kookplaat 21
Repareren van storingen....21
Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat...... 22
Servicedienst....22
Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.bosch-home.com en in de online-shop: www.bosch-eshop.com
⚠️ Raadgevingen en waarschuwingen omtrent de veiligheid
Lees deze instructies aandachtig door. Alleen dan kunt u het apparaat op de juiste wijze gebruiken.
Bewaar de gebruiks- en montage-instructies. Indien u het apparaat aan iemand anders overdraagt, geef dan ook de documentatie van het apparaat mee.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan gaat elk recht op een schadevergoeding verloren.
Veiligheidsaanwijzingen
Dit apparaat werd uitsluitend voor huishoudelijk gebruik ontworpen. De kookplaat mag uitsluitend gebruikt worden voor het bereiden van voedsel. Laat het apparaat niet onbeheerd achter als het aan staat.
Veilig gebruik
Voor een veilig gebruik van dit apparaat mogen volwassenen en kinderen die wegens
■ lichamelijke, zintuiglijke of psychische beperkingen,
■ onervarenheid of onwetendheid
niet bekwaam zijn om dit apparaat te gebruiken, dat alleen doen onder toezicht van een verantwoordelijk volwassen persoon.
Houd kinderen in de gaten en voorkom dat zij met het apparaat gaan spelen.
Olie en vet zijn te warm
Brandgevaar!
De hete olie en vet zijn gemakkelijk ontvlambaar. Laat oververhitte olie of oververhit vet niet onbewaakt achter. Indien de olie of het vet vlam vat, blus het vuur dan nooit met water. Doof de vlammen met een doek of een bord. Schakel de kookzone uit.
Het bereiden van voedsel au bain-marie
Met de bereidingswijze au bain-marie kan het voedsel worden verwarmd in een pan die op zijn beurt in een grotere pan water wordt geplaatst. Zo wordt het voedsel op langzame en constante wijze verwarmd, door middel van het warme water en niet rechtstreeks door de warmte van de kookzone. Bij het bereiden van voedsel au bain-marie moet worden vermeden dat blikken, glazen flessen of andere materialen in aanraking komen met de bodem van de pan water, om te voorkomen dat het glas van de plaat en de pan breken door oververhitting van de kookzone.
Hete kookplaat
Gevaar van brandwonden!
Raak hete kookzones niet aan. Houd kinderen uit de buurt van de kookplaat.
Brandgevaar!
■ Leg nooit ontvlambare voorwerpen op de kookplaat.
■ Bewaar geen ontvlambare voorwerpen of spuitbussen in de laden onder de kookplaat.
Vochtige bodems van pannen en vochtige kookplaten
Gevaar van verwondingen!
Als zich vocht tussen de bodem van de pan en de kookzone bevindt, kan dit dampdruk veroorzaken. Bijgevolg zou de pan kunnen opspringen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan altijd droog zijn.
Barsten in de kookplaat
Gevaar van elektrische ontlading!
Sluit het apparaat van het verdeelnet af indien de kookplaat stuk of gebarsten is.
Neem contact op met de technische dienst.
De kookzone verwarmt, maar de visuele indicatie werkt niet
Gevaar voor brandwonden!
Schakel de kookzone uit als de indicator niet werkt. Neem contact op met de technische dienst.
De kookplaat wordt uitgeschakeld
Brandgevaar!
Als de kookplaat automatisch uitgaat en niet kan worden gebruikt, kan hij op een later tijdstip alsnog vanzelf aan gaan. Om dit te voorkomen moet de kookplaat van de stroom worden afgesloten. Neem contact op met de technische dienst.
Plaats geen metalen voorwerpen op de inductieplaat
Gevaar voor brandwonden!
Laat geen messen, vorken, lepels, deksels of andere metalen voorwerpen op de kookplaat liggen; deze kunnen heel snel heet worden.
Onderhoud van de ventilator
Gevaar van beschadiging!
Deze plaat is uitgerust met een ventilator, die zich aan de onderzijde bevindt. Indien er zich onder de kookplaat een lade bevindt, mogen daar geen kleine of papieren voorwerpen in worden bewaard. Als deze namelijk worden geabsorbeerd kunnen ze de ventilator beschadigen of de koeling verslechteren.
Attentie!
Tussen de inhoud van de lade en de inlaat van de ventilator moet een afstand van ten minste 2 cm worden aangehouden.
Onjuist uitgevoerde reparaties
Gevaar van een elektrische ontlading!
Onjuist uitgevoerde reparaties zijn gevaarlijk. Zet het apparaat uit als het defect is. Neem contact op met de technische dienst. Het repareren en vervangen van defecte aansluitkabels mag uitsluitend uitgevoerd worden door behoorlijk opgeleid personeel van de Technische Dienst.
Attentie!
Dit apparaat voldoet aan de reglementeringen inzake de veiligheid en de elektromagnetische compatibiliteit. Personen met een pacemaker dienen uit de buurt te blijven van het apparaat als dat aan staat. Het is onmogelijk om te garanderen dat 100% van deze mechanismen die op de markt zijn voldoen aan de geldige regelgeving omtrent elektromagnetische compatibiliteit en dat er zich geen interferenties voordoen die de juiste werking in gevaar brengen. Ook is het mogelijk dat personen met andere soorten mechanismen, zoals hoorapparaten, enige vorm van hinder kunnen ondervinden.
De kookplaat uitschakelen
Schakel de kookplaat na elk gebruik altijd uit met de hoofdschakelaar. Wacht niet tot de kookplaat automatisch uitschakelt bij het ontbreken van een pan.
Oorzaken van schade
Attentie!
■ Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de kookplaat veroorzaken.
- Plaat nooit lege plannen op de kookzones. Dit kan schade veroorzaken.
■ Plaats geen hete pannen op het bedieningspaneel, de indicatorzones of op de omlijsting van de kookplaat. Dit kan schade veroorzaken.
■ Als er harde of scherpe voorwerpen op de kookplaat vallen, kan dit de plaat beschadigen.
Aluminiumfolie en plastic bakken smelten als ze op een hete kookzone gelegd worden. Het gebruik van beschermplaten op de kookplaat wordt afgeraden.
Algemeen overzicht
In de onderstaande tabel vindt u de meest voorkomende vormen van schade:
| Schade | Oorzaak | Maatregel |
| Vlekken | Gemorst voedsel | Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper. |
| Ongeschikte reinigingsproducten | Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. | |
| Krassen | Zout, suiker en zand | Gebruik de kookplaat niet als werkoppervlak of steun. |
| Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de vitroceramische plaat veroorzaken | Controleer de pannen. | |
| Verkleuringen | Ongeschikte reinigingsproducten | Gebruik reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. |
| Aanraking van de pannen | Til kookpannen en koekenpannen op om ze te verplaatsen. | |
| Afbladderingen | Suiker, levensmiddelen met een hoog suikergehalte | Verwijder gemorst voedsel onmiddellijk met een glasschraper. |
Bescherming van het milieu
Pak het apparaat uit en gooi het verpakkingsmateriaal op milieuvriendelijke wijze weg.
Verwijdering van afvalstoffen op een milieuvriendelijke manier

Dit apparaat is geïdentificeerd conform de Richtlijn betreffende Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur WEEE 2002/96/EG. Deze richtlijn omschrijft het kader voor de recyclage en het hergebruik van afgedankte apparaten binnen het hele Europese grondgebied.
Tips om energie te besparen
■ Doe altijd de bijbehorende deksel op de pan. Bij koken zonder deksel op de pan is het energieverbruik vier keer zo hoog.
- Gebruik pannen met een dikke en vlakke bodem. Pannen met bolle bodems verhogen het energieverbruik.
- De diameter van de bodem van de pan moet overeenkomen met de afmeting van de kookzone. Deze is over het algemeen groter dan de diameter van de bodem van de pan. Indien de diameter van de pan niet overeenkomt met die van de kookzone, is het beter dat deze groter is dan de afmeting van de kookzone. Zo niet, dan gaat de helft van de energie verloren. Controleer: Of de fabrikant de diameter van de bovenkant van pan heeft aangegeven.
■ Kies pannen met een afmeting die geschikt is voor de hoeveelheid voedsel die u gaat bereiden. Een grote pan die maar halfvol is, verbruikt veel energie.
■ Kook met weinig water. Zo wordt energie bespaard en blijven bovendien vitamines en mineralen van de groente behouden.
■ Selecteer een lagere kookstand.
Koken op Inductie
Voordelen van het Koken op Inductie
Koken op Inductie betekent een radicale verandering van de traditionele wijze van verwarmen, aangezien de warmte rechtstreeks in de pan wordt gegenereerd. Daarom biedt het een aantal voordelen:
■ Tijdbesparing bij het koken en frituren; doordat de pan rechtstreeks wordt verwarmd.
■ Dit werkt energiebesparend.
■ Eenvoudiger in onderhoud en reiniging Overgelopen voedingswaren verbranden minder snel.
Kook- en veiligheidscontrole; de plaat levert energie of stopt de energietoevoer onmiddellijk als op de controleknop gedrukt wordt. De inductiekookzone levert geen warmte meer af als de pan wordt weggenomen, ook al wordt het apparaat voor die tijd niet uitgeschakeld.
Geschikte pannen
Uitsluitend geschikt voor inductiekoken zijn ferromagnetische pannen zoals van:
■ geëmailleerd staal
■ gietijzer
■ speciale pannen voor inductie van roestvrij staal.
Kijk, om te weten of de pannen geschikt zijn, of ze worden aangetrokken door een magneet.
Speciale pannen voor inductie
Er bestaat een ander soort pannen speciaal voor inductie, met een geheel ferromagnetische bodem. Controleer de diameter, deze kan zowel van invloed zijn op de pandetectie als op het kookresultaat.
Niet geschikte pannen
Gebruik nooit pannen van:
■ glas
■ aardewerk
■ koper
aluminium
■ dun normaal staal
Kenmerken van de bodem van de pan
De kenmerken van de bodem van de pannen kunnen invloed hebben op de homogeniteit van het kookresultaat. Pannen die gemaakt zijn van materialen die warmte verspreiden, zoals "sandwich" pannen van roestvrij staal, verdelen de warmte op gelijkmatige wijze, waardoor tijd en energie worden bespaard.
Geen pan of ongeschikte afmeting
Als er geen pan op de geselecteerde kookzone wordt geplaatst of als deze niet van het geschikte materiaal is of geen geschikte afmeting heeft, knippert de kookstand op de indicator van de kookzone. Plaats een geschikte pan, zodat het knipperen stopt. Als er meer dan 90 seconden wordt gewacht gaat de kookzone automatisch uit.
Lege pannen of pannen met een dunne bodem
Verwarm geen lege pannen en gebruik geen pannen met dunne bodem. De kookplaat is uitgerust met een intern veiligheidssysteem, maar een lege pan kan zo snel heet worden dat de functie "automatisch uitschakelen" geen tijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan oplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan niet aan en schakel de kookzone uit. Als het apparaat na het afkoelen niet werkt, neem dan contact op met de technische dienst.
Pandetectie
ledere kookzone heeft een minimumlimiet voor pandetectie, die afhankelijk is van het materiaal van de pan die wordt gebruikt. Daardoor mag alleen de kookzone worden gebruikt die het meest geschikt is voor de pan.
Dubbele of driedubbele kookzone
Deze zones kunnen pannen van verschillende afmetingen herkennen. Afhankelijk van het materiaal en de eigenschappen van de pan, past de zone zich automatisch aan en wordt alleen de enkele zone geactiveerd, ofwel de hele zone, waarbij het geschikte vermogen wordt geleverd voor goede kookresultaten.
Het apparaat leren kennen
Deze gebruiksinstructies kunnen op de diverse kookplaten toegepast worden. Op pagina 2 staat een algemeen overzicht van de modellen met informatie over hun afmetingen.
Het bedieningspaneel

text_image
Aanwijzingen voor vermogensstand i-9 operationaliteit 0 restwarmte h/H functie powerboost b Bedieningsvlakken voor het ○ selecteren van de kookzone Aanwijzingen voor warmhoudzone kookstand 0n operationaliteit 0 restwarmte h/H 88 88○|○|○88 88○| |○88 88 boost ↑ Bedieningsvlakken voor ① hoofdschakelaar ∞ bescherming bij reiniging en kinderslot ◀ timerfunctie Bedieningsvlak voor boost^ functie powerboost Bedieningsvlakken voor het selecteren van de vermogensstandDe kookzones
| Kookzone | Activeren en deactiveren |
| ○ Enkelvoudige kookzone | Gebruik een pan met de geschikte maat. |
| ○ Braadzone | De zone wordt automatisch ingeschakeld wanneer een pan gebruikt wordt, waarvan de bodem dezelfde maat heeft als de buitenste zone. |
| ○ Resistieve warmhoudzone* | Activeren: druk op het symbool ○ dat overeenstemt met de warmhoudzone op de visuele indicator verschijnt ○nDeactiveren: druk opnieuw op het symbool ○ op de visuele indicator verschijnt ○* |
* De restwarmte-indicator gaat aan.
Gebruik enkel pannen die geschikt zijn om te koken op inductie, zie hoofdstuk "Geschikte pannen".
Restwarmte-indicator
De kookplaat beschikt over een restwarmte-indicator in elke kookzone, die aanduidt welke nog warm zijn. Raak kookzones met die indicatie niet aan.
Ook als de plaat uitgeschakeld is, blijft h/h, branden zo lang de kookzone warm is.
Als de pan van de plaat genomen wordt voordat de kookzone uitgeschakeld is, verschijnen afwisselend de indicator h/H en de geselecteerde kookstand.
Programmeren van de kookplaat
In dit hoofdstuk wordt uitgelegd hoe een kookzone kan worden afgesteld. In de tabel staan de kookstanden en de bereidingstijden voor verschillende gerechten vermeld.
De kookplaat in- en uitschakelen
De kookplaat wordt in- en uitgeschakeld met de hoofdschakelaar.
Voor het inschakelen: druk op het symbool Ⓑ. De indicator van de hoofdschakelaar en de indicators van de kookzones ○ gaan branden. De kookplaat is klaar om te werken.
Voor het uitschakelen: druk op het symbool ⑩. De indicator van de hoofdschakelaar en de indicators van de kookzones ○ gaan uit. De kookplaat is uitgeschakeld. De restwarmte-indicator blijft branden tot de kookzones voldoende afgekoeld zijn.
Aanwijzing: De kookplaat wordt automatisch uitgeschakeld als alle kookzones meer dan 15 seconden lang uitgeschakeld zijn.
Afstellen van de kookzone
Selecteer de gewenste vermogensstand met de symbolen 1 tot 9.
Vermogensstand 1 = minimumvermogen
Vermogensstand 9 = maximumvermogen
Elke vermogensstand heeft een tussenliggende stand. Deze stand wordt aangegeven met het symbool o in de programmeerzone.
De vermogensstand selecteren
De kookplaat moet ingeschakeld zijn.
-
Druk op het symbool ○ om de kookzone te selecteren. De indicator verschijnt 0.0, en het symbool ○ gaat branden met een helder licht.
-
Programmeer vervolgens de gewenste vermogensstand in de programmeerzone.

text_image
1. 0 1 2 3 0.0
text_image
2. 3.0 boost 0 1 2 3 4De vermogensstand wijzigen
Selecteer de kookzone en programmeer de gewenste vermogensstand in de programmeerzone.
De kookzone uitschakelen
Selecteer de kookzone en druk vervolgens op het symbool van vermogensstand 0.
Aanwijzing: Als er geen pan op de inductiekookzone geplaatst wordt, zal de gekozen kookstand beginnen knipperen. Na het verstrijken van een tijd gaat de kookzone uit.
Kooktabel
In de volgende tabel worden enkele voorbeelden gegeven.
De bereidingstijden zijn afhankelijk van de kookstand, het type, het gewicht en de kwaliteit van het voedsel. Daarom zijn er variaties.
De kookstanden beïnvloeden het kookresultaat.
Gebruik de kookstand 9 als u begint te koken.
| Doorkookstand | Doorkookduur in minuten | |
| Smelten | ||
| Chocolade, chocoladeglazuur, boter, honing | 1-1. | - |
| Gelatine | 1-1. | - |
| Opwarmen en warm houden | ||
| Maaltijdsoep (bv. linzen) | 1-2 | - |
| Melk** | 1.-2. | - |
| Worstjes opgewarmd in water** | 3-4 | - |
| Ontdooien en verwarmen | ||
| Diepvriesspinazie | 2.-3. | 5-15 min. |
| Diepvriesgoulash | 2.-3. | 20-30 min. |
| Op een zacht vuurtje gaarstoven, op een zacht vuurtje koken | ||
| Aardappel-gehaktballen | 4.-5.* | 20-30 min. |
| Vis | 4 -5* | 10-15 min. |
| Witte sauzen, bv. bechamel | 1-2 | 3-6 min. |
| Geklopte sauzen, bv. bearnaisesaus, Hollandse saus | 3-4 | 8-12 min. |
| Koken, stomen, sauteren | ||
| Rijst (met twee keer zoveel water) | 2-3 | 15-30 min. |
| Rijstpap | 2-3 | 25-35 min. |
| Aardappelen in de schil | 4-5 | 25-30 min. |
| Geschilde aardappelen met zout | 4-5 | 15-25 min. |
| Pasta. | 6 -7* | 6-10 min. |
| Eenpansgericht, soep | 3.-4. | 15-60 min. |
| Groente | 2.-3. | 10-20 min. |
| Diepvriesgroenten | 3.-4. | 7-20 min. |
| Koken met de snelkookpan | 4.-5. | - |
* Doorkoken zonder deksel
** Zonder deksel
| Doorkookstand | Doorkookduur in minuten | |
| Sudderen | ||
| Rollade | 4-5 | 50-60 min. |
| Stoofschotel | 4-5 | 60-100 min. |
| Goulash | 3.-4. | 50-60 min. |
| Braden** | ||
| Filets, al dan niet gepaneerd | 6-7 | 6-10 min. |
| Diepvriesfilets | 6-7 | 8-12 min. |
| Koteletten, al dan niet gepaneerd | 6-7 | 8-12 min. |
| Biefstuk (3 cm dikte) | 7-8 | 8-12 min. |
| Borst (2 cm dikte) | 5-6 | 10-20 min. |
| Diepvriesborst | 5-6 | 10-30 min. |
| Vis en visfilet, ongepaneerd | 5-6 | 8-20 min. |
| Vis en visfilet, gepaneerd | 6-7 | 8-20 min. |
| Gepaneerde diepvriesvis, bv. vissticks | 6-7 | 8-12 min. |
| Garnalen en steurgarnalen | 7-8 | 4-10 min. |
| Diepvriesgerechten, bv. gesauteerd | 6-7 | 6-10 min. |
| Pannenkoeken | 6-7 | een portie na de andere frituren |
| Omelet | 3.-4. | een portie na de andere frituren |
| Gebakken eieren | 5-6 | 3-6 min. |
| Frituren** (150-200g per portie in 1-2 l olie) | ||
| Diepvriesproducten, bv. patat, kipnuggets | 8-9 | een portie na de andere frituren |
| Diepvrieskroketten | 7-8 | |
| Gehaktballen | 7-8 | |
| Vlees, bijv., stukjes kip | 6-7 | |
| Vis, gepaneerd of in bierdeeg | 6-7 | |
| Groenten, paddenstoelen, gepaneerd of in bierdeeg, bv. champignons | 6-7 | |
| Banket, bv. beignets, fruit in bierdeeg | 4-5 | |
* Doorkoken zonder deksel
** Zonder deksel
Kinderslot
De kookplaat kan beveiligd worden tegen ongewilde inschakeling, om te voorkomen dat kinderen de kookzones kunnen inschakelen.
Het kinderslot activeren en deactiveren
De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
Activeren: houd het symbool ⚫∞ gedurende circa 4 seconden ingedrukt. Het symbool ∞ gaat gedurende 4 seconden branden. De kookplaat is geblokkeerd.
Deactiveren: houd het symbool 📋∞ gedurende circa 4 seconden ingedrukt. De blokkering is gedeactiveerd.
Het permanente kinderslot inschakelen of uitschakelen
Met deze functie wordt het kinderslot altijd automatisch ingeschakeld als de kookplaat wordt uitgezet.
Activeren en deactiveren
Zie paragraaf "Standaardinstellingen".
Functie Powerboost
Met de functie Powerboost kan het voedsel sneller verhit worden dan wanneer de kookstand 9 gebruikt wordt.
Gebruiksbeperkingen
Deze functie zal beschikbaar zijn in alle kookzones zo lang de andere zone van dezelfde groep niet in werking is (zie afbeelding). Zo niet, dan knippert op de visuele indicator de geselecteerde kookzone b y 9; vervolgens wordt de kookstand automatisch aangepast 9.

text_image
Groep 1 2 3 1 4Groep 2

text_image
Groep 1 ② 5 ③ ① ④Groep 2
Zo wordt dit geactiveerd
- Selecteer een kookzone.
- Druk op het symbool boost ⚠. De functie is nu geactiveerd.
Zo wordt dit gedeactiveerd
- Selecteer een kookzone.
- Druk op het symbool boost ⚠. De functie Powerboost is nu gedeactiveerd.
Aanwijzing: Onder bepaalde omstandigheden kan de Powerboost functie automatisch uitgeschakeld worden om de elektronische onderdelen aan de binnenzijde van de plaat te beschermen.
Timerfunctie
Deze functie kan op twee verschillende manieren gebruikt worden:
■ om een kookzone automatisch uit te schakelen.
■ als kookwekker.
Een kookzone automatisch uitschakelen
Voer de tijdsduur in voor de kookzone. De zone gaat automatisch uit na het verstrijken van de tijd.
Zo wordt dit geprogrammeerd
- Selecteer de kookzone en de gewenste vermogensstand.
- Druk tweemaal op het symbool ⏻. Op de indicator van de timerfunctie gaan 00 en __ aan .
- Programmeer, binnen de volgende 10 seconden, de gewenste tijd met de symbolen 1 tot 9.

text_image
1. 0.0 min 1 3.0 Reset R 0 1 2 3 4
text_image
2. 2:1 min +0 3.0 hour R 0 1 2 3 4De kooktijd begint te verstrijken.
Na het verstrijken van de tijd
Na het verstrijken van de tijd gaat de kookzone uit. Er weerklinkt een waarschuwingssignaal en op de kookzone wordt 0.0 getoond en op de visuele indicator van de timerfunctie wordt 0.0 weergegeven gedurende 10 seconden.
Door op het symbool Ⓤte drukken, gaan de indicaties uit en stopt het akoestische signaal.
De tijd wijzigen of annuleren
Selecteer de kookzone en druk vervolgens tweemaal op het symbool Ⓛ.
De indicators __ en ⏻ worden weergegeven
Wijzig de kooktijd met de symbool 1 tot 9 of druk op 0 om de tijd te annuleren.
Aanwijzingen
- Indien een kooktijd geprogrammeerd is, wordt op de visuele indicator altijd de tijd van deze functie getoond. Selecteer, om de resterende kooktijd van een kookzone te raadplegen, een zone en druk tweemaal op het symbool ⏻.
- Indien een duur geprogrammeerd is voor verschillende kookzones, dan wordt altijd de duur van de geselecteerde kookzone getoond.
■ De kooktijd kan ingesteld worden tot 99 minuten.
Automatische timer
Met deze functie kan een kooktijd voor alle kookzones ingesteld worden. Na het inschakelen van een kookzone, begint de ingestelde tijd te lopen. De kookzone zal automatisch uitschakelen als de kooktijd verstreken is.
De instructies over de activering van de timer vindt u in het hoofdstuk "Basisinstellingen".
Aanwijzing: Het is mogelijk de tijdsduur van een kookzone te wijzigen of de kookwekker kan uit te schakelen.
Druk meerdere keren op het symbool ⏻ tot de gewenste indicator ○ gaat branden. Wijzig de duur van de kookcyclus met de symbolen 1 tot 9 of schakel uit met het symbool 0.
De kookwekker
Met de kookwekker kan een tijd geprogrammeerd worden tot 99 minuten. Deze is niet afhankelijk van andere instellingen. Deze functie schakelt de kookzone niet automatisch uit.
Zo wordt dit geprogrammeerd
- Druk op het symbool Ⓤ. De indicator ♘ gaat branden. Op de visuele indicator van de timerfunctie gaat ⚡ branden.
- Stel de gewenste tijd in met de symbolen 1 tot 9.
Na enkele seconden begint de tijd te verstrijken.
Na het verstrijken van de tijd
Na het verstrijken van de tijd klinkt een signaal. Op de visuele indicator van de timerfunctie gaan ☐☐ en ⏻ branden. Na het drukken op het symbool Ⓧ worden de aanwijzingen uitgeschakeld.
De tijd wijzigen of annuleren
Druk op het symbool ⏻; de indicator ♡ gaat branden.
Wijzig de tijd met de symbolen 1 tot 9 of druk op 0 om de tijd te annuleren.
Bescherming bij reiniging
Indien het bedieningspaneel gereinigd wordt terwijl de kookplaat ingeschakeld is, kunnen de instellingen gewijzigd worden.
Om dit te vermijden, is de kookplaat voorzien van een beschermingsfunctie bij reiniging.
Druk op het symbool 📋C∞. Het bedieningspaneel wordt geblokkeerd gedurende ca. 35 seconden.
Nu kan het oppervlak van het bedieningspaneel gereinigd worden zonder risico op wijziging van de instellingen.
Na het verstrijken van de tijd klinkt een waarschuwingssignaal en na enkele seconden wordt de functie uitgeschakeld. De blokkering van het bedieningspaneel is gedeactiveerd.
Aanwijzing: De beschermingsfunctie bij reiniging omvat noch het symbool ⚫∞ noch de hoofdschakelaar. De kookplaat kan desgewenst worden uitgeschakeld.
Automatische tijdslimiet
Indien de kookzone gedurende lange tijd in werking is en er geen enkele wijziging in de instelling uitgevoerd wordt, dan wordt de automatische tijdslimiet geactiveerd.
De kookzone wordt niet meer verhit. De visuele indicator van de kookzone knippert afwisselend F en 8.
De indicator gaat uit als er op een willekeurig symbool wordt gedrukt. Nu kan de kookzone opnieuw ingesteld worden.
Wanneer de automatische limiet geactiveerd is, wordt deze geregeld volgens de geselecteerde kookstand (van 1 tot 10 uur).
Basisinstellingen
Het apparaat beschikt over diverse basisinstellingen. Deze instellingen kunnen worden aangepast aan de behoeften van de gebruiker.
| Indicator | Functie |
| c1 | Permanent kinderslotGedeactiveerd.*Geactiveerd. |
| c2 | Akoestische signalenDe meeste signalen zijn gedeactiveerd.Sommige signalen zijn gedeactiveerd.Alle signalen zijn geactiveerd.* |
| c5 | Automatische timerUitgeschakeld.*-99 Tijd van de automatische uitschakeling. |
| c6 | Duur van het geluidssignaal van de timerfunctie10 seconden*.30 seconden.1 minuut. |
| c7 | Functie Power-Management=Gedeactiveerd.*= 1000 W minimumvermogen.= 1500 W2= 2000 W...9 of 9. = maximumvermogen van de plaat. |
| c9 | Selectietijd van de kookzoneOnbeperkt: de laatst geprogrammeerde kookzone blijft geselecteerd.*Beperkt: De kookzone blijft slechts 10 seconden lang geselecteerd. |
| c0 | Terugkeren naar de standaardinstellingenPersoonlijke instellingen.*Terugkeren naar de fabrieksinstellingen. |
*Fabrieksinstelling
Toegang tot de basisinstellingen
De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.
- Schakel de kookplaat in met de hoofdschakelaar.
- Druk binnen de volgende 10 seconden op het symbool ⏻ gedurende 4 seconden.

text_image
1 0.0 ∞ 0 1 2 3 ↑Links op het scherm verschijnt c / en rechts 0.
- Druk op het symbool ⏻ tot de indicator van de gewenste functie weergegeven wordt.
- Selecteer vervolgens de gewenste instelling met de symbolen 0 tot 9.

text_image
1 = - 0 1 2 3 ← ∞ ⊥ 0 1 2 3 ↑- Houd het symbool ⏻ meer dan 4 seconden ingedrukt. De instellingen zijn op de juiste wijze bewaard.
De basisinstellingen verlaten
Schakel de kookplaat uit met de hoofdschakelaar.
Onderhoud en reiniging
De raadgevingen en waarschuwingen in dit hoofdstuk zijn bedoeld voor het optimaal schoonmaken en onderhouden van de kookplaat.
Kookplaat
Reiniging
Maak de kookplaat na ieder gebruik schoon. Op die manier voorkomt u dat aangekoekte resten verbranden. Maak de kookplaat pas schoon als hij voldoende afgekoeld is.
Gebruik alleen reinigingsproducten die geschikt zijn voor kookplaten. Volg de aanwijzingen op de verpakking van het product op.
Gebruik nooit:
■ Schuurmiddelen
■ Agressieve schoonmaakmiddelen zoals ovensprays of vlekkenmiddel
■ Schuursponzen
■ Hogedrukreinigers of stoommachines
Glasschraper
Verwijder hardnekkig vuil met een glasschraper.
- Verwijder het beschermkapje van de schraper
- Maak het oppervlak van de kookplaat met het mesje schoon.
Maak het oppervlak van de kookplaat niet met het beschermkapje van de schraper schoon, er kunnen anders krassen op komen.
⚠ Risico op verwondingen!
Het mes is erg scherp. Gevaar voor snijwonden. Bescherm het mesje als het niet gebruikt wordt. Vervang het mesje onmiddellijk als het gebreken vertoont.
Onderhoud
Gebruik een speciaal middel voor het onderhoud en de bescherming van de kookplaat. Volg de raadgevingen en waarschuwingen op de verpakking op.
Omlijsting van de kookplaat
Om schade aan de omlijsting van de kookplaat te vermijden, moeten de volgende aanwijzingen worden opgevolgd:
■ Gebruik alleen warm water met een beetje zeep
■ Gebruik nooit scherpe of bijtende producten
■ Gebruik de glasschraper niet
Repareren van storingen
Vaak zijn storingen het gevolg van kleinigheden. Neem de volgende raadgevingen en waarschuwingen in acht alvorens contact op te nemen met de Technische Dienst.
| Indicator | Storing | Maatregel |
| geen | De stroom is uitgevallen. | Controleer met andere elektrische apparaten of de stroom is uitgeval- len. |
| Het apparaat is niet aangesloten volgens het aansluitschema. | Controleer of het apparaat is aangesloten volgens het aansluit- schema. | |
| Storing in het elektronische systeem. | Als de storing na de voorgaande controles niet is opgelost, neem dan contact op met de technische dienst. |
* Als de indicatie blijft branden, neem dan contact op met de Technische dienst.
Zet geen hete pannen op het bedieningspaneel.
| Indicator | Storing | Maatregel |
| E knippert | Het bedieningspaneel is vochtig of er ligt iets op. | Droog de zone van het bedieningspaneel of neem het voorwerp weg. |
| Er +nummer /d + nummer /E + nummer | Storing in het elektronische systeem. | Sluit de kookplaat van het verdeelnet af. Wacht 30 seconden alvo-rens hem weer aan te sluiten. |
| F0 / F9 | Er is een interne fout in de werking opge-treden. | Sluit de kookplaat van het verdeelnet af. Wacht 30 seconden alvo-rens hem weer aan te sluiten. |
| F2 | Het elektronische systeem is oververhit geraakt en heeft de overeenkomstige kookzone uitgeschakeld. | Wacht totdat het elektronische systeem voldoende afgekoeld is. Druk vervolgens op een willekeurig symbool van de kookplaat.* |
| F4 | Het elektronische systeem is oververhit geraakt en heeft alle kookzones uitgeschakeld. | |
| U1 | Onjuiste voedingsspanning, overschrijding van de normale werklimieten | Neem contact op met uw elektriciteitsleverancier. |
| U2 / U3 | De kookzone is oververhit en werd uitges-chakeld om uw kookplaat te beschermen. | Wacht tot het elektronische systeem voldoende afgekoeld is en zet de kookplaat weer aan. |
* Als de indicatie blijft branden, neem dan contact op met de Technische dienst.
Zet geen hete pannen op het bedieningspaneel.
Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat
De technologie van het verwarmen door inductie is gebaseerd op het ontstaan van elektromagnetische velden die ervoor zorgen dat de warmte rechtstreeks op de bodem van de pan wordt voortgebracht. De pannen kunnen, afhankelijk van hun bouw, geluiden of trillingen voortbrengen, zoals hieronder worden genoemd:
Een diep gezoem zoals in een transformator
Dit geluid ontstaat tijdens het koken op een hoge kookstand. De oorzaak daarvan is de hoeveelheid energie die de kookplaat aan de pan overdraagt. Het geluid verdwijnt of vermindert zodra de kookstand wordt verlaagd.
Een laag fluitend geluid
Dit geluid ontstaat als de pan leeg is. Het geluid verdwijnt zodra er water of voedsel in de pan wordt gedaan.
Knisperen
Dit geluid doet zich voor bij pannen die bestaan uit lagen van verschillende materialen. Het geluid komt door de trillingen die
ontstaan op de verbindingsvlakken van de verschillende materialen. Dit geluid is afkomstig van de pan. De hoeveelheid voedsel en de bereidingswijze kunnen variëren.
Hoge fluitende geluiden
De geluiden ontstaan met name in pannen die bestaan uit lagen van verschillende materialen, zodra deze worden aangezet op de hoogste stand en op twee kookzones tegelijk. Deze fluitende geluiden verdwijnen of worden minder zodra het vermogen wordt verlaagd.
Geluid van de ventilator
Voor een goed gebruik van het elektronische systeem moet de kookplaat op een gecontroleerde temperatuur werken. Daartoe is de kookplaat uitgerust met een ventilator die steeds als de temperatuur wordt vastgesteld door middel van de verschillende kookstanden gaat werken. De ventilator kan ook door inertie werken, nadat de kookplaat is uitgezet, als de gedetecteerde temperatuur nog te hoog is.
De omschreven geluiden zijn normaal en maken deel uit van de inductietechnologie en duiden niet op een storing.
Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar.
E-nummer en FD-nummer
Geef wanneer u contact opneemt met de servicedienst altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van het apparaat op. Het typeplaatje met de nummers vindt u op het identificatiebewijs van het apparaat.
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
NL 088 424 4010
B 070 222 141
Vertrouw op de competentie van de producent. Zo bent u er zeker van dat de reparatie wordt uitgevoerd door geschoolde onderhoudstechnici, die beschikken over de originele onderdelen voor uw huishoudelijke apparaten.