BF520LMA1 - Magnetron SIEMENS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BF520LMA1 SIEMENS in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over BF520LMA1 SIEMENS
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Magnetron in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BF520LMA1 - SIEMENS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BF520LMA1 van het merk SIEMENS.
GEBRUIKSAANWIJZING BF520LMA1 SIEMENS
NL Gebruikershandleiding en installatie-instructies 60
Inhaltsverzeichnis
GEBRAUCHSANLEITUNG
1 Veiligheid.... 60
2 Materiële schade vermijden 64
3 Milieubescherming en besparing.... 64
4 Uw apparaat leren kennen.... 65
5 Voor het eerste gebruik 66
6 De Bediening in essentie.... 66
7 Reiniging en onderhoud.... 67
8 Storingen verhelpen 69
9 Afvoeren 70
10 Servicedienst.... 70
11 Zo lukt het.... 70
12 MONTAGEHANDLEIDING.... 74
12.1 Veilige montage 75

1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
■ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
■ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
■ Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.
De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een deskundige montage volgens de montagehandleiding. De installateur is verantwoordelijk voor een goede werking op de plaats van op-stelling.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
■ om voedsel en dranken te bereiden.
■ onder toezicht. Houd kortstondige kookprocessen ononderbroken in het oog.
In het huishouden en soortgelijke toepassingen zoals bijvoorbeeld: in keukens voor medewerkers in winkels, kantoren en andere commerciële omgevingen, in boerderijen; van klanten in hotels en andere verblijven, in bed and breakfasts.
■ tot een hoogte van 4000 m boven zeeniveau.
Gebruik het apparaat niet:
■ met een externe timer of een separate afstandsbediening.
Dit apparaat voldoet aan de norm EN 55011 resp. CISPR 11. Het is een product van groep 2, klasse B. Groep 2 betekent dat er micro-golven worden geproduceerd om levensmiddelen te verwarmen. Klasse B houdt in dat het apparaat geschikt is voor huishoudelijk gebruik.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 15 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen niet met het apparaat spe- len.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.
1.4 Veiliger gebruik
In de binnenruimte bewaarde brandbare voor-werpen kunnen vlam vatten.
▶ Bewaar nooit brandbare materialen in de binnenruimte.
- Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de deur gesloten worden gehouden om eventueel optredende vlammen te doven.
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
Oververhitting van het apparaat kan een brand veroorzaken. - Bouw het apparaat niet in achter een decor- of meubeldeur.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
Accessoires of vormen worden zeer heet.
- Neem hete accessoires en vormen altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten. De apparaatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden.
- Gebruik slechts geringe hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage.
- Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol.) in onverdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgieten van gerechten) verhitten.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
▶ De hete onderdelen nooit aanraken.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.
▶ Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reini-gingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de apparaatdeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharniere-n.
Barsten, splinters of breuken in het glazen draaiplateau zijn gevaarlijk.
- Nooit met harde voorwerpen tegen het draaiplateau stoten.
- Het draaiplateau zorgvuldig behandelen. In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten en kan de apparaatdeur openspringen en er eventueel afvallen. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinteren.
→ "Materiële schade vermijden", Pagina 64
- Gebruik slechts geringe hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage.
- Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol.) in onverdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgieten van gerechten) verhitten.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met hete apparaat-onderdelen of warmtebronnen in contact brengen.
- Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen.
- Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit een apparaat met gescheurd of gebroken oppervlak gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Contact opnemen met de servicedienst. → Pagina 70
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
▶ Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
1.5 Magnetron
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN ZORGVULDIG LEZEN EN VOOR HET VERDERE GEBRUIK BEWAREN
Oneigenlijk gebruik van het apparaat is ge- vaarlijk en kan schade veroorzaken. Verwarm- de pantoffels, granen- pittenkussens kunnen bijvoorbeeld ook na uren nog vlam vatten.
- Droog nooit gerechten of kleding met het apparaat.
- Nooit pantoffels, pitten- of granenkussens, zwammen, vochtige poetslappen e.d. met het apparaat opwarmen.
- Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken.
Levensmiddelen en de verpakkingen ervan kunnen ontbranden.
-
Nooit levensmiddelen opwarmen in verpakkingen die bestemd zijn om ze warm te houden.
▶ Levensmiddelen nooit zonder toezicht verwarmen in voorwerpen van kunststof, papier of ander brandbaar materiaal. -
Bij de magnetron nooit een te groot vermogen of te lange tijdsduur instellen. Houd u aan de opgaven in deze gebruiksaanwijzing.
- Nooit levensmiddelen drogen met de magnetron.
▶ Levensmiddelen die weinig water bevatten, zoals bijv. brood, nooit met een te hoog magnetronvermogen of gedurende een te lange tijd ontdooien of verwarmen.
- Nooit uitsluitend spijsolie opwarmen met de magnetron.
Vloeistof of andere voedingsmiddelen in dicht afgesloten vormen kunnen gemakkelijk exploderen.
- Nooit vloeistof of andere voedingsmiddelen verhitten in dicht afgesloten vormen.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
Levensmiddelen met een vaste schil of pel kunnen tijdens, maar ook nog na het opwarmen, exploderen.
- Nooit eieren in de eierschaal koken of hardgekookte eieren in de eierschaal opwarmen.
- Nooit schaal- en kreeftachtige dieren ko- ken.
- Bij spiegeleieren of eieren in een glas dient u eerst de dooier door te prikken.
- Bij levensmiddelen met een vaste schil of pel, bijv. appels, tomaten, aardappelen en worstjes, kan de schil knappen. Prik voor het opwarmen gaatjes in de schil of vel.
De warmte wordt niet gelijkmatig verdeeld in de babyvoeding.
- Warm nooit babyvoeding op in gesloten verpakkingen.
▶ Verwijder altijd het deksel of de speen. - Na het verwarmen goed roeren of schudden.
- Voordat de voeding aan het kind wordt gegeven dient de temperatuur te worden gecontroleerd.
Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.
- Neem vormen en accessoires altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
De verpakking van luchtdicht verpakte levensmiddelen kan knappen.
- Houd altijd de opgaven op de verpakking aan.
- Neem gerechten altijd met een pannenlap uit de binnenruimte.
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
▶ De hete onderdelen nooit aanraken.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Het onjuiste gebruik van het apparaat is ge- vaarlijk. Voorwerpen zoals oververhitte pantoffels, pitten- of graankussen, sponzen, vochtige schoonmaakdoekjes e.d. kunnen verbranding tot gevolg hebben.
- Droog nooit gerechten of kleding met het apparaat.
- Nooit pantoffels, pitten- of granenkussens, zwammen, vochtige poetslappen e.d. met het apparaat opwarmen.
- Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder de kenmerkende bellen ontstaan. Al bij een kleine schok van het recipiënt is voorzichtigheid geboden. De hete vloeistof kan plots overkoken en wegspatten.
- Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen altijd een lepel in de vorm staat. Zo wordt kookvertraging voorkomen.

Ongeschikte vormen kunnen barsten. Vormen van porselein en keramiek kunnen kleine gaatjes hebben in de handgrepen en deksels. Achter deze gaatjes bevindt zich een holle ruimte. Als er vocht in deze ruimte komt, kan dit barsten veroorzaken in de vormen.
- Alleen servies gebruiken dat geschikt is voor de magnetron.
Bij gebruik van de magnetronfunctie kunnen vormen van metaal of vormen met metalen coating leiden tot het ontstaan van vonken. Het apparaat wordt dan beschadigd.
- Gebruik nooit metalen vormen bij gebruik van uitsluitend de magnetron.
- Alleen servies gebruiken dat geschikt is voor de magnetron.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Het apparaat werkt met hoogspanning.
- Nooit de behuizing verwijderen.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op ernstig gevaar voor de gezondheid!
Gebrekkige reiniging kan het oppervlak van het apparaat vernietigen, de gebruiksduur verkorten en tot gevaarlijke situaties leiden, zoals bijvoorbeeld naar buiten komende magnetronenergie.
- Het apparaat regelmatig schoonmaken en resten van voedingsmiddelen direct verwijderen.
- Houd de binnenruimte, deur en deuraanslag altijd schoon.
→ "Reiniging en onderhoud", Pagina 67
Het apparaat nooit gebruiken wanneer de deur van de binnenruimte beschadigd is. Er kan energie van de microgolven naar buiten komen.
- Het apparaat nooit gebruiken wanneer de deur van de binnenruimte of de kunststof omlijsting van de deur beschadigd is.
▶ Alleen door de servicedienst laten repareren.
Bij apparaten waarvan de behuizing niet is afgedekt komt energie van microgolven vrij.
- De afdekking van de behuizing nooit verwijderen.
- Neem voor onderhouds- of reparatiewerkzaamheden contact op met de klantenservice.
2 Materiële schade vermijden
2.1 Algemeen
LET OP!
Alcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ontvlammen en tot een permanente beschadiging van het apparaat leiden. Door de explosieve verbranding kan de apparaatdeur openspringen en er eventueel afvallen. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinteren. Door de onderdruk die ontstaat kan de binnenruimte naar binnen sterk vervormen.
- Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol.) in onverdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgieten van gerechten) verhitten.
Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.
▶ Veeg het condenswater na elk bereiding af.
- Bewaar geen vochtige levensmiddelen gedurende langere tijd in de gesloten binnenruimte.
▶ Bewaar geen gerechten in de binnenruimte.
Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur beschadigd raken.
- Niets op de apparaatdeur zetten, er aan hangen of laten steunen.
2.2 Magnetron
Volg deze aanwijzingen op wanneer u de magnetron gebruikt.
LET OP!
Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn.
Aluminium schalen in het apparaat kunnen vonken veroorzaken. Door de vonken die ontstaan wordt het apparaat beschadigd.
- Gebruik geen vormen van aluminium in het apparaat.
Het gebruik van het apparaat zonder gerechten in de binnenruimte leidt tot overbelasting.
- Start nooit de magnetron zonder dat er zich etenswaar in de binnenruimte bevindt. Alleen een korte serviestest vormt hierop een uitzondering.

De meervoudige bereiding van magnetron-popcorn direct na elkaar met een te hoog magnetronvermogen kan leiden tot beschadiging van de binnenruimte.
- Laat tussen de bereidingen het apparaat meerdere minuten afkoelen.
▶ Stel nooit een te hoog magnetronvermogen in.
▶ Gebruik maximaal 600 Watt.
- Het popcornzakje altijd op een glazen bord leggen. Door het verwijderen van de afdekking wordt de magnetronvoeding beschadigd.
- Verwijder nooit de afdekking van de magnetron in de binnenruimte.
Het verwijderen van de transparante folie van de binnenkant van de deur beschadigt de apparaatdeur.
- De transparante folie aan de binnenkant van de deur nooit verwijderen.
Vloeistof die in het apparaat dringt kan de aandrijving van het draaiplateau beschadigen.
- Het bereidingsproces in de gaten houden.
▶ Eerst een kortere duur instellen en indien nodig de duur verlengen.
- Het apparaat nooit zonder draaiplateau gebruiken.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
4 Uw apparaat leren kennen
4.1 Bedieningspaneel
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
Opmerking: Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.

text_image
90 180 360 600 800 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 60 50 40 30 20 10 3 2 1| 1 | Deuropener Deur openen. |
| 2 | Tijdschakelaar Tijdsduur in minuten instellen. |
| 3 | Vermogensknop Magnetronvermogen in watt instellen. |
4.2 Verwarmingsmethoden
Hier vindt u een overzicht van de verwarmingsmethoden. U krijgt aanbevelingen over het gebruik van de verwarmingsmethoden.
Symbool Naam Gebruik
90-800 Magnetron Gerechten en vloeistoffen ontdooien, bereiden of verwarmen.
4.3 Koelventilator
De koelventilator wordt zo nodig in- en uitgeschakeld. Bij het gebruik van de magnetronfunctie blijft de binnenruimte koud. De koelventilator wordt echter toch ingeschakeld.
Opmerking: De koelventilator kan doorlopen, ook wanneer het apparaat al uitgeschakeld is.
4.4 Condenswater
Bij het bereiden kan in de binnenruimte en op de deur van het apparaat condensvorming optreden. Condens is normaal en heeft geen invloed op de werking van het apparaat. Veeg na het bereiden het condens af.
5 Voor het eerste gebruik
Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.
5.1 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gebruikt
Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.
- Zorg ervoor dat er zich in de binnenruimte geen verpakkingsresten, toebehoren of andere voorwerpen bevinden.
- De gladde oppervlakken in de binnenruimte met een zachte, vochtige doek reinigen.
- Om de geur van het nieuwe te verwijderen, neemt u de lege, gesloten binnenruimte af met warm zeepsop.
→ "Binnenruimte reinigen", Pagina 68
5.2 Draaischijf
Gebruik uw apparaat alleen met draaischijf.
- De rolring a in het verlaagde deel van de binnen- ruimte leggen.

text_image
a b c- De draaischijf bin de aandrijving het midden van de bodem van de binnenruimte vergrendelen.
- Controleren of de draaischijf correct is vergrendeld.
Opmerking: De draaischijf kan naar links of rechts draaien.
6 De Bediening in essentie
6.1 Magnetronvermogen
Hier vindt u een overzicht van de magnetronvermögens en een aanbeveling voor het gebruik ervan.
| Magnetronvermo-gen in watt | Gebruik |
| 90 Gevoelige gerechten ontdooi-en. | |
| 180 Gerechten ontdooien en verder bereiden. | |
| 360 Vlees en vis bereiden of gevoelige gerechten opwarmen. | |
| 600 Gerechten verwarmen en bereiden. | |
| 800 Vloeistoffen verwarmen. | |
6.2 Vormen en accessoires die geschikt zijn voor de magnetron
Om uw gerechten gelijkmatig op te warmen en het apparaat niet te beschadigen, dient u geschikte vormen en accessoires te gebruiken.
Opmerking: Voordat u vormen voor de magnetron gebruikt dient u de informatie van de fabrikant in acht te nemen. Voer bij twijfel een serviestest uit.
Geschikt voor de magnetron
| Vormen en accessoires Toelichting | |
| Vormen van hitte- en magnetronbestendig materiaal:■ Glas■ Glaskeramiek■ Porselein■ Temperatuurbestendi-ge kunststof■ Volledig geglaceerd keramiek zonder bar-sten | Deze materialen laten mi-crogolven door. Microgol-ven beschadigen hittebe-stendige vormen niet. |
| Bestek van metaal Opmerking: Om kookver-traging te voorkomen kunt u metalen bestek ge-bruiken, bijv. een lepel in een glas. | |
LET OP!
Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn.
Niet geschikt voor de magnetron
| Vormen en accessoires Toelichting | |
| Vormen van metaal Metaal | laat geen micro-golven door. De gerechten warmen nauwelijks op. |
| Servies met goud- of zilverdecor | Microgolven kunnen gouddecor en zilverdecor beschadigen.Tip:Wanneer door de fabrikant wordt gegarandeerd dat de vorm geschikt is voor de magnetron, kunt u de vorm gebruiken. |
6.3 Vormen testen op hun magnetronbestendigheid
Controleer m.b.v. een serviestest of vormen geschikt zijn voor de magnetron. Het apparaat mag alleen bij een serviestest met gebruik van de magnetronfunctie zonder gerechten worden gebruikt.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderde- len heet.
▶ De hete onderdelen nooit aanraken.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
1. De lege vorm in de binnenruimte plaatsen.
2. Het apparaat gedurende 12 - 1 minuut op het maximale magnetronvermogen instellen.
3. In werking stellen.
4. De vorm meerdere keren controleren:
- Wanneer de vorm koud of handwarm is, dan is deze geschikt voor de magnetron.
- Wanneer de vorm heet is of er vonken ontstaan, dan de serviestest afbreken. De vorm is dan niet geschikt voor de magnetron.
6.4 Magnetron instellen
LET OP!
Het gebruik van het apparaat zonder gerechten in de binnenruimte leidt tot overbelasting.
- Start nooit de magnetron zonder dat er zich etenswaar in de binnenruimte bevindt. Alleen een korte serviestest vormt hierop een uitzondering.

Tip: Om uw apparaat optimaal te gebruiken, kunt u zich aan de informatie in de insteladviezen oriënteren. → "Zo lukt het", Pagina 70
- De veiligheidsaanwijzingen in acht nemen. → Pagina 62
- De aanwijzingen voor het vermijden van materiële schade in acht nemen. → Pagina 64
- De aanwijzingen voor magnetronbestendige vormen en accessoires in acht nemen. → Pagina 66
- Met de vermogensknop het gewenste magnetronvermogen instellen.
- Met de tijdschakelaar de gewenste tijdsduur instellen.
Als de gewenste tijdsduur minder dan 2 minuten bedraagt, eerst op een langere en dan meteen weer op de gewenste tijdsduur zetten.
Opmerking: Als u tijdens de werking de deur van de binnenruimte opent, onderbreekt de magnetron de werking en het ingestelde tijdsverloop. Als u de deur van de binnenruimte sluit, wordt de werking hervat.
6.5 Tijdsduur wijzigen
U kunt de tijdsduur altijd wijzigen.
- Met de tijdschakelaar de gewenste tijdsduur instellen.
Als de gewenste tijdsduur minder dan 2 minuten bedraagt, eerst op een langere en dan meteen weer op de gewenste tijdsduur zetten.
6.6 Werking onderbreken
- Open de deur van het apparaat.
- Om de werking voort te zetten, de deur van het apparaat sluiten.
√ De ingestelde tijdsduur loopt verder.
6.7 Werking afbreken
▶ De tijdschakelaar op 0 zetten.
7 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
7.1 Reinigingsmiddelen
Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
LET OP!
Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.
- Gebruik geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen.
- Gebruik geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen.
- Gebruik geen harde schuursponsjes of afwassponsjes.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
- Glasreinigers, schrapers of onderhoudsmiddelen voor roestvrij staal alleen gebruiken wanneer deze in de gebruiksaanwijzing voor het betreffende onderdeel worden aanbevolen.
Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.
- Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
In de verschillende reinigingshandleidingen kunt u lezen welke reinigingsmiddelen geschikt zijn voor de verschillende oppervlakken en onderdelen.
7.2 Apparaat reinigen
Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zo- dat de verschillende onderdelen en oppervlakken niet door een verkeerde reiniging of ongeschikte reinigings- middelen beschadigd raken.

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.

Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de apparaatdeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
- De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 67
- De aanwijzingen voor de reiniging van de onderdelen en oppervlakken van het apparaat in acht nemen.
- Indien niet anders vermeld:
- De verschillende onderdelen van het apparaat reinigen met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje.
- Droog na met een zachte doek.
7.3 Binnenruimte reinigen
LET OP!
Ondeskundige reiniging kan de binnenruimte beschadigen.
- Gebruik geen ovenspray, geen schuurmiddelen of andere agressieve reinigingsproducten voor de oven.
- De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 67
- Met warm zeepsop of azijnwater reinigen.
- Gebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger. Ovenreiniger uitsluitend in een koude binnenruimte gebruiken.
Tip: Om onaangename geuren te verhelpen, een kopje water met een paar druppels citroensap gedurende 1 tot 2 minuten met maximaal magnetronvermogen verwarmen. Om kookvertraging te vermijden altijd een lepel er in plaatsen.
- De binnenruimte met een zachte doek afnemen.
- De binnenruimte met geopende deur laten drogen.
Draaischijf reinigen
- De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 67
- De draaischijf verwijderen.
- De draaischijf met warm zeepsop en een zacht schoonmaakdoekje reinigen.
- Met een zachte doek nadrogen.
- De draaischijf weer plaatsen. Erop letten dat de draaischijf juist vastklikt.
7.4 Voorzijde van het apparaat reinigen
LET OP!
Ondeskundige reiniging kan de voorzijde van het apparaat beschadigen.
- Geen glasreiniger, metalen of glazen schraper gebruiken voor het schoonmaken.
- Om corrosie op RVS-fronten te vermijden, kalkvlekken, vetvlekken, zetmeelvlekken en eiwitvlekken onmiddellijk verwijderen.
-
Bij RVS-oppervlakken speciale RVS-reinigingsmiddelen voor warme oppervlakken gebruiken.
-
De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 67
- De voorkant van het apparaat met heet zeepsop en een vaatdoek reinigen.
Opmerking: Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat ontstaan door gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
- Bij RVS-apparaatfronten het RVS-reinigingsmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek. Het RVS-reinigingsmiddel is verkrijgbaar bij de klan-tenservice of in de vakhandel.
- Met een zachte doek nadrogen.
7.5 Bedieningspaneel reinigen
LET OP!
Ondeskundige reiniging kan het bedieningspaneel beschadigen.
- Het bedieningspaneel nooit nat afnemen.
- De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 67
- Het bedieningspaneel met een microvezeldoek of een zachte, vochtige doek reinigen.
- Met een zachte doek nadrogen.
7.6 Ruiten van de deur schoonmaken
LET OP!
Ondeskundige reiniging kan de deurruiten beschadigen.
▶ Geen schraper gebruiken.
1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 67
2. Reinig de deurruiten met een vochtige vaatdoek een glasreiniger.
Opmerking: Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen, zijn lichtreflecties van de verlichting van de binnenruimte.
3. Met een zachte doek nadrogen.
7.7 humidClean
De reinigingsondersteuning is een snel alternatief voor de reiniging van de binnenruimte tussendoor. De reinigingsondersteuning weekt verontreinigingen door het verdampen van zeepsop in. Verontreinigingen kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd.
Reinigingsfunctie instellen
- Doe een paar druppels afwasmiddel in een kopje met water.
- Doe er ook een lepel in, om kookvertraging te voorkomen.
- Zet het kopje in het midden van de binnenruimte.
- Magnetronvermogen op 600 W instellen.
- Tijdsduur op 3 minuten instellen.
- Magnetron starten.
- Na het verstrijken van de tijdsduur de deur nog 3 minuten gesloten laten.
- De binnenruimte met een zachte doek afnemen.
- De binnenruimte met geopende deur laten drogen.
8 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
▶ Bel de servicedienst als het apparaat defect is. → "Servicedienst", Pagina 70
⚠ WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
8.1 Functiestoringen
Storing Oorzaak en probleemoplossing
| Apparaat werkt niet. Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. | |
| ► Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. | |
| De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden.► Controleer de zekering in de meterkast. | |
| Stroomvoorziening is uitgevallen.► Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. | |
| Storing1. Zekering in zekeringkast uitschakelen.2. Zekering na ca. 10 seconden weer inschakelen.√ Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.3. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door.→ "Servicedienst", Pagina 70 | |
| Deur is niet helemaal gesloten.► Controleer of er resten van een gerecht of vreemde voorwerpen tussen de deur klem zitten. | |
| Tijdschakelaar is niet ingesteld.► Stel de tijdschakelaar in. → Pagina 67 | |
| De gerechten worden langzamer warm dan voorheen. | Magnetronvermogen is te laag ingesteld.► Stel een hoger magnetronvermogen in. → Pagina 67 |
Storing Oorzaak en probleemoplossing
| De gerechten worden langzamer warm dan voorheen. | Er is een grotere hoeveelheid dan gebruikelijk in het apparaat gedaan.► Stel een langere tijdsduur in.Voor de dubbele hoeveelheid hebt u twee keer zoveel tijd nodig. |
| Gerechten zijn kouder dan gewoonlijk.► Keer de gerechten of roer de gerechten tussendoor om. | |
| Draaischijf krast of schuurt. | Vuil of vreemde voorwerpen bevinden zich in het bereik van de aandrijving van de draai-schijf.► Reinig de rolring en het verlaagde deel in de binnenruimte. |
| Magnetronfunctie breekt af. | Apparaat heeft een storing.► Als deze storing zich meerdere keren voordoet, neem dan contact op met de service-dienst. |
| Het toestel is niet in gebruik. Op het dis-play wordt een tijds-duur weergegeven. | Er is per ongeluk aan de draaiknop gedraaid.► Druk op stop |
9 Afvoeren
9.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- Het netsnoer doorknippen.
- Voer het apparaat milieuvriendelijk af. Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoer- methoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
10 Servicedienst
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website. Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig. De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.
10.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.

text_image
E-Nr: 0.00000000000000000000 FD: 0.0000000000000000000 Z-Nr: 0.0000000000000000000 CE Type: 125mm x 125mm x 125mmOm uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
11 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.
11.1 Zo kunt u het best te werk gaan
Hier vertellen we u hoe u als beste stap voor stap optimaal kunt profiteren van het insteladvies. U krijgt informatie over vele gerechten met informatie en tips, zoals hoe u het apparaat optimaal kunt gebruiken en instellen.
Opmerking:
■ De insteladviezen gelden altijd voor de koude en lege binnenruimte.
■ De opgegeven tijden in de overzichten zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.

WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
Levensmiddelen met een vaste schil of pel kunnen tijdens, maar ook nog na het opwarmen, exploderen.
- Nooit eieren in de eierschaal koken of hardgekookte eieren in de eierschaal opwarmen.
- Nooit schaal- en kreeftachtige dieren koken.
- Bij spiegeleieren of eieren in een glas dient u eerst de dooier door te prikken.
- Bij levensmiddelen met een vaste schil of pel, bijv. appels, tomaten, aardappelen en worstjes, kan de schil knappen. Prik voor het opwarmen gaatjes in de schil of vel.
Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.
- Neem vormen en accessoires altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
- Vóór het gebruik niet benodigde vormen uit de binnenruimte verwijderen.
- Kies een gewenst gerecht uit de insteladviezen.
- De gerechten in een geschikte vorm doen. → "Vormen en accessoires die geschikt zijn voor de magnetron", Pagina 66
-
De vorm op de draaischijf plaatsen.
-
Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies.
Eerst de kortste tijdsduur instellen. Indien nodig de tijdsduur verlengen. Als in de tabellen twee magnetronvermögens en tijdsduren zijn aangegeven, eerst het eerste magnetronvermögen en de eerste tijdsduur instellen en na het signaal het het tweede magnetronvermögen en de tweede tijdsduur.
Als u van de tabellen afwijkende hoeveelheden wilt bereiden, stel dan voor de dubbele hoeveelheid ongeveer de dubbele tijdsduur in. -
Gebruik pannenlappen wanneer u hete vormen uit de binnenruimte neemt.
11.2 Tips om te ontdooien en op te warmen
Neem deze tips in acht voor goede resultaten bij het ontdooien en opwarmen.
| Vraag Tip | |
| Het gerecht moet na het verstrijken van de tijdsduur ontdooid, heet of gaar zijn. | Stel een langere tijdsduur in. Bij grotere hoeveelheden en hogere gerechten is meer tijd nodig. |
Vraag Tip
| Het gerecht mag na het verstrijken van de tijdsduur aan de rand niet oververhit zijn en in moet in het midden gaar zijn. | ■ Het gerecht tussen-door omroeren.■ Een lager magnetron-vermogen en een langere tijdsduur instellen. |
| Gevogelte of vlees mag na het ontdooien niet alleen van buiten gebakken, maar in het midden nog bevroren zijn. | ■ Een lager magnetron-vermogen instellen.■ Het te ontdooien gerecht bij grote hoeveelheden meerdere malen keren. |
| Het gerecht mag niet te droog zijn. | ■ Een lager magnetron-vermogen instellen.■ Een kortere tijdsduur instellen.■ Gerecht afdekken.■ Meer vloeistof toevoegen. |
11.3 Ontdooien
Met uw apparaat kunt u diepvriesproducten ontdooien.
Gerechten ontdooien
- De bevoren levensmiddelen in een open vorm op de draaischijf plaatsen. Gevoelige delen kunt u met kleine stukken aluminiumfolie afdekken, bijv. kippenvleugels en -poten of vette randen van braadstukken. De folie mag de ovenwanden niet raken.
- In werking stellen. Halverwege het ontdooien kunt u de aluminiumfolie verwijderen.
- Opmerking: Als u vlees en gevogelte ontdooit, ontstaat vloeistof. De vloeistof tijdens het keren verwijderen en in geen geval verder gebruiken of met andere levensmiddelen in aanraking laten komen.
- De gerechten tussendoor één tot twee keer omroeren of keren. Grote stukken meerdere malen keren.
- Om ervoor te zorgen dat de temperatuur gelijkmatig wordt verdeeld, de ontdooide gerechten ca. 10 tot 20 minuten bij kamertemperatuur laten rusten. Bij gevogelte kunt u de ingewanden verwijderen. Het vlees kunt u ook met een kleine bevoren kern verder verwerken.
Ontdooien met de magnetron
Neem de insteladviezen voor het ontdooien van diepgevroren gerechten met de magnetron in acht.
| Gerecht Gewicht in g Magnetronvermogen | in W | Tijdsduur in min | |
| Vlees, heel, van rund, kalf of varken met en zonder been | 800 1. 180 | 2. 90 | 1. 152. 10 - 20 |
| Vlees, heel, van rund, kalf of varken met en zonder been | 1000 1. 180 | 2. 90 | 1. 202. 15 - 25 |
| Vlees, heel, van rund, kalf of varken met en zonder been | 1500 1. 180 | 2. 90 | 1. 302. 20 - 30 |
| Vlees in stukken of plakken van rund, kalf of varken | 200 1. 180 | 2. 90 | 1. 2^1 2. 4 - 6 |
| Vlees in stukken of plakken van rund, kalf of varken | 500 1. 180 | 2. 90 | 1. 5^1 2. 5 - 10 |
| Vlees in stukken of plakken van rund, kalf of varken | 800 1. 180 | 2. 90 | 1. 8^1 2. 10 - 15 |
| Gehakt, gemengd ^2,3 | 200 90 10 | 4 | |
| Gehakt, gemengd ^2,3 | 500 1. 180 | 2. 90 | 1. 5^4 2. 10 - 15 |
| Gehakt, gemengd ^2,3 | 800 1. 180 | 2. 90 | 1. 8^4 2. 10 - 20 |
| Gevogelte of stukken gevogete ^5 | 600 1. 180 | 2. 90 | 1. 82. 10 - 20 |
| Gevogelte of stukken gevogete ^5 | 1200 1. 180 | 2. 90 | 1. 152. 10 - 20 |
| Visfilet, viskotelet of plakken vis ^5 | 400 1. 180 | 2. 90 | 1. 52. 10 - 15 |
| Groente, bijv. erwten 300 180 10 - 15 | |||
| Fruit, bijv. frambozen ^5 | 300 180 7 - 10 | 6 | |
| Fruit, bijv. frambozen ^5 | 500 1. 180 | 2. 90 | 1. 8^6 2. 5 - 10 |
| Boter, ontdooien ^7 | 125 1. 180 | 2. 90 | 1. 12. 2 - 3 |
| Boter, ontdooien ^7 | 250 1. 180 | 2. 90 | 1. 12. 3 - 4 |
| Heel brood 500 1. 180 | 2. 90 | 1. 62. 5 - 10 | |
| Heel brood 1000 1. 180 | 2. 90 | 1. 122. 10 - 20 | |
| Gebak, droog, bijv. cake ^8,9 | 500 90 10 - 15 | ||
| Gebak, droog, bijv. cake ^8,9 | 750 1. 180 | 2. 90 | 1. 52. 10 - 15 |
| Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart ^8 | 500 1. 180 | 2. 90 | 1. 52. 15 - 20 |
| Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart ^8 | 750 1. 180 | 2. 90 | 1. 72. 15 - 20 |
1 Tijdens het keren de ontdooide delen van elkaar scheiden.
^2 Het voedsel vlak invriezen.
^3 Het reeds ontdooide vlees verwijderen.
^4 Het voedsel herhaaldelijk keren.
^5 De ontdooide delen van elkaar losmaken.
^6 Het voedsel tussendoor voorzichtig omroeren.
^7 De verpakking volledig verwijderen.
^8 Alleen gebak zonder glazuur, slagroom, gelatine of crème ontdooien.
^9 De stukken gebak van elkaar scheiden.
11.4 Opwarmen
Met uw apparaat kunt u gerechten opwarmen.
Gerechten opwarmen
⚠ WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.
- Neem vormen en accessoires altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder de kenmerkende bellen ontstaan. Al bij een kleine schok van het recipiënt is voorzichtigheid geboden. De hete vloeistof kan plots overkoken en wegspatten.
- Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen altijd een lepel in de vorm staat. Zo wordt kookvertraging voorkomen.

Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn.
- De kant-en-klargerechten uit de verpakking nemen en in een vorm doen die geschikt is voor de magnetron.
- De gerechten vlak in de vorm verdelen.
- De gerechten met een passend deksel, een bord of speciale folie voor de magnetron afdekken.
- In werking stellen.
- De gerechten tussendoor meerdere malen keren of omroeren. De snelheid waarmee de verschillende componenten van de gerechten warm worden kan verschillen.
- Controleer de temperatuur.
- Om ervoor te zorgen dat de temperatuur gelijkmatig wordt verdeeld, de opgewarmde gerechten 2-5 minuten bij kamertemperatuur laten rusten.
Opwarmen van diepgevroren gerechten met magnetron
Neem de insteladviezen voor het opwarmen van diepgevroren gerechten met de magnetron in acht.
| Gerecht Gewicht in g Magnetronvermogen | in W | Tijdsduur in min | |
| Menu, bordgerecht, kant-en-klaargerecht met 2-3 componenten | 300 - 400 600 8 - 11 | ||
| Soep 400 600 8 - 10 | |||
| Eenpansgerecht 500 600 10 - 13 | |||
| Plakken of stukken vlees in saus, bijv. gou-lash | 500 600 12 - 17 | 1 | |
| Ovenschotels, bijv. lasagne of cannelloni 450 | 600 10 - 15 | ||
| Bijgerechten, bijv. rijst, pasta2 | 250 600 2 - 5 | ||
| Bijgerechten, bijv. rijst, pasta2 | 500 600 8 - 10 | ||
| Groente, bijv. erwten, broccoli, wortels3 | 300 600 8 - 10 | ||
| Groente, bijv. erwten, broccoli, wortels3 | 600 600 14 - 17 | ||
| Spinazie a la crème4 | 450 600 11 - 16 | ||
| 1 Bij het doorroeren de stukken vlees van elkaar losmaken. | |||
| 2 Een beetje vloeistof bij het voedsel doen. | |||
| 3 Water toevoegen, zodat de bodem van de vorm wordt bedekt. | |||
| 4 Het voedsel bereiden zonder toevoeging van water. | |||
Opwarmen met de magnetron
Neem de insteladviezen voor het opwarmen met de magnetron in acht.
| Gerecht Hoeveelheid Magnetronvermogen | in W | Tijdsduur in min | |
| Dranken^1 | 200 ml 800 2 - 3 | 2,3 | |
| Dranken^1 | 500 ml 800 3 - 4 | 2,3 | |
| Babyvoeding, bijv. flesjes melk^4 | 50 ml 360 ca. 0,5 | 5,6 | |
| Babyvoeding, bijv. flesjes melk^4 | 100 ml 360 ca. 1 | 5,6 | |
| Babyvoeding, bijv. flesjes melk^4 | 200 ml 360 1,5 | 5,6 | |
| Soep 1 kop 200 g 600 2 - 3 | |||
| Soep 2 koppen 400 g 600 4 - 5 | |||
| Menu, bordgerecht, kant-en-klaargerecht met 2-3 componenten | 350 - 500 g 600 4 - 8 | ||
| Vlees in saus^7 | 500 g 600 8 - 11 | ||
| Eenpansgerecht 400 g 600 6 - 8 | |||
| Eenpansgerecht 800 g 600 8 - 11 | |||
| Groente, 1 portie^8 | 150 g 600 2 - 3 | ||
| Groente, 2 porties^8 | 300 g 600 3 - 5 | ||
| ^1 Doe een lepel in het glas. ^2 Alcoholische dranken niet verwarmen. ^3 Het voedsel tussendoor controleren. ^4 Babyvoedsel zonder speen of deksel verwarmen. ^5 Na het verwarmen het voedsel altijd goed schudden. ^6 Beslist de temperatuur controleren. ^7 De lapjes vlees van elkaar scheiden. ^8 Een beetje vloeistof bij het voedsel doen. | |||
11.5 Testgerechten
Deze overzichten werden voor testinstituten gemaakt, om het testen van het apparaat conform EN 60350-1:2013 resp. IEC 60350-1:2011 en volgens de norm EN 60705:2012, IEC 60705:2010 te vergemakkelijken.
Bereiden met magnetron
| Gerecht Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min Aanwijzing | |
| Kandeel, 750 g 1. 360 | 1. 12 - 17 | Pyrexvorm 20 x 25 cm op de draaischijf plaatsen. |
| 2. 90 | ||
| Biscuitgebak 600 8 - 10 Pyrexvorm ∅ 22 cm op de draai- | schijf plaatsen. | |
| Gehaktbrood 600 20 - 25 Pyrexvorm op de draaischijf | plaatsen. | |
Ontdooien met de magnetron
Insteladvies voor het ontdooien met de magnetron.
| Gerecht Magnetronvermogen | in W | Tijdsduur in min Aanwijzing | |
| Vlees | 1. 180 | 1. 5 - 7 | Pyrexvorm ∅ 22 cm op de draai-schijf plaatsen. |
| 2. 90 | 2. 10 - 15 | ||
12 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.


12.1 Veilige montage
Neem bij het monteren van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.
- De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een deskundige montage volgens de montagehandleiding. De installateur is verantwoordelijk voor een goede werking op de plaats van opstelling.
■ Het apparaat na het uitpakken controleren. Niet aansluiten in geval van transportschade.
■ Voor het eerste gebruik verpakkingsmateriaal en plakfolie verwijderen uit de binnenruimte en van de deur.
■ De transparante folie aan de binnenkant van de deur nooit verwijderen. - Bij de inbouw van accessoires dient u zich te houden aan de beschrijving in de montagebladen.
- Inbouwmeubels dienen bestand te zijn tegen een temperatuur tot maximaal 95°C, aangrenzende meubelfronten tot 70°C.
- Het apparaat niet inbouwen achter een decor- of meubeldeur. Er bestaat gevaar van oververhitting.
■ Voer uitsnijdingswerkzaamheden aan het meubel uit voordat het apparaat wordt geplaatst. Spanen verwijderen. Deze kunnen invloed hebben op de werking van elektrische componenten. - Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.

Onderdelen die tijdens de montage toeganke- lijk zijn, kunnen scherp zijn en tot snijletsels leiden.
▶ Veiligheidshandschoenen dragen.

Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
▶ Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters en netsnoeren gebruiken. - Wanneer het netsnoer te kort is en er geen langer netsnoer beschikbaar is, neem dan contact op met een elektrospeciaalzaak om de huisinstallatie aan te passen.
12.2 Elektrische aansluiting
Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten, dient u deze aanwijzingen in acht te nemen.

WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
▶ Alleen een elektricien mag rekening houdende met de desbetreffende voorschriften een stopcontact plaatsen of een aansluitkabel vervangen.
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften aangebracht, randgeaard stopcontact aansluiten.
- Wanneer de stekker na het inbouwen niet meer toegankelijk is, moet een schakelaar met een contactafstand van minstens 3 mm worden geïnstalleerd. De bescherming tegen aanraking dient door de inbouw te zijn gewaarborgd.
12.3 Inhoud van de verpakking
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.

Hier vindt u aanwijzingen voor de veilige inbouw.
LET OP!
Spanen kunnen de werking van elektrische componenten hinderen.
- De uitsnijdingswerkzaamheden aan het meubel uitvoeren voordat het apparaat wordt geplaatst.
▶ De spanen verwijderen.
■ De minimale inbouwhoogte bedraagt 850 mm.
■ De inbouwkast mag achter het apparaat geen achterwand hebben.
nl Montagehandleiding
■ De ventilatiesleuven en de aanzuigopeningen mo- gen niet afgedekt zijn.
- Inbouwmeubels moeten tot 90 °C hittebestendig zijn, aangrenzende meubelfronten tot 65 °C.
- Dit apparaat is niet geschikt voor de inbouw in een greeploos keukenmeubel met verticale greeplijst.
12.5 Inbouwafmetingen in de bovenkast
Neem de inbouwafmetingen en de veiligheidsafstanden in de bovenkast in acht.

text_image
600 560+8 16 min. 300 362+3 1612.6 Bovenkast voorbereiden
- De wanddikte van het meubel bepalen. ①
Aan de wanddikte is een x-waarde toegewezen. - Opmerking: De x-waarde komt overeen met de afstand van het onderste gat van de aansluitplaat tot aan de bodem van het inbouwmeubel.
De aansluitplaat aan de bovenkant vastschroeven. ②
Hierbij de vastgestelde x-waarde in acht nemen.

text_image
① 20-19 x=126 18,5- 17,5 x=133 17-16 x=140 ② x mm12.7 Inbouwafmetingen in hoge kast
Neem de inbouwafmetingen en de veiligheidsafstanden in de hoge kast in acht.

text_image
600 560+8 35 min. 550 380+2 3512.8 Hoge kast voorbereiden
- De wanddikte van het meubel bepalen. ①
Aan de wanddikte is een x-waarde toegewezen. - Opmerking: De x-waarde komt overeen met de afstand van het onderste gat van de aansluitplaat tot aan de bodem van het inbouwmeubel.
De aansluitplaat aan de hoge kast vastschroeven. ② Hierbij de vastgestelde x-waarde in acht nemen.

text_image
20-19 x=140 18,5- 17,5 x=147 17-16 x=154 ① ② x mm12.9 Apparaat voorbereiden
Als u uw apparaat in een hoge kast inbouwt, moet u het apparaat voorbereiden.
- De middelste schroef aan de bodem van de magnetron losdraaien.

- De afdekking aan de bodem van de magnetron verwijderen.

- De middelste schroef aan de bodem van de magnetron vastschroeven.

- De 2 buitenste schroeven aan de bodem van de magnetron losdraaien.

- Het inbouwframe aan de bodem van de magnetron met de beide buitenste schroeven bevestigen.

- De 4 pootjes aan de bodem van de magnetron bevestigen.

- De afstandshouders overeenkomstig de wanddikte aan het apparaat bevestigen.

text_image
20 19 18 17 16- Opmerking: De aansluitkabel niet inklemmen of knikken.

Het apparaat in de kast plaatsen en naar rechts schuiven.

nl Montagehandleiding
- Het apparaat zo lang vastschroeven tot het apparaat in het midden is uitgelijnd.

- De afstand tot de aanliggende apparaten controle- ren.

text_image
min. 3mmDe afstand tot de aanliggende apparaten moet min- stens 3 mm bedragen.
- Voor het eerste gebruik verpakkingsmateriaal en plakfolie uit de binnenruimte en van de deur verwijderen.
NL Geproduceerd door BSH Hausgeräte GmbH onder de handelsmerklicentie van Siemens AG
BSH Hausgeräte GmbH
Carl-Wery-Straße 34
81739 München, GERMANY