CE732GX.1 - Magnetron SIEMENS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CE732GX.1 SIEMENS in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over CE732GX.1 SIEMENS
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Magnetron in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CE732GX.1 - SIEMENS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CE732GX.1 van het merk SIEMENS.
GEBRUIKSAANWIJZING CE732GX.1 SIEMENS
1 Veiligheid 95
2 Materiële schade vermijden 98
3 Milieubescherming en besparing 99
4 Uw apparaat leren kennen 99
5 Accessoires .... 101
6 Voor het eerste gebruik 102
7 De Bediening in essentie 103
8 Magnetron 103
9 Magnetron-combi 105
10 Grill 105
11 Gerechten 106
12 Tijdfuncties 108
13 Kinderslot 109
14 Basisinstellingen 109
15 humidClean 111
16 Reiniging en onderhoud 111
17 Storingen verhelpen 113
18 Afvoeren 114
19 Servicedienst 114
20 Zo lukt het 114
21 MONTAGEHANDLEIDING 122
21.1 Veilige montage 122
Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
■ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
■ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
■ Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Dit apparaat is alleen bestemd voor inbouw.
Houd het speciale installatievoorschrift aan.
Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.
De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een deskundige montage volgens de montagehandleiding. De installateur is verantwoordelijk voor een goede werking op de plaats van op-stelling.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
■ om voedsel en dranken te bereiden.
■ onder toezicht. Houd kortstondige kookprocessen ononderbroken in het oog.
In het huishouden en soortgelijke toepassingen zoals bijvoorbeeld: in keukens voor medewerkers in winkels, kantoren en andere
commerciële omgevingen, in boerderijen; van klanten in hotels en andere verblijven, in bed and breakfasts.
■ tot een hoogte van 4000 m boven zeeniveau.
Dit apparaat voldoet aan de norm EN 55011 resp. CISPR 11. Het is een product van groep 2, klasse B. Groep 2 betekent dat er microgolven worden geproduceerd om levensmiddelen te verwarmen. Klasse B houdt in dat het apparaat geschikt is voor huishoudelijk gebruik.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.
1.4 Veiliger gebruik
Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte schuiven.
→ "Accessoires", Pagina 101
In de binnenruimte bewaarde brandbare voor- werpen kunnen vlam vatten.
- Bewaar nooit brandbare materialen in de binnenruimte.
- Wanneer er rook wordt geproduceerd moet het apparaat worden uitgeschakeld of de zekering worden uitgeschakeld en moet de deur gesloten worden gehouden om eventueel optredende vlammen te doven.
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op brandwon- den!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
Accessoires of vormen worden zeer heet.
- Neem hete accessoires en vormen altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
In de hete binnenruimte kunnen alcoholdampen vlam vatten. De apparaatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden.
- Gebruik slechts geringe hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage.
- Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol.) in onverdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgieten van gerechten) verhitten.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
▶ De hete onderdelen nooit aanraken.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Door water in de hete binnenruimte kan hete waterdamp ontstaan.
- Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de apparaatdeur omdat dit het oppervlak kan beschadi-gen.
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren. Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
▶ Draag veiligheidshandschoenen.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met hete apparaat-onderdelen of warmtebronnen in contact brengen.
- Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen.
- Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
-
Nooit een apparaat met gescheurd of gebroken oppervlak gebruiken.
-
Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de zekering in de meterkast uitschakelen.
▶ Neem contact op met de klantenservice. →Pagina 114
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
1.5 Magnetron
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN ZORGVULDIG LEZEN EN VOOR HET VERDE-RE GEBRUIK BEWAREN
Oneigenlijk gebruik van het apparaat is ge- vaarlijk en kan schade veroorzaken. Verwarm- de pantoffels, granen- pittenkussens kunnen bijvoorbeeld ook na uren nog vlam vatten.
- Droog nooit gerechten of kleding met het apparaat.
- Nooit pantoffels, pitten- of granenkussens, zwammen, vochtige poetslappen e.d. met het apparaat opwarmen.
- Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken.
Levensmiddelen en de verpakkingen ervan kunnen ontbranden.
- Nooit levensmiddelen opwarmen in verpakkingen die bestemd zijn om ze warm te houden.
- Levensmiddelen nooit zonder toezicht verwarmen in voorwerpen van kunststof, papier of ander brandbaar materiaal.
- Bij de magnetron nooit een te groot vermogen of te lange tijdsduur instellen. Houd u aan de opgaven in deze gebruiksaanwijzing.
- Nooit levensmiddelen drogen met de magnetron.
- Levensmiddelen die weinig water bevatten, zoals bijv. brood, nooit met een te hoog magnetronvermogen of gedurende een te lange tijd ontdooien of verwarmen.
- Nooit uitsluitend spijsolie opwarmen met de magnetron.
Vloeistof of andere voedingsmiddelen in dicht afgesloten vormen kunnen gemakkelijk exploderen.
- Nooit vloeistof of andere voedingsmiddelen verhitten in dicht afgesloten vormen.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op brandwon- den!
Levensmiddelen met een vaste schil of pel kunnen tijdens, maar ook nog na het opwarmen, exploderen.
- Nooit eieren in de eierschaal koken of hardgekookte eieren in de eierschaal opwarmen.
- Nooit schaal- en kreeftachtige dieren koken.
- Bij spiegeleieren of eieren in een glas dient u eerst de dooier door te prikken.
- Bij levensmiddelen met een vaste schil of pel, bijv. appels, tomaten, aardappelen en worstjes, kan de schil knappen. Prik voor het opwarmen gaatjes in de schil of vel.
De warmte wordt niet gelijkmatig verdeeld in de babyvoeding.
- Warm nooit babyvoeding op in gesloten verpakkingen.
- Verwijder altijd het deksel of de speen.
▶ Na het verwarmen goed roeren of schudden.
- Voordat de voeding aan het kind wordt gegeven dient de temperatuur te worden gecontroleerd.
Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.
- Neem vormen en accessoires altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
De verpakking van luchtdicht verpakte levensmiddelen kan knappen.
- Houd altijd de opgaven op de verpakking aan.
- Neem gerechten altijd met een pannenlap uit de binnenruimte.
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
- De hete onderdelen nooit aanraken.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder de kenmerkende bellen ontstaan. Al bij een kleine schok van het recipiënt is voorzichtigheid geboden.
De hete vloeistof kan plots overkoken en wegspatten.
- Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen altijd een lepel in de vorm staat. Zo wordt kookvertraging voorkomen.

Ongeschikte vormen kunnen barsten. Vormen van porselein en keramiek kunnen kleine gaatjes hebben in de handgrepen en deksels. Achter deze gaatjes bevindt zich een holle ruimte. Als er vocht in deze ruimte komt, kan dit barsten veroorzaken in de vormen.
- Alleen servies gebruiken dat geschikt is voor de magnetron.
Bij gebruik van de magnetronfunctie kunnen vormen van metaal of vormen met metalen coating leiden tot het ontstaan van vonken. Het apparaat wordt dan beschadigd.
- Gebruik nooit metalen vormen bij gebruik van uitsluitend de magnetron.
▶ Alleen vormen die geschikt zijn voor de magnetron in combinatie met een verwarmingsmethode gebruiken.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Het apparaat werkt met hoogspanning.
- Nooit de behuizing verwijderen.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op ernstig tot dodelijk letsel!
Gebrekkige reiniging kan het oppervlak van het apparaat vernietigen, de gebruiksduur verkorten en tot gevaarlijke situaties leiden, zoals bijvoorbeeld naar buiten komende magnetron-energie.
- Het apparaat regelmatig schoonmaken en resten van voedingsmiddelen direct verwijderen.
- Kookcompartiment, deurafdichting, deur en scharnier altijd schoon houden.
→ "Reiniging en onderhoud", Pagina 111
Het apparaat nooit gebruiken wanneer de deur van de binnenruimte of deurdichting beschadigd is. Er kan energie van de microgolven naar buiten komen.
- Het apparaat nooit gebruiken wanneer de deur van de binnenruimte, de deurafdichting of de kunststof omlijsting van de deur beschadigd is.
- Alleen door de servicedienst laten repareren. Bij apparaten waarvan de behuizing niet is afgedekt komt energie van microgolven vrij.
- De afdekking van de behuizing nooit verwijderen.
- Neem voor onderhouds- of reparatiewerkzaamheden contact op met de klantenservice.
2 Materiële schade vermijden
2.1 Algemeen
LET OP
Alcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ont- vlammen en tot een permanente beschadiging van het apparaat leiden. Door de explosieve verbranding kan de apparaatdeur openspringen en er eventueel afvallen. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinteren. Door de onderdruk die ontstaat kan de binnenruimte naar bin- nen sterk vervormen.
- Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol.) in onverdunde toestand (bijv. voor het opgieten of overgieten van gerechten) verhitten.
Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.
▶ Giet nooit water in de hete binnenruimte.
Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnenruimte ontstaat er corrosie.
- Veeg het condenswater na elk bereiding af. Laat na een bereiding met hoge temperaturen de binnenruimte uitsluitend met gesloten deur laten afkoelen.
- Bewaar geen vochtige levensmiddelen gedurende langere tijd in de gesloten binnenruimte.
- Bewaar geen gerechten in de binnenruimte.
- Klem niets tussen de apparaatdeur.
Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdens het gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubelfronten kunnen dan beschadigd raken.
- Zorg ervoor dat de afdichting altijd schoon is.
- Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken.
Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak om iets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur beschadigd raken.
- Niets op de apparaatdeur zetten, er aan hangen of laten steunen.
Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoires krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaatdeur wanneer deze gesloten wordt.
- Accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte leggen.
2.2 Magnetron
Volg deze aanwijzingen op wanneer u de magnetron gebruikt.
LET OP
Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn.
Aluminium schalen in het apparaat kunnen vonken veroorzaken. Door de vonken die ontstaan wordt het apparaat beschadigd.
- Gebruik geen vormen van aluminium in het apparaat.
Het gebruik van het apparaat zonder gerechten in de binnenruimte leidt tot overbelasting.
- Start nooit de magnetron zonder dat er zich etenswaar in de binnenruimte bevindt. Alleen een korte serviestest vormt hierop een uitzondering.

De meervoudige bereiding van magnetron-popcorn direct na elkaar met een te hoog magnetronvermogen kan leiden tot beschadiging van de binnenruimte.
- Laat tussen de bereidingen het apparaat meerdere minuten afkoelen.
- Stel nooit een te hoog magnetronvermogen in.
- Gebruik maximaal 600 Watt.
- Het popcornzakje altijd op een glazen bord leggen.
Ongeschikte vormen kunnen schade veroorzaken. - Bij het gebruik van de grill, of de gecombineerd magnetrongebruik alleen kookgerei gebruiken dat bestand is tegen hoge temperaturen.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
De apparaatdeur tijdens de bereiding zelden openen.
- De temperatuur in de binnenruimte blijft constant en het apparaat hoeft niet na te verwarmen.
Twee kopjes met vloeistof tegelijkertijd opwarmen.
- Het opwarmen van meerdere gerechten tegelijkertijd vraagt minder energie dan het verwarmen van meerdere gerechten na elkaar.
Het display in de basisinstellingen uitschakelen.
- Het apparaat bespaart energie in de spaarstand.
Opmerkingen
- Het display vermindert de helderheid in de spaarstand automatisch naar stand 1.
- Volgens de richtlijn 2023/826 eisen inzake ecologisch ontwerp is er bij dit apparaat in uitgeschakelde toestand sprake van een andere toestand. Deze wordt hierna als spaarstand aangeduid.
- Ook wanneer de hoofdfunctie niet actief is, heeft het apparaat energie nodig voor:
- Detectie van de bediening van de sensortoetsen
– Bewaking van de deuropening - Bewerking van de tijd (zonder display)
Per definitie is er dus noch sprake van een "Uit", nog van een "standby-stand", en daarom wordt de aanduiding spaarstand gebruikt. Voor de meting van de spaarstand moet de norm EN IEC 60350-1:2023 worden gebruikt.
4 Uw apparaat leren kennen
4.1 Bedieningspaneel
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op de afbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm.

flowchart
graph TD
A["1"] --> B["12:00"]
B --> C["2"]
style B fill:#ccc,stroke:#333
Note left of B <--> Note right of B
Note bottom of B --> D["○ 回 ← ▷/□ ♀ ≈"]
Touch-display
1 Het touchdisplay is zowel indicatie alsook bedie- ningselement.
→ "Touchdisplay", Pagina 100
Touchvelden
2 Met de tiptoetsen stelt u de verschillende functies direct in.
→ "Touchvelden", Pagina 100
4.2 Touchvelden
Touch-velden zijn aanraakgevoelige oppervlakken. Om een functie te kiezen het betreffende veld selecteren.
Tiptoets Functie
| Apparaat in- of uitschakelen.→ "De Bediening in essentie",Pagina 103 | |
| Directe toegang tot de magnetron→ "Magnetron", Pagina 103 | |
| ← | Een instelling teruggaan. |
Tiptoets Functie
| D/☐ | Werking starten of onderbreken.→ "De Bediening in essentie",Pagina 103 |
| Timer selecteren.→ "Timer instellen", Pagina 109 | |
| Kinderslot activeren of deactiveren. | |
| 〈 | In het touchdisplay naar links navigeren. |
| 〉 | In het touchdisplay naar rechts navigeren. |
4.3 Touchdisplay
In het touchdisplay ziet u de keuzemogelijkheden en de instellingen bij de actuele functie.
Om een van de punten uit te kiezen op het betreffende tekstveld tippen.
Instelbereik
Het instelbereik is in tegels weergegeven.
Het aantal tegels toont u de actuele selectiemogelijkheden en reeds uitgevoerde instellingen. Druk op de betreffende tegel om een functie te kiezen.
Informatie wordt tevens in tegels weergegeven.
Gebruik om meerdere tegels naar links of rechts te bladeren de nagivatieknoppen
Mogelijke symbolen in tegels
| Symbool Betekenis | |
| Bij veel inhoud in de tegel bladeren. | |
| - | Instelwaarde verlagen of verhogen. |
| + | |
| ⭕ | Instelwaarde resetten. |
| ✗ | Tegel sluiten. |
4.4 Verwarmingsmethoden en functies
Om altijd de passende verwarmingsmethode voor uw gerechten te kunnen bepalen, geven wij uitleg over de verschillen en toepassingen.
Naam Vermogen/standen Gebruik
| Magnetron 90/180/360/600/"boost" Voor het ontdooien, bereiden en verwarmen van gerechten en vloeistoffen.→ "Magnetron", Pagina 103 | ||
| Grill, groot Grillstanden:■ 1 = laag■ 2 = gemiddeld■ 3 = sterk | Platte producten, zoals worstjes of toast grillen. Gerechten gratineren.→ "Grill", Pagina 105 | |
| Grill, klein Kleine hoeveelheden grillen, zoals worstjes of toast. Kleine hoeveelheden gratineren.→ "Grill", Pagina 105 | ||
| Magnetron gecombineerde 90/180/360/600 W + grill-werking standen 1/2/3 | Ovenschotels en gegratineerde gerechten bakken. De ge-rechten worden bruin gebakken.→ "Magnetron-combi", Pagina 105 | |
| Gerechten Voor vele gerechten zijn er voorgeprogrammeerde instel-lingen. | ||
| Reiniging Reinigingsfunctie voor de binnenruimte kiezen. | → "humidClean", Pagina 111 | |
Naam Vermogen/standen Gebruik
Basisinstellingen Basisinstellingen aanpassen.
→ "Basisinstellingen", Pagina 109
4.5 Binnenruimte
Functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat.
Zelfreinigende oppervlakken
Het plafond in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelfreinigende oppervlakken zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak. Wanneer het apparaat in gebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken vetspetters van het bakken, braden of grillen op en breken ze af.
Verlichting van de binnenruimte
Wanneer u de apparaatdeur opent, gaat de verlichting van de binnenruimte aan. Wanneer de apparaatdeur langer dan ca. 15 minuten is geopend, dan schakelt de verlichting van de binnenruimte uit.
Bij de meeste verwarmingsmethoden en functies is de verlichting van de binnenruimte aan als het programma loopt. Wanneer het gebruik eindigt, gaat de verlichting van de binnenruimte uit.
Koelventilator
De koelventilator wordt zo nodig in- en uitgeschakeld. Warme lucht komt vrij via de ventilatiesleuven boven de apparaatdeur.
LET OP
Door het afdekken van de ventilatiesleuven raakt het apparaat oververhit.
▶ Dek de ventilatiesleuven niet af.
De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat de binnenruimte na gebruik sneller afkoelt. Wanneer het apparaat in de magnetronfunctie wordt gebruikt, blijft het apparaat koud, de koelventilator schakelt niettemin
in. De koelventilator kan blijven draaien, ook wanneer het gebruik van de magnetron reeds is beëindigd.
Inschuifhoogtes
De binnenruimte heeft 4 inschuifhoogtes.
De bodem van de binnenruimte op hoogte 0 is vooral voor het gebruik met magnetron geschikt. Alleen servies gebruiken dat geschikt is voor de magnetron.

text_image
0 1 2 3 44.6 Condenswater
Bij het bereiden kan in de binnenruimte en op de deur van het apparaat condensvorming optreden. Condens is normaal en heeft geen invloed op de werking van het apparaat. Veeg na het bereiden het condens af.
4.7 Apparaatdeur
U kunt de apparaatdeur altijd openen. Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking stopgezet. Wanneer de apparaatdeur weer is gesloten, kunt u het gebruik met ▷Hørvatten.
5 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd.
De meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat.
Accessoires Gebruik
Rooster Rooster voor maximaal magnetronvermo-


gen ongeschikt
■ Rooster om te grillen en te gratineren
■ Rooster als plaats om vormen op te zetten
5.1 Meer accessoires
Meer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of op het internet.
U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet:
Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.
Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klantenservice.
Accessoires Gebruik
Glazen braadslede Geschikt voor gebruik met magnetron en

magnetroncombifunctie
- Spatbescherming bij het grillen direct op het rooster
- Schuif bij grillen de glazen braadslede op inschuifhoogte 1 er in. Uitdruipend vet en braadsappen worden zo opgevangen.
5.2 Accessoires inschuiven
Het toebehoren kunt u ongeveer voor de helft zonder kantelen eruit trekken. Het rooster correct richten om in te schuiven.
- Het toebehoren op de gewenste inschuifhoogte in de binnenruimte uitlijnen.
Het rooster met de open kant naar de apparaatdeur en de welving a naar boven uitlijnen.
- Het toebehoren er volledig inschuiven, zodat het de apparaatdeur niet raakt.

text_image
a a6 Voor het eerste gebruik
Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.
6.1 Eerste gebruik
U moet instellingen voor de eerste ingebruikneming uitvoeren voordat u uw apparaat kunt gebruiken.
Taal instellen
- Op Odrukken.
- De gewenste taal kiezen.
- Druk op →
Tijd instellen
Vereiste: Op het display wordt 12:00 weergegeven. De uren knipperen.
- Met +en -de uren instellen.
- Op de minuten drukken.
- Met +en -de minuten instellen.
- Op → drukken.
Datum instellen
Vereiste: Het display toont een datum. De dag knippert.
- Met +en -de dag instellen.
- Druk op de maand.
- Met +en -de maand instellen.
-
Druk op het jaar.
-
Met +en -het jaar instellen.
- Druk op "Klaar".
- Er wordt aan aanwijzing weergegeven dat de eerste inbedrijfstelling is afgesloten.
6.2 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gebruikt
Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.
- Zorg ervoor dat er zich in de binnenruimte geen verpakkingsresten, toebehoren of andere voorwerpen bevinden.
- Reinig de gladde oppervlakken in de binnenruimte met een zachte, vochtige doek.
- Sluit de apparaatdeur.
- Zolang het apparaat opwarmt, de ruimte ventileren.
- Stel de grill in op stand 3.
- Stel de tijdsduur in op 15 minuten.
- Laat het apparaat afkoelen.
- Reinig wanneer de binnenruimte afgekoeld is, de gladde oppervlakken met zeepsop en een schoonmaakdoekje.
6.3 Accessoires reinigen
- Reinig de accessoires grondig met zeepsop en een zacht schoonmaakdoekje.
7 De Bediening in essentie
7.1 Apparaat inschakelen
▶ Op ⚙drukken.
- Het apparaat is klaar voor gebruik.
7.2 Apparaat uitschakelen
▶ Op ⚙drukken.
- Het apparaat breekt de lopende functies af.
- Het display geeft gedurende enkele minuten de tijd aan.
7.3 In werking stellen
▶ Op ▷drukken.
7.4 Werking onderbreken
- Open de apparaatdeur of druk op ▷/□
√ De werking wordt onderbroken. - Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het apparaat en druk op ▷/□
- De werking wordt voortgezet.
7.5 Werking afbreken
▶ Op ⚙drukken.
- Het apparaat breekt de lopende functies af.
8 Magnetron
Met de magnetron kunt u bijzonder snel gerechten bereiden, verwarmen of ontdooien.
8.1 Magnetronvermogen
Hier vindt u een overzicht van de magnetronvermögens en een aanbeveling voor het gebruik ervan.
Magnetronvermogen in watt Maximale duur in uur Gebruik
| 90 W 1:30 Gevoelige gerechten ontdooien. | |
| 180 W 1:30 Gerechten ontdooien en verder berei- den. | |
| 360 W 1:30 Vlees en vis bereiden of gevoelige ge- rechten opwarmen. | |
| 600 W 1:30 Gerechten verwarmen en bereiden. | |
| boost 0:30 Vloeistoffen verwarmen. |
Opmerkingen
- Ter bescherming van het apparaat wordt het maximale vermogen van de magnetron "boost" gedurende de eerste minuten trapsgewijs tot 600 W gereduceerd. Het maximale vermogen is na een afkoelperiode weer beschikbaar.
- De magnetronvermogens komen niet overeen met het daadwerkelijke opgenomen vermogen van het apparaat.
8.2 Vormen en accessoires die geschikt zijn voor de magnetron
Om uw gerechten gelijkmatig op te warmen en het apparaat niet te beschadigen, dient u geschikte vormen en accessoires te gebruiken.
Opmerking: Voordat u vormen voor de magnetron gebruikt dient u de informatie van de fabrikant in acht te nemen. Voer bij twijfel een serviestest uit.
→ "Vormen testen op hun magnetronbestendigheid", Pagina 104
Geschikt voor de magnetron
Vormen en accessoires Toelichting
| Vormen van hitte- en mag-netronbestendig materiaal:▪ Glas▪ Glaskeramiek▪ Porselein▪ Temperatuurbestendige kunststof▪ Volledig geglazuurd ke-ramiek zonder barsten | Deze materialen laten mi-crogolven door. Microgol-ven beschadigen hittebe-stendige vormen niet. |
| Bestek van metaal | Opmerking:Om kookver-traging te voorkomen kunt u metalen bestek gebruik-ken, bijv. een lepel in een glas. |
LET OP
Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm van de wanden van de bin-
nenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn.
Niet geschikt voor de magnetron
| Vormen en accessoires Toelichting | |
| Vormen van metaal Metaal | laat geen microgol-ven door. De gerechten warmen nauwelijks op. |
| Servies met goud- of zil-verdecor | Microgolven kunnen goud-decor en zilverdecor be-schadigen.Tip:Wanneer door de fabri-kant wordt gegarandeerd dat de vorm geschikt is voor de magnetron, kunt u de vorm gebruiken. |
8.3 Vormen testen op hun magnetronbestendigheid
Controleer m.b.v. een serviestest of vormen geschikt zijn voor de magnetron. Het apparaat mag alleen bij een serviestest met gebruik van de magnetronfunctie zonder gerechten worden gebruikt.
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
- De hete onderdelen nooit aanraken.
-
Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
-
De lege vorm in de binnenruimte plaatsen.
-
Het apparaat gedurende 12 - 1 minuut op het maximale magnetronvermogen instellen.
-
In werking stellen.
-
De vorm meerdere keren controleren:
- Wanneer de vorm koud of handwarm is, dan is deze geschikt voor de magnetron.
- Wanneer de vorm heet is of er vonken ontstaan, dan de serviestest afbreken. De vorm is dan niet geschikt voor de magnetron.
8.4 QuickStart
-
Druk op
-
Start de werking met ▷/□
- Het vooringestelde magnetronvermogen wordt gedurende 1 minuut gestart.
Opmerking: De voorinstelling van het magnetronvermögen kunt u wijzigen in de basisinstellingen.
→Pagina 109
8.5 Magnetron instellen
Opmerking
Zorg voor de juiste omgang met de magnetron:
■ De veiligheidsaanwijzingen in acht nemen.
→Pagina 97
- De aanwijzingen voor het vermijden van materiële schade in acht nemen. Pagina 99
- De aanwijzingen voor magnetronbestendige vormen en accessoires in acht nemen.
- Druk op ☐ of "Magnetron".
- Druk op "Magnetronvermogen".
- Selecteer het gewenste magnetronvermogen.
- Druk op "Overnemen".
- Druk op "Tijdsduur".
-
Stel de gewenste duur in. → "Tijdsduur instellen", Pagina 108 Met ∅kunt u de ingestelde duur resetten.
-
Druk op "Overnemen".
-
Stel de eindtijd in wanneer een eindtijd is gewenst. ► Druk op "Einde". ► Stel de gewenste tijd in. ► Druk op "Overnemen". Het apparaat gaat automatisch aan en op de van te voren gekozen eindtijd uit.
-
Start de werking met ▷/□
- Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal.
Tip: Om uw apparaat optimaal te gebruiken, kunt u zich aan de informatie in de insteladviezen oriënteren.
→ "Zo lukt het", Pagina 114
8.6 Magnetronvermogen wijzigen
U kunt het magnetronvermogen tijdens het gebruik wijzigen.
- Op het ingestelde magnetronvermogen drukken.
-
Het gewenste magnetronvermogen selecteren. Wanneer de ingestelde tijdsduur de maximale tijdsduur van het magnetronvermogen overschrijdt, dan reduceert het apparaat de tijdsduur automatisch.
-
Druk op "Overnemen".
8.7 Tijdsduur wijzigen
U kunt de duur tijdens het gebruik wijzigen.
- Op de ingestelde duur drukken.
- Stel de gewenste duur in.
- Druk op "Overnemen".
8.8 Gerechten nagaren
Na het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerecht nagaren.
- Druk op "Voeg extra kooktijd toe".
- Stel de gewenste duur in. → "Tijdsduur instellen", Pagina 108 Met ∅kunt u de ingestelde duur resetten.
- Druk op "Overnemen".
- Start de werking met ▷/□
8.9 Werking onderbreken
- Open de apparaatdeur of druk op ▷/□
√ De werking wordt onderbroken. - Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het apparaat en druk op ▷/□ √ De werking wordt voortgezet.
8.10 Werking afbreken
▶ Op ⚙drukken.
- Het apparaat breekt de lopende functies af.
9 Magnetron-combi
Om de gaarduur te verkorten of als u gerechten wilt opwarmen en tegelijk wilt laten bruinen, kunt u grill in combinatie met magnetron gebruiken.
U kunt kiezen uit de volgende magnetronvermögens:
■ 90 W
■ 180 W
■ 360 W
600 W
9.1 Magnetron bijschakelen instellen
Vereiste: Het apparaat is ingeschakeld.
- Druk op "Grill, groot" of "Grill, klein".
- Alleen bij "Grill, groot".
▶ Druk op "Stand".
▶ De gewenste grillstand kiezen.
▶ Druk op "Overnemen".
-
Druk op "Magnetron".
-
Selecteer het gewenste magnetronvermogen.
▶ Druk op "Overnemen".
√ Op het display verschijnt een vooringestelde tijdsduur.
4. Als de vooringestelde tijdsduur moet worden veranderd, op "Tijdsduur" drukken.
▶ Stel de gewenste tijdsduur in.
▶ Druk op "Overnemen".
- Als een eindtijd gewenst is, op "Einde" drukken.
▶ Stel de gewenste tijd in.
▶ Druk op "Overnemen".
- Het apparaat gaat automatisch aan en op de van te voren gekozen eindtijd uit.
- Start de werking met ▷/□
- Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal.
9.2 Grillstand wijzigen
U kunt de grillstand tijdens het gebruik wijzigen.
Vereiste: "Grill, groot" is ingesteld.
- Op de ingestelde grillstand drukken.
- De gewenste grillstand instellen.
- Druk op "Overnemen".
9.3 Magnetronvermogen wijzigen
U kunt het magnetronvermogen tijdens het gebruik wijzigen.
- Op het ingestelde magnetronvermogen drukken.
- Het gewenste magnetronvermogen selecteren. Wanneer de ingestelde tijdsduur de maximale tijdsduur van het magnetronvermogen overschrijdt, dan reduceert het apparaat de tijdsduur automatisch.
- Druk op "Overnemen".
9.4 Tijdsduur wijzigen
U kunt de duur tijdens het gebruik wijzigen.
- Op de ingestelde duur drukken.
- Stel de gewenste duur in.
- Druk op "Overnemen".
9.5 Gerechten nagaren
Na het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerecht nagaren.
- Druk op "Voeg extra kooktijd toe".
- Stel de gewenste duur in. → "Tijdsduur instellen", Pagina 108 Met Škunt u de ingestelde duur resetten.
- Druk op "Overnemen".
- Start de werking met ▷/□
9.6 Werking onderbreken
- Open de apparaatdeur of druk op ▷/□
√ De werking wordt onderbroken. - Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het apparaat en druk op ▷/□
- De werking wordt voortgezet.
9.7 Werking afbreken
▶ Op Ⓒdrukken.
- Het apparaat breekt de lopende functies af.
10 Grill
Met de grill kunt u uw gerechten roosteren of gratineren. U kunt de grill alleen of in combinatie met de magnetron gebruiken.
10.1 Grillfuncties
Al naar gelang de soort en hoeveelheid van de gerechten kunt u kiezen tussen twee verschillende grillfuncties:
Functie Gerechten
| Grill, groot Grote stukken vlees en toast grillen, ovenschotels gratineren. |
| Grill, klein Gerechten in kleinere hoeveelheden grillen.Opmerking: Het middelste oppervlak onder de grill wordt heet. |
10.2 Grillstanden
U kunt kiezen uit de volgende grillstanden.
Grill, groot
| Grillstand Gerechten | |
| 1 (laag) Hoge ovenschotels■ Soufflés | |
| 2 (gemiddeld) Platte ovenschotels■ Vis | |
| 3 (sterk) Worstjes■Toast |
Grill, klein
Grillstand Gerechten
1 (laag) Voor kleine hoeveelheden soufflés en hoge ovenschotels.
10.3 Veiligheidsuitschakeling
Voor uw beveiliging is het apparaat uitgerust met een veiligheidsuitschakeling. Het apparaat schakelt automatisch uit als het lang in gebruik is.
De tijdsduur tot de uitschakeling is afhankelijk van de instelling:
- Grill: 90 minuten
10.4 "Grill, groot" instellen
Vereiste: Het apparaat is ingeschakeld.
- Druk op "Grill, groot".
- Druk op "Stand".
- De gewenste grillstand kiezen.
- Druk op "Overnemen".
- Als een tijdsduur gewenst is, de tijdsduur instellen.
▶ Druk op "Tijdsduur".
- Stel de gewenste tijdsduur in.
▶ Druk op "Overnemen".
- Stel de eindtijd in wanneer een eindtijd is gewenst.
▶ Druk op "Einde".
▶ Stel de gewenste tijd in.
▶ Druk op "Overnemen".
Het apparaat gaat automatisch aan en op de van te voren gekozen eindtijd uit.
- Start de werking met ▷/□
- Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal.
10.5 "Grill, klein" instellen
Vereiste: Het apparaat is ingeschakeld.
- Druk op "Grill, klein".
- Als een tijdsduur gewenst is, de tijdsduur instellen.
▶ Druk op "Tijdsduur".
▶ Stel de gewenste tijdsduur in.
▶ Druk op "Overnemen".
- Stel de eindtijd in wanneer een eindtijd is gewenst.
▶ Druk op "Einde".
▶ Stel de gewenste tijd in.
▶ Druk op "Overnemen".
Het apparaat gaat automatisch aan en op de van te voren gekozen eindtijd uit.
- Start de werking met ▷/□
- Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal.
10.6 Grillstand wijzigen
U kunt de grillstand tijdens het gebruik wijzigen.
Vereiste: "Grill, groot" is ingesteld.
- Op de ingestelde grillstand drukken.
- De gewenste grillstand instellen.
- Druk op "Overnemen".
10.7 Tijdsduur wijzigen
U kunt de duur tijdens het gebruik wijzigen.
- Op de ingestelde duur drukken.
- Stel de gewenste duur in.
- Druk op "Overnemen".
10.8 Gerechten nagaren
Na het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerecht nagaren.
- Druk op "Voeg extra kooktijd toe".
- Stel de gewenste duur in.
→ "Tijdsduur instellen", Pagina 108
Met Ōkunt u de ingestelde duur resetten.
- Druk op "Overnemen".
- Start de werking met ▷/□
10.9 Werking onderbreken
- Open de apparaatdeur of druk op ▷/□
- De werking wordt onderbroken.
- Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het apparaat en druk op ▷/□
- De werking wordt voortgezet.
10.10 Werking afbreken
▶ Op ⚙drukken.
- Het apparaat breekt de lopende functies af.
11 Gerechten
Met de functie "Gerechten" helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.
11.1 Automatisch uitschakelen
U kunt ontspannen koken dankzij de automatische uitschakelfunctie.
Om een optimaal resultaat te verkrijgen, verwijdert u het gerecht na het einde van het programma.
11.2 Aanwijzingen bij de instellingen voor gerechten
Om een optimaal bereidingsresultaat te behalen volgt u deze aanwijzingen op:
- Gebruik alleen levensmiddelen van onberispelijke kwaliteit.
- De levensmiddelen uit de verpakking nemen en afwegen. Wanneer u het exacte gewicht op het apparaat niet kunt instellen, dan rondt u het gewicht naar boven af.
- Gebruik uitsluitend voor magnetron geschikte vormen, bijv. van glas of keramiek.
- Zet de levensmiddelen in de onverwarmde binnenruimte.
Ontdooien
- De levensmiddelen vlak en verdeeld in porties bij -18°C invriezen en bewaren.
-
Leg de diepvriesproducten op een vlakke vorm, bijvoorbeeld een glazen of porseleinen bord.
-
Het kan zijn dat levensmiddelen na beëindigen van het programma nog niet volledig zijn ontdooid. De levensmiddelen kunnen echter goed verder worden verwerkt.
- Laat de ontdooide voedingsproducten nog 10 tot 30 minuten in het uitgeschakelde apparaat rusten, zo- dat de temperatuur gelijkmatig verdeeld wordt.
- Bij het ontdooien van vlees of gevogelte ontstaat vloeistof. Verwijder bij het keren de vloeistof. De vloeistof verder niet gebruiken of met andere levensmiddelen in contact laten komen.
■ Gehakt dat al ontdooid is na het keren verwijderen. - Gevogelte in zijn geheel eerst met de borstzijde en stukken gevogelte eerst met de kant van het vel op de vorm leggen.
Groente
■ Verse groente: in stukken van gelijke grootte snijden. Voeg per 100 g één eetlepel water toe.
- Diepvriesgroente: alleen geblancheerde, niet voorgekookte groente is geschikt. Diepvriesgroente met roomsaus is niet geschikt. 1 tot 3 eetlepels water toevoegen. Bij spinazie en rode kool geen water toevoegen.
Aardappelen
- Aardappels om te koken: snijd deze in stukken van gelijke grootte. Voeg per 100 g twee eetlepels water en een beetje zout toe.
- Aardappels in de schil: gebruik aardappels van gelijke grootte. Wassen en meerdere gaatjes in de schil prikken. Aardappelen nog vochtig in een vorm zonder water doen.
- Aardappels in de oven: aardappels van gelijke grootte gebruiken. Wassen, drogen en meerdere gaatjes in de schil prikken.
Rijst
- Gebruik geen zilvervliesrijs of rijst in kookzakjes.
- Twee tot twee en een half keer de hoeveelheid water bij de rijst doen.
Gevogelte
- Gebruik alleen kipdelen die op koelkasttemperatuur zijn.
- Hier en daar een vork gaatjes in het vel prikken.
Lasagne
- Het meest geschikt is diepvrieslasagne tot een hoogte van ca. 3 cm.
- Lasagne uit de verpakking nemen en in een vorm doen die geschikt is voor de magnetron.
11.3 Programma instellen
Vereiste: Het apparaat is ingeschakeld.
- Druk op "Gerechten".
- Een programma selecteren.
- Druk op "Gewicht".
- Met +en -het gewicht instellen
- Druk op "Overnemen".
- Stel de eindtijd in wanneer een eindtijd is gewenst.
▶ Druk op "Einde".
▶ Stel de gewenste tijd in.
▶ Druk op "Overnemen".
Het apparaat gaat automatisch aan en op de van te voren gekozen eindtijd uit.
- De gerechten in de binnenruimte plaatsen.
- Sluit de deur van het apparaat.
- Op ▷drukken.
- Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal.
Opmerking: Bij vele programma's verschijnen tijdens de bereiding aanwijzingen op het display. Volg deze aanwijzingen op.
Gerechten nagaren
Na het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerecht nagaren.
- Druk op "Voeg extra kooktijd toe".
- Stel de gewenste duur in.
→ "Tijdsduur instellen", Pagina 108
Met Škunt u de ingestelde duur resetten.
- Druk op "Overnemen".
- Start de werking met ▷/□
Werking onderbreken
- Open de apparaatdeur of druk op ▷/□
√ De werking wordt onderbroken. - Sluit om het bedrijf te hervatten de deur van het apparaat en druk op ▷/□
- De werking wordt voortgezet.
Werking afbreken
▶ Op ⚙drukken.
- Het apparaat breekt de lopende functies af.
11.4 Overzicht van de gerechten
| Gerecht Geschikte levensmiddelen Gewichtsbereik | Vormen/Toebehorenin kg | |
| Brood ontdooien1 | Brood, heel, rond of langwerpig, brood in sneetjes, cake, gistgebak, vruchtengebak, taart zonder glazuur, slagroom of gelatine | 0,20-1,5 Vlakke open vorm |
| Vlees ontdooien1 | Braadstukken, platte stukken vlees, kip, gehakt | 0,20-2 Vlakke open vorm |
| Vis ontdooien1 | Hele vis, visfilet, viskotelet 0,10-1 Vlakke open vorm | |
| Groente, vers1 | Bijv. bloemkool, broccoli, wortelen, koolrabi, prei, paprika, courgette | 0,15-1 Gesloten vorm |
| Groente, diepvries1 | Bijv. bloemkool, broccoli, wortelen, koolrabi, rode kool, spinazie | 0,15-1 Gesloten vorm |
| Rijst1 | Rijst met lange korrel 0,05-0,3 Hoge, gesloten vorm | |
| Gekookte aardappelen1 | Aardappels met of zonder schil, aardappel-partjes even groot | 0,20-1 Gesloten vorm |
| Aardappelen in de oven2 | Aardappels met schil, à 200-250 g 0,20-1,5 Plaats de vorm op het rooster. | |
| Lasagne, diepvries Lasagne of soortgelijke diepvries-ovenschotel 0,30-1 Open vorm | ||
| Stukken kip, vers Bovenste deel kippenpoot, onderste deel kippenpoot, kippenpoten | 0,50-1,5 Plaats de vorm op het rooster. | |
12 Tijdfuncties
Het apparaat beschikt over tijdfuncties waarmee u de tijdsduur, het einde van het programma en de wekker kunt instellen.
| Tijdfuncties Gebruik |
| Tijdsduur HWanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen. |
| Einde →Voor de tijdsduur kunt u een tijd in-stellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zo-dat de werking op het gewenste tijd-stip klaar is. |
| Timer Ⓐde timer kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Deze beïn-vloedt het apparaat niet. |
12.1 Tijdsduur instellen
De tijdsduur voor de werking met "boost" kunt u instellen tot 30 minuten. De duur voor alle andere standen kunt u tot 90 minuten instellen.
Vereiste: Een functie en een stand zijn ingesteld.
- Druk op "Tijdsduur".
- Stel met +en -de seconden in of selecteer een vooringestelde waarde op het display.
- Druk om minuten om de minuten in te stellen.
- Stel met ten de minuten in of selecteer een vooringestelde waarde op het display.
- Start de werking met ▷/□
Gerechten nagaren
Na het verstrijken van de tijdsduur kunt u een gerecht nagaren.
-
Druk op "Voeg extra kooktijd toe".
-
Stel de gewenste duur in. → "Tijdsduur instellen", Pagina 108
Met Ōkunt u de ingestelde duur resetten.
- Druk op "Overnemen".
- Start de werking met ▷/□
Tijdsduur wijzigen
U kunt de tijdsduur altijd wijzigen.
- Druk op de tijdsduur.
- Stel met ten de seconden in of selecteer een vooringestelde waarde op het display.
- Druk op de minuten om de minuten in te stellen.
- Stel met ten de minuten in of selecteer een vooringestelde waarde op het display.
- Druk op "Overnemen".
Tijdsduur afbreken
U kunt de tijdsduur te allen tijde afbreken.
- Druk op de tijdsduur.
- Reset de tijdsduur met ☐ Bij functies waarbij een tijdsduur nodig is, reset het apparaat de tijdsduur naar de vooringestelde waarde.
- Druk op "Overnemen".
12.2 Eindtijd instellen
Het tijdstip waarop de tijdsduur van de werking moet zijn afgerond, kunt u tot maximaal 24 uur verschuiven.
Opmerkingen
- Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wijzigt u het einde niet meer als de werking eenmaal is ge-start.
- Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven, dient u ze niet te lang in de binnenruimte te laten staan.
Vereisten
- Een functie en een stand zijn ingesteld.
■ Er is een tijdsduur ingesteld. - Druk op "Einde".
- De tijd met -of -aanpassen. Reset indien nodig de instelwaarde met
3. Druk op ▷/□
- Het display toont de starttijd. Het apparaat bevindt zich in de wachtstand.
- Als de starttijd is bereikt, begint de werking en de tijdsduur loopt af.
- Wanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de werking is beëindigd.
- Voer wanneer de tijdsduur is verstreken één van de volgende acties uit:
- Indien nodig kunt u verdere instellingen invoeren en de werking opnieuw starten.
- Schakel het apparaat uit met Ⓤwanneer het gerecht klaar is.
Eindtijd veranderen
Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, kunt u de ingestelde tijd alleen wijzigen voordat de werking ge- start is en de tijdsduur afloopt.
- Druk op de eindtijd.
- Wijzig de tijd met +of -
- Druk op "Overnemen".
Eindtijd afbreken
U kunt de ingestelde tijd altijd wissen.
- Druk op de eindtijd.
- Reset de tijd met ⚙
- Druk op "Overnemen".
12.3 Timer instellen
U kunt een timertijd vastleggen, waarbij er na afloop een signaal klinkt. U kunt een timertijd van maximaal 24 uur instellen. De functie werkt onafhankelijk van de werking en andere tijdfuncties. Het timersignaal onderscheidt zich van andere signalen.
- Druk op ♀
√ De minuten knipperen. - Stel de minuten in met ten.
- Druk om de uren in te stellen op uren.
- Stel de uren in met ten .-
- Druk op de seconden om de seconden in te stellen.
- Stel de seconden in met +en .-
- Druk op "Start".
√ De timer start. - Bij sommige display-indicaties loopt de timer op de achtergrond verder. Druk op 4 om de timer weer te geven.
Timer beëindigen
Vereiste: Er klinkt een signaal.
- Op een willekeurig veld drukken.
- De timer is uitgeschakeld.
Timer wijzigen
- Druk op ♀
- Druk op "Stop".
√ De minuten knipperen. - Stel de minuten in met ten .-
- Druk om de uren in te stellen op uren.
- Stel de uren in met ten.
- Druk op de seconden om de seconden in te stellen.
- Stel de seconden in met ten.
- Druk op "Start".
Timer annuleren
- Als de timer op de achtergrond loopt, voordien de timer met ♀selecteren.
- Druk op
13 Kinderslot
Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen.
13.1 Kinderslot activeren
- Toets -ca. 4 seconden ingedrukt houden.
- De bedieningselementen zijn geblokkeerd.
- Wanneer een timertijd is ingesteld, dan loopt deze door. Zolang het kinderslot actief is, kunt u de timer-
tijd niet wijzigen. Om geluidssignalen, bijv. na het ver- strijken van de timertijd, te beëindigen op een wille- keurige toets drukken.
13.2 Kinderslot deactiveren
- Toets ca. 4 seconden ingedrukt houden.
- De bedieningselementen zijn gedeblokkeerd.
14 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
14.1 Overzicht van de basisinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksin- stellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.
Opmerkingen
- Wijzigingen van de instellingen van de taal, de sen-sortoetstoon en de display-helderheid hebben direct
effect. Alle andere instellingen zijn pas actief wanneer u de instellingen opslaat.
- Uw wijzigingen van de basisinstellingen blijven ook na een stroomstoring bewaard.
Basisinstellingen Keuze
| Taal Zie de selectie op het ap-paraat |
Tijd "Tijd" in het 24 uursformaat
| Datum "Datum" in het formaat |
| DD.MM.JJJJ |
| Display Keuze | |
| Helderheid Standen 1 t/m 8■1 | |
| "Tijd", spaarstand - display Aan (deze instelling verhoogt het energieverbruik)■tijdslimiet1■Uit | |
| "Tijd", weergave Digitaal + datum■Digitaal■Analoog | |
| Afstelling Display horizontaal-venverticaal stellen. | |
| Aardewerk Keuze | |
| Toetssignaal Aan■1■Uit | |
| Geluidssignaal Zeer kort■Korte duur■Gemiddelde duur1■Lange duur | |
| Instellingen van het apparaat | Keuze |
| Verlichting Aan■1■Uit | |
| Magnetronvermogen voor-inst.■90 W■180 W■360 W■600 W■boost | |
| Personalisering Keuze | |
| Merklogo Indicaties■1■Niet weergeven | |
| Werking na inschakelen Hoofdmenu■1■Magnetron■Gerechten■Grill | |
| Verstreken bereidingstijd Indicaties■1■Niet weergeven | |
| Kinderslot Beschikbaar■■Gedeactiveerd | |
| Fabrieksinstellingen Keuze | |
| Fabrieksinstellingen Terugzeiten■Afbreken | |
| Apparaat informatie■"Apparaat informatie"weergeven | |
14.2 Basisinstellingen wijzigen
Vereiste: Het apparaat is ingeschakeld.
- Druk op "Basisinstellingen".
- Druk op de gewenste basisinstelling.
- Wijzig de gewenste instellingen op het display.
- Keer met ← terug naar het overzicht of het hoofdme- nu.
14.3 Tijd wijzigen
U kunt de tijd wijzigen in de basisinstellingen.
Vereiste: Het apparaat is ingeschakeld.
- Druk op "Basisinstellingen".
- Druk op de basisinstelling "Tijd".
- Het display toont de ingestelde waarde. De uren knipperen.
- Stel de uren in met + en -.
- Druk op de minuten.
- Stel de minuten in met + en -.
- Druk op "Overnemen".
- Keer met ← terug naar het overzicht of het hoofdmenu.
15 humidClean
De reinigingsondersteuning is een snel alternatief voor de reiniging van de binnenruimte tussendoor. De reinigingsondersteuning weekt verontreinigingen door het verdampen van zeepsop in. Verontreinigingen kunnen vervolgens gemakkelijker worden verwijderd.
LET OP
Het apparaat kan beschadigd raken door een ondeskundige reiniging.
- Nooit vloeistof in het kookcompartiment gieten.
15.1 Reinigingsondersteuning instellen
Vereiste: Het apparaat is ingeschakeld.
- Druk op "humidClean".
- Volg de aanwijzingen op het display.
- Druk op "Overnemen".
- Druk op ▷/□
- Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal.
- Volg de aanwijzingen op het display.
16 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
16.1 Reinigingsmiddelen
Gebruik alleen geschikte reinigingsmiddelen.

WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.
- Gebruik geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen.
- Gebruik geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen.
- Gebruik geen harde schuursponsjes of afwassponsjes.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
- Glasreinigers, schrapers of onderhoudsmiddelen voor roestvrij staal alleen gebruiken wanneer deze in de gebruiksaanwijzing voor het betreffende onderdeel worden aanbevolen.
Het zout dat in nieuwe absorberende vaatdoekjes zit kan oppervlakken beschadigen.
- Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
In de verschillende reinigingshandleidingen kunt u lezen welke reinigingsmiddelen geschikt zijn voor de verschillende oppervlakken en onderdelen.
16.2 Apparaat reinigen
Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zodat de verschillende onderdelen en oppervlakken niet door een verkeerde reiniging of ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigd raken.

WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmings-elementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.

Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de apparaatdeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
- De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.
- De aanwijzingen voor de reiniging van de onderdelen en oppervlakken van het apparaat in acht nemen.
-
Indien niet anders vermeld:
-
De verschillende onderdelen van het apparaat reinigen met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje.
- Droog na met een zachte doek.
16.3 Binnenruimte reinigen
LET OP
Ondeskundige reiniging kan de binnenruimte beschadigen.
- Gebruik geen ovenspray, geen schuurmiddelen of andere agressieve reinigingsproducten voor de oven.
- De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.
- Met warm zeepsop of azijnwater reinigen.
- Bij sterke verontreiniging voor roestvrijstalen oppervlakken geschikte ovenreiniger gebruiken.
Ovenreiniger uitsluitend in een koude binnenruimte gebruiken.
Tip: Om onaangename geuren te verhelpen, een kopje water met een paar druppels citroensap gedurende 1 tot 2 minuten met maximaal magnetronvermogen verwarmen. Om kookvertraging te vermijden altijd een lepel er in plaatsen.
- De binnenruimte met een zachte doek afnemen.
- De binnenruimte met geopende deur laten drogen.
16.4 Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte regenereren
Het plafond in de binnenruimte is zelfreinigend. De zelfreinigende oppervlakken zijn voorzien van een laagje poreus, mat keramiek en hebben een ruw oppervlak. Als de grillfunctie in gebruik is, nemen de zelfreinigende oppervlakken vetspetters van het braden of grillen op en breken ze vetrestanten af. Als u hoofdzakelijk de magnetronfunctie gebruikt, start u regelmatig de grillfunctie om de bovenkant te reinigen.
LET OP
Ovenspray op de zelfreinigende oppervlakken beschadigt de oppervlakken.
- Geen ovenspray op de zelfreinigende oppervlakken gebruiken. Wanneer er toch ovenspray op deze oppervlakken terechtkomt, direct afnemen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven en geen schurende reini-gingshulp gebruiken.
Vereisten
■ De binnenruimte is leeg.
■ Het apparaat is ingeschakeld.
1. Druk op "Grill, groot".
2. Druk op "Stand".
3. De hoogste grillstand kiezen.
4. Druk op "Overnemen".
5. Druk op "Tijdsduur".
6. Stel de gewenste tijdsduur in.
De voor de reiniging benodigde tijdsduur is afhankelijk van de hoeveelheid vetresten. Start met een tijdsduur van 20 minuten.
-
Druk op "Overnemen".
-
Start de werking met ▷/□ Ventileer de ruimte zolang het apparaat opwarmt.
√ Tijdens het gebruik is rookontwikkeling mogelijk. Dit is normaal en vermindert.
- Na het einde van de tijdsduur klinkt een signaal.
- Als aan het einde van de tijdsduur nog rookontwikkeling zichtbaar is, verlengt u de tijdsduur.
16.5 Accessoires reinigen
- De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.
- Ingebrande etensresten met een vochtige vaatdoek en heet zeepsop losweken.
- De accessoires met heet zeepsop en een vaatdoek of een afwasborstel reinigen.
- De roest met RVS-reiniger of in de vaatwasser reinigen.
Gebruik bij sterke verontreiniging een RVS-spiraal- spons of ovenreiniger. - Met een zachte doek nadrogen.
16.6 Ruiten van de deur schoonmaken
LET OP
Ondeskundige reiniging kan de deurruiten beschadigen.
- Geen schraper gebruiken.
- De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.
- Reinig de deurruiten met een vochtige vaatdoek een glasreiniger.
Opmerking: Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen, zijn lichtreflecties van de verlichting van de binnenruimte. - Met een zachte doek nadrogen.
16.7 Deurafdichting reinigen
LET OP
Ondeskundige reiniging kan de deurafdichting beschadigen.
- Gebruik geen metalen schraper of schraper voor vitrokeramische kookplaat voor het reinigen.
-
Geen schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
-
De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.
- Reinig de deurafdichting met heet zeepsop en een zachte vaatdoek.
- Met een zachte doek nadrogen.
16.8 Voorzijde van het apparaat reinigen
LET OP
Ondeskundige reiniging kan de voorzijde van het apparaat beschadigen.
- Geen glasreiniger, metalen of glazen schraper gebruiken voor het schoonmaken.
- Om corrosie op RVS-fronten te vermijden, kalkvlekken, vetvlekken, zetmeelvlekken en eiwitvlekken onmiddellijk verwijderen.
-
Bij RVS-oppervlakken speciale RVS-reinigingsmiddelen voor warme oppervlakken gebruiken.
-
De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.
-
De voorkant van het apparaat met heet zeepsop en een vaatdoek reinigen.
Opmerking: Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat ontstaan door gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
-
Bij RVS-apparaatfronten het RVS-reinigingsmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek. Het RVS-reinigingsmiddel is verkrijgbaar bij de klantenservice of in de vakhandel.
-
Met een zachte doek nadrogen.
16.9 Bedieningspaneel reinigen
LET OP
Ondeskundige reiniging kan het bedieningspaneel beschadigen.
- Het bedieningspaneel nooit nat afnemen.
- De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen.
- Het bedieningspaneel met een microvezeldoek of een zachte, vochtige doek reinigen.
- Met een zachte doek nadrogen.
17 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
→ "Servicedienst", Pagina 114
⚠ WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
17.1 Functiestoringen
Storing Oorzaak en probleemoplossing
| Apparaat werkt niet. Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. | |
| ► Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. | |
| De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden.► Controleer de zekering in de meterkast. | |
| Stroomvoorziening is uitgevallen.► Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. | |
| Storing1. Zekering in zekeringkast uitschakelen.2. Zekering na ca. 10 seconden weer inschakelen.✓ Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.3. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door.→ "Servicedienst", Pagina 114 | |
| De magnetron werkt niet. Deur is niet helemaal gesloten. | |
| ► Controleer of er resten van een gerecht of vreemde voorwerpen tussen de deur klem zitten. | |
| De gerechten warmen niet op. De demonstratiemodus is geactiveerd in de basisinstellingen. | |
| 1. Haal de stroom van het apparaat door de zekering in de meterkast kort uit te schakelen.2. Deactiveer de demo-modus binnen 5 minuten in de basisinstellingen.→Pagina 109 | |
| Verlichting van de binnenruimte werkt niet. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk.► Neem contact op met de .→ "Servicedienst", Pagina 114 |
| Magnetronfunctie breekt af. Storing | |
| 1. Het apparaat resetten.► Ofwel de toets Ⓞminstens 10 seconden ingedrukt houden.► Of de zekering in de meterkast uitschakelen. De zekering na ca. 10 seconden weer inschakelen.✓ Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.2. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door.→ "Servicedienst", Pagina 114 | |
| De gerechten worden langzamer warm dan voorheen. | Magnetronvermogen is te laag ingesteld.► Stel een hoger magnetronvermogen in. |
| Er is een grotere hoeveelheid dan gebruikelijk in het apparaat gedaan.► Stel een langere tijdsduur in.Voor de dubbele hoeveelheid hebt u twee keer zoveel tijd nodig. | |
Storing Oorzaak en probleemoplossing
| De gerechten worden langzamer warm dan voorheen. | Gerechten zijn kouder dan gewoonlijk.► Keer de gerechten of roer de gerechten tussendoor om. |
| De tijd verschijnt niet wanneer het apparaat is uitgeschakeld | Het display schakelt na enkele seconden uit.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
17.2 Aanwijzingen op het display
Storing Oorzaak en probleemoplossing
| Melding met "D" of "E" verschijnt op het display. | Storing1. Het apparaat resetten.► Ofwel de toets Ⓞminstens 10 seconden ingedrukt houden.► Of de zekering in de meterkast uitschakelen. De zekering na ca. 10 secon- den weer inschakelen.✓ Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.2. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door.→ "Servicedienst", Pagina 114 |
18 Afvoeren
18.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- Voer het apparaat milieuvriendelijk af. Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
19 Servicedienst
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QR-code op het meegeleverde document over de service-contacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.
Dit product bevat lichtbronnen van de energieklasse D. De lichtbronnen zijn leverbaar als reserveonderdeel en mogen uitsluitend door een hiervoor getrainde monteur worden vervangen.
De informatie conform verordening (EU) 2023/826 vindt u online op siemens-home.bsh-group.com op de pro-
ductpagina en de servicepagina van uw apparaat bij de gebruiksaanwijzingen en aanvullende documenten.
19.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.

Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoon-nummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
20 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vor-
men. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat af-gestemd.
20.1 Zo kunt u het best te werk gaan
Tip
Aanwijzingen voor de bereiding
- De insteladviezen gelden altijd voor de koude en lege binnenruimte.
- De opgegeven tijden in de overzichten zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.

WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
Levensmiddelen met een vaste schil of pel kunnen tijdens, maar ook nog na het opwarmen, exploderen.
- Nooit eieren in de eierschaal koken of hardgekookte eieren in de eierschaal opwarmen.
- Nooit schaal- en kreeftachtige dieren koken.
- Bij spiegeleieren of eieren in een glas dient u eerst de dooier door te prikken.
- Bij levensmiddelen met een vaste schil of pel, bijv. appels, tomaten, aardappelen en worstjes, kan de schil knappen. Prik voor het opwarmen gaatjes in de schil of vel.
LET OP
Zuurhoudende levensmiddelen kunnen het rooster beschadigen
- Leg zuurhoudende levensmiddelen zoals bijv. fruit of met zuurhoudende marinade gekruide grillproducten niet direct op het rooster.
Opmerking: Instructie voor mensen met nikkelallergie In zeldzame gevallen kunnen geringe sporen van nikkel worden overgedragen aan levensmiddelen.
- Vóór het gebruik niet benodigde vormen uit de binnenruimte verwijderen.
- Kies een gewenst gerecht uit de insteladviezen.
- Doe het gerecht in een geschikte vorm.
- Plaats de vorm in het midden op de bodem van de binnenruimte.
Zo kunnen de microgolven de gerechten van alle kanten bereiken. - Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies. Eerst de kortste tijdsduur instellen. Indien nodig de tijdsduur verlengen.
- Gebruik pannenlappen wanneer u hete vormen uit de binnenruimte neemt.
20.2 Ontdooien, verwarmen en garen met de magnetron
Instellingsadviezen voor het ontdooien, verwarmen en koken met de magnetron. De tijdsduur is afhankelijk van het servies en van de temperatuur, aard en hoeveelheid van het product. Daarom zijn in de tabellen bereiken aangegeven. Begin met de laagste waarde en stel zo nodig de volgende keer een hogere waarde in. Als u andere hoeveelheden gebruikt dan aangegeven in de tabellen, houdt u zich dan aan de vuistregel: dubbele hoeveelheid - bijna dubbele tijdsduur, halve hoeveelheid - halve tijdsduur.
Ontdooien met de magnetron
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
■ Vries het voedsel vlak in.
- Gebruik open servies dat geschikt is voor de magnetron.
■ Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte.
- De gerechten tussendoor 2 tot 3 maal omroeren of keren. Bij het keren de ontdooivloeistof verwijderen.
- Bij het ontdooien van vlees of gevogelte ontstaat vloeistof. Verwijder bij het keren de vloeistof. Verder niet gebruiken of met andere levensmiddelen in contact laten komen.
■ Gehakt dat al ontdooid is na het keren verwijderen.
- Bij het keren de ontdooide delen van elkaar scheiden.
- Laat de ontdooide voedingsproducten nog 10 tot 30 minuten in het uitgeschakelde apparaat rusten, zodat de temperatuur gelijkmatig verdeeld wordt.
Gerechten Gewicht Magnetronvermogen Tijdsduur
| Vlees in zijn geheel, met en zonder bot1 | 800 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 15 min.2. 10 min. |
| Vlees in zijn geheel, met en zonder bot1 | 1000 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 15 min.2. 10-15 min. |
| Vlees in zijn geheel, met en zonder bot1 | 1500 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 20 min.2. 10-15 min. |
| Vlees in stukken of plakken1,2 | 200 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 5 min.2. 2-5 min. |
| Vlees in stukken of plakken1,2 | 500 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 8-10 min.2. 8-10 min. |
| Vlees in stukken of plakken1,2 | 800 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 10 min.2. 10-12 min. |
| Gehakt, gemengd1,2 | 200 g 90 W 10-12 min. |
Gerechten Gewicht Magnetronvermogen Tijdsduur
| Gehakt, gemengd1,2 | 500 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 5 min. |
| 2. 10-15 min. | |||
| Gehakt, gemengd1,2 | 1000 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 15 min. |
| 2. 15-20 min. | |||
| Gevogelte of delen gevogelte1,2 | 600 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 8 min. |
| 2. 10-12 min. | |||
| Gevogelte of delen gevogelte1,2 | 1200 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 15 min. |
| 2. 15-20 min. | |||
| Visfilet, viskotelet of plakken vis1,2 | 400 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 5 min. |
| 2. 10-12 min. | |||
| Hele vis1 | 300 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 3 min. |
| 2. 10-15 min. | |||
| Hele vis1 | 600 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 5 min. |
| 2. 10-15 min. | |||
| Groente, bijv. erwten3 | 300 g 180 W 10-12 min. | ||
| Fruit, bijv. frambozen3 | 300 g 180 W 7-9 min. | ||
| Fruit, bijv. frambozen3 | 500 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 5 min. |
| 2. 8-10 min. | |||
| Boter, ontdooien4 | 125 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 1 min. |
| 2. 1-2 min. | |||
| Boter, ontdooien4 | 250 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 1 min. |
| 2. 2-3 min. | |||
| Heel brood1 | 500 g 180 W 8-10 min. | ||
| Heel brood1 | 1000 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 10 min. |
| 2. 10-20 min. | |||
| Gebak, droog, bijv. cake5,6 | 500 g 90 W 10-12 min. | ||
| Gebak, droog, bijv. cake5,6 | 750 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 5 min. |
| 2. 5-10 min. | |||
| Gebak, vochtig, bijv. vruch-tentaart, kwarktaart5 | 500 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 5 min. |
| 2. 5-10 min. | |||
| Gebak, vochtig, bijv. vruch-tentaart, kwarktaart5 | 750 g 1. 180 W | 2. 90 W | 1. 7 min. |
| 2. 10-12 min. |
Opwarmen of bereiden van diepgevroren gerechten met magnetron
Neem de insteladviezen voor het opwarmen met de magnetron in acht.
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
- Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of een magnetron-afdekkap gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
- De gerechten vlak op het servies verdelen. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge.
■ Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte. - De producten geven warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen.
■ De gerechten tussendoor meerdere malen keren of omroeren.
■ De gerechten na het bereiden 2 tot 5 minuten laten rusten. - De eigen smaak van de gerechten blijft goed behouden. Gebruik zout en specerijen met mate.
■ Lasagne uit de verpakking nemen en in een vorm doen die geschikt is voor de magnetron. - Het meest geschikt is diepvrieslasagne tot een hoogte van ca. 3 cm.
- Om optimale resultaten te behalen, adviseren wij levensmiddelen of kant-en-klare gerechten bij 600 watt te verwarmen. Wanneer op de verpakking een hoger magnetronvermogen is aangegeven, verleng dan de tijd.
Gerechten Gewicht Magnetronvermogen Tijdsduur
| Menu, bordgerecht, kant-en-klaargerecht (2-3 compo-nenten) | 300-400 g 600 W 10-11 min. |
| Soep 400 g 600 W 8-12 min. | |
| Eenpansgerechten 500 g 600 W 10-12 min. | |
| Plakken of stukken vlees in saus, bijv. goulash | 500 g 600 W 12-15 min. |
| Vis, bijv. filetstukken ^1 | 400 g 600 W 10-15 min. |
| Ovenschotels, bijv. lasagne of cannelloni (ca. 3 cm hoog) | 450 g 600 W 12-15 min. |
| Bijgerechten, bijv. rijst, pasta ^1 | 250 g 600 W 6-7 min. |
| Bijgerechten, bijv. rijst, pasta ^1 | 500 g 600 W 8-12 min. |
| Groenten, bijv. erwten, broc-coli, wortelen ^1 | 300 g 600 W 8-10 min. |
| Groenten, bijv. erwten, broc-coli, wortelen ^1 | 600 g 600 W 12-16 min. |
| Spinazie a la crème ^2 | 450 g 600 W 12-14 min. |
Tips voor het de volgende keer ontdooien, verwarmen en bereiden met de magnetron
Houd u deze tips aan voor goede resultaten bij het ont-dooien, opwarmen en bereiden met de magnetron.
Vraag Tip
| Uw gerecht is te droog. Verkort de tijdsduur of kies een lager magnetronvermogen.■ Het gerecht afdekken en meer vloeistof toevoegen. | |
| Uw gerecht is na het verstrijken van de tijd nog niet ontdooid, opgewarmd of gaar. | Verleng de tijdsduur. Bij grotere hoeveelheden en hogere gerechten is meertijd nodig. |
Vraag Tip
| Uw gerecht is na het ver-strijken van de tijd van bin-nen nog niet klaar, maar van de buitenkant reeds oververhit. | Tussentijds doorroeren.Verlaag het magnetron-vermogen en verleng de tijdsduur. |
| Uw vlees of gevogelte is na het ontdooien van bin-nen nog steeds niet ont-dooid, maar van buiten al gegaard. | Verlaag het magnetron-vermogen.Grote te ontdooien pro-ducten meerdere malen keren. |
20.3 Opwarmen
Met uw apparaat kunt u gerechten opwarmen.
Opwarmen met de magnetron
Neem de insteladviezen voor het opwarmen met de magnetron in acht.

Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder de kenmerkende bellen ontstaan. Al bij een kleine schok van het recipiënt is voorzichtigheid geboden. De hete vloeistof kan plots overkoken en wegspatten.
- Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen altijd een lepel in de vorm staat. Zo wordt kookvertraging voorkomen.

Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn.
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
- Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of een magnetron-afdekkap gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
■ Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte. - De gerechten tussendoor meerdere malen keren of omroeren.
■ De gerechten na het bereiden 2 tot 5 minuten laten rusten. - De producten geven warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen.
- Om optimale resultaten te behalen, adviseren wij levensmiddelen of kant-en-klare gerechten bij 600 watt te verwarmen. Wanneer op de verpakking een hoger magnetronvermogen is aangegeven, verleng dan de tijd.
Gerechten Gewicht Magnetronvermogen Tijdsduur
| Schotel, gekoeld 1 portie 600 W 4-7 min. | |
| Dranken1,2,3 | 125 ml boost 30-60 sec. |
| Dranken1,2,3 | 200 ml boost 1-1,5 min. |
| Dranken1,2,3 | 500 ml boost 3 min. |
| Babyvoeding, bijv. flesjes melk4,5,3 | 50 ml 600 W ca. 20 sec. |
| Babyvoeding, bijv. flesjes melk4,5,3 | 100 ml 600 W 40 sec. |
| Babyvoeding, bijv. flesjes melk4,5,3 | 200 ml 600 W 50 sec. |
| Soep, 1 kopje6 | à 175 g 600 W 1-2 min. |
| Soep, 2 koppen6 | à 175 g 600 W 2-3 min. |
| Vlees in saus7 | 500 g 600 W 5-6 min. |
| Eenpansgerecht6 | 400 g 600 W 5-6 min. |
| Eenpansgerecht6 | 800 g 600 W 7-8 min. |
| Groente, 1 portie6 | 150 g 600 W 1,5-2 min. |
| Groente, 2 porties6 | 300 g 600 W 3-4 min. |
20.4 Bereiden
Met uw apparaat kunt u gerechten bereiden.
Bereiden met magnetron
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
■ Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte.
- De gerechten vlak op het servies verdelen. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge.
- Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of een magnetron-afdekkap gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
- De eigen smaak van de gerechten blijft goed behouden. Gebruik zout en specerijen met mate.
■ De gerechten na het bereiden 2 tot 5 minuten laten rusten.
- De producten geven warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen.
- Om optimale resultaten te behalen, adviseren wij levensmiddelen of kant-en-klare gerechten bij 600 watt te verwarmen. Wanneer op de verpakking een hoger magnetronvermogen is aangegeven, verleng dan de tijd.
Gerechten Gewicht Magnetronvermogen Tijdsduur
| Hele kip, vers, zonder ingewanden1 | 1200 g 600 W 25 – 30 min. | |
| Visfilet, vers2 | 400 g 600 W 6 – 10 min. | |
| Groente, vers3,2,4 | 250 g 600 W 7 – 8 min. | |
| Groente, vers3,2,4 | 500 g 600 W 10 – 12 min. | |
| Aardappelen3,2,4 | 250 g 600 W 7 – 8 min. | |
| Aardappelen3,2,4 | 500 g 600 W 10 – 12 min. | |
| Aardappelen3,2,4 | 750 g 600 W 15 – 20 min. | |
| Rijst5,4 | 125 g 1. 600 W | 1. 4 – 6 min. |
| 2. 180 W | 1. 12 – 15 min. | |
| Rijst5,4 | 250 g 1. 600 W | 1. 6 – 8 min. |
| 2. 180 W | 1. 15 – 18 min. | |
| Zoete gerechten, bijv. pudding (instant)4 | 500 ml 600 W 5 – 8 min. | |
| Vruchtencompote4 | 500 g 600 W 9 – 12 min. | |
Pudding van puddingpoeder
⚠ WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.
- Neem vormen en accessoires altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
-
Een pakje puddingpoeder volgens de aanwijzingen op de verpakking met suiker en een beetje melk in een voor de magnetron geschikte hoge schaal door elkaar roeren, zodat er geen klontjes aanwezig zijn.
-
De rest van de melk toevoegen en nogmaals doorroeren.
- De schaal in de binnenruimte plaatsen en de apparaatdeur sluiten.
- Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies.
- Na 3 minuten voor de eerste keer omroeren. Dan steeds na één minuut omroeren, tot de gewenste consistentie is bereikt.
De tijdsduur is afhankelijk van de temperatuur van de melk en de gebruikte kom.
Popcorn voor de magnetron
⚠ WAARSCHUWING – Kans op brandwonden!
De verpakking van luchtdicht verpakte levensmiddelen kan knappen.
- Houd altijd de opgaven op de verpakking aan.
- Neem gerechten altijd met een pannenlap uit de binnenruimte.
LET OP
De meervoudige bereiding van magnetron-popcorn direct na elkaar met een te hoog magnetronvermogen kan leiden tot beschadiging van de binnenruimte.
- Laat tussen de bereidingen het apparaat meerdere minuten afkoelen.
- Stel nooit een te hoog magnetronvermogen in.
- Gebruik maximaal 600 Watt.
- Het popcornzakje altijd op een glazen bord leggen.
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
- Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte.
- Gebruik een platte, hittebestendige vorm. Geen porselein of sterk gebogen borden gebruiken.
- De popcornzak met de gemarkeerde zijde naar onderen op kom leggen.
- De duur afhankelijk van de hoeveelheid aanpassen.
- Om te voorkomen dat de popcorn aanbrandt, de popcornzak na 1 minuut en 30 seconden even uit de oven nemen en schudden. Opgelet, de popcorn is heet.
Gerechten Gewicht Magnetronvermogen Tijdsduur
| Popcorn voor de magnetron6 | 1 zak à 100 g 600 W 4-5 min |
20.5 Grillen
Grill de gerechten die knapperig moeten worden.
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
■ Niet voorverwarmen.
- Grillstukken met gelijksoortig gewicht en gelijksoortige dikte gebruiken. Dan worden ze gelijkmatig bruin en blijven lekker mals.
- De grillstukken direct op het rooster leggen. Plaats ook de glazen braadslede onder het rooster. Uitdruipend vet en braadsappen worden zo opgevangen.
- De grillstukken keren met een grilltang.
Wanneer u met een vork in het vlees prikt, dan verliest dit sap en wordt het droog.
■ Vlees pas na het grillen zouten. Zout onttrekt water aan het vlees.
- Donker vlees, bijv. van het rund, bruint sneller dan licht vlees, bijv. van het kalf of het varken. Grillstukken van licht vlees of vis zijn vaak aan het oppervlak slechts lichtbruin, maar van binnen toch al gaar en sappig.
- De grill schakelt telkens weer in en uit. Dit is normaal. De frequentie is afhankelijk van de ingestelde grillstand.
■ Bij het grillen kan rook ontstaan.
Gerechten Hoeveelheid Gewicht Grillstand Tijdsduur Inschuifhoogte
| Procureursteaks, ca. 2 cm dik | 3-4 stuks à ca. 120 g 3 (sterk) 1e kant ca. | 15 min2e kant: ca.5 min. | 3 |
| Grillworsten 4-6 stuks à ca. | 100 g 3 (sterk) 1e kant ca. | 10-12 min.2e kant: ca.10-12 min. | 3 |
| Viskotelet ^1 | 2-3 stuks à ca. 150 g 3 (sterk) 1e kant ca. | 10 min.2e kant: ca. 10 min | 3 |
| Vis, heel bijv. forellen ^1 | 2-3 stuks à ca. 230 g 3 (sterk) 1e kant ca. | 15 min2e kant: ca.5 min. | 3 |
| Toastbrood (voortoasten) | 2-6 sneetjes 3 (sterk) 1e kant ca. | 5 min.2e kant: ca.1-2 min. | 3 |
| Toast grillen 2-6 sneetjes 3 (sterk) afhankelijk van | beleg: 5-10 min | 3 | |
20.6 Grillen met magnetron gecombineerd
Om de bereidingsduur te verkorten, kunt u de grill in combinatie met de magnetron gebruiken.
Grillen met magnetron gecombineerd
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
■ Hier en daar een vork gaatjes in het vel prikken.
■ Lasagne uit de verpakking nemen en in een vorm doen die geschikt is voor de magnetron.
| Gerechten Gewicht | Grillstand Magnetronver- | Tijdsduur Inschuifhoogte |
| mogen | ||
| Varkensgebraad, bijv. procureursteak1 | ca. 750 g 1 (laag) 360 W 35-40 min 1 | |
| Gehaktbrood, max. 7 cm hoog | ca. 750 g 2 (gemiddeld) 360 W ca. 25 min. 1 | |
| Kip, gehalveerd2 | ca. 1200 g 2 (gemiddeld) 360 W 35-40 min. 1 | |
| Kipdelen, bijv. kwart kip2 | ca. 800 g 2 (gemiddeld) 360 W 25 min. 2 | |
| Eendenborst2 | ca. 800 g 3 (sterk) 180 W 25-30 min. 2 | |
| Pastaschotel (van voorgegaarde ingrediënten)3 | ca. 1000 g 1 (laag) 360 W 22-25 min. 2 | |
| Lasagne, diep-vries (ca. 3 cm hoog) | 350-450 g 3 (sterk) 600 W 12-15 min. 1 | |
| Lasagne, diep-vries (ca. 4-5 cm hoog) | 600-1000 g 1 (laag) 600 W 21-27 min. 1 | |
| Aardappelgratin (van ongekookte aardappels), max. 3 cm hoog | ca. 1000 g 2 (gemiddeld) 360 W 20 min. 1 | |
| Vis, gegratineerd ca. 500 g 2 (gemiddeld) 360 W 15 min. 2 | ||
| Kwarksoufflé, max. 5 cm hoog | ca. 1000 g 1 (laag) 360 W 25-30 min. 1 | |
20.7 Testgerechten
Deze overzichten werden voor testinstituten gemaakt, om het testen van het apparaat conform EN
60350-1:2013 resp. IEC 60350-1:2011 en volgens de norm EN 60705:2012, IEC 60705:2010 te vergemakkelijken.
Bereiden met magnetron
| Gerecht | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min | Aanwijzing |
| Kandeel, 1000 g | 1. 600 W | 1. 12-13 min. | Pyrexform |
| 2. 180 W | 2. 8-10 min. | ||
| Biscuit, 475 g | 600 W | 7-9 min. | Pyrexvorm, ∅ 22 cm |
| Gehakt, 900 g | 600 W | 20-25 min. | Pyrexvorm, ∅ 28 cm lang |
| Schotel, gekoeld, 1 portie | 600 W | 4-5 min. | Magnetronafdekkap |
Ontdooien met de magnetron
| Gerecht | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min | Aanwijzing |
| Vlees, 500 g | 1. 180 W | 1. 7-8 min. | Pyrexvorm, ∅ 24 cm |
| 2. 90 W | 2. 7-10 min. |
Bereiden met magnetron en grill
| Gerecht | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min | Aanwijzing |
| Aardappelgratin, 1100 g | 360 W + grillstand 2 | 20-30 min. | Ronde pyrexvorm, ∅ 22 cm |
| Gebak | - | Niet aanbevolen |
21 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.



21.1 Veilige montage
Neem bij het monteren van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.
- De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een deskundige montage volgens de montagehandleiding. De installateur is verantwoordelijk voor een goede werking op de plaats van opstelling.
■ De deurgreep niet voor het transport of de inbouw gebruiken.
■ Het apparaat na het uitpakken controleren. Niet aansluiten in geval van transportschade.
■ Voor het eerste gebruik verpakkingsmateriaal en plakfolie verwijderen uit de binnenruimte en van de deur. - Bij de inbouw van accessoires dient u zich te houden aan de beschrijving in de montagebladen.
- Inbouwmeubels dienen bestand te zijn tegen een temperatuur tot maximaal 95°C, aan-grenzende meubelfronten tot 70°C.
- Het apparaat niet inbouwen achter een decor- of meubeldeur. Er bestaat gevaar van oververhitting.
■ Voer uitsnijdingswerkzaamheden aan het meubel uit voordat het apparaat wordt geplaatst. Spanen verwijderen. Deze kunnen invloed hebben op de werking van elektrische componenten. - Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.
Onderdelen die tijdens de montage toeganke- lijk zijn, kunnen scherp zijn en tot snijletsels lei- den.
▶ Veiligheidshandschoenen dragen.
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters en netsnoeren gebruiken.
- Wanneer het netsnoer te kort is en er geen langer netsnoer beschikbaar is, neem dan contact op met een elektrospeciaalzaak om de huisinstallatie aan te passen.
LET OP
Door het apparaat aan de deurgreep te dragen kan deze afbreken. De deurgreep houdt het gewicht van het apparaat niet.
- Het apparaat niet aan de deurgreep vasthouden of dragen.
21.2 Afmetingen van het apparaat
Hier vindt u de afmetingen van het apparaat.

text_image
545 595 45521.3 Inbouwmeubel
Dit apparaat is uitsluitend voor inbouw bedoeld. Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik op tafel of in een kast.
De inbouwkast mag achter het apparaat geen achterwand hebben. Houd tussen de wand en de bodem van de kast of de achterwand van de kast erboven een afstand van minstens 35 mm aan.
De inbouwkast moet aan de voorkant een ventilatieopening van 50 cm ^2 hebben. Hiervoor de sokkelplaat bij- snijden of een ventilatierooster aanbrengen.
Ombouwmeubels zonder ventilatie-uitsparing moeten in het achterste deel van de zijwanden een ventilatie-opening hebben van 200 cm ^2 .
Ventilatiesleuven en aanzuigopeningen mogen niet worden afgedekt.
Het aansluitstopcontact van het apparaat dient zich in het gebied van het gearceerde vlak af buiten de inbouwruimte te bevinden.
Niet-bevestigde meubels moeten met een gebruikelijke, in de handel verkrijgbare montagebeugel baan de wand worden bevestigd.

text_image
a 25 200 b 50 300 5021.4 Elektrische aansluiting
Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten, dient u deze aanwijzingen in acht te nemen.
- Het apparaat voldoet aan beveiligingsklasse I en mag alleen met een geaarde aansluiting worden gebruikt.
- De zekering dient in overeenstemming te zijn met de vermogensopgave op het typeplaatje en de lokale voorschriften.
- Het apparaat moet bij alle montagewerkzaamheden spanningsloos zijn.
Apparaat met geaarde stekker elektrisch aansluiten
Opmerking: Het apparaat mag alleen op een geaarde contactdoos worden aangesloten die volgens de voorschriften is geïnstalleerd.
- De stekker van het apparaat in een stopcontact in de omgeving van het apparaat steken.
Als het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn. Als de vrije toegang tot de netstekker niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften worden ingebouwd.
Apparaat zonder geaarde stekker elektrisch aansluiten
Opmerking: Het apparaat mag alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie.
In de vast geplaatste elektrische installatie moet een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd.
-
Fase- en neutraal- ("nul-") leider in het stopcontact identificeren.
Bij een verkeerde aansluiting kan het apparaat worden beschadigd. -
Zie voor de spanning het typeplaatje.
-
De aders van de elektrische aansluitleiding overeenkomstig de kleurcodering aansluiten:
▶ groen-geel = aarddraad ⏻
▶ blauw = neutraal- ("nul-") leiding
bruin = fase (buitendraad)
21.5 Inbouw onder een werkblad
Neem de inbouwmaten en de veiligheidsafstanden bij de inbouw onder een werkblad in acht.

Met het oog op de luchttoevoer van het apparaat dient het tussenschot te beschikken over een ventilatie-opening.
Het werkblad moet aan het inbouwmeubel worden bevestigd.
Het eventueel voorhanden installatievoorschrift van de kookplaat in acht nemen.
Afwijkende nationale inbouwvoorschriften van de kookplaat in acht nemen.
Om een voldoende ventilatie van het apparaat te waar- borgen, is een ventilatie-opening van minimaal 100 cm² noodzakelijk. Bijvoorbeeld de plint bijsnijden of een ven- tilatierooster aanbrengen.

21.6 Inbouw onder een kookplaat
Wordt het apparaat onder een kookplaat ingebouwd, dan moeten de minimale afmetingen in acht worden genomen, eventueel inclusief onderbouw.

text_image
b aOp basis van de vereiste minimale afstand bwordt de minimale dikte van het werkblad berekend a
| Type kookplaat opbouw in mm | a vlak ge- monteerd in mm | b in mm |
| Inductiekookplaat 40 41 5 | ||
| Zoneloze inductie- 50 51 5 kookplaat | ||
| Gaskookplaat 30 41 5 | 1 | |
| Elektrische kook- 30 33 2 plaat |
De montagehandleiding van de kookplaat in acht nemen.
21.7 Inbouw in een hoge kast
Neem de inbouwafmetingen en de veiligheidsafstanden in de hoge kast in acht.

text_image
min. 550 450+2 min. 35 560+8 35Met het oog op de luchttoevoer van het apparaat dienen de tussenschotten te beschikken over een ventilatie-opening.
Wanneer de bovenkast naast de element-achterwanden nog een achterwand heeft, dient deze verwijderd te worden.
Het apparaat niet te hoog inbouwen, zodat de accessoires er zonder probleem uitgenomen kunnen worden.
21.8 Inbouw van twee apparaten boven elkaar
Uw apparaat kan ook boven of onder een ander apparaat worden ingebouwd. Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw boven elkaar in acht.

Met het oog op de luchttoevoer van de apparaten dienen de tussenschotten te beschikken over een ventilatieopening.
Om voldoende ventilatie van de apparaten te waarborgen, is een ventilatieopening van minimaal 200 cm² in de plint noodzakelijk. Hiervoor de sokkelplaat bijsnijden of een ventilatierooster aanbrengen.
Let erop dat de luchtcirculatie volgens de tekening is gewaarborgd.

Apparaten niet te hoog inbouwen, zodat het toebehoren er zonder probleem uitgenomen kan worden.
21.9 Combinatie met een warmhoudlade
Eerst de warmhoudlade inbouwen. Houd het het installatievoorschrift van de warmhoudlade aan.
Het apparaat op de warmhoudlade in de inbouwkast schuiven. Beschadig de plaat van de warmhoudlade niet bij het inschuiven.
21.10 Hoekinbouw
Neem de inbouwafmetingen en de veiligheidsafstanden bij hoekinbouw in acht.

Houd om ervoor te zorgen dat de ovendeur kan worden geopend, bij de hoekinbouw de minimum afmetingen aan. De maat ais afhankelijk van de dikte van het meubelfront en de greep.
21.11 Apparaat inbouwen
-
Schuif het apparaat er helemaal in. De aansluitkabel niet knikken, inklemmen of over scherpe randen leiden.
-
Lijn het apparaat gecentreerd uit.
-
Schroef het apparaat op het meubel vast.

- Verwijder verpakkingsmateriaal en plakfolie uit de binnenruimte en van de deur.
Opmerking: De spleet tussen werkblad en apparaat mag niet door extra lijsten worden afgesloten.
Aan de zijwanden van de ombouwkast mogen geen isolatieprofielen worden aangebracht.
21.12 Bij greeploze keuken met verticale greeplijst:
- Breng aan beide zijden een geschikt vulstuk aan om eventuele scherpe randen af te dekken en een veilige montage te waarborgen.

-
Het vulstuk op het meubel bevestigen.
-
Het vulstuk en het meubel voorboren, m een schroefverbinding te realiseren.

- Het apparaat met adequate schroeven bevestigen.

text_image
5mm21.13 Apparaat demonteren
-
Maak het apparaat spanningsloos.
-
Draai de bevestigingsschroeven los.
-
Til het apparaat iets op en trek het helemaal naar buiten.
NL Geproduceerd door BSH Hausgeräte GmbH onder de handelsmerklicentie van Siemens AG
BSH Hausgeräte GmbH
Carl-Wery-Straße 34
81739 München, GERMANY