BG-PC 2625 T - Benzine heggenknipper EINHELL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BG-PC 2625 T EINHELL in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over BG-PC 2625 T EINHELL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Benzine heggenknipper in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BG-PC 2625 T - EINHELL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BG-PC 2625 T van het merk EINHELL.
GEBRUIKSAANWIJZING BG-PC 2625 T EINHELL
NL Originele handleiding Benzine hoogsnoeier
- Veiligheidsaanwijzingen
- Beschrijving van het toestel en leveringsomvang
- Doelmatig gebruik
- Technische gegevens
- Montage
- Vóór inbedrijfstelling
- Bedrijf
- Werken met de kettingzaag
- Onderhoud
- Reiniging, opbergen, transport en bestellen van wisselstukken
- Verwijdering en recyclage
- Foutopsporing
NL
Gevaar!
Bij het gebruik van toestellen dienen enkele veiligheidsmaatregelen te worden nageleefd om lichamelijk gevaar en schade te voorkomen. Lees daarom deze handleiding / veiligheidsinstructies zorgvuldig door. Bewaar deze goed zodat u de informatie op elk moment kunt terugvinden. Mocht u dit toestel aan andere personen doorgeven, gelieve dan deze handleiding / veiligheidsin-structies mee te geven. Wij zijn niet aansprakelijk voor ongevallen of schade die te wijten zijn aan niet-naleving van deze handleiding en van de veiligheidsinstructies.
1. Veiligheidsaanwijzingen
De overeenkomstige veiligheidsinstructies vindt u in de bijgaande brochure.
Gevaar!
Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen. Nalatigheden bij de inachtneming van de veiligheidsinstructies en aanwijzingen kunnen elektrische schok, brand en/of zware letsels tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen voor de toekomst.
Verklaring van de symbolen op het toestel (fi g. 30):
- Waarschuwing !
- Oog-/hoofd en gehoorbeschermer dragen!
- Veiligheidshandschoenen dragen!
- Let op neervallende en wegspringende stukken!
- Vóór inbedrijfstelling handleiding lezen!
- Vast schoeisel dragen!
- Toestel beschermen tegen regen en vocht!
- Voor onderhoudswerkzaamheden het toestel stopzetten en de bougiestekker aftrekken!
- Levensgevaar door elektrische schok. De afstand tot stroomleidingen moet minstens 10 m bedragen!
- Richting van de kettingbeweging en kettingtanden.
- Let op! Warme onderdelen. Op afstand blijven.
2. Beschrijving van het toestel en leveringsomvang
2.1 Beschrijving van het toestel
- Zwaard
- Zaagketting
3a. Olietank/afsluitdeksel
3b. Transmissie - Aandrijfstangenstelsel
- Verbindingsstuk
- Extra handgreep
- Oog
- Handgreep
- AAN / UIT-schakelaar
- Arrêtering gashendel
- Vergrendeling van de gashendel
- Gashendel
- Bougiestekker
- Starterkoord
- Benzinetank/sluitdop
- Afdekking luchtfi Iterhuis
- Chokehendel
- Klem
- 4x schroef
- 4x moer
- Platte open sleutel van 8/10
- Inbussleutel 4mm
- Inbussleutel 5mm
- Zwaardbeschermer
- Draagriem
- Olie-/benzinemengfl es
- Multifunctioneel gereedschap
- Smeernippel
- Brandstofpomp "primer"
2.2 Omvang van de levering
Gelieve de volledigheid van het artikel te controleren aan de hand van de beschreven omvang van de levering. Indien er onderdelen ontbreken, gelieve u dan binnen 5 werkdagen na aankoop van het artikel te wenden tot ons servicecenter of tot het verkooppunt waar u het apparaat heeft gekocht, en leg een geldig bewijs van aankoop voor. Gelieve daarvoor de garantietabel in de service-informatie aan het einde van de handleiding in acht te nemen.
- Open de verpakking en neem het toestel voorzichtig uit de verpakking.
- Verwijder het verpakkingsmateriaal alsmede verpakkings-/transportbeveiligingen (indien aanwezig).
- Controleer of de leveringsomvang compleet is.
- Controleer het toestel en de accessoires op
NL
transportschade.
- Bewaar de verpakking indien mogelijk tot aan het einde van de garantieperiode.
Gevaar!
Het toestel en het verpakkingsmateriaal zijn geen speelgoed voor kinderen! Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine stukken spelen! Er bestaat inslik- en verstikkingsgevaar!
• Originelehandleiding
• Veiligheidsvoorschriften
De benzine-hoogsnoeier is bedoeld om onttak- kingswerkzaamheden aan bomen te verrichten. Zij is niet geschikt voor omvangrijke zaagwerk- zaamheden en het vellen van bomen en is even- min geschikt voor het zagen van andere materia- len dan hout.
Het toestel mag slechts voor werkzaamheden worden gebruikt waarvoor het bedoeld is. Elk verder gaand gebruik is niet doelmatig.
Voor daaruit voortvloeiende schade of letsel van welke aard dan ook is de gebruiker/bediener, niet de fabrikant, aansprakelijk.
Wij wijzen erop dat onze toestellen overeenkomstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Wij zijn niet aansprakelijk indien het toestel in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt.
Max. toerental 9000 t/min.
Lengte van het zwaard: 200 mm
Snijlengte max.: 180 mm
Snijsnelheid bij nominaal toerental: ....18 m/s
Vulhoeveelheid olietank: 120 ml
Gewicht met zwaard + ketting: 5,9 kg
Ketting ......Oregon 91P033X
Zwaard:....Oregon080SDEA318
Ontsteking ......Elektronisch
Aandrijving ....centrifugale koppeling
Tankinhoud 450 ml
Bougie ....Champion RCJ6Y
Geluid en vibratie
Geluidsdrukniveau L_pA 102 dB(A)
Onzekerheid K_pA .....3 dB
Geluidsvermogen L_WA 112dB(A)
Draag een gehoorbeschemer.
Lawaai kan aanleiding geven tot gehoorverlies.
Bedrijf
Trillingsemissiewaarde a_n=14,8 m/s^2
Onzekerheid K = 3 m/s²
Beperk de geluidsontwikkeling en vibratie tot een minimum!
- Gebruik enkel intacte toestellen.
- Onderhoud en reinig het toestel regelmatig.
• Pas uw manier van werken aan het toestel aan.
• Overbelast het toestel niet.
• Laat het toestel indien nodig nazien. - Schakel het toestel uit als het niet wordt gebruikt.
• Draaghandschoenen.
5. Montage
Gevaar!
Start de kettingzaag pas als die helemaal ge- monteerd is en de kettingspanning afgesteld is. Draag altijd veiligheidshandschoenen als u werk- zaamheden op de kettingzaag verricht om letsel te voorkomen.
5.1 Montage transmissie met aandrijfstan-genstelsel (fi g. 4-6)
Vereist gereedschap: inbussleutel 4mm/5mm (bij de leveringsomvang begrepen). Schuif de transmissie (pos. 3b) en het aandrijfstangenstelsel (pos. 4) ineen. Centreer beide ondergroepen door er de schroef (pos. K) in te draaien. LET OP! Zorg ervoor dat de schroef (pos. K) exact het geleideboorgat (pos. F) in wordt gedraaid. Anders zou schade aan het bovenste aandrijfstangenstelsel kunnen worden berokkend. Om beide ondergroepen goed met elkaar te verbinden moet u de
NL
schroef (pos. I) aanhalen. Het ontmantelen gebeurt in omgekeerde volgorde.
5.2 Montage aandrijfstangenstelsel met verbindingsstuk aandrijfstangenstelsel (fi g. 7-10)
Open de greepschroef (pos. G) en schuif het aan-drijfstangenstelsel (pos. 4) het verbindingsstuk (pos. 5) in. Zorg ervoor dat de centreerhefboom (pos. R) vastklikt in het geleideboorgat (pos. H). Sluit de beschermkap (pos. N) en haal de greepschroef aan. Voor de demontage draait u de greepschroef los en opent u de beschermkap. Druk op de centreerhefboom en trek tegelijkertijd het aandrijfstangenstelsel het verbindingsstuk uit.
5.3 Montage van zwaard en zaagketting (fi g. 11-16)
Vereist gereedschap: inbussleutel 5mm Verwijder de kettingwielafdekking (pos. 13, pos. O) door de bevestigingsschroef (pos. P) los te draaien. De zaagketting (pos. 2) wordt, zoals in de fi guur getoond, in de omlopende groef van het zwaard (pos. 1) gelegd. Let op de oriëntatie van de kettingtanden (fi g. 12). Leid de zaagketting rond het kettingwiel (pos. S). Zorg ervoor dat de tanden van de zaagketting naar behoren in het kettingwiel grijpen. Leg het zwaard, zoals in fi g. 12 getoond, in de opname op de transmissie. Het zwaard moet op de kettingspanbout (pos. L) worden gehangen. Breng de kettingwielafdekking aan.
Let op! Bevestigingsschroef pas na het afstellen van de kettingspanning (zie punt 5.4) defi nitief vastschroeven.
5.4 Spannen van de zaagketting (fi g. 14-16) Waarschuwing! Voor controles en afstelwerkzaamheden altijd de bougiestekker uittrekken.
Bevestigingsschroef (pos. P) voor kettingwielafdekking met enkele slagen losdraaien (fi g. 13). Kettingspanning afstellen m.b.v. de kettingspan-schroef (fi g. 15, pos. M). Door draaien met de wijzers van de klok mee (naar rechts) verhoogt u de kettingspanning, door draaien tegen de richting van de wijzers van de klok in (naar links) verlaagt u de kettingspanning. De zaagketting is correct gespannen als ze in het midden van het zwaard ca. 2 mm kan worden opgeheven (fi g. 14). Bevestigingsschroef voor kettingwielafdekking vastdraaien (fi g. 16).
Let op! Alle kettingschakels moeten naar behoren in de geleidegroef van het zwaard liggen.
Aanwijzing omtrent het spannen van de ketting:
De zaagketting dient omwille van de bedrijfszekerheid en veiligheid altijd correct te zijn gespannen. De zaagketting is optimaal gespannen als ze in het midden van het zwaard ca.2 mm kan worden opgeheven. Aangezien de zaagketting bij het zagen warm wordt en bijgevolg van lengte verandert, dient u de kettingspanning ten laatste om de 10 minuten te controleren en, indien nodig, bij te regelen. Dit geldt vooral voor nieuwe zaagkettingen. Ontspan de zaagketting aan het einde van het werk omdat de ketting bij het afkoelen korter wordt. Daardoor voorkomt u dat schade aan de ketting wordt berokkend.
5.5 Montage extra handgreep
Breng de extra handgreep aan zoals getoond in fig. 17-18.
6. Vóór inbedrijfstelling
Ga voor iedere ingebruikneming na of:
- Het brandstofsysteem geen lekkage vertoont,
- De bescherminrichtingen en de snijinrichting in perfecte staat verkeren en volledig zijn,
• Alle schroefverbindingen goed vast zitten, - Alle beweegbare onderdelen gemakkelijk bewegen.
6.1 Brandstof en olie
Aanbevolen brandstoff en
Gebruik alleen een mengeling van loodvrije benzine en speciale tweetaktmotorolie. Meng de brandstofmengeling volgens de brandstofmeng-tabel.
Aanwijzing! Gebruik geen brandstofmengeling die langer dan 90 dagen werd bewaard.
Aanwijzing! Gebruik geen tweetaktolie waar- voor een mengverhouding van 100 tot 1 wordt aanbevolen. Bij motorschade als gevolg van onvoldoende smering vervalt de motorgarantie van de fabrikant. Waarschuwing! Gebruik voor het transport en bewaren van brandstof alleen vaten die daarvoor voorzien en toegelaten zijn. Giet telkens de juiste hoeveelheid benzine en tweetaktolie de bijgaande mengfl es in (zie opge- drukte schaal). Schud daarna de fles flink door.
NL
6.2 Brandstofmengtabel
Mengmethode: 40 delen benzine op 1 deel olie
| Benzine 2-taktolie | |
| 1 liter 25 ml | |
| 5 liter 125 ml | |
6.3 Zaagkettingsmering
Aanwijzing! Stel de ketting nooit zonder zaagkettingolie in werking! Het gebruik van de zaagketting zonder zaagkettingolie of bij een oliepeil beneden het minimummerk heeft een beschadiging van de kettingzaag tot gevolg!
Aanwijzing! Hou rekening met de temperatu- uromstandigheden: verschillende omgevings- temperaturen eisen smeermiddelen van zeer ver- schillende viscositeit. Bij lage temperaturen hebt u dunvloeibare oliën (lage viscositeit) nodig om een voldoende smeerfi lm te doen ontstaan. Als u dezelfde olie in de zomer gebruikt, zou de olie alleen door de hogere temperaturen nog meer vloeibaar worden gemaakt. Een onderbreking van de smeerfi lm zou het gevolg kunnen zijn, de ket- ting zou kunnen worden oververhit en zou kunnen worden beschadigd. Bovendien zou de smeerolie verbranden, waardoor het milieu onnodig met schadelijke stoff en zou worden belast.
Olietank vullen (fi g. 1):
Kettingzaag op een eff en plaats neerzetten. Het gebied rond de olietankdop (pos. 3a) schoonma-ken en daarna de tank openen.
Tank (pos. 3a) vullen met zaagkettingolie. Let er goed op dat geen vuil in de tank terechtkomt om te voorkomen dat de oliesproeier verstopt geraakt.
Olietankdop sluiten.
7. Bedrijf
Gelieve de wettelijke bepalingen m.b.t. de verordening inzake de bestrijding van lawaaioverlast na te leven die plaatselijk kunnen verschillen.
7.1 Starten bij koude motor
Giet in de tank een behoorlijke hoeveelheid benzine-/oliemengeling. Zie ook brandstof en olie.
- Het toestel op een hard eff en vlak plaatsen.
- 10 keer op de brandstofpomp (primer) drukken (fi g. 2, pos. 29).
-
AAN/UIT-schakelaar (fi g. 2, pos. 9) naar de stand "I" brengen.
-
Gashendel vastzetten. Daarvoor gashendel-grendel (fi g. 2, pos. 11) en daarna gashendel (fi g. 2, pos. 12) bedienen en de gashendel vastzetten door tegelijkertijd de arrêtering (fi g. 2, pos. 10) in te drukken.
- Choke-hendel (fi g. 2, pos. 17) naar de stand „“ brengen.
- Het toestel goed vasthouden en de starterko-ord (fi g. 2, pos. 14) eruit trekken tot de eerste weerstand. Dan de startkabel vier keer fl ink doorhalen. Het toestel zou moeten starten.
Aanwijzing! De starterkoord niet terug laten springen. Dit zou tot beschadigingen kunnen leiden.
Is de motor gestart, de choke-hendel onmiddellijk naar de stand „♦“ brengen en het toes- tel ca. 10 s laten warmdraaien.
Waarschuwing! Door de vastgezette gashendel begint het snijgereedschap bij startende motor te werken.
Daarna de gashendel gewoon bedienen om het los te zetten.
- Mocht de motor niet aanslaan, herhaalt u de stappen 4 tot 6.
Opgelet! Slaat de motor ook na meerdere pogingen niet aan, gelieve het hoofdstuk "Fouten verhelpen aan de motor" te raadplegen.
Opgelet! Haal de startkoord steeds recht door.
Wordt de koord met een hoek doorgehaald, ontstaat wijving aan het oog. Door deze wijving wordt de koord open geschuurd en gaat sneller verslijten. Hou steeds de startergreep vast wanneer de koord weer vanzelf naar binnen wordt getrokken.
Laat de koord nooit terugspringen vanuit de doorgehaalde toestand.
7.2 Starten bij warme motor
(Het toestel stond voor minder dan 15 tot 20 min. stil)
- Het toestel op een hard eff en vlak plaatsen.
- AAN/UIT schakelaar naar de stand "I" brengen.
- Gashendel vastzetten (zoals bij „Starten bij koude motor”).
- Het toestel goed vasthouden en de starterkoord tot de eerste weerstand uittrekken. Haal dan de starterkoord fl ink door. Het toestel zou na 1 tot 2 keer doorhalen moeten starten. Mocht het toestel na 6 keer doorhalen nog altijd niet starten, herhaalt u de stappen 1 tot 7 beschreven onder "Koude motor starten".
NL
7.3 Motor afzetten
Stappenvolgorde bij noodstop:
Wanneer het nodig is het toestel onmiddellijk te stoppen brengt u de AAN/UIT-schakelaar naar de stand "Stop" of "0".
Normale stappenvolgorde:
Laat de gashendel los en wacht tot de motor stationair draait. Breng dan de AAN/UIT-schakelaar naar de stand "Stop" of "0".
7.4 Schouderriem aanleggen
Waarschuwing! Draag een schouderriem bij het werken. Schakel het toestel steeds uit voordat u de schouderriem losmaakt. Er bestaat lichamelijk gevaar.
- Leg de schouderriem over uw schouder.
- Stel de riemlengte zodanig in dat de riemhouder zich ter hoogte van uw heup bevindt.
7.5 Werkinstructies
Train voor gebruik van het toestel alle werktechnieken bij afgezette motor.
8. Werken met de kettingzaag
Voorbereiding
Controleer voor elk gebruik volgende punten om veilig te kunnen werken:
Toestand van de kettingzaag
Ga voor werkbegin na of de behuizing, de zaagketting en het zwaard eventueel beschadigd zijn. Neem nooit een toestel in gebruik dat blijkbaar beschadigd is.
Olietank
Oliepeil van de tank. Controleer ook tijdens het werk of er steeds voldoende olie voorhanden is. Werk nooit met de zaag als er geen olie voorhanden is of als het oliepeil onder het minimummerk is gezakt om een beschadiging van de kettingzaag te vermijden. Een vulling volstaat gemiddeld voor 10 minuten naargelang de ingelaste pauzen en de belasting.
Zaagketting
Spanning van de zaagketting, toestand van de snijkanten. Hoe scherper de zaagketting is des te gemakkelijker kan u de kettingzaag bedienen en onder controle houden. Hetzelfde geldt voor de
kettingspanning. Controleer ook tijdens het werk ten laatste om de 10 minuten de kettingspanning om uw veiligheid te verhogen! Vooral nieuwe zaagkettingen neigen tot verhoogd uitzetten.
Beschermende kleding
Draag zeker de gepaste beschermende nauw sluitende kleding zoals een speciale broek die u beschermt tegen snijwonden, alsmede handschoenen en veiligheidsschoenen.
Gehoorbeschermer en veiligheidsbril
Draag een veiligheidshelm met geïntegreerde gehoor- en gelaatsbescherming. Die biedt bescherming tegen neervallende dikke takken en terugschietende takjes.
Veilig werken
Nooit onder de te zagen tak gaan staan. Voorzichtig bij het zagen van onder spanning staande takken en splinterend hout.
Mogelijk lichamelijk gevaar door neervallende takken en wegspringende houtstukken! Als de machine in werking is, personen en dieren weghouden uit de gevarenzone.
Het toestel is bij het aanraken van hoogspanningsleidingen niet beschermd tegen elektrische schok. Blijf minstens op een afstand van 10 m tot stroomvoerende leidingen. Er bestaat levensgevaar door elektrische schok! Op een helling boven of zijdelings ten opzichte van de te zagen tak staan.
Het toestel zo dicht mogelijk tegen het lichaam houden. Op die manier bewaart u best uw evenwicht.
Zaagtechnieken
Zaag eerst de onderste takken van de boom af. Dat vergemakkelijkt het neervallen van de gesneden takken.
Aan het einde van de snede verhoogt plots het gewicht van de zaag voor de bediener omdat de zaag niet meer ondersteund is door de tak. Er bestaat het gevaar de controle over de zaag de verliezen.
Trek de zaag alleen uit de snede terwijl de zaagketting draait. Zodoende voorkomt u het vastklemmen.
Zaag niet met de top van het zwaard.
Zaag niet de dikke takaanzet. Anders zou dit de wondgenezing van de boom verhinderen.
NL
Kleinere takken afzagen (fi g. 22):
Leg het aanslagvlak van de zaag tegen de tak. Daardoor wordt voorkomen dat de zaag aan het begin van de snede met rukken beweegt. Leid de zaag met lichte druk van boven naar beneden doorheen de tak.
Vrij grote en langere takken afzagen (fi g. 23):
Maak bij vrij grote takken een ontlastingssnede. Zaag eerst met de bovenkant van het zwaard van beneden naar boven 1/3 van de diameter van de tak door (a). Zaag daarna met de onderkant van het zwaard van boven naar beneden naar de eerste snede toe (b).
Zaag de langere takken in secties af om de controle over de valplaats te behouden.
Terugstoot
Onder terugstoot verstaat men het plots omhoog- of terugschieten van de draaiende kettingzaag. De oorzaken zijn meestal het raken van het werkstuk met de top van het zwaard of het beklemd raken van de zaagketting. Bij een terugstoot doen zich onverhoeds grote krachten voor. Daardoor reageert de kettingzaag meestal ongecontroleerd. Het gevolg zijn vaak zwaars- te letsels bij de werkman of bij personen in de omgeving. Het gevaar voor een terugstoot is het grootst als u de zaag in de zone rond de top van het zwaard aanzet omdat daar de hefboomwerking het sterkst is. Zet de zaag daarom steeds zo vlak mogelijk aan.
Waarschuwing!
- Let er steeds op dat de ketting correct is ge-spannen!
- Gebruik enkel kettingzagen die in onberispelijke staat verkeren!
- Werk alleen met een naar behoren gescherpte zaagketting!
- Zaag nooit met de bovenkant of top van het zwaard!
- Hou de kettingzaag steeds met beide handen vast!
Zagen van hout onder spanning
Bij het zagen van hout dat onder spanning staat dient u uiterst voorzichtig te werk te gaan! Onder spanning staand hout waarvan de spanning door zagen vrijkomt reageert soms volledig ongecontroleerd. Dat kan leiden tot zwaarste en zelfs do- delijke letsels. Dergelijke werkzaamheden mogen slechts door geschoolde vakmannen worden verricht.
9. Onderhoud
9.1 Vervangen van zaagketting en zwaard Het zwaard moet worden vernieuwd als de geleidegroef van het zwaard versleten is. Ga hiervoor te werk zoals toegelicht in het hoofdstuk "Montage van zwaard en zaagketting"!
9.2 Controleren van de automatische kettingsmering
Ga regelmatig na of de automatische kettingsmering functioneert teneinde een oververhitting en de daaruit voortvloeiende beschadiging van zwaard en zaagketting te voorkomen. Richt daarvoor de top van het zwaard tegen een glad oppervlak (plank, aansnede van een boom) en laat de kettingzaag draaien. Indien zich dan een toenemend oliespoor vertoont, werkt de automatische smering van de ketting perfect. Is geen duidelijk oliespoor te zien gelieve de overeenkomstige aanwijzingen in het hoofdstuk "foutopsporing" te lezen! Indien ook deze aanwijzingen niet vooruithelpen wendt u zich tot onze service of tot een overeenkomstig gekwalifi ceerde werkplaats.
Gevaar! Raak daarbij niet het oppervlak. Neem een voldoende veiligheidsafstand (ca. 20 cm) in acht.
9.3 Scherpen van de zaagketting
U kan met de kettingzaag enkel eff ectief werken als de zaagketting in goede staat verkeert en scherp is. Daardoor vermindert ook het gevaar voor een terugstoot.
De zaagketting kan bij elke gespecialiseerde handelaar worden bijgeslepen. Probeer niet de zaagketting zelf te scherpen als u niet over het gepaste gereedschap en de nodige ervaring beschikt.
9.4 Onderhoud van de luchtfilter (fig. 24-26)
Door verontreinigde luchtfi Iters gaat het motorvermogen achteruit omdat te weinig lucht naar de carburator wordt toegevoerd. Regelmatige controle is dan ook absoluut noodzakelijk. De luchtfi Iter (T) dient om de 25 bedrijfsuren te worden gecontroleerd en, indien nodig, schoongemaakt. Bij zeer stoffige lucht dient de luchtfilter vaker te worden gecontroleerd.
- Verwijder het luchtfilterdeksel (fig. 24).
- Neem er de luchtfilter (fig. 25/26) uit.
- Maak de luchtfi Iter door uitkloppen of uitblazen schoon.
- De assemblage gebeurt in omgekeerde volgorde.
NL
Let op: Luchtfilter nooit met benzine of brandbare oplosmiddelen schoonmaken.
9.5 Onderhoud van de bougie (fi g. 27)
Vonkafstand van de bougie = 0,6 mm. Haal de bougie met 12 tot 15 Nm aan. Controleer de bougie voor het eerst na 10 bedrijfsuren op vervuiling en reinig haar, indien nodig, m.b.v. een koperen draadborstel. Daarna de bougie om de 50 bedrijfsuren onderhouden.
- Trek er de bougiestekker (fi g. 13) af.
- Verwijder de bougie (fi g. 27) m.b.v. het bijgaande multifunctionele gereedschap (27).
- De assemblage gebeurt in omgekeerde volgorde.
9.6 Carburator afstellingen
Waarschuwing! Afstellingen van de carburator mogen slechts door de geautoriseerde klantenservice worden uitgevoerd.
Voor alle werkzaamheden op de carburator dient eerst de luchtfi Iterafdekking te worden gedemon- teerd zoals getoond in fi g. 24 en 25.
9.7 Afstellen van de gastrekkabel:
Mocht het maximumtoerental van het toestel mettertijd niet meer worden behaald en mochten alle andere oorzaken volgens hoofdstuk 12 "Verhelpen van fouten" uitgesloten zijn, kan het nodig zijn de gastrekkabel bij te regelen. Controleer daarvoor eerst of de carburator bij volledig doorgedrukte gashendel helemaal opengaat. Dit is het geval als de carburatorschuif (fi g. 28) bij vol gas volledig geopend is. Fig. 28 toont de correcte af-stelling. Mocht de carburatorschuif niet helemaal geopend zijn moet er een bijregeling gebeuren. Om de gastrekkabel bij te regelen zijn volgende stappen vereist:
Draai de contramoer (fi g. 29, pos. C) met enkele slagen los.
Draai er de afstelschroef (fi g. 29, pos. D) uit tot de schuif van de carburator bij volledig ingedrukte gashendel, zoals in fi g. 28 getoond, helemaal open staat.
Haal de contramoer terug aan.
9.8 Afstellen van het stationaire toerental:
Waarschuwing! Het stationaire toerental bij warme motor afstellen.
Mocht de motor van het toestel bij niet ingedrukte gashendel afslaan en alle andere oorzaken volgens hoofdstuk 12 "Verhelpen van fouten" uitgesloten zijn, dient het stationaire toerental te worden bijgeregeld. Draai te dien einde de afstelschroef voor het stationaire toerental (fi g. 29, pos. E) met de wijzers van de klok mee tot de motor zonder te haperen stationair blijft draaien. Mocht het stationaire toerental te hoog zijn zodat het snijgereedschap meedraait, dient u het stationaire toerental door draaien van de desbetreff ende afstelschroef tegen de richting van de wijzers van de klok in te verlagen tot het snijgereedschap niet meer meedraait.
9.9 Vetten van de transmissie
Vul om de 20 bedrijfsuren wat transmissievet (ca. 10 g) in de smeernippel (fi g. 4, pos. 28).
10. Reiniging, opbergen, transport en bestellen van wisselstukken
10.1 Reiniging
- Maak het spanmechanisme regelmatig door uitblazen met perslucht of met een borstel schoon. Gebruik voor het schoonmaken geen gereedschappen.
- Hou de handgrepen vrij van olie zodat u altijd een veilige houvast hebt.
- Maak het toestel, indien nodig, met een vochtige doek en eventueel met een mild spoelmiddel schoon.
- Als u de kettingzaag een langere tijd niet gebruikt, verwijdert u de kettingolie uit de tank. Leg de zaagketting en het zwaard kort in een oliebad en draai het daarna in oliepapier.
Let op!
Voor elke schoonmaakbeurt de bougiestekker aftrekken. Dompel het toestel voor het schoonma- ken geenszins in water of andere vloeistoff en. Bewaar de kettingzaag op een veilige en droge plaats buiten bereik van kinderen.
NL
10.2 Oplegging
Aanwijzing! Berg het toestel nooit langer dan 30 dagen weg zonder de volgende stappen te doorlopen.
Opbergen van het toestel
Als u het toestel langer dan 30 dagen opbergt, dient het hiervoor klaargemaakt te worden. Anders zou de rest van de brandstof die zich in de carburator bevindt verdampen en een rubberachtig bezinksel achterlaten. Dit zou de start kunnen bemoeilijken en dure herstelwerkzaamheden tot gevolg hebben.
- Neem de dop van de brandstoftank langzaam eraf om eventuele druk in de tank af te laten. Maak de tank voorzichtig leeg.
- Start de motor en laat hem draaien tot de zaag stopt teneinde de brandstof uit de carburator te verwijderen.
- Laat de motor afkoelen (ca. 5 minuten).
- Verwijder de bougie (zie 9,5).
- Giet een koffi elepel schone tweetaktolie de verbrandingskamer in. Trek meermaals langzaam aan de starterkoord om de binnenste componenten van een laag te voorzien. Draai de bougie er terug in.
Aanwijzing: Berg het toestel op een droge plaats en zo ver mogelijk verwijderd van eventuele ontstekingsbronnen, b.v. kachel, warmwaterboiler die op gas draait, gasdroger etc. op.
Herinbedrijfstelling
- Verwijder de bougie (zie 9,5).
- Haal de starterkoord fl ink door om overtollige olie uit de verbrandingskamer te verwijderen.
- Maak de bougie schoon en let op de juiste elektrodeafstand op de bougie of monteer een nieuwe bougie met de juiste elektrodeafstand.
- Maak het toestel klaar voor gebruik.
- Vul de tank met de juiste brandstof-oliemen-geling. Zie hoofdst. "Brandstof en olie".
10.3 Transport
Moet u het toestel transporteren, maak dan de benzinetank leeg zoals toegelicht in hoofdstuk 10. Ontdoe het toestel met een borstel of handveger van grof vuil. Demonteer het aandrijfstangenstelsel zoals beschreven in punt 5.2.
10.4 Bestellen van wisselstukken
Gelieve bij het bestellen van wisselstukken volgende gegevens te vermelden :
• Type van het toestel
• Artikelnummer van het toestel
• Ident-nummer van het toestel
• Wisselstuknummer van het benodigde stuk.
Actuele prijzen en info vindt u terug onder www.isc-gmbh.info
11. Verwijdering en recyclage
Het toestel bevindt zich in een verpakking om transportschade te voorkomen. Deze verpakking is een grondstof en bijgevolg herbruikbaar of kan in de grondstofkringloop teruggebracht worden. Het toestel en zijn accessoires bestaan uit diverse materialen, zoals b.v. metaal en kunststof. Ontdoe u van defecte onderdelen op de inzamelplaats waar u gevaarlijke afvalstoff en mag afgeven. Informeer u in uw speciaalzaak of bij uw gemeentebestuur!
NL
12. Foutopsporing
De volgende tabel toont foutsymptomen aan en legt uit hoe u een fout kan verhelpen mocht uw toestel ooit niet naar behoren werken. Indien u het probleem desondanks niet kan lokaliseren en verhelpen ge- lieve zich tot uw servicewerkplaats te wenden.
| Storing Mogelijke oorzaak Verhelpen | ||
| Het toestel start niet. | - Foutieve procedure bij het starten.- Bougie vol roet of vochtig- Carburator fout afgesteld | - Neem de aanwijzingen voor het starten in acht.- Bougie reinigen of door een nieuwe vervangen.- Naar de geautoriseerde klantenservice gaan of het toestel naar ISC-GmbH opsturen. |
| De motor van het toestel slaat aan maar heeft niet het volle vermogen | - Choke-hendel niet correct afgesteld- Vervuilde luchtfi Iter- Carburator fout afgesteld | - Chokehendel naar de stand „“ brengen.- Luchtfi Iter reinigen- Naar de geautoriseerde klantenservice gaan of het toestel naar ISC-GmbH opsturen. |
| Motor draait onregelmatig | - Foutieve elektrodeafstand van de bougie- Carburator fout afgesteld | - Bougie reinigen en elektrodeafstand instellen of een nieuwe bougie indraaien.- Naar de geautoriseerde klantenservice gaan of het toestel naar ISC-GmbH opsturen. |
| Motor rookt bovenmatig | - Verkeerd brandstofmengsel- Carburator fout afgesteld | - Correct brandstofmengsel gebruiken (zie brandstofmengtabel)- Naar de geautoriseerde klantenservice gaan of het toestel naar ISC-GmbH opsturen. |
| Zaagketting droog - | Geen olie in de tank- Ontluchting in de olietankdop verstopt geraakt- Olieuitlaatkanaal verstopt geraakt | - Olie bijvullen- Olietankdop reinigen- Olieuitlaatkanaal ontstoppen |
| Ketting/geleiderail warm | - Geen olie in de tank- Ontluchting in de olietankdop verstopt geraakt- Olieuitlaatkanaal verstopt geraakt- Ketting bot- Ketting te strak gespannen | - Olie bijvullen- Olietankdop reinigen- Olieuitlaatkanaal ontstoppen- Ketting laten bijslijpen of vervangen- Kettingspanning controleren |
| Kettingzaag werkt met rukken, trilt of zaagt niet correct | - Ketting onvoldoende gespannen- Ketting bot- Ketting versleten- Zaagtanden wijzen in de verkeerde richting | - Ketting bijspannen- Ketting laten bijslijpen of vervangen- Ketting vervangen- Zaagketting met de tanden in de correcte richting wijzend hermonteren |
NL
Nadruk of andere reproductie van documentatie en geleidepapieren van de producten, geheel of gedeeltelijk, enkel toegestaan mits uitdrukkelijke toestemming van iSC GmbH.
Technische wijzigingen voorbehouden
NL
Service-informatie
Wij werken in alle landen die in het garantiebewijs zijn genoemd, samen met competente servicepartners, wier contactgegevens u kunt afleiden uit het garantiebewijs. Deze staan voor alle diensten zoals reparatie, het verschaffen van wisselstukken of slijtdelen of voor de aankoop van verbruiksmaterialen te uwer beschikking.
U moet er rekening mee houden dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan een slijtage door gebruik of een natuurlijke slijtage, resp. dat de volgende delen nodig zijn als verbruiksmaterialen.
| Categorie Voorbeeld | |
| Slijstukken* | Zwaard, bougie, luchtfilter, benzinefilter |
| Verbruiksmateriaal/verbruiksstukken* Zaagketting | |
| Ontbrekende onderdelen |
* niet verplicht bij de leveringsomvang begrepen!
Bij gebreken of defecten verzoeken wij u om de fout te melden op het internet onder www.isc-gmbh.info. Gelieve te zorgen voor een nauwkeurige beschrijving van de fout en daarbij in elk geval de volgende vragen te beantwoorden:
- Heeft het toestel reeds eenmaal gewerkt of was het vanaf het begin defect?
• Is u iets opgevallen voordat het defect zich voordeed (symptoom vóór het defect)? - Welke foutieve werkwijze vertoont het toestel volgens u (hoofdsymptoom)?
Beschrijf deze foutieve werkwijze.
NL
Garantiebewijs
Geachte klant,
onze producten worden onderworpen aan een strenge kwaliteitscontrole. Mocht dit apparaat echter ooit niet naar behoren functioneren, spijt dit ons ten zeerste en vragen u zich te wenden tot onze service-dienst onder het adres vermeld op dit garantiebewijs. Wij staan ook graag telefonisch tot uw dienst via het vermelde servicetelefoonnummer. Voor eisen in verband met het recht garantie geldt het volgende:
- Deze garantievoorwaarden regelen bijkomende garantieprestaties. Uw wettelijke garantieclaims blijven onaangetast door deze garantie. Onze garantieprestatie is voor u gratis.
-
De garantie geldt uitsluitend voor gebreken aan het apparaat die aantoonbaar vallen te herleiden tot een materiaal- of fabricagefout, en is naar ons goeddunken beperkt tot het verhelpen van zulke defecten of de vervanging van het apparaat.
Wij wijzen erop dat onze apparaten overeenkomstig hun bestemming niet ontworpen zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Van een garantiecontract is derhalve geen sprake, als het apparaat binnen de garantieperiode in commerciële, ambachtelijke of industriële bedrijven werd ingezet of aan een daarmee gelijk te stellen belasting werd blootgesteld. -
Van onze garantie zijn uitgesloten:
- Schade aan het apparaat als gevolg van niet-inachtneming van de montagehandleiding of op grond van ondeskundige installatie, als gevolg van niet-inachtneming van de gebruiksaanwijzing (zoals bijv. door aansluiting aan een verkeerde netspanning of stroomsoort) of niet-inachtneming van de onderhouds- en veiligheidsvoorschriften, door blootstelling van het apparaat aan abnormale omgevingsvoorwaarden of door nalatig onderhoud en verzorging.
- Schade aan het apparaat als gevolg van misbruik of ondeskundige toepassingen (zoals bijv. overbelasting van het apparaat of de inzet van niet toegelaten gereedschappen of toebehoren), binnendringen van vreemde voorwerpen in het apparaat (zoals bijv. zand, stenen of stof, transportschade), gebruik van geweld of als gevolg van externe invloeden (zoals bijv. schade door vallen).
- Schade aan het apparaat of aan delen van het apparaat die valt te herleiden tot slijtage als gevolg van gebruik, en als gevolg van normale of andere natuurlijke slijtage.
-
De garantieperiode bedraagt 24 maanden en gaat in op de datum van aankoop van het apparaat. Garantieclaims dienen voor het verloop van de garantieperiode binnen de twee weken na het vaststellen van het defect geldend te worden gemaakt. Het indienen van garantieclaims na verloop van de garantieperiode is uitgesloten. De herstelling of vervanging van het apparaat leidt niet tot een verlenging van de garantieperiode noch wordt door deze prestatie een nieuwe garantieperiode voor het apparaat of voor eventueel ingebouwde wisselstukken op gang gebracht. Dit geldt ook bij het ter plaatse uitvoeren van een serviceactiviteit.
-
Gelieve om een garantieclaim geldend te maken het defecte apparaat aan te melden onder: www.isc-gmbh.info. Valt het defect van het apparaat binnen onze garantieprestatie, dan bezorgen wij u per omgaande een hersteld of nieuw apparaat terug.
Uiteraard staan wij ook tot u dienst om, mits betaling van de kosten, defecten van het apparaat te ver- helpen die buiten de garantieomvang vallen. Te dien einde stuurt u het apparaat aan ons serviceadres op.
Voor slijstukken, verbruiksmateriaal en ontbrekende onderdelen wordt verwezen naar de beperkingen van deze garantie conform de service-informatie van deze handleiding.