STIGA eRide C300 - Tractor

eRide C300 - Tractor STIGA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis eRide C300 STIGA in PDF-formaat.

📄 184 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice STIGA eRide C300 - page 148
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Italiano IT Nederlands NL
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over eRide C300 STIGA

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Tractor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding eRide C300 - STIGA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. eRide C300 van het merk STIGA.

GEBRUIKSAANWIJZING eRide C300 STIGA

Grasmaier met zittende bediener, voeding met accu

GEBRUIKERSHANDLEIDING

LET OP: vooraleer de machine te gebruiken, dient men deze handleiding aandachtig te lezen.

ITALIANO - Istruzioni Originali IT
БылгСИ - Иструкция за[eKspnoataць BG
BOSANSKI - Prijevod originalinh uputa BS
CESKY - Ppreklad puvodniho nadvu k pouzivani CS
DANSK - Oversættelse af den originale brugsanvising DA
DEUTSCH - Übersetzung der Originalbetriebsanleitung DE
EAAHNIKA-MetaaepaaonTwv npwotunwov odnyiw
ENGLISH - Translation of the original instruction
ESPANOL-Traduccion del Manual Original
EESTI - Algupärase kasutusjuhendi tölge ET
SUOMI - Alkuperäisten ohjeiden käannös FI
FRANÇAIS - Traduction de la notice originale
HRVATSKI - Prijevod originalih uputa
MAGYAR - Eredeti hasznalatiutasitas forditasa HU
LIETUVISKAI - Originaliu instrukciju vertimas LT
LATVIEŠU - Instrukciju tulkojums no original valodas
MAKEOHCHN-ⅡpeBODHaOpnHnHaJIHnTeyNaTCTBa MK
NEDERLANDS - Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing NL
NORSK-Oversettelse av den originale bruksanvisningen NO
POLSKI - Tlumaczenie instrukcji oryginalnej PL
PORTUGUES - Traducao do manual original PT
ROMÁN - Traducerea manualului fabricantului RO
PUCCHN-HepeBoOpnHaJIbHbIX HcTpyKcI R
SLOVENSKY - Preklad pôvodného námodu na použitie
SLOVENsCINA - Prevod izvirnih navodil
SRPSKI - Prevod originalinh uputstva
SVENSKA - Oversattning av bruksanvisning i original
TÜRKCE - Orijnal Talimatlarin Tercümesi TR

STIGA eRide C300 - 1
1
2

STIGA eRide C300 - 2

STIGA eRide C300 - 3
3

STIGA eRide C300 - 4
0

STIGA eRide C300 - 5

STIGA eRide C300 - 6

STIGA eRide C300 - 1
4

STIGA eRide C300 - 2

STIGA eRide C300 - 3

STIGA eRide C300 - 4

STIGA eRide C300 - 5

STIGA eRide C300 - 6

STIGA eRide C300 - 7

STIGA eRide C300 - 8

STIGA eRide C300 - 9

STIGA eRide C300 - 10

STIGA eRide C300 - 11

STIGA eRide C300 - 12

STIGA eRide C300 - 13
11

STIGA eRide C300 - 14

STIGA eRide C300 - 15

STIGA eRide C300 - 16

STIGA eRide C300 - 17

STIGA eRide C300 - 18

STIGA eRide C300 - 19

STIGA eRide C300 - 20

STIGA eRide C300 - 21
12
0

STIGA eRide C300 - 22

STIGA eRide C300 - 1

STIGA eRide C300 - 2

STIGA eRide C300 - 3

STIGA eRide C300 - 4

STIGA eRide C300 - 5

STIGA eRide C300 - 6

STIGA eRide C300 - 7

STIGA eRide C300 - 8

STIGA eRide C300 - 9
20

STIGA eRide C300 - 10
21

STIGA eRide C300 - 11
22
23

STIGA eRide C300 - 12

STIGA eRide C300 - 13
24

STIGA eRide C300 - 14

STIGA eRide C300 - 15

STIGA eRide C300 - 16

STIGA eRide C300 - 17

STIGA eRide C300 - 18
30

STIGA eRide C300 - 19

STIGA eRide C300 - 20
31

STIGA eRide C300 - 21

STIGA eRide C300 - 1

STIGA eRide C300 - 2

STIGA eRide C300 - 3

STIGA eRide C300 - 4

STIGA eRide C300 - 5

STIGA eRide C300 - 6

39

STIGA eRide C300 - 7

STIGA eRide C300 - 1
40

41

STIGA eRide C300 - 1

STIGA eRide C300 - 2
42

STIGA eRide C300 - 3

STIGA eRide C300 - 4

STIGA eRide C300 - 5

[4] Maximale snelheid voor de werkking van de motor

[5] Accu

[5a] Li-ion-accu

[6] Capaciteit accu

[7]Acculader

[8] Maximum duur lading

[9] Vermogen tractiemotor

[10] Vermogen motor messen

[11]Voorbanden

[12]Achterbanden

[13]Bandenspanningvooraan

[14]Bandenspanningachteraaan

[15]Massa(*)

[16] Minimum straal ongemaaid gras

[17]Maaihoogte

[18]Maaibreedte

[19] Rijsnelheid (bij benadering), vooruit

[20] Rijsnelheid (bij benadering), awhile

[21] Maximaal toegestane helling

[22] Afmetingen

[23]Lenght

[24] Lenght met zak (lengte zonder zak)

[25]Breedte

[26] Breedte met zijdelingse
aflaatdeflector(Breedte zonder zijdelingse aflaatdeflector)

[27]Hoopte

[28]Codesnij-inrichting

[29] Niveau geluids

[30] Meetonzekerheid

[31] Gemeten akoestisch vermogen

[32] Gewaarborgd akoestisch vermoger

[33] Niveau trillingen op de bestuurdersplaats

[34] Niveau trillingen aan het stuur

[42] Optionele accessoires

[42.A1, 42.A2] Kit voor "mulching"

[42.B]Batterij-opladervoorbehoud

[42.C] Afdekzeil

[42.D] Kit achechterste aflaatbeveiliging (alleen voor MP-serie)

  • Voor het specifiek gegeven, verwijst men maar wat aangegeven is op het identificatielabel van de machine.

[1] NO-TEKNISKE DATA

[2] Matespenning MAX

[3] Matespenning NOMINAL

[4] Motorens maks driftshastighet

[5] Batteri

[5a] Med litiumion (Li-on)

[6] Batteriets kapasitet

[B7]Batterilader

[8] Maksimal varighet for ladingen

3.1 Training 5
3.2 Voorafgaande werkzaamheden.. 6
3.3 Tijdens het gebruik 6
3.4 Onderhoud, stalling 7

4.LEER DE MACHINE KENNEN 8

4.1 Beschrijving machine en beoogd gebruik 8
4.2 Veiligheidssignalen.. 8
4.3 Identificatielabel 9
4.4 Belangrijkste onderdelen.. 9

  1. MONTAGE 10

5.1 Onderdelen voor de montage 10
5.2 Montage van het stuurwiel. 10

5.3 Montage van de stoeel 11
5.4 Montage van de Voorbumper 11

5.5 Montage van de zijdelingse aflaatdeflector (enkel voor modellen met zijdelingse aflaat) 11

5.6 Montage van de zijdelingse
versterkingen van de snijgroep (enkel voor modellen met zijdelingse aflaat, indien voorzien) 11
5.7 Montage en verwollediging van dechtersteplaat (enkel voor modellen met opvang achteraan). 12

  1. BEDIENINGSELEMENTEN 12

6.1 Contactslot 12
6.2 Pedaal aandrijving 12

6.3 Hendel voor in-/uitschakelen van de transmissie 12
6.4 Hendel afstelling maaihoogte 13

6.5 Noodtoets. 13

6.6 AUX-AANSLUITING VOOR USB ACCESSORIES 13

6.7 akoestische signaalgever 13
6.8 Hendel Kanteling opvangzak (indien voorzien, enkel voor modellen met opvang zicheraan) 13

6.9 Toetsenbord 13
6.10 Functie Bluetooth 16

  1. GEBRUIK VAN DE MACHINE 16

7.1 Voorafgaande werkzaamheden 16

7.2 Veiligheidscontroles 17
7.3 Gebruik op hellend terrein 18
7.4 Starten. 18
7.5 Het werken 18
7.6 Stoppen 20

7.7 Na het gebruik 20

  1. GEWOON ONDERHOUD 20

8.1 Algemeen 20
8.2 Accu 21
8.3 antiscalp wieltjes 23
8.4 Reiniging 23
8.5 Smering 24
8.6 Moeren en schroeven voor bevestiging 24

  1. BUITENGEWOON ONDERHOUD 24

9.1 Veiligheidsaanbevelingen 24
9.2 Snijgroep / snij-inrichtingen 24
9.3 Vervanging van de voorste /chterste wielen 24
9.4 Vervanging led-lampen 25

10.STALLING 26

  1. HANTERING EN TRANSPORT 26
  2. ASSISTENTIE EN HERSTELLINGEN.....26
  3. GARANTIEDEKKING 26
  4. TABEL ONDERHOUD 27
    15.PROBLEMEN IDENTIFICATIE 28
    16.TOEBEHOREN 31

16.1 Kit voor "mulching" 31

16.2 Acculader (snelle lading) 31
16.3 Afdekzeil 31
16.4 Kit achefterste aflaatbeveiliging 31

1. ALGEMEEN

1.1 HOE DE HANDLEIDING LEZEN

In de tekst van de handleiding worden enkele paragrafen, die gegevens van bijzonder belang bevatten met betrekking tot de veiligheid of de werkung, op verschillende wijze gekenmerkt, volgens het volgende criterium:

STIGA eRide C300 - HOE DE HANDLEIDING LEZEN - 1

GEVAAR

Het Niet naleven van de waarschuwing leidt tot een dreigende risicosituatie die, indien deze nicht wordt vermeden, onmiddelijkdeood of ernstige of blijvende schade tot gevolg zal hebben.

STIGA eRide C300 - GEVAAR - 1

WAARSCHUWING

Het Niet naleven van de waarschuwing leidt tot een möglichke risicosituatie die, indien deze nicht worden vermeden, dood of ernstige of blijvende schade aan de gezondheid tot gevolg kan hebben.

STIGA eRide C300 - WAARSCHUWING - 1

LET OP

Het Niet naleven van de waarschuwing leidt tot een möglichke risicosituatie die, indien deutsche nicht worden vermeden, Kleinere schade aan de machine tot gevolg kan hebben.

STIGA eRide C300 - LET OP - 1

VERWITTIGING

Geeft instructies die betrekking hebben op een gedrag dat gehonden要去 worden is bij praktijk den die geen verband honden met lichamelijk letsel.

STIGA eRide C300 - VERWITTIGING - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Het bevat een instructie die verwijst maar specifieke procedures die moeten worden gezolgd in het geval van situatuies die de menselijk gezondheid of de veilighed van machines in gevaar brengen.

OPMERKING

Biedt aanvullende informatatie bij de instructies van de vorige verilgheidsberichten.

De paragrafen die aangegeven zijn met een grije stippen-board wijzen op optionele kenmerken die nicht aanwezig zijn op alle modellen die in deze handleiding beschreiben worden. Controller of het kenmerk aanwezig is op het model in kwestie.

De aanwijzingen "voor", "achter", "rechts" en "links" hebben betrekking op de werkpositie van de bediener.

1.2 REFERENCES

1.2.1 Afbeeldingen

De afbeeldingen in deze gebruiksaanwijzingen
zijn genummerd 1,2,3 enz.
De onderden die op de afbeeldingen
zijn aangegeven,zijn gekentekend
met de letters A,B,C enz.
Een verwijzingaar het onderdeel C in
afbeelding 2 worden aangegeven met de tekst: "Zie afb.2.C"of eenvoudigweg"(Afb.2.C)".
De afbeeldingen zijn indicatief.De
effectieve delen+kennen wizgen ten
opzichte van wat aangegeven is.

1.2.2 Titels

De handleiding is onderverdeeld in hoofdstukken en paragrafen. De titel van de paragraaf "2.1 Training" is een ondertitel van "2. Veiligheidsvoorschriften". De verwijzingen aan titels of paragrafen zijn aangegeven met de afkorting hfdst. of par. en het desbetreffend nummer. Voorbeeld: "hfdst. 2" of "par. 2.1"

2. ALGEMENE

VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

2.1 ALGEMENE

Lees alle veiligheidswaarschuwingen, alle instructies, alle illustraties en alle specificaties die bij deze machine worden geleverd. Het Niet opvolgen van de onderstaande instructies kan elektrische schokken, brand en/of ernstige letsels tot gevolg hebben.

Bewaar alle waarschuwingen en instructies voor toekomstig gebruik.

De term "elektrisch gereedschap" in de waarschuwingen verwijst maar uw machine met voeding via het stroomnet (met kabel) of met accuvoeding (zonder kabel).

1) Veiligkeit van het werkgebied

a) Houd het werkgebied schoon en goed verlicht. Ongeordende of donkere gebieden vergemakkelijken ongevallen.
b) Gebruik het elektrische gereedschap Niet in een explosieve atmosefer, bijvoorbeeld in de buurt van brandbare vloeistoffen, gassen of stof. De elektrische gereedschappen genereren vonken die stof of dampen können doen ontvlammen.
c) Houd kinderen en omstaandersuit de buurt als u het elektrische gereedschap gebruikt. Afleidingenkunnen controverliesveroorzaken.

a) De stekker van de kabel van de acculader要去 compatibel zich met het stopcontact. Wijzig de stekker nooit. Gebruik geen adapters met een geaarde acculaderkabel. Niet gemodificierde stekkers die geschikt zich voor het stopcontact verminderen het risico op elektrische schokken.
b) De stekker van het elektrische gereedschap要去 compatibel zich met het stopcontact. Wijzig de stekker nooit. Gebruik geen adapters met geaard elektrisch gereedschap. Ongemodificierde stekkers die geschikt zich voor het stopcontact verminderen het risico op elektrische schokken.
c) Voorkom met het lichaam in contact te komen met geaarde oppervlakken, zoals buizen, radiatoren, keukens of koelkasten. Het risico voor elektrische schokken neemt toe als het lichaam zich op de aarde of de grond bevindt.
d) Stel elektrische gereedschappen nicht bloot aan regen of native omgevingen. Water dat in het elektrische gereedschap sijpelt, verhoegt het risico op elektrische schokken.
e) Trek nooit aan de kabel van de batterijlader om de stekkeruit het stopcontact te halen. Houd het snoer van de batterijladeruit de buurt van把它, olie, oplosmiddelen, scherpe voorwerpen, scherpe randen of bewegende onderdelen. Een beschadigde of verstrikte kabel verhoegt het risico op elektrische schokken.
f) Gebruik de kabel nicht verkeerd. Gebruik de kabel nicht om het gereedschap te vervoeren, eraan te trekken of om het uit het stopcontact te halen. Houd de kabel op afstand van hitte, olie, scherpe hoeken of bewegende delen. Een beschadigde

of verstrikte kabel verhoegt het risico op elektrische schokken.

g) Gebruik een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenhuis wanner u het elektrisch gereedschap buitenhuis gebruikt. Het gebruik van een verlengkabel die geschikt is voor gebruik buitenhuis, verminder het risico op elektrische schokken.
h) Als het gebruik van elektrisch gereedschap in een vochtige omgeving Niet kan worden vermeden, gebruik dan een stopcontact dat beveiligd is met een differentieelschakelaar (RCD-Residual Current Device). Het gebruik van een aardlekschakelaar verminder het risico op elektrische schokken
i) Sluit de acculader alleen aan op stopcontacten met de netspanning en frequentie zoals aangegeven op het plaatje.

GEVAAR

Vocht en elektriciteit gaan nicht samen:

  • De elektrische kabels moeten altijd in droge omstandigheden gehanteerd en aangesloten worden.
  • Breng een elektrisch stopcontact of kabel nooit in contact met een natte zone (plas of vochtige ondergrond).
  • Gebruik indien nodig verlengsnoeren met volledige waterdichte en gehomologeerde stekkers, die verkrijgbaar zijn in de handel.
  • De voorziening van een stopcontact om op te laden, aangesloten op het elektriciteitsnet van het gebouw, moet worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien en要去 voldoende worden beschermd door een aardlekschakelaar (RCD-aardlekschakelaar), met een aftschakelstroom in overeenstemming met de geldende voorschriften.
  • Een onjuiste verbinding kan kortsluiting of ernstig persoonlijk letsel, inclusief de dood,veroorzaken.

  • Om onderbrekingen in de toevoer van de elektrische stroom te vermijdenijdens het opladen:

a. controller of het totaal vermogen van de elektrische installmentie geschikt is.
b. verbind de machine aan een stopcontact met een voldoende stroomsterkte.
c. vermijd het gelijklijkig gebruik van elektrische apparaten met een hoge absorptie.

3) Persoonlijke veiligheid

a) Wees voorzichtig, controller wat u doet, en gebruik uw gezond verstand bij het gebruik van het elektrische

gereedschap. Gebruik het elektrische gereedschap Niet als u moe bent of onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheidijdens het gebruik van het elektrische gereedschap kan ernstige personlijke letsels veroorzaken.

b) Draag een persoonlijk beschermingsmiddel. Draag altijd een veiligheidsbril. Het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddlesen zoals stofmaskers, antislip veiligheidsschoenen, veiligheidshelmen of gehoorbeschermingen vermindert lichamelijke letsels.
c) Voorkom dat de machine ongewild start. Zorg ervoor dat de schakelaar op "OFF" staat vooraleer de stekker in te steken, of gereedschap vast te nemen of te transporteren. Een elektrisch gereedschap transporteren met een vinger op de schakelaar of in het stopcontact steken met de schakelaar in de stand "ON" verhoogt het risico op ongevallen.
d) Verwijder elike sleutel of afstelgereedschap voordat u het elektrische gereedschap inschakelt. Een sleutel of gereedschap dat in contact blijft met een draaiend deel van de machine kan persoonlijke letsels veroorzaken.
e) Ga Niet overleunen. Zorg altijd voor voldoende ondersteuning en balans. Dit maakt een betere controle over het elektrische gereedschap möglichk in onverwachte situatuies.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen brede kleding of juwelen. Houd haar en kleding uit de buurt van de bewegende delen. Losse kleding, sieraden of langhaar kunnen verstrikt raken in bewegende delen.
g) Als er apparaten要去en worden aangesloten op installations voor het afzuigen en verzamelen van stof, zorg er dan voor dat ze op de juiste manier worden aangesloten en gebruikt. Het gebruik van deze apparaten kan het risico betreffende stof verminderen.
h) Laat u door de vertrouwdheid die u met het gebruik van de machine heeft verkreten, Niet zichgenoegzaam worden en de veiligheidsprincipes van het elektrische gereedschap negeren. Nalatigheid kan in een fractie van een seconde ernstige letsels verroorzaken.

4) Gebruik en bescherming van het elektrische gereedschap

a) Overbelast het elektrische gereedschap Niet. Gebruik het elektrische gereedschap dat geschikt is voor de werkzaamheden. Het juiste elektrische gereedschap za de werkzaamheden better en veiliger uitvoeren, met de snugheid waarvoord het is ontworpen.
b) Gebruik het elektrisch gereedschap indien de schakelaar hem nicht correct kan in- en uitschakelen. Een elektrisch gereedschap dat Niet bediend kan worden met de schakelaar is gevaarlijk en要去 gerepareerd worden.
c) Gebruik de machine nicht als de sleutelschakelaar deze nicht regelmatig kan starten of stoppen. Een machine die Niet met de sleutelschakelaar kan worden bediend, is gevaarlijk en moet in een servicecentrum worden gerepareerd.
d) Verwijder de contactsleutel voordat u eender welke afstellinguitvoert, accessoires verwisselt of voordat u het elektrische gereedschap opbergt. Dezepreventie veiligheidsmaatregelen verminderen het risico voor onbedoeld starten van het elektrische gereedschap.
e) Bewaar ongebruekte elektrische gereedschappen buiten het bereik van kinderen, en sta Niet toe dat personen die nichtbekend zich met het gereedschap zelf en deze instructies de machine gebruiken. Elektrische gereedschappen zich gaarlijk in de handen van nicht-opgeleide gebruikers.
f) Zorg voor het onderhoud van het elektrische gereedschap en van de accessoires. Controller of de bewegende onderdelen goed uitgelijnd zijn en vrij hunnen bewegen, of er geen delen gebroken zich en of er andere condities zich die een invloed hunnen hebben op de werking van het elektrisch gereedschap. Bij schade要去 het gereedschap gerepareerd worden vooraleer het opnieuw te gebruiken. Vele ongevallen worden veroorzaakt door een ontoreiekend onderhoud.
g) Houd de snijmechaniek altiid scherp en schoon. Een gespast onderhoud van de snijmechaniek, met scherpe snijkanten, maakt ze minder gevoelig voor vastlopen en gemakkelijker bedienbaar.
h) Gebruik het elektrisch werktuig en de bijhorende toebehoren volgens de verschafte instructies, en houd rekening met de werkcondities en het soort werk dat uitgevoerd moet worden. Het gebruik van een

elektrisch werktuig voor andere handelingen dan diegene die voorzien zich kan tot gevaarlijk situatuies leiden.

i) Houd de handgrepen en alle grijpvlakken droog, schoon en vrij van sporen van olie en vet. Gladde grepen en grijpvlakken staan Niet toe dat u het gereedschap veilig kunt verplaatsen en bedieren in onverwachtete situatuies.

6) Gebruik en voorzorgsmaatregelen van gereedschappen met accu
a) Gebruik voor het laden van de accu enkel de door de fabrikant aanbevolen accruladers. Een lader die geschikt is voor een type accu, kan bij gebruik met een andere accu het risico op brand, elektrische schokken, oververhitting of lekkage van bijtende accuvloeistof met zich meebrengen.
b) Gebruik enkel de specifieke accu's die voor uw toestel voorzien zijn. Het gebruik van een ander accugroep kan het risico voor letsels en brand veroorzaken.
c) Als het.accupak Niet worden gebruikt, moet ze uit de buurt worden gehonden van andere metalen voorwerpen zoals nietjes,munte, sleutels,spijkers, schroeven of anderekleine metalen voorwerpen die kortsluiting van de contacten kannen voroorzaken. Een kortsluiting van de contacten van de accu kan tot brand leiden.
d) Als de accu in slechte condities verkeert, kan ze vloeistof lekken. Vermijd contact met de vloeistof. In geval van toevallig contact, spoelen met water. In geval van contact van de vloeistof met de ogen, een arts raadplegen. Vloeistof die uit de accu stroomt, kan huidirritatie of brandwondenveroorzaken.
e) Gebruik geen beschadigd of gewijzigd gereedschap of occupak. Beschadigde of gewijzigde accu's kunnen een onvoorspelbaar gedrag hebben wat kan leiden tot brand, ontploffing of risico voor letsels.
f) Stel de accu of het gereedschap Niet bloot aan vuur of buitensporige temperaturen. Blootstelling aan vuur of temperaturen boven 130^ kan een explosie veroorzaken.
g) Volg alle oplaadinstructies en laad de accu of het gereedschap nicht op buiten dit temperatuurinterval. Oneigenlijk opladen of bij temperaturen buiten het gespecificierde bereik, kan de accu beschadigen en het risico op brand vergroten.

h) Herlaad het.Accupak Niet in omgevingen waar er stoom of ontvlambare materialen aanwezig zichn of in overdreven vochtige lokalen. Als de vochtigheid nicht vermeden kan worden, dient men een stopcontact te gebruiken dat beschermd is door een differentiele schakelaar (RCD-Residual Current Device),om het risico om een elektrische shock te verminderen.

i) Bewaar de kabel van de batterijlader buiten het bereik van kinderen.

7) Assistentie

a) Laat het elektrische gereedschap door gekwalificeerd personeel herstellen, met alleen originele reserveonderdelen. Hierdoor kan de veiligheid van het elektrische gereedschap worden behouden.
b) Voer geen herstellingen uit op de accu. De reparatiewerkzaamheden要去en worden uitgevoerd door de fabrikant of door een gespecialiseerd servicecentrum.

3. VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR DE GRASMAIER MET ZITTENDE BESTUURDER

3.1 TRAINING

Zorg dat u vertrouwd raakt met de bedieningsknoppen en in staat bent de machine op de juiste wijze te gebruiken. Leer de machine snel af te zetten.
- Laat nooit toe dat de machine gebruikt worden door kinderen of door Personen die nicht vertrouwd zijn met deze aanwijzingen. De minimale leeftijd van de gebruiker kan landelijk gereglementeerd�n.
- Vervoer geen kinderen of andere passagiers.
Denk eraan dat de gebruiker aansprakelijk is voor ongevalten en onvoorziene gebeurtenissen die personen of hun eigendommen können overkommen. Het valt onder de verantwoordelijkheid van de gebruiker om de risico's, die het terrein waar hij op要去 werkken met zich mee kan brengen, te beoordelen en om alle nodige voorzorgsmaatregelen te treffen met het oog op zijn eigeneiligkeit en dat van anderen, met name op hellingen, hobbelige, gladde of instabiele terreinen.
- Deze handleiding is een integraal onderdeel van de machine en moet waarom algid worden opgevolgd in geval van tijdelijke of definitieve overdracht ervan.

3.2 VOORAFGAANDE WERKZAAMHEDEN

Persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM)

  • Draag geschikte kledij, stevige werksochoenen met antislipzolen en een lange broek. Bedien de machine Niet met blote voeten of met open sandalen. Draag gehoorsbeschermingen.
  • Het gebruik van gehoorbeschemmers kan het vermogen eventuele waarschuwingen (roepen of alarmen) te horen, verminderen. Verleen de maximale aandacht aan wat rond de werkzone geleurt.
  • Draag geen sjaal, hemd, halsketting, armbanden, kledij met losse delen, of met bandjes of denen of andere hangende of wijde accessoires die vastgegrepen können worden door de machine of voorwerpen en materiaal aanwezig op de werkplaats.
  • Bind lang haar bijeen.

Werkzone / Machine

Controleer grondig de hele werkzone en verwijder alles wat door de machine weg zou konnen uitgestoten worden of de snij-inrichting/ draaiende organen zou konnen beschadigen (keien, takken, ijzerdraad, beenderen, enz.).

  • Gebruik de machine nicht in omgevingen met gevaar op ontploffing, in aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen, gas of stof. Elektrische contacten of mechanische wrijvingen konnen vonden veroorzaken die het stof of de dampen konnen doen ontbranden.
  • Werk enkel bij daglicht of met goed kunstmatig, icht en bij goede zichtaarheid.
  • Verwijder Personen, kinderen en dieren uit de werkzone. De kinderen要去en onder toezicht van een andere volwassene staan.
  • Werk Niet op nat grayscale, bij regen of bij risico op onweer, in het bijzonder wonneer er kans op bliksem bestaat.
  • Let bijzonder goed op de onregelmatigheden van het terrein (drempels, geulen), op de hellingen, op verborgen bevaren en op de aanwezigheid van eventuele hindernissen die de zichtaarheid zonden können beperken.
  • Wees zeer voorzichtig nabij ravijnen, grachten of vrijden. De machine kan omkantelen indien een wil over de rand gaat of indien de rand inzakt.
  • Let op in geval van hellende terreinen, waar bijzondere aandacht vereist is om omkantelen of verlies van controle over de machine te vermijden. De voornaamste oorzaken waardoor de macht over het stuur kwijt geraakt kan worden zich:
  • Onvoldoende grip van de wielen.
    Overdreven snelheid.

  • Bruuske veranderingen vanrichting.

  • Niet passende remming.
  • De machine is nicht geschickt voor het doel waarvoor zich gebruikt worden.
  • Gebrek aan kennis van de gevolgen die de toestand waarin het terrein zich bevindt kan hebben.
  • Gebruik van de machine als trekvoertuig.

  • Let goed op het verkeer, wanner de machine zich bij de staat gebruikt worden.

STIGA eRide C300 - Werkzone / Machine - 1

VERWITTIGING

De machines die in deze handleiding worden behandeld, zichn nicht bedoeld voor gebruik als trekvoertuig.

Gedrag

  • Laat u tijdens het rijden Niet afleiden, behoud de nodige concentratie.
  • Let op wanner uchteruit of achterwaarts rijdt. Kijk hinteruit voor en tijdens het hinteruit rijden om u ervan te verzekerend dat er geen hindernissen zijn.
  • Let op bij het gebruik van toebehoren die de stabiliteit van de machine kan wijzigen, in het bijzonder op hellingen.
  • Houd alsd de handen en voeten ver van de snij-inrichting, zowel wanner de motor gestart wordt als tijdens het gebruik van de machine.
  • Houd handen en voeten op afstand van de stoelsteun. Gevaar voor verwonding door beknelling.

STIGA eRide C300 - Gedrag - 1

WAARSCHUWING

Het snij-element blijt gedurende enkele seconden na+zijn afkoppeling of na uitschakeling van de motor draaien.

STIGA eRide C300 - WAARSCHUWING - 1

WAARSCHUWING

Let goed op de snijgroep met meerere snijinrichtingen, aangezien een draaiende snijinrichting ook de andere zou können doen draaien.

STIGA eRide C300 - WAARSCHUWING - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

In geval van breuken of oncevallen tijdens het werk, dient men de motor onmiddelijk stil te zetten en de machine te verwijderen om geen verdere schade te berokkenen; in geval van oncevallen met personlijke letsels of letsels aan derden, dient men onmiddelijk de meest geschikte eerste-hulp-procedures te volgen voor de situatie en zich tot een gezondheidsstructuur terichten voor de nodige zorgen. Verwijder zorgvuldig eventuele resten die schade of letsels aan Personen of dieren hunnenveroorzaken indien ze onopgemerkt blijven.

Beperkingen voor het gebruik

  • Gebruik de machine nooit wanner de beveiligingen beschadigd zich, ontbreken of nicht correct geplaatst zich (opvangzakken, zijdelingse aflaatbescherming,chterste aflaatbescherming)
  • Gebruik de machine nicht indien de toebehoren/werktuigen nicht op de voorziene plaatsen geinstalleerd zich.
  • De aanwezige veiligheidsinrichtingen/ microschakelaars Niet uitschakelen, aftschakelen, verwijderen of schenden.
    Overbelast de machine Niet en gebruik geen nicht-geschikte machine om zware werken te verrachten; het gebruik van een machine met aangepaste afmetingen zal de risico's beperken en de kwaliteit van het werk verbeteren.
  • De machine is nicht goedgekeurd om op de openbare weg te rijden. Ze mag (volgens het Wegverkeersregelement) uitsluitend gebruikt worden op privetein dat voor verkeer gesloten is.

3.4 ONDERHOUD, STALLING

Regelmatig onderhoud en een correcte stalling garanderen de veiligheid van de machine en het niveau van de performance.

Onderhoud

  • Gebruik de machine nooit als er onderden versleten of beschadigd zijn. De defecte of beschadigde onderden要去en verrangen en nicht gerepareerd worden.
  • Tijdens de afstelingen van de machine, moet men erop letten dat de vingers Nietussen de bewegende snij-inrichting en de vastedelen van de machine geklemd geraken.
  • Laat de machine repareren door gekwalificeerd personeel en gebruik alleen originele onderdelen. Op die manier worden de veiligheid van de machine in stand gehonden.
  • Voer geen reparatiesuit aan de accu. Reparatiewerkzaamheden moeten worden uitgevoerd door de fabrikant of door een gespecialiseerd servicecentrum.

STIGA eRide C300 - Onderhoud - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Het niveau van het geluid en van de trillingen dat aangegeven is in deze handleiding, zich de maximale waarden voor het gebruik van de machine. Het gebruik van een Niet gebalanceerd maai-element, een overdreven snugheid van de beweging, het gebrek aan onderhoud hebben een negatieve invloed op het geluidsniveau en op de trillingen. Bijgevolg is hetoodzakelijkpreventieve maatregelen te treffen om mogelijk schade ten gevolge van een hoog geluidsniveau en stress van trillingen te vermijden; zorg

voort het onderhoud van de machine, draag gehoorbescheming, maak pauzesijdens het werk.

Stalling

Laat geen holders met restmaterial in een gesloten ruimte, om het risico op brand te voorkomen.

De milieubescherming moet een belangrijk en prioritair aspect vormen voor het gebruik van de machine, ten gunste van de civiele samenleving en de omgeving waarin we leven.

  • Volg nauwgezet deplaatselijke normen voor het verwerken van de verpakking, batterijen, versleten delen of eender welk element met een sterke invloed op het milieu; dit afval mag Niet met de huisafval wegeworpen worden, maar moet geschieren worden en aan speciale verzamelcentra toevertrouwd worden, die de recyclage van de materialen zullen verzorgen.
  • Volg scrupuleus de lokale normen op voor de afdanking van het afval.
    Bij het buiten bedrijf stellen van de machine, mag deze nooit in het milieu hintergelaten worden maar moet ze�en opvangcentrum gebracht worden, volgens de geldendeplaatselijkne normen.

STIGA eRide C300 - Stalling - 1

Gooi elektrische apparatuur nicht bij het gewoon huishoudelijk afval. Volgens de Europese Richtlijn 2012/19/EG inzake elektrisch en elektronisch afval en de toepassing ervan overeenkomstig de

nationale wetgeving, moet de afgedankte elektrische apparatuurApart ingezameld worden voor recyclagedoeleinden.Indien de elektrische apparatuur afgedankt worden op een afvalpark of in de ondergrond, kuren de schadelijke stoffen de waterlaag bereiken en in de voedingsketenterecht komen, met nadelige gevolgen voor uw gezondheid en uw welzijn.Voor meer informatie over de afdanking van dit product, contacteer de instantie die bevoegd is voor de verwerking van het huishoudelijk afval of raadpleeg uw Verkoper.

STIGA eRide C300 - Stalling - 2
Li-ion

Aan het einde van hun levensduur,要去 men de batterijen met de nodige zorg voor het milieu en in overeenstemming met deplaatselijke voorschriften afdanken. De batterij bevat materialen die gevaarlijk zijn

voor U en voor de omgeving. Ze要去 verwijderd worden en geschieiden ingezameld worden nabij een structuur die lithiumionenbatterijen aanvaardt.

STIGA eRide C300 - Stalling - 3

De geschienen inzameling van gebrukke producten en verpakkingen staat recycling en hergebruik van de materialen toe. Het

hergebruik van gerecycled materiaal helpt de verwuiling van het milieu te voorkomen en verminder de vraag maar grondstoffen.

4. LEER DE MACHINE KENNEN

4.1 BESCHRIJVING MACHINE EN BEOOGD GEBRUIK

Dit is een grasmaier met zittende bestuurder.
De machine is uitgerust met een elektromotor
die de snij-inrichting inschakelt, en een
elektrische overbrengingseenheid uitgerust
met een differentieel die de machine
beweegt en het sturen vergemakkelijk.
De machine is voorzien van afterwardslaandrijving.

De bediener kan de machine bedieren en de hoofdcmando's inschakelen verwijl hij steeds op+zijnplaats blijft zitten.

De veiligheidsinrichtingen op de machine doen de motor en de snij-inrichting na enkele seconden stilvallen (par. 7.2.2).

4.1.1 Voorzien gebruik

Deze machine is ontworpen en gebouwd voor het maaien van gras.

Over het algemeen:

MP 84 Li 48 Series V1/V2 kan:
3. het gras maaien en in de opvangzak opvangen
4. het gras maaien en achteraan op de grond afladen
5. het gras maaien, hakselen en op het gazon acheterlaten (effect "mulching").
- SD 98 Li 48 Series V1/V2 kan:
1. het gras maaien en zijdelings aflaten
2. het gras maaien, hakselen en op het gazon acheterlaten (effect "mulching").

Het gebruik van bijzonder toebehoren, voorzien door de Fabrikant als oorspronkelijke uitrusting of afzonderlijk aan te kopen, staat toe dit werk UIT te voeren volgens de verschillende werkwijzen die in deze handleiding of in de instructies die met het toebehoren geleverd worden, beschreibenন. Tegelijkkertijd kan de möglichkheid bijkomend toebehoren te gebruiken (indien voorzien door de Fabrikant) het gebruik ervan uittbreiden maar andere functies, volgens de limieten en condities die beschreibenনন in de instructies die het toebehoren zich vergezellen.

4.1.2 Onjuist gebruik

Eender welt ander gebruik, dat afwijk van het beoogde gebruik, kan gevaarlijk zijn en schade berokkenen aan personen en/of zaken. De volgende situatuies behoren tot het onjuist gebruik (bijvoorbeeld, maar Nietuitsuitend):

  • op de machine andere personnes, kinderen of dieren vervoeren, aangezien deze zouden hunnen vallen en ernstige letsels zouden hunnen opdoen of de veiligheid van de rit in het gedrang zouden hunnen brengen;
  • ladingen duwen;
  • gebruik van de machine op onstabiele, gladde, bevoren, stenige of oneffen terreinen, in geval van plassen of moerassen die nicht toestaan de consistentie van het terrein in te schatten;
  • de snij-inrichting aanschakelen op zones zonder gras;
  • gebruik van de machine voor het verzamelen van bladeren of afval.

VERWITTIGING

Het onjuist gebruik leidt tot verval van zowel de garantie als de aansprakelijkheid van de fabrikant waardoor de gebruiker zich verantwoordelijk is voor schade of letsel die hijzelf of anderen oplopen.

4.1.3 Type gebruiker

Deze machine is bestemd voor gebruik door consumenten, d.w.z. door Niet professionele bedieners. Het is bedoeld voor "hobbygebruik" en要去 door een gebruiker worden gebruikt.

4.2 VEILIGHEIDSSIGNALEN

Er zijn verschillende symbolen op de machine aanwezig (afb. 2). Hun taak is de bediener te herinneren aan het gedrag dat hij要去 aanhouden om de machine met de nodige aandacht en voorzichtigheid te gebruiken. Betekenis van de symbolen:

STIGA eRide C300 - VEILIGHEIDSSIGNALEN - 1

LET OP

Lees de aanwijzingen alvorens de machine te gebruiken.

STIGA eRide C300 - LET OP - 1

LET OP

Haal de sleutel uit het contact en lees de instructies alvorens elke willekeurige onderhouds- of reparatie-ingreep uit te voeren.

STIGA eRide C300 - LET OP - 1

GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE VOORWERPEN

Niet werken zonder de achterste aflaatbeveiliging of de opvangzak erop bevestigdt hebben. (enkel voor modellen met opvang acheteraan)

STIGA eRide C300 - GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE VOORWERPEN - 1

GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE VOORWERPEN

Niet werken zonder de zichdelingse aflaatdeflector bevestigdt hebben. (enkel voor modellen met zichdelingse aflaat)

STIGA eRide C300 - GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE VOORWERPEN - 1

GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE VOORWERPEN

Houd de Personenijdens het gebruik op afstand, buiten de werkzone.

STIGA eRide C300 - GEVAAR VOOR WEGSPRINGENDE VOORWERPEN - 1

GEVAAR VOOR KANTELEN VAN DE MACHINE

Gebruik deze machine Niet op hellingen van meer dan 10^

STIGA eRide C300 - GEVAAR VOOR KANTELEN   VAN DE MACHINE - 1

GEVAAR VOOR VERPLETTEN

Zorg ervoor dat kinderen op een afstand van de machine blijven als de motor aanstaat.

STIGA eRide C300 - GEVAAR VOOR VERPLETTEN - 1

SNIJGEVAAR

Bewegende snij-inrichtingen. Steek uw handen of voeten nicht in de holte van de snij-inrichtingen.

STIGA eRide C300 - SNIJGEVAAR - 1

LET OP

Kijk Niet waar de LED-lampen die in werkig+zijn.

STIGA eRide C300 - LET OP - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

De beschadigde of onleesbaar geworden labels moeten verrangen worden. Vraag neue labels aan uw eigen geauthoriseerd Dienstcentrum.

4.3 IDENTIFICATIELABEL

Het identificatielabel geeft de volgende gegevens aan (Afb. 1):

  1. Geluidsniveau.
  2. EG-conformiteitsteken.
  3. Bouwjaar.
  4. Machinetype.
  5. Serienummer.
  6. Naam en adres van de fabrikant.
  7. Artikelcode.
  8. Maximale snelheid voor de werkking van de motor.

  9. Gewicht in kg.

  10. Elektrische beschermingsgraad.

  11. Nominale spanning.
  12. Vermogen accu.

Schrijf de identificatiegegevens van de machine in de vakjes op het label aan dechterkant van de omslag.

STIGA eRide C300 - IDENTIFICATIELABEL - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Gebruik de identificatiegegevens die aangegeven zijn op het identificatielabel van het product bij ieder contact met de geauthoriseerde werkplaats.

OPMERKING

Het voorbeeld van de verklaring van overeenstemming bevindt zich op de voorlaatste pagina's van de handleiding.

4.4

BELANGRIJKSTE ONDERDELEN

De machine is samengesteld uit de volgende hoofdonderdelen, met de volgende functie (afb. 1):

A. Snijgroep: dit is het geheel bestaande uit de carter, waarin zich de draaiende snij-inrichtingen bevinden, en de snij-inrichtingen zich.
B. Snij-inrichtingen: dit zich de elementen die ervoor dieren om het gras te maaien; de windvleugels die aan de uiteinden zitten bevorderen de afvoer van het gemaaid gras maar hetuitwerpkanaal.
C. Zijdelingse aflaatdeflector: dit is een beveiliging die voorkomt dat eventuele voorwerpen, die door de snij-inrichtingen meegenomen worden, ver van de machine weg hunnen schieten (enkel voor modellen met zijdelingse aflaat).
D. Uitwerpkanaal: dit is het verbindsglementussen de snijgroep en de opvangzak (enkelvoor modellen met opvang achteraan).
E. Opvangzak: dient nicht alleen om het gemaaide op te vangen, maar vormt bovendien een veiligheidselement, waar het voorkomt dat eventuele voorwerpen, die door de snijinrichtingen meegenomen worden, ver van de machine weg hunnen schieten (enkel voor modellen met opvang achteraan).
F. Achterste aflaatbeveiliging (beschikbaar op aanvraag): wanner deze op de plaats van de opvangzak gemonteerd is, verhindert ze dat eventuele voorwerpen die door desnij-inrichting opgevangen werden, ver weg van de machine geschoten worden.(enkel voor modellen met opvang achteraan).

G. Bestuurdersplaats: dit is de werkplaats van de bestuurder, uitgerust met een sensor die de aanwezigheid van de bestuurder waarneemt met het oog op de werkking van de beveiligingssystemen.
H. Motor bladen: geeft de beweging aan de snij-inrichtingen.
I. Motor transmissie: geeft de beweging door aan de weil
J. Accu: levert energia aan de motoren en alle elektrische componenten van de machine.
K. Buffer vooraan: niedt bescherming aan de voorkant van de machine.
L. Stuur: hiermee kuren de voorwienen bestuurd worden.
M. Toetsenbord: interface die de belangrijkste opdrachten voor het gebruik van de machine groepeert.

5. MONTAGE

STIGA eRide C300 - MONTAGE - 1

WAARSCHUWING

De veiligheidsnormen die in acht genomen要去en worden, zich beschreiben in hfdst. 2. Neem deze aanwijzingen strikt in acht om geen ernstige risico's of bevaren te lopen. Gebruik de machine Niet vooraleer de aanwijzingen van de sectie "MONTAGE" teneinde gebracht te hebben.

Om vervoers- en opsgredenen worden sommige onderdelen van de machine nicht direct in de fabriek gemonteerd. Zij dienen na het uitpakken gemonteerd te worden.

De machine moet op een vlakke en solide ondergrond uitgepakt en gemonteerd worden, met voldoende bewegingsruimte voor de machine en de verpakking, en steeds met gebruik van geschikte werktuigen

5.1 ONDERDELEN VOOR DE MONTAGE

De verpakking bevat de onderdelen voor de montage die in de volgende tabel vermeld zijn:

Beschrijving
1 Stuur
2 Deksel van het instrumentenpaneel en van de onderdelen voor montage van het stuur
3 Bestuurdersstoel
4 Batterijlader
5 Buffer vooraan
6 Antiscalp wieltjes
7 Zakmet bijhorende schroeven voor montage en desbetreffende aanwijzingen (enkel voor modellen met opvang achteraan)
8 Onderste deel van de plaat zicheraan, de steunen van de zak en bijhorende toebehoren voor verrollediging en montage (enkel voor modellen met opvang achteraan)
9 Zijdelingse aflaatdeflector (enkel voor modellen met zichodelingse aflaat)
10 Zijdelingse versterkingen van de snijgroep (enkel voor modellen met zichodelingse aflaat, indien voorzien).
11 Enveloppe met: - gebruikershandleidingen en de documenten - schroeven voor montage van de stool - kit voor montage van de zichodelingse aflaatdeflector (enkel voor modellen met zichodelingse aflaat) - 2 contactsleutels
12 Kit steun mobiele telefoon (indien voorzien). De instructies worden samen de kit geleverd.

5.1.1 Uitpakken

  1. Open de verpakking voorzichtig, let erop geen onderdelen te verliezen
  2. Raadpleeg de documentatie in de doos, inclusief deze gebruiksaanwijzingen.
  3. Haal alle onderdelen die nicht gemonteerd zich uit de doos.
  4. Haal de machine uit de verpakking, met de volgende voorzorgsmaatregelen:

  5. breng de snijgroep op de maximale hoogte (par. 6.6) om deze Niet te beschadigen wonneer de machine van het basispallet gehaald worden;

  6. Haal de machine van het basispallet.

  7. Breng de ontgrendelhendel van de transmissie achteraan maar de ontgrendelde stand (par. 6.4).

5.2 MONTAGE VAN HET STUURWIEL

  1. Plaats de machine op een vlakke ondergrond en zorg er voor dat de voorwieten uitgelijnd zijn.
  2. Monteer de naaf (afb. 3.A) op de as (afb. 3.B), met de stift (afb. 3.C) goed in de naaf.
  3. Plaats de bedeking van het dashboard (afb. 3.D) door de vrij haakjes in hunplaats te lately klikken.
  4. Monteer het stuurwiel (afb. 3.E) op de maar (fig. 3.A) met de spakenaar de stoel gericht.
    5a. Enkel voor stuur type "I" - Plaats de afstandhouser (afb. 3.F) en bevestig het stuur met de meegeleverde schroeven (afb. 3.G), in de aangegeven volgorde.
    5b. Enkel voor stuur type "II" - Bevestig het stuur met de meegeleverde schroeven (afb. 3.F, 3.G), in de aangegeven volgorde.

  5. Plaats het deksel van het stuur (afb. 3.H) door het in de waarvoor voorziene huizing vast te klikken.

5.3 MONTAGE VAN DE STOEL

Monteer de stoel (afb. 4.A) op deplaat (afb. 4.B) met behulp van de schroeven (afb. 4.C).

5.4 MONTAGE VAN DE VOORBUMPER

1a. Enkel voor buffer type "I" - Monteer de buffer vooraan (afb. 5.A) op het onderste deel van het frame (afb. 5.B) met de vier schroeven (afb. 5.C).
1b. Alleen voor buffer type "II"

  1. Monteer de twee steunen (afb. 5.A) en (afb. 5.B) op het onderste deel van het frame (afb. 5.C) inde richting voor montage aangegeven op de afbeelding: R= rechts; L= links.
  2. draai de schroeven (afb. 5.D) stevig vast.
  3. Bevestig de voorste buffer (afb. 5.E) aan de steunen (afb. 5.A) en (afb. 5.B) met behulp van de schroeven (afb. 5.F) en van de moeren (afb. 5.G).

5.5 MONTAGE VAN DE ZIJDELINGSE AFLAATDEFLECTOR (ENKEL VOOR MODELLEN MET ZIJDELINGSE AFLAAT)

  1. Monteer de veer (afb. 6.B) aan de binnenkant van de zijdelingse aflaatdeflector (afb. 6.A), door het uiteinde (afb. 6.B.1) in de opening te voeren en te draaien zodate zowel de veer (afb. 6.B) als het uiteinde (afb. 6.B.2) goed in hun respectieve zittingen rusten.
  2. Positioneer de zijdelingse aflaatdeflector (afb. 6.A) gegenover de houders (afb. 6.C) van de snijgroep en draai, met behulp van een schroevendraaier, het tweede uiteinde (afb. 6.B.2) van de veer (afb. 6.B) tot deze buiten de deflector komt te staan.
  3. Steek de pin (afb. 6.D) in de gaten van de houders (afb. 6.C) en van de zijdelingse aflaatdeflector, doorheen de windingen van de veer (afb. 6.B) tot het open uiteinde ervan helemaaluit de meest interne houder komt.
  4. Steek de stift (afb. 6.E) in de opening (afb. 6.D.1) van de pin (afb. 6.D) en verdraai de pin zodat de twee uiteinden (afb. 6.E.1) van de stift (met behulp van een tang), geplooid worden, zodat de stift Niet los kan komen en zo de pin kan doeen vrijkomen (afb. 6.D).

WAARSCHUWING

Waak erover dat de veer op correcte wijze werkt en de zijdelingse aflaatdeflector stabel op+zijnplaats houdt in de lage stand, en zorg ervoor

dat de pin goed geplaatst is en Niet per ongeluk\ aar buiten kan steken. Verzeker u ervan dat de\ zijdelingse aflaatbeveiliging (afb. 7.A) omlaag is en\ geblokkeerd door de veiligheidshendel (afb. 7.B).

A LET OP

Vergeet Niet om de veiligheidshendel (afb. 8.B) in te drukken en de zijdelingse aflaatbeveiliging (afb. 8.A) op te tillen voordat u de deflector demonteert of er onderhoud aan pleegt, zodat deze kan worden gedemonteerd.

OPMERKING

Om de deflector te demonteren, voert u deze stappen in de omgeekerde volgorde van de montageuit.

5.6 MONTAGE VAN DE ZIJDELINGSE VERSTERKINGEN VAN DE SNIJGROEP (ENKEL VOOR MODELLEN MET ZIJDELINGSE AFLAAT, INDIEN VOORZIEN)

Vervolledig de montage van de snijgroep door de zijdelingse versterkingen op het profiel van de snijgroep te monteren met de desbeteffende schroeven (afb. 9).

5.7 MONTAGE EN VERVOLLEDIGING VAN DE ACHTERSTE PLAAT (ENKEL VOOR MODELLEN MET OPVANG ACHTERAAN)

  1. Monteer de twee onderste staven (afb. 10.A) en (afb. 10.B), volgens de montagerichting die aangegeven is op de afbeelding en bevestig ze met de schroeven (afb. 10.C) en de moeren (afb. 10.D) en draai deze stevig vast.
  2. Verwijder de twee schroeven (afb. 10.H) die naden opniew gebruikt zullen worden.
  3. Monteer het onderste deel (afb. 10.E) van dechtersteplaat en bevestig het aan de onderste staven met de schroeven (afb. 10.F) en de moeren (afb. 10.G), zonder deze volledig vast te draaien.
  4. Vervolledig de bevestiging van het onderste deel (afb. 10.E) van dechterste plaat door de twee centrale schroeven (afb. 10.H) die voordien verwijderd werden, en de vier bovenste schroeven (afb. 10.I) stevig vast te schroeven.
  5. Klem de twee onderste moeren (afb. 10.G) stevig vast.
  6. Plaats de hendel (afb. 10.J) van de signaalgever voor volle opvangzak in de zitting (afb. 10.K) en duw deze omlaag totdat u een klik hoor.
  7. Monteer de twee onderste steunen van de opvangzak (afb. 10.L) en (afb. 10.M), volgens de montagerichting die aangegeven is op de afbeeling en bevestig ze met de schroeven (afb. 10.N) en de elastische rondsels (afb. 10.O) en draai deze stevig vast.

6. BEDIENINGSELEMENTEN

6.1 CONTACTSLOT

Deze sleutelbediening heeft de functie van een algemene schakelaar, waarmee het ontstekingscircuit van de machine kan worden in- of uitgeschakeld.

De sleutelschakelaar (afb. 11.A) heeft 2 standen:

STIGA eRide C300 - CONTACTSLOT - 1

  1. Stand Stop. Het stroomcircuit isuitgeschakeld en de machine wordenuitgeschakeld. Geen enkele functiekan aangeschakeld worden
  2. Stand Draaien. De machine is klaar om ingeschakeld te worden.

6.2 PEDAAL AANDRIJVING

Het trekpedaal (Afb. 11.F) schakelt het aandrijfsystem voor de wielen in en regelt de snelheid van de machine, zowel bij het voor- als bij hetchyteruit rijden.

STIGA eRide C300 - PEDAAL AANDRIJVING - 1

  1. Voorwaarts: door het pedaal waar voren te duwen, gaat de machine vooruit. Door de druk op het pedaal te verhogen, neemt de能力和 van de machine geleidelijk toe.
  2. Achteruit rijden: door het pedaal hinterwaarts te duwen, rijdt de machine achteruit. Door de druk op het pedaal te verminderen, verlaagt de machine geleidelijk de snugheid.
  3. Parkeren: wonneer het pediaal worden losgelaten, worden automatisch een bedrijfsrem ingeschakeld die de machine vertraagt en stopt, waardoor deze nicht kan bewegen totdat het trekpedaal opnieuw worden ingedrukt.

OPMERKING

Het trekpedaal worden gedeactiveerd wonneer de bestuurder de stoel verlaat.

6.3 HENDEL VOOR IN-/ UITSCHAKELEN VAN DE TRANSMISSIE

De hendel voor in-/ uitschakelen van de transmissie (afb. 11.H) stelt u in staat de machine handmatig te verplaatsen, zonder ze aan te zetten. Dit commando heeft twee posities, aangegeven door de volgende symbolen:

STIGA eRide C300 - HENDEL VOOR IN-/ UITSCHAKELEN VAN DE TRANSMISSIE - 1

  1. Transmissie ingeschakeld: verplaats de hendel (afb. 11.H) maar de horizontale positie (A). De machine kan normalaal worden bediend door ze op te starten.

STIGA eRide C300 - HENDEL VOOR IN-/ UITSCHAKELEN VAN DE TRANSMISSIE - 2

  1. Transmissie uitgeschakeld: verplaats de hendel (afb. 11.H) omlaag (B). De machine kan met de hand verplaatst worden zonder ze op te starten.

WAARSCHUWING

Verplaats de machine met de hand alleen op een vlakke ondergrond.

STIGA eRide C300 - WAARSCHUWING - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

De hendel voor in-/uitschakelen mag nooit in een tussenstand staan. Dit leidt tot oververhitting en beschadiging van de transmissie.

6.4 HENDEL AFSTELLING MAAIHOOGTE

Met deze hendel worden de snijgroep omhoog en omlaag gebracht; hij kan op 7 verschillende maaihoogtes ingesteld worden (afb. 11.G).

STIGA eRide C300 - HENDEL AFSTELLING MAAIHOOGTE - 1

De zeven standen,zijn aangegeven van «1» t/m «7» op het desbeteffende plaatje, en stemmen overeen metdezelfde aanal maaihoogtes:tussen 3 en 8 cm.

STIGA eRide C300 - HENDEL AFSTELLING MAAIHOOGTE - 2

Om van de ene positie waar de andere over te gaan, moet u de hendel zijdelings verplaatsen en hem in een van de stopstanden zetten.

6.5 NOODTOETS

De noodtoets (Afb. 11.B) alot toe om de machine onmiddelijk te stoppen in geval van nood. De toets heeft twee standen:

STIGA eRide C300 - NOODTOETS - 1

  1. Geactiveerd: Druk op de nooodknop om hem te activeren. De machine worden onmiddelijk uitgeschakeld.

STIGA eRide C300 - NOODTOETS - 2

  1. Gedeactiveerd: draai de nooodknop rechtsom om dezeuit te schaken. Herhaal de startprocedure met de toets om de machine te starten (par. 7.4).

OPMERKING

Met geactiveerde nooodknop kan de machine Niet gestart worden.

Deze aansluiting (afb. 11.I) kan USB-apparaten opladen. De functie is alleen voor het opladen. De aansluiting heeft geen communicatiefunctie met het aangesloten USB-apparaat.

Er staat alleen stroom op het contactpunt wanner de sleutel (11.A) in de draaistand staat.

Laad het accessoire dat op de USB-aansluiting is aangesloten Niet op in regenachtige, vochtige omstandigheden of bij hoge temperaturen met directe blootstelling aan zonlicht. Het gebruik

onder de bovenstaande voorwaarden maakt de garantie onteldig en de fabrikant wijst alle verantwoordelijkheid af in geval van problemen.

Open de dop van de USB-aansluiting Niet in regenachtige of stoffige omgevingen.

De fabrikant wijst elke verantwoordelijkheid af in geval van schade aan het accessoire dat op de USB-aansluiting aangesloten is of bij verlies van gegevensijdens het gebruik.

6.7 AKOESTISCHE SIGNALALGEVER

  • De afgithe van een dubbel geluidssignaal geeft aan dat de opvangzak ontbreekt. Controller de aanwezigheid of correcte montage van de opvangzak (alleen voor modellen metchteropvang).
  • Het uitzenden van een continu geluidssignaal geeft aan dat de opvangzak vol is. Maak de zak leeg (zie par. 7.5.4) (enkel voor modellen met opvang achteraan).
  • Het uitzenden van een enkel geluidssignaal duidt op het ontbreken van toestemming voor omgekeerd snijden. Zie pictogram afb. 12.C.

6.8 HENDEL KANTELING OPVANGZAK (INDIEN VOORZIEN, ENKEL VOOR MODELLEN MET OPVANG ACHTERAAN)

Met deze krachtbesparende, uittrekbare hendel is het möglichk de opvangzak voor het legen om te kiepen (afb. 11.E).

6.9 TOETSENBORD

Al naargelang het model, kan uw machine voorzien zijn van een van de types van toetsenborden (afb. 11.C, afb. 11.D) die hierna beschreiben worden:

6.9.1 Toetsenbord (type "I") afb. 12

STIGA eRide C300 - Toetsenbord (type "I") afb. 12 - 1

Startknop van de machine

Met de sleutel in de rijstand, schakelt deze toets (afb. 12.A) de machine in en schakelt alle functies in.

STIGA eRide C300 - Startknop van de machine - 1

Toets voor het inschakelen en stoppen van de snij-inrichtingen

Door op de toets afb. 12.B te drukken, worden de snij-inrichtingen in-/uitgeschakeld.

  • Wanner de snij-inrichtingen ingeschakeld zich, worden ze na enkele seconden operationeel.
  • Het ontkoppelen van de snij-inrichtingen brengt een rem in werkig die na enkele seconden het draaien van de inrichtingen stocht.

OPMERKING

Indien de messen ingeschakeld worden zonder inachtneming van de veiligheidsmaatregelen, worden de machine gestopt of kan ze nicht opgestart worden (zie par. 7.2.2).

STIGA eRide C300 - OPMERKING - 1

Toets toelating snijden bij achechteruitrijden

Door de toets afb. 12.C ingedrukt te houden, wordt toestemming gegeven voor het achechteruit snijden. Om achechteruit te snijden, schakelt u de snij-inrichtingen in en houdt u tegelijkkertijd de knop ingedrukt.

OPMERKING

Als er geen toestemming worden gegeven voorchyteruit maaien, wordt dit aangegeven dooreen enkel geluidssignaal.

STIGA eRide C300 - OPMERKING - 1

Toets inschakeling koplampen

Door de toets afb. 12.D in te schakelen, gaan de koplampen aan/uit.

STIGA eRide C300 - Toets inschakeling koplampen - 1

Pictogram Let op

Indien het pictogram afb. 12.E verlicht is,duidt dit op het Niet naleven van de veiligheidsvoorwaarden of op een möglichke storing van de machine (zie hoofdstuk 15).

STIGA eRide C300 - Pictogram Let op - 1

Led accu

De leds afb. 12.F, genummerd van 1 tot 5 beginnend van links, geven normala gastroken het laadiveau van de accu van de machine aan, maar bepaalde combinaties van hun verlichtingsstatus geen informatie over machinestoringen (zie hoofdstuk 15).

6.9.2 Toetsenbord (type "II") afb. 12

STIGA eRide C300 - Toetsenbord (type "II") afb. 12 - 1

Startknop van de machine

Met de sleutel in de rijstand, schakelt\ deze toets (afb. 12.A) de machine\ in en schakelt alle functies in.

OPMERKING

Als aan alle veiligheidsvoorwaarden is voldaan,licht het pictogram "GEREED" op (afb. 12.K) en is de machine klaar voor gebruik (zie hoofdstuk 7.4).

STIGA eRide C300 - OPMERKING - 1

Toets voor het inschakelen en stoppen van de snij-inrichtingen

Door op de toets afb. 12.B te drukken, worden de snij-inrichtingen in-/uitgeschakeld.

  • Wanner de snij-inrichtingen ingeschakeld zich, worden ze na enkele seconden operationeel.
  • Het ontkoppelen van de snij-inrichtingen brengt een rem in werkig die na enkele seconden het draaien van de inrichtingen stocht.

OPMERKING

Indien de messen ingeschakeld worden zonder inachtneming van de veiligheidsmaatregelen, worden de machine gestopt of kan ze nicht opgestart worden (zie par. 7.2.2).

STIGA eRide C300 - OPMERKING - 1

Toets toelating snijden bij achechteruitrijden

Door de toets afb. 12.C ingedrukt te houden, worden toestemming gegeven voor het achechteruit snijden.

Om achechteruit te snijden, schakelt u de snij-inrichtingen in en houdt u tegelijkertijd de knop ingedrukt.

OPMERKING

Als er geen toestemming worden gegeven voorchyteruitmaaien, wordt dit aangegeven dooreen enkel geluidssignaal.

STIGA eRide C300 - OPMERKING - 1

Toets inschakeling koplampen

Door de toets afb. 12.D in te schakelen, gaan de koplampen aan/uit.

Met de koplampen aan,licht het pictogram afb. 12.L op.

STIGA eRide C300 - Toets inschakeling koplampen - 1

Toets "CRUISE CONTROL"

Door op de knop afb. 12.G te drukken, worden de functie "CRUISE CONTROL". in-/uitgeschakeld. De Cruise Ontrl is een commando dat toestaat de gewenste snugheid bij voorwaartse werkung aan te honden, zonder dat het nodig is de trekpedaal ingedrukt te honden.

  • Door de toets "CRUISE CONTROL" (afb. 12.G) in te duwen terwijl u vooruit gaat, za de machine de slelheid behouden die op dat ogenblick bereikt werk, zonder dat het nodig is het trekpedaal (afb. 11.E) ingedrukt te houden. Als de functie actief is, worden het pictogram afb. 12.I verlicht.

OPMERKING

Bijijkenuit rijden, kan de functie "CRUISE CONTROL" Niet ingeschakeld worden.

OPMERKING

Bij stijgende of dalende banen, kan de snelheid veranderen ten opzichte van de snelheid die op vlakke ondergrond ingesteld wrought.

Om de inrichting uit te schakelen en de bediening van de snelheid door middel van het trekpedaal (afb. 11.F) te herstellen, is het voldoende:

  • op de toets afb. 12.G te drukken. of
  • de trekpedaal (afb. 11.F) in te drukken.

ECO

Toets "ECO"

Door op de knop afb. 12.H te drukken, worden de functie "ECO" in-/uitgeschakeld. De "ECO"-functie bespaart energia bij het maaien van gras door de voorwaartse snugheid en rotatiesnelheid van de maaiinrichtingen te optimaliseren om de levensduur van de accu te verlengen Als de functie actief is, worden het pictogram afb. 12.J verlicht.

STIGA eRide C300 - Toets "ECO" - 1

LET OP

We raden het gebruik van de "ECO"-functie bij zware maaiomstandigheden (maaien met zich, hoog, vochtig gras) af.

STIGA eRide C300 - LET OP - 1

Pictogram Let op

Indien het pictogram afb. 12.E verlicht is,duidt dit op het Niet naleven van de veiligheidsvoorwaarden of op een möglichke storing van de machine (zie hoofdstuk 15).

00000

Led accu

De leds afb. 12.F, genummerd van 1 tot 5 beginnend van links, geven normal gesproken het laadiveau van de accu van de machine aan, maar bepaalde combinaties van hun verlichtingsstatus geleven informatie over machinestoringen (zie hoofdstuk 15).

STIGA eRide C300 - Led accu - 1

Pictogram "Bluetooth"

Het pictogram fig. 12.Mlicht op wonneer de machine en het apparaat voor gegevensuitwisseling verbonden zijn.

STIGA eRide C300 - Pictogram "Bluetooth" - 1

Pictogram overtemperatuur controllers en/of motor

Het pictogram afb. 12.N geeft de oververhitting van de elektrische onderdelen aan. Zie hoofdstuk 15.

STIGA eRide C300 - Pictogram overtemperatuur controllers en/of motor - 1

Pictogram hendel voor in-/ uitschakelen van de transmissie

Het pictogram afb. 12.O gaat aan wanner de transmissie nicht ingeschakeld is (zie par.6.4 en hfdst.15).

STIGA eRide C300 - Pictogram hendel voor in-/ uitschakelen van de transmissie - 1

Pictogram aanwezigheid bestuurder aan board

Het pictogram afb. 12.P Licht op wanner de bestuurdner nicht op de stoel zit (zie par. 7.2.2).

STIGA eRide C300 - Pictogram aanwezigheid bestuurder aan board - 1

Pictogram noodtoets

Het pictogram afb. 12.Qlicht op wanneer deoodtoets geactiveerd is (zie par. 6.7).

6.10 FUNCTIE BLUETOOTH

De Bluetooth-functie staat een directe draadloze verbinding:tussen de machine en een apparaat over een korte afstand toe. De specifieke App voor gegevensuitwisseling, waarvan de gebruiksaanwijzing afzonderlijk worden verstrekt, moet op het apparaat zijn geinstalleerd.

STIGA eRide C300 - FUNCTIE BLUETOOTH - 1

De Bluetooth-verbinding worden automatisch geactiveerd wanner de machine worden gestart en de successvolle verbinding met het apparaat worden bevestigd door het oplichten van het pictogram afb. 12.M.

7. GEBRUIK VAN DE MACHINE

WAARSCHUWING

De veiligheidsnormen die in acht genomen moeten worden, zichn beschreiben in hfdst. 2. Neem deze aanwijzingen strikt in ache om geen ernstige risico's of bevaren te lopen.

7.1 VOORAFGAANDE WERKZAAMHEDEN

Alvorens te beginnen met werken dieren er enkele controles en handelingen uitgevoerd worden om er zeker van te zich dat het werk de meest nuttige en veilige manier zal verlop

7.1.1 Controle van de accu

Alvorens de machine voor de eerste koer te gebruiken na de aankoop, moet men de accu volledig opladen (par. 8.2.2).

Controleer voor elk gebruik de laadtoestand van de accu (afb. 12.F).

7.1.2 Verstelling van de stoel

Om de positie van de stool af te stellen schroeft u de vier stelschroeven (afb. 13.A) wat los en LAST u de stool langs de steungaten schuiven. Wanner de stool op de juiste hoogte staat, zet u de vier stelschroeven (afb. 13.A) stevig aan.

7.1.3 Druk van de banden

Een juiste bandenspanning isoodzakelijk om de snijgroep geheel evenredig boven het grasoppervlakte te krijgen, zodat u een moot amaibeeld krijgt.

  1. Draai de beschermende dopjes los.
  2. Sluit de kleppen aan op een persluchttoevoer voorzien van een drukmeter (afb. 14).
  3. Regel de druk op de waarden aangegeven in de tabel "Technische Gegevens".

7.1.4 Voorbereiding van de machine voor het werk

OPMERKING

Met deze machine kan men het gras op verschillende wijzen maaien; Vooraleer het werk aan te vangen, raadt men aan de machine af te stellen al naargelang de wijze waarop men het gras wil maaien.

a. Voorbereiding voor het maaien en de zijdelingse aflaat van het gras op de grond (enkel voor modellen met zijdelingse opvang):

Waak er steeds over dat de binnenste veer van de deflector (afb. 7.A) en de veiligheidshendel (afb. 7.B, 8.B) op correcte wijze werken en deze stabel in de lage stand houden.

b. Voorbereiding voor het maaien en opvangen van grayscale in de opvangzak (alleen voor modellen met中断eropvang): Haak de opvangzak (afb. 15.A) aan de steunen (afb. 15.B) en centreer deze ten opzichte van dechterplaat. Centreer het geheel door de rechtersteun te gebruiken als lateraal steunpunt. Zorg dat de onderste pijp van de opvangzakmonding zich vast haakt aan de waarvoord bestemde veerhaak (afb. 15.C).

c. Voorbereiding voor het maaien en uitladen van gras aan dechterzijde (alleen voor modellen metchteropvang): Als u zonder opvangzak wilt werken, is op aanvraag een beschermingsset voorchterste aflaatbescherming verkrijgbaar (afb. 16; par. 16.4) die aan dechterplaat bevestigd moet worden zoals aangegeven in de relevante instructies.

d. Voorbereiding voor het maaien en hakselen van het gras:

Indien u het gras wilt maaien, Klein hakselen en op het gazon latent liggen, is er, op aanvraag, een kit voor "mulching" beschikbaar (par. 16.1) dat bevestigd moet worden zoals aangegeven in de desbeteffende instructies.

7.1.5 Herpositionering van de antiscalp wielen

De functie van de antiscalp wielen is het risico op scheuren in het gazon te vermijden, die veroorzaakt zouden+kennen worden doordat de rand van de snijgroep op onregelmatige grond sleept. Plaats de wielen zoals aangegeven (par. 8.3).

7.2 VEILIGHEIDSCONTROLES

Voer de volgende veiligheidscontrolesuit en controllerer of de resultaten overeenstemmen met wat aangegeven is in de tabellen.

STIGA eRide C300 - VEILIGHEIDSCONTROLES - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Voer steeds de veiligheidscontrolesuit vooraler de machine te gebruiken.

7.2.1 Algemene veiligheidscontrole

Object Resultaat
Accu Geen schade aan hetomhulsel, aan het deksel.
Achterste aflaatbescherming, opvangzak (enkel voor modellen met opvang acheteraan).Ongeschonden. Geen schade. Correct gemonteerd.
Zijdelingse aflaatbescherming (enkel voor modellen met zichdelingse aflaat).Ongeschonden. Geen schade. Correct gemonteerd.
Elektrische kabels. Isolatievolledig intact. Geen mechanische schade.
Rijd de machine voor- en weiteruit en laat het pedaal van de bedrijfsrem-aandrijving omhoog komen.De machine vergraagt en stopt.
Veiligheidsinrichtingen Dezewerken zoals beschreiben in par. 7.2.2

7.2.2 Controle van de veiligheidsinrichtingen

De veiligheidsmechanismen haben twee functies:

A. ze voorkomen de start van de elektrische motor als de verilgheidsmaatregelen Niet in acht zich genommen;
B. ze stoppen de elektrische motor als er ook maar een enkel veiligheidsconditie wegvalt.

Toestand Actie Resultaat
De gebruiker zit op de machine.Trekpedaal in neutrale stand(pedaal losgelaten).Noodtoets gedeactiveerd.Draai de sleutel maar de rijstand. De machinen is maar omingschakeld te worden.
Machine aan of in beweging. De bestuurd der staat. Alle Diensten worden uitzeschakeld.[Toetsbord Type I] Het pictogram afb. 12.E knippert.[Toetsbord Type II] Het pictogram afb. 12.E knippert en het pictogram afb. 12.Plicht op.[! ]
De gebruiker zit op de machine.Trekpedaal in vooruit- ofchteruitstand.Trachtde machine aan te schaken.De machine staat. [Toetsbord Type I] Het pictogram afb. 12.E knippert.[! ][Toetsbord Type II] Het pictogram afb. 12.E knippert en het pictogram afb. 12.Olicht op.[! ]
Noodtoets geactiveerd. Tracht de machinehe aan te schakelen. De machine wordeningschakeld, maar het trekpedaal en de knop om de maai-inrichtingen in te schakelen werken nicht.
Snij-inrichtingen ingeschakeld. Achteruitrijden worden geactiveerdzonder de toestemmingsknop voorachteruit maaien ingedrukt te houden.De snij-inrichtingen wordenuitgeschakeld.
Snij-inrichtingen ingeschakeld. De opvangzak wordt opgetild of deachterste aflaatbeveiliging wordenverwijderd (enkel voor modellenmet opvang achteraan).De snij-inrichtingen wordenuitgeschakeld.
Machine aan en in beweging. De trekpedaal wordt losgelaten. De machine vertraagt en stopt.
Machine aan en in beweging. Rijtest. Geen abnormale trillingen, geenabnormale geluiden, correctewerking van de besturing,bedieningselementen en pedalen.

STIGA eRide C300 - Controle van de veiligheidsinrichtingen - 1

GEVAAR

Indien eender welke van deze resultaten verschlvt van wat aangegeven is in de tabellen, mag de machine Niet gebruikt worden. Richt u tot een Dienstcentrum voor de nodige controles en herstelling.

OPMERKING

Denk er alkijd aan dat de beveiligingssystemen het starten van de elektrische motor beletten wanneer de veiligheidsvoorschriften nicht in acht worden genomen. Nadat in de bovenstaande geallen het belet tot starten is hersteld, dient de sleutel (afb. 11.A) in de stopstand gedraaid te worden voordat de machine opnieuw gestart kan worden.

7.3 GEBRUK OP HELLEND TERREIN

Neem de limieten van de Tabel "Technische Gegevens" en van "afb. 17" in ache, onafgezien van de looprichting.

Denk eraan dat er geen "veilige" hellingen bestaan. Werken op bij hellingen vereist bijzondere aandacht. Om omkanten of verlies van controle over de machine te vermijden, raadt men aan:

Maai nooit dwars over de helling. Hellende gazons要去en in opwaartse/neerwaartse richting afgelegd worden en nooit zichwaarts, in voorwaartse beweging, waar bij u zeer voorzichtig moet+zijn bij richtingsveranderingen en goed要去pletten dat de bovenste wielen Niet gegen obstakels (stenen,takken, wortels,enz.)stoten,waardoorze opzij zouden hunnen slippen,kantelen of men de controle over de machine zou hunnen verliezen
- Niet plotseling te stoppen of weg te rijden bij het op- of afrijden van een helling.

  • Schakel de aandrijving zich en uiterst voorzichtig in om te vermijden dat de machine zou steigeren.
  • Verminder de能力和 experience:

  • Vooraleer vanrichting te veranderen en in smalle bochten;

  • voordat u een helling oprijdt, vooral bergafwaarts, om een veilige remweg te garanderen.

  • Gebruik de weiteruitversnelling nooit om snugheid te minderen; dit kan de macht over het stuur doen verliezen, vooral op gladde terreinen.

7.4 STARTEN

Om de machine te stoppen, dient men:

  1. Controller of de transmissie ingeschakeld is (par. 6.4).
  2. Op de bestuurdersstoel gaan zitten.
  3. Verdraai de sleutel (afb. 11.A).
  4. Wacht tot de elektrische contrôle van de machine is uitgevoerd, waar bij pictogrammen op het toetsbord oplichten.
  5. Wacht bij toetsenbord Type II tot het pictogram "Gereed" (afb. 12.K) continu brandt. Wacht bij toetsenbord Type I tot het pictogram (afb. 12.E) uitgaat.
  6. Druk op de starttoets (afb. 12.A).

OPMERKING

Aan het einde van de elektrische controge aan de koplampen even branden.

7.5 HET WERKEN

7.5.1 Rijden en verplaatsingen

Tijdens het vervoer:

  1. de snij-inrichtingen uitschakelen (par. 6.5);

  2. de snijgroep in de hoogste stand (stand «7») zetten;

  3. trap het trekpedaal in om de machine in de gewenste rijrichting te lately rijden en de gewenste snugheid te bereiken door de druk op het pedaal zelf te verlagen;
  4. rijd maar het werkgebied.

STIGA eRide C300 - Rijden en verplaatsingen - 1

GEVAAR

De aandrijving moet volgens de beschreiben werkwijze ingeschakeld worden (par. 6.3) om te beletten dat de machine, door een te bruuske start, begint te steigeren en u de macht over het stuur kwijtraakt, in het bijzonder op hellingen.

OPMERKING

Het inschakelen van de achteruitversnelling dientuitgevoerd te worden als de machine stilstaat.

7.5.2 Het gras maaien

  1. Zet de snijgroep in de werkstand (par. 6.6).
  2. De snij-inrichtingen inschakelen (par. 6.5), enkel op het grayscale, vermijd de snij-inrichtingen in te schakelen op grond met grind of te hoog gras.
  3. Begin heel langzaam en voorzichtig te rijden en te maaien op de grasgrond.
  4. Pas de snelheid en de maaihoogte aan (par. 6.6) aan de condities van het gazon (hoogte, dichtheid en vochtigheid van het gras) en aan de hoeveelheid gemaaid gras.

STIGA eRide C300 - Het gras maaien - 1

VERWITTIGING

De voorwaartse slelheid neemt af als de laaddrempel van de accu lager is dan 40% (par. 8.2.2).

OPMERKING

Het gazon zal er beter uitzien als het steeds opdezelfde hoogte en afwisselend in de tweete richtingen gemaaid wordt (afb. 19.A.B).

OPMERKING

Achteruit te konnen rijden met de snij-inrichtingen ingeschakeld, moet men de toets voor toelating voorchteruit maaien (afb. 12.C) ingedrukt honden om te vermijden dat de motor stilvalt.

Schakel de snij-inrichtingen uit en breng de snijgroep maar de hoogste stand:

Tijdens verplaatsingen:tussen werkzones
- Bij het oversteken van oppervlaktes zonder gras
- Elke keer wonneer men een hindernis moet overkomen.

7.5.3 Tips om.altijd een moog gazon te hebben

  • Voor een Mooi, groen en zicht gazon is het nodig dat het gras regelmatig gemaaid worden. Het gazon kan van verschillende soorten gras�n. Bij regelmatige maaibeurten, groeit het gras sneller, waardoor meer wortelgroei ontstaat en een moot血液循环 gazon bekomen worden; indien minder vaak gemaaid worden, worden ook de groei van hoog en wild gras bevorderd (klaver, margrieten, enz.).
  • Het is beter het gras te maaien als het gazon goed droog is.
  • De snij-inrichtingen dieren geen gebreken te vertonen en goed scherp te zich, zodat het gras op de juiste manier worden afgesneden zonder uitgerukt te worden. Dit kan namelijk tot vergeling van de punten leiden.
  • De maaifrequentie worden bepaald aan de hand van de groei van het gras, waar bij vermeden moet worden dat het gras te hoog worden.
  • In de warmste en droogste tianden van het Jaar is het better om het gras iets hoger te lately worden zodate het gazon Niet uitdroogt.
  • De optimale hoogte van het gras van een goed verzorgd gazon bedraagt onceveer 4-5 cm en met een enkele maaibeurt worden het best Niet meer dan een derde van de volledig lenghte gemaaid. Als het gras erg hoog is, raden wij aan om het gazon, met tussenpoos van een dag, in twee keer te maaien, de eerste keer met de snij-inrichtingen in de hoogste stand en smallere grassstroken tegelijk maaiend en de tweede keer met de snij-inrichtingen in de gewenste stand (afb. 18).
  • Het gazon zal er Mooier uitzien als het maaien afwisseled, in de lengte- en in de dwarsrichting uitgevoerd worden (afb. 19).
  • Als het uitwerpkanaal telkens met gras verstopt, is het better om de snelheid te vertragen zodate het maaien Niet te snel gebeurt ten opzichte van de toestand van het gazon; mocht het probleem aanhouden dan kan het ook� dat de snij-inrichtingen Niet goed geslepen zich of dat het profiel van de vleugels verrormd is.
  • Pas erg goed op bij het maaien langs struiken en boorden. Deze KINDEN de stand van de snijgroep ontregelen en de zijkant van de snijgroep en de snij-inrichtingen beschadigien.

7.5.4 Lediging van de opvangzak (indien voorzien, enkel voor modellen met opvang achteraan)

OPMERKING

Het legen van de opvangzak kan alleén worden uitgevoerd als de messen uitgeschakeld zich; is dit Niet het geval dan slaat de motor af.

OPMERKING

Zorg dat de opvangzak Niet te vol raakt om verstopping van het uitwerpkanaal te voorkomen.

Een voortdurend geluidssignaal geeft aan dat de opvangzak vol is.

Ga als volgt verder:

  1. de snij-inrichtingen uitschakelen (par. 6.5) en het signaal stopt;
  2. stop de machine;
  3. de hendel (afb. 20.A - indien aanwezig)
    aar buiten trekken of dechterste
    handgreep (afb. 20.A1) vastpakken en de
    opvangzak omkiepen voor het legen;
  4. de opvangzak weeer sluiten op zo'n manier zodat deutsche zich vastkoppelt aan de veerhaak (afb. 20.B).

7.5.5 Reiniging van het uitwerpkanaal (enkel voor modellen met opvang achteraan)

In geval van hoog en nat gras gecombineerd met een te hoge snelheid kan er zich een verstopping van het uitwerpkanaal voordoen. In geval van verstopping, dient men in acht te nemen wat beschreiben is in hoofdstuk 8.4.2.

7.5.6 Einde van het maaien

Na het maaien:

  1. de snij-inrichtingen uitschakelen;
  2. de terugweg afleggen met de snijgroep in de hoogste stand (7).

7.6 STOPPEN

  1. Laat het trekpedaal los om te stoppen met rijden.
  2. Schakel de motor UIT door de sleutel in de stop-stand te zetten.

OPMERKING

Om de lading van de accu in stand te houden,
wordt de sleutel Niet in de stand "draaien"
gelaten wonneer de machine Niet in gebruik is.

7.7 NA HET GEBRUIK

  1. Laat de machine afkoelen alvorens ze in elke willekeurige ruimte op te bergen.
  2. Reinig de machine (par. 8.4).
  3. Controller of er geen onderdelen los of beschadigd zichn. Vervang, indien nodig, de beschadigde onderdelen en klem eventueel schroeven en moeren die losgekomen

zijn wee vast of neem contact op met het geauthoriseerde Dienstcentrum.

  1. Plaats de machine in de buurt van een stopcontact en laad de accu op (par. 8.2.2), zodate ze volledig werkzaam is bij het volgende gebruik.

Elke keer wanner men de machine onbewaaktThat,de bestuurdersplaats verlaat:of de machine parkeert:

  1. Breng de machine;
  2. Zet de snijgroep in de laagste stand (1);
  3. Verzeker U ervan dat alle bewegende delen volledig stilstaan;
  4. Verwijder de contactsleutel.

A LET OP

Laat de machine alteijd in een schaduwrijke of beschutte omgeving staan, bij een temperatuur lager dan +35^

8. GEWOON ONDERHOUD

8.1 ALGEMEEN

GEVAAR

De veiligheidsnormen die in acht genomen要去en worden, zich beschreiben in hfdst. 2. Neem deze aanwijzingen strikt in acht om geen ernstige risico's of bevaren te lopen.

Vooraleer eender welke controle,
reiniging of ingreep voor onderhoud/
afstelling op de machine uit te voeren:

  1. schakel de snij-inrichtinguit;
  2. stop de machine;
  3. verzeker u ervan dat alle bewegende delen volledig stilstaan;
  4. verwijder de sleutel;

GEVAAR

Laat de sleutel nooit in het contact zitten of binnen het bereik van kinderen of personen die de machine Niet mogen gebruiken.

  1. lees de desbeteffende instructies;
  2. Draag geschikte kledij, werkhandsschoenen en een beschemende bril.

De frequencies en de soorten ingrepen zijn samengevat in de "Tabel Onderhoud". Het doel van de tabel is om uw machine een optimale conditie teCTXtien behouden. Hierin staan de voornaamste ingrep en de tijden waarop ze uitgevoerd要去en

worden. Voer de desbetreffende handelinguit in functie van de eerstkomende vervaldatum. Het gebruik van Niet originele of Niet correct gemonteerde wisselstukken en toebehoren kan negatieve gevolgen hebben op de werking en de veiligheid van de machine. De fabrikant wijst alle aansprakelijkheid af in geval van schade, letsels of ongevallenveroorzaakt door die producten. De originele wisselstukken worden geleverd door geautoriseerde dienstencentra en wederverkopers.

8.2 ACCU

8.2.1 Autonomie van de accu

De autonomie van de accu (en dus de oppervlakte van het gazon dat bewerkt kan worden alvorens de accu opgeladen moet worden) is hoofdzakelijk afhankelijk van:

A. Arbeidsfactors die een grotere energiabehoefte opleveren (bijv. maaien met zich, hoog, vochtig gras).
B. Gedrag van de bediener, die de volgende punten要去 vermijden:

  • de machine vaak aan- enuit te schakelen tijdens het werkken;
  • een te lage maaihoogte ten opzichte van de condities van het gras;
  • een te hoge rijnselheid vergeleken met de hoeveelheid gras die gemaaid moet worden.

C. Omgevingsfactoren, zoals een hoge omgevingstemperatuur, boven +35^ . Om de autonomie van de accu te bevorderen, is het raadzaam:

  • het gras te maaien wonneer de gazon droog is;
  • het gras vaak te maaien om te vermijden dat het te hoog groeiit;
  • een hogere maaihoogte in te stellen wanner het gras hoger staat en een tweede maaibeurtuit te voeren op een lagere hoogte;
  • de machine Niet te gebruiken in functie "mulching" wonneer het gras zeer hoog staat;
  • het gras te maaien bij een temperatuur tussen +5 en +35^ .

8.2.2 Herlading van de accu

De energie die benodigd is voor de werking van de machine wordt verzekererd door een accu die een zorgvuldig onderhoud vereist om de werkzaamheid en de levensduur ervan te verzekeren. De accu van uw machine dient steeds te worden opgeladen:

  • Bij het eerste gebruik na de aankoop van de machine.
  • Bij het bereiken van de minimale laaddrempel (afb. 12.F).
    Vór elke langere periode waar de machine Niet zal worden gezruikt
  • Minimaal een keer per maandijdens opslag.

  • Vór de machine na een langeperiode van stilstand opnieuw in gebruik te nemen.

STIGA eRide C300 - Herlading van de accu - 1

LET OP

Als de accu Niet via de waarvoor bestemde
acculader op het lichtnet is aangesloten, worden
de acculading verlaagd, zichs als de machine
niet worden gezruikt. Mochten de accu's diep
ontladen worden, dan können ze ernstig
beschadigd raken en onbruikbaar worden.
De garantie dekt de schadeverooraakt door
een Niet regelmatig opgeladen accu Niet.

STIGA eRide C300 - LET OP - 1

LET OP

Het opladen mag enkel met de bijgeleverde acculader uitgevoerd worden (afb. 11.l). Andere oplaadsystemen können de accu op een onherstelbare manier beschadigen.

STIGA eRide C300 - LET OP - 1

LET OP

Het opladen van de accu moet uitgevoerd worden in een omgeving die beschermd is tegen de slechte weersomstandigheden, in de schaduw, bij een temperatuur+tussen +5 en +35^

OPMERKING

De accu kan op eender welk moment, ook gedeelelijk, opgeladen worden, zonder risico op beschadiging.

STIGA eRide C300 - OPMERKING - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Voer geen onderhoud of reiniging uit verwijl de batterijen opgeladen worden.

Om de batterij op te laden:

  • Plaats de machine nabij een stopcontact met sterpunt (om het gebruik van verlengsnoeren te vermijden) en verwijder de sleutel;
  • Tilde stoelop;
  • Til de dop van de oplaadaansluiting op (afb. 21.A);
  • Sluit de meegeleverde acculader aan op de oplaadbus (afb. 22.A) met de juiste bajonetsluiting om de respectievelijke connector vast te zetten (afb. 22.B);
  • Sluit de acculader aan op hetlichtnet door de betreffende stekker in te steken (afb. 23).

Om de accu op te laden worden een stopcontact met veiligheidsdifferentieelschakelaar meegeleverd (afb. 24.A), indien aanwezig, waarop de oplaadkabel要去 worden aangesloten (afb. 22.A).

Het stopcontact met
veiligheidsdifferentieelschakelaar moet op
het stopcontact worden aangesloten en
de functietest moet worden uitgevoerd:

  1. Druk op de knop "RESET" (afb. 24.B) om de werkig te activeren. Het controleampje moet "AAN" zijn (afb. 24.C).
  2. Druk op de knop "TEST" (afb. 24.D) om de werkingsstest uit te voeren. Het contrôlelampje要去 "UIT" zichn (afb. 24.C).

STIGA eRide C300 - VEILIGHEIDSINSTRUCTIES - 1

GEVAAR

Als de functietest mislukt, mag de RCD-aansluiting Niet gebruikt worden. Als de functietest met succes is beeindigd,kest u ze gebruiken en doorgaan met de oplaadbase.

Het volledig opladen duurt onceveer 2-8,5 uur (afhankelijk van de accu en acculader), waar bij de signaleringsleds (afb. 12.F) progressief knipperen. Wanner elke individuele laaddrempel is bereikt, blijft de respectievelijke LED continu branden, terwijl de andere blijven knipperen. De batterij kan worden opgeladen voor onbepaaldeijd.

Het opladen van de accu kan gestopt worden als het laadniveau:tussen LED 1 en 4 is. Onderbreek de oplaadfase Niet wonneer LED 5 knippert, maar wacht tot deze continu oplicht. Als alle leds continu branden, is de accu 100% opgeladen.

STIGA eRide C300 - GEVAAR - 1

VERWITTIGING

De oplaadtijden van de accu kuren toenemen als de machine onder zware omstandigheden is gebruikt, met als gevolg een signalering van oververhitting van de accu (hoofdstuk 15).

STIGA eRide C300 - VERWITTIGING - 1

VERWITTIGING

Bij een volledig ontladen accu blijven de signalerings-LED's uit totdat de minimale laaddrempel is bereikt.

OPMERKING

Wanner het laadiveau onder de drempel van 10% daalt, begint de accu-led 1 te knipperen. De snij-inrichtingen worden uitgeschakeld en de accu moet opnieuw ingevoerd en opgeladen worden.

Wanner het opladen volledig is, verminder het herlaadsysteme de toevoer van de stroom om de lading van de accu op de optimale waarden te houden en te integreren.

STIGA eRide C300 - OPMERKING - 1

VERWITTIGING

Als de acculader op de tractor is aangesloten, de 5 LED's Afb. 12.F geleiktijdig knipperen, betekent dit dat de accu Niet opgeladen worden. Controleer de acculader/netaansluiting.

OPMERKING

Het energieverbruik voor het behouden van de lading is uiterst laag en economisch verwaarloosbaar.

OPMERKING

Tijdens het herladen, zich alle functies van de machine uitgeschakeld, ook wanner men de sleutel op de startpositie zet.

STIGA eRide C300 - OPMERKING - 1

LET OP

De accu die op de machine gemonteerd is, is ontworpen en vervaardigd voor dit soort gebruik en dus:

  • ontkoppel of verwijder de accu's Niet uit hun respectievelijke behuizingen;
  • verwang de accu's Niet door nicht-originele exemplaren;
  • voer geen ingrepen uit die nicht in deze handleiding beschreiben zich.

In geval van problemen met de batterijen, dient Uw Wederverkoper te contacteren.

8.3 ANTISCALP WIELTJES

Door de verschillende montageposities van de wielen worden er een veiligheidsafstand "H" gehonden:tussen de rand van de snijgroep en de grond (afb.25.A; afb.26.A). Regel de positie van de antiscalp wielen naar gelang de oneffenheid van de grond.

STIGA eRide C300 - ANTISCALP WIELTJES - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Deze werkzaamheid moet steeds op\ beide wieltes uitgevoerd worden, die\ opdezelfde hoogte geplaatst要去en\ worden, bij uitgeschakelde machine.

a. Voor modellen met zijdelingse aflaat Om de positie te veranderen:

  1. draai de schroef los (afb. 25.B);
  2. herplaats het wielte (afb. 25.A) met de afstandhouser (afb. 25.C) in de opening ter hoogte van de gewenste afstand;
  3. draai de schroef (afb. 25.B) stevig in de moer (afb. 25.D).
    b. Voor modellen met opvang achteraan Om de positie te veranderen:

  4. draai de moer los (afb. 26.B) en verwijder de pin (afb. 26.C);

  5. herplaats het wielte (afb. 26.A) op de gewenste positie;
  6. hermoneer de pin (afb. 26.C), en let erop dat de kop van de pin (afb. 26.C) maar de binnenkant van de machine gericht is;
  7. draai de moer (afb. 26.B) stevig vast.

8.4 REINIGING

Reinig de machine na ieder gebruik volgens de volgende aanwijzingen.

8.4.1 Reiniging van de machine

  • Reinig de buitenkant van de machine door de plastic delen van de carrosserie schoon te makes met een spon spon met water en reinigingsmiddel, en let er goed op dat de elektrische motoren, de accu en de onderdelen van de elektrische installmentie nicht beschadigd worden.
  • Houd de motor en de zitting van de accu vrij van resten gras, bladeren of teveel vet, om het risico op brand tot een minimum te herleiden.
    Zet de kap omhoog en reinig met perslucht alle vuil of grasresten die zich ophopen op het.Accupak.
  • Houd het toetsenbord vrij van vuil en afval.

STIGA eRide C300 - Reiniging van de machine - 1

LET OP

Gebruik in geen geval water met hoge druk of bijtende middelen voor het reinigen van de carrosserie en de elektrische motoren.

8.4.2

Reiniging van het uitwerpkanaal (enkel voor modellen met opvang achteraan)

Als de uitwerpkanaal verstopt is, als volgt te werk gaan:

  1. de opvangzak of de achechterste aflaatbeveiliging verwijderen;
  2. het opgehoopte grayscale de uitmonding van het uitwerpkanaal verwijden.

8.4.3

Reiniging van de zak (enkel voor modellen met opvang achteraan)

  1. Ledig de opvangzak.
  2. Schud de zak om hem schoon te makes van grasresten en aarde.
  3. De zak opnieuw monteren en de binnenkant van de snijgroep reinigen (par. 8.4.4-a); cervolgens moet men de zak verwijderen, ledigen, spoelen en zodanig ophangen dat hij snel kan drogen.

8.4.4

Reiniging van de snijgroep

Maak de snijgroep zorgvuldig schoon om alle grasresten en afval te verwijdersen.

STIGA eRide C300 - Reiniging van de snijgroep - 1

WAARSCHUWING

Verwijderijdens het schoonmaken van de snijgroep mensen en dieren uit het omliggende gebied.

a. Reiniging van de binnenkant

Het reinigen van de binnenkant van de snijgroep en het uitwerpkanaal dient, onder de volgende condities, op een harde ondergrond te gebeuren:

  • wonneer de opvangzak of de achterste aflaatbescherming gemonteerd zijn (enkel voor modellen met opvang zichteraan);
  • zijdelingse aflaatdeflector gemonteerd (enkel voor modellen met zijdelingse aflaat);
  • de gebruiker zit op de machine;
  • zet de snijgroep in stand «1»;
  • de transmissie in de vrije stand;
  • de snij-inrichtingen zijn ingeschakeld.

  • Sluit een waterslang eerst op de ene speciale fitting (afb. 27.A; afb. 28.A) aan en daarna op de andere en LAST voor enkele minuten in elke fitting water lopen terwijl de snij-inrichtingen draaien.

b. Reiniging van de buitenkant

STIGA eRide C300 - b. Reiniging van de buitenkant - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Op de bovenkant van de snijgroep mogen zich geen afval en droge grasresten ophopen om de doeltreffendheid en de verilgheid van de machine op maximaal niveau te houden.

Voor de reiniging van de bovenkant van de snijgroep:

  • de snijgroep helemaal omlaag zetten (stand «1»);
  • een persluchtstraal blazen (afb. 29).

8.5 SMERING

Object Actie
Besturing Met perslucht reinigen (Afb. 30).
Snijgroep Smeer de hijspunten met olie (Afb. 30).
Assen van de wielenVerwijder de wielen. Smeer deASN den met vet (par. 9.3.4).

8.6 MOEREN EN SCHROEVEN VOOR BEVESTIGING

  • Houd de schroeven en moeren goed vastgedraaid, om er zeker van te zich dat de machine altijd veilig werkt.

9. BUITENGEWOON ONDERHOUD

9.1 VEILIGHEIDSAANBEVELINGEN

STIGA eRide C300 - VEILIGHEIDSAANBEVELINGEN - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Men dient onmiddelijk de Verkoper of een gespecialiseerd Centrum te contacteren indien men onregelmatigheden aantreft in de werkig:
- de neutrale stand van het trekpedaal (bedrijfsrem);
- het aangrijpen en stoppen van snij-inrichtingen;
- het inschakelen van de tractie in vooruit- of blijuitversnelling.

9.2 SNIJGROEP/SNIJ-INRICHTINGEN

9.2.1 Uitlijing snijgroep

Een correcte afstelling van de snijgroep is belangrijk om een mootgelijkmatig gemaaid gazon te verkrijgen (afb. 18).

Als het gras onregelmatig gemaaid worden, de bandenspanning nakijken (par. 7.1.3).
Indien dat Niet voldoende is voor een eenvormig gazon, neem dan contact op met uw verkoper voor de afstelling van de uitlijning van de snijgroep.

9.2.2 Snij-inrichtingen

Een botte snij-inrichting rukt het gras uit eenveroorzaakt de vergeling van het gazon.

STIGA eRide C300 - Snij-inrichtingen - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Laat de beschadigde, geplooide of versleten snijinrichtingen steeds in koppel verrangen, samemet de schroeven, om de balans te behouden.

STIGA eRide C300 - VEILIGHEIDSINSTRUCTIES - 1

WAARSCHUWING

Alle handelingen die betrekking hebben op de snij-inrichtingen (demontage, slijpen, in balans brengen, herstellung, hermontage en/ofervanging) vergen een specifieke vaardigheid en het gebruik van geschikt gereedschap;uitveiligheidsoverwegingen要去en deze handelingen.daarom steedsuitgevoerd worden in een Gespecialiseerd centrum.

STIGA eRide C300 - WAARSCHUWING - 1

LET OP

Gebruik steeds originele snij-inrichtingen, met de code aangegeven in de tabel "Technische Gegevens".

OPMERKING

Gezien de ontwikkeling van het product, kuren de snij-inrichtingen aangegeven in de "Technische Gegevens" in de loop van de是如何 verrangen worden door andere, met soortgelijke eigenschappen voor wat betreft verwisselhaarheid en fonctionele veiligkeit.

STIGA eRide C300 - OPMERKING - 1

1 Voorafgaande werkzaamheden

STIGA eRide C300 - Voorafgaande werkzaamheden - 1

GEVAAR

Gebruik een geschikte hefinrichting.

Vooraleer de wielen te verrangen, moet men de volgende werkzaamheden uitvoeren:

  1. Plaats de machine op een stevige en vlakke oppervlakte, die de stabiliteit van de machine garandeert.
  2. Breng de machine;

  3. De sleutel verwijdermen;

  4. Plaats de hefinrichting op het hefpunt nabij het wiei dat verwangen moet worden (par. 9.3.2; par. 9.3.3);
  5. Controller of de hefinrichting perfect loodrecht op het terrein staat.

9.3.2 Keuze en plaatsing van de krik op de weiterwielen

Plaats houten keggen (afb. 31.A) aan de basis van de wielen (afb. 31.B), aan de kant van het viel dat verwangen要去 worden (afb. 30.C).

Voor modellen met opvang achteraan:

  • De maximale hoogte van de gesloten krik is 110mm (afb. 32).
  • Plaats de krik onder het Achtersteplaatje (afb. 33.A), op 180mm van de zijdelingse board.

Voor modellen met zijdelingse aflaat:

  • De maximale hoogte van de gesloten krik is 110mm (afb. 34).
  • Plaats de krik onder dechterste as, op het op de afbeelding aangegeven punt (afb. 35.A).

OPMERKING

Wanner de krik geplaatst is zoals beschreiben in deze paragraaf, is het möglichn enkel het wieI dat moet verwangen worden, op te tillen.

9.3.3 Keuze en plaatsing van de krik op de voorwielen

  1. Plaats houten keggen (afb. 36.A) aan de basis van de wielen (afb. 36.B), awhile het wieel dat verwangen moet worden (afb. 36.C).
  2. De maximale hoogte van de gesloten krik is 110 mm.
  3. Plaats op de krik (afb. 37.A) een vierkanten houten dikte (afb. 37.B) met een doorsnede van ongeveer 10 × 10 cm.

STIGA eRide C300 - Keuze en plaatsing van de krik op de voorwielen - 1

LET OP

De dikte van het hout vermijdt beschadiging aan de voorste as.

  1. Tijdens deze fase, moet men de dikte in evenwicht houden op de krik, met behulp van een hand. Hef de krik op zodat de dikte gegen het frame en de structurele delen steunt (afb. 37.C).

OPMERKING

Wanner de krik zo geplaatst is, is het可想而知 de hele vooras op te tilen.

9.3.4 Vervanging van het wiel

STIGA eRide C300 - Vervanging van het wiel - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Verzeker uervaan dat de machine stabel en stil blijft staanijdens het optillen. Indien meniets vreemds merkt, moet men de krik onmiddelijk omlaag brengen, controleren en eventuele problemen oplossen enervoigens de krik opnieuw optillen.

  1. Verwijder het deksel (afb. 38.A).
  2. Til de krik voldoende op om het wel gemakkelijk te kunnen verwijdersen.
  3. Verwijder, met behulp van een schroevendraaier, de veerring (afb. 38.B) en de drukring (afb. 38.C).
  4. Verwijder het wieel dat verwangen moet worden.
  5. Smeer de as (afb. 38.D) in met vet.
  6. Monteer het(AP)wieI.
  7. Plaats de drukring en de veerring zorgvuldig waar op hun plaats.

OPMERKING

Controleer of de achefterste wielen opdezelfde hoogte staan (afb. 39.A) en of het verschil tussen de externe diameters tussen de twee wielen (afb. 39.B) Nieteer is dan 8 - 10mm .Indien dit wel zo is, moet men, om een onregelmatig maaiente voorkomen, de uitlijning van de snijgroep bij een geauthoriseerd Dienstcentrum latent afstellen.

9.3.5 De banden repareren of verrangen

De banden zijn "Tubeless" en jegere verranging of reparatie als gevolg van eenlek dient dan ook door eenvakman uitgevoerd te worden volgens de, voor dit type banden, geldende voorschriften.

9.4 VERVANGING LED-LAMPEN

9.4.1 LED TYPEI

Draai de ringmoer (afb. 40.A) los en verwijder de connector (afb. 40.B). Demonteer de LED-verlichting (afb. 40.C) die met de schroeven bevestigd (afb. 40.D) is.

9.4.2 LED TYPE II (bajonet-type)

De koplampen zijn door middel van een bajonetfitting in de lamphouder gedraaid. De lamphouder kan verwijderd worden door deze met behulp van een tang gegen de klok in te draaien (Afb. 41)

10. STALLING

Wanner de machine gedurende meer dan 30 Tage opgeborgen moet worden:

  1. Verwijder de contactsleutel.
  2. Reinig de machine zorgvuldig.
  3. Controller of de machine geen schade vertoont. Contacteer, indien nodig, het geauthoriseerde Dienstcentrum.
  4. Berg de machine op:

  5. met de snijgroep omlaag;
    in een droge ruimte;

  6. beschut gegen de elementen, in de schaduw, bij een aanbevolen temperatuur tussen +0 en +40^
    indien mogelijk bededuct met een doek;
  7. buiten bereik van kinderen;
  8. na zich ervan verzekerd te hebben de sleutels of werktuigen die voor het onderhoud gebruikt werden, verwijderd te hebben.

STIGA eRide C300 - STALLING - 1

LET OP

De accu moet minstens eén keer per maand volledig opgeladen worden en altijd voordat u de activiteit hervat.

Wanner de machine waar gestart wordt, dient men de machine voor te bereiden zoals aangegeven is in het hoofdstuk "7. Gebruik van de machine".

11. HANTERING EN TRANSPORT

  • Wanner men de machine hanteert, moet men:
  • de snij-inrichting uitschakelen;
  • de snijgroep in de hoogste stand zetten;
  • schakel de machine uit en haal de contactsleutel weg;
  • schakel de transmissie uit (par. 6.4).

  • Wanner men de machine met een wagon of aanhangwagen vervoert, moet men:

  • opritten gebruiken met geschikte\ weerstand, bredte en lenghte;
  • de machine laden met de motor uitgeschakeld, met de contactsleutel uit het stopcontact van de machine, zonder bediener, duwend, en met een geschikt anteI整个人en;
  • de snijgroep omlaag brengen;
  • de machine zoplaatsen dat ze geen gevaar veroorzaakt;
  • schakel de transmissie in (par. 6.4);
  • ze stevig aan het vervoersmiddel bevestigen met koorden of kettingen om te vermijden dat ze Kantelt en zo eventueel beschadigd kan worden.

Neem contact op met het Servicecentrum als u het gevoel heeft dat u de behandeling of het transport Niet veilig kunt UITvoeren.

12. ASSISTENTIE EN HERSTELLINGEN

Deze handleiding verstrecht alle gegevens die u nodig hebt om de machine te kuren gebruiken en om er op de juiste manier eenvoudige onderhoudswerkzaamheden aan te kuren verrachten, die de gebruiker zich kan uitvoeren. Alle afstellingen en onderhoudshandelingen die Niet beschreibenন zich in deze handleiding要去 uitgevoerd worden door uw Verkoper of in een gespecialiseerd Centrum dat beschikt over de nodige kennis en uitrustingen om de werkken correctuit te voeren, met respect voor het oorspronkelijkiveau van veilighheid van de machine. Handelingen die uitgevoerd werden in nicht geschikte structuren of door onbekwame personen doen elke vorm van garantie en alle verplichtingen of aansprakelijkheid van de Fabrikantervallen.

Enkel de geauthoriseerde Dienstcentra mogen de herstellingen en onderhoudsingrepen in garantie uitvoeren.
- De geauthoriseerde Dienstcentra gebruiken enkel originele wisselstukken. De originele wisselstukken en toebehoren werden special voor de machines ontwikkeld.
- Niet originele wisselstukken en toebehoren zijn nicht goedgekeurd; het gebruik van Niet originele wisselstukken en toebehoren brengt de verilgheid van de machine in gevaar en ontheft de Fabrikant van alle verplichtingen en aansprakelijkheden.
- Men raadt aan de machine eens per Jaar aan een geautoriseerd Dienstcentrum toe te vertrouwen voor het onderhoud, assistentie en controle van de veiligheidsnichtingen.

13. GARANTIEDEKKING

De garantietekking is enkel bestem voor de consumpten, d.w.z. Niet professionele bedieren. De garantie dekt alle kwaliteits- en fabricagefouten dieijdens de garantieperiode door uw Wederverkoper of door een gespecialiseerd Centrum vastgesteld worden. De toepassing van de garantie is beperkt tot de herstelling of verwanging van het defect geachtede onderdeel.

De toepassing van de garantie is ondergeschikt aan een regelmatig onderhoud van de machine.

De gebruiker要去aandachtig de aanwijzingen volgen die in de bijgevoegde documentatieverschaft is.

De garantie geldt nicht voor schade te wijten aan:

STIGA eRide C300 - GARANTIEDEKKING - 1

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

  • Onvoldoende kennis van de vergezellende documentationatie (Gebruiksaanwijzing).
    Professioneel gebruik.
    Achteloosheid, nalatigheid.
  • Externe oorzaak (bliksem, stoten, aanwezigheid van vreemde voorwerpen in de machine) of incident.
  • Onjuist of Niet door de Fabrikant toegestaan gebruik en montage.
  • Gebrekkig onderhoud.
  • Wijziging van de machine.
  • Gebruik van niet originele wisselstukken (aanpasbare stukken).
  • Gebruik van toebehoren dat Niet door de fabrikant verschaft of goedgekeurd wrought.

Deze garantie geldt bovendien nicht voor:

  • De handelingen voor gewoon/buitengewoon onderhoud (beschreiben in de gebruiksaanwijzing).

  • De normale slijtage van verbruiksmaterialiaal zoals snij-inrichtingen, wielen, koplampen, veiligheidsbouten en draden.
    Normale slijtage.
    Esthetische slijtage van de machine wegens het gebruik.

  • De steunen van de snij-inrichtingen
  • De eventueel bijkomende onkosten voor activering van de garantie, zoals de reiskosten tot bij de gebruiker, het vervoer van de machine maar de Wederverkoper, de huur van uitrustingen voor de verwangting of de oproep van een externe maatschappij voor alle onderhoudswerkzaamheden.

De gebruiker is beschermd door de nationale wetten van zich eigen land. De rechten van de koper die voorzien zich in de nationale wetten van zich eigen land, zich op geen enkele wijze beperkt door deze garantie.

14. TABEL ONDERHOUD

In de vakjes ernaat sunt u de datum of het aantal werkuren noteren wanner de ingreep is uitgevoerd.

Ingreep Frequentie(uren)Uitvoering (Datum of Uren) Nota's
Controle van alle bevestigingenVoor eender welk gebruik
Controle bandendrukVoor eender welk gebruikpar. 7.1.3
Veiligheidscontroles / Controle van de commando'sVoor eender welk gebruikpar. 7.2
Controle van de hendel ontgrendeling transmissieVoor eender welk gebruikpar. 6.4
Montage/Controle van de beschermingen aan de uitgangVoor eender welk gebruikpar. 5.5
Lading van de accuVoor eender welk gebruikAan het einde van ieder gebruikVoor de stallingpar. 8.2
Algemene reiniging en controleAan het einde van ieder gebruikpar. 8.4
Controle van eventuele schade aan de machine. Contacteer, indien nodig, het geauthoriserde Dienstcentrum.Aan het einde van ieder gebruik
Controle koppeleng en bijslijpen snij-inrichting25*
Vervangng snij-inrichtingen100 *
Algemene smering25 par. 8.5 **
  • Handling die door uw Verkoper of door een gespecialiseerd Centrum要去 uitgevoerd worden.
    ** De algemene smering van alle bewegende onderdelen moet bovendien, elk er verwacht worden de machine voor genuimeijd Niet te gebruiken, uitgevoerd worden.

15. PROBLEM IDENTIFICATIE

Probleem OorzaakOplossing
1. De machine gaat Niet aan.Accu plat.Laad de accu waar op (par. 8.2.2).
2. De hoogte van het gras is onregelmatig.De messen van het maaisystemezemijn Niet scherm.Richt u tot een erkende serviceworkplaats.
De rijnselheid is te hoog ten opzichte van de hoogte van het te snijden gras.Verlaag de rijnselheid en/of verhoog de maaihoogte.
De snijgroep is vol gras.Wacht tot het gras droog is.
Maak de snijgroep schoon.
3. Afwijkende trillingen gedurende het gebruik.Maaisysteme Niet gebalanceerd.Messen maaisystem los.Losgeraakte onderdelen.Eventuele beschadigingenRicht u tot een erkend servicecentrum voor controles,ervangingen of herstellingen.
4. Het pictogram afb. 12.E blijft aan en de acculeds 2 en 5 knipperen.Stroomoverbelastinguit de accu door:
1. Te zwarewerkconditions.Verlaag de rijnselheid.
Verhoog de maaihoogte.
2. Helling te steil. Verlaagde rijnselheid en controllerer de helling van de grond waarop u werkt.
5. [Toetsenbord Type I] Het pictogram afb. 12.E knippert.Alle andere indications in het toetsenbord (led) blijven actief en zichtaar.[Toetsenbord Type II] Het pictogram afb. 12.N knippert. Alle andere indications in het toetsenbord (pictogrammen/led) blijven actief en zichtaar.Vooralarm bij te hogetempoatuur van de accu, de trekmotor en/of de motoren van de snij-inrichtingen voor:
1. Zwarewerkconditions.Verlaag de rijnselheid.
Verhoog de maaihoogte.
6. [Toetsenbord Type I] Het pictogram afb. 12.E blijft aan en de acculeds 2 en 4 knipperen. [Toetsenbord Type II] Het pictogram afb. 12.E en afb. 12.N blijven aan en de acculeds 2 en 4 knipperen.Over-/ondertemperatuur van de accu door:Zet de machine uit, wacht minstens 5 minutes en start hem dan opnieuw.
1. Zware werkconditions.Verlaag de rijnselheid.
Verhoog de maaihoogte.
2. Niet geschikte omgevingsconditions.Werk in een omgeving met een temperatuur die geschikt is voor de bedrijfsomstandigheden van de machine.
7. Het pictogram afb. 12.E blijft aan en de acculds 1, 4 en 5 knipperen.Huidige overbelasting van snij-apparaten door:
1. Zware werkconditions.Verlaag de rijnselheid.
Verhoog de maaihoogte.
2. Verklemmingen die de rotatie van de snij-inrichtingen verhinderen.Verwijder de verklemmingen.
3. De snijgroep zit vol grayscale.Maak de snijgroep schoon.
8. [Toetsenbord Type I] Het pictogram afb. 12.E blijft aan, de acculesd 1 en 3 knipperen. [Toetsenbord Type II] Het pictogram afb. 12.E en afb. 12.N blijven aan en de acculesd 1 en 3 knipperen.Overtemperatuur van de motoren van de snij-apparaten door:Zet de machine uit, wacht minstens 5 minutes en start hem dan opnieuw.
Zware werkconditions.aag de rijnselheid.
Verhoog de maaihoogte.
9. Het pictogram afb. 12.E blijft aan, de acculesd 1, 3 en 5 knipperen.Blokkering van de motoren van de snij-apparaten door:
1. Zware werkconditions.Verlaag de rijnselheid.
Verhoog de maaihoogte.
2. Verklemmingen die de rotatie van de snij-inrichtingen verhinderen.Verwijder de verklemmingen.
3. De snijgroep zit vol grayscale.Maak de snijgroep schoon.
10. [Toetsenbord Type I] Het pictogram afb. 12.E blijft aan, de acculeds 1, 2 en 4 knipperen.Overtemperatuur van de trekmotor door:Schakel de machine uit en wacht minimaal 5 minutes voordat u de startprocedure herhaalt.
1. Trekmotor onder spanning.Verlaag de rijnsnelheid.
2. Helling te steil. Verlaagde snugheid en controller de helling van de helling waarup u werkct.
3. Aanwezigheid van te veel modder op de wielen.Controller of de wielen Niet geblokkeerd+zijn en maak ze indien nodig schoon.
[Toetsenbord Type II] Het pictogram afb. 12.E en afb. 12.N blijven aan, de acculeds 1, 2 en 4 knipperen.De machine worden gestart verwijl het trekpedaal Niet is losgelaten (niet in neutraalstand).Schakel de machine uit en herhaal de startprocedure pas nadat u hebigt gecontrolerd of het trekpedaal in de neutralstand staat (pedaal losgelaten).
[Toetsenbord Type II] Het pictogram afb. 12.E en afb. 12.O blijven aan, de accules 1, 2, 4 en 5 knipperen.
12. [Toetsenbord Type I] Het pictogram afb. 12.E blijft aan en de accules 1, 2, 3 en 5 knipperen.Hendel voor in-/uitschaken van transmissie in stand transmissie uitgeschakeld.Controller de stand van de hendel voor in-/uitschaken van de transmissie enzet deze, indien nodig, terug in de stand voor ingeschakelde transmissie.
[Toetsenbord Type II] Het pictogram afb. 12.E en afb. 12.O blijven aan en de accules 1, 2, 3 en 5 knipperen.Neem contact op met een servicecentrum als het probleem zich blijft voordoen.
13. De accules fig. 12.F gaan oepenvolgend in- en uit, van links maar rechts, en vice versa.Communicatiefout:tussen elektronische modules aan board.Schakel de machine uit en herhaal de startprocedure.
Neem contact op met een servicecentrum als het probleem zich blijft voordoen.

OPMERKING

Neem voor andere problemen die Niet in de tabel staan onmiddelijk contact op met een erkend servicecentrum.

16. TOEBEHOREN

Hakselt het gemaaide gras en LAST het achefter op het terrein (afb. 42.A1; afb. 42.A2).

16.2 ACCULADER (SNELLE LADING)

Acculader waarmee de oplaadtijd van de accu verkort kan worden. De lijst van de voor deze machine gehomologeerde acculaders bevindt zich in de tabel van de "Technische Gegevens". Laat toe de accu efficien't te houdenijdens de periodes van inactiviteit van de machine, waar bij een optimaal laadiveau en een langere duurzaamheid van de accu gegarandeerd worden (afb. 42.B).

16.3 AFDEKZEIL

Beschermt de machine van stof als\ deze Niet gebrukt worden (afb. 42.D)

16.4 KIT ACHTERSTE AFLAATBEVEILIGING

Kan inplaats van de opvangzak gebruikt worden als het gras Niet opgevangen worden (afb. 42.C). (Enkel voor modellen met opvang achteraan).

NL - De inhoud en de afbeeldingen van deze gebruikshandelieing werden gerealiseerd voor rekening van ST. S.p.A. en zijn beschermd door het autoursrecht - Elke Niet-geautoriserde reproductie of wijziging, ook gedeelijke, van het document is verboden.

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : STIGA

Model : eRide C300

Categorie : Tractor