FBM6701A - Fornuis BEKO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis FBM6701A BEKO in PDF-formaat.

📄 84 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice BEKO FBM6701A - page 44
Bekijk de handleiding : Français FR Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BEKO

Model : FBM6701A

Categorie : Fornuis

Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding FBM6701A - BEKO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. FBM6701A van het merk BEKO.

GEBRUIKSAANWIJZING FBM6701A BEKO

NLNL / 44 Welkom! Beste klant, Hartelijk dan voor uw keuze van het Beko product. Wij willen dat uw product, vervaardigd met hoogwaardige technologie, u een optimale efficiëntie biedt. Lees hiervoor deze hand- leiding en alle andere documentatie zorgvuldig voor u het product in gebruik neemt. Houd de informatie en waarschuwingen vermeld in de handleiding in gedachten. Zo be- schermt u zichzelf en uw product tegen eventuele gevaren. Bewaar de handleiding. Als u het product doorgeeft aan iemand anders mag u niet verge- ten ook de handleiding mee te geven. De garantievoorwaarden, het gebruik en de pro- bleemoplossingsmethoden voor uw product worden vermeld in deze handleiding. De symbolen en hun beschrijvingen in de handleiding: Gevaar dat fataal kan aflopen of resulteren in letsels. Belangrijke informatie of handige tips. Lees de handleiding. Waarschuwing voor heet oppervlak. OPMER- KING Gevaar dat kan resulteren in materiële schade aan het product of de omgeving.NL / 45 Inhoudsopgave 1 Veiligheidsinstructies .................... 46

1.1 Beoogd gebruik ............................. 46

1.2 Veiligheid van kinderen, kwetsba-

re personen en huisdieren ............

1.4 Veiligheid tijdens het transport..... 49

1.5 Veiligheid tijdens de installatie..... 50

1.6 Veiligheid tijdens gebruik.............. 51

1.7 Temperatuur waarschuwingen..... 52

1.8 Het gebruik van de accessoires ... 53

1.9 Veiligheid tijdens de bereiding...... 53

1.10 Veiligheid tijdens het onderhoud

2.1.1 Conformiteit met de AEEA

2.3 Aanbevelingen voor energiebe-

3.1 Inleiding van het product .............. 56

3.2 Introductie van het bedieningspa-

3.3 Bedieningsfuncties van de oven... 58

3.4 Productaccessoires ...................... 58

3.5 Het gebruik van de accessoires

van het product..............................

4.1 Juiste plaats voor installatie......... 63

4.2 Elektrische aansluiting ................. 64

4.3 Plaatsen van het product ............. 65

6 De kookplaat gebruiken.................. 66

6.1 Algemene informatie over het ge-

bruik van de kookplaat..................

6.2 Bediening van de kookplaat.......... 68

7 Het gebruik van de oven................. 69

7.1 Algemene informatie over het ge-

7.2 Bediening van het oven bedie-

8 Algemene informatie bij het bak- ken ................................................

8.1 Algemene waarschuwingen over

9 Onderhoud en reiniging.................. 77

9.1 Algemene reinigingsinformatie .. 77

9.4 Het bedieningspaneel reinigen... 79

9.5 De binnenzijde van de oven rei-

9.6 Eenvoudige stoomreiniging........ 80

9.7 De deur van de oven reinigen ..... 80

9.8 De interne glasplaat verwijderen

NLNL / 46 1 Veiligheidsinstructies

  • Dit hoofdstuk omvat de nodige veiligheidsinstructies om het risico van persoonlijke letsels of materiële schade te voorko- men.
  • Als het product wordt overhan- digd aan iemand anders voor persoonlijk gebruik of tweede- hands doeleinden moeten de handleiding, de productlabels en andere relevante documen- ten ook worden overhandigd.
  • Ons bedrijf kan niet aansprake- lijk worden geteld voor schade die kan optreden als deze in- structies niet worden nage- leefd.
  • Het niet naleven van deze in- structies resulteert in de nietig- verklaring van de garantie.
  • De installatie en alle reparaties moeten worden uitgevoerd door de fabrikant, de geautori- seerde dienst of een persoon die wordt aangeduid door de importeur.
  • Gebruik uitsluitend originele re- serveonderdelen en accessoi- res.
  • U mag geen enkel onderdeel van het product repareren of vervangen tenzij dit duidelijk wordt aangegeven in de hand- leiding.
  • Voer geen technische wijzigin- gen uit aan het product.
  • Dit product is uitsluitend ont- worpen voor gebruik bij u thuis. Het is niet geschikt voor commercieel gebruik.
  • Gebruik het product niet in de tuin, op een balkon of andere buitenomgevingen. Dit product is bedoeld voor huishoudelijk gebruik of in personeelskeu- kens of winkels, op kantoor en andere werkomgevingen.
  • WAARSCHUWING! Dit product mag enkel worden gebruikt om etenswaren te bereiden. Het mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden zoals het opwarmen van een ruimte.
  • De oven kan worden gebruikt om etenswaren te ontdooien, bakken, braden en te rooste- ren.
  • Dit product mag niet worden gebruikt voor het opwarmen van borden of om handdoeken of kleding op te hangen aan het handvat om deze te laten drogen.

1.2 Veiligheid van kin-

deren, kwetsbare per- sonen en huisdieren

  • Dit product kan worden ge- bruikt door kinderen van 8 jaar en ouder, en mensen die on- derontwikkeld zijn in fysieke, sensorische of mentale vaar- digheden, of die een gebrek aan ervaring en kennis hebben, zolang ze onder toezicht staan of getraind zijn over het veilige gebruik en de gevaren van het product.
  • Kinderen mogen niet met het product spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet door kinderen worden uit- gevoerd, tenzij er iemand toe- zicht op hen houdt.
  • Dit product mag niet worden gebruikt door mensen met een beperkte fysieke, sensorische of mentale capaciteit (inclusief kinderen), tenzij ze onder toe- zicht worden gehouden of de nodige instructies krijgen.
  • Kinderen moeten onder toe- zicht staan om ervoor te zor- gen dat ze niet met het product spelen.
  • Elektrische producten zijn ge- vaarlijk voor kinderen en huis- dieren. Kinderen en huisdieren mogen niet met het product spelen, erop klimmen of erin komen.
  • Plaats geen voorwerpen die kinderen kunnen bereiken op het product.
  • Draai het handvat van de pot- ten en pannen naar de zijkant van het aanrecht, zodat kinde- ren niet kunnen grijpen en branden.
  • WAARSCHUWING! Tijdens het gebruik zijn de toegankelijke oppervlakken van het product heet. Houd kinderen uit de buurt van het product.
  • Houd de verpakkingsmateria- len buiten het bereik van kinde- ren. Er is gevaar voor letsel en verstikking.
  • Als de deur open is, plaats er dan geen zware voorwerpen op en laat kinderen er niet op zitten. U kunt ervoor zorgen dat de oven kantelt of de deur- scharnieren beschadigen.
  • Voor het weggooien van ver- sleten en nutteloze producten:

1. Trek de stekker uit het stop-

contact en haal deze uit het stopcontact.

2. Snijd het netsnoer af en kop-

pel het los met de stekker van het product.

3. Neem voorzorgsmaatregelen

om te voorkomen dat kinde- ren het product binnendrin- gen.

4. Laat kinderen niet met het

product spelen wanneer het in de ruststand staat.

  • Sluit het product aan op een geaard stopcontact beveiligd met een zekering die overeen- stemt met de nominale stroom vermeld op het typeplaatje. De aarding moet worden uitge- voerd door een gekwalificeer- de elektricien. Gebruik het pro- duct niet zonder aarding in overeenstemming met de loka- le / nationale regelgeving.
  • De stekker of de elektrische aansluiting van het apparaat moet zich op een gemakkelijk toegankelijke plaats bevinden. Als dit niet mogelijk is, moet er een mechanisme zijn (zeke- ring, schakelaar, sleutelschake- laar, etc.) op de elektrische in- stallatie waar het product op is aangesloten, conform de elek- trische regelgeving en met af- scheiding van alle polen van het netwerk.
  • Koppel het product los of schakel de zekering uit voor re- paratie, onderhoud en reini- ging.
  • Voer de stekker van het pro- duct in een stopcontact dat voldoet aan de spanning en frequentiewaarden vermeld op het typeplaatje.
  • (Als uw product geen netsnoer heeft, mag u enkel de verbin- dingskabel gebruiken die wordt beschreven in het hoofd- stuk “Technische specifica- ties”.
  • Het netsnoer mag niet worden geklemd onder of achter het product. Plaats geen zware voorwerpen op het netsnoer. Het netsnoer mag niet worden gebogen, geklemd of in con- tact komen met een warmte- bron.
  • Zorg ervoor dat het netsnoer niet geklemd raakt bij de plaat- sing van het product of na de montage or reiniging.
  • Het achterste oppervlak van de oven wordt heet tijdens het ge- bruik. De netsnoeren mag niet in contact komen met de ach- terzijde van het product. Zo niet kan deze worden bescha- digd.
  • Klem de elektrische kabels niet in de ovendeur en leid ze niet over hete oppervlakken. Zo

NLNL / 49 niet zal de kabelisolatie smel- ten en brand veroorzaken als resultaat van een kortsluiting.

  • Gebruik uitsluitend de originele kabels. Gebruik geen bescha- digde kabels.
  • Gebruik geen verlengsnoer of multi-stekker om uw product te bedienen.
  • Neem contact op met het ge- autoriseerde servicecentrum of de importeur om de goedge- keurde adapter te gebruiken in gevallen waarin het gebruik van een converteradapter (voor stekkertype) nodig is.
  • Neem contact op met de im- porteur of het geautoriseerde servicecentrum als de lengte van het netsnoer onvoldoende is.
  • Draagbare stroombronnen of multi-stekkers kunnen overver- hit raken en vlam vatten. Ge- bruik geen multi-stekkers en draagbare stroombronnen met het product.
  • Als het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door een fabrikant, een geauto- riseerde dienst of een persoon aangewezen door de importeur om eventuele schade te voor- komen.
  • WAARSCHUWING! Voor de ovenlamp vervangt, moet u het product loskoppelen van het elektrisch net om het risico op elektrische schokken te voor- komen. Verwijder de stekker van het product uit het stop- contact of schakel de zekering uit in de zekeringenkast. Als uw product is voorzien van een netsnoer en stekker:
  • Plaats de productstekker nooit in een kapotte, losse of niet verbonden plug Zorg ervoor dat de stekker volledig in het stopcontact is gestoken. An- ders kunnen de verbindingen oververhit raken en brand ver- oorzaken.
  • Sluit het apparaat niet op stop- contacten die vettig, vies of mogelijk blootgesteld zijn aan water (zoals die in de buurt van een werkblad waar water kan ontsnappen). Zo niet, bestaat het risico van kortsluiting en elektrocutie.
  • Raak de stekker nooit aan met natte handen!
  • Trek de stekker uit het stop- contact aam de stekker zelf in plaats van aan het snoer.

1.4 Veiligheid tijdens

  • Ontkoppel het product van het elektrisch net voor u het pro- duct verplaatst.
  • Het product is zwaar. U moet het dus met ten minste twee personen dragen.
  • Gebruik de deur en/of het handvat niet om het product te verplaatsen.
  • Plaats geen items op het appa- raat. Draag het apparaat verti- caal.
  • Als u het product moet ver- plaatsen, moet u het wikkelen in bubbelplastic verpakkings- materiaal of dik karton en tape. De bewegende delen van het product stevig bevestigen om schade te voorkomen.
  • Voor het product wordt geïn- stalleerd, moet u het product na transport inspecteren op schade. Neem bij beschadi- ging contact op met de impor- teur of het erkende servicecen- trum.

1.5 Veiligheid tijdens de

  • Zorg dat het netsnoer waarop het product wordt aangesloten geen stroom heeft voordat u met de installatie begint door de zekering uit te schakelen.
  • Draag altijd beschermende handschoenen tijdens het transport en de installatie. Zo niet, bestaat het risico op letsel door scherpe randen!
  • Voor het product wordt geïn- stalleerd, moet u het product inspecteren op schade. U mag het product niet laten installe- ren als het beschadigd is..
  • Plaats het product nooit op een vloer met een tapijt. Zo niet kan het gebrek aan lucht- circulatie onder het product de elektrische onderdelen doen oververhitten. Dit zal proble- men veroorzaken met uw pro- duct.
  • Het product moet worden ge- plaatst op een schone, vlakke en harde ondergrond. Het mag niet op een plint of een bodem- plaat worden geplaatst. De producten mogen niet op kar- ton op een plastic bord worden geplaatst.
  • Direct zonlicht en warmtebron- nen, zoals elektrische of gas- kachels, mogen niet aanwezig zijn in het gebied waar het pro- duct is geïnstalleerd.
  • Houd de omgeving van alle ventilatieopeningen van het product open.
  • Installeer het product niet in de buurt van een venster. Er be- staat een risico dat de vlam- men van de kookplaat gordij- nen en brandbaar materiaal rond de kookplaat in brand zul-

NLNL / 51 len steken. Wanneer u het ven- ster opent kan heet keukenge- rei omkantelen.

  • Installeer het product niet in de buurt van een venster. Wan- neer u het venster opent kan heet keukengerei omkantelen.
  • Om oververhitting te voorko- men mag het product niet wor- den geïnstalleerd achter deco- ratieve afdekkingen.
  • Als er zich een gasleiding/buis of plastic waterleiding achter de aangewezen installatiezone van het product bevindt, moet er zeker van zijn dat het pro- duct niet in contact kan komen met deze leidingen. Zo niet kan de leiding/buis worden verplet- terd.
  • Als er een stopcontact achter de plaats is waar het product zal worden geïnstalleerd, moet ervoor worden gezorgd dat het product niet in contact komt met de aansluiting en ook niet met de stekker in het stopcon- tact.
  • Er mag geen gasaansluiting, plastic waterleiding en aanslui- ting aanwezig zijn op de ach- terzijde of de zijmuur op de lo- catie waar het product wordt geïnstalleerd. Zo niet kunnen deze vervormen door de hitte wanneer de kookplaat wordt bediend en dit kan een veilig- heidsrisico veroorzaken.

1.6 Veiligheid tijdens

  • Zorg ervoor dat het apparaat is uitgeschakeld na elk gebruik.
  • Als u het product niet gebruikt gedurende een langere periode moet u de stekker uit het stop- contact verwijderen of het ap- paraat uitschakelen met de ze- kering in de zekeringkast.
  • Gebruik het product niet als het kapot gaat of beschadigd raakt tijdens het gebruik. Ont- koppel het product van het elektrisch net. Neem contact op met de importeur of het er- kende servicecentrum.
  • Gebruik het product niet als de glazen deur vooraan is verwij- derd of gebarsten. Zo niet be- staat een risico van letsels en milieuschade.
  • WAARSCHUWING! Als het kookoppervlak gebarsten is, moet u het product loskoppe- len van het elektrisch net om het risico op elektrische schok- ken te voorkomen.
  • WAARSCHUWING! Als het glas van de kookplaat is gebarsten:

NLNL / 52 sluit de gastoevoer uit en (indien van toepassing) schakel de elek- trische kookplaten uit. Ontkop- pel het product van het elek- trisch net. - Raak het oppervlak van het ap- paraat niet aan. - U mag het apparaat niet gebrui- ken.

  • U mag nooit op het apparaat stappen.
  • Gebruik het product nooit als uw beoordelingsvermogen of coördinatie is verminderd of als u alcohol en/of drugs hebt gebruikt.
  • U mag geen brandbare voor- werpen in of rond de kookzone bewaren. Zo niet kan dit brand veroorzaken.
  • Het handvat van de magnetron mag niet worden gebruikt om handdoeken te drogen. U mag tijdens het gebruik van dit pro- duct geen handdoeken, hand- schoenen of gelijkaardig textiel ophangen bij het handvat.
  • De scharnieren van de deur van het product verschuiven tij- dens het openen en sluiten van de deur en kunnen geblok- keerd raken. U mag het onder- deel niet vasthouden bij de scharnieren wanneer de deur wordt geopend/gesloten.
  • Dit product is niet geschikt voor gebruik met een afstands- bediening of een externe klok.

1.7 Temperatuur waar-

  • WAARSCHUWING! Wanneer het product in gebruik is, zijn het product en de toegankelij- ke onderdelen warm. Men dient er zorg voor te dragen het product en de verwar- mingselementen niet aan te ra- ken. Houd het product uit de buurt van kinderen jonger dan 8 jaar oud tenzij ze onder con- stant toezicht staan.
  • Plaats geen brandbaar / explo- sief materiaal in de buurt van het product want de oppervlak- ken worden heet tijdens de werking.
  • Blijf op afstand wanneer u de ovendeur opent tijd of na de bereiding. De stoom kan uw handen, gezicht en/of ogen verbranden.
  • Het product wordt warm tij- dens gebruik. Men dient er zorg voor te dragen de hete on- derdelen, de binnenzijde van de magnetron en de verwar- mingselementen niet aan te ra- ken.
  • Draag altijd hittebestendige ovenhandschoenen wanneer u het product hanteert.
  • WAARSCHUWING! Brandge- vaar: bewaar geen voorwerpen op de kookplaat.

1.8 Het gebruik van de

  • Het draadrooster en de schotel moeten correct op het rooster worden geplaatst. Raadpleeg het hoofdstuk “Het gebruik van de accessoires” voor meer gedetailleerde informatie
  • Sluit de ovendeur nadat u de accessoires volledig in de kookruimte hebt geduwd. Zo niet kunnen ze in aanraking ko- men met de glazen deur en de- ze beschadigen.
  • WAARSCHUWING! Gebruik en- kel kookplaatbeschermingen die zijn ontworpen door de fa- brikant van het apparaat of vol- gens de gebruiksinstructies van de fabrikant van het appa- raat of de kookplaatbescher- mingen van het apparaat zelf. Het gebruik van incorrecte be- schermingen kan ongevallen veroorzaken.

1.9 Veiligheid tijdens de

  • WAARSCHUWING! Het kook- proces moet onder toezicht worden uitgevoerd. Korte kookprocessen moeten altijd onder toezicht worden uitge- voerd.
  • WAARSCHUWING! Bij bereidin- gen met vaste of vloeibare olie is het gevaarlijk de oven te ver- laten. Dit kan brand veroorza- ken. Probeer NOOIT een derge- lijke brand te blussen met wa- ter maar ontkoppel het product van het elektrisch net en dek de vlam af met een Kleding of een branddeken (etc.).
  • Wees voorzichtig met het ge- bruik van alcoholische dranken in uw vaat. Alcohol verdampt aan hoge temperaturen en kan brand veroorzaken aangezien het kan ontvlammen wanneer het in contact komt met hete oppervlakken.
  • Voedselresten in de berei- dingszone, zoals olie, kunnen ontvlammen. Reinig deze res- ten voor iedere bereiding.
  • Gevaar van voedselvergifti- ging: Bewaar etenswaren nooit in de oven gedurende meer dan een uur voor of na de be- reiding. Zo niet kan dit voedsel- vergiftiging of ziekten veroor- zaken.
  • U mag geen afgesloten blikken of glazen potten opwarmen in de magnetron. De druk die kan opbouwen in het blik/de pot kan deze doen barsten.
  • Plaats geen bakplaten, scho- tels of aluminiumfolie recht- streeks op de bodem van de oven. De verzamelde hitte kan het bodemoppervlak van de oven beschadigen. Let erop de volgende voorzorgs- maatregelen te volgen wanneer u vettig bakpapier of gelijkaardig materiaal gebruikt:
  • Plaats het bakpapier in een schotel of een magnetron ac- cessoire (lade, rooster, etc.) met etenswaren en plaats ze in de voorverwarmde magnetron.
  • Om het risico te vermijden de verwarmingselementen van de oven aan te raken en de warme luchtstroom te belemmeren, moet u alle overtollige stukken bakpapier verwijderen die van accessoires of containers han- gen. Gebruik geen bakpapier bij een hogere oventempera- tuur dan de maximale tempe- ratuur gespecificeerd door de fabrikant. Plaats nooit bakpa- pier op de bodem van de mag- netron.
  • Plaats het nooit bovenop ac- cessoires tijdens de voorver- warming.
  • Druk altijd neer met een bord of een gelijkaardig voorwerp om te voorkomen dat materi- aal in het rond kan vliegen door de circulerende lucht in de oven.
  • Dek enkel het noodzakelijke oppervlak af in de lade.
  • De lade moet na elk gebruik worden gereinigd en alle bak- papier of gelijkaardig materiaal dat in de lade wordt gebruikt, moet worden vervangen. Zo niet kan er vloeistof druppelen op de lade en rook of zelfs vlammen veroorzaken.
  • Er wordt een luchtstroom ge- genereerd wanneer het deksel van het product wordt geo- pend. Het bakpapier kan in contact komen met verwar- mingselementen en ontvlam- men.
  • Als u een grill wilt gebruiken om te bakken, moet u een lade op het onderste rek plaatsen. Zo niet kunnen de olie van de etenswaren en andere onder- delen die druppelen op de bo- dem van de oven rook vormen en vlammen veroorzaken.
  • Sluit de oven tijdens het grillen. Hete oppervlakken kunnen brandwonden veroorzaken!
  • Etenswaren die niet geschikt zijn voor het grillen houden een brandrisico in. Grill enkel etenswaren die geschikt zijn voor een groot grill vuur. Plaats geen etenswaren te ver achter-

1.10 Veiligheid tijdens

het onderhoud en de reiniging

  • Wacht tot het product is afge- koeld voor u het product rei- nigt. Hete oppervlakken kun- nen brandwonden veroorza- ken!
  • Was het product nooit door er water op te spuiten of te gie- ten! Er bestaat een risico van elektrische schokken!
  • Gebruik geen stoomreinigers om het product te reinigen want dit kan elektrische schok- ken veroorzaken.
  • Gebruik geen harde, schurende reinigingsmiddelen, metalen krabbers, schuursponsjes, staalwol of bleekmiddel om het glas van de deur en de bo- venzijde van de oven te reini- gen (indien aanwezig). Dit ma- teriaal kan krassen of barsten veroorzaken op de glazen op- pervlakken. 2 Milieurichtlijnen

2.1.1 Conformiteit met de AEEA richt-

lijn betreffende afgedankte elek- trische en elektronische appara- tuur: Dit product is conform met de EU WEEE- richtlijn (2012/19/EU). Dit product draagt een classificatiesymbool voor afval elektri- sche en elektronische apparatuur (AEEA). Dit product werd vervaardigd met kwalitatief hoogstaande onderdelen en materialen die opnieuw kunnen worden ge- bruikt en die geschikt zijn voor recycling. Om die reden mag u het afvalproduct niet weggooien met nor- maal huishoudelijk of ander afval aan het einde van de levensduur. Neem het naar een inzamelcentrum voor de recyclage van elektrische en elektronische apparatuur. U kunt ook uw lokale administratie informatie vragen over deze inzamelpunten. De cor- recte verwijdering van de apparatuur helpt negatieve gevolgen voor het milieu en de volksgezondheid te voorkomen. Naleving van de RoHS-richtlijn: Het product dat u hebt gekocht is conform met de Europese RoHS-richtlijn (2011/65/ EU). Het bevat geen schadelijk en verboden materiaal zoals gespecificeerd in de richt- lijn.

2.2 Informatie over de verpakking

Het verpakkingsmateriaal van het product is gefabriceerd van recyclebaar materiaal in overeenstemming met onze Nationale Mili- euwetgeving. Gooi het verpakkingsmateri- aal niet weg bij het normale huisvuil of an- der afval. Lever het in bij een door de over- heid aangewezen inzamelpunt voor verpak- kingsmateriaal.

2.3 Aanbevelingen voor energiebe-

sparing In overeenstemming met EU 66/2014 is het product voorzien van informatie over ener- gie-efficiëntie op het ontvangstbewijs dat wordt meegeleverd met het product. De volgende suggesties helpen u het pro- duct te gebruiken op een ecologische en energie-efficiënte wijze.

  • Ontdooi ingevroren etenswaren voor de bereiding.
  • Gebruik donkere of email containers in de oven die de warmte beter overdragen.
  • U moet de oven altijd voorverwarmen als die wordt aangegeven in het recept of de handleiding. U mag de ovendeur niet te vaak openen tijdens de bereiding.
  • Schakel het product 5 of 10 minuten voor het einde van de Bakken uit in het geval van een langdurige bereiding. Zo kunt u tot 20% elektriciteit besparen door rest- warmte te gebruiken.
  • Probeer meer dan één schotel tegelijker- tijd te bereiden in de oven. U kunt gelijktij- dig koken door twee kooktoestellen op het rooster te plaatsen. Bovendien, als u uw maaltijden na elkaar bereidt, zal dit energie besparen omdat de oven zijn warmte niet verliest.
  • Gebruik potten/pannen met een afmeting en deksel die geschikt zijn voor de kook- plaat. Selecteer als een pot met de cor- recte afmetingen voor uw maaltijden. Containers met een incorrecte afmeting verbruik meer energie dan noodzakelijk.
  • Houd de kookplaten en bodems van de potten/pannen schoon. Vuil vermindert de warmteoverdracht tussen de kook- plaat en de bodem van de pot. 3 Uw product In dit gedeelte vindt u het overzicht en de basistoepassingen van het bedieningspa- neel van het product. Afhankelijk van het ty- pe product kunnen er verschillen zijn in af- beeldingen en sommige kenmerken.

3.1 Inleiding van het product

1 Fornuis 2 Bedieningspaneel 3 Handvat 4 Deur 5 Onderste deel

1 Lamp 2 Draadroosters 3 Ventilatormotor (achter de stalen plaat) 4 Onderste verwarmingselement (onder de stalen plaat) 5 Legplank posities 6 Bovenste verwarmingselement 7 Ventilatieopeningen

  • Varieert naargelang het model. Uw product is mogelijk niet uitgerust met een lamp, of het type en de locatie van de lamp kunnen verschillen van de afbeelding.

NLNL / 57 ** Varieert naargelang het model. Uw product is mogelijk niet uitgerust met een draadrooster In de afbeelding wordt een product met draadroos- ter weergegeven als voorbeeld.

3.1.2 Kookplaatgedeelte

1 Links achteraan - Enkele kookzone 2 Links vooraan - Meervoudige kookzone 3 Rechts vooraan - Enkele kookzone 4 Rechts achteraan - Enkele kookzone

3.2 Introductie van het bedieningspa-

neel van de magnetron

1 Actieve kookplaat waarschuwings- lamp 2 Thermostaatlamp 3 Functie selectieknop 4 Temperatuur selectieknop 5 Kookplaat bedieningsknoppen Als u uw product bedient met een knop of knoppen is het in bepaalde modellen moge- lijk dat deze knop(pen) naar buiten komen wanneer ze worden ingedrukt. Als u instel- lingen wilt uitvoeren met deze knoppen, moet u eerst de relevante knop indrukken en de knop uittrekken. Nadat u de instelling hebt uitgevoerd, drukt u de knop opnieuw in. Functiekeuzeknop Met de functiekeuzeknop kunt u de bedie- ningsfuncties van de oven selecteren. Draai links / rechts vanuit gesloten (bovenste) positie om te selecteren. Temperatuur selectieknop Met de temperatuurknop kun je de tempe- ratuur selecteren waarop je wilt koken. Draai met de klok mee vanuit de gesloten (bovenste) positie om te selecteren. Indicator binnentemperatuur oven U kunt de binnentemperatuur van de oven aflezen van het temperatuurlampje. Het thermostaatlampje bevindt zich op het be- dieningspaneel. Het thermostaatlampje gaat branden wanneer het product begint te werken en het thermostaatlampje gaat uit wanneer de ingestelde temperatuur is bereikt. Wanneer de temperatuur in de oven onder de ingestelde temperatuur zakt, gaat het thermostaatlampje weer branden.

NLNL / 58 Kookplaat bedieningsknoppen U kunt uw kookplaat bedienen met de be- dieningsknoppen van de kookplaat. Elke knop bedient de betreffende kookzone. Uit de symbolen op het bedieningspaneel kunt u afleiden welke zone hij bestuurt.

3.3 Bedieningsfuncties van de oven

In de functietabel, de bedieningsfuncties die u kunt gebruiken in uw oven en de hoog- ste en laagste temperaturen die kunnen worden ingesteld voor deze functies wor- den weergegeven. De volgorde van de ope- rationele modi die hier worden weergege- ven verschillen van de rangschikking op uw product. Functie- symbool Functiebeschrijving Temperatuur- bereik (°C) Beschrijving en gebruik Werkend met ventilator - De oven warmt niet niet op. Enkel de ventilator (op de achter- wand) werkt. Ingevroren etenswaren met korrels ontdooien langzaam tot kamertemperatuur, bereide etenswaren worden afgekoeld. De tijd die nodig is om een volledig stuk vlees te ontdooien is langer dan voor etenswaren met granen. Bovenste en onderste verwarmingselement

De etenswaren worden gelijktijdig opgewarmd van boven en onder. Geschikt voor cakes, gebak en stoofpotjes in bakvor- men. De bereiding wordt uitgevoerd in een enkele schotel. Onderste verwarmings- element

Enkel het onderste verwarmingselement is ingeschakeld. Het is geschikt voor etenswaren die bovenaan moeten bruinen. De- ze functie mag enkel worden gebruikt om de stoomreiniging gemakkelijker te maken. Ventilator ondersteund bovenste en onderste verwarmingselement

De hete lucht die wordt opgewarmd door het bovenste en on- derste verwarmingselement wordt gelijkmatig en snel ver- spreid in de oven via de ventilator. De bereiding wordt uitge- voerd in een enkele schotel. Ventilator verwarming * De hete lucht die wordt opgewarmd door de ventilator verwar- ming wordt gelijkmatig en snel verspreid in de oven via de ven- tilator. Dit is geschikt voor bereidingen op meerdere platen op verschillende niveaus. "3D" functie * Het onderste en bovenste verwarmingselement en de ventila- tor verwarming werken. Elke zijde van het product worden ge- lijkmatig en snel bereid. De bereiding wordt uitgevoerd in een enkele schotel. Volledige grill * De grote grill op de bovenzijde van de oven werkt. Dit is ge- schikt om grote hoeveelheden te grillen. Ventilator ondersteund laag rooster

De hete lucht die wordt opgewarmd door de kleine grill wordt snel verspreid in de oven via de ventilator. Dit is geschikt om kleinere hoeveelheden te grillen.

  • Uw product werkt binnen het temperatuur- bereik gespecificeerd op de temperatuur- knop.

3.4 Productaccessoires

Uw product is voorzien van verschillende accessoires. In dit hoofdstuk vindt u de be- schrijving van de accessoires en de be- schrijvingen van het correcte gebruik. Het geleverde accessoire varieert naargelang

NLNL / 59 het productmodel. Het is mogelijk dat niet alle accessoires beschreven in de handlei- ding beschikbaar zijn in uw product. De schotels in uw apparaat kunnen vervormd raken door het effect van de verhitting. Dit heeft geen effect op de werking. De vervorming ver- dwijnt als de schotel afkoelt. Standaard plaat Dit wordt gebruikt voor gebak, ingevroren etenswaren en om grote stukken te braden. Gebak plaat Dit wordt gebruikt voor gebak zoals koekjes en biscuits. Draadrooster Dit wordt gebruikt om te braden of om de etenswaren die u wilt bakken, braden en stoven op de gewenste plaat te plaatsen. Op modellen met draadplanken : Op modellen zonder draadplanken :

3.5 Het gebruik van de accessoires

van het product Kookplaten Er zijn 5 niveaus voor de platen in de berei- dingszone. U kunt de volgorde van de pla- ten zien op basis van de cijfers vooraan op het frame van de oven. Op modellen met draadplanken : Op modellen zonder draadplanken : De draadgrill op de kookplanken plaatsen Op modellen met draadplanken : Het is cruciaal om de draadgrill op de juiste manier op de planken aan de draadzijde te plaatsen. Tijdens het plaatsen van de draadgrill op de gewenste plank, moet het open gedeelte zich aan de voorkant bevin- den. Voor een betere bereiding moet de draadgrill op het stoppunt van de draad- plank worden bevestigd. Het mag niet over het stoppunt gaan om contact te maken met de achterwand van de oven. Op modellen zonder draadplanken : Het is cruciaal om de draadgrill goed op de zijplanken te plaatsen. De draadgrill heeft één richting bij het plaatsen op de plank.

NLNL / 60 Tijdens het plaatsen van de draadgrill op de gewenste plank, moet het open gedeelte zich aan de voorkant bevinden. De schotel op de kookplaten plaatsen Op modellen met draadplanken : Het is van essentieel belang dat de scho- tels draadrooster correct worden aange- bracht op de zijplaten. Wanneer men de schotel op de gewenste plaat aanbrengt; moet de zijde die is ontworpen voor de be- vestiging vooraan zitten. Voor een betere bereiding moet de schotel worden beves- tigd met de stoppunt op het draadrooster. Het mag dit punt niet overschrijden en in contact komen met de achterwand van de oven. Op modellen zonder draadplanken : Het is van essentieel belang dat de scho- tels draadrooster correct worden aange- bracht op de zijplaten. De schotel heeft een richting bij de plaatsing op de plaat. Wan- neer men de schotel op de gewenste plaat aanbrengt; moet de zijde die is ontworpen voor de bevestiging vooraan zitten. De stopfunctie van het draadrooster Er is een stopfunctie om te voorkomen dat het draadrooster uit het draadrooster zou schieten. Met deze functie kunt u uw etens- waren gemakkelijk en veilig verwijderen. Wanneer u het draadrooster verwijdert, kunt u het naar voor trekken tot aan het stop- punt. U moet het over de stopper trekken om het volledig te verwijderen. Op modellen met draadplanken : Op modellen zonder draadplanken : Schaal stopfunctie - Op modellen met draadplanken Er is ook een stopfunctie om te voorkomen dat de schaal uit het draadrooster zou schieten. Wanneer u de schaal verwijdert, moet u deze los maken van de vergrende- ling achteraan en naar u toe trekken tot vooraan. U moet het over dit stoppunt trek- ken om het volledig te verwijderen. De correcte plaatsing van het draadrooster en schaal op de telescopische rails - Op modellen met draadplanken en telescopi- sche modellen Dankzij de telescopische rails kunnen de schotels of het draadrooster gemakkelijk worden aangebracht en verwijderd. Als men schotels en draadroosters gebruikt met de telescopische rails dient men ervoor te zorgen dat de pinnen, vooraan en achter-

NLNL / 61 aan op de telescopische tegen de randen van het rooster en de schotel rusten (weer- gegeven in de afbeelding).

Algemene specificaties Externe afmetingen van het product (hoogte/breedte/ diepte) (mm ) 850 /600 /600 Spanning/Frequentie 1N ~ 220-240 V/3N ~ 380-415 V 50 Hz Type kabel en sectie die wordt gebruikt / geschikt is voor het gebruik in het product min. H05VV-FG 5 x 2,5 mm2 Totaal stroomverbruik (kW) 9,4 Oventype Multifunctionele oven Links vooraan Meervoudige kookzone Afmeting 120/210 mm Stroom 750/2200 W Links achteraan Enkele kookzone Afmeting 160 mm Stroom 1500 W Rechts vooraan Enkele kookzone Afmeting 140 mm Stroom 1200 W Rechts achteraan Enkele kookzone Afmeting 180 mm Stroom 1800 W Basisinformatie: Informatie over het energielabel van elektrische ovens wordt gegeven in overeenstemming met de norm EN 60350-1 / IEC 60350-1. Deze waarden worden bepaald onder standaardbelasting met de functies bodem- verwarming of ventilatorondersteunde verwarming (indien aanwezig). De energie efficiëntieklasse wordt bepaald in overeeenstemming met de volgende prioriteiten, afhankelijk van het feit of de relevante functies al of niet aanwezig zijn op het product. 1-Eco ventilator verwarming , 2-Ventilator ver- warming , 3-Ventilator ondersteund laag rooster , 4-Bovenste en onderste verwarmingselement. De technische specificaties kunnen worden gewijzigd zonder voorafgaande kennis- geving om de kwaliteit van het product te verbeteren. De afbeeldingen in deze gebruikshandleiding zijn schematisch en stemmen moge- lijk niet exact overeen met uw product. De waarden vermeld op de productlabels of in begeleidende de documentatie zijn verkregen in laboratoriumomstandigheden conform de relevante normen. Afhanke- lijk van de operationele en omgevingsomstandigheden van het product kunnen de- ze waarden variëren.NL / 63 4 Installatie Algemene waarschuwingen

  • Raadpleeg de dichtstbijzijnde geautori- seerde servicemedewerker voor installa- tie van het product. Zorg ervoor dat de elektrische en gasinstallaties op hun plaats zijn voordat u de geautoriseerde serviceagent belt om het product klaar te hebben voor gebruik. Zo niet, bel dan een gekwalificeerde elektricien en monteur om de vereiste regelingen te laten tref- fen. De fabrikant kan niet verantwoorde- lijk worden gehouden voor schade die voortvloeit uit procedures die door onbe- voegden zijn uitgevoerd en die ook de ga- rantie kunnen doen vervallen.
  • Het is de verantwoordelijkheid van de klant om de locatie voor te bereiden waar het product moet worden geplaatst en ook stroom- en/of gasvoorziening te la- ten voorbereiden.
  • De regels die zijn gespecificeerd in lokale normen voor elektrische en/of gasinstal- laties (wettelijke regels voor installatie) moeten worden gevolgd tijdens de instal- latie van het product./Paragraaf
  • Controleer vóór de installatie op schade aan het apparaat. Laat het niet installeren als het apparaat beschadigd is. Bescha- digde producten brengen risico 's met zich mee voor uw veiligheid.

4.1 Juiste plaats voor installatie

  • Plaats het product op een harde onder- grond vanwege de luchtkanalen onder het product. Het mag niet op een voet- stuk of een voetstuk worden geplaatst. De voeten van het product mogen niet onderdompelen op zachte oppervlakken, bijv. tapijt, enz.
  • De keukenvloer moet het gewicht van het apparaat kunnen dragen, plus het extra gewicht van kookgerei en bakgerei en voedsel.
  • Dit product is een apparaat van klasse 1 volgens EN 30-1-1-norm. Het kan naast de keukenwanden, keukenmeubilair of elk ander product in elke dimensie van achteren en één rand worden geplaatst. Het keukenmeubilair of de apparatuur aan de andere kant mag alleen van de- zelfde grootte of kleiner zijn.
  • Het kan worden gebruikt met kasten aan weerszijden, maar om een minimale af- stand van 400 mm boven het kookplaat- niveau te hebben, moet er een zijspeling van 65 mm zijn tussen het apparaat en elke muur, scheidingswand of hoge kast.
  • Het kan ook in een vrijstaande positie worden gebruikt. Houd een minimale af- stand van 750 mm boven het oppervlak van de kookplaat.
  • Als er een afzuigkap boven het fornuis moet worden geïnstalleerd, raadpleeg dan de instructies van de fabrikant van de afzuigkap met betrekking tot de instal- latiehoogte (min. 650 mm).
  • Alle keukenmeubelen naast het apparaat moeten hittebestendig zijn (min. 100 °C). Veiligheidsketen Het apparaat moet worden beveiligd tegen overbalancering met behulp van de meege- leverde veiligheidsketting op uw oven. Waarschuwing - Kiepgevaar!

NLNL / 64 Waarschuwing: Om kantelen van het appa- raat te voorkomen, moet dit stabilisatiemid- del worden geïnstalleerd. Raadpleeg de in- stallatie-instructies. Als uw product 2 veiligheidskettingen heeft; Bevestig de haak (1) met behulp van een juiste pen aan de keukenwand (6) en ver- bind de veiligheidsketting (3) met de haak via het vergrendelingsmechanisme (2). 1 Haak 2 Vergrendelingsmechanisme 3 Veiligheidsketen 4 Bevestig de ketting stevig aan de achterkant van het product 5 Achterzijde van het product 6 Keukenwand Als uw product 1 veiligheidskettingen heeft; Het apparaat moet worden beveiligd tegen overbalancering met behulp van de meege- leverde veiligheidsketting op uw oven. Volg de onderstaande stappen in de afbeel- ding om de veiligheidsketting aan uw pro- duct te bevestigen. De stabiliteitsketting moet zo kort mogelijk zijn om te voorkomen dat de oven naar voren kantelt en dia- gonaal om te voorkomen dat de oven kantelt. Stabiliteitsketting is ontworpen voor fornuizen zonder beugelsleuf.

4.2 Elektrische aansluiting

Algemene waarschuwingen

  • Koppel het product los van de elektrische aansluiting voordat u begint met werk- zaamheden aan de elektrische installatie. Er is gevaar voor een elektrische schok.
  • Sluit het product aan op een geaard stop- contact/lijn beschermd door een minia- tuur stroomonderbreker met geschikte capaciteit zoals vermeld in de tabel "Technische specificaties". Laat de aar- dingsinstallatie maken door een gekwali- ficeerde elektricien tijdens het gebruik van het product met of zonder transfor- mator. Ons bedrijf is niet aansprakelijk voor schade die ontstaat als gevolg van het gebruik van het product zonder een aardingsinstallatie in overeenstemming met de lokale voorschriften.
  • Het product kan alleen door een bevoegd en gekwalificeerd persoon op het elektri- citeitsnet worden aangesloten en de ga- rantie van het product begint pas na cor- recte installatie. De fabrikant kan niet ver-

NLNL / 65 antwoordelijk worden gesteld voor even- tuele schade die kan ontstaan als gevolg van handelingen door onbevoegden.

  • De elektrische kabel mag niet worden verbrijzeld, gevouwen, vastgelopen of he- te delen van het product aanraken. Als de elektrische kabel beschadigd is, moet de- ze worden vervangen door een gekwalifi- ceerde elektricien. Anders is er een elek- trische schok, kortsluiting of brandge- vaar!
  • De netvoedingsgegevens moeten over- eenkomen met de gegevens die zijn ge- specificeerd op het type-etiket van het product. Het typeplaatje wordt gezien wanneer de deur of het onderste deksel van het apparaat wordt geopend of het bevindt zich aan de achterwand van het apparaat, afhankelijk van het type appa- raat.
  • De stekker van het netsnoer moet na in- stallatie binnen handbereik zijn (leid deze niet boven de kookplaat). Gebruik geen verlengstuk of meerdere stopcontacten in de stroomaansluiting.
  • en moet de juiste contactdoos/leiding en stekker voor de oven gebruiken. In het ge- val dat de vermogenslimieten van het product buiten het huidige draagvermo- gen van stekker en stopcontact/lijn val- len, moet het product rechtstreeks via een vaste elektrische installatie worden aangesloten zonder stekker en stopcon- tact/lijn te gebruiken.
  • Als het product rechtstreeks op de voe- ding wordt aangesloten: Als het niet mo- gelijk is om alle polen in de voeding te ontkoppelen, moet een ontkoppelings- eenheid met een contactafstand van ten minste 3 mm (zekeringen, lijnveiligheids- schakelaars, schakelaars) worden aange- sloten en moeten alle polen van deze ont- koppelingseenheid naast (niet boven) het product staan in overeenstemming met de IEE-richtlijnen. Het niet opvolgen van deze instructie kan operationele proble- men veroorzaken en de productgarantie ongeldig maken.
  • Extra bescherming door een aardlekscha- kelaar wordt aanbevolen. Als het product met kabel en zonder stek- ker wordt geproduceerd: Sluit het snoer van het product aan op de voeding zoals hieronder aangegeven: Als uw netsnoer type 3-geleidertype is, voor 1-fase aansluiting: - Bruin/Zwart = L (Fase) - Blauw = N (Neutraal) - Groen/gele draad = (E) (Aarding) Als uw netsnoer type 5-geleidertype is, voor driefasige aansluiting: - Bruin = L1 (Fase) - Zwart = L2 (Fase) - Grijs = L3 (Fase) - Blauw = N (Neutraal) - Groen/gele draad = (E) (Aarding)

4.3 Plaatsen van het product

1. Duw het product naar de keukenmuur.

2. Bevestig de veiligheidsketting die u op

het product hebt aangesloten aan de muur.

3. Pas de poten van de oven aan

NLNL / 66 De poten van de oven afstellen Trillingen tijdens het gebruik kunnen ertoe leiden dat kookvaten bewegen. Deze ge- vaarlijke situatie kan worden vermeden als het product waterpas en uitgebalanceerd is. Voor uw eigen veiligheid moet u ervoor zor- gen dat het product waterpas staat door de vier poten aan de onderkant aan te passen door links of rechts te draaien en waterpas uit te lijnen met de werkblad. Eindcontrole

1. Steek de stekker van het product weer in

2. Controleer de elektrische functies.

5 Eerste gebruik Voor u uw product in gebruik neemt, is het aanbevolen de volgende stappen uit te voe- ren in de onderstaande secties respectieve- lijk.

5.1 Eerste reiniging

1. Verwijder alle verpakkingsmateriaal.

2. Verwijder alle accessoires die zijn mee-

geleverd met het product uit de oven.

3. Schakel het product in gedurende 30 mi-

nuten en schakel het daarna uit. Zo wor- den resten en laagjes die mogelijk in de oven zijn achtergebleven tijdens de be- reiding verbrand en gereinigd.

4. Wanneer u het product bedient, moet u

de hoogste temperatuur en de functie selecteren zodat alle branders van uw product worden ingeschakeld. Raad- pleeg “Bedieningsfuncties van de oven [}58]” In het volgende hoofdstuk vindt u meer informatie over de bediening van de oven.

5. Wacht tot de oven is afgekoeld.

6. Neem de oppervlakken van het product

af met een natte doek of spons en droog ze met een doek. Voor u de accessoires in gebruik neemt: Reinig de accessoires die u uit de oven ver- wijdert met wasmiddel en een zachte spons. OPMERKING: Bepaalde wasmiddelen of rei- nigingsmiddelen kunnen het oppervlak be- schadigen. Gebruik geen schurende was- middelen, waspoeders, reinigende crèmes of scherpe voorwerpen tijdens de reiniging. OPMERKING: Tijdens het eerste gebruik kunt u rook en geurtjes vaststellen geduren- de meerdere uren. Dit is normaal en u heeft enkel een goede ventilatie nodig om deze te verwijderen. Vermijd een directe inhale- ring van de rook en geurtjes. 6 De kookplaat gebruiken

6.1 Algemene informatie over het ge-

bruik van de kookplaat Algemene waarschuwingen

  • Laat geen voorwerpen op de kookplaat vallen. Zelfs kleine voorwerpen zoals zoutvaatjes kunnen de kookplaat bescha- digen. Gebruik geen gebarsten kookpla- ten. Water kan door deze scheuren sijpe- len en kortsluiting veroorzaken. Als het oppervlak op enigerlei wijze is bescha- digd (bijv. zichtbare scheuren), schakel dan eerst de zekering uit en bel vervol- gens de geautoriseerde service om het product los te koppelen om het risico op elektrische schokken te verminderen.
  • Gebruik geen potten/pannen op de kook- plaat die geen goed evenwicht hebben of gemakkelijk kantelen.
  • U mag de potten/pannen niet opwarmen als ze leeg zijn. De potten en het appa- raat kunnen beschadigd zijn.
  • U moet de branders van de kookplaat uit- schakelen na elk gebruik.
  • Als u de kookzones gebruikt zonder een pot/pan zal dit het apparaat beschadi- gen. U moet de kookzones uitschakelen na elk gebruik.
  • Na elk gebruik is het kookoppervlak heet, dus zet de plastic potten / pannen niet op het kookoppervlak. Reinig dergelijk mate- riaal onmiddellijk van het oppervlak.
  • Plotselinge temperatuurveranderingen op het glazen kookoppervlak kunnen schade veroorzaken, pas op dat u geen koude vloeistoffen morst tijdens het koken.
  • Plaats een toereikende hoeveelheid voed- sel in de potten en pannen. Zo kunt u voorkomen dat voedsel uit de potten en pannen stroomt en hoeft u achteraf niet te reinigen.
  • Plaats de deksels van de potten/pannen niet op de branders/kookzones.
  • Plaats de potten centraal op de bran- ders/zones. Als u een pot op een andere brander/zone wilt plaatsen, mag u hem niet verschuiven naar de gewenste kook- zone; u moet de pot optillen en hem daar- na op de andere kookzone plaatsen. Tip voor kookplaten met vitrokeramische oppervlakken
  • Het vitrokeramisch oppervlak is hittebe- stendig en wordt niet beïnvloed door ver- schillen in hoge temperaturen.
  • Gebruik het vitrokeramisch oppervlak niet als een oppervlak waar u iets op te kunt plaatsen of als snij-oppervlak.
  • Gebruik uitsluitend potten en pannen met verwerkte bodems. Scherpe randen kun- nen krassen veroorzaken op het opper- vlak.
  • U geen aluminium potten/pannen gebrui- ken. Aluminium tast het oppervlak van de kookplaat aan.
  • Spatten kunnen het oppervlak van de kookplaat beschadigen en brand veroor- zaken.
  • Gebruik geen potten/pannen met een concave of convexe bodem.
  • Gebruik uitsluitend potten en pannen met een vlakke bodem. Deze bieden een bete- re warmteoverdracht.
  • Energie wordt verspild als de diameter van de pot te klein is. Aanbevolen afmetingen van kookpotten/ pannen Kookzone diameter - mm Pot diameter - cm 120 12 – 14 140 14 – 16 180 18 - 20 210 21 - 23 170x265 17 – 19 / 26 - 28

6.2 Bediening van de kookplaat

U kunt de vitrokeramische kookzones be- dienen met de bedieningsknoppen. Om uw gewenste bereidingsniveau te bereiken, schakelt u de bedieningsknop op het ge- wenste niveau. De kookzone(s) kunnen 3, 6 of 9 bedie- ningsniveaus hebben naargelang het model van uw apparaat. U kunt het relevante ni- veau selecteren voor uw bereidingstype door de onderstaande tabel te raadplegen. 3 niveaus: 1: Verwarming 2 : Koken, Rusten 3 : Bakken, Braden, Koken Het gebruik van de meervoudige kookzo- nes ü Uw apparaat is mogelijk uitgerust met type A of B zones. Meervoudige kook- zones bieden u de mogelijkheid te ko- ken met potten van verschillende dia- meters op dezelfde zone. Als deze kookzones de eerste maal worden in- geschakeld, wordt de zone in het mid- den ingeschakeld. (De gearceerde zone in de afbeelding zijn centrale zones.)

1. Als u de diameter van de actieve zone

wilt wijzigen, draait u de bedieningsknop rechtsom. Draai hem naar het , sym- bool voor type A zoneen naar het symbool voor type B zone.

2. U zult een “klik” horen wanneer de dia-

meter van de zone wordt gewijzigd. ð Alle centrale en externe oppervlakken van de meervoudige kookzones begin- nen te werken. De hieronder weergegeven stan- daardzones van de meervoudige kookzones werken niet op zich. De vitrokeramische zones uitschakelen Schakel de knop van de kookzone in de uit- positie (bovenaan). Overmatige warmte-indicator De vitrokeramische zones zijn uitgerust met een bedieningslamp en een kookzone warmte-indicator.

NLNL / 69 De warme zone waarschuwingsindicator geeft de positie weer van de ingeschakelde knop en deze blijft branden tot hij wordt uit- geschakeld. Een knipperend licht op de waarschuwingsindicator van de kookzone is geen defect. De kookzone kan afkoelen op ver- schillende perioden naargelang het gebruik. Het kookoppervlak kan warm zijn, zelfs als de waarschu- wingsindicatoren niet zijn ingescha- keld. Zorg ervoor dat het oppervlak is afgekoeld voor u het aanraakt. Zo niet kunt u uw hand verbranden! 7 Het gebruik van de oven

7.1 Algemene informatie over het ge-

bruik van de oven Koelventilator ( Het varieert naargelang het model van het product. Is mogelijk niet beschikbaar op uw model. ) Uw product is voorzien van een koelventila- tor. De koelventilator wordt automatisch in- geschakeld indien nodig en koelt zowel de voorzijde van het product af als het meubel. Hij wordt automatisch gedeactiveerd aan het einde van het koeproces. Er ontsnapt warme lucht over de ovendeur. U mag deze ventilatieopeningen nooit afdekken. Zo niet kan de oven oververhitten. De koelventilator blijft werken wanneer de oven in werking is of nadat de oven is uitgeschakeld (ca. 20-30 minuten). Als u etenswaren bereidt door de oven timer te programmeren, scha- kelt de koelventilator uit met alle functies aan het einde van de bereidingstijd. De looptijd van de koelventilator kan niet wor- den bepaald door de gebruikt. Hij schakelt automatisch in en uit. Dit is geen fout. Oven verlichting De ovenlamp schakelt in wanneer de oven wordt ingeschakeld. Bij sommige modellen schakelt de lamp in tijdens de bereiding, terwijl in andere modellen de lamp uitscha- kelt na een bepaalde periode.

7.2 Bediening van het oven bedie-

ningspaneel De oven inschakelen Wanneer u een functie selecteert die u wilt gebruiken voor uw bereiding met de functie selectieschakelaar en een bepaalde tempe- ratuur instelt met de temperatuurknop be- gint de oven te werken. De oven uitschakelen U kunt de oven uitschakelen door de func- tie selectieknop en de temperatuurknop in de uit-positie (omhoog) te draaien. De temperatuur en de functie van de oven selecteren. U kunt de instelling van uw bereiding hand- matig uitvoeren (naar wens) door de tem- peratuur en de functie te selecteren speci- fiek voor uw gerecht.

1. Selecteer de bedieningsfunctie die u wilt

gebruiken tijdens uw bereiding met de functieselectieknop.

2. Stel de gewenste temperatuur in voor

uw bereiding met de temperatuurknop. ð Uw oven zal onmiddellijk beginnen wer- ken met de geselecteerde functie en temperatuur en de themostaatlamp licht op. Als de temperatuur in de oven de ingestelde temperatuur bereikt,

NLNL / 70 schakelt de thermostaatlamp uit. De oven schakelt niet automatisch uit na de bereiding. U kunt de bereiding zelf regelen en uitschakelen. Aan het einde van de bereiding kunt u de oven uit- schakelen door de functie selectieknop en de temperatuurknop in de uit-positie (omhoog) te draaien. 8 Algemene informatie bij het bakken Dit hoofdstuk bevat tips voor de bereiding en het koken van etenswaren. Plus, dit hoofdstuk beschrijft een aantal van de etenswaren die zijn getest en de op- timale instellingen voor deze etenswaren. De geschikte instellingen van de oven en accessoires voor deze etenswaren worden hier ook aangegeven.

8.1 Algemene waarschuwingen over

de bereiding van etenswaren in de oven

  • Wanneer de ovendeur wordt geopend tij- dens of na de bereiding, kan hete, bran- dende stoom ontsnappen. De stoom kan uw handen, gezicht en/of ogen verbran- den. Blijf uit de buurt wanneer de oven- deur wordt geopend.
  • Intense stoom gegenereerd tijdens het bakken kan condenswaterdruppels vor- men op de binnen- en buitenzijde van de oven en op de bovenste delen van het meubel vanwege het temperatuurver- schil. Dit is normaal en een fysieke ge- beurtenis.
  • De bereidingstemperatuur en tijdwaarden die worden opgegeven voor de etenswa- ren kunnen variëren naargelang het re- cept en de hoeveelheid. Om die reden worden deze waarden vermeld als een bereik.
  • U moet accessoires die u niet gebruikt al- tijd verwijderen uit de oven voor u de be- reiding start. Accessoires die in de oven blijven, kunnen de correcte bereiding be- letten van uw etenswaren aan de correc- te waarden.
  • Voor etenswaren die u bereidt op basis van uw eigen recept, kunt gelijkaardige etenswaren raadplegen in de bereidings- tabellen.
  • Als u de geleverde accessoires gebruikt, biedt dit de beste garantie voor een opti- male bereiding. U moet de waarschuwin- gen en informatie van de fabrikant altijd naleven voor het externe keukengerei dat u zult gebruiken.
  • Snijd het bakpapier dat u wilt gebruiken in uw bereiding in geschikte afmetingen voor de container die u wilt gebruiken. Bakpapier dat over de container uitsteekt kan een brandrisico inhouden en de kwa- liteit van uw bakken beïnvloeden. Gebruik het bakpapier dat u wilt gebruiken binnen het gespecificeerde temperatuurbereik:.
  • Voor een goede bakprestatie moet u uw etenswaren op de aanbevolen plaat plaatsen. U mag de positie van de plaat niet wijzigen tijdens de bereiding.
  • Wij raden aan de accessoires van het product te gebruiken voor een optimaal resultaat. Als u extern keukengerei wilt gebruiken, moet u de voorkeur geven aan donker, anti-aanbak en hittebestendig keukengerei.
  • Als de bereidingstabel de aanbeveling geeft de oven voor te verwarmen, moet u ervoor zorgen dat er geen etenswaren aanwezig zijn in de oven.
  • Als u van plan bent te koken op het roos- ter moet u uw keukengerei in het midden van het rooster plaatsen, niet dicht bij de achterwand.
  • Al het materiaal dat u gebruikt om gebak te maken moet vers zijn en aan kamer- temperatuur.
  • De bereidingsstatus van de etenswaren kan variëren naargelang de hoeveelheid etenswaren en de grootte van het keu- kengerei.
  • Metalen, keramische en glazen vormen verlengen de bereidingstijd en de bo- demoppervlakken van gebak bruinen niet gelijkmatig.
  • Als u bakpapier gebruikt, kan men een lichte bruining vaststellen op het bo- demoppervlak van de etenswaren. In dit geval moet u uw bereidingstijd verlengen met ca. 10 minuten.
  • De waarden gespecificeerd in de berei- dingstabellen worden bepaald als resul- taat van de tests die worden uitgevoerd in onze laboratoria. De waarden die ge- schikt zijn voor u kunnen variëren naarge- lang deze waarden.
  • Plaats uw etenswaren op de gepaste plaat zoals wordt aanbevolen in de berei- dingstabel. Noem de onderste plaat van de oven plaat 1. Tips om cakes te bereiden.
  • Als de cake te droog is, kunt u de tempe- ratuur met 10°C verhogen en de berei- dingstijd inkorten.
  • Als de cake te vochtig is, moet u een klei- ne hoeveelheid vloeistof gebruiken of de temperatuur verminderen met 10°C.
  • Als de top van de cake verbrand is moet u hem op de onderste plaat plaatsen, de temperatuur verlagen en de bereidings- tijd verhogen.
  • Als de binnenzijde van de cake gaar is, maar de buitenkant is plakkerig moet u minder vloeistof gebruiken, de tempera- tuur verlagen en de bereidingstijd verho- gen. Tips voor gebak
  • Als het gebak te droog is, kunt u de tem- peratuur met 10°C verhogen en de berei- dingstijd inkorten. Maak de deegbladen nat met een saus van melk, olie, eieren en yoghurt mengsel.
  • Als het gebak langzaam wordt gebakken, moet u ervoor zorgen dat de dikte van het gebak dat u hebt bereid niet overstroomt over de lade.
  • Als het gebak bruin is bovenaan maar de bodem is niet gaar moet u ervoor zorgen dat de hoeveelheid saus die u gebruikt voor het gebak niet te veel onderaan in het gebak zit. Voor een gelijkmatig brui- nen moet u proberen de saus gelijkmatig te verdelen tussen de deegbladen en het gebak.
  • Bak uw gebak in de gepaste positie en temperatuur volgens de aanbevelingen van de bereidingstabel. Als de bodem nog steeds onvoldoende bruin is, moet u het op de onderste plaat plaatsen bij de volgende bereiding. Bereidingstabel voor gebak en oven etens- waren Suggesties om te bakken met één enkele schaal Etenswaren Te gebruiken ac- cessoire Bedieningsfunctie Legplank positie Temperatuur (°C) Baktijd (min) (be- nadering) Cake op de schaal Standaard plaat * Bovenste en on- derste verwar- mingselement 3 180 30 … 45 Cake in de vorm Cakevorm op draadrooster ** Ventilator verwar- ming 2 180 35 … 45 Kleine cakes Standaard plaat * Bovenste en on- derste verwar- mingselement 3 160 25 - 35 Kleine cakes Standaard plaat * Ventilator verwar- ming 2 150 25 … 35 Biscuitgebak Ronde cakevorm, 26 in diameter met klem op draadrooster ** Bovenste en on- derste verwar- mingselement 2 160 30 … 45

NLNL / 72 Etenswaren Te gebruiken ac- cessoire Bedieningsfunctie Legplank positie Temperatuur (°C) Baktijd (min) (be- nadering) Biscuitgebak Ronde cakevorm, 26 in diameter met klem op draadrooster ** Ventilator verwar- ming 2 160 30 - 40 Koekje Gebak plaat * Bovenste en on- derste verwar- mingselement 3 170 25 … 40 Koekje Gebak plaat * Ventilator verwar- ming 3 170 20 - 30 Gebak Standaard plaat * Bovenste en on- derste verwar- mingselement 2 200 30 … 45 Gebak *** Standaard plaat * Bovenste en on- derste verwar- mingselement 2 200 30 … 45 Gebak Standaard plaat * Ventilator onder- steund bovenste en onderste ver- warmingselement 2 200 30 … 40 Gebak Standaard plaat * Ventilator verwar- ming 2 180 35 - 45 Broodje Standaard plaat * Bovenste en on- derste verwar- mingselement 2 200 20 … 35 Broodje Standaard plaat * Ventilator verwar- ming 3 180 20 - 30 Volledig brood Standaard plaat * Bovenste en on- derste verwar- mingselement 3 200 30 … 45 Volledig brood Standaard plaat * Ventilator verwar- ming 3 200 30 - 40 Lasagne Glazen / metalen rechthoekige con- tainer op draad- rooster ** Bovenste en on- derste verwar- mingselement 2 of 3 200 30 … 45 Appeltaart Ronde zwart me- talen vorm, 20 cm in diameter op draadrooster ** Bovenste en on- derste verwar- mingselement 2 180 60 … 75 Appeltaart Ronde zwart me- talen vorm, 20 cm in diameter op draadrooster ** Ventilator verwar- ming 2 170 50 - 70 Pizza Standaard plaat * Bovenste en on- derste verwar- mingselement 2 220 10 … 25 Voorverwarming is aanbevolen voor alle etenswaren. *Deze accessoires zijn mogelijk niet omvat met uw product. **Deze accessoires zijn niet omvat met uw product. Dit zijn commercieel beschikbare accessoires.

NLNL / 73 Suggesties om te koken met twee schalen Etenswaren Te gebruiken ac- cessoire Bedieningsfunctie Legplank positie Temperatuur (°C) Baktijd (min) (be- nadering) Kleine cakes 2-Standaard plaat

4-Gebak plaat * Ventilator verwar- ming

Koekje 2-Standaard plaat

4-Gebak plaat * Ventilator verwar- ming

Gebak 1-Standaard plaat

4-Gebak plaat * Ventilator verwar- ming

Broodje 2-Standaard plaat

4-Gebak plaat * Ventilator verwar- ming

Voorverwarming is aanbevolen voor alle etenswaren. *Deze accessoires zijn mogelijk niet omvat met uw product. **Deze accessoires zijn niet omvat met uw product. Dit zijn commercieel beschikbare accessoires.

8.1.2 Vlees, vis en gevogelte

De belangrijke punten bij het grillen

  • Kruiden met citroensap en peper voor u een volledige kip, kalkoen en grote stuk- ken vlees bereidt, zal de kookprestatie verbeteren.
  • Het duur 15 tot 30 minuten langer om vlees met een been te braden dan een fi- let.
  • U moet ca. 4 tot 5 minuten bereidingstijd berekenen per centimeter dikte van het vlees.
  • Aan het einde van de bereiding moet u het vlees in de oven laten gedurende ca. 10 minuten. Het sap van het vlees wordt beter verspreid over het gebraden vlees en ontsnapt niet wanneer het vlees wordt gesneden.
  • Vis moet op een hittebestendige plaat op een gemiddeld of laag niveau worden ge- plaatst.
  • Bereid de schotels die worden aanbevo- len in de bereidingstabel in één enkele schaal. Bereidingstabel voor vlees, vis en gevogel-

Etenswaren Te gebruiken ac- cessoire Bedieningsfunctie Legplank positie Temperatuur (°C) Baktijd (min) (be- nadering) Steak (volledig) / Geroosterd (1 kg) Standaard plaat * Ventilator onder- steund bovenste en onderste ver- warmingselement

Lamsschenkel (1,5-2 kg) Standaard plaat * Ventilator onder- steund bovenste en onderste ver- warmingselement

Gebakken kip (1,8-2 kg) Draadrooster * Plaats een schaal op een onderste plank. Ventilator onder- steund bovenste en onderste ver- warmingselement

NLNL / 74 Etenswaren Te gebruiken ac- cessoire Bedieningsfunctie Legplank positie Temperatuur (°C) Baktijd (min) (be- nadering) Gebakken kip (1,8-2 kg) Draadrooster * Plaats een schaal op een onderste plank. Ventilator verwar- ming 2 200 - 220 60 - 80 Gebakken kip (1,8-2 kg) Draadrooster * Plaats een schaal op een onderste plank. "3D" functie 2 15 min. 250/max, na 190

Kalkoen (5,5 kg) Standaard plaat * Ventilator onder- steund bovenste en onderste ver- warmingselement

Kalkoen (5,5 kg) Standaard plaat * "3D" functie 1 25 min. 250/max, na 180 … 190

Vis Draadrooster * Plaats een schaal op een onderste plank. Ventilator onder- steund bovenste en onderste ver- warmingselement 3 200 20 - 30 Vis Draadrooster * Plaats een schaal op een onderste plank. "3D" functie 3 200 20 - 30 Voorverwarming is aanbevolen voor alle etenswaren. *Deze accessoires zijn mogelijk niet omvat met uw product. **Deze accessoires zijn niet omvat met uw product. Dit zijn commercieel beschikbare accessoires.

Rood vlees, vis en gevogelte worden snel bruin tijdens het braden. Ze krijgen een mooi korstje en drogen niet uit. Filets van vlees, spiesjes, worsten en sappige groen- ten (tomaten, uiten, etc.) zijn zeer goed ge- schikt voor het grillen. Algemene waarschuwingen

  • Etenswaren die niet geschikt zijn voor het grillen houden een brandrisico in. Grill en- kel etenswaren die geschikt zijn voor een groot grill vuur. Plaats ook geen etenswa- ren te ver achteraan in de oven. Dit is de warmte zone en vette etenswaren kun- nen in brand schieten.
  • Sluit de oven tijdens het grillen. Grill nooit met de ovendeur open. Hete op- pervlakken kunnen brandwonden veroor- zaken! De belangrijke punten bij het grillen
  • Bereid zoveel mogelijk etenswaren voor van een gelijkaardige dikte en gewicht voor de grill.
  • Plaats de stukken die u wilt grillen op het rooster of grill plaat. Verspreid ze gelijk- matig zonder de afmetingen van de oven te overschrijden.
  • Afhankelijk van de dikte van de stukken die u wilt grillen, kan de bereidingstijd ver- meld in de tabel variëren.
  • Schuif het rooster of de grill plaat op het gewenste niveau van de oven. Als u etenswaren bereidt op het rooster, moet u de ovenlade onderaan plaatsen in de oven om olie op te vangen. De oven- schaal die u wilt verschuiven, moet vol- doende groot zijn om de volledige grillzo- ne te bedekken. Deze schaal is mogelijk niet meegeleverd met het product. Plaats een beetje water op de ovenlade voor een gemakkelijke reiniging.

NLNL / 75 Grill tabel Etenswaren Te gebruiken acces- soire Legplank positie Temperatuur (°C) Baktijd (min) (bena- dering) Vis Draadrooster 4 - 5 250 20 - 25 Stukjes kip Draadrooster 4 - 5 250 25 - 35 Gehaktbal (kalfsvlees) - 12 hoeveelheid Draadrooster 4 250 20 - 30 Lamskotelet Draadrooster 4 - 5 250 20 - 25 Steak - (vleesblokjes) Draadrooster 4 - 5 250 25 - 30 Kalfskotelet Draadrooster 4 - 5 250 25 - 30 Groentengratin Draadrooster 4 - 5 220 20 - 30 Geroosterd brood Draadrooster 4 250 1 - 4 Het is aanbevolen de oven 5 minuten voor te verwarmen voor alle gegrilde etenswaren. Draai de stukken etenswaren na 1/2 van de totale grill bereidingstijd. Ventilator ondersteund laag rooster Etenswaren Te gebruiken ac- cessoire Bedieningsfunctie Legplank positie Temperatuur (°C) Baktijd (min) (be- nadering) Vis Draadrooster Ventilator onder- steund laag roos- ter 4 200 30 - 35 Stukjes kip Draadrooster Ventilator onder- steund laag roos- ter 4 250 25 - 35 Gehaktbal (kalfs- vlees) - 12 hoe- veelheid Draadrooster Ventilator onder- steund laag roos- ter 4 250 30 - 40 Steak (volledig) / Geroosterd (1 kg ) Draadrooster - Plaats een schaal op een onderste plank. Ventilator onder- steund laag roos- ter

Warm de schotels die worden aangeraden in deze grilltabel niet voor

  • Etenswaren in deze bereidingstabel wor- den bereid in overeenstemming met de EN 60350-1 norm om het testen van het product mogelijk te maken voor controle- instanties. Bereidingstabel voor testmaaltijden Suggesties om te bakken met één enkele schaal Etenswaren Te gebruiken ac- cessoire Bedieningsfunctie Legplank positie Temperatuur (°C) Baktijd (min) (be- nadering) Shortbread (zoet koekje) Standaard plaat * Bovenste en on- derste verwar- mingselement 3 140 20 - 30 Shortbread (zoet koekje) Standaard plaat * Ventilator verwar- ming Op modellen met draadplanken :3 Op modellen zon- der draadplanken

Kleine cakes Standaard plaat * Bovenste en on- derste verwar- mingselement 3 160 25 - 35 Kleine cakes Standaard plaat * Ventilator verwar- ming 2 150 25 … 35 Biscuitgebak Ronde cakevorm, 26 in diameter met klem op draadrooster ** Bovenste en on- derste verwar- mingselement 2 160 30 … 45 Biscuitgebak Ronde cakevorm, 26 in diameter met klem op draadrooster ** Ventilator verwar- ming 2 160 30 - 40 Appeltaart Ronde zwart me- talen vorm, 20 cm in diameter op draadrooster ** Bovenste en on- derste verwar- mingselement 2 180 60 … 75 Appeltaart Ronde zwart me- talen vorm, 20 cm in diameter op draadrooster ** Ventilator verwar- ming 2 170 50 - 70 Voorverwarming is aanbevolen voor alle etenswaren. *Deze accessoires zijn mogelijk niet omvat met uw product. **Deze accessoires zijn niet omvat met uw product. Dit zijn commercieel beschikbare accessoires. Suggesties om te koken met twee schalen Etenswaren Te gebruiken ac- cessoire Bedieningsfunctie Legplank positie Temperatuur (°C) Baktijd (min) (be- nadering) Kleine cakes 2-Standaard plaat

4-Gebak plaat * Ventilator verwar- ming

Shortbread (zoet koekje) 2-Standaard plaat

4-Gebak plaat * Ventilator verwar- ming

NLNL / 77 Voorverwarming is aanbevolen voor alle etenswaren. *Deze accessoires zijn mogelijk niet omvat met uw product. **Deze accessoires zijn niet omvat met uw product. Dit zijn commercieel beschikbare accessoires. Grill Etenswaren Te gebruiken acces- soire Legplank positie Temperatuur (°C) Baktijd (min) (bena- dering) Gehaktbal (kalfsvlees) - 12 hoeveelheid Draadrooster 4 250 20 - 30 Geroosterd brood Draadrooster 4 250 1 - 4 Het is aanbevolen de oven 5 minuten voor te verwarmen voor alle gegrilde etenswaren. Draai de stukken etenswaren na 1/2 van de totale grill bereidingstijd. 9 Onderhoud en reiniging

9.1 Algemene reinigingsinformatie

Algemene waarschuwingen

  • Wacht tot het product is afgekoeld voor u het product reinigt. Hete oppervlakken kunnen brandwonden veroorzaken!
  • U mag de reinigingsmiddelen niet recht- streeks aanbrengen op de warme opper- vlakken. Dit kan permanente vlekken ver- oorzaken.
  • Het product moet grondig worden gerei- nigd en gedroogd na elk gebruik. Voed- selresten kunnen dus gemakkelijk wor- den gereinigd en zodat deze resten niet in brand kunnen schieten wanneer het product de volgende keer wordt gebruikt. Dit resulteert in een langere levensduur van het apparaat en een vermindering van vaak voorkomende problemen.
  • Gebruik geen stoomreinigingsproducten voor het reinigen.
  • Bepaalde wasmiddelen of reinigingsmid- delen kunnen het oppervlak beschadigen. Niet-geschikte reinigingsmiddelen zijn: bleekmiddel, reinigingsmiddelen met am- moniak, zuur of chloor, stoomreinigende producten, ontkalkingsmiddelen, vlekken- en roestverwijderaar, schurende reini- gingsmiddelen (crème reinigingsmidde- len, schurend poeder of crème, schuren- de en krassende schrobber, draad, spon- zen, reinigingsdoeken met vuil en oplos- middel resten).
  • Er is geen speciaal reinigingsmateriaal nodig voor de reiniging na elk gebruik. Reinig het apparaat met een vaatwasmid- del, warm water en een zachte doe of spons en droog het met een droge doek.
  • U moet alle resterende vloeistof afdrogen na de reiniging en alle eventuele voedsel- resten onmiddellijk reinigen tijdens de be- reiding.
  • Was geen enkel onderdeel van uw appa- raat in de vaatwasser, tenzij anders ver- meld in de gebruikershandleiding. Scharnieren voor de kookplaten:
  • Zuurhoudend vuil zoals melk, tomatenpu- ree en olie kunnen permanente vlekken veroorzaken op de kookplaten en onder- delen van de kookplaat de meervoudige. U moet alle eventuele vloeistofspatten onmiddellijk reinigen nadat u de kook- plaat hebt afgekoeld door ze uit te scha- kelen. Roestvrij stalen oppervlakken
  • Gebruik geen reinigingsmiddelen met zuur of chloor om roestvrij stalen opper- vlakken en handvaten te reinigen.
  • De kleur van het roestvrij stalen opper- vlak kan veranderen na verloop van tijd. Dit is normaal. U moet na elk gebruik rei- nigen met een wasmiddel dat geschikt is voor roestvrij stalen oppervlakken.
  • Reinig met een doek in een zeepsopje en vloeibaar (niet-krassend) wasmiddel ge- schikt voor roestvrij stalen oppervlakken en zorg ervoor dat u in een richting blijft wrijven.
  • Verwijder kalk, olie, zetmeel, melk en ei- witvlekken onmiddellijk van de glazen en roestvrij stalen oppervlakken zonder te wachten. Vlekken kunnen na een lange tijd beginnen roesten.
  • Reinigingsmiddelen die op het oppervlak worden verstoven/aangebracht moeten onmiddellijk worden gereinigd. Als men schurende reinigingsmiddelen achterlaat op het oppervlak, kan dit wit worden. Email oppervlakken
  • De oven moet afkoelen voor de kookzone wordt gereinigd. Reinigen op hete opper- vlakken zal zowel toets brandgevaar: en schade veroorzaken op email oppervlak- ken.
  • Reinig de email oppervlakken na elk ge- bruik met vaatwasmiddel, warm water en een zachte doek of spons en droog het met een droge doek.
  • Als uw product is voorzien van een een- voudige stoomreinigingsfunctie kunt u de eenvoudige stoomreinigingsfunctie ge- bruiken voor licht, niet-hardnekkig vuil. (Zie Eenvoudige stoomreiniging [}80].)
  • Voor hardnekkige vlekken kunt u een oven en rooster reinigingsmiddel gebrui- ken dat wordt aanbevolen op de website van uw productmerk en een niet-kras- send schuursponsje. Gebruik geen exter- ne ovenreiniger. Katalytische oppervlakken
  • De zijwanden in de kookzone kunnen en- kel worden afgedekt met email of kataly- tische wanden. Dit varieert volgens mo- del.
  • De katalytische wanden hebben een licht mat en poreus oppervlak. De katalytische wanden van de oven hoeven niet te wor- den gereinigd.
  • Katalytische oppervlakken absorberen olie dankzij de poreuze structuur en be- ginnen te blinken wanneer het oppervlak is verzadigd met olie. In dit geval is het aanbevolen de onderdelen te vervangen. Glazen oppervlakken
  • Tijdens de reiniging van glazen opper- vlakken mag u geen harde metalen krab- bers en schurende reinigingsmiddelen gebruiken. Deze kunnen de glazen opper- vlakken beschadigen.
  • Reinig het apparaat met een vaatwasmid- del, warm water en een microvezel doek specifiek voor glazen oppervlakken en droog het met een droge doek.
  • Als er wasmiddel achterblijft na de reini- ging moet u dit afnemen met koud water en het drogen met een schone microve- zel doek. Resterende wasmiddel resten kunnen het glazen oppervlak de volgende keer beschadigen.
  • Opgedroogde resten op het glas mogen in geen geval worden verwijderd met een zaagmes, draadwol of gelijkaardig kras- send gereedschap.
  • U kunt de kalkvlekken (gele vlekken) op het glazen oppervlak verwijderen met een commercieel beschikbaar ontkalkings- middel met azijn of citroensap.
  • Als het oppervlak zeer vuil is, kunt u het reinigingsmiddel aanbrengen op de vlek met een spons en moet u het product la- ten inwerken om het correct te reinigen. Reinig het glazen oppervlak met een nat- te doek.
  • Verkleuringen en vlekken op het glazen oppervlak zijn normaal en geen defecten. Plastic onderdelen en geverfde oppervlak- ken
  • Reinig de plastic onderdelen en geverfde oppervlakken met vaatwasmiddel, warm water en een zachte doe of spons en droog het met een droge doek.
  • Gebruik geen harde metalen krabbers en schurende reinigingsmiddelen. Dit kan de oppervlakken beschadigen.
  • Zorg ervoor dat de verbindingsstukken van de onderdelen van het product niet vochtig en met wasmiddel worden ach- tergelaten. Zo niet kan corrosie optreden op deze verbindingen.

9.2 Accessoires reinigen

Plaats het product niet in een vaatwasma- chine tenzij anders vermeld in de gebrui- kershandleiding.

9.3 De kookplaat reinigen

Glazen kookoppervlak Volg de beschreven reinigingsinformatie voor de glazen oppervlakken in het hoofd- stuk “Algemene reinigingsinformatie” voor de reiniging van het glazen kookoppervlak. U kunt uw reiniging voltooien op basis van de onderstaande informatie in speciale ge- vallen.

  • Suikergebaseerde etenswaren zoals don- kere crème, zetmeel en siroop moeten onmiddellijk worden gereinigd zonder te wachten tot het oppervlak afkoelt. Zo niet kan het glazen kookoppervlak permanent worden beschadigd.
  • Gebruik geen reinigingsmiddelen voor rei- nigingen die u uitvoert wanneer de kook- plaat heet is want dit kan permanente vlekken veroorzaken.

9.4 Het bedieningspaneel reinigen

  • Als u de panelen met knoppen reinigt, moet u het paneel en de knoppen afne- men met een vochtige, zachte doek en af- drogen met een droge doek. Verwijder de knoppen en pakkingen onderaan niet om het paneel te reinigen. Het bedieningspa- neel en de knoppen kunnen worden be- schadigd.
  • Tijdens het reinigen van de roestvrij sta- len panelen met knoppen mag u geen rei- nigingsmiddel voor roestvrij staal gebrui- ken. De indicatoren rond de knop kunnen worden gewist.
  • Reinig het touch bedieningspaneel met een vochtige, zachte doek en droog het met een droge doek. Als uw product voorzien is van een toetsvergrendeling moet u deze vergrendeling instellingen voor u het bedieningspaneel begint te rei- nigen. Zo niet kan een incorrecte detectie optreden in de toetsen.

9.5 De binnenzijde van de oven reini-

gen (bereidingszone) Volg de reinigingsprocedure beschreven in het hoofdstuk “Algemene reinigingsinfor- matie” naargelang het type oppervlak in uw oven. De binnenwanden van de oven reinigen De zijwanden in de kookzone kunnen enkel worden afgedekt met email of katalytische wanden. Dit varieert volgens model. Als er een katalytische wand is, verwijzen wij u naar het hoofdstuk “Katalytische wanden” voor meer informatie. Als uw product een model is met draad- roosters moet u deze draadroosters verwij- deren voor u de zijwanden begint te reini- gen. Voltooi daarna de reinigingsprocedure zoals beschreven in het hoofdstuk “Alge- mene reinigingsinformatie” naargelang het type oppervlak van de zijwand. De draadroosters aan de zijkanten verwij- deren:

1. Verwijder de voorzijde van het draad-

rooster door het op de zijwand te trek- ken in de tegenovergestelde richting.

2. Trek het draadrooster naar u toe en ver-

wijder het volledig.

3. Om de platen opnieuw aan te brengen,

herhaalt u de procedure voor de verwij- dering in de omgekeerde richting.

9.6 Eenvoudige stoomreiniging

Dit biedt de mogelijkheid vuil gemakkelijk te reinigen (van korte duur) dat is verzacht door de stoom in de oven en door de water- druppels gecondenseerd in de interne op- pervlakken van de oven.

1. Verwijder alle accessoires uit de oven.

2. Voeg 500 ml water toe aan de ovenlade

en plaats de lade op het 2de rek van de oven. Gebruik geen gedistilleerd of gefil- terd water. Gebruik enkel kant-en- klaar water. Gebruik geen brandba- re, alcoholische oplossingen of op- lossingen met vaste deeltjes in de plaats van water.

3. Stel de oven in op de eenvoudige stoom-

reinigingsmodus en schakel hem in aan 100°C gedurende 15 minuten. Open de deur onmiddellijk en neem de in- terne oppervlakken van de oven af met een vochtige spons of doek. Stoom ontsnapt wanneer u de deur opent. Dit kan het risico van brandwonden creëren. Open de deur voorzichtig. Voor hardnekkig vuil, reinig het product met een vaatwasmiddel, warm water en een zachte doe of spons en droog het met een droge doek. In de eenvoudige stoomreinigings- functie kan men er zich aan ver- wachten dat het toegevoegde water verdampt en condenseert op de binnenzijde van de oven en de ovendeur om het lichte vuil te ver- wijderen dat in uw oven is geaccu- muleerd. De condensatie die wordt gevormd op de ovendeur kan spat- ten veroorzaken wanneer de oven- deur wordt geopend. Zodra u de ovendeur opent, moet u de conden- satie afnemen. (Het varieert naargelang het model van het product. Is mogelijk niet beschikbaar op uw model.) Na de condensatie in de oven kan een plas of vocht voorkomen in het kanaal van het bekken onder de oven. U moet het bekken afnemen met een vochtige doek en daarna drogen.

9.7 De deur van de oven reinigen

U kunt uw ovendeur en het glas van de deur verwijderen om ze te reinigen. De verwijde- ring van de deuren en het glas wordt be- schreven in de hoofdstukken “De ovendeur verwijderen” en “Het interne glas van de deur verwijderen”. Nadat het interne glas is verwijderd, kunt u het reinigen met een wasmiddel, warm water en een zachte doe of spons en droog het met een droge doek. Eventuele kalkaanslag die kan optreden op het glas van de oven moet worden gerei- nigd met azijn en afgespoeld. Gebruik geen harde schurende rei- nigingsmiddelen, metalen krabbers, draadwol of bleekmiddel om de oven en het glas te reinigen. De deur van de oven verwijderen

2. Open de klemmen van het voorste

scharnier van de deur rechts en links door ze omlaag te drukken zoals aange- geven in de afbeelding.

3. De soorten scharnieren variëren van het

type (A), (B), (C) naargelang het model van het product. De volgende afbeeldin- gen tonen aan hoe elke type scharnier kan worden geopend.

8. Trek de verwijderde deur omhoog om ze

vrij te maken van de scharnieren links en rechts en verwijder de deur uit de oven. Om de deur opnieuw aan te bren- gen, herhaalt u de procedure voor de verwijdering in de omgekeerde richting. Wanneer u de deur mon- teert, moet u ervoor zorgen de klemmen te sluiten op de scharnie- ren.

9.8 De interne glasplaat verwijderen

van de ovendeur De interne glasplaat van de deur vooraan kan worden verwijderd voor reiniging.

1. Open de ovendeur.

2. Verwijder het plastic onderdeel dat is

bevestigd op de bovenste sectie van de voordeur door het naar u toe te trekken.

3. Zoals aangegeven in de afbeelding

moet u de binnenste glasplaat (1) voor- zichtig optillen naar 'A' en daarna moet u ze verwijderen door ze naar 'B’ te trek- ken.

NLNL / 82 1 Binnenste glasplaat 2* interne glasplaat (Is mogelijk niet beschik- baar voor uw pro- duct)

4. Als uw product een interne glasplaat (2)

heeft, moet u dezelfde procedure herha- len om deze te verwijderen (2).

5. De eerste stap van de hergroepering van

de deur is de interne glasplaat (2) op- nieuw te monteren. Plaats de afge- schuinde rand van de glasplaat tegen de afgeschuinde rand van de plastic sleuf. (Als uw product een interne glasplaat heeft). De interne glasplaat (2) moet worden bevestigd aan de plastic sleuf die het dichtst bij de binnenste glasplaat (1) zit.

6. Bij de montage van de binnenste glas-

plaat (1) moet u ervoor zorgen dat de bedrukte zijde van de glasplaat op de in- terne glasplaat zit. Het is van essentieel belang dat de onderste hoeken van de interne glasplaat (1) naast de onderste plastic sleuven komen te zitten.

7. Duw het plastic onderdeel naar het fra-

me tot u een klikkend geluid hoort.

9.9 De ovenlamp reinigen

Als de glazen deur van de ovenlamp in de kookzone vuil is, kunt u ze reinigen met wasmiddel, warm water en een zachte doek of spons en drogen met een droge doek. Als de ovenlamp defect is, kunt u ze vervan- gen via de onderstaande procedure. De ovenlamp vervangen Algemene waarschuwingen

  • Om het risico van elektrische schokken te voorkomen wanneer u de ovenlamp ver- vangt, moet u het product loskoppelen en wachten tot de oven is afgekoeld. Hete oppervlakken kunnen brandwonden ver- oorzaken!
  • Deze oven wordt aangedreven door een gloeilamp van minder dan 40 W, minder dan 60 mm hoog, een diameter van min- der dan 30 mm, of een halogeenlamp met G9 sleuven met minder dan 60 W vermogen. De lampen zijn geschikt voor een werking bij temperaturen van meer dan 300 °C. De ovenlampen zijn beschik- baar bij de geautoriseerde diensten of ge- licentieerde technici. Dit product bevat een G-energieklasse lamp.
  • De positie van de lamp kunnen verschil- len van die aangegeven in de afbeelding.
  • De lamp die wordt gebruikt in dit product is niet geschikt voor gebruik in de verlich- ting van ruimten in uw woning. Het doel van deze lamp is u te helpen uw etenswa- ren beter te zien.
  • De lampen die worden gebruikt in dit pro- duct moeten bestand zijn tegen extreme fysieke omstandigheden, zoals tempera- turen van meer dan 50°C. Als uw oven een ronde lamp heeft,

1. Ontkoppel het product van het elektrisch

2. Verwijder het glazen deksel door het

3. Als uw ovenlamp van type (A) is zoals

weergegeven in de onderstaande afbeel- ding moet u de ovenlamp draaien zoals aangetoond in de afbeelding en ze ver- vangen met een nieuwe lamp. Als het een type (B) model is, moet u dit verwij- deren zoals aangetoond in de afbeel- ding en vervangen met een nieuwe lamp.

4. Breng het glazen deksel opnieuw aan.

Als uw oven een vierkante lamp heeft,

1. Ontkoppel het product van het elektrisch

2. Verwijder de roosters in overeenstem-

ming met de beschrijving.

3. Til het beschermende glazen deksel van

de lamp omhoog met een schroeven- draaier. Verwijder eerst de schroef, als er een schroef op de vierkante lamp in uw product zit.

4. Als uw ovenlamp van type (A) is zoals

weergegeven in de onderstaande afbeel- ding moet u de ovenlamp draaien zoals aangetoond in de afbeelding en ze ver- vangen met een nieuwe lamp. Als het een type (B) model is, moet u dit verwij- deren zoals aangetoond in de afbeel- ding en vervangen met een nieuwe lamp.

5. Breng het glazen deksel en roosters op-

nieuw aan. 10 Probleemoplossing Als het probleem aanhoudt nadat de in- structies in dit hoofdstuk werden nage- leefd, kunt u contact opnemen met uw ver- koper of een geautoriseerde dienst. Pro- beer nooit een defect product zelf te repa- reren. Er ontsnapt stoom uit de oven tijdens de werking.

  • Het is normaal dat er damp ontsnapt tij- dens de bereiding. >>> Dit is geen fout. Er verschijnen waterdruppels tijdens de be- reiding
  • De stoom die vrijkomt tijdens de berei- ding condenseert wanneer deze in con- tact komt met koude oppervlakken buiten het product en kan waterdruppels vor- men. >>> Dit is geen fout. Er weerklinken metaalgeluiden tijdens de opwarming en afkoeling van het product.
  • Metalen onderdelen kunnen uitbreiden en geluiden maken wanneer ze opwarmen. >>> Dit is geen fout. Het product werkt niet.
  • De zekering kan defect of gesprongen zijn. >>> Controleer de zekeringen in de zekeringenkast. Vervang ze indien nodig, of schakel ze opnieuw in.
  • Het apparaat is mogelijk niet aangesloten op een geaard stopcontact. >>> Contro- leer of de stekker van het apparaat cor- rect is ingevoerd.
  • (Als uw apparaat voorzien is van een ti- mer) De toetsen op het bedieningspaneel werken niet. >>> Als uw product voorzien is van een toetsenvergrendeling is deze mogelijk ingeschakeld. Schakel de toet- senvergrendeling uit. Het ovenlampje is niet ingeschakeld.
  • Het ovenlampje is mogelijk defect. >>> Vervang het ovenlampje.
  • Geen elektriciteit. >>> Zorg ervoor dat het elektrisch net werkt en controleer de ze- keringen in de zekeringenkast. Vervang de zekeringen indien nodig, of schakel ze opnieuw in. De oven warmt niet op.
  • De oven is mogelijk niet ingesteld op een specifieke bereidingsfunctie en/of tem- peratuur. >>> Stel de oven in op een spe- cifieke bereidingsfunctie en/of tempera- tuur.
  • Geen elektriciteit. >>> Zorg ervoor dat het elektrisch net werkt en controleer de ze- keringen in de zekeringenkast. Vervang de zekeringen indien nodig, of schakel ze opnieuw in.