GP 6000 INOX - Pomp T.I.P. - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GP 6000 INOX T.I.P. in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Pomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GP 6000 INOX - T.I.P. en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GP 6000 INOX van het merk T.I.P..
GEBRUIKSAANWIJZING GP 6000 INOX T.I.P.
EG-verklaring van overeenstemming Wij, de firma T.I.P. Technische Industrie Produkte GmbH, Siemensstr. 17, D-74915 Waibstadt, verklaren op eigen verantwoordelijkheid dat de hieronder genoemde producten aan de fundamentele eisen van de hieronder vermelde EU-richtlijnen - en alle navolgende wijzigingen - voldoen: 2014/35/EU, 2014/30/EU, 2000/14/EC, 2011/65/EU.
1. Algemene veiligheidswaarschuwingen
Lees deze handleiding zorgvuldig door en maak uzelf vertrouwd met de bedienelementen en het juiste gebruik van dit product. Wij zijn niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door het niet navolgen van aanwijzingen en instructies in deze handleiding. Schade die ontstaat door het niet navolgen van aanwijzingen en instructies in deze handleiding valt tevens niet onder de garantiedekking. Bewaar deze handleiding goed en voeg deze bij het toestel als u dit aan anderen doorgeeft. Personen die niet op de hoogte zijn van deze gebruiksaanwijzing mogen dit apparaat niet gebruiken. De pomp mag niet door kinderen worden gebruikt. De pomp kan door personen met beperkte fysieke, motorieke of mentale bekwaamheden of gebrekkige ervaring en/of kennis worden gebruikt als deze onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd over een veilig gebruik van het apparaat en de hieruit voortvloeiende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Het apparaat en de aansluitleiding buiten bereik van kinderen houden. De pomp mag niet worden gebruikt als er zich personen in het water bevinden. De pomp moet via een foutstroom veiligheidsinrichting (RCD / FI-schakelaar) met een meetfoutstrom van niet meer dan 30 mA worden voorzien. Als de netkabel van dit apparaat wordt beschadigd, moet deze door de fabrikant of de klantenservice of een soortgelijk deskundig gekwalificeerd persoon worden vervangen om risico's te vermijden. Besteed vooral aandacht aan aanwijzingen en instructies die met de volgende symbolen zijn gekenmerkt:
Het niet navolgen van deze aanwijzing kan persoonlijke en/of materiële schade veroorzaken.
Niet-inachtneming van deze instructie gaat gepaard met gevaar voor een elektrische schok, die kan leiden tot lichamelijke letsels en/of materiële schade.
Controleer het toestel op transportschade. In geval van schade moet de winkelier onmiddellijk - echter uiterlijk binnen 8 dagen na koopdatum - hierover worden ingelicht.
Beschermingsklasse IPX4 Zuigaansluiting 30,93 mm (1“), binnenschroefdraad Drukaansluiting 30,93 mm (1“), binnenschroefdraad Max. doorvoercapaciteit (Q max
Max. druk 5,5 bar Max. opvoerhoogte (H max
55 m Max. aanzuighoogte 8 m Max. grootte van gepompte vaste deeltjes 2 mm Max. toegestane operationele druk 6 bar Min. omgevingstemperatuur 5° C Max. omgevingstemperatuur 40° C Minimumtemperatuur van de gepompte vloeistof 2° C Maximumtemperatuur van de gepompte vloeistof (T max
35° C Max. aantal starts binnen een uur 40, gelijkmatig verdeeld Lengte aansluitkabel 1,5 m Kabelsoort H07RN-F Gewicht (netto) 10,1 kg Gegarandeerd geluidsniveau (L
74,1 dB Geluidsdruk (L
De aangegeven maximale geluidsniveaus werden bepaald bij een vrije, niet-gereduceerde in- en uitlaat. Geluidsemissiewaarden verkregen in overeenstemming met de norm EN 12639. Meetmethode volgens EN ISO 3744.
3. Toepassingsgebied
Tuinpompen van T.I.P. zijn uiterst efficiënte, zelfaanzuigende elektrische pompen voor de doorvoer van helder, schoon of matig vervuild water dat vaste deeltjes tot de in de technische gegevens aangegeven maximale grootte bevat. Deze producten zijn van hoge kwaliteit, leveren uitstekende prestaties en zijn veelzijdig toepasbaar voor irrigatiedoeleinden, ontwatering, oppompen van water en het met druk doorvoeren van water. Typische toepassingsgebieden voor tuinpompen zijn onder meer: vullen of legen van voorraadreservoirs, bassins en vijvers; oppompen van water uit water- of regenputten; afsproeien van terrassen of trottoirs. Het apparaat is niet geschikt voor gebruik in zwembaden. Deze tuin pomp van T.I.P. is voor persoonlijk gebruik thuis en niet voor commerciële of bestemd. industriële doeleinden of voor de continue circulatie modus..
De pomp is niet geschikt voor het verpompen van zoutwater, uitwerpselen, ontvlambare, bijtende, explosieve of andere gevaarlijke vloeistoffen. De temperatuur van de te verpompen vloeistof mag niet boven resp. onder de in de technische gegevens aangegeven maximum- resp. minimumtemperatuur liggen.
Tot de leveringsomvang van dit product behoort het volgende: Een pomp met aansluitkabel, een gebruiksaanwijzing. Afhankelijk van het gebruiksdoeleinde kunnen andere accessoires noodzakelijk zijn (zie hoofdstuk „Installatie”, „Automatisering met speciale accessoires en „Bestelling van reserveonderdelen”). Bewaar de verpakking indien mogelijk tot aan het verstrijken van de garantieperiode. Voer de verpakkingsmaterialen op milieuvriendelijke wijze af.
5.1. Algemene installatie-instructies
Tijdens de gehele installatieprocedure mag het toestel niet aan het elektriciteitsnet zijn aangesloten.
Plaats de pomp op een droge plek. De omgevingstemperatuur mag niet boven 40 °C en niet onder 5 °C liggen. De pomp en het gehele aangesloten systeem moeten tegen vorst en weersinvloeden worden beschermd.
Let er bij de plaatsing van het toestel op dat er voldoende lucht bij de motor komt.
Alle aangesloten leidingen moeten absoluut water- en luchtdicht zijn, omdat lekkende leidingen de prestatie van de pomp verminderen en aanzienlijke schade kunnen veroorzaken. Isoleer daarom altijd de schroefverbindingen van de leidingen onderling en de verbinding naar de pomp met teflonband. Alleen het gebruik van afdichtmateriaal zoals teflonband garandeert een luchtdichte montage. Gebruik niet te veel kracht bij het aandraaien van schroefverbindingen, om beschadiging te voorkomen. Let er bij het leggen van de aangesloten leidingen op dat er geen druk door gewicht, trillingen of spanningen op de pomp wordt uitgeoefend. Bovendien mogen de aangesloten leidingen geen knikken of tegenhellingen vertonen. Raadpleeg ook de afbeeldingen in het aanhangsel aan het einde van deze handleiding. De cijfers en andere gegevens die hierna tussen haakjes worden vermeld, verwijzen naar deze afbeeldingen. 5.2. Installatie van de aanzuigleiding
De ingang van de aanzuigleiding moet van een terugslagventiel met aanzuigfilter zijn voorzien.
Gebruik een aanzuigleiding (2) die dezelfde diameter heeft als de zuigaansluiting (1) van de pomp. Bij een aanzuighoogte (HA) van meer dan 4 m is het echter raadzaam een leiding met een 25 % grotere diameter te gebruiken en deze d.m.v. passende vernauwingsstukken met de aansluitingen te verbinden. De ingang van de aanzuigleiding moet van een terugslagventiel (3) met aanzuigfilter (4) zijn voorzien. De filter biedt bescherming tegen grotere vuildeeltjes in het water, die de pomp of het leidingsysteem zouden kunnen verstoppen of beschadigen. Het terugslagventiel voorkomt het afnemen van de druk na het uitschakelen van de pomp. Bovendien vereenvoudigt het de ontluchting van de aanzuigleiding door het bijvullen van water. Het terugslagventiel met aanzuigfilter - dus de ingang van de aanzuigleiding - moet zich tenminste 0,3 m onder het oppervlak van de te verpompen vloeistof bevinden (HI). Zo kan worden voorkomen dat lucht wordt aangezogen. Zorg voor voldoende afstand tussen aanzuigleiding en de bodem of oevers van beken, rivieren, vijvers etc. om het aanzuigen van stenen, planten etc. te voorkomen. 5.3. Installatie van de drukleiding De drukleiding (11) brengt de te verpompen vloeistof van de pomp naar het aftappunt. Om stromingsverliezen te voorkomen, is het raadzaam een drukleiding te gebruiken, die tenminste dezelfde diameter heeft als de drukaansluiting (5) van de pomp. Breng direct na de pompuitgang een terugslagventiel (6) in de drukleiding aan, om de pomp tegen beschadiging door drukstoten te beschermen. Bovendien raden wij aan achter pomp en terugslagventiel een afsluitventiel (7) te installeren, zodat onderhoudswerkzaamheden gemakkelijker kunnen worden uitgevoerd. Als u dan bij demontage van de pomp het afsluitventiel sluit, kan de drukleiding niet leeglopen. 5.4. Vaste installatie
Als u kiest voor een vaste installatie, zorg er dan voor dat de stekker altijd goed toegankelijk en zichtbaar is.
Bevestig de pomp op een geschikte, stevige ondergrond, als u deze vast wilt installeren. Om trillingen te verminderen, is het raadzaam vibratiedempend materiaal - bijvoorbeeld een rubberlaag - tussen pomp en ondergrond aan te brengen. Gebruik voor het markeren van de boorgaten de grondplaat (13) als sjabloon. Plaats het apparaat op de gewenste positie en steek een center of pen door de boringen in de grondplaat, om de positie van de boorgaten te markeren. Leg het apparaat opzij en boor de vier gaten met een geschikte boormachine voor. Zet het apparaat in positie en bevestig het met geschikte schroeven en borgplaatjes.
5.5. Gebruik van de pomp bij tuinvijvers en gelijkaardige plaatsen
Het gebruik van de pomp bij tuinvijvers en gelijkaardige plaatsen is principieel alleen toegestaan, wanneer er geen personen in contact komen met het water.
Voor het gebruik bij tuinvijvers of gelijkaardige plaatsen moet de pomp via een aardlekschakelaar (FI-schakelaar) met een nominale lekstroom ≤ 30 mA worden aangedreven (DIN VDE 0100-702 en 0100-738). Vraag bij uw elektrospeciaalzaak na of uw installatie aan deze voorwaarden voldoet. Het gebruik op soortgelijke locaties is uitsluitend toegestaan als de pomp stabiel en beveiligd tegen overstromend water op een minimumafstand van twee meter van de waterrand is opgesteld en door een stabiele houder wordt voorkomen dat de pomp in het water kan vallen. Het toestel dient hiertoe d.m.v. de hiervoor bedoelde bevestigingspunten met schroeven aan de ondergrond te worden bevestigd (zie hoofdstuk „Vaste installatie”).
6. Elektrische aansluiting
Het toestel beschikt over een netsnoer met stekker. Om gevaren te voorkomen, mogen het netsnoer en de stekker uitsluitend door een vakman worden vervangen. Draag de pomp nooit aan het netsnoer en gebruik het snoer niet om de stekker uit het stopcontact te trekken. Bescherm de stekker en het netsnoer tegen hitte, olie en scherpe randen.
De gebruikte netspanning moet met de in de technische gegevens aangegeven waarden overeenstemmen. De persoon die verantwoordelijk is voor de installatie moet verzekeren, dat de elektrische aansluiting beschikt over een aarding die beantwoordt aan de norm.
De elektrische aansluiting moet van een gevoelige aardlekschakelaar (FI-schakelaar) zijn voorzien: ∆ = 30 mA (DIN VDE 0100-739).
Gebruik alleen een verlengkabel waarvan de doorsnede (3 x 1,0 mm²) en rubberommanteling minimaal overeenkomt met die van de aansluitleiding (zie "Technische gegevens", kabeluitvoering) en voorzien is van de markeringen volgens VDE. Netstekkers en koppelingen moeten spatwaterdicht zijn.
Raadpleeg ook de afbeeldingen in het aanhangsel aan het einde van deze handleiding. De cijfers en andere gegevens die hierna tussen haakjes worden vermeld, verwijzen naar deze afbeeldingen.
Bij de eerste ingebruikname moet ook bij zelfaanzuigende pompen de pompbehuizing altijd volledig zijn ontlucht - d.w.z. gevuld zijn met water. Als deze ontluchting achterwege blijft, zuigt de pomp de te verpompen vloeistof niet aan. Het wordt aanbevolen ook de aanzuigleiding vóór het aansluiten aan de pomp te vullen met water, om zo het aanzuigproces te versnellen. Vanaf een aanzuighoogte van meer dan 4 m, moet deze maatregel in elk geval worden uitgevoerd.
De pomp mag uitsluitend voor het op het typeplaatje aangegeven toepassingsgebied worden gebruikt.
Drooglopen - het pompen van het toestel zonder waterdoorvoer - moet worden voorkomen, omdat de pomp bij watergebrek oververhit kan raken. Dit kan aanzienlijke schade aan het toestel veroorzaken. Bovendien bevat het systeem dan zeer heet water dat tot huidverbrandingen kan leiden. Trek in geval van oververhitting de stekker eruit en laat de installatie afkoelen.
Laat de pomp niet met direct vocht in aanraking komen (bijvoorbeeld bij gebruik in combinatie met tuinsproeiers). Laat de pomp niet in de regen staan. Let erop dat zich geen druppelende aansluitingen boven de pomp bevinden. Gebruik de pomp niet in een natte of vochtige omgeving. Zorg ervoor dat de pomp en de elektrische steekverbindingen beschermd zijn tegen overstromend water.
De pomp mag niet werken als de toevoer is afgesloten.
Het is absoluut verboden de handen in de opening van de pomp te steken zolang het toestel aan het elektriciteitsnet is aangesloten.
Bij elke ingebruikname moet er steeds nauwkeurig op worden gelet dat de pomp veilig en stabiel wordt opgesteld. Het toestel moet altijd op een vlakke ondergrond en in rechtopstaande positie worden geplaatst. Voer voor elk gebruik van de pomp een visuele controle uit. Dit geldt in het bijzonder voor het netsnoer en de stekker. Controleer of alle schroeven goed vast zitten en de aansluitingen in goede staat zijn. Gebruik nooit een beschadigde pomp. In geval van schade moet de pomp door een vakman worden gecontroleerd. Bij de eerste ingebruikname moet de pompbehuizing (8) volledig zijn ontlucht. Vul daarom de pompbehuizing (8) via de vulopening (9) volledig met water. Controleer of er water door lekkage verloren gaat. Sluit de vulopening weer luchtdicht af. De meertraps elektrische pompen uit de serie T.I.P. GP, zijn dankzij speciale techniek zelfaanzuigend en kunnen daarom ook altijd in gebruik worden genomen, door alleen de pompbehuizing met water te vullen.De elektrische pompen uit de serie T.I.P. GP zijn zelfaanzuigend en kunnen daarom ook in gebruik worden genomen, als alleen de pompbehuizing met water is gevuld. In dit geval zal het echter enige tijd duren voor de pomp de te verpompen vloeistof heeft aangezogen en met de doorvoer begint. Bovendien kan het bij deze methode nodig zijn de pompbehuizing meermaals met vloeistof te vullen. Dit hangt af van de lengte en diameter van de aanzuigleiding. Bij meertrapspompen wordt echter aanbevolen, ook de van een terugslagklep (3) voorziene aanzuigleiding (2) vóór het aansluiten aan de pomp te vullen met water, om zo het aanzuigproces te versnellen. Vanaf een aanzuighoogte van meer dan 4 m, moet deze maatregel in elk geval worden uitgevoerd. Open na het vullen eventueel aanwezige afsluitapparaten in de drukleiding (7), bijvoorbeeld een waterkraan, zodat tijdens het aanzuigen de lucht kan ontwijken. Steek de stekker in een 230-V wisselstroomstopcontact. Zet vervolgens de pomp aan d.m.v. de aan- /uitschakelaar. Zodra de vloeistof gelijkmatig en zonder luchtbellen wordt doorgevoerd, is het systeem bedrijfsklaar. Gebruik opnieuw de aan-/uitschakelaar om de pomp uit te zetten. Eventueel aanwezige afsluitapparaten in de drukleiding kunnen dan weer worden gesloten. Als de pomp langere tijd buiten bedrijf is geweest, moeten de beschreven stappen opnieuw worden doorlopen voor het toestel weer in gebruik kan worden genomen. De elektrische pompen uit de serie T.I.P. GP beschikken over een geïntegreerde thermische motorbeveiliging. Bij overbelasting slaat de motor vanzelf af en gaat na voldoende te zijn afgekoeld weer vanzelf aan. Mogelijke oorzaken en de daarbijbehorende oplossingen vindt u in het hoofdstuk "Onderhoud en hulp bij storingen".
8. Automatisering d.m.v. speciale accessoires
Dit model beschikt over voldoende druk om desgewenst te worden geautomatiseerd. Automatisering betekent dat de verpompte vloeistof op dezelfde manier kan worden gebruikt als water uit de waterleiding: eenvoudig door het openen en sluiten van kranen of andere verbruikers. Om het systeem te automatiseren, heeft u een elektronisch of mechanisch besturingssysteem nodig, dat eenvoudig en met slechts enkele handelingen kan worden geïnstalleerd. Sommige besturingssystemen bieden extra voordeel door een efficiënte bescherming tegen schade door drooglopen, omdat ze bij watergebrek de pomp automatisch uitschakelen. Wij bieden bij onze accessoires bijzonder betrouwbare besturingssystemen aan. Meer informatie vindt u op www.tip-pumpen.de of in uw speciaalzaak.
9. Onderhoud en hulp bij storingen
Trek voor het verrichten van onderhoudswerkzaamheden altijd de stekker van de pomp uit het stopcontact. Als de stroomtoevoer niet wordt onderbroken, kan bijv. gevaar ontstaan door per ongeluk starten van de pomp.
Wij zijn niet aansprakelijk voor schade die is veroorzaakt door onvakkundige reparaties of pogingen daartoe. Schade die is veroorzaakt door onvakkundige pogingen tot reparatie leidt tot het vervallen van alle garantieaanspraken.
Door regelmatig onderhoud en zorgvuldige omgang met het toestel loopt u minder gevaar op storingen en zorgt u voor een langere levensduur van uw toestel. Als de pomp gedurende lange tijd niet wordt gebruikt, moet deze volledig worden geleegd door de aftapschroef (10) voor water te openen. Spoel daarna de pomp met schoon water om. Laat het pomplichaam goed drogen om schade door corrosie te voorkomen. Bij vorst kan water dat in de pomp is achtergebleven door bevriezing aanzienlijke schade veroorzaken. Bewaar de pomp op een droge, vorstveilige plek. Ga in geval van storing eerst na of er sprake is van een bedieningsfout of een andere oorzaak die niet aan een defect aan het toestel te wijten is - bijvoorbeeld een stroomstoring. In de volgende lijst vindt u een aantal voorkomende gevallen van storing van het toestel, mogelijke oorzaken en tips hoe u deze kunt oplossen. Alle genoemde maatregelen mogen uitsluitend worden uitgevoerd als de pomp niet met het elektriciteitsnet is verbonden. Als u een storing niet zelf kunt oplossen, neem dan contact op met de klantenservice resp. uw winkelier. Ingrijpendere reparaties mogen uitsluitend door een vakman worden
uitgevoerd. Wij wijzen er met klem op dat in geval van schade die is veroorzaakt door onvakkundige reparaties of pogingen daartoe alle aanspraken op garantievergoeding vervallen en wij niet aansprakelijk zijn voor de daaruit resulterende schade. STORING MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING
1. Toestel pompt geen vloeistof,
de motor loopt niet.
1. Geen elektriciteitstoevoer.
4. De motoras blokkeert.
1. Met een gekeurd apparaat controleren of
er spanning aanwezig is (neem de veiligheidsinstructies in acht!). Controleer of de stekker correct aangesloten is.
2. Stekker uit het stopcontact trekken,
systeem laten afkoelen, oorzaak verhelpen.
3. Neem contact op met de klantenservice.
4. Oorzaak nagaan en de blokkering van de
2. De motor loopt, maar het
toestel pompt geen vloeistof.
1. De pompbehuizing is niet met vloeistof
2. Binnentreden van lucht in de
3. Aanzuighoogte en/of opvoerhoogte te
1. Vul de pompbehuizing met vloeistof (zie
hoofdstuk "Ingebruikname")
2. Controleer of / zorg ervoor dat:
a.) de aanzuigleiding en alle verbindingen luchtdicht zijn. b.) de ingang van de aanzuigleiding incl. terugslagventiel geheel in de te verpompen vloeistof is gedompeld. c.) het terugslagventiel met aanzuigfilter niet lek of geblokkeerd is. d.) de aanzuigleidingen geen sifon, knik, tegenhelling of vernauwing vertonen.
3. Verander de opstelling van de installatie zo
dat de aanzuighoogte en/of de opvoerhoogte de max. waarde niet overschrijden.
3. Het toestel stopt na een korte
bedrijfsduur met pompen, omdat de thermische motorbeveiliging is geactiveerd.
1. De stroomaansluiting is niet in
overeenstemming met de gegevens op het typeplaatje.
2. Vaste deeltjes verstoppen de pomp of
4. De temperatuur van de vloeistof of de
omgeving is te hoog.
1. Met een gekeurd apparaat de spanning op
de leidingen van de aansluitkabel controleren (neem de veiligheidsinstructies in acht!).
2. Verstopping verwijderen.
3. De pomp is niet geschikt voor deze
vloeistof. Eventueel de vloeistof verdunnen.
4. Zorg ervoor dat de temperatuur van de te
verpompen vloeistof en de omgeving de maximaal toegestane waarden niet overschrijdt.
4. De pomp bereikt niet de
2. Neem contact op met de klantenservice.
Dit toestel is volgens de nieuwste methodes geproduceerd en gekeurd. De verkoper verleent garantie op materiaal- en fabricagefouten volgens de wettelijke bepalingen van het land waarin het toestel is gekocht. De garantieperiode begint met de dag van aankoop onder de volgende voorwaarden: Binnen de garantieperiode worden alle gebreken die door materiaal- of fabricagefouten zijn veroorzaakt kosteloos verholpen. Reclamaties moeten onmiddellijk na constatering worden gemeld. Het recht op garantievergoeding vervalt in geval van reparaties of wijzigingen aan het toestel door de koper of door derden. Schade die door onvakkundige omgang met of bediening van het toestel, door onjuiste opstelling of bewaring, onvakkundige aansluiting of installatie, door overmacht of andere externe invloeden ontstaat, valt niet onder de garantie. Slijtbare delen zoals rotor en glijringafdichtingen vallen niet onder de garantie. Alle onderdelen zijn met de grootste zorgvuldigheid en uit materialen van hoge kwaliteit geproduceerd en voor een lange levensduur ontwikkeld. Slijtage is echter afhankelijk van soort en intensiteit van gebruik en de regelmaat van onderhoud. De navolging van de installatie- en onderhoudsinstructies in deze handleiding draagt daarom aanzienlijk bij tot de lange levensduur van de slijtbare delen. Wij behouden ons het recht voor in geval van reclamatie de defecte delen te repareren of te vervangen of een vervangend toestel te leveren. Vervangen onderdelen worden ons eigendom. Er kan geen aanspraak worden gemaakt op schadevergoeding voor zover de schade niet op opzet of grove nalatigheid door de fabrikant berust. Verdere aanspraken kunnen op basis van deze garantie niet worden gemaakt. De koper moet d.m.v. een aankoopbon de aanspraak op garantie kunnen aantonen. Deze garantie is geldig in het land waarin het toestel is gekocht.
Bijzondere instructies:
1. Mocht het toestel niet meer goed functioneren, controleer dan eerst of er sprake is van een bedieningsfout of
een oorzaak die niet aan een defect van het toestel te wijten is.
2. Als u het defecte toestel ter reparatie inlevert of opstuurt, sluit dan tenminste de volgende documenten bij:
aankoopbon beschrijving van de opgetreden fout (een nauwkeurige beschrijving zorgt voor een snellere reparatie).
3. Verwijder alle door u toegevoegde onderdelen die niet in overeenstemming zijn met de originele toestand van
het toestel, voor u het defecte toestel inlevert of opstuurt. Mochten deze door u aangebrachte onderdelen bij teruggave van het toestel ontbreken, zijn wij hiervoor niet aansprakelijk.
11. Bestelling van reserveonderdelen
De snelste, eenvoudigste en voordeligste manier om reserveonderdelen te bestellen, is via internet. Op onze website www.tip-pumpen.de vindt u een comfortabele onderdelenshop waar u met slechts enkele clicks onderdelen kunt bestellen. Bovendien vindt u op deze website uitgebreide informatie en handige tips over onze producten en accessoires, nieuwe toestellen en nieuwe trends en innovaties op het gebied van de pomptechniek.
Neem in geval van reclamaties en storingen contact op met uw verkoper. De meest actuele bedieningshandleiding kan, indien gewenst, als PDF per e-mail via:service@tip-pumpen.de worden aangevraagd.
Alleen voor EU-landen Gooi elektrische apparaten niet weg bij het huisvuil! Overeenkomstig de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende gebruikte elektrische en elektronische apparatuur en de omzetting in nationaal recht moeten gebruikte elektrische apparaten apart worden ingezameld en worden ingeleverd voor een milieuvriendelijke recycling. Bij vragen dient u contact op te nemen met uw lokaal afvalverwerkingsbedrijf.
Aanhangsel: Afbeeldingen
Vulopening voor water
Uitlaatopening voor water
Aan- /uit - schakelknop
HA: Aanzuighoogte HI: Afstand tussen wateroppervlak en ingang van de aanzuigleiding (min. 0,3 m)
Notice-Facile