SHARP KH6I19FTPPEU - Fornuis

KH6I19FTPPEU - Fornuis SHARP - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis KH6I19FTPPEU SHARP in PDF-formaat.

📄 56 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice SHARP KH6I19FTPPEU - page 22
Bekijk de handleiding : Français FR English EN Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SHARP

Model : KH6I19FTPPEU

Categorie : Fornuis

Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KH6I19FTPPEU - SHARP en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KH6I19FTPPEU van het merk SHARP.

GEBRUIKSAANWIJZING KH6I19FTPPEU SHARP

: Sonde de température de refroi- dissement défectueuse, appelez le service après-vente.NL - 1 INHOUD Veiligheidsinstructies Beschrijving van het apparaat. Kookoppervlak en bedieningspaneel van pitten Bediening van het apparaat In- en uitschakelen van het apparaat De kookzones in- en uitschakelen Smart Pause Restwarmte-indicator Automatische uitschakelfunctie Kinderslot Timer-functie Zoemer Boost-functie Hints en tips Installatie van het apparaat Veilige installatie De kookplaat in een werkblad integreren Een elektrische aansluiting maken Elektrische aansluitschemaNL - 2 VEILIGHEIDSWAARSCHU- WINGEN

KINGEN MET CIJFERS, TERWIJL

U DEZE GEBRUIKSAANWIJZING DO-

ORNEEMT. Algemene veiligheidswaarschu- wingen

  • Dit apparaat kan wor- den gebruikt door kin- deren van 8 jaar en ouder en personen met verminderde lic- hamelijke, zintuiglij- ke of verstandelijke vermogens of gebrek aan ervaring en ken- nis, zolang ze onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd over het gebruik van het ap- paraat op een veilige manier en op de ho- ogte zijn van het ge- vaar tijdens het geb- ruik. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud mag niet zonder toezicht door kinderen worden uit- gevoerd.
  • WAARSCHUWING: Het apparaat en toe- gankelijke onderdelen worden heet tijdens het gebruik. U dient ervoor te zorgen dat de hete onderdelen van het apparaat niet worden aangeraakt. Kinderen onder de 8 jaar dienen uit de buurt van het appara- at te blijven, tenzij ze continu onder toezicht staan.
  • WAARSCHUWING: Onbeheerd koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en kan leiden tot brand. NOOIT pro-NL - 3 beren om een brand met water te blussen, maar schakel het ap- paraat uit en bedek het vuur bijvoorbeeld met een deksel of een branddeken.
  • WAARSCHUWING: Brandgevaar: geen voorwerpen op de ko- okplaten bewaren.
  • WAARSCHUWING: Als het oppervlak is gebarsten, schakel dan het apparaat uit om de mogelijkheid van een elektrische schok te voorkomen.
  • Bij inductiekookplaten mogen metalen vo- orwerpen zoals mes- sen, vorken, lepels en deksels niet op het kookoppervlak gelegd worden, omdat deze heet kunnen worden.
  • Schakel inductieko- okplaten na gebruik uit via het bediening- spaneel en vertrouw hiervoor niet op de pandetectie.
  • Indien de kookplaten voorzien zijn van een deksel, dienen deze schoon te zijn voordat ze worden geopend. En ook het kookpla- atoppervlak dient te zijn afgekoeld, voor- dat het deksel erop wordt geplaatst.
  • Het apparaat is niet bedoeld om te worden bediend door middel van een externe timer of afzonderlijke afs- tandsbediening.
  • Gebruik geen agres- sieve schuurmiddelen of scherpe metalen schrapers om het glas van de ovendeur en andere oppervlaktes te reinigen omdat ze het oppervlak kunnen beschadigen, wat kan leiden tot het verbrij- zelen van het glas of schade aan het op-NL - 4 pervlak.
  • Geen stoomreinigers gebruiken voor het re- inigen van het appa- raat.
  • Uw apparaat is geproduceerd in overeenstemming met alle van to- epassing zijnde lokale en interna- tionale normen en voorschriften.
  • Onderhouds- en reparatiewerkza- amheden mogen alleen worden uitgevoerd door bevoegde onder- houdstechnici. Installatie- en repa- ratiewerk door onbevoegde tech- nici kunnen u in gevaar brengen. Het is gevaarlijk om de specifica- ties van het apparaat op enigerlei wijze te veranderen of te modifice- ren.
  • Zorg er voorafgaand aan de instal- latie voor dat de plaatselijke dist- ributie-omstandigheden (aard van het gas en de gasdruk of elektri- citeitsspanning en -frequentie) en de eisen van het apparaat compa- tibel zijn. De eisen voor dit appara- at staan vermeld op het etiket.
  • VOORZICHTIGHEID: Dit appara- at is alleen bedoeld voor het ko- ken van voedsel en voor huishou- delijk gebruik binnenshuis en mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden of in een andere toe- passing, zoals niet-huishoudelijk gebruik of in een commerciële om- geving of als verwarming.
  • Alle mogelijke veiligheidsmaatre- gelen zijn genomen om uw vei- ligheid te garanderen. Omdat het glas kan breken, dient u voorzich- tig te zijn bij het schoonmaken om krassen te voorkomen. Vermijd slaan of kloppen op het glas met accessoires.
  • Zorg ervoor dat het netsnoer niet wordt ingeklemd tijdens de ins- tallatie. Als het netsnoer is besc- hadigd, dient dit te worden ver- vangen door de fabrikant, zijn onderhoudsmonteur of personen met vergelijkbare kwalificaties om gevaar te voorkomen. Installatiewaarschuwingen
  • Gebruik het apparaat niet voordat deze volledig is geïnstalleerd.
  • Het apparaat dient te worden geïnstalleerd en in gebruik worden genomen door een erkende tech- nicus. De producent is niet verant- woordelijk voor eventuele scha- de, die veroorzaakt kan zijn door gebrekkige plaatsing en installatie door onbevoegden.
  • Wanneer u het apparaat uitpakt, zorg ervoor dat het niet is besc- hadigd tijdens het transport. In het geval van een defect; gebruik het apparaat niet en neem onmiddel- lijk contact op met een gekwalifi- ceerde onderhoudsmonteur. Om- dat de voor verpakking gebruikte materialen (nylon, nietmachines, piepschuim ... etc) schadelijke e󰀨ecten kunnen veroorzaken bij kinderen, dienen deze te worden verzameld en onmiddellijk worden verwijderd.
  • Bescherm uw apparaat tegen at- mosferische e󰀨ecten. Stel het ap- paraat niet bloot aan e󰀨ecten zo-NL - 5 als zon, regen, sneeuw enz.
  • De omringende materialen van het apparaat (kast) di- enen een temperatuur van 100 °C te kunnen doorstaan. De temperatuur van de onderkant van de kookplaat kan toenemen tijdens het functioneren ervan. Da- arom dient er een plank onder het product worden gemonteerd.
  • Plaats geen brandbare of ont- vlambare materialen op of in de buurt van het apparaat als het functioneert.
  • Verlaat de kookplaten niet tijdens het koken met vaste of vloeibare oliën. Deze kunnen in brand vli- egen bij extreme verhitting. Giet nooit water op de vlammen, die worden veroorzaakt door olie. Dek de pan met zijn deksel af om het vuur, dat is ontstaan, te doven en zet het fornuis uit.
  • Plaats pannen altijd op het cent- rum van de kookzone en draai de handgrepen naar een veilige posi- tie, zodat er niet tegen kan worden gestoten of deze kunnen worden gegrepen.
  • Haal de stekker uit het stopcontact als u het apparaat langere tijd niet gaat gebruiken. Zet de hoofdscha- kelaar uit. Bovendien adviseren wij u om de gasklep uit te draaien, als u het apparaat niet gebruikt.
  • Zorg ervoor dat de bedieningsto- etsen van het apparaat altijd in de '0'-stand (uit) staan, als het appa- raat niet wordt gebruikt. Tijdens het schoonmaken en onderhoud
  • Zet het apparaat altijd uit voordat er dergelijke werkzaamheden, zoals schoonmaken of onderho- ud, worden uitgevoerd. U kunt dit doen door de stekker van het ap- paraat uit het stopcontact te halen of door de hoofdschakelaars uit te zetten.
  • Verwijder niet de bedieningstoet- sen voor het reinigen van het be- dieningspaneel.

Inductieverwarmingselement Opmerking: Het uiterlijk van uw kookplaat kan misschien anders zijn dan het hierboven weergegeven model vanwege zijn configuratie.

BESCHRIJVING VAN DE KOOKPLAAT

Beste klant, Gelieve de gebruikershandleiding aandachtig te lezen voor gebruik van de kookp- laat. Bewaar de handleiding voor toekomstig gebruik. Kookoppervlak voor 4 pitten: BedieningspaneelNL - 7 Bedieningspaneel voor 4 pitten: 1-Temperatuurinstelling verhogen/timer

3- Pitselectie linksboven

5- Pitselectie rechtsboven

10- Pitselectie linksonder

12- Pitselectie rechtsonder

PARAAT Gebruik de inductiekookzones met geschikte kookgerei. Nadat de stroomvoorziening is aanges- loten, gaan alle displays even kort aan. Vervolgens staat de kookplaat in standby- modus en is hij klaar voor gebruik. De kookplaat wordt aangestuurd door elektronische sensoren die bediend worden door de desbetre󰀨ende sen- soren aan te raken. Elke keer dat een sensor wordt geactiveed, klinkt een ge- luidssignaal (zoemer). Het apparaat inschakelen: Zet de kookplaat aan door de AAN/ UIT-toets aan te raken Op alle pit- displays verschijnt een statische "0", terwijl de punten rechtsonder knippe- ren. (Indien binnen 20 seconden geen kookzone wordt geselecteerd, zal de kookplaat automatisch uitschakelen.) Het apparaat uitschakelen: U kunt de kookplaat op elk gewenst mo- ment uitschakelen door aan te raken. De AAN/UIT-toets heeft altijd prio- riteit bij de uitschakelfunctie. Vermogensbeheerfunctıe Dankzij de vermogensbeheerfunctie kan de gebruiker het maximale vermo- gen van de kookplaat instellen waar- door de vermogensgrens nooit wordt overschreden. Werking Als het totale vermogen de bijgestelde limiet overschrijdt, zorgt de vermo- gensbeheerfunctie voor de automatisc- he verlaging van de vermogenslimiet van de laatst geselecteerde kookzone. Vervolgens zal de display knipperen en het buzzersignaal weerklinken. Het vermogensniveau van andere kookzo- nes blijft hetzelfde. Na de inwerkingstelling van de kookp- laat verschijnt de standaardvermo- genslimiet gedurende 4-5 seconden op de display zoals in afbeelding A wordt aangegeven afbeelding A Afbeelding A Er zijn 4 verschillende vermogenslimie- ten beschikbaar (13 A,15 A,16 A,32 A) Vermogenslimiet Vereiste kabelgrootte 13 A min 3G1,5mm² 15 A min 3G1,5mm² 16 A min 3G1,5mm² 32 A min 3G2,5mm² De vermogenslimiet instellen; BELANGRIJK: als er een hogere vermogenslimiet dan de standaardver- mogenslimiet wordt ingesteld, moet het elektriciteitsnetwerk (kabel, stekker, zekering enz.) door een erkende technicus in overeenstemming met de plaatselijke regels worden gecontrole-NL - 9 erd en indien nodig worden vervangen. Na de inwerkingstelling van de kookp- laat is het in de eerste 60 seconden mogelijk om de vereiste vermogensli- miet met de volgende stappen in te stellen: After energizing the hob, in the first 60 seconds it is possible to set the requi- red power limit by following steps:

1. Eerst ziet u de standaardinstelling

op de display. (afbeelding A).

2. Schakel de kookplaat met de aan/

uit-knop in nadat deze instelling verd- wijnt 3 Druk gedurende 2-3 seconden tege- lijkertijd op de knoppen ‘A’ en ‘B’. De standaardvermogenslimiet zal opnieuw verschijnen.

4. Selecteer de vermogenslimiet door

op de knoppen ‘+’ en ‘-‘ te drukken.

5. Druk vervolgens gedurende 2-3 se-

conden tegelijkertijd op de knoppen ‘A’ en ‘B’. De kookplaat is nu klaar om met de nieuwe vermogenslimietinstelling te worden gebruikt. Deze instelling is altijd mogelijk en wordt tot de volgende verandering behouden

De kookzones inschakelen: Raak de pitselectietoets aan van de pit waarop u wilt gaan koken. Er verschijnt een statische punt op het display van de geselecteerde pit. De knipperende punten op de displays van de andere pitten gaan uit. Stel de gewenste temperatuur in met de verhoogtoets of verlaagtoets voor warm- teinstelling. De pit is nu klaar voor gebruik. Voor de snelste kooktijden selecteert u de gewenste ko- okstand, waarna u de P-toets aanraakt om de Boost-functie te activeren. De kookzones uitschakelen: Selecteer de pit die u wenst uit te schakelen door op de desbetre󰀨ende verlaagtoets voor warmteinstelling te drukken. Met de -toets verlaagt u de tempe- ratuur tot ''0''. (Door gelijktijd op de - en -toetsen te drukken, wordt de temperatuur ook ingesteld op ''0'') Als de kookzone nog heet is, verschijnt "H" op het display in plaats van "0". Alle kookzones uitschakelen: Raak de -toets aan om alle kookzo- nes tegelijkertijd uit te schakelen. In de standby-modus verschijnt er een "H" op het display van alle kookzones die nog heet zijn. Restwarmte-indicator: De restwarmte-indicator geeft aan dat de keramische plaat nog heet is en dat het gevaarlijk is om deze aan te raken rondom de kookzone.NL - 10 Nadat de kookzone is uitgeschakeld, verschijnt "H" op het desbetre󰀨ende display totdat deze kookzone voldoen- de afgekoeld is. Automatische uitschakelfunctie: Elke kookzone wordt uitgeschakeld na verloop van een ingestelde maximale gebruiksduur, indien de warmteinstel- ling niet gewijzigd wordt Elke verande- ring in de kookzone reset de maximale gebruiksduur naar de oorspronkelijke waarde van de beperkte gebruiksduur. De maximale gebruiksduur is afhanke- lijk van de geselecteerde temperatuur. Wacht tot 'F' verdwijnt voor alle zones, schakel de kookplaat in door aan te raken en ga verder met het gebruik. Warmte- instelling Automatische uits- chakelfunctie na

Kinderslot: Nadat de bediening is ingeschakeld, kan ook het kinderslot geactiveerd worden. Om het kinderslot te activeren, drukt u gelijktijdig op de verhoogtoets en verlaagtoets voor warm- teinstelling, waarna u opnieuw op de verhoogtoets drukt. Op alle pit- displays verschijnt een "L" (LOCKED, vergrendeld). Het apparaat kan niet bediend worden. (Als een kookzone nog heet is, verschijnen "L" en "H" om en om op het display.) De kookplaat blijft in de vergrendel- de toestand totdat deze ontgrendeld wordt, zelfs wanneer de bediening uit- en opnieuw ingeschakeld is. Om het kinderslot te deactiveren, schakelt u eerst de kookplaat in. Druk gelijktijdig op de verhoogtoets

verlaagtoets voor warmteinstelling, waarna u opnieuw op de verlaagtoets drukt. "L" verdwijnt uit de displays en de kookplaat wordt uitgeschakeld. Vergrendelingsslot De vergrendelingsfunctie is voor het blokkeren van functies en stelt het apparaat in een veilige modus in tijdens het gebruik. Wijzigingen door aanraking, zoals het verhogen van warmte-instel- lingen en andere wijzigingen, zijn dan niet mogelijk. Het is dan alleen mogelijk om het apparaat uit te schakelen. De vergrendelingsfunctie is actief als de vergrendelingstoets minstens 2 seconden wordt ingedrukt. Deze instelling wordt bevestigd door een zo- emersignaal. Na een succesvolle wer- king van meer dan 2 seconden gaat de vergrendelingsindicator knipperen en wordt de pit vergrendeld. Timer-functie: De timer-functie is uitgevoerd in twee versies:NL - 11 Kookwekker (1..99 min): De kookwekker kan bediend worden als de kookzones uitgeschakeld zijn. De timerdisplay toont "00" met een knipperende punt. Raak de timerinstellingstoets aan om de tijd te verlengen of raak aan om de tijd te verkorten. Het aan- passingsbereik ligt tussen 0 en 99 mi- nuten. Als de kookwekker gedurende 10 seconden niet wordt bediend, dan wordt deze ingesteld en verdwijnt de knipperende punt. Nadat de kookwek- ker is ingesteld, wordt de tijd afgeteld zoals ingesteld. Als de tijd voorbij is, klinkt er een sig- naal en knippert het timerdisplay. Het geluidssignaal stopt automatisch na 30 seconden en/of nadat eender welke toets is ingedrukt. De op de kookwekker ingestelde tijd kan te allen tijde gewijzigd of uitgescha- keld worden met de verhoogtoets en/of verlaagtoets . Als u de kookp- laat op welk moment dan ook uitscha- kelt door aan te raken, dan wordt de kookwekker ook uitgeschakeld. Kookzonetimer (1..99 min): Als de kookplaat is ingeschakeld, kan een onafhankelijke timer geprogram- meerd worden voor elke kookzone. Selecteer een kookzone, stel vervol- gens de temperatuur in en activeer als ten slotte de timerinstelling Met de -toets kan de timer geprog- rammeerd worden als uitschakelfunctie voor een kookzone. Er zitten vier leds rondom de timer. Deze geven aan voor welke kookzone de timer geactiveerd is. 10 seconden na de laatste werking zal de timer-display veranderen in de timer, die hierna het eerst zal aopen (indien meer dan 1 kookzone geprog- rammeerd is). Als de timer afgelopen is, klinkt er een geluidssignaal. Op de timerdisplay verschijnt een statische "00", terwijl de led van de betre󰀨ende kookzone knip- pert. De geprogrammeerde kookzone wordt uitgeschakeld en "H" verschijnt als de kookzone heet is. Het geluidssignaal en de knipperen- de timer-led stoppen automatisch na 30 seconden en/of nadat eender welke toets is ingedrukt. Zoemer: Terwijl de kookplaat in gebruik is, wor- den de volgende activiteiten aangeduid door middel van een zoemer: Normale activering van een toest met een kort geluidssignaal Voortdurende bediening van toetsen gedurende een langere tijd (10 se- conden) met een langer, onderbroken geluidssignaal. Boost-functie: Er dient een kookzone geselecteerd te worden, de gewenste kookstand dient ingesteld te worden en er dient opni- euw op de P (Boost)-toets gedrukt teNL - 12 worden. De Boost-functie kan geactiveerd wor- den als de inductiemodule de instelling op deze kookzone toestaat. Als de Boost- functie actief is, verschijnt een „P" op het desbetre󰀨ende display. Door de Boost-functie te activeren, kan het maximale vermogen overschreden wor- den. Dan wordt het geïntegreerde energie- managementsysteem geactiveerd. De noodzakelijke vermogensreductie wordt knipperend getoond op het disp- lay van de desbetre󰀨ende kookzone. Het knipperen is gedurende 3 secon- den actief en stelt u in staat de ins- tellingen aan te passen, alvorens het vermogen gereduceerd wordt. Smart Pause Als Smart Pause wordt geactiveerd, dan wordt het vermogen van alle pitten die zijn ingeschakeld gereduceerd. Als u Smart Pause deactiveert, dan keren de pitten automatisch terug naar het vorige warmteniveau. Als Smart Pause niet wordt geacti- veerd, dan schakelt de kookplaat na 30 minuten uit. Raak ( ) aan om Smart Pause te activeren. Het vermogen voor de geactiveerde pit(ten) wordt gereduce- erd tot niveau 1 en op alle schermen verschijnt “II”. Raak ( ) nogmaals aan om Smart Pause te deactiveren. “II” verdwijnt en de pitten keren nu terug naar het nive- au dat hiervoor ingesteld was.

  • Gebruik kookgerei met dikke, platte, gladde bodems met dezelfde diameter als de pit. Dit helpt de kooktijd reduceren.
  • Kookgerei van staal, geëmailleerd staal, gietijzer en roostvrij staal (indien juist gemerkt door de fabrikant) geeft de beste resultaten.
  • Bij kookgerei van geëmailleerd staal of met aluminium of koperen bodem kunnen metalen resten achterlaten op de kookplaat. Deze resten zijn moeilijk te verwijderen. Maak de kookplaat na elk gebruik schoon.
  • Kookgerei is geschikt voor inductieko- ken indien een magneet aan de onder- kant van het kookgerei blijft plakken.
  • Kookgerei dient centraal op de kookzone geplaatst te worden. Als het kookgerei niet op de juiste manier geplaatst is, verschijnt er een melding op het display.
  • Bij het gebruik van bepaalde pan- nen, kunnen verschillende geluiden te horen zijn. Dit heeft te maken met het ontwerp van de pannen en heeft geen invloed op de prestaties of veiligheid van de kookplaat. CORRIGEREN FOUTIEF
  • Inductiekookzones passen zich in ze- kere mate automatisch aan aan de gro- otte van de bodem van het kookgerei. Het magnetische deel van de bodem dient echter een minimale diameter te hebben, afhankelijk van de grootte van de kookzone.
  • Plaats het kookgerei op de kookzone voordat deze wordt ingeschakeld. Als de kookzone wordt ingeschakeld vo- ordat er kookgerei op geplaats wordt, werkt de kookzone niet. Dit wordt op het display getoond.
  • Gebruik een deksel om de kooktijd te reduceren.
  • Als vloeistof begint te koken, verlaag dan de temperatuurinstelling.
  • Beperk de hoeveelheid vloeistof of vet om de kooktijden te reduceren.
  • Selecteer de juiste temperatuurinstel- ling voor de kooktoepassingen. Voorbeelden van kooktoepas- singen De informatie in de volgende tabel is uitsluitend bedoeld als richtlijn. Instellingen Gebruiken voor

Delicate waarschuwing

Zachtjes sudderen, lang- zame waarschuwing

Opwarmen en snel sud- deren

Koken, sauteren en krachtig aanbraden

Boost-functie Schoonmaaktips

  • Gebruik geen schuursponsjes, bijtend reinigingsmiddelen, schoonmaaks- prays of scherpe objecten om de oppervlakken van de kookplaat schoon te maken.
  • Week aangebrande etenswaren los met een vochtige doek en afwasmid- del.
  • U kunt een schraper gebruiken voor etenswaren en resten. Verwijder kleverige etenswaren meteen als deze geknoeid worden, voordat het glas afgekoeld is.
  • Wees voorzichtig dat u de siliconen- lijm niet wegschraapt van de randen van het glas als u een schraper geb- ruikt.
  • De schraper is voorzien van een mes- je en moet daarom buiten het bereik van kinderen gehouden worden.
  • Gebruik een speciale keramische kookplaatreiniger als de kookplaat nog warm aanvoelt. Vervolgens spoelen en droogvegen met een schone doek of keukenpapier.

INSTALLATIE VAN HET APPARAAT

WAARSCHUWING: De elektrische aansluiting van deze ko- okplaat dient te worden uitgevoerd vol- gens de instructies in deze handleiding en in overeenstemming met de huidige regelgeving. In geval van schade ten gevolge van onjuiste aansluiting of ins- tallatie komt de garantie te vervallen. * Dit apparaat dient te zijn geaard.NL - 14 Veilige installatie

  • Indien er iets boven de kookplaat op- gehangen wordt, dient dit op minstens 65 cm erboven gehangen te worden.
  • De afzuigkap dient geplaatst te worden conform de instructies van de fabrikant.
  • De wand die in contact staat met de achterkant van de kookplaat dient vervaardigd te zijn uit vuurbestendig materiaal.
  • De stroomkabel mag niet langer zijn dan 2 meter. De kookplaat in een werkblad integreren
  • De kookplaat kan in eender welk werkblad geïntegreerd worden, als dit hittebestendig tot een temperatuur van minstens 90 ºC is.
  • Maak een opening met de afmetingen die staan aangegeven in de afbeelding hieronder en op de volgende pagina.
  • De inductiekookplaat kan geïntegreerd worden in werkbladen met een dikte van 25 tot 40 mm. W (mm) D (mm) H (mm)

Breng het meegeleverde eenzijdig zelfklevende afdichtplakband helemaal rond de glazen onderrand van de kookplaat langs de buitenrand van het keramische glaspaneel aan. Rek deze niet uit.NL - 16

  • Schroef de 4 werkbladmontagebeu- gels op de zijwanden van het product. Montagebeugel werkblad Een elektrische aansluiting maken Alvorens u een aansluiting maakt, controleert u of: de stroomvoorziening dezelfde is als is aangegeven op het typeplaatje op de achterzijde van uw kookplaat; het elektriciteitsnet de belasting van het apparaat aan kan (zie typeplaatje); de stroomvoorziening een aardverbin- ding heeft, die overeenstemt met de bepalingen van de huidige regelgeving en in goede staat verkeert; de gezekerde schakelaar gemakkelijk toegankelijk is, als de kookplaat is geïnstalleerd. Als er geen speciaal kookplaatcircuit en gezekerde schakelaar zijn, dienen deze te worden geïnstalleerd door een erkende elektricien voordat de kookp- laat wordt aangesloten. Op de groepenkast (hoofdzekeringen- kast) moet een geschikte goedgekeur- de kabel worden aangesloten die moet worden beveiligd door een geschikte zekering of een installatieautomaat. De elektricien dient te zorgen voor een ge- zekerde schakelaar voor alle polen, die zowel de inductiekabel als de nulgelei- der onderbreekt met een contactschei- ding van minstens 3,0 mm. De gezekerde schakelaar dient in de keukenmuur geplaatst te worden, boven het werkoppervlak en aan de zijkant van de kookplaat, en niet erboven - conform de IEE-regels. Sluit de gezekerde schakelaar aan op een aftakdoos, die op ongeveer 61 cm boven de vloer op de muur achter de kookplaat wordt bevestigd. De voe- dingskabel van de kookplaat kan ver- volgens aangesloten worden. Sluit een uiteinde aan op de aftakdoos en sluit het andere uiteinde aan op de aansluit- doos van de kookplaat, die zich aan de achterkant van de kookplaat bevindt. Verwijder het deksel van de aansluitdo- os en installeer de kabel conform het aansluitschema. De voedingskabel dient uit de buurt van directe warmtebronnen gepositi- oneerd worden. De temperatuur mag niet met meer dan 50 °C stijgen ten opzichte van de kamertemperatuur.NL - 17
  • •. U vindt het aansluitschema op de onderzijde van het apparaat. FOUTCODES Als er zich een fout voordoet, wordt een foutcode getoond op de pit- displays. E1: Koelventilator is uitgeschakeld, neem contact op met erkende onder- houdsmonteurs. E3: Voedingsspanning is hoger dan aangegeven waarden. Zet de kookp- laat uit door aan te raken, wacht tot “H” verdwijnt voor alle kookzones en zet de kookplaat weer aan door aan te raken. Zet het gebruik voort. Als dezelfde foutmelding weergegeven wordt, neem dan contact op met erkende onderho- udsmonteurs. E4: Netfrequentie verschilt van de aangegevenwaarden. Zet de kookplaat uit door aan te raken, wacht tot “H” verdwijnt voor alle kookzones en zet de kookplaat weer aan door aan te raken. Zet het gebruik voort. Als dezelfde foutmelding weergegeven wordt, trek dan de stekker uit het stop- contact en stop deze er weer in. Zet de kookplaat aan door aan te raken. Zet het gebruik voort. Als dezelfde melding wederom weergegeven wordt, neem dan contact op met erkende onderhoudsmonteurs. E5: Binnentemperatuur van de kookp- laat is te hoog. Zet de kookplaat uit door aan te raken en laat de pitten afkoelen. E6: Communicatiefout tussen touch- bedieningspaneel en pit. Neem contact op met erkende onderhoudsmonteurs. E7: Spoel van temperatursensor is uitgeschakeld, neem contact op met erkende onderhoudsmonteurs. E8: Koeler van temperatuursensor is uitgeschakeld, neem contact op met erkende onderhoudsmonteurs. 3x2,5 mm² 220V~ 3x2,5 mm² 230V~ 3x2,5 mm² 240V~ 5x1,5 mm² 380V 3N~ 5x1,5 mm² 400V 3N~ 5x1,5 mm² 415V 3N~