CA321255 - Fornuis CONSTRUCTA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CA321255 CONSTRUCTA in PDF-formaat.
| Merk | Constructa |
| Model | CA321255 |
| Producttype | Elektrische keramische kookplaat |
| Voeding | 230 V, 50 Hz |
| Aantal kookzones | 4 |
| Bedieningstype | Aanraakbediening |
| Hoofdfuncties | Hoofdschakelaar, kinderslot, automatische uitschakeling, restwarmte-indicator, basisinstellingen |
| Onderhoud en reiniging | Speciale reiniger voor keramische kookplaten, glasraket, zachte doek |
| Veiligheid | Kinderslot, automatische uitschakeling, oververhittingsbeveiliging |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Onderdelen verkrijgbaar via klantenservice, productnummer (E-Nr.) en fabricagenummer (FD) vereist |
| Afmetingen (B x D) | Ongeveer 60 x 52 cm |
| Gewicht | Ongeveer 6 kg |
| Algemene informatie | Gebruiksaanwijzing beschikbaar om te downloaden, meerdere talen |
Veelgestelde vragen - CA321255 CONSTRUCTA
Gebruikersvragen over CA321255 CONSTRUCTA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CA321255 - CONSTRUCTA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CA321255 van het merk CONSTRUCTA.
GEBRUIKSAANWIJZING CA321255 CONSTRUCTA
nl Gebruikershandleiding en installa- 37 tie-instructies

CA32125.
Raadpleeg de Digitale Gebruikersgids voor meer informatie.

Inhoudsopgave
GEBRUIKERSHANDLEIDING
1 Veiligheid. 37
2 Materielle schade voorkomen 39
3 Milieubescherming en besparing. 39
4Uwapparaatlerenkennen 41
5 De Bediening in essentie 41
6 Kinderslot 43
7 Automatische uitschakeling 43
8 Basisinstellingen 44
9 Reiniging en onderhoud 44
10 Storingen verhelpen 45
11 Afvoeren 46
12 Servicedienst 46
13 MONTAGEHANDLEIDING 46
13.1 Veilige montage 47

1 Veiligkeit
Neem de volgende verilgheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
Bewaar de gebruiksaanwijzingen, de apparaatpas en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
- Sluit het apparaat in geval van transportschade nicht aan.
1.2 Bestemming van het apparatusat
Apparaten zonder stekker mogen alleen door geschoold personeel worden aangesloten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak makeen op garantie.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
om voedsel en dranken te bereiden.
- onder toezicht. Houd kortstondige kookprocessen ononderbroken in het oog.
- voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
tot een hoogte van 2000 m boven zeeni-veau.
Gebruik het apparaat Niet:
met een externe timer of een separate afstandsbediening. Dit geldt nicht voor het geval dat de werkking middels de door EN 50615 genoemde apparaten worden uittgeschakeld.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinde- ren vanaf 8aar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijkke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zich onder toezicht staan of zich geinstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de waaruit resulterende bevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen nicht met het apparaat spel- len.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen nicht worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15aar of ouder zich en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen diejonger+zijn dan 8\ aar Niet bij het apparaat of de aansluitkabel\ kunnen+komen.
1.4 Veilig gebruik
WAARSCHUWING-Kans op brand!
Zonder toezicht koken op kookplaten met vet of olie kan gevaarlijk় en brand peroorzaken.
- Verlies hete oliën en vetten waarom nooituit het oog.
Nooit proberen om een vuur met water te blussen, maar het apparaat uitschakelen en dan de vlammen bijv. met een deksel of een blusdeken afdekken.
Het kookvlak wordt erg heet.
Nooit brandbare voorwerpen op het kookvlak of in de directe omgeving leggen.
Nooit voorwerpen op het kookvlak bewaren.
Het apparaat wordt heet.
Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen bewaren in laden direct onder de kookplaat.
Als de kookplaat worden afgedekt, kan dat ongelukken veroorzaken, bijvoorbeeld door oververhitting, in brand vliegen of ontploffende materialen.
Dek de kookplaat Niet af.
Levensmiddelen konnen vuur vatten.
Er moet toezicht worden gehonden op het kookproces. Een korte procedure要去 permanent worden gecontroleerd.
WAARSCHUWING-Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en zijn aanraakbare onderdelen heet, vooral een eventueel aanwezig kookplaatframe.
Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderenjonger dan 8aar moetenuit debuurt worden gehonden.
Kookplaatbeschemroosters kuren tot ongevalen leiden.
- Nooit kookplaatbeschemroosters gebruiken.
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
- Het apparaat voor het schoonmaken lately afkoelen.
De grepen van het kookgerei hunnen tijdens het gebruik heet worden. Als de grepen boven de verwarmingszone komen te liggen, hunnen de grepen bijzonder heet worden.
Altijd de volledige verwarmingszone met het kookgereik afdekken.
Een pannenlap gebruiken.
WAARSCHUWING-Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparations zijn gevaarlijk.
Alleen waarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparatus.
- Als het netsnoer van dit apparaat worden beschadigd, moet het door geschooldvakpersoneel worden verrangen.
Een beschadigd apparatus of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
Nooit een beschadigd apparatusat gebruiken.
Is het oppervlak gescheurd, dan het apparaat uitschakelen om een möglichke elektrische schok te vermijden. Hiervoor het apparaat Niet aan de hoofdschakelaar, maar via de zekering in de meterkast uitschakelen.
Contact opnemen met de servicedienst. Pagina 46
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hopedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Bij hete apparaatonderdelen kan de kabelisolate van elektrische apparaten smelten.
Zorg ervoor dat de aansluitkabel van elektrische apparaten nooit in contact komt met hete onderdelen van het apparatus.
WAARSCHUWING-Kans op letsel!
Wanner er vloeistof zit:tussen de bodem van de pan en de kookzone, kunnen kookpannen plotseling omhoog springen.
Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan.altijd droog+zijn.
WAARSCHUWING-Kans op verstikking!
Kinderen können verpakkingsmaterial over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmaterialui de buurt van kinderen honden.
Laat kinderen nicht met verpakkingsmateriaaal spelen.
Kinderen können keine onderdelen inademn of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen honden.
- Kinderen nicht met keine onderdelen latent spelena.
2 Materièle schade voorkomen
LET OP!
Door ruwe bodems van pannen ontstaan krassen op de glaskeramiek.
- Kookgerei controlleren.
Door droogkoken kan het kookgerei of het apparaat beschadigd raken.
- Nooit pannen zonder inhoud op een=hete kookzone zetten of laten droogkoken.
Verkeerd geplaatst kookgerei kan tot oververhitting van het apparaat leiden.
- Nooit hetekook-ofbakpannen op de bedienings-elementen of de kookplaatrand zetten.
Wanner er harde en puntige voorwerpen op de kookplaat vallen, kan deze beschadigd raken.
- Geen harde of puntige voorwerpen op de kookplaat latent vallen.
Hittegevoelige materialen smelten op de hete kookzones.
- Geen beschermingsfolie op de kookplaat gebruiken.
- Geen aluminiumfolie of kunststof vormen gebruiken.
2.1 Overzicht van de meest voorkomende schade
Hier vindt u de meest voorkomende schade en tips om deze te voorkomen.
Schade Oorzaak Maatregel
| Vlekken Overgelopen etenswaar | Overgelopen etenswaar onmiddelijk verwijderen met een schraper voor vitrokeramische kookplaat. |
| Schade Oorzaak Maatregel | ||
| Vlekken | Ongeschikte reinigingsmid-delen | Gebruik alleen reinigings-middelen die geschikt zich voor glaskeramiek. |
| Krassen | Zout, suiker of zand | Gebruik de kookplaat Niet als werkblad of plateau omiets neer te zetten. |
| Krassen | Ruwe bodems van pannen | Het kookgerei controle-ren. |
| Verkleu-ring | Ongeschikte reinigingsmid-delen | Gebruik alleen reinigings-middelen die geschikt zich voor glaskeramiek. |
| Verkleu-ring | Slijtage van pannen, bijv. aluminium | Pannen optillen om ze te verplaatsen. |
| Schelp-vormige beschadigung van het oppervlak | Suiker of sterk suikerhoudend voedsel | Overgelopen etenswaar onmiddelijk verwijdersen met een schraper voor vitrokeramische kookplaat. |
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kūnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheden afvoeren.
3.2 Energie bespare
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt het apparaat minder energia.
Een kookzone kiezen die bij de grotte van de pan past. Het kookgerei gecentreerdplaatsen.
Gebruik kookgerei met een bodem diameter die overeenkomt met de diameter van de kookzone.
Tip: Fabrikanten van kookgerei geen vaak de boven-diameter van de pan aan. Die is dikwijls groter dan de bodemdiameter.
- Niet-passend kookgerei of nicht volledig afgedekte kookzones verbruiken veel energia.
Pannen aufsluiten met een passend deksel.
- Wanner u zonder deksel kookt, heeft het apparaat aanzienlijk更是nergie nodig.
- Wonneer u het deksel oplicht, ontsnapt er veel energie.
Glazen deksel gebruiken. - Door het glazen deksel(Int)kunt u in de pan kijken zonder het deksel op te lichten.
Pannen met vlakke bodem gebruiken.
- Als de bodem nicht vlak is, worden het energieverbruik hoger.
Gebruik kookgerei dat past bij de hoeveelheid levensmiddel.
Groot kookgerei met weinig product heeft meer energie nodig om op te warmen.
Met weinig water koken.
- Hoe meer water er in het kookgerei zit, des te meernergie is er nodig om op te warmen.
Tijdig terugschakelen maar een lagere kookstand. - Met een te hoge doorkookstand verspilt u energia.
De restwarmte van de kookplaat gebruiken. Bij langere bereidingstijden de kookzone 5-10 minutes voor het einde van de bereidingstijd uitschaken.
- Onbenutte restwarmte verhoegt het energieverbruik.
Productinformatie conform (EU) 66/2014 vindt u op de meegeleveerde apparaatpas en op het intern op de productpagina van uw apparaat.
4 Uw apparatusl leren kennen
De gebruiksaanwijzing geldt voor verschillende kookplaten. De afmetingen van de kookplaten vindt u in het typeoverzicht. Pagina 2
4.1 Bedieningspaneel
Via het bedieningsveld kutu alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

4.2 Indications
De indications geben ingestelde waarden en functies aan.
Indicatie Naam
-9Kookstanden
H/Restwarmte
4.3 Touchvelden
Touch-velden zijn aanraakgevoelige oppervlakken. Om een functie te kiezen het betreffende veld selecteren.
| Touch- veld | Naam |
| ① | Hoofdschakelaar |
| -○ | Kinderslot |
| ○ | Keuze kookzone |
| - +Hnstelvelden | |
Opmerkingen
Houd het bedieningsspaneel algijd droog. Vocht heeft een nadelige invloed op de werking.
Zorg dat er geen pannen in de buurt van indications en touchvelden komen. De elektronica kan oververhit raken.
4.4 Restwarmte-indicatie
De kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicatie met twee standen. De kookzone Niet aanraken zolang de restwarmte-indicatie brandt.
| Indicatie Betekenis | |
| H | De kookplaat is zo heet dat ukleine ge-rechten kurz warmhouden of couvertu-res kurz smelten. |
| h | De kookzone is heet. |
5 De Bediening in essentie
5.1 Kookplaat inschakelen of uitschakelen
U schakelt de kookplaat met de hoofdschakelaar in enuit.
Wanner u de kookplaat binnen de eerste 4 seconden na het uitschakelen weein inschakelt, treedt hij in werk ing met de vorige instellen.
5.2 Kookplaat inschakelen
Op dippen.
Het indicatielampje bover ① brandt.
De indications branden.
De kookplaat is maar voor gebruik.
5.3 Kookplaat uitschakelen
Wanner alle kookzones een bepaaldeijd (10-60 se
conden) uitgeschakeld zich, worden de kookplaat automatisch uitgeschakeld.
Op dippen.
Het indicatielampje boven ① gaatuit.
Deindicativedewijnen.
Alle kookzones zijn uitgeschakeld.
De restwarmte-indicatie blijft verlicht totdat de kook-zones voldoende zich aufgekoeld.
5.4 Informatie over de kookzones
Donkere gedeelten in het gloeibeeld van de kookzone hebben een technische oorzaak. Ze zijn Niet van invloed op de werking van de kookzone.
De kookzone regelt de temperatuur door de verwarming in en uit te schakelen. Ook bij het hoogste vermogen kan de verwarming inschakelen en uitschakelen. Redenen:
- Gevoelige componenten worden beschermd gegen oververhitting.
- Het apparaat worden beschermd gegen elektrische overbelasting.
5.5 Instellen van de kookzones
Om een kookzone te{kunnen instellen, moet deze gekozen zich.
In het instelgedeelte stelt u de gewenste kookstanden in.
Kookstand
| 1 laagste stand |
| 9 hoogste stand |
| . Elke kookstand heeft een tussenstand, bijv. 4.. |
5.6 Kookstanden instellen
Vereiste: De kookplaat is ingeschakeld.
- Met Ode kookzone kiezen.
In de kookstandindicatie brand. - In de volgende 10 seconden op +of tippen.

De basisinstalling verschijnt.
-Keokstand 9
- keokstand 4
5.7 Kookstanden wijzigen
- Met Ode kookzone kiezen.
- Op +of tippen tot de gewenste kookstand verschijnt.
5.8 Kookzone uitschakelen
U kurz de kookzone op 2 manieren uitschakelen
- 2 keer op Otippen.
In de kookstandindicatie verschijn.
Na 10 seconden verschijnt de restwarmte-indicatie.
2. De kookzone kiezen en op tof tippen tot in de kookstandindicatie verschijnt.
Na 10 seconden verschijnt de restwarmte-indicatie.
Opmerking: De LAST ingestelde kookzone blijft geactiveerd. U kunt de kookzone instellen zonder opniew te hoeven kiezen.
5.9 Aanbevolen installingen om te koken
Hier krijgt u een overzicht van verschillende gerechten en de bijbehorende kookstanden.
De bereidingsstijd varieert afhankelijk van de soort, het gewicht, de dikte en de kwaliteit van de gerechten. De doorkookstand is afhankelijk van de gebruike pan.
Aanwijzingen voor de bereiding
Voor het aan de kook brengen kookstand 9 gebruiken.
Dikvloeibaar voedsel af en toe omroeren.
Levensmiddelen die nsel en heet worden aangebraden of waar bijijdens het aanbraden veel vloeistof vrijkomt, inkleine porties aanbraden.
Tips voor energiebesparend koken. Pagina 39
Smelten
| Gerecht Door- | kook-stand | Door-kookduur in minu-ten |
| Chocolade, couverture 1-1. - | ||
| Boter, honing, gelatine 1-2 - |
Verwarmen of warmhouden
| Eenpansgerecht, bijv. linzen-schotel | 1-2 - |
| Melk1 | 1.-2.- |
| Worstjes in water1 | 3-4 - |
| 1 Bereid het gerecht zonder deksel. | |
Ontdooien en opwarmen
| Spinazie, diepvries 2.-3. 10-20 |
| Goulash, diepvries 2.-3. 20-30 |
Gaarstoven of zachtjes laten koken
| Knoedels, balletjes1,2 | 4.-5. 20-30 |
| Vis1,2 | 4-5 10-15 |
| Witte saus, bijv. bechamelsaus | 1-2 3-6 |
| Geklopte sauzen, bijv. bearnai-sesaus of hollandisesaus | 3-4 8-12 |
1 Het water met afgesloten deksel aan de kook bredgen.
2 Kook het gerecht verder zonder deksel.
Koken, stomen of stoven
| Rijst met dubbele hoeveelheid 2-3 15-30 water | |
| 1 Het water met afgesloten deksel aan de kook bred-gen. | |
| 2 Kook het gerecht verder zonder deksel. | |
| Rijstepap 1.-2. 35-45 | |
| Aardappelen in schil 4-5 25-30 | |
| Gekooke aardappelen 4-5 15-25 | |
| Deegwaren, pasta1,2 | 6-7 6-10 |
| Eenpansgerecht, soep 3.-4. 15-60 | |
| Groente, vers 2.-3. 10-20 | |
| Groente, diepvries 3.-4. 10-20 | |
| Voedsel in de snugkookpan 4-5 - | |
| 1 Het water met afgesloten deksel aan de kook bren-gen. | |
| 2 Kook het gerecht verder zonder deksel. | |
| Suddenen | |
| Rollades 4-5 50-60 | |
| Stoofvlees 4-5 60-100 | |
| Goulash 2.-3. 50-60 | |
| Braden met weinig olie | |
| De gerechten zonder deksel braden. | |
| Schnitzel, al dan nicht gepa-neerd | 6-7 6-10 |
| Schnitzel, diepvries 6-7 8-12 | |
| Koteletten, al dan nicht gepaneerd1 | 6-7 8-12 |
| Steak, 3 cm dik 7-8 8-12 | |
| Frikadel, 3 cm dik1 | 4.-5. 30-40 |
| Hamburger, 2 cm dik1 | 6-7 10-20 |
| Borst van gezogelte, 2 cm dik1 | 5-6 10-20 |
| 1 Het gerecht meerere malen keren. | |
| Borst van bevogelte, diepvries1 | 5-6 10-30 |
| Vis of visfilet, ongepaneerd 5-6 8-20 | |
| Vis of visfilet, gepaneerd 6-7 8-20 | |
| Vis of visfilet, gepaneerd en diepvries, bijv. vissticks | 6-7 8-12 |
| Scampi, garnalen | 7-8 4-10 |
| Groente of paddestoen vers, sauteren | 7-8 10-20 |
| Groente of vlees in reepjes op Aziatische wijze | 7.-8. 15-20 |
| Pangerechten, diepvries | 6-7 6-10 |
| Pannenkoeken | 6-7 ononder-broken |
| Omelet | 3.-4. ononder-broken |
| Spiegeleieren | 5-6 3-6 |
| 1 Het gerecht meertere malen keren. | |
6 Kinderslot
Met het kinderslot kutn u voorkomen dat kinderen de kookplaat inschakelen.
6.1 Kinderslot inschakelen
Vereiste: De kookplaat is uitgeschakeld.
ca. 4 seconden ingedrukt houden.
De indicateboven - brandt 10 seconden.
De kookplaat is geblokkeerd.
Frituren
De levensmiddleslen in porties van 150-200 g in 1-2 l olie frituren. De gerechten zonder deksel bereiden.
| Diepvriesproducten, bijv. frites of chicken nuggets | 8-9 - |
| Krokten, diepvries | 7-8 - |
| Vlees, bijv.kip | 6-7 - |
| Vis, gepaneerd of in bierdeeg | 5-6 - |
| Groente of paddestoelen, gepa-neerd of in bierdeeg Tempura | 5-6 - |
| Klein gebak, bijv. beignets of Berlinerbollen, fruit in bierdeeg | 4-5 - |
7 Automatische uitschakeling
Als u de instellenen van een kookzone langeijd nicht wijzigt, worden de automatische uitschakeling actief. Het tijdstip waarop de kookzone worden uitgeschakeld, worden bepaald door de ingestelde kookstand (1 tot 10uur).
Het verwarmen van de kookzone worden uitgeschakeld. In de kookzone-indicatie knipperen afwisseled F8 en de restwarmte-indicatie H/h.
6.2 Kinderslot uitschakelen
ca. 4 seconden ingedrukt houden.
De blokkering is opgeheven.
6.3 Automatisch kinderslot
Met denen functie worden het kinderslot automatisch ingeschakeld wonneer u de kookplaat uitschakelt. Het automatische kinderslot kurz u in de basisinstelligen activeren. Pagina 44
7.1 Na automatische uitschakeling verdergaan met koken
- Op een willekeurig touchveld tippen.
Deindicatieverdwijnt. - Opniew instellen.
8 Basisinstallingen
U=kunt de basisinstellungen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
8.1 Overzicht van de basisinstallingen
Hier krijgt u een overzicht van de basisinstellenen en de vooraf ingestelde fabriekswaarden.
| Indica-tie | Keuze |
| c1 | Automatisch kinderslot |
| 0 - Uitgeschakeld1 | |
| 1 - Ingeschakeld | |
| 2 - Handmatig en automatisch kinderslot+zijnuitgeschakeld. | |
| c2Geluidssignaal | 0 - Bevestigingssignaal en het signaal Ver-keerde bediening+zijnuitgeschakeld. Hethoofdschakelaarsignaal blijf ingeschakeld. |
| 1 - Alleen het signaal Verkeerde bediening isingschakeld. | |
| 2 - Alleen het bevestigingssignaal is ingeschakeld. | |
| 3 - Bevestigingssignaal en het signaal Verkeerde bediening+zijn ingeschakeld.1 | |
| c3Keuzetijd van de kookzones | 0 - Onbegrensd: u(Int)kunt de Iaatst gekozenkookzone altijd instellen, zonder deze op-nieuw te hoeven selecteren.1 |
| 1 - U(Int)kunt de Iaatst gekozen kookzone binnen 10 seconden na het selecteren instellen.Daarna moet u de kookzone opnieuw selec-teren om deze in te stellen. | |
| c0 | Resettenaar de fabrieksinstelling |
| 0 - Uitgeschakeld1 | |
| 1 - Ingeschakeld | |
| 1 Fabrieksinstelling | |
8.2 Basisinstalling wijdigen
Vereiste: De kookplaat is uitgeschakeld.
- De kookplaat inschakelen.
- In de volgende 10 seconden -40seconden ingedrukt honden.

In het onderste display knipperenc en l afwisse-lend.
In het bovenste display brandt0.
3. Net zo vaak op tippen tot in het onderste display de gewenste individatie verschijnt.
4. In het instellegedeelte de gewenste waarde instellen.

- 4 seconden ingedrukt houden.
Deinstalling is geactiveerd.
Tip: Om de basisinstellungen zonder op te slaan af te sluiten de kookplaat uitschakelen met ① De kookplaat wee inschakelen en opniew instellen.
9 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
9.1 Reinigingsmiddelen
Geschikte reinigingsmiddelen en schraper voor vitrokeramische kookplaat�zijn verkrijgbaar bij de service-dienst, in de online-shop of in de vakhandel.
LET OP!
Ongeschikte reinigingsmiddelen konnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Nooit ongeschichte reinigingsmiddelen gebruiken.
Ongeschekte reinigingsmiddelden
Onverdund afwasmiddel
Reinigungsmiddelen voor de vaatwasser
Schuurmiddelen
Agressieve reinigingsmiddelen, bijv. ovensprays of vlekverwijderaars
- Krassende sponzen
Hogedrukreinigers of stoomstraalapparaten
9.2 Glaskeramiek reinigen
Reinig de kookplaat na elk gebruik om te voorkomen dat kookresten inbranden.
Opmerking: Neem de informatatie over de ongeschichte reinigingsmiddelen in acht. Pagina 44
Vereiste: De kookplaat is afgekoeld.
- Verwijder hardnekig vuil met een schraper voor vitrokeramische kookplaat.
- Reinig de kookplaat met een reinigingsmiddel voor glaskeramiek.
Houd u aan de reinigingsinstructies die op de verpakking van het reinigingsmiddel staan.
Tip: Met een speciale spon voor glaskeramiek kunt u goede reinigingsresultaten boeken.
9.3 Kookplaatrand reinigen
Reinig de kookplaatrand na het gebruik, als er vuil of vlekken op zitten.
Opmerkingen
- Neem de informatatie over ongeschichte reinigingsminderen in acht. Pagina 44
- Niet de schraper voor vitrokeramische kookplaat gebruiken.
- De kookplaatrand reinigen met warm zeepsop en een zachte doek. Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uittwassen.
- Met een zachte doek nadrogen.
10 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaatkest u zelf verhopen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatatie over het verhopen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING-Kans op letsel!
Ondeskundige reparatives zijn gevaarlijk.
Alleen geschoold vakpersoneel mag reparations aan het apparaat uitvoeren.
Bel de servicedienst als het apparaat defect is. "Servicedienst", Pagina 46
WAARSCHUWING-Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparatives zijn gevaarlijk.
Alleen waarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat worden beschadigd,要去 het door geschooldvakpersoneel worden verwangen.
WAARSCHUWING-Kans op brandwonden!
De kookzone warmt op, maar de individatie functioneert Niet
Schakel de zekering in de meterkast UIT.
Neem contact op met de klantenservice.
WAARSCHUWING-Kans op brand!
De kookplaat schakelt vanzelf uit en kan nicht meer worden bediend. Hij kan later per ongeluk worden ingeschakeld.
Schakel de zekering in de meterkast UIT.
Neem contact op met de klantenservice.
10.1 Aanwijzingen op het display
Storing Oorzaak en probleemoplossing
| Geen Stroomvoorziening is uitgevallen. | |
| 1. Controller in de meterkast de zekering voor het apparaat. | |
| 2. Controller aan de hand van andere elektrische apparaten of er spreke is van een stroomuitval. | |
| Alle indications knipperen | Bedieningspaneel is nat of er liggen voorwerpen op. ► Maak het bedieningspaneel droog of verwijder het voorwerp. |
| F2 | Op meerere kookzones is gedurende langereijd op een hove stand gekockt. Ter bescherming van de elektronica is de kookplaat uitgeschakeld. 1. Wacht enigeijd. 2. Tik op een willekeurig touchveld. ► Wanner de melding Nieteer verschijnt, is de elektronica voldoende afgekoeld. U kunt het koken voortzetten. |
| F 4Dndanks de uitschakeling met is de elektronica noqheter geworden. Daarom+zijn alle kookzones uitgeschakeld. 1. Wacht enigeijd. 2. Tik op een willekeurig touchveld. ► Wanner de melding Nieteer verschijnt, is de elektronica voldoende afgekoeld. U kunt het koken voortzetten. | |
| F 5En de kookstand knipperen afwisse-lend. Er klinkt een ge-luidssignaal. | Hete pan in de omgeving van het bedieningspaneel. De elektronica dreigt oververhit te ra-ken. ► Neem de pan weg. ► De individatie verdwijnt even later. |
Storing Oorzaak en probleemoplossing
| F 5en geluidssignaal | Hete pan in de omgeving van het bedieningspaneel. Ter bescherming van de elektronica is de kookzone uitgeschakeld. 1. Neem de pan weg. 2. Wacht enigeijd. 3. Tik op een willekeurig touchveld. ✓ Wanner de melding Nieteer verschijnt, is de elektronica voldoende afgekoeld. U kunt het koken voortzetten. |
| F 6de kookzone is te lang in gebruik geweest en is automatisch uitgeschakeld. U kunt de kookzone direct waar inschakelen. | |
| dE en kookzones worden nicht warm | Demomodus is geactiveerd. 1. Haal de stroom gedurende 30 seconden van het apparaat door de zekering in de meter-kast uit te schakelen. 2. Tik binnen de waaropvolgende 3 minuteu op een willekeurig touchveld. |
| Melding met "E"verschijnt in het display, bijv. E0111. | De elektronica heeft een fout geconstateerd. 1. Schakel het apparaat uit en werk in. ✓ Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding. 2. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geefijdens het telefoongesprek de exacte foulmeling door. → "Servicedienst", Page 46 |
11 Afvoeren
11.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijk afvoer hunnen waardevolle grondstoffen opniew worden gebrukt.
Voer het apparaat milieuvriendelijk af. Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoorn(Int) kunt u informatie verkrijgen over de actuèle afvoermethoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
12 Servicedienst
Originele verrangende onderdelen die relevant zich voor de werkinq in overeenstemming met de desbeteffende Ecodesign-verordening kut u voor de duur van ten minste 10aar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij once servicedienst verkrijgen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is Gratis.
Gedetailleerde informatatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kurz u opvragen bij once servicedienst, uw dealer of op once website. Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgeveens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op unsere website.
12.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatie vindt u:
op de apparaalpas.
aan de onderkant van de kookplaat.
Om uw apparataatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kurz u de gegevens noteren.
13 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparatus.

13.1 Veilige montage
Neem bij het monteren van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.
Elektrische aansluiting: alleen door een er-kend vakman. In geval van een verkeerde aansluiting komt de garantie te verrallen.
Alleen als de inbouw op deskundige wijze en conform dit installmentievoorschrift wordenuitgevoerd, is de veiligheid bij het gebruik gegarandeerd. Bij schade als bevolg van een nicht-deskundige inbouw is de monteur aansprakelijk.
13.4 Meubel voorbereiden
Het werkblad dient egaal, waterpas en stabel te zich.
- De inbouwmeubelen inclusief wandafsluitstrips moeten minstens 90^ hittebestendig zich.
- Een nisbekleding binnen 50~mm afstand tot de achterwand mag Niet brandaar zichn (bijv. tegels, steen).

13.5 Elektrische aansluiting
Ter bescherming het apparaat eerst uit de piepschuimverpakking halen, wonneer u het apparaat in de uitsparing drukt. Plaats het apparaat Niet rechtsop op een zijkant van het apparaat.
- Controller de elektrische installmente van de woning vó Rodrat u het apparaat aansluit.
- Het apparaat voldoet aan veiligheidsklasse I en mag alleen in combinatie met een geaarde aansluiting worden gezruikt.
- De geinstalleerde elektrische installmentie dient volgens de opbouwvoorschriften in de fasen te worden voorzien van een separator.
13.2 Onderbouw
Geen koelapparaten, vaatwasmachines, ovens zonder ventilatie en wasmachines onderbouwen.
Als u een oven onderbouwt, moet de werkbladdikte minstens 20mm bedragen, in sommige gevallen ook meer. Neem de aanwijzingen in de installmenthandleiding bij de oven in acht.
- Let erop dat uitstekende delen, zoals de behuizing of het snoer van de netaansluiting, Niet in botsing komen met bijoorbeeld een lade.
13.3 Tussenbodem
Wanner de onderkant van de kookplaat kan worden aangeraakt, moet er een tussenschot worden gemonteerd.
Informer in de vakhandel of er een tussenschot als accessoire verkriigbaar is.
Wanner u een eigen tussenschot gekruikt, moet de minimale afstand tot de netaansluiting van het apparaat 10 mm+zijn.
- De snijvlakken hittebestendig afdichten om te voorkomen dat het werkblad door vocht uitzet.

- Als op het display van het apparaat Uvsschijnt, is het verkeerd aangesloten. Scheid het apparaat van het net, controllere de aansluiting.
Aansluiting met 3-aderige leiding
Zorg voor een geschikte beveiliging van de huisinstallatie.
Neem de kleurcodering van de netaansluitkabel in.
acht.
Groen-geel is de aarddraad
Blauw is de nulleider.
Bruin is de fase (buitendraad).
- De kabel kan indien nodig door een meerfasige aansluitkabel worden verrangen. Bij het verrangen van de kabel volgende paragraaf in acht nemen.
Aansluiting zonder voorgemonteerde kabel
Sluit de kookplaat alleen aan volgens het aansluitschema.
Bouw indien nodig de meegeleverde koperbruggen in.
- De hoofdleiding moet van het type H05 VV-F of hooger zijin.
- De draaddiameter moet overeenkomstig de stroombelasting worden bepaald. Niet toegestaan is een diameter < 1.5 mm^2 .
Aansluiting met voorgemonteerde 5-aderige aansluitleiding
Alleen geschoold servicepersoneel mag de aansluitleiding verwisselen.
13.6 Kookplaat inbrengen
Zorg ervoor dat de aansluitkabel Niet beklemd raakt en Niet over scherpe randen worden geleid.
Is er een oven onder de kookplaat geplaatst, dan de leiding via de achechterste hoeken van de oven maar de aansluitdoos leiden.

- De kookplaat kan ook in een voorhanden 500 mm diep uitsparing worden ingebouwd.

13.7 Uitbouw van de kookplaat
- Maak het apparaat spanningsloos.
- De kookplaat er van onderaf uitdukken.