BT 131 - Boor STIHL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BT 131 STIHL in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - BT 131 STIHL
Gebruikersvragen over BT 131 STIHL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Boor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BT 131 - STIHL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BT 131 van het merk STIHL.
GEBRUIKSAANWIJZING BT 131 STIHL
Met betrekking tot deze handleiding 54
Veiligheidsaanwijzingen en werktechniek 54
Apparaat completeren 59
Gebruiksvoorschriften 66
Vastzittend boorgereedschap losdraaien 66
Luchtfilter vervangen 67
Motorkarakteristiek 69
Aandrijfmechanisme smeren 69
Apparaat opslaan 70
Onderhouds- en reinigingsvoorschriften 71
Slijtage minimaliseren en schade voorkomen 73
Belangrijke componenten 74
Technische gegevens 75 Reparatierichtlijnen 76
Milieuverantwoord afvoeren 76
EU-conformiteitsverklaring 77
STIHL
BT 131
Geachte cliënt(e),
Het doet ons veel genoegen dat u hebt gekozen voor een kwaliteitsproduct van de firma STIHL.
Dit product werd met moderne productiemethoden en onder uitgebreide kwaliteitscontroles gefabriceerd. Er is ons alles aan gelegen dat u tevreden bent met dit apparaat en er probleemloos mee kunt werken.
Wendt u zich met vragen over uw apparaat tot uw dealer of de importeur.
Met vriendelijke groet,

Dr. Nikolas Stihl
Op deze handleiding rust auteursrecht. Alle rechten blijven voorbehouden, vooral het recht op verspreiding, vertaling en verwerking met elektronische systemen.
Nederlands
Met betrekking tot deze handleiding
Symbolen
Symbolen die op het apparaat zijn aangebracht worden in deze handleiding toegelicht.
Afhankelijk van het apparaat en de uitrusting kunnen de volgende symbolen op het apparaat zijn aangebracht.

Benzinetank; brandstofmengsel van benzine en motorolie

Hand-benzinepomp bedienen

Boorrem
Codering van tekstblokken

WAARSCHUWING
Waarschuwing voor kans op ongevallen en letsel voor personen alsmede voor zwaarwegende materiële schade.

LET OP
Waarschuwing voor beschadiging van het apparaat of afzonderlijke componenten.
Technische doorontwikkeling
STIHL werkt continu aan de verdere ontwikkeling van alle machines en apparaten; wijzigingen in de leveringsomvang qua vorm, techniek en uitrusting behouden wij ons daarom ook voor.
Aan gegevens en afbeeldingen in deze handleiding kunnen dan ook geen aanspraken worden ontleend.
Veiligheidsaanwijzingen en werktechniek

Er zijn speciale veiligheidsmaatregelen nodig bij het werken met dit motorapparaat, omdat het een hoog koppel levert en het boorgereedschap regelmatig met een hoog toerental draait en scherpe snijkanten heeft.

De gehele gebruiksaanwijzing voor de eerste ingebruikneming aan-dachtig doorlezen en voor later gebruik goed opbergen. Het veronacht-zamen van de gebruiksaanwijzing kan tot levensgevaarlijke situ- aties leiden.
De nationale veiligheidsvoorschriften, bijv. van beroepsgroepen, sociale instanties, arbeidsinspectie en andere in acht nemen.
Wie voor het eerst met het motorapparaat werkt: door de verkoper of door een andere deskundige laten uitleggen hoe men hiermee veilig kan werken – of deelnemen aan een cursus.
Minderjarigen mogen niet met het motorapparaat werken – behalve jongeren boven de 16 jaar, die onder toezicht leren met het apparaat te werken.
Kinderen, huisdieren en toeschouwers op afstand houden.
Als het motorapparaat niet wordt gebruikt, het apparaat zo neerleggen dat niemand in gevaar kan worden gebracht. Het motorapparaat zo opbergen dat onbevoegden er geen toegang toe hebben.
De gebruiker is verantwoordelijk voor ongevallen die andere personen of hun eigendommen overkomen, resp. voor de gevaren waaraan deze worden blootgesteld.
Het motorapparaat alleen meegeven of uitlenen aan personen die met dit model en het gebruik ervan vertrouwd zijn – altijd de gebruiksaanwijzing meegeven.
Het gebruik van geluid producerende motorapparaten kan door nationale en ook plaatselijke, lokale voorschriften tijdelijk worden beperkt.
Wie met het apparaat werkt moet goed uitgerust en gezond zijn en een goede lichamelijke conditie hebben.
Wie zich om gezondheidsredenen niet mag inspannen, moet zijn arts raadplegen of het werken met een motorapparaat mogelijk is.
Alleen voor dragers van een pacemaker: het ontstekingsmechanisme van dit apparaat genereert een zeer gering elektromagnetisch veld. Beïnvloeding van enkele typen pacemakers kan niet geheel worden uitgesloten. Ter voorkoming van gezondheidsrisico's adviseert STIHL de behandelend arts en de fabrikant van de pacemaker te raadplegen.
Na gebruik van alcohol, medicijnen die het reactievermogen beïnvloeden of drugs mag niet met het motorapparaat worden gewerkt.
Het motorapparaat – afhankelijk van het gemonteerde boorgereedschap – alleen gebruiken voor het boren van gaten in de grond, in hout of ijs. De boorhartlijn zo kiezen dat de hendel van de boorrem zich tijdens het boren altijd tegen het bovenbeen van de gebruiker kan afzetten.
Voor andere doeleinden mag het motorapparaat niet worden gebruikt.
Voordat met de boorwerkzaamheden wordt begonnen, controleren dat er zich op de boorplek geen leidingen (bijv. voor gas, water, elektriciteit) bevinden:
- Informatie bij de lokale nutsbedrijven opvragen
- In geval van twijfel de aanwezigheid van leidingen met behulp van detectoren of proefopgravingen controleren
Alleen die boorgereedschappen of toebehoren monteren die door STIHL voor dit motorapparaat zijn vrijgegeven of technisch gelijkwaardige onderdelen. Bij vragen hierover contact opnemen met een geautoriseerde dealer. Alleen hoogwaardig gereedschap of toebehoren monteren. Als dit wordt nagelaten is er kans op ongelukken of schade aan het motorapparaat.
STIHL adviseert origineel STIHL gereedschap en toebehoren te monteren. Deze zijn qua eigenschappen optimaal op het product en de eisen van de gebruiker afgestemd.
Geen wijzigingen aan het apparaat aanbrengen – uw veiligheid kan hierdoor in gevaar worden gebracht. Voor persoonlijke en materiële schade die
door het gebruik van niet-vrijgegeven aanbouwapparaten wordt veroorzaakt, is STIHL niet aansprakelijk.
Voor het reinigen van het apparaat geen hogedrukreiniger gebruiken. Door de harde waterstraal kunnen onderdelen van het apparaat worden beschadigd.
Kleding en uitrusting
De voorgeschreven kleding en uitrusting dragen.

De kleding moet doelmatig zijn en mag tijdens het werk niet hinderen. Nauwsluitende kleding – combipak, geen stofjas.
Geen kleding dragen waarmee men aan takken, struiken of de bewegende delen van het apparaat kan blijven haken. Ook geen sjaal, das en sieraden dragen.

Lang haar in een paar- denstaart binden en dusdanig vastmaken, dat het zich boven de schou- ders bevindt.

Stevige schoenen met stroeve, slipvrije zolen dragen.
Nederlands

WAARSCHUWING

Om de kans op oogletsel te reduceren een nauw aansluitende veiligheidsbril volgens de norm EN 166 dragen. Erop letten dat de veiligheidsbril goed zit.
"Persoonlijke" gehoorbescherming dragen – zoals bijv. oorkappen.
Veiligheidshelm dragen bij gevaar voor vallende voorwerpen.

Robuuste werkhand- schoenen van slijtvast materiaal dragen (bijv. leer).
STIHL biedt een omvangrijk programma aan persoonlijke beschermuitrusting.
Motorapparaat vervoeren
Altijd de motor afzetten.
Voor transport over langere afstanden het boorgereedschap uitbouwen en het apparaat aan het handgreepframe dragen – hete machineonderdelen (bijv. de aandrijfkop) weggedraaid van het lichaam – kans op brandwonden!
In auto's: het motorapparaat tegen omvallen, beschadiging en tegen het weglekken van benzine beveiligen.
Tanken

Benzine is bijzonder licht ontvlambaar – uit de buurt blijven van open vuur – geen benzine morsen – niet roken.
Voor het tanken de motor afzetten.
Niet tanken zolang de motor nog heet is – de benzine kan overstromen – brandgevaar!
De tankdop voorzichtig losdraaien, zodat de heersende overdruk zich langzaam kan afbouwen en er geen benzine uit de tank kan spuiten.
Uitsluitend op een goed geventileerde plek tanken. Als er benzine werd gemorst, het motorapparaat direct schoonmaken – de kleding niet in aanraking laten komen met de benzine, anders direct andere kleding aantrekken.

Na het tanken de schroef-tankdop zo vast mogelijk aandraaien.
Hierdoor wordt het risico verkleind dat de tankdop door de motortrillingen losloopt en er benzine wegstroomt.

Op lekkages letten! Als er benzine weglekt de motor niet starten – levensgevaar door verbranding!
Voor het starten
Het motorapparaat op technisch goede staat controleren – het desbetreffende hoofdstuk in de gebruiksaanwijzing in acht nemen:
- Het brandstofsysteem op lekkage controleren, vooral de zichtbare onderdelen zoals bijv. de tankdop, slangaansluitingen, hand-benzinepomp (alleen bij motorapparaten met hand-benzinepomp). Bij lekkages of beschadiging de motor niet starten – brandgevaar! Het apparaat voor de ingebruikneming door een geautoriseerde dealer laten repareren
- De stopschakelaar moet gemakkelijk kunnen worden ingedrukt
- Goed werkende boorrem
- De chokeknop, de gashendelblokkering en de gashendel moeten goed gangbaar zijn – de gashendel moet automatisch in de stationaire stand terugveren. Vanuit de standen 1 en 2 van de chokeknop moet deze bij het gelijktijdig indrukken van de gashendelblokkering en de gashendel terugveren in de werkstand I
-
Bougiesteker op vastzitten controleren – bij een loszittende steker kunnen vonken ontstaan, hierdoor kan het vrijkomende benzine-luchtmengsel ontbranden – brandgevaar!
-
Geen wijzigingen aan de bedieningselementen en de veiligheidsinrichtingen aanbrengen
- De handgrepen moeten schoon en droog, vrij van olie en vuil zijn – belangrijk voor een veilige bediening van het motorapparaat
Het motorapparaat mag alleen in technisch goede staat worden gebruikt – kans op ongelukken!
Motor starten
Minstens op 3 m van de plek waar werd getankt – niet in een afgesloten ruimte.
Alleen op een vlakke ondergrond, op een stabiele en veilige houding letten.
Voor het starten de boorrem inschakelen. Het boorgereedschap zou anders kunnen meedraaien en de gebruiker zou de controle over de boormachine kunnen verliezen.
Het motorapparaat wordt door slechts één persoon bediend – geen andere personen toelaten in de directe werkomgeving – ook niet tijdens het starten.
Contact met het boorgereedschap (de boor) voorkomen – kans op letsel!
De motor niet 'los uit de hand' starten – starten zoals in de gebruiksaanwijzing staat beschreven.
Stationair toerental controleren: het boorgereedschap moet bij stationair toerental – bij losgelaten gashendel – stilstaan.
Licht ontvlambare materialen (bijv. houtspanen, boomschors, droog gras, benzine) uit de buurt van de hete uitlaatgassen en de hete uitlaatdemper houden – brandgevaar!
Apparaat vasthouden en bedienen

Het motorapparaat altijd met beide handen op de handgrepen vasthouden.
Altijd voor een stevige en veilige houding zorgen – de boorrem tegen het linker bovenbeen.
Handgrepen met de duimen stevig vastpakken, de linkerhand op de bedieningshandgreep.
Tijdens de werkzaamheden
Altijd voor een stabiele en veilige houding zorgen.
Bij dreigend gevaar, resp. in geval van nood direct de motor afzetten – stopschakelaar indrukken.
Andere personen buiten het werkgebied houden. Voldoende afstand ten opzichte van andere personen aanhouden – kans op ongelukken!
Op een correct stationair toerental letten, zodat het boorgereedschap na het loslaten van de gashendel niet meer meedraait.
Regelmatig de instelling van het stationair toerental controleren, resp. corrigeren. Als het boorgereedschap bij stationair toerental toch meedraait, het stationair toerental door een geautoriseerde dealer laten instellen. STIHL adviseert de STIHL dealer.
Let op bij gladheid, regen, sneeuw, ijs, op hellingen, in oneffen terrein enz. – kans op uitglijden!
Op obstakels letten: boomstronken, wortels – struikelgevaar!
Bij gebruik van gehoorbeschermers moet extra omzichtig en bedachtzaam worden gewerkt – omdat geluiden die op gevaar wijzen (schreeuwen, alarmsignalen e.d.) minder goed hoorbaar zijn.
Op tijd rustpauzes nemen om vermoeidheid en uitputting te voorkomen – kans op ongelukken!
Rustig en met overleg werken – alleen bij voldoende licht en goed zicht. Voorzichtig werken, anderen niet in gevaar brengen.
Nederlands

Het motorapparaat produceert giftige uitlaatgassen, zodra de motor draait. Deze gassen kunnen geurloos en onzichtbaar zijn en onverbrande koolwaterstoffen en benzol bevatten. Nooit in afgesloten of slecht geventileerde ruimtes met het motorapparaat werken – ook niet met machines voorzien van katalysator.
Bij het werken in greppels, slenken of op plaatsen met weinig ruimte, steeds voor voldoende luchtventilatie zorgen. Levensgevaar door vergiftiging!
Bij misselijkheid, hoofdpijn, gezichtsstoornissen (bijv. kleiner wordend blikveld), gehoorverlies, duizeligheid, afnemende concentratie, de werkzaamheden direct onderbreken – deze symptomen kunnen onder andere worden veroorzaakt door een te hoge uitlaatgasconcentratie – kans op ongelukken!
Geluidsoverlast en uitlaatgasemissie zo veel mogelijk beperken – de motor niet onnodig laten draaien, alleen gas geven tijdens het werk.
Niet roken tijdens het gebruik en in de directe omgeving van het motorapparaat – brandgevaar! Uit het brandstofsysteem kunnen ontvlambare benzinedampen ontsnappen.
Tijdens het werk vrijkomend(e) stof, dampen en rook kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid. Bij sterke stof- of rookontwikkeling ademhalingsbescherming dragen.
Als het motorapparaat niet volgens voorschrift (bijv. door geweld van buitenaf, door stoten of vallen) werd uitgeschakeld, voor het opnieuw in gebruik nemen beslist controleren of dit in goede staat verkeert – zie ook "Voor het starten".
Vooral op lekkage van het brandstofsysteem en de goede werking van de veiligheidsinrichtingen letten. Motorapparaten die niet meer bedrijfszeker zijn, in geen geval verder gebruiken. In geval van twijfel contact opnemen met een geautoriseerde dealer.
Niet in de startgasstand werken – het motortoerental is bij deze stand van de gashendel niet regelbaar.
Het boorgereedschap en de boorspil alleen vastpakken als de motor is afgezet en het boorgereedschap stilstaat – kans op letsel!

Contact met stroomgeleidende kabels voorkomen – kans op elektrische schokken!
Het motorapparaat stevig vasthouden, zodat plotseling optredende schokken kunnen worden opgevangen – slechts met een geringe druk boren.

In een steenachtige bodem of op plaatsen waar veel wortels in de grond zitten uiterst voorzichtig te werk gaan.
Boorgaten afdekken en afzetten.
Voor het vervangen van de boor de motor afzetten en de boorrem inschakelen – kans op letsel!
Hete machineonderdelen, vooral de uitlaatdemper, niet aanraken – kans op brandwonden.
Voor het achterlaten van het apparaat – motor afzetten.
Het boorgereedschap regelmatig, met korte tussenpozen en bij merkbare wijzigingen direct op goede staat controleren! Beschadigde of botte boorgereedschappen en messen direct vervangen.
Trillingen
Langdurig gebruik van het motorapparaat kan leiden tot door trillingen veroorzaakte doorbloedingsstoornissen aan de handen ("witte vingers").
Een algemeen geldende gebruiksduur kan niet worden vastgesteld, omdat deze van meerdere factoren afhankelijk is.
De gebruiksduur wordt verlengd door:
- Bescherming van de handen (warme handschoenen)
- Rustpauzes
De gebruiksduur wordt verkort door:
- Bijzondere persoonlijke aanleg voor slechte doorbloeding (kenmerk: vaak koude vingers, kriebelen)
– Lage buitentemperaturen
- De mate van kracht uitgeoefend door de handen (stevig beetpakken beïnvloedt de doorbloeding nadelig)
Bij regelmatig, langdurig gebruik van het apparaat en bij het herhaald optreden van de betreffende symptomen (bijv. vingers kriebelen) wordt een medisch onderzoek geadviseerd.
Onderhoud en reparaties
Het motorapparaat regelmatig onderhouden. Alleen die onderhoudsen reparatiewerkzaamheden uitvoeren die in de handleiding staan beschreven. Alle andere werkzaamheden laten uitvoeren door een geautoriseerde dealer.
STIHL adviseert onderhouds- en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te laten uitvoeren. De STIHL dealers nemen regelmatig deel aan scholingen en ontvangen Technische informaties.
Alleen hoogwaardige onderdelen monteren. Als dit wordt nagelaten is er kans op ongelukken of schade aan het apparaat. Bij vragen contact opnemen met een geautoriseerde dealer.
STIHL adviseert originele STIHL onderdelen te monteren. Deze zijn qua eigenschappen optimaal op het apparaat en de eisen van de gebruiker afgestemd.
Bij reparatie-, onderhouds- en reinigingswerkzaamheden altijd de motor afzetten en de bougiesteker lostrekken – kans op letsel door het onbedoeld starten van de motor! – Uitzondering: afstelling carburateur en stationair toerental.
De motor mag bij een losgetrokken bougiesteker of bij een losgedraaide bougie niet met behulp van het
startmechanisme worden getornd – brandgevaar door ontstekingsvonken buiten de cilinder!
Het motorapparaat niet in de nabijheid van open vuur onderhouden en opslaan – brandgevaar door de brandstof!
De tankdop regelmatig op lekkage controleren.
Alleen in goede staat verkerende, door STIHL vrijgegeven bougies – zie "Technische gegevens" – monteren.
Bougiekabel controleren (goede isolatie, vaste aansluiting).
Controleer of de uitlaatdemper in een goede staat verkeert.
Niet met een defecte of zonder uitlaatdemper werken – brandgevaar! – Gehoorschade!
De hete uitlaatdemper niet aanraken – gevaar voor brandwonden!
De staat van de antivibratie-elementen beïnvloedt het trillingsgedrag – de antivibratie-elementen regelmatig controleren.
Apparaat completeren
Arrêteerhendel voor boorrem monteren

text_image
1 2 3 3 9912BA001 KN- Arrêteerhendel (1) in het klemstuk plaatsen
- Beugel (2) op de arrêteerhendel plaatsen
- Bevestigingsbouten (3) aanbrengen en vastdraaien
Nederlands
- Stootkussen (1) met de lippen (2) bij de sleufgaten in het handgreepframe haken
- Stootkussen naar boven draaien

text_image
3 3 3 99128A.003 KN- Het stootkussen met de klittenbandjes (3) op de draagbeugel fixeren – gaskabel niet inklemmen
Gaskabel afstellen
Na de montage van het apparaat of na een langere gebruiksduur kan het nodig zijn de gaskabelafstelling te corrigeren.
De gaskabel alleen afstellen bij een compleet gemonteerd apparaat.

● Gashendel in de volgasstand plaatsen
- Bout (pijl) in de gashendel tot aan de eerst voelbare weerstand rechtsom draaien. Daarna nogmaals een halve slag verder indraaien
Brandstof
De motor draait op een brandstofmengsel van benzine en motorolie.
! WAARSCHUWING
Direct huidcontact met benzine en het inademen van benzinedampen voorkomen.
STIHL MotoMix
STIHL adviseert het gebruik van STIHL MotoMix. Dit kant-en-klare brandstofmengsel bevat geen benzol, is loodvrij, kenmerkt zich door een hoog octaangetal en biedt altijd de juiste mengverhouding.
STIHL MotoMix is voor de langst mogelijke levensduur van de motor gemengd met STIHL tweetaktmotorolie HP Ultra.
MotoMix is niet in alle exportlanden leverbaar.
Brandstof mengen
LET OP
Brandstoffen die niet geschikt zijn of met een afwijkende mengverhouding kunnen leiden tot ernstige schade aan de motor. Benzine of motorolie van een mindere kwaliteit kunnen de motor, keerringen, leidingen en benzinetank beschadigen.
Benzine
Alleen benzine van een gerenommeerd merk met een octaangetal van minimaal 90 RON tanken – loodvrij of loodhoudend.
Benzine met een alcoholpercentage van meer dan 10% kan bij motoren met handmatig instelbare carburateurs storingen veroorzaken, daarom mag deze benzine voor deze motoren niet worden gebruikt.
Motoren met M-Tronic leveren met benzine met een alcoholpercentage tot 25% (E25) het volle motorvermogen.
Motorolie
Als brandstof zelf wordt gemengd mag alleen een STIHL tweetaktmotorolie of een andere hoogwaardige motorolie van de klasse JASO FB, JASO FC, JASO FD, ISO-L-EGB, ISO-L-EGC of ISO-L-EGD worden gebruikt.
STIHL schrijft de tweetaktmotorolie STIHL HP Ultra of een gelijkwaardige hoogwaardige motorolie voor om de emissiegrenswaarden gedurende de machinelevensduur te kunnen waarborgen.
Mengverhouding
Bij STIHL tweetaktmotorolie 1:50; 1:50 = 1 deel olie + 50 delen benzine
Voorbeelden
Hoeveelheid STIHL tweetaktolie 1:50 benzine
Liter Liter (ml)
1 0 ,
5 0,10 (100)
10 0,20 (200)
Hoeveelheid STIHL tweetaktolie 1:50 benzine
Liter Liter (ml)
15 0,30 (300)
20 0,40 (400)
25 0,50 (500)
- In een voor benzine vrijgegeven jerrycan eerst motorolie bijvullen en vervolgens benzine en goed mengen
Brandstofmengsel opslaan
Benzine alleen bewaren in voor benzine vrijgegeven jerrycans op een veilige, droge en koele plaats, beschermd tegen licht en zonnestralen.
Het brandstofmengsel veroudert – alleen de hoeveelheid die nodig is voor enkele weken mengen. Het brandstofmengsel niet langer dan 30 dagen bewaren. Door de inwerking van licht, zon, lage of hoge temperaturen kan het brandstofmengsel sneller onbruikbaar worden.
STIHL MotoMix kan echter tot zo'n 2 jaar probleemloos worden bewaard.
- De jerrycan met brandstofmengsel voor het tanken goed schudden
! WAARSCHUWING
In de jerrycan kan zich druk opbouwen – de dop voorzichtig losdraaien.
- De benzinetank en de jerrycan regelmatig grondig reinigen
De restbrandstof en de voor de reiniging gebruikte vloeistof volgens voorschrift en milieubewust opslaan en afvoeren!
Tanken

Apparaat voorbereiden

text_image
H L M 0000-GXX-0476-A0- De tankdop en de omgeving ervan voor het tanken reinigen zodat er geen vuil in de tank valt
- Het apparaat zo neerleggen dat de tankdop naar boven is gericht
Tankdop opendraaien

- Tankdop linksom draaien tot deze van de tankopening kan worden 2 genomen 0 )
- Tankdop wegnemen
Nederlands
Tanken
Bij het tanken geen benzine morsen en de tank niet tot aan de rand vullen.
STIHL adviseert het STIHL vulsysteem voor brandstof (speciaal toebehoren).
- Tanken
Tankdop dichtdraaien

- Tankdop aanbrengen
- Tankdop tot aan de aanslag rechtsom draaien en met de hand zo vast mogelijk aandraaien
Boorrem
Boorrem inschakelen

text_image
A 0000-GXX-1860-A0● Inschakelhendel in stand A plaatsen
- Tijdens het starten
- Bij stationair toerental
- Voor het losdraaien van een vastgelopen boorgereedschap
Als het boorgereedschap in een boorgat is vast komen te zitten (bijv. in wortels of stenen) draait de boormachine linksom – de arrêteerhendel wordt tegen het dijbeen van de gebruiker gedrukt en de boorrem wordt ingeschakeld.
Boorrem uitschakelen

text_image
B 0000-GXX-1861-A0● Inschakelhendel in stand B plaatsen
Werking van de boorrem controleren
De boorrem is aan natuurlijke slijtage onderhevig. Voor het begin van de werkzaamheden en na het losmaken van een vastgeklemd boorgereedschap moet regelmatig worden gecontroleerd of de boor nog goed functioneert.
Elke keer voor het begin van de werkzaamheden en na het losmaken van een vastgeklemd boorgereedschap
- Bij stationair toerental de boorrem inschakelen en kortstondig (max. 3 seconden) vol gas geven – het boorgereedschap mag niet meedraaien
Bij het niet functioneren van de boorrem moet deze direct door een geautoriseerde dealer worden gerepareerd - STIHL adviseert de STIHL dealer.
Boor monteren
- Motor afzetten en de boorrem inschakelen – zie "Boorrem"
● Boormachine neerleggen

text_image
1 2 3 3 9912BA010.KN● Borgpen (1) uit de boor trekken
- Boorgereedschap (2) zover op de boorspil schuiven tot de boringen (3) in lijn liggen
● De borgpen in de boring steken
- De veerklem van de borgpen zo omklappen dat deze over de boor valt
Motor starten/afzetten
Boorrem inschakelen

text_image
A 0000-GXX-1860-A0- De arrêteerhendel in stand A plaatsen. De boorrem is ingeschakeld en het boorgereedschap is geblokkeerd.
Bedieningselementen

text_image
3 1 2 0000-GXX-0477-A01 Gashendelblokkering
Nederlands
2 Gashendel
3 Stopschakelaar – met de werkstand en stopstand. Voor het uitschakelen van het contact moet de stopschakelaar ( ) worden ingedrukt – zie "Werking van de stopschakelaar en het contact"
Werking van de stopschakelaar en het contact
De niet-ingedrukte stopschakelaar staat in de werkstand: het contact is ingeschakeld – de motor is startklaar en kan worden gestart. Als de stopschakelaar wordt ingedrukt, wordt het contact uitgeschakeld. Nadat de motor is afgeslagen, wordt het contact automatisch weer ingeschakeld.
Motor starten

text_image
9 8 0000-GXX-0478-A0- Balg (9) van de hand-benzinepomp ten minste 5-maal indrukken – ook als de balg met benzine is gevuld
- Chokeknop (8) indrukken en in de betreffende stand draaien tot deze vastklikt
bij koude motor
bij warme motor – ook als de motor reeds heeft gedraaid, maar nog koud is
Starten

- Het apparaat zo op de grond plaatsen dat het stabiel ligt
● Controleren dat de boorrem is ingeschakeld - Een veilige houding aannemen
- De linkervoet op het handgreepframe
- De linkerhand op het handgreepframe – hierbij noch de gashendel noch de gashendelblokkering aanraken – de duim ligt onder het handgreepframe
- Met de rechterhand de starthandgreep vastpakken
- De starchandgreep langzaam tot aan de eerst voelbare aanslag uittrekken en vervolgens snel en krachtig doortrekken

LET OP
Het koord niet tot aan het koorduiteinde uit de boring trekken – kans op breuk!
- De starchandgreep niet terug laten schieten – maar laten vieren zodat het startkoord correct kan worden opgerold
- Verder starten tot de motor draait
Zodra de motor draait

text_image
0000-GX-1558-A0- Gashendelblokkering indrukken en direct hierop de gashendel even aantippen – de chokeknop springt in de werkstand I

LET OP
De motor moet direct stationair gaan draaien – anders kan er, wanneer de boorrem is ingeschakeld, schade aan de koppeling optreden.

text_image
B 0000-GXX-1861-A0- Het apparaat op de punt van het boorgereedschap zetten
- De arrêteerhendel in stand B plaatsen – de boorrem is uitgeschakeld – de grondboormachine is klaar voor gebruik

WAARSCHUWING
Bij een correct afgestelde carburateur mag het boorgereedschap bij stationair toerental niet meedraaien!
Het apparaat is klaar voor gebruik.
Motor afzetten
- De stopschakelaar indrukken – de motor stopt – de stopschakelaar loslaten – de stopschakelaar veert terug
Verdere aanwijzingen met betrekking tot het starten
De motor slaat in de koudestartstand of bij het accelereren af.
- De chokeknop in stand plaatsen – verder starten tot de motor draait
De motor start niet in de warmestartstand
- De chokeknop in stand 1 plaatsen – verder starten tot de motor draait
De motor slaat niet aan
● Controleren of alle bedieningselementen correct zijn afgesteld
- Controleren of de tank met benzine is gevuld, zo nodig tanken
- Controleren of de bougiesteker stevig op de bougie is gedrukt
- Startprocedure herhalen
- De chokeknop in stand I plaatsen – verder starten tot de motor draait
Alle benzine werd verbruikt
- Na het tanken de balg van de hand-benzinepomp ten minste 5-maal indrukken – ook als de balg met benzine is gevuld
- De chokeknop afhankelijk van de motortemperatuur instellen
● Motor opnieuw starten
Gebruiksvoorschriften Vastzittend boorgereedschap Werken met boorverlengstuk (speciaal toebehoren)
Gedurende de eerste bedrijfsuren
Het nieuwe apparaat tot aan de derde tankvulling niet onbelast met hoge toerentallen laten draaien, om te voorkomen dat er tijdens de inloopfase extra belasting optreedt. Gedurende de inloopfase moeten de bewegende delen op elkaar inlopen – in de motor heerst een hogere wrijvingsweerstand. De motor levert zijn maximale vermogen pas na 5 tot 15 tankvullingen.
Tijdens de werkzaamheden
De motor nog even stationair laten draaien als hij voordien lange tijd onder vollast heeft gedraaid, tot de meeste warmte door de koelluchtstroom is afgevoerd. Dit om te voorkomen dat de componenten op de motor (ontstekingssysteem, carburateur) door warmteophoping te zwaar worden belast.
Na de werkzaamheden
Als het werk even wordt onderbroken: De motor laten afkoelen. Het apparaat met gevulde benzinetank op een droge plaats, niet in de buurt van ontstekingsbronnen, opbergen tot het moment dat het apparaat weer wordt gebruikt. Bij langdurige stilstand – zie "Apparaat opslaan".
Het boorverlengstuk pas monteren als de diepte van het boorgat overeenkomt met de maximale boorlengte.
⚠ WAARSCHUWING
Het aanzetten van een boorgereedschap met gemonteerd boorverlengstuk vergroot voor de gebruiker de kans op ongevallen, aangezien de boormachine zich dan op borsthoogte van de gebruiker bevindt en niet meer veilig onder controle kan worden gehouden. Om dezelfde reden moet ook eerst het boorverlengstuk worden verwijderd, alvorens het boorgereedschap volledig uit het boorgat te trekken.
losdraaien
Als het boorgereedschap klemt in het boorgat
● Motor direct afzetten
- Stopschakelaar indrukken – de motor stopt – de stopschakelaar loslaten – de stopschakelaar veert terug

text_image
A 0000-GXX-1860-A0- Inschakelhendel in stand A plaatsen – de boorrem is ingeschakeld
- De complete boormachine linksom draaien tot het boorgereedschap weer vrij loopt
- Na het losmaken van het vastgelopen boorgereedschap de werking van de boorrem controleren – zie "Boorrem"
Luchtfilter vervangen
De levensduur van het filter bedraagt gemiddeld meer dan een jaar. Het filterdeksel niet demonteren en het luchtfilter niet vervangen zolang er geen merkbaar vermogensverlies optreedt.
Als het motorvermogen merkbaar afneemt
- Stootkussen op het draagbeugelframe verwijderen

text_image
0000-GXX-0482-A0- Chokeknop in stand 1 draaien
● Bouten (1) losdraaien
● Filterdeksel (2) wegnemen - Het grove vuil rondom het filter verwijderen
● Filter (3) wegnemen
● Vervuilde of beschadigde filters vervangen - Beschadigde onderdelen vervangen
Filter aanbrengen
- Het nieuwe filter in het filterhuis plaatsen en het filterdeksel aanbrengen
- De schroeven aanbrengen en vastdraaien
- Stootkussen monteren – zie "Apparaat completeren"
De carburateur van het apparaat is af fabriek zo afgesteld dat de motor onder alle bedrijfsomstandigheden wordt voorzien van een optimaal benzine-luchtmengsel.
stationair toerental instellen

text_image
H L LA 0000-GXX-0485-A0Motor slaat bij stationair toerental af
● Motor ca. 3 min. warm laten draaien
- Aanslagschroef stationair toerental (LA) langzaam rechtsom draaien, tot de motor gelijkmatig draait – het boorgereedschap mag niet meebewegen
Het boorgereedschap draait bij stationair toerental mee
- Aanslagschroef stationair toerental (LA) langzaam linksom draaien, tot het boorgereedschap niet meer draait, vervolgens 1/2 tot 3/4 slag in dezelfde richting verder draaien
Nederlands

WAARSCHUWING
Als het boorgereedschap na de uitgevoerde afstelling bij stationair toerental niet stil blijft staan, het motorapparaat door een geautoriseerde dealer laten repareren.
Bougie
- Bij onvoldoende motorvermogen, slecht starten of onregelmatig stationair toerental eerst de bougie controleren.
- Na ca. 100 bedrijfsuren de bougie vervangen – bij sterk ingebrande elektroden reeds eerder – alleen door STIHL vrijgegeven, ontstoorde bougies gebruiken – zie "Technische gegevens"
Bougie uitbouwen

text_image
1 2 3 0000-GX 0537-A0- Afdekkap (1) losschroeven
● Bougiesteker (2) lostrekken
● Bougie (3) losdraaien
Bougie controleren

text_image
000BA039 KN A● Vervuilde bougie reinigen
- Elektrodeafstand (A) controlleren en zo nodig afstellen, waarde voor elektrodeafstand – zie "Technische gegevens"
- Oorzaken van de vervuiling van de bougie opheffen
Mogelijke oorzaken zijn:
- Te veel motorolie in de benzine
- Vervuild luchtfilter
- Ongunstige bedrijfsomstandigheden

text_image
000BA045 KN 1! WAARSCHUWING
Bij een niet vastgedraaide of ontbrekende aansluitmoer (1) kunnen vonken worden gevormd. Als in een licht brandbare of explosieve omgeving wordt gewerkt, kunnen brand of
explosies ontstaan. Personen kunnen ernstig letsel oplopen of er kan materiële schade ontstaan.
- Ontstoorde bougies met een vaste aansluitmoer monteren
Bougie monteren
● Bougie (3) vastdraaien
● Bougie (3) met behulp van de combisleutel vastdraaien
● Bougiesteker (2) vast op de bougie drukken
- Afdekkap (1) plaatsen en vastschroeven
Motorkarakteristiek Aandrijfmechanisme smeren
Als ondanks het onderhoud aan het luchtfilter, de correcte afstelling van de carburateur en gaskabel, het motorgedrag niet optimaal is, kan dit ook te wijten zijn aan de uitlaatdemper.
De uitlaatdemper bij de geautoriseerde dealer op vervuiling (koolaanslag) laten controleren!
STIHL adviseert onderhouds- en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te laten uitvoeren.
Het tandwielvet elke 50 bedrijfsuren controleren en indien nodig smeren:

text_image
1 9912BA019 KN● Schroefdop of afsluitplug (1) losdraaien

text_image
2 99128A020 KN- Als er aan de binnenzijde van de afsluitplug (1) geen vet zichtbaar is: tube (2) met STIHL tandwielvet (speciaal toebehoren) in de boring schroeven
- Ca. 5 5 - 10 g (1/5 - 2/5 oz.) tandwielvet uit de tube (2) in de aandrijfkop/het aandrijfmechanisme drukken

LET OP
De aandrijfkop/het aandrijfmechanisme niet geheel met vet vullen.
Nederlands
- Tube (2) losdraaien
- De afsluitplug (1) aanbrengen en vastdraaien
Apparaat opslaan
Bij buitengebruikstelling vanaf ca. 3 maanden
- Het boorgereedschap verwijderen
- De benzinetank op een goed geventileerde plaats aftappen en reinigen
- De brandstof volgens de voorschriften en milieuwetgeving opslaan
- De motor laten draaien tot hij uit zichzelf afslaat, als dit wordt nagelaten kunnen de carburateurmembranen vastplakken
- Het apparaat grondig reinigen
- Het apparaat op een droge en veilige plaats opslaan. Beschermen tegen onbevoegd gebruik (bijv. door kinderen)
Onderhouds- en reinigingsvoorschriften
| Onderstaande gegevens zijn gebaseerd op normale bedrijfsomstandigheden. Onder zware omstandigheden (veel stofoverlast enz.) en bij langere dagelijkse werktijden dienen de gegeven intervallen navenant te worden verkort. | Voor begin van de werkzaamheden | Na beëindigen van de werk- zaamheden, resp. dagelijks | Na elke tankvulling | Wekelijks | Maandelijks | Jaarlijks | Bij storingen | Bij beschadiging | Indien nodig | |
| Complete machine | visuele controle (staat, lekkage) X | X | ||||||||
| reinigen X | ||||||||||
| beschadigde onderdelen vervangen X | X | |||||||||
| Boorrem | werking controleren X | X | ||||||||
| reinigen door geautoriseerde dealer ^1) | X | |||||||||
| Bedieningshandgreep werking controleren | X | X | ||||||||
| Luchtfilter | visuele controle X X | |||||||||
| vervangen ^2) | X | X | ||||||||
| Hand-benzinepomp (indien gemonteerd) | controleren X | |||||||||
| laten repareren door geautoriseerde dealer ^1) | X | |||||||||
| Aanzuigmond in de benzinetank | laten controleren door geautoriseerde dealer ^1) | X | ||||||||
| laten vervangen door geautoriseerde dealer ^1) | X | X | X | |||||||
| Benzinetank reinigen X | X | |||||||||
| Carburateur | stationair toerental controleren, de boor spil mag niet meedraaien | XX | ||||||||
| Stationair toerental instellen X | ||||||||||
| Bougie | elektrodeafstand afstellen X | |||||||||
| elke 100 bedrijfsuren vervangen | ||||||||||
| Aanzuigopeningen voor koellucht | visuele controle X | |||||||||
| reinigen | X | |||||||||
| Cilinderribben | laten reinigen door geautoriseerde dealer ^1) | X | ||||||||
Nederlands
| Onderstaande gegevens zijn gebaseerd op normale bedrijfsomstandigheden. Onder zware omstandigheden (veel stofoverlast enz.) en bij langere dagelijkse werktijden dienen de gegeven intervallen navenant te worden verkort. | Voor begin van de werkzaamheden | Na beëindigen van de werk- zaamheden, resp. dagelijks | Na elke tankvulling | Wekelijks | Maandelijks | Jaarlijks | Bij storingen | Bij beschadiging | Indien nodig | |
| Klepspeling | bij vermogensverlies of sterk toegeno-men startkracht, de klepspeling controleren en zo nodig laten afstellen door geautoriseerde dealer ^1) | X | ||||||||
| Verbrandingsruimte elke 150 bedrijfsuren | laten reinigen door geautoriseerde dealer ^1) | X | ||||||||
| Vonkenrooster in uitlaatdemper, Afhankelijk van de exportuitvoering gemonteerd | controleren X | X | ||||||||
| reinigen, resp. vervangen X X | ||||||||||
| Bereikbare bouten, schroeven en moeren (behalve stelschroeven) | natrekken X | |||||||||
| Antivibratie-elementen | controleren X | X | X | |||||||
| laten vervangen door geautoriseerde dealer ^1) | X | |||||||||
| Smering aandrijfkop/aandrijfmechanisme | controleren X | |||||||||
| bijvullen X | ||||||||||
| Boorspil reinigen X | ||||||||||
| Boorgereedschap | controleren X | |||||||||
| vervangen X X | ||||||||||
| Mes van het boorgereedschap | controleren X | |||||||||
| omkeren, resp. vervangen X X | ||||||||||
| Veiligheidssticker | vervangen X | |||||||||
1) STIHL adviseert de STIHL dealer
2) Alleen als het motorvermogen merkbaar afneemt
Slijtage minimaliseren en schade voorkomen
Het aanhouden van de voorschriften in deze handleiding voorkomt overmatige slijtage en schade aan het apparaat.
Gebruik, onderhoud en opslag van het apparaat moeten net zo zorgvuldig plaatsvinden als staat beschreven in de handleiding.
De gebruiker is zelf verantwoordelijk voor alle schade die door het niet in acht nemen van de veiligheids-, bedienings- en onderhoudsaanwijzingen wordt veroorzaakt. Dit geldt in het bijzonder voor:
- Niet door STIHL vrijgegeven wijzigingen aan het product
- Het gebruik van gereedschappen of toebehoren die niet voor het apparaat zijn vrijgegeven, niet geschikt of kwalitatief minderwaardig zijn
- Het niet volgens voorschrift gebruikmaken van het apparaat
- Gebruik van het apparaat bij sportmanifestaties of wedstrijden
- Vervolgschade door het blijven gebruiken van het apparaat met defecte onderdelen
Onderhoudswerkzaamheden
Alle in het hoofdstuk "Onderhouds- en reinigingsvoorschriften" vermelde werkzaamheden moeten regelmatig worden uitgevoerd. Voorzover deze onderhoudswerkzaamheden niet door de gebruiker zelf kunnen worden
uitgevoerd, moeten deze worden overgelaten aan een geautoriseerde dealer.
STIHL adviseert onderhouds- en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te laten uitvoeren. De STIHL dealers worden regelmatig geschoold en hebben de beschikking over Technische informaties.
Als deze werkzaamheden niet of onvakkundig worden uitgevoerd kan er schade ontstaan waarvoor de gebruiker zelf verantwoordelijk is. Hiertoe behoren o.a.:
- Schade aan de motor ten gevolge van niet tijdig of niet correct uitgevoerde onderhoudswerkzaamheden (bijv. lucht- en benzinefilter), verkeerde carburateurafstelling of onvoldoende reiniging van de koelluchtgeleiding (inlaatsleuven, cilinderribben)
- Corrosie- en andere vervolgschade ten gevolge van onjuiste opslag
- Schade aan het apparaat ten gevolge van gebruik van kwalitatief minderwaardige onderdelen
Aan slijtage blootstaande onderdelen
Sommige onderdelen van het motorapparaat staan ook bij gebruik volgens de voorschriften aan normale slijtage bloot en moeten, afhankelijk van de toepassing en de gebruiksduur, tijdig worden vervangen. Hiertoe behoren o.a.:
- Boorrem
-
Koppeling
-
Boorgereedschappen
- Filter (voor lucht, benzine)
- Startmechanisme
- Bougie
- Dempingselementen van het antivibratiesysteem
Belangrijke componenten

text_image
1 2 3 4 5 6 # 7 8 9 10 11 12 13 14 15 0000-CGX-1863-A01 Stopschakelaar
2 Gashendelblokkering
3 Starthandgreep
4 Filterdeksel
5 Carburateurstelschroef
6 Tankdop
7 Afsluitplug
8 Uitlaatdemper met vonkenrooster 1)
9 Boorspil
10 Stootkussen
11 Chokeknop
12 Hand-benzinepomp
13 Afdekkap bougie
14 Gashendel
15 Arrêteerhendel voor boorrem
Machinenummer
Technische gegevens
Motor
STIHL eencilinder-viertaktmotor met mengsmering
Cilinderinhoud: 36,3 cm ^3
Boring: 43 mm
Slag: 25 mm
Vermogen volgens 1,4 kW (1,9 pk)
ISO 8893: bij 8500 1/min
Stationair toerental: 2800 1/min
Afregeltoerental: 9500 1/min
Klepspeling
Inlaatklep: 0,10 mm
Uitlaatklep: 0,10 mm
Ontstekingssysteem
Elektrodeafstand: 0,5 mm
Brandstofsysteem
Onafhankelijk van de stand werkende membraancarburateur met geïntegreerde benzinepomp
Inhoud benzinetank: 710 cm ^3 (0,71 l)
Booraandrijfkop
Aandrijfkop met rechte tandwielen en 2 snelheden
Overbrengingsverhouding: 47,5:1
Max. spiltoerental: 200 1/min
Max.koppel van
boorspil: 81 Nm
Smering: STIHL tand- wielvet voor motorzeisen
Gewicht
niet afgetankt en zonder
boorgereedschap: 10 kg
Afmetingen
Lengte met draagframe: 400 mm
Breedte met draagframe: 530 mm
Hoogte zonder boorgereedschap: 365 mm
Geluids- en trillingswaarden
Voor het bepalen van de geluids- en trillingswaarden is rekening gehouden met het stationair toerental en het nominale maximumtoerental in de verhouding 1:4.
Gedetailleerde gegevens m.b.t. de arbowetgeving voor wat betreft trillingen 2002/44/EG, zie www.stihl.com/vib
Geluiddrukniveau L _peq volgens ISO 11201
92 dB(A)
Geluidvermogensniveau L_weq volgens ISO 3744
100 dB(A)
Trillingswaarde a_hv,eq volgens ISO 20643
Grondboor 90 mm
Handgreep links: 1,7 m/s ^4
Handgreep rechts: 2,0 m/s ^2
Voor het geluiddrukniveau en het geluidvermogensniveau bedraagt de K--waarde volgens RL 2006/42/EG = 2,0 dB(A); voor de trillingswaarde bedraagt de K--waarde volgens RL 2006/42/EG = 2,0 m/s ^2 .
REACH
REACH staat voor een EG voorschrift voor de registratie, classificatie en vrijgave van chemicaliën.
Informatie met betrekking tot het voldoen aan het REACH voorschrift (EG) nr. 1907/2006 zie www.stihl.com/reach
Uitlaatgasemissiewaarde
De in de EU-
typegoedkeuringsprocedure gemeten CO₂-waarde staat weergegeven bij de voor het product specifieke technische gegevens bij www.stihl.com/co2.
De gemeten CO _2 -waarde werd op een representatieve motor volgens een genormeerde testprocedure onder laboratoriumomstandigheden bepaald
Nederlands
en vormt geen uitdrukkelijke of impliciete garantie van het vermogen van een bepaalde motor.
Door het in deze handleiding beschreven gebruik conform de voorschriften en onderhoud, wordt aan de geldende uitlaatgasemissie-eisen voldaan. Bij modificaties aan de motor vervalt de typegoedkeuring.
Reparatierichtlijnen Milieuverantwoord afvoeren
Door de gebruiker van dit apparaat mogen alleen die onderhouds- en reinigingswerkzaamheden worden uitgevoerd die in deze handleiding staan beschreven. Verdergaande reparaties mogen alleen door geautoriseerde dealers worden uitgevoerd.
STIHL adviseert onderhouds- en reparatiewerkzaamheden alleen door de STIHL dealer te laten uitvoeren. De STIHL dealers worden regelmatig geschoold en hebben de beschikking over Technische informaties.
Bij reparatiewerkzaamheden alleen onderdelen inbouwen die door STIHL voor dit apparaat zijn vrijgegeven of technisch gelijkwaardige onderdelen. Alleen hoogwaardige onderdelen monteren. Als dit wordt nagelaten is er kans op ongelukken of schade aan de apparaat.
STIHL adviseert originele STIHL onderdelen te monteren.
Originele STIHL onderdelen zijn te herkennen aan het STIHL onderdeelnummer, aan het logo STIHL ^ en, indien aanwezig, aan het STIHL onderdeellogo G_ (op kleine onderdelen kan dit logo ook als enig teken voorkomen.).
Bij het milieuvriendelijk verwerken moeten de nationale voorschriften met betrekking tot afvalstoffen in acht worden genomen.

text_image
000BA073 KNSTIHL producten behoren niet bij het huisvuil. STIHL producten, accu's, toebehoren en verpakking moeten worden ingeleverd voor een milieuvriendelijke recycling.
Actuele informatie betreffende het milieuvriendelijk verwerken van accu's is verkrijgbaar bij de STIHL dealer.
EU-conformiteitsverklaring
verklaart op eigen verantwoordelijkheid dat
Constructie: Grondboorma chine
Merk: STIHL
Type: BT 131
Serie-identificatie: 4313
Cilinderinhoud: 36.3 cm ^3
voldoen aan de betreffende bepalingen van de richtlijnen 2011/65/EU, 2006/42/EG en 2014/30/EU en in overeenstemming met de ten tijde van de productiedatum geldende versies van de volgende normen zijn ontwikkeld en geproduceerd:
EN ISO 12100, EN 55012, EN 61000-6-1
Bewaren van technische documentatie:
ANDREAS STIHL AG & Co. KG Productgoedkeuring
Het productiejaar en het machinenummer staan vermeld op het apparaat.
Waiblingen, 3-2-2020
Hoofd productgegevens, -voorschriften en goedkeuring
