CNS 125 S - Koekenpan STIEBEL ELTRON - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CNS 125 S STIEBEL ELTRON in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - CNS 125 S STIEBEL ELTRON
Download de handleiding voor uw Koekenpan in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CNS 125 S - STIEBEL ELTRON en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CNS 125 S van het merk STIEBEL ELTRON.
GEBRUIKSAANWIJZING CNS 125 S STIEBEL ELTRON
Inhoudsoverzicht Nederlands bladzijde 14 - 16
1. Gebruiksaanwijzing 14
1.1 Toestelbeschrijving
1.3 Veiligheidsaanwijzingen
1.4 Verzorging en onderhoud
Wat te doen als . . .? 15
2. Montageaanwijzing 15
2.1 Opbouw van het toestel
2.4 Elektrische aansluiting
1. Gebruiksaanwijzing voor de gebruiker en de installateur
Het gebruik van elektrische apparaten dient altijd gepaard te gaan met de nodige voor- zichtigheid, om een mogelijk risico van brand, elektrische schokken of letsel uit te sluiten. Daarom mag het toestel uitsluitend worden gebruikt zoals beschreven in deze gebruiks- aanwijzing. Ieder gebruik dat afwijkt van de aanbevelingen van de fabrikant kan schade of letsel veroorzaken. De juiste afstemming tussen de warmtebe
hoefte in de ruimte en de verwarmingscapa- citeit van het toestel dient in acht te worden genomen. Vóór het gebruik van het toestel dient de vol
ledige gebruiksaanwijzing te worden gelezen en de hierin opgenomen aanwijzingen betref- fende de juiste omgang met het toestel in acht te worden genomen. Deze gebruiksaanwijzing dient zorg- vuldig te worden bewaard en aan een eventuele nieuwe eigenaar te worden over- handigd. Bij eventuele reparatiewerkzaam- heden dient een installateur te worden ge- raadpleegd.
1.1 Toestelbeschrijving
De CNS is een elektrisch-direct verwarmings- toestel dat uitsluitend is bestemd voor wand- montage. Het is bijvoorbeeld geschikt als com- plete verwarming in badkamers of als over- gangsverwarming voor kleinere ruimten zoals hobbykamers en logeerkamers. Serie CNS-S Na bevestiging aan de wand en elektrische aansluiting door middel van een netsaansluit- leiding is het toestel klaar voor gebruik. Serie CNS-U Na bevestiging aan de wand en elektrische aansluiting door middel van een vaste aanslui- ting via een wisselstroomnet (landelijke voor- schriften in acht nemen) is het toestel klaar voor gebruik. Werking van het toestel De lucht in de convector wordt door een ver
warmingselement verwarmd en stroomt door de natuurlijke convectie via het luchtuitlaat- rooster (4) naar buiten. Door de openingen aan de onderzijde van het toestel stroomt koele lucht naar binnen. Veiligheidsvoorziening De convector is voorzien van een veiligheids- temperatuurregelaar (STR), die het toestel bij oververhitting uitschakelt. Nadat de oorzaak (bijv. afgedekt luchtuitlaat- of luchtinlaatroos- ter) is verholpen, wordt het toestel na een af- koelingstijd van enkele minuten weer in bedrijf gesteld.
Via schakelaar (1) aan de rechterzijde van het toestel kan de convector worden in- of uit- geschakeld. De gewenste ruimtetemperatuur kan met de temperatuurkeuzeknop (2) trap- loos worden ingesteld tussen ca. +6 °C en ca. +30 °C. Zodra de ingestelde ruimtetempera- tuur is bereikt, wordt deze door herhaaldelijk verwarmen constant op de ingestelde waarde gehouden (de verwarmingscapaciteit van het toestel moet hierbij ten minste overeenkomen met de warmtebehoefte in de ruimte). Wanneer meerdere verwarmingtoestellen in één ruimte aanwezig zijn, kan de instelling via de temperatuurkeuzeknop voor elk toestel verschillend zijn. Om bij een geopend venster een te hoog stroomverbruik te voorkomen, moet het toe
stel gedurende het ventileren via schakelaar (1) worden uitgeschakeld. Vorstbeveiliging Wanneer het toestel in de vorstvrij-stand moet worden gebruikt, dient de temperatuur- keuzeknop (2) volledig naar rechts ( ) te wor- den gedraaid. In deze stand schakelt de tem- peratuurregelaar de verwarming automatisch in wanneer de ruimtetemperatuur zakt tot ca. 6 °C. Begrenzing van de temperatuurrege
laar Met de beide pennen (3) aan de achterzijde van het schakelhuis kan de temperatuurrege- laar in een bepaalde instelling worden vastge- zet of kan het temperatuurinstelbereik wor- den begrensd.
C26_07_31_0038 Voor het vastzetten op een gewenste tempe- ratuur dient stift a in het tegenoverliggende gat te worden gestoken. Bij een begrenzing van het temperatuurinstel- bereik moeten de minimum- en maximum- waarde via de keuzeknop worden ingesteld en telkens door het plaatsen van stift b in een enigszins excentrische geplaatst tegenoverlig
gend gat worden gemarkeerd.
1.2.1 Externe ruimtetemperatuur-
regelaar Het toestel kan desgewenst met een in de handel verkrijgbare externe ruimtetempera- tuurregelaar worden bediend. Hierbij moet de temperatuurkeuzeknop (
volledig naar rechts (MAX) worden gedraaid. De ruimtetemperatuurregelaar moet zo ver mogelijk van het toestel en op een hoogte van ten minste1,5 m worden aangebracht.
1.2.2 Buiten bedrijf stellen
Voor het buiten bedrijf stellen van het toestel moet de schakelaar in de stand UIT worden gezet en moet het netsnoer uit de wandcon
tactdoos worden verwijderd (stekker niet aan de kabel uit de contactdoos trekken).
1.3 Veiligheidsaanwijzingen
Het toestel mag niet worden gebruikt: – in ruimten die als gevolg van de aanwezig- heid van chemicaliën, stof, gassen of dam- pen brand- of explosiegevaarlijk zijn; – in de onmiddellijke nabijheid van leidingen of opslagvoorzieningen die brandbare of explosieve stoffen voeren of bevatten; – wanneer de minimumafstanden tot aan- grenzende objectoppervlakken niet in acht worden genomen.
- De montage (elektrische installatie) alsmede de eerste inbedrijfname en het onderhoud van dit toestel mogen uitsluitend door een erkend installateur overeenkomstig deze ge
bruiksaanwijzing worden uitgevoerd.
- Het toestel mag in geen geval worden ge- bruikt wanneer in de opstelruimte werk- zaamheden zoals het aanbrengen, slijpen, verzegelen, reinigen met benzine en onder- houd (spray, boenwas) van vloeren en der- gelijke worden uitgevoerd.
- Het oppervlak van de toestelbehuizing en de uitstromende lucht worden tijdens het gebruik heet (meer dan 80 °C). Er is ver- brandingsgevaar! Houd kleine kinderen uit de buurt van het toestel!
- Er mogen geen voorwerpen op het toe- stel worden gelegd, er tegenaan worden geplaatst of tussen het verwarmingstoestel en de wand worden aangebracht (bijv. voor het drogen van was). Ook mogen in de onmiddellijke omgeving van het toestel geen brandbare, ontvlam- bare of warmte-isolerende voorwerpen of stoffen, zoals was, dekens, tijdschriften, blik- ken met boenwas of benzine, spuitbussen etc. worden gelegd. Ontbrandingsge- vaar! Om oververhitting van het verwar- mingstoestel te voorkomen, mag het toestel niet worden afgedekt. Het belangrijkste in het kort 1 AAN/UIT-schakelaar 2 Temperatuurkeuzeknop 3 Vergrendelpen15 Nederlands
2. Montageaanwijzing alleen voor de installateur
Opstelling en elektrische aansluiting dienen door een installateur met inachtneming van deze montageaanwijzing te worden uitge- voerd. Haal het toestel en eventuele toebehoren pas in de opstellingsruimte uit de verpakking. Let hierbij op de verpakkingsbijlage! Let er bij het uitpakken op dat er geen toe
behoren in het verpakkingsmateriaal achter- blijven.
2.1 Opbouw van het toestel
4 Warmeluchtuitlaatrooster 5 Wandhouder 6 Aanslagbout 7 Netsnoer 8 Typeplaatje
2.2 Voorschriften en bepalingen
Het toestel mag niet worden gebruikt: – in ruimten die als gevolg van de aanwezig- heid van chemicaliën, stof, gassen of dam- pen brand- of explosiegevaarlijk zijn; – in de onmiddellijke nabijheid van leidingen of opslagvoorzieningen die brandbare of explosieve stoffen voeren of bevatten;
- A Voor diverse soorten voorwerpen, bijv. meubels, gordijnen en textiel of andere brandbare of niet-brandbare materialen moeten de volgende minimumafstanden tot het toestel in acht worden genomen: tot het luchtuitlaatrooster ⇒ 500 mm tot de zijkanten van het toestel ⇒ 100 mm tot de bovenzijde van het toestel ⇒ 150 mm tot de onderzijde van het toestel ⇒ 100 mm tot de achterwand van het toestel ⇒ 26 mm De warme lucht moet ongehinderd kun- nen uitstromen!
- Het toestel mag niet als standverwarming worden gebruikt.
- Niet op het toestel gaan staan!
- Er mogen geen wijzigingen aan het toestel worden aangebracht.
- Het toestel mag nooit zonder toezicht in bedrijf worden gelaten.
- Bij gebruik van het toestel in aanwezigheid van kinderen, gehandicabte personen of dieren moet extra voorzichtig worden ge
handeld. Kans op letsel!
- Wanneer een onderdeel van het toestel beschadigd is, het toestel gevallen is of als er sprake is van een storing, mag het toestel niet in bedrijf worden genomen.
1.4 Verzorging en onderhoud
Wanneer enigszins bruine verkleuringen op de behuizing van het toestel zichtbaar worden, – wanneer de minimumafstanden tot aan- grenzende objectoppervlakken niet in acht worden genomen. In werkplaatsen of andere ruimten waar verbrandingsgassen, olie- of benzinegeur etc. optreden of waar met oplosmiddelen of chemicaliën wordt gewerkt, kunnen langdu- rige stankoverlast en eventuele verontreini- ging optreden.
- Het toestel mag uitsluitend worden aange
bracht op een verticale wand die tot ten minste 80 °C temperatuurbestendig is.
- Minimumafstanden tot aangrenzende objec- toppervlakken dienen in acht te worden ge- houden.
- Alle elektrische aansluit- en installatiewerk- zaamheden dienen te worden uitgevoerd conform de VDE-bepalingen (0100), de voorschriften van het verantwoordelijke energiebedrijf, alsmede de desbetreffende landelijke en regionale voorschriften.
- Het toestel mag niet onmiddellijk onder een wandcontactdoos worden aangebracht.
- Wanneer het toestel vast aan het wissel- stroomnet moet worden aangesloten, moet het met een contact afstand van ten minste 3 mm doppelpolig van het net kunnen wor- den losgekoppeld. Hiertoe kunnen relais, installatie automaat, zekeringen etc. worden gebruikt. Installatie via een vast aangebrachte aan- sluitkabel is niet toegestaan.
- Het typeplaatje van het toestel moet in acht genomen worden! De aangegeven spanning moet met de netspanning overeenkomen.
- Bij de installatie van het verwarmingstoestel in ruimten met badkuip en/of douche moet de beveiliging worden uitgevoerd conform VDE 0100 deel 701, in overeenstemming met de gegevens op het typeplaatje van het toestel.
- Het toestel moet zodanig worden aange- bracht, dat schakel- en regelvoorzieningen niet kunnen worden aangeraakt door een persoon die zich in de badkuip of onder de douche bevindt.
- De netaansluitleiding mag uitsluitend door een installateur worden vervangen door originele Stiebel Eltron reserveonderdelen.
2.3.1 Montage van de wandhouder
De wandhouder kan ook als montagemal worden gebruikt en zorgt hierbij voor de no
Controleer of . . . . . . de AAN/UIT-schakelaar is ingeschakeld. . . . in uw zekeringskast de desbetreffende zekering is ingeschakeld en of de installatie automaat is gedeactiveerd. Hef de oorzaak op! Mocht het verwarmingstoestel daarna nog niet warm worden, dient u een installateur te raadplegen! Controleer of het toestel is afgedekt, zodat oververhitting kan worden veroorzaakt (bijv. afgedekt luchtuitlaat- of luchtinlaatrooster). Hef de oorzaak op! Mocht het toestel na een afkoelingstijd van enkele minuten nog niet warm worden, dient u een installateur te raadplegen! Lees het type (Typ) en het nummer (Nr.) af van het typeplaatje (8) op het toestel en geef deze door aan de servicedienst!
- het toestel niet warm wordt?
- het toestel vanzelf uitschakelt?
- contact moet worden opgenomen met de storingsdienst? Wat te doen als . . . ? Typ: CNS . . . . Nr.: . . . . . . – . . . . – . . . . . . dienen deze zo snel mogelijk met een voch- tige doek en heet water met zeepsop te wor- den verwijderd. Het toestel dient in koude toestand met de gebruikelijke middelen te worden gereinigd. Schuurmiddelen en bijtende reinigingsmidde
len dienen te worden vermeden. Er mag geen vocht het toestel binnendringen. Er mag geen reinigingsspray in de luchtspleten worden gespoten. Bij regelmatig onderhoud adviseren wij ook de controle- en regelvoorzieningen te laten controleren. Uiterlijk 10 jaar na de eerste in
bedrijfname moeten veiligheids-, controle- en regelvoorzieningen door de installateur wor- den gecontroleerd.16 Technische gegevens Type CNS 50 S CNS 75 S CNS 100 S CNS 125 S CNS 150 S CNS 175 S CNS 200 S CNS 250 S CNS 300 S Hoogte mm 450 Breedte mm 370 445 445 590 590 740 740 890 1040 Diepte met wandhouder
Veiligheidsnorm IP 24, spatwaterdicht Goedkeuringen zie typeplaatje op toestel
3. Milieu en recycling
Recycling van oude toestellen Toestellen met dit kenmerk horen niet thuis in de vuilnisbak en zijn apart in te zamelen en te recyclen. De recycling van oude toestellen moet steeds vakkundig en volgens de ter plaatse geldende voorschriften en wetgeving plaats vinden. Aanspraak op garantie bestaat uitsluitend in het land waar het toestel gekocht is. U dient zich te wenden tot de vestiging van Stiebel Eltron of de importeur hiervan in het betreffende land. De montage, de electrische installatie, het onderhoud en de eerste inbedri- jfname mag uitsluitend worden uitgevoerd door gekwaliceerd personeel. De fabrikant is niet aansprakelijk voor de- fecte toestellen, welke niet volgens de bijge- leverde gebruiks -en montageaanwijzing zijn aangesloten of worden gebruikt.
dige afstand tot de vloer. Om het toestel te bevestigen, gaat u als volgt te werk: I Plaats de op het middelpunt gerichte wandhouder (5) horizontaal op de vloer, en markeer de met a en b aangeduide borin- gen op de montagewand; II Til de wandhouder omhoog, zodat de boringen b in de wandhouder zich ter hoogte van de zojuist aangebrachte marke- ringen op de montagewand bevinden; Markeer boringen c en d van de wandhou- der op de montagewand; Boor gaten bij alle vier de markeringen en bevestig de wandhouder met geschikte be- vestigingsmaterialen afhankelijk van het type wand (schroeven, pluggen). Met behulp van de verticale langgaten kan de wandhouder worden teruggeplaatst wanneer het geheel tijdens het boren verschuift.
De convector dient met de bevestigingsgleu
ven aan de achterzijde van het toestel tegelij- kertijd op de vier strips van de wandhouder te worden gehangen en ter vergrendeling te worden aangedrukt. Daarna dient de aanslag- bout (6) van de wandhouder rechtsom tot aan de aanslag te worden gedraaid, zodat de bevestiging wordt geborgd. Om de convector te demonteren moet het toestel na het losdraaien van de aanslagbout enigszins worden opgetild en vervolgens naar voren toe van de houder worden afgenomen.
2.4 Elektrische aansluiting
Het toestel mag uitsluitend worden aangeslo- ten op wisselstroom 230 V ~ 50 Hz. Voor de aansluiting moet op een afstand van ten minste 10 cm van de zijkant van het ver
warmingstoestel een wandcontactdoos wor- den aangebracht.
Leg de gebruiker de functies van het toestel uit. Wijs met name op de veiligheidsaanwij- zingen. Overhandig de gebruiks- en montageaanwij- zing aan de gebruiker.17 NederlandsEspañol
Notice-Facile