VVK26I12C0 - Fornuis VIVA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis VVK26I12C0 VIVA in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - VVK26I12C0 VIVA
Gebruikersvragen over VVK26I12C0 VIVA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding VVK26I12C0 - VIVA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. VVK26I12C0 van het merk VIVA.
GEBRUIKSAANWIJZING VVK26I12C0 VIVA
Belangrjke aanwijzingen. 22
Gereedmaken van de meubels waarin het apparaat worden gemonteerd, afbeeldingen 1/2/3/4. 22
Installeren van het apparatusat, afbeeldingen 5/6.23
Wijzigen van de vermogensintensiteit voor de aansluiting 13 / 16 / 20 Ampere, afbeeling 7. 23
Het apparatus demonteren 23
GEBRUKSAANWIJZING 24
Veiligheidsvoorschriften 24
Oorzaken van schade 25
Bescherming van het milieu 26
Milieuvriendelijk afvoeren 26
Tips om energia te besparen 26
Koken op Inductie 26
Voordelen van het Koken op Inductie 26
Pannen 26
Het apparatusl leren kennen 27
Het bedieningspaneel 27
De kookzones. 27
Restwarmte-indicator. 28
Programmeren van de kookplaat 28
De kookplaat in- en uitschakelen 28
Afstellen van de kookzone 28
Kooktabel 28
Kinderslot 30
Het kinderslot activeren en deactiveren. 30
Automatisch kinderslot 30
Functie Powerboost. 30
Activeren 30
Deactiveren 30
Timerfunctie 30
Een kookzone automatisch uitschakelen 30
De kookwekker 31
Automatische tijdslimiet 31
Basisinstellungen 31
Toegang tot de basisinstellungen. 32
Onderhoud en reiniging 32
Kookplaat 32
Omlijsting van de kookplaat 32
Repareren van storingen. 33
Normaal geluid tijdens de werking van het apparaat. 33
Servicedienst 34
INSTALLATIEVOORSCHRIFT
Montage


1

Belangrijke aanwijzingen
Veiligheid: de veiligheid gedurende het gebruik is alleen gegarandeerd indien de montage in technisch opzicht op correcte wijze en in overeenstemming met dit installmentievoorschrift uitgevoerd is. De installmenteur is aansprakelijk voor schade veroorzaakt door een ongeschikte montage.
Elektrische aansluiting: deze mag alleen worden uitgevoerd door een bevoegdvakman. Deze worden geregeld door de voorschriften van de elektriciteitsmaatschappij van de zone.
Type aansluiting: het apparaat behoort tot beschermingsklasse I en mag alleen worden gebruikt in combinatie met een aansluiting met aardgeleiding.
De fabrikant is nicht aansprakelijk voor de ongeschikte werkinq en de möglichke schade veroorzaakt door ongeschikte elektrische installations.
Installatie: het apparaat要去 worden aangesloten op een vaste installmentie waarin middelen voor uitschakeling+zijn ingebouwd, in overeenstemming met de reglementeringen van de installmentie.
Montage ingebouwd onder het werkblad: inductieplaten
mogen alleen worden geinstalleerd op een lade, ovens met
gedwonden ventilatie van hetzelfde merk of vaatwassers van
hetzelfde merk. Onder de kookplaatogen geen koelkasten,
ovens zonder ventilatie of wasmachines geinstalleerd worden.
Voedingskabel: zorg ervoor dat de voedingskabel nichtbekneld raakt of langs scherpe randen loopt. Indien er een oven onder gemonteerd is,That de kabel dan via de achefterste hoeken van de oven tot de aansluitkast lopen.Hij moet zo geplaatst worden dat er geen hete delen van de kookplaat of de oven geraakt worden.
Werkblad: vlak, horizontally, stabel. Volg de instructies van de fabrikant van het werkblad op.
Garantie: een ongeschichte installment, aansluiting of montage houdt het verlies van de geldigheid van de garantie van het product in.
Aanwijzing: Elke manipulatie in het apparaat, met inbegrip van de verranging van de voedingskabel, moet worden uitgevoerd door personeel van de Technische Dienst met een specifieke oppleiding.
Gereedmaken van de meubels waarin het apparaat worden gemonteerd, afbeeldingen 1/2/3/4
Inbouwmeubelen: ten minste bestand gegen een temperatuur van 90^ .
Vrijruimte:verwijder de spaanders na desnijwerkzaamheden.
Snijopperslakken: afdichten met hittebestendig materiaal.
Montage op de lade, afbeelding 2a
Metalen voorwerpen die zich in de lade bevinden kennen hog temperaturen bereiken, wat te wijten is aan lucktcirculatie afkomstig van de ventilatie van deplaat. Als dit gebeurt is het raadzaam om een tussensteun te gebruiken.
Tussensteun: u kunt een houten paneel gebruiken (afbeelding 3) of een geschikt accessoire aanschaffen bij once technische dienst. De referentiecode van dit accessoire is 686002.
Werkblad: moet een dikte hebben van ten minste 20~mm
De afstand:tussen de bovenzijde van de kookplaat en de bovenzijde van de lade moet 65~mm bedragen.
Montage op een oven, afbeelding 2b
Werkblad: moet een dikte hebben van ten minste 30~mm
Aanwijzing: Wanneer de afstand:tussen kookplaat en oven groter moet,zijn,raadpleeg dan het installmentievoorschrift bij de oven.
Ventilatie: de afstand:tussen de oven en de kookplaat dient minstens 5mm te bedragen.
Inbouw boven de vaatwasmachine
Er要去en tussengiggend accessoire geinstalleerd worden.
Dit accessoire要去 bij once technische Dienst besteld worden.
De referentiecode van dit accessoire is 686002.
Werkblad:要去 dikte hebben van ten minste 20mm en maximaal 40~mm .
De afstand:tussen de bovenzijde van de kookplaat en de bovenzijde van de vaatwasmachine moet bedragen:
60 mm als het op een compacte vaatwasmachine geinstalleerd worden.
65 mm als het op een nicht-compacte vaatwasmachine geinstalleerd worden.
Ventilatie, afbeelding 4
In verband met de ventilatie van de kookplaat zijn de volgende puntenoodzakelijk:
- een opening aan de bovenzijde van dechterwand van het meubel (afbeelding 4a).
ruimte tussen de achterzijde van het meubel en dekeukenwand (afbeelding 4b).
Installeren van het apparaat, afbeeldingen 5/6
Aanwijzing: Bij het inbouwen van de kookplaat dient uveiligheidshandschoenen te dragen. De Niet-zichtbare oppervlakken können scherpe kanten hebben.
Sluit het apparaat op de stroom aan en controllerer de werking.
Spanning, zie gegevensplaatje.
Sluit het alleen aan volgens het aansluitschema (afbeelding 6).
- Bruin
- Blauw
- Geel en groen
Wijzigen van de vermogensintensiteit voor de aansluiting 13 / 16 / 20 Ampere, afbeeling 7
Alvorens de planta voor het eerst in te schakelen,要去 u contraleren of de planta op de correcte vermogensintensiteit aangesloten is.
Om de vermogensintensiteit van de planta te wijzigen, moet u onderstaande stappen uitvoeren:
- Schakel de kookplaat in met de hoofdschakelaar. Plaats geen enkele pan op de kookzones.
- Stel tijdens de volgende 60 seconden alle kookzones op degewenste vermogensstand volgens de vereiste vermogensintensiteit, zie tabel.
| Vermogensstand Vermogensintensiteit in Ampère | |
| 1 | A 20- |
| 2 | A 16- |
| 3 | A 13- |
- Schakel de kookzones eén voor eenuit, beginnend bij de kookzone onderaan rechts, linksom.
- Op de visuelle indicator van de kookzones aan de rechterkant worden de geselecteerde vermogensintensiteit getoond.
- Schakel de kookplaatuit met de hoofdschakelaar.
De geselechte vermogensintensiteit wird correct bewaard.
Het apparatus demonteren
Sluit het apparaat af van het verdemailnet.
Neem de kookplaat UIT door van beneden af drukuit te oefenen.
Attentie!
Schade aan het apparaat! Probeer het apparaat Niet uit te nemen door hem van bovenaf uit te wippen.
Veiligheidsvoorschriften
Lees deze gelebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Berg de gelebruiksaanwijzing, het installmentievoorschrift en de apparaatpas goed op voor later gelebruik of om ze door te gehen aan volgende eigenaren.
Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan Niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat Niet, dan gaat elkrecht op een schadevergoeding verloren.
Dit apparaat moet worden geinstalleerd volgens het meegeleverde installmentevoorschrift.
Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht gebruikt worden. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.
Dek de kookplaat Niet af. Dit kan leiden tot ongevallen, bijv. door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal.
Gebruik geen ongeschikte
beweiligingsapparaten of tralles voor de bescherming van kinderen. Dit kan leiden tot ongevallen.
Dit apparaat is nicht bestemd voor gebruik met een externe tijsdschakelklok of een afstandbediening.
Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8aar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijk vermogens of personen die gebrek aan kennis oferving hebben, wanner zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust�n van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
Kinderen mogen Niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen Niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8aar of ouder zich en onder toezigt staan.
Zorg ervoor dat kinderen diejonger+zijn dan 8aaruit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.
Heeft u een pacemaker of soortgelijk medisch hulpmiddel geimplanteerd, dan dient u speciale voorzorgsmaatregelen in acht nemen bij het gebruiken of in de buurt komen van inductiekookplaten als die in werkung zich. Raadpleeg uw arts of de fabrikant van het hulpmiddel, om er zeker van te zich dat het voldoet aan de geldige regelgeving en informeer omtrent möglichke incompatibilititeit.
Risico van brand!
Hete olie en heet vet vatten snel vlam. Hete olie en heet vet nooit gebruiken zonder toezicht. Vuur nooit blussen met water. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken.
- De kookzones worden erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op de kookplaat leggen. Geen voorwerpen op de kookplaat leggen.
Het apparaat wordt heet. Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen bewaren in laden direct onder de kookplaat.
- De kookplaat schakelt vanzelf uit en kan nicht meer worden bediend. Hij kan later per ongeluk worden ingeschakeld. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Risico van verbranding!
- De kookzones en met name een eventeel aanwezige kookplaatomlijsting worden zeer heet. Raak de hete oppervlakken nooit aan. Zorgervoordater geen kinderen in de buurt zich.
- De kookzone warmth op, maar de indicatefte functioneert nicht Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Voorwerpen van metaal worden zeer nsel heet op de kookplaat. Leg nooit voorwerpen van metaal, zoals messen, vorken, lepels of deksels, op de kookplaat.
Schakel de kookplaat na elk gebruik alkijduit met de hoofdschakelaar. Wacht nicht totde kookplaat automatisch uitschakeltdoordat er geen pan op staat.
Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de verranging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici dieijken geinstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
Binnendringend vocht kan een schokveroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken. - Een defect toestel kan een schokveroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
- Scheuren of barsten in het glaskeramiek kuren schokken veroorzaken. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Gevaar voor beschadiging!
Dezeplaat is uitgerust met een ventilator, die zich aan de onderzijde bevindt. Indien er zich onder de kookplaat een lade bevindt,ogensaar geenkleine of papieren voorwerpen in worden bewaard. Als deze namelijk worden geabsorbeerd+kunnen ze de ventilator beschadigen of de koeling verslechteren.
Tussen de inhoud van de lade en de inlaat van de ventilator要去en afstand van ten minste 2 cm worden aangehouden.
Risico van letsel!
Bij de bereiding au-bain-marie{kunnen de kookplaat en kookvorm barsten door oververhitting. De au-bain-marie kookvorm mag Niet in direct contact komen met de bodem van de pan die met water is gemuld. Gebruik alleen hittebestendige vormen.
Wanner er vloeistof zit tussen de bodem van de pan en de kookzone kunnen kookpannen plotseling in de hoogte springen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan.altijd droog+zijn.
Oorzaken van schade
Attentie!
- Ruwe bodems van pannen kuren krassen op de kookplaatveroorzaken.
- Plaat nooit lege plannen op de kookzones. Dit kan schadeveroorzaken.
- Plaats geen hete pannen op het bedieningsspaneel, de indicatorzones of op de omlijing van de kookplaat. Dit kan schade veroorzaken.
■ Als er harde of scherpe voorwerpen op de kookplaat vallen, kan dit de plaat beschadigen.
Aluminiumfolie en plastic bakken smelten als ze op een hete kookzone gelegd worden. Het gebruik van beschemplaten op de kookplaat worden afgeraden.
Algemeen overzicht
In de onderstaande tabel vindt u de meest voorkomende vormen van schade:
Schade Oorzaak Maatregel
| Vlekken Gemorst voedsel Verwijder gemorst voedsel onmiddelijk met een glasschaper. |
| Ongeschikte reinigingsproducten Gebruik reinigingsproducten die geschikt zich voor kookplaten. |
| Krassen Zout, suiker en zand Gebruik de kookplaat Niet als werkoppervlak of steun. |
| Ruwe bodems van pannen kuren krassen op Controller de pannen. |
| de vitroceramische plaat veroorzaken |
| Verkleuringen Ongeschikte reinigingsproducten Gebruik reinigingsproducten die geschicht zich voor kookplaten. |
| Aanraking van de pannen Til kookpannen en koekenpannen op om ze te verplaatsen. |
| Afbladderingen Suiker, levensmiddelen met een hoog suikerge- Verwijder gemorst voedsel onmiddelijk met een glasschaper. halte |
Bescherming van het milieu
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijk manier af.

Dit apparatus is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlij geegt het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Tips om energia te besparen
-
Gebruik altijd het deksel dat overeenstemt met elke kookpan. Wanner zonder deksel gekookt worden, is aanzienlijk更是nergie nodig. Gebruik een glasdeksel om een goede zichtaarheid te hebben zonder dat u het deksel van de pan hoeft te nemen.
-
Gebruik pannen met een vlakke bodem. Bij een nicht vlakke bodem worden meer energia verbruikt.
- De diameter van de bodem van de pan moet overeenkomen met de afmeting van de kookzone. Opgelet: pannenfabrikanten duiden gewoonlijk de bovenste diameter van de pan aan, die meestal groter is dan de diameter van de bodem van de pan.
- Gebruik eenkleine pan voorkleinehoeveelheden. Een groete, weinig gevulde pan vereist veel energie.
- Gebruik weinig water voor het koken. Op deze wijze worden energie bespaard en blijven alle vitaminen en mineralen van de groenten behonden.
- Selecteer de laagste vermogensstand die het kookpunt behoudt. Met een te hoge stand worden energie verspild.
Koken op Inductie
Voordelen van het Koken op Inductie
Koken op Inductie betekent een radicale verandering van de traditionele wijze van verwarmen, aangezien de warmte rechtstreeks in de pan worden gegeneerd. Daarom biedt het eenaanal voordelen:
Tijdbesparing bij het koken en frituren; doordat de panrechtstreeks worden verwarmd.
Dit werkt energiebesparend.
Eenvoudiger in onderhoud en reiniging. Overgelopen voedingswaren verbranden minder nsel.
Warmte- en veiligheidscontrole; de planta levert energia of stopt de energietoevoer onmiddelijk als op de controknp wordt gedrukt. De inductiekookzone levert geen warmte meer af als de pan worden weggenomen, ook al worden het apparaat voor die tijd Niet uitgeschakeld.
Pannen
Uitsluitend geschickt voor inductiekoken zijn ferromagnetische paffenzoals van:
geemailleerd staal
gietijzer
speciale pannen voor inductie van roestvrij staal.
Kijk, om te weten of de pannen geschikt zich, of de bodem van de pan worden aangetrokken door een magneet.
Er bestaat een ander soort pannen special voor inductie, met een Niet geheel ferromagnetische bodem.

Bij het gebruik van grote pannen met een ferromagnetische zone met eenkleinere diameter,wordt enkel de ferromagnetische zone verwarmd,zodat de warmte nicht homogen kan worden verdoeffel.

Pannen met aluminium kookzones in de bodem verkleinen de ferromagnetische zone, zodat het geleverde vermogen lager kan zich en er problemen+kunnen ontstaan bij de detectie van de pan en het kan zichs�d deze nicht worden gedetecteerd.

Om goede kookresultaten te verkrijgen, is het raadzaam dat de diameter van de ferromagnetische zone van de pan is afgestemd op de maat van de kookzone. Als de pan op een kookzone Niet worden gedetecteerd, probeer hem dan op de zone met een ietskleinere diameter.
Niet geschikte pannen
Gebruik nooit straalplaten of pannen van:
■ dun normala staal
glas
aardewerk
koper
aluminium
Kenmerken van de bodem van de pan
De kenmerken van de bodem van de pannen+kunnen invloed hebben op de homogeniteit van het kookresultaat. Pannen die gemaakt zijn van materialen die warmte verspreiden,zoals "sandwich" pannen van roestvrij staal, verdelen de warmte op gelijkmatige wijze,waardoor tijd en energia worden bespaard.
Geen pan of ongeschichte afmeting
Als er geen pan op de geseleeteerde kookzone worden geplaatst of als deze Niet van het geschikte materiaal is of geen geschikte afmeting heeft, knippert de kookstand op de indicator van de kookzone. Plaats een geschikte pan, zodat het knipperen stocht. Als er meer dan 90 seconden worden gewacht gaat de kookzone automatisch UIT.
Lege pannen of pannen met een dunne bodem
Verwarm geen lege paffenen en gebruik geen paffenen met dunne bodem. De kookplaat is uitergerust met een intern veiligheidssystem, maar een lege pan kan zo snel heet
worden dat de functie "automatisch uitschakelen" geenijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan oplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan Niet aan en schakel de kookzoneuit. Als het apparaat na het afkoelen nicht werkct, neem dan contact op met de technische Dienst.
Pandetectie
ledere kookzone heeft een minimumlimiet voor pandetectie, die afhankelijk is van het materiaal van de pan die worden gebruikt. Daardoor mag alleen de kookzone worden gebruikt die het meest geschikt is voor de pan.
Het apparaat leren kennen
Deze gebruiksaanwijzing geldt voor verschillende kookplaten. Op pagina 2 vindt u een typenoverzicht met informatie over afmetingen.
Het bedieningspaneel


Bedieningsvlakken
| ① | Hoofdschakelaar |
| ○ | De kookzone selecteren |
| -/+ | Instillingen selecteren |
| Boost Functie Powerboost | |
| ⊕ | Timerfunctie |
| -○ | Kinderslot |
De kookzones
Indicatoren
| 0 | Operationaliteit |
| 1-9 | Vermogensstunden |
| b | Functie Powerboost |
| H/h | Restwarmte |
| 00 | Timerfunctie |
Bedieningsvlakken
Bij het aanraken van een symbool worden de overeenkomstige functie geactiveerd.
Aanwijzing: Zorg ervoor dat de bedieningsvlakken alsijd droog zich. Vocht heeft een negatieve invloed op de werking.
Kookzone
| ○ Enkelvoudige kookzone Gebruik een pan met de geschikte maat. |
| Gebruik enkel pannen die geschikt zijn om te koken op inductie, wie hoofdstuk “Geschikte pannen”. |
Restwarmte-indicator
De kookplaat beschicht over een restwarmte-indicator in elke kookzone, die aanduidt welke nog warm zijn. Raak kookzones met die individatie nicht aan.
Ook als deplaatuitgeschakeld is,blijft ±b h / ±bH branden zo lang de kookzone warm is.
Als de pan van de planta genommen worden voordat de kookzone uitgeschakeld is, verschijnen afwisselend de indicator h / H en de geselecteerde kookstand.
Programmeren van de kookplaat
In dit hoofdstuk worden uitgelegd hoe een kookzone kan worden afgesteld. In de tabel staan de kookstanden en de bereidingsstijden voor verschillende gerechten vermeld.
De kookplaat in- en uitschakelen
De kookplaat worden in- en uitgeschakeld met de hoofdschakelaar.
Inschakelen: druk op het symbol ① Er klinkt een akoestisch signaal. De indicator die zich naast de hoofdschakelaar bevindt en de indicatoren van de kookzones gaan branden. De kookplaat is maar om te werken.
Uitschakelen: druk op het symbool ① totdat de indicatoren doven. Alle kookzones zijn uitgeschakeld. De restwarmte-indicator blijft branden tot de kookzones voldoende afgekoeld zich.
Aanwijzingen
- De kookplaat worden automatisch uitgeschakeld zodialek kookzoneseer dan 20 seconden uitgeschakeld zich.
- De geselecteerde instellungen blijven opgeslagen gedurende de eerste 4 seconden na het uitschakelen van de plaat. Indien de kookplaat opnieuw worden ingeschakeld binnen deze tijdsperiode, dan worden de vorige instelleningen toegepast.
Afstellen van de kookzone
Selecteer de gewenste vermogensstand met de symbolen + en -.
Vermogensstand 1 = minimumvermogen.
Vermogensstand 9 = maximumvermogen.
Elke vermogensstand is voorzien van een:tussenliggende instelling. Deze worden aangegeven met een punt.
Selecteer de kookzone en de vermogensstand
De kookplaat moet ingeschakeld zich.
- Selecteer de kookzone met het symbol
2.Druk binnen de volgende 10 seconden op het symbol + of - De basisinstelling worden getoond:
Symbool + vermogensstand 9
Symbool - vermogensstand 4


De vermogensstand is afgesteld.
De vermogensstand wijzigen
Selecteer de kookzone en druk op het symbol + of - tot de gewenste vermogensstand verschijnt.
De kookzone uitschakelen
Selecteer de kookzone en druk verwolgens op het symbol + of - tot Q verschijnt.
De kookzone worden uitgeschakeld en de restwarmte-indicator verschijnt.
Aanwijzingen
■ Als er geen pan op de inductiekookzone worden geplaatst, gaat de geselecteerde vermogensstand knipperen. Na eenijdje worden de kookzone uitgeschakeld.
■ Als er een pan op de kookzone staat voordat de plaat worden ingeschakeld, za deze worden gedetecteerd binnen 20 seconden na het indrukken van de hoofdschakelaar en zal de kookzone automatisch worden geselecteerd. Selecteer, zodra deze is gedetecteerd, de vermogensstand binnen 20 seconden, anders worden de kookzoneuitgeschakeld.
Ook al worden er meertere pannen geplaatst, bij het inschakelen van de kookplaat worden er maar een gedetecteerd.
Kooktabel
In onderstaande tabel worden enkele voorbeelden gegeven.
Gebruik de vermogensstand 9 als u begint te koken.
Bij het verhitten van purees, crèmes en dikke sauzen dient u af en toe te roeren.
Vermogensstand
Smelten
Chocolade, chocoladecouverture 1-1.
Boter, honing, gelatine 1-2
- Koken zonder deksel
Zonder deksel
*Geregeld omdraaien
| Vermogensstand | |
| Verhitten en warmhouden | |
| Maaltijdsoep (bv. linzen) 1-2 | |
| Milk** 1.-2. | |
| Worstjes opgewärmd in water** 3-4 | |
| Ontdooien en verhitten | |
| Diepvriespinazie 3-4 | |
| Diepvriesgoulash 3-4 | |
| Op een zicht vuurtje gaarstoven, op een zicht vuurtje koken | |
| Aardappelballetjes* 4.-5. | |
| Vis* 4-5 | |
| Witte sauzen, bv. bechamel 1-2 | |
| Geklopte sauzen, bv. bernenisesaus, Hollandse saus 3-4 | |
| Koken, stomen, smoren | |
| Rijst (met twee keer zoveel water) 2-3 | |
| Rijstpap 1.-2. | |
| Frites 4-5 | |
| Pasta* 6-7 | |
| Eenpansgerecht, soep 3.-4. | |
| Groenten | 2.-3. |
| Diepvriesgroenten | 3.-4. |
| Koken met de snelkookpan | 4.-5. |
| Sudderen | |
| Rollade | 4-5 |
| Stoofschotel | 4-5 |
| Goulash | 3.-4. |
| Braden / Frituren met een beetje oliè** | |
| Filets, koteletten (al dan nicht gepaneerd) | 6-7 |
| Biefstuk (3 cm dik) | 7-8 |
| Borst (2 cm dik)*** | 5-6 |
| Hamburgers, gehaktballetjes (3 cm dik)*** | 4.-5. |
| Vis en visfilet, ongepaneerd | 5-6 |
| Vis en visfilet, gepaneerd | 6-7 |
| Garnalen en steurgarnalen | 7-8 |
| Diepvriesgerechten, bv. gesauteerd | 6-7 |
| Pannenkoeken | 6-7 |
| Omelet | 3.-4. |
| Frituren** (150-200g per portie in 1-2 l olie) | |
| Diepvriesproducten, bv. frieten, kipnuggets | 8-9 |
| Diepvrieskrokreten | 7-8 |
| Vlees, bv., stukjeskip | 6-7 |
| Vis, groenten of paddestoelen, gepaneerd of in bierdeeg, bv. championons | 6-7 |
| Banket, bv. beignets, fruit in bierdeeg | 4-5 |
- Token zonder deksel
Zonder deksel
*Geregeld omdraaien
Kinderslot
De kookplaat kan beveiligd worden gegen ongewilde inschakeling, om te voorkomen dat kinderen de kookzones konnen inschaken.
Het kinderslot activeren en deactiveren
De kookplaat要去uitgeschakeld着眼。
Activeren: houd het symbol gedurende circa 4 seconden ingedrukt. De indicator naast het symbol gaat 10 seconden branden. De kookplaat is geblokkeerd.
Deactiveren: houd het symbol gedurende circa 4 seconden ingedrukt. De blokkering is gedexeerd.
Automatisch kinderslot
Met deutsche functie worden het kinderslot als iijd automatisch ingeschakeld als de kookplaat worden uitgeschakeld.
Activeren en deactiveren
In hoofdstuk Basisinstallingen vindt u informatie over het inschaken van het automatische kinderslot.
Functie Powerboost
Met de functie Powerboost kan het voedsel spelier worden verwarmd dan wanner de vermogensstand 9 wordt gebruikt. Alle kookzones zijn voorzien van deze functie.
Activeren
De kookplaat要去 ingeschakeld zich, maar er mag geen kookzone in werkig zich.
- Selecteer een kookzone.
- Druk op het symbol Boost.
De indicator gaat branden
De functie is nu geactiveerd.
Aanwijzing: Indien een kookzone ingeschakeld worden wanner de functie Powerboost in werkung is, knipperen op de visuele indicator van de kookzone en 3; cervolgens worden de vermogensstand afgesteld. De functie Powerboost worden gedeactiveerd.
Deactiveren
- Selecteer een kookzone.
- Druk op het symbol Boost.
De indicator b wordt Nieteer in beeld gebracht en de kookzone keert terug hier de vermogensstand 9.
De functie is gedeactiveerd.
Aanwijzing: Onder bepaalde omstandigheden kan de Powerboost functie automatisch uitgeschakeld worden om de elektronische onderdelen aan de binnenzijde van deplaat te beschermen.
Timerfunctie
Deze functie kan op twee verschillende manieren gebrukt worden:
om een kookzone automatisch uit te schakelen
als kookwekker
Een kookzone automatisch uitschakelen
De zone gaat automatisch uit na het verstreijken van de geselecteerdeijd.
Programmeren van de kooktijd.
De kookplaat要去 ingeschakeld zich:
- Selecteer de kookzone en de gewenste vermogensstand.
-
Druk op het symbool . De indicator van de kookzone gaat branden. Op de visuele indicator van de timerfunctie versusijnt 00.
-
Druk op het symbol + of -. De basisinstelling worden getoond: Symbol +: 30 minutes.
Symbool-:10 minuten.


- Druk op het symbol + of - tot de gewenste kooktijd verschijnt.
Na enkele seconden begint de kooktijd te lopen.
Aanwijzing: Het is möglichk omdezelfde kooktijd voor alle zones automatisch te programmeren. De geprogrammeerdetez al onafhankelijk verstreijken voor ieder van de kookzones. In het hoofdstuk Basisinstellingen vindt u informatie over de automatische programmering van de kooktijd.
De tijd wijzigen of annuleren
Selecteer de kookzone. Druk op het symbool en wijzig de kooktijd met de symbolen ^+ of-, of stel af op 00.
Na het verstreijken van dearend
De kookzone worden uitgeschakeld. Er klinkt een geluidssignaal en op de visuèle indicator van de timerfunctie verschijnt 00 gedurende 10 seconden. De indicator ● van de kookzone gaat branden. Druk op het symbol , de indicators gaan uit en het akoestisch signaal stocht.
Aanwijzingen
- Indien een kookitijd in verschillende zones geprogrammeerd is, worden op de visuèle indicator van de timerfunctie algid de kookitijd van de geselecteerde zone getoond.
- De kooktijd kan worden ingesteld tot 99 minutes.
De kookwekker
Met de kookwekker kan eenijd geprogrammeerd worden tot 99 minutes. Deze is Niet afhankelijk van andere instellenen. Deze functie schakelt de kookzone Niet automatisch uit.
Zo worden dit geprogrammeerd
- De kookwekker kan op twee verschillende manieren worden geselecteerd:
■ Als de kookzone geselecteerd is: druk 2 keer op symbool
■ Als de kookzone nicht geselecteerd is: druk op het symbool
De indicator●naast symbol Licht op. Op de visuèle indicator van de timerfunctie verschijnt 00.
- Druk op het symbool + of - De basisinstelling wordt getoond.
Symbool ^+ : 10 minuten.
Symbool-05minute.
3.Stel de gewenste kooktijd in met de symbolen ^+ of-
Na enkele seconden begint de lijd te lopen.
De tijd wijzigen of annuleren
Druk meerdere keren op het symbool 日 tot de indicator naast het symbool 日 gaat branden. Wijzig de tijd of stel hem af met de symbolen ^+ of-
Na het verstreijken van dearend
Er klinkt een waarschuwingssignaal. Op de visuele indicator van de timerfunctie verschijnt 00. Na 10 seconden doven de indicators.
Druk op het symbol de indicators gaan uit en het akoestische signaal stopt.
Automatische tijdslimiet
Indien de kookzone gedurende langeijd in werkung is en er geen enkele wijziging in de instelling worden aangebracht, dan worden de automatische tijsdlimiet geactiveerd.
De kookzone wordt nicht更是verhit. Op de visuèle indicator van de kookzone knipperen afwisseled F, B en de restwarmte-indicator h/H.
De indicator gaat uit als er op een willekeurig symbool wordt gedrukt. Nu kan de kookzone opnieuw worden ingesteld.
Wanneer de automatische limiet is geactiveerd, worden deze geregeld afhankelijk van de geselecteerde vermogensstand (van 1 tot 10uur).
Basisinstallingen
Het apparaat beschikt over diverse basisinstellungen. Deze instellenungen können worden aangepast aan de behoeften van de gebruiker.
| Indicator Functie | |
| c1 | Automatisch kinderslot |
| Gedeactiveerd.* | |
| Geactiveerd. | |
| c2 | Akoestische signalen |
| Bevestigingsignaal en foutsignaal gedeactiveerd. | |
| Alleen foutsignaal geactiveerd. | |
| Alleen bevestigingsignaal geactiveerd. | |
| Alle signalen geactiveerd.* | |
| c5 | Automatische programmering van de kooktijd. |
| Uitgeschakeld.* | |
| Tijd van de automatische uitschakeling. | |
| c6 | Duur van het geluidssignaal van de timerfunctie |
| 10 seconden*. | |
| 30 seconden. | |
| 1 minuut. | |
*Fabrieksinstellung
**Het maximumvermögen van deplaat is afhankelijk van de configuratie van de vermogensintensiteit die voor de installmentie is ingesteld. Om deze maximumwaarde nie te overschrijden, beschikt de plaat over een aantal componenten die het vermogen automatisch beheren en dit verdelen over de ingeschakelde kookzones, afhankelijk van de behoeften.
| Indicator Functie | |
| c7 | Functie Power-Management |
| G = Gedeactivateerd.* | |
| I = 1000 W minimumvermogen. | |
| I. = 1500 W | |
| E = 2000 W | |
| ... | |
| S of S. = maximumvermogen van deplaat.** | |
| c9 | Selectietijd van de kookzone |
| Onbeperkt: deIRST geprogrammeerde kookzone blijft geselecteerd.* | |
| I Beperkt: de kookzone blijft slechts 10 seconden lang geselecteerd. | |
| c0 | Terug maar de standardinstellungen |
| Persoonlijke instellungen.* | |
| I Terug maar de fabrieksinstellungen. | |
Fabrieksinstelling
*Het maximumvermögen van de planta is afhankelijk van de configuratie van de vermogensintensiteit die voor de installmentie is ingesteld. Om deze maximumwaarde Niet te overschrijden, beschikt de planta over een aanlal componenten die het vermogen automatisch beheren en dit verdelen over de ingeschakelde kookzones, afhankelijk van de behoeften.
Toegang tot de basisinstallingen
De kookplaat要去uitgeschakeld着眼。
- Schakel de kookplaat in.
- Druk binnen de volgende 10 seconden op het symbol gedurende 4 seconden.

Op de visuèle indicators gaan afwisselend c en 1 aan en 0 als vooraf bepaalde instelling.
-
Druk meerdere keren op het symbool to tot de indicator van de gewenste functie verschijnt.
-
Selecteer verzolgens de gewenste instelling met de symbolen + en -

- Houd het symbol - nogmaals gedurende meer dan 4 seconden ingedrukt.
De instellungen zijn op de juiste wijze bewaar.
Afsluiten
Om de instellingen af te sluiten, de kookplaat met de hoofdschakelaar uitschakelen.
Onderhoud en reiniging
De raadgevingen en waarschuwingen in dit hoofdstuk zijn bedoeld voor het optimaal schoonmaken en onderhonden van de kookplaat.
Kookplaat
Reiniging
Maak de kookplaat na ieder gebruik schoon. Op die manier voorkomt u dat aangekoeekte resten verbranden. Maak de kookplaat pas schoon als hij voldoende is afgekoeld.
Gebruik alleen reinigingsproducten die geschikt+zijn voor kookplaten. Volg de aanwijzingen op de verpakking van het product op.
Gebruik nooit:
Onverdund afwasmiddel
Afwasmiddel voor vaatwasmachines
Schurende middelen
Corrosieve producten zoals ovensprays of vlekkenverwijderaars
Schuursponzen
Hogedrukreinigers of stoommachines
De Beste manier om hardnekkig vuil te verwijderen is om een glasschraper te gebruiken. Neem de aanwijzingen van de fabrikant in acht.
Glasschrapers zich verwirrijgbaar via de Technische Dienst of in onze online winkel.
Omlijsting van de kookplaat
Om schade aan de omlijsting van de kookplaat te vermijden, moeten de volgende aanwijzingen worden opgevolgd:
- Gebruik alleen warm water met een beetje zeep
- Gebruik nooit scherpe of bijtende producten
Gebruik de glasschaper Niet
Repareren van storingen
Storingen zijn gewoonlijk toe te schrijven aankleine details. Neem de volgende raadgevingen en waarschuwingen in ache alvorens contact op te nemen met de Technische Dienst.
Indicator Storing Maatregel
| geen De stroom is uitgevallen. Controleer met andere elektrische apparaten of de stroom is uitgevallen. | ||
| Het apparaat is Niet aangesloten volgens het aansluitschema. | Controleer of het apparaat is aangesloten volgens het aansluitschema. | |
| Storing in het elektronische systemm. Als de storing na de voorgaande controles nicht is opgelost, neem dan contact op met de Technische Dienst. | ||
| De indicators knipperen Het bedieningspaneel is vochtig of er ligtiet's op. | Droog de zone van het bedieningspaneel of neem het voorwerp weg. | |
| De indicator - knippert op de indicateoren van de kookzones | Er heeft zich een bout voorgedaan in het elek- tronische systemm. | Bedek het bedieningsvlak kort met de hand om de sto- ring te bevestigen. |
| Er + nummer / d + num- mer / E + nummer | Storing in het elektronische systemm. Sluit de kookplaat af van het verduelnet. Wacht onge- veer 30 seconden alvorens hem weeer aan te sluiten.* | |
| F0 / F9 | Er is een interne bout in de werking opgetre- den. | Sluit de kookplaat af van het verduelnet. Wacht onge- veer 30 seconden alvorens hem weeer aan te sluiten.* |
| F2 | Het elektronische systeme is oververhit geraakt en heeft de overeenkomstige kook- zone uitgeschakeld. | Wacht tot het elektronische systeme voldoende afge- koeld is. Druk verzolgens op een willekeurig symbool van de kookplaat. * |
| F4 | Het elektronische systeme is oververhit geraakt en heeft alle kookzones uitgescha- keld. | |
| F5 + vermogensstand en waarschuwingstoon | Er staat een warme pan op de zone van het bedieningspaneel. Het is zeer waarschijnlijk dat het elektronische systeme oververhit raakt. | Neem die pan weg. De storingsindicator waar kort daarna uit. U kunt verder gaan met koken. |
| F5 en waarschuwingstoon | Er staat een warme pan op de zone van het bedieningspaneel. De kookzone is uitgegaan om het elektronische systeme te beschermen. | Neem die panweg. Wacht enkele seconden. Druk op een willekeurig bedieningsvlak. Als de storingsindica- tor uit.gaat sunt u verder gaan met koken. |
| U1 | Onjuiste voedingsspanning, overschrijding van de normale werklimieten. | Neem contact op met uw elektriciteitsleverancier. |
| U2 / U3 | De kookzone is oververhit en is uitgeschakeld om uw kookplaat te beschermen. | Wacht totdat het elektronische systeme voldoende afgekoeld is en schakel hem opnieuw in. |
- Als de indicateatie voortduurt, neem dan contact op met de Technische Dienst.
Zet geen hete pannen op het bedieningspaneel.
Normaal geluidijdens de werkking van het apparatus
De technologie van het verwarmen door inductie is gebaseerd op het ontstaan van elektromagnetische velden die ervoor zorgen dat de warmte rechtstreeks op de bodem van de pan worden voortgebracht. De pannen können, afhankelijk van hun bouw, geluiden of trillingen voortbrengen, Zoals hieronder worden genoemd:
Een diep gezoem zoals in een transformator
Dit geluid ontstaatijdens het koken op een hoge vermogensstand. Deoorzaak waar van is de hoeveelheid energie die de kookplaat aan de pan overdraagt. Het geluid verwijnt of vermindert zodia de vermogensstand wordt verlaagd.
Een laag fluitend geluid
Dit geluid ontstaat als de pan leeg is. Het geluid verwijnt zodra er water of voedsel in de pan worden gedaan.
Knisperen
Dit geluid doet zich voor bij pannen die bestaan uit lagen van verzollende materialen. Het geluid komt door de trillingen die ontstaan op de verbindingsvlakken van de verzollende materialen. Dit geluid is afkomstig van de pan. De hoeveelheid
voedsel en de manier waarop het worden bereid,+kunnen de intensiteit van het geluid doein variieren.
Hoge fluitende geluiden
De geluiden ontstaan met name in pannen die bestaanuit lagen van verschillende materialen, zodra deze worden aangezet op de hoogste stand en op twee kookzones tegelijk. Deze fluitende geluiden verdwijnen of worden minder zodra het vermogen worden verlaagd.
Geluid van de ventilator
Voor een goed gebruik van het elektronische system moet de kookplaat op een gecontroleerde temperatuur werken. Hiertoe is de kookplaat voorzien van een ventilator die worden geactiveerd als een hoge temperatuur worden gedetecteer. De ventilator kan ook door inpirtie werken, nadat de kookplaat is uit gezet, als de gedetecteerde temperatuur nog te hoog is.
Ritmische geluiden, vergelijkbaar met de wijzers van een klok
Dit geluid treedt enkel op wanner 3 ofeer kookzones in werking zich en verdwijnt of vermindert wanner een kookzone wordtuitgeschakeld.
De omschreiben geluiden zijn normal en makeen deel uit van de inductietechnologie en duiden Niet op een storing.
Servicedienst
Wanneruwapparat gerepareerd moet worden,staat onserservicedienst voor u klaar.
E-nummer en FD-nummer
Geef wanner u contact opneemt met de servicedienst alsijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van het apparaat op. Het typeplaatje met de nummers vindt u op het identificatiebewijs van het apparaat.
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.
INSTALLATION INSTRUCTIONS 36
Assembly. 36
Important notes 38