RC220202 - Koelkast GAGGENAU - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis RC220202 GAGGENAU in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over RC220202 GAGGENAU
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RC220202 - GAGGENAU en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RC220202 van het merk GAGGENAU.
GEBRUIKSAANWIJZING RC220202 GAGGENAU
nl Gebruiksaanwijzing
RC 220
Einbaugerät
Built-in appliance
Appareil encastrable
Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen 61
Voordat u het apparaat in gebruik neemt 61
Kinderen in het huishouden 62
Algemene bepalingen 62
Aanwijzingen over de afvoer 62
Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparaat 62
Afvoeren van uw oude apparaat 62
Omvang van de levering 63
Let op de omgevingstemperatuur en de beluchting 63
Omgevingstemperatuur 63
Beluchting 63
De juiste plaats 64
Apparaat aansluiten 64
Elektrische aansluiting 64
Kennismaking met het apparaat 65
Bedieningselementen 66
Inschakelen van het apparaat 66
Aanwijzingen bij het gebruik 66
Instellen van de temperatuur 66
Koelruimte 66
Netto-inhoud 66
De koelruimte 67
Attentie bij het inruimen: 67
Let op de koudezones in de koelruimte! 67
Snelkoelen 67
In- en uitschakelen 67
Uitvoering 68
Speciale uitvoering 68
Serveerschaal 68
Flessenrek 68
Sticker "OK" 69
Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen 69
Uitschakelen van het apparaat 69
Buiten werking stellen van het apparaat 69
Ontdooien 69
De koelruimte wordt volautomatisch ontdooid 69
Schoonmaken van het apparaat 70
Uitvoering 70
Energie besparen 71
Bedrijfsgeluiden 71
Heel normale geluiden 71
Voorkomen van geluiden 71
Kleine storingen zelf verhelpen 72
Servicedienst 73
Verzoek om reparatie en advies bij storingen 73
Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen
Voordat u het apparaat in gebruik neemt
Lees de gebruiksaanwijzing en het installatievoorschrift nauwkeurig door. U vindt daarin belangrijke informatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat.
De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid als de aanwijzingen en waarschuwingen in de gebruiksaanwijzing niet in acht worden genomen. Bewaar de gebruiksaanwijzing en het montagevoorschrift voor later gebruik of voor een eventuele latere bezitter.
Het apparaat bevat een geringe hoeveelheid van het milieuvriendelijke maar brandbare koelmiddel R600a. Let erop dat de leidingen van het koelcircuit bij het transport of de installatie niet beschadigd worden. Koelmiddel dat naar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.
Bij beschadiging
- Open vuur of andere ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat houden;
- Ruimte gedurende een paar minuten goed luchten;
- Apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken;
- Contact opnemen met de Servicedienst.
Hoe meer koelmiddel het apparaat bevat, des te groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat wordt opgesteld. In een te kleine ruimte kan bij een lek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan.
Per 8 g koelmiddel moet het vertrek minstens 1 m³ groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.
Als de aansluitkabel van het apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon. Onvakkundige installatie en reparaties kunnen groot gevaar opleveren voor de bezitter.
Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon.
Er mogen alleen originele onderdelen van de fabrikant gebruikt worden. Alleen bij deze onderdelen garandeert de fabrikant dat ze aan de veiligheidseisen voldoen.
Een verlengsnoer voor de aansluitkabel mag uitsluitend via de klantenservice worden aangeschaft.
Bij het gebruik
- Nooit elektrische apparaten in het apparaat gebruiken (bijv. verwarmingsapparaten, elektrische ijsmaker etc.). Gevaar voor explosie!
- Het apparaat nooit met een stoomreiniger ontdooien of schoonmaken! De hete stoom kan in de elektrische onderdelen terechtkomen en kortsluiting veroorzaken. Kans op een elektrische schok!
- Gebruik geen puntige of scherpe voorwerpen om een laag ijs of rijp te verwijderen. Hierdoor kunt u de koelleidingen beschadigen. Koelmiddel dat naar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.
- Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan. Gevaar voor explosie!
- Plint, uittrekbare manden of laden, deuren etc. niet als opstapje gebruiken of om op te leunen.
- Om te ontdooien of schoon te maken: stekker uit het stopcontact trekken resp. de zekering uitschakelen of losdraaien. Altijd aan de stekker trekken, nooit aan de aansluitkabel.
- Dranken met een hoog alcoholpercentage altijd goed afgesloten en staand bewaren.
- Geen olie of vet gebruiken op kunststof onderdelen en deurdichtingen. Ze kunnen poreus worden.
- De be- en ontluchtingsopeningen van het apparaat nooit afdekken.
- Personen (inclusief kinderen) met fysieke, sensorische of psychische beperkingen of gebrekkige kennis mogen dit apparaat uitsluitend gebruiken indien ze onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of door deze persoon zijn ingelicht over de wijze waarop het apparaat dient te worden gebruikt.
Kinderen in het huishouden
- Verpakkingsmateriaal en onderdelen ervan zijn geen speelgoed voor kinderen.
Verstikkingsgevaar door opvouwbare kartonnen dozen en folie! - Het apparaat is geen speelgoed voor kinderen!
- Bij een apparaat met deurslot: sleutel buiten het bereik van kinderen bewaren!
Algemene bepalingen
Het apparaat is geschikt om levensmiddelen te koelen.
Dit apparaat is bestemd voor privégebruik in het huishouden en de huiselijke omgeving.
Het apparaat is ontstoord volgens EU richtlijn 2004/108/EC.
Het koelcircuit is op dichtheid gecontroleerd.
Dit apparaat voldoet aan de veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten (EN 60335-2-24).
Aanwijzingen over de afvoer
Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparaat
De verpakking beschermt uw apparaat tegen transportschade. De gebruikte materialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen opnieuw worden gebruikt. Help daarom mee en zorg dat de verpakking milieuvriendelijk wordt afgevoerd.
U kunt bij uw leverancier of bij de reinigingsdienst in uw gemeente informeren hoe u uw oude apparaat en het verpakkingsmateriaal van het nieuwe apparaat kunt (laten) afvoeren voor een milieuvriendelijke verwerking.
Afvoeren van uw oude apparaat
Oude apparaten zijn geen waardeloos afval! Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2002/96/EG betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment – WEEE). Deze richtlijn geeft het kader aan voor een in de EU geldende terugname en verwerking van oude apparaten.
⚠ Waarschuwing
Bij afgedankte apparaten
- Stekker uit het stopcontact trekken.
- Aansluitkabel doorknippen en samen met de stekker verwijderen.
- Legplateaus en voorraadvakken niet eruit halen om het kinderen moeilijk te maken erin te klimmen!
- Laat kinderen niet met het afgedankte apparaat spelen. Verstikkingsgevaar!
Koelapparaten bevatten koelmiddel en in de isolatie gas. Die zorgvuldig moeten worden afgevoerd. Met het oog op een doelmatige en milieuvriendelijke afvoer mogen de leidingen van het koelcircuit tot het moment van transport niet beschadigd worden.
Omvang van de levering
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade.
Voor klachten kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij onze klantenservice.
De levering bestaat uit de volgende onderdelen:
- Inbouwapparaat
• Uitrusting (modelafhankelijk) - Gebruiksaanwijzing
• Montagevoorschrift - Klantenserviceboekje
Garantiebijlage
Zakje met montagemateriaal
- Informatie over energieverbruik en geluiden
Let op de omgevingstemperatuur en de beluchting
Omgevingstemperatuur
Het apparaat is voor een bepaalde klimaatklasse geconstrueerd. Afhankelijk van de klimaatklasse kan het apparaat bij de volgende omgevingstemperaturen gebruikt worden.
Klimaatklasse Toelaatbare omgevingstemperatuur
| SN +10 °C tot 32 °C |
| N +16 °C tot 32 °C |
| ST +16 °C tot 38 °C |
| T +16 °C tot 43 °C |
De klimaatklasse staat op het typeplaatje.

text_image
E - Nr FD - NrAanwijzing
Het apparaat is volledig functioneel binnen de binnentemperatuurgrenzen van de aangegeven klimaatklasse. Wanneer een apparaat uit klimaatklasse SN wordt gebruikt bij een lagere binnentemperatuur, kunnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een temperatuur van +5 °C.
Beluchting
De lucht aan de achterzijde van het apparaat wordt warm. De verwarmde lucht moet ongehinderd afgevoerd kunnen worden. Anders moet de koelmachine meer presteren. Waardoor het energieverbruik toeneemt. De be en ontluchtingsopeningen mogen dan ook nooit worden afgedekt!
De juiste plaats
Geschikt voor het opstellen zijn droge, ventileerbare vertrekken. Het apparaat liefst niet in de zon of naast een fornuis, verwarmingsradiator of een andere warmtebron plaatsen. Is plaatsing naast een warmtebron niet te vermijden, maak dan gebruik van een isolerende plaat of neem de volgende minimumafstanden in acht:
- Naast elektrische of gasfornuizen 3 cm.
Naast een CV-installatie 30 cm.
Apparaat aansluiten
Na het plaatsen van het apparaat moet u minimaal 1 uur wachten voordat u het apparaat in gebruik neemt. Tijdens het transport kan het gebeuren dat de olie van de compressor in het koelsysteem terecht komt.
Vóór het eerste gebruik de binnenruimte van het apparaat schoonmaken (zie hoofdstuk „Schoonmaken van het apparaat").
Elektrische aansluiting
Het stopcontact moet zich in de buurt van het apparaat bevinden en ook na het opstellen van het apparaat goed bereikbaar zijn.
Het apparaat voldoet aan beschermklasse I. Het apparaat aansluiten op een volgens de voorschriften geïnstalleerd 220-240 V/50 Hz wisselstroomstopcontact met aardleiding. Het stopcontact moet zijn beveiligd met een zekering van 10 A tot 16 A.
Bij apparaten die in niet Europese landen worden gebruikt op het typeplaatje controleren of de aansluitspanning en de stroomsoort overeenkomen met de waarden van uw elektriciteitsnet. U vindt deze gegevens op het typeplaatje.
⚠ Waarschuwing
Het apparaat mag in geen geval worden aangesloten op elektronische energiebesparingsstekkers. Voor onze apparaten kunnen netvoedingsinverters en sinusinverters worden gebruikt. Netvoedingsinverters worden gebruikt bij fotovoltaïsche installaties die rechtstreeks zijn aangesloten op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen (bijv. op schepen of in berghutten) die geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet hebben, moet een sinusinverter worden gebruikt.
Kennismaking met het apparaat
Deze gebruiksaanwijzing is op meer dan één type van toepassing.
De uitrusting van de modellen kan variëren.
Kleine afwijkingen in de afbeeldingen zijn mogelijk.

text_image
1-4 5 6 7 8 9 10 111-4 Bedieningselementen/Verlichting
5 L i c h t s c h a k e l a a r
6 Hoofdschakelaar Aan/Uit
7 Glasplaat
8 G r o e n t e l a d e
9 Eierrekje
10 Voorraadvak voor tubes en blikjes
11 Vak voor grote flessen
Bedieningselementen

text_image
1 2 3 4 °C 2 4 5 6 81 Hoofdschakelaar Aan/Uit
Om het hele apparaat in en uit te schakelen.
2 Temperatuurinsteltoets
Met deze toets wordt de temperatuur ingesteld.
3 Temperatuurindicatie koelruimte
De cijfers bij de temperatuurindicatielampjes komen overeen met de temperaturen in °C in de koelruimte.
Het brandende lampje geeft de ingestelde temperatuur aan.
4 Toets Snel koelruimte
Om het Snelkoelen in en uit te schakelen.
Inschakelen van het apparaat
Het apparaat inschakelen met de hoofdschakelaar Aan/Uit 1.
De temperatuurindicatie 3 knippert, tot in het apparaat de ingestelde temperatuur is bereikt.
Het apparaat begint te koelen, de verlichting is ingeschakeld wanneer de deur open is.
Na het inschakelen kan het een aantal uren duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt. Vóór die tijd geen levensmiddelen in het apparaat leggen.
Aanwijzingen bij het gebruik
De temperatuur in de koelruimte wordt warmer:
als de deur van het apparaat te vaak geopend werd,
door het inladen van grote hoeveelheden levensmiddelen,
• door een hoge omgevingstemperatuur.
Instellen van de temperatuur
Koelruimte
De temperatuur is instelbaar van +2 °C tot +8 °C.
Temperatuur-insteltoets 2 net zo vaak indrukken tot de gewenste temperatuur in de koelruimte is ingesteld. De laatst ingestelde waarde wordt in het geheugen opgeslagen.
De ingestelde temperatuur wordt op indicatie 3 aangegeven.
Wij adviseren een temperatuurinstelling van +4 °C voor de koelruimte.
Gevoelige levensmiddelen niet warmer dan bij +4 °C bewaren.
Netto-inhoud
De gegevens over de netto-inhoud vindt u op het typeplaatje in uw apparaat.
De koelruimte
De koelruimte is de ideale bewaarplaats voor klaargemaakte gerechten, brood en banket, conserven, gecondenseerde melk, harde kaas, koudegevoelig fruit en groente en voor zuidvruchten.
Attentie bij het inruimen:
De levensmiddelen goed verpakt of afgedekt inruimen. Hierdoor blijven geur, kleur en versheid behouden. Bovendien wordt voorkomen dat de levensmiddelen naar elkaar gaan smaken en de kunststof onderdelen verkleuren.
Aanwijzing
Voorkom dat de levensmiddelen de achterwand raken. Anders wordt de luchtcirculatie verminderd. Levensmiddelen of verpakkingen kunnen aan de achterwand vastvriezen.
Let op de koudezones in de koelruimte!
Door de luchtcirculatie in de koelruimte verschillen de koudezones:
- De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.
Aanwijzing
In de warmste zone bijv. boter en kaas bewaren. Tijdens het serveren behoudt de kaas zijn aroma en de boter blijft smeerbaar.
- De koelste zone bevindt zich tussen de aan de zijkant afgebeelde pijl en de glasplaat eronder.
Aanwijzing
In de koudste zones gevoelige levensmiddelen opslaan zoals vis, worst en vlees.

Tijdens het snelkoelen wordt de koelruimte ca. 6 uur zo koud mogelijk gekoeld. Hierna wordt automatisch omgeschakeld naar de vóór het snelkoelen ingestelde temperatuur.
Het snelkoelen inschakelen bijv.:
- vóór het inladen van grote hoeveelheden levensmiddelen,
• voor het snelkoelen van dranken.
In- en uitschakelen
Toets Snel 4 indrukken.
De toets is verlicht wanneer het snelkoelen is ingeschakeld.
Uitvoering
U kunt de legplateaus en de deurvakken naar wens verplaatsen:
- Legplateau naar voren trekken, iets laten zakken en aan de zijkant uitzwenken.

- Vakken in de deur iets optillen en eruit halen.

(niet bij alle modellen)
Serveerschaal

In de flessenrek kunnen flessen veilig worden bewaard. Als u plaats nodig hebt voor andere levensmiddelen, dan kunnen de metalen beugels naar boven geklapt worden.

(niet bij alle modellen)
Met de „OK"-temperatuurcontrole kunnen temperaturen onder +4 °C worden geregistreerd. Stel de temperatuur trapsgewijs kouder in als de sticker niet „OK“ aangeeft.
Aanwijzing
Bij ingebruikneming van het apparaat kan het tot 12 uur duren voor de temperatuur is bereikt.

Correcte instelling
Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen
Uitschakelen van het apparaat
Hoofdschakelaar Aan/Uit 1 indrukken (rode cirkel wordt zichtbaar).
De temperatuurindicatie gaat uit. Koeling en verlichting zijn uitgeschakeld.

text_image
1 2 3 4 °C 2 4 5 6 8Buiten werking stellen van het apparaat
Als u het apparaat langere tijd niet gebruikt:
- Uitschakelen van het apparaat.
- Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen.
- Schoonmaken van het apparaat.
- Deur van het apparat open laten.
Ontdooien
De koelruimte wordt volautomatisch ontdooid
Als de koelmachine loopt, vormen zich dooiwaterdruppels of een laagje rijp op de achterwand van de koelruimte. Dit is normaal. U hoeft de waterdruppels niet af te wissen of de rijp af te schrapen. De achterwand wordt automatisch ontdooid. Het dooiwater loopt via het dooiwatergootje. Het dooiwater loopt van het dooiwatergootje naar de koelmachine waar het verdampt.
Aanwijzing
Dooiwatergootje en afvoergaatje regelmatig schoonmaken, zodat het dooiwater kan weglopen.

Schoonmaken van het apparaat

Attentie
- Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten.
- Geen schuursponsjes gebruiken. Op de metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan.
- De legplateaus en voorraadvakken mogen niet in de afwasmachine gereinigd worden. Ze kunnen vervormen!
U gaat als volgt te werk:
- Vóór het schoonmaken het apparaat uitschakelen.
- Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen!
- Het apparaat schoonmaken met een zachte doek en lauw water met een scheutje pH neutraal schoonmaakmiddel. Het sop mag niet in de verlichting terechtkomen.
- Deurafdichting alleen met schoon water schoonmaken en grondig droogwrijven.
- Het sop mag niet via het afvoergaatje in het verdampingsgedeelte terechtkomen.
- Na het schoonmaken apparaat weer aansluiten en inschakelen.
Uitvoering
Voor het reinigen kunnen alle variabele onderdelen van het apparaat worden verwijderd.
Glasplateaus eruit halen
De glasplateaus optillen, naar voren trekken, laten zakken en zijwaarts verwijderen.

Legplateaus uit de deur nemen
Legplateaus optillen en verwijderen.

De schuiflade moet worden verwijderd om de dooiwatergoot te reinigen.
De dooiwatergoot en het afvoergat regelmatig reinigen met wattenstaafjes o.i.d., zodat het dooiwater goed kan weglopen.

- Het apparaat in een droge, goed te ventileren ruimte plaatsen! Het apparaat niet direct in de zon of in de buurt van een warmtebron plaatsen zoals een verwarmingsradiator of een fornuis. Gebruik eventueel een isolatieplaat.
- Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen!
- De diepvrieswaren om te ontdooien in de koelruimte leggen. Hierdoor benut u de koude van de diepvrieswaren voor het koelen van de levensmiddelen.
- Deuren van het apparaat zo kort mogelijk openen!
- De achterkant van het apparaat af en toe met met een stofzuiger of borstel reinigen om toename van het energieverbruik te voorkomen.
Bedrijfsgeluiden
Heel normale geluiden
Brommen
De motoren lopen (bijv. koelaggregaten, ventilator).
Borrelen, zoemen of gorgelen
Koelmiddel stroomt door de buizen.
Klikgeluiden
Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit.
Voorkomen van geluiden
Het apparaat staat niet waterpas
Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Leg er zo nodig iets onder.
Het apparaat staat tegen een ander meubel of apparaat
Het apparaat van het meubel of apparaat ernaast wegschuiven.
Reservoirs of draagplateaus wiebelen of klemmen
Controleer de delen die eruit gehaald kunnen worden en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.
Flessen of serviesgoed raken elkaar
De flessen of het serviesgoed los van elkaar zetten.
Kleine storingen zelf verhelpen
Voordat u de hulp van de Servicedienst inroept:
Controleer eerst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen.
Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geven om de storing te verhelpen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen!
| Storing Eventuele oorzaak Oplossing | ||
| De temperatuur wijkt erg af van de instelling. | In sommige gevallen is het voldoende om het apparaat gedurende 5 minuten uit te schakelen.Als de temperatuur te warm is: na enkele uren controleren of de temperatuur de temperatuurinstelling genaderd is.Als de temperatuur te koud is: de volgende dag de temperatuur nogmaals controleren. | |
| De verlichting functioneert niet. | Het lampje is kapot. Lampje vervangen. | 4. Lampje vervangen.(Reservelamp: 220-240 V wisselstroom, fitting E14, voor wattage zie het kapotte lampje.) |
| De lichtschakelaar klemt. Controleer of er beweging in zit. | ![]() | |
| De bodem van de koelruimte is nat. | De dooiwatergoot of het afvoergat is verstopt. | Het dooiwatergootje en het afvoergaatje schoonmaken (zie „Schoonmaken van het apparaat"). |
| In de koelruimte is het te koud. | De temperatuur is te koud ingesteld. Temperatuur warmer instellen. | |
| De koelmachine wordt steeds vaker en langer ingeschakeld. | De deur van het apparaat werd te vaak geopend. | Deur van het apparaat niet onnodig openen. |
| De be en ontluchtingsopeningen zijn afgedekt. | Afdekkingen verwijderen. | |
| In de koelruimte is het te warm. | De deur van het apparaat werd te vaak geopend. | Deur van het apparaat niet onnodig openen. |
| De temperatuurindicatie knippert 3. | Er werden te veel levensmiddelen ingeladen. | Vóór het inladen het snelkoelen 4 inschakelen. |
![]() | ||
| De be en ontluchtingsopeningen zijn afgedekt. | Afdekkingen verwijderen. | |
| Het apparaat koelt niet. | ● Het apparaat is uitgeschakeld.● Stroomuitval.● De zekering is uitgeschakeld.● De stekker zit niet goed in het stopcontact. | Hoofdschakelaar aan/uit 1 drukken.Controleren of er stroom is. Zekering controleren. |
Servicedienst
Adres en telefoonnummer van de Servicedienst in uw omgeving kunt u vinden in het telefoonboek of in de meegeleverde brochure met service-adressen. Geef a.u.b. aan de Servicedienst het E-nummer (E-Nr.) en het FD-nummer (FD-Nr.) van het apparaat op.
U vindt deze gegevens op het typeplaatje.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
NL 020 430 3 480
B 070 222 148

text_image
E - Nr FD - NrDoor deze nummers aan de Servicedienst door te geven voorkomt u onnodig heen en weer rijden van de monteur en de hieraan verbonden kosten. En de hieraan verbonden kosten.
SimpelGids
4. Lampje vervangen.(Reservelamp: 220-240 V wisselstroom, fitting E14, voor wattage zie het kapotte lampje.)
