IWC7128WE - Wasmachine INDESIT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis IWC7128WE INDESIT in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Wasmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding IWC7128WE - INDESIT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. IWC7128WE van het merk INDESIT.
GEBRUIKSAANWIJZING IWC7128WE INDESIT
Uitpakken en waterpas zetten
Hydraulische en elektrische aansluitingen
Beschrijving van de wasautomaat en
starten van een programma, 64-65
Een programma starten
Persoonlijke instellingen, 67
Instellen van de temperatuur
Instellen van de centrifuge
Wasmiddelen en wasgoed, 68
Voorbereiden van het wasgoed
Bijzondere kledingstukken
Balanceersysteem van de lading
Voorzorgsmaatregelen en advies, 69
Onderhoud en verzorging, 70
Afsluiten van water en stroom
Reinigen van de wasautomaat
Reinigen van het wasmiddelbakje
Onderhoud van deur en trommel
Reinigen van de pomp
Controleren van de buis van de watertoevoer
Storingen en oplossingen, 71
Het is belangrijk deze handleiding te bewaren voor
latere raadpleging. In het geval u het apparaat
verkoopt, of u verhuist, moet het boekje bij de
wasautomaat blijven zodat de nieuwe gebruiker de
functies en betreffende raadgevingen kan doornemen.
Lees de instructies aandachtig door: u vindt er
belangrijke informatie betreffende installatie, gebruik
Uitpakken en waterpas zetten Uitpakken 1. De wasautomaat uitpakken.
2. Controleer of de wasautomaat geen schade heeft
geleden gedurende het vervoer. Indien dit wel het
geval is moet hij niet worden aangesloten en moet u
contact opnemen met de handelaar.
tijdens het vervoer en de
afstandsleider die zich
bevinden (zie afbeelding).
4. Sluit de openingen af met de bijgeleverde plastic
5. Bewaar alle onderdelen: mocht de wasautomaat
ooit worden vervoerd, dan moeten deze weer worden
Het verpakkingsmateriaal is geen speelgoed voor
kinderen. Waterpas zetten 1. Installeer de wasautomaat op een rechte en
stevige vloer en laat hem niet steunen tegen een
muur, meubel of dergelijke.
2. Als de vloer niet
volledig horizontaal is
voorkant losser of vaster
ten opzichte van het werkvlak, mag de 2° niet
Een correcte nivellering geeft de machine stabiliteit en
voorkomt trillingen, lawaai en het zich verplaatsen van
de automaat tijdens de werking. In het geval van
vloerbedekking of een tapijt regelt u de stelvoetjes
zodanig dat onder de wasmachine genoeg plaats is
Hydraulische en elektrische
aansluitingen Aansluiting van de watertoevoerbuis 1. Sluit de toevoerbuis aan
op de koudwaterkraan
met een mondstuk met
schroefdraad van 3/4 gas
wasautomaat aansluit
moet u het water laten
lopen totdat het helder is.
watertoevoerbuis aan de
wasautomaat door hem
schroeven, rechtsboven
3. Let erop dat er geen knellingen of kronkels in de
De waterdruk van de kraan moet zich binnen de
waarden van de tabel Technische Gegevens bevinden
(zie bladzijde hiernaast).
Als de toevoerbuis niet lang genoeg is moet u zich
wenden tot een gespecialiseerde winkel of een
bevoegde installateur.
Gebruik nooit tweedehands buizen.
Gebruik de buizen die bij het apparaat worden
65 - 100 cm Aansluiting van de afvoerbuis Verbind de buis, zonder
hem te buigen, aan een
afvoerleiding of aan een
afvoer in de muur tussen
de 65 en 100 cm van de
af of hang hem aan de
rand van een wasbak of
bijgeleverde steun aan
de kraan (zie afbeelding).
afvoerslang mag niet
Gebruik nooit verlengstukken voor de buis; indien dit
niet te vermijden is moet het verlengstuk dezelfde
doorsnede hebben als de oorspronkelijke buis en mag
hij niet langer zijn dan 150 cm. Elektrische aansluiting Voordat u de stekker in het stopcontact steekt moet
u zich ervan verzekeren dat:
het stopcontact geaard is en voldoet aan de
het stopcontact het maximum vermogen van de
wasautomaat kan dragen, zoals aangegeven in de
tabel Technische Gegevens (zie hiernaast);
de spanning zich bevindt tussen de waarden die
zijn aangegeven in de tabel Technische Gegevens
de contactdoos geschikt is voor de stekker van de
wasautomaat. Indien dit niet zo is moet de stekker
of het stopcontact vervangen worden.
De wasautomaat mag niet buitenshuis worden
geïnstalleerd, ook niet op een beschutte plaats,
aangezien het gevaarlijk is hem aan regen en
onweer bloot te stellen.
Als de wasautomaat is geïnstalleerd moet het
stopcontact gemakkelijk te bereiken zijn.
Gebruik geen verlengsnoeren of dubbelstekkers.
Het snoer mag niet gebogen of samengedrukt
De voedingskabel mag alleen door een bevoegde
installateur worden vervangen.
Belangrijk! De fabrikant kan niet aansprakelijk worden
gesteld wanneer deze normen niet worden nageleefd.
Na de installatie en voor u de wasautomaat in gebruik
neemt, dient u een wascyclus uit te voeren met
wasmiddel maar zonder wasgoed, op het programma 2.
Technische gegevens ModelIWC 7128Afmetingenbreedte cm 59,5hoogte cm 85diepte cm 53,5Vermogenvan 1 tot 7 kgElektrischeaansluitingenzie het typeplaatje met de technischeeigenschappen dat op het apparaatis bevestigdAansluitingwaterleidingmax. druk 1 MPa (10 bar)min. druk 0,05 MPa (0,5 bar)Inhoud trommel 52 litersSnelheidcentrifugetot 1200 toeren per minuutControle-program-ma's volgens denorm EN 60456programma 2; temperatuur 60°C;uitgevoerd met 7 kg lading.Deze apparatuur voldoet aan devolgende EEC voorschriften:-89/336/EEC van 03/05/89(Elektromagnetische compatiabiliteit)en successievelijke modificaties- 2002/96/CE- 2006/95/CE (Laagspanning)64
NL Wasmiddelbakje: voor wasmiddelen en
wasversterkers (zie Wasmiddelen en wasgoed).
Toets ON/OFF: voor het in- en uitschakelen van de
PROGRAMMAKNOP: voor het instellen van de
programmas. Gedurende het programma blijft de
Toetsen met controlelampje FUNCTIE: voor het
selecteren van de beschikbare functies. Het
controlelampje van de gekozen functie zal aanblijven.
CENTRIFUGEKNOP: voor het instellen of uitsluiten
van de centrifuge (zie Persoonlijke Instellingen).
TEMPERATUURKNOP: voor het instellen van de
temperatuur of koud wassen
(zie Persoonlijke Instellingen).
Controlelampjes VOORTGANG CYCLUS/
UITGESTELDE START: voor het volgen van het
verloop van het wasprogramma.
Het controlelampje geeft de lopende fase weer.
Als de functie Uitgestelde start is ingesteld, tonen
de lampjes de tijd die resteert tot het starten van het
programma (zie pagina hiernaast).
Controlelampje DEUR GEBLOKKEERD: om te zien
of de deur kan worden geopend (zie pagina hiernaast).
Toets met controlelampje START/PAUSE: om
programmas te starten of ze tijdelijk te onderbreken.
N.B.: om de lopende wascyclus te pauzeren drukt u
op deze toets. Het oranje licht van het betreffende
controlelampje zal gaan knipperen terwijl het lampje
van de lopende fase vast aan zal blijven staan. Als het
controlelampje DEUR GEBLOKKEERD
Om het programma te hervatten drukt u opnieuw op
Deze wasautomaat beschikt, in overeenkomst met
de nieuwe normen betreffende de energiebesparing,
over een systeem wat het apparaat automatisch na
30 minuten uitschakelt (stand-by) indien men het niet
gebruikt. Druk kort op de ON-OFF toets en wacht tot
de wasautomaat weer aangaat.
Beschrijving van de wasautomaat
en starten van een programma Controlelampjes
VOORTGANG CYCLUS/UITGESTELDE START Controlelampje
DEUR GEBLOKKEERD Toets metcontrolelampje START/
TEMPERATUUR KNOP Wasmiddelbakje Toetsen metcontrolelampjes
CENTRIFUGEKNOP PROGRAMMAKNOP65
De controlelampjes geven belangrijke informatie.
Ze geven informatie over:
Als de functie Uitgestelde Start is geactiveerd
(zie Persoonlijke Instellingen) zal, nadat het program-
ma is gestart, het controlelampje dat bij de
uitgestelde start hoort gaan knipperen:
Naar gelang de tijd verloopt wordt de resterende
wachttijd getoond, met het knipperen van het
betreffende controlelampje:
Als de geselecteerde vertraging is verlopen zal het
ingestelde programma van start gaan.
Controlelampjes lopende fase
Als u de gewenste wascyclus heeft geselecteerd en
gestart gaan de controlelampjes één voor één aan
om te tonen op welk punt de cyclus is:
Functietoetsen en betreffende
Als u een functie selecteert gaat het bijbehorende
controlelampje aan. Als de gekozen functie niet
geschikt is voor het ingestelde programma gaat het
betreffende controlelampje knipperen en zal de functie
niet worden geactiveerd. Als de geselecteerde functie
niet compatibel is met een optie die daarvòòr is
ingesteld, zal het controlelampje van de eerder
geselecteerde functie gaan knipperen en zal alleen de
tweede functie worden geactiveerd; het controlelampje
van de geactiveerde functie zal aangaan.
Controlelampje deur geblokkeerd:
Als het controlelampje aan is betekent het dat de
deur is geblokkeerd om te verhinderen dat hij per
ongeluk wordt geopend. Om het deurtje te openen
moet u wachten tot het controlelampje uitgaat (wacht
circa 3 minuten). Om de deur te openen tijdens de
wascyclus drukt u op de knop START/PAUSE; als het
controlelampje DEUR GEBLOKKEERD uit is, kunt u
Een programma starten
1. Schakel de wasautomaat in met de ON/OFF toets. Alle controlelampjes gaan een paar seconden aan en gaan
dan weer uit en het controlelampje START/PAUSE knippert.
2. Laad het wasgoed in en sluit de deur.
3. Stel het gewenste programma in met de PROGRAMMAKNOP.
4. Stel de wastemperatuur in (zie Persoonlijke instellingen).
5. Stel het centrifugetoerental in (zie Persoonlijke instellingen).
6. Voeg wasmiddel en wasversterkers toe (zie Wasmiddelen en wasgoed).
7. Selecteer de gewenste functies.
8. Start het programma door op de START/PAUSE toets te drukken. Het betreffende controlelampje zal een vast
groen licht vertonen. Om de ingestelde cyclus te annuleren zet u de wasautomaat op pauze door op de START/
PAUSE toets te drukken en een nieuwe cyclus te kiezen.
9. Aan het einde van het programma gaat het controlelampje
aan. Als het controlelampje DEUR GEBLOKKEERD
uitgaat, kunt u het deurtje openen. Haal het wasgoed eruit en laat de deur op een kier staan
zodat de trommel kan drogen. Schakel de wasautomaat uit in met de ON/OFF toets.
NL Speciale programmas
Express (programma 10) is bedoeld voor het snel wassen van niet zo vuil wasgoed: het duurt slechts 15 minuten en
bespaart dus elektriciteit en tijd. Met het programma (10 op 30 °C) kunt u verschillende soorten stoffen samen wassen
(behalve zijde en wol) met een lading van max. 1,5 kg.
Sport Intensive (programma 11) is ontwikkeld voor het wassen van zeer vuile sportkleding (trainingspakken,
sportbroeken, enz.). Om optimale resultaten te bereiken raden wij u aan nooit de maximaal aangegeven
hoeveelheid te overschrijden die staat aangegeven in de "Programmatabel".
Sport Light (programma 12) is ontwikkeld voor het wassen van niet zo vuile sportkleding (trainingspakken,
sportbroeken, enz.). Om optimale resultaten te bereiken raden wij u aan nooit de maximaal aangegeven
hoeveelheid te overschrijden die staat aangegeven in de "Programmatabel". We raden u aan een vloeibaar
wasmiddel te gebruiken, met een hoeveelheid die voldoende is voor een halve lading.
Sport Shoes (programma 13) is ontwikkeld voor het wassen van sportschoenen. Voor optimale resultaten dient u
nooit meer dan 2 paar tegelijk te wassen.
Programmas De gegevens in de tabel geven slechts geschatte waarden weer.Voor alle Test Institutes:1) Controleprogramma volgens de norm EN 60456: selecteer het programma 2 met een temperatuur van 60°C.2) Programma katoen lang: selecteer het programma 2 met een temperatuur van 40°C.3) Programma katoen kort: selecteer het programma 4 met een temperatuur van 40°C. Programmatabel ProgrammasBeschrijving van het ProgrammaMaxi- male Te m p (°C) Maximaaltoerental(toeren perminuut)WasmiddelMaximalelading (kg)Duur cyclusVoor- was
sen Bleek-middelWasver-zachterNormaal Eco
Time Dagelijkse was 1 Katoen + Voorwas: Zeer vuile witte was.90° 1200 ll
2 Katoen (1): Zeer vuil wit en kleurecht bont wasgoed.60° 1200 -
2 Katoen (2): Zeer vuile witte en bonte fijne was.40° 1200 -
3 Katoen: Zeer vuil wit en kleurecht bont wasgoed.60° 1200 -
ll l 73,5130104 4 Bont Katoen (3): Niet zo vuile witte en bonte was.40° 1200 -
ll l 7 3,5 92 71 5 Synthetisch: zeer vuile kleurvaste bonte was.60° 800 -
ll l 3 2 85 72 6 Synthetisch: niet zo vuile kleurvaste bonte was.40° 800 -
8 Zijde/Gordijnen: voor zijde, viscose, lingerie.30° 0 -
10 Express: voor het snel opfrissen van niet zo vuil wasgoed(niet geschikt voor wol, zijde en handwas).30° 800 -
NL Instellen van de temperatuur
Door aan de TEMPERATUURKNOP te draaien kunt u de wastemperatuur instellen (zie Programmatabel).
De temperatuur kan verlaagd worden tot aan koud wassen (
De machine voorkomt dat u een temperatuur instelt die hoger is dan het maximum voorzien voor dat programma.
Instellen van de centrifuge
Door aan de CENTRIFUGEKNOP te draaien stelt u de snelheid van de centrifuge van het gekozen programma in.
De maximum snelheden voorzien voor de programmas zijn:
Programmas Maximum snelheid
Katoen 1200 toeren per minuut
Synthetisch 800 toeren per minuut
Wol 600 toeren per minuut
Zijde alleen waterafvoer
U kunt de snelheid van de centrifuge verminderen, of uitsluiten met het symbool
De machine voorkomt automatisch dat er een centrifuge wordt uitgevoerd die sneller is dan het maximum
voorzien voor dat programma.
De verschillende functies van de wasautomaat zorgen voor de door u gewenste schone en witte was.
Voor het activeren van de functies:
1. druk op de toets die bij de gewenste functie hoort;
2. het aangaan van het betreffende controlelampje geeft aan dat de functie actief is.
N.B.: Het snel knipperen van het lampje geeft aan dat de bijbehorende functie niet gekozen kan worden bij het
ingestelde programma.
Als u deze optie selecteert zullen de mechanische beweging, de temperatuur en het water geoptimaliseerd
worden voor een beperkte lading van niet zo vuil katoenen en synthetisch wasgoed (zie "Programmatabel"). Met
kunt u wassen in een kortere tijd en kunt u water en energie besparen. We raden u aan een hoeveelheid
vloeibaar wasmiddel te gebruiken die voldoet voor een halve lading.
Deze optie kan niet worden geactiveerd bij de programmas 1, 2, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13, , , .
Bleekprogramma in staat de meest hardnekkige vlekken te verwijderen. Vergeet niet bleekwater in het hiervoor
bestemde bakje 4 te gieten (zie Bleekcyclus).
Deze optie kan niet worden geactiveerd bij de programmas 1, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13, , .
Door deze functie te selecteren verhoogt u het spoelresultaat en zorgt u ervoor dat elk spoor van wasmiddel
verdwijnt. Deze optie is vooral nuttig bij personen met een gevoelige huid.
Deze optie kan niet worden geactiveerd bij de programmas 10, , .
Stelt de start van de wasautomaat tot aan 12 uur uit.
Druk meerdere malen op de toets totdat het controlelampje dat bij de gewenste vertraging hoort aangaat. Bij de
vijfde druk op de toets wordt de functie uitgeschakeld.
N.B.: Als de START/PAUSE knop eenmaal is ingedrukt kan de vertraging alleen verminderd worden voor u het
ingestelde programma van start doet gaan.
Deze optie is bij alle programmas mogelijk.
Persoonlijke instellingen68
NL Wasmiddelen en wasgoed
Wasmiddelbakje Een goed wasresultaat hangt ook af van de juistedosis wasmiddel: te veel wasmiddel maakt hetwassen niet beter. Het wasmiddel blijft aan debinnenzijde van de wasautomaat zitten en zorgt voorhet vervuilen van het milieu. Gebruik nooit wasmiddelen voor handwas aangezien die te veel schuim vormen.Trek het laatje naar vorenen giet het wasmiddel ofde wasversterker er alsvolgt in:bakje 1: Wasmiddel voor voorwas (poeder)Voordat u het wasmiddel erin strooit moet ucontroleren of het bakje 4 is verwijderd.bakje 2: Wasmiddel voor hoofdwas(poeder of vloeibaar)Het vloeibare wasmiddel moet vlak voor de start inhet bakje worden gegoten.bakje 3: Wasversterkers (wasverzachter, enz.)De wasverzachter mag niet boven het roostertje uitkomen.extra bakje 4: Bleekmiddel Bleekcyclus
Het traditionele bleekmiddel kan alleen voor stevig wit wasgoed gebruikt worden, terwijl het delicatebleekmiddel geschikt is voor gekleurde stoffen,synthetische stoffen en wol.Plaats het bijgeleverde extra bakje 4 in bakje 1. Let er bij het gieten vanhet bleekwater op dathet niveau "max",aangegeven op decentrale pin, niet wordtoverschreden (zie afb.).Als u alleen wilt bleken giet u het bleekwater in hetextra bakje 4, stelt u het programma Spoelen en activeert u de functie Bleken ( . Voor bleken tijdens het wassen giet u het wasmiddelen de toevoegmiddelen in de bakjes, stelt u hetgewenste programma in en activeert u de functieBleken ( . Gebruik van het extra bakje 4 sluit het voorwassen uit. 1
Voorbereiden van het wasgoed Verdeel het wasgoed volgens:- het soort stof / het symbool op het etiket.- de kleuren: scheid de bonte was van de witte was. Leeg de zakken en controleer de knopen. Overschrijd het aangegeven gewicht, berekendvoor droog wasgoed, nooit:Kleurechte stoffen: max 7 kgSynthetische stoffen: max 3 kgFijne stoffen: max 2 kgWol: max 1,5 kgZijde: max 1 kgHoeveel weegt wasgoed?1 laken 400-500 g.1 sloop 150-200 g.1 tafelkleed 400-500 g.1 badjas 900-1200 g.1 handdoek 150-250 g. Bijzondere kledingstukken
Wol: met het programma 7 is het mogelijk alle wollen kledingstukken in de wasautomaat te wassen, ookdie met het etiket "alleen handwas" . Voor debeste resultaten dient u een specifiek wasmiddel tegebruiken en nooit de 1,5 kg wasgoed teoverschrijden. Zijde: gebruik het speciale programma 8 om alle zijden kledingstukken te wassen. We raden u aaneen speciaal wasmiddel voor fijne was te gebruiken.Gordijnen: vouw de gordijnen en doe ze in debijgeleverde zak. Gebruik het programma 8.Jeans: draai de kledingstukken binnenstebuiten vooru ze wast en gebruik een vloeibaar wasmiddel.Gebruik het programma 9. Balanceersysteem van de lading Om overmatige trillingen te vermijden verdeelt deautomaat de lading voor het centrifugeren op eengelijkmatige manier. Dit gebeurt door de trommel telaten draaien op een snelheid die iets hoger ligt dande wassnelheid. Als na herhaaldelijke pogingen delading nog steeds niet goed is gebalanceerd, zal dewasautomaat de centrifuge op een lagere snelheiduitvoeren dan die voorzien was. Als de lading zeer uitbalans is zal de wasautomaat een verdeling uitvoerenin plaats van een centrifuge. Teneinde een beteredistributie van de waslading en een juiste balanceringte bereiken raden wij u aan kleine en grotekledingstukken te mengen.69
NL Voorzorgsmaatregelen
De wasmachine is ontworpen en geproduceerd
volgens de internationale veiligheidsnormen. Deze
aanwijzingen zijn voor uw eigen veiligheid geschreven
en moeten aandachtig worden doorgenomen.
Dit apparaat is uitsluitend ontworpen voor
huishoudelijk niet-professioneel gebruik.
Het apparaat mag niet worden gebruikt door
personen (kinderen inbegrepen), met beperkte
lichamelijke, sensorische of mentale vermogens of
met onvoldoende ervaring en kennis, tenzij het
gebruik plaatsvindt onder het toezicht of volgens de
instructies van een persoon die verantwoordelijk is
voor hun veiligheid. Kinderen moeten in de gaten
worden gehouden om te verzekeren dat ze niet
met het apparaat spelen.
De wasautomaat mag alleen door volwassenen
worden gebruikt en volgens de instructies in deze
Raak de machine niet aan als u blootsvoets bent of
met natte of vochtige handen of voeten.
Trek de stekker nooit uit het stopcontact door aan
het snoer te trekken, maar altijd door de stekker
zelf beet te pakken.
Open het wasmiddelbakje niet terwijl de machine in
Raak het afvoerwater niet aan aangezien het zeer
Forceer de deur nooit: het veiligheidsmechanisme
dat een ongewild openen van de deur voorkomt,
kan beschadigd worden.
Probeer in geval van storingen nooit zelf de interne
mechanismen van de wasautomaat te repareren.
Zorg ervoor dat kleine kinderen niet te dicht bij de
machine komen als deze in werking is.
De deur kan tijdens het wassen zeer heet worden.
Als de machine verplaatst moet worden, doe dit dan
met twee of drie personen tegelijk en zeer voorzichtig.
Doe dit nooit alleen, want het apparaat is erg zwaar.
Voordat u het wasgoed in de automaat laadt, moet
u controleren of hij leeg is.
Het wegdoen van het verpakkingsmateriaal: houdt
u aan de plaatselijke normen zodat het materiaal
hergebruikt kan worden.
De Europese Richtlijn 2002/96/EC over Vernieti
ging van Electrische en Electronische Apparatuur,
vereist dat oude huishoudelijke electrische appa
raten niet mogen vernietigd via de normale
ongesorteerde afvalstroom. Oude apparaten
moeten apart worden ingezameld om zo het
hergebruik van de gebruikte materialen te optima
liseren en de negatieve invloed op de gezondheid
en het milieu te reduceren. Het symbool op het
product van de afvalcontainer met een kruis
erdoor herinnert u aan uw verplichting, dat
wanneer u het apparaat vernietigt, het apparaat
apart moet worden ingezameld.
Consumenten moeten contact opnemen met de
locale autoriteiten voor informatie over de juiste
wijze van vernietiging van hun oude apparaat.70
NL Onderhoud en verzorging
Afsluiten van water en stroom
Sluit na iedere wasbeurt de kraan af. Hiermee
beperkt u slijtage van de waterinstallatie van de
wasmachine en voorkomt u lekkage.
Sluit altijd eerst de stroom af voordat u de
wasautomaat gaat schoonmaken en gedurende
onderhoudswerkzaamheden.
Reinigen van de wasautomaat
De buitenkant en de rubberen onderdelen kunnen
met een spons en een lauw sopje worden
schoongemaakt. Gebruik nooit schuurmiddelen of
Reinigen van het wasmiddelbakje
Verwijder het bakje door
het op te lichten en
naar voren te trekken
Onderhoud van deur en trommel
Laat de deur altijd op een kier staan om nare
luchtjes te vermijden.
Reinigen van de pomp
De wasautomaat is voorzien van een zelfreinigende
pomp en hoeft dus niet te worden onderhouden. Het
kan echter gebeuren dat kleine voorwerpen (muntjes,
knopen) in het voorvakje dat de pomp beschermt en
zich aan de onderkant ervan bevindt, terechtkomen.
Verzeker u ervan dat de wascyclus klaar is en haal
de stekker uit het stopcontact.
Toegang tot het voorvakje:
wasautomaat met behulp
2. draai het deksel eraf,
(zie afbeelding): het is
beetje water uit komt;
3. maak de binnenkant goed schoon;
4. schroef het deksel er weer op;
5. monteer het paneel weer, met de haakjes goed
bevestigd in de juiste openingen, voordat u het paneel
tegen de machine aandrukt.
Controleren van de buis van de
Controleer minstens eenmaal per jaar de slang van de
watertoevoer. Als er barstjes of scheuren in zitten
moet hij vervangen worden: gedurende het wassen
kan de hoge waterdruk onverwachts breuken
Gebruik nooit tweedehands buizen.71
NL Storingen en oplossingen
Het kan gebeuren dat de wasautomaat niet werkt. Voor u contact opneemt met de Servicedienst
(zie Service)moet u controleren of het niet een storing betreft die u zelf makkelijk kunt verhelpen met behulp van
De wasautomaat gaat niet aan.
De wascyclus start niet.
De wasautomaat heeft geen
controlelampje van de eerste
wasfase knippert snel).
De wasautomaat blijft water
De wasautomaat voert het water
niet af of centrifugeert niet.
De machine trilt erg tijdens het
De wasautomaat lekt.
De controlelampjes van de
"Functies" en het controlelampje
"START/PAUSE" gaan knipperen,
en een van de controlelampjes
van de "lopende fase" en van
"deur geblokkeerd" blijven vast
Er ontstaat teveel schuim.
Mogelijke oorzaken / Oplossing:
De stekker zit niet in het stopcontact of niet ver genoeg om contact te maken.
Het hele huis zit zonder stroom.
De deur zit niet goed dicht.
De ON/OFF toets is niet ingedrukt.
De START/PAUSE toets is niet ingedrukt.
De waterkraan is niet open.
De uitgestelde start is ingesteld (zie Persoonlijke Instellingen).
De watertoevoerbuis is niet aangesloten op de kraan.
De buis is gebogen.
De waterkraan is niet open.
Het hele huis zit zonder water.
Er is onvoldoende druk.
De START/PAUSE toets is niet ingedrukt.
De afvoerbuis is niet op 65 tot 100 cm afstand van de grond af
geïnstalleerd (zie Installatie).
Het uiteinde van de afvoerbuis ligt onder water (zie Installatie).
De afvoer in de muur heeft geen ontluchting.
Als na deze controles het probleem niet is opgelost, moet u de
waterkraan dichtdraaien, de wasautomaat uitzetten en de Servicedienst
inschakelen. Als u op een van de hoogste verdiepingen van een
flatgebouw woont kan zich een hevelingsprobleem voordoen, waarbij de
wasautomaat voortdurend water aan- en afvoert. Om deze storing te
verhelpen zijn er in de handel speciale beluchters te koop.
Het programma voorziet geen afvoer: bij enkele programmas moet dit
met de hand worden gestart (zie Starten en Programmas).
De afvoerbuis is gebogen (zie Installatie).
De afvoerleiding is verstopt.
De trommel is bij het installeren niet op de juiste wijze gedeblokkeerd
(zie Installatie).
De wasautomaat staat niet goed recht (zie Installatie).
De wasautomaat staat te krap tussen meubels en muur (zie Installatie).
De buis van de watertoevoer is niet goed aangeschroefd (zie Installatie).
Het wasmiddelbakje is verstopt (voor reiniging zie Onderhoud en
De afvoerbuis is niet goed aangesloten (zie Installatie).
Doe de wasautomaat uit en haal de stekker uit het stopcontact. Wacht
circa 1 minuut en doe hem daarna weer aan.
Als de storing voortzet, dient u de Servicedienst in te schakelen.
Het wasmiddel is niet bedoeld voor wasautomaten (er moet voor
wasautomaat, handwas en machinewas, of dergelijke op staan).
U heeft teveel wasmiddel gebruikt.72
Voordat u de Servicedienst inschakelt:
Controleer eerst of u het probleem zelf kunt oplossen (zie Storingen en oplossingen).
Start het programma opnieuw om te controleren of de storing is verholpen;
Als dit niet het geval is moet u contact opnemen met de erkende Technische Servicedienst via het
telefoonnummer dat op het garantiebewijs staat.
Wendt u nooit tot een niet erkende installateur.
het model van de machine (Mod.);
het serienummer (S/N);
Deze informatie vindt u op het typeplaatje aan de achterkant van de wasautomaat en aan de voorzijde als u
het deurtje opendoet.DE
Notice-Facile