KAI93VIFP - Combinatiekoelkast BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KAI93VIFP BOSCH in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Combinatiekoelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KAI93VIFP - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KAI93VIFP van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING KAI93VIFP BOSCH
( Veiligheidsinstructies Dit apparaat voldoet aan de geldende bepalingen voor elektrische apparaten en is radio-ontstoord. Het koelcircuit is op lekdichtheid gecontro leerd. Over deze handleiding Ø Lees en volg de montage- en gebruiks aanwijzing op. Deze bevat belangrijke informatie over het plaatsen, gebruiken en onderhoud van het apparaat. Ø De fabrikant is niet aansprakelijk wanneer u de instructies en waarschuwingen van de montage- en gebruiksaanwijzing niet aanhoudt. Ø Bewaar alle documentatie voor later gebruik en voor de eventuele volgende eigenaar. Explosiegevaar Ø Nooit elektrische apparaten binnen het apparaat gebruiken (bijv. verwarmings apparaten of elektrische ijsmachines). Ø Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat bewaren. Ø Vloeistoffen met hoge alcoholpercentages uitsluitend goed gesloten en staand bewaren. Ø Afgezien van de aanwijzingen van de fabrikant geen extra maatregelen nemen om het ontdooien te versnellen. Elektrocutiegevaar Worden de installatie of reparaties op ondeskundige wijze uitgevoerd, dan kan de gebruiker in gevaar worden gebracht. Ø Let er bij het plaatsen van het apparaat op dat de stroomkabel niet wordt ingeklemd of beschadigd. Ø Bij beschadiging van de stroomkabel: Apparaat direct van het net scheiden. Ø Geen stekkerdozen, verlengkabels of adapter gebruiken. Ø Apparaat uitsluitend door fabrikant, klantenservice of een gelijkwaardig ge kwalificeerde persoon laten repareren. Ø Uitsluitend originele onderdelen van de fabrikant gebruiken. Voor deze onderdelen garandeert de fabrikant dat ze voldoen aan de veiligheidseisen. Verbrandingsgevaar door koude Ø Niet diepvriesproducten direct – nadat het uit het vriesvak is genomen – in de mond doen. Ø Langer contact van de huid met het diep vriesproduct, ijs en de buizen in het vries vak vermijden. Letselgevaar Verpakkingen met koolzuurhoudende dranken kunnen knappen. Geen verpakkingen met koolzuurhoudende dranken in het vriesvak bewaren. Brandgevaar / gevaren door koude middel In de leidingen van het koudecircuit stroom in een geringe hoeveelheid een milieuvriendelijk, maar brandbaar koudemiddel (R600a). Dit beschadigt de ozonlaag niet en draagt niet bij aan het broeikaseffect. Wanneer het koudemiddel lekt, kan het leiden tot oogletsel of ontbranden. Ø Leidingen niet beschadigen. Bij beschadiging van de leidingen: Ø Vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat houden. Ø Ruimte ventileren. Ø Apparaat uitschakelen en stekker uit het stopcontact halen. Ø Klantenservice inschakelen. Brandgevaar Draagbare stekkerdozen of draagbare voedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden. Geen draagbare stekkerdozen of draagbare voedingen achter het apparaat plaatsen.
Voorkomen van gevaren voor kinderen en personen die een risico lopen Personen die een risico lopen zijn: Ø Kinderen, Ø personen, die lichamelijk, psychisch of in hun waarnemingen zijn beperkt, Ø personen, die niet genoeg kennis omtrent het veilige gebruik van het apparaat hebben. Maatregelen: Ø Zorg er voor dat kinderen en personen die een risico lopen de gevaren begrepen hebben. Ø Een voor de veiligheid verantwoordelijke persoon moet kinderen en personen die een risico lopen bij het apparaat toezicht houden of instructies geven. Ø Laat alleen kinderen vanaf 8 jaar het apparaat gebruiken. Ø Bij reiniging en onderhoud toezicht houden op kinderen. Ø Nooit kinderen met het apparaat laten spelen. Verstikkingsgevaar Ø Verpakking en onderdelen daarvan niet aan kinderen geven. Algemene bepalingen Ø Dit apparaat is bedoeld voor het huis houdelijk gebruik in een privé huishouden en de huiselijke omgeving. Ø Uitsluitend met drinkwater vullen. Ø Dit apparaat is voor een gebruik tot op een hoogte van maximaal 2000 meter boven zeeniveau bedoeld. Materiële schade Om materiële schade te vermijden: Ø Niet op de plinten, laden of deuren stappen of steunen. Ø Kunststof delen en deurafdichtingen olieen vetvrij houden. Ø Trek aan de stekker – niet aan de aansluit kabel. Gewicht Het apparaat is zwaar. Plaatsen en transport van het apparaat altijd met tenminste 2 personen uitvoeren.
Instructies betreffende het afvoeren
- Verpakking afvoeren De verpakking beschermt uw apparaat tegen transport schade. Alle gebruikte materialen zijn milieuvriendelijk en weer herbruikbaar. Wij verzoeken u mee te helpen: Voer de verpakking milieuvriendelijk af. Informeer over de actuele afvoermethoden bij uw vak handelaar of gemeente.
- Oud apparaat afvoeren Oude apparaten zijn geen waardeloos afval! Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen. Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment – WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
: Waarschuwing Bij af te danken apparaten
1. Netstekker uit het stopcontact halen.
2. Aansluitkabel doorknippen en met de netstekker
3. Plateaus en bakken niet uitnemen, om kinderen het
naar binnen klimmen te bemoeilijken!
4. Kinderen niet met het afgedankte apparaat laten
spelen. Verstikkingsgevaar! Koelapparaten bevatten koelmiddelen en in de isolatie gassen. Koelmiddel en gassen moeten correct worden afgevoerd. Leiding van het koudemiddelcircuit tot en met het afvoeren niet beschadigen. Leveringsomvang Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade. Neem in geval van klachten contact op met de winkel waar u het apparaat heeft gekocht of met onze servicedienst. De levering bestaat uit de volgende onderdelen:
Zelfstandig apparaat Zak met montagemateriaal Uitrusting (afhankelijk van het model) Gebruiksaanwijzing Schrift voor servicedienst Garantiebijlagen Informatie over energieverbruik en geluid
Apparaat plaatsen Transport Het apparaat is zwaar. Bij het transport en bij de montage borgen! Vanwege het gewicht en de afmetingen van het apparaat en om het risico van letsel of schade aan het apparaat te minimaliseren, zijn er minimaal twee personen nodig om het apparaat op te stellen. Apparaatdeuren demonteren Wanneer het apparaat niet door de deur van de woning past, kunnen de deuren worden gedemonteerd. Attentie! Alleen de servicedienst mag de apparaatdeuren afschroeven. Opstellingsplaats Voor het opstellen is een droge, goed ventileerbare ruimte geschikt. De opstellingsplaats moet niet zijn blootgesteld aan direct zonlicht en mag zich niet direct in de buurt van een warmtebron bevinden, zoals fornuis, kachel, etc. Wanneer het plaatsen naast een warmtebron onvermijdelijk is, gebruik dan een geschikte isolatieplaat of houd de volgende minimale afstanden tot de warmtebron aan: Ø Tot elektrische- en gasfornuizen 3 cm. Ø Tot olie- of kolengestookte kachels 30 cm. Bij het opstellen naast een ander koel- of vriesapparaat is een minimale afstand aan de zijkant nodig van 25 mm, om condensvorming te voorkomen. Wanneer boven het apparaat een plaat of kast wordt gemonteerd, moet een spleet van 30 mm worden aangehouden, zodat het apparaat indien nodig uit de nis kan worden getrokken. De verwarmde lucht aan de achterzijde van het apparaat moet ongehinderd kunnen wegtrekken. Let op de kamertemperatuur en de ventilatie Kamertemperatuur De klimaatklasse staat op het typeplaatje. Deze geeft aan binnen welke kamertemperaturen het apparaat mag worden gebruikt. Het typeplaatje bevindt zich rechts in de koelruimte. Klimaatklasse Toegestane kamertemperatuur
+16 °C tot 43 °C Aanwijzing: Het apparaat is binnen de kamertemperatuur begrenzingen van de vermelde klimaatklasse volledig functioneel. Wanneer een apparaat met klimaatklasse SN bij koudere kamertemperaturen wordt gebruikt, dan kan schade aan het apparaat tot een temperatuur van +5 °C worden uitgesloten. Ventilatie Een goede ventilatie rondom het apparaat is nood zakelijk. De opgewarmde lucht moet ongehinderd kunnen wegtrekken. Het koelapparaat moet anders meer vermogen leveren. Dat verhoogt het stroom verbruik. Daarom moet er voldoende vrije ruimte rondom het apparaat aanwezig zijn. Aanbeveling: 50 tot 70 mm aan de achterzijde tot de wand, minimaal 100 mm aan de bovenkant en minimaal 100 mm zijdelings tot de wand met voldoende vrije ruimte aan de voorkant, om de deur van het vriesruimte tot 130° en die van het koelruimte tot 135° te kunnen openen. 100 mm 1787 mm Ondergrond Attentie! Het apparaat is zwaar. De vloer op de opstellingsplaats mag niet meeveren, vloer eventueel versterken. Om de deuren tot aan de aanslag te kunnen openen, moeten bij het opstellen in een hoek of nis minimale afstanden aan de zijkant worden aangehouden (~ Hoofdstuk “Opstellingsmaten”). Wanneer de diepte van de naastgelegen keuken inrichtingen groter is dan 60 cm, dan moeten de minimale afstanden aan de zijkant worden aange houden, om de volledige openingshoek van de deuren te kunnen gebruiken (~ Hoofdstuk “Deuropeningshoek”). 100 mm 100 mm
Afstandshouder monteren Apparaat uitlijnen Verwijder de beide schroeven met behulp van een schroevendraaier. Neem de afstandshouders uit het zakje en bevestig deze met de schroeven op de achter zijde van het apparaat. Daardoor wordt de minimale afstand tot de wand aangehouden. Om te zorgen dat het apparaat optimaal functioneert, moet deze met een waterpas horizontaal worden uit gelijnd. Ø Voor een voldoende horizontaal stelling en ventilatie in het onderste, achterste deel van het apparaat moeten eventueel de schroefvoeten worden gesteld. Ø Om er voor te zorgen dat de deuren vanzelf sluiten, door het draaien aan de schroefvoeten de boven kant ca. 15 mm resp. 0,5° naar achteren laten kantelen. Ø Denk er aan de schroefvoeten weer omhoog te draaien, wanneer u het apparaat wilt bewegen zodat het vrij kan rollen. Ø De rollen zijn star en moeten uitsluitend voor bewegingen naar voren en naar achteren worden gebruikt. Bij zijdelingse bewegingen kunnen de vloer en de rollen beschadigd raken. Ø Stel het apparaat na het veranderen van locatie opnieuw horizontaal. Opstellingsmaten en deuropeningshoek 15 mm
0,5° 1171 mm Handgreep bevestigen Controleer de handgreep van het apparaat voordat u het gebruikt. Wanneer een greep los zit, deze met een inbussleutel rechtsom aandraaien. Schroefvoeten
Deuren uitlijnen Mochten de deuren niet op dezelfde hoogte zijn, dan kan de deur van het koelgedeelte met een steeksleutel worden aangepast Alleen de deur van het koelgedeelte is verstelbaar. Apparaat aansluiten Laat het apparaat door een vakman opstellen en aansluiten aan de hand van de meegeleverde montagehandleiding. Verwijder de transportborgingen van de schappen en laden pas na plaatsing van het apparaat. Naast de wettelijk voorgeschreven nationale voor schriften moeten de aansluitingsvoorwaarden van de plaatselijke elektriciteitsmaatschappijen in acht genomen worden. Na het opstellen van het apparaat minimaal 1 uur wachten, tot het apparaat in bedrijf wordt genomen. Tijdens het transport kan het gebeuren dat in de compressor aanwezige olie zich afzet in het koel systeem. Vóór de eerste inbedrijfstelling het interieur van het apparaat reinigen (~ Hoofdstuk “Apparaat reinigen”). Elektrische aansluiting : Waarschuwing – Gevaar voor elektrische schok! Om de deur van het koelgedeelte hoger te stellen, de moer (1) linksom draaien. Om de deur van het koelgedeelte lager te stellen, de moer (1) rechtsom draaien. Wanneer de deur goed is afgesteld, deze met de moer (2) borgen. Wanneer de lengte van de stroomkabel niet voldoende is, gebruik dan in geen geval een meervoudige stekker doos of verlengkabel. Neem in plaats daarvan contact op met de klantenservice voor alternatieven. Voor de aansluiting van het apparaat is een vast geïnstalleerde contactdoos nodig. De contactdoos moet dicht bij het apparaat zitten en ook na het opstellen van het apparaat vrij toegankelijk zijn. Het apparaat voldoet aan veiligheidsklasse I. Via een conform de voorschriften geïnstalleerde contactdoos met randaarde het apparaat op 220-240 V / 50 Hz wisselspanning aansluiten. De contactdoos moet met een 10 A tot 16 A zekering of hoger zijn gezekerd. Controleer bij apparaten, die in niet-Europese landen worden gebruikt, of de opgegeven spanning en stroom overeenkomen met die van het elektriciteitsnet. De typeplaat vindt u rechtsonder in het apparaat. Een eventueel noodzakelijke vervanging van de aansluitkabel mag alleen door een vakman worden uitgevoerd. : Waarschuwing Het apparaat mag in geen geval op een elektronische energiespaarstekker worden aangesloten. Voor het gebruik van onze apparaten kunnen sinusen netgestuurde omvormers worden gebruikt. Netgestuurde omvormers worden bij zonne-energie installaties gebruikt, die direct op het openbare stroomnet worden aangesloten. Bij eilandoplossingen (bijv. schepen of berghutten), die geen directe aan sluiting op het openbare stroomnet hebben, moeten sinusgeregelde omvormers worden gebruikt.
Apparaat leren kennen Aanwijzing: Vanwege continue veranderingen aan onze producten kan uw apparaat iets afwijken van deze handleiding. De functies en toepassing echter blijven gelijk.
LED-verlichting vriesruimte Frontafdekking ijsmaker Ventilatie-afdekking vriesruimte IJsblokjesbak-module Opbergvak in vriesruimte Deuropbergvak vriesruimte Deurafdichting vriesruimte Bovenste vrieslade Onderste vrieslade Deuropbergvak vriesruimte (2‐sterren vak)
LED-verlichting koelruimte Ventilatie-afdekking koelruimte Opbergvak in koelruimte Deuropbergvak koelruimte Waterreservoir Fruit- en groentelade Onderste koelruimtelade Deurafdichting koelruimte
Bedienings- en displayveld Het bedienings- en displayveld op de deur bestaat uit 2 displaygedeelten voor temperaturen, aanwijzingen voor verschillende bedrijfsmodi en 9 functietoetsen.
Toets “Freezer / super 3s” Voor de instelling van de temperatuur van de vriesruimte. Toets “ice on/off” Voor het in-/uitschakelen van de ijsmaker. (ice off) Indicatie Brandt, wanneer de ijsmaker is uitgeschakeld. Indicatie Ê (super-vriezen) Brandt wanneer de functie super-vriezen actief is. Temperatuurindicatie voor het vriesruimte Toets “alarm / lock/unlock 3s” Voor het uitzetten van een deuralarm. Voor het in-/uitschakelen van de toetsen blokkering en de dispenserfunctie (kinderslot). Indicatie È (alarm) Brandt bij een deuralarm. Indicatie H (toetsenblokkering) Brandt wanneer het kinderslot actief is. Indicatie van de bedrijfsmodus van de ijs- en waterdispenser: Bedrijfsmodus “ijsblokjes” is actief. Bedrijfsmodus “crush-ijs” is actief. Bedrijfsmodus “water” is actief. (alarm waterreservoir) Indicatie Alarm van het waterreservoir (reservoir niet geïnstalleerd of niet correct geïnstalleerd).
Indicatie Ì (holiday) Brandt wanneer de vakantiemodus actief is. Toets “holiday” Voor het in-/uitschakelen van de vakantiemodus. Temperatuurindicatie voor de koelruimte Indicatie Ê (super-koelen) Brandt wanneer de functie super-koelen actief is. (eco) Indicatie Brandt wanneer de energiezuinige modus actief is. Toets “eco / no water tank 3s” Voor het in-/uitschakelen van de energiezuinige modus. Voor het uitzetten van het waterreservoir-alarm. Toets “Fridge / super 3s” Voor instelling van de koelruimte-temperatuur. Toets IJs-/waterdispenser naar bedrijfsmodus water omschakelen. Toets IJs-/waterdispenser naar bedrijfsmodus crush-ijs omschakelen. Toets IJs-/waterdispenser naar bedrijfsmodus ijsblokjes omschakelen.
Apparaat inschakelen Temperatuur instellen Bij het inschakelen van het apparaat brandt de achter grondverlichting van de displays op het bedieningsen displayveld. Alle indicaties branden gedurende 3 seconden en de zoemer klinkt. Wanneer geen toetsen worden ingedrukt en de deuren zijn gesloten, dan dooft de achtergrondverlichting na 60 seconden. De vooringestelde temperaturen worden pas na enkele uren bereikt. Daarvoor geen levensmiddelen in het apparaat leggen. Door de fabriek worden de volgende temperaturen geadviseerd: Ø Vriesruimte: -18 °C Ø Koelruimte: +4 °C Vriesruimte Aanwijzing: Na het inschakelen van het apparaat is het kinderslot niet actief. De temperatuur van de vriesruimte kan worden inge steld van -14 °C tot -24 °C. Wij adviseren een instelling van -18 °C. Na het opheffen van de toetsenblokkering is de tem peratuurinstelling actief. Druk op de toets “Freezer / super 3s”, om de temperatuur al naar gelang de behoefte tussen de -14 °C en -24 °C in te stellen. De overeenkomstige waarde wordt in de volgende volgorde in het display weergegeven. -14 °C -15 °C -16 °C -17 °C -18 °C -19 °C -24 °C -23 °C -22 °C -21 °C -20 °C Koelruimte Kinderslot Wanneer de indicatie H brandt, zijn de toetsen ge blokkeerd en de ijs-/waterdispenser is gedeactiveerd. Toetsenblokkering opheffen Toets “alarm / lock/unlock 3s” gedurende 3 seconden indrukken, om de toetsenblokkering op te heffen en de ijs-/waterdispenser te activeren. De indicatie H dooft. De temperatuur van de koelruimte kan worden inge steld van +2 °C tot +8 °C. Wij adviseren een instelling van +4 °C. Gevoelige levensmiddelen moeten niet warmer dan +4 °C worden opgeslagen. Na het opheffen van de toetsenblokkering is de tem peratuurinstelling actief. Druk op de toets “Fridge / super 3s”, om de temperatuur al naar gelang de behoefte tussen de 8 °C en 2 °C in te stellen. De overeenkomstige waarde wordt in de volgende volgorde in het display weergegeven. 8 °C 7 °C 2 °C 6 °C 3 °C 5 °C 4 °C Toetsenblokkering activeren Toets “alarm / lock/unlock 3s” gedurende 3 seconden indrukken om de toetsen te blokkeren en de ijs-/water dispenser te deactiveren. De indicatie H gaat branden. Effectieve inhoud De informatie over de effectieve inhoud vindt u op het typeplaatje (~ Hoofdstuk “Servicedienst”).
De vriesruimte De vriesruimte gebruiken Ø voor het opslaan van diepvriesproducten. Ø voor het maken van ijsblokjes. Ø voor het bevriezen van levensmiddelen. Attentie! Flessen niet langer dan nodig in het vriesvak laten, deze kunnen bij het bevriezen breken. Aanwijzing: Let erop dat de deur van de vriesruimte altijd goed gesloten is! Bij een geopende deur ontdooien de bevroren waren en treedt er sterke ijsvorming op. Bovendien: Energieverspilling door hoog stroom verbruik! Na het sluiten van de deur van de vriesruimte ontstaat een onderdruk, welke een zuigend geluid veroorzaakt. Wacht twee tot drie minuten, tot de onderdruk is gestabiliseerd. Diepvriesproducten inkopen Ø De verpakking mag niet beschadigd zijn. Ø Houdbaarheidsdatum aanhouden. Ø De temperatuur in de verkoopvrieskist moet -18 °C of kouder zijn. Verse levensmiddelen bevriezen Gebruik voor het invriezen alleen verse levensmiddelen. Om voedingswaarde, aroma en kleur zo goed mogelijk te behouden, moeten groenten voor het invriezen ge blancheerd worden. Bij aubergines, paprika, courgettes en asperges is blancheren niet nodig. Boeken over invriezen en blancheren vindt u in de boekwinkel. Aanwijzing: Laat in te vriezen levensmiddelen niet in contact komen met al bevroren levensmiddelen. Ø Geschikt om in te vriezen zijn: Gebak, vis en zeevruchten, vlees, wild, gevogelte, groenten, fruit, kruiden, eieren zonder schaal, melkproducten zoals kaas, boter en kwark, bereide gerechten en etensresten zoals soep, eenpans gerecht, klaargemaakt vlees en klaargemaakte vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete gerechten. Ø Niet geschikt om in te vriezen zijn: Groenten die doorgaans rauw worden gegeten, zoals sla, radijsjes, eieren in de schaal, druiven, hele appels, peren en perziken, hardgekookte eieren, yoghurt, zure-melk, zure room, crème fraîche en mayonaise. Ø Diepvriesproducten indien mogelijk in isolerende tas transporteren en zo snel mogelijk in de vriezer doen. Bakken De vriezerladen zijn op uittrekrails gemonteerd en kunnen grote hoeveelheden diepvriesproducten bevatten. Voor het er uit nemen van een diepvrieslade deze naar voren trekken en uit de rails tillen. Eerst de diep vriesproducten verwijderen. Na het uitnemen van de diepvriesladen de rails weer volledig terugduwen. Diepvriesvolume volledig benutten Wanneer u geen ijs nodig heeft, kunt u de ijsmaker uitschakelen en in plaats van de ijsblokjeshouder de deuropbergruimte plaatsen (~ Hoofdstuk “Apparaat reinigen”). Vriescapaciteit Informatie over de vriescapaciteit vindt u op het type plaatje. Vriesproducten verpakken Verpak levensmiddelen luchtdicht, zodat deze geen smaak verliezen of uitdrogen.
1. Levensmiddel in de verpakking doen.
2. Lucht er uit drukken.
3. Verpakking dicht afsluiten.
4. Inhoud en invriesdatum op de verpakking schrijven.
Als verpakking geschikt: Kunststoffolie, polyethyleen slangfolie, aluminiumfolie, invriesdozen. Deze producten vindt u in de vakhandel. Niet geschikt als verpakking: Pakpapier, perkament, cellofaan, vuilniszakken en gebruikte plastic winkeltassen. Geschikt voor het afsluiten zijn: Rubber ringen, kunststof clips, sluiters, koude bestendige tape, etc. Zakken en slangfolie van poly-ethyleen kunnen met een folielasapparaat worden gelast.
Houdbaarheid van het diepvriesproduct Super-vriezen inschakelen De houdbaarheid is afhankelijk van het soort levens middel. Bij een temperatuur van -18 °C: Druk op de toets “Freezer / super 3s” gedurende 3 seconden, om de functie “super-vriezen” in te schakelen. De indicatie Ê (super-vriezen) brandt en als vries ruimte-temperatuur wordt “-24 °C” aangegeven. Ø Vis, worst, bereide gerechten, brood en gebak: tot max. 6 maanden Ø Kaas, gevogelte, vlees: tot max. 8 maanden Ø Groenten, fruit: tot max. 12 maanden Invrieskalender Super-vriezen uitschakelen Druk op de toets “Freezer / super 3s”, om de functie “super-vriezen” uit te schakelen. Wanneer super-vriezen wordt uitgeschakeld, dooft de indicatie Ê (super-vriezen). Het apparaat schakelt automatisch terug naar de vóór het super-vriezen ingestelde temperatuur. Aanwijzingen Ø Na 52 uur schakelt “super-vriezen” automatisch uit. Ø Een activering van de vakantiemodus of energie zuinige modus schakelt de functie “super-vriezen” uit. Overschrijd de bewaarduur niet om kwaliteitsachter uitgang van het diepvriesproduct te vermijden. De bewaarduur hangt af van het soort diepvriesproduct. De getallen bij de symbolen geven de toegestane bewaartijd in maanden aan voor de diepvries producten. Let bij in de handel verkrijgbare diepvriesproducten op de productie of houdbaarheidsdatum. Super-vriezen Levensmiddelen moeten zo snel mogelijk tot in de kern worden bevroren, zodat vitamines, voedingswaarde, uiterlijk en smaak behouden blijven. Het apparaat werkt continu, wanneer super-vriezen is ingeschakeld. De temperaturen in de vriesruimte zijn veel lager dan bij normaal bedrijf. Schakel enkele uren voor het plaatsen van de verse levensmiddelen “super-vriezen” in, om een ongewenste temperatuurstijging te voorkomen. Wanneer de vriescapaciteit volgens het typeplaatje benut moet worden, schakel dan super-vriezen 24 uur vóór het plaatsen van de verse producten in de vries ruimte in. Kleinere hoeveelheden levensmiddelen (tot max. 2 kg) kunnen zonder super-vriezen worden ingevroren.
Diepvriesproduct ontdooien Afhankelijk van het soort en het gebruiksdoel kunt u kiezen uit de volgende mogelijkheden: Ø bij kamertemperatuur Ø in de koelkast Ø in elektrische oven, met/zonder heteluchtventilator Ø in magnetron Attentie! Ontdooide waren niet weer invriezen. Pas na het verwerken in een gerecht (gekookt of gebraden) kan het opnieuw ingevroren worden. De maximale bewaartijd van het product niet meer volledig opgebruiken.
De koelruimte De koelruimte is de ideale bewaarplek voor vlees, worst, vis, melkproducten, eieren, bereide gerechten en gebak. Opletten bij het plaatsen Ø Plaats verse, ongeschonden levensmiddelen. Zo blijft de kwaliteit en versheid langer bewaard. Ø Bij bereide producten en gebottelde producten de door de producent aangegeven minimale houdbaar heids- of gebruiksdatum aanhouden. Ø Om aroma, kleur en versheid te behouden, de levensmiddelen goed verpakt of afgedekt plaatsen. Overdracht van smaak en verkleuringen van kunst stof delen in de koelruimte worden daardoor ver meden. Ø Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen en dan pas in het apparaat plaatsen. Aanwijzing: Voorkom contact tussen levensmiddelen en de achter wand. De luchtcirculatie wordt anders beïnvloed. Levensmiddelen of verpakkingen kunnen aan de achterwand vastvriezen. Houd rekening met de koudezones in de koelruimte Door de luchtcirculatie in de koelruimte ontstaan zones van een verschillende koudegraad: Ø De koudste zone is tussen de groentelade en de daarop liggende glasplaat. Aanwijzing: Bewaar in de koudste zone boven de groentelade gevoelige levensmiddelen (bijv. vis, worst, vlees). Ø De warmste zone is bij de deur, helemaal bovenin. Aanwijzing: Bewaar in de warmste zone bijv. kaas en boter. Kaas kan zo haar aroma verder ontwikkelen, de boter blijft smeerbaar. Fruit- en groentelade De lade is op uittrekrails gemonteerd en dient voor het bewaren van fruit en groente. Voor het er uit nemen van een lade deze naar voren trekken en uit de rails tillen. Eerst alle levensmiddelen er uit halen. Na het uitnemen van de diepvriesladen de rails weer volledig terugduwen. Aanwijzingen Ø Koudegevoelig fruit (bijv. ananas, bananen, papaja en citrusvruchten) en groenten (bijv. aubergines, komkommers, courgettes, paprika, tomaten en aardappelen) moeten voor een optimaal behoud van de kwaliteit en het aroma buiten de koelkast bij temperaturen van circa +8 °C tot +12 °C worden bewaard. Ø Al naar gelang de bewaarhoeveelheid en het product kan zich in de groentelade condenswater vormen. Condenswater met een droge doek ver wijderen. Super-koelen Bij het super-koelen wordt de koelruimte zo koud mogelijk gekoeld. Het super-koelen inschakelen bijv. Ø voor het plaatsen van grote hoeveelheden levensmiddelen. Ø voor het snelkoelen van dranken. Super-koelen inschakelen Druk op de toets “Fridge / super 3s” gedurende 3 seconden, om de functie „super-koelen“ in te schakelen. De indicatie Ê (super-koelen) brandt en als koelruimtetemperatuur wordt “2 °C” aangegeven. Super-koelen uitschakelen Druk op de toets “Fridge / super 3s”, om de functie “super-koelen” uit te schakelen. Wanneer super-koelen wordt uitgeschakeld, dooft de indicatie Ê (super-koelen). Het apparaat schakelt automatisch naar de vóór de super-koelen ingestelde temperatuur terug. Aanwijzingen Ø Na 3 uur schakelt “super-koelen” automatisch uit. Ø Een activering van de vakantiemodus of energie zuinige modus schakelt de functie “super-koelen” uit.
Waterreservoir Het waterreservoir dient voor de watertoevoer van de ijsmaker en de waterdispenser. Vullen van het waterreservoir
1. Het waterreservoir een stuk uit het apparaat trekken.
2. De kleine klep openen en water daar direct ingieten.
Attentie! Ø Het waterreservoir uitsluitend met drinkwater vullen. Ø De aanbevolen vulhoeveelheid is maximaal 4,5 liter.
3. Het waterreservoir er weer correct inschuiven.
Aanwijzing: Na het inschuiven 10 seconden wachten, voordat water wordt gevraagd.
Alarm waterreservoir Wanneer het waterreservoir niet correct is geplaatst, brandt ter herinnering van de gebruiker de indicatie . Druk op de toets “eco / no water tank 3s” gedurende 3 seconden om het alarm te bevestigen.
IJs- en waterdispenser Afhankelijk van de behoefte kan worden afgenomen: Ø gekoeld water Ø ijsblokjes Ø crush‐ijs De ijssoort of water kunt u door de toets (ijsblokjes), (crush-ijs) of (water) te kiezen. : Waarschuwing Ø Geen breekbare glazen voor het tappen van water of ijs – kans op letsel bij glasbreuk! Ø Niet in de uitwerpopening grijpen – letselgevaar door crusher‐messen! Aanwijzing: De ijs- en waterdispenser werkt niet, zolang de deur van de vriesruimte open is of het kinderslot actief is. Water aftappen Het water van de waterdispenser is geschikt voor consumptie gekoeld. Wanneer het water kouder wordt gewenst, voor het aftappen extra ijsblokjes in het glas doen. IJsmaker Wanneer de vriesruimte de vriestemperatuur heeft bereikt, stroomt water in de ijsmaker en bevriest tot ijsblokjes. Zodra de ijsblokjes klaar zijn, worden deze automatisch in de ijsblokjesbak gelost. Uitschakelen van de ijsmaker Om water en energie te besparen, kan de ijsmaker worden uitgeschakeld, mocht er geen ijs nodig zijn. Druk om de ijsmaker in- of uit te schakelen op de toets “ice on/off”. De indicatie (ice off) brandt wanneer de ijsmaker is uitgeschakeld. Aanwijzing: “ice on/off” betreft alleen de ijsmaker, niet de ijs-/waterdispenser. Legen van de ijsblokjesbak Wanneer langere tijd geen ijs is gebruikt, kunnen de ijsblokjes in de ijsblokjesbak aan elkaar vriezen. In dat geval de bak er uit nemen en legen (~ Hoofdstuk “Apparaat reinigen”). IJs afnemen
1. Druk op toets , om de ijs-/waterdispenser naar de
bedrijfsmodus water om te schakelen. De indicatie brandt wanneer de bedrijfsmodus water actief is.
2. Duw het glas tegen de hendel van de dispenser.
Het water stopt met stromen, zodra het glas niet meer tegen de hendel drukt. Het glas niet direct helemaal wegnemen, maar nog 2 tot 3 seconden onder de dispenser houden, om waterspatten te vermijden. Aanwijzing: Wanneer er geen water of wanneer het water slechts langzaam stroomt, controleren of het waterreservoir correct is aangesloten, en verifiëren dat het reservoir voldoende is gevuld.
drukken om de ijs- en water dispenser naar de bedrijfsmodus ijsblokjes of crushijs om te schakelen. De betreffende indicatie brandt wanneer de gekozen bedrijfsmodus actief is.
2. Duw een geschikte opvangeenheid tegen de hendel
van de dispenser. De opvangeenheid van de hendel halen, wanneer deze ca. voor de helft is gevuld. Het zich in de uit werpeenheid bevindende ijs kan anders leiden tot overstromen van de opvangeenheid of de uitwerp opening blokkeren. De opvangeenheid niet direct helemaal wegnemen, maar nog 2 tot 3 seconden onder de dispenser houden, om waterspatten te vermijden. Aanwijzingen Ø Na het omschakelen van ijsblokjes naar crush-ijs kunnen er zich nog hele ijsblokjes of delen daarvan in de dispenser bevinden. Deze worden met de eerste porties crush-ijs uitgegeven. Ø Na het omschakelen van crush-ijs naar ijsblokjes kan er zich nog een hoeveelheid crush-ijs in de dispenser bevinden. Deze wordt met de eerste ijsblokjes uitgegeven. Ø IJs in normaal bedrijf niet continu langer dan 1 minuut dispenseren, om een oververhitting van de crusher-motor te vermijden.
Variabele indeling van het interieur Het flessenrek (optie) dient voor het bewaren van wijn en andere dranken in flessen. Aanwijzing: Bij het uitnemen van de flessen voorzichtig te werk gaan. De koelruimte is met 5 glasplaten en meerdere ver schillende opbergvakken in de deur uitgerust, die geschikt zijn voor het bewaren van eieren, blikken, drankflessen en verpakte levensmiddelen. Deze kunnen naar behoefte op verschillende hoogtes worden geplaatst. Voor het verwijderen van de opberg vakken in de deur alle levensmiddelen verwijderen, om morsen te vermijden. Ø Het rek kan voor reiniging of om plaats te besparen worden verwijderd. Alarmfunctie Ø Voor het verwijderen van een element deze voor zichtig naar voren trekken, tot het element uit de geleidingen los komt. Ø Bij het weer plaatsen van het element ervoor zorgen dat er zich daarachter geen hindernis bevindt en het element voorzichtig in haar positie terug schuiven. Bij een alarm brandt de indicatie È en er klinkt een zoemtoon. Deuralarm Wanneer de deur van de vries- of koelruimte langer dan twee minuten open staat, schakelt het deuralarm in. Bij het deuralarm klinkt de zoemer 3 x per minuut en houdt deze na 10 minuten automatisch op. Om energie te besparen moet u vermijden het apparaat tijdens gebruik langere tijd open te houden. Door het sluiten van de deur wordt het alarm uitge schakeld. Bij geopende deur kan het alarm door het indrukken van de toets “alarm / lock/unlock 3s” worden uitgezet, wanneer het kinderslot niet actief is. Ø Deuropbergvakken optillen en dan verwijderen.
Vakantiemodus Bij langer afwezigheid is de vakantiemodus de beste keuze. In deze modus wordt de temperatuur in de koel ruimte op 15 °C ingesteld en de temperatuur van de vriesruimte op -18 °C, om het energieverbruik te minimaliseren. Belangrijk: Gedurende deze periode geen levens middelen in de koelruimte bewaren. Vakantiemodus inschakelen Druk op de toets “holiday”, om de vakantiemodus in te schakelen. De indicatie Ì (holiday) brandt en als koelruimtetemperatuur wordt “15 °C” weergegeven. Apparaat uitschakelen en stilleggen Apparaat uitschakelen Netstekker uit het stopcontact halen of de zekering uitschakelen. De koelinrichting schakelt uit. Attentie! Wanneer het apparaat te lang is uitgeschakeld, smelt het ijs in de ijsblokjesbak en er loopt water uit het apparaat op de vloer. Om dit te voorkomen, moet u de ijsblokjesbak legen (~ Hoofdstuk “Apparaat reinigen”). Aanwijzing: In de vakantiemodus wordt de ijsmaker automatisch uitgeschakeld. Aanwijzing: Het kinderslot en de functies super-vriezen en super-koelen blijven niet gehandhaafd wanneer het apparaat wordt uitgeschakeld. Vakantiemodus uitschakelen Apparaat stil zetten Druk op de toets “holiday”, om de vakantiemodus te deactiveren. Wanneer u het apparaat langere tijd niet gebruikt:
1. Alle levensmiddelen uit het apparaat nemen.
2. Netstekker uit het stopcontact halen of de zekering
3. Apparaat van binnen reinigen en de ijsblokjesbak
legen (~ Hoofdstuk “Apparaat reinigen”).
4. Apparaatdeuren open laten, om geurvorming te
voorkomen. Wanneer de vakantiemodus werd uitgeschakeld, dooft de indicatie Ì (holiday) op het display. Het apparaat schakelt automatisch terug naar de eerder ingestelde temperatuur. Energiezuinige modus De energiezuinige modus kan u helpen het energie verbruik te reduceren. Deze stelt de temperatuur van de koelruimte in op 6 °C en de temperatuur van de vriesruimte op -17 °C. Energiezuinige modus inschakelen Druk op de toets “eco / no water tank 3s”, om de energiezuinige modus in te schakelen. De indicatie (eco) brandt, wanneer de energie zuinige modus actief is. Energiezuinige modus uitschakelen Druk op de toets “eco / no water tank 3s”, om de energiezuinige modus uit te schakelen. Wanneer de energiezuinige modus wordt uitge schakeld, dooft de indicatie (eco) op het display. Het apparaat schakelt naar de voorheen ingestelde temperaturen terug.
Ontdooien IJs- en waterdispenser Ø Niet aan de dispenderhendel trekken. De veer kan daardoor beschadigd raken of breken. Vriesruimte Door het volautomatische Nofrost-systeem blijft de vriesruimte ijsvrij. Ontdooien is niet meer nodig. Wateropvangbak en rooster reinigen Het water verzamelt zich in de wateropvangbak. Koelruimte Het ontdooien wordt automatisch uitgevoerd. Het dooiwater loopt weg via het afvoergat in een verdampingsbak aan de achterzijde van het apparaat. Apparaat reinigen Ø Voor het reinigen de wateropvangbak en de zeef kan de zeef worden uitgenomen. : Waarschuwing Het apparaat nooit met een stoomreiniger reinigen! Uitrusting Attentie! Voor het reinigen alle variabele onderdelen van het apparaat verwijderen (~ Hoofdstuk “Variabele indeling van het interieur”). Ø Gebruik geen zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaak- en oplosmiddelen. Ø Geen schurende of krassende sponzen gebruiken. Op metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan. Ø Geen scherpe voorwerpen gebruiken om ijsafzetting uit de koelruimte te verwijderen. Ø Nooit plateaus en bakken in de vaatwasser reinigen. De delen kunnen vervormen! Aanwijzing: Voor het uitnemen en reinigen van de lade de deuren volledig met meer dan 90° openen. Lade uitnemen Procedure
1. Netstekker uit het stopcontact halen of de zekering
2. Diepvriesproducten wegnemen en op een koele
3. Wachten tot de rijplaag is ontdooid.
4. Reinig het apparaat met een zachte doek, lauwwarm
water en wat pH-neutraal afwasmiddel. Het afwas water mag niet bij de verlichting terecht komen.
5. De deurafdichting alleen met schoon water afvegen
en daarna grondig droog wrijven.
6. Na het reinigen het apparaat weer aansluiten.
De binnenruimte moet volledig droog zijn voordat u de stekker in het stopcontact steekt en het apparaat inschakelt.
7. Diepvriesproducten weer terugleggen.
Ø Lade geheel er uit trekken, door het omhoog tillen uit de borging lossen en er uit nemen. Bij het plaatsen de lade op de uittrekrails zetten en in het interieur schuiven. De lade borgt door deze naar beneden te drukken.
Reiniging van de het waterreservoir Gebruik van de ijsblokjesbak Het waterreservoir moet regelmatig worden gereinigd. IJsblokjesbak verwijderen Voor de reiniging of wanneer er geen ijs nodig is, kan de ijsblokjesbak worden verwijderd.
1. Het waterreservoir er volledig uittrekken.
1. De ijsblokjesbak aan de greep vasthouden en naar
2. Langzaam er uitschuiven om beschadigingen te
vermijden. Frontafdekking ijsmaker
2. Het deksel van het reservoir afnemen.
3. De binnenkant van het reservoir en het deksel
reinigen en met drinkwater uitspoelen.
4. Het waterreservoir weer in elkaar zetten en terug
plaatsen. IJsgoot IJsblokjesbak : Waarschuwing Niet de vingers, de hand of ongeschikte voorwerpen in de ijsgoot of de ijsmaker steken. Dit kan tot letsel of materiële schade leiden. Aanwijzing: Tussen de ijsmaker en het waterreservoir bevindt zich een waterleiding. Demonteer het gehele watertoevoersysteem niet zelf. Dit moet uitsluitend door gekwalificeerde personen worden uitgevoerd. IJsblokjesbak legen en reinigen De ijsblokjesbak moet worden geleegd wanneer de ijsblokjes aan elkaar zijn gevroren of langere tijd geen ijs is afgenomen of wanneer het apparaat wordt uit geschakeld. Voor de reiniging met een mild reinigingsmiddelen afnemen, grondig uitspoelen en goed afdrogen. Gebruik geen agressieve of schurende reinigings middelen of oplosmiddelen.
IJsblokjesbak vervangen
Is er geen ijs nodig, dan kan de ijsmaker worden uit geschakeld en in plaats van de ijsblokjesbak (1) de deuropbergruimte (2) worden geplaatst om in de vries ruimte meer plaats te maken. IJsblokjesbak monteren
2. De ijsblokjesbak aan de greep vasthouden en naar
boven schuiven. Zorg er daarbij voor dat de ijsblokjesbak (B) aan beide zijden in de klemmen (A) van de ijsmaker sluit.
3. De ijsblokjesbak naar onderen trekken controleren
of deze goed vast zit. Ontdooien Hoewel het apparaat automatisch ontdooit, kan er zich op de binnenwanden van de vriesruimte een ijslaag vormen, wanneer de deur vaak wordt geopend of te lang open stond. Wanneer de ijslaag te dik is, wacht dan tot de levens middelenvoorraad gering is en handel dan als volgt:
1. Aanwezige levensmiddelen en glasplaten ver
wijderen, stekker uit het stopcontact halen en deur open laten. Om het ontdooien te versnellen de ruimte goed ventileren.
2. Wanneer het ontdooien gereed is, het apparaat
zoals hierboven beschreven reinigen.
1. Zorg ervoor dat beide koppelingen zich in een
geschikte hoek tot elkaar bevinden om in elkaar te grijpen Indien nodig de koppeling op de ijsblokjes bak draaien zodat deze op de koppeling van de motor past.
Verlichting (LED) Bedrijfsgeluiden Uw apparaat is uitgevoerd met een onderhoudsvrije LED-verlichting. Reparaties aan deze verlichting mogen uitsluitend door de Servicedienst of geautoriseerde vakkrachten worden uitgevoerd. Normale geluiden Ø Bedrijfsgeluiden van de compressor. Ø Luchtverplaatsingsgeluiden van de kleine ventilator motor in de koelruimte of andere gebieden. Ø Gorgelende geluiden, soortgelijk als bij kokend water. Energie besparen Ø Apparaat in een droge, goed geventileerde ruimte
plaatsen. Het apparaat moet niet in direct zonlicht of in de buurt van een warmtebron staan (bijv. radiator, fornuis). De be- en ontluchtingsopeningen van het apparaat niet afsluiten. Warme levensmiddelen en dranken eerst laten afkoelen, dan pas in het apparaat zetten. Diepvriesproducten voor het ontdooien in de koel ruimte plaatsen en de koude van het diepvries product voor de koeling van levensmiddelen benutten. Apparaat zo kort mogelijk openen. Let er op dat de deur van de vriesruimte altijd goed gesloten is. De plaatsing van de indelingselementen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat. Om water en energie te besparen, kan de ijsmaker worden uitgeschakeld, mocht er geen ijs nodig zijn. Ø Geknak tijdens het automatische ontdooien. Ø Klikken voordat de compressor start. Ø Geluiden, wanneer de ijsmaker ijsblokjes in de ijsblokjesbak laat vallen. gedrukt, dan start de water pomp en zolang de pomp draait is er een zacht geluid te horen. Ø Wordt op de toets Geluiden voorkomen Het apparaat staat niet horizontaal Stel het apparaat horizontaal m.b.v. een waterpas. Gebruik daarvoor de schroefvoeten of leg er wat onder. Het apparaat maakt contact Zet het apparaat los van andere meubels of apparaten. Vakken of plateaus wiebelen of klemmen Controleer de uitneembare delen en plaats deze eventueel opnieuw. Flessen of vaten raken elkaar Haal de flessen of verpakkingen iets uit elkaar.
Kleine storingen zelf opheffen Voordat u contact opneemt met de servicedienst: Controleer of u de storing aan de hand van de volgende instructies kunt verhelpen. U moet de kosten voor de klantenservice zelf dragen – ook tijdens de garantieperiode! Storing Mogelijke oorzaak Oplossing Het apparaat werkt niet Netstekker is niet goed ingestoken. Controleer of de stekker goed in het stopcontact zit. Zekering is uitgeschakeld of defect. Zekering controleren, eventueel vervangen. Netspanningsuitval. Voedingsspanning controleren. Te lage omgevingstemperatuur. Proberen het probleem door het verlagen van de ingestelde temperatuur te verhelpen. Het is normaal, dat het apparaat tijdens het automatische ontdooien niet werkt, of kortstondig na het inschakelen van het apparaat, om de compressor te beschermen. Geuren uit het interieur Interieur is verontreinigd. Reinig het interieur. Enkele levensmiddelen, containers of ver pakkingen veroorzaken geuren. De motor draait continu Het is normaal het motorgeluid vaak te horen. Onder de volgende omstandigheden moet de motor vaker draaien: Ø Temperatuur is lager ingesteld dan nodig. Ø Recent werd een grote hoeveelheid warme levensmiddelen in het apparaat geplaatst. Ø De omgevingstemperatuur is te hoog. Ø De deuren waren lange tijd open of werden te vaak geopend. Ø Na de inbedrijfstelling of wanneer het apparaat langere tijd was uitgeschakeld. In het interieur vormt zich een ijslaag Luchtuitlaten zijn afgedekt; onvoldoende ventilatie; deur niet goed afgesloten. Zorg ervoor dat de luchtuitlaten niet door levens middelen worden afgedekt en dat de levens middelen zo in het apparaat zijn geplaatst dat voldoende ventilatie is gewaarborgd. Controleer of de deur goed is gesloten. Om de ijslaag te verwijderen: ~ Hoofdstuk “Apparaat reinigen”. Temperatuur in het apparaat is te hoog Mogelijkerwijze werden de deuren te lang of te vaak geopend; of de deuren werden door een behaalde obstructie open gehouden; of het apparaat werd met onvoldoende vrije ruimte aan de zijkanten, onder- of bovenkant opgesteld. Deuren niet onnodig of langer dan nodig openen; vrije ruimte rondom het apparaat controleren. Deuren sluiten zwaar Het apparaat is niet ca. 15 mm naar achter hellend opgesteld. Iets in de binnenruimte verhindert het sluiten van de deuren. Schuinstand controleren en indien nodig door draaien aan de stelvoetjes corrigeren. Binnenruimte controleren en de hindernis verwijderen. De verlichting werkt niet De LED-verlichting is automatisch uitgeschakeld, omdat de deur te lang open was. De LED-verlichting is defect. Deur sluiten en weer openen, om de verlichting weer in te schakelen. LED-verlichting laten vervangen ~ Hoofdstuk “Verlichting (LED)”.
Storing Mogelijke oorzaak Oplossing Er lekt water op de vloer De verdampingsbak onder aan de achterkant van het apparaat is niet goed horizontaal gesteld of de afvoerleiding is niet correct boven de schaal gepositioneerd of is verstopt. Het ijs in de ijsblokjesbak is gesmolten, omdat het apparaat geen stroom kreeg. Verdampingsschaal en afvoerbuis aan de achter kant van het apparaat controleren. IJsblokjesbak controleren en eventueel legen. De waterdispenser werkt niet Het waterreservoir is leeg of niet correct geplaatst. Het kinderslot is actief of de deur van de vries ruimte is niet gesloten. Controleer het waterreservoir. Deactiveer het kinderslot. Deur van de vriesruimte sluiten. Er kan geen ijs worden verkregen Na de installatie duurt het enkele uren voordat de vriesruimte haar temperatuur heeft bereikt en ijsblokjes geproduceerd kunnen worden. De ijsblokjes zijn in de ijsblokjesbak aan elkaar gevroren of in de uitloopopening klem geraakt. De ijsmaker is uitgeschakeld. Uitloopopening controleren. IJsblokjesbak controleren en eventueel legen. De ijsmaker inschakelen. Servicedienst Een servicedienst in uw omgeving vindt u in het telefoonboek of in de servicedienst-index. Geef aan de Servicedienst het typenummer (E‑Nr.) en het fabricagenummer (FD‑Nr.) van het apparaat door. U vindt deze op het typeplaatje. Help mee om onnodige voorrijkosten te voorkomen door het artikel- en fabricagenummer door te geven. U bespaart dan de hieraan verbonden extra kosten. Reparatie-opdracht bij advies en storingen De contactgegevens van alle landen vindt u in het bijgaande Servicedienst-index.
Notice-Facile