KAD90VI30 - Amerikaanse koelkast BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KAD90VI30 BOSCH in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Amerikaanse koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KAD90VI30 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KAD90VI30 van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING KAD90VI30 BOSCH
nlInhoudsopgavenlGebruikersa nwijzng Veiligheids- en waarschuwingsinstructies Voordat u het apparaat in gebruik neemt Lees de gebruiks- en installatiehandleiding zorgvuldig door! U vindt hierin belangrijke informatie over het opstellen, het gebruik en onderhoud van het apparaat. De fabrikant is niet aansprakelijk wanneer de aanwijzingen en waarschuwingen in de gebruikersaanwijzing niet in acht worden genomen. Bewaar alle documenten voor later gebruik of voor de volgende eigenaar. Technische veiligheid Het apparaat bevat een kleine hoeveelheid van het milieuvriendelijke maar brandbare koelmiddel R600a. Let erop dat de leidingen van het koelmiddelcircuit tijdens het transport of de installatie niet beschadigd raken. Koelmiddel dat uit het apparaat spuit kan vlam vatten en oogletsel tot gevolg hebben. In geval van beschadiging ■ het apparaat uit de buurt houden van open vuur of ontstekingsbronnen, ■ de ruimte gedurende enkele minuten goed ventileren, ■ het apparaat uitschakelen en de netstekker uit het stopcontact halen, ■ contact opnemen met de servicedienst. Hoe meer koelmiddel het apparaat bevat, des te groter moet de ruimte zijn waarin het zich bevindt. In te kleine ruimtes kan bij een lekkage een brandbaar gas-luchtmengsel ontstaan. Per 8 g koelmiddel moet de ruimte minimaal 1 m³ groot zijn. Op het typeplaatje aan de binnenkant van uw apparaat staat hoeveel koelmiddel het bevat. Wanneer de aansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, dient deze door de fabrikant, de servicedienst of een persoon die daartoe eveneens gekwalificeerd is te worden vervangen. Indien de installatie of reparaties op ondeskundige wijze worden uitgevoerd, houdt dit een aanzienlijk risico in voor de gebruiker. Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door de fabrikant, de servicedienst of een persoon die daartoe eveneens gekwalificeerd is. Er mogen uitsluitend originele onderdelen van de fabrikant worden gebruikt. Alleen voor deze onderdelen garandeert de fabrikant dat ze voldoen aan de veiligheidsbepalingen. Een verlengstuk van de aansluitkabel mag uitsluitend via de servicedienst worden betrokken.
Voorkomen van gevaren voor kinderen en risicopersonen Risicopersonen zijn: kinderen, ■ personen, die lichamelijk, psychisch of in hun waarnemingen beperkt zijn, ■ personen die onvoldoende kennis hebben om het apparaat veilig te kunnen bedienen. Maatregelen:
Nooit elektrische apparaten binnen in het apparaat gebruiken (bijv. verwarmingstoestellen, elektrische ijsbereiders). Explosiegevaar! Het apparaat nooit met een stoomreiniger ontdooien of schoonmaken! De stoom kan bij de elektrische delen komen en kortsluiting veroorzaken. Gevaar voor elektrocutie! Geen spitse of scherpe objecten gebruiken om rijpen ijslagen te verwijderen. Hiermee kunt u de koelmiddelleidingen beschadigen. Vrijkomend koelmiddel kan ontbranden of oogletsel veroorzaken. Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen bewaren. Explosiegevaar! Onderstuk, lades, deuren enz. niet gebruiken als opstapje of ter ondersteuning. Voor het ontdooien en schoonmaken de netstekker uit het stopcontact halen of de zekering uitschakelen. Niet aan de kabel maar aan de stekker trekken. Middelen met een hoog alcoholpercentage alleen goed afgesloten en rechtop bewaren. Kunststofdelen en deurafdichting niet verontreinigen met olie of vet. Kunststofdelen en deurafdichting worden anders poreus. Be- en ontluchtingsopeningen voor het apparaat nooit afdekken of afsluiten. Dit apparaat mag alleen worden gebruikt door personen (inclusief kinderen) die beschikken over beperkte fysische, sensorische of psychische capaciteiten of een gebrekkige kennis, wanneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of indien zij van deze persoon aanwijzingen over het gebruik van het apparaat hebben gekregen. In de vriesruimte geen vloeistoffen opslaan in flessen en verpakkingen (met name geen koolzuurhoudende dranken). Flessen en verpakkingen kunnen barsten! Diepvriesproducten nooit direct nadat ze uit de vriesruimte genomen zijn in de mond nemen. Gevaar voor lichamelijk letsel! Voorkom langer contact van de handen met de diepvriesproducten, ijs, de verdamperleidingen enz. Gevaar voor lichamelijk letsel!
Zorg ervoor dat kinderen en risicopersonen de gevaren begrepen hebben. Een persoon die verantwoordelijk is voor de veiligheid dient bij het apparaat toezicht te houden op kinderen en risicopersonen of hun aanwijzingen te geven. Het apparaat alleen laten gebruiken door kinderen vanaf 8 jaar. Tijdens de reiniging en het onderhoud dienen kinderen onder toezicht te staan. Nooit kinderen met het apparaat laten spelen.
Algemene bepalingen Het apparaat is geschikt voor het koelen en invriezen van levensmiddelen, ■ voor ijsbereiding. Dit apparaat is bedoeld voor huishoudelijk gebruik in privéhuishoudingen en binnen de huiselijke omgeving. Het apparaat is radio-ontstoord conform EU‐Richtlijn 2004/108/EG. Het koelcircuit is op lekdichtheid gecontroleerd. Dit product voldoet aan de geldende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten (EN 60335-2-24).
Instructies betreffende het afvoeren
- Verpakking afvoeren De verpakking beschermt uw apparaat tegen transportschade. Alle gebruikte materialen zijn milieuvriendelijk en herbruikbaar. Draag bij aan het behoud van het milieu door de verpakking op een milieuvriendelijke manier af te voeren. Vraag bij uw vakhandelaar of gemeente informatie over actuele afvoermethoden.
- Oud apparaat afvoeren Oude apparaten zijn geen waardeloos afval! Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen. Dit apparaat is overeenkomstig de Europese Richtlijn 2012/19/EG betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE) gemarkeerd. De richtlijn bepaalt het kader voor terugname en verwerking van oude apparaten in de EU. m Waarschuwing Bij versleten apparaten:
1. Netstekker uit het stopcontact halen.
2. Aansluitkabel doorknippen en samen met de
netstekker verwijderen.
3. Plateaus en bakken niet uitnemen, om kinderen het
naar binnen klimmen te bemoeilijken!
4. Kinderen niet met het afgedankte apparaat laten
spelen. Verstikkingsgevaar! Koelapparaten bevatten koelmiddelen en in de isolatie bevinden zich gassen. Koelmiddelen en gassen moeten correct worden afgevoerd. De leidingen van het koelmiddelcircuit mogen voordat ze op de juiste wijze zijn afgevoerd niet beschadigd raken.
Leveringsomvang Controleer alle onderdelen na het uitpakken op eventuele transportschade. Neem in geval van klachten contact op met de winkel waar u het apparaat heeft gekocht of met onze servicedienst. De levering bestaat uit de volgende onderdelen: ■ Zelfstandig apparaat ■ Uitrusting (afhankelijk van het model) ■ Zak met montagemateriaal ■ Gebruikers- en installatiehandleiding ■ Schrift voor servicedienst ■ Garantiebijlagen ■ Informatie over energieverbruik en geluid Apparaat plaatsen Transport Het apparaat is zwaar en moet bij het transport en de installatie worden geborgd. Vanwege het gewicht en de afmetingen van het apparaat en om het risico van letsel of schade eraan te minimaliseren, zijn er minimaal twee personen nodig om het op te stellen. De rollen zijn uitsluitend voor de installatie bedoeld. Het apparaat niet m.b.v. de rollen transporteren. Het apparaat mag niet met de rollen op ongelijke of zachte ondergronden verplaatst worden. Opstellingsplaats Voor het opstellen van het apparaat is een droge, ventileerbare ruimte geschikt. De opstelplaats mag niet zijn blootgesteld aan direct zonlicht of zich direct in de buurt van een warmtebron zoals een fornuis, kachel, enz bevinden. Wanneer het noodzakelijkerwijs naast een warmtebron wordt geplaatst, dient een geschikte isolatieplaat te worden gebruikt of moeten de volgende minimale afstanden tot de warmtebron worden aangehouden:
Ondergrond De bodem op de opstellocatie mag niet meegeven. Indien nodig de bodem versterken. Het apparaat is zwaar. Zie voor het leeggewicht de volgende tabel. Uitvoering met ijs- en waterdispenser Uitvoering met ijs- en waterdispenser en verskoellade Uitvoering met ijs- en waterdispenser, verskoellade en minibar 107 kg 109 kg 111 kg Wandafstand Om de deuren tot aan de aanslag te kunnen openen, moeten bij het opstellen in een hoek of nis minimale afstanden aan de zijkant worden aangehouden (zie het hoofdstuk "Opstellingsmaten"). Wanneer de diepte van de naastgelegen keukeninrichtingen groter is dan 65 cm, moeten de minimale afstanden aan de zijkant worden aangehouden om de volledige openingshoek van de deuren te kunnen gebruiken (zie het hoofdstuk “Deuropeningshoek“). Minimale afstand tot de achterwand De meegeleverde afstandshouder met de schroeven op de daarvoor bestemde openingen aan de achterkant van het apparaat bevestigen. Let op de kamertemperatuur en de ventilatie Kamertemperatuur Het apparaat is ontworpen voor een bepaalde klimaatklasse. Afhankelijk van de klimaatklasse kan het apparaat bij de volgende kamertemperaturen worden gebruikt. De klimaatklasse staat op het typeplaatje. Klimaatklasse
- Toegestane kamertemperatuur +10 °C p. 32
- °C +16 °C p. 32
- °C +16 °C p. 38
- °C +16 °C °C Aanwijzing Het apparaat is binnen de kamertemperatuurgrenzen van de vermelde klimaatklasse volledig functioneel. Wanneer een apparaat met klimaatklasse SN bij koudere kamertemperaturen wordt gebruikt, kunnen beschadigingen tot een temperatuur van +5°C worden uitgesloten. Ventilatie De opgewarmde lucht moet ongehinderd kunnen verdwijnen. Anders moet het koelapparaat meer vermogen leveren. Hierdoor wordt het stroomverbruik verhoogd. Daarom: nooit de be- en ontluchtingsopening afdekken of afsluiten! Door de afstandshouder wordt de minimale afstand van 22 mm tot de wand aangehouden en is de ventilatie gewaarborgd. p. 43
Opstellingsmaten Afstandshouder *720 mm met Afstandshouders min. 22 Afmetingen in mm Afmetingen in mm Zijwand afstand Zijwand diepte Laden volledig uittrekbaar bij 145° deuropening Afmetingen in mm Deuropeningshoek min.
Laden volledig uittrekbaar bij 145° deuropening
Apparaat aansluiten Na het opstellen van het apparaat minimaal 1 uur wachten alvorens het in bedrijf te nemen. Tijdens het transport kan in de compressor aanwezige olie zich afzetten in het koelsysteem. Voor de eerste ingebruikname de binnenruimte van het apparaat reinigen (zie het hoofdstuk Apparaat reinigen). Sluit het water altijd aan voordat u de elektrische aansluiting maakt. Verwijder de transportborgingen van de plateaus en deurvakken pas na het opstellen. Wateraansluiting m Waarschuwing Gevaar voor elektrocutie en materiële schade! Voor alle werkzaamheden aan de wateraansluiting het apparaat van het stroomnet loskoppelen. De wateraansluiting mag uitsluitend door een deskundige installateur volgens de plaatselijke voorschriften en het verantwoordelijke waterbedrijf worden uitgevoerd. Het apparaat op een drinkwaterleiding aansluiten: ■ Minimale druk: 1,0 bar ■ Maximale druk: 8,0 bar. Weet u niet zeker hoe u de waterdruk moet controleren, vraag dit dan na bij een sanitairwinkel. Aansluiten m Attentie Gevaar van lekken en waterschade. Let op de volgende punten: ■ Aansluitleiding niet knikken. ■ Aansluitleiding recht afsnijden. ■ Aansluitleiding niet met een tang afknijpen. ■ Aansluitleiding tot de aanslag in de schroefmof en het terugloopventiel steken. ■ Schroefmof met de hand vastzetten. Geen tang gebruiken. ■ Doorstroomrichting van het terugloopventiel controleren. De doorstroomrichting wordt aangegeven door pijlen op het terugloopventiel.
1. Aansluitleiding tot de aanslag in het terugloopventiel
steken. ca. 65 cm ca. 33 cm m Attentie Bij een waterdruk hoger dan 5,5 bar moet een reduceerventiel worden ingebouwd, anders bestaat het risico van waterschade. Bij een waterdruk lager dan 1,0 bar werkt de ijsbereider niet. De waterkraan voor het aansluiten van de meegeleverde aansluitleiding moet vrij toegankelijk zijn. Het apparaat mag uitsluitend worden aangesloten op een koudwaterleiding. De smaak en geur van het water kunnen door de installatie van de meegeleverde filterpatronen worden verbeterd. Let in dat geval op de afwijkende aansluitvoorwaarden (zie het hoofdstuk Waterfilter). Aanwijzing Na inschakeling van het apparaat kan er water uit de waterdispenser druppelen. Het druppelen houdt op na ca. 24 uur, wanneer het apparaat zijn bedrijfstemperatuur heeft bereikt.
2. Huls van het terugloopventiel sluiten en met een
3. Zeef in het reduceerstuk plaatsen.
Aanwijzing De zeef dient jaarlijks te worden gereinigd. Bevat het water veel deeltjes, dan dient hij vaker te worden schoongemaakt.
4. Schroefmof aansluiten op de waterkraan.
Elektrische aansluiting De contactdoos moet dicht bij het apparaat en ook na opstelling van het apparaat vrij toegankelijk zijn. Het apparaat voldoet aan veiligheidsklasse I. Via een conform de voorschriften geïnstalleerde contactdoos met randaarde het apparaat op 220 - 240 V/50 Hz wisselspanning aansluiten. De contactdoos moet met een 10 A tot 16 A zekering zijn gezekerd. Bij apparaten die in niet-Europese landen worden gebruikt, moet worden gecontroleerd of de opgegeven spanning en stroom overeenkomen met de waarden van het elektriciteitsnet. Deze informatie vindt u op het typeplaatje.
5. Aansluitleiding tot de aanslag in de schroefmof
6. Aansluitleiding in lussen of wikkelingen leggen,
zodat het apparaat van de wand getrokken kan worden. De aansluitleiding kan met meegeleverde klemmen op de wand van de ruimte worden bevestigd. m Attentie In geen geval in het apparaat boren of schroeven! Wateraansluiting op lekdichtheid controleren m Waarschuwing Gevaar voor elektrocutie en materiële schade! Voor alle werkzaamheden aan de wateraansluiting het apparaat van het stroomnet loskoppelen.
1. Waterkraan openen en kort wachten tot de
waterleidingen in het apparaat met water gevuld zijn.
2. Aansluitleiding en alle koppelingen op lekdichtheid
3. Apparaatdeuren openen.
4. 3 schroeven eruit draaien en de plint verwijderen.
5. Koppelingen naar de deur van de vriesruimte op
lekdichtheid controleren. m Waarschuwing Het apparaat mag in geen geval op een elektronische energiespaarstekker worden aangesloten. Voor het gebruik van onze apparaten kunnen sinus- en netgestuurde omvormers worden gebruikt. Netgestuurde omvormers worden gebruikt bij fotovoltaïsche of PV-installaties, die direct op het openbare stroomnet worden aangesloten. Bij eilandoplossingen (bijv. bij schepen of berghutten), die geen directe aansluiting op het openbare stroomnet hebben, moeten sinusgeregelde omvormers worden gebruikt. Apparaat uitlijnen Aanwijzing Om ervoor te zorgen dat het apparaat optimaal functioneert, moet het met een waterpas horizontaal worden uitgelijnd. Wanneer het apparaat scheef staat, kan dit tot gevolg hebben dat er water uit de ijsbereider wegloopt, ongelijke ijsblokjes worden gemaakt of de deuren niet meer goed sluiten.
1. Apparaat op de daarvoor bedoelde plaats zetten.
2. Om ervoor te zorgen dat het apparaat niet weg kan
rollen, de twee voorste voeten uitdraaien tot ze vast op de bodem staan.
6. Plint aanbrengen en met 3 schroeven bevestigen.
3. Aan de voeten draaien tot het apparaat exact
horizontaal staat. De deuren van het apparaat als referentievlak gebruiken.
4. De vriesruimtedeur is lager:
Wanneer het apparaat exact horizontaal is gesteld, maar één apparaatdeur lager staat:
1. Apparaatdeuren openen.
2. 3 schroeven eruit draaien en de plint verwijderen.
4. Aan de instelmoer draaien, totdat de
apparaatdeuren horizontaal zijn gesteld.
6. Koelruimtedeur is lager: Instelmoer met de klok mee
7. Moer vastdraaien.
8. Plint aanbrengen en met 3 schroeven bevestigen.
Aanwijzing Door het eigen gewicht en doordat er levensmiddelen in de deur staan, kan het voorkomen dat de deur van de koelruimte helt, zelfs wanneer het apparaat recht staat. De deurspleet is boven en onder niet even groot. Deurmontage Wanneer het apparaat niet door de deuropening van de woning kan, kunnen de deurgrepen of deuren van het apparaat gedemonteerd worden. Aanwijzing De deurgrepen of apparaatdeuren mogen uitsluitend door de servicedienst worden gedemonteerd. De kosten daarvoor kunt u opvragen bij uw verantwoordelijke servicedienst. Wanneer de deurspleet boven en onder niet even groot is:
1. 2 schroeven eruit draaien en de bovenste
2. Scharnierschroeven losdraaien.
Schroeven niet helemaal eruit draaien!
3. Hellingshoek van de deur van de koelruimte
4. Scharnierschroeven vastdraaien.
5. Scharnierafdekking plaatsen en met 2 schroeven
Apparaat leren kennen Apparaat De uitrusting van de modellen kan variëren. Afwijkingen van de afbeeldingen zijn mogelijk.
Koelruimte Vriesruimte (4 sterren)
Aanwijzing Alleen deze deurvakken hebben 2 sterren, voor het overige heeft de vriesruimte 4 sterren. Bedieningselementen IJs- en waterdispenser Deurvakken IJsblokjesbak IJsbereider Glasplateaus vriesruimte Schuifladen van de vriesruimte Vakje Waterfilter Eierhouder Glasplateaus koelruimte Glasplateau Groentelade Vruchtenlade Verskoelvak (niet bij alle modellen) Boter- en kaasvak Deurvak met klep Minibar (niet bij alle modellen)
Temperatuur in de vriesruimte instellen. Functie „Super-vriezen“ in- en uitschakelen. Toets „Licht/filter“
Verlichting voor ijs- en waterdispenser in- en uitschakelen. Filterindicatie terugzetten.
Temperatuur in koelruimte. Symbool „super“ bij ingeschakelde functie „Super-koelen“. Symbool „alarm“ in geval van alarm in de koelruimte. Display vriesruimte
Temperatuur in koelruimte instellen. Functie „Super-koelen“ in- en uitschakelen. Display koelruimte
Waarschuwingsgeluid van het deuralarm uitschakelen. Weergave van het temperatuuralarm uitschakelen. Toetsenblokkering (kinderslot) in- en uitschakelen. Temperatuur in de vriesruimte. Symbool „super“ bij ingeschakelde functie „Super-vriezen“. Symbool „alarm“ in geval van alarm in de koelruimte.
Symbolen op het display Waterfilter Status van de filterpatronen. Verlichting Verlichting van de ijs- en waterdispenser is ingeschakeld. Water Afgifte van water is ingeschakeld. IJsblokjes Afgifte van ijsblokjes is ingeschakeld. Crushed ijs Afgifte van crushed ijs is ingeschakeld. Toetsblokkering (kinderslot) Toetsblokkering is ingeschakeld.
Apparaat inschakelen De stekker in het stopcontact steken. Het apparaat begint te koelen. De temperatuurindicaties knipperen en op het display wordt het „alarm“ symbool weergegeven, tot het apparaat de ingestelde temperatuur bereikt heeft. Door de toets „Alarm uit/blokkeren“ in te drukken wordt de weergave van het temperatuuralarm uitgeschakeld. De verlichting gaat aan bij geopende apparaatdeuren. Vriesruimte De temperatuur kan worden ingesteld van -16 °C tot -22 °C. De toetsen „freezer/super +“ of „freezer/super -“ zo vaak indrukken tot de gewenste koelruimtetemperatuur is ingesteld. Af fabriek worden de volgende temperaturen aanbevolen en vooringesteld: ■ Koelruimte +4 °C ■ Vriesruimte -18 °C. Gebruiksinstructies
Na het inschakelen kan het meerdere uren duren voordat de ingestelde temperaturen zijn bereikt. Daarvoor geen levensmiddelen in het apparaat leggen. Door het volautomatische Nofrost-systeem blijft de vriesruimte ijsvrij. Ontdooien is niet nodig. De kopse zijden van de behuizing worden deels licht verwarmd ter voorkoming van condenswatervorming bij de deurafdichting. Kan de deur van de vriesruimte na het sluiten niet direct weer worden geopend, wacht dan een moment tot de ontstane onderdruk opgeheven is. De laatst ingestelde waarde wordt opgeslagen. De ingestelde temperatuur wordt op het display van de vriesruimte weergegeven. Super-koelen Bij het super-koelen wordt de koelruimte ca. 40 uur lang zo koud mogelijk gekoeld. Daarna wordt de temperatuur automatisch op +4 °C ingesteld. Het super-koelen inschakelen bijv.
Temperatuur instellen Koelruimte Er kan een temperatuur worden ingesteld van +2 °C tot +8 °C. De toetsen „fridge/super +“ of „fridge/super -“ zo vaak indrukken tot de gewenste koelruimtetemperatuur is ingesteld. voor het plaatsen van grote hoeveelheden levensmiddelen Voor het snel koelen van dranken. Aanwijzing Is super-koelen ingeschakeld, dan kan dit leiden tot meer bedrijfsgeluid. Inschakelen De toets „fridge/super -“ zo vaak indrukken tot op het display van de koelruimte „super“ wordt weergegeven. Uitschakelen De laatst ingestelde waarde wordt opgeslagen. De ingestelde temperatuur wordt op het display van de koelruimte weergegeven. De toets „fridge/super +“ indrukken. Aanwijzing „super“ verdwijnt van het display. De temperatuur wordt automatisch op +4 °C ingesteld.
Super-vriezen Toetsblokkering (kinderslot) Levensmiddelen moeten zo snel mogelijk tot in de kern worden bevroren, zodat vitamines, voedingswaarde, uiterlijk en smaak behouden blijven. Schakel enkele uren voor het plaatsen van de verse levensmiddelen super-vriezen in, om een ongewenste temperatuurstijging te voorkomen. Over het algemeen is 4 - 6 uur afdoende. Het apparaat werkt na het inschakelen continu. Daardoor wordt in de vriezer een zeer lage temperatuur bereikt. Moet het maximale vriesvolume worden gebruikt, dan dient Super-vriezen 24 uur voorafgaande aan het plaatsen van de verse levensmiddelen te worden ingeschakeld. Kleinere hoeveelheden levensmiddel (tot max.2 kg) kunt u zonder Super-vriezen invriezen. Wanneer de toetsblokkering is ingeschakeld zijn alle toetsen geblokkeerd. Wanneer de toetsblokkering is ingeschakeld kan bij een waarschuwingssignaal met de toets „Alarm uit/blokkeren“ het waarschuwingssignaal worden uitgeschakeld. Inschakelen De toets „Alarm uit/blokkeren“ indrukken. Aanwijzing Is Super-vriezen ingeschakeld, dan kan dit leiden tot meer bedrijfsgeluid. Inschakelen Op het display wordt het symbool „toetsblokkering“ weergegeven. De toets „freezer/super -“ zo vaak indrukken tot op het display van de vriesruimte „super“ wordt weergegeven. Uitschakelen De toets „Alarm uit/blokkeren“ 3 seconden indrukken. Alarmfuncties Deuralarm Uitschakelen De toets „freezer/super +“ indrukken. Super-vriezen schakelt automatisch uit na ca. 24 uur. Aanwijzing „super“ verdwijnt van het display. De temperatuur wordt automatisch op -18 °C ingesteld. Het deuralarm schakelt in wanneer een apparaatdeur langer dan één minuut openstaat. Het waarschuwingsgeluid wordt om de 60 seconden gedurende 5 minuten herhaald. Door het sluiten van de deur wordt het alarmgeluid weer uitgeschakeld. Het deuralarm schakelt ook in, wanneer de minibar langer dan één minuut openstaat. Temperatuuralarm Het display geeft het temperatuuralarm weer wanneer het in de koel- of vriesruimte te warm is en de levensmiddelen in gevaar komen. Op het betreffende display wordt de hoogste temperatuur en „alarm“ weergegeven. Koelruimte Wanneer het in de koelruimte te warm is geworden, het opgewarmde product voor gebruik verwarmen. Rauwe levensmiddelen in geval van twijfel niet meer gebruiken.
Vriesruimte Ontdooide waren niet opnieuw invriezen. Pas nadat ze tot een gerecht zijn verwerkt (gekookt of gebraden), kunnen ze opnieuw ingevroren worden. De maximale bewaarduur niet meer geheel benutten.
2. De toets „Licht/filter“ en „Water“ 10 seconden
indrukken. Zonder gevaar voor het diepvriesproduct kan het alarm inschakelen: ■ bij de ingebruikneming van het apparaat, ■ bij het plaatsen van grote hoeveelheden verse levensmiddelen, ■ bij een te lang geopende deur van de vriesruimte. Alarm uitschakelen De temperatuureenheid schakelt om. Toets „Alarm uit/blokkeren“ indrukken. Energiezuinige modus Aanwijzing Zodra de ingestelde temperatuur weer bereikt is, verdwijnt „alarm“ van het display. Temperatuureenheid De temperatuur kan in graden Celsius (°C) of Fahrenheit (°F) worden weergegeven. Na het inschakelen geeft het display de temperatuur aan in graden Celsius (°C). Instellen
1. De toets „Alarm uit/blokkeren“ indrukken.
Een minuut nadat de deuren zijn gesloten of de laatste toetsen zijn bediend, schakelt het display naar de energiezuinige modus. Het display schakelt uit, gedimd zijn alleen nog de woorden „freezer“ en „fridge“ en het symbool van de gekozen dispensermodus (water, ijs of crushed ijs) zichtbaar. Zodra een deur wordt geopend of een toets wordt bediend, schakelt het display in met normale verlichtingssterkte. Symbool waterfilter Het symbool geeft aan hoelang het filterpatroon nog kan worden gebruikt. Maximaal zes maanden. Maximaal vier maanden. Maximaal twee maanden. Maximaal tien dagen: De drie balken van het symbool knipperen. Filterpatroon vervangen. Aanwijzing Bij uitschakeling van het apparaat wordt het symbool voor het filterpatroon gereset. Na vervanging van het filterpatroon het symbool voor het waterfilter resetten: De toets „Licht/filter“ 3 seconden indrukken. Op het display wordt het symbool „toetsblokkering“ weergegeven. Het symbool stopt met knipperen.
Effectieve inhoud Het verskoelvak Informatie over de effectieve inhoud van uw apparaat vindt u op de typeplaat. In het verskoelvak kunnen levensmiddelen tot drie maal langer vers gehouden worden dan in de normale koelzone – voor nog langere versheid, behoud van voedingsstoffen en smaak. De temperatuur kan individueel aan de geplaatste levensmiddelen worden aangepast. De optimale temperatuur en luchtvochtigheid garanderen de ideale bewaarcondities voor verse levensmiddelen. Vriesvolume volledig gebruiken Om de maximale hoeveelheid diepvriesproducten onder te kunnen brengen, kunt u alle indelingsonderdelen uitnemen. De levensmiddelen kunt u dan direct in de vakjes en op de bodem van de vriesruimte leggen. Het uitnemen en plaatsen van de indelingsonderdelen is omschreven in het hoofdstuk Uitrusting van het apparaat. Temperatuur instellen Met de selectietoets de levensmiddelen selecteren die zich in het verskoelvak bevinden. De koelruimte De koelruimte is de ideale bewaarlocatie voor bereide gerechten, gebak, conserven, melk en harde kaassoorten. Opletten bij het plaatsen
Bewaar verse en ongeschonden levensmiddelen. Zo blijven de kwaliteit en versheid langer bewaard. Bij bereide en gebottelde producten de door de producent aangegeven minimale houdbaarheids- of gebruiksdatum aanhouden. Om aroma, kleur en versheid te behouden de levensmiddelen goed verpakken of afdekken. Overdracht van smaak en verkleuringen van kunststof delen in de koelruimte worden hierdoor voorkomen. Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen en dan pas in het apparaat plaatsen. Aanwijzing Voorkom contact tussen levensmiddelen en de achterwand. Anders wordt de luchtcirculatie beïnvloed. Levensmiddelen of verpakkingen kunnen aan de achterwand vastvriezen. Houd rekening met de koudezones in de koelruimte De oplichtende LED geeft de selectie aan. Niet geschikt voor verskoelen zijn:
Geschikt voor verskoelen zijn:
Door de luchtcirculatie in de koelruimte ontstaan zones van een verschillende koudegraad:
De koudste zone bij de achterwand. De warmste zone bij de deur, helemaal bovenin. Aanwijzing Bewaar in de warmste zone bijv. kaas en boter. Het aroma van de kaas kan zo verder worden ontwikkeld en de boter blijft smeerbaar.
Fruit dat gevoelig is voor kou (bijv. ananas, bananen, papaja en citrusvruchten) en groenten (bijv. aubergines, komkommers, courgettes, paprika, tomaten en aardappelen) moeten voor een optimaal behoud van de kwaliteit en het aroma buiten de koelkast worden bewaard bij temperaturen van ca. + 8 °C tot +12 °C.
Vis, zeevruchten, vlees, worst, melkproducten, bereide gerechten Groenten (bijv. wortels, asperges, selderij, prei, rode bieten, champignons, koolsoorten zoals broccoli, bloemkool, spruitjes, koolrabi) Salade (bijv. veldsalade, ijsbergsalade, witlof) Kruiden (bijv. dille, peterselie, bieslook, basilicum) Fruit (niet voor koude gevoelige soorten, zoals appels, perziken, bessen en druiven). m Attentie Na een stroomstoring of het loskoppelen van het apparaat van het elektriciteitsnet, moet de temperatuur van het vrieskoelvak opnieuw ingesteld worden!
Bewaartijden (bij 0 °C) Naar gelang de uitgangskwaliteit Verse vis, zeevruchten Gevogelte, vlees (gekookt/ gebraden) Rund, varken, lam, worst (gesneden) Gerookte vis, broccoli Salade, venkel, abrikozen, pruimen Zachte kaas, yoghurt, kwark, karnemelk, bloemkool Invriezen en bewaren max. 3 dagen max. 5 dagen Diepvriesproducten inkopen
max. 30 dagen De verpakking mag niet beschadigd zijn. De houdbaarheidsdatum aanhouden. De temperatuur in de verkoopkist moet -18 °C of kouder zijn. Diepvriesproducten indien mogelijk in een isolerende tas transporteren en zo snel mogelijk in de vriezer doen. Let op bij het indelen De vriesruimte De vriesruimte gebruiken
Voor het opslaan van diepvriesproducten. Voor het maken van ijsblokjes. Voor het invriezen van levensmiddelen. Grotere hoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur in het bovenste vak invriezen. Hier worden ze bijzonder snel en dus ook zorgvuldig ingevroren. De levensmiddelen ruim over de vakken, resp. vriesladen verdelen. Aanwijzing Al ingevroren levensmiddelen mogen niet met de vers in te vriezen levensmiddelen in contact komen. Eventueel ingevroren levensmiddelen in andere vriesladen leggen. Aanwijzing Let erop dat de deur van de vriesruimte altijd gesloten is! Bij een geopende deur ontdooien de diepvriesproducten en treedt er sterke ijsvorming op. Bovendien: Energieverspilling door hoog stroomverbruik! Diepvriesproduct bewaren Aanwijzing De deurvakken met twee sterren kunnen worden gebruikt voor het kort bewaren van ijs en levensmiddelen bij -12 °C. De rest van de vriesruimte heeft 4 sterren. Verse levensmiddelen invriezen Max. vriesvermogen Informatie over de maximale invriescapaciteit in 24 uur vindt u op de typeplaat. Vereisten voor maximale vriescapaciteit
Super-vriezen voor het plaatsen van verse producten inschakelen (zie het hoofdstuk Super-vriezen). Uitrustingsonderdelen verwijderen. Stapel de levensmiddelen direct in de vakjes en op de bodem van de vriesruimte. Aanwijzing De ventilatiesleuven in de achterwand niet afdekken met diepvriesproducten. Grotere hoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur in het bovenste vak invriezen. Hier worden ze bijzonder snel en dus ook zorgvuldig ingevroren. Vrieslade tot de aanslag inschuiven om een probleemloze luchtcirculatie te waarborgen. Gebruik voor het invriezen alleen verse levensmiddelen. Om voedingswaarde, aroma en kleur zo goed mogelijk te behouden, moeten groenten voor het invriezen geblancheerd worden. Bij aubergines, paprika, courgettes en asperges is blancheren niet nodig. Boeken over invriezen en blancheren vindt u in de boekwinkel. Aanwijzing Laat in te vriezen levensmiddelen niet in contact komen met al bevroren levensmiddelen.
Geschikt om in te vriezen zijn: Gebak, vis en zeevruchten, vlees, wild, gevogelte, groenten, fruit, kruiden, eieren zonder schil, melkproducten zoals kaas, boter en kwark, bereide gerechten en etensresten zoals soep, eenpansgerechten, klaargemaakt vlees en klaargemaakte vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete gerechten. Niet geschikt om in te vriezen zijn: Groenten die doorgaans rauw worden gegeten, zoals sla, radijsjes, eieren in de schil, druiven, hele appels, peren en perziken, hardgekookte eieren, yoghurt, karnemelk, zure room, crème fraîche en mayonaise.
Diepvriesproducten verpakken Verpak levensmiddelen luchtdicht, zodat deze geen smaak verliezen of uitdrogen.
1. Levensmiddel in de verpakking doen.
2. Lucht eruit drukken.
3. Verpakking dicht afsluiten.
4. Inhoud en invriesdatum op de verpakking schrijven.
Geschikt as verpakking: Kunststoffolie, folie van polyethyleen, aluminiumfolie, invriesdozen. Deze producten vindt u in de vakhandel. Niet geschikt als verpakking: Pakpapier, perkament, cellofaan, vuilniszakken en gebruikte plastic winkeltassen. Geschikt voor het afsluiten: Rubber ringen, kunststof clips, sluiters, koudebestendige tape, etc. Zakken en folie van polyethyleen kunnen met een folielasapparaat worden gelast. Houdbaarheid van het diepvriesproduct De houdbaarheid is afhankelijk van het soort levensmiddel. Bij een temperatuur van -18 °C: ■ Vis, worst, bereide gerechten, brood en gebak: max. 6 maanden ■ Kaas, gevogelte, vlees: max. 8 maanden ■ Groenten, fruit: max. 12 maanden. Diepvriesproduct ontdooien Afhankelijk van het soort en het gebruiksdoel kunt u kiezen uit de volgende mogelijkheden:
bij kamertemperatuur in de koelkast in de elektrische oven, met/zonder heteluchtventilator in de magnetron. m Attentie Ontdooide waren niet weer invriezen. Pas nadat ze tot een gerecht zijn verwerkt (gekookt of gebraden), kunnen ze opnieuw ingevroren worden. De maximale bewaartijd van het diepvriesproduct niet meer volledig benutten.
IJs- en waterdispenser Afhankelijk van de behoefte kan worden afgenomen:
gekoeld water, crushed ijs, ijsblokjes. m Waarschuwing Nooit met uw handen in de ijsblokjesopening komen! Gevaar voor lichamelijk letsel! m Attentie Geen flessen of levensmiddelen voor snel koelen in de ijsblokjesbak leggen. De ijsbereider kan geblokkeerd raken en beschadigen. Let op bij de ingebruikneming De ijs- en waterafgifte werkt alleen wanneer het apparaat is aangesloten op het waterleidingnet. Na de ingebruikneming van het apparaat duurt het ca. 24 uur tot de eerste portie ijsblokjes is gemaakt. Na het aansluiten zitten er nog luchtbellen in de leidingen. Drinkwater zolang aftappen en afvoeren, tot water zonder luchtbellen kan worden afgetapt. De eerste 5 glazen weggooien. Wanneer de ijsbereider voor de eerste keer wordt gebruikt, de eerste 30 - 40 ijsblokjes om hygiënische redenen niet gebruiken. Opmerking voor gebruik van de ijsbereider Wanneer de vriesruimte de vriestemperatuur heeft bereikt, stroomt er water in de ijsbereider. Dit bevriest in de kamers tot ijsblokjes Als de ijsblokjes klaar zijn, worden ze automatisch in de ijsblokjesbak geworpen. Na de ingebruikneming van het apparaat duurt het ca. 24 uur tot de eerste portie ijsblokjes is gemaakt. Af en toe blijven de ijsblokjes aan elkaar kleven. Bij het transport naar de dispenseropening komen ze meestal vanzelf los. Wanneer de ijsblokjesbak vol is, schakelt de ijsbereider automatisch uit. Afhankelijk van de omgevingstemperatuur en apparaatinstelling is de ijsbereider in staat om ca. 140 ijsblokjes in 24 uur te maken. Bij het maken van de ijsblokjes is het zoemen van de waterklep, het stromen van het water in de ijsschaal en het vallen van de ijsblokjes hoorbaar.
Let op de drinkwaterkwaliteit IJs afnemen: Alle gebruikte materialen van de dispenser zijn geur- en smaakneutraal. Wanneer het water een bijsmaak heeft, kan dit de volgende oorzaken hebben: Glas slechts net zo lang tegen de dispenserhendel drukken tot dit voor de helft met ijs is gevuld. Het ijs dat zich in de dispenseropening voor ijsblokjes bevindt kan anders leiden tot het overstromen van de beker of de ijsblokjesdispenseropening blokkeren. Wanneer voor de afname van ijsblokjes eerst crushed ijs is afgenomen, kan zich nog crushed ijs in de dispenseropening bevinden. Dit wordt met de eerste portie ijsblokjes vrijgegeven. Mineraal- en chloorgehalte van het drinkwater. Materiaal van de huiswater- of aansluitleiding. ■ Versheid van het drinkwater. Wanneer langere tijd geen water is afgetapt, kan het water "muf" gaan smaken. In dit geval ca. 15 glazen water vullen en weggooien. Wij adviseren regelmatig wat water te gebruiken uit de waterbereider en het apparaat niet uit te schakelen. Daardoor blijft een optimale waterkwaliteit gewaarborgd.
1. De toets „IJsblokjes/crushed ijs“ indrukken totdat
op het display het symbool voor „IJsblokjes“ of „Crushed ijs“ wordt weergegeven. Aanwijzing Het meegeleverde waterfilter filtert uitsluitend deeltjes uit het toegevoerde water, geen bacteriën of microben. Water aftappen
1. Druk op de toets „Water“. Op het display wordt het
symbool „Water“ weergegeven.
2. Glas tegen de dispenserhendel duwen, tot de
gewenste hoeveelheid erin zit.
2. Glas tegen de dispenserhendel duwen, tot de
gewenste hoeveelheid in het glas zit. Tip Het water van de waterdispenser is geschikt voor consumptie gekoeld. Wanneer het water kouder wordt gewenst, voor het aftappen extra ijsblokjes in het glas doen.
IJsbereider uitschakelen Aanwijzing Watertoevoer naar het apparaat absoluut enkele uren voor het uitschakelen afsluiten. Wanneer waarschijnlijk langer dan 1 week geen ijsblokjes worden gebruikt (bijv. vakantie), dan moet de ijsbereider tijdelijk worden stopgezet, om aan elkaar vriezen van de ijsblokjes te voorkomen.
1. De toets „IJsblokjes/crushed ijs“ 3 seconden
indrukken. Waterfilter m Waarschuwing Apparaten op plaatsen waar de waterkwaliteit twijfelachtig of niet voldoende bekend is, niet zonder desinfectie voor en na de filtering gebruiken. Een filterpatroon voor de waterfilter kan via de servicedienst worden besteld. m Attentie
Op het display knipperen ca. 3 seconden de symbolen „IJsblokjes“, „Crush-ijs“ en „Toetsblokkering“. Vervolgens wordt de waterdispenser ingeschakeld en is het symbool „Water“ verlicht. Aanwijzing Wanneer de ijsbereider uitgeschakeld is, klinkt er bij het indrukken van de toets „IJsblokjes/crushed ijs“, een waarschuwingsgeluid en knipperen de symbolen „IJsblokjes“, „Crush-ijs“ en „toetsblokkering“ ca. 3 seconden.
2. IJsblokjesbak eruit trekken.
3. IJsblokjesbak leegmaken en reinigen.
4. IJsblokjesbak op het oplegvlak geheel naar
achteren schuiven, tot hij vastklikt. IJsbereider inschakelen De toets „IJsblokjes/crushed ijs“ 3 seconden indrukken. Zodra de ijsbereider ingeschakeld is, klinkt er een waarschuwingsgeluid.
Na de inbouw van een nieuw filterpatroon de ijsproductie van de eerste 24 uur na het inschakelen van de ijsbereider altijd weggooien. Wanneer het ijs langere tijd niet wordt gebruikt, alle ijsblokjes uit de bak weggooien en ook de ijsproductie van de volgende 24 uur. Wanneer het apparaat of het ijs gedurende meerdere weken of maanden niet actief wordt gebruikt, of de ijsblokjes een onaangename smaak of geur hebben, het filterpatroon vervangen. Luchtbellen in het systeem kunnen waterlekkage en losraken van het filterpatroon veroorzaken. Voorzichtig bij het verwijderen. Het filterpatroon moet minimaal om de 6 maanden worden vervangen. Belangrijke opmerking betreffende de waterfilter
Het watersysteem staat na gebruik onder een geringe druk. Voorzichtig bij het verwijderen van het filterpatroon! Wanneer het apparaat langere tijd niet wordt gebruikt of het water onaangenaam ruikt of smaakt, het watersysteem doorspoelen. Hiervoor meerdere minuten water uit de waterdispenser aftappen. Wanneer de onaangename smaak of geur blijft bestaan, filterpatroon vervangen.
Filterpatroon vervangen
7. Afdekking plaatsen en inklikken.
Na 6 maanden knippert het symbool Waterfilter, om aan te geven dat het filterpatroon vervangen dient te worden (zie het hoofdstuk Symbool waterfilter). Het filterpatroon dient uiterlijk na zes maanden te worden vervangen.
1. Opgelet! Netstekker uit het stopcontact halen of de
zekering uitschakelen.
2. Watertoevoer van het apparaat uitzetten.
3. Knop indrukken en de afdekking afnemen.
Aanwijzing Voorzichtig bij het verwijderen van het filterpatroon! Het watersysteem staat na gebruik onder geringe druk.
4. Filterpatroon voorzichtig 90° tegen de klok in
draaien, bijv. met behulp van een lepel, en eruit trekken.
8. Zorg voor watertoevoer naar het apparaat.
9. Apparaat inschakelen.
10.Enkele liters water via de waterdispenser aftappen. De lucht wordt daardoor uit het watersysteem verwijderd. 11.Water uit het oude filterpatroon gieten. Het filterpatroon kan via het huisvuil worden afgevoerd. 12.Toets “Licht/filter“ 3 seconden ingedrukt houden. Het symbool voor de waterfilter wordt gereset. Het symbool stopt met knipperen. Het nieuwe filterpatroon is geactiveerd. Aanwijzing De ijs- en waterdispenser kan ook zonder waterfilter worden gebruikt. In dit geval de afsluitkap plaatsen.
5. Nieuw filterpatroon uit de verpakking nemen en de
beschermkap verwijderen.
6. Nieuw filterpatroon plaatsen en voorzichtig 90° met
de klok mee draaien tot de aanslag, bijv. met behulp van een lepel. Aanwijzing Het filterpatroon moet met de hand worden vastgezet, zodat er geen lekken ontstaan en het apparaat op de juiste wijze van water wordt voorzien.
Specificatieblad Model 9000 7775078 Met gebruik van reservefilterpatroon 9000 674655. De concentratie van de vermelde in water opgeloste substanties, die binnendringen in het systeem, is gereduceerd tot een waarde beneden of gelijk aan de toegestane grenswaarde conform NSF/ANSI 42 en 53 voor uit het apparaat afgetapt water. Aan de hand van het gegevensprestatieblad is het systeem door NSF International conform ANSI/NSF‐norm 42 en 53 getest ter reductie voor de hierna vermelde substanties getest en gecertificeerd. Capaciteit 739,68 gallons (2.800 liter) Afname van de verontreiniging - getest door NSF Afname van de verontreiniging Gemiddelde toevoer NSFgespecificeerde testconcentratie Gemiddelde reductie Gemiddelde concentratie in gefilterd water Vereiste Max. toegestane reductie concentratie in volgens NSF gefilterd water NSFtestprotocol Chloorsmaak en geur 2,1 mg/l 2,0 mg/l ± 10 % 97,6 % 0,05 mg/l N/A ≥ 50 % J-00121313 Nominale waarde van de deeltjes Klasse I, ≥ 0,5 tot < 1,0 μm
deeltjes/ml Min. 10.000 deeltjes/ml 98,8 %
deeltjes/ml N/A ≥ 85 % J-00099871 Cysten *
99,99 % 0,001 cysten/l N/A ≥ 99,95 % J-00109715 Troebelheid 11 NTU 11 ± 1 NTU 98,1 % < 1 NTU 0,5 NTU ≥ 95,5 % J-00099885 *Op basis van het gebruik van Cryptosporidium parvum oocysten Toepassingsrichtlijnen / parameters watertoevoer Stroomsnelheid 0,75 gpm (2,83 lpm) Watertoevoer Drinkwater Waterdruk
30 - 120 psi (207 - 827 kPa)
Watertemperatuur 0,6 °C - 38 °C (33 °F - 100 °F) Om de aangegeven productcapaciteit te bereiken dienen alle richtlijnen ten aanzien van het gebruik, het onderhoud en de filtervervanging te worden opgevolgd. Lees de aanwijzingen voor de garantie in het handboek. Opmerking: De tests zijn onder standaard laboratoriumcondities uitgevoerd. De daadwerkelijke prestaties kunnen afwijken. Reservefilterpatroon: 9000 674655. Nadere informatie over de prijzen van reserveonderdelen vindt u bij uw handelaar. U kunt ook dit telefoonnummer bellen: 1-800-578-6890. m Waarschuwing Om het gevaar van opname van schadelijke stoffen te reduceren: ■ Zonder afdoende desinfectie voor of na filtering geen water gebruiken dat in microbiologisch opzicht twijfelachtig is of waarvan de kwaliteit onbekend is. Een voor cystenreductie gecertificeerd systeem mag worden gebruikt voor gedesinfecteerd water dat filtreerbare cysten bevat. 3M is een geregistreerd handelsmerk van de firma 3M Company, dat onder licentie valt. NSF is een geregistreerd handelsmerk van de firma NSF International. © 2013 3M Company. Alle rechten voorbehouden.
EPA Establishment Number 10350-MN-005 m Attentie Om het gevaar van materiële schade als gevolg van het vrijkomen van water te reduceren: ■ Lezen en in acht nemen. Lees de gebruiksaanwijzingen voor de inbouw en het gebruik van het systeem door. ■ Inbouw en gebruik MOETEN voldoen aan de plaatselijke aansluitingsrichtlijnen. ■ Niet inbouwen wanneer de waterdruk hoger is dan 120 psi (827 kPa). Wanneer de waterdruk hoger is dan 80 psi dient u een drukbegrenzingsventiel in te bouwen. Weet u niet zeker hoe u de waterdruk moet controleren, vraag dit dan na bij een sanitairwinkel. ■ Niet inbouwen wanneer er waterslag kan optreden. Indien er sprake is van condities voor waterslag, dient u een waterslagdemper te monteren. Neem contact op met een sanitairwinkel wanneer u er niet zeker van bent of dit het geval is. ■ Niet aansluiten op een warmwaterleiding. De maximale bedrijfstemperatuur van de filter is 100 °F (38 °C). ■ Filter beschermen tegen invriezen. Filter leegmaken wanneer de temperaturen onder de 33 °F (0,6 °C) komen. ■ Het filterpatroon onder normale voorwaarden om de 6 maanden en in geval van een duidelijke vermindering van de doorstroming direct vervangen. Vervaardigd door: 3M Purification Inc. 400 Research Parkway Meriden, Ct 06450 USA Tel. (800) 222-7880 (203) 237-5541
Uitrusting Glasplateaus IJsblokjesbak De ijsblokjesbak dient voor het bewaren van ijsblokjes. De ijsblokjesbak aan de voorzijde optillen en uitnemen. De glasplateaus kunnen worden uitgenomen en op verschillende hoogtes worden geplaatst. Uitnemen Glasplateau van achter optillen en eruit trekken. Laden Plaatsen Glasplateau op de geleiderail naar achteren schuiven, totdat het naar onderen inklikt. De laden kunnen worden verwijderd. De lade tot er tot de aanslag uittrekken, aan de voorzijde optillen en volledig uittrekken. Glasplateau boven de lade De glasplateaus kunnen worden verwijderd. Het glasplateau eruit trekken en naar boven toe verwijderen. Vakje Voor het bewaren van drankblikjes. Deurvakken De deurvakken kunnen worden verwijderd. De deurvakken er naar boven uittrekken.
Eierhouder Apparaat uitschakelen en uit bedrijf nemen Apparaat uitschakelen Deurvak met klep Dit vak kan worden verwijderd. Het vak er naar boven uittrekken. Netstekker uit het stopcontact halen of de zekering uitschakelen. Koelmachine en verlichting schakelen uit. Wanneer het apparaat uitgeschakeld moet worden, zonder de netstekker uit het stopcontact te halen (bijv. tijdens de vakantie): De toetsen „freezer/super +“ en „fridge/super +“ 5 seconden drukken. Wanneer het apparaat is uitgeschakeld, geven de temperatuurindicaties „- -“ aan. De rest van het display is uitgeschakeld. Apparaat inschakelen: De toetsen „freezer/super +“ en „fridge/super +“ 5 seconden drukken. Apparaat uit bedrijf nemen Minibar (niet bij alle modellen) Dit vak dient voor het snel uitnemen van dranken uit de koelruimte. Bij het openen van het vak wordt de verlichting ingeschakeld. Om te openen voorzichtig tegen de minibar drukken. Wanneer u het apparaat langere tijd niet gebruikt:
1. Watertoevoer naar het apparaat absoluut enkele
uren voor het uitschakelen afsluiten.
2. Alle levensmiddelen uit het apparaat nemen.
3. Apparaat uitschakelen.
4. IJsblokjesbak leegmaken en reinigen.
5. Apparaat reinigen.
6. Deur van het apparaat open laten.
Ontdooien Koelruimte Terwijl het apparaat in bedrijf is, vormen zich op de achterwand van de koelruimte dauwwaterdruppels of rijp. Omdat de achterwand automatisch ontdooit, is het niet nodig rijp of dauwwaterdruppels te verwijderen. Vriesruimte Door het volautomatische Nofrost-systeem blijft de vriesruimte ijsvrij. Ontdooien is niet meer nodig.
Apparaat reinigen m Attentie Gebruik geen zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaak- en oplosmiddelen. ■ Geen schurende of krassende sponzen gebruiken. Op metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan. ■ Nooit plateaus en bakken in de vaatwasser reinigen. Deze kunnen vervormen! Ga als volgt te werk:
1. Vóór het reinigen het apparaat uitschakelen.
2. Netstekker uit het stopcontact halen of de zekering
3. Levensmiddelen uit het apparaat halen en op een
koele plaats bewaren. Koelelement (indien beschikbaar) op de levensmiddelen leggen.
4. Wachten tot de rijplaag is ontdooid.
5. Reinig het apparaat met een zachte doek,
lauwwarm water en wat pH-neutraal afwasmiddel. Het schoonmaakwater mag niet in de verlichting of door het afvoergat in de verdampingsschaal komen.
6. De deurafdichting alleen met schoon water afnemen
en daarna grondig droog wrijven.
7. Na het schoonmaken het apparaat weer aansluiten
8. Levensmiddelen weer in het apparaat doen.
Wateropvangbak Het water verzamelt zich in de wateropvangbak.
1. Voor het leegmaken en reinigen de filter afnemen.
Uitrusting Voor de reiniging kunnen alle variabele onderdelen van het apparaat worden uitgenomen (zie het hoofdstuk Uitrusting). IJsblokjesbak Wanneer langere tijd geen ijsblokjes worden uitgenomen, worden de al geproduceerde ijsblokjes kleiner, smaken ze muf en kleven ze aan elkaar. Daarom moet de ijsblokjesbak regelmatig gereinigd worden. m Attentie Een gevulde ijsblokjesbak is zwaar.
1. De toets „IJsblokjes/crushed ijs“ 3 seconden
2. IJsblokjesbak eruit trekken.
3. IJsblokjesbak leegmaken en reinigen.
4. IJsblokjesbak op het oplegvlak leggen en geheel
naar achteren schuiven, tot hij vastklikt.
2. De wateropvangbak met een spons of goed
absorberende doek afnemen.
3. De zeef plaatsen.
Geuren Wanneer u onaangename geuren constateert:
1. Netstekker uit het stopcontact halen of de zekering
2. Alle levensmiddelen uit het apparaat nemen.
3. Binnenruimte reinigen (zie het hoofdstuk Apparaat
4. Alle verpakkingen reinigen.
5. Sterk ruikende levensmiddelen luchtdicht verpakken
om geurvorming te voorkomen.
6. Apparaat weer inschakelen.
7. Levensmiddelen in het apparaat doen.
8. Na 24 uur controleren of er opnieuw geurvorming
optreedt. Verlichting (LED) Uw apparaat is uitgevoerd met een onderhoudsvrije LED-verlichting. Reparaties aan deze verlichting mogen uitsluitend door de servicedienst of geautoriseerde vakkrachten worden uitgevoerd.
Apparaat in een droge, geventileerde ruimte plaatsen. Het apparaat mag niet direct in de zon of in de nabijheid van een warmtebron staan (bijv. radiator, open haard). Gebruik eventueel een isolatieplaat. Warme levensmiddelen en dranken eerst laten afkoelen, dan pas in het apparaat zetten. Diepvriesproducten voor het ontdooien in de koelruimte plaatsen en de koude van het diepvriesproduct voor de koeling van levensmiddelen benutten. Apparaat zo kort mogelijk openen. Om te voorkomen dat de levensmiddelen bij een eventuele stroomuitval of storing snel opwarmen, koelelementen in het bovenste vak direct op de levensmiddelen leggen. Let erop dat de deur van de vriesruimte altijd gesloten is. De plaatsing van de indelingselementen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat. Om een verhoogd stroomverbruik te voorkomen, de be- en ontluchtingsopeningen af en toe met een kwast of stofzuiger reinigen. Bedrijfsgeluiden Normale geluiden Brommen Motoren draaien (bijv. koelaggregaat, ventilator). Borrelende, zoemende of gorgelende geluiden Koelmiddel stroomt door de buizen of water in de ijsbereider. Klikken: Motor, schakelaar, of magneetventielen schakelen in of uit. Kloppen IJsblokjes van de ijsbereider vallen in de ijsblokjesbak. Geluiden voorkomen Het apparaat staat niet horizontaal Stel het apparaat horizontaal m.b.v. een waterpas. Gebruik daarvoor de schroefvoeten van het apparaat of leg er iets onder. Het apparaat staat ergens tegenaan Zet het apparaat los van andere meubels of apparaten. Vakken of plateaus wiebelen of klemmen Controleer de uitneembare delen en plaats deze eventueel opnieuw. Verpakkingen komen met elkaar in contact Haal de verpakkingen iets uit elkaar.
Kleine storingen zelf opheffen Voordat u contact opneemt met de servicedienst: Controleer of u de storing zelf aan de hand van de volgende instructies kunt verhelpen. De kosten voor de servicedienst zijn voor uw eigen rekening – ook tijdens de garantieperiode! Apparaat Storing Het apparaat heeft geen koelvermogen. De verlichting werkt niet. Het display gaat niet aan. De compressor schakelt steeds vaker en langer in. Mogelijke oorzaak Stroomonderbreking. Zekering is uitgeschakeld. Netstekker zit niet goed vast. Oplossing Controleer of de spanning aanwezig is. Zekering controleren. Controleer of de netstekker goed vast zit. Frequent openen van het apparaat. De be- en ontluchtingsopeningen zijn bedekt. Plaatsen van grotere hoeveelheden verse levensmiddelen. Temperatuur is te koud ingesteld. Apparaat niet onnodig openen. Obstakels wegnemen. In de koelruimte of vriesruimte is het te koud. De Verlichting (LED) werkt niet. De LED-verlichting is defect. Lichtschakelaar klemt. Apparaat was te lang geopend. De verlichting wordt na ca. 10 minuten uitgeschakeld. Er is sprake van onaangename Sterk geurende levensmiddelen zijn geuren. niet luchtdicht verpakt. Er klinkt een waarschuwingsgeluid of de temperatuurindicatie knippert. Het is te warm in de koel- of vriesruimte! Gevaar voor de levensmiddelen. Vrieskoelvak (indien aanwezig) koelt niet. Apparaatdeur staat open. Er zijn te veel levensmiddelen tegelijk in geplaatst. Super-koelen resp. Super-vriezen inschakelen. Temperatuur warmer instellen. Zie het hoofdstuk Verlichting (LED). Controleer of de lichtschakelaar bewogen kan worden. Na het sluiten en openen van het apparaat is de verlichting weer aan. Apparaat reinigen. Sterk geurende levensmiddelen luchtdicht verpakken (zie het hoofdstuk Geuren). Zie het hoofdstuk Alarmfuncties. Apparaat was van het elektriciteitsnet Gewenste temperatuur opnieuw instellen. losgekoppeld (stroomstoring, of stekker uit het stopcontact gehaald). IJsbereider Storing IJsbereider werkt niet. IJsbereider maakt niet voldoende ijs of het ijs is vervormd. Mogelijke oorzaak IJsbereider is niet op de stroomvoorziening aangesloten. IJsbereider krijgt geen vers water. Oplossing Servicedienst inschakelen. Zorg ervoor dat de wateraansluiting correct is uitgevoerd. De temperatuur in de vriesruimte is te Temperatuur in de vriesruimte controleren hoog. en eventueel iets kouder instellen. Apparaat of ijsbereider is pas Het duurt ca. 24 uur voordat de ijsproductie kortgeleden ingeschakeld. begint. Er is een grote hoeveelheid ijs Het duurt ca. 24 uur voordat de afgenomen. ijsblokjesbak weer is gevuld. Lage waterdruk. Apparaat uitsluitend op de voorgeschreven waterdruk aansluiten (zie het hoofdstuk Apparaat aansluiten, paragraaf Wateraansluiting). Waterfilter verstopt of verbruikt. Waterfilter vervangen.
Storing IJsbereider maakt geen ijs. Mogelijke oorzaak IJsbereider is uitgeschakeld. Apparaat krijgt geen water. Watertoevoerleiding is geknikt. Lage waterdruk. Temperatuur in vriesruimte te hoog. IJsblokjesbak niet goed geplaatst. Verkeerde afsluiter gemonteerd. In de toevoerslang voor de ijsbereider vormt zich ijs. Lage waterdruk. Afsluiter niet juist geopend Er loopt water uit het apparaat. De wateraansluitslang is lek. Verkeerde afsluiter gemonteerd. Er komt geen water uit de waterdispenser. Terugloopventiel is verkeerd om gemonteerd. De zeef is verstopt. Servicedienst Een servicedienst in uw omgeving vindt u in het telefoonboek of in de servicedienst-index. Geef aan de servicedienst het typenummer (E-Nr.) en het fabricagenummer (FD-Nr.) van uw apparaat door. U vindt deze op het typeplaatje. Help mee om onnodige voorrijkosten te voorkomen door het artikel- en fabricagenummer door te geven. U bespaart de hieraan verbonden extra kosten.
Oplossing IJsbereider inschakelen. Neem contact op met de installateur of het waterbedrijf. Watertoevoer op het afsluitventiel afstellen. Knikposities opheffen, eventueel laten vervangen. Apparaat uitsluitend op de voorgeschreven waterdruk aansluiten (zie het hoofdstuk Apparaat aansluiten, paragraaf Wateraansluiting). Temperatuur in vriesruimte wat lager instellen. Positie controleren, eventueel nogmaals plaatsen. Verkeerde ventielen kunnen leiden tot een lage waterdruk en schade aan het apparaat. Watertoevoer op het afsluitventiel afstellen. Knikposities opheffen, eventueel laten vervangen. Afsluiter geheel openen. Slang door een origineel reserveonderdeel van de producent laten vervangen. Verkeerde ventielen kunnen leiden tot een lage waterdruk en schade aan het apparaat. Doorstroomrichting controleren. De doorstroomrichting wordt aangegeven door pijlen op het terugloopventiel. Watertoevoer met het afsluitventiel afstellen. Zeef demonteren en reinigen. Reparatie-opdracht en advies bij storingen De contactgegevens voor alle landen vindt u in het bijgaande servicedienst-overzicht.
Notice-Facile