T SYSTEM - Spiegelreflexcamera's zonder spiegel LEICA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis T SYSTEM LEICA in PDF-formaat.

LEICA T SYSTEM - Spiegelreflexcamera's zonder spiegel
📄 229 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 11 vragen ⚙️ Specs
Notice LEICA T SYSTEM - page 120
Bekijk de handleiding : Français FR Nederlands NL
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
ProducttypeSpiegelloze camera
MerkLeica
ModelT (Typ 701)
Afmetingen (L x H x D)134 x 69 x 33 mm
Gewicht (met/zonder accu)Ongeveer 384 g / 339 g
VoedingLithium-ion accu Leica BP-DC13, 7,2 V, 985 mAh
SensorCMOS APS-C (23,6 x 15,7 mm), 16,5/16,3 megapixels (totaal/effectief)
Maximale resolutieJPEG: 4928 x 3264 pixels (16 MP), DNG: 4944 x 3278 pixels
LensvattingLeica T bajonet (compatibel met Leica M via adapter)
ISO-gevoeligheidAuto, 100 - 12500
Sluitertijd30 s tot 1/4000 s
BelichtingsmodiProgramma (P), Diafragmavoorkeuze (A), Sluitertijdvoorkeuze (T), Handmatig (M), Onderwerpprogramma's
Ingebouwde flitserRichtgetal 4,5 (ISO 100), synchronisatie 1/180 s
SchermTFT LCD 3,7", 1,3 miljoen pixels, aanraakgevoelig
Video-opnameMP4, 1920 x 1080p 30 fps of 1280 x 720p 30 fps
OpslagIntern geheugen 16 GB + SD/SDHC/SDXC-kaart
ConnectiviteitMicro-USB 2.0, Wi-Fi IEEE 802.11b/g/n
Onderhoud en reinigingReinig de lenzen met een zachte, pluisvrije doek; vermijd vocht en extreme temperaturen
VeiligheidStel de accu niet bloot aan hitte of vuur; kortsluit de contacten niet
Reserveonderdelen en repareerbaarheidAccu, oplader, riem verkrijgbaar; reparaties alleen bij erkende Leica-centra
Inhoud van de verpakkingBody, draagriem, accu, oplader, USB-kabel, software Adobe Photoshop Lightroom (download)

Veelgestelde vragen - T SYSTEM LEICA

Hoe schakel ik de Leica T camera in en uit?
Gebruik de hoofdschakelaar bovenop de camera. Zet hem op ON om in te schakelen, op OFF om uit te schakelen. De ingebouwde flitser wordt ontgrendeld door de schakelaar voorbij de ON-stand te draaien.
Hoe plaats ik de accu en de geheugenkaart?
Zet de camera uit. Open het compartiment aan de onderkant. Plaats de Leica BP-DC13 accu met de contacten in de juiste richting. Voor de geheugenkaart: open het beschermklepje aan de rechterkant en steek een SD/SDHC/SDXC-kaart erin tot hij vastklikt. Om te verwijderen, druk op de kaart om hem uit te werpen.
Hoe laad ik de accu op?
U kunt de accu in de camera opladen via de meegeleverde USB-kabel (camera uit) of met de Leica BC-DC13 oplader. De rode LED geeft aan dat er wordt opgeladen, de groene LED geeft aan dat het opladen is voltooid. De temperatuur moet tussen 0 en 35 °C zijn.
Hoe wissel ik van lens op de Leica T?
Zet de camera uit. Druk op de ontgrendelknop van de lens (1) en draai de lens tegen de klok in om deze te verwijderen. Om een nieuwe lens te monteren, lijn de markeringen uit en draai met de klok mee tot hij vastklikt. Bescherm de body altijd met een dop wanneer er geen lens is gemonteerd.
Welke scherpstelmodi zijn beschikbaar?
De Leica T biedt automatische scherpstelling (AF) met verschillende methoden: spotmeting, 1 punt, meerdere punten, gezichtsherkenning en aanraakscherpstelling (Touch AF). Handmatige scherpstelling (MF) is ook mogelijk met behulp van een vergroting van het beeld.
Hoe gebruik ik de wifi van de camera?
Ga naar het menu WIFI (pictogram in het hoofdmenu). Schakel wifi in en verbind uw smartphone met de camera via de Leica T-app (iOS). U kunt dan afbeeldingen overzetten en de camera op afstand bedienen.
Hoe stel ik de datum en tijd in?
Ga naar het hoofdmenu, selecteer DATUM/TIJD. Stel de datum, tijd, tijdzone, notatie en zomertijd in met het touchscreen of de draaiknoppen. Bevestig met SET. De instellingen blijven ongeveer 2 dagen bewaard dankzij een back-upbatterij.
Hoe reinig ik de sensor of de lenzen?
Voor de lens: gebruik een zachte kwast of een schone microvezeldoek. Veeg voorzichtig van het midden naar buiten. Vermijd chemicaliën. Voor de sensor: gebruik een geschikte reinigingsset of breng hem naar een erkend centrum. Berg de camera altijd op met de objectiefdop om stof te voorkomen.
Welke accessoires worden aanbevolen voor de Leica T?
Leica biedt originele accessoires: elektronische zoeker Leica Visoflex, externe flitsers (Leica SF 26), adapter voor Leica M-objectieven, vervangende riemen, extra opladers en beschermhoezen. Raadpleeg de Leica-website voor een volledige lijst.
Hoe reset ik de camera-instellingen?
Ga in het hoofdmenu naar RESET (sleutelpictogram). Kies Reset alle instellingen om de standaardwaarden te herstellen. U kunt ook Reset bestandsnummering. Let op: dit wist aangepaste instellingen, maar niet de foto's.

Gebruikersvragen over T SYSTEM LEICA

1 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

Uw e-mailadres blijft privé: het wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Hoe toegang te krijgen tot de weergavemodus om foto's te bekijken op een LEICA T SYSTEM camera?
Veelgestelde Vragen - 10/01/2026
Antwoord Notice-Facile

Om toegang te krijgen tot de weergavemodus en uw foto's op een LEICA T SYSTEM camera te bekijken, volgt u deze stappen:

Zoek de afspeelknop

  • Zoek op het achterpaneel van het apparaat een knop met een pictogram in de vorm van een naar rechts wijzende driehoek, het universele symbool voor afspelen.
  • Deze knop bevindt zich meestal dicht bij het LCD-scherm, vaak aan de rechterkant of eronder.

Gebruik het touchscreen

  • Als uw LEICA T SYSTEM is uitgerust met een touchscreen, raakt u het pictogram aan dat een galerij of een afspeelsymbool weergeeft, direct op het scherm om toegang te krijgen tot uw afbeeldingen.

Toegang via het hoofdmenu

  • Als u de fysieke knop niet kunt vinden, drukt u op de Menu knop van het apparaat.
  • Kies in het menu de optie Afspeel of Afbeeldingen bekijken om uw opgeslagen foto's weer te geven.

Deze methoden stellen u in staat om eenvoudig uw foto's op uw LEICA T SYSTEM apparaat te bekijken.

Reageer (wees de eerste)

Download de handleiding voor uw Spiegelreflexcamera's zonder spiegel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding T SYSTEM - LEICA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. T SYSTEM van het merk LEICA.

GEBRUIKSAANWIJZING T SYSTEM LEICA

Notice d'utilisation | Gebruiksaanwijzing

LEICA T SYSTEM - 1

LEICA T SYSTEM - 2

LEICA T SYSTEM - 3

(Vervolg op achterste omslag)

CAMERA

Vooraanzicht

1 Objectief-ontgrendelingsknop 2 Ogen voor de draagriem (verzonken) 3 Contactstrip 4 Zelfontspanner-LED / AF-hulplicht 5 Luidspreker 6 Bajonet

Bovenaanzicht

7 Microfoons 8 Accessoireschoen 9 Flitser 10 Hoofdschakelaar/flitserontgrendeling 11 Ontspanner 12 Video-ontspanner 13 Instelwiel 14 Instelwiel

Achteraanzicht

15 Helderheidssensor 16 LCD-scherm 17 Afdekklep 18 Status-LED 19 Batterijstand-LED

Beeld van rechts (klepje geopend)

20 Geheugenkaartsleuf 21 USB-aansluiting

Onderaanzicht

22 Statiefschroefdraad A 1/4 DIN 4503 (1/4") 23 Batterijvergrendelingsknop 24 Batterij

OBJECTIEF

25 Zonnekap

a. Indexpunten

26 Voorstevatting

a. Extern bajonet voor zonnekap b. Indexpunt voor de zonnekap c. Interne schroefdraad voor filters

27 Afstandsinstelring 28 Instelring brandpuntafstand 29 Index voor brandpuntafstand 30 Vaststaande ring a. Rode indexknop voor objectiefwissel 31 Contactstrip

LEICA T SYSTEM - OBJECTIEF - 1

LEICA T SYSTEM - OBJECTIEF - 2

LEICA T SYSTEM - OBJECTIEF - 3

LEICA T SYSTEM - OBJECTIEF - 4

LEICA T

Gebruiksaanwijzing

LEICA T SYSTEM - LEICA T - 1

VOORWOORD

Wij wensen u veel plezier en succes bij het fotograferen met uw nieuwe Leica T.

Om het volledige prestatievermogen van uw LEICA T goed te kunnen benutten, raden wij u aan deze handleiding door te lezen. Voor een snelle start met uw nieuwe Leica is er de Quick Start Guide.

LEVERINGSOMVANG

Controleer, voordat u uw LEICA T in gebruik neemt, de meegeleverde accessoires op volledigheid.

a. Batterij Leica BP-DC13 b. Oplaadapparaat BC-DC13 (incl. uitwisselbare stekker) c. Micro-USB-kabel d. Plug (zit op zijn plaats) e. Draagriem f. Draagriem-ontgrendelingspen g. Bajonetdop behuizing h. Accessoireschoen-kapje i. Registratiekaart met TAN voor het downloaden van Adobe Photoshop Lightroom (na registratie van de camera op de homepage van de Leica Camera AG)

Let op:

Berg kleine onderdelen (zoals bijv. de draagriemontgrendelingspen) in principe als volgt:

  • buiten bereik van kinderen;
  • op een veilige plek, bijv. in de juiste vakken van de cameradoos.

De productiedatum van uw camera vindt u op de stickers in de garantiekaart ofwel op de verpakking. De schrijfwijze is: jaar/maand/dag.

C€ 1731

Verklaring van Conformiteit (DoC)

Hiermee verklaart "Leica Camera AG" dat dit product in overeenstemming is met de essentiële vereisten en andere relevante bepalingen van Richtlijn 1999/5/EG. Klanten kunnen een kopie van het originele DoC met betrekking tot onze R&TTE-producten van onze DoC-server downloaden:

www.cert.leica-camera.com

Neem in geval van verdere vragen contact op met:

Leica Camera AG, Am Leitz-Park 5, 35578 Wetzlar, Duitsland

Dit product is voor de algemene consument bedoeld. (Categorie 3)

Dit product is speciaal bedoeld om aangesloten te worden op een toegangspunt van 2,4 GHz WLAN.

In het menu van de camera vindt u de specifieke vergunning van dit apparaat.

LEICA T SYSTEM - Verklaring van Conformiteit (DoC) - 1

selecteren

in het submenu Regulatory Information selecteren

Let op:

  • Moderne elektronische elementen reageren gevoelig op elektrostatische ontlading. Omdat mensen, bijv. bij het lopen over synthetisch tapijt, al snel meer dan 10.000 Volt kunnen opbouwen, kan het bij aanraking van uw camera tot een ontlading komen, vooral als deze op een geleidende ondergrond ligt. Wanneer het alleen de camerabekleding betreft, is deze ontlading voor de elektronica absoluut ongevaarlijk. De elektronica is weliswaar extra beveiligd, maar raak toch vooral de niet buiten lopende contacten, zoals die in de flitsschoen, zo min mogelijk aan.
  • Gebruik voor het schoonmaken van de contacten geen optische microvezeldoek (synthetisch), maar een katoenen linnen doek! Wanneer u van tevoren bewust een verwarmingsbuis of waterleiding (geleidend, met "aarde" verbonden materiaal) aanraakt, wordt daardoor een eventuele aanwezige elektrostatische lading veilig ontladen. Vermijd vervuiling en oxidatie van de contacten, ook door uw camera. Berg de camera altijd met de dop op het objectief en het kapje op de flitsschoen/zoekeraansluiting droog op.
  • Gebruik uitsluitend aanbevolen accessoires om storing, kortsluiting of een elektrische schok te vermijden.
  • Probeer nooit onderdelen van de body (afdekkingen) te verwijderen; vakkundige reparaties kunnen alleen door een erkend servicepunt worden uitgevoerd.

Juridische mededeling:

  • Neem zorgvuldig het auteursrecht in acht. Het kopiëren en publiceren van opgenomen media, zoals banden, cd's, of door anderen uitgegeven of gepubliceerd materiaal kan het auteursrecht schenden.
  • Dit geldt ook voor alle meegeleverde software.
  • M.b.t. het gebruik van video's die met deze camera zijn opgenomen: Dit product is gemachtigd onder de AVC-octrooimachtiging voor persoonlijk gebruik en andere gebruiksdoeleinden, waarvoor de consument geen vergoeding om (i) video-opnamen te coderen in overeenstemming met de AVC-normen ("AVC Video") en/of (ii) AVC video-opnamen te decoderen die gecodeerd werden door een consument voor persoonlijke doeleinden en/of verkregen werden van een leverancier die gemachtigd is tot levering van AVC-video's. Voor alle andere toepassingen worden geen machtigingen verleend, expliciet noch impliciet. Nadere informatie vindt u bij MPEG LA, L.L.C. op HTTP://WWW.MPEGLA.COM. Alle andere toepassingen, in het bijzonder het aanbieden van AVC video's tegen vergoeding, kunnen een afzonderlijke licentieovereenkomst met MPEG LA, L.L.C. vereisen. Nadere informatie vindt u bij MPEG LA, L.L.C. op HTTP://WWW.MPEGLA.COM.
  • De SD- en USB-logo's zijn gedeponeerde merken.
  • Overige namen, firma- en productnamen die in deze handleiding worden genoemd, zijn handelsmerk, resp. gedeponeerd handelsmerk van de betreffende ondernemingen.

LEICA T SYSTEM - Juridische mededeling: - 1

(geldt voor de EU en overige Europese landen met gescheiden inzameling)

Dit toestel bevat elektrische en/of elektronische onderdelen en mag daarom niet met het normale huisvuil worden meegegeven! In plaats daarvan moet het voor recycling op door de gemeenten beschikbaar gestelde inzamelpunten worden afgegeven. Dit is voor u gratis.

Als het toestel verwisselbare batterijen of accu's bevat, moeten deze vooraf worden verwijderd en evt. volgens de voorschriften milieuvriendelijk worden afgevoerd.

Meer informatie over dit onderwerp ontvangt u bij uw gemeentelijke instantie, uw afvalverwerkingsbedrijf of de zaak waar u het toestel hebt gekocht.

Verklaring van de verschillende aanwijzingscategorieën in de handleiding

Opmerking:

Extra informatie

Belangrijk:

Niet-opvolgen kan schade aan de camera, de accessoires, ofwel de opnamen veroorzaken.

Let op:

Niet-opvolgen kan persoonlijk letsel tot gevolg hebben!

INHOUD

Aanduiding van de onderdelen U2/U4

Voorwoord 116

Leveringsomvang 116

Waarschuwingen 118

Juridische opmerkingen 118

Milievriendelijk afvoeren van elektrische en elektronische apparatuur 119

Voorbereidingen

Draagriem bevestigen 122

Vervangen van de batterij 123

Batterij laden 124

De geheugenkaart uittwisselen 128

Objectieven plaatsen/verwijderen 130

Objectieven voor de Leica T. 130

Camerabediening

Hoofdschakelaar 132

Instelwielen 132

De ontspanners 133

Ga naar het hoofdmenu 137

Belichtingsprogramma's-/Scene-menu 137

Ga naar het hoofdmenu 137

Navigatie in de hoofd- en MyCamera-menu's. 138

Menutegels. 139

Instellen van de optievarianten in submenu's 140

Algemene opmerkingen over de menubediening. 141

MyCamera-menu aanpassen 142

Instelwiel-menu 144

Gewenste optie aan instelwiel toekennen 145

Camera-basisinstellingen

Menutaal 146

Datum/tijd 146

Automatische uitschakeling van de camera 147

Akoestische signalen 148

LCD-schem-/ zoekerinstellingen 148

Automatische uitschakeling van het LCD-schem 149

Opname-basisinstellingen

Bestandsformaat/ compressiegraad 150

JPEG-resolutie 150

Witbalans 150

ISO-filmgevoeligheid 152

Kleurweergave / beeldeigenschappen 152

Opnamemodus

Beeldsequentie 154

Afstandsinstelling. 154

Scherpstellen door aanraken 158

Hulpfunctie voor handmatige afstandsinstelling 159

Scherpstellen 159

Belichtingsmetting en -regeling

Belichtingsmeetmethoden 160

Wijzigen van de vastgelegde sluitertijd/diafragma-combinaties 163

Tijdautomaat 164

Opslaan van de meetwaarde 168

Belichtingscompensatie 168

Automatische belichtingsseries. 169

Video-opname 170

Stabilisatie. 170 Geluidsopname. 171

Flitsfotografie

Met het ingebouwde flitsapparaat 172 Flitsmodi 173 Flitsbereik 174 Synchronisatie-timing 175 flits-belichtingscorrecties 175 Met externe flitsers. 176

Overige functies

Beeldstabilisatie 178 Zelfontspanner 178 Registratie van opnamelocatie met GPS 179

Weergavemodus

Omschakelen tussen opname en weergave 180 Automatische weergave 180 Opnamen staand weergeven 181 Opnamen selecteren 181 Opnamen vergroten/verkleinen 182

Gelijktijdige weergave van 9 opnamen 182

Uitsnede selecteren 183 Weergavemenu 184

Diashow 184

Opname als favorieten markeren / markering opheffen 185 Opnamen beveiligen / wisbeveiliging opheffen 185 Weergavebron selecteren 186 Opnamegegevens van intern geheugen aan geplaatste geheugenkaart kopiëren 188

Opnamen wissen 186 Videoweergave 190 Video-opname knippen en plakken 192

Overige zaken

Gebruikersprofielen 194 Alle menu-instellingen naar de fabrieksinstellingen terugzetten. 194 Terugzetten van alle individuele instellingen 194 Nummering van opnamebestanden terugzetten 195 Instellen en gebruiken van de WiFi-optie 196 Gegevensoverdracht aan een computer 200 Formatteren 201 Met onbewerkte gegevens (DNG) werken 202 Adobe Photoshop Lightroom installeren. 202 Installeren van firmware-updates 203

Toebehoren 203

Vervangende onderdelen 204 Voorzorgsmaatregelen en onderhoud 206

Bijlage

Menupunten 212 Opnamemodi-menu 212 Instellingen onderwerpprogramma's 216

Camera uitzetten Afb. 2a

Batterijplaatsen Afb. 26

Batterij verwijderen Afb. 26

Aanwijzingen:

  • De batterij is voorgeladen af fabriek - de camera kan daarom onmiddellijk worden gebruikt.
  • De vergrendeling is voorzien van een beveiliging om te voorkomen dat de batterij niet uit het vak kan vallen als de camera rechtop wordt gehouden.

Belangrijk:

Als de batterij wordt verwijderd terwijl de camera aanstaat, kan dit leiden tot het verlies van uw instellingen in de menu's en van de opnamegegevens en tot beschadiging van de geheugenkaart.

LEICA T SYSTEM - Belangrijk: - 1

LEICA T SYSTEM - Belangrijk: - 2

LEICA T SYSTEM - Belangrijk: - 3

BATTERIJ LADEN

De Leica T wordt door een lithium-ionbatterij van de benodigde energie voorzien. Hij kan zowel in de camera worden opgeladen via de meegeleverde USB-kabel, alsook buiten de camera met het meegeleverde oplaadapparaat.

Let op:

  • Er mogen uitsluitend batterijen worden gebruikt van het type dat in deze handleiding of door Leica Camera AG worden genoemd en beschreven.
  • Deze batterij mag uitsluitend met het hiervoor bestemde apparaat en alleen zoals beschreven worden opgeladen.
  • Als deze batterijen niet volgens de voorschriften worden gebruikt of als er batterijen worden gebruikt die niet voor deze camera zijn bestemd, kan dit eventueel een explosie tot gevolg hebben.
  • De batterijen mogen niet voor lange tijd aan zonlicht, warmte, hoge luchtvochtigheid of condens worden blootgesteld. Om het risico op brand of explosie te vermijden, mogen batterijen ook nooit in een magnetron worden gelegd of onder hoge druk worden gezet.
  • Werp batterijen nooit in vuur; ze kunnen anders exploderen!
  • Vochtige of natte batterijen mogen nooit worden geladen of in de camera worden gebruikt.
  • Houd de batterijcontacten steeds schoon en vrij.
  • Lithium-ionen batterijen zijn weliswaar tegen kortsluiting beveiligd, maar bescherm toch de contacten tegen metalen voorwerpen zoals paperclips of sieraden. Een kortgesloten batterij kan zeer heet worden en ernstige brandwonden veroorzaken.
  • Als er een batterij op de grond valt, dient u daarna de behuizing en contacten op eventuele schade te controleren. Het plaatsen van een beschadigde batterij kan ook de camera beschadigen.
  • Als de batterij geluid maakt, verkleurt, vervormt, oververhit of als er vloeistof uitloopt, moet hij meteen uit de camera of uit het oplaadapparaat worden genomen en worden vervangen. Verder gebruik van deze batterij kan oververhitting met het risico van brand en/of explosie tot gevolg hebben.
  • Als er vloeistof lekt of een brandlucht ontstaat, houd dan de batterij verwijderd van hittebronnen. De lekkende vloeistof kan gaan branden.
  • Er mag/mogen uitsluitend het in deze handleiding genoemde en beschreven type batterijlader, resp. de door Leica Camera AG genoemde en beschreven typen laders worden gebruikt. Het gebruik van andere, niet door Leica Camera AG vrijgegeven oplaadapparaten kan schade aan de batterijen en in extreme gevallen ernstig of zelfs levensgevaarlijk letsel veroorzaken.
  • Het meegeleverde oplaadapparaat mag uitsluitend voor het opladen van dit batterijtype worden gebruikt. Probeer het niet voor andere doeleinden te gebruiken.
  • Zorg ervoor dat het gebruikte stopcontact vrij toegankelijk is.
  • Bij het opladen ontstaat warmte. Het opladen mag daarom niet in kleine, gesloten, dat wil zeggen niet-geventileerde ruimten gebeuren.
  • Batterijlader mag niet worden geopend. Reparaties mogen alleen door erkende werkplaatsen worden uitgevoerd.
  • Zorg ervoor dat batterijen voor kinderen ontoegankelijk zijn. Het inslikken van batterijen kan verstikking tot gevolg hebben.

Gooi gebruikte batterijen weg in overeenstemming met de betreffende informatie in deze handleiding.

Eerste hulp:

  • Als er batterijvloeistof in uw ogen terechtkomt, kan dit verblinding tot gevolg hebben.

Spoel uw ogen onmiddellijk met schoon water. Niet in de ogen wrijven. Ga meteen naar de dokter.

  • Lekkende vloeistof op huid of kleding kan letsel veroorzaken.

Was de in aanraking gekomen huid met schoon water.

Aanwijzingen:

  • Af fabriek is de oplaadbare batterij weliswaar gedeeltelijk opgeladen, maar voor langer gebruik moet hij worden opgeladen.
  • De batterij kan alleen worden geladen als hij een temperatuur tussen 0°C (32°F) en 35°C (95°F) heeft (anders schakelt het oplaadapparaat niet in, ofwel het schakelt weer uit).
  • Lithium-ion batterijen kunnen op elk moment worden opgeladen, ongeacht de momentele batterijconditie. Als een batterij maar ten dele is ontladen voordat hij wordt opgeladen, zal de volledige oplading sneller worden bereikt.
  • Lithium-ion batterijen dienen gedeeltelijk opgeladen te worden opgeborgen, dat wil zeggen niet volledig ontladen of volledig opgeladen. Bij zeer langdurige opslag dient u de batterij ongeveer tweemaal per jaar gedurende ca. 15 minuten op te laden om diepe ontlading te vermijden.
  • Tijdens het laadproces worden de batterijen warm. Dit is normaal en geen storing.
  • Een nieuwe batterij bereikt zijn volledige capaciteit pas na 2-3 keer volledig opladen en - door gebruik in de camera - weer ontladen. Dit ontladingsproces dient telkens na ca. 25 cycli te worden herhaald.
  • De oplaadbare lithium-ion-batterijen genereren stroom door interne chemische reacties. Deze reacties worden ook door de buitentemperatuur en luchtvochtigheid beïnvloed. De maximale

levensduur van de batterij kan alleen worden bereikt, als u hem niet te lang aan extreem hoge of lage temperaturen (bijv. 's zomers ofwel 's winters in een geparkeerde auto) blootstelt.

  • De levensduur van elke batterij is begrensd - zelfs bij optimaal gebruik! Na enkele honderden keren opladen wordt dit duidelijk door de korter wordende ontladingstijden.
  • Voer defecte batterijen in overeenstemming met de relevante regelgeving (zie pag. 119) af via een geschikt inzamelpunt voor recycling.
  • De verwisselbare batterij voorziet een andere, permanent geïnstalleerde bufferbatterij in de camera van stroom. Deze bufferbatterij zorgt ervoor dat de ingevoerde datum en tijd t/m 2 dagen lang opgeslagen blijven. Als de bufferbatterij uitgeput is, moet deze door het plaatsen van een geladen hoofdbatterij weer worden opgeladen. De volledige capaciteit van de bufferbatterij is - met een geplaatste, opgeladen batterij - na ca. 60 uur bereikt. De camera hoeft hiervoor niet ingeschakeld te blijven. Datum en tijd moeten in dat geval echter opnieuw worden ingevoerd.
  • Verwijder de batterij als u de camera een tijd lang niet gebruikt. Schakel hiervoor van tevoren de camera met de hoofdschakelaar uit. Anders kan de batterij na enkele weken diep ontladen, d.w.z. de spanning daalt sterk, ook al verbruikt de camera, zelfs wanneer hij is uitgeschakeld, een geringe ruststroom (voor de opslag van uw instellingen).

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 1

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 2

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 3

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 4

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 5

BATTERIJ LADEN

MET USB-KABEL A7b.3

Aanwijzingen:

  • De camera mag alleen worden aangesloten op een computer of op een standaard USB-oplaadapparaat (met een maximale laadstroom van 500 mA resp. 1A) en niet op een monitor, een toetsenbord, een printer of een USB-hub.
  • Opladen via USB zal alleen starten als de camera uitgeschakeld is.
  • Als de computer tijdens het opladen in de slaapstand omschakelt, zal het laadproces worden gestopt.

MET OPLAADAPPARAAT

Netstekker van het oplaadapparaat uitwisselen

Plaatsen Afb.4a/b

Verwijderen Afb.5a/b

Batterij in de oplader stoppen Afb.4

Batterij uit de oplader nemen Afb.7

Aanwijzingen:

  • Het oplaadapparaat moet met de passende stekker voor de lokale stopcontacten zijn uitgerust.
  • Het oplaadapparaat past zich automatisch aan de betreffende netspanning aan.

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 1

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 2

Statusindicator oplaadapparaat

Het laadproces wordt aangeduid met LED's.

Via de USB-kabel (door de LED op de camera) Afb.8

  • Brandt rood: laadproces actief
  • Brandt groen: batterij volledig opgeladen.

Met het oplaadapparaat (door de LED op de lader Afb.9)

  • Rood knipperend: fout - laadproces niet actief
  • Brandt rood: laadproces actief
  • Brandt groen: batterij volledig opgeladen.

LEICA T SYSTEM - Statusindicator oplaadapparaat - 1

LEICA T SYSTEM - Statusindicator oplaadapparaat - 2

Indicaties batterijconditie Afb.10

De batterijconditie wordt weergegeven op het LCD-scherm. De indicator knippert als de batterij nog maar stroom voor een paar opnamen heeft. Nu is het hoogste tijd de batterij te vervangen of op te laden.

LEICA T SYSTEM - Indicaties batterijconditie Afb.10 - 1

LEICA T SYSTEM - Indicaties batterijconditie Afb.10 - 2

LEICA T SYSTEM - Indicaties batterijconditie Afb.10 - 3

LEICA T SYSTEM - Indicaties batterijconditie Afb.10 - 4

DE GEHEUGENKAART UITWISSELEN

In de Leica T kunt u SD-, SDHC- of SDXC-geheugenkaarten gebruiken.

Dankzij een ingebouwd 16 GB geheugen kunt u ook zonder geheugenkaart foto's maken.

Camera uitzetten Afb.11a

Geheugenkaart in de gleuf stoppen Afb.11b

Geheugenkaart verwijderen Afb.11b

Aanwijzingen:

  • Open het klepje niet en neem de geheugenkaart of de batterij niet uit het klepje wanneer de LED nog brandt, want dan is de camera nog bezig met het wegschrijven van het geheugen. Anders kunnen de gegevens op de kaart worden beschadigd en er kunnen fouten bij de camera optreden.
  • SD-/SDHC-/SDXC-geheugenkaarten hebben een schakelaar voor schrijfbeveiliging waarmee de bestanden tegen onopzettelijk opslaan en/of wissen worden beschermd. Deze schakelaar is een schuifje op de niet afgeschuinde kant van de kaart; in de onderste stand, die met LOCK is gemarkeerd, zijn de gegevens beveiligd.
  • Als de geheugenkaart niet kan worden geplaatst, controleer dan of u hem goed om hebt.
  • Als er een geheugenkaart in de camera zit, worden de beelden alleen op de kaart opgeslagen. Als er geen kaart in de camera zit, slaat hij de beeldgegevens in het interne geheugen op.
  • Het aanbod van SD/SDHC/SDXC-kaarten is zo groot dat Leica Camera AG alle verkrijgbare typen niet volledig op compatibiliteit en kwaliteit kan controleren. Bij gebruik van andere kaarttypen is beschadiging van camera of kaart weliswaar niet te verwachten, maar omdat vooral zogenoemde "No-Name"-kaarten ten dele niet aan de normen voor SD-/SDHC/SDXC-geheugenkaarten voldoen, kan Leica Camera AG geen garantie bieden dat zij goed zullen functioneren.
  • Omdat elektromagnetische velden, elektrostatische lading evenals defecten aan de camera of de kaart tot beschadiging of verlies van gegevens op de geheugenkaart kunnen leiden, is het raadzaam de gegevens regelmatig op een computer op te slaan.

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 1

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 2

OBJECTIEF VERWIJDEREN Afb. 13

Aanwijzingen:

  • Ter bescherming tegen het binnendringen van stof moet er altijd een objectief of de cameradop op de camera zitten.
  • Om dezelfde reden moet het verwisselen van een objectief vlot en indien mogelijk in een stofvrije ruimte gebeuren.
  • Camera- of objectiefkappen moeten niet in een broekzak worden bewaard, omdat ze stof aantrekken dat bij het plaatsen van het objectief in de camera terecht kan komen.

OBJECTIEVEN VOOR DE LEICA T

Alle objectieven voor de Leica T hebben in principe dezelfde externe constructie: er is aan de voorzijde een externe bajonet voor de zonnekap en een inwendige schroefdraad voor filters, dan een instelring voor de afstand, een vaste ring met een rode indexknop voor het verwisselen van het objectief en een contactstrip voor de overdracht van informatie en stuursignalen. Vario-objectieven voor de Leica T hebben bovendien een extra instelring voor de brandpuntsafstand, evenals een bijbehorende index.

Opmerking:

illustratie op de binnenkant van de achterflap.

Scherptediepte

De objectieven voor de Leica T hebben geen diafragmaring en er is dus ook geen scherptediepteschaal beschikbaar. De overeenkomstige waarden vindt u in de tabellen op de homepage van de Leica Camera AG.

Belichtingsmeting en -regeling met Vario-objectieven voor de Leica T

Vario-objectieven voor de Leica T hebben een variabele lichtsterkte, d.w.z. dat de eigenlijke diafragma-opening afhankelijk is van de ingestelde brandpuntsafstand. Om onjuiste belichting te voorkomen, moet de gewenste brandpuntsafstand worden bepaald alvorens de meetwaarde is geregistreerd of de tijd/diafragma-combinatie is aangepast. Voor meer informatie verwijzen wij u naar de secties onder "Belichtingsmeting en -regeling" vanaf pag. 160.

Bij gebruik van extra, niet-systeemcompatibele flitsers moet de diafragma-instelling op de flitser overeenkomen met de werkelijk gebruikte diafragmawaarde.

Zonnekap

OpnamestandLEICA T SYSTEM - Zonnekap - 1

TransportstandLEICA T SYSTEM - Zonnekap - 2

Objectieven voor de Leica T worden geleverd met optimaal afgestemde zonnekappen. Zij kunnen dankzij hun symmetrische bajonet snel en gemakkelijk worden geplaatst - om ruimte te besparen ook omgekeerd.

Zonnekappen reduceren strooilicht en reflecties alsmede schade en vervuiling van de frontlens.

Filters

Aan objectieven voor de Leica T kunnen filters met schroefdraad worden gebruikt. De juiste diameters vindt u in de specificaties van de betreffende objectiefhandleiding.

CAMERABEDIENING

Afb. 14LEICA T SYSTEM - CAMERABEDIENING - 1

Afb. 15LEICA T SYSTEM - CAMERABEDIENING - 2

HOOFDSCHAKELAAR Afb.14

De Leica T wordt met de hoofdschakelaar in- en uitgeschakeld:

  • OFF = uitgeschakeld
  • ON = ingeschakeld

Daarnaast kunt u er de ingebouwde flitser mee ontgrendelen:

  • F = Flitser schiet maar boven
  • Als u de camera inschakelt, licht het LCD-scherm op.

Opmerking:

Als u hem voor het eerst inschakelt, of wanneer hij voor het eerst wordt ingeschakeld na het resetten van alle instellingen, verschijnt rechtsboven PLAY op het LCD-scherm. Door het scherm aan te raken, start u een welkomstvideo. De video kan worden gestopt door het aanraken van SKIP.

Vervolgens verschijnt het LANGUAGE-submenu, als u dat hebt ingesteld het DATE/TIME-submenu en als u dat ook hebt ingesteld uiteindelijk het schermbeeld.

INSTELWIELEN Afb.15

Met de beide instelwielen van de Leica T bedient u in de opname-, weergave- en menuprogramma's verschillende functies.

DE ONTSPANNERS

Voor foto's Afb.16

De ontspanner werkt in twee stappen. Door hem licht in te drukken worden zowel de automatische afstandsinstelling, alsook de belichtingsmeting en -regeling geactiveerd en worden de instellingen en de gemeten waarde geregistreerd. Als de camera van tevoren in de stand-by modus stond, wordt hij daardoor weer geactiveerd en het beeld op het scherm verschijnt.

Als de ontspanner helemaal wordt ingedrukt, vindt opname plaats.

Voor video's Afb.17

Met deze button start en stopt u de video-opname.

Afb. 16LEICA T SYSTEM - Voor video's Afb.17 - 1

Afb. 17LEICA T SYSTEM - Voor video's Afb.17 - 2

kort aanrakenLEICA T SYSTEM - Voor video's Afb.17 - 3

dubbel aanrakenLEICA T SYSTEM - Voor video's Afb.17 - 4

lang aanraken, slepen en loslatenLEICA T SYSTEM - Voor video's Afb.17 - 5

vegenLEICA T SYSTEM - Voor video's Afb.17 - 6

LEICA T SYSTEM - Voor video's Afb.17 - 7

LEICA T SYSTEM - Voor video's Afb.17 - 8

knijpen en spreidenLEICA T SYSTEM - Voor video's Afb.17 - 9

TOUCHSCREEN-BEDIENING

De bediening van de Leica T doet u grotendeels met de links weergegeven gebaren op het touchscreen.

Opmerking:

Licht aantippen is voldoende - niet drukken.

Rechter werkbalk Afb. 18a/b

De pictogrammen aan de rechter rand van het scherm geven de toegang tot de bediening van de Leica T. Om onbedoelde acties te voorkomen, kunt u deze pictogrammen uitschakelen.

Blokkeren Afb. 19a/b

Deblokkeren Afb. 20a/b

Opnamemodus Afb. 18aLEICA T SYSTEM - Rechter werkbalk Afb. 18a/b - 1

Weergavemodus Afb. 18bLEICA T SYSTEM - Rechter werkbalk Afb. 18a/b - 2

Afb. 19a Afb. 19bLEICA T SYSTEM - Rechter werkbalk Afb. 18a/b - 3

Afb. 20a Afb. 20bLEICA T SYSTEM - Rechter werkbalk Afb. 18a/b - 4

LEICA T SYSTEM - Rechter werkbalk Afb. 18a/b - 5

LEICA T SYSTEM - Rechter werkbalk Afb. 18a/b - 6

LEICA T SYSTEM - Rechter werkbalk Afb. 18a/b - 7

LEICA T SYSTEM - Rechter werkbalk Afb. 18a/b - 8

INFO-weergave

Door herhaaldelijk de INFO-weergave aan te tippen, kunt u de indicaties op het scherm in stappen uitbreiden.

In de opnamestand Afb. 21a-6

1x = statusindicaties, 2x = raster, 3x = histogram, 4x = zonder extra informatie

In de weergavemodus Afb. 22a-d

1x = statusindicaties, 2x = histogram, 3x = clipping

Opmerking:

Het histogram en de clipping-indicaties staan niet ter beschikking voor het afspelen van video.

Belichtingsprogramma's-/Scène-menu oproepen Afb. 23a/b

Door het pictogram in de rechterbovenhoek van de werkbalk aan te raken, start u het Belichtingsprogramma-/Scène-menu (zie pag. 214).

MyCamera-menu oproepen Afb. 24a/b

Door het pictogram aan te raken start u het MyCamera-menu. Dit menu kan individueel worden samengesteld met de functies uit het hoofdmenu. Daardoor heeft u sneller toegang tot de functies die voor u het belangrijkst zijn.

Hoofdmenu starten Afb.25a-d

Door het $-pictogram in het menu MyCamera aan te raken, gaat u naar het hoofdmenu. Het hoofdmenu bevat alle menufuncties van de camera.

= terug naar het vorige menuniveau of de vorige instelling

Afb. 23aLEICA T SYSTEM - Hoofdmenu starten Afb.25a-d - 1

Afb. 23bLEICA T SYSTEM - Hoofdmenu starten Afb.25a-d - 2

Afb. 24aLEICA T SYSTEM - Hoofdmenu starten Afb.25a-d - 3

LEICA T SYSTEM - Hoofdmenu starten Afb.25a-d - 4

Afb. 24bLEICA T SYSTEM - Hoofdmenu starten Afb.25a-d - 5

Afb. 25aLEICA T SYSTEM - Hoofdmenu starten Afb.25a-d - 6

LEICA T SYSTEM - Hoofdmenu starten Afb.25a-d - 7

Afb. 25bLEICA T SYSTEM - Hoofdmenu starten Afb.25a-d - 8

LEICA T SYSTEM - Hoofdmenu starten Afb.25a-d - 9

LEICA T SYSTEM - Hoofdmenu starten Afb.25a-d - 10

Afb. 25cLEICA T SYSTEM - Hoofdmenu starten Afb.25a-d - 11

LEICA T SYSTEM - Hoofdmenu starten Afb.25a-d - 12

LEICA T SYSTEM - Hoofdmenu starten Afb.25a-d - 13

De camera biedt 2 verschillende mogelijkheden om in de menu's te navigeren.

  • door middel van gebaren Afb. 26a-c
  • met de instelwielen (beide hebben in dit geval dezelfde functie) en gebaren Afb.27a-d
  • De voortgangsbalk aan de linkerkant is een oriëntatiehulp voor de actuele positie in het menu.

Opmerking:

Menufuncties die, bijvoorbeeld als gevolg van andere instellingen, niet ter beschikking staan, worden grijs weergegeven (afb. 28a) en worden overgeslagen.

De menu-items verschijnen in de vorm van tegels.

Gegevens op de tegels

Afb. 28c: weergave van een tegel waarmee een directe instelling van de opties mogelijk is (max. 5). Afb. 28a-d: pictogram of numerieke waarde, aanduiding van het menu-item ofwel de ingestelde menufunctie.

Afhankelijk van de omvang van de menufunctie biedt de tegel:

  • de directe instelling van de opties of
  • toegang tot een submenu

Direct instellen van de opties van een functie

Bij direct aanpasbare menutegels kunt u de volgende optie eenvoudig door aanraken starten (afb. 29a-c).

LEICA T SYSTEM - Gegevens op de tegels - 1

LEICA T SYSTEM - Gegevens op de tegels - 2

Afb. 29cLEICA T SYSTEM - Gegevens op de tegels - 3

Fig. 30fLEICA T SYSTEM - Gegevens op de tegels - 4

Instellen van de opties in submenu's

Menu-items waarvan uitsluitend de indicaties b. en c. te zien zijn, worden in submenu's ingesteld. De structuur verschilt, afhankelijk van de functie.

Instellingen in submenu's met gebarenbesturing Afb. 30a - Door te vegen kunt u de submenulijst regel voor regel doorbladeren.

Instellingen in submenu's met de instelwielen en gebarenbesturing Afb. 31a-h

Met de instelwielen - beide hebben in dit geval dezelfde functie - kunnen individuele submenu-items worden geselecteerd. Bij verdere rotatie voorbij het eerste of laatste submenu-item van een pagina "springt" de submenulijst een pagina verder, d.w.z. er verschijnen de volgende, resp. vorige regels. Dit geldt ook voor het begin en het eind van de submenulijst (=> "eindeloze lus").

Opmerking:

De menu-items en submenu-items kunnen selectief worden aangepast door het aanraken van het gemarkeerde menu-item zelf, of de in dit geval in de werkbalk zichtbare SET-indicatie.

Algemene opmerkingen over de menubediening

  • Instellingen in de menupunten die verschillen van de vorige verklaringen of extra stappen bevatten, zijn beschreven in het kader van de betreffende menupunten.
  • Sommige menupunten zijn mogelijk niet beschikbaar, bijvoorbeeld omdat de respectieve functies in de sceneprogramma's (zie pag. 167) vaste instellingen zijn, of omdat ze betrekking hebben op de als toebehoren verkrijgbare, in dit geval niet geplaatste, externe zoeker. Deze menupunten hebben in dat geval een grijs functie-pictogram (in plaats van wit) en kunnen niet worden geselecteerd.
  • Normaal gesproken opent het menu met de eerst gekozen optie.

Afb. 31aLEICA T SYSTEM - Algemene opmerkingen over de menubediening - 1

Afb. 31bLEICA T SYSTEM - Algemene opmerkingen over de menubediening - 2

Afb. 31dLEICA T SYSTEM - Algemene opmerkingen over de menubediening - 3

LEICA T SYSTEM - Algemene opmerkingen over de menubediening - 4

ORID MODE SINGLE MULTI METER IN 0 SELFTIMER

Afb. 31eLEICA T SYSTEM - Algemene opmerkingen over de menubediening - 1

LEICA T SYSTEM - Algemene opmerkingen over de menubediening - 2

LEICA T SYSTEM - Algemene opmerkingen over de menubediening - 3

LEICA T SYSTEM - Algemene opmerkingen over de menubediening - 4

MyCamera-menu aanpassen

Bij aflevering zijn de volgende functies voorgedefinieerd.

LEICA T SYSTEM - MyCamera-menu aanpassen - 1

Aan het MyCamera-menu kunt u elke functie van het hoofdmenu toevoegen, verwijderen of van positie wijzigen. Deze vrije menu-inrichting maakt de individuele aanpassing aan uw persoonlijke voorkeuren mogelijk en biedt snelle toegang tot de functies die u het meest gebruikt.

Menu-items voegt u toe met het gebaar

Volgorde menupunten wijzigen (Afb. 33a-d)

De menupunten worden aanvankelijk weergegeven in volgorde van selectie. Deze kan echter volledig naar wens worden gewijzigd.

Alle functies kunnen altijd weer uit het MyCamera-menu worden verwijderd door ze op te slepen.

LEICA T SYSTEM - Menupunten wissen (Afb. 34a-c) - 1

LEICA T SYSTEM - Menupunten wissen (Afb. 34a-c) - 2

LEICA T SYSTEM - Menupunten wissen (Afb. 34a-c) - 3

Instelwiel-menu

Het rechter instelwiel is in sluitertijdvoorkeuze, diafragmavoorkeuze en geprogrammeerd automatisch toegewezen aan de functies van diafragma, sluitertijd en program shift. Aan het linker instelwiel kunnen in deze modi de zes in Afb. 35c getoonde functies worden toegewezen. Af fabriek is ISO gespecificeerd.

Instelwielmenu starten (Afb. 35a-c)

De functie-indicaties worden weergegeven als u een van de duimwielen een klik verder draait. Door het aanraken van de linker functie-indicatie verschijnen de 6 functies om uit te kiezen.

Gewenste optie aan instelwiel toekennen

Met gebarenbesturing Afb. 36a/b

Met het linker instelwiel en gebarenbesturing Afb. 37a-1

Opmerking:

Ongeacht welke van de functies in de menulijst is geactiveerd (rood omcirkeld), kan elke optie altijd worden geselecteerd door aanraking.

LEICA T SYSTEM - Opmerking: - 1

CAMERA-BASISINSTELLINGEN

LEICA T SYSTEM - MENUTAAL - 1

selecteren

In het submenu de gewenste taal selecteren

DATUM / TIJD

LEICA T SYSTEM - DATUM / TIJD - 1

selecteren

Datum / tijd instellen Afb. 38

Deze waarden worden in vijf "kolommen" op dezelfde manier ingesteld.

Afb. 38LEICA T SYSTEM - Datum / tijd instellen Afb. 38 - 1

Om te bevestigen SET aanraken

Tijdzone selecteren Afb. 39a-d

Elke aanraking of elk slepen resulteert in het verdergaan naar de volgende tijdzone.

Afb. 39aLEICA T SYSTEM - Tijdzone selecteren Afb. 39a-d - 1

Afb. 39bLEICA T SYSTEM - Tijdzone selecteren Afb. 39a-d - 2

LEICA T SYSTEM - Tijdzone selecteren Afb. 39a-d - 3

Afb. 39cLEICA T SYSTEM - Tijdzone selecteren Afb. 39a-d - 4

Om te bevestigen SET aanraken

Tijdsindeling selecteren Afb.40

Afb. 40LEICA T SYSTEM - Tijdsindeling selecteren Afb.40 - 1

Om te bevestigen SET aanraken

Zomertijd/wintertijd instellen Afb.41a-b

LEICA T SYSTEM - Tijdsindeling selecteren Afb.40 - 2

Om te bevestigen SET aanraken

Opmerking:

Zelfs als er geen batterij is geplaatst, of als deze leeg is, blijft de instelling van datum en tijd behouden dankzij een ingebouwde bufferbatterij gedurende circa 2 jaar. Daarna moet hij dan wel weer worden ingesteld.

Automatische uitschakeling van de camera

Wanneer deze optie is ingeschakeld, schakelt de camera na afloop van de geselecteerde tijd (1/2/5/10/20 min) in de energiebesparende stand-by-modus.

In AUTO POWER OFF de gewenste instelling selecteren.

Aanwijzingen:

  • Ook als de camera zich in de stand-by-modus bevindt, kan hij altijd door indrukken van de ontspanner of door uit- en inschakelen met de hoofdschakelaar weer worden geactiveerd.

Akoestische signalen

Met de Leica kunt u instellen of bedieningsprocessen, bijv. een volle geheugenkaart, moeten worden gemeld met geluiden, of dat de werking van de camera en het fotograferen zich grotendeels geruisloos moeten afspelen.

LEICA T SYSTEM - Akoestische signalen - 1

selecteren

In de submenu's Volume, Click, SD card full, AF Confirmation de gewenste instellingen selecteren (OFF, LOW, HIGH).

LCD-scherm-/ Zoekerinstellingen

Voor optimale waarneming en voor aanpassing aan verschillende lichtomstandigheden kunt u de helderheid en kleurweergave wijzigen.

Aanwijzingen:

  • De hieronder met behulp van instellingen op het LCD-scherm beschreven bediening geldt in gelijke mate voor de zoekerinstellingen, d.w.z. ook voor de twee menupunten EVF BRIGHTNESS en EVF COLOR ADJUSTMENT.
  • Indien de als accessoire beschikbare, externe elektronische zoeker Leica Visoflex niet is bevestigd, kunnen deze menupunten niet worden gekozen en zijn de betreffende pictogrammen dan ook grijs.
  • De zoeker wordt automatisch ingeschakeld - en het LCD-scherm gaat UIT - zodra de sensor in het oculair van de zoeker detecteert dat u erdoorheen kijkt. Als de menubediening actief is, gebeurt dit echter pas nadat u op de sluiterknop drukt.
  • Verdere details over de zoeker vanaf pag. 205.

Helderheidsinstellingen

LEICA T SYSTEM - Helderheidsinstellingen - 1

selecteren

In het submenu AUTO selecteren (voor automatische, door het omgevingslicht gestuurde instelling) of in het submenu de gewenste instelling op de schaal met ^+ instellen

Kleurinstellingen Afb. 42

LEICA T SYSTEM - Kleurinstellingen Afb. 42 - 1

selecteren

Afb. 42LEICA T SYSTEM - Kleurinstellingen Afb. 42 - 2

  1. Cursor voor de momentele instelling
  2. Kleur-richtingen (Y = yellow, G = green/groen, B = blue/blauw, M = magenta)
  3. Pictogram voor reset naar neutrale (middelste) positie

De aanvankelijk in het midden liggende cursor met 念 , of met de instelwielen - verticaal met het linker, horizontaal met het rechter - naar de positie verplaatsen die de gewenste kleurweergave op het LCD-scherm oplevert, d.w.z. in richting van de betreffende kleurgegevens aan de randen

  • De kleurweergave van het LCD-scherm zal volgens uw instellingen worden aangepast.

LEICA T SYSTEM - Kleurinstellingen Afb. 42 - 3

Automatische uitschakeling van het LCD-scherm

Met deze functie kunt u selecteren na hoeveel tijd de monitor wordt uitgeschakeld, ofwel of hij ingeschakeld moet blijven.

Automatisch uitschakelen bespaart niet alleen stroom, maar zorgt er ook voor dat de camera sneller gereed is voor gebruik.

LEICA T SYSTEM - Automatische uitschakeling van het LCD-scherm - 1

de gewenste instelling selecteren

OPNAME-BASISINSTELLINGEN

Bestandsformaat / compressiegraad

Er zijn twee verschillende JPEG-compressiegraden beschikbaar: JPG fine en JPG super fine. Beide kunnen gelijktijdig in combinatie met het formaat DNG worden opgeslagen. DNG (Digital Negative) is een gestandaardiseerd en toekomstbestendig 'raw data'-formaat. In FILE FORMAT de gewenste instelling selecteren

Opmerking:

het aantal resterende opnamen, of de resterende opnametijd, is slechts een benadering, aangezien de bestandsgrootte van gecomprimeerde foto's, afhankelijk van het gefotografeerde object, sterk kan variëren.

JPEG-resolutie

Als u een van de JPG-formaten hebt geselecteerd, kunt u nog uit 5 verschillende opnameresoluties (aantal pixels) kiezen. Beschikbaar: 1,8M, 3M, 7M, 12M en 16M (M = megapixels). U kunt deze aanpassen aan het gebruiksdoel van de opnamen, resp. de capaciteit van de geplaatste geheugenkaart.

LEICA T SYSTEM - JPEG-resolutie - 1

de gewenste instelling selecteren

Opmerking:

De opslag van ruwe data (DNG) is altijd met de hoogste resolutie, onafhankelijk van de instellingen voor JPEG-foto's.

Witbalans

In de digitale fotografie zorgt de witbalans voor een neutrale, d.w.z. natuurgetrouwe kleurweergave bij elk licht. De kleur die als wit moet worden weergegeven, wordt vooraf in de camera ingesteld. U kunt kiezen uit automatische witbalans, verschillende voorinstellingen, twee vaste, op specifieke metingen gebaseerde instellingen en de directe instelling van de kleurtemperatuur.

  1. Automatic (automatische instellingen)
  2. Daylight (voor buitenopnamen in de zon)
  3. Cloudy (voor buitenopnamen bij bewolkte hemel)
  4. Shadow (voor buitenopnamen met het belangrijkste onderwerp in de schaduw)
  5. Tungsten (voor verlichting met gloeilampen)
  6. Flash (voor verlichting door een elektronische flitser)
  7. [Gray card 1] (geheugenruimte voor eigen meetresultaten)
  8. Grey card 2 (geheugenruimte voor eigen meetresultaten)
  9. Color temperature (ruimte voor vaste waarde)

Vaste voorinstellingen

LEICA T SYSTEM - Vaste voorinstellingen - 1

selecteren

In het 1e submenu gewenste instelling selecteren

Handmatig instellen door meting

LEICA T SYSTEM - Handmatig instellen door meting - 1

selecteren

In het 1e submenu naast Grey card of Grey card2 selecteren - In het midden van het LCD-scherm verschijnt een geel frame met een instructie eronder. Richt het frame op een uniform wit of grijs object waarmee het volledig worden gevuld - Bevestigen door SET aan te raken De camera maakt een opname en voert meting en opslag door.

Deze instellingen kunt u vervolgens met Grey card of Grey card2 weer oproepen.

Direct instellen van de kleurtemperatuur

LEICA T SYSTEM - Direct instellen van de kleurtemperatuur - 1

selecteren

In het eerste submenu naast Color temperature selecteren. In het tweede submenu de gewenste waarde selecteren.

Witbalans-opties met het linker instelwiel selecteren.

Als aan het linker instelwiel de functie WB wordt toegekend, kunt u daarmee de gewenste optie rechtstreeks selecteren.

ISO-filmgevoeligheid

De ISO-instelling bepaalt de mogelijke combinaties van sluitertijd en diafragma bij een bepaalde helderheid. Hogere gevoeligheden laten snellere sluitertijden en/of kleinere diafragmawaarden toe (om bijv. snelle actie te "bevriezen" of de scherptediepte te vergroten), maar dit kan wel meer ruis in de foto tot gevolg hebben.

LEICA T SYSTEM - ISO-filmgevoeligheid - 1

Selecteren. In het submenu de gewenste instelling selecteren (d.w.z. AUTO voor de automatische instelling, of een van de acht voorgeprogrammeerde).

Als aan het linker instelwiel de functie ISO wordt toegekend, kunt u daarmee de gewenste optie rechtstreeks selecteren.

D.m.v. de optie AUTO ISO is het mogelijk het toegepaste gevoeligheidsbereik te beperken (om bijvoorbeeld beeldruis af te stellen); bovendien kan de langste sluitertijd worden bepaald (om bijvoorbeeld onscherpe beelden van bewegende onderwerpen te vermijden).

LEICA T SYSTEM - ISO-filmgevoeligheid - 2

Selecteren.

Max. exposure time en/of Maximum ISO submenu selecteren. In de Max. exposure time en/of Maximum ISO submenu's de gewenste instellingen selecteren.

Kleurweergave (FILM MODE) / beeldeigenschappen

Een van de vele voordelen van digitale fotografie is de zeer eenvoudige wijziging van elementaire beeldeigenschappen.

De Leica T stelt u daarom in staat om kleurweergave en contrast, scherpte en kleurverzadiging reeds voor de opname te beïnvloeden.

Opmerking:

De in de volgende sectie beschreven functies en instellingen hebben alleen betrekking op opnamen in een van de beide JPEG-formaten. Als het DNG-bestandsformaat is vastgelegd, dan hebben deze instellingen geen effect, omdat de beeldgegevens in dit geval altijd in de oorspronkelijke vorm worden opgeslagen.

Kleurweergave

Voor kleurweergave kunt u kiezen uit Standard, Vivid - voor sterk verzadigde kleuren - en Natural - voor iets zwakker verzadigde kleuren en een iets zachter contrast. Er zijn ook nog twee zwart-wit-instellingen: B&W Natural (natuurlijk) en B&W High Contrast (hoog contrast).

LEICA T SYSTEM - Kleurweergave - 1

selecteren

In het submenu de gewenste instelling selecteren.

Contrast, scherpte, verzadiging

Van elke kleurweergave-instelling kunt u bovendien deze 3 beeldeigenschappen wijzigen.

  • Het contrast, d.w.z. het verschil tussen lichte en donkere partijen, bepaalt of een beeld meer "mat" of meer "briljant" overkomt. Daarom kan het contrast worden beïnvloed door dit verschil te vergroten of te verkleinen, d.w.z. door de heldere weergave van lichte en donkere partijen.
  • Een scherpe afbeelding door de juiste afstandsinstelling - tenminste van het onderwerp - is een voorwaarde voor een geslaagde opname. De indruk van scherpte van een opname wordt sterk bepaald door de scherpte aan de randen, d.w.z. hoe klein het overgangsgebied van licht naar donker aan de randen van de opname is. Door dit gebied te vergroten of te verkleinen kan dus ook de indruk van scherpte worden gewijzigd.
  • De verzadiging bepaalt bij kleurenfoto's of de kleuren op het beeld wat "fletser" en pastelkleurig of eerder "knallend" en intensief overkomen.

LEICA T SYSTEM - Contrast, scherpte, verzadiging - 1

selecteren

In het 1e submenu de gewenste kleurweergave aanraken. In het 2e submenu (Afb. 43) bij gewenste beeldeigenschap met het rechter instelwiel instellen.

Afb. 43LEICA T SYSTEM - Contrast, scherpte, verzadiging - 2

Om te bevestigen SET aanraken. Als dit dusdanig is ingesteld, zal de betreffende kleurweergave-optie in het 1e submenu door een extra sterretje, bijvoorbeeld Standard*, gekenmerkt zijn.

OPNAMEMODUS

Beeldsequentie

Met de Leica T zijn zowel individuele als serie-opnamen mogelijk.

LEICA T SYSTEM - Beeldsequentie - 1

de gewenste instelling selecteren

Aanwijzingen:

  • Serieopnamen met een frequentie van 5 b/s zijn mogelijk, zolang de sluitertijd 1/60 s of korter is.
  • Serie-opnamen met flits zijn niet mogelijk. Als de flitsfunctie nog is geactiveerd, wordt er slechts één opname gemaakt.
  • Als serieopnamen zijn ingesteld en u de ontspanner gebruikt, wordt er slechts één opname gemaakt.
  • Na een reeks van maximaal 12 opnamen wordt de opnamefrequentie iets langzamer. Dit ligt aan de tijd die vereist is voor de overdracht van gegevens uit het tijdelijke geheugen van de kaart, ofwel het interne geheugen.
  • Hoeveel foto's er ook in een serie zijn genomen, u krijgt altijd de laatste opname het eerst te zien.

Afstandsinstelling

Met de Leica T kunt u de afstand zowel automatisch als handmatig aanpassen.

Opmerking:

Bij gebruik van Leica M-objectieven met de optioneel verkrijgbare Leica M-adapter T is uitsluitend handmatige afstandsinstelling mogelijk.

Als aan het linker instelwiel de functie AF wordt toegekend, kunt u daarmee de gewenste optie - AF of MF - rechtstreeks selecteren.

  • De geselecteerde functie wordt weergegeven op het LCD-scherm.

De scherpte - en dus de afstand - worden automatisch berekend, ingesteld en opgeslagen als u de ontspanner tot het eerste drukpunt indrukt (meetwaarde-registratie).

  • De succesvolle en opgeslagen AF-instelling worden als volgt weergegeven:
  • de rechthoek wordt groen
  • bij een multi-segment-meting ziet u t/m 9 groene rechthoekjes
  • u hoort een akoestisch signaal (indien ingesteld).

Aanwijzingen:

  • Als u de sluiter half ingedrukt houdt en ook bij het scherpstellen door aanraken is het in de autofocus-modus altijd mogelijk de automatisch ingestelde afstand met de afstandsinstelling handmatig aan te passen.
  • De gegevens worden samen met de belichtingsinstelling opgeslagen.
  • In bepaalde situaties kan het AF-systeem de afstand niet correct instellen, bijvoorbeeld:
  • de afstand tot het onderwerp ligt buiten het beschikbare instellingsbereik van het objectief op de camera en/of
  • het onderwerp is niet voldoende belicht (zie de volgende sectie).

Dergelijke situaties en onderwerpen worden aangeduid met:

  • de rechthoek worden rood;
  • met de multi-segment-meting: de indicatie verandert in een enkele rode rechthoek

Belangrijk:

de ontspanner is niet vergrendeld, ongeacht of de afstandsinstelling voor het betreffende onderwerp correct is of niet.

AF-hulplicht

Het ingebouwde AF-hulplicht verbetert het bereik van het AF-systeem in omstandigheden met weinig licht. Als de functie geactiveerd is en deze omstandigheden optreden, gaat dit licht aan wanneer u op de ontspanner drukt.

LEICA T SYSTEM - AF-hulplicht - 1

LEICA T SYSTEM - AF-hulplicht - 2

de gewenste instelling selecteren

Opmerking:

Het AF-hulplicht heeft een bereik van ongeveer 4m . Daarom werkt de AF-modus in omstandigheden met weinig licht op een langere afstand niet.

Autofocus-meetmethoden

Om het AF-systeem aan verschillende onderwerpen, situaties en uw eigen compositie-ideeën aan te passen, kunt u met de Leica T uit vrije AF-meetmethoden kiezen:

LEICA T SYSTEM - Autofocus-meetmethoden - 1

In Auto Focus Mode de gewenste instelling selecteren In het submenu de gewenste instelling selecteren

Spot-/enkelvoudige meting

Beide meetmethoden detecteren alleen delen van het onderwerp in het betreffende AF-kader.

  • De betreffende meetsegmenten zijn gemarkeerd met een klein AF-kader.

Dankzij het extreem kleine meetbereik van de spotmeting kan het op zeer kleine details in het onderwerp worden gericht.

Het iets grotere meetbereik van de 1-segment-meting is minder gevoelig bij het richten, dus gemakkelijker te hanteren, maar zorgt nog steeds voor een selectieve meting.

De AF-functie kan ook worden gebruikt voor opnamereeksen waarbij het deel van het onderwerp dat scherp moet zijn zich steeds op dezelfde, niet-centrale positie in beeld bevindt. Bij beide meetmethoden kunt u het normaal in het midden van het schermbeeld geplaatste AF-kader aan een andere plaats verschuiven.

Dit kunt u via het menu of direct instellen.

Directe bediening Afb. 44a/cLEICA T SYSTEM - Spot-/enkelvoudige meting - 1

Menubediening na selectie van de functie via menu Afb. 45a-c / 46 a/b

In het AUTO FOCUS MODE -submenu bij de gewenste meetmethode aanraken

Vervolgens kunt u het meetveld op twee manieren verplaatsen.

LEICA T SYSTEM - Spot-/enkelvoudige meting - 2

LEICA T SYSTEM - Spot-/enkelvoudige meting - 3

Het kader kan vóór deze bevestiging weer direct naar zijn middelste stand worden teruggebracht Afb. 47a-b

LEICA T SYSTEM - Spot-/enkelvoudige meting - 4

Opmerking:

In beide gevallen blijven de meetvelden, ook bij gewijzigde meetmethode en na het uitschakelen van de camera, op hun eerder bepaalde posities.

Scherpstellen door aanraken

Met deze modus kan het AF-kader voor elke opname, zonder extra menu-instellingen, worden verplaatst. Meetkarakteristieken en grootte van het meetveld komen overeen met de enkelvoudige meting.

LEICA T SYSTEM - Scherpstellen door aanraken - 1

Selecteren

In het submenu Touch AF selecteren

Meetsegment verplaatsen Afb.48a/b

Raak het LCD-scherm op de gewenste positie in het beeldveld aan

LEICA T SYSTEM - Meetsegment verplaatsen Afb.48a/b - 1

  • Het AF-kader springt naar de geselecteerde positie

opnamen

Het scherpstelproces start in dit geval niet pas als de ontspanknop wordt ingedrukt, maar altijd meteen als het scherm wordt aangeraakt.

Opmerking:

Het meetveld blijft op zijn laatste vastgelegde positie - ook nadat de camera is uitgeschakeld

Multi-veld-meting

Deze meetmethode meet het onderwerp in 11 segmenten. De scherpstelling richt zich automatisch naar de delen van het onderwerp die het dichtst bij zijn om maximale zekerheid te bieden voor snapshots. De gebruikte segmenten worden door AF-kaders aangeduid.

Normaal gesproken worden 9 van 11 segmenten, die zodanig zijn ingedeeld dat ze een groot deel van het beeldcentrum dekken.

LEICA T SYSTEM - Multi-veld-meting - 1

selecteren

In het submenu Multi Point selecteren

Gezichtsherkenning

In deze modus herkent de Leica T automatisch de gezichten in het beeld en stelt scherp op het gezicht dat het dichtst bij is. Als er geen gezichten worden gedetecteerd, wordt de multi-segmentmeting toegepast.

LEICA T SYSTEM - Gezichtsherkenning - 1

selecteren

In het submenu Face Detection selecteren

Handmatige afstandsinstelling

Bij bepaalde onderwerpen en situaties kan het nuttig zijn de afstand zelf in te stellen in plaats van met autofocus te werken. Bijvoorbeeld, als u dezelfde instelling gebruikt voor meerdere opnamen en het gebruik van meetwaarden lastiger zou zijn, of voor landschappen de instelling op oneindig wilt laten staan, of als door slechte, d.w.z. zeer donkere lichtomstandigheden de AF niet of nauwelijks functioneert.

LEICA T SYSTEM - Handmatige afstandsinstelling - 1

In het menu MF selecteren

De handmatige afstandsinstelling doet u met de bijbehorende ring op het objectief.

De optimale instelling is bereikt, als het LCD-scherm het essentiële deel (of delen) van uw onderwerp zoals gewenst weergeeft.

Hulpfunctie voor handmatige afstandsinstelling

Om het instellen te vergemakkelijken, of de instelnauwkeurigheid te verhogen, biedt de Leica Tu een hulpmiddel - de vergrote weergave.

Achtergrond: Hoe meer details van het onderwerp op het LCD-scherm worden weergegeven, des te beter kan de scherpte worden beoordeeld, en des te nauwkeuriger kan de juiste afstand worden ingesteld.

LEICA T SYSTEM - Hulpfunctie voor handmatige afstandsinstelling - 1

Scherpte instellen Afb. 49

Beeldfragment bepalen, Draai de afstandsinstelring van het objectief totdat de gewenste delen van het onderwerp optimaal scherp zijn

Afb. 48LEICA T SYSTEM - Scherpte instellen Afb. 49 - 1

1 x3-/x6-veld voor aanpassing van de vergroting 2 Afstandsschaal - de balk duidt de momentele instelling aan (verschijnt samen met de statusindicaties, zie "De INFO-indicatie"). Beide indicaties gaan uit na ca. 5 sec. vanaf de afstandsinstelling

BELICHTINGSMETING EN -REGELING

Belichtingsmeetmethoden

Voor aanpassing aan de heersende lichtomstandigheden, de situatie, ofwel uw werkmethode en uw creatieve ideeën biedt de Leica T drie belichtingsmeetmethoden:

LEICA T SYSTEM - Belichtingsmeetmethoden - 1

de gewenste instelling selecteren

Multisegmentmeting -

Bij deze meetmethode analyseert de camera automatisch de helderheidsverschillen in het onderwerp en analyseert op basis van een vergelijking met geprogrammeerde helderheidsverdelingspatronen de vermoedelijke positie van het onderwerp en de beste belichting ervoor.

Deze methode is daarom bijzonder geschikt voor spontane, ongecompliceerde maar toch betrouwbare fotografie, ook onder moeilijke omstandigheden en daarom dus voor gebruik in samenhang met de programma-automaat.

Centrumgeoriënteerde meting -

Deze meetmethode houdt voornamelijk rekening met het midden van het beeldveld, maar registreert ook alle andere gedeelten. Hiermee is het mogelijk - met name in combinatie met de meetwaardenopslag - de belichting gericht op bepaalde delen van het onderwerp af te stemmen, terwijl tegelijk rekening wordt gehouden met het totale beeldveld.

Spotmeting -

Deze meetmethode is uitsluitend geconcentreerd op een klein gebied in het midden van het beeld.

Hiermee kunt u vooral kleine en kleinste details zeer nauwkeurig belichten - bij voorkeur in combinatie met handmatige instelling. Bij tegenlichtopnamen, bijvoorbeeld, moet meestal worden voorkomen dat de heldere omgeving een onderbelicht hoofdonderwerp veroorzaakt. Met het veel kleinere meetveld van de spotmeting kunt u zulke onderwerpdetails gericht inschatten.

Histogram

Het histogram geeft de helderheidsverdeling van de opname weer. Daarbij komt de horizontale as overeen met de helderheidswaarden die van zwart (links) via grijs naar wit (rechts) verlopen. De verticale as komt overeen met het aantal pixels in de betreffende helderheid. Deze grafische weergave helpt - naast de beeldindruk zelf - bij een extra snelle en eenvoudige beoordeling van de belichtingsinstelling. Het histogram staat ter beschikking in de opname- alsook in de weergavemodus.

Voor de opnamemodus zie pag. 136 Afb. 216

LEICA T SYSTEM - Histogram - 1

Voor de weergavemodus zie pag. 136 Afb. 22c

LEICA T SYSTEM - Histogram - 2

Kies de instelling met Clipping, als de te heldere gedeelten van de opnamen dienen te worden gemarkeerd. Zie pag. 136 Afb. 226

LEICA T SYSTEM - Histogram - 3

Behalve het zwart-wit-histogram kunt u in de weergavestand ook een RGB-histogram instellen, dat de helderheidswaarden van de drie kleuren rood, groen en blauw afzonderlijk weergeeft:

LEICA T SYSTEM - Histogram - 4

Het histogram kan ook naar de rechter benedenhoek van het LCD-scherm worden verplaatst* Afb.50 a/b.

LEICA T SYSTEM - Histogram - 5

Aanwijzingen:

  • Bij flitsopnamen kan het opnamehistogram de uiteindelijke belichting niet weergeven, omdat de flitser pas na de weergave van het histogram flitst.
  • In de opnamemodus moet het histogram worden begrepen als "trend-indicator" en niet als een weergave van het exacte aantal pixels.
  • Het weergave-histogram staat bij gelijktijdige weergave van meerdere verkleinde, resp. vergrote opnamen niet ter beschikking.
  • De histogrammen bij het weergeven en opnemen van een afbeelding kunnen enigszins van elkaar verschillen.

Belichtingsregeling

Voor een optimale aanpassing aan het onderwerp of aan uw favoriete manier van werken biedt de Leica T vier belichtingsprogramma's.

Aanwijzingen:

  • Afhankelijk van de heersende lichtomstandigheden kan de helderheid van het monitorbeeld van de werkelijk opnamen afwijken. Met name bij langdurige belichtingen van donkere motieven lijkt het beeld op het scherm duidelijk donkerder dan de - correct belichte - opname.
  • Bij het gebruik van Leica M-objectieven m.b.v. de optionele Leica M adapter T is alleen de tijdautomaat en handmatige instelling beschikbaar, dat wil zeggen dat u de programma-automaat (P), de tijdautomaat (T) en de onderwerpprogramma's niet kunt gebruiken. Als u op een van deze modi hebt ingesteld, zal de camera bij het plaatsen van de adapter automatisch naar tijdautomaat omschakelen. Dienovereenkomstig wisselt het LCD-scherm ook naar modus A. Als diafragmawaarde verschijnt F0.0.

Programma-automaat - P

Voor snel, volautomatisch fotograferen. De belichting wordt geregeld door automatische aanpassing van de sluitertijd en het diafragma.

Bedrijfsmodus instellen

LEICA T SYSTEM - Bedrijfsmodus instellen - 1

13/14

PROGRAMMA AE

selecteren

Een opname maken

Druk de ontspanknop in tot het eerste druk punt - De sluitertijd en het diafragma worden in het wit weergegeven. Als, zelfs het volledig geopende of gesloten diafragma in combinatie met de langste, resp. kortste sluitertijd onder- of overbelichting veroorzaakt, zullen beide waarden in rood worden weergegeven. Als het automatisch ingestelde stel waarden voor de gewenste beeldvorming passend lijkt: Druk de ontspanknop volledig in om de opname te maken

De vastgelegde sluitertijd/diafragma-combinaties wijzigen (Shift)

Het wijzigen van de vastgelegde waarden m.b.v. de shift-optie combineert de betrouwbaarheid en snelheid van de volautomatische belichtingsregeling met de mogelijkheid te allen tijde de door de camera gekozen tijd/diafragma-combinatie naar eigen wens te kunnen variëren.

  • Daar is het rechter instelwiel. Als u bijvoorbeeld bij sportfotografie met korte tijden wilt werken, draait u het maar links. Als u daarentegen, bijvoorbeeld voor landschappen, meer nadruk op grote scherptediepte wilt leggen en de daardoor vereiste langere sluitertijden kunt accepteren, draait u hem maar rechts.

De totale belichting, d.w.z. de helderheid van het beeld, blijft daarbij ongewijzigd. Om een correcte belichting te verzekeren is het aanpassingsbereik beperkt.

  • Waardeparen die met shift zijn aangepast worden aangeduid met een + naast de sluitertijd.

Om onbedoeld gebruik van deze waarden te voorkomen, zullen ze na elke opname terugspringen naar de door de camera vastgelegde waarden - en ook als de belichtingsmeting na 12s automatisch uitschakelt.

Tijdautomaat-A

De tijdautomaat stuurt de belichting automatisch, aangepast aan de handmatig ingestelde sluitertijd. Deze is daarom bijzonder geschikt voor opnamen waarbij de scherptediepte het beslissende element voor de beeldvormgeving is.

Met een navenant kleine diafragmawaarde kunt u de scherptediepte verminderen, bijvoorbeeld om in een portret het scherp afgebeelde gezicht voor een onbelangrijke of afleidende achtergrond te accentueren, of vice versa met een overeenkomstig grotere diafragmawaarde de scherptediepte verhogen om in een landschapsfoto alles, inclusief voorgrond en achtergrond, scherp weer te geven.

Bedrijfsmodus instellen

LEICA T SYSTEM - Bedrijfsmodus instellen - 1

selecteren

Een opname maken

▶ Selecteer de gewenste diafragmawaarde met het rechter instelwiel; druk de ontspanner in tot het eerste drukpunt.

  • Zowel de ingestelde diafragmawaarde als de automatisch geregelde sluitertijd worden wit weergegeven. Als de langste, respectievelijk kortste sluitertijd in combinatie met het ingestelde diafragma onder- of overbelichting veroorzaakt, worden beide waarden in rood weergegeven.

Als de automatisch ingestelde sluitertijd voor de gewenste beeldvorming passend lijkt: druk de ontspanner volledig in om de opname te maken.

Diafragma-automaat - T

De automatische diafragma-instelling stuurt de belichting automatisch, aangepast aan de handmatige instelling van de sluitertijd. Deze is daarom bijzonder geschikt voor opnamen van bewegende motieven waarbij de scherpte van de afgebeelde beweging het beslissende element voor de beeldvormgeving is. Met een overeenkomstig korte sluitertijd kunt u bijvoorbeeld ongewenste bewegingsonscherpte voorkomen, d.w.z. uw onderwerp "bevriezen" of, omgekeerd, met een langere sluitertijd de dynamiek van de beweging d.m.v. opzettelijk "vervagen" in beeld brengen.

Bedrijfsmodus instellen

LEICA T SYSTEM - Bedrijfsmodus instellen - 1

selecteren

Een opname maken

▶ Selecteer de gewenste sluitertijd met het rechter instelwiel; druk de ontspanner in tot het eerste drukpunt.

  • Zowel de ingestelde sluitertijd als de automatisch geregelde diafragmawaarde worden wit weergegeven. Als zelfs de kleinste, respectievelijk grootste diafragmawaarde in combinatie met de ingestelde sluitertijd onder- of overbelichting veroorzaakt, worden beide waarden in rood weergegeven.

Als de automatisch ingestelde diafragmawaarde voor de beoogde beeldvorming geschikt lijkt:

Druk de ontspanner volledig in om de opname te maken.

Handmatige instelling - M

Als u bijv. gericht een speciale beeldwerking wilt verkrijgen die alleen door een zeer specifieke belichting te bereiken is, of als u bij meerdere opnamen met verschillende beelduitsneden wilt zorgen voor absoluut identieke belichting, is de handmatige instelling van sluitertijd en diafragma aan te bevelen.

Bedrijfsmodus instellen

LEICA T SYSTEM - Bedrijfsmodus instellen - 1

selecteren

Een opname maken

▶ Selecteer de gewenste diafragmawaarde met het linker instelwiel; ▶ Selecteer met het rechter instelwiel ➔ Ontspanner tot het drukpunt indrukken - De sluitertijd en het diafragma worden in het wit weergegeven. Bovendien verschijnt de schaal van de lichtbalans. Deze omvat een bereik van ±3 EV (belichtingswaarde) in 1/3 EV-stappen. Instellingen binnen ±3 EV worden aangegeven met witte schaalstreepjes en daarbuiten door rode. Pas de instellingen voor een correcte belichting dusdanig aan dat alleen de markeringen in het midden wit worden.

Wanneer de ingestelde waarden en/of de belichting voor de beoogde beeldvorming geschikt lijken:

ontspanner volledig indrukken om de opname te maken

Sceneprogramma's

Voor bijzonder eenvoudige en betrouwbare fotografie biedt de Leica T negen "uitbreidingen" van de programma-automaat. De variant - UUD - is een "snapshot"-automaat voor algemene toepassingen.

De andere acht (zie rechts) zijn aangepast aan de bijzondere vereisten van veel voorkomende onderwerpen. In al deze gevallen worden behalve sluitertijd en diafragma ook een aantal andere functies automatisch geregeld. Meer daarover staat in de tabel op pag. 104.

Bedrijfsmodus instellen

LEICA T SYSTEM - Bedrijfsmodus instellen - 1

▷ Selecteer het gewenste onderwerpprogramma

Een opname maken

Zoals met de programma-automaat

Aanwijzingen:

  • De programme-shift-functie (zie pag. 163) is niet beschikbaar.
  • De beide instelwielen zijn zonder functie.

SportLEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 1

PortretLEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 2

LandschapLEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 3

NachtportretLEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 4

Sneeuw/strandLEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 5

VuurwerkLEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 6

KaarslichtLEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 7

ZonsondergangLEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 8

Opslaan van de meetwaarde

Om reden van beeldvorming kan het gunstige moment zich niet in het midden van het beeld bevinden.

In dergelijke gevallen is het mogelijk, m.b.v. de meetwaarde-registratie in de belichtingsstanden P en A evenals de AF-programma's 1-segment- en spotmeting alsook scherpstellen door aanraking, eerst het hoofdonderwerp te meten en de betreffende instellingen vast te houden tot u definitief de compositie hebt bepaald en de foto wilt maken.

Een opname in deze modus maken:

Richt met het actieve AF-kader op het deel van uw onderwerp waar scherpstelling en belichting op moeten worden afgestemd. Stel scherpte en belichting in en sla deze waarden op door de ontspanner tot het eerste drukpunt in te drukken. Houd de ontspanner verder halverwege ingedrukt en bepaal het uiteindelijke beeld door de camera te bewegen. Ontspanner volledig indrukken om de opname te maken.

Belichtingscorrecties

Sommige motieven bestaan voornamelijk uit dan gemiddeld donkere of lichte gebieden, zoals groene sneeuwvlakten, of, andersom, een beeldvullende zwarte stoomlocomotief. Met de belichtingsprogramma's P en A kan het in dergelijke gevallen beter zijn om met een aangepaste belichtingscompensatie te werken in plaats van met de meetwaarde. Hetzelfde geldt in het geval dat u meerdere foto's met een identieke belichting wilt maken. De ter beschikking staande waarden zijn +3 t/m -3 EV in 1/3 EV-stappen.

EXPOSURE COMPENSATION selecteren: Instellen in het submenu op de schaal d.m.v. of met het rechter duimwiel

Om te bevestigen SET aanraken

Als aan het linker instelwiel de functie EV wordt toegekend, kunt u daarmee de gewenste correctiewaarde rechtstreeks selecteren.

  • Als er een correctiewaarde is ingesteld, verschijnt deze op het LCD-scherm als EV + E. Tijdens het instellen kunt u het effect op het donkerder of lichter wordende LCD-scherm bekijken.

Aanwijzingen:

  • Als u de belichting handmatig instelt, is belichtingscompensatie alleen mogelijk via de menubediening.
  • Een ingestelde belichtingscompensatie blijft actief - ook na een aantal opnamen en zelfs als de camera wordt uitgezet - totdat hij weer op ±0 (= midden van de schaal) wordt ingesteld.

Automatische belichtingsseries

Onderwerpen met veel contrast die zowel zeer heldere als zeer donkere gebieden omvatten, kunnen - afhankelijk van de belichting - zeer verschillende resultaten opleveren.

Met de automatische belichtingsreeks kunt u een reeks van drie opnamen met verschillende belichtingsniveaus maken. Daarna kunt u de meest geslaagde foto voor verder gebruik uitkiezen.

LEICA T SYSTEM - Automatische belichtingsseries - 1

Instellen in het submenu op de schaal d.m.v. of met het rechter duimwiel

Om te bevestigen SET aanraken - Als u een belichtingsreeks instelt, worden deze op het LCD-scherm weergegeven met een pictogram. Tijdens de opnamen kunt u het effect op het donkerder of lichter wordende LCD-scherm bekijken.

Aanwijzingen:

  • Als u een belichtingsreeks instelt, worden deze op het LCD-scherm weergegeven met een Tijdens de opnamen kunt u het effect op het donkerder of lichter wordende LCD-scherm bekijken.
  • Afhankelijk van het belichtingsprogramma worden de gradaties gegenereerd door het wijzigen van de sluitertijd (F/A/M) of het diafragma (H).
  • De volgorde van de opnamen is: correcte belichting/onderbelichting/overbelichting.
  • Afhankelijk van de beschikbare combinatie sluitertijd/diafragma kan het werkgebied van de automatische belichtingsreeks beperkt zijn.
  • Een ingestelde belichtingscompensatie blijft actief - ook na een aantal opnamen en zelfs als de camera wordt uitgezet - totdat hij weer op ± 口 (= midden van de schaal) wordt ingesteld.

VIDEO-OPNAMEN

Met de Leica T kunt u ook video-opnamen maken.

Opmerking:

Aangezien slechts een deel van het sensoroppervlak wordt gebruikt, zal de effectieve brandpuntsafstand worden vergroot, d.w.z. dat een beelduitsnede ook dienovereenkomstig kleiner zal zijn.

De volgende opties zijn hiervoor beschikbaar:

Resolutie:

LEICA T SYSTEM - Resolutie: - 1

LEICA T SYSTEM - Resolutie: - 2

de gewenste instelling selecteren

ISO-gevoeligheid:

Alle menu-instellingen beschikbaar

Afstandsinstelling:

Alle opties die op de pagina's 154-159 worden beschreven.

Belichtingsmeetmethoden:

Alle varianten die op pagina 160 worden beschreven.

Belichtingsregeling

Dit is volledig onafhankelijk van het voor foto's ingestelde belichtingsprogramma of de respectievelijke sluitertijd- en diafragma-instellingen.

  • Sluitertijd: Afhankelijk van de geselecteerde VIDEO RESOLUTION 1/50 s of 1/60 s
  • Diafragma: Automatisch
  • Als de correcte belichting niet mogelijk is met de grootste diafragma-instelling, wordt de ISO-gevoeligheid automatisch verhoogd - ongeacht de handmatige instelling.

Opmerking:

De automatische belichtingsregeling houdt rekening met alle schommelingen in de helderheid. Als dit niet gewenst is, bijv. bij landschapsfotografie en panorama's, moet u de sluitertijd handmatig instellen.

Film-voorkeuze-instellingen, contrast, scherpte, kleurverzadiging:

Alle varianten die op de pagina's 152-153 worden beschreven, maar in dit geval alleen de witbalans-, contrast-, verzadigings- en scherpte-instellingen gewijzigd (zie tabel op pag. 104).

Stabilisatie:

LEICA T SYSTEM - Stabilisatie: - 1

LEICA T SYSTEM - Stabilisatie: - 2

De gewenste instelling selecteren.

Opmerking:

Bij gebruik van de video-stabilisatie wordt de beelduitsnede iets verkleind ten opzichte van opnamen zonder stabilisatie.

Starten / stoppen van de opname

Starten:

Druk op de video-opnameknop. Een lopende video-opname wordt aangegeven door een knipperende rode stip. Bovendien wordt de resterende opnametijd weergegeven.

Afsluiten:

Druk opnieuw op de video-opnameknop.

Geluidsopname

Het geluid wordt in stereo opgenomen via de ingebouwde microfoons.

Ter vermijding van mogelijk windgeruis, veroorzaakt tijdens geluidsopname, is er een dempingsoptie beschikbaar:

LEICA T SYSTEM - Geluidsopname - 1

de gewenste instelling selecteren

Opmerking:

Zowel de automatische afstandsinstelling (autofocus) als de aanpassing van de brandpuntsafstand van zoomobjectieven produceren geluiden die eveneens worden opgenomen.

Dit kan worden voorkomen als u tijdens het opnemen beide niet uitvoert / de afstand handmatig instelt, of de brandpuntsafstand niet wijzigt.

FLITSFOTOGRAFIE

MET HET INGEBOUWDE FLITSAPPARAAT Afb. 31

De Leica T heeft een ingebouwde flitser. In de ruststand is deze verzonken in de camera en uitgeschakeld. Voor opnamen met flits moet hij zijn uitgeklapt:

Hoofdschakelaar tot de aanslag maar rechts draaien, d.w.z. tot over de weergavestand heen.

LEICA T SYSTEM - MET HET INGEBOUWDE FLITSAPPARAAT Afb. 31 - 1

De flitser klapt vervolgens automatisch in zijn functionele stand omhoog en is daardoor ook ingeschakeld.

  • De indicatie voor het ingestelde flitsprogramma licht op in het wit. Als de flitser nog niet volledig geladen is en om die reden nog niet paraat is, zal hij kort rood knipperen.

Als u zonder flits wilt fotograferen, dient u altijd de flitser in zijn ruststand te laten, of hem voorzichtig omlaag te drukken tot hij vastklikt.

Aanwijzingen:

  • Om de flitsbelichting te bepalen, flitst er kort voor de opname - en de eigenlijke flits - een meetflits.
  • Opnameseries en automatische belichtingsreeksen met flits zijn niet mogelijk. In dat geval verschijnt er geen flitsindicatie en de flitser flitst niet, ook al is de flitser omhoog geklapt.

Programma selecteren:

Flitser omhoog klappen

LEICA T SYSTEM - Programma selecteren: - 1

In het submenu de gewenste instelling selecteren

  • De indicatie van het flitsprogramma wordt aangepast.

Als aan het linker instelwiel de functie 4 wordt toegekend, kunt u daarmee de gewenste optie rechtstreeks selecteren. - De geselecteerde modus wordt weergegeven op het LCD-scherm.

Voor vermindering van het "rode-ogen"-effect bij het fotograferen met flits van mensen. Het is aan te bevelen dat mensen niet direct in de lens kijken. Omdat het effect intensiever is naarmate bij weinig licht de pupillen zich verwijden, dient u bijv. bij binnenopnamen zoveel mogelijk licht aan te doen, zodat de pupillen zich vernauwen. Door de voorflits, die bij indrukken van de ontspanner kort voor de opname opflitst, vernauwen zich de pupillen van de mensen die naar de camera kijken, zodat het "rode-ogen-effect" wordt gereduceerd.

Handmatige flitsinschakeling

Voor tegenlichtopnamen waarbij het hoofdonderwerp het frame niet vult en zich in de schaduw bevindt, of in gevallen waarin u hoge contrasten (bijv. in direct zonlicht) wilt reduceren (invulflitsen). Zolang dit programma geactiveerd is, wordt het flitsapparaat, onafhankelijk van de heersende lichtomstandigheden, voor elke opname ingeschakeld. Het flitsvermogen wordt afhankelijk van de gemeten helderheid geregeld: bij slecht licht net als in de automatische modus en bij toenemende helderheid met een steeds lager vermogen. De flitser werkt dan als invullend licht, bijvoorbeeld om donkere schaduwen op de voorgrond of onderwerpen in tegenlicht te verlichten en om in het geheel een evenwichtigere belichting te creëren.

Handmatige flits- en voorflitsinschakeling

Voor een combinatie van de bovenstaande situaties en/of opties.

Automatische flitsinschakeling met voorflits en langere sluitertijden

Voor de aangepaste, d.w.z. lichtere weergave van donkere achtergronden en het gelijktijdig invulflitsen van de voorgrond. Om het risico van bewogen opnamen te verminderen, worden de sluitertijden bij de andere programma's met flitsinschakeling niet trager ingesteld dan 1/30 s. Daarom worden bij opnamen met flits de achtergronden vaak sterk onderbelicht.

Voor een goede balans t.o.v. het bestaande omgevingslicht worden de in een dergelijke situatie nodige langere belichtingstijden (t/m 30 s) daarom in deze gevallen getolereerd.

Aanwijzingen:

  • Afhankelijk van de AUTO ISO SETTINGS kan het zijn dat de camera langere sluitertijden niet ondersteunt, waarbij in dergelijke gevallen de verhoging van de ISO-gevoeligheid voorrang heeft.
  • De langste sluitertijd kan worden ingesteld met Slowest Speed.

Automatische flits- en voorflitsinschakeling met langere sluitertijden

Voor een combinatie van de laatstgenoemde situaties en/of opties.

Opmerking:

Om bewogen opnamen bij de langere sluitertijden in de programma's 45 en 45 te vermijden, moet u de camera goed stilhouden, d.w.z. ergens op steunen of een statief gebruiken. U kunt ook kiezen voor een hogere gevoeligheid.

Flitsbereik

Het nuttige flitsbereik is afhankelijk van de handmatig ingestelde ofwel door de camera geregelde diafragma- en gevoeligheidswaarden. Voor voldoende verlichting met flitslicht is het van belang dat het onderwerp zich binnen het bereik van de flitser bevindt.

Synchronisatie-timing

Bij flitsopnamen bestaat de verlichting uit twee lichtbronnen: het aanwezige licht en het flitslicht. De flitstiming bepaalt in de regel waar alle of de meeste van de door de flits verlichte delen van het onderwerp in het beeldveld worden afgebeeld.

Bij de gebruikelijke flitstiming, aan het begin van de belichting, kan dit leiden tot schijnbare tegenstellingen, zoals een voertuig dat door zijn eigen lichtsporen lijkt te worden "ingehaald".

De Leica T biedt u de keuze tussen deze gebruikelijke flitstiming en flitsen aan het einde van de belichtingstijd:

In FLASH BINC M06 START DE EXP. de gewenste instelling selecteren

In het tweede geval zullen in het bovenstaande voorbeeld de lichtsporen van de auto, zoals verwacht, het voertuig lijken te volgen. Deze flitstechniek verleent de foto's een natuurlijkere impressie van beweging en dynamiek.

Opmerking:

bij het flitsen met kortere sluitertijden is er, behalve bij zeer snelle bewegingen, nauwelijks verschil tussen de beide flitstijdstippen.

Flits-belichtingscorrecties

Met deze optie kan de flitsbelichting onafhankelijk van de belichting door het aanwezige licht gericht afgezwakt of versterkt worden, bijv. om bij een buitenopname 's avonds het gezicht van een persoon op de voorgrond lichter te maken, terwijl de lichtsfeer behouden blijft.

LEICA T SYSTEM - Flits-belichtingscorrecties - 1

In FLASH EXP CEMPENATION selecteren

▷ Instellen in het submenu op de schaal d.m.v. of met het rechter duimwiel

Om te bevestigen SET aanraken

  • Als u een belichtingscompensatie instelt, worden deze op het LCD-scherm weergegeven met een ±

Aanwijzingen:

  • Flits-belichtingscompensatie verandert het bereik van de flitser.
  • Een ingestelde compensatie blijft actief - ook na een aantal opnamen en zelfs als de camera wordt uitgezet - totdat hij weer op ± (= midden van de schaal) wordt ingesteld.

Met externe flitsers Afb. 52

Dankzij de ISO-flitsschoen van de Leica T kunt u ook sterkere, externe flitsers gebruiken. Wij raden u aan de Leica flitsers te gebruiken.

LEICA T SYSTEM - Met externe flitsers Afb. 52 - 1

Flitserplaatsen

▸ Camera en flitser uitschakelen ▸ Trek het kapje dat de flitsschoen en de aansluiting beschermt als ze niet worden gebruikt, maar verwijder het bij het plaatsen. Let erop dat u de voet volledig in de flitsschoen schuift en, indien aanwezig, met de klemmoer tegen ongewild loskomen en vallen beschermt. Dit is belangrijk omdat veranderingen in de positie in de flitsschoen de contacten kunnen onderbreken en dus storingen kunnen veroorzaken.

Zodra u een externe flitser hebt gemonteerd, worden de vaste flitsprogramma's met voorflits (1/4, 1/4, 1/4, 1/4) op de verder gelijke programma's zonder voorflits (1/4, 1/4, 1/4) omgezet en ook zo weergegeven. Als u de flitser verwijdert, schakelt de camera echter weer terug naar het ingestelde programma.

Aanwijzingen:

  • Voor het gebruik van externe flitsers moet de ingebouwde flitser ingeklapt zijn.
  • Wanneer er een externe flitser is bevestigd, moet hij ook worden ingeschakeld, d.w.z. paraat zijn, omdat dit anders verkeerde belichting en foutmeldingen van de camera tot gevolg heeft.
  • Gelijktijdig gebruik van de elektronische zoeker Leica Visoflex is niet mogelijk.

OVERIGE FUNCTIES

BEELDSTABILISATIE

Vooral bij slecht licht kan de vereiste sluitertijd te lang zijn om scherpe opnamen te maken, zelfs als de AUTO ISO-optie aanstaat. De Leica T biedt een functie waarmee u bij zeer lange sluitertijden vaak toch nog scherpe opnamen zult kunnen maken.

LEICA T SYSTEM - BEELDSTABILISATIE - 1

de gewenste instelling selecteren

Aanwijzingen:

  • Met deze optie maakt de camera automatisch twee opnamen achter elkaar (u hoort het sluitergeluid twee keer). Daarna combineert hij de opnamen met behulp van digitale beeldverwerking en maakt er één opname van.
  • Houd de camera stil tot na de tweede opname.
  • Aangezien de camera twee opnamen maakt, kan de optie alleen worden gebruikt voor statische onderwerpen.
  • Beeldstabilisatie is alleen mogelijk met sluitertijden die variëren van 1/4 s tot 1/30 s en gevoeligheden tot maximaal ISO 800. Hij is niet beschikbaar bij serieopnamen, automatische belichtingsreeksen en in combinatie met de zelfontspanner, flitsen en het DNG-bestandsformaat.

Zelfontspanner

Met de zelfontspanner kunt u een opname met een vertraging van naar wens 12 of 2 seconden maken. Dit is heel handig, bijv. bij groepsopnamen waarbij u zich ook in beeld wilt verschijnen, of wanneer u bewegingsonscherpte door het ontspannen wilt vermijden. In zulke gevallen is het raadzaam de camera op een statief te bevestigen.

Instellen:

LEICA T SYSTEM - Instellen: - 1

de gewenste instelling selecteren

Als aan het linker instelwiel de functie wordt toegekend, kunt u daarmee de gewenste optie rechtstreeks selecteren.

  • Wanneer de zelfontspanner wordt gebruikt, verschijnt er

LEICA T SYSTEM - Instellen: - 2

Bediening:

Ontspanner volledig indrukken om de opname te maken - De voorlooptijd wordt aangegeven door het knipperende lampje van de zelfontspanner:

  • 12s voorlooptijd: eerst langzaam, dan sneller tijdens de laatste 2s
  • 2s voorlooptijd: net als hiervoor tijdens de laatste 2s

Op het LCD-scherm telt de resterende tijd af.

Aanwijzingen:

  • Een reeds lopende voorlooptijd kan op elk gewenst moment opnieuw worden gestart door de ontspanner in te drukken.
  • U kunt de voorlooptijd alleen annuleren door de camera uit te schakelen.
  • Als de zelfontspanner geactiveerd is, zijn er altijd slechts afzonderlijke opnamen mogelijk, d.w.z. serieopnamen evenals automatische belichtingsreeksen kunnen niet met de zelfontspanner-modus worden gecombineerd.
  • Tijdens de zelfontspanning vindt instelling van scherpte en belichting niet plaats bij het drukpunt van de ontspanner, maar pas direct voor de opname.

REGISTRATIE VAN OPNAMELOCATIE MET GPS

De optionele externe zoeker Leica Visoflex (Typ 020) bevat een GPS-ontvanger (GPS = Global Positioning System). Als de zoeker is geplaatst, kan de camera de locatiecoördinaten aan de opnamegegevens toevoegen.

Instellen van de functie

In de gewenste instelling selecteren

  • Het pictogram "satellite" op het LCD-scherm geeft de huidige status weer:

-GPS is uitgeschakeld: geen indicatie -GPS ingeschakeld, geen receptie: -GPS ingeschakeld en receptie:

Opmerkingen bij deze functie:

  • Voorwaarde voor de GPS-positiebepaling is een "vrij zicht" naar minstens 3 GPS-satellieten (van de in totaal 24 satellieten zijn er op elke plek ter wereld 9 beschikbaar).
  • Let erop dat de zoeker niet door uw hand of door andere voorwerpen (vooral geen metalen) worden bedekt.
  • Een foutloze ontvangst van GPS-satellietsignalen is bijv. op de volgende plaatsen of situaties eventueel niet mogelijk. In dergelijke gevallen zal er geen of slechts een gebrekkige positiebepaling mogelijk zijn.
  • in gesloten ruimtes
  • onderaards
  • onder bomen
  • in een bewegend voertuig
  • in de buurt van hoge gebouwen of in nauwe dalen
  • in de buurt van hoogspanningsleidingen
  • in tunnels
  • in de buurt van 1,5 GHz mobiele telefoons

Aanwijzing voor veilige toepassing:

Denkt u eraan om bijv. aan boord van een vliegtuig voor het starten of landen, in ziekenhuizen en op plaatsen waar radioverkeer aan beperkingen onderworpen is, altijd de GPS-functie uit te schakelen.

Belangrijk (juridische gebruiksbeperkingen):

In bepaalde landen of regio's is het gebruik van GPS en daarmee samenhangende technologieën mogelijk beperkt. Voor reizen naar het buitenland dient u zich in elk geval bij de ambassade van het betreffende land, resp. uw reisorganisatie hierover te informeren.

WEERGAVEMODUS

Tussen opnamen maken en bekijken wisselen Afb. 53a/b

LEICA T SYSTEM - WEERGAVEMODUS - 1

Aanwijzingen:

  • Vanuit de weergavemodus kunt u op elk moment overschakelen naar opnamemodus door de ontspanner maar aan te tippen.
  • Vanuit de menubediening moet u eerst de opnamemodus starten voordat u de weergavemodus kunt gaan.
  • In de weergavemodus kunt u kiezen of u de opnamen van de kaart of die van het interne geheugen wilt bekijken.
  • Als er geen beeldbestand op de geheugenkaart of in het interne geheugen is, verschijnt No valid image to play.
  • Wanneer u met de serieopname-optie of de automatische belichtingsreeks fotografeert, zal vooralsnog de laatste foto van de serie, resp. de laatste op de geheugenkaart opgeslagen foto van de serie, worden getoond - mits op dat moment nog niet alle opnamen van de serie door het interne buffergeheugen van de camera naar de kaart zijn overschreven.
  • Bestanden die niet zijn opgenomen met deze camera kunnen er eventueel niet mee worden weergegeven.
  • In sommige gevallen zal de weergave op het LCD-scherm niet de gebruikelijke kwaliteit hebben, of het scherm blijft zwart en geeft alleen de bestandsnaam weer.

U kunt elke opname automatisch onmiddellijk erna laten weergeven:

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 1

selecteren

In het DURATION-submenu de gewenste functie en/of tijdsduur kiezen. In het HISTOGRAM-submenu de gewenste instelling selecteren.

Opmerking:

Met AUTO REVIEW weergegeven opnamen in portretformaat verschijnen eerst ongeroteerd, ook al is de AUTO ROTATE-functie ingeschakeld. U kunt de foto roteren.

OPNAMEN STAAND WEERGEVEN

Wanneer de camera tijdens de opname horizontaal wordt gehouden, zal de opname meestal ook op deze manier worden weergegeven. Bij opnamen in staand formaat, d.w.z. met de camera verticaal, kan het bij het bekijken van de opnamen, terwijl u de camera horizontaal vasthoudt, onpraktisch zijn dat het beeld niet als een staand beeld wordt weergegeven.

De oplossing:

LEICA T SYSTEM - De oplossing: - 1

AUTO ROTATE SELECTEREN: In het submenu de gewenste instelling selecteren.

Als u On selecteert, worden portretopnamen automatisch staand weergegeven.

Aanwijzingen:

  • Verticale opnamen die staand worden weergegeven, zijn noodzakelijkerwijs veel kleiner.
  • Deze optie is in de automatische weergave niet beschikbaar.

OPNAMEN SELECTEREN

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN SELECTEREN - 1

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN SELECTEREN - 2

Door naar rechts te vegen, ofwel het instelwiel naar rechts te draaien, gaat u naar de opnamen met de hogere nummers - door naar links te vegen of het instelwiel naar links te draaien naar de lagere nummers. De opnamen worden weergegeven in een eindeloze lus. Als de meest recente opname bereikt is, verschijnt de eerste weer.

OPNAMEN VERGROTEN/VERKLEINEN

Met de vergrote weergave kunt u de scherpte nauwkeuriger beoordelen. Vergroten en verkleinen doet u met de /

-gebaren Afb. 56a/t of met het rechter instelwiel Afb. 57a/t. Met het

  • Met dit gebaar bereikt u in twee stappen de maximale vergroting.

58a-c.

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN VERGROTEN/VERKLEINEN - 1

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN VERGROTEN/VERKLEINEN - 2

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN VERGROTEN/VERKLEINEN - 3

Afb. 56a

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN VERGROTEN/VERKLEINEN - 4

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN VERGROTEN/VERKLEINEN - 5

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN VERGROTEN/VERKLEINEN - 6

Afb. 57a

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN VERGROTEN/VERKLEINEN - 7

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN VERGROTEN/VERKLEINEN - 8

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN VERGROTEN/VERKLEINEN - 9

Afb. 58a

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN VERGROTEN/VERKLEINEN - 10

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN VERGROTEN/VERKLEINEN - 11

LEICA T SYSTEM - OPNAMEN VERGROTEN/VERKLEINEN - 12

Afb. 58c

Opmerking:

Door het aanraken van het scherm op het gewenste punt, kunt u opgeven welk deel van de opname moet worden vergroot.

Gelijktijdige weergave van 9 opnamen

De weergave van 9 verkleinde opnamen geeft u een overzicht en/of een bepaalde opname is sneller terug te vinden (Afb. 59a/b, Afb. 60a/b).

60a/b.

LEICA T SYSTEM - Gelijktijdige weergave van 9 opnamen - 1

LEICA T SYSTEM - Gelijktijdige weergave van 9 opnamen - 2

Afb. 59a

Afb. 59b

LEICA T SYSTEM - Gelijktijdige weergave van 9 opnamen - 3

LEICA T SYSTEM - Gelijktijdige weergave van 9 opnamen - 4

Afb. 60a

Afb. 60b

Aanwijzingen:

Video's kunnen niet worden vergroot. - Tijdens de vergrote/9-voudige weergave kunt u de bijkomende informatie niet bekijken. - Hoe sterker de opname wordt vergroot, hoe minder - door de naar verhouding kleinere resolutie - de weergavekwaliteit wordt. - Met andere typen camera's gemaakte opnamen kunnen eventueel niet worden vergroot.

Opname in 9-voudige overzicht selecteren Afb.61a/b

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 1

9-voudig overzicht verlaten Afb.62a/b/63a/b

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 2

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 3

BEELDUITSNEDE SELECTEREN Afb.64a/b

In een vergrote opname kunt u de vergrote uitsnede vanuit het midden verplaatsen, om bijv. details nauwkeuriger te bekijken die niet in het midden liggen.

LEICA T SYSTEM - BEELDUITSNEDE SELECTEREN Afb.64a/b - 1

  • De positie waar de uitsnede zich binnen de opname ongeveer bevindt, wordt aangeduid.

WEERGAVEMENU

Het weergavemenu bevat een aantal functies die in submenu's moeten worden ingesteld.

Weergavenu oproepen Afb.65a/b

LEICA T SYSTEM - Weergavenu oproepen Afb.65a/b - 1

Behalve met de hier en op de volgende pagina's beschreven reine gebarenbesturing kunt u verschillende bedieningsstappen ook met een van de instelwielen uitvoeren Afb.66a/b / Afb.67a/b.

LEICA T SYSTEM - Weergavenu oproepen Afb.65a/b - 2

LEICA T SYSTEM - Weergavenu oproepen Afb.65a/b - 3

Diashow

U kunt de Leica T dusdanig instellen dat de opnamen automatisch in successie worden getoond. Binnen deze functie kan worden bepaald of alle opnamen, of alleen uw favorieten (zie volgende pagina) moeten worden getoond, of alleen foto's, of alleen video's. U kunt ook kiezen voor hoe lang de opnamen moeten worden weergegeven, en of de diashow moet worden herhaald totdat u hem stopt.

Het submenu Diavoorstelling verschijnt al als u het weergavemenu opent.

De andere handelingen voert u uit in de betreffende submenu's:

LEICA T SYSTEM - Diashow - 1

Opmerking:

Uw instellingen in DURATION en REPEAT blijven behouden, ook na het in- en uitschakelen van de camera.

Diavoorstelling afsluiten Afb. 68a/b

LEICA T SYSTEM - Diavoorstelling afsluiten Afb. 68a/b - 1

Opname als favoriet markeren / markering opheffen

U kunt een opname als favoriet markeren, bijvoorbeeld om hem snel terug te vinden.

Opnamen beveiligen / wisbeveiliging opheffen

De bedieningsmethode voor markeren en beveiligen is dezelfde, ze verschillen alleen in de manier waarop u de submenu's start: voor favorieten, voor beveiliging. Hier worden ze, als voorbeeld, voor favorieten beschreven.

Individueel markeren Afb. 69a-c

LEICA T SYSTEM - Individueel markeren Afb. 69a-c - 1

In de 3e stap kunt u markeren door ★ aan te raken of de SET-indicatie.

Meerdere markeren Afb. 70a-c

LEICA T SYSTEM - Individueel markeren Afb. 69a-c - 2

Markeringen verwijderen

Markeringen kunnen in de 3e stap worden verwijderd door

LEICA T SYSTEM - Markeringen verwijderen - 1

of

aan te raken.

Aanwijzingen:

  • Als u probeert beveiligde beelden te wissen, zullen er waarschuwingen verschijnen. Wilt u deze opnamen toch wissen, dan verwijdert u de beveiliging zoals hierboven beschreven.
  • Ook beveiligde opnamen worden gewist bij het formatteren.

Opnamen wissen

Opnamen op de geheugenkaart en in het interne geheugen kunt u altijd wissen - individueel of allemaal tegelijk.

Wismenu oproepen Afb. 71a/b

LEICA T SYSTEM - Opnamen wissen - 1

Individuele opnamen wissen Afb. 72a/b

LEICA T SYSTEM - Opnamen wissen - 2

Meerdere opnamen verwijderen Afb. 73a-e

Afb. 73eLEICA T SYSTEM - Meerdere opnamen verwijderen Afb. 73a-e - 1

Alle opnamen wissen Afb. 74a/b

LEICA T SYSTEM - Alle opnamen wissen Afb. 74a/b - 1

Aanwijzingen:

  • Alleen bij SINGLE

Na het wissen verschijnt de volgende opname. Als de opname beveiligd is, zal hij nog steeds zichtbaar zijn en er verschijnt een melding 'This image is protected' op het scherm.

  • Alleen bij MULTI:

Opnamen die al voor beveiliging zijn gemarkeerd, kunnen niet worden gemarkeerd voor wissen. Als dit toch wordt geprobeerd, verschijnt er kort een melding.

  • Alleen bij ALL:

Na succesvol wissen verschijnt de melding "No valid image to play". Als het wissen niet is gelukt, verschijnt de originele opname weer.

  • Wanneer u meerdere of alle opnamen wist, kan er, vanwege de tijd die nodig is voor de verwerking van de gegevens, tijdelijk een melding op het scherm verschijnen.
  • Als sommige opnamen wisbeveiliging hadden, zal kort "Protected images were not deleted" verschijnen. Vervolgens worden de eerste van deze beveiligde opnamen getoond. Bij beveiligde opnamen moet de wisbescherming eerst worden opgeheven, voordat ze kunnen worden gewist.
  • De wis- en beveiligingsfuncties hebben altijd uitsluitend betrekking op de opnamen op de bron (geheugenkaart/intern geheugen) die u hebt geselecteerd in het weergavemenu.

Belangrijk:

Na het wissen van de opnamen kunt u ze niet meer bekijken.

Opmerking:

Deze functie staat niet ter beschikking als er een geheugenkaart is geplaatst.

LEICA T SYSTEM - Opmerking: - 1

Het selecteren van de bron bepaalt niet alleen welke opnamen zullen worden weergegeven, maar ook op welke opnamen de functies ★, en betrekking hebben.

Opnamegegevens van intern geheugen naar geplaatste geheugenkaart of andersom kopiëren*

Wanneer de kaart is geplaatst, zal de Leica T de gegevens wegschrijven naar de kaart. Als er geen kaart is, naar het interne geheugen. U kunt de beeldgegevens altijd van hun oorspronkelijke opslaglocatie naar de andere kopiëren - binnen de beperkingen van de voorhanden opslagcapaciteit. De kopieerrichting wordt bepaald door de geselecteerde weergavebron: is het interne geheugen geselecteerd, worden de gegevens van daar naar de geheugenkaart gekopieerd en vice versa.

Alle opnamen / als favorieten gemarkeerde opnamen Afb. 76a/b De bediening is hetzelfde voor beide functies. Het enigste verschil is uw keuze: zoals in het voorbeeld FAVORITES ONLY, of ALL.

LEICA T SYSTEM - Opnamegegevens van intern geheugen naar geplaatste geheugenkaart of andersom kopiëren* - 1

Na ca. 3 seconden begint de gegevensverwerking.

  • Vanwege de tijd die hiervoor nodig is, volgt er een melding over. Na afloop van het succesvolle kopiëren verschijnt er een bevestiging.

Meerdere opnamen kopiëren Afb. 77a-e

LEICA T SYSTEM - Opnamegegevens van intern geheugen naar geplaatste geheugenkaart of andersom kopiëren* - 2

Na ca. 3 seconden begint de gegevensverwerking.

  • Vanwege de tijd die hiervoor nodig is, volgt er een melding over. Na afloop van het succesvolle kopiëren verschijnt er een bevestigingsmelding.

Vanaf Afb.77C kunt u de gewenste opnamen in plaats van met gebarenbesturing ook met de instelwielen selecteren.

  • De SET-indicatie wordt dan vervangen door.

Ca. 2 sec. na uw statusmarkering verandert de indicatie weer en u kunt nu doorgaan met Afb.77e.

Videoweergave

Als er een video-opname is geselecteerd, verschijnt er PLAY op het LCD-scherm.

Afspelen starten Afb.78

Afb.78LEICA T SYSTEM - Afspelen starten Afb.78 - 1

Video- en audio-bedieningspictogrammen oproepen Afb.79a/b

LEICA T SYSTEM - Afspelen starten Afb.78 - 2

1 Verstreken tijd Voortgangsbalk met touchscreen 3Pauze 4 Volume Video's inkorten 6 Twee video's verbinden 7 Terug naar begin video

Opmerking:

De controle-symbolen gaan uit na 3s.

Afspelen vanaf een gewenst punt voortzetten Afb.80a/b

LEICA T SYSTEM - Afspelen vanaf een gewenst punt voortzetten Afb.80a/b - 1

Afspelen pauzeren Afb.81a/b

Afb. 81a Afb. 81bLEICA T SYSTEM - Afspelen pauzeren Afb.81a/b - 1

Afspelen afsluiten Afb.82a/b

Afb.82a Afb.82bLEICA T SYSTEM - Afspelen afsluiten Afb.82a/b - 1

Volume instellen Afb.83a/b

LEICA T SYSTEM - Volume instellen Afb.83a/b - 1

Opmerking:

In de laagste stand van de balk is het geluid uitgeschakeld - het volume-pictogram verandert in .

Video-opname knippen en plakken

De Leica T biedt twee verschillende manieren om een opgenomen video te knippen.

Begin- en eindstukken wegknippen Afb.84a-e

Afb.84eLEICA T SYSTEM - Begin- en eindstukken wegknippen Afb.84a-e - 1

Voortzetting van de bediening, zie volgende pagina, rechter kolom.

Knippen van een bepaalde scene Afb.85a-1

Afb.85f Afb. 85eLEICA T SYSTEM - Knippen van een bepaalde scene Afb.85a-1 - 1

  • Tijdens het proces worden de weergave (1) en de beelden van start- en eindpunt weergegeven (2/3) Voortzetting van de bediening, zie volgende pagina, rechter kolom.

Opmerking:

Knippen is in 1-seconde-stappen mogelijk, dus moet de resulterende video een lengte van ten minste 3 sec. hebben.

Twee video-opnamen met elkaar verbinden Afb.86

LEICA T SYSTEM - Twee video-opnamen met elkaar verbinden Afb.86 - 1

Voortzetting van de procedure: zie rechter kolom.

Opmerking:

Per verbindingsprocedure kunt u 2 video's selecteren. De volgorde is aangegeven met 1 en 2.

Zowel bij het knippen als bij het verbinden van de video's verloopt de procedure door selectie van een van de drie punten in het submenu Afb. 84e, 85f, 86o op dezelfde manier:

SAVE AS NEW selecteren

De nieuwe video wordt extra opgeslagen, het origineel blijft behouden.

OVERWRITE selecteren

De nieuwe video wordt opgeslagen, maar het origineel wordt gewist.

REVIEW CLIP selecteren

De nieuwe video wordt weergegeven. Hij wordt niet opgeslagen en het origineel wordt ook niet gewist.

  • In alle drie gevallen verschijnt er, vanwege de tijd die nodig is voor de verwerking van de gegevens, eerst een overeenkomstige melding op het scherm en vervolgens de openingsscène van de nieuwe video.

OVERIGE ZAKEN

GEBRUIKERSPROFIELEN

In de Leica T kunt u wenscombinaties van alle menu-instellingen permanent opslaan, bijvoorbeeld om ze wanneer u maar wilt bij terugkerende situaties/onderwerpen snel en eenvoudig te kunnen oproepen. Voor zulke combinaties staan er in totaal drie geheugenplaatsen ter beschikking. Natuurlijk kunt u alle menu-opties ook weer op de fabrieksinstellingen terugzetten:

Profielen aanmaken

Stel de gewenste opties in het menu in,

LEICA T SYSTEM - Profielen aanmaken - 1

selecteren

In het 1e submenu SAVE AS PROFILE selecteren. In het 2e submenu de gewenste profiel-geheugenplaats selecteren.

Profielen toepassen

LEICA T SYSTEM - Profielen toepassen - 1

selecteren

In het submenu het gewenste USER PROFILE (1-4) selecteren.

Alle menu-instellingen naar de fabrieksinstellingen terugzetten

LEICA T SYSTEM - Alle menu-instellingen naar de fabrieksinstellingen terugzetten - 1

selecteren. In het submenu DEFAULT PROFILE selecteren.

Aanwijzingen:

Zolang u uw instellingen nog niet met SAVE hebt opgeslagen, functioneert het oproepen van een nog niet-toegewezen profiel net als de functie (zie volgende paragraaf). - In tegenstelling tot de functie (zie volgende paragraaf) worden uw instellingen van tijd, datum en taal met DEFAULT PROFILE niet teruggezet.

Herstellen van alle individuele instellingen

Met deze optie kunnen alle eigen instellingen in het menu in één keer op de fabrieksinstellingen worden teruggezet.

LEICA T SYSTEM - Herstellen van alle individuele instellingen - 1

selecteren

  • Er verschijnt een scherm met een vraag

Bevestigen - YES of verwerpen - NO

Opmerking:

Dit herstel geldt voor alle instellingen, dus niet alleen de d.m.v. SAVE AS PROFILE (zie vorige paragraaf) opgeslagen profielen, maar ook die in Date/Time en Language. Als de camera dan voor het eerst wordt ingeschakeld, begint meteen de welkomstvideo.

De rest van deze procedure staat beschreven in de secties "Hoofdschakelaar", "Menutaal" en "Datum/tijd".

Nummering van opnamebestanden terugzetten

De Leica T slaat de opnamebestanden op met nummers in oplopende volgorde, die op hun beurt worden opgeslagen in

mappen die automatisch worden aangemaakt. Daarom bestaat de naam van de opgenomen bestanden altijd uit acht tekens, "L" voor de (Leica) camera, drie cijfers voor de map en vier cijfers voor de opname, bijvoorbeeld "1001234". U kunt dit nummersysteem resetten wanneer u maar wilt:

LEICA T SYSTEM - Nummering van opnamebestanden terugzetten - 1

selecteren

  • Er verschijnt een scherm met een vraag Bevestigen - YES of verwerpen - NO

Als u de nummering reset, ofwel de actuele map het nummer 9999 bevat, zal er automatisch een nieuwe map worden aangemaakt en de nummering zal weer van voren beginnen. Voorbeeld: Laatste opname voor het resetten "L1009999", volgende opname "L101000". U kunt hier bijvoorbeeld gebruik van maken om de opgenomen bestanden overzichtelijk te laten sorteren. Als mapnummer wordt in principe altijd het betreffende volgende nummer gebruikt; er zijn maximaal 999 mappen mogelijk. Als de nummercapaciteit bij "9999999" vol is, verschijnt er op het LCD-scherm een betreffende waarschuwing en de nummering moet worden gereset.

Aanwijzingen:

  • Als er een geheugenkaart is geplaatst, wordt alleen de nummering op de kaart gereset; als er geen kaart is, wordt het interne geheugen gereset.
  • Als er zich op de geheugenkaart al een opnamebestand met een hoger nummer bevindt dan het laatst door de camera toegewezen nummer, wordt er volgens de nummering op de kaart verder geteld.
  • Om het mapnummer opnieuw op 100 te resetten, formatteert u de geheugenkaart of het interne geheugen en dan meteen daarna reset u het fotonummer. Daardoor wordt het fotonummer (op 0001) teruggezet.

INSTELLEN EN GEBRUIKEN VAN DE WIFI-FUNCTIE

Er zijn 2 verschillende mogelijkheden om via WiFi toegang tot de Leica T te verkrijgen. Voor een platform-onafhankelijke verbinding zonder gebruik van een smartphone of tablet, kunt u gemakkelijk met een webbrowser* toegang tot uw camera verkrijgen.

De Leica App T (verkrijgbaar in de Apple™ App Store™) voor Apple™ iOS™-apparaten zoals bijvoorbeeld de Apple™ iPhone™ of iPad™ biedt een uitgebreider aantal opties.

De WiFi-functie van de camera activeren Afb. 87a/b

LEICA T SYSTEM - De WiFi-functie van de camera activeren Afb. 87a/b - 1

De camera zoekt automatisch naar beschikbare netwerken.

Afb. 87bLEICA T SYSTEM - De WiFi-functie van de camera activeren Afb. 87a/b - 2

Afb. 87a

Netwerk selecteren Afb. 88a/b

Kies nu uit de lijst op het LCD-scherm het netwerk dat u wilt gebruiken door het eenvoudig aan te raken. Als het netwerk niet meteen in de lijst verschijnt, kunt u de SCAN-indicatie aanraken en naar beschikbare netwerken laten zoeken.

LEICA T SYSTEM - Netwerk selecteren Afb. 88a/b - 1

Als u de DEVICE NAME-indicatie aanraakt, kunt u "onzichtbare" netwerken toevoegen door de netwerknaam in te voeren Afb. 89a/1. Gebruik hiervoor het toetsenbord op het scherm.

LEICA T SYSTEM - Netwerk selecteren Afb. 88a/b - 2

Vereiste gegevens invoeren Afb. 90a-c

Door aanraken van de IP Settings-indicatie komt u in het betreffende submenu terecht. Hier kunt u, indien nodig, door aanraken van de MANUAL-indicatie een vast IP-adres en subnetmasker voor de camera invoeren. Deze twee instellingen worden echter meestal automatisch door het draadloze netwerk geleverd. Voer nu in het veld Password het betreffende wachtwoord in om toegang te krijgen tot het gewenste netwerk. Als er geen wachtwoord is vastgelegd voor het netwerk, kunt u dit veld leeg laten.

Netwerken beheren Afb. 91a-c

De instellingen van verschillende netwerken kunt u in het WiFi-menu onder het punt MANAGE NETWORKS wissen. Dit wordt aanbevolen voor draadloze netwerken die zelden of maar een keer worden gebruikt.

Netwerken met verbinding zijn gemarkeerd met een pictogram (✓)

LEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 1

WiFi-selectors. Selecteer in het submenu MANAGE NETWORKS de selector.

Afb. 90aLEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 2

LEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 3

Afb. 90bLEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 4

LEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 5

LEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 6

Afb. 90cLEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 7

Afb. 91aLEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 8

LEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 9

LEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 10

LEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 11

LEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 12

LEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 13

LEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 14

Afb. 91cLEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 15

LEICA T SYSTEM - Netwerken beheren Afb. 91a-c - 16

WiFi-toegang met de Leica T App

Download de App uit de App Store™ op uw iPad™ of iPhone™. Controleer of in het cameramenu van de App de App-verbinding is geactiveerd.

Er verschijnt nu een lijst met beschikbare camera's in de app.

Selecteer de camera waarmee u wilt verbinden door hem eenvoudig aan te tippen.

Op de monitor van de gekozen camera verschijnt nu een pincode. Om de verbindingswizard af te sluiten, moet u deze pincode in uw app invoeren.

Deze instellingen worden zowel in de camera als de app opgeslagen. De volgende verbinding gebeurt automatisch. Als u de app met een andere Leica T wilt verbinden, selecteert u

DISCONNECT en gaat dan door met het maken van een nieuwe verbinding, zoals hierboven beschreven.

Netwerknaam van de Leica T wijzigen (Afb. 92a-d)

U kunt voor uw Leica T een eigen netwerknaam (af fabriek: Leica T-serienummer van de camera) aanmaken. Raak hiervoor in het WiFi-menu van de camera het pictogram Device Name-indicatie aan.

LEICA T SYSTEM - Netwerknaam van de Leica T wijzigen (Afb. 92a-d) - 1

selecteren

Selecteer in het submenu Device selecteren

Opmerking:

De tekens A...Z, E...Z, 0...P staan hiervoor ter beschikking. Spaties mogen niet worden gebruikt.

WiFi-toegang met een internetbrowser* Afb.93a-c

Typ in de adresbalk van de browser de naam van het netwerk (bijvoorbeeld: jan_janssen.local) of het IP-adres van de camera. U kunt nu de opnamen die op de camera zitten bekijken en downloaden.

Tik nu in het WiFi-menu op Browser Connection.

Belangrijk Afb.94:

Bij deze verbindingsmethode is er geen toegangscontrole. Let er daarom op dat u zich in een beveiligd draadloos netwerk bevindt.

Aanwijzingen:

  • Bij toegang via WiFi worden de afbeeldingen maar met 2 MP resolutie overgedragen. Voor de originele bestanden moet u de camera via een USB-kabel of de SD-kaart met behulp van een SD-kaartlezer uitlezen.
  • Maak altijd alleen verbinding met beveiligde netwerken om ongewenste toegang tot uw gegevens en uw camera te voorkomen.
  • De WiFi-functie vereist iets meer stroom. We raden u daarom aan de functie uit te schakelen wanneer deze niet worden gebruikt.
  • Als er een USB-verbinding tussen de camera en een computer actief is, worden de WiFi-functies om technische redenen uitgeschakeld.

Afb. 93aLEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 1

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 2

LEICA T SYSTEM - Aanwijzingen: - 3

GEGEVENSOVERDRACHT NAAR EEN COMPUTER VIA EEN USB-KABELVERBINDING

De LEICA T is compatibel met de volgende besturingssystemen:

Microsoft®: Windows XP / Vista® / 7® / 8®

Apple® Macintosh®: Mac® OS X (10.6) en hoger

Om de gegevens te kunnen overdragen, is de camera uitgerust met een USB 2.0 high speed-aansluiting.

Met de camera als extern station

Met Windows-besturingssystemen:

De camera wordt door het besturingssysteem herkend als een extern station en krijgt een stationsletter toegewezen. Draag de beeldgegevens met behulp van Windows Verkenner over op uw computer, en sla ze waar op.

Met Mac-besturingssystemen:

De camera verschijnt als opslagapparaat op het bureaublad. Draag de beeldgegevens met behulp van de Finder over op uw computer, en sla ze waar op.

Belangrijk:

  • Gebruik uitsluitend het meegeleverde USB-kabel.
  • Terwijl de gegevens worden overgedragen, mag de USB-kabelverbinding niet worden onderbroken, anders kunnen de computer en/of camera "crashen". Eventueel kan de geheugenkaart onherstelbaar beschadigd raken.
  • Zolang gegevens worden overgedragen, mag de camera niet worden uitgeschakeld of zichzelf door onvoldoende batterijspanning uitschakelen, omdat de computer anders kan "crashen".
  • Om dezelfde reden mag de batterij bij geactiveerde verbinding in geen geval worden verwijderd. Als de capaciteit van de batterij tijdens de overdracht van gegevens laag wordt, verschijnt de afbeelding INFO met een knipperende weergave van de batterijcapaciteit. Beëindig in dat geval de gegevensoverdracht, schakel de camera uit en laad de batterij op.

Gegevensoverdracht aan een computer m.b.v. kaartlezers

Beeldgegevens kunnen ook met kaartlezers voor SD-/SDHC-/SDXC-geheugenkaarten worden overgedragen. Voor computers met een USB-poort zijn er passende externe kaartlezers verkrijgbaar.

Opmerking:

De Leica T is van een geïntegreerde sensor voorzien die de stand van de camera - horizontaal of verticaal (beide richtingen) - bij elke opname herkent. M.b.v. van deze informatie kunnen opnamen met de betreffende programma's op een computer steeds automatisch staand worden weergegeven.

Formatteren

Met de Leica T kunt u gegevens in het interne geheugen of op een geplaatste geheugenkaart afzonderlijk wissen.

In het geval van geheugenkaarten is het normaal gesproken niet nodig ze nogmaals te formatteren. Wanneer echter een ongeformatteerde kaart voor het eerst wordt geplaatst, moet deze worden geformatteerd. In dergelijke gevallen verschijnt automatisch het betreffende scherm.

Het is echter raadzaam zowel het interne geheugen alsook de geheugenkaart regelmatig te formatteren, omdat bepaalde restbestanden (opname-begeleidende informatie) geheugencapaciteit kunnen opeisen.

LEICA T SYSTEM - Formatteren - 1

Het gewenste submenu oproepen - Er verschijnt een scherm met een vraag Bevestigen - YES of verwerpen - NO

Aanwijzingen:

  • Als u de geheugenkaart formatteert, gaan de gegevens verloren.
  • Maak er daarom een gewoonte van al uw opnamen altijd zo snel mogelijk op een veilig geheugenmedium, bijv. de harde schijf van uw computer, op te slaan.
  • Schakel de camera tijdens dit proces niet UIT.
  • Als de geheugenkaart in een ander apparaat, bijv. een computer, is geformatteerd, moet u deze in de camera opnieuw formatteren.
  • Als de geheugenkaart niet kan worden geformatteerd, vraag dan uw dealer of de Leica Product Support (adres: zie pag. 222) om advies.
  • Het formatteren kan niet worden gestopt vanwege wisveilige opnamen die nog in het geheugen zitten.

Met onbewerkte gegevens (DNG) werken

Als u de DNG-indeling wilt bewerken, hebt u de juiste software nodig, zoals de professionele raw-converter Adobe® Photoshop® Lightroom®. Hiermee kunt u opgeslagen raw data met maximale kwaliteit omzetten, en bovendien biedt het programma geoptimaliseerde algoritmen voor digitale kleurverwerking, die zowel lage ruis als verbazingwekkende beeldresolutie mogelijk maken.

Tijdens de bewerking hebt u de mogelijkheid achteraf verscheidene parameters, zoals gradatie, scherpte enz. in te stellen en op deze wijze de maximale beeldkwaliteit te realiseren.

Adobe Photoshop Lightroom installeren

Adobe® Photoshop® Lightroom® kan gratis worden gedownload als u uw LEICA T op de homepage van Leica Camera AG registreert. Behalve een actieve internetverbinding op uw computer (dat wil zeggen: u moet online zijn), die u ook al voor de registratie vereist was, hebt u om de software te installeren ook een geldig e-mailadres nodig. Registratie en download doet u beiden vanuit de „KUNDENBEREICH“ (de klantpagina's) op de homepage. Om te kunnen downloaden voert u onder „SOFTWARE FÜR BILDBEARBEITUNG“ het serienummer van uw camera en het TAN-nummer in, dat op de achterkant van de meegeleverde kaart staat. U ontvangt vervolgens het voor de installatie van de software vereiste licentienummer in een antwoord-email van Leica.

Als u hulp bij Adobe® Photoshop® Lightroom® nodig hebt: u vindt een supportformulier in het „KUNDENBEREICH“, de klantenservice-pagina's van de homepage van de Leica Camera AG, waar u uw camera hebt geregistreerd en de software hebt gedownload.

Systeemvereisten

Net als elke andere software vereisen de versies van Lightroom® verschillende versies van het besturingssysteem (Windows/Mac). Controleer eerst of uw besturingssysteem met Lightroom® compatibel is.

Bij sommige Windows-versies kan het gebeuren dat u een waarschuwing omtrent een ontbrekende Windows-signatuur krijgt. Negeer deze melding en ga door met de installatie.

Installeren van firmware-updates

Leica werkt voortdurend aan de verdere ontwikkeling en optimalisering van zijn producten. Omdat bij digitale camera's zeer veel functies uitsluitend elektronisch worden gestuurd, kunnen enkele van deze verbeteringen en uitbreidingen van functies naderhand in de camera worden geïnstalleerd. Hiervoor biedt Leica op onregelmatige tijden zogenoemde firmware-updates aan, die u zich gemakkelijk van onze homepage naar uw camera kunt downloaden, d.w.z. kunt overdragen. Als u uw camera geregistreerd hebt, houdt Leica u op de hoogte van alle nieuwe updates.

Als u wilt weten welke firmware-versie er is geïnstalleerd:

LEICA T SYSTEM - Installeren van firmware-updates - 1

  • In de eerste regel van het submenu worden de huidige versienummers van de camera weergegeven.

De tweede regel van het menu biedt toegang tot een lijst met verschillende land-specifieke goedkeuringstekens of -nummers.

LEICA T SYSTEM - Installeren van firmware-updates - 2

selecteren

in het submenu Regulatory Information selecteren.

  • De twee pagina's weergave verschijnt.

ACCESSOIRES

LEER PROTECTOR / LEICA SNAP T

Met de protector kunt u alle bedieningselementen en het LCD-scherm van de camera prima bedienen. De camera kan ook tijdens gebruik in de protector blijven zitten. Van silicone (18 800 in leer). (Bestelnr. 18 800 [steengrijs] / 18 801 [zwart] / 18 802 [wit] / 18 803 [meloengeel] / 18 804 [oranjeroood])

LEICA FLAP T

De Leica Flap T is ontworpen als aanvulling op de protector - samen hiermee vormt hij een eenheid die de camerabehuizing volledig omsluit. Van silicone. (Bestelnr. 18 805 [steengrijs])

HOLSTER LEICA T

Holster voor bevestiging aan uw riem. Combineert comfort, bescherming en vlot gebruik van de camera. Bestelnr. 18 809 [Leer, steengrijs] / 18 810 [Aluminium, zilver])

CANVAS SYSTEEMTAS (zwart)

Maat M (Bestelnr. 18748)

LEREN SYSTEEMTAS (steengrijs)

Maat S (Bestelnr. 18761)

DRAAGRIEM T

Ergonomische pasvorm, van silicone. (Bestelnr. 18 811 [zwart] / 18 812 [wit] / 18 813 [meloengeel] / 18 814 [oranjerood])

POLSRiEM T

Ergonomische pasvorm, van silicone. (Bestelnr. 18 816 [zwart] / 18 817 [wit] / 18 818 [meloengeel] / 18 819 [oranjerood])

LEICA ELEKTRONISCHE ZOEKER LEICA VISOFLEX (Typ 020)

De Visoflex biedt bijna 100% weergave van het beeldveld met een resolutie van 2,4 megapixels. Dit maakt tegelijkertijd eenvoudige en nauwkeurige beeldcompositie en volledige controle van alle relevante gegevens mogelijk. Hij is vooral ook handig wanneer de lichtomstandigheden van invloed zijn op de zichtbaarheid van het LCD-scherm en - dankzij het kantelbare oculair - voor opnamen vanuit kikkerperspectief.

Daarnaast bevat hij een GPS-ontvanger, waardoor de camera de positiecoördinaten aan de opnamegegevens kan toevoegen. De Visoflex wordt net als een externe flitser - en dus alleen als alternatief - in de flitsschoen van de camera gemonteerd. (Bestelnr. 18767)

FLITSAPPARATEN

Het systeemflitsapparaat Leica SF 26 is met zijn compacte afmetingen en op de camera afgestemd design bijzonder goed geschikt. Het valt ook positief op door zijn bedieningsgemak. (Bestelnr. 14 622)

Belangrijk:

Er mogen uitsluitend accessoires met de Leica T worden gebruikt van het type dat hier of door de Leica Camera AG worden genoemd en beschreven.

Vervangende onderdelen

Bestelnr.

Behuizingsdelen 470-701.001-022

Accessoireschoen-kapje 470-701.001-024

Dopje 470-701.001-020

Draagriem-ontgrendelingspen 470-701.001-029

Silicone draagriem 439-612.100-000

Lithium-ionbatterij BP-DC 13, zilver 18772

Lithium-ionbatterij BP-DC 13, zwart 18773

Batterij-oplaadapparaat Leica BP-DC13 470-701.022-000

(inclusief wisselstekkers)

Set netstekkers 470-701.801-005

(omvat alle versies rechts in de lijst)

Micro-USB-kabel 470-701.001-035

Oplaadapparaat-adapterstekker

StekkerLand
1US / JapanUSA Canada Japan Singapore Thailand Taiwan
2EUEU Turkije Rusland
3UKUK Katar UAE Hong Kong Maleisië Zuid-Afrika Malta
4ChinaChina
5AustraliëAustralië Nieuw-Zeeland
6KoreaKorea

LEICA T SYSTEM - Vervangende onderdelen - 1

LEICA T SYSTEM - Vervangende onderdelen - 2

LEICA T SYSTEM - Vervangende onderdelen - 3

LEICA T SYSTEM - Vervangende onderdelen - 4

LEICA T SYSTEM - Vervangende onderdelen - 5

LEICA T SYSTEM - Vervangende onderdelen - 6

VOORZORGSMAATREGELEN EN ONDERHOUD

ALGEMENE VOORZORGSMAATREGELEN

Gebruik uw camera niet in de onmiddellijke nabijheid van apparatuur met sterke magneetvelden en elektrostatische of elektromagnetische velden (zoals inductie-ovens, magnetrons, monitoren van tv of computer, videogame-consoles, mobiele telefoons, zendapparatuur).

  • Wanneer u de camera op een televisie plaatst of in de onmiddellijke nabijheid gebruikt, kan het magneetveld beeldregistraties verstoren.
  • Hetzelfde geldt voor het gebruik in de buurt van mobiele telefoons.
  • Sterke magneetvelden, bijvoorbeeld die van luidsprekers of grote elektromotoren, kunnen de opgeslagen gegevens beschadigen, respectievelijk de opnamen verstoren.
  • Als de camera door het effect van elektromagnetische velden niet goed functioneert, schakel deze dan uit, verwijder de batterij en plaats daarna de batterij weer terug en schakel de camera weer in. Gebruik de camera niet in de onmiddellijke nabijheid van radiozenders of hoogspanningsleidingen. Hun elektromagnetische velden kunnen de beeldregistraties eveneens verstoren.
  • Bescherm de camera tegen contact met insectenspray en andere agressieve chemicaliën. Testbenzine (wasbenzine), verdunder en alcohol mogen niet voor de reiniging worden gebruikt. Bepaalde chemicaliën en vloeistoffen kunnen de behuizing van de camera, respectievelijk het oppervlak beschadigen.
  • Omdat rubber en kunststof soms agressieve chemicaliën afscheiden, mogen ze niet voor lange tijd met de camera in contact blijven.
  • Zorg ervoor dat zand of stof niet in de camera kan binnendringen, bijvoorbeeld aan het strand. Zand en stof kunnen de camera en de geheugenkaart beschadigen. Let hier vooral op bij het plaatsen en verwijderen van de kaart.
  • Zorg ervoor dat er geen water in de camera kan binnendringen, bijvoorbeeld bij sneeuw, regen of aan het strand. Vocht kan tot verkeerde functies leiden en zelfs onherstelbare schade aan uw camera en geheugenkaart veroorzaken.
  • Als er spetters zout water op uw camera zijn gekomen, bevochtig dan een zachte doek eerst met leidingwater, wring deze stevig uit en wis hiermee de camera af. Daarna met een droge doek goed nawrijven.

Belangrijk:

Er mogen uitsluitend accessoires worden gebruikt van het type dat in deze handleiding of door Leica Camera AG worden genoemd en beschreven.

LCD-scherm

  • Wanneer de camera aan grote temperatuurschommelingen wordt blootgesteld, kan zich condens op de monitor vormen. Wis deze voorzichtig met een zachte, droge doek af.
  • Als de camera bij het inschakelen zeer koud is, kan het schermbeeld eerst iets donkerder zijn dan normaal. Zodra het LCD-scherm warmer wordt, heeft het de normale helderheid.

De productie van het LCD-scherm is een zeer nauwkeurig proces. Zo is verzekerd dat van de in totaal meer dan 920.000 pixels meer dan 99,995% correct werkt en slechts 0,005% donker blijft of altijd helder is. Dit is echter geen storing en beïnvloedt de beeldweergave niet nadelig.

Opnamesensor

  • Hoogtestraling (bijv. bij vluchten) kan pixeldefecten veroorzaken.

Condensatievocht

Als er zich condens op of in de camera heeft gevormd, moet u hem uitschakelen en ongeveer een uur bij kamertemperatuur laten liggen. Als kamer- en cameratemperatuur gelijk zijn, verdwijnt de condens vanzelf.

Onderhoud

  • Omdat elke vervuiling tevens een voedingsbodem voor micro-organismen vormt, moet de uitrusting zorgvuldig worden schoongehouden.

Voor de camera

  • Reinig de camera uitsluitend met een zachte, droge doek. Hardnekkig vuil moet eerst met een sterk verdund wasmiddel worden bevochtigd en vervolgens met een droge doek worden weggeveegd.
  • Om vlekken en vingerafdrukken te verwijderen dient u de camera met een schone, pluisvrije doek af te vegen. Vuil in moeilijk toegankelijke hoeken van de camerabody kan met een klein penseel worden verwijderd.
  • Alle mechanisch bewegende lagers en glijvlakken van uw camera zijn gesmeerd. Denk eraan als u de camera langere tijd niet gebruikt: laat de camera ongeveer elke drie maanden meerdere keren ontspannen om verharsen van de smeerpunten te voorkomen. Ook is het raadzaam de instelwielen regelmatig te verstellen of te gebruiken.

Voor objectieven

  • Op de buitenlens van het objectief volstaat het normal gesproken het stof met een zacht haarpenseel te verwijderen. Bij sterkere vervuiling kunnen deze met een zeer schone, gegarandeerd smetvrije, zachte doek in cirkelvormige bewegingen van binnen naar buiten voorzichtig worden gereinigd. Wij adviseren microvezeldoekjes (verkrijgbaar in de foto- en optiekzaak) die in een beschermende verpakking worden bewaard en bij temperaturen tot 40°C / 104°F wasbaar zijn (geen wasverzachter, nooit strijken)! Reinigingsdoekjes voor brillen die met chemische middelen zijn geïmpregneerd, mogen niet worden gebruikt omdat ze het objectiefglas kunnen beschadigen.
  • De meegeleverde objectiefdop beschermt het objectief eveneens tegen ongewenste vingerafdrukken en regen.

Voor de batterij

De oplaadbare lithium-ion-batterijen genereren stroom door interne chemische reacties. Deze reacties worden ook door de buitentemperatuur en luchtvochtigheid beïnvloed. Zeer hoge en lage temperaturen verkorten de standtijd en levensduur van de batterijen.

  • Neem de batterij altijd uit de camera als u hem een tijd lang niet gebruikt. Anders zou hij na enkele weken diep ontladen, d.w.z. dat de spanning aanzienlijk zou dalen.
  • Lithium-ion-batterijen dienen gedeeltelijk opgeladen te worden opgeborgen, d.w.z. niet volledig ontladen of volledig opgeladen. Bij langdurige opslag dient u de batterij ongeveer tweemaal per jaar gedurende ca. 15 minuten op te laden om diepe ontlading te vermijden.
  • Houd de batterijcontacten steeds schoon en vrij. Lithium-ion-batterijen zijn weliswaar tegen kortsluiting beveiligd, maar bescherm toch de contacten tegen metalen voorwerpen zoals

paperclips of sieraden. Een kortgesloten batterij kan zeer heet worden en ernstige brandwonden veroorzaken.

  • De batterij kan alleen worden geladen als hij een temperatuur heeft tussen 0°C ( 32°F ) en 35°C ( 95°F ) (anders schakelt het oplaadapparaat niet in, ofwel het schakelt uit).
  • Als er een batterij op de grond valt, dient u daarna de behuizing en contacten op eventuele schade te controleren. Het plaatsen van een beschadigde batterij kan ook de camera beschadigen.
  • Batterijen hebben slechts een beperkte levensduur.
  • Voer beschadigde batterijen af naar een verzamelpunt waar ze correct worden gerecycled.
  • Werp batterijen nooit in vuur, want ze kunnen anders exploderen.

Voor het oplaadapparaat

  • Wanneer het oplaadapparaat in de buurt van radio-ontvangers wordt gebruikt, kan de ontvangst worden verstoord; zorg voor een afstand van minimaal 1 m tussen de apparaten.
  • Het oplaadapparaat kan bij gebruik geluid ("zoemen") veroorzaken - dit is normaal en geen storing.
  • Trek de netstekker van het oplaadapparaat eruit als dit niet wordt gebruikt, want het verbruikt ook zonder batterij (zeer weinig) stroom.
  • Houd de contacten van het oplaadapparaat steeds schoon en maak nooit kortsluiting.

Voor geheugenkaarten

  • Zolang een opname wordt opgeslagen of de geheugenkaart wordt uitgelezen, mag deze niet worden verwijderd; de camera mag ook niet worden uitgeschakeld en niet aan trillingen worden blootgesteld.
  • Geheugenkaarten moeten als bescherming in principe uitsluitend in het meegeleverde antistatische foedraal worden bewaard.
  • Bewaar geheugenkaarten niet op plaatsen waar ze aan hoge temperaturen, direct zonlicht, magnetische velden of statische ontlading worden blootgesteld.
  • Laat geheugenkaarten niet vallen en buig ze niet, omdat deze anders beschadigd kunnen worden en de opgeslagen gegevens verloren kunnen gaan.
  • Verwijder de geheugenkaart in principe als u de camera langere tijd niet gebruikt.
  • Raak de aansluitingen aan de zijkant van de geheugenkaart niet aan en houd ze vrij van vuil, stof en vocht.
  • Het is raadzaam de geheugenkaart af en toe te formatteren, omdat door het wissen fragmentatie optreedt, die een deel van de geheugencapaciteit kan blokkeren.

Opbergen

  • Wanneer u de camera een tijd lang niet gebruikt, is het raadzaam:

a. hem uit te schakelen, b. de geheugenkaart eruit te halen en c. de batterij eruit te halen.

  • Een lens werkt als een vergrootglas, vooral in frontaal zonlicht. De camera mag dus nooit zonder lenskap ergens worden neergezet. Het plaatsen van een objectiefdop en het opbergen van de camera in de schaduw (of meteen in de tas) dragen ertoe bij interne schade aan de camera te voorkomen.
  • Bewaar de camera bij voorkeur in een gesloten en gestoffeerd foedraal, zodat er niets tegenaan kan schuren en stof op afstand wordt gehouden.
  • Bewaar de camera op een droge, voldoende geventileerde plaats, die bescherming biedt tegen hoge temperatuur en vochtigheid. Hij moet na gebruik in een vochtige omgeving altijd volledig vrij zijn van vocht alvorens u hem opbergt.
  • Fototassen die bij gebruik nat zijn geworden, moeten worden leeggemaakt om beschadiging van uw uitrusting door vocht en eventuele vrijkomende restanten leerlooimiddel uit te sluiten.
  • Ter bescherming tegen schimmelvorming (fungus) bij gebruik in een vochtig en warm tropisch klimaat moet de camera-uitrusting zo veel mogelijk aan de zon en lucht worden blootgesteld. Het bewaren in luchtdicht afgesloten koffers of tassen is slechts aan te bevelen als er bovendien een droogmiddel, bijv. silicagel, wordt gebruikt.
  • Bewaar de camera ter vermijding van schimmelvorming niet voor lange tijd in de leren tas.
  • Noteer het serienummer van uw Leica T, want het nummer is in geval van verlies buitengewoon belangrijk.

LEICA T SYSTEM - MENUPUNTEN - 1

LEICA T SYSTEM - MENUPUNTEN - 2

1ISO-filmgevoeligkeitPag. 152
2WitbalansPag. 150
3BelichtingscorrectiePag. 168
4OpnamefrequentiePag. 154
5Methode belichtingsmetingpag. 160
6Zelfontspannerpag. 178
7Compressiegraad/bestandsformaat (voor Foto's)pag. 150
8Scherpte-instellingsmoduspag. 154
9Flitsprogrammapag. 173
10JPEG-resolutiepag. 150
11Autofocus-meetmethodepag. 156
12Flitsbelichtingscorrectiepag. 175
13Video-bestandsformaat/-resolutiepag. 170
14Automatische belichtingsreekspag. 169
15Flitsstijdsteppag. 175
16Kleurweergavepag. 152
17Automatische ISO-installingenpag. 152
18WiFi-verbindingpag. 196

19 Monitorhelderheid pag. 148 20 Histogramweergave pag. 136/161 GPS-instellingen* pag. 179/205 22 Kleurreproductie LCD-scherm pag. 141 23 Scherpstelhulp (vergrote weergave) pag. 159 24 Beeldstabilisatie voor foto's pag. 178 25 Helderheid zoeker pag. 148 26 Automatische weergave pag. 180 27 Beeldstabilisatie voor video's pag. 170 28 Kleurweergave zoeker pag. 148 29 Automatische uitlijning bij de weergave pag. 181 30 Windgeruisdemping pag. 171 31 Automatische uitschakeling van het LCD-scherm 32 Gebruikersprofielen beheren pag. 194 33 Akoestische meldsignalen pag. 148 34 Automatische uitschakeling van de camera pag. 147 35 Menutalen pag. 146 36 Camerainstellingen herstellen pag. 194 37 AF-hulplicht pag. 155 38 Datum / tijd pag. 146 39 Technische camera-informatie pag. 203 40 Opnamenummering herstellen pag. 195 41 Formatteren pag. 201

LEICA T SYSTEM - MENUPUNTEN - 3

LEICA T SYSTEM - MENUPUNTEN - 4

LEICA T SYSTEM - MENUPUNTEN - 5

LEICA T SYSTEM - MENUPUNTEN - 6

LEICA T SYSTEM - MENU OPNAMEMODI - 1

LEICA T SYSTEM - MENU OPNAMEMODI - 2

1Programma-automaatpag. 162
2Tijdautomaatpag. 164
3Diafragma-automaatpag. 165
4Handmatige instellingpag. 166
5Scèneprogramma'spag. 167/216
5aUitgebeide programma-automaatpag. 167/216
5bSportprogrammapag. 167/216
5cPortretprogrammapag. 167/216
5dLandschapsprogrammapag. 167/216
5ePortretprogramma voor donkere omgevingenpag. 167/216
5fProgramma voor zeer helderere onderwerpenpag. 167/216
5gProgramma voor vuurwerkpag. 167/216
5hProgramma voor zeer donkere omgevingenpag. 167/216
5jProgramma voor zonsonder- en -opgangenpag. 167/216

Scèneprogramma-instellingen

Autofocus-instellingen1VolautomatischSportPortretLandschap
MeetmethodeGeichtsherkenningMulti-segmentGeichtsherkenningMulti-segment
ActieradiusNormaal2m -∞Normaal2m -∞
Instelling indien AF nicht möglichk1,8m
Belichtings-instellingen1MeetmethodeMulti-segmentMulti-segmentMulti-segmentMulti-segment
SluitiertijdWerkgebied tot 1/2f -1/2000s beperkt, gestuurd in stappen van 1/3EV, minstens 1/8s1/2000sWerkgebied tot 1/2f -1/2000s beperkt, gestuurd in stappen van 1/3EV, minstens 1/30sWerkgebied tot 1/2f -1/2000s beperkt, gestuurd in stappen van 1/3EV, minstens 1/30s
DiafragmaIn het gehele werkgebied afhankelijk van sluitiertijd-/ISO-instellingen geregeldMaximale (minimale waarde)In het gehele werkgebied afhankelijk van sluitiertijd-/ISO-instellingen geregeldIn het gehele werkgebied afhankelijk van sluitiertijd-/ISO-instellingen geregeld
ISO-instellung2Besturing stelt in op sluitiertijd van min. 1/2f, max. ISO 1600Besturing stelt in op sluitiertijd van min. 1/2f, max. ISO 6400Besturing stelt in op sluitiertijd van min. 1/2f, max. ISO 1600Besturing stelt in op sluitiertijd van min. 1/2f, max. ISO 1600
Belichtings-compensatie----
Witbalans1AutoAutoAutoSunny
Beeldeigen-schappen1ScherpteStandardStandardlets lagerMidden-hoog
VerzadigingStandardStandardStandardMidden-hoog
ContrastStandardStandardStandardHoog
Flitsmodus3AutoAutoAuto / red-eye reductionON
Nacht PortretSneeuw/strandVuurwerkKaarslichtZonsondergang
GeichtsherkenningMulti-segment-Multi-segmentMulti-segment
NormaalNormaalNormaal2m - ∞
1,8m-1,8m
Multi-segmentMulti-segment-Multi-segmentMulti-segment
Werkgebied tot 1/2f - 1/2000s beperkt, gestuurd in stappen van 1/3EV, minstens 1/30sWerkgebied tot 1/2f - 1/2000s beperkt, gestuurd in stappen van 1/3EV, minstens 1/30sCa. 4 sec.Werkgebied tot 1/2f - 1/2000s beperkt, gestuurd in stappen van 1/3EV, minstens 1/30sWerkgebied tot 1/4fs beperkt
In het gehele werkgebied afhankelijk van sluitiertijd-/ ISO-instellingen geregeldIn het gehele werkgebied afhankelijk van sluitiertijd-/ ISO-instellingen geregeldCa. f/8In het gehele werkgebied afhankelijk van sluitiertijd-/ ISO-instellingen geregeldIn het gehele werkgebied afhankelijk van sluitiertijd-/ ISO-instellingen geregeld
Besturing stelt in op sluitiertijd van min. 1/2f, max. ISO 1600Besturing stelt in op sluitiertijd van min. 1/2f, max. ISO 1600100Besturing stelt in op sluitiertijd van min. 1/2f, max. ISO 1600Besturing stelt in op sluitiertijd van min. 1/2f, max. ISO 1600
-+0,3EV---0,3EV
SunnySunnySunnySunnySunny
Midden-laagMidden-hooglets lagerlets lagerStandaard
StandaardMidden-hoogMidden-hooglets lagerMidden-hoog
LaagStandardHoogLaagStandard
Slow sync / red-eye reductionAutoOFFSlow syncON

TECHNISCHE GEGEVENS

Cameratype LEICA T (Typ 701) met gebarenbesturing

Bestelnr. 18 181 (silver), 18 180 (zwart)

Objectiefkoppeling Leica T-bajonet met contactstrip voor communicatie tussen objectief en camera

Objectiefsysteem Objectieven voor Leica T, Leica M-objectieven m.b.v. Leica M-Adapter T

Sensor CMOS-sensor, afmetingen APS-C (23,6 x 15,7 mm) met 16,5/16,3 miljoen pixels (totaal/effectief), formaat-beeldverhouding 3:2

Resolutie JPEG: 4928 x 3264 (16 megapixels), 4272 x 2856 (12,2 megapixels), 3264 x 2160 (7 megapixels), 2144 x 1424 (3 megapixels), 1632 x 1080 (1,8 megapixels), DNG: 4944 x 3278 pixels

Bestandsformaat beeldgegevens/compressiegraden

Selecteerbaar: JPG superfine, JPG fine, DNG + JPG superf., DNG + JPG fine

Video-opnameformaat MP4

Video-resolutie/frame rate naar keuze: 1920x1080p, 30 b/s of 1280x720p, 30 b/s

Opslagmedia SD-/SDHC-/SDXC-geheugenkaarten

ISO-gevoeligheid Automatisch, ISO 100 tot ISO 12500

Witbalans Automatisch, voorinstellingen voor daglicht, bewolkt, halogeenverlichting, schaduw, elektronische flits, twee handmatige instellingen, handmatige instelling van de kleurtemperatuur

Autofocussysteem Contrast-gebaseerd

Autofocus meetmethoden Enkelpunt, Multisegment, Spot, Gezichtsdetectie, Touch-AF

Belichtingsprogramma's Programma-automaat, Diafragma-automaat, Tijdautomaat, Handmatige instelling, Scène-belichtingsprogramma's: Volautomatisch, Sport, Portret, Landschap, Nachportret, Sneeuw/Strand, Vuurwerk, Kaarslicht, Zonsondergang

Belichtingsmeting Multisegment, Centrum-georiënteerd, Spot Belichtingscompensatie ±3EV in 1/3EV-stappen

Automatische belichtingsreeksen drie opnamen in gradaties tot ±3EV, in te stellen in 1/3EV-stappen

Sluitertijden van 30 s tot 1/4000 s

Serie-opnamen ca. 5 b/s, 12 opnamen met een constante frequentie, daarna afhankelijk van de specificaties van de geheugenkaart

Flitsprogramma's Automatisch, Automatisch/Rode ogen reduceren, Altijd aan, Altijd aan/Rode ogen reduceren, Flitssynchronisatie, Flitssynchronisatie/Rode ogen reduceren

Flits-belichtingscompensatie ±3 EV in 1/3 EV-stappen

Flits-synchronisatie Sync.-tijd: 1/180 s

Richtgetal van de ingebouwde flitser voor ISO 100: 4,5

Flits-tussentijd van het ingebouwde flitsapparaat ca. 5 s met opgeladen batterij

LCD-scherm 3,7" TFT LCD, 1,3 miljoen pixels, 854x480 per kleurkanaal

Zelfontspanner Voorlooptijd naar keuze 2 of 12 s

WLAN Voldoet aan standaard IEEE 802.11b/g/n (standaard WLAN-protocol); kanaal 1-11; encryptie-methode: WiFi-compatibele WPA™ / WPA2™, toegangsmethode: infrastructuurwerking

Voeding Lithium-ion batterij Leica BP-DC13, nom. spanning 7,2 V, capaciteit 985 mAh; (volgens CIPA-standaard): ca. 400 opnamen, laadtijd (na diepe ontlading): ca. 160 min. Fabrikant: Shenzen Eng Electronics Co., Ltd., Made in China

Aansluitingen Micro-USB-poort (2.0 High-Speed), Leica flitser-aansluiting met geïntegreerde connector voor optioneel toebehoren, batterij opladen via USB-poort mogelijk met max. 1 A.

Body In Leica unibody design, gemaakt van massief aluminium, twee verwijderbare doppen voor de draagriem en andere accessoires, ISO-flitsschoen met midden- en regelcontacten voor het aansluiten van externe, krachtigere flitsers, zoals de Leica SF 26, ofwel voor het aansluiten van de elektronische zoeker Leica Visoflex

Statiefschroefdraad A 1/4 DIN 4503 (1/4")

Afmetingen (BxHxD) 134 × 69 × 33 mm

Gewicht ca. 384 g / 339 g (zonder / met batterij)

Meegeleverd Camerabody, draagriem, 2 ontgrendelingspennen om de riem mee te verwijderen, batterij (Leica BP-DC13), oplaadapparaat (Leica BC-DC13) met 6 adapterstekkers, USB-kabel

Software Adobe® Photoshop® Lightroom® (na registratie van de camera gratis te downloaden), Leica App T voor iOS®

(Afstandsbediening en beeldoverdracht; gratis download in de Apple® App-Store®)

TREFWOORDENREGISTER

Aan-/uitschakelen; zie Hoofdschakelaar

Accessoires 204

Afstandsinstelling. 154

AF hulplicht. 155

Autofocus 154

Handmatige instelling 159

Instellen door aanraken. 158

Meetmethoden 156

Scherpstelhulp 159

Batterij, plaatsen en verwijderen 123

Beeldfrequentie 154

Bekijken van opnamen; zie Weergavemodus

Belichtingsregeling

Belichtingscorrecties 168

Opslaan van de meetwaarde. 168

Beschermen van opnamen / opheffen van de wisbescherming..... 185

Bestandsformaat 150

Bron (voor weergave) selecteren 188

Clipping 136/161 Compressiegraad 150 Contrast 153 Diashow. 184 DNG 150/202 Draagriem. 122 Elektronische zoeker 148/179/205 Favorieten, opname markeren als. 185 Firmware-downloads 203 Flitsapparaten 176/205 Flitsmodus 172 Formatteren 201 Gegevensoverdracht aan een computer 200 Geheugenkaart, plaatsen en verwijderen 128 Geluiden (toetstonen) 148 Geluidsopname 171 GPS 179 Histogram 136/161 Hoofdschakelaar 132 Infodienst, Leica Product Support. 222 Instelwielen 132 ISO-filmgevoeligheid. 152 Klantenservice / Leica Customer Care 222 Kleurverzadiging. 153 Kleurweergave 152 Kopiëren van opnamegegevens 188 LCD-scherm 148/149 Leveringsomvang 117/219

Menupunten 212

Menutaal 146

Onbewerkte gegevens. 150/202

Onderdelen, benaming van de U2/U4

Onderhoud. 208

Ontspanner; zie ook technische gegevens 133

Opbergen 211

Opnamefrequentie 154

Opnamen vergroten bij het afspelen 182

Profielen 194

Reparaties / Leica Customer Care 222

Resolutie 150

Scherpte 154

Serieopnamen 154

Software 202

Automatisch uitschakelen van de camera 147

Uitsnede, kiezen van, zie weergavemodus

USB-verbinding 126/200

Vervangende onderdelen 206

Video-opname 170

Video's knippen 192

Video's plakken 192

Volume 148

Voorzorgsmaatregelen 208

Waarschuwingen 118

Weergavemenu 184

Weergavemodus 180

WiFi 196

Wissen van opnamen 186

Witbalans 150

Zelfontspanner 178

Zoeker 148/205

Sceneprogramma's 167/216

LEICA PRODUCT SUPPORT

Technische vragen over toepassingen met Leica-producten, ook over de meegeleverde software, worden schriftelijk, telefonisch of per e-mail beantwoord door de Product Support-afdeling van de Leica Camera AG.

Ook voor koopadvies en het bestellen van handleidingen is dit uw contactadres. U kunt uw vragen eveneens stellen via het contactformulier op de website van Leica Camera AG.

Leica Camera AG

Voor het onderhoud van uw Leica-uitrusting en in geval van schade kunt u gebruik maken van de Customer Care van Leica Camera AG of de reparatieservice van een Leica-vertegenwoordiging in uw land (voor adressenlijst zie garantiebewijs).

Leica Camera AG

Klantenservice

Am Leitz-Park 5

D-35578 Wetzlar

Telefoon: +49 6441 2080-189

Fax: +49 6441 2080-339

customerragments @ leica-camera.com

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : LEICA

Model : T SYSTEM

Categorie : Spiegelreflexcamera's zonder spiegel