CC 2236 - Elektrische grasmaaier JONSERED - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CC 2236 JONSERED in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over CC 2236 JONSERED
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Elektrische grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CC 2236 - JONSERED en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CC 2236 van het merk JONSERED.
GEBRUIKSAANWIJZING CC 2236 JONSERED
WAARSCHUWING! Motorzeisen, bosmaaiers en trimmers+kennen gevaarlijk zij! Slordig of onjuist gebruik kan resulteren in ernst letsel of overlieden van de gebruiker of anderen. Het is uiterst belangrijk dat u de inhoud van de gebruikshandleiding dooreest en begrijpt.
Neem de gebruiksanawijzing grondig door en gebruik de machine Niet voor u alles duidelijk heeft begren.
Draag altijd:
- Een verilgheidshelm bij kans op vallende voorwerpen
- Goedgekeurde gehoorbeschemmers
- Een goedgekeurde oogbescherming
Maximum toerental van uitgaande as, tpm
Dit product voldoet aan de geldende CE-richtlijnen.
Waarschuwing voor wegsglingerde en afgeketste voorwerpen.
Gebruikers van de machine moeten erop toezien dat erijdens het werk geen mensen of dieren dichter dan 15 meter bij de machine komen.
Machines die zijn uitgerust met
zaagbladen of grasmessen können met
enorme kracht opzij geworpen worden,
wanner het mes in contact komt met een
vast voorwerp. Dit worden terugslag
genoemd. Het mes kan een arm of been
amputeren. Hou mensen en dieren algid ten minste 15
meter bij de machine vandaan.
Pijltekens die de grenzen voor hetplaatsen van de handvatbevestiging aangeven.
Gebruik alkijd goedgekeurde veiligheidshandschoenen.
Gebruik stevige antisliplaarzen.












Alleen bedoeld voor Niet-metalen
flexible snijuitrusting, d.w.z.
trimmerkop met trimmerdraad.
Geluidsemissie maar de omgeving volgens de richtlijnen van de Europese Gemeenschap. De emissie van de machine worden aangegeven in het hoogstuk Technische gegevens en opplaatjes.
Startinstructie



Overige op de machine aangegeven symbolen/plaatjes verwijzenaar specifieke eigenaan certificering op bepaalde markten.
De motor worden uitgezet door de stopschakelaar maar stopstand te schuiven. N.B.! De stopschakelaar.gaat automatisch terug maar startstand. Om een ongewenste start te voorkomen,要去 de bougiekap algtd van de bougie worden gehaalbijd montage, controle e

Gebruik alkijd goedgekeurde veiligheidshandschoenen.
Moet regelmatig schoongemaaakt worden.
Controleer met het blote oog.
Gebruik van goedgekeurde oogbescherming verplicht.




Inhoud
VERKLARING VAN DE SYMBOLEN
Symbolen 68
INHOU
Inhoud 69
Voor het starten moet u rekening houden met de volgende punten: 69
INLEIDING
Besteklant! 70
WAT IS WAT?
Wat is wat op de motorzeis? 71
ALGEMENE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
Belangrijk 72
Persoonlijke veiligheidsuitrusting 72
Veiligheidsuitrusting van de machine 73
Snijuitrusting 76
MONTEREN
Monteren van stuur en gashandgreep 79
Montage van snijuitrusting 79
Bescherming monteren 79
Monteren van bladbeschemkap, maaiblad en maaimes 80
Monteren van bladbeschemkap en zaagblad 80
Monteren van overige beschem-kappen en snijuitrustingen 81
Aanpassen van draagstel en motorzeis 82
Standaard draagstel 82
Vectordraagstel 82
BRANDSTOFHANTERING
Controle voor het starten 86
Starten en stoppen 86
ARBEIDSTECHNIEK
Algemene werkinstructies 88
ONDERHOUD
Carburatour 93
Geluiddempfer 95
Koelsystem 95
Hoekoverbrenging 96
Luchtfilter 96
Bougie 96
Onderhoudsschema 97
TECHNISCHE GEGEVENS
EG-verklaring van overeenstemming 99
Voor het starten moet u rekening houden met de volgende punten:
Lees de gebruiksaaanwijzing aandachtig.

WAARSCHUWING! Langdurige blotstelling aan lawaai kan leiden tot permanente gehoorbeschadiging. Gebruik waarom alsijd goedgekeurde gehoorbescherming.

WAARSCHUWING! De oorspronkelijke vormgeving van de machine mag in geen enkel geval gewijzigd worden zonder toestemming van de fabrikant. Men moet algtd originele onderdelen gebruiken. Niet goedgekeurde wijzigingen en/of Niet-originele onderdelen kannen tot ernstige verwondingen of de dood van zowel gebruiker als omstanders leiden.

WAARSCHUWING! Een motorzeis, bosmaier of trimmer kan bij onjuist of slordig gebruik een gevaarlijk gereedschap zich, dat ernstig letsel of het overlijden van de gebruiker of anderen kan verroorzaken. Het is van het grootste belang dat u de inhoud van deze gebruiksaanwijzing doorleest en begrijpt.
INLEIDING
Beste klant!
Gefeliciteerd met de aankoop van een Jonsered-product!
We zijn ervan overtuigd dat u de kwaliteit en prestaties van ons product gedurende een langeperiode maar volle tevredenheit zult waarden. Door de aankoop van eén van onsste producten krijt u de beschikking over professionele hulp bij reparations en service moct er toch iets geleuren. Wanner u de machine Niet heeft gekocht bij een van ons once erkende dealers, kurz u hen vragen aan deichtstbijzijnde serviceworkplaats.
Wij hapen dat u tevreden zult zich met uw machine en dat deze u gedurende langeijd zal vergezellen. Denk erom dat deze gebruiksaanwijzing een waardevol document is. Door de inhoud (gebruik, service, onderhoud enz.) te volgen kutu u delevensduur van uw machine en de tweedehandes Waarde aanzienlijk verlenden. Mocht u uw machine verkopen moet u ervoor zorgen de gebruiksaanwijzing aan de十几年e eigenaar over te dragen.
Succes met het gebruik van uw Jonsered-product!
Jonsered werkkt voortdurend aan het verder ontwikkelen vanhaar producten en houdt zich dan ook hetrecht voor om zonder aankondiging vooraf wijzigingen in o.a. vorm en uiterlijk door te voeren.

Wat is wat op de motorzeis?
1 Trimmerkop
2 Bijvulopening smeermiddel, hoekoverbrenging
3 Hoekoverbrenging
4 Beschermkap voor snijuitrusting
5 Steel
6 Stuur
7 Gashendel
8 Stopschakelaar
9 Gashendelvergrendeling
10 Ophanghaak
11 Cylinderkap
12 Starhendel
13 Brandstoftank
14 Chokehendel
15 Brandstofpomp
16 Luchtfilterdeksel
17 Handvatinstelling
18 Borgmoer
19 Steunflens
20 Steunkop
21 Meenemer
22 Blad
23 Bladmoersleutel
24 Gebruiksaanwijzig
25 Transportbescherming
26 Inbussleutel
27 Borgpen
28 Draagstel
29 Bougiekap en bougie
30 Startgasknop
31 Afstellen gaskabel
32 Bougiesleutel
33 Bescherming
Belangrijk
BELANGRIJK!
De machine isuitsluitend bedoeld voor het trimmen van gras, het maaien van gras en/of het vellen vankleine bomen.
De enige accessoires waarvoor u de motorenheid als aanrijefeienheid mag gelebruiken zich de snijutrustingen die aanbevolen worden in het hoofdstuk Technische gevevens.
Gebruik de machine nooit als u moe bent, alcohol heeft gedronken of medicijnen hath ingenomen die uw gezichtsvermögen, beoordealingsvermögen of coordinativermögen negatif bevinoledoen.
Draag aktijd persoonlijke verilgheidsuitrusting. Zie instructies in het hoofdstuk Persoonlijke verilgheidsuitrusting.
Gebruik nooit een machine die zo gewijzigd is dat ze Niet langer overeenkomt met de originele uitvoering.
Gebruik nooit een machine die defect is. Volg de onderhouds-, controle- en service-instructies van deze gebruiksaanwijzing. Bepaalde onderhouds- en servicemaatregelen要去 uitgevoerd worden door opgeleide in gekwalificierde specialisten. Zie instructies in het hoofdstuk Onderhoud.
Alle deksels, beschermingen en hendels要去en aangebracht� u start. Verzeker u ervan dat de bougiedop en ontstekingskabel onbeschadig� zim om het risico van een elektrische schok te voorkommen.
Gebruikers van de machine moeten erop toezien dat er geen mensen of dieren tijdens het werk richter dan 15 meter bij de machine komen. Indien Meerdere gebruikers opdezelfde werkplek werken, moet de veiligheidsafstand in ieder geval de dubbele boomlente bedragen, maar altijd minimaal 15 meter.

WAARSCHUWING! Het ontstekingsysteme van deze machine produeertijdens bedrijf een elektromagnetisch veld. Dit veld kan onder bepaalde omstandigheden pacemakers storen. Om het risico van ernstig of fataal letsel te verminderen, raden wij aan dat personen met een pacemaker contact opnemen met hun arts en de fabrikant van de pacemaker voor ze deze machine gaan bedieren.

WAARSCHUWING! Een motor latent lopen in een afgesloten of slechtGeVentileerde ruimte kan dodelijkongelukken veroorzaken door verstikking of koolmonoxidevergiftingig.

WAARSCHUWING! Sta nooit toe dat kinderen de machine gebruiken of in de buurt van de machine zichen. Omdat de machine isuitgerust met een terugverende stopschakelaar en kan worden gestart op lage snelheid en met weinig kracht op de starthandgreep, kunnen zichs kleine kinderen onder bepaalde omstandigheden de kracht hebben, die nodig is om de machine te starten. Dat kan een risico van ernstig persoonlijk letsem inhouden. Verwijder aanom de bougiekap wanner de machine nicht onder toezicht staat.
Persoonlijke veiligheidsuitrusting
BELANGRIJK!
Een motorzeis, bosmaaier of trimmer kan bij onjuist of slordig gebruik een gevaarlijk gereedschap zich, dat ernstig letsel of het overlieden van de gebruiker of anderen kan zerozaken. Het is van het grootste belang dat u de inhoud van deze gebruiksaanwijzing doorleest en begrijpt.
Bij al het gebruik van de machine moet goedgekeurde personlijke beschermingsuitrusting gebruikt worden. Persoonlijke beschermingsuitrusting elimineert der risico's Niet, maar vermindert het schadelijk effect in geval van een onceval. Vraag uw dealer om raad wanneer u uw utrusting koopt.

WAARSCHUWING! Wees altijd bedacht op waarschuwingssignalen of geroep wanneer u gehoorbescherming gebruikt. Doe de gehoorbeschemming altijd af zodra de motor is gestopt.
HELM
U要去enhelm dragenals de stammen die u doorzaagt hoger dan 2m+zijn.

GEHOORBESCHERMING
U moet gehoorbescherming met voldoende dampvermogen dragen.

OOGBESCHERMING
Gebruik alkijd goedgekeurde oogbescherming. Wanner u een vizier gebruikt要去 ook een goedgekeurde veiligheidsbril gebruiken. Met een goedgekeurde
veiligeidsbril worden een bril bedoeld die voldoot aan norm ANSI Z87.1 voor de VS en EN 166 voor de EU-landen.


HANDSCHOENEN
Draag handschoenen indien nodig, b.v. wanner u de snijuitrusting monteert.

LAARZEN
Gebruik laarzen met stalen neus en anti-slip zool.

KLEDEDING
Draag kleding van stevige stof en draag geen loszittende kleding die gemakkelijk vast kan haken in takken en struiggewas. Draag altijd een stevige lange broek. Draag geen sieraden, korte broek of sandalen en loop Niet op blote voeten. Zorg ervoor dat uwhaar Niet lager dan uw scholders hangt.
EHBO-KIT
U要去altijd eenEHBO-kit bij de hand hebben.

Veiligheidsuitrusting van demachine
In dit hoofdstuk worden verklaard wat de veiligheidsonderdelen van de machine zich, welke functie ze hebden en hoe de controle en het onderhoud moeten uitgevoerd worden om hun goede werkig veilig te stellen. Bekijk het hoofdstuk Wat is wat? om te zien waar deze onderdelen zich bevinden op uw machine.
De levensduur van de machine kan worden verkort en het risico van ongelukken kan toenemen wanner het onderhoud aan de machine Niet op de juiste manier worden uitgevoerd en wanner service en/of reparations nicht vakkundig worden gedaan. Indien u meer informatie
nodig heeft, verzoeken wij u contact op te nemen met de dichtstbijzijdene serviceworkplaats.
BELANGRIJK! Om service en reparations aan de machine uit te voeren, moet u een speciale opleading hebben. Dit geldt voor voord de verilgheidsuitrusting van de machine. Als de machine eén van de volgende controles Niet goed doorstaat, moet u ermee waar uw servicewerkplaats gaan. Als u eén van onderze producten koopt, garandeert dit dat de reparations en service door een vakman+kunden worden uitgevoerd. Als u uw machine heeft gekocht bij eén van onderze dealers die geen servicewerkplaats haeft, vraag hem dan waar de dichtstbijzijinde erkende werkplaats is.

WAARSCHUWING! Gebruik de machine nooit wanneer de verilgheidsuitrusting defect is. De verilgheidsuitrusting van de machine moet gecontrolled en onderhoden worden zoals beschreiben in dit hofdstuk. Als uw machine Niet door alle controles komt, moet u ermee maar uw serviceworkplaats voor reparatie.
Gashendelvergrendeling
De gashendelvergrendeling is geconstruereeord onopzettelijke activering van de gashendel te voorkomen. Wanner de vergrendeling (A) in het handvat wordt gedrukt (= wanner men het handvat vasthoudt) worden de gashendel ontkoppeld (B). Wanner men het handvat loslaat, gaan zowel de gashendel als de gashendelvergrendeling terug maar hun respectievelijke beginpositions. Dit gebeurt via twee van elkaar onafhankelijk terugspringveersystemen. Deze positie houdt in dat de gashendel automatisch vergrendeld worden op stationair draieren.

Controleer of de gashendel vergrendeld is in de stationaire stand wannier de gashendelvergrendeling in de oorspronkelijke stand staat.

Druk de gashendelvergrendeling in en controllerer of ze teruggaataar de oorspronkelijke positie wanner uhaar loslaat.

Controller of gashendel en de gashendelvergrendeling vlot lopen en of hunt terugspringveersystemen werken.

Zie instructies in het hoofdstuk Start. Start de machine en geef vol gas. Laat de gashendel los en controllere of de snijuitrusting stopt en stil blijft staan. Als de snijuitrusting roeteert wonneer de gashendel in de stationaire stand staat, moet de stationairstand van de carburateur gecontroleer worden. Zie instructies in het hoofdstuk Onderhoud.

Stopschakelaar
De stopschakelaar要去 gebruikt worden om de motor uit te schaken.

Start de motor en controllerer of de motor wordenuitgeschakeld wanner de stopschakelaar in destopstand worden gezet.
Beschemkap voor snijuitrusting

Deze beschermkap voorkomt dat losse voorwerpen in de richting van de gebruiker worden geslingerd. De beschermkap voorkomt tevens dat de gebruiker in aanraking komt met de snijuitrusting.

Controleer of de beschemkap nicht beschadigd is en geen barsten vertoont. Vervang de beschemkap als ze gebarsten is of slagen te verduren gehad heeft.
Gebruik aktijd de aanbevolen beschemkap voor die specifieke snijuitrusting. Zie het hoofdstuk Technische gegevens.

WAARSCHUWING! Onder geen bedding
mag snijuitrusting worden gebruikt
zonder dat een goedgekeurde
beschemkap is gemonteerd. Zie het
hoofdstubk Technische gegevens. Indien
een verkeerde of defeche beschemkap
wordt gemonteerd, kan dit ernstige
verwondingen verroorzaken.
Trillingdempingssysteme

Uw machine is uitergerust met een trillingdempingssystem dat geconstrueree is om zo trillingvrij en comfortabel möglichk met de zaag te konnen werken.

Het gebruik van een verkeerd gewikkelde draad of nicht scherpe, foutrie snijuitrusting (verkeerd type of verkeerd gezivilde, zie aanwijzingen in het hoofdstuk Vijlen van het maaiblad) verhoogt het trillingsniveau.
Het trillingdempingssystem van de machine redueert het overbrengen van de trillingen van de motorenheid/ snijuitrusting op de handvateenheid van de machine.

Controller het trillingdempingselement regelmatig op materiaalbarsten en verrormingen.

Controleer of de trillingdempingselementen heel zich en goed vast zitten.

WAARSCHUWING! Als men teveel worden blotgesteld aan trillingen, kan dit tot bloedvat- en zenuwbeschadigingen leiden bij Personen die een slechte bloedcirculatie hebden. Consalteer uw dokter wanner u symptomen heeft die gekoppeld hunnen worden aan te grote blotstelling aan trillingen. Zulke symptomen zijn: slapen, geen gevoel, "kriebels", "speldeprikken", bijn, geen of vermindering van kracht, huidverkleuringen of veranderingen van het huidoperverslak. Deze symptomen hebben meestal betrekking op vingers, handen of polsen. De risico's kunnen bij lage temperaturen toenemen.
Snelontgrendeling
Vooraan zit een makkelijk bereikbare snelontgrendeling als veiligheidsmaatregel indien de motor vlam vat of in een andere situatie waar men zich neln van de machine en het draagstel要去 ontdoen. Zie aanwijzingen in het hoofdstuk Aanpassen van draagstel en motorzeis.
Op sommige draagstellen zit ook een snelontgrendeling aan de ophanghaak.


Controleer of de riemen van het draagstel juist zitten.
Wannerer het draagstel en de machine afgesteld zijn,
moet u controlleren of de snelontgrendeling van het draagstel werkkt.
Geluiddemper



De geluidemper werd ontworpen om het geluidsniveau zo laag möglich te houden, en om de uitlaatgassen weg te richten van de gebruiker. Geluidempersuitgerust met katalysatorn ook ontworpen om schadelijke stoffen in de uitlaatgassen te reduceren.

In landen met een warm en droog klimaat is het risico op brand erg groot. Wij hebbenaarom de geluideddempers utgerust met een zogenaamd vonkenopvangent.
Controleer of de geluiddempo van uw machine uitgerust is met zo'n net.


Voor geluideddempers is het erg belangrijk dat de contrôle, onderhouds- en service-instructies gevolgd worden.
Gebruik de machine nooit wanner de geluiddempoer defect is.

Controller regelmatig of de geluiddempo vastzit in de machine.

Als de geluidddemper van uw machine uitgerust is met een vondenopvangnet, moet dit regelmatig schoongemaakt worden. Een verstopt net leidt tot oververhitting van de motor wat tot ernstige beschadigingen van de motor leidt.


WAARSCHUWING! Tijdens het gebruik en een tijdje daarna is de geluiddempo met katalysator erg warm. Dit geldt ook bij stationair draaien. Aanraking kan brandwonden aan de huid veroorzaken. Denk om het brandgevaar!

WAARSCHUWING! De binnenkant van de geluiddempoer bevat chemalien die kankerverwekkend hunnen. Vermijd contact met deze elementen wonneer de carburateur is beschadigd.

De uitlaatgassen van de motor zijn heet en{kunnen vonden bevatten die brand kunnenveroorzaken.Start de machine daerom nooit binnenshuis of in de buurt vanlicht ontvlambaar materiaaal!
Borgmoer

Voor een bepaald type snijuitrusting worden borgmoeren gebruikt bij het vastzetten.

Bij montage draait u de moer gegen de rotatierichting van de snijuitrusting in. Bij verwijderen draait u de moer los in de rotatierichting van de snijuitrusting. (N.B.! De moer heeft links schroefdraad.) Haal de moer aan met de moersleutel.

De nylon borging van de borgmoer mag Niet zo versleten zich dat ze met de vingers vast- of losgeschroefd kan worden. De borging moet ten minste 1,5 Nm houden. De moer要去 verrangen worden nadat ze ca. 10 keer los en vast is geschroefd.
Snijuitrusting
In dit hoofdstuk worden behandeld hoe u door het juiste onderhoud en door het juiste type snijuitrusting te gebruiken:
- Het terugslagrisico van uw machine redueert.
- Een maximum zaagprestatie krijgt.
- De levensduur van de snijuitrusting verlengt.
BELANGRIJK!
Gebruik een snijutrusting alleen samen met de door ons aanbevolen beschemkap! Zie het hoofdstuk Technische geveens.
Zie instructies voor snijuitrusting voor het correct invoeren van de draad en de keuze van de jeiste draadiameter.
Houd de snijtanden van het blad goed en juist geslepen! Volg waar voor onsne aanbevelingen op. Zie ook de instructie op de verpakking van het blad.
Zorg ervoor dat de schranking correct is! Volg onsze instructies en gebruik de door ons aanbevolen vijilmal.

WAARSCHUWING! Schakel altijd de motor uit voor u aan de snijuitrusting begint te werken. De snijuitrusting blijt roteren nadat u de gashendel heeft losgelaten. Controller of de snijuitrusting volledig stilstaat en demonteer de kabel van de bougie voor u aan de snijuitrusting begint te werken.

WAARSCHUING! Een defecte snijutrusting of een verkeerd verwild blad verhogen het risico op terugslag.
Snijuitrusting
Een zaagblad is bedoeld om te worden gebruikt voor het afzagen van houtachtig materiaal.


Grasmaiblad en grames zichen bedoeld om te worden gebruikt voor het maaien van dikker gras.



Een trimmerkop is bedoeld voor het trimmen vanVAS.


Basisregels

Gebruik een snijutrusting alleen samen met de door ons aanbevolen beschermkap! Zie het hoofdstuk Technische geveens.




Hou de tanden van het blad in goede staat en zorg dat ze scherp+zijn! Volg once instructies en gebruik de aanbevolen vrijlmal. Een verkeerd geslepen of beschadigd blad verhooget het risico op ontelukken.

Hou het zaagblad correct geschrankt! Volg ons
Instructures en gebruik het aanbevolen
schrankgereedschap. Met een verkeerd geschrankt
zaagblad neemt het risico toe dat het zaagblad vastloopt
en terugslaat of beschadigd raakt.


Controleer de snijuitrusting op beschadigingen en barsten. Een beschadigde snijuitrusting要去 algendervangen worden.

Vijlen van grasmes en grasmaaiblad

Zie de verpakking van de snijuitrusting voor vijlen op de juiste wijze. Het blad en mes要去en met een platte vrij met enkele kapping gewijd worden.
Vijl alle sneden evenveel bij om de balans te bewaren.



WAARSCHUWING! Gooi een verbogen, scheef, gebarsten, gebroken of op andere wijze beschadigd blad altijd weg. Probeer een scheef blad nooit te stellen om dit opniewu te gebruiken. Gebruikuitsuiitend originèle bladen van het voorgeschreven type.
Zaagblad vrijlen

Zie de verpakking van de snijuitrusting voor vrijen op de juiste wijze.
Een juist gewijld blad is een noodzakelijk voorwaarde om doelmatig te konnen werken en om onnodige slijtage van blad en motorzeis te Voorkomen.

Zorg ervoor dat u een goede steun voor het blad heeft wanneer u vijt. Gebruik een 5,5 mm Ronde vijt samen met een vijhouser.

Vijlhoek 15^ .De tanden worden afwisseledaar rechts enaar links gevijd.Indien het blad erg vaak op stenen terecht gekomen is, kan het in uitzonderlijke gevallen nodig zich on om de bovenkant van de tanden bij te vijlen met een platte vijl. In dat geval moet men dat doen voor men met de ronde vijl vrijt.En moet de bovenkant van alle tanden evenveel bijgevijd worden.

Corrigeer deschranking. Die moet 1 mm bedragen.

Trimmerkop
BELANGRIJK!
Denk er altijd om dat de trimmerdraad stevig en gelsekomatig rond de trommel worden gewikkeld, anders ontstaan er schadelijke trillingen in de machine.
- Gebruik uitsluitend de door ons aanbevolen trimmerkoppen en trimmerdraden. Ze zijn door de producent getest om bij een belpaalde motorgroote te passen. Dit is vooral erg belangrijk wanneer men een volautomatische trimmerkop gebruikt. Gebruik uitsluitend aanbevolen snijutrusting. Zie hoofdstuk Technische gevevens.

In het algemeen heeft eenkleinere machine kleine trimmerkoppen nodig en omgekeerd. Dit oderdat bij maaien met een draad, de motor de draad radiaal van de trimmerkop moet toevoeren en bovendien bestand要去en gegen de wonderstand van het gras dat gemaad wordt.
- De lenghte van de draad is eveneens belangrijk. Een langere draad vereist een groter motorvermögen dan een korte, ook al is de diameter van de draad even groot.
Zorg ervoor dat het mes dat op de trimmerbeschemkap zit, Niet beschadigd is. Het worden gebruikt om de draad op de juiste lenghte af te snijden.
- Om de levensduur van de draad te verlengen, kut u hem een paarragen in water leggen. De draad worden dan taaier en gaat langer mee.
Monteren van stuur en gashandgreep

- Demonteer de bout bij het Achterste gedeelte van de gashendel.
- Duw de gashendel op het rechter gedeelte van het stuur (zie afbeelding).

Zorg dat de opening voor de bevestigingsbout in het handvat boven de opening het stuur komt te liggen.
Monteer de bout opniew in de opening bij het中断ste gedeelte van het handvat.
- Schroef de bout door het handvat en het stuur. Draai vast.

Monteer de bevestigingsonderdelen volgens tekening.
- Trek het draagstel aan en hang de machine aan de ophanghaak. Pas het draagstel nu aan zodat u comfortabel kunt werken wonneer de machine aan het draagstel hangt.
- Draai de knop vast.

Montage van snijuitrusting


WAARSCHUWING!
Bij het monteren van de snijuitrusting is het zeer belangrijk dat de geleidepen van de meenemer/steunflips op de juiste manier in de centrumopening van de snijuitrusting verecht komt. Verkeerd gemonteerde snijuitrusting kan ernstige en/of dodelijkke verwondingenverozaken.


WAARSCHUWING! Onder geen bedding
mag snijuitrusting worden gebruikt
zonder dat een goedgekeurde
beschemkap is gemonteerd. Zie het
hoofstuk Technische gegevens. Indien
een verkeerde of defekte beschemkap
wordt gemonteerd, kan dit ernstige
verwondenen verroorzaken.
BELANGRIJK! Om een zaag- of maaiblad te mogen gebruiken, moet de machine zijn uitergerust met het juiste stuur, bladbeschemkap en draagstel.
N.B.! Bij gegruik van trimmerkop/kunststof messen en combibeschemkap, moet de bescherming algtd gemonteerd zijn. Als grasmaaiblad en combibeschemkap worden gezruikt, moet de bescherming zich gedemonteerd.
MONTEREN
Plaats de beschemmingsgeleider in de gleuf op de combibeschemrkap. Zet de beschemming verrolgens met de vier snelsluitingen vast op de beschemrkap.

De bescherming kan het eenvoudigst worden gedemonteerd met behulp van de bougiesleutel (zie afbeelding).

Monteren van bladbeschemkap, maaiblad en maaimes


- De bladbeschemkap/comibeschemkap (A) worden vastgehaakt in de bevestiging op de steel en met een schroef vastgezet. N.B!. Let op dat de bescherming gedemonteerd is.
Gebruik de aanbevolen bladbeschemkap. Zie hoofdstuk Technische geevens.
Monteer de meenemer (B) op deuitgaande as.
- Draai de bladas rond tot één van de openingsen van de meenemer samenvalt met de overeenkomstige opening in het transmissiehuis.
- Duw de borgpin (C) in de opening zodat de as vergrendeld worden.
- Plaats blad (D), steunkop (E) en steunflens (F) op deuitgaande as.
- Monteer de moer (G). De moer要去en moment van 35-50 Nm (3,5-5 kpm) vast gedraaid worden. Gebruik de dopseutel uit het gereedschapset. Hou de steel van de dopseutel zo zich möglich bij de bladbeschemkap vast. De moer wordt vastgedraaid wanneer de sleutel tegen de rotatierichting in wordt gedraaid (NB! links schroefdraad).

Monteren van bladbeschemkap en zaagblad


- Verwijder de bevestigingsplaat (H). Bevestig de adapter (I) en de klem (J) met de tweete bouten (K) conform de afbeelding. De bladbeschemkap (A) worden met 4 bouten (L) op de adapter vastgezet volgens de afbeelding.
N.B.! Gebruik de aanbevolen bladbeschemkap. Zie hoofdstuk Technische gegevens.

Monteer de meenemer (B) op deuitgaande as.
Draai de bladas rond tot een van de opingen van de meenemer samenvalt met de overeenkomstige opening in het transmissiehuis.
- Duw de borgpin (C) in de opening zodat de as vergrendeld worden.
- Plaats het blad (D) en de steunflens (F) op deuitgaande as.
- Monteer de moer (G). De moer moet met een moment van 35-50 Nm (3,5-5 kpm) vast gedraaid worden. Gebruik de dopsleutel uit het gereedschapset. Hou de steel van de dopsleutel zo zich möglich bij de bladbeschemkap vast. De moer worden vastgedraaid wonneer de sleutel gegen de rotatierichting in worden gedraaid (NB! links schroefdraad).

- Bij het los- en vastdraaien van de zaagbladmoer zou u zich hunnen verwonden aan de zaagtanden. Zorg er waarom algtdat uw hand door de beschemmkap wordt afgeschermd bij dit werk. Dit is makkelijker bij gebruik van een lange dopsleutel. De pijl op de afbeeling LAST zien in welk gebued u de dopsleutel要去 honden bij los- resp. vastdraaien van de moer.

Monteren van overige beschemkappen en snijuitrustingen

Monteer de trimmerbeschemkap/ combibeschemkap (A) voor het werken met een trimmerkop/kunststof messen. N.B!. Let op dat de bescherming gemonteerd is.
Haak de trimmerbeschemkap/comibeschemkap (A) op de beiden haken van de plaathouder (M). Draai de beschemkap rond de steel en zet hem vast met de bout (L) aan de tegenoverligende zijde van de steel. Gebruik de borgpen (C). Leg de borgpen in de groef op de kop van de bout en zet vast. Zie afbeelding.

Monteer de meenemer (B) op de uitgaande as.

Draai de bladas rond tot een van de opingen van de meenemer samenvalt met de overeenkomstige opening in het transmissiehuis.
Duw de borgpin (C) in de opening zodat de as vergrendeld worden.
- Schroef de trimmerkop/kunststof messen (H) gegen de rotatierichting in op+zijn plaat.

Ga voor het demonteren in omgekeerde volgorde tewerk.
Aanpassen van draagstel en motorzeis

WAARSCHUWING! Wanner u met de motorzeis werk,要去 die alttijd vastgehaakt worden in het draagstel. Anders kunt u de motorzeis Niet verilig bedieren en uzelf en anderen verwonden. Gebruik nooit een draagstel met een defecte snelontgrendeling.
Standaard draagstel

Snelontgrendeling
Vooraan zit een makkelijk bereikbare snelontgrendeling. Gebruik die als de motor vlam vat of in een andere noodsituatie, wanneer u zich snel van draagstel en machine要去 Kennen ontdoen.

Gelijkmatige schouderbelasting
Een goed aangepast draagstel en machine makeuw Werk er een stuk gemakkelijk op. Pas het draagstel aan voor een goede werkhouding. Span de zijriemen zo aan dat het gewicht gelijkmatig over beiden scholders worden verdelijk.

De juiste hoogte
1 Vellen vankleine bomen
Bij maaien in het bos moet de machine zo in het draagstel worden gedragen dat de snijuitrusting iets waar voren
neigt in verhouding tot de grond. Stel de hoogte af met deriem aan de ophanghaak op het draagstel.

2 Grasmaien
Bij werken met de motorzeis moet de machine zo in het draagstel worden gedragen dat de snijuitrusting parallel met de aaarde terechtkomt.

Vectordraagstel

Snelontgrendeling
Klap de rode vergrendelarmuit om de machine van het draagstel los te make.

Aanpassen van draagstel
1 Trek de heupband aan zodat deze stevig zit.

2 Trek de riem die rond uw borstkast loopt onder uw linkerarm aan, zodat hij Lichtjes gegen uw lichaam ligt.

3 Stel de schouderbanden zo af dat een gelijkmatige belasting worden verdirekregen.Trek de ophanghaak naar beneden om het draagstel te belasten.

4 Stel de hoogte van de ophanghaak af volgens de instructie voor het standard draagstel. (Bosmaaien)

5 Wilt u de ophanghaak latent zakken voor bijv. het maaien van gras要去 de riem van de ophanghaak (A) verplaatst worden maar de onderste bevestiging op de rugplaat.
6 Om meer belasting over te brengen van de schouderbanden maar de heupband, kan de elastische band (B) harder aangetrokken worden.

Het juiste evenwicht
1 Vellen vankleine bomen
De machine worden gebalanceerd door het ophangoog op de machine waar voren of maarachten te verplaatsen. Sommige modellen hebben een vast ophangoog, maar dit heeft dan meertere gaten voor de ophanghaak. De machine heeft de juiste balans wannerij hij loodrecht aan de ophanghaak hangt. Zo kan het risico dat u in een steen zaagt minder worden, wanneru u het stuur要去 loslaten.

2 Grasmaien
Laat het blad op de geschikte maaihoogte balanceren, d.w.z. dicht bij de grond.

Brandstofveiligheid
Start de machine nooit:
1 Als u er brandstof op gemorst heeft. Neem alle gemorste brandstof af enaar de benzineresten verdampen.
2 Als u brandstof op uzelf of op uw kleding gemorst heeft, trek schone kleding aan. Was de lichaamsdelen die in contact+zijn geweest met brandstof. Gebruik water en zeep.
3 Als de machine brandstof lekt. Controller de tankdop en de brandstoffleidingen regelmatig op lekkage.
Transport en opbergen
- Bewaar en vervoer de machine en brandstof zo, dat eventuele lekkage en dampen Niet in contact kennen komen met vonden of open vuur, bijvoorbeeld van elektrische machines, elektrische motoren, stopcontacten/schakelaars, verwarmingsketels e.d.
Bij opslag en vervoer van brandstof要去en algtd speciaal voorDat doel bestemde en goedgekeurdt tanks worden gebrukt. - Als de machine gedurende langearendietniet gebruiktzal worden, moet de brandstoffankleeggemaktworden. Vraag bij uw tankstation of bij de gemeente waar u de afgetapte brandstof kwijt kan.
Zorg ervoor dat de machine goed is schoongemaaKT en dat een volledige servicebeurt is gegeven voor een Langeperiode van stallig. - De transportbescherming van de snijuitrusting moetijdens vervoer of opslag van de machine altijd aangebracht�.
- Om een ongewenste start van de motor te voorkomen,要去 dBougiekap altijd worden verwijderd wandner de machine voor lange tijd worden opgeborgen, wanneer de machine Niet onder toezicht发展格局 en bij alle voorkomende servicemaatregelen.

WAARSCHUWING! Wees voorzichtig bij het hanteren van brandstof. Denk aan de brand-, explosie- en inademingsrisico's.
Brandstof
N.B.! Uw machine is uitgerust met een twee-takt motor; gebruijk steeds met twee-takt motrolie vermengde benzine. Om zeker te zijn van de jeiste mengverhouding, is het erg belangrijk dat u de oliehoeveelheid steeds nauwkeurig afmeet. Als ukleine brandstofhoeveelheden meldgt, hebben zichs kleine afwijkingen van de jeiste
oliehoeveelheid een große invloed op de mengverhouding.

WAARSCHUWING! Brandstof en brandstoffdampen zijn zeer brandgevaarlijk ook hunnen leiden tot ernstig letsel bij inademing en contact met de huid. Wees waarom voorzichtig wonneer u met brandstof werk te n zorg voor goede luchtventilatie bij de brandstoffhantering.
Benzine

N.B.! Gebruik aktijd met olie gemengde kwaliteitsbenzine van minimaal 90 octaan (RON). Indien uw machine is uiterust met een katalysator (zie hoofdstuk Technische geveens)要去aktijd een loodvrije met olie gemengde kwaliteitsbenzine worden gebruikt. Gelode benzine beschadigt de katalysator.
Waar milieuvriendelijk benzine, de zag. alkylaatbenzine, verkrijgbaar is, moet deze gebrukt worden.

- Het aanbevolen laagste octaangehalte is 90 (RON). Indien u de motor laat lopen op benzine met een lager octaangehalte dan 90, kan het zogenaamde kloppen optreden. Hierdoor stijgt de motortemporatuur wat tot zware motorbeschadigingen kan leiden.
- Als men voortdurend met een hoog toerental werkkt, is het aan te raden een hoger octaangehalte te gebruiken.
Tweetaktolie
Voor de beste resultaten en prestaties, moet u JONSERED tweetaktolie gebruiken, die speciala wordt gemaakt voor onsze luchtgekoelde tweetaktmotoren.
- Gebruik nooit tweetaktolie die bedoeld is voor watergekoelde buitenboardmotoren, zogenaamde outboardoil (aangeduid met TCW).
- Gebruik nooit olie bedoeld voor vier-takt motoren.
- Een lage oliekwaliteit of een te rijk olie/ brandstofmengsel kan de functie van de katalysator op het spel zetten en de levensduur verminderen.
Mengverhouding
1:50 (2%) met JONSERED tweetaktolie.
1:33 (3%) met andere olie, gemaakt voor luchtgekoelede tweetaktmotoren, geklassificiererd voor JASO FB/ISO EGB.
| Benzine, liter | Tweetaktolie, liter | |
| 2% (1:50) | 3% (1:33) | |
| 5 | 0,10 | 0,15 |
| 10 | 0,20 | 0,30 |
| 15 | 0,30 | 0,45 |
| 20 | 0,40 | 0,60 |
Mengen
- Meng de benzine en olie altiqid in een schone jerrycan die goedgekeurd is voor benzine.
- Begin alsijd met de helft van de benzine die gemengd moet worden erin te gieten. Giet er daarna de gehele oliehoeveelheid bij. Meng (schud) het brandstoffmengsel. Giet er de resterende hoeveelheid benzine bij.
- Meng (schud) de brandstofhoeveelheid goed voor u de brandstoftank van de machine vult.


- Meng Niet meer brandstof dan voor max. 1 maand nodig is.
- Als u de machine gedurende een langereijd nicht gebruikt, moet u de brandstoffank leeg make n en hem schoonmakers.

WAARSCHUWING! De
katalysatorgeluiddemper worden erg heet, zowel tijdens het gebruik als na het stoppen. Dit geldt ook voor stationair draaien. Verlies het brandgevaar Niet uit het oog vooral wanneer u in de buurt bent van brandgevaarlijke stoffen en/of gassen.
Tanken


WAARSCHUWING! Om het risico op brand te verminderen, moet je de volgende voorzorgsmaatregelen nemen:
Rook nicht of plaats geen warme voorwerpen in de buurt van de brandstof.
Tank nooit terwijl de motor draait.
Stop de motor en LAST hem voor het tanken enkele minutes afkoelen.
Open de dop van de tank voorzichtig
wanner u wilt tanken zodat eventuele
overdruk langzaam verwijdnt.
Draai de dop van de tank goed vast na het tanken.
Verwijder de machine steeds van de tankplaats, voor u de motorzaag start.
- Gebruik een benzinetank met overvulbescherming.
- Maak de omgeving rond de tankdop schoon. Verontreinigingen in de tank können defecten veroorzaken.
Zorg ervoor dat de brandstof goed gemengd is door de jerrycan te schudden voor u de tank vult.

Controle voor het starten

- Controller het blad op barsten bij het centergat en bij de tandbodems. De barsten ontstaan meestal doordaterijdens het vrijen scherpe hoeken ontstaan zich in de tandbodems of doordat men het blad gebruikt heeft met botte tanden. Als het blad barsten vertoont, moet het onmiddelijk verrangen worden.

- Controller de steunflens op barsten die het gevolg können zijn van materiaalmoeheid of te hard aanhalen. De steunflens要去 verrangen worden als hij barsten vertoont.

- Let erop dat de borgmoer zijn borgkracht nicht verliest. De borging van de moer要去 een borgmoment van ten minste 1,5 Nm hebben. Het aanhaalmoment van de borgmoer要去 35-50 Nm

- Controller de bladbeschemkap op beschadigingen en barsten. Vervang de bladbeschemkap indiendez terugslag te verduren heeft gehad of barsten vertoont.

- Controller de trimmerkop en de trimmerbeschemkap op beschadigingen en barsten.
Vervang de trimmerkop of de trimmerbeschemkap
- Gebruik de machine nooit zonder beschemkap of een defecte beschemkap.
- Alle=kappen moeten juist gemonteerd,zijn en zonder gebreken voor de machine worden gestart.
Starten en stoppen


WAARSCHUWING! Start de machine nooit voor het complete koppelingdeksel met steel gemonteerd zijn, anders kan de koppeling losraken en persoonlijke verwondingen veroorzaken.
Verwijder de machine steeds van de tankplaats, voor u de motorzaag start. Plaats de machine op een veste ondergrond. Let erop dat de snijuitrusting geen voorwerp kan raken.
Zorg ervoor dat zich geen onbevoegden binnen het werkgebied bevinden, anders bestaat er risico voor ernstige verwondingen. De veiligheidsafstand bedraagt 15 meter.
Starten

Brandstofpomp: Druk een aantal malen op de rubberen balg van de brandstofpomp totdat er brandstof in de balg komt. De balg hoeft nicht helemaal gezuld te worden.

Choke: Zet de choke-hendel in de choke-positie.


WAARSCHUWING! Wanner de motor word gestart met de chokehendel in de choke- of startgasstand begint de snijuitrusting direct te draalen.
Druk het machinelichaam met uw linkerhand gegen de grond (N.B.! Niet met uw voet!). Pak de starthendel beet, trek met uw rechterhand het starterkoord langzaam uit tot u onderstand voelt (de starthaken gripen in) en kaakervolgens snelle en krachtige trekbewegingen. Wikkel het startkoord nooit rond uw hand.
Zet de chokehendel onmiddelijk nadat de motor ontsteekt terug en doe hernieuwde startupgingen tot de motor start. Wanner de motor start, geef snel vol gas en het startgas worden automatisch uitgezet.
N.B.! Trek het starterkoord Niet volledig uit en LAST de starthendel Niet zomaar los wonneer het volledig uitygetrokken is. Dit kan tot beschadigingen van de machine leiden.

N.B.! Plaats geen enkel lichaamsdeel op het gemarkeerde vlak. Contact kan leiden tot brandwonden aan de huid of een elektrische schok wanner het ontstekingsmechanisme kapot is. Gebruik.altijd handschoenen. Gebruik nooit een machine met een kapot ontstekingsmechanisme.

Voor een gashendel met startgasvergrendeling geldt:
Startgasstand krijt u door eerst de gashendelvergrendeling en de gashendel in te drukken en dan de startgasknop (A) in te drukken. Laat daarna de gashendelvergrendeling en de gashendel los en dan de startgasknop. De startgasfunctie is nu geactiveerd. Om de motor weer terug te brengenaar stationair lopen drukt u de gashendelvergrendeling en de gashendel in.

Stoppen

Stop de motor door de ontsteking af te zetten.

N.B.! De stopschakelaar gaat automatischteringuarr startstand.Oem een ongewenste start te voorkomen,moet de bougiekap altijd van de bougie worden gehaalbij montage, contro en/of onderhoud.
Algemene werkinstructies
BELANGRIJK!
In dit hoofdstuk nemen we de basisveiligheidsregels voor het werken met een motorzeis en trimmer door.
Wanneer u in een situatie belandt waar u Niet goed weet hoe u verder te werk moet gaan, moet u een expert raadplegen. Wend u tot uw dealer of uw serviceworkplaats.
Gebruik de machine nooit voor taken waarvoor u zich voldoende gekwalificeerd bent.
Voordat u de machine gaat gebruiken, moet u begrijpen wat het verschil is:tussen bos maaien, gras maaien en gras trimmen.
Basisveiligheidsregels

1 Controller de omgeving:
- Om ervoor te zorgen dat u de controle over uw machine nicht kurz verliezen vanwege omstanders, dieren of een andere reden.
- Om te voorkomen dat mensen, dieren en overigen nicht in contact komen met de snijuitrusting of geraakt worden door losse voorwerpen die wegsglingerd worden door de snijuitrusting.
N.B.! Gebruik de machine nooit zonder de mogelijkheid hulp in te roepen in geval van noood.
2 Controleer het werkgebied. Verwijder alle losse voorwerpen, zoals stenen, gebroeken glas, spijkers, ijzerdraad, touw en dergelijkte, die weggeslingerd kuren worden of vast kuren komen zitten in de zaaguitrusting.
3 Gebruik de motorkettingzaag Niet in ongunstige weersomstandigheden. B.v. bij dichte mist, heige regen, harde wind, heige koude enz. Werken in slechte weersomstandigheden is vermoeiend en kan tot gevaarlijke situatuies leiden, zo kan de grond glad+zijn, de wind de valrichting van de boom beinvoeden enz.
4 Zorg ervoor dat u veilig kutn gaan en staan. Controller of er eventuele hindernissen zich als u onverwacht snel moet+kunnen wegkomen (wortels,
stenen, takken, kuilen, greppels enz.). Wees extra voorzigachtig wanner u op hellend terrein werkt.

5 Wees extra voorzichtig wanner u in bomen zaagt die gespannen zijn. Een gespannen boom kan zowel voor als na het doorzagen in zijn normale stand terug vliegen. Als u op de verkeerdeplaats staat of de inkening op de verkeerdeplaats maakt, kan dit ertoe leiden dat de boom u of de machine raakt zodat u de contrôle verliest. In beide gezallen kunt u ernstig gewond raken.

6 Zorg voor een goede balans en een stabiele houding.
7 Gebruik altiijd beiden handen om de machine vast te houden. Hou de machine aan de rechterkant van uw lichaam.

8 De zaaguitrusting要去nder taillehoogte blijven
9 Wonneer u zich verplaatst moet de motoruitgeschakeld worden. Als het om een langereverplaatsing en vervoer gaat, moet u detransportbescheming gebruiken.
10 Wanner de motor loopt, mag u de machine alleen neerzetten als u er een wakend oogje kurz op honden.
Het ABC van het zagen/maaien
- Gebruik altiijd de juiste uitrusting.
Zorg ervoor dat de uitrusting altijd juist afgesteld en aangepast is.
Volg de veiligheidsvoorschriften.
Organiseer het werk goed.
Zorg ervoor dat het blad op volle toeren draait voor u begint. - Gebruik.altijd goed scherpe bladen.
Probeer om nicht in stenen te zagen.
Stuur de velrichting (maak gelebruik van de wind).

WAARSCHUWING! Noch de gebruiker van de machine noch iemand anders mag proberen het afgezaagde materiaaal weg te trekken wanner de motor of desnjuiitrusting draait,Datat dit tot ernstig letsel kan leiden.
Stop de motor en de snijuitrusting voordat u materiaal verwijdert dat rond de as van het zaagblad is gewikkeld, waar anders risico van letsel bestaat. De hoekeoverbrenng kan genuine tijd na gebruik nog warm�n. Bij contact bestaat risico van brandwonden.

WAARSCHUWING! Waarschuwing voorweggeslingerde voorwerpen. Gebruik altijd goedgekeurde oogbescherming. Buig nooit de beschermkap van de snijuitrusting heb. Stenen, vuil e.d. hunnen omhoog geworpen worden in uwogen en blindheid of ernstig letselveroorzaken.
Houd onbevoegden op afstand. Kinderen, dieren, toeschouwers en medewerkers要去en zich buiten de veiligheidszone van 15 m bevinden. Schakel de machine onmiddelijk uit indien iemand dichter bijkom. Draai de machine nooit rond zonder eerst te controleren of er halten u Niet iemand zich in de veiligheidszode bevindt.

WAARSCHUWING! Soms raken takken of gesbekneld zusammen de beschemkap en de snijuitrusting. Stop altiid eerst de motor voordat u deze verwijdert.
Werkmethodes

WAARSCHUWING! Machines die zijn uitgerust met zaagbladen of grasmessen können met enorme kracht opzij geworpen worden, wanner het mes in contact komt met een vast voorwerp. Dit wordt terugslag genoemd. Terugslag kan zo heftig zijn dat de machine en/of de operator in een richting geduwd worden en möglichk de controle over de machine verliest. Terugslag kan zonder waarschuwing vooraf optreden wanner de machine blijft haken, af}saat of vastloopt. De kans op terugslag is groter in gebieden waar het moeilijk is om te zien wat u maait.
Probeer om Niet te zagen in het gebied tussen 12 en 3研究员 van het blad. Vanwege de rotatiesnelheid van het blad kan terugslag precieis in dit gebied optreden wanner men in grovere stammen zaagt.
- Voordat u begint te maaien, moet u het werkgebied controleren: de conditie van het terrein, of het afhelt, of er stenen liggen, of er kuilen zich enz.
- Begin daarna bij het makkelijkste einde van het werkgebied om een goede opening voor het maaiwerk te krijgen.
- Werk systematisch,—heen en weeer, dwars over het gebied en bestrijk bij alle sleag een gebied van ca. 4-5 m. Dan worden het volle bereik van de machine waar beiden kanten benut en de gebruiker krijgt een makkelijk en afwisseled terrein om in te werken.

- De lenghte van het pad moet circa 75m bedragen. Verplaats de brandstofvoorraad al naargelang het werk vordert.
Op hellend terrein要去 undaden loedrecht ten opzichte van de helling latenten lopen. Het is veel makkelijker om dwars over een helling te lopen dan op en neer. - De paden要去zo lopen dat men Niet over sloten of andere hindernissen in het terrein hoefte klkommen. Pas de paden ook aan de windomstandigheden aan
zodat de gevelde stammen in het reeds gemaaide gedeelte van het terrein vallen.

Kleine bomen vellen met een zaagblad



- Wanneer u in grovere stammen zaagt, neemt het risico op terugslag toe. Vermijd dan ook in het gebiedtussen 12 en 3研究员 to zagen.

- Om een boom waar links te latent vallen,要去 het onderste gedeelte van de boom waar rechts geduwd worden. Hou het blad scheef en duw het met vaste hand schuin omlaag aan rechts. Duw tegelijkrijkijd met de bladbeschemkap op de stam. Zet het blad in het gebied+tussen 3 en 5 uur. Geef volgad voordat u de stam met het blad raakt.


- Om eenboom maar rechts te laten vallen, moet het onderste gedeelte van de boom maar links geduwd worden. Hou het blad scheef en duw het schuin omhoog maar rechts. Zet het blad in het gebied:tussen
3 en 5 eer zodat de rotatierichting van het blad het onderste gedeelte van de boom waar links duwt.

- Om een boomrecht maar voren te latent vallen, moet het onderste gedeelte van deBoomaarachteren getrokken worden. Tekhet het blad met een snelle en besliste bewegingaarachteren.

- Grovere stammen, d.w.z. stammen die geweld要去en worden,要去en van twee kanten omgezaag worden. Beoordeel eerste in welke richting de stam要去vallen.Maak een inkeping aan de Kant waarnaar de boom要去vallen.Zaag daarna de stam door vanaf de andere kant.De druk waarmee men zaagt,要去aangepast worden aan de dikte van de stam en de hardheid van de houtsoort. Smallere stammen hebben een grotere druk nodig verwij grovere stammen minder druk nodig hebben.


- Als de stammen zich bij elkaar staan, moet u de snelheid hieraan aanpassen.
- Als het blad vast komt te zitten, mag u de machine nooit los trekken. In dat geval konnen het blad, de haakse overbrenng, de steel of het stuur beschadigd raken. Laat de handvatten los, grijp de steel met beiden handen beet en trek de machine voorzichtig los.
Struiken maaien met zaagblad



- Smalle stammen en struikgewas要去en neergezaagd worden. Werk met zijdelingse zaagbewegingen.
- Probeer om met één beweging meerere stammen door te zagen.
Maai bij een bosje opslag alsijd eerst rond de opslag. Begin met het afzagen van hoge stobbes aan de buitenrand van het bosje om te voorkomen dat u zich vast zaagt. Kort de stobbes verrolgens af tot de gewennen hoogte. Probeer verrolgens om met het blad in het midden te komen en vanuit het centrum van het bosje te zagen. Indien het toch moeilijk maar zijn om erbij te konnen, moet u hogere stobbes zagen en de stammen latent venen. Op die manier neemt het risico dat u zich vast zaagt af.

Gras maaien met grasmaiaiblad


- Grasmaaibladen en grasmessen moot Niet gebruikt worden bij houtachtige stammen.
- Voor alle soorten hoog of sterk gras worden een grasmaaiblad gebruikt.
- Het gras worden neergehaald met pendelende bewegingenaar de zijkanten,haar bij de beweging van rechtsaar links het maaimoment is en de beweging van linksaar rechts de retourbeweging.
Laat de linkerkant van het blad werkken (tussen 8 en 12uur).

- Indien het bladijdens het gras maaien een ietsjes schuin waar links wordt gezhouden, wordt het gras in een streng gelegd, hetgeen het verzamelen makkelijker maakt bijv. bij harken.
Probeer om ritmisch te werkken. Sta stevig met uw voeten uit elkaar. Beweeg na de retourbeweging maar voren en sta cervolgens wee sterig stil. - Laat de steunkoplicht op de grond rusten.Deze is speciala bedoeld om te voorkomen dat het blad in de grond snijdt.
- Verklein het risico dat het materiaal rond het blad wordt gewonden door de volgende regels op te volgen:
1Werk altijd met vol gas.
2Vermijdijdens de retourbeweging het pasgemaaide material.
- Schakel de motoruit,maak het draagstel los en zet de machine op de grond voordat u het gemaaide materiajaal verzamelt.
Gras trimmen met trimmerkop


Trimmen
- Hou de trimmerkop vlak boven de grond en hoe hem schuin. Het werk wordt gedaan door het uiteinde van de draad. Laat de draad in zijn eigentempo werken. Duw de draad nooit in het materiaial dat u wilt maaien.

- De draad verwijdert zonder problemen grayscale en onkruid naast muren, omheiningen, bomen en bloemperken, maar kan ook het tere schors van bomen en struiken en de paaltjes van omheiningen beschadigen.
- Verminder het risico van beschadiging van gewassen door de draad in te korten tot 10-12 cm en het moetertoerental te verminderen.
Schoonschrapen
- Met de schraaptechniek kan men alle ongewenste begroeiling verwijderen. Hou de trimmerkop vlak boven de grond en een ietsje scheef. Laat het uiteinde van de draad gegen de grond slaan naast bomen, palen, standbeelden e.d. N.B.! Deze techniek veroorzaakt grotere slijtage van de draad.

- De draad verslijt vlugger en moet vaker aangevoerd worden wanneer men gegen stenen, bakstenen, beton, metalen omheiningen enz. werkt dan wanneer men in contact kommt met bomen en houten omheiningen.
- Bij het trimmen en schoonschrapen mag u zich vol gas gehen zodate de draad longer meegaat en de trimmerkop minder slijt.
Maaien
- De trimmer is ideaal voor het maaien van gras opplaatsen waar men met een gewone gazonmaaier moeilijk bij komt. Houijdens het maaien de draad parallel met grond. Duw de trimmerkop Niet gegen de grond?!Dat dit het gazon en het gereedschap kan beschaden.

Tijdens normala maaien mag de trimmerkop Niet voortdurend in contact komen met de grond. Een dergelijk voortdurend contact kan tot beschadigingen en slijtage van de trimmerkop leiden.
Vegen
- Het ventilatoreffect van de roterende draad kan gebruikt worden en smel en gemakkelijk schoon te makes. Hou de draad parallel met en boven de oppervlakken die schoongeveegd要去en worden en beweeg het gereedschap heen en weer.

- Bij het maaien en vegen要去 vol gas给他们 een goed resultaat te krijgen.
Carburatour
Uw Jonsered-product is geconstrueree and gemaakt volgens specificaties, die de schadelijke uitlaatgassen reduceren. Als de motor 8-10 tanks brandstof heeft verbruikt, is hij ingereden. Om ervoor te zorgen dat de motor optimal functioneert en zo min möglich schadelijke uitlaatgassen uitsoot na de inrijperiode, dient uw dealer/servicewerkplaat (die over een torenteller beschicht) de carburateur af te stellen.

WAARSCHUWING! Start de machine nooit voor het complete koppelingdeksel met steel gemonteerd zijn, anders kan de koppeling losraken en persoonlijke verwondingen veroorzaken.
Werking

- Via de gasklepediening stuart de carburateur het toerental van de motor. In de carburateur worden brandstof en lucht vermingd. Dit melds (brandstof/ lucht) kan worden afgesteld. Om het maximum vermogen van de machine te konnen benutten,要去 de afstelling correct zijn.
- Afstellen van de carburateur houdt in dat de motor wordt aangepast aanplaatselijke omstandigheden, b.v. klimaat, hoogte, benzine en soort 2-taktolie.
- De carburateur heeft drie afstelposities:
L = Lage toeren-naald
H = Hogtoeren-naald
T = Stelschroef voor stationair draaien

- Met de L- en de H-naalden worden de gewenste brandstofhoeveelheid afgesteld in functie van de luchtstroom die de opening van de gasklepediedening toelaat. Door de schroeven met de klok mee te draaien worden het lucht/brandstofmensgel armer (minder brandstof) en door ze gegen de klok in te draaien, worden het lucht/brandstofmensgel rijker (meer brandstof). Een armer mensgel geeft een hoger toenental en een rijker mensgel een lager toenental.
- De T-schroef regelt de positie van de gasklebediening bij stationair draaien. Als de T-schroef met de klok mee wordt gedraaid, krijgt men een hoger stationair toenental en als ze tegen de klok in worden gedraaid, een lager stationair toenental.
Basisafstelling
- Tijdens het testen in de fabrik worden de basisafstelling van de carburateur uitgevoerd. De basisafstelling is rijker dan de optimale afstelling en moetijdens de eerste uren dat de machine in werkig is, in stand worden gezchoolen. Daarna要去 de fijnafstelling van de carburateur plaatsvinden. Dit moet gebeuren door een gekwalificeerdeskundig persoon.
N.B.! Als de snijuitrusting roteert bij stationair toerental, moet de T-schroef gegen de klok in gedraaid worden tot de snijuitrusting stocht.
Aanbevolen stationair toerental: Zie hoofdstuk
Aanbevolen vollasttoerental: Zie hoofdstuk Technische gegevens.

WAARSCHUWING! Als het stationair toerental Niet zo kan worden afgesteld dat de snijutrusting stilstaat, dient u uw dealer/servicewerkplaatys te raadplegen. Gebruik de machine nooit voor deze correct is afgesteld of gerepareerd.
Fijnafstelling
- Wonneer de machine "ingereden" is,要去 de fijnafstelling van de carburateur uitgevoerd worden. Ze要去 uitgevoerd worden door een gekwalificeerdeskundig persoon. Eerst worden de L-naald, dan de T-schroef voor het stationair toerental en tenslotte de H-naald afgesteld.
Voorwaarden
- Voor met het afstellen worden begonnen,要去 het luchtfilter schoon zijn en het luchtfilterdeksel gemonteerd zijn. Als de carburateur afgesteld worden wanner het luchtfilter vuil is, krijgt men een te arm brandstoffmengsel wanner het luchtfilter worden schoongemakt. Dit kan tot ernstige beschadigingen van de motor leiden.
- Draai de twee L- en H-naalden voorzichtig het het middelste punt,ussen volledig ingeschroefd en volledig uitgeschroefd.
- Probeer de naalden L en H Niet voorbij de stoppen af te stellen, want dit kan tot beschadigingen leiden.
- Start de machine volgens de startinstructies en LAST hem gedurende 10 minutes warmdraaien.
N.B.! Als de snijuitrusting roeteert bij stationair toerental, moet de T-schroef gegen de klok in gedraaid worden tot de snijuitrusting stopt.
Laag toerental-naald L
Zoek het hoogste stationair toerental door de lage toergental-naald langzaam met de klok mee of tegen de klok in te draaien. Wanner u het hoogste toergental
gevonden—heeft, moet u de L-naald 1/4-toer gegen de klok in draaien.

N.B.! Als de snijuitrusting roteert bij stationair toenental, moet de T-schroef gegen de klok in gedraaid worden tot de snijuitrusting stocht.
Fijnafstelling van het stationair toerental T
Het stationair toerental worden afgesteld met de stationairschroef T als opniewu afstellenoodzakelijk is. Draai de T-schroef eerst met de klok mee tot de snijuitrusting begint te roteren.Draai daarna de schroef gegen de klok in tot de snijuitrusting stilstaat. Het stationair toerental is correct afgesteld als de motor in alle posities gelijkmatig draait. Er moet een goede marge+zijt tot het toerental waar bij de snijuitrusting begint te draaien.


WAARSCHUWING! Als het stationair toerental Niet zo kan worden afgesteld dat de snijuitrusting stilstaat, dient u uw dealer/servicewerkplaats te raadplegen. Gebruik de machine nooit voor deze correct is afgesteld of gerepareerd.
Hoge toeren-naald H
De hoge-toerennaald H beinvloedt het vermogen, het toerental, de temperatuur en het brandstofverbruik van de motor. Een te arm afgestelde hoge-toerennaald (te veel ingeschroefd) veroorzaakt een te hoog toerental en
beschadigt de motor. Laat de motor Nieteer dan 10
seconden op vollast-toeren draaien.

Let op dat de motor belast moet+zijn wanneer u de hoge toerenennaald H afstelt. Monteer waarom trimmerkop T35 (2,7 mm draad) voordat u de hoge toerenennaald gaat afstellen. De lengte van de draad moet standarden,zijn, d.w.z. tot het mes op de trimmerbeschemkap.
Geef vol gas en draai de hoge-toerennaald H zeer langzaam met de klok mee totdat de motorsnelheid afneem. Draai verrolgens de hoge-toerennaald H zeer langzaam gegen de klok in totdat de motor ontelijkmatig loopt. De hoge-toerennaald H wordt verrolgens zich iets met de klok meegedraaid tot de motor weeer gelijkmatig loopt.

N.B.! Voor een optimale afstelling van de carburateur要去 een beroep去做 op een gekwalificeerde dealer/serviceworkplaats, die over een toerenteller beschikt.
Correct afgestelde carburateur
Een correct afgestelde carburateur houdt in dat de machine zonder enige aarzeling accelereert en de machine enigszins als een 4-taktmotor loopt bij de maximumsnelheid. Verder mag de snijuitrusting nicht roteren bij stationair draaien. Een te arm afgestelde lage-toerennaald L kan tot startmoeilijkeden en slecht accelereren leiden.
Een te arm afgestelde hoge-toerennaald H leidt tot een lager vermogen = minder capacititeit, slechte accelaratie en/of beschadiging van de motor.
Een te rijke afstelling van de twee naalden L en H leidt tot acceleratieproblemen of een te laag werktoerental.
Afstellen van het startgastrorenal
Om het juiste startgastroerental te krijgen zit een afstelpunt aan de achterkant van de gashendel, naast de
kabel. Met deze bout (4 mm inbus) kan het startgastroerental verhoogd of verlaagd worden.

Ga als volgt te werk:
1 Laat de machine stationair lopen.
2 Druk de startgasvergrendeling in volgens de instructies bij Starten en Stopen.
3 Wanner het startgastroenteral te laag is (onder de 4000 t/min) worden de stelschroef A met de klok mee gedraaid tot de snijuitrusting begint te draaien. Schroef A vlervgens nog een 1/2 slag met de klok mee.
4 Wonneer het startgastroerental te hoog is, worden stelschroef A gegen de klok in gedraaid tot de snijuitrusting stopt. Schroef stelschroef A verwolgens een 1/2 slag met de klok mee.

WAARSCHUWING! Als het stationair toerental Niet zo kan worden afgesteld dat de snijuitrusting stilstaat, dient u uw dealer/servicewerkplaats te raadplegen. Gebruik de machine nooit voor deze correct is afgesteld of gerepareerd.
Geluiddempster

N.B.! Bepaalde geluiddempers zijn voorzien van een katalysator. Zie het hoofdstuk Technische gegevens om te checken of uw machine voorzien is van een katalysator. De geluiddempo is ontworpen om het geluid van de machine te reduceren, en om de uitlaatgassen van de gebruiker weg terichten. De uitlaatgassen zijn zeer heet en bevatten vonden die droge en ontvlambare materialen in brand können steken.

Bepaalde geluiddempers zich voorzien van een speciaal vonkenopvangnet. Indien uw machine uitgerust is met zo'n geluiddempers, moet u het net minstens eén keer per
week schoonmaken. Gebruik bij voorkeur een stalen borstel. Op geluideddempers zonder katalysator要去 het net eenkeer per week worden schoongemaaakt en eventueel worden verrangen. Op geluideddempers met katalysator要去 het net eenkeer per maand worden gecontroleerd en eventueel schoongemaaakt. Bij evt. beschadigingen aan het net要去 dit verrangen worden. Indien het net vaak verstopt is, kan dit erop duiden dat de functie van de katalysator is afgenomen. Neem contact op met uw dealer voor controle. Met een verstopt net raakte de machine oververhit met beschadigingen aan cilinder en zuiger tot gezolg.

N.B.! Gebruik de machine nooit als de geluiddempo in slechte staat is.

WAARSCHUWING! Tijdens het gebruik en een tijdje daarna is de geluiddempo met katalysator erg warm. Dit geldt ook bij stationair draaien. Aanraking kan brandwonden aan de huid veroorzaken. Denk om het brandgevaar!
Koelsysteme

Om de werktemperatuur zo laag möglich te houden, is de machine uitgerust met een koelsystem.

Het koelsystemeistbestaat ui:
1 Luchtinlaat in de starter.
2 Koelflenzen op de cilinder.
3 Cylinderkap (leidt de koellucht maar de cilinder).
Maak het koelsysteme een keer per week schoon met een borstel; dit moet vaker gebeuren wanner u in moeilijke omstandigheden werk. Een vuil of verstopt koelsysteme leidt tot oververhitting van de machine waardoor de cilinder en zuiger beschadigd kannen worden.
Hoekoverbrenging

De haakse overbrenng is af fabriek gebvuld met een geschiktte hoeveeelheid vet. Voor u de machine in gebruik neemt, moet u controlleden of de overbrenng voor 3/4 gevuld is met vet. Gebruik JONSERED speciaalvet.

Het smeermiddel in het transmissiehuis moet normal gezien alleen verrangen worden in geval van een reparatie.
Luchtfilter

Het luchtfilter dient regelmatig te worden schoongemakt (stof en vuil verwijderen) om de volgende problemen te vermijden:
- Storingen van de carburateur
Moeilijkheden bij het starten
Vermogensverlies - Onnodige slijtage van de motoronderdelen.
Abnormaal hoog brandstofverbruik

Maak het filter na 25 werkuren schoon of vaker wanner u in abnormaal stoffige omstandigheden werkt.
Luchtfilter schoonmaken
Demonteer het cilinderdeksel en verwijder het filter. Maak het schoon in een warm sopje van water en zeep.
Controleer of het filter droog is voor u het terugplaatst.
Na een lange gebruiksperiode kan het luchtfilter Niet meer wordengereinigd. Daarom moet het filter regelmatig verwangen worden. Een beschadigd luchtfilter要去 altijd verwangen worden.
Wordt de machine onder stoffige omstandigheden gebruikt, moet het luchtfilter geolied worden. Zie de aanwijzingen in het hoofdstuk Luchtfilter oliën.
Luchtfilter oliën

Gebruik alkijd speciale filterolie. De filterolie bevat een oplosmiddel zdat het eenvoudig gelijkmatig in het filter kan worden verdelijk. Vermijd的那一om contact met de huid.
Doe het filter in een plastic zak en giet de filterolie erbij.
Kneed de plastic zak om de olie te verdelen. Knijp het filter in de plastic zak uit en giet de overgebleven olie weg voordat het filter op de machine worden gemonteerd.
Gebruik nooit gewone motorolie. Deze zakt zeer snel door het filter maar beneden en blijft dan op de bodem liggen.

Bougie

De volgende factoren zijn van invloed op de conditie van de bougie:
- Een incorrecte afstelling van de carburateur.
- Een verkeerd oliemengsel in de brandstof (te veel of verkeerde olie).
- Een vuil luchtfilter.
Deze factoren veroorzaken afzettingen op de elektroden van de bougie, wat tot motordefecten en startmoeilijkheden kan leiden.
Wanner de machine te weinig vermogen heeft, moeilijk start of onregelmatig onbelast draait, dient u alttijd eerst de bougie te controeren voor u andere maatregelen neemt. Maak de bougie schoon als ze verstoet is en controllere of de afstandussen de elektroden 0,5 mm bedraagt. De bougie要去 na een maand gebruik, of eerder indien nodig, verrangen worden.

N.B.! Gebruik steeds het correcte bougietype! Andere types können de zuiger/cilinder beschadigen. Zorg ervoor dat de bougie zag. radio-ontstoring heeft.
Onderhoudsschema
Hieronder volgt een lijst van het onderhoud dat aan de machine moet worden uitgevoerd. De meeste punten staan beschrenen in het hoofdstuk Onderhoud. De gebruiker mag alleen die onderhouds- en servicewerkzaamhedenuitvoeren die in deze gebruksaanwijzing worden beschrenve. Meer ingrijpende maatregelen要去en door een erkende serviceworkplaats worden uitgevoerd.
| Onderhoud | Dagelijks onderhoud | Wekelijks onderhoud | Maandelijks onderhoud |
| Maak de machine uitwendig schoon. | X | ||
| Controler of het draagstel Niet beschadigd is. | X | ||
| Controler of het ophangoog Niet beschadigd is. | X | ||
| Controler of de gashendelvergrendeling en de gashendel goed werkeneuit veiligheidsoogpunt. | X | ||
| Controler of de stopschakelaar werkt. | X | ||
| Controler of het handvat en het stuur heel+zijn en goed vast zitten. | X | ||
| Controler of de snijuitrusting Niet roeteert bij stationair draaien. | X | ||
| Maak het luchtfilter schoon. Vervang het indien nodig. | X | ||
| Controler of de beschemkap Niet beschadigd is en geen barstenvertoont. Vervang de beschemkap als ze gebarsten is of slagen teverduren gehad heeft. | X | ||
| Controler of het blad goed gecentreerd is, scherp is en geen barstenvertoont. Een slecht gecentreerd blad veroorzaakt trillingen die demachine hunnen beschadigen. | X | ||
| Controler of de trimmerkop onbeschodigd is en geen barsten vertoont. Vervang de trimmerkop indien nodig. | X | ||
| Controler of de borgmoer van de snij-uitrusting goed is vastgedraaid. | X | ||
| Controler of de bouten en moeren en vastgedraaid zich. | X | ||
| Controler of er brandstof lektuit motor, tank of brandstoffleidingen. | X | ||
| Controler of de transportbeschemkap van het blad Niet beschadigd isen of ze goed kan vastgezet worden. | X | ||
| Controler de starter en het starterkoord. | X | ||
| Controler of de trillingsdempingselementen Niet beschadigd zich. | X | ||
| Maak de bougie uitwendig schoon. Verwijder hem en controller deafstandussen de elektroden. Stel de afstand in op 0,5 mm of vervoed debougie. Zorg ervoor dat de bougie zag. radio-ontstoring heeft. | X | ||
| Maak het koelsystem van de machine schoon. | X | ||
| Maak het vonkenopvangnet van de geluidemper schoon of vervoan het(geldt alleen bij geluidempers zonder katalysator). | X | ||
| Maak de buitenkant van de carburateur en de directe omgeving van de carburateur schoon. | X | ||
| Controler de haakse overbrengging voor 3/4 geldud is met smeermiddel. Vul indien nodig bij met speciaal vet. | X | ||
| Controler of het veiligheidsmechanisme van het draagstel onbeschodigd is en goed functieert. | X | ||
| Controler of het brandstofffilter Niet is verontreinigd en of brandstoffleiding geen barsten of andere defecten vertoont. Vervang indien ditoodzakelijk is. | X | ||
| Controler alle kabels en aansluitingen. | X | ||
| Controler de koppeling, de koppelingsveren en koppelingsstrommel opsljtag. Laat indien nodig bij een erkende serviceworkplaats verrangen. | X | ||
| Vervang de bougie. Zorg ervoor dat de bougie zag. radio-ontstoring heeft. | X | ||
| Controler het vondenopvangnet van de geluidemper en maak het eventueel schoon (geldt alleen bij geluidempers met katalysator). | X |
TECHNISCHE GEGEVENS
Technische gegevens
| Technische gegevens Motor | BC 2236 | CC 2236 |
| Cilinderinhoud, cm3 | 34,6 | 34,6 |
| Cilinder diameter, mm | 38,0 | 38,0 |
| Slaglengte, mm | 30,5 | 30,5 |
| Stationair torental, t/min | 2900 | 2900 |
| Aanbevolen max. overtoeren, t/min | 11500 | 11500 |
| Toerental van uitgaan as, tsp | 8220 | 8220 |
| Max. motorvermögen volgens ISO 8893, kW/ omw./min. | 1,6/8400 | 1,6/8400 |
| Geluidemper met katalysator | Ja | Ja |
| Een torentalgeregeld ontstekingssystem | Ja | Ja |
| Ontstekingssystem | ||
| Producent/ontstekingssysteme | Walbro MB | Walbro MB |
| Bougie | Champion RCJ 6Y | Champion RCJ 6Y |
| Elektrodenafstand, mm | 0,5 | 0,5 |
| Brandstoff-/smeersystem | ||
| Producent/carburatourtype | Zama C1Q | Zama C1Q |
| Inhoud benzinetank, liter | 0,6 | 0,6 |
| Gewicht | ||
| Gewicht, zonder brandstoff, snijuitrusting en beschemkap, kg | 6,4 | 6,2 |
| Lawaai-emissie | ||
| (zie opm. 1) | ||
| Geluidsvermögen, gemeten dB(A) | 114 | 114 |
| Geluidsvermögen, gegarandeerd LWA dB(A) | 116 | 116 |
| Geluidsniveaua | ||
| (zie opm. 2) | ||
| Equivalent geluidsdrukniveau bij het oor van de gebruiker, gemeten volgens EN ISO 22868, dB(A), min/max: | 97/99 | 97/99 |
| Trillingsniveaua | ||
| Trillingsniveaua in handvat, gemeten volgens EN ISO 22867, m/s2 | ||
| Bij stationair torental, linker/rechter handvat, min: | 2,2/2,1 | 1,9/1,7 |
| Bij stationair torental, linker/rechter handvat, max: | 2,4/2,3 | 1,9/1,7 |
| Bij vollast torental, linker/rechter handvat, min: | 3,3/2,5 | 2,0/2,6 |
| Bij vollast torental, linker/rechter handvat, max: | 4,9/4,0 | 2,5/2,8 |
Opm.1: Emissie van geluidaar de omgeving gemeten als geluidsvermogen (L_WA) volgens EG-richtlijn 2000/14/EG.
Opm. 2: Equivalent geluidsdrukniveau wird berekend als de tijdsgewogen energiesom van de geluidsdrukniveauaus in verzillende werkomstandigheden, met de volgende tijdsindeling: 1/2 nullast en 1/2 maximum snugheid.
NB! De geluidsdruk bij hetoor van de gebruiker en trilling van de hendels+zijn gemeten terwijl alle goedgekeurde snijuitrusting voor de machine wasangebracht. De tabel geeft de hoogste en laagste waarden aan.
TECHNISCHE GEGEVENS
| Goedgekeurde accessoires | Type | Beschermkap voor de snijuitrusting, Artikelnr. |
| Centrumopening in bladen/messen Ø 25,4 mm | ||
| Schroefdraad bladas M12 | ||
| Grasmaaiblad/grasmes | Multi 255-3 (Ø 255 3-punts) | 537 33 16-02 |
| Grass 255-4 (Ø 255 4-punts) | 537 33 16-02 | |
| Multi 275-4 (Ø 275 4-punts) | 537 33 16-02 | |
| Multi 300-3 (Ø 300 3-punts) | 537 33 16-02 | |
| Zaagblad | Scarlet 200-22 (Ø 200 22-punts) | 537 38 77-01 |
| Kunststof messen | Polytrim Ø 300 | 537 33 16-02 / 537 34 94-02 |
| Trimmerkop | Tap-N-Go 35 Spin | 537 33 16-02 / 537 34 94-02 |
| S35 | 537 33 16-02 / 537 34 94-02 | |
| Tap-N-Go 45 Spin | 537 33 16-02 / 537 34 94-02 | |
| Auto 55 | 537 33 16-02 / 537 34 94-02 | |
| Trimmy S II | 537 33 16-02 / 537 34 94-02 | |
| Steunkop | 503 89 01-02 | - |
EG-verklaring van overeenstemming (Alleen geldig voor Europa)
Jonsered, SE-561 82 Huskvarna, Zweden, telefoon: +46-36-146500, verklaart hierbij dat de motorzeisen Jonsered BC 2236 en CC 2236 met een serienummer uit 2006 en verder (het�a met waaropvolgend het serienummer wordt duidelijk aangegeven op het productplaatje), in overeenstemming zijn met de voorschriften in de RICHTLIJN VAN DE RAAD:
- van 22 Juni 1998 "betreffende machines" 98/37/EG, bijlage IIA.
- van 15 December 2004 "betreffende elektromagnetische compatibiliteit" 2004/108/EEC.
- van 8 mei 2000 "betreffende geluidsemissie door materieel voor gebruik buitenshuis" 2000/14/EG. Beoordeling van de overeenstemming uitgevoerd volgens Bijlage V. Voor informatie betreffende lawaaiemissies, zie hoofdstuk Technische gevevens.
De volgende normen zijn van toepassing: EN ISO 12100-2, CISPR 12:2005, EN ISO 11806
SMP Svensk Maskinprovning AB, Fyrisborgsgatan 3, SE-754 50 Uppsala, Zweden, heeft voor Husqvarna AB een vrijwillige typekeuring uitgevoerd. De certificaten hebben nummer: SEC/06/1137, 01/164/057 - BC2236, CC2236.
Huskvarna, 28 februar 2008

SimpelGids