KD-SH9104 - Autoradio JVC - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KD-SH9104 JVC in PDF-formaat.
| Producttype | Autoradio |
| Merk | JVC |
| Model | KD-SH9104 |
| Formaat | 1 DIN |
| Afmetingen (B x H x D) | 188 x 58 x 178 mm |
| Gewicht | 1,5 kg |
| Voeding | 12 V DC, negatief aan massa |
| Maximaal uitgangsvermogen | 4 × 50 W |
| Hoofdfuncties | CD-speler, FM/AM-tuner, AUX-ingang vooraan, afstandsbediening inbegrepen, subwoofer voorversterker |
| Compatibele audioformaten | CD-R/RW, MP3, WMA |
| Display | LCD met achtergrondverlichting |
| Connectiviteit | AUX-ingang, voor/achter voorversterker uitgangen, subwoofer uitgang |
| Beveiliging | Afneembaar voorpaneel |
| Onderhoud en reiniging | Reinigen met een zachte droge doek |
| Repareerbaarheid | Reserveonderdelen verkrijgbaar bij de klantenservice van JVC |
Veelgestelde vragen - KD-SH9104 JVC
Gebruikersvragen over KD-SH9104 JVC
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Autoradio in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KD-SH9104 - JVC en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KD-SH9104 van het merk JVC.
GEBRUIKSAANWIJZING KD-SH9104 JVC
Dit toestel heeft een display-demonstratiefunctie. Zie bladzijde 8 voor het annuleren van deze functie.
Zie de afzonderlijke handleiding voor details aangaande het installeren en verbinden van het toestel.
INSTRUCTIES
GEBRUIKSAANWIJZING
Signaal/ruisafstand: 70 dB
Line-ingangsniveau/impedantie:
LINE IN: 1,5 V/20 kΩ belasting
Plaats en afbeelding van labels
Onderpaneel van het hoofdapparaat
Let op:
Dit toestel heeft een lasercomponent met een laserstraal van een hogere klasse dan Klasse 1.
BELANGRIJK VOOR LASERPRODUCTEN
Voorzorgen:
1. KLASSE 1 LASERPRODUCT 2. LET OP: Onzichtbare laserstralen wanneer open en interlock uitgeschakeld of defect. Voorkom directe blootstelling aan de straal. 3. LET OP: Open de bovenafdekking niet. Het toestel bevat geen door de gebruiker te repareren onderdelen. Laat onderhoud en reparatie over aan erkend onderhoudspersoneel. 4. LET OP: Deze CD-speler gebruikt onzichtbare laserstralen maar is echter voorzien van veiligheidsschakelaars die uitstraling dienen te stoppen bij het verwijderen van cd's. Het is uitermate gevaarlijk deze schakelaars uit te schakelen. 5. LET OP: Het gebruik van regelaars en het maken van instellingen anders dan in deze gebruiksaanwijzing aangegeven, resulteert mogelijk in blootstelling aan gevaarlijke straling.
Opmerking:
Voor de veiligheid is een genummerde identificatiekaart bij het apparaat geleverd. Het identificatienummer is tevens op de behuizing van het apparaat gedrukt. Bewaar de kaart op een veilige plaats. Deze kaart is belangrijk voor identificatie indien het apparaat is gestolen.
Het apparaat terugstellen
Druk vervolgens met een pen of dergelijk voorwerp op de terugsteltoets op het bedieningspaneel.
De ingebouwde microcomputer wordt hierdoor teruggesteld.
Opmerking:
De geheugeninstellingen—zoals de voorkeurzenders en de geluidsinstellingen—zullen eveneens gewist worden.

Steek NOOIT uw vinger tussen het bedieningspaneel en het apparaat, aangezien u het risico loopt vast te komen zitten en u zichzelf zeer doet. (Zie bladzijde 52).

ALVORENS HET APPARAAT TE GEBRUIKEN
*Denk aan de veiligheid....
- Zet het volume onder het rijden niet te hard. Dit is gevaarlijk, omdat u de geluiden buiten de auto niet meer hoort.
- Zet de auto stil voordat u ingewikkelde handelingen met het apparaat gaat verrichten.
*Temperatuur binnen de auto....
Als de auto gedurende lange tijd in de kou of in de warmte heeft gestaan, mag u het apparaat pas gebruiken nadat de temperatuur in de auto weer normale waarden heeft bereikt.
Hartelijk dank voor de aanschaf van dit JVC-product! Wij verzoeken u de gebruiksaanwijzing goed door te lezen voordat u het apparaat gaat gebruiken. Zo krijgt u een volledig inzicht in de functies van het apparaat en kunt u de mogelijkheden optimaal benutten.
INHOUDSOPGAVE
Het apparaat terugstellen 2
PLAATSING VAN DE TOETSEN 4
Bedieningspaneel 4
Afstandsbediening 5
De afstandsbediening voorbereiden ...... 6
BASISBEDIENING 7
De stroomtoevoer inschakelen 7
Annuleren van de displaydemonstratie ..... 8
Klok instellen 8
Kiezen van de niveaumeter 9
GEBRUIK VAN DE RADIO 10
Naar de radio luisteren 10
Radiozenders in het geheugen vastleggen .... 12
Afstemmen op een voorkeuzezender ..... 13
Veranderen van het displaypatroon 14
HET GEBRUIK VAN RDS.... 15
Wat u kunt doen met RDS 15
Andere nuttige RDS-functies en het maken van aanpassingen .... 20
GEBRUIK VAN DE CD-SPELER 22
Meer over MP3-discs en WMA-discs ..... 22
Weergave van een disc 22
Opzoeken van een bepaald gedeelte in een track 24
Opzoeken van een track op een disc ..... 25
Opzoeken van een map van een disc ..... 26
Kiezen van een map en een track met gebruik van de naamlijsten 28
Kiezen van de weergavefuncties 29
Voorkomen van het uitwerpen van een disc .... 30
Veranderen van het displaypatroon ..... 31
GEBRUIK VAN DSP 32
Kiezen van de DSP-functies 32
GEBRUIK VAN DE EQUALIZER .... 35
Kiezen van de reeds vastgelegde geluidsfuncties (iEQ: Intelligente Equalizer) .... 35
Vastleggen van uw eigen geluidsinstellingen 36
LET OP bij het instellen van het volume:
Bij CD's is in vergelijking tot andere geluidsdragers nauwelijks sprake van achtergrondruis. Wanneer het volume van bijvoorbeeld de tuner wordt aangepast, kan het gebeuren dat de luidsprekers door de plotselinge toename van het geluid beschadigd raken. Draai het volume daarom voordat u een CD afspeelt eerst terug en pas het geluid daarna aan uw wensen aan.
GELUIDSINSTELLINGEN 37
Maken van de basisgeluidsinstellingen ..... 37
Downloaden van beelden en animaties ..... 40
Wissen van ongewenste bestanden ..... 42
Activeren van de beelden en animaties die u heeft gedownload .... 44
ANDERE BELANGRIJKE FUNCTIES ..... 46
Veranderen van de algemene instellingen (PSM) 46
Kiezen van de dimmerfunctie 50
Invoeren van namen voor bronnen .... 51
Veranderen van de hoek van het bedieningspaneel 52
Bedieningspaneel verwijderen 53
GEBRUIK VAN DE CD-WISSELAAR ..... 54
CD's afspelen 54
Opzoeken van een map van de disc ..... 57
Kiezen van een disc/map/track met gebruik van de naamlijsten 58
Kiezen van de weergavefuncties ....59
BEDIENING VAN EEN EXTERN
COMPONENT 61
Weergave van een extern component ..... 61
BEDIENING VAN DE DAB-TUNER ..... 62
Afstemmen op een ensemble en op een van de services 62
DAB-frequencies in het geheugen opslaan ....64
Afstemmen op een opgeslagen DAB-service... 64
Wat kunt u nog meer met DAB doen? ..... 66
Veranderen van het displaypatroon 70
EXTRA INFORMATIE 71
PROBLEMEN OPLOSSEN 72
ONDERHOUD 74
Omgaan met discs 74
SPECIFICATIES 75
Let op:
Indien de temperatuur in de auto onder 0°C is, wordt de beweging van de animatie en het rollen van de tekst op het display gestopt om wazige aanduidingen te voorkomen. (W TEMP.) verschijnt op het display.
De aanduidingen zullen weer normaal zijn zodra de temperatuur in de auto is gestegen en het toestel op bedrijfstemperatuur is.
Bedieningspaneel

1 SRC (bron) toets 2 DISP (D) (display) toets 3 ▲ (omhoog) toets 4 V |◀◀/▶▶| ∧ toetsen 5 Displayvenster 6 • ▲ (uitwerp) toets • ⇌ (hoek) toets 7 T/P (verkeersinformatie/programmatype) toets
8 • (standay/Tan/verzwakking) toets - Bedieningsschijf
9 Afstandsbedieningssensor
10▼ (omlaag) toets
11 SEL (selecteren) toets
12 Cijfertoetsen
13 MODE (M) toets
14 (bedieningspaneel ontgrendelen) toets
15 Terugsteltoets
Verlichting-navigatie voor eenvoudige bediening:
Door een druk op MODE (M) of SEL (selecteren), wordt de overeenkomende bedieningsfunctie voor het display en bepaalde regelaars (bijvoorbeeld de cijfertoetsen, ▼ |◀◀/▶▶| ∧ , ▲ / ▼ en Bedieningsschijf) geactiveerd. Vervolgens beginnen de regelaars te knipperen en leiden u min of meer naar de volgende bedieningsstappen. (Verlichting-navigatie)
- Het display toont hoe deze toetsen tijdens deze periode functioneren.
Bijv.: Bij een druk op cijfertoets 1 na een druk op MODE (M) om de FM-tuner te bedienen.

Om deze toetsen weer voor de oorspronkelijke functies te gebruiken, moet u zonder deze regelaars te bedienen wachten totdat de regelaars stoppen te knipperen.
- Door een druk op MODE (M) worden tevens de oorspronkelijke functies weer geactiveerd. Door een druk op SEL (selecteren) wordt echter een andere functie voor het toestel geactiveerd.
Afstandsbediening

1• Hiermee wordt de eenheid ingeschakeld als deze is uitgeschakeld.
- Houd een paar seconden ingedrukt om het toestel uit te schakelen.
- Hiermee wordt het volume in korte tijd verminderd als u de toets heel even indrukt. Als u nogmaals op de toets drukt, keert het oude volumeniveau weer terug.
2 Voor het kiezen van een van de vier posities voor de hoek van het bedieningspaneel.
3 Verspringen naar de "root" (basis) tijdens het luisteren naar een MP3-disc.
4 CD: Kiezen van de CD-speler.
- FM/DAB:
- Druk kort op de toets om de FM-tuner te kiezen. Door iedere druk op de toets verandert de FM-golfband (FM1, FM2 en FM3).
– Houd even ingedrukt om de DAB-tuner te kiezen.*1 Iedere keer dat u de toets ingedrukt houdt, verandert de DAB-golfband (DAB1, DAB2 en DAB3).
• AM: Kiezen van de AM-tuner.
• CH: Kiezen van de CD-wisselaar.*
- AUX: Kiezen van het externe component (LINE IN).*2
5 *3 • Instellen van het volume.
6 Kiezen van de geluidsfunctie (iEQ). Door iedere druk op de toets verandert de geluidsfunctie (iEQ).
7 • Voor het opzoeken van een zender tijdens het luisteren naar de radio.
- Kiezen van ensembles tijdens het luisteren naar de DAB-tuner.
- Hiermee kunt u het fragment snel vooruit en achteruit spoelen als u de toets tijdens het beluisteren van een disk indrukt en ingedrukt houdt.
- Hiermee gaat u naar het begin van de volgende fragment of het volgende fragment of terug naar het begin van de huidige (of vorige) fragmenten als u de toets tijdens het beluisteren van een disk indrukt en ingedrukt houdt.
8 • Kiezen van services tijdens het luisteren naar de DAB-tuner.
- Veranderen van discnummer tijdens het luisteren naar de CD-wisselaar. Iedere keer dat u de toets even ingedrukt houdt, wordt een ander discnummer gekozen en de weergave van de gekozen disc gestart.
- Verspringen naar de eerste track van een map met een hoger hiërarchieniveau of een lager hiërarchieniveau indien u tijdens het luisteren naar een MP3-disc of WMA-disc even kort op de toets drukt. (Functioneert niet voor WMA-discs met de MP3-compatibele CD-wisselaar).
- Instellen van het faderniveau met het instelscherm voor de fader/balans.
9 • Veranderen van voorkeurkanaalnummer tijdens het luisteren naar de radio (of de DAB-tuner). Door iedere druk op de toets verandert het voorkeurkanaalnummer en wordt op de gekozen zender (service) afgestemd.
- Verspringen naar de eerste track van de volgende map of de eerste track van de voorgaande map indien u tijdens het luisteren naar een MP3-disc of WMA-disc de toets even ingedrukt houdt.
- Verspringen naar de eerste track van de volgende map of de eerste track van de voorgaande map van hetzelfde hiërarchieniveau indien u tijdens het luisteren naar een MP3-disc of WMA-disc even kort op de toets drukt. (Functioneert niet voor WMA-discs met de MP3-compatibele CD-wisselaar.)
- Instellen van het balansniveau met het instelscherm voor de fader/balans.
10 *3 Activeren of uitschakelen van het instelscherm voor de fader/balans. U kunt vervolgens de gewenste instellingen met de hierboven beschreven toetsen (8 en 9).
*1 Indien de DAB-tuner of CD-wisselaar niet is aangesloten, kunt u deze niet als weergavebron kiezen. *2 Indien de "Line In" instelling op "Off" is gesteld, kunt u "LINE IN" niet kiezen (zie bladzijden 48 en 49). *3 Deze toetsen functioneren niet bij de functie voor het instellen van onderdelen (PSM-instellingen).
De afstandsbediening voorbereiden
Alvorens gebruik van de afstandbediening:
- Richt de afstandsbediening recht naar de afstandsbedieningssensor op het hoofdtoestel. Controleer dat er geen obstakels in het pad liggen.

- Zorg dat er geen direct fel licht (zonlicht of van een schelle lamp) op de sensor valt.
De batterij plaatsen
Wanneer u merkt dat het bereik van de afstandsbediening afneemt, moet u de batterij vervangen.
1. Verwijder de batterijhouder.
1) Druk de batterijhouder met behulp van een balpen of een soortgelijk voorwerp in de richting van de pijl die in de afbeelding staat aangegeven. 2) Verwijder de batterijhouder.

2. Plaats de batterij in de houder.
Laat de batterij met de pluszijde (+) naar boven in de houder zakken zodat deze vast komt te liggen.

- Plaats de batterijhouder terug in positie. Druk de batterijhouder terug tot u een "klik" hoort.

Gebruikte batterijen:

WAARSCHUWING:
- Bewaar batterij op een plek waar kinderen geen toegang toe hebben. Mocht een kind een knoopcelbatterij inslikken, waarschuw dan onmiddellijk een arts.
- Laad de batterij niet opnieuw op, vermijd kortsluiting, haal ze niet uit elkaar, verhit ze niet en gooi geen batterij in het vuur. Elk van deze handelingen kan leiden tot oververhitting, een explosie of een steekvlam.
- Zorg ervoor dat de batterij niet in contact komt met andere metalen. Dit kan leiden tot oververhitting, een explosie of een steekvlam.
- Bescherm gebruikte batterij door deze met plakband af te plakken. Als u dit niet doet, kan de batterij hitte vrijgeven, gaan lekken of brand veroorzaken.
- Probeer de batterij nooit met bijvoorbeeld een naald of mes open te maken. Als u dit doet, kan de batterij hitte vrijgeven, gaan lekken of brand veroorzaken.
LET OP:
Leg de afstandsbediening NIET op plaatsen waar het directe zonlicht langdurig op valt (zoals bijvoorbeeld op het dashboard). De afstandsbediening wordt anders beschadigd.
Deze receiver heeft een functie voor een stuurwiel-afstandsbediening. Indien uw auto een stuurwiel-afstandsbediening heeft, kunt u deze receiver met die afstandsbediening bedienen.
- Zie de aanwijzingen voor Installatie/Aansluiten (afzonderlijk boekje) voor de vereiste verbinding voor het gebruik van deze functie.

Display-aanduiding: Indien u bepaalde PSM-instellingen heeft veranderd (zie bladzijden 47 en 48), zullen de aanduidingen op het display mogelijk anders zijn dan de display-afbeeldingen in deze gebruiksaanwijzing.
De stroomtoevoer inschakelen
1. Schakel de spanning in.

Opmerking over de "One-Touch"-bediening: Bij het selecteren van de geluidsbron in stap 2 hieronder wordt het apparaat automatisch ingeschakeld. U hoeft niet op deze toets te drukken om het apparaat in te schakelen.
2. Start de weergave van de geluidsbron.

Door iedere druk op de toets verandert de bron als volgt:
![graph LR A["TUNER DAB (DAB-tuner)"] -->|*1| B["CD"] B -->|*2| C["CD-CH (CD-wisselaar)"] B -->|*3| D["LINE IN"] C -->|*1| E["End"]](/content/2026/06/1277017/images/86e3db186e11a4166141974916412910410c1b1cd6a0846fcf8ee935cd9723cc.jpg)
*1 Indien de DAB-tuner of CD-wisselaar niet is aangesloten, kunt u deze niet als weergavebron kiezen. *2 U kunt CD niet als weergavebron kiezen indien er geen disc in de lade is geplaatst. *3 Indien "Line In" van de PSM-instellingen op "Off" is gesteld, kunt u "LINE IN" niet als bron kiezen (zie bladzijde 49).
3. Regel het volume.

4. Kies de gewenste DSP-functie en geluidsfunctie.
Volume in een oogwenk zachter zetten
Druk tijdens het luisteren naar een willekeurige geluidsbron kort op . Op het afleesvenster begint de tekst "ATT" te knipperen en het volume zal in een oogwenk dalen. Om het eerdere volume te herstellen, drukt u nogmaals kort op dezelfde toets.
- U kunt het volume ook op het oude niveau terugbrengen door de bedieningsschijf linksom te draaien.
Spanning uitschakelen
Druk op de toets langer dan 1 seconde ingedrukt.
- Indien u de stroom uitschakelt tijdens het beluisteren van een CD, zal de volgende keer bij het weer inschakelen van de stroom de weergave vanaf het hiervoor gestopte punt op de disc worden voortgezet.
Annuleren van de displaydemonstratie
Bij het verlaten van de fabriek is de displaydemonstratie geactiveerd en start deze automatisch indien u gedurende ongeveer 20 seconden geen bediening uitvoert.
- Het wordt aanbevolen om de demonstratie te annuleren alvorens het toestel werkelijk in gebruik te nemen.
Voor het annuleren van de displaydemonstratie, voert u de volgende handelingen uit:
1 Houd SEL (selecteren) langer dan 2 seconden ingedrukt zodat een van de PSM-onderdelen op het display verschijnt. (PSM: zie bladzijden 47 en 48).

2 Druk op cijfertoets 1 om "MOVIE"—Filmcategorie van de PSM-instellingen te kiezen.

Het "Graphics" instelscherm verschijnt op het display.
3 Kies "Off".


4 Voltooi de instelling.

Voor het weer activeren van de displaydemonstratie, herhaalt u de hier beschreven procedure maar kiest u "Int Demo" of "All Demo" in stap 3.
- Zie "Beelden op het display tonen—Graphics" op bladzijde 48 voor details.
Klok instellen
Het is ook mogelijk de klok in te stellen op een 24-uurs of een 12-uurs aanduiding.
1 Houd SEL (selecteren) langer dan 2 seconden ingedrukt zodat een van de PSM-onderdelen op het display verschijnt. (PSM: zie bladzijden 47 en 48).

2 Druk op cijfertoets 2 om "CLOCK"—Klokcategorie van de PSM-instellingen te kiezen.

Het "Clock Hr" (uur) instelscherm verschijnt op het display.
3 Stel het uur in.

4 Stel de minuten in.
1 Kies "Clock Min" (minuten). 2 Stel de minuten in.
1

2

5 Kies het kloksysteem.
1 Kies "24H/12H". 2 Stel "24Hours" (voor 24-uuraanduiding) of "12Hours" (voor 12-uuraanduiding) in.
1
2
6 Voltooi de instelling.

Voor het controleren van de huidige tijd op de klok terwijl het toestel is uitgeschakeld, drukt u op DISP (D).
De stroom wordt ingeschakeld en de tijd wordt ongeveer 5 seconden op de klok getoond waarna de stroom weer wordt uitgeschakeld.
Kiezen van de niveaumeter
U kunt de niveaumeters op het display tonen tijdens weergave van een bron. Dit toestel heeft drie verschillende patronen voor de niveaumeters.
1 Houd SEL (selecteren) langer dan 2 seconden ingedrukt zodat een van de PSM-onderdelen op het display verschijnt. (PSM: zie bladzijden 47 en 48).

2 Druk op cijfertoets 3 om "DISP"—Displaycategorie van de PSM-instellingen te kiezen.

3 Kies "Theme".

4 Kies het gewenste patroon voor de niveaumeter.

De niveaumeters
veranderen in de volgende volgorde door de bedieningsschijf te draaien

5 Voltooi de instelling.

Standard:
Er verschijnt geen niveaumeter op het display. (Bij het verlaten van de fabriek gekozen).
Meter 1:
De linker- en rechteraudioniveaumeter verschijnt.

Meter 2:
De niveaumeter fluctueert in horizontale richting vanaf het midden naar beide kanten wanneer het audioniveau verandert.

Meter 3:
Signaalgolven fluctueren bij het midden en spreiden zich uit naar de zijkanten.


Naar de radio luisteren
Om op een bepaalde zender af te stemmen kunt u kiezen tussen automatisch zoeken en handmatig zoeken.
Automatisch naar een station zoeken: Auto search
1 Selecteer de omroepband (FM1 - 3, AM).

1 Druk herhaaldelijk op SRC (bron) om de tuner te kiezen. 2 Houd SRC langer dan 1 seconde ingedrukt. De aanduiding van de golfband knippert op het display. 3 Druk binnen 5 seconden (terwijl de aanduiding van de golfband nog knippert) nogmaals op SRC. Door iedere druk op de toets verandert de golfband.
Er wordt op de laatst ontvangen zender van de laatst gekozen golfband afgestemd.
Programmazender (PS) naam (zie bladzijde 14)
Programmatype (PTY) (zie bladzijde 14)

Licht op bij ontvangst van een stereo FM-uitzending met een redelijk sterk signaal.
Opmerking:
Deze ontvanger heeft drie FM-banden (FM1, FM2, FM3). U kunt elk van deze banden kiezen om naar FM-stations te luisteren.
2 Zoek een station.

Druk op ▶▶1 om zenders met een hogere frequentie op te zoeken.
Druk op 🔍 om zenders met een lagere frequentie op te zoeken.

Bijv. Met de FM-golfband gekozen
Wanneer een station wordt ontvangen, stopt het zoeken.
Druk nogmaals op dezelfde toets wanneer u het zoeken wilt stoppen voordat op een zender is afgestemd.
Afstemmen op FM-zenders met uitsluitend sterke signalen—LO/DX (Local/Distant)
Tijdens het opzoeken van FM-zenders (met inbegrip van SSM—zie bladzijde 12), stopt het toestel het zoeken wanneer het signalen herkent (DX-functie—de DX-indicator is oplicht—fabrieksinstelling). U hoort mogelijk alleen ruis indien de signalen zwak zijn.
Door LO/DX op "Local" te stellen, worden met dit toestel uitsluitend zenders opgezocht waarvan de signalen sterk genoeg zijn.
1 Druk tijdens het luisteren naar een stereo FM-uitzending op MODE (M). "Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen beginnen te knipperen.


Zie bladzijde 40 voor deze functie.
2 Druk op cijfertoets 2 terwijl "Mode" nog op het display wordt getoond.
Door iedere druk op de toets wordt afwisselend "Local" en "DX" voor de "LO/DX"-functie geactiveerd.

Het display keert weer terug naar het scherm met de bronaanduiding.
De LO-indicator verschijnt.
Handmatig naar een station zoeken: Manual search
1 Selecteer de omroepband (FM1 - 3, AM).

1 Druk herhaaldelijk op SRC (bron) om de tuner te kiezen.
2 Houd SRC langer dan 1 seconde ingedrukt.
Druk binnen ongeveer 5 seconden nogmaals op SRC. Door iedere druk op de toets verandert de golfband.

Opmerking:
Deze ontvanger heeft drie FM-banden (FM1, FM2, FM3). U kunt elk van deze banden kiezen om naar FM-stations te luisteren.
2 Houd ▶▶| ∧ of √ |◀◀ ingedrukt totdat “Manual Search” op het display verschijnt.


3 Stem op de gewenste zender af terwijl "Manual Search" nog op het display wordt getoond.

Druk op ▶▶▶ I ▲ om op zenders met een hogere frequentie af te stemmen.
Druk op ▼◀◀ om op zenders met een lagere frequentie af te stemmen.
- Als u de toets loslaat, wordt de handmatige modus na 5 seconden automatisch uitgeschakeld.
- Als u de toets ingedrukt houdt, blijft de frequentie veranderen (bij FM steeds met 50 kHz en bij AM—MG/LG steeds met 9 kHz) totdat u de toets loslaat.
Indien een stereo FM-uitzending niet goed kan worden ontvangen:
Stel de FM-ontvangstfunctie op "Mono On".
1 Druk tijdens het luisteren naar een stereo FM-uitzending op MODE (M). "Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen beginnen te knipperen.

2 Druk op cijfertoets 1 terwijl "Mode" nog op het display wordt getoond.
Door iedere druk op de toets wordt afwisselend "Mono On" en "Mono Off" getoond.

Het display keert weer terug naar het scherm met de bronaanduiding.

De MO indicator verschijnt
Indien de geluidskwaliteit verslechtert en het stereo-effect verloren gaat tijdens het luisteren naar een FM-zender
In bepaalde gebieden kunnen zenders elkaar storen indien ze bij elkaar in de buurt liggen. Indien er sprake van een dergelijke interferentie is, reduceert dit toestel automatisch de hieruit voortkomende ruis (instelling bij verlaten van fabriek). In dat geval kan de geluidskwaliteit echter verslechteren en het stereo-effect verloren gaan. Zie "Veranderen van de gevoeligheid van de FM-tuner—IF Filter" op bladzijde 49, indien u geen verslechtering van de geluidskwaliteit wenst en het stereo-effect wilt behouden in plaats van de door interferentie veroorzaakte ruis te reduceren.
Radiozenders in het geheugen vastleggen
U kunt één van de volgende twee methoden gebruiken om de radiozenders in het geheugen vast te leggen.
- Automatisch vastleggen van FM-zenders: SSM (Strong-station Sequential Memory)
- Handmatig vastleggen van FM- en AM-zenders
Automatisch vastleggen van FM-zenders: SSM
U kunt 6 lokale FM-stations instellen voor elke FM-golfband (FM1, FM2 en FM3).
1 Selecteer het nummer van de FM-golfband (FM1 – 3) waarop u FM-zenders wilt vastleggen.

1 Druk herhaaldelijk op SRC (bron) om de tuner te kiezen. 2 Houd SRC langer dan 1 seconde ingedrukt. De aanduiding van de golfband knippert op het display. 3 Druk binnen 5 seconden (terwijl de aanduiding van de golfband nog knippert) nogmaals op SRC. Door iedere druk op de toets verandert de golfband.
2 Start SSM.

1 Druk op MODE (M). "Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen beginnen te knipperen. 2 Houd cijfertoets 5 ingedrukt totdat “- SSM -” verschijnt.

Lokale FM-zenders met de sterkste signalen worden opgezocht en automatisch voor de gekozen golfband (FM1, FM2 of FM3) onder de cijfertoetsen vastgelegd—nummer 1 (laagste frequentie) t/m nummer 6 (hoogste frequentie). De voorkeuzezender die onder cijfertoets 1 is vastgelegd wordt na het automatisch vastleggen van de zenders opgeroepen.
Handmatig vastleggen van zenders
U kunt handmatig maximaal 6 zenders voor iedere golfband (FM1, FM2, FM3 en AM) vastleggen.
Bijv.: Een FM-zender op 92,5 MHz vastleggen onder nummer 1 van FM1-golfband.
1 Selecteer het nummer van de golfband (FM1 - 3, AM) waarop u zenders wilt vastleggen (in dit voorbeeld cijfertoets FM1).
![graph TD A["1 Druk herhaaldelijk op SRC (bron) om de tuner te kiezen."] --> B["2 Houd SRC langer dan 1 seconde ingedrukt."] B --> C["3 Druk binnen ongeveer 5 seconden nogmaals op SRC. Door iedere druk op de toets verandert de golfband."] A --> D["AM FM1 FM2FM3"]](/content/2026/06/1277017/images/9131ca3c4a7d2e7f465a09b398ad0c157d84ba51219bda0eccedfe19c91bbb82.jpg)
2 Stem af op een zender (in dit voorbeeld op 92,5 MHz).

3 Druk op de cijfertoets (in dit voorbeeld cijfertoets 1) en houd deze langer dan 2 seconden ingedrukt.

4 Herhaal bovenstaande procedure om andere zenders onder andere nummers op te slaan.
Opmerkingen:
- Een eerder vastgelegde zender wordt gewist wanneer een nieuwe zender wordt opgeslagen onder hetzelfde nummer.
- Ingestelde zenders worden gewist wanneer de spanningstoevoer naar het geheugen wordt onderbroken (bijvoorbeeld bij het vervangen van de accu). Als dit gebeurt, moeten de zenders opnieuw worden ingesteld.
Afstemmen op een voorkeuzezender
U kunt in een handomdraai afstemmen op een vastgelegde voorkeuzezender.
Denk eraan dat u de zenders eerst moet vastleggen! Zie ook de paragraaf "Radiozenders in het geheugen vastleggen" op bladzijden 12 en 13, als u dat nog niet hebt gedaan.
Direct kiezen van een voorkeurzender
1 Selecteer de omroepband (FM1 - 3, AM).
![graph TD A["AM"] --> B["FM1"] B --> C["FM2FM3"] C --> D["① Druk herhaaldelijk op SRC (bron) om de tuner te kiezen."] C --> E["② Houd SRC langer dan 1 seconde ingedrukt.<br>De aanduiding van de golfband knippert op het display."] C --> F["③ Druk binnen 5 seconden (terwijl de aanduiding van de golfban…](/content/2026/06/1277017/images/61b3ef614a68dd265df6ddcab5966b6e13d4ef42c61828d1006f8478a7bcd401.jpg)
2 Selecteer het nummer (1 - 6) van de gewenste zender.

Een voorkeurzender met gebruik van de voorkeurzenderlijst kiezen
Indien u bent vergeten welke zenders onder welke voorkeurnummers zijn vastgelegd, kunt u de voorkeurzenderlijst even bekijken en dan de gewenste zender kiezen.
1 Selecteer de omroepband (FM1 - 3, AM).
![graph TD A["1 Druk herhaaldelijk op SRC (bron) om de tuner te kiezen."] --> B["2 Houd SRC langer dan 1 seconde ingedrukt."] B --> C["3 Druk binnen ongeveer 5 seconden nogmaals op SRC. Door iedere druk op de toets verandert de golfband."] A --> D["AM FM1 FM2FM3"] D --> E["↑"] E --> F["↓"]](/content/2026/06/1277017/images/147157665138125b27a6e81c98746034dfe4899bc1ebdba5afbbd27456a5865a.jpg)
2 Houd ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) ingedrukt totdat de voorkeurzenderlijst voor de gekozen golfband (FM1, FM2, FM3 of AM) op het display wordt getoond.

De huidige ontvangen zender wordt opgelicht op het display getoond.

Opmerkingen:
- Met een van de FM-golfband voorkeurzenderlijsten (FM1, FM2 of FM3) op het display getoond, kunt u door een druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) de andere lijsten tonen.
- Indien een voorkeurzender een FM RDS-zender is die het PS-signaal levert, wordt de PS-naam in plaats van de zenderfrequentie getoond.
3 Kies het nummer (1 – 6) voor de gewenste voorkeurzender.

Veranderen van het displaypatroon
Door een druk op DISP (D) kunt u andere informatie op het display tonen.

Door iedere druk op de toets verandert het displaypatroon als volgt:
- Basisdisplaypatroon:

- De zendernaam (PS) wordt opgelicht getoond.

*1 "No Name" wordt altijd voor AM-zender en niet-RDS FM-zenders getoond (zie de volgende bladzijden). *2 Verschijnt uitsluitend wanneer u een voorkeurzender kiest. *3 De PTY-code verschijnt uitsluitend wanneer een RDS-zender wordt ontvangen.
Wat u kunt doen met RDS
RDS (Radio Data System) is een voorziening waarmee FM-zenders een extra signaal aan hun regulier programmasignaal toevoegen. Zo kan een FM-zender bijvoorbeeld de naam van het station met het programma en informatie over de aard of het genre van het programma meezenden, bijvoorbeeld of het uitgezonden programma over sport gaat of een muziekprogramma is. Een andere functie van de voorziening RDS is "Enhanced Other Networks". Met behulp van de Enhanced Other Networks-gegevens die door het station worden verstuurd, kunt u op een andere zender van een ander netwerk afstemmen dat uw favoriete programma of verkeersinformatie uitzendt, terwijl u ondertussen naar een ander programma of een andere afspeelbron, zoals het CD, luistert.
Met de ontvangst van RDS-gegevens kan deze eenheid:
- Eén en hetzelfde programma blijven volgen (De Netwerkfunctie)
- Standby staan voor de ontvangst van verkeersinformatie (TA—“Traffic Announcement”) of uw favoriete programma
- Zoeken naar een bepaald programmagenre (PTY—"Programme Type")
- Programma zoeken
- En er zijn nog enkele andere functies waarover u bij de ontvangst van RDS-signalen kunt beschikken.
Eén en hetzelfde programma blijven volgen (De netwerkfunctie)
Als u in een gebied rijdt waarin de ontvangst van FM-signalen te wensen overlaat, zal de tuner die in deze eenheid is ingebouwd automatisch overschakelen naar een andere RDS-zender van hetzelfde station dat hetzelfde programma uitzendt, maar dan met een sterker uitzendsignaal. Op die manier kunt u dus naar uw favoriete programma blijven luisteren en bent u verzekerd van de best mogelijke ontvangst, ongeacht waar in het ontvangstgebied u rijdt. (Zie de afbeelding op bladzijde 21).
Er zijn twee soorten RDS-gegevens die ervoor zorgen dat u uw favoriete programma tijdens uw rit kunt blijven volgen: de PI (Programme Identification) gegevens, en de AF (Alternatieve Frequentie) gegevens.
Alleen als de ontvangst van allebei deze signalen van een RDS-station goed zijn, kunt u uw favoriete programma blijven volgen. Als een of beide signalen niet goed worden ontvangen, werkt deze voorziening niet.
Om de netwerkfunctie in te schakelen
U kunt de verschillende functies van netwerkopsporing gebruiken om hetzelfde programma met de beste ontvangst te blijven beluisteren. Bij het verlaten van de fabriek is "AF" gekozen.
• AF: De ontvangst met netwerk-volgen wordt geactiveerd zonder regionalisatie. Met deze instelling schakelt het toestel naar een andere zender van hetzelfde netwerk wanneer de ontvangst van de signalen van de ingestelde zender verslechtert. (In deze modus kan het voorkomen dat het nieuw te ontvangen programma anders is dan het programma dat u daarvoor ontving). De AF indicator licht op.
- AF Reg: De ontvangst met netwerk-volgen wordt geactiveerd met regionalisatie. Met deze instelling schakelt het toestel naar een andere zender van hetzelfde netwerk die hetzelfde programma uitzendt, wanneer de ontvangst van de signalen van de ingestelde zender verslechtert. De REG indicator licht op.
- Off: De netwerkfunctie is uitgeschakeld. De indicator AF en de indicator REG lichten allebei niet op.

De AF of REG indicator licht op.
Opmerking:
Als er een DAB-tuner is aangesloten en alternatieve ontvangst (voor DAB-services) is ingeschakeld, is automatisch ook de netwerkfunctie ingeschakeld ("AF"). De netwerkfunctie kan echter niet worden uitgeschakeld zonder de alternatieve ontvangst uit te schakelen. (Zie bladzijde 69).
1 Houd SEL (selecteren) langer dan 2 seconden ingedrukt zodat een van de PSM-onderdelen op het display verschijnt. (PSM: zie bladzijden 47 en 48.)

2 Druk op cijfertoets 4 om "TUNER"—Tunercategorie van de PSM-instellingen te kiezen.
Het "PTY Stnby" (standby) instelscherm verschijnt op het display.

3 Kies "AF-Regn'l" (alternatieve frequentie/regionalisatie ontvangst).


4 Selecteer de gewenste modus —“AF”, “AF Reg” of “OFF”.

5 Voltooi de instelling.

Het gebruik van TA standby ontvangst
Met TA standby ontvangst kunt u tijdelijk overschakelen naar verkeersinformatie (TA) die wordt uitgezonden, terwijl u naar de door u geselecteerde afspeelbron luistert (zoals een FM-zender, CD of een andere aangesloten afspeelbron).
• TA standby ontvangst is niet mogelijk wanneer u naar een AM-zender luistert.

Druk op T/P om TA standby ontvangst te activeren. Door iedere druk op deze toets wordt deze functie afwisselend geactiveerd en uitgeschakeld.

De TP indicator verschijnt
2 1 (licht continu op of knippert)
- Indien de DAB-tuner is aangesloten, wordt hierdoor tevens wegverkeer-overzicht standby-ontvangst (zie bladzijde 66) afwisselend geactiveerd en uitgeschakeld.
■Met FM als huidige bron ingesteld, zal de TP indicator oplichten of knipperen.
- TA standby ontvangst is geactiveerd indien de TP indicator is opgelicht. "Traffic Flash" verschijnt op het display zodra een zender verkeersinformatie start uit te zenden. Het toestel stemt nu automatisch op deze zender af. Het volume wordt op het reeds vastgelegde TA volumeniveau (zie bladzijde 20) gesteld en u hoort de verkeersinformatie.
- TA standby ontvangst is nog niet geactiveerd indien de TP indicator knippert. De zender die wordt ontvangen levert namelijk geen signalen die voor TA standby ontvangst zijn vereist.
Om TA standby ontvangst nu te activeren moet u op een andere zender afstemmen die wel deze signalen uitstuart. Druk op ▶▶1 ∧ of ▼◀◀ om een dergelijke zender op te zoeken.
De TP indicator stopt te knipperen en licht continu op zodra een zender met deze signalen is gevonden. TA standby ontvangst is nu geactiveerd.
■Met een andere bron dan FM ingesteld, zal de TP indicator oplichten.
"Traffic Flash" verschijnt op het display zodra een zender verkeersinformatie start uit te zenden. Het toestel verandert nu automatisch van bron en stemt op deze zender af.
Het gebruik van PTY standby ontvangst
Met PTY standby-ontvangst kunt u met het toestel tijdelijk van iedere bron, uitgezonderd AM-zenders, naar uw favoriete programma (PTY: Programmatype) overschakelen.
Kiezen van uw favoriete PTY-code voor PTY standby-ontvangst
Bij het verlaten van de fabriek is PTY standby- entvangst ingesteld voor het opzoeken van nieuwsprogramma's "News". U kunt uw favoriete programma voor PTY standby ontvangst kiezen.
1 Houd SEL (selecteren) langer dan 2 seconden ingedrukt zodat een van de PSM-onderdelen op het display verschijnt. (PSM: zie bladzijden 47 en 48.)

2 Druk op cijfertoets 4 om "TUNER"—Tunercategorie van de PSM-instellingen te kiezen.
Het "PTY Stnby" (standby) instelscherm wordt op het display getoond.

3 Selecteer een van de negenentwintig PTY-codes die beschikbaar zijn. (Zie bladzijde 21).

De naam van de PTY-code die u selecteert, wordt op de display weergegeven en in het geheugen opgeslagen.
4 Voltooi de instelling.

Instellen van PTY standby-ontvangst
Indien de DAB-tuner is aangesloten, wordt door de volgende handelingen PTY standby-ontvangst voor zowel de FM-tuner als DAB-tuner ingesteld. (Zie bladzijde 69).
1 Druk op MODE (M) tijdens het luisteren naar een stereo FM-uitzending.
"Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen beginnen te knipperen.

2 1
2 Druk herhaaldelijk op cijfertoets 3 om PTY standby-ontvangst te activeren terwijl "Mode" nog op het display wordt getoond. Door iedere druk op de toets wordt PTY standby-ontvangst afwisselend geactiveerd en uitgeschakeld.

Bijv.: Indien de huidige gekozen PTY-code voor PTY standby-ontvangst "News" is Het display keert weer terug naar het scherm met de bronaanduiding.

De PTY indicator verschijnt (licht continu op of knippert)
De PTY indicator licht op of knippert.
- PTY standby-ontvangst is geactiveerd indien de PTY indicator is opgelicht.
Zodra een zender een programma van het gekozen programmatype start uit te zenden, stemt het toestel op deze zender af.
- PTY standby-ontvangst is nog niet geactiveerd indien de PTY indicator knippert. De zender die wordt ontvangen levert namelijk geen signalen die voor PTY standby-ontvangst zijn vereist.
Om PTY standby-ontvangst nu te activeren moet u op een andere zender afstemmen die wel deze signalen uitstuurt. Druk op ▶▶▶l ▲ of √ l◀◀ om een dergelijke zender op te zoeken.
De PTY indicator stopt met knipperen en licht continu op zodra een zender met deze signalen is gevonden. PTY standby-ontvangst is nu geactiveerd.
Opmerking:
Na het activeren van PTY standby-ontvangst kunt u van bron veranderen zonder PTY standby-ontvangst te annuleren. In dat geval stopt de PTY indicator met knipperen indien deze knippert. Zodra een zender een uitzending van de gekozen PTY begint, wordt automatisch van bron veranderd en op deze zender afgestemd.
- Indien u echter een AM-zender als bron kiest, zal PTY standby-ontvangst tijdelijk worden geannuleerd.
- U kunt PTY standby-ontvangst uitsluitend uitschakelen indien FM als bron is gekozen.
Uw favoriete programmagenre opzoeken
U kunt een gewenste PTY-code opzoeken.
Daarbij kunt u uw 6 favoriete programmatypen voor het later gemakkelijk opzoeken onder de cijfertoetsen vastleggen.
Bij het verlaten van de fabriek, standaard liggen de volgende zes programmagenres achter de cijfertoetsen (1 tot 6) opgeslagen.
Voor het vastleggen van uw favoriete programmatypes, zie hieronder en bladzijde 19. Zie bladzijde 19 voor een uitleg over het zoeken van uw favoriete programma.
Uw favoriete programmagenres in het geheugen opslaan
1 Druk op T/P in en houd deze ten minste 2 seconden ingedrukt terwijl u naar een FM-zender luistert.


De PTY-code die als laatste werd geselecteerd, verschijnt op de display.
2 Selecteer een van de negenentwintig PTY-codes die beschikbaar zijn. (Zie bladzijde 21).

De naam van de PTY-code die u selecteert, wordt op de display weergegeven.
3 Druk de gewenste cijfertoets in en houd deze minstens 2 seconden vast om de geselecteerde PTY-code op te slaan onder de cijfertoets van uw keuze.

Het gekozen voorkeurnummer knippert even.
4 Houd T/P langer dan 2 seconden ingedrukt om deze functie te verlaten.

Een favoriet programmatype opzoeken
1 Druk op T/P in en houd deze ten minste 2 seconden ingedrukt terwijl u naar een FM-zender luistert.


De PTY-code die als laatste werd geselecteerd, verschijnt op de display.
2 Kiezen van een favoriet programmatype

2
Kiezen van een van de negenentwintig PTY-codes

2

Bijv: Met "Rock M" gekozen
Gebruik van de ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) toets
Door herhaaldelijk op de ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) toets te drukken, kunt u een lijst met uw vastgelegde PTY-codes en alle negenentwintig PTY-codes (zes PTY-codes tegelijkertijd) tonen.
De lijst met uw vastgelegde PTY-codes verschijnt eerst en daarna op volgorde de 29 PTY-codes (zes PTY-codes tegelijkertijd).
Druk op de overeenkomende cijfertoets om de gewenste PTY-code te kiezen uit de lijst die op het display wordt getoond.
3 Start het PTY-zoeken naar uw favoriete programma.

- Als er een station is dat een programma uitzendt en daarbij een PTY-signaal meezendt dat overeenkomt met de PTY-code die u hebt geselecteerd, stemt de eenheid automatisch op dat station af.
- Als er geen station is dat een programma uitzendt en daarbij een PTY-signaal meezendt dat overeenkomt met de PTY-code die u hebt geselecteerd, blijft de eenheid afgestemd op het station dat al was geselecteerd.
Opmerking:
In sommige gebieden werkt het zoeken met PTY-codes niet goed.
Andere nuttige RDS-functies en het maken van aanpassingen
Automatische selectie van een station bij gebruik van de cijfertoetsen
Normaliter zal de eenheid wanneer u op een van de cijfertoetsen drukt automatisch afstemmen op de vooraf ingestelde voorkeurzender.
Als deze zender een RDS-zender is, gebeurt er echter iets anders. Als het ontvangen signaal niet sterk genoeg is, gaat de eenheid op basis van de AF-gegevens namelijk automatisch op zoek naar een andere, sterkere zender die hetzelfde programma uitzendt als de voorkeurzender die u hebt gekozen (dit wordt Programma zoeken genoemd).
- Omdat het uitvoeren van de zoekopdracht enige tijd in beslag neemt, duurt het even tot er op een ander station wordt afgestemd.
Als u het zoeken naar een programma wilt activeren, wordt hieronder uitgelegd.
- Zie tevens "Veranderen van de algemene instellingen (PSM)" op bladzijden 46.
1 Druk op SEL (selecteren) in en houd deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSM-vermeldingen op de display wordt weergegeven. 2 Druk op cijfertoets 4 om "TUNER"—Tunercategorie van de PSM-instellingen—te kiezen. 3 Druk op ▶▶▶ I ∧ of √ I◀◀ om de vermelding "P(Programma)-Search" te selecteren. 4 Draai de bedieningsschijf met de wijzers van de klok mee en selecteer "On". De voorziening Programma zoeken is nu ingeschakeld. 5 Druk op SEL (selecteren) om het instellen te voltooien.
Als u het zoeken naar een programma wilt beëindigen, herhaalt u de bovenstaande procedure, maar selecteert u in stap 4 de vermelding "Off" door de draaiknop tegen de wijzers van de klok in te draaien.
Het volumeniveau voor verkeersinformatie instellen
Het is mogelijk om voor de TA standby-ontvangst van verkeersinformatie op te geven met welk geluidsvolume u deze informatie wilt horen. In dat geval zal het geluid zodra er verkeersinformatie wordt ontvangen, worden aangepast aan het volume dat u hebt ingesteld.
- Zie tevens "Veranderen van de algemene instellingen (PSM)" op bladzijden 46.
1 Druk op SEL (selecteren) in en houd deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSM-vermeldingen op de display wordt weergegeven. 2 Druk op cijfertoets 4 om "TUNER" —Tunercategorie van de PSM-instellingen —te kiezen. 3 Druk op ▶▶| ∧ of √ |◀◀ om de vermelding "TA Volume" te selecteren. 4 Draai aan de bedieningsschijf om het gewenste volume te selecteren. U kunt het volume instellen op een waarde van "Volume 0" tot "Volume 50". 5 Druk op SEL (selecteren) om het instellen te voltooien.
Automatisch aanpassen van de klok
De tijd die de klok weergeeft die in deze eenheid is ingebouwd wordt automatisch aangepast aan de tijdgegevens (CT—Clock Time) die met het RDS-signaal van een zender worden meegezonden.
Als u wilt dat de klok niet automatisch wordt aangepast, moet u de onderstaande procedure volgen. - Zie tevens "Veranderen van de algemene instellingen (PSM)" op bladzijden 46.
1 Druk op SEL (selecteren) in en houd deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSM-vermeldingen op de display wordt weergegeven. 2 Druk op cijfertoets 2 om "CLOCK"—Klokcategorie van de PSM-instellingen—te kiezen. 3 Druk op ▶▶| ∧ of √ |◀◀ om de vermelding "Auto Adj" (aanpassen) te selecteren. 4 Draai de bedieningsschijf tegen de wijzers van de klok in om "Off" te selecteren. U hebt het automatisch aanpassen van de klok nu uitgeschakeld. 5 Druk op SEL (selecteren) om het instellen te voltooien.
Als u het aanpassen van de klok opnieuw wilt activeren, moet u de procedure herhalen en in stap 4 "On" selecteren door de bedieningsschijf met de wijzers van de klok mee te draaien.
Opmerking:
Nadat u voor "Auto Adj" de instelling "On" hebt gekozen, dient u de eenheid tenminste 2 minuten op hetzelfde station afgestemd te houden, anders wordt de klok niet aangepast. (Dit is nodig omdat de eenheid maximaal 2 minuten nodig heeft om de tijdgegevens in het RDS-signaal te ontvangen en verwerken).
PTY-codes
| News: Nieuws | Social: | Programma's over sociale activiteiten |
| Affairs: Actualiteiten en achtergrond informatie aangaande het nieuws | Religion: | Programma's over aspecten van geloof en religie, aangaande het bestaan en ethiek |
| Info: Informatieve programma's over diverse verschillende onderwerpen | ||
| Sport: Sportverslagen | Phone In: | Programma's waarin mensen via de telefoon of een publiek forum hun meningen kunnen uiten |
| Educate: Educatieve programma's | ||
| Drama: Radio-hoorspelen | ||
| Culture: Programma's aangaande nationale of regionale cultuur | Travel: | Programma's over reizen en bestemmingen, georganiseerde reizen en ideeën en mogelijkheden voor vacanties |
| Science: Wetenschappelijke en technische programma's | ||
| Varied: Overige programma's, bijvoorbeeld ceremonies en comedies | Leisure: | Programma's over recreatieve bezigheden, bijvoorbeeld tuinieren, koken, vissen, enz. |
| Pop M: Popmuziek | ||
| Rock M: Rockmuziek | Jazz: | Jazz-muziek |
| Easy M: Easy-listening muziek | Country: Country-muziek | |
| Light M: Lichte muziek | Nation M: | Huidige populaire muziek van een bepaald land of gebied in de taal van het land of gebied |
| Classics: Klassieke muziek | ||
| Other M: Overige muziek | ||
| Weather: Weerberichten | Oldies: | Gouwe-Ouwe |
| Finance: Programma's aangaande handel en de beurs en beursberichten, enz. | Folk M: Folk-muziek | |
| Children: Amusement voor kinderen | Document: | Programma's over feitelijke gebeurtenissen, vaak gepresenteerd in een onderzoekende stijl |
In deze afbeelding ziet u hoe hetzelfde programma via verschillende frequenties kan worden ontvangen.
![graph TD A["Programma 1 op frequentie A"] --> B["Car Icon"] B --> C["Programma 1 op frequentie B"] C --> D["Path to Car Icon"] D --> E["Programma 1 op frequentie C"] E --> F["Path to Car Icon"] F --> G["Programma 1 op frequentie D"] G --> H["Path to Car Icon"] H --> I["Programma 1 op frequentie E"]…](/content/2026/06/1277017/images/c35d303707e098d8dc0a922651615046fc2e5f3fbc53442c8dba6811b3c512a7.jpg)

Dit toestel is ontworpen voor weergave van CD, CD-R (opneembaar), CD-RW (herschrijfbaar) en cd-tekst.
- Dit toestel is tevens geschikt voor mp3-discs en wma-discs. Zie 'Een wegwijzer bij MP3/WMA' (apart boekje) voor details aangaande dit soort discs.
Meer over mp3-discs en wma-discs
MP3- en WMA-tracks (Windows Media® Audio) (in deze gebruiksaanwijzing wordt het woord 'bestand' niet gebruikt voor MP3- of WMA-bestanden; hiervoor in de plaats wordt 'track' gebruikt) zijn in 'mappen' opgenomen.
Tijdens opname worden de tracks en mappen op een zelfde manier als bestanden en mappen van een computer gearrangeerd.
'Root' is vergelijkbaar met de wortel van een boom. Iedere track en iedere map is verbonden met de wortel en kan vanaf de wortel worden opgeroepen.
![graph TD A["ROOT"] --> B["01"] B --> C["02"] C --> D["03"] D --> E["6"] D --> F["7"] D --> G["10"] D --> H["11"] D --> I["12"] J["05"] --> K["1"] J --> L["2"] M["04"] --> N["8"] M --> O["9"]](/content/2026/06/1277017/images/71d64152ab3e7796bc064c709480d9f89955eaa4b1257c5968a8d62ab90f7297.jpg)
Weergave van een disc
1. Open het bedieningspaneel.


2. Plaats een disc in de lade.

Het toestel trekt de disc verder in het mechanisme, het bedieningspaneel keert terug naar de voorgaande positie (zie bladzijde 52) en de weergave start automatisch.
Alle tracks worden herhaald afgespeeld totdat u de weergave stopt.
Opmerkingen:
- MP3-discs of WMA-discs vereisen een langere afleestijd. (De vereiste tijd verschilt afhankelijk van de configuratie van de mappen/tracks).
- Zie bladzijde 74 voor details aangaande afspeelbare discs en overige relevante informatie.
Stoppen van de weergave en uitwerpen van de disc
Druk op ▲.
De weergave stopt, het bedieningspaneel schuift omlaag en de disc wordt automatisch uitgeworpen.
De discweergave stopt ook wanneer u van bron verandert (in dat geval wordt de disc echter niet uitgeworpen).
- Microsoft en Windows Media zijn ofwel geregistreerde handelsmerken of handelsmerken van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en/of andere landen.
- Display-aanduidingen bij het plaatsen van een audio-CD of een CD-tekst:

①Totaal aantal tracks ②Totale weergavetijd van de disc ③Disctitel/zanger(es) ("No Name" verschijnt indien er geen titel is opgenomen of ingevoerd.) ④Tracktitel ("No Name" verschijnt indien er geen titel is opgenomen.) ⑤Huidige tracknummer ⑥Verstreken weergavetijd van de spelende track
* Indien een naam voor de audio-CD is ingevoerd (zie bladzijde 51), zal deze op het display worden getoond.
- Display-aanduidingen bij het plaatsen van een MP3-disc of WMA-disc:

①Totaal aantal mappen ②Totaal aantal tracks ③Disctype—MP3 of WMA ④Albumnaam/zanger(es) (of mapnaam indien "Tag" op "Off" is gesteld—zie bladzijde 49, of indien er geen label is opgenomen.) ⑤Tracktitel (of tracknaam indien "Tag" op "Off" is gesteld—zie bladzijde 49, of indien er geen label is opgenomen.) ⑥Huidige mapnummer ⑦Huidige tracknummer ⑧Verstreken weergavetijd van de spelende track
Opmerkingen:
- Met reeds een disc in de lade geplaatst, zal de discweergave starten wanneer u "CD" als bron kiest.
- Dit toestel kan een MP3-track zonder de extensie, en een WMA-track zonder de extensie niet aflezen en afspelen.
- Een verkeerd om geplaatste disc wordt automatisch uitgeworpen.
- De weergave stopt wanneer u van bron verandert (de disc wordt in dat geval echter niet uitgeworpen). Wanneer u later weer "CD" als bron kiest, wordt de discweergave vanaf het hiervoor gestopte punt voortgezet.
Om het bedieningspaneel weer naar de voorgaande positie te brengen, drukt u nogmaals op ▲.
- Het bedieningspaneel keert automatisch naar de voorgaande positie terug indien de lade ongeveer 1 minuut geopend blijft (u hoort een pieptoon indien "Beep" op "On" is gesteld—zie bladzijde 49). Wees voorzichtig zodat een disc of uw vingers niet tussen het bedieningspaneel en het toestel vast kunnen knellen.
Opmerking:
Indien een uitgeworpen disc niet binnen 15 seconden wordt verwijderd, zal deze automatisch weer in het mechanisme worden getrokken zodat er geen stof in de lade kan komen. (De discweergave start in dit geval niet.)
Wat is ImageLink
Indien een MP3-map of een WMA-map een beeldbestand bevat dat met Image Converter (bijgeleverd op de CD-ROM) is gemaakt, kunt u dit beeld op het display tonen tijdens weergave van de tracks van de overeenkomende map.
- Er wordt geen geluid weergegeven tijdens het lezen van een beeldbestand (het reeds in de fabriek vastgelegde beeld van een koffiekopje wordt nu op het display getoond).
![graph TD A["Album 1 (Map 1)"] --> B["Music001.mp3"] A --> C["Music002.mp3"] A --> D["Music003.mp3"] E["Album 2 (Map 2)"] --> F["Music004.wma"] E --> G["Music005.mp3"] E --> H["Music006.wma"] I["Photo1.jml"] --> J["Displayvenster"] K["Photo2.jml"] --> L["Displayvenster"]](/content/2026/06/1277017/images/8647c13ff7c7904d7b8455e586afb09fd417a21f3a855338a3bbfb4b94096ab5.jpg)
Indien er meer dan één bestand voor een map is, wordt het bestand met het nieuwe nummer tijdens de weergave op het display getoond (in het hierboven getoonde voorbeeld wordt "Photo2.jml" voor Album 2 gebruikt).
Volg de volgende stappen voor het activeren van ImageLink
- Zie tevens "Veranderen van de algemene instellingen (PSM)" op bladzijde 46.
1 Houd SEL (selecteren) langer dan 2 seconden ingedrukt zodat een van de PSM-onderdelen op het display verschijnt. 2 Druk op cijfertoets 1 om "MOVIE"—Filmcategorie van de PSM-instellingen te kiezen. Het "Graphics" instelscherm verschijnt op het display. 3 Draai de bedieningsschijf om "ImageLink" te kiezen. 4 Druk op SEL (selecteren) om de instelling te voltooien. ImageLink functioneert bij het starten van de volgende map.
Opmerking:
ImageLink werkt niet in de volgende gevallen:
- Indien er geen bestand in een MP3/WMA map is.
- Indien Intro Scan is geactiveerd.
- Indien de bron van "CD" naar een andere bron wordt veranderd.
- Indien u het toestel uitschakelt wanneer het vastgelegde beeld van een koffiekopje op het display wordt getoond.
Opzoeken van een bepaald gedeelte in een track
Versnelde voor- en achterwaartse weergave van een track

Houd tijdens weergave van een disc ▶▶1 ingedrukt om de track versneld in voorwaartse richting af te spelen.
Houd tijdens weergave van een disc ▼ 1▲▲ ingedrukt om de track versneld in achterwaartse richting af te spelen.
Opmerking:
Tijdens deze bediening met een MP3-disc of WMA-disc hoort u uitsluitend het geluid met onderbrekingen. (De verstreken weergavetijd verandert tevens met onderbrekingen op het display).
Naar volgende of voorgaande tracks gaan

Druk tijdens weergave van een disc kort op ▶▶1 om naar het begin van de volgende track te gaan.
Door iedere volgende druk op de toets wordt het begin van de daarop volgende track opgezocht en afgespeeld.
Druk tijdens weergave van een disc kort op ▼ |◀◀ om naar het begin van de spelende track te gaan.
Door iedere volgende druk op de toets wordt het begin van de voorgaande track opgezocht en afgespeeld.
Opzoeken van een track op een disc
Direct naar een bepaald track gaan (UITSLUITEND voor CD en CD Tekst)

Druk op de cijfertoets die bij een bepaald fragment hoort, om het afspelen van dat fragment te laten beginnen.
- Om een track met nummer 1 – 6 te selecteren:
Druk kort op 1 (7) - 6 (12).
- Om een track met nummer 7 – 12 te selecteren:
Druk op 1 (7) - 6 (12) en houd de cijfertoets langer dan 1 seconde ingedrukt.
Snel naar een track verspringen
1 Druk tijdens weergave van een disc op MODE (M).
"Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen ▲ (omhoog)/ ▼
(omlaag) toetsen beginnen te knipperen.

Tijdens weergave van een audio-CD of een CD Tekst:

Zie bladzijde 40 voor deze functie.
Tijdens weergave van een MP3 of WMA-disc:

Huidige mapnummer — Huidige tracknummer
2 Druk terwijl "Mode" nog op het display wordt getoond op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag).
Bij de eerste druk op ▲

(omhoog) of ▼ (omlaag) wordt
naar de dichtstbijzijnde volgende hogere of lagere track dat een tiental als nummer heeft versprongen (bijv. naar de 10e, 20e, 30e track).
Door de volgende druk op de toets kunt u tegelijkertijd 10 tracks verspringen (zie "Snel naar een gewenst track gaan" hieronder).
- Na de laatste track wordt weer de eerste track gekozen, en vice versa.
- Tijdens weergave van een MP3-disc of WMA-disc kan deze bediening uitsluitend binnen een map worden uitgevoerd.
Snel naar een gewenst track gaan
- Bijv. 1: Kiezen van fragmentnummer 32 tijdens weergave van fragmentnummer 6
![graph LR A["M"] --> B["(Drie keer) (Twee keer)"] B --> C["Track 6"] C --> D["10 → 20 → 30"] D --> E["31 → 32"]](/content/2026/06/1277017/images/ab7daa14cb7ee48daecf42d6176965144ce2346dc9e5718d259ab2a043a1ede7.jpg)
- Bijv. 2: Kiezen van fragmentnummer 8 tijdens weergave van fragmentnummer 36 MODE
![graph LR A["M"] --> B["(Drie keer) (Twee keer)"] B --> C["Track 36"] style A fill:#f9f,stroke:#333 style B fill:#ccf,stroke:#333 style C fill:#cfc,stroke:#333](/content/2026/06/1277017/images/905786a4838234d81c54306f7b3aaffa64cc92068c757ba43f81d4eed1cd5293.jpg)
Opzoeken van een map van een disc
De volgende bediening is uitsluitend mogelijk tijdens weergave van een MP3-disc of WMA-disc.
Direct naar een bepaalde map gaan
BELANGRIJK:
Voor het direct opzoeken van mappen met gebruik van de cijfertoets(en), moeten mappen voor hun mapnaam een twee-cijferig nummer hebben. (U kunt dit nummer uitsluitend tijdens opname van CD-R's of CD-RW's vastleggen.)
Bijv.: Indien de mapnaam "01 ABC" is
→ Druk op 1 om naar map "01 ABC" te gaan. Indien de mapnaam "1 ABC" is, kunt u door een druk op 1 niet naar deze map gaan.
Indien de mapnaam "12 ABC" is
→Houd 6 (12) ingedrukt om naar map "12 ABC" te gaan.
Druk op de cijfertoets die met het mapnummer overeenkomt om de weergave van het eerste track in deze map af te spelen.

- Voor het kiezen van mapnummer 01 – 06: Druk kort op 1 (7) – 6 (12).
- Voor het kiezen van mapnummer 07 – 12: Druk op 1 (7) – 6 (12) en houd de cijfertoets langer dan 1 seconde ingedrukt.
Opmerkingen:
- De weergave start niet indien de map geen MP3- of WMA-tracks heeft ("No Music" verschijnt op het display). U moet dan een andere map kiezen.
- U kunt een map met een hoger nummer dan 12 niet direct kiezen.
Voor het kiezen van een bepaald track van een map, drukt u na het kiezen van de map op

Verspringen naar de volgende of voorgaande map
(van hetzelfde of verschillend hiërarchieniveau)
![graph LR A["01 02 03 04"] --> B[" "] --> C[" "] --> D[" "]](/content/2026/06/1277017/images/300a938c3161d5d82e565b985e6d023d5b98490dba0ca041025b8f7e09b710fb.jpg)
Zie de afbeelding van hiërarchieniveaus op bladzijde 22.
Met het bedieningspaneel:

Druk tijdens weergave van een disc op ▲ (omhoog) om naar de volgende map te verpringen. Door iedere volgende druk op de toets wordt de hierop volgende map opgezocht en de weergave van de eerste track van deze map gestart.
Druk tijdens weergave van een disc op ▼ (omlaag) om naar de voorgaande map te verpringen.
Door iedere volgende druk op de toets wordt de voorgaande map opgezocht en de weergave van de eerste track van deze map gestart.
Met de afstandsbediening:

Houd tijdens weergave van een disc ◀ (naar links) ingedrukt om naar de voorgaande map te verpringen.
Iedere volgende keer dat u de toets ingedrukt houdt, wordt de voorgaande map opgezocht en de weergave van de eerste track van deze map gestart.
Opmerking:
Een map wordt overgeslagen indien deze geen MP3- of WMA-tracks heeft.
Verspringen naar de volgende of voorgaande map van een reeks mappen (van hetzelfde hiërarchieniveau)
Voorbeeld 1
![graph LR A["01.05"] --> B["01.05"] B --> C["..."] C --> D["..."]](/content/2026/06/1277017/images/5a6c0560de5e097839dbd4b3fb295fbf63eaa0ced00c004f1208d77afda337f6.jpg)
Voorbeeld 2
![graph LR A["03 04 03 04"] --> B[" "] --> C[" "] --> D[" "]](/content/2026/06/1277017/images/c8967f6ae3bafda9efffe1d3d7ea4b610fdb9761cf615a09b3d95d0a2c87d46b.jpg)
Zie de afbeelding van hiërarchieniveaus op bladzijde 22.
UITSLUITEND met de afstandsbediening:

Druk tijdens weergave van een disc op ▶ (naar rechts) om naar de volgende map te verpringen. Door iedere volgende druk op de toets wordt de hierop volgende map in de reeks mappen (van hetzelfde hiërarchieniveau) opgezocht (en de weergave start van de eerste track van deze map indien opgenomen).
Druk tijdens weergave van een disc op ◀ (naar links) om naar de voorgaande map te verpringen.
Door iedere volgende druk op de toets wordt de hiervoor liggende map in de reeks mappen (van hetzelfde hiërarchieniveau) opgezocht (en de weergave start van de eerste track van deze map indien opgenomen).
Opmerking:
De weergave start niet indien de map geen MP3- of WMA-tracks heeft ("No Music" verschijnt op het display). U moet een andere map kiezen.
Verspringen naar mappen van een lager of hoger hiërarchieniveau
![graph TD A["Root"] --> B["01 02 03"] B --> C[" "] --> D[" "] --> E["04"] B --> F["05"]](/content/2026/06/1277017/images/c3421c13e755666db4244cd13c562805aed2ea05042d2bd75801e810a4b9e781.jpg)
Zie de afbeelding van hiërarchieniveaus op bladzijde 22.
UITSLUITEND met de afstandsbediening:

Druk tijdens weergave van een disc op ▲ (omhoog) om naar een map van een hoger hiërarchieniveau te verpringen.
Door iedere volgende druk op de toets wordt een map van een hoger hiërarchieniveau opgezocht (en de weergave start van de eerste track van de map indien opgenomen).
Druk tijdens weergave van een disc op ▼ (omlaag) om naar een map van een lager hiërarchieniveau te verpringen.
Door iedere volgende druk op de toets wordt een map van een lager hiërarchieniveau opgezocht (en de weergave start van de eerste track van de map indien opgenomen).
- Indien er meer dan één map in een hoger of lager hiërarchieniveau ligt, wordt de map met een lager nummer opgezocht.
Opmerking:
De weergave start niet indien de map geen MP3- of WMA-tracks heeft ("No Music" verschijnt op het display). U moet een andere map kiezen.
Om direct naar de root terug te keren, drukt u op R•D van de afstandsbediening. U kunt vanaf iedere map direct naar de root terugkeren.
- Het toestel start de weergave van de tracks indien tracks direct, zonder gebruik van mappen, op de disc zijn opgenomen.
Kiezen van een map en een track met gebruik van de naamlijsten
De volgende bediening is uitsluitend mogelijk tijdens weergave van een MP3-disc of WMA-disc.
U kunt de lijst voor map- en tracknamen tijdens weergave van een disc op het display tonen en vervolgens de gewenste map of de track voor weergave kiezen.
Kiezen van een map en starten van de weergave
1 Houd ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) ingedrukt zodat de mapnaamlijst van de geplaatste disc op het display wordt getoond.

De huidige spelende map wordt opgelicht op het display getoond.

Opmerkingen:
- Het display kan tegelijkertijd slechts zes namen tonen. Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om de rest van de namen van de lijst te tonen.
- De tracknaamlijst van de huidige spelende map verschijnt wanneer u op ▶▶| ▲ of √ |◀◀ drukt. Door iedere druk op de toets wordt afwisselend de mapnaamlijst en tracknaamlijst getoond.
- Uitsluitend de lijst van mappen met MP3- of WMA-tracks wordt getoond.
2 Kies het nummer (1 - 6) van de map die u wilt afspelen.

Kiezen van een track en starten van de weergave
1 Houd ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) ingedrukt zodat de mapnaamlijst van de geplaatste disc op het display wordt getoond.

De huidige spelende map wordt opgelicht op het display getoond.

2 Toon de tracknaamlijst van de huidige map.

Door iedere druk op de toets verandert de lijst op het display als volgt:
Mapnaamlijst ↔ Tracknaamlijst

De huidige spelende track (of de map) wordt opgelicht op het display getoond.
Opmerkingen:
Het display kan tegelijkertijd slechts zes namen tonen. Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om de rest van de namen van de lijst te tonen.
3 Kies het nummer (1 - 6) van de track die u wilt afspelen.

2 1
Kiezen van de weergavefuncties
Tracks in een willekeurige volgorde afspelen (Willekeurige weergave)
U kunt de tracks van een disc (of van een map voor MP3-discs en WMA-discs) in een willekeurige volgorde afspelen.
1 Druk tijdens weergave van een disc op MODE (M).
"Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen en de ▲ (omhoog)/▼ (omlaag) toetsen beginnen te knipperen.

Tijdens weergave van een audio-CD of een CD Tekst:
Huidige tracknummer
Tijdens weergave van een MP3-disc of WMA-disc:
2 Druk op cijfertoets 3 terwijl "Mode" nog op het display wordt getoond.
Door iedere druk op de toets verandert de willekeurige weergavefunctie als volgt:

Voor audio-CD en CD Tekst:
Random Disc ↔ Random Off
Voor MP3-disc en WMA-discs:![graph TD A["→"] --> B["Random DiscRandom Folder"] B --> C["Random Off"] C --> C](/content/2026/06/1277017/images/707b9004b836713f0cab5bdef662bd73abdf50837ed785f2ea26759232a3e9d5.jpg)
Functie Willekeurige weergave van
Random Folder*: Alle tracks van de huidige map en vervolgens van de volgende map, etc.
• Tijdens weergave licht □ RND op het display op.
Random Disc: Alle tracks van de disc.
• Tijdens weergave licht RHD op het display op.
* "Random Folder" kan uitsluitend voor MP3-discs en WMA-discs worden gebruikt.
Voor het annuleren van willekeurige weergave, kiest u "Random Off" door herhaaldelijk op cijfertoets 3 te drukken of drukt u in stap 2 op cijfertoets 4.
Tracks herhaald afspelen (Herhaalde weergave)
U kunt de tracks van een disc (of van een map voor MP3-disc en WMA-discs) herhaald afspelen.
1 Druk tijdens weergave van een disc op MODE (M).
"Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen en de ▲ (omhoog)/▼ (omlaag) toetsen beginnen te knipperen.

2 Druk op cijfertoets 2 terwijl "Mode" nog op het display wordt getoond.
Door iedere druk op de toets verandert de herhaalde weergavefunctie als volgt:

Voor audio-CD en CD Tekst:
Repeat Track ↔ Repeat Off
Voor MP3-discs en WMA-discs:

Voor audio-CD en CD Tekst:
Voor MP3-discs en WMA-discs:
![graph LR A["Intro Track"] --> B["Intro Folder"] B --> C["Intro Off"]](/content/2026/06/1277017/images/4cdcc39368d040991f24aa39a566aa65c57721ef5c235f18ec6874f94c79f548.jpg)
Functie Herhaalde weergave van
Repeat Track : Huidige (of gespecificeerde) track.
• Tijdens weergave licht
JP RPT op het display op.
Repeat Folder*: Alle tracks van de huidige (of gespecificeerde) map.
• Tijdens weergave licht
C RPT op het display op.
* "Repeat Folder" kan uitsluitend voor MP3-discs en WMA-discs worden gebruikt.
Voor het annuleren van herhaalde weergave, kiest u "Repeat Off" door herhaaldelijk op cijfertoets 2 te drukken of drukt u in stap 2 op cijfertoets 4.
Alleen de intro's afspelen (Intro-aftasten)
U kunt achtereenvolgend de eerste 15 seconden van alle tracks afspelen.
1 Druk tijdens weergave van een disc op MODE (M).
"Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen en de ▲ (omhoog)/▼ (omlaag) toetsen beginnen te knipperen.

2 Druk op cijfertoets 1 terwijl "Mode" nog op het display wordt getoond.
Door iedere druk op de toets verandert de intro-aftastfunctie als volgt:

Functie Weergave van het begin van
Intro Track : Alle tracks van de disc.
• Tijdens weergave licht
# INT op het display op.
Intro Folder*: Eerste track van alle mappen.
• Tijdens weergave licht
☐ INT op het display op.
* "Intro Folder" kan uitsluitend voor MP3-discs en WMA-discs worden gebruikt.
Voor het annuleren van intro-aftasten, kiest u "Intro Off" door herhaaldelijk op cijfertoets 1 te drukken of drukt u in stap 2 op cijfertoets 4.
Voorkomen van het uitwerpen van een disc
U kunt een disc in de lade vergrendelen zodat deze niet zomaar kan worden uitgeworpen.
Houd SEL (selecteren) ingedrukt en houd tegelijkertijd ▲ langer dan 2 seconden ingedrukt.

"No Eject" knippert ongeveer 5 seconden op het display en de disc is vergrendeld zodat deze niet zomaar kan worden verwijderd.
Ontgrendelen van de disc zodat deze kan worden uitgeworpen
Houd SEL (selecteren) ingedrukt en houd tegelijkertijd ▲ wederom langer dan 2 seconden ingedrukt.
"Eject OK" knippert ongeveer 5 seconden op het display en de disc is ontgrendeld.
Veranderen van het displaypatroon
Door een druk op DISP (D) kunt u andere informatie op het display tonen.

Door iedere druk op de toets verandert het displaypatroon als volgt:
Tijdens weergave van een audio-CD of CD Tekst:
- Basisdisplay

- Disctitel/zanger(es) of door u ingevoerde discnaam wordt opgelicht getoond:

- Tracktitel wordt opgelicht getoond:

- Kloktijd wordt opgelicht getoond:

Opmerkingen:
*1 "No Name" verschijnt indien er geen naam voor de audio-CD is ingevoerd of geen disctitel/zanger(es) voor de CD Tekst is opgenomen.
Zie bladzijde 51 voor het invoeren van een naam voor een audio-CD.
*2 "No Name" verschijnt voor een audio-CD. "No Name" verschijnt tevens indien er geen tracktitel voor de CD Tekst is opgenomen.
Tijdens weergave van een MP3-disc of WMA-disc:
- Basisdisplay

- Albumnaam/zanger(es) of mapnaam wordt opgelicht getoond.

- Tracktitel of tracknaam wordt opgelicht getoond.

- Kloktijd wordt opgelicht getoond.

Opmerkingen:
*1 De mapnaam met 📄rschijnt indien “Tag” op “Off” is gesteld (zie bladzijde 49).
*2 De tracknaam met Farschijnt indien "Tag" op "Off" is gesteld (zie bladzijde 49).
Display-aanduiding:
- Indien de titel opgelicht op het midden van het display wordt getoond en de hele titel niet in één keer kan worden getoond, zal de titel rollend verschijnen. Zie tevens "Kiezen van de functie voor het rollen van tekst—Scroll" op bladzijde 48.
- Bepaalde tekens of symbolen kunnen niet op het display worden getoond (en er verschijnt een blanco of ander teken).
Kiezen van de DSP-functies
Met de in het toestel ingebouwde DSP (Digital Signal Processor) functies kunt u specifieke akoestische geluidsvelden voor uw auto kiezen.
Beschikbare DSP-functies:
THEATER: Simuleert het effect van het geluid in een theater.
HALL: Simuleert het effect van het geluid in een grote concertzaal met een sterk aanwezigheidsgevoel.
CLUB: Simuleert het effect van een dancing met een dynamisch geluid.
DOME: Simuleert het effect van het geluid in een koepel met een hoog plafond.
STUDIO: Simuleert het "live" geluid van een opnamestudio.
V. CANCEL: De zang ("Voice Cancel" oftewel "Stemmen geannuleerd") wordt gedempt. Gebruik voor het oefenen van het meezingen met muziek—Karaoke.
DEFEAT: De DSP-functies zijn uitgeschakeld.
Opmerking:
De werking van "V.CANCEL" is afhankelijk van de opnamekarakteristieken van de bron. Vooral bij de volgende bronnen is het effect mogelijk niet optimaal of bevredigend.
- Mono-bronnen, bijvoorbeeld AM-uitzendingen en mono FM-uitzendingen. • Multiplex geluidsbronnen, en
- Bronnen die met duetten, sterke echo, een koor of slechts een paar instrumenten zijn opgenomen.
1 Druk éénmaal op SEL (selecteren) om het DSP-functiekeuzescherm te tonen.

Het laatst gekozen DSP-functiescherm verschijnt.

- Indien u tweemaal of vaker op de toets drukt, schakelt het toestel in andere functies voor het instellen van het geluid.
![graph LR A["DSP"] --> B["iEQ"] B --> C["SEL/BBE"] C --> D["Geannuleerd"] D --> E["SP"] B --> F["iEQ"] F --> G["SEL"] G --> H["BBE"]](/content/2026/06/1277017/images/e6d31130a24bd1fbe2b3f5fa08ba5c8cc04864a837c7773e73eee82ec1967bfb.jpg)
- Zie bladzijden 35 en 36 voor iEQ (geluidsfunctie) instellingen.
- Zie bladzijden 37 en 38 voor SEL/BBE (basisgeluid) instellingen.
2 Druk op een cijfertoets om een van de DSP-functies uit de op het display getoonde lijst te kiezen.
- Dit toestel heeft twee DSP-functiekeuzeschermen. Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om het andere scherm te tonen.

3 Stel het DSP-effectniveau in—1, 2 of 3.

Het laatst gekozen DSP-effectniveau is effectief voor alle DSP-functies, uitgezonderd "V.CANCEL".
- Het effectniveau wordt sterker door een hoger nummer te kiezen.

Bijv. Met "Dome" in de voorgaande stap gekozen
Voor het annuleren van de DSP-functies, kiest u "DEFEAT" in stap 2.
Voor het verlaten van het DSP-functiekeuzescherm, drukt u herhaaldelijk op SEL (selecteren) of wacht u ongeveer 15 seconden.
Nauwkeurige instellingen voor de DSP-functies maken
U kunt indien gewenst nauwkeurigere instellingen maken voor een optimaal geluidsveld in uw auto. De gemaakte instellingen zijn effectief voor alle DSP-functies, uitgezonderd "V.CANCEL".
Instelbare onderdelen:
Het aantal ingebouwde luidsprekers:
Kies het aantal in uw auto ingebouwde luidsprekers — “2ch” of “4ch”.
- Indien er vier ingebouwde luidsprekers in uw auto zijn ("4ch"), moet u het formaat van uw auto kiezen (zie stap 5 op bladzijde 34).
Positie luisterstoel:
Kies de luisterplaats voor het lokaliseren van het geluid.
1 Druk éénmaal op SEL (selecteren) om het DSP-functiekeuzescherm te tonen.

De huidige geactiveerde DSP-functie verschijnt op het display.

Bijv. Met hiervoor "Dome" gekozen
- U kunt niet naar de volgende stap gaan indien er geen DSP-functie is geactiveerd ("DEFEAT" is gekozen). Kies eerst een van de DSP-functies.
2 Druk op cijfertoets 6 om het scherm voor het nauwkeuriger instellen te tonen.

3 Kies de luisterstoelpositie.

- Druk op cijfertoets 1 om "LEFT (linksvoor)" voor de positie te kiezen.
- Druk op cijfertoets 2 om "RIGHT (rechtsvoor)" voor de positie te kiezen.
- Druk op cijfertoets 3 om "FRONT" (voor) voor de positie te kiezen.
- Druk op cijfertoets 4 om "ALL" (allen) voor de positie te kiezen.
Opmerking:
Het effect is mogelijk niet optimaal indien de fader of balans extreem is ingesteld.
4 Druk op cijfertoets 5 om het aantal ingebouwde luidsprekers in te stellen.

- Kies "4ch" indien u vier luidsprekers heeft, en "2ch" wanneer u slechts twee luidsprekers heeft.
Opmerking:
Met "4ch" gekozen, worden de achterluidsprekers uitsluitend gebruikt voor weergave van reflecties en nagalm zodat u in uw auto een sterker "aanwezigheidsgevoel" krijgt.
5 Indien u "4ch" heeft gekozen, moet u de bedieningsschijf draaien om het formaat van uw auto te kiezen.

Het autoformaat verandert als volgt wanneer u de schijf draait:
↔ MiddleCompact Large
- Compact: Kies indien de afstand vanaf de achterluidsprekers tot de luisterpositie korter is dan de afstand tot de voorluidsprekers.
- Middle: Kies indien de afstand vanaf de achterluidsprekers tot de luisterpositie bijna gelijk is aan de afstand tot de voorluidsprekers.
- Large: Kies indien de afstand vanaf de achterluidsprekers tot de luisterpositie langer is dan de afstand tot de voorluidsprekers.
Opmerking:
U kunt het autoformaat niet kiezen indien u "2ch" in de vorige stap heeft gekozen.
Voor het weer terugkeren naar het DSP-functiekeuzescherm, drukt u op cijfertoets 6.
Voor het verlaten van het DSP-functiekeuzescherm, drukt u herhaaldelijk op SEL (selecteren) of wacht u ongeveer 15 seconden.
Kiezen van de reeds vastgelegde geluidsfuncties (iEQ: Intelligente Equalizer)
U kunt een reeds in de fabriek vastgelegde geluidsfunctie (iEQ: intelligente equalizer) kiezen die voor het genre muziek geschikt is.
Beschikbare geluidsfuncties:
H. ROCK (Hard Rock)
R & B (Rhythm en Blues)
POP (Popmuziek)
JAZZ (Jazz-muziek)
DANCE (Dansmuziek)
Country (Country-muziek)
REGGAE (Reggae-muziek)
CLASSIC (Klassieke muziek)
USER 1, USER 2, USER 3
FLAT (er wordt geen geluidsfunctie gebruikt)
1 Druk tweemaal op SEL (selecteren) om het geluidsfunctie-keuzescherm te tonen.

De laatst gekozen geluidsfunctie verschijnt.

- Indien u vaker dan twee keer op de toets drukt, schakelt het toestel in andere functies voor het instellen van het geluid.
![graph LR A["DSP"] --> B["iEQ"] B --> C["SEL/BBE"] D["DSP"] --> E["iEQ"] E --> F["SEL"] G["Geannuleerd"] --> H["BBE"] H --> I["End"]](/content/2026/06/1277017/images/12da486cf02d2c6f151d132b753e71b7ed8ed6a7637efc328e00bdd9d9f5c0a9.jpg)
- Zie bladzijden 32 tot 34 voor DSP-functieinstellingen.
- Zie bladzijden 37 en 38 voor SEL/BBE (basisgeluid) instellingen.
2 Druk op een cijfertoets om een van de geluidsfuncties uit de op het display getoonde lijst te kiezen.
- Dit toestel heeft twee geluidsfunctiekeuzeschermen. Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om het andere scherm te tonen.

Voor het annuleren van de geluidsfuncties, kiest u "FLAT" in stap 2.
Voor het verlaten van het geluidsfunctie-keuzescherm, drukt u herhaaldelijk op SEL (selecteren) of wacht u ongeveer 15 seconden.
Opmerkingen:
- Zie bladzijde 71 voor details aangaande vooringestelde waarden voor iedere geluidsfunctie.
- U kunt de geluidsfuncties niet veranderen indien "V.CANCEL" als DSP-functie is gekozen.
Vastleggen van uw eigen geluidsinstellingen
U kunt de geluidsfuncties naar wens instellen en vervolgens uw eigen instellingen in het geheugen vastleggen (USER 1, USER 2 en USER 3).
1 Druk tweemaal op SEL (selecteren) om het geluidsfunctie-keuzescherm te tonen.

De laatst gekozen geluidsfunctie verschijnt.

Bijv. Met hiervoor "R & B" gekozen.
2 Druk op een cijfertoets om een van de geluidsfuncties uit de op het display getoonde lijst te kiezen.

- Dit toestel heeft twee geluidsfunctiekeuzeschermen. Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om het andere scherm te tonen.
3 Activeer de functie voor het instellen van het geluid.

Het volgende scherm voor het instellen van de geluidsfunctie verschijnt op het display.

4 Stel als gewenst in.

1) Druk op ▶▶| ∧ of √ |◀◀ om de frequentieband te kiezen—60Hz, 150Hz, 400Hz, 1kHz, 2,4kHz, 6kHz, 12kHz. 2) Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om het niveau van de gekozen band binnen een bereik van -05 tot +05 in te stellen. 3) Herhaal stappen 1) en 2) voor het instellen van de andere frequentiebanden.
5 Leg de gemaakte instelling vast.
2

Een mededeling voor het bevestigen verschijnt—of u de instelling werkelijk wilt vastleggen.

Indien u de instelling wilt annuleren, druk op DISP (D).
- De door u gemaakte instelling blijft effectief totdat u een andere geluidsfunctie kiest.
6 Druk op een van de cijfertoetsen 1, 2 of 3 om een van de gebruiker-geluidsfuncties (USER 1, USER 2 of USER 3) te kiezen waaronder u de instelling wilt vastleggen.

Bijv.: Met "USER 1" gekozen.
Maken van de basisgeluidsinstellingen
U kunt instellingen maken voor de luidspreker-uitgangsbalans, het subwooferuitgangsniveau en het ingangsniveau voor iedere bron.
- De volgende stappen moeten binnen een bepaalde tijd worden uitgevoerd. Start opnieuw vanaf stap 1 indien de instelling wordt geannuleerd voordat u klaar bent.
1 Druk herhaaldelijk op SEL (selecteren) om een van de schermen voor basisgeluidsinstellingen (SEL) te tonen.

Door iedere druk op de toets verandert het instelbare onderdeel als volgt:
![graph LR A["DSP"] --> B["iEQ"] B --> C["Fad/Bal"] D["Geannuleerd"] --> E["Basisgeluids-instellingen"] E --> F["Vol Adj"] F --> G["BBE"] G --> H["Sub Out"] I["DSP"] --> J["iEQ"] J --> K["SEL"] K --> L["BBE"]](/content/2026/06/1277017/images/4496d018cba38886f07fee301cfc48d9c0d90d0ff7b4c5c74041f6127a31a73c.jpg)
- Zie bladzijden 32 tot 34 voor de DSP-functieinstellingen.
- Zie bladzijden 35 en 36 voor iEQ (geluidsfunctie) instellingen.
| Aanduiding | Actie: Bereik | |
| Fad Instellen | van het R06 (alleen balans tussen de voor- en | achterluidsprekers. | achter)F06 (alleen voor) |
| Bal Instellen | van het L06 (alleen links)balans tussen de linker- en R06rechterluidsprekers. | I(alleen rechts) |
| Sub Out Instellen | van het 00 (min.)subwooferuitgangsniveau en 08 (max.)drempelfrequentie. | ILow/Mid/High |
| BBE Voor B | BBE Off, BBE 1,natuurgetrouwer geluid. | BBE 2, BBE 3 |
| Vol Adj Instellen | en -05 (min.)vastleggen van het ingangsniveau voor iedere bron. | I+05 (max.) |
2 Stel het niveau in.
Voor het instellen van de fader en balans —Fad, Bal:
Maak deze twee instellingen tegelijkertijd.
- Stel het faderniveau op "00" indien u slechts twee luidsprekers gebruikt.

- Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om de fader in te stellen. - Druk op ▶▶| ∧ of √ |◀◀ om de balans in te stellen.

Instellen van de subwooferuitgang —Sub Out:
Deze instelling is uitsluitend effectief indien u een subwoofer heeft aangesloten.

Verhogen van het niveau.
Verlagen van het niveau.

U kunt tevens een geschikte drempelfrequentie voor de aangesloten subwoofer instellen.
- Druk op ▶▶| ∧ of √ |◀◀ om "Low", "Mid" of "High" te kiezen.
Low: Frequenties hoger dan 50 Hz worden niet naar de subwoofer gestuurd.
Mid: Frequenties hoger dan 80 Hz worden niet naar de subwoofer gestuurd.
High: Frequenties hoger dan 115 Hz worden niet naar de subwoofer gestuurd.
Voor een natuurgetrouwer geluid—BBE:
BBE Digital* is een nieuwe digitale verwerkingsmethode voor het terugkrijgen van de helderheid en duidelijkheid van het oorspronkelijke "live" geluid van een opname, uitzendingen, etc. Wanneer een luidspreker geluid reproduceert, wordt een frequentie-afhankelijke fase-verplaatsing gebruikt, waardoor geluiden met hoge frequenties later uw oren bereiken dan geluiden met lage frequenties. BBE Digital regelt de fase-verhouding tussen de lage, midden en hoge frequenties door een progressieve langere vertragingstijd voor de lage en midden frequenties toe te voegen zodat alle frequenties de luisteraar tegelijkertijd op de juiste tijd bereiken.
Kies het effectniveau.

Verhogen van het niveau.
Verlagen van het niveau.

BBE Off ↔ BBE 1 ↔ BBE 2 BBE 3 (Geannuleerd)
Het effectniveau wordt sterker naarmate u een hoger nummer kiest.
Bij het verlaten van de fabriek is "BBE Off" voor het effectniveau ingesteld (BBE Digital is geannuleerd).
Opmerking:
U kunt het BBE niveau niet veranderen indien "V.CANCEL" als DSP-functie is gekozen.
* Gefabriceerd onder licentie van BBE Sound, Inc. Licentie verleend door BBE Sound, Inc. Onder USP4638258 en 4482866. BBE en het BBE symbool zijn geregistreerde handelsmerken van BBE Sound, Inc.
Instellen van het ingangsniveau voor iedere bron—Vol Adj:
U moet deze instelling voor iedere bron, uitgezonderd FM, maken. Kies voordat u de instelling maakt eerst de gewenste bron. Nadat u de instelling eenmaal heeft gemaakt, wordt deze in het geheugen vastgelegd en hoeft u het volumeniveau niet meer iedere keer bij het veranderen van bron opnieuw in te stellen.
Stel in overeenstemming met het FM-geluidsniveau in.

Verhogen van het niveau.
Verlagen van het niveau.

Indien de (INPUT OVER) indicator op het display verschijnt en het geluid vervormd klinkt
Het ingangsniveau van het externe component (LINE IN) is op een hoog niveau gesteld (hoger dan 1,5 Vrms).
U moet in dat geval het uitgangsniveau van het aangesloten component instellen zodat de
INPUT OVER (INPUT OVER) indicator niet meer verschijnt.

INPUT OVER (INPUT OVER) indicator
Met Image Converter op de bijgeleverde CD-ROM kunt u uw eigen beelden maken en bewerken. U kunt dan deze beelden gebruiken voor de schermen bij het starten en stoppen en het grafische scherm tijdens weergave van een bron.
Loved Ones
Image Converter is originele software van JVC voor het produceren van beelden die u op het display van uw JVC auto-audiotoestel kunt tonen.
We geven hier de basisprocedure voor het maken van een CD-R met stilbeelden (foto's) en animaties (film) met Image Converter.
In deze gebruiksaanwijzing wordt uitsluitend het exporteren van bestanden (stilbeelden en film) naar het geheugen van dit toestel uitgelegd—de hieronder beschreven stap 5.
- Zie de Gebruiksaanwijzing van Image Converter (PDF bestanden in de "Manual" map op de bijgeleverde CD-ROM) voor overige bewerkingen (de hieronder beschreven stappen 1 tot 4).
![graph LR A["Importer van beelden Scarp"] --> B["ImageConverter"] C["Weergave op uw auto-audiotoestel"] --> D["CD-R"] D --> E["JVC auto-audiotoestel met PiCT"] F["WEB"] --> G["Omzetten"] H["Digitale Camera\nDigitale Videocamera"] --> G I["CD-ROM"] --> G G --> J["Computer with keyboard"] J --> K["CD-R…](/content/2026/06/1277017/images/5d037e20b3bd1ef8a16a8335a2839dac5ba2d8a13f20000e657678c265a52b30.jpg)
1 Installeer/Start het programma
Installeer Image Converter op uw PC.
2 Importeer de beelden
Importeer de oorspronkelijke beelden van de Image Converter CD-ROM of andere apparatuur, bijvoorbeeld een digitale camera of digitale videocamera.
3 Bewerk en monteer de beelden
Bewerk de beelden, bijvoorbeeld gedeeltes uitknippen of regelen van de kleur, monteer het animatie-effect en voeg uw tekst toe.
4 Schrijf de beelden op een CD-R
Leg de met Image Converter gemaakte animaties of de stilbeelden met gebruik van uw software voor het schrijven op een CD-R vast.
Voor het tonen van de beelden op het display van uw auto-audiotoestel moeten deze beelden op een CD-R zijn geschreven.
- Zie tevens aanwijzingen van de software voor het schrijven op een CD-R voor het vastleggen van de beelden op een CD-R.
5 Bekijk de door u gemaakte animaties of stilbeelden op uw auto-audiotoestel.
Exporteer de beelden van de door u gemaakte CD-R naar uw JVC auto-audiotoestel.
Downloaden van beelden en animaties
Alvorens de volgende handelingen uit te voeren, moet u een cd-rom met stilstaande beelden (foto's) en animaties (films) maken.
- De bijgeleverde Image Converter cd-rom bevat enkele voorbeelden van beelden en animaties. U kunt deze schijf gebruiken voor originele displayschermen.
BELANGRIJK:
- Stilstaande beelden (foto's) moeten de extensiecode achter de bestandsnaam hebben en animaties (films) moeten de extensiecode hebben.
- Het downloaden van een bestand is uitsluitend mogelijk wanneer "CD" als bron is gekozen; bestanden wissen is echter mogelijk met elke bron.
- Let op het volgende alvorens een bestand te downloaden of te wissen:
- Download geen bestand tijdens het rijden.
- Draai de contactsleutel niet naar de "uitstand" tijdens het downloaden of wissen van een bestand.*
- Verwijder het bedieningspaneel niet tijdens het downloaden of wissen van een bestand.* * Het downloaden of wissen van een bestand wordt niet correct uitgevoerd als u deze handelingen wel uitvoert. In dat geval moet u de procedure opnieuw uitvoeren.
- Als u al een animatie voor "PowerOn", "PowerOff" of "Movie" heeft ingesteld, wordt een reeds vastgelegde animatie gewist wanneer u een nieuwe animatie downloadt.
- Het downloaden van een animatie kost wat tijd.
- Ongeveer 6 tot 7 seconden voor een stilstaand beeld (één kaderbeeld).
- Ongeveer 3 tot 4 minuten voor een animatie van 30 kaderbeelden.
- Ongeveer 10 minuten voor een animatie van 90 kaderbeelden.
- Wanneer door een van de standby-ontvangstfuncties, bijvoorbeeld TA, PTY of mededelingen, op een zender (of service voor de DAB-tuner) is afgestemd, kunt u geen bestand downloaden of wissen. Tijdens het downloaden of wissen van een bestand werken de standby-ontvangstfuncties op hun beurt niet en wordt niet op een zender (of service) afgestemd. Het afstemmen start pas nadat het downloaden of wissen klaar is.
1 Open het bedieningspaneel.


2 Plaats de CD-ROM met bestanden (beelden en animaties) in de lade.

Het toestel trekt de disc verder in het mechanisme, het bedieningspaneel keert terug naar de voorgaande positie (zie bladzijde 52).
- De weergave start automatisch indien er tevens afspeelbare audiobestanden, bijvoorbeeld MP3-tracks, op de disc zijn opgenomen.
3 Druk nadat de disc is herkend op MODE (M).

"Mode" verschijnt op het display en vervolgens beginnen de cijfertoetsen, ▲ (omhoog)/▼ (omlaag) toetsen te knipperen.

2
4 Druk op cijfertoets 6 om het download-keuzescherm te tonen.


5 Kies een van de onderdelen (zodat het gewenste onderdeel oplicht) waarvoor u een bestand wilt downloaden.

- PowerOn : Startscherm Downloaden van een animatie die zal worden getoond bij het inschakelen van het toestel. (U kunt slechts één animatie met maximaal 30 kaderbeelden vastleggen).
- PowerOff : Stopscherm Downloaden van een animatie die zal worden getoond bij het uitschakelen van het toestel. (U kunt slechts één animatie met maximaal 30 kaderbeelden vastleggen.)
- Picture : Grafische scherm* Downloaden van een stilbeeld dat wordt getoond tijdens weergave van een bron. (U kunt 90 stilbeelden met ieder slechts één kaderbeeld vastleggen).
- Movie : Grafische scherm* Downloaden van een animatie die wordt getoond tijdens weergave van een bron. (U kunt slechts één animatie met maximaal 90 kaderbeelden vastleggen).
* Het grafische scherm verschijnt wanneer er gedurende ongeveer 20 seconden geen bediening wordt uitgevoerd.
Voor het annuleren van de procedure, drukt u op cijfertoets 5 zodat het download-keuzescherm verdwijnt.
6 Toon de naamlijst van de map van de geplaatste CD-R.

"File Check...." wordt even getoond en vervolgens verschijnt de maplijst.

De huidige gekozen map wordt opgelicht op het display getoond.
Opmerkingen:
- Met deze lijst worden de mappen met de gewenste bestanden— bestanden voor "Picture" en bestanden voor de overige—getoond.
- Het display kan tegelijkertijd slechts zes namen tonen. Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om de rest van de namen van de lijst te tonen.
- U hoort een pieptoon en u kunt niet naar de volgende stap gaan indien een disc is geplaatst waarop geen en bestanden zijn opgenomen.
Indien u de procedure wilt annuleren, druk op DISP (D).
7 Kies een map (zodat deze oplicht) waarin het gewenste bestand is.

8 Toon de naamlijst van de bestanden van de gekozen map.

Door iedere druk op de toets verandert de lijst op het display als volgt:
Mapnaamlijst ← Bestandnaamlijst

Bijv.: Met "Picture" in stap 5 gekozen.
Opmerking:
Het display kan tegelijkertijd slechts zes namen tonen. Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om de rest van de namen van de lijst te tonen.
9 Kies het bestand dat u wilt
downloaden
![graph TD A["7"] --> B["8"] B --> C["9"] C --> D["10"] D --> E["11"] E --> F["12"] G["3"] --> H["4"] H --> I["5"] I --> J["6"]](/content/2026/06/1277017/images/cb57ac79cea4b7872243d9ff6e60d5bda1f9b62b20c0f8778da96d2191bb4b7c.jpg)
De bestandnaam verschijnt en "Download OK?" wordt op het display van het toestel getoond.
10 Druk op cijfertoets 1 om het downloaden te starten.

Het downloaden start en "Downloading..." verschijnt op het display.
De bestandnaamlijst verschijnt weer nadat het bestand is ontvangen.
Indien u het bestand niet wilt downloaden, drukt u op cijfertoets 5. Het bestand-keuzescherm verschijnt weer. Herhaal de handelingen vanaf stap 8.
11 Herhaal stappen 8 tot 10 voor het downloaden van bestanden voor "Picture" en het vastleggen van meerdere bestanden.
12 Voltooi het downloaden.

Voor het downloaden van een bestand voor een ander onderdeel van het download-keuzescherm, moet u de handelingen vanaf stap 3 herhalen.
Opmerkingen:
- Indien u het 91e beeld voor het beeldscherm wilt vastleggen, zal "Picture Full" worden getoond en kunt u het downloaden niet starten. U moet in dat geval alvorens te downloaden eerst ongewenste bestanden wissen.
- Indien het totaal aantal kaderbeelden voor een animatie de hieronder getoonde aantallen overschrijdt, zullen de beelden die deze getallen overschrijden worden genegeerd.
- Voor het start- en stopscherm: 30
- Voor het filmscherm: 90
Wissen van ongewenste bestanden
2 U kunt door een druk op cijfertoets 5 naar het voorgaande scherm terugkeren wanneer "BACK" boven cijfertoets 5 op het display wordt getoond.
Tegelijkertijd wissen van alle vastgelegde bestanden
1 Druk tijdens weergave van een bron op MODE (M).
"Mode" verschijnt op het display en vervolgens beginnen de cijfertoetsen, ▲ (omhoog)/ ▼ (omlaag) toetsen te knipperen.

2 Druk op cijfertoets 6 om het download-keuzescherm te tonen.


3 Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om alle onderdelen te kiezen (zodat deze allen oplichten).


4 Druk op cijfertoets 4. "All File Delete OK?" wordt op het display getoond.

5 Druk nogmaals op cijfertoets 4. "Now Deleting..." wordt tijdens het wissen van de bestanden getoond. Het download-keuzescherm verschijnt weer nadat alle bestanden zijn gewist.

6 Druk op cijfertoets 5 om weer het scherm met de bronaanduiding te tonen.

Wissen van de vastgelegde bestanden voor "PowerOn", "PowerOff", "Picture (alle vastgelegde beelden tegelijkertijd)" en "Movie"
1 Druk tijdens weergave van een bron op MODE (M).
"Mode" verschijnt op het display en vervolgens beginnen de cijfertoetsen,
▲ (omhoog)/ ▼ (omlaag) toetsen te laten knipperen.

2 Druk op cijfertoets 6 om het download-keuzescherm te tonen.

3 Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om een van de onderdelen te kiezen (zodat deze oplicht).
Bijv.: Met "Picture" gekozen

Verschijnt wanneer "Picture" is gekozen (is opgelicht).
4 Voor het wissen van de bestanden die voor "PowerOn", "PowerOff" en "Movie" zijn vastgelegd, drukt u op cijfertoets 3.

De bestandnaam van de hiervoor vastgelegde animatie verschijnt en "Delete OK?" wordt getoond.
Voor het tegelijkertijd wissen van alle bestanden die voor "Picture" zijn vastgelegd, drukt u op cijfertoets 4.

"All Picture Delete OK?" wordt op het display getoond.
5 Druk nogmaals op cijfertoets 3 indien u werkelijk alle bestanden voor "PowerOn", "PowerOff" en "Movie" tegelijkertijd wilt wissen.

Druk nogmaals op cijfertoets 4 indien u werkelijk alle bestanden voor "Picture" tegelijkertijd wilt wissen.

"Now Deleting..." wordt tijdens het wissen van de gekozen bestanden getoond. Het download-keuzescherm verschijnt weer nadat de betreffende bestanden zijn gewist.
6 Druk op cijfertoets 5 om weer het scherm met de bronaanduiding te tonen.

Wissen van de vastgelegde bestanden voor "Picture" (stuk voor stuk)
1 Druk tijdens weergave van een bron op MODE (M).
"Mode" verschijnt op het display en vervolgens beginnen de cijfertoetsen, ▲ (omhoog)/ ▼ (omlaag) toetsen te knipperen.

2 Druk op cijfertoets 6 om het download-keuzescherm te tonen.

3 Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om "Picture" te kiezen (zodat deze oplicht).


4 Druk op cijfertoets 3.
De naamlijst van de vastgelegde bestanden wordt getoond.


Opmerking:
Het display kan tegelijkertijd slechts zes namen tonen. Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om de rest van de namen van de lijst te tonen.
5 Druk op de cijfertoets om het te wissen bestand te kiezen.

De gekozen bestandnaam verschijnt en "Delete OK?" wordt getoond.
6 Druk op cijfertoets 3 om het wissen te starten.

"Now Deleting..." wordt tijdens het wissen van het gekozen bestand getoond. De naamlijst van de vastgelegde bestanden verschijnt weer nadat het betreffende bestand is gewist.
7 Herhaal stappen 5 en 6 indien u meer bestanden wilt wissen.
8 Druk op DISP (D) om weer het scherm met de bronaanduiding te tonen.

Activeren van de beelden en animaties die u heeft gedownload
Activeren van de animaties die voor het start- en stopscherm zijn vastgelegd
Bij het in- of uitschakelen van het toestel kunt u de vastgelegde animaties op het display bekijken. We noemen de schermen bij het in- en uitschakelen respectievelijk het startscherm en het stopscherm. U kunt uw eigen originele animaties voor dit start- en stopscherm gebruiken.
- Het start- en stopscherm wordt niet getoond indien "Keyln CFM" op "Short" of "Off" is gesteld. (Zie bladzijde 48).
- "Opening" en "Ending" kan niet als PSM-onderdeel worden gekozen indien er geen animatie voor "PowerOn" en "PowerOff" is vastgelegd.
1 Houd SEL (selecteren) langer dan 2 seconden ingedrukt zodat een van de PSM-onderdelen op het display verschijnt. (PSM: zie bladzijden 47 en 48).

2 Druk op cijfertoets 1 om "MOVIE"—Filmcategorie van de PSM-instellingen te kiezen.

Het "Graphics" instelscherm verschijnt op het display.
Bijv. Met "Opening" gekozen
4 Kies "User".


- Default: De reeds in de fabriek vastgelegde animatie wordt gebruikt.
- User: Uw eigen gemonteerde animatie wordt gebruikt.
5 Voltooi de instelling.

Activeren van het grafische scherm met gebruik van een beeld of film
Met deze instelling kunt u de grafische displays veranderen. Deze grafische schermen verschijnen indien er gedurende ongeveer 20 seconden geen bediening wordt uitgevoerd.
- "UserPict." kan niet als PSM-onderdeel worden gekozen indien er geen beeld voor "Picture" of geen animatie voor "Movie" is vastgelegd.
1 Houd SEL (selecteren) langer dan 2 seconden ingedrukt zodat een van de PSM-onderdelen op het display verschijnt. (PSM: zie bladzijden 47 en 48).
2

2 Druk op cijfertoets 1 om "MOVIE"—Filmcategorie van de PSM-instellingen te kiezen.

Het "Graphics" instelscherm verschijnt op het display.
3 Kies "UserMovie", "UserSlide" of "UserPict.".


- UserMovie: Uw eigen gemonteerde, voor "Movie" vastgelegde animatie wordt voor het grafische scherm gebruikt.
- UserSlide: Uw eigen gemonteerde, voor "Picture" vastgelegde stilbeelden worden op volgorde voor het grafische scherm gebruikt.
- UserPict.: Een van uw eigen gemonteerde, voor "Picture" vastgelegde stilbeelden wordt voor het grafische scherm gebruikt. Kies een van de vastgelegde beelden (zie de beschrijving hier rechts).
4 Voltooi de instelling.

Voor het annuleren van alle grafische displays, kies u "Off" in stap 3.
Opmerking:
U kunt tevens "All Demo", "Int Demo" en "ImageLink" voor de "Graphics" instelling kiezen.
—Zie bladzijden 8 en 48 voor "All Demo" en "Int Demo".
—Zie bladzijden 24 en 48 voor "ImageLink".
Kiezen van een stilbeeld voor het grafische display—User Picture
In de volgende gevallen kunt u "UserPict." niet als PSM-onderdeel kiezen:
- Indien er geen beeld voor "Picture" is vastgelegd, of
- "UserPict." is niet voor de "Graphics" instelling gekozen (zie de beschrijving hier links).
1 Houd SEL (selecteren) langer dan 2 seconden ingedrukt zodat een van de PSM-onderdelen op het display verschijnt. (PSM: zie bladzijden 47 en 48).

2 Druk op cijfertoets 1 om "MOVIE"—Filmcategorie van de PSM-instellingen te kiezen.

Het "Graphics" instelscherm verschijnt op het display.
3 Kies "UserPict.".


De bestandnaam van het huidige gekozen beeld verschijnt tevens.
4 Kies het gewenste bestand.


Veranderen van de algemene instellingen (PSM)
U kunt de onderdelen die op de volgende bladzijde worden vermeld met gebruik van PSM (Preferred Setting Mode) veranderen.
- De PSM-onderdelen zijn in vijf categorieën onderverdeeld—MOVIE, CLOCK, DISP (display), TUNER en AUDIO.
Basisprocedure
Bijv.: Veranderen van "Contrast".
1 Houd SEL (selecteren) langer dan 2 seconden ingedrukt zodat een van de PSM-onderdelen op het display worden getoond. (PSM: zie bladzijden 47 en 48).

De cijfertoetsen, 📋/ ▶▶▶1 , en bedieningsschijf beginnen te knipperen ten teken dat deze voor de volgende stappen kunnen worden gebruikt.

Bijv.: Met hiervoor "Graphics" gekozen
2 Druk op de cijfertoets (in dit voorbeeld toets 3) om een van de PSM-categorieën te kiezen.

Het eerste onderdeel van de gekozen categorie verschijnt.
3 Kies het PSM-onderdeel dat u wilt instellen.

- Door herhaaldelijk op ▶▶▶ ◊◀◀◀ te drukken, kunt u naar een andere categorie gaan.
4 Stel het gekozen PSM-onderdeel in.


5 Herhaal indien nodig stappen 2 tot 4 voor het instellen van andere PSM-onderdelen.
6 Voltooi de instelling.

Modus met voorkeursinstellingen (PSM)-onderdelen
| Aanduidingen | Instelbare waarden | Fabrieksinstelling | Bladzijde | ||
| MOVIE | Graphics Filmdemonstratie | Zie bladzijde 48. | Int Demo | 48 | |
| KeyIn CFM Bevestiging met pieptoon | Long ↔ Short↑ Off ↑ | Long | 48 | ||
| Opening*1 Animatie bij starten | Default | User | Default | 44 | |
| Ending*1 Animatie bij stoppen | Default | User | Default | 44 | |
| UserPict.*2 Gebruiker-beeld | Uit de vastgelegde beelden | Eerste vastgelegde beeld | 45 | ||
| CLOCK | Clock Hr Instellen uur | 0 - 23 (1 - 12) | 0 (0:00) | 8 | |
| Clock Min Instellen minuut | 00 - 59 | 00 (0:00) | 8 | ||
| 24H/12H 24-uur of 12-uur | 12Hours | 24Hours | 12Hours | 8,9 | |
| Auto Adj Automatische klokinstelling | Off | On | On | 20 | |
| DISP (display) | Scroll Functie voor rollen | Once ↔ Auto↑ Off ↑ | Once | 48 | |
| Dimmer Dimmerfunctie | → Auto ↔ Off ←→ Time Set ↔ On | Auto | 50 | ||
| From- To*3 Tijd voor dimmer | Gewenste tijd - Gewenste tijd | 18 - 7 | 50 | ||
| Contrast Contrast | 1 - 10 | 5 | 48 | ||
| LCD Type Displaytype | Auto ↔ Positive↑ Negative ↑ | Auto | 49 | ||
| Font Type Lettertype | 1 | 2 | 1 | 49 | |
| Tag Labeldisplay | Off | On | On | 49 | |
| Theme Thema-Niveaumeter | → Standard ↔ Meter 1←→ Meter 3 ↔ Meter 2← | Standard | 9 | ||
| TUNER | PTY Stnby PTY standby-ontvangst | Zie bladzijden 21. | News | 17 | |
| AF-Regn'I Alternatieve frequentie/Regionalisatie ontvangst | AF ↔ AF Reg↑ Off*4 ↑ | AF | 16 | ||
| TA Volume Volume verkeersinformatie | Volume 0 — Volume 50 | Volume 20 | 20 | ||
| P-Search Programma zoeken | Off | On | Off | 20 | |
*1 Wordt uitsluitend getoond nadat een geschikt bestand in het geheugen is vastgelegd.
*2 Wordt uitsluitend getoond nadat een geschikt bestand in het geheugen is vastgelegd en "UserPict." voor "Graphics" is gekozen.
*3 Wordt uitsluitend getoond indien "Dimmer" op "Time Set" is gesteld.
*4 Wordt uitsluitend getoond indien "DAB AF" op "Off" is gesteld.
| Aanduidingen Instelbare waarden | Fabrieksinstelling Bladzijde | ||||
| TUNER | IF Filter Intermediare frequentiefilter | Wide | Auto | Auto | 49 |
| DAB AF*5 Alternatieve frequentie zoeken | Off | On | On | 69 | |
| AUDIO | Announce*5 Mededelingen standby | Zie bladzijde 68. | Travel | 66 | |
| Beep Pieptoon bij toetsdruk | Off | On | On | 49 | |
| Line In*6 In-/uitschakelen lijningang | Off | On | On | 49 | |
| Telephone Telefoondemping | Off ↔ Muting1↑→ Muting2 ↑ | Off | 49 | ||
| PowerAmp In-/uitschakelen vermogenversterker | Off | On | On | 49 | |
*5 Wordt uitsluitend getoond indien de DAB-tuner is aangesloten. *6 Wordt niet getoond indien "LINE IN" de huidige bron is.
Beelden op het display tonen—Graphics
U kunt de grafische schermen die op het display worden getoond veranderen. Deze grafische schermen verschijnen indien er gedurende ongeveer 20 seconden geen bediening wordt uitgevoerd (uitgezonderd voor "ImageLink").
- All Demo: Displaydemonstratie (animatie) verschijnt (zie bladzijde 8).
- Int Demo: Displaydemonstratie (animatie) en de aanduiding van de weergavebron verschijnen afwisselend (zie bladzijde 8).
- UserMovie: Uw eigen gemonteerde animatie verschijnt (zie bladzijden 44 en 45).
- UserSlide: Uw eigen gemonteerde stilbeelden verschijnen achtereenvolgend (zie bladzijden 44 en 45).
- UserPict.: Een van uw eigen gemonteerde stilbeelden verschijnt (zie bladzijden 44 en 45).
- ImageLink: Tonen van een stilbeeld tijdens weergave van MP3/WMA-tracks (zie bladzijde 24).
- Off: Er worden geen grafische schermen getoond.
Opmerking:
U kunt "UserMovie", "UserSlide" en "UserPict." uitsluitend kiezen nadat geschikte bestanden in het geheugen zijn vastgelegd. (Zie bladzijde 40).
Kiezen van de bronanimatie voor het display—KeyIn CFM
Bij het veranderen van bron toont het display de bronanimatie. U kunt de gewenste bronanimatie voor het display kiezen.
- Long: Een lange bronanimatie wordt getoond.
- Short: Een korte bronanimatie wordt getoond.
- Off: De bronanimatie is geannuleerd.
Kiezen van de functie voor het rollen van tekst—Scroll
De discinformatie wordt benadrukt op het midden van het display getoond. Indien deze informatie niet in één keer kan worden getoond, zal het rollend over het display verschijnen.
- Once: De informatie wordt slechts één keer rollend getoond. • Auto: De informatie wordt herhaald rollend getoond (met pauzes van 5 seconden).
- Off: De functie voor het rollen is uitgeschakeld.
Opmerking:
U kunt de informatie ook met de functie voor het rollen op "Off" gesteld rollend tonen door DISP (D) langer dan 1 seconde ingedrukt te houden.
Instellen van het contrastniveau voor het display—Contrast
U kunt het contrast voor het display vanaf 1 tot 10 instellen.
Stel het contrast zodanig in dat de aanduidingen goed op het display te zien zijn.
Kiezen van het verlichtingspatroon voor het display—LCD Type
U kunt het gewenste verlichtingspatroon voor het display kiezen.
- Auto: Een positief patroon wordt overdag gebruikt (afhankelijk van de "Dimmer" instelling); 's nachts wordt een negatief patroon gebruikt (tevens afhankelijk van de "Dimmer" instelling).
- Positive: Positief (normaal) patroon van het display.
- Negative: Negatief (tegengesteld) patroon van het display.
Kiezen van het lettertype voor het display —Font Type
U kunt het lettertype voor de aanduidingen op het display kiezen. Kies als gewenst "1" of "2".
Activeren of uitschakelen van het labeldisplay—Tag
Een MP3-track en WMA-track kan trackinformatie bevatten die we "Tag" of "label" noemen. Hierin is o.a. de albumnaam, naam van de zanger(es), tracktitel, etc. in vastgelegd.
- On: Het labeldisplay wordt getoond tijdens weergave van MP3- of WMA-tracks. - Indien een track geen label heeft, verschijnt de map- en tracknaam.
- Off: Het labeldisplay wordt niet getoond tijdens weergave van MP3- of WMA-tracks. (Uitsluitend de map- en tracknaam wordt getoond).
Opmerkingen:
- Indien u de instelling van "Off" naar "On" verandert tijdens weergave van een track, zal het labeldisplay verschijnen zodra de volgende track start.
- Uitsluitend voor MP3-tracks: Er zijn twee versies voor het label—ID3v1 (ID3 Tag versie 1) en ID3v2 (ID3 Tag versie 2). ID3v2 wordt getoond indien zowel ID3v1 als ID3v2 is opgenomen.
Veranderen van de gevoeligheid van de FM-tuner—IF Filter
In bepaalde gebieden kunnen dicht bij elkaar liggende zenders elkaar storen, wat we interferentie noemen. In dat geval worden uitzendingen mogelijk door ruis gestoord.
- Auto: In geval van dergelijke interferentie verhoogt het toestel automatisch de gevoeligheid van de tuner zodat de door interferentie veroorzaakte ruis wordt verminderd. (Het stereo-effect gaat hierdoor tevens verloren).
- Wide: Interferentie van in de buurt liggende zenders wordt niet geminimaliseerd maar de geluidskwaliteit wordt niet slechter en het stereo-effect blijft behouden.
Geluid bij het aanraken van de toetsen in- en uitschakelen—Beep
Het is mogelijk om het geluid dat u hoort bij het aanraken van de toetsen uit te schakelen als u deze geluiden storend vindt.
- On: Hiermee schakelt u het geluid bij het aanraken van de toetsen in.
- Off: Hiermee schakelt u het geluid bij het aanraken van de toetsen uit.
Audiodemping voor cellulaire telefoongesprekken selecteren—Telephone
Deze modus wordt gebruikt wanneer er een cellulair telefoonsysteem is aangesloten. Selecteer afhankelijk van het telefoonsysteem dat u gebruikt "Muting1" of "Muting2".
- Muting1: Kies als u met deze instelling het geluid kan dempen bij gebruik van een mobiel telefoonsysteem.
- Muting2: Kies als u met deze instelling het geluid kan dempen bij gebruik van een mobiel telefoonsysteem.
- Off: Hiermee wordt de audiodemping voor cellulaire telefoonsystemen uitgeschakeld.
In-/uitschakelen van de lijningang—Line In
U kunt de lijningang uitschakelen indien er geen extern component met de LINE IN aansluitingen is verbonden.
- On: U kunt "LINE IN" als bron voor de weergave kiezen.
- Off: U kunt "LINE IN" niet als bron voor de weergave kiezen.
In-/uitschakelen van de vermogenversterker —PowerAmp
U kunt de ingebouwde versterker uitschakelen zodat audiosignalen uitsluitend naar een externe versterker worden gestuurd voor een betere geluidskwaliteit en tevens om oververhitting van dit toestel te voorkomen.
- On: Indien u geen externe versterker(s) gebruikt.
- Off: Indien u externe versterker(s) gebruikt.
Kiezen van de dimmerfunctie
U kunt het display 's nachts of bij gebruik van de timer automatisch dimmen.
Bij het verlaten van de fabriek is de functie voor het automatisch dimmen geactiveerd.
Opmerking:
De automatische dimmerfunctie van dit toestel werkt mogelijk niet in bepaalde auto's, vooral niet in auto's die een speciale regelaar voor het dimmen hebben.
Kies in dat geval een andere stand dan "Auto."
1 Houd SEL (selecteren) langer dan 2 seconden ingedrukt zodat een van de PSM-onderdelen op het display verschijnt. (PSM: zie bladzijden 47 en 48).

2 Druk op cijfertoets 3 om "DISP"—Displaycategorie van de PSM-instellingen te kiezen.

3 Druk op ▶▶| ∧ of √ |◀◀ om "Dimmer" te kiezen.


4 Stel de dimmerfunctie als gewenst in.


• Auto: Voor het activeren van de automatische dimmer. Het display wordt automatisch gedimd wanneer u de koplampen van de auto aanzet. - O f f : De automatische dimmer wordt geannuleerd. - On: Het display wordt altijd gedimd. - Time Set: Gebruik voor het instellen van de timer voor de dimmerfunctie.
Opmerking:
Door "Auto" of "Time Set" te kiezen, wordt het displaypatroon mogelijk naar "Negative" of "Positive" veranderd indien "LCD Type" op "Auto" is gesteld.
- Ga naar de volgende stappen voor het instellen van de timer indien u "Time Set" heeft gekozen.
- Ga naar stap 7 om de instelling te voltooien indien u een andere instelling dan "Time Set" heeft gekozen.
25 Kies "From-To" om de timer voor de dimmerfunctie in te stellen.


6 Stel de timer in.
1 Verdraai de bedieningsschijf om de starttijd in te stellen. 2 Druk éénmaal op ▶▶. 3 Verdraai de bedieningsschijf om de stoptijd in te stellen.
7 Voltooi de instelling.

Invoeren van namen voor bronnen
U kunt namen invoeren voor cd's (zowel in dit toestel als in de cd-wisselaar) en voor het externe component.
De naam die u toekent, wordt vervolgens op de display weergegeven wanneer u het desbetreffende apparaat selecteert.
| Bron | Maximaal aantal tekens |
| CDs* Maximaal 32 tekens (voor maximaal 40 discs) | |
| Extern component Maximaal 8 tekens | |
* U kunt geen namen voor een cd-tekst, mp3-disc en wma-disc invoeren.
1 Selecteer een bron waaraan u een naam wilt toekennen.

De stroom wordt automatisch ingeschakeld zodra u een bron kiest.
2 Houd DISP (D) ingedrukt en druk tegelijkertijd langer dan 2 seconden op SEL (selecteren).

Bijv.: Indien u een cd als bron selecteert
3 Kies het in te stellen teken wanneer de eerste positie voor het invoeren van een teken knippert.

Door iedere druk op de toets verandert het stel tekens als volgt:
![graph LR A["A-Z (Hoofdletters)"] --> B["a-z (Kleine letters)"] B --> C["0-9 en symbolen (Cijfers)"] D["Letters met accenten (Kleine letters)"] --> E["Letters met accenten (Hoofdletters)"] E --> D](/content/2026/06/1277017/images/05bbf939e00d46c0444553e4e307cd63adf26d8d13fd028c888c99e00326beab.jpg)
4 Selecteer het gewenste teken.

- Zie bladzijde 71 voor beschikbare tekens.
5 Verplaats de cursor naar de positie voor het volgende of het vorige teken.

6 Herhaal stappen 3 tot 5 totdat de hele naam is ingevoerd.
7 Voltooi de procedure terwijl het laatst gekozen teken knippert.

Wissen van ingevoerde tekens
Voeg spaties op dezelfde, hierboven beschreven wijze, in.
Opmerkingen:
- "Name Full" verschijnt op het display en u kunt de functie voor het invoeren van tekst niet activeren wanneer u probeert een naam voor de 41e disc in te voeren. U moet in dat geval eerst namen wissen.
- Wanneer er een CD-wisselaar is aangesloten, kunt u ook namen toekennen aan CD's in de CD-wisselaar. De namen kunnen ook op de display worden weergegeven als u de CD's in dit toestel plaatst.
Veranderen van de hoek van het bedieningspaneel
Het bedieningspaneel kan in vier verschillende standen worden gesteld.
1 Houd ▲ ( ) ingedrukt totdat het hoekinstelscherm verschijnt.

De ▲ (omhoog) en ▼ (omlaag) toetsen beginnen te knipperen ten teken dat deze voor de volgende stappen kunnen worden gebruikt.

Angle Adj. 1

2 Kies de gewenste hoek voor het bedieningspaneel.


Angle Adj. 2

LET OP:
Steek NOOIT uw vinger tussen het bedieningspaneel en de apparaat aangezien u het risico loopt vast te komen zitten en u zichzelf zeer doet.

De hoek voor het bedieningspaneel verandert als volgt:
![graph TD A["Adj.1"] --> B["Adj.2"] B --> C["Adj.3"] C --> D["Adj.4"]](/content/2026/06/1277017/images/fedc1b155614e35e2cfd6ed7b6487bd9daac1abb42a85152caa8cee7f3960096.jpg)
Met gebruik van de afstandsbediening
U kunt de hoek ook instellen door op ANGLE ▲ of ANGLE ▼ te drukken.
Bedieningspaneel verwijderen
U kunt het bedieningspaneel verwijderen, wanneer u uit de auto stapt.
U moet het bedieningspaneel voorzichtig verwijderen en weer op zijn plaats bevestigen, zodat de connectors op de achterkant van het bedieningspaneel en de houder van het bedieningspaneel niet worden beschadigd.
Hoe moet u het bedieningspaneel verwijderen?
Voordat u het bedieningspaneel verwijdert, moet u er zeker van zijn dat de spanning is uitgeschakeld.
1 Ontgrendel het bedieningspaneel.

2 Druk het bedieningspaneel naar rechts en verwijder dan van het toestel.

3 Stop het losgemaakte bedieningspaneel in het daarvoor bestemde doosje.

Hoe moet u het bedieningspaneel weer op zijn plaats bevestigen?
1 Steek de linkerkant van het bedieningspaneel in de groef van de paneelhouder.

2 Druk op de rechterkant van het bedieningspaneel om het paneel in de paneelhouder te vergrendelen.

Opmerking over het reinigen van de connectors:
Als u het bedieningspaneel vaak verwijdert, zullen de connectors op een gegeven moment minder goed gaan functioneren.
Om deze mogelijkheid tot het minimum te beperken, moet u de connectors van tijd tot tijd met een met alcohol bevochtigde katoenen doek schoonmaken. Zorg ervoor dat u de connectors daarbij niet beschadigt.

Gebruik bij voorkeur de JVC, MP3 compatibele CD-wisselaar met dit toestel.
Met gebruik van deze CD-wisselaar kunt u uw originele CD-R's (Opneembaar) en CD-RW's (Herschrijfbaar) afspelen die met het audio CD-formaat of het MP3-formaat zijn opgenomen.
- U kunt tevens bepaalde andere CD-wisselaars uit de CH-X serie aansluiten (uitgezonderd de CH-X99 en CH-X100). Deze andere wisselaars zijn echter niet voor MP3 geschikt en u kunt dan dus geen MP3 discs afspelen.
- U kunt CD-wisselaars uit de KD-MK serie niet met dit toestel gebruiken.
Alvorens uw CD-wisselaar te gebruiken:
- Lees de instructies door die bij uw CD-wisselaar zijn geleverd.
- Als er geen CD's in de houder van de CD-wisselaar aanwezig zijn of wanneer de CD's ondersteboven in de houder zitten, verschijnt op het afleesvenster de tekst "No Disc". Als dit gebeurt, moet u de houder verwijderen en de CD's op de juiste wijze in de houder plaatsen.
- "No Magazine" knippert op het display indien er geen magazijn in de CD-wisselaar is geplaatst. U moet in dat geval een magazijn in de CD-wisselaar plaatsen.
- Indien "Reset 01" – "Reset 08" op het display knippert, is de verbinding tussen dit toestel en de CD-wisselaar waarschijnlijk verkeerd. Als dit gebeurt, moet u de verbinding controleren, de verbindings-kabel(s) stevig vastmaken. En dan op de resetknop van de CD-wisselaar drukken.
Opmerking:
U kunt een WMA-disc niet met de CD-wisselaar afspelen en er tevens geen bedieningen voor uitvoeren.
CD's afspelen
Kies de automatische CD-wisselaar (CD-CH).

Door iedere druk op de toets verandert de bron zoals op bladzijde 7 wordt beschreven. De stroom wordt automatisch ingeschakeld zodra u een bron kiest.
De weergave start vanaf de eerste track van de eerste disc en alle tracks van alle discs worden op volgorde afgespeeld.
- Indien de geplaatste disc een audio-CD of CD Tekst is:

①Discnummer ②Disctitel/zanger(es) ("No Name" verschijnt indien er geen titel is opgenomen of ingevoerd). ③Tracktitel ("No Name" verschijnt indien er geen titel is opgenomen). ④Huidige tracknummer ⑤Verstreken weergavetijd van de spelende track
- Indien de geplaatste disc een MP3-disc is:
![graph TD A["CD-CN 01.0"] --> B["1:28"] B --> C["CD-CN 01.0 File Check"] C --> D["1:28"] D --> E["CD-CN MP3 MOUNTAIN / Kenny ROCK"] E --> F["01.0 01.0 01.1 00.0 03.5 1:28"] F --> G["DEFEAT FLAT"]](/content/2026/06/1277017/images/6a9d3e806248bb422d1f247a470fc31ad7b9802dad8bd51d60478d628d9930f6.jpg)
①Discnummer ②Disctype—MP3 ③Albumnaam/zanger(es) (of mapnaam indien "Tag" op "Off" is gesteld—zie bladzijde 49, of indien er geen label is opgenomen). ④Tracktitel (of tracknaam indien "Tag" op "Off" is gesteld—zie bladzijde 49 of indien er geen label is opgenomen). ⑤Huidige mapnummer ⑥Huidige tracknummer ⑦Verstreken weergavetijd van de spelende track
Veranderen van het displaypatroon
Door een druk op DISP (D) kunt u andere informatie op het display tonen.

Door iedere druk op de toets verandert het displaypatroon.
• Zie bladzijde 31 voor details.
Indien u van bron verandert of het toestel uitschakelt
De discweergave stopt.
Indien u later weer "CD-CH" als bron kiest, wordt de weergave vanaf het hiervoor gestopte punt voortgezet.
Direct naar een bepaalde CD gaan
Druk op de nummertoets die correspondeert met het nummer van de CD om het afspelen te laten beginnen (tijdens weergave van de CD-wisselaar).

- Nummer van de CD 1 – 6 selecteren: Druk kort op 1 (7) – 6 (12).
- Nummer van de CD 7 – 12 selecteren: Druk op 1 (7) – 6 (12) en houd de cijfertoets langer dan 1 seconde ingedrukt.
Versnelde voor- en achterwaartse weergave van een track
![graph TD A["V"] --> B["-->"] C["A"] --> D["-->"]](/content/2026/06/1277017/images/dfb5e6b111de09023820cd0d3738fb3f17d44529fe2b576fe054665904542bd3.jpg)
Houd tijdens weergave van een disc ▶▶▶ I ingedrukt om de track versneld in voorwaartse richting af te spelen.
Houd tijdens weergave van een disc ▼▶▶ ingedrukt om de track versneld in achterwaartse richting af te spelen.
Opmerking:
Tijdens deze bediening met een MP3-disc kunt u uitsluitend het geluid met onderbrekingen horen. (De verstreken weergavetijd verandert tevens met onderbrekingen op het display).
Naar volgende of voorgaande tracks gaan

Druk tijdens weergave van een disc kort op ▶▶1 ▲m naar het begin van de volgende track te gaan.
Door iedere volgende druk op de toets wordt het begin van de daarop volgende track opgezocht en afgespeeld.
Druk tijdens weergave van een disc kort op ▼ |◀◀ om naar het begin van de spelende track te gaan.
Door iedere volgende drauk op de toets wordt het begin van voorgaande track opgezocht en afgespeeld.
Snel naar een fragment verspringen
Deze bediening kan uitsluitend worden uitgevoerd indien u de JVC CH-X1500, MP3-compatibele CD-wisselaar heeft aangesloten.
1 Druk tijdens weergave van een disc op MODE (M).
"Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen ▲ (omhoog)/▼ (omlaag) toetsen beginnen te knipperen.

Tijdens weergave van een audio-CD of een CD-Tekst:
Zie bladzijde 40 voor deze functie.
Tijdens weergave van een MP3-disc:
2 Druk terwijl "Mode" nog op het display wordt getoond op ▲
(omhoog) of ▼ (omlaag).
Bij de eerste druk op ▲
(omhoog) of ▼ (omlaag) wordt
naar de dichtstbijzijnde volgende hogere of lagere track dat een tiental als nummer heeft versprongen (bijv. naar de 10e, 20e, 30e track).
Door de volgende druk op de toets kunt u tegelijkertijd 10 tracks verspringen (zie "Snel naar een gewenst track gaan" hieronder).
- Na de laatste track wordt weer de eerste track gekozen, en vice versa.
- Tijdens weergave van een MP3-disc kan deze bediening uitsluitend binnen een map worden uitgevoerd.

Snel naar een gewenst track gaan
- Bijv. 1: Kiezen van tracknummer 32 tijdens weergave van fragmentnummer 6

- Bijv. 2: Kiezen van fragmentnummer 8 tijdens weergave van fragmentnummer 36

Opzoeken van een map van de disc
Deze bedieningen kunnen uitsluitend worden uitgevoerd indien u de JVC CH-X1500, MP3-compatibele CD-wisselaar heeft aangesloten.
Verspringen naar de volgende of voorgaande map
(van hetzelfde of verschillend hiërarchieniveau)
![graph LR A["01 02 03 04"] --> B[" "] <--> C[" "] <--> D[" "] <--> E[" "]](/content/2026/06/1277017/images/633a748b70f89258bbf4f72a711d010ae910793350505c7de6f038e69fab0ca3.jpg)
Zie de afbeelding van hiërarchieniveaus op bladzijde 22.
Met het bedieningspaneel:

Druk tijdens weergave van een disc op ▲ (omhoog) om naar de volgende map te verspringen. Door iedere volgende druk op de toets wordt de hierop volgende map opgezocht en de weergave van de eerste track van deze map gestart.
Druk tijdens weergave van een disc op ▼ (omlaag) om naar de voorgaande map te verspringen. Door iedere volgende druk op de toets wordt de voorgaande map opgezocht en de weergave van de eerste track van deze map gestart.
Met de afstandsbediening:

Houd tijdens weergave van een disc ▶ (naar rechts) ingedrukt om naar de volgende map te verspringen. Iedere volgende keer dat u de toets ingedrukt houdt, wordt de hierop volgende map opgezocht en de weergave van de eerste track van deze map gestart.
Houd tijdens weergave van een disc ◀ (naar links) ingedrukt om naar de voorgaande map te verspringen.
Iedere volgende keer dat u de toets ingedrukt houdt, wordt de voorgaande map opgezocht en de weergave van de eerste track van deze map gestart.
Opmerking:
Een map wordt overgeslagen indien deze geen MP3-tracks heeft.
Verspringen naar de volgende of voorgaande map van een reeks mappen (van hetzelfde hiërarchieniveau)
![graph LR A["01 05"] --> B["01 05"] B <--> C[" "] <--> D[" "] D <--> E["..."]](/content/2026/06/1277017/images/d6b315d285eecb50fed3424ed5ee897b833b8b4d46366e9320e83d12a8d3d791.jpg)
![graph LR A["03 04 03 04"] --> B["..."] B --> C["..."] C --> D["..."]](/content/2026/06/1277017/images/01a1f06825e12eae27d8739ccd4cfc299ee22ada672a0a6aa76ee1aa816e5453.jpg)
Zie de afbeelding van hiërarchieniveaus op bladzijde 22.
UITSLUITEND met de afstandsbediening:

Druk tijdens weergave van een disc op ▶ (naar rechts) om naar de volgende map te verpringen.
Door iedere volgende druk op de toets wordt de hierop volgende map in de reeks mappen (van hetzelfde hiërarchieniveau) opgezocht (en de weergave start van de eerste track van deze map indien opgenomen).
Druk tijdens weergave van een disc op ◀ (naar links) om naar de voorgaande map te verpringen. Door iedere volgende druk op de toets wordt de hiervoor liggende map in de reeks mappen (van hetzelfde hiërarchieniveau) opgezocht (en de weergave start van de eerste track van deze map indien opgenomen).
Opmerking:
De weergave start niet indien de map geen MP3-tracks heeft ("No Music" verschijnt op het display). Kies een andere map.
Om direct naar de root terug te keren, drukt u op R•D van de afstandsbediening. U kunt vanaf iedere map direct naar de root terugkeren.
- Het toestel start de weergave van de tracks indien tracks direct, zonder gebruik van mappen, op de disc zijn opgenomen.
Kiezen van een disc/map/track met gebruik van de naamlijsten
Kiezen van een disc met gebruik van de disclijst
Indien u bent vergeten welke discs in de CD-wisselaar zijn geplaatst, kunt u de disctitellijst oproepen en dan de gewenste disc uit de op het display getoonde lijst kiezen.
- Het display kan tegelijkertijd slechts zes disctitels tonen.
1 Houd tijdens weergave van een disc de ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) toets ingedrukt totdat een disctitellijst op het display verschijnt.


Opmerking:
Indien een disc een disctitel heeft (CD Tekst) of u een naam heeft ingevoerd, wordt de titel/naam op het display getoond.
Het discnummer verschijnt echter indien de CD nog nooit met het toestel is afgespeeld.
2 Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om indien nodig de andere disctitellijst te tonen.

3 Kies het nummer (1 - 6) van de disc die u wilt beluisteren.

Bij weergave van een MP3-disc, kunt u tevens de maplijst(en) en tracklijst(en) op het display tonen en daaruit de gewenste map of de track kiezen.
1 Houd tijdens weergave van een MP3-disc de ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) toets ingedrukt totdat een disctitellijst op het display verschijnt.


2 Druk op ▶▶▶ I ∧ of √ I◀◀ om de maplijst van de huidige disc of de tracklijst van de huidige map te tonen.

Door iedere druk op de toets verandert de op het display getoonde lijst als volgt:
![graph LR A["Disc"] <--> B["Folder"] B --> C["Track"]](/content/2026/06/1277017/images/586ea304a18b18da38e89c2bbb66553189d37661a7e112b1037b80b088f6f8b1.jpg)

Bijv.: Met maplijst gekozen

Bijv.: Met tracklijst gekozen
Opmerking:
Het display kan tegelijkertijd slechts zes disctitels tonen. Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om andere onderdelen van de volgende of voorgaande lijsten te tonen.
3 Druk op de cijfertoets voor de af te spelen disc, de map of de track.
Kiezen van de weergavefuncties
Tracks in een willekeurige volgorde afspelen (Willekeurige weergave)
U kunt de tracks van een disc, van alle geplaatste discs (of in een map in geval van een MP3-disc) in een willekeurige volgorde afspelen.
1 Druk tijdens weergave van een disc op MODE (M).
"Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen en de ▲ (omhoog)/▼ (omlaag) toetsen beginnen te knipperen.

Tijdens weergave van een audio-CD of een CD Tekst:

Tijdens weergave van een MP3-disc:

2 Druk op cijfertoets 3 terwijl "Mode" nog op het display wordt getoond.
Door iedere druk op de toets verandert de willekeurige weergavefunctie als volgt:

Voor audio-CD en CD Tekst:

Functie Willekeurige weergave van
Random Folder*: Alle tracks van de huidige map en vervolgens van de volgende map, etc.
• Tijdens weergave licht □ RHD op het display op.
Random Disc: Alle tracks van de disc.
• Tijdens weergave licht RHD op het display op.
Random All: Alle tracks van alle in het magazijn geplaatste discs.
• Tijdens weergave licht ALL RND op het display op.
* "Random Folder" kan uitsluitend voor MP3-discs worden gekozen.
Voor het annuleren van willekeurige weergave, kiest u "Random Off" door herhaaldelijk op cijfertoets 3 te drukken of drukt u in stap 2 op cijfertoets 4.
2 1
Tracks herhaald afspelen (Herhaalde weergave)
U kunt een track, een disc (of een map in geval van een MP3-disc) herhaald afspelen.
1 Druk tijdens weergave van een disc op MODE (M).
"Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen en de ▲ (omhoog)/
▼ (omlaag) toetsen beginnen te knipperen.

2 Druk op cijfertoets 2 terwijl "Mode" nog op het display wordt getoond.
Door iedere druk op de toets verandert de herhaalde weergavefunctie als volgt:

Voor audio-CD en CD Tekst:

Functie Herhaalde weergave van
Repeat Track: Huidige (of gespecificeerde) track.
• Tijdens weergave licht
RPT op het display op.
Repeat Folder*: Alle tracks van de huidige (of gespecificeerde) map.
• Tijdens weergave licht
RPT op het display op.
Repeat Disc: Alle tracks van de huidige (of gespecificeerde) disc.
• Tijdens weergave licht
RPT op het display op.
* "Repeat Folder" kan uitsluitend voor MP3-discs worden gekozen.
Voor het annuleren van herhaalde weergave, kiest u "Repeat Off" door herhaaldelijk op cijfertoets 2 te drukken of drukt u in stap 2 op cijfertoets 4.
Alleen de intro's afspelen (Intro-aftasten)
U kunt achtereenvolgend de eerste 15 seconden van alle tracks afspelen.
1 Druk tijdens weergave van een disc op MODE (M).
"Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen en de ▲ (omhoog)/
▼ (omlaag) toetsen beginnen te knipperen.

2 Druk op cijfertoets 1 terwijl "Mode" nog op het display wordt getoond.
Door iedere druk op de toets verandert de intro-aftastfunctie als volgt:

![graph LR A["Track"] --> B["Intro Track"] B --> C["Intro Disc"] C --> D["Intro Off"]](/content/2026/06/1277017/images/87f0a47dc60ece75097bef63e223b343245d3034eb9bf568d73b7527ae87bd1e.jpg)
![graph LR A["Intro Off"] --> B["Intro Folder"] B --> C["Intro Disc"] C --> D["Intro Folder/Intro Track"]](/content/2026/06/1277017/images/69af7bd96b0b6d281dbb8f48fa899162086c9d568a36a1b94493a4708903f575.jpg)
Functie Weergave van het begin van
Intro Track : Alle tracks van de disc.
• Tijdens weergave licht
# INT op het display op.
Intro Folder*: Eerste track van alle mappen.
• Tijdens weergave licht
☐ IHT op het display op.
Intro Disc : De eerste track van alle geplaatste discs.
• Tijdens weergave licht
INT op het display op.
* "Intro Folder" kan uitsluitend voor MP3-discs worden gekozen.
Voor het annuleren van intro-aftasten, kiest u "Intro Off" door herhaaldelijk op cijfertoets 1 te drukken of drukt u in stap 2 op cijfertoets 4.

Weergave van een extern component
U kunt een extern component met de LINE IN-aansluitingen op het achterpaneel verbinden.
- Stel "Line In" in op "On" als u "LINE IN" niet als bron kunt kiezen. (Zie bladzijde 49).
1 Kies het externe component (LINE IN).

Door iedere druk op de toets verandert de bron zoals op bladzijde 7 wordt beschreven. De stroom wordt automatisch ingeschakeld zodra u een bron kiest.

Indien u een naam voor het externe component heeft ingevoerd, zal die naam verschijnen.
2 Schakel het externe component in en start de weergave.
3 Stel het volume in.

4 Kies de gewenste DSP-functie en geluidsfunctie.
- Zie bladzijde 32 voor de DSP-functies.
- Zie bladzijde 35 voor de geluidsfuncties (iEQ).
Opmerking:
De DISP (D)-toets functioneert niet als u "LINE IN" als bron heeft gekozen.

We raden u aan om in combinatie met deze eenheid DAB-tuner KT-DB1500 of KT-DB1000 te gebruiken.
Neem contact op met de JVC-dealer in auto-accessoires als u een andere DAB-tuner hebt.
- Zie ook de instructies die bij de DAB-tuner werden geleverd.
Wat is het DAB-systeem?
DAB is een van de digitale radiozendsystemen die momenteel in gebruik zijn. Met deze technologie is het mogelijk om cd's af te spelen met een hoge geluidskwaliteit, zonder storingen en signaalvervorming.
U kunt er zelfs tekst, afbeeldingen en gegevens mee versturen.
In tegenstelling tot FM-uitzendingen, waarbij elk programma op een aparte frequentie wordt uitgezonden, worden bij DAB verschillende programma's (die "services" worden genoemd) met elkaar gecombineerd tot een "ensemble".
Elke "service" — "primaire service" — kan daarbij tevens in componenten worden verdeeld ("secundaire service" genoemd).
Alleen wanneer u een DAB-tuner op deze eenheid aansluit, kunt u van deze DAB-services gebruikmaken.
Afstemmen op een ensemble en op een van de services
Een ensemble bestaat doorgaans uit 6 of meer programma's (services) die tegelijkertijd worden uitgezonden. Nadat u op een ensemble hebt afgestemd, kunt u kiezen naar welke service u wilt luisteren.
1 Selecteer de DAB-tuner.

Door iedere druk op de toets verandert de bron zoals op bladzijde 7 wordt beschreven. De stroom wordt automatisch ingeschakeld zodra u een bron kiest.
Ensemblelabel Kanaalnummer

Er wordt op de laatste ontvangen ensemble (service) van de gekozen golfband afgestemd.
2 Selecteer de DAB-band (DAB1, DAB2 of DAB3).

1 Houd SRC langer dan 1 seconde ingedrukt. De aanduiding van de golfband knippert op het display.
2 Druk binnen ongeveer 5 seconden (terwijl de aanduiding van de golfband nog knippert) nogmaals op SRC. Door iedere druk op de toets verandert de golfband.
Opmerking:
Deze ontvanger is uitgerust met drie DAB-banden (DAB1, DAB2, DAB3). U kunt met elke DAB-band op een ensemble afstemmen.
3 Zoek een ensemble op.
![graph TD A["V"] --> B["-->"] C["A"] --> D["-->"]](/content/2026/06/1277017/images/1110086533981abae3637385312001c1a179466b00600905e7e186487ab7ada3.jpg)
Druk op ▶▶▶ om af te stemmen op een ensemble met een hogere frequentie.
Druk op ◀◀◀ om af te stemmen op een ensemble met een lagere frequentie.
Wanneer een ensemble wordt ontvangen, stopt het zoeken.
Druk nogmaals op dezelfde toets wanneer u het zoeken wilt stoppen voordat op een ensemble is afgestemd.
4 Kies een service (ofwel primaire of secundaire) die u wilt beluisteren.

Druk op ▲ (omhoog) als u de volgende service wilt selecteren. (En als een primaire service meerdere secundaire services heeft, worden deze eerst gekozen voordat de volgende primaire wordt gekozen).
Druk op ▼ (omlaag) als u de vorige service wilt selecteren (ofwel primaire of secundaire).
Zonder zoeken afstemmen op een bepaald ensemble
1 Druk herhaaldelijk op SRC om de DAB-tuner als bron te kiezen. 2 Houd SRC langer dan 1 seconde ingedrukt. 3 Druk herhaaldelijk op SRC om de gewenste DAB-band te selecteren (DAB1, DAB2 of DAB3). 4 Druk op ▶▶▶ I ∧ of √ ◀◀◀ en houd deze gedurende minimaal 1 seconde ingedrukt. 5 Druk herhaaldelijk op ▶▶1 ∧ of √ ◀◀ tot u het ensemble van uw keuze bereikt.
- Als u de toets ingedrukt houdt, blijft de frequentie veranderen tot u de toets weer loslaat.
6 Druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) om een service (ofwel primaire of secundaire) te kiezen die u wilt beluisteren.
Indien tijdens het rijden het geluid door ruis wordt gestoord
Tijdens het rijden kunnen geluiden van bijvoorbeeld de omgeving de weergave storen. Vooral de lage tonen zijn in dat geval slecht hoorbaar.
U kunt in dat geval de lage tonen versterken voor een beter geluid.
Bepaalde services leveren hiervoor behalve de normale programmasignalen, ook signalen voor het regelen van het dynamisch bereik.
1 Druk tijdens het luisteren naar een DAB-service op MODE (M).
"Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen beginnen te knipperen.

2 Druk herhaaldelijk op cijfertoets 1 om de DRC-functie te activeren terwijl "Mode" nog op het display wordt getoond.

Door iedere druk op de toets verandert de DRC-functie als volgt:
![graph LR A["DRC 1"] --> B["DRC 2"] B --> C["DRC 3"] C --> D["DRC Off"] D --> A](/content/2026/06/1277017/images/d9a25459506f863d4cd4640bb6029c5bfe85d27612f407686e04c1c018a01ad2.jpg)
Het niveau van het DRC-effect wordt sterker naarmate u een hoger nummer kiest.

Het display keert weer terug naar het scherm met de bronaanduiding.

De DRC indicator verschijnt
- De DRC indicator wordt uitsluitend opgelicht (DRC) en het toestel DRC-signalen ontvangt van de service waarop is afgestemd.
Voor het annuleren van het DRC-effect, kiest u "DRC Off".
DAB-frequencies in het geheugen opslaan
Er kunnen maximaal 6 DAB-services voor elke DAB-band (DAB1, DAB2 en DAB3) handmatig in het geheugen worden opgeslagen.
1 Selecteer de DAB-tuner.

Door iedere druk op de toets verandert de bron zoals op bladzijde 7 wordt beschreven. De stroom wordt automatisch ingeschakeld zodra u een bron kiest.
2 Selecteer de DAB-band (DAB1, DAB2 of DAB3) van uw keuze.

① Houd SRC langer dan 1 seconde ingedrukt. De aanduiding van de golfband knippert op het display. 2 Druk binnen ongeveer 5 seconden (terwijl de aanduiding van de golfband nog knippert) nogmaals op SRC. Door iedere druk op de toets verandert de golfband.
3 Stem af op het ensemble van uw keuze.

4 Selecteer de service van het ensemble.

Druk op ▲ (omhoog) als u de volgende service wilt selecteren.
Druk op ▼ (omlaag) als u de vorige service wilt selecteren.
5 Druk op de cijfertoets (in dit voorbeeld cijfertoets 1) waaronder u de geselecteerde service wilt opslaan en houd deze toets gedurende minimaal 2 seconden ingedrukt.


Het displaypatroon verandert automatisch naar het basisdisplaypatroon en het voorkeurnummer knippert (vervolgens wordt het voorgaande displaypatroon weer getoond).
6 Herhaal de bovenstaande procedure als u nog andere DAB-services achter voorkeuzetoetsen wilt opslaan.
Opmerkingen:
- U kunt uitsluitend primaire DAB-services vastleggen. Indien u een secundaire service vastlegt, wordt hiervoor in de plaats zijn primaire service vastgelegd.
- Een reeds opgeslagen DAB-service verdwijnt uit het geheugen wanneer u aan de desbetreffende voorkeuzetoets een nieuwe DAB-service toekent.
Afstemmen op een opgeslagen DAB-service
U kunt eenvoudig op een vooraf ingestelde DAB-service afstemmen. Zoals al eerder uitgelegd, dient u eerst services in het geheugen vast te leggen. Zie "DAB-frequenties in het geheugen opslaan" als u nog geen services hebt opgeslagen.
1 Selecteer de DAB-tuner.

Door iedere druk op de toets verandert de bron zoals op bladzijde 7 wordt beschreven. De stroom wordt automatisch ingeschakeld zodra u een bron kiest.
2 Selecteer de DAB-band (DAB1, DAB2 of DAB3) van uw keuze.
![graph TD A["① Houd SRC langer dan 1 seconde ingedrukt.<br>De aanduiding van de golfband knippert op het display."] --> B["DAB1"] B --> C["DAB3"] C --> D["DAB2"] E["② Druk binnen ongeveer 5 seconden (terwijl de aanduiding van de golfband nog knippert) nogmaals op SRC.<br>Door iedere druk op de toets…](/content/2026/06/1277017/images/51d35e013816df49293059abb712aa3ad157e04850ad52500007b80892cc822e.jpg)
3 Selecteer de voorkeuzetoets (1 - 6) voor de DAB-service (primaire) die u wilt beluisteren.

Opmerking:
Indien de gekozen primaire service een of meerdere secundaire services heeft, zal door het herhaaldelijk drukken op dezelfde cijfertoets op de secundaire services worden afgestemd.
Een voorkeurservice met gebruik van de voorkeurservicelijst kiezen
Indien u bent vergeten welke services onder welke voorkeurnummers zijn vastgelegd, kunt u de voorkeurservicelijst even bekijken en dan de gewenste service daaruit kiezen.
1 Kies de DAB-tuner.

Door iedere druk op de toets verandert de bron zoals op bladzijde 7 wordt beschreven. De stroom wordt automatisch ingeschakeld zodra u een bron kiest.
2 Kies de gewenste DAB-golfband (DAB1, DAB2 of DAB3).

1 Houd SRC langer dan 1 seconde ingedrukt. De aanduiding van de golfband knippert op het display. 2 Druk binnen ongeveer 5 seconden (terwijl de aanduiding van de golfband nog knippert) nogmaals op SRC. Door iedere druk op de toets verandert de golfband.
3 Houd ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag) ingedrukt totdat de voorkeurensemblelijst (primaire service) voor de gekozen golfband (DAB 1, DAB 2 of DAB 3) op het display wordt getoond.


Opmerking:
U kunt de voorkeurensemblelijst (primaire service) voor een andere DAB-golfband (DAB1, DAB2 of DAB3) tonen door een druk op ▲ (omhoog) of ▼ (omlaag).
4 Kies het nummer (1 - 6) voor de gewenste service.

Wat kunt u nog meer met DAB doen?
Indien de DAB-tuner is aangesloten, kunt u de volgende handige functies gebruiken.
- Wegverkeer-overzicht standby-ontvangst
- Standby-ontvangst van 9 soorten mededelingen • PTY standby-ontvangst
- PTY zoeken
- Automatisch opzoeken van hetzelfde programma (service) tijdens het rijden in een gebied waar hetzelfde DAB-ensemble niet wordt ontvangen
Wegverkeer-overzicht standby-ontvangst

Druk kort op T/P om wegverkeer-overzicht standby-ontvangst te activeren.
Door iedere druk op de toets wordt wegverkeer-overzicht standby-ontvangst afwisselend geactiveerd en uitgeschakeld.
- De TP indicator licht op of knippert (zie hieronder) indien deze functie is geactiveerd.

De TP indicator verschijnt (licht continu op of knippert)
- Indien u op de toets drukt tijdens het luisteren naar een service die het signaal voor wegverkeer-overzicht standby-ontvangst uitstuurt, zal de TP indicator oplichten.
Deze receiver staat nu klaar voor ontvangst van het signaal voor wegverkeer-overzicht.
- Indien u op de toets drukt tijdens het luisteren naar een service die NIET het signaal voor wegverkeer-overzicht standby-ontvangst uitstuurt, zal de TP indicator knipperen.
In dit geval werkt wegverkeer-overzicht standby-ontvangst niet.
- Indien met de ingebouwde tuner op een FM RDS-zender wordt afgestemd die het TA-signaal uitstuurt. Deze receiver staat nu klaar voor ontvangst van het TA-signaal en de TP indicator licht op.
- Indien u op de toets drukt tijdens het luisteren naar een andere bron dan AM
- De TP indicator zal oplichten wanneer de ingebouwde tuner op een service afstemt die het signaal voor wegverkeer-overzicht levert (of op een FM RDS-zender die het TA-signaal levert). Deze receiver staat nu klaar voor ontvangst van het signaal voor wegverkeer-overzicht (of TA-signaal).
- De TP indicator blijft knipperen wanneer de ingebouwde tuner NIET op een service afstemt die het signaal voor wegverkeer-overzicht levert (of op een FM RDS-zender die het TA-signaal levert). In dat geval staat deze receiver niet klaar voor ontvangst van het signaal voor wegverkeer-overzicht (of TA-signaal).
Werking van wegverkeer-overzicht standby-ontvangst:
Indien een wegverkeer-overzicht (of verkeersinformatie) start met wegverkeer-overzicht standby-ontvangst geactiveerd, verschijnt "Traffic Flash" en stemt het toestel op de service (of FM RDS-zender) af die het wegverkeer-overzicht (of de verkeersinformatie) uitzendt. Het volume wordt verhoogd tot het vooraf voor TA ingestelde volumeniveau en u kunt het wegverkeer-overzicht (of de verkeersinformatie) beluisteren.
Gebruik van mededelingen standby-ontvangst
Met mededelingen standby-ontvangst kan het toestel tijdelijk overschakelen naar uw favoriete service (mededelingentype).
Kiezen van uw favoriete mededelingentype voor mededelingen standby-ontvangst
Bij het verlaten van de fabriek is mededelingen standby-ontvangst geactiveerd voor "Travel" (Reizen) services.
U kunt uw favoriete mededelingentype voor mededelingen standby-ontvangst kiezen.
- Ga naar bladzijde 68 indien u het mededelingentype niet wilt veranderen (van "Travel" naar een ander type).
1 Houd SEL (selecteren) langer dan 2 seconden ingedrukt zodat een van de PSM-onderdelen op het display verschijnt. (PSM: zie bladzijden 47 en 48).

2 Druk op cijfertoets 4 om "TUNER"—de tunercategorie van de PSM-instellingen te kiezen.

Het "PTY Stnby" (standby) instelscherm verschijnt op het display.
3 Kies "Announce" (mededeling).


4 Kies een van de 9 mededelingentypes. (Zie bladzijde 68).

Het gekozen mededelingentype verschijnt op het display en wordt in het geheugen vastgelegd.
5 Voltooi de instelling.

Activeren van mededelingen standby-ontvangst
1 Druk tijdens het luisteren naar een DAB-service op MODE (M). "Mode" verschijnt op het display en de cijfertoetsen beginnen te knipperen.

2 Druk terwijl "Mode" nog op het display wordt getoond herhaaldelijk op cijfertoets 2 om mededelingen standby-ontvangst te activeren. Door iedere druk op de toets wordt mededelingen standby-ontvangst afwisselend geactiveerd en uitgeschakeld.

Bijv.: Indien "Travel" als type voor mededelingen standby-ontvangst is gekozen

Het display keert weer terug naar het scherm met de bronaanduiding.

De ANN indicator verschijnt (licht continu op of knippert)
De ANN (mededelingen) indicator licht op of knippert.
- Indien de ANN indicator is opgelicht, is mededelingen standby-ontvangst geactiveerd. Indien een service een programma van het gekozen mededelingentype start uit te zenden, stemt dit toestel automatisch op deze service af.
- Indien de ANN indicator knippert, is mededelingen standby-ontvangst nog niet geactiveerd omdat de service die wordt ontvangen geen signalen voor mededelingen standby-ontvangst uitstuurt.
Voor het activeren van mededelingen standby-ontvangst moet u op een andere service afstemmen die deze signalen wel levert. Druk op ▶▶▶ I ∧ of √ ◀◀◀ om op een dergelijke service af te stemmen.
De ANN-indicator stopt met knipperen en blijft oplichten wanneer er op een zender is afgestemd die deze signalen levert. Mededelingen standby-ontvangst is nu geactiveerd.
Opmerking:
Na het activeren van mededelingen standby-ontvangst kunt u van bron veranderen zonder mededelingen standby-ontvangst te annuleren. In dat geval stopt de ANN-indicator met knipperen. Wanneer een service een mededeling van het gekozen type start uit te zenden, verandert dit toestel automatisch van bron en stemt op deze service af.
Werking van mededelingen standby-ontvangst:
Indien een service van het gekozen mededelingentype start terwijl mededelingen standby-ontvangst is geactiveerd, wordt het gekozen mededelingentype getoond en stemt het toestel op de service af.
Mededelingstype
Reizen: Programma's over reizen, bestemmingen, georganiseerde reizen, suggesties en mogelijkheden voor reizen.
Waarschuwing: Waarschuwingen over aardbevingen, vloedgolven, etc.
Nieuws: Nieuws
Weer: Weersberichten.
Evenement: Informatie over evenementen, concerten, etc.
Speciaal: Speciale programma's die dieper ingaan op het nieuws of actualiteiten.
Radio-info: Radio-informatie
Sport: Sportevenementen.
Finance: programma's over handel, financiën, de Beurs, enz.
Gebruik van PTY standby-ontvangst
Met PTY standby-ontvangst schakelt het toestel automatisch van iedere bron (uitgezonderd AM-zenders) over naar een door u gekozen programma (PTY: programmatype).
- De bediening is exact hetzelfde als beschreven op bladzijden 17 en 18 voor FM RDS-zenders. U kunt PTY standby-ontvangst niet afzonderlijk voor de DAB-tuner en FM-tuner activeren.
- PTY standby-ontvangst werkt uitsluitend voor de DAB-tuner met gebruik van een dynamische PTY; dus niet voor een statische PTY.
Voor het kiezen van uw favoriete PTY-code voor PTY standby-ontvangst, zie bladzijde 17.
Voor het activeren van PTY standby-ontvangst, zie bladzijden 17 en 18.
- U kunt PTY standby-ontvangst activeren indien "FM" of "DAB" als bron is gekozen.
Opzoeken van uw favoriete service
U kunt een van de PTY-codes opzoeken (zowel dynamische als statische codes).
Daarbij kunt u de 6 meest gebruikte PTY-codes onder de cijfertoetsen vastleggen (zie bladzijde 18).
- De bediening is exact hetzelfde als beschreven op bladzijden 18 en 19 voor FM RDS-zenders. U kunt echter niet verschillende PTY-codes voor de DAB-tuner en FM-tuner onder de cijfertoetsen vastleggen.
Voor het vastleggen van uw favoriete programma- (service) typen, zie bladzijden 18 en 19.
Voor het opzoeken van uw favoriete programma- (service) type, zie bladzijde 19.
- Het zoeken wordt uitsluitend voor de DAB-tuner uitgevoerd.
Hetzelfde programma automatisch volgen (alternatieve ontvangst)
Het is mogelijk om naar een programma te blijven luisteren.
- Terwijl u een DAB-service ontvangt:
Als u in een streek rijdt waar u een service niet kunt ontvangen, zal deze eenheid automatisch afstemmen op een ander ensemble of een FM RDS-zender die hetzelfde programma uitzendt.
- Terwijl u een FM RDS-zender ontvangt:
Als u in een gebied rijdt waar een DAB-service hetzelfde programma uitzendt als een FM RDS-zender, stemt deze eenheid automatisch op de DAB-service af.
Werken met alternatieve ontvangst
Bij het verlaten van de fabriek zijn standaard alle alternatieve-ontvangstmogelijkheden ingeschakeld.
- Zie tevens "Veranderen van de algemene instellingen (PSM)" op bladzijde 46. 1 Druk op SEL (selecteren) in en houd deze ten minste 2 seconden ingedrukt, zodat een van de PSM-vermeldingen op de display wordt weergegeven. 2 Druk op cijfertoets 4 om "TUNER" —Tunercategorie van de PSM-instellingen— te kiezen. 3 Druk op ▶▶▶ I ∧ of √ I◀◀ om de vermelding "DAB AF" (alternatieve frequentie) te selecteren. 4 Draai de bedieningsschijf om de gewenste modus te selecteren.
- On: Het programma wordt gevolgd tussen het aanbod van DAB-services en FM RDS-zenders—alternatieve ontvangst. De indicator AF op de display licht op (zie bladzijde 15).
- Off: Alternatieve ontvangst is uitgeschakeld.
5 Druk op SEL (selecteren) om het instellen te voltooien.
Opmerking:
Als alternatieve ontvangst (voor DAB-services) is ingeschakeld, is automatisch ook de netwerkfunctie ingeschakeld (zie bladzijde 15 voor RDS-zenders). De netwerkfunctie kan echter niet worden uitgeschakeld zonder de alternatieve ontvangst uit te schakelen.
Veranderen van het displaypatroon
Door een druk op DISP (D) kunt u andere informatie op het display tonen.
Door iedere druk op de toets verandert het displaypatroon als volgt:

- Basisdisplaypatroon:

- Ensemblelabel (naam) wordt benadrukt

• Servicelabel (naam) wordt benadrukt

- Dynamisch label segment (DLS) wordt benadrukt

*1 Ensemblelabel (primaire service) indicator: De andere indicator verschijnt indien de secundaire service is gekozen. *2 TEXT indicator: toont dat de huidige ontvangen service DLS (Dynamic Label Segment—DAB radiotekstinformatie) levert. *3 Iedere service kan verschillende PTY-codes hebben. Indien een service meerdere PTY-codes heeft, worden deze afwisselend getoond.
Geluidsfuncties (vooringestelde frequentieniveaus)
De volgende lijst toont de waarden van de vooringestelde frequentieniveaus voor iedere geluidsfunctie.
- U kunt de vooringestelde geluidsfuncties tijdelijk veranderen. De door u gemaakte instellingen worden echter naar de fabrieksinstellingen teruggesteld wanneer u vervolgens een andere geluidsfunctie kiest.
Behalve de letters van het alfabet (A - Z, a - z) kunt u tevens de volgende tekens voor namen voor CD's en een extern component invoeren. (Zie bladzijde 51).
- Deze tekens kunnen tevens worden gebruikt voor het tonen van andere informatie, bijvoorbeeld disctitels/namen van zangers, RDS en DAB, op het display.
Letters met accenten Hoofdletters
| Á | À | Â | Ä | Ä |
| Å | Æ | Œ | Č | Ć |
| Ç | É | È | Ê | Ë |
| Ğ | Í | Ì | Î | Ï |
| Ñ | Ó | Ò | Ô | Ö |
| Õ | ∅ | Ř | Ř | Š |
| Ś | Ş | Ú | Ù | Û |
| Ü | Ý | Ž | Ž | ß |
| P | Þ | Ð | Ť | Ł |
| Í | Ú | ð | spatie |
Kleine letters
| á | à | â | ä | ā |
| å | æ | œ | č | ć |
| ç | é | è | ê | ë |
| ě | ğ | í | ì | î |
| ï | ñ | ň | ń | ó |
| ò | ô | ö | ō | ø |
| ó | ř | rí | š | ís |
| ş | ú | ù | ū | ü |
| ú | w | ý | ý | ž |
| ž | ÿ | þ | ŋ | đ |
| t | l' | ı | ij | spatie |
Cijfers en symbolen
| 0 | 1 | 2 | 3 | 4 |
| 5 | 6 | 7 | 8 | 9 |
| ! | ” | # | $ | % |
| & | ’ | ( | ) | * |
| + | , | - | . | / |
| : | ; | < | = | > |
| ? | @ | - | ` | i |
| ¿ | £ | € | α | spatie |
Een probleem hoeft niet altijd ernstig te zijn. Voordat u hulp inroept van een dienstverlenende instantie, moet u eerst de volgende punten controleren.
| Symptoom | Oorzaak | Oplossing | |
| Algemeen weergave | Geluid slaat soms over. | U rijdt op een slechte weg. | Stop de weergave indien u op een slechte weg bent. |
| De disc heeft krassen. | Plaats een andere disc. | ||
| De verbindingen zijn onjuist. | Controleer de snoeren en verbindingen. | ||
| Geen geluid via de luidsprekers. | “PowerAmp” is op “Off” gesteld. | Stel op “On” (zie bladzijde 49). | |
| De verbindingen zijn onjuist. | Controleer de snoeren en verbindingen. | ||
| CD-R/CD-RW kan niet worden afgespeeld.Verspringen naar tracks op de CD-R/CD-RW niet mogelijk. | De disc is verkeerd om geplaatst. | Plaats de disc juist. | |
| De CD-R/CD-RW is niet afgerond. | Plaats een afgeronde CD-R/CD-RW.Rond de CD-R/CD-RW af met het component dat u voor opname gebruikt heeft. | ||
| Disc kan niet worden uitgeworpen. | De disc is vergrendeld. | Ontgrendel de disc (zie bladzijde 30). | |
| Disc kan niet worden herkend. (“No Disc”, “Loading Error” of “Eject Error” knippert). | De CD-speler functioneert mogelijk onjuist. | Houd ingedrukt en druk tegelijkertijd langer dan 2 seconden op ▲ om de disc uit te werpen. | |
| Toestel functioneert geheel niet. | De ingebouwde microcomputer functioneert onjuist vanwege ruis, etc. | Druk met een pen op de terugsteltoets op het bedieningspaneel (zie bladzijde 2). | |
| Indien “Reset P00” tot “Reset P44” op het display verschijnt. | Het bedieningspaneel wordt door iets geblokkeerd. | Druk met een pen op de terugsteltoets op het bedieningspaneel (zie bladzijde 2). Controleer de bevestiging en installatie indien het toestel nog niet juist functioneert na een druk op de terugsteltoets. (U heeft bijvoorbeeld langere schroeven dan aangegeven gebruikt). | |
| De (INPUT DUER OVER) indicator verschijnt op het display. | Het ingangsniveau van het externe component (LINE IN) is te hoog. | Stel het uitgangsniveau van het externe component in. | |
| “Panel Connect Error” verschijnt op het display. | Het bedieningspaneel is niet juist bevestigd. | Verwijder het bedieningspaneel, reinig de aansluitpunten en bevestig weer (zie bladzijde 53). | |
| FM/AM | SSM automatisch vastleggen werkt niet. | De signalen zijn zeer zwak. | Leg de zenders handmatig vast. |
| Statische ruis bij het luisteren naar radio-uitzendingen. | De antenne is niet goed aangesloten. | Sluit de antenne goed aan. | |
| • Het downloaden duurt lang. | U probeert een animatie met veel beelden te downloaden. | Dit is normaal (zie bladzijde 40). | Grafische aanduidingen |
| • De animatie beweegt niet. | De temperatuur in de auto is zeer laag—de Temp.) indicator wordt getoond. | Wacht totdat de temperatuur weer op peil is—totdat de Temp.) indicator is gedoofd. | |
| • “Movie” categorie-instellingen van PSM hebben geen effect. | |||
| • “No Disc” knippert op het display. | Geen disc in het magazijn. | Plaats een disc. | CD-wisselaar |
| • “Reset 08” knippert op het display. | CD-wisselaar niet of onjuist op dit toestel aangesloten. | Verbind een CD-wisselaar juist met dit toestel en druk op de terugsteltoets van de CD-wisselaar. | |
| • “Reset 01” – “Reset 07” knippert op het display. | ____ | Druk op de terugsteltoets van de CD-wisselaar. | |
| • Disc kan niet worden afgespeeld. | De MP3/WMA-tracks hebben niet de vereiste extensiecode—mp3 of wma. | Voeg de extensiecode—mp3 of wma aan de tracknaam toe. | MP3/WMA-weergave |
| MP3/WMA-tracks zijn niet met het ISO 9660 Level 1, ISO 9660 Level 2, Romeo of Joliet formaat opgenomen. | Plaats een andere disc. (Neem MP3/WMA-tracks met het geschikte formaat op.) | ||
| • “Unplayable File” verschijnt en de track wordt overgeslagen. | Tracks zijn niet met het juiste formaat gecodeerd. | Plaats een disc waarop tracks met het geschikte formaat zijn opgenomen. | |
| WMA-tracks zijn tegen kopieren beschermd. | Dit is normaal. Tegen kopieren beschermde tracks kunnen niet worden afgespeeld. | ||
| • U hoort ruis. | De spelende track is geen MP3/WMA bestand (ookal heeft het de extensiecode—mp3 of wma). | Verspring naar een ander track of plaats een andere disc. (Gebruik de extensiecode—mp3 of wma niet voor niet-MP3/niet-WMA-tracks). | |
| • Verstreken weergavetijd is onjuist. | Dit kan soms voorkomen en wordt veroorzaakt door de manier van opname van de tracks op de disc. | Kies een andere map. | |
| • “No Files” verschijnt even op het display en de disc wordt vervolgens uitgeworpen. | De spelende MP3/WMA-disc bevat geen MP3/WMA-tracks. | Plaats een disc waarop MP3/WMA-tracks zijn opgenomen. | |
| • “No Music” verschijnt op het display. | Er zijn geen MP3/WMA-tracks in de map. | Kies een andere map met MP3/WMA-tracks. | |
| Uitsluitend <jml> en/of <jma> bestanden zijn op de disc opgenomen. | Plaats een disc waarop MP3 of WMA-tracks zijn opgenomen. | ||
| • De juiste tekens verschijnen niet (bijv. voor de albumnaam). | Met dit toestel kunnen uitsluitend letters (hoofdletters: A-Z, kleine letters: a-z), cijfers en een beperkt aantal symbolen worden getoond. | ____ | |
Omgaan met discs
Dit toestel is ontworpen voor weergave van cd's, cd-r's (opneembaar), cd-rw's (herschrijfbaar) en cd-text.
- Dit toestel is tevens geschikt voor gebruik met mp3- en wma-discs.
De manier waarop u met discs moet omgaan
Wanneer u een disc uit het opbergdoosje haalt,
Rondje in het midden
moet u het rondje in het midden van de doos naar beneden duwen en de disc uit het doosje halen terwijl u de disc aan de rand vasthoudt.

- Houd de disc altijd aan de randen vast. Raak de opnamekant niet aan.
Wanneer u de disc wilt opbergen, leg deze dan voorzichtig om het rondje in het midden (met de bedrukte kant boven).
- Berg de discs na gebruik altijd op in het doosje.
Discs schoonhouden
Het geluid wordt niet goed weergegeven indien de disc vuil is. Als een disc vuil is, moet u deze reinigen met een zachte doek. Veeg in een rechte lijn van het midden naar de rand de disc schoon.

Nieuwe discs afspelen
Sommige nieuwe discs hebben oneffenheden langs de binnen- of buitenrand. Dergelijke discs worden mogelijk door het apparaat geweigerd.

U kunt deze oneffenheden verwijderen door de randen glad te wrijven met een potlood, ballpoint enz.
Condensvorming
In onderstaande gevallen kan zich condens vormen op de lens in de discspeler:
- Nadat de verwarming in de auto is aangezet.
- Wanneer het erg vochtig wordt in de auto. Soms zal de discspeler hierdoor niet meer juist werken. In dat geval moet u de disc uit de disclade halen en moet u het apparaat een paar uur aan laten staan totdat het vocht is verdampt.
Voor het afspelen van een CD-R of CD-RW
Alvorens een CD-R of CD-RW af te spelen, moet u de bij de disc geleverde aanwijzingen goed doorlezen.
- Gebruik uitsluitend "afgeronde" CD-R's of CD-RW's.
- Bepaalde CD-R's of CD-RW's kunnen vanwege de discharakteristieken en de volgende redenen mogelijk niet worden afgespeeld:
- Indien de disc vuil is of krassen heeft.
- Indien er condens op de lens in het toestel is gevormd.
- Indien de aftastlens in het toestel vuil is.
- CD-RW's hebben mogelijk een langere afleestijd omdat de reflectie van CD-RW's lager dan van normale CD's is.
- CD-R's of CD-RW's worden mogelijk beschadigd door hoge temperaturen of een hoge vochtigheidsgraad. Laat ze derhalve niet in de auto liggen.
- Gebruik niet de volgende CD-R's of CD-RW's:
- Discs met stickers, labels of beschermvellen die op de disc zijn geplakt.
- Discs waarop labels direct met een ink jet printer kunnen worden gedrukt.
Het gebruik van dergelijke discs bij hoge temperaturen of een hoge vochtigheidsgraad kan een onjuiste werking veroorzaken of zelfs de discs beschadigen. Bijvoorbeeld:
- Stickers of labels kunnen krimpen waardoor de disc krom trekt.
- Stickers of labels kunnen half los raken waardoor de disc niet meer kan worden uitgeworpen.
- De afdruk op disc kan plakkering worden. Lees de aanwijzingen en waarschuwingen over labels en te bedrukken discs beslist goed.
LET OP!
- Plaats geen 8-cm discs (single CD's) in de disclade. (Deze discs kunnen niet worden uitgeworpen).
- Plaats geen discs met afwijkende vorm (bijvoorbeeld hartvormig) in de disclade; dergelijke discs veroorzaken problemen.
- Stel discs niet bloot aan direct zonlicht of een andere warmtebron en leg ze niet neer op plaatsen waar het zeer warm of vochtig is. Laat ze derhalve niet in de auto liggen.
- Gebruik geen oplosmiddelen (zoals reinigingsmiddelen voor gewone platen, spray, verdunningsmiddelen, wasbenzine, enz.) om discs te reinigen.
Kromgetrokken
disc

Sticker

Resterend plakmiddel
Disc

Opplakbaar label
GELUIDSVERSTERKER
Maximum uitgangsvermogen:
Voorin: 50 W per kanaal
Achterin: 50 W per kanaal
Ononderbroken uitgangsvermogen (RMS):
Voorin: 19 W per kanaal in 4 Ω, 40 Hz tot
20 000 Hz met niet meer dan
vervorming van het geluid.
Achterin: 19 W per kanaal in 4 Ω, 40 Hz tot
20 000 Hz met niet meer dan
vervorming van het geluid.
Belastingsimpedantie: 4 Ω (speling 4 Ω tot 8 Ω)
Bereik equalizer:
Frequenties: 60 Hz, 150 Hz, 400 Hz,
Weergavekarakteristiek: 40 Hz tot 20 000 Hz
Signaal/ruisverhouding: 70 dB
Lijningangsniveau/Impedantie:
LINE IN: 1,5 V/20 kΩ belasting
Uitgangsvermogen/Impedantie:
4,0 V/20 kΩ belasting (maximaal vermogen)
Uitgangsimpedantie: 1 kΩ
RADIO
Frequentiebereik:
FM: 87,5 MHz tot 108,0 MHz
AM: (MG) 522 kHz tot 1 620 kHz
(LG) 144 kHz tot 279 kHz
[FM-zenders]
Gevoeligheid bij normaal bedrijf:
11,3 dBf (1,0 mV/75 W)
Gevoeligheid bij 50 dB geluidsdemping:
16,3 dBf (1,8 μV/75 Ω)
Selectiviteit alternatief kanaal (400 kHz): 65 dB
Weergavekarakteristiek: 40 Hz tot 15 000 Hz
Selectiviteit: 35 dB
[LG-zenders]
Gevoeligheid: 50 μV
CD-SPELER
Type: CD-speler
Signaaldetectiesysteem: Pickup-lens
(halfgeleider-laser)
Aantal kanalen: 2 kanalen (stereo)
Weergavekarakteristiek: 5 Hz tot 20 000 Hz
Dynamisch vermogen: 98 dB
Signaal/ruisverhouding: 102 dB
Max. bitwaarde: 320 Kbps
WMA (Windows Media® Audio)
Max. bitwaarde: 192 Kbps
ALGEMEEN
Voeding:
Werkspanning: Gelijkstroom 14,4 V
(speling 11 V tot 16 V)
Aardingssysteem: Negatieve aarding
Bedrijfstemperatuur:
0°C tot +40°C
Afmetingen (breedte × hoogte × diepte):
Afmetingen apparaat
(ten behoeve van installatie) :
182 mm × 52 mm × 161 mm
Afmetingen paneel:
188 mm × 58 mm × 17 mm
Gewicht:
Ontwerp en specificaties kunnen zonder kennisgeving worden gewijzigd.
Hebt u PROBLEMEN met de bediening?
Stel het apparaat terug
Zie de pagina met de paragraaf Het apparaat terugstellen

VICTOR COMPANY OF JAPAN, LIMITED