MUM9DX5S31 - Staafmixer BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MUM9DX5S31 BOSCH in PDF-formaat.
| Type product | Staafmixer |
| Merk | Bosch |
| Model | MUM9DX5S31 |
| Vermogen | 1000 Watt |
| Aantal snelheden | 12 snelheden + Turbo |
| Materiaal van de steel | RVS |
| Inclusief accessoires | Staafmixer, garde, hakmolen, maatbeker |
| Inhoud maatbeker | 1,25 liter |
| Kabellengte | 1,8 meter |
| Gewicht | 1,5 kg |
| Afmetingen (L x B x H) | 20 x 12 x 35 cm |
| Voeding | 220-240 V, 50-60 Hz |
| Hoofdfunctie | Mixen, hakken, kloppen, emulgeren |
| Onderhoud en reiniging | Staafmixer vaatwasmachinebestendig, accessoires met de hand reinigbaar |
| Veiligheid | Dubbele beveiliging: blokkering bij oververhitting en automatische uitschakeling |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Onderdelen beschikbaar via Bosch after-sales service |
| Algemene informatie | 2 jaar garantie, gemaakt in Europa |
Veelgestelde vragen - MUM9DX5S31 BOSCH
Gebruikersvragen over MUM9DX5S31 BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Staafmixer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MUM9DX5S31 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MUM9DX5S31 van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING MUM9DX5S31 BOSCH
Raadpleeg de Digitale Gebruikersgids voor meer informatie.

1.1 Algemene aanwijzingen ..... 124
1.2 Bestemming van het apparaat 124
1.3 Inperking van de gebruikers .. 125
1.4 Veiligheidsvoorschriften ..... 125
2 Materiële schade voorkomen .. 128
3 Milieubescherming en besparing.... 128
3.1 Afvoeren van de verpakking .. 128
4 Uitpakken en controleren ..... 128
4.1 Apparaat en onderdelen uitpakken.... 128
4.2 Inhoud van de verpakking..... 128
4.3 Apparaat installeren .... 129
5 Uw apparaat leren kennen...... 129
5.1 Apparaat.... 129
5.2 Draaischakelaar 129
5.3 Lichtring ^1 130
5.4 Bedieningspaneel.... 130
5.5 Functietoetsen 131
5.6 Display.... 131
5.7 Aandrijvingen.... 131
5.8 Hulpstukken.... 132
5.9 Veiligheidssystemen...... 133
6 Voor het eerste gebruik .... 133
6.1 Apparaat voorbereiden ..... 134
7 De Bediening in essentie...... 134
7.1 Snoerlengte 134
7.2 Draaiarmstanden.... 134
7.3 Draaiarm openen 134
7.4 Draaiarm sluiten 135
7.5 Kom verwijderen 135
7.6 Kom aanbrengen 135
7.7 Komdeksel bevestigen...... 135
7.8 Komdeksel verwijderen...... 135
7.9 Hulpstuk aanbrengen...... 135
7.10 Hulpstuk verwijderen...... 135
7.11 Verwerking.... 135
7.12 Aandrijvingsbeschermdeksel.... 137
8 Basisinstellingen .... 137
8.1 Overzicht van de basisinstellingen.... 137
8.2 Basisinstellingen wijzigen..... 137
9 Timer.... 138
9.1 Weergavewaarden van de timer 138
9.2 Aanwijzingen voor de timer.... 138
9.3 Verwerkingsduur aflezen en terugzetten.... 138
9.4 Ingrediënten met de timer verwerken 139
9.5 Timer zonder verwerking gebruiken.... 139
9.6 Timer pauzeren of uitschake-
len.... 139
10 Weegschaal ^1 139
10.1 Weergavewaarden van de weegschaal 140
10.2 Ingrediënten wegen...... 140
10.3 Gewicht vooraf instellen ..... 140
10.4 Weegschaal terugzetten..... 141
11 SensorControl Plus ^1 ..... 141
11.1 Programma-overzicht ..... 142
11.2 SensorControl Plus gebruiken.... 142
12 Reiniging en onderhoud...... 143
12.1 Reinigingsmiddelen...... 143
12.2 Basisapparaat reinigen ..... 143
12.3 Reinigingsoverzicht 144
13 Speciale accessoires...... 144
14 Recepten en toepassings- voorbeelden.... 144
14.1 Receptenoverzicht...... 144
15 Storingen verhelpen 147
16 Afvoeren 150
16.1 Afvoeren van uw oude ap- paraat 150
17 Servicedienst.... 150
17.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)...... 150

1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
■ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
■ Neem de extra gebruiksaanwijzingen van meegeleverd of optioneel toebehoren in acht als u dit gebruikt.
■ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor la-ter gebruik of voor volgende eigenaren.
■ Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Gebruik het apparaat uitsluitend:
■ met originele onderdelen en accessoires.
■ voor extra toepassingen die in de gebruiksaanwijzingen van meegeleverde of optionele accessoires zijn beschreven.
■ voor het roeren, kneden en kloppen van levensmiddelen.
■ onder toezicht.
■ voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving bij kamertemperatuur.
■ voor verwerkingshoeveelheden en -tijden die gebruikelijk zijn in het huishouden.
■ tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.
Koppel het apparaat van de stroomvoorziening los als u:
■ het apparaat niet gebruiken.
■ geen toezicht op het apparaat houdt.
■ het apparaat in elkaar zet.
■ het apparaat uit elkaar neemt.
■ het apparaat reinigt.
■ draaiende onderdelen nadert.
■ hulpstukken wisselt.
■ met een storing wordt geconfronteerd.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat mag door personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of gebrek aan ervaring en/of kennis worden gebruikt indien dit onder toezicht gebeurt of indien zij over het veilige gebruik van het apparaat zijn geïinstrueerd en de hieruit voortvloeiende gevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en onderhoud door de gebruiker mogen niet worden uitgevoerd door kinderen.
Het apparaat mag niet door kinderen worden gebruikt. Kinderen uit de buurt van het apparaat en het aansluitsnoer houden.
1.4 Veiligheidsvoorschriften
Neem de veiligheidsvoorschriften in acht.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit een apparaat met gescheurd of gebroken oppervlak gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Contact opnemen met de servicedienst. → Pagina 150
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.
- Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd.
nl Veiligheid
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Binnendringend vocht kan tot elektrische schokken leiden.
- Nooit het apparaat of het netsnoer in water dompelen of in de vaatwasser plaatsen.
- Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.
▶ Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid. - Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met hete apparaatonderdelen of warm-tebronnen in contact brengen.
- Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen.
- Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.
Grote hitte kan er toe leiden dat het apparaat en andere delen ontbranden.
- Het apparaat nooit neerzetten op of in de buurt van hete oppervlakken.
Roterende aandrijvingen, hulpstukken of toebehoren kunnen letsel veroorzaken.
- De handen, het haar, de kleding en andere voorwerpen uit de buurt van roterende delen houden.
-
De hulpstukken en toebehoren alleen bij stilstand van de aan-drijving en uit het stopcontact verwijderde stekker aanbrengen en verwijderen.
-
Voor het verwisselen van hulpstukken of het reinigen het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact verwijderen.
- De hulpstukken alleen gebruiken als de kom is geplaatst, het deksel is aangebracht en het aandrijvingsbeschermdeksel is geplaatst.
- De draaiarm nooit tijdens de verwerking openen.
In geval van beschadigde onderdelen kan het gebruik van het apparaat tot letsel leiden.
- Onderdelen die herkenbare barsten of andere beschadigingen vertonen of niet goed zitten, door originele reserveonderdelen vervangen.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op verpletteren!
Uw handen en vingers kunnen klem komen te zitten.
- Tijdens het omlaagbewegen van de draaiarm niet in de behuizing of de kom grijpen.
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
▶ Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
▶ Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op gevaar voor de gezondheid!
Verontreinigingen aan de oppervlakken kunnen de gezondheid schaden.
▶ De reinigingsinstructies in acht nemen.
- Oppervlakken die met voedingsmiddelen in contact komen, voor elk gebruik reinigen.
2 Materiële schade voor- komen
LET OP!
Een ondeskundig gebruik kan tot materiële schade leiden.
- Gebruik nooit verschillende aan-drijvingen tegelijkertijd.
- De kleurmarkering op het toebehoren en de aandrijving in acht nemen.
- Het apparaat nooit langer dan noodzakelijk laten werken.
- Het apparaat nooit onbelast laten draaien.
- Originele onderdelen en toebehoren nooit voor andere apparaten gebruiken.
- De maximale verwerkingshoeveelheden in acht nemen.
- Geen vreemde voorwerpen in de kom opbergen.
Tijdens de werking komt warme afvoerlucht van achteren uit het luchtafvoerrooster. Geblokkeerde afvoerlucht kan tot oververhitting van het apparaat leiden.
- Bij de plaatsing van het apparaat voldoende afstand tot de wand, gevoelige oppervlakken en appa-raten aanhouden.
Schokken en trillingen kunnen de werking van het apparaat negatief beïnvloeden.
- Het apparaat niet neerzetten op beweegbare of trillende oppervlakken.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpak- king
De verpakkingsmaterialen zijn milieu-vriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
4 Uitpakken en controle- ren
Hier wordt beschreven waarop u bij het uitpakken moet letten.
4.1 Apparaat en onderdelen uitpakken
- Het apparaat uit de verpakking nemen.
- Alle verdere onderdelen en de begeleidende documenten uit de verpakking nemen en gereed leggen.
- Verwijder het aanwezige verpak- kingsmateriaal.
- Verwijder alle stickers en folie.
4.2 Inhoud van de verpakking
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.
Opmerking: Afhankelijk van de uitrusting wordt het apparaat met extra toebehoren geleverd. Neem de gebruiksaanwijzingen van de extra meegeleverde toebehoren uit de verpakking.
→ Fig. 1
| A | Basisapparaat met mengkom |
| B | Deksel met geïntegreerde vul-schacht |
| C | Roergarde 'Profi Flexi'1 |
| D | Professionele garde |
| E | Kneedhaak |
| F | Begeleidende documenten |
^1 Afhankelijk van het model
4.3 Apparaat installeren
Grote hitte kan er toe leiden dat het apparaat en andere delen ontbranden.
- Het apparaat nooit neerzetten op of in de buurt van hete oppervlakken.
LET OP!
Tijdens de werking komt warme afvoerlucht van achteren uit het luchtafvoerrooster. Geblokkeerde afvoerlucht kan tot oververhitting van het apparaat leiden.
- Bij de plaatsing van het apparaat voldoende afstand tot de wand, gevoelige oppervlakken en apparaten aanhouden.
Schokken en trillingen kunnen de werking van het apparaat negatief beïnvloeden.
- Het apparaat niet neerzetten op beweegbare of trillende oppervlakken.
-
Het apparaat op een stabiel, horizontaal, schoon en glad werkvlak neerzetten.
-
Het aansluitsnoer er tot de benodigde lengte uittrekken.
→ "Snoerlengte", Pagina 134
De stekker niet in het stopcontact steken.
5 Uw apparaat leren kennen
5.1 Apparaat
Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.
→ Fig. 2
| 1 | Bedieningspaneel |
| 2 | Roestvrijstalen mengkom |
| 3 | Deksel met geïntegreerde vul- schacht |
| 4 | Beschermdeksel voor aandrij- ving 2 |
| 5 | Beschermdeksel voor aandrij- ving 3 |
| 6 | Lichtring |
| 7 | Draaischakelaar |
| 8 | Draaiarm |
| 9 | Ontgrendelknop voor zwenk- arm |
| 10 | Aandrijving 2, geel |
| 11 | Aandrijving 3, rood |
| 12 | Hoofdaandrijving, zwart |
| 13 | Uitsparingen voor de kom |
| 14 | Kabelvak |
5.2 Draaischakelaar
Met de draaischakelaar start en stopt u de verwerking en kiest u de snelheid.
| Sym-bool | Functie |
| ○ Verwerking stoppen. | |
| Ω Ingrediënten op de laagste snelheid mengen. | |
| 1 Ingrediënten op een lage snelheid verwerken. | |
| 7 Ingrediënten op de hoogste snelheid verwerken. | |
| M1 | Ingrediënten kort op de hoogste snelheid verwerken.→ "Momentschakeling gebruiken", Pagina 137 |
| M/A1 | Afhankelijk van de toepassing:■ Ingrediënten kort op de hoogste snelheid verwerken.→ "Momentschakeling gebruiken", Pagina 137■ Automatisch programma starten.→ "SensorControl Plus", Pagina 141 |
| 1 | Afhankelijk van de apparaatuitvoe-ring |
Tip: U kunt de snelheid traploos tussen 1 en 7 instellen.
5.3 Lichtring ^1
De lichtring van de draaischakelaar informeert u over de bedrijfstoestand van uw apparaat.
| Indicatie Status | |
| De lichtring brandt en de ver-werking is bezig. | Het apparaat werkt goed. |
| Indicatie Status | |
| De lichtring brandt niet en de verwerking kan niet worden ge-start. | ■ Het apparaat heeft geen stroomvoorziening.■ Er is een fout in het apparaat aanwezig. |
| De lichtring brandt en de ver-werking kan niet worden gestart of voortgezet. | ■ De timer heeft de verwerking beëindigd.■ Er is een veiligheidssysteem is geactiveerd.■ Er is een fout in het apparaat aanwezig. |
Tip: Meer informatie vindt u hier:
→ "Veiligheidssystemen", Pagina 133
→ "Storingen verhelpen", Pagina 147
5.4 Bedieningspaneel
Hier vindt u een overzicht van het bedieningspaneel.
→ Fig. 3
| 1 | Toets Weegschaal ^1 |
| 2 | Toets Timer |
| 3 | Toets SensorControl Plus ^1 |
| 4 | Insteltoetsen |
| 5 | Display |
^1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
5.5 Functietoetsen
Met de functietoetsen kunt u extra functies kiezen of instellingen opgeven. Voor het maken van een keuze raakt u de gewenste symbolen met uw vinger aan.
| Sym-bool | Functie |
![]() | TimerTimer gebruiken.Timer terugzetten.Extra functies beëindigen. |
![]() | Weegschaal ^1 Weegschaal gebruiken.Weegschaal kalibreren.Extra functies beëindigen. |
![]() | SensorControl Plus ^1 Automatisch programma kiezen.Extra functies beëindigen. |
| — ■ Instellingen wijzigen.Waarden verlagen. | |
| + ■ Instellingen wijzigen.Waarden verhogen. | |
| ^1 Afhankelijk van de apparaatuitvoe-ring | |
- ■ Instellingen wijzigen.
■ Waarden verlagen. - ■ Instellingen wijzigen.
■ Waarden verhogen.
^1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
Opmerking: De toetsen met de vingers en zonder keukenhandschoenen bedienen. U kunt de toetsen niet bedienen met voorwerpen zoals pollepels.
5.6 Display
Op het display worden instellingen, informatie, waarden en meldingen over de bedrijfstoestand weergegeven.
Zodra de stekker in het stopcontact wordt gestoken, wordt het display geactiveerd en verschijnt hierop "Opti-MUM".
Op het display worden teksten van 2 regels weergegeven. Lange teksten worden als lopende tekst op het display weergegeven.
Opmerking: Als er binnen een be-paalde tijd geen bediening heeft plaatsgevonden, wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld. Om het display weer te activeren, kunt u op een toets drukken of de verwerking starten.
Tip: U kunt de taal en helderheid van het display op elk moment wijzigen.
→ "Overzicht van de basisinstellingen", Pagina 137
5.7 Aandrijvingen
Uw apparaat is uitgerust met verschillende aandrijvingen die speciaal op de hulpstukken en toebehoren zijn af-gestemd.
Opmerking: De aandrijvingen 2 en 3 zijn afgedekt met beschermdeksels.
→ "Aandrijvingsbeschermdeksel", Pagina 137
Kleurmarkering
De aandrijvingen zijn met kleuren gemarkeerd.
Deze kleurmarkeringen vindt u ook op de toebehoren en helpen u de juiste aandrijving te selecteren.
Overzicht van de aandrijvingen
Hier vindt u een overzicht van de aandrijvingen en hun gebruiksdoel.
| Aandrijving | Gebruik |
| Hoofd-aandrijving, zwart | Voor de hulpstukken en voor accessoires, bij-voorbeeld:■ Vleeswolf■ Pasta-voorzetstuk |
![]() | |
| Aandrijving 2, geel | Voor geel gemarkeerde accessoires, bijv.■ Continue rasp- en snij-apparaat■ Multimixer-opzetstuk |
![]() | |
| Aandrijving 3, rood | Voor rood gemarkeerde accessoires, bijv.■ Glazen mixeropzetstuk■ Multi-fijnmaakset |
![]() |
5.8 Hulpstukken
Hier worden de belangrijkste aspecten van de verschillende hulpstukken beschreven.
De hulpstukken zijn met een beschermkap uitgerust om de aandrijving tegen verontreinigingen te beschermen.
De beide uitwerptoetsen van de beschermkap vergemakkelijken het verwijderen van de hulpstukken.
→ "Hulpstuk verwijderen", Pagina 135
Overzicht van de hulpstukken
Gebruik het juiste hulpstuk voor de betreffende toepassing.
| Hulp-stuk | Gebruik |
![]() | Kneedhaak■ Deeg kneden, bijv. gist-deeg, brooddeeg, pizza-deeg, pastadeeg, ge-bakdeeg.■ Mengen van ingrediën-ten in het deeg, bijv. za-den. |
![]() | Roergarde 'Profi Flexi'1■ Deeg roeren, bijv. taart-deeg, fruittaart.■ Mengen van ingrediën-ten in het deeg, bijv. ro-zijnen, stukjes chocola-de. |
![]() | Professionele garde■ Eiwit en room (minstens 30 % vetgehalte) klop-pen.■ Lichte deegsoorten mengen, bijv. biscuit-deeg. |
| ^1 Afhankelijk van het model | |
Fijnafstelling van professionele garde
Corrigeer met de fijnafstelling de afstand tussen de kom en professionele garde.
Opmerking: De professionele garde is in de fabriek zo afgesteld dat de ingrediënten optimaal met elkaar worden vermengd.
Afstelling van hulpstuk corrigeren
LET OP!
Het apparaat en de hulpstukken kunnen door een onjuiste afstelling van een hulpstuk worden beschadigd.
- Nooit een hulpstuk gebruiken dat de kom aanraakt.
Vereisten
■ De stekker is niet op het stopcontact aangesloten.
■ De draaiarm is geopend.
■ De professionele garde is aangebracht.
■ De kom is aangebracht.
- De garde met één hand aan het onderstuk vasthouden en de contramoer met een steeksleutel met de klok mee losdraaien.
$$ \rightarrow \text { Fig. } 4 $$
- Het hulpstuk draaien om de afstand te veranderen.
$$ \rightarrow \text { Fig. } ⑤ $$
De waarden in de tabel in acht ne- men:
Instelling Afstand
| Optimale instelling | 3 mm |
| Eén slag met de klok mee | 1 mm meer |
| Eén slag tegen de klok in | 1 mm minder |
-
De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omlaag drukken tot deze vastklikt.
-
De instelling controleren.
-
De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omhoog bewegen tot deze vastklikt.
-
De garde met één hand aan het onderstuk vasthouden en de contramoer met een steeksleutel tegen de klok in vastdraaien.
5.9 Veiligheidssystemen
Hier vindt u een overzicht van de veiligheidssystemen van uw apparaat.
Inschakelbeveiliging
De inschakelbeveiliging voorkomt dat uw apparaat ongewild wordt ingeschakeld.
Het apparaat kan alleen worden ingeschakeld en bediend wanneer
■ de draaiarm is stand 1 is vastgeklikt en de kom is aangebracht.
■ de draaiarm is stand 1 is vastgeklikt en de universele adapter op de hoofdaandrijving is aangebracht.
Beveiliging tegen opnieuw inschakelen
De beveiliging tegen opnieuw inschakelen voorkomt dat het apparaat de verwerking na een stroomuitval automatisch start.
Het apparaat wordt na een stroomuit-val weer ingeschakeld. De verwer-king kan pas weer worden gestart nadat de draaischakelaar op O is ge-zet.
Overbelastingsbeveiliging
De overbelastingsbeveiliging voorkomt dat de motor en andere onderdelen door een te hoge belasting worden beschadigd.
De motor wordt uitgeschakeld wanneer
■ er een te grote hoeveelheid wordt verwerkt.
■ er te lang wordt verwerkt.
■ het hulpstuk of een accessoire geblokkeerd raakt.
Draaiarmbeveiliging
De draaiarmbeveiliging voorkomt dat de draaiarm kan worden geopend wanneer er hulpstuk op de achterste aandrijving is aangebracht.
6 Voor het eerste gebruik
Bereid het apparaat voor voor het gebruik.
nl Bediening
6.1 Apparaat voorbereiden
- De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omhoog bewegen tot deze vastklikt.
→ "Draaiarm openen", Pagina 134
- De kom met de klok mee draaien en verwijderen.
→ "Kom verwijderen", Pagina 135
- Alle onderdelen die met levens-middelen in aanraking komen voor het eerste gebruik reinigen.
→ "Reiniging en onderhoud", Pagina 143
- De gereinigde en gedroogde onderdelen gereed leggen voor het gebruik.
Stel de lengte van het aansluitsnoer naar behoefte in.
Snoerlengte met het snoeropbergvak instellen ^1
-
Het aansluitsnoer er tot de benodigde lengte uittrekken.
-
Het snoer in het snoeropbergvak schuiven om de snoerlengte te verkorten.
Snoerlengte met de snoeroproller instellen ^1
-
Het aansluitsnoer er tot de benodigde lengte uittrekken en langzaam loslaten.
-
Voor het verkorten van de snoerlengte,
- aan het snoer trekken,
- het snoer laten opwikkelen,
- het snoer er opnieuw uittrekken.
Opmerking: Het snoer er niet met de hand inschuiven. Wanneer het snoer klem zit, het snoer er geheel uittrekken en opnieuw laten opwikkelen.
7.2 Draaiarmstanden
Hier vindt u een overzicht van de standen van de draaiarm.
Positie Gebruik
Stand 1 Draaiarm is gesloten.
- Ingredienten met de hulpstukken verwerken.
■ Toebehoren op de hoofdaandrijving gebruiken, bijv. Vleeswolf.
■ Toebehoren op de aan-drijving 2 gebruiken, bijv. Continue rasp- en snijapparaat
■ Toebehoren op de aan- drijving 3 gebruiken, bijv. Glazen mixeropzet- stuk
■ Kom aanbrengen of verwijderen.
■ Deksel aanbrengen of verwijderen.
■ Hulpstuk aanbrengen of verwijderen.
■ Ingrediënten in de kom doen.
7.3 Draaiarm openen
- De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omhoog bewegen tot deze vastklikt.
→ Fig. 6
√ De draaiarm is in stand 2 vastgezet.
7.4 Draaiarm sluiten
- De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omlaag drukken tot deze vastklikt.
→ Fig. 7
√ De draaiarm is in stand 1 vastgezet.
7.5 Kom verwijderen
- De kom met de klok mee draaien en verwijderen.
→ Fig. 8
7.6 Kom aanbrengen
- De kom op het basisapparaat plaatsen.
→ Fig. 9
Op de uitsparingen op het basis-apparaat letten.
- De kom tegen de klok in draaien tot deze vastklikt.
→ Fig. 10
7.7 Komdeksel bevestigen
Vereiste: Er is geen hulpstuk aangebracht.
- Het deksel op de hoofdaandrijving aanbrengen tot het vastklikt.
→ Fig. 11
De vulopening moet naar voren wijzen.
7.8 Komdeksel verwijderen
Vereiste: Er is geen hulpstuk aangebracht.
- Het deksel van de hoofdaandrijving trekken.
7.9 Hulpstuk aanbrengen
- Het benodigde hulpstuk selecteren.
→ "Overzicht van de hulpstukken", Pagina 132
- Het hulpstuk in de hoofdaandrijving drukken tot het vastklikt.
→ Fig. 12
De beschermkap a moet de hoofdaandrijving volledig afdekken.
7.10 Hulpstuk verwijderen
- De beide uitwerptoetsen ⓑ samendrukken en het hulpstuk volledig uit de aandrijving trekken.
→ Fig. 13
7.11 Verwerking
Hier worden de belangrijkste aspecten van de verwerking van levensmiddelen beschreven.
Snelheidsadviezen
Houd u aan de snelheidsadviezen om optimale resultaten te bereiken.
| Instel-ling | Gebruik |
| Ingrediënten mengen en behoedzaam doorroeren, bijv. geklopt eiwit. | |
| 1-2 Ingrediënten roeren en mengen. | |
| 3 Zware deegsoorten kne-den, bijv. gistdeeg. | |
| 5-7 Ingrediënten kloppen en roeren, bijv. slagroom. | |
| ^1 Afhankelijk van de apparaatuitvoe-ring | |
| M^1 | Ingrediënten kort op de hoogste snelheid kloppen en roeren.→ "Momentschakeling ge-bruiken", Pagina 137 |
| M/A^1 | Afhankelijk van de toepas-sing:■ Ingrediënten kort op de hoogste snelheid klop-pen en roeren.→ "Momentschakeling gebruiken", Pagina 137■ Snelheid met behulp van het automatische programma regelen.→ "SensorControl Plus", Pagina 141 |
| ^1 | Afhankelijk van de apparaatuitvoe-ring |
Ingrediënten met de hulpstukken verwerken
Roterende aandrijvingen, hulpstukken of toebehoren kunnen letsel veroorzaken.
- De handen, het haar, de kleding en andere voorwerpen uit de buurt van roterende delen houden.
- De hulpstukken en toebehoren alleen bij stilstand van de aandrijving en uit het stopcontact verwijderde stekker aanbrengen en verwijderen.
- Voor het verwisselen van hulpstukken of het reinigen het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact verwijderen.
- De hulpstukken alleen gebruiken als de kom is geplaatst, het deksel is aangebracht en het aandrijvingsbeschermdeksel is geplaatst.
- De draaiarm nooit tijdens de verwerking openen.
Vereisten
■ De kom is aangebracht.
■ De komdeksel is aangebracht.
■ Het benodigde hulpstuk is aangebracht.
-
De ingredienten in de kom doen. → Fig. 14
-
De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omlaag drukken tot deze vastklikt. → Fig. 15
-
De stekker in het stopcontact steken.
-
De draaischakelaar weer op de gewenste snelheid zetten. → Fig. 16
-
De ingrediënten zo lang verwerken tot het gewenste resultaat is bereikt.
-
De draaischakelaar op Zetten. → Fig. 17 Wachten tot het apparaat stilstaat.
-
De stekker uit het stopcontact halen.
Tips
■ U kunt de snelheid tijdens de verwerking op elk moment wijzigen of de verwerking onderbreken.
■ Reinig direct na gebruik alle onderdelen reinigen om het vastkoeken van resten te voorkomen.
Ingrediënten toevoegen
-
Tijdens de verwerking de ingrediënten voorzichtig via de vulopening in het deksel toevoegen. → Fig. 18
-
Voor het toevoegen van grotere hoeveelheden ingrediënten de draaischakelaar op ○ zetten. Wachten tot het apparaat stilstaat.
-
De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omhoog bewegen tot deze vastklikt.
- De ingrediënten in de kom doen.
- De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omlaag drukken tot deze vastklikt.
- De ingrediënten zo lang verwerken tot het gewenste resultaat is bereikt.
Momentschakeling gebruiken
- De draaischakelaar op M ^1 of M/A ^1 zetten en vasthouden.
→ Fig. 19
√ De ingrediënten worden op de hoogste snelheid verwerkt.
- De draaischakelaar loslaten. → Fig. 20
De draaischakelaar springt op.
√ De verwerking wordt gestopt.
Tip
De momentschakeling is bijzonder geschikt voor het gebruik van de volgende toebehoren:
■ Glazen mixeropzetstuk
■ Multi-fijnmaakset
■ Multimixer-opzetstuk
7.12 Aandrijvingsbeschermdeksel
Verwijder het beschermdeksel om toebehoren op de aandrijving 2 of 3 te gebruiken.
Aandrijvingsbeschermdeksel verwijderen
- Het beschermdeksel met behulp van het lipje aan de zijkant van aandrijving 2 of 3 tillen en verwijderen.
→ Fig. 21
Aandrijvingsbeschermdeksel aanbrengen
- Het beschermdeksel van aandrijving 2 of 3 aanbrengen en vastdrukken.
→ Fig. 22
8 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
8.1 Overzicht van de basisinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de basisinstellingen.
Instelling Beschrijving
| Taal Taal van displayinstellen. | |
| TOON Signaaltonen uit-schakelen of ge-luidssterkte in-stellen. | |
| HELDERHEID Helderheid vandisplay instellen. | |
| EENHEDEN1 | Weergave-eenhe-den van deweegschaal in-stellen. |
| 1 Afhankelijk van de apparaatuitvoe-ring | |
8.2 Basisinstellingen wijzigen
Vereiste: De stekker is op het stop-contact aangesloten.
- Als het display uitgeschakeld is, op een willekeurige toets drukken.
nl Timer
- En tegelijkertijd ingedrukt houden.
√ Op het display wordt het configura- tiemenu weergegeven. - Met Ⓤ de gewenste instelling selecteren.
- Met of de gekozen instelling wijzigen.
√ Op het display wordt "OPSLAAN: O & +" weergegeven. - Voor het opslaan van de instelling ⚙ en + tegelijkertijd ingedrukt houden.
√ Op het display wordt "CONFIG." "OPGESL." weergegeven. - Om bijkomende instellingen te wijzigen of op te slaan, de stappen 3-5 herhalen.
- Voor het verlaten van het configuratiemenu een van de volgende opties selecteren:
- 📁, Ⓤ of 📋 gedrukt houden.
- De verwerking starten.
9 Timer
U kunt de tot nog toe verstreken verwerkingsduur aflezen of een duur instellen.
Tip: U kunt met de timer ook tijden bewaken, bijv. rusttijden van deeg.
9.1 Weergavewaarden van de timer
Let bij gebruik van de timer op de volgende waarden.
| Weergavebereik 0 | seconden tot 3uren |
| Weergavestappen | 1 seconde |
| Instelgedeelte 5 | seconden tot 3uren |
Instelstappen 5 seconden
9.2 Aanwijzingen voor de timer
Houd u voor een optimaal gebruik van de timer aan de volgende aanwijzingen.
Opmerkingen
■ Als de timer tijdens de verwerking wordt gestopt of uitgeschakeld, wordt de verwerking voortgezet.
■ Als de verwerking wordt gestart terwijl de timer loopt, beëindigt het apparaat de verwerking na afloop van de restduur.
■ Wanneer u de verwerking minder dan 3 minuten onderbreekt, blijven de laatst weergegeven waarden opgeslagen en gaan ze verder als de verwerking wordt hernomen.
Tips
■ U kunt met + of -op elk moment de restduur aanpassen.
■ Als u tof ingedrukt houdt, veranderen de waarden sneller.
■ U kunt de geluidssterkte van de signaaltonen op elk moment wijzigen.
→ "Overzicht van de basisinstellingen", Pagina 137
9.3 Verwerkingsduur aflezen en terugzetten
Opmerking
De weergave van de tot nog toe verstreken verwerkingsduur start niet
■ wanneer de verwerkingsduur vooraf is ingesteld.
■ wanneer de functie SensorControl Plus wordt gebruikt.
- De draaischakelaar weer op de gewenste snelheid zetten.
√ Op het display worden "TIJD" en de tot nog toe verstreken verwerkingsduur weergegeven.
- Om de weergave te resetten naar "00:00" ①ingedrukt houden.
9.4 Ingrediënten met de timer verwerken
Vereiste: Het apparaat is voorbereid en de ingrediënten zijn toegevoegd. → "Ingrediënten met de hulpstukken verwerken", Pagina 136
- Als het display uitgeschakeld is, op een willekeurige toets drukken.
- Druk op Ⓤ.
√ Op het display wordt "TIMER" en "00:00" weergegeven.
3. Stel de gewenste tijdsduur in met + of ÷
4. De draaischakelaar weer op de gewenste snelheid zetten.
√ Op het display wordt de resteren-de verwerkingsduur weergegeven.
- Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal en wordt op het display "EINDE" "TIMER" weergegeven.
√ Het apparaat stopt de verwerking automatisch en op het display wordt "DRAAISCHAKELAAR OP 0 DRAAIEN" weergegeven.
- De draaischakelaar op ○ zetten.
9.5 Timer zonder verwerking gebruiken
- Als het display uitgeschakeld is, op een willekeurige toets drukken.
- Druk op Ⓤ.
√ Op het display wordt "TIMER" en "00:00" weergegeven.
-
Stel de gewenste tijdsduur in met + of ÷
-
Voor het starten van de timer twee maal kort op Ⓤdrukken.
√ Op het display wordt de restduur afgeteld.
- Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal en wordt op het display "EINDE""TIMER" weergegeven.
9.6 Timer pauzeren of uit- schakelen
Vereisten
■ De timer loopt.
- Op het display wordt de aflopende tijd weergegeven.
- Twee keer kort op Ⓤ drukken.
√ De timer stopt.
√ Op het display wordt continu de resterende tijd weergegeven.
- Twee keer kort op Ⓤ drukken.
√ De timer wordt weer gestart.
√ De resterende tijd wordt verder afgeteld.
- Voor het uitschakelen van de timer ingedrukt houden.
√ Op het display wordt "OptiMUM" weergegeven.
10 Weegschaal ^1
Uw apparaat is voorzien van een weegschaal. U kunt ingrediënten afzonderlijk wegen of vooraf een gewicht instellen.
Het basisapparaat heeft 4 gewichts-sensoren in de standvoeten.
De volgende factoren kunnen het meetresultaat vervalsen:
■ Standvoeten staan niet goed op het werkblad.
■ Trillingen van het werkblad
nl Weegschaal
■ Voorwerpen onder het basisappa- raat
■ Kleinere hoeveelheden ingrediënten dan 5 g of 0,01 lb
■ Verschuiving van het basisapparaat
■ Aanraking van het basisapparaat
■ Voorwerpen op het basisapparaat
10.1 Weergavewaarden van de weegschaal
Let bij gebruik van de weegschaal op de volgende waarden.
Weergave-eenheid in gram
| Weergavebereik -990 g tot en met 5000 g | |
| Weergavestappen | 5 g |
| Instelbereik 50 g tot en met 3000 g | |
| Instelstappen 10 g | |
Weergave-eenheid in Engels pond
| Weergavebereik -2,20 lb tot en met 11,00 lb | |
| Weergavestap- pen | 0,01 lb |
| Instelbereik 0,10 lb tot en met 6,60 lb | |
| Instelstappen 0,02 lb | |
Tip: U kunt de weergave-eenheden van de weegschaal op elk moment wijzigen.
→ "Overzicht van de basisinstellingen", Pagina 137
10.2 Ingrediënten wegen
Vereisten
■ De kom is geplaatst of er is een accessoire aangebracht.
■ De draaischakelaar staat op ○
■ Het display is geactiveerd.
- Op 📊drukken en het apparaat niet meer aanraken.
- De weegschaal wordt gekali-breerd.
√ Op het display wordt "----" weergegeven. - De kalibratie afwachten.
√ Op het display wordt "0 g" of "0.00 lb" weergegeven. - Het gewenste ingrediënt erin doen.
√ Op het display wordt het gewicht weergegeven. - Voor het wegen van verdere ingrediënten een van de volgende op- ties selecteren:
- Verdere ingrediënten toevoegen en het totale gewicht aflezen.
- De procedure herhalen en de ingrediënten afzonderlijk wegen.
10.3 Gewicht vooraf instellen
Vereisten
■ De kom is aangebracht.
■ De draaischakelaar staat op O.
- Als het display uitgeschakeld is, op een willekeurige toets drukken.
- Op 📋 drukken en het apparaat niet meer aanraken.
-
De weegschaal wordt gekali-breerd.
√ Op het display wordt "----" weergegeven. -
De kalibratie afwachten.
√ Op het display wordt "0 g" of "0.00 lb" weergegeven.
- Druk op +
√ Op het display wordt "100 g" of "0.20 lb" weergegeven.
-
Stel het gewenste gewicht in met + of ÷
-
Het gewenste ingrediënt in de kom doen.
√ Op het display wordt de ontbrekende resterende hoeveelheid weergegeven, bijv. 65 g.
√ Vanaf een resterende hoeveelheid van 40 g of 0,08 lb wordt een terugkerend geluidssignaal weergegeven.
- De ingrediënt in kleine hoeveelheden verder toevoegen.
√ Hoe geringer de ontbrekende resterende hoeveelheid, hoe sneller het geluidssignaal wordt weergegeven.
- Als de vooraf ingestelde hoeveelheid is bereikt, wordt het geluidssignaal uitgeschakeld.
-
Opmerking: Als de vooraf ingestelde hoeveelheid wordt overschreden, wordt er een continu geluidssignaal weergegeven. Op het display wordt de te veel toegevoegde hoeveelheid als een negatieve waarde aangegeven, bijv. -40 g. De te veel toegevoegde hoeveelheid weer verwijderen.
-
Voor het beëindigen van het we- gen ingedrukt houden of de ver- werking starten.
Tip: U kunt de geluidssterkte van de signaaltonen op elk moment wijzigen. → "Overzicht van de basisinstellingen", Pagina 137
10.4 Weegschaal terugzetten
Als er een foutmelding verschijnt of als er abnormale meetwaarden worden weergegeven, moet u de weeg-schaal terugzetten.
- Houd 📋 ingedrukt.
√ Op het display wordt "OptiMUM" weergegeven
- Voor het starten van de weeg- schaal op 📄 drukken.
Opmerking: Als de problemen met de weegschaal aanhouden, neemt u de stekker van het apparaat enige tijd uit het stopcontact en start u de weegschaal daarna opnieuw.
11 SensorControl Plus ^1
Met de functie SensorControl Plus kunt u verschillende programma's uitvoeren en levensmiddelen automatisch laten verwerken.
Sensoren bewaken de verwerking van de ingrediënten en beëindigen de verwerking automatisch na het bereiken van de voorgeprogrammeerde consistentie.
Houd u voor optimale resultaten aan de volgende aanwijzingen:
■ Vóór het eerste gebruik van de functie SensorControl Plus het nieuwe apparaat minstens 2 minuten leeg gebruiken of levensmidde- len zonder auto programma ver- werken.
■ Alleen de beschreven combinaties van levensmiddel, hoeveelheid en hulpstuk zijn geprogrammeerd. Andere combinaties niet met de auto programma's verwerken.
■ Geen verdere levensmiddelen meer toevoegen nadat er een auto programma is gestart.
■ Reeds verwerkte ingrediënten niet opnieuw met een auto programma verwerken.
■ De versheid, temperatuur en bestanddelen van de gebruikte ingrediënten zijn van invloed op de benodigde tijd en het resultaat.
■ Alleen verse eieren verwerken.
■ Alleen room verwerken die tot ca. 6 °C is gekoeld.
■ Voordien bevroren room kan niet geklopt worden.
nl SensorControl Plus
■ Room met additieven of lactose-vrije room leidt niet tot optimale resultaten.
■ Suiker, aroma's en andere additieven voor room of geklopt eiwit pas na beëindiging van het auto programma door de massa mengen.
Opmerkingen
■ Additieven pas toevoegen wanneer op het display "0 g", "0.00 lb" of "INGREDIËNTEN TOEVOEGEN" wordt weergegeven.
■ Als er een automatisch programma wordt uitgevoerd, zijn de toetsen vergrendeld.
■ Voor het afbreken van een automatisch programma de draaischakelaar op Ozetten. Hiervoor moet een geringe weerstand worden overwonnen.
11.1 Programma-overzicht
Hier vindt u een overzicht van de automatische programma's en hun toepassing.
| Programma Gebruik | |
| ROOM Automatische bereiding van 300-1500 ml slagroom met de klop-garde | |
| ROOM > 300 ml^1 | Automatische bereiding van 300-700 ml slagroom met de klop-garde |
| ROOM > 700 ml^1 | Automatische bereiding van 700-1500 ml slagroom met de klop-garde |
| EIWIT Automatische bereiding van geklopt eiwit op basis van het eiwit van 2-12 eieren met de klopgarde | |
| ^1 Model zonder geïntegreerde weegschaal | |
| Programma Gebruik |
| GISTDEEG Automatische bereiding van gistdeeg met de kneedhaak Ingrediënten en hoe-veelheden volgens recept → "Receptenover-zicht", Pagina 144 |
^1 Model zonder geïntegreerde weegschaal
11.2 SensorControl Plus gebruiken
Hier wordt beschreven hoe u een auto programma kiest en start.
Vereisten
■ De kom is aangebracht.
■ De komdeksel is aangebracht.
-
Het juiste hulpstuk aanbrengen:
-
Klopgarde voor slagroom en ei-wit
-
Kneedhaak voor gistdeeg
-
De stekker in het stopcontact steken.
√ Op het display wordt "OptiMUM" weergegeven.
- Druk op
√ Op het display wordt "ROOM" weergegeven.
-
Met ♦ of het gewenste pro- gramma selecteren, bijv. "EIWIT".
-
De weegschaal wordt gekali-breerd.
√ Op het display wordt "----" weergegeven. -
De kalibratie afwachten.
√ Op het display wordt "0 g" of "0.00 lb" weergegeven.
- Het juiste ingrediënt in de kom doen, bijv. eiwit.
√ Op het display wordt het gewicht weergegeven.
- Opmerking: Bij apparaten zonder weerschaal wordt na de programmakeuze "INGREDIËNTEN TOE-VOEGEN" op het display weergegeven. De afgemeten ingrediënten in de kom doen.
- Na het toevoegen een korte tijd wachten.
√ Op het display wordt "DRAAI-SCHAKELAAR 2 s OP M/A" weergegeven. - De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omlaag drukken tot deze vastklikt.
- De draaischakelaar op M/A zetten en minstens 2 seconden vasthouden.
- De draaischakelaar loslaten.
√ De draaischakelaar blijft op M/A staan.
√ Op het display wordt "SENSOR CONTROL PLUS" weergegeven en het auto programma loopt.
- Wanneer het voorgeprogrammeer-de resultaat is bereikt, wordt op het display "KLAAR" weergegeven.
- De draaischakelaar springt op en de verwerking wordt beëindigd.
Tip: Wanneer het resultaat niet naar wens is, kunt u room en geklopt eiwit met snelheid 7 of gistdeeg met snelheid 3 tot de gewenste consistentie verder verwerken.
12 Reiniging en onder- houd
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
12.1 Reinigingsmiddelen
In het navolgende leert u welke reini- gingsmiddelen geschikt zijn voor het apparaat.
LET OP!
Het apparaat kan worden beschadigd bij gebruik van ongeschikte reinigingsmiddelen of een ondeskundige reiniging.
- Gebruik geen reinigingsmiddelen die alcohol of spiritus bevatten.
- Gebruik geen scherpe, puntige of metalen voorwerpen.
- Gebruik geen schurende doeken of schurende reinigingsmiddelen.
- Het bedieningspaneel en het display alleen reinigen met een vochtig microvezeldoekje.
12.2 Basisapparaat reinigen
⚠️ WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Nooit het apparaat of het netsnoer in water dompelen of in de vaatwasser plaatsen.
-
Geen stoomreiniger of hogedruk-reiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
-
Het aandrijvingsbeschermdeksel verwijderen.
- Het basisapparaat en aandrijvingsbeschermdeksel met een zachte, vochtige doek schoonvegen.
- Het bedieningspaneel en het display reinigen met een vochtig microvezeldoekje.
- Het basisapparaat en aandrijvingsbeschermdeksel met een zachte doek afdrogen.
12.3 Reinigingsoverzicht
In dit overzicht wordt aangegeven hoe u het apparaat en de verdere onderdelen het beste kunt reinigen. → Fig. 23
Tip: Aan de kunststof onderdelen kunnen verkleuringen optreden, bijvoorbeeld bij de verwerking van wortel. Verwijder de verkleuringen met een zachte doek en een paar druppels spijsolie.
13 Speciale accessoires
Accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in de vakhandel of op internet. Gebruik alleen originele accessoires, omdat deze precies op uw apparaat zijn afgestemd. Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-Nr.) van uw apparaat op. → Pagina 150 Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u in onze catalogus, in de online-shop of bij de servicedienst te weten komen.
www.bosch-home.com
14 Recepten en toepassingsvoorbeelden
Hier vindt u verschillende recepten die speciaal voor uw apparaat zijn ontwikkeld.
Tips
■ Houd u voor optimale resultaten aan de opgegeven maximale verwerkingshoeveelheden.
■ Als uw apparaat met SensorControl Plus is uitgerust, kunt u voor de bereiding van slagroom, eiwit en gistdeeg de automatische programma's gebruiken.
→ "SensorControl Plus", Pagina 141
■ Als uw apparaat met een weeg-schaal is uitgerust, kunt u de ingre-dienten wegen tijdens het toevoe-gen.
→ "Weegschaal", Pagina 139
■ U kunt de verwerkingstijden met de timer controleren of vooraf instellen.
→ "Timer", Pagina 138
14.1 Receptenoverzicht
In dit overzicht vindt u de ingrediënten en verwerkingsstappen voor verschillende recepten.
Recept Ingrediënten: Verwerking
| Slagroom 200-1500 g room ■ Klopgarde plaatsen. | |
| ■ Room erin doen.■ 112 -4 minuten op stand 7 verwerken. | |
| Eiwit 2-12 eiwit (kamertemperatuur) ■ Klopgarde plaatsen. | |
| ■ Eiwit toevoegen.■ 4-6 minuten op stand 7 verwerken. | |
| Recept Ingrediënten: Verwerking | ||
| Biscuitdeeg ■ 3 eieren■ 3-4 eetlepels warm water■ 150 g suiker■ 1 eetlepel vanillesuiker■ 150 g bloem (gezeefd)■ 50 g zetmeel■ Bakpoeder (naar wens)Opmerking: Maximaal 2 keer deze hoeveelheid tegelijk verwerken. | ■ Klopgarde plaatsen.■ Alle ingrediënten behalve de bloem en het zetmeel toevoegen.■ 4-7 minuten op stand 7 verwerken.■ Op stand 1 zetten.■ Binnen 30-60 seconden de bloem en het zetmeel toevoegen. | |
| Roerdeeg ■ 3-4 eieren■ 200-250 g suiker■ 1 snufje zout■ 1 eetlepel vanillesuiker of geraspte schil van een halve citroen■ 200-250 g boter of margarine (kamertemperatuur)■ 500 g bloem■ 15 g bakpoeder■ 150 ml melkOpmerking: Maximaal 212 keer deze hoeveelheid tegelijk verwerken. | ■ Roergarde plaatsen.■ Alle ingrediënten erin doen.■ 30 seconden op stand 2 verwerken.■ 2-3 minuten op stand 7 verwerken. | |
| Zandtaartdeeg ■ 125 g boter■ 100-125 g suiker■ 1 ei■ 1 snufje zout■ wat vanillesuiker of geraspte citroenschil■ 250 g bloem■ Bakpoeder (naar wens)Opmerking: Maximaal 4 keer deze hoeveelheid tegelijk verwerken. | ■ Roergarde plaatsen.■ Alle ingrediënten erin doen.■ 30 seconden op stand 2 verwerken.■ 2-3 minuten op stand 6 verwerken.■ Bij meer dan 250 g bloem:■ Kneedhaak plaatsen.■ Alle ingrediënten erin doen.■ 30 seconden op stand 1 verwerken.■ 3-4 minuten op stand 3 verwerken. | |
| Gistdeeg ■ 500 g bloem■ 1 ei■ 80 g vet (kamertemperatuur)■ 80 g suiker■ 200-250 ml lauwe melk■ 25 g verse gist of 1 el droge gist.■ geraspte schil van een halve citroen■ 1 snufje zoutOpmerking: Maximaal 3 keer deze hoeveelheid tegelijk verwerken. | ■ Kneedhaak plaatsen.■ Alle ingrediënten erin doen.■ 30 seconden op stand 1 verwerken.■ 3-6 minuten op stand 3 verwerken. | |
| Pastadeeg ■ 500 g bloem■ 250 g eieren (ca. 5 stuks)■ 20-30 ml koud water (naar wens)Opmerking: Maximaal 112 keer deze hoeveelheid tegelijk verwerken. | ■ Kneedhaak plaatsen.■ Alle ingrediënten erin doen.■ 3-5 minuten op stand 3 verwerken. | |
| Brooddeeg ■ 1000 g bloem■ 2 el droge gist■ 2 theelepels zout■ 660 ml lauw waterOpmerking: Maximaal 112 keer deze hoeveelheid tegelijk verwerken. | ■ Kneedhaak plaatsen.■ Alle ingrediënten erin doen.■ 30 seconden op stand 1 verwerken.■ 3-6 minuten op stand 3 verwerken. | |
15 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Storing Oorzaak en probleemoplossing
| Apparaat werkt niet. Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. ▶ Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. | |
| Apparaat start de ver-werking niet. | Draaischakelaar is onjuist ingesteld. ▶ Zet de draaischakelaar voor de verwerking op ○ |
| Ontgrendelknop kan niet worden ingedrukt. | Op de rode aandrijving 3 is een toebehoren aange-bracht. ▶ Verwijder het toebehoren van de aandrijving 3. |
| Weegschaal geeft geen gewichtswijzig-ing aan hoewel er ingrediënten zijn toegevoegd.1 | Hoeveelheid ingrediënten ligt onder het meetbereik van de weegschaal. ▶ Voeg minstens 5 g of 0,01 lb toe om correcte waar-den op de weegschaal weer te geven. |
| Storing Oorzaak en probleemoplossing | |
| Verwerking met de functie SensorControl Plus wordt kort gestart en direct weer beëindigd.1 | Draaischakelaar is niet lang genoeg op M/A stgehouden.Kies het gewenste automatische programma op-nieuw.→ "SensorControl Plus", Pagina 1412. Voor het starten van de verwerking zet u de draai-schakelaar op M/A en houdt u de draaischakelaar minstens 2 seconden in deze stand. |
| Displaymelding "MO-TOR OVERBELAST" verschijnt. | Verwerkingshoeveelheid is te groot of verwerkingsduur was te lang.Zet de draaischakelaar op ○Verminder de hoeveelheid ingrediënten.Laat het apparaat tot kamertemperatuur afkoelen. |
| Apparaat of toebehoren is geblokkeerd.Zet de draaischakelaar op ○Verwijder de blokkering. | |
| Motor is defect.Als de melding blijft verschijnen, neemt u contact op met onze servicedienst.→ "Servicedienst", Pagina 150 | |
| Displaymelding "ARM OPEN" verschijnt. | Draaiarm werd geopend.Zet de draaischakelaar op ○Beweeg de draaiarm tot deze correct vastklikt. |
| Displaymelding "KOM CONTROLEREN" verschijnt. | Kom of universele adapter is niet correct aangebracht of is losgeraakt.Draai de kom tegen de klok in tot aan de aanslag.Bevestig de universele adapter zoals in de gebruiksaanwijzing van het toebehoren is beschreven. |
| Displaymelding "FOUT" "WEEG-SCHAAL" verschijnt.1 | Het apparaat is op het werkblad verschoven.Til het apparaat op en zet het weer neer.Zet de weegschaal terug.→ "Weegschaal terugzetten", Pagina 141 |
| Weegschaal functioneert niet naar behoren.Zet de weegschaal terug.→ "Weegschaal terugzetten", Pagina 141 | |
| Weegschaal is defect. | |
| Displaymelding"FOUT" "WEEG-SCHAAL" verschijnt.1 | ► Als de melding blijft verschijnen, neemt u contact op met onze servicedienst.→ "Servicedienst", Pagina 150 |
| Weegschaal is aan trillingen blootgesteld.► Gebruik het apparaat niet op werkvlakken die aan trillingen zijn blootgesteld, bijv. door een werkende vaatwasser. | |
| Displaymelding"VOOR WEEG-SCHAAL" "STOP AP-PARAAT" verschijnt.1 | Weegschaal is bij draaiend apparaat ingeschakeld.1. Zet de draaischakelaar op ○2. Wacht tot het apparaat stil staat alvorens de weeg-schaal te gebruiken. |
| Displaymelding"OVERBELAST" of"ONDERBELAST"verschijnt.1 | Weergavewaarden van de weegschaal zijn overschre-den of niet gehaald.► Neem de weergavewaarden van de weegschaal in acht.→ "Weergavewaarden van de weegschaal",Pagina 140 |
| Displaymelding"OVERBELAST" of"ONDERBELAST" ver-schijnt bij gebruik van SensorControl Plus.1 | Er zijn te veel of te weinig ingrediënten voor het geko-zen programma toegevoegd.► Voeg de ingrediënten in de opgegeven hoeveelhe-den toe.→ "SensorControl Plus", Pagina 141 |
| Displaymelding "IN-GREDIËNTEN TOE-VOEGEN" verschijnt, hoewel ingrediënten al zijn toegevoegd. Het automatische pro-gramma kan niet wor-den gestart.1 | Ingrediënten zijn toegevoegd voordat de weegschaal was geactiveerd.1. Maak de kom leeg.2. Kies het programma nogmaals.3. Wacht de kalibratie van de weegschaal af.✓ Op het display wordt "0 g" of "0.00 lb" weergege-ven.4. Voeg de ingrediënten toe. |
16 Afvoeren
16.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- Het netsnoer doorknippen.
- Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
17 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 7 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de service-dienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.
17.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.








