Honda BF2.3D - Buitenboordmotor

BF2.3D - Buitenboordmotor Honda - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis BF2.3D Honda in PDF-formaat.

📄 77 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice Honda BF2.3D - page 2
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
Merk Honda
Model BF2.3D
Categorie Buitenboordmotor
Type motor 4-takt, bovenliggende kleppen, eencilinder
Cilinderinhoud 57,2 cm³
Vermogen 1,7 kW (2,3 pk)
Toerentalbereik 5.000 - 6.000 min⁻¹
Brandstof Loodvrije benzine (min. 91 RON)
Brandstoftankinhoud 1,0 L
Smeersysteem Spatsmering
Voorgeschreven motorolie SAE 10W-30, API SG/SH/SJ
Inhoud oliecarter 0,25 L
Transmissieolie SAE 90 Hypoid, API GL-4
Inhoud transmissiehuis 0,05 L
Startsysteem Handmatige trekstarter
Ontsteking Transistor-magneetontsteking
Koelsysteem Geforceerde luchtkoeling
Uitlaatsysteem Onderwateruitlaat
Bougie NGK CR4HSB of Denso U14FSR-UB
Elektrodenafstand 0,6 - 0,7 mm
Stuurinrichting Hendel, 360° draaibaar
Kantelhoek 75°
Spiegelhoek 4 standen (5°, 10°, 15°, 20°)
Standaardschroef 3 bladen, diameter 184 mm, spoed 120 mm
Totale lengte 410 mm
Totale breedte 280 mm
Totale hoogte (korte schacht) 945 mm
Totale hoogte (lange schacht) 1.100 mm
Gewicht (korte schacht, met centrifugaalkoppeling) 13,0 kg
Gewicht (lange schacht, met centrifugaalkoppeling) 13,5 kg
Veiligheidsvoorzieningen Dodemansschakelaar met koord, kantelblokkering, frictiebout stuuruitslag
Onderhoudsinterval (olie verversen) Eerste keer na 10 uur/1 maand, daarna elke 50 uur/6 maanden
Geluidniveau (geluidsdruk op oorhoogte) 82 dB
Trillingen 6,5 m/s² rms

Veelgestelde vragen - BF2.3D Honda

Welke brandstof moet ik gebruiken voor de Honda BF2.3D?
Gebruik loodvrije benzine met een octaangetal van minimaal 91 RON (pomp octaangetal 86 of hoger). Gebruik geen benzine met meer dan 10% ethanol of 5% methanol. Bij twijfel over alcoholgehalte, kies benzine zonder alcohol.
Hoe start ik de motor?
Zet de motor in het water (schroef onder water). Draai de ontluchtingsdop 2-3 slagen open, zet de brandstofkraan open, bevestig de clip van het dodemanskoord aan de dodemansschakelaar en de pols van de bestuurder. Zet de gashendel/handgreep op START. Trek de chokeknop uit bij koude motor. Trek langzaam aan het startkoord tot weerstand, trek dan krachtig door.
Welke olie moet ik gebruiken en hoe vaak verversen?
Gebruik Honda 4-takt motorolie of gelijkwaardig, SAE 10W-30, API classificatie SG, SH of SJ. Ververs de eerste keer na 10 gebruiksuren of 1 maand en daarna elke 50 uur of 6 maanden. Inhoud oliecarter: 0,25 L.
Wat is het dodemanskoord en hoe gebruik ik het?
Het dodemanskoord is een veiligheidsvoorziening die de motor uitschakelt als de bestuurder overboord valt. Bevestig de clip aan de dodemansschakelaar en het andere uiteinde stevig aan uw pols. De motor start alleen als de clip is bevestigd.
Hoe vervoer ik de buitenboordmotor veilig?
Vervoer de motor verticaal (bevestigd aan een motorstandaard) of horizontaal (liggend op de beschermkap met omgeklapte stuurhendel). Zet de brandstofkraan dicht en sluit de ontluchtingsdop. Gebruik nooit de motorafdekkap als draaggreep.
Wat moet ik doen als de motor in het water is gevallen?
Haal de motor direct uit het water. Spoel af met zoet water, tap brandstof af, ververs de olie, verwijder de bougie en trek een paar keer aan het startkoord om water uit de cilinder te verwijderen. Giet een theelepel olie in het bougiegat en probeer te starten. Breng de motor zo snel mogelijk naar een Honda-dealer voor controle.
Hoe stel ik de trimhoek in?
Draai de vleugelmoer van de stelbout los. Verplaats de bout naar een van de vier inkepingen (5°, 10°, 15° of 20°) voor de gewenste hoek. Draai de vleugelmoer weer vast. Zorg dat de bout vergrendeld is om schade te voorkomen.
Welke bougie wordt aanbevolen en hoe controleer ik deze?
Gebruik een NGK CR4HSB of Denso U14FSR-UB. Controleer elke 50 uur of 6 maanden de elektrodenafstand (0,6-0,7 mm). Vervang elke 200 uur of bij zichtbare slijtage. Draai de bougie vast met de bougiesleutel.
Hoe kan ik de motor onderhouden voor een lange levensduur?
Volg het onderhoudsschema: olie verversen (elke 50 uur), transmissieolie verversen (elke 50 uur), bougie controleren/vervangen, anode controleren, startkoord controleren, smeren van bewegende delen. Spoel de motor na gebruik in zout water met zoet water. Gebruik alleen originele Honda-onderdelen.
Wat zijn de veiligheidsmaatregelen bij gebruik?
Draag altijd een zwemvest. Gebruik de motor niet zonder afdekkap. Bevestig het dodemanskoord aan uw pols. Zet de motor uit als iemand overboord valt. Let op hete delen en brandgevaar. Start de motor nooit in een afgesloten ruimte (gevaar voor koolmonoxide). Houd brandstof uit de buurt van kinderen.

Gebruikersvragen over BF2.3D Honda

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Buitenboordmotor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BF2.3D - Honda en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BF2.3D van het merk Honda.

GEBRUIKSAANWIJZING BF2.3D Honda

“e-SPEC” was oorspronkelijk het symbool van ons streven om “de natuur te beschermen voor de komende generaties”.

Nu symboliseert het tevens de milieuvriendelijke technologiee"n toegepast in Honda motoren, power equipment, buitenboordmotoren enz.

Dank u voor het aanschaffen van deze Honda buitenboordmotor.

Dit instructieboekje beschrijft de bediening en het onderhoud van de Honda BF2D/BF2.3D

buitenboordmotor.

Alle in deze uitgave opgenomen informatie is gebaseerd op de meest recente beschikbare informatie bij het ter perse gaan.

Honda Motor Co., Ltd behoudt zich het recht voor om wijzigingen op ieder moment zonder voorafgaande kennisgeving door te voeren.

Niets uit deze uitgave mag worden gereproduceerd zonder schriftelijke toestemming.

Dit instructieboekje dient te worden beschouwd als onderdeel van de buitenboordmotor en dient daarom bij verkoop bij de buitenboordmotor te blijven.

De veiligheidsinstructies in dit instructieboekje worden middels de volgende woorden en symbolen aangegeven. Hier volgt de betekenis:

⚠ GEVAAR

Geeft aan dat dit zal leiden tot lichamelijk letsel of zelfs levensgevaar als de aanwijzingen niet worden opgevolgd.

⚠ WAARSCHUWING

Geeft aan dat er een grote kans bestaat op lichamelijk letsel of zelfs levensgevaar als de aanwijzingen niet worden opgevolgd.

▲LET OP

Geeft aan dat er een kans bestaat op lichamelijk letsel of materiële schade als de aanwijzingen niet worden opgevolgd.

ATTENTIE

Geeft aan dat er materiële schade kan ontstaan als de aanwijzingen niet worden opgevolgd.

OPMERKING: Verschaft nuttige informatie.

Raadpleeg bij problemen en vragen een officiële Honda-buitenboordmotor-dealer.

▲ WAARSCHUWING

Honda buitenboordmotoren zijn zodanig ontworpen dat deze veilig en betrouwbaar zijn, mits op de juiste manier bediend. Bestudeer het instructieboekje alvorens de buitenboordmotor te gebruiken. Als dit niet gebeurt, kan dit leiden tot persoonlijk letsel of beschadiging van het materiaal.

- De afbeeldingen kunnen, afhankelijk van het type, enigszins afwijken.

Honda Motor Co., Ltd. 2003, Alle Rechten Voorbehouden

OPMERKING: Houd er rekening mee dat de uitvoering van de buitenboordmotor afhangt van het land waar deze verkocht wordt.

De BF2D is verkrijgbaar in de volgende uitvoeringen, afhankelijk van de staartstuklengte, het type gashendel en de eventuele aanwezigheid van een centrifugaalkoppeling.

Type K is een buitenboordmotor die voldoet aan alle emissie-eisen die zijn opgesteld voor de Bodensee.

TYPECODE Voorbeeld L H C K Bestemming D: Export algemeen, K: Bodensee Standaard, U: Europa (BF2.3D) Type gashendel H: Gashendel handgreep type Geen: Uitvoering met gashendel C: De motor is uitgerust met een centrifugaalkoppeling. Geen: De motor is niet uitgerust met een centrifugaalkoppeling. Staartstuklengte S: Kortstaart, L: Langstaart

Controleer het type buitenboordmotor en lees dit instructieboekje aandachtig door alvorens de motor te gebruiken. Teksten zonder type-aanduiding gelden voor alle types/uitvoeringen.

SERIENUMMER MACHINE

Noteer de serienummers van de motor als referentie. Geef serienummers door bij het bestellen van onderdelen, bij het stellen van technische vragen of het indienen van garantieclaims.

MOTORNUMMER (onder motorafdekkap)

Het serienummer is ingeslagen in de motorbeugel. Het serienummer is ingeslagen in de motorbeugel.

Serienummer:

Serienummer motor:

INHOUD

  1. VEILIGHEID 6

Veiligheidsmaatregelen 6

Plaats van CE-merk 9

  1. IDENTIFICATIE VAN ONDERDELEN.... 10

  2. BEDIENINGEN 11

Handgreep startkoord.... 11

Chokeknop.... 11

Dodemansschakelaar 11

Gashendel/handgreep gashendel 12

Frictieknop gashendel 13

Brandstofkraan.... 13

Kijkglas olieniveau.... 13

Dodemanskoord/clip 14

Kantelhefboom 15

Anode 15

Sluiting motorafdekkap.... 16

Frictiebout stuuruitslag 16

Spiegelhoek instellingsbout en verstelschroef.... 16

Ontluchtingsdop 17

Klemschroeven 17

  1. PLAATSEN....18

Spiegelhoogte 18

Locatie 18

Inbouwhoogte 19

Bevestiging motor 20

Hoek motor.... 20

  1. CONTROLE VOORAF 22

Verwijderen/plaatsen motorafdekkap 22

Motoroliepeil 23

Brandstofniveau....24

Benzine met alcohol 25

Overige controles 26

  1. STARTEN VAN DE MOTOR 27

Starten van de motor.... 27

Noodstart....31

Storingzoeken bij startproblemen 33

  1. WERKING.... 34

Werking 34

Kantelen van de motor 37

Varen in ondiep water 39

Gebruik op grote hoogte 39

  1. MOTOR UITZETTEN....40

  2. TRANSPORT 42

Transport 42

Transporteren 45

  1. REINIGEN EN SPOELEN 46

INHOUD

  1. ONDERHOUD 47

Gereedschapset en reserveonderdelen 48

ONDERHOUDSSCHEMA 49

Verversen van de motorolie.... 51

Verversen staartstukolie.... 52

Controle van startkoord.... 53

Onderhoud bougie.... 54

Smering....56

Vervangen van breekpen 57

Service aan een gezonken motor 58

Aftappen van de benzine.... 60

Motorolie....62

Opslag van de buitenboordmotor 62

  1. STORINGZOEKEN....64

  2. SPECIFICATIES....66

  3. BEDRADINGSSCHEMA 69

  4. ADRESSEN VAN HONDA-IMPORTEURS 70

  5. INDEX....73

VEILIGHEID1.

VEILIGHEIDSMAATREGELEN

Schenk voor uw eigen veiligheid en die van anderen bijzondere aandacht aan de volgende voorzorgsmaatregelen.

Verantwoordelijkheden van gebruiker

Honda BF2.3D - Verantwoordelijkheden van gebruiker - 1

- De Honda buitenboordmotor is zodanig ontworpen dat deze veilig en betrouwbaar is, mits op de juiste manier bediend. Bestudeer het instructieboekje alvorens de buitenboordmotor te gebruiken. Als dit niet gebeurt, kan dit leiden tot persoonlijk letsel of beschadiging van het materiaal.

Honda BF2.3D - Verantwoordelijkheden van gebruiker - 2

- De motor wordt tijdens het gebruik heet en zal ook na het uitzetten nog enige tijd heet blijven.

  • Zorg ervoor dat u weet hoe u de motor in een noodsituatie snel kunt uitschakelen. Ken alle bedieningsmogelijkheden en weet hoe deze gebruikt moeten worden.
  • Gebruik geen zwaardere motor dan door de fabrikant van de boot is voorgeschreven en controleer de bevestiging van de buitenboordmotor.
  • Laat de buitenboordmotor niet bedienen door iemand die niet op de hoogte is van de werking.
  • Zet de motor onmiddellijk stil als er iemand overboord valt.
  • Laat de motor niet lopen als de boot zich in de buurt bevindt van iemand in het water.
  • Bevestig het koord van de noodstopschakelaar op de juiste wijze aan de bestuurder.
  • Bestudeer, voordat u de buitenboordmotor gaat gebruiken, eerst de wetten en regels die betrekking hebben op het gebruik van boot en motor.

  • Breng geen modificaties aan de motor aan.

  • Draag altijd een zwemvest als u aan boord bent.
  • Gebruik de buitenboordmotor niet zonder motorafdekkap. Onbeschermd ronddraaiende delen kunnen verwondingen veroorzaken.
  • Laat de beugels, veiligheidslabels, schilden, afdekplaten en veiligheidsvoorzieningen zitten; deze zijn gemonteerd voor uw eigen veiligheid.

Brandgevaar

Benzine is licht ontvlambaar en brandstofdampen zijn explosief. Wees uiterst voorzichtig met benzine. UIT DE BUURT VAN KINDEREN HOUDEN.

- Vul de tank bij in een goed geventileerde ruimte en met stilstaande motor. Rook niet en voorkom open vuur en vonken.

- Mors geen brandstof. Doe de brandstoftank niet te vol (er mag zich geen brandstof in de vulpijp bevinden). Draai de tankdop na het vullen goed dicht. Verwijder gemorste brandstof alvorens de motor te starten.

De uitlaat kan erg heet worden en ook na het uitzetten van de motor nog enige tijd heet blijven. Aanraking met hete motoronderdelen kan brandwonden veroorzaken en kan ontbranding veroorzaken van bepaalde materialen.

  • Voorkom aanraking van hete delen van motor en uitlaatsysteem.
  • Laat de motor eerst afkoelen alvorens onderhoud te plegen of te vervoeren.

Gevaar voor koolmonoxidevergiftiging De uitlaatgassen bevatten onder andere het giftige koolmonoxide, een kleurloos en reukloos gas. Inademing hiervan kan leiden tot bewusteloosheid en kan zelfs dodelijk zijn.

- Als u de motor laat lopen in een afgesloten of gedeeltelijk afgesloten ruimte, kan de lucht vervuild raken met een gevaarlijke hoeveelheid uitlaatgas. Ventileer de ruimte goed om de ophoping van uitlaatgassen te voorkomen.

PLAATS VAN VEILIGHEIDSLABELS2.

Deze labels waarschuwen voor mogelijke gevaren die ernstig letsel kunnen veroorzaken.

Lees de labels, veiligheidsaanwijzingen en voorzorgsmaatregelen zorgvuldig door.

Als een label loslaat of slecht leesbaar is, vraag uw Honda-dealer dan om een nieuw exemplaar.

Honda BF2.3D - PLAATS VAN VEILIGHEIDSLABELS2. - 1

Start de motor met het startkoord.

ChokeknopHandgreep startkoord Dodemansschakelaar
Honda BF2.3D - PLAATS VAN VEILIGHEIDSLABELS2. - 2

Als de motor koud is, trek dan aan de chokeknop om de motor gemakkelijk te laten aanslaan. Trek aan de chokeknop om de motor te voorzien van een rijk mengsel.

DRUK DODEMANSSCHAKELAAR

Druk op de dodemansschakelaar om de motor uit te schakelen.

BEDIENINGEN

Gashendel/handgreep gashendel

Beweeg de gashendel/de handgreep van de gashendel in de aangegeven richtingen om de motor sneller of langzamer te laten draaien.

Uitvoering met GASHENDEL
GASHENDEL LANGZAAM SNEL

Uitvoering met HANDGREEP
HANDGREEP GASHENDEL SNEL LANGZAAM

FRICTIEKNOP GASHENDEL VRIJ GEBLOKKEERD

Gebruik de frictieknop om de gashendel vast te zetten, zodat met een constante snelheid gevaren kan worden. Door de frictieknop rechtsom te draaien wordt de handgreep van de gashendel vastgezet. Deze wordt weer losgezet door de knop linksom te draaien.

Brandstofkraan KIJKGLAS OLIENIVEAUFfrictieknop gashendel
BRANDSTOFKRAAN AAN UIT

Draai de brandstofkraan open om de motor te starten.

MAXIMUM NIVEAU MINIMUM NIVEAU KIJKGLAS OUENIVEAU

Controleer het motorolieniveau via het kijkglas wanneer de motor uit geschakeldisende buitenboordmotor verticaal staat.

BEDIENINGEN

Dodemanskoord/clip
DODEMANSKOORD CLIP DODEMANSSCHAKELAAR

Het dodemanskoord is bedoeld om de motor onmiddellijk uit te schakelen als de bestuurder overboord valt.

De motor stopt wanneer de clip aan het eind van het koord van de dodemansschakelaar wordt uitgetrokken.

Bevestig het uiteinde van het dodemanskoord aan de pols van de bestuurder wanneer de buitenboordmotor gebruikt wordt.

RESERVECLIP

DODEMANSKOORD
KOORD DODEMAI

CLIP DODEMANSSCHAKELAAR

▲ WAARSCHUWING

Als het dodemanskoord niet bevestigd is, kan de boot onbestuurbaar worden, bijvoorbeeld als de bestuurder overboord valt en de buitenboordmotor niet meer kan bedienen.

Voor de veiligheid van de bestuurder en passagiers dient de clip van het dodemanskoord aan de motorstopschakelaar bevestigd te worden. Maak het andere eind van het dodemanskoord vast aan de pols van de bestuurder.

OPMERKING:

De motor zal alleen starten als de clip van het dodemanskoord bevestigd is aan de dodemansschakelaar. In de gereedschapset zit een reserveclip voor de motorstopschakelaar.

Honda BF2.3D - OPMERKING: - 1

Kantel de motor bij het varen in ondiep water, bij het te-water-laten of bij het aanmeren met behulp van de kantelblokkering.

Kantel de buitenboordmotor door de draagbeugels zoals aangegeven vast te houden. De veerbelaste kantelblokkering zal automatisch in de juiste positie komen en de motor tegenhouden als deze ongeveer 75° gekanteld is.

Houd de buitenboordmotor vast en trek voorzichtig aan de kantelblokkering om de motor in de normale stand te laten zakken.

ANODEKantelhefboom
Kortstaart Langstaart ANODES

De anode beschermt de buitenboordmotor tegen corrosie.

BEDIENINGEN

Sluiting motorafdekkap
MOTORAFDEKKAP SLUITING

Gebruik de sluiting om de motorafdekkap vast te zetten. Verwijder de motorafdekkap niet terwijl de motor loopt.

Frictiebout stuuruitslag
FRICTIEBOUT BESTURING VERHOGEN VAN DE FRICTIE VERLAGEN VAN DE FRICTIE

Met de frictiebout kan de stuurweerstand worden afgesteld.
Draai de bout rechtsom om de frictie te verhogen om gemakkelijker rechtuit te kunnen varen of om te voorkomen dat de motor gaat slingeren als de boot op de trailer vervoerd wordt.
Draai de bout linksom om de frictie te verminderen.

Spiegelhoek instellingsbout en verstelschroef
Honda BF2.3D - BEDIENINGEN - 3

STELBOUT EN VLEUGELMOER
Gebruik de stelbout om de motorhoek aftestellenindenormalestandvoc het varen.
De motorhoek kan in vier standen afgesteld worden door de positie van de stelbout te wijzigen.

Ontluchtingsdop Klemschroeven ONTLUCHTINGSDOP
Honda BF2.3D - BEDIENINGEN - 4

De ventilatieknop sluit de brandstoftank luchtdicht af. Open de ventilatie van de brandstoftank door de ontluchtingsdop ten minste 2 of 3 slagen linksom te draaien.

Draai de ventilatieknop linksom om deze te openen, zodat de dop verwijderd kan worden om de tank te vullen.

Draai de ventilatieknop rechtsom en sluit deze goed voordat de buitenboordmotor vervoerd of opgeslagen wordt.

Honda BF2.3D - BEDIENINGEN - 5

Bevestig de motorbeugels met de klemschroeven aan de spiegel.

PLAATSEN5.

ATTENTIE

Een niet goed gemonteerde buitenboordmotor kan tot gevolg hebben dat deze in het water valt, dat de boot niet rechtuit kan varen, het motortoerental niet kan toenemen of dat veel brandstof verbruikt wordt.

Het wordt aanbevolen de motor door een Honda-buitenboordmotor-dealer te laten bevestigen.

Raadpleeg een officiële Honda-dealer voor werking en montage van extra opties/uitrusting.

Geschikte Boot

Zorg ervoor dat de boot en de motor goed op elkaar afgestemd zijn:

BF2D: 1,5 kW (2,0 pk)

BF2.3D: 1,7 kW (2,3 pk)

Aanbevelingen voor het vermogen zijn op nagenoeg iedere boot vermeld.

▲ WAARSCHUWING

Gebruik geen zwaardere motor dan door de fabrikant van de boot is voorgeschreven. Anders kan dat leiden tot schade en verwondingen.

Spiegelhoogte
Honda BF2.3D - ▲ WAARSCHUWING - 1

Kies een buitenboordmotor die geschikt is voor de spiegelhoogte van uw boot.

Locatie
MIDDEN VAN DE BOOT

Plaats de buitenboordmotor op de spiegel, op de hartlijn van de boot.

Inbouwhoogte

SPIEGELHOOGTE BOOT WATEROPPERVLAK 150 mm ANTICAVITATIEPLAAT

Controleer de montagehoogte van de motor door naar de anticavitatieplaat te kijken. Zorg ervoor dat de motor uitgeschakeld is, dat de boot in het water ligt en dat deze op de juiste manier beladen is.

De anticavitatieplaat moet zich ongeveer 150 mm onder water bevinden.

De juiste afmetingen verschillen, afhankelijk van het type boot en de vorm van de bodem van de boot. Volg de aanbevolen montagehoogte die de bootfabrikant opgeeft.

Als de buitenboordmotor te laag gemonteerd is, zal de boot "duiken" en moeilijk te planeren zijn en zal de motor water opspatten wat in de boot terecht kan komen. Het zal zorgen voor deining en de stabiliteit op hoge snelheid zal verminderen.

Als de buitenboordmotor te hoog gemonteerd is, zal de schroef geen stuwkracht hebben (sproeien).

ATTENTIE

Wanneer de buitenboordmotor extreem laag gemonteerd is, kan er water in de motor komen onder de afdekkap. Dit kan een negatieve uitwerking hebben op de prestaties en levensduur.

Controleer wanneer u de buitenboordmotor monteert, dat de motor hoog genoeg boven het waterniveau geplaatst is, bij uitgeschakelde motor en volledig geladen boot. Dit om te voorkomen dat golven, spatten, etc. onder de kap van de motor komen.

PLAATSEN

Honda BF2.3D - PLAATSEN - 1

Bevestig de steun aan de spiegel en draai de klemschroeven vast.

ATTENTIE

  • Controleer tijdens het varen regelmatig of de klemschroeven nog vastzitten.
  • Bind een touw door de opening in de ophangbeugel en bevestig het andere uiteinde van het touw aan de boot. Hiermee wordt voorkomen dat de motor verloren raakt.

Hoek motor (varen)Bevestiging motor
Honda BF2.3D - ATTENTIE - 1

Bevestig de buitenboordmotor in de meest gunstige trimhoek voor stabiel varen en maximaal vermogen. Trimhoek te groot: Onjuist, voorzijde boot komt omhoog. Trimhoek te klein: Onjuist, voorzijde boot wil duiken.

De trimhoek is afhankelijk van de combinatie van boot, buitenboordmotor en schroef, en de gebruiksomstandigheden.

<

Stel de motor zo af dat deze haaks op het wateroppervlak staat (de schroefas staat parallel aan de bodem van de boot).

Afstellen motorhoek
Honda BF2.3D - ATTENTIE - 2

  1. Draai de vleugelmoer van de stelbout los.
  2. Stel de motorhoek af en draai de vleugelmoer vast. Zorg ervoor dat de boutkop en de vleugelmoer in een van de vier inkepingen van de stelsleuf vallen.

ATTENTIE

Overtuig u ervan dat de stelbout vergrendeld is, om schade aan motor en boot te voorkomen.

CONTROLE VOORAF6.

De BF2D/BF2.3D is een 4-takt buitenboordmotor met geforceerde luchtkoeling. Hij loopt op loodvrije benzine met een octaangetal van 91 RON of meer. De motor is voorzien van een gescheiden smeersysteem. Controleer het volgende alvorens de buitenboordmotor te gebruiken.

▲LET OP

Voer de volgende controles uit met uitgeschakelde motor.

Verwijderen/plaatsen motorafdekkap
LUS MOTORAFDEKKAP

Gebruik de sluiting om de motorafdekkap vast te zetten of los te maken.

⚠ WAARSCHUWING

Gebruik de buitenboordmotor niet zonder motorafdekkap. Onbeschermd ronddraaiende delen kunnen verwondingen veroorzaken.

ATTENTIE

  • Motorolie is een belangrijke factor voor wat betreft motorvermogen en levensduur. Olie zonder reinigende additieven en olie van lage kwaliteit zijn ongeschikt vanwege hun matige smeereigenschappen.
  • Als de motor met te weinig olie draait, kan dit leiden tot ernstige motorschade.

OPMERKING:

Om een onjuiste meting van het motorolieniveau te voorkomen moet het peil pas gecontroleerd worden als de motor afgekoeld is.

Voorgeschreven olie

Gebruik Honda 4-takt motorolie of een gelijkwaardige topkwaliteit hoog detergente motorolie die voldoet aan of beter is dan de vereisten van service classifikaties SG, SH of SJ van de Amerikaanse auto-industrie. De motorolie-classificatie SG, SH of SJ moet aangegeven staan op de verpakking.

SAE 10W-30 is voorgeschreven voor algemeen gebruik bij alle temperaturen.

10W-30 -20 -10 0 10 20 30 40°C 0 20 40 60 80 100°F

OMGEVINGSTEMPERATUUR

MAXIMUM NIVEAU MINIMUM NIVEAU

KIJKGLAS OLIENIVEAU

  1. Plaats de buitenboordmotor verticaal en vlak en controleer het olieniveau in het kijkglas.
  2. Als het olieniveau onderaan het kijkglas staat, vul dan olie bij tot aan het merkteken voor het maximum niveau (zie blz. 51

CONTROLE VOORAF

0,25 L

ATTENTIE

Vul niet te veel motorolie bij. Controleer het olieniveau na het vullen. Als de motor met te veel of te weinig olie draait, kan dit leiden tot ernstige motorschade.

Brandstofniveaulnhoud oliecarter:
TANKDOP ONTLUCHTINGSDOP

Verwijder de tankdop en controleer het brandstofniveau. Vul de tank bij als deze bijna leeg is.

OPMERKING:

Open de ventilatieknop voordat de vuldop verwijderd wordt. Als de ventilatieknop strak vastgedraaid is, zal de kap moeilijk te verwijderen zijn.

Draai de tankdop na het vullen goed dicht.

BRANDSTOFTANK BRANDSTOF

Gebruik loodvrije benzine van 91 RON of hoger (een benzinepomp octaan getal van 86 of hoger) Het gebruik van loodhoudende benzine kan schade aan de motor veroorzaken.

Gebruik geen brandstof waarin olie vermengd is of vuile brandstof. Houd de brandstoftank vrij van vuil, stof en water.

  • Benzine is licht ontvlambaar en onder bepaalde omstandigheden explosief.
  • Vul de tank bij in een goed geventileerde ruimte en met stilstaande motor.
  • Rook niet en voorkom open vuur en vonken tijdens het tanken en in ruimten waar brandstof is opgeslagen.
  • Doedebrandstoftankniette magzichgeenbrandstofinde vulpijp bevinden). Zorg ervoor na het bijtanken de tankdop goed te sluiten.
  • Mors geen brandstof. Gemorste brandstof en brandstofdampen kunnen ontbranden. Verwijder gemorste brandstof alvorens de motor te starten.
  • Voorkom herhaaldelijk of langdurig contact met de huid of inademen van dampen.
  • UIT DE BUURT VAN KINDEREN HOUDEN.

BENZINE MET ALCOHOL

Als benzine met alcohol gebruikt wordt, zorg er dan voor dat het octaangetal minimaal zo hoog is als voorgeschreven door Honda. De benzine kan vermengd zijn met ethanol of met methanol. Gebruik geen benzine met meer dan 10% ethanol. Als de benzine methanol bevat, zorg er dan voor dat het mengsel ook oplos- en conserveringsmiddelen voor methanol voeve. Gebruik geen benzine met meer dan 5% methanol, zelfs niet als het mengsel oplos- en conserveringsmiddelen voor methanol bevat.

OPMERKING:

  • Als benzine met alcohol gebruikt wordt, vervalt de garantie op schade aan het brandstofsysteem of problemen met het motorvermogen. Omdat nog onvoldoende bewezen is dat het gebruik van methanol onschadelijk is, kan Honda het gebruik hiervan niet goedkeuren.
  • Probeer, alvorens brandstof bij een onbekende leverancier aan te schaffen, er achter te komen of de brandstof alcohol bevat en zo ja, het soort en de hoeveelheid. Als de motor ongewenste symptomen vertoont bij gebruik van benzine met alcohol of benzine waarvan wordt vermoedt dat deze alcohol bevat, gebruik dan benzine waarvan zeker is dat deze geen alcohol bevat.

CONTROLE VOORAF

Overige controles

(1) (2) (3) (4) (5)

Controleer de volgende onderwerpen:

(1) De schroef en de splitpen op beschadiging en loszitten.
(2) De stuurhendel op beschadiging en op een juiste werking.
(3) De ophangbeugel op beschadiging en loszitten.
(4) De gereedschapset op ontbrekende reserveonderdelen en gereedschappen.
(5) De anode op beschadiging, loszitten en overmatige corrosie.

De anode beschermt de buitenboordmotor tegen beschadiging door corrosie; deze moet tijdens het gebruik van de motor in direct contact met het water zijn. Vervang de anode als deze ongeveer de helft van de oorspronkelijke afmetingen heeft.

ATTENTIE

Als de anode geschilderd wordt of niet meer aanwezig is, zal er corrosie ontstaan aan de motor.

Onderdelen/materialen die aan boord aanwezig moeten zijn:

(1)Instructieboekje
(2)Gereedschapset
(3)Reservebougies, -motorolie, -schroef en -splitpennen.
(4)Informatie betreffende wetten en regels.

STARTEN VAN DE MOTOR7.

Starten van de motor

⚠ WAARSCHUWING

De uitlaatgassen bevatten onder andere het giftige koolmonoxide; inademing hiervan kan leiden tot bewusteloosheid en kan zelfs dodelijk zijn.

Laat de buitenboordmotor nooit draaien in een afgesloten ruimte.

ATTENTIE

De schroef moet onder water zijn. Wanneer u de motor niet in het water laat draaien, kan de motor oververhit raken.

ONTLUCHTINGSDOP OPEN TANKDOP

  1. Open de ontluchtingsdop 2 tot 3 slagen.

BRANDSTOFKRAAN AAN AAN

  1. Zet de brandstofkraan open.

STARTEN VAN DE MOTOR

RESERVECLIP

  1. Bevestig de clip van het dodemanskoordje aan de noodstopschakelaar. Het andere eind van het dodemanskoordje dient stevig aan de bestuurder van de boot vastgemaakt te worden.

CLIP DODEMANSSCHAKELAAR DODEMANSSCHAKELAAR DODEMANSKOORD

▲ WAARSCHUWING

Als de bestuurder van de boot het dodemanskoord niet vast maakt en om welke reden dan ook uit de boot valt of van zijn of haar zitplaats schiet, kan de ongecontroleerde boot de bestuurder, passagiers en omstanders ernstig verwonden. Bevestig daarom altijd het dodemanskoord voordat de motor gestart wordt.

OPMERKING:

  • De motor kan alleen gestart worden als de dodemansschakelaarclip bevestigd is aan de dodemansschakelaar.
  • In de gereedschapset zit een reserveclip voor de motorstopschakelaar.

STARTEN VAN DE MOTOR

Uitvoering met GASHENDEL
GASHENDEL START START

Uitvoering met HANDGREEP

HANDGREEP GASHENDEL START START

  1. Beweeg de gashendel of de handgreep naar stand START.

▲LET OP

Start de motor niet als de gashendel/handgreep van de gashendel in stand SNEL staat. De boot kan hierdoor plotseling in beweging komen.

CHOKEKNOP TREK

  1. Als de motor koud is of de omgevingstemperatuur laag is, trek dan de chokeknop naar de ON positie (hierdoor wordt de motor voorzien van een rijk mengsel)

STARTEN VAN DE MOTOR

Trekrichting HANDGREEP STARTKOORD

  1. Trek licht aan het startkoord tot er weerstand gevoeld wordt. Trek dan stevig in de door de pijl aangegeven richting zoals hierboven te zien.

ATTENTIE

  • Laat het startkoord niet terugschieten. Laat het rustig terugkeren om beschadiging van het startmechanisme te voorkomen.
  • Trek niet aan het startkoord terwijl de motor loopt, hierdoor kan de starter beschadigd raken.
  • Zet de buitenboordmotor recht voordat u de handgreep van de repeteerstarter aantrekt.

CHOKEKNOP DRUK

Controleer of de clip dodemansschakelaar als de motor niet gestart kan worden.

Als de chokeknop werd gebruikt om de motor te starten, druk deze dan geleidelijk in zodra de motor warm wordt.

Controleer tijdens het varen of de anticavitatieplaat te allen tijde onder water blijft. Overmatige of ongelijkmatige belading zal de diepte van de motor beïnvloeden. Door te veel gewicht voorin te laden zal de motor uit het water komen, waardoor de koeling afneemt. Door te veel gewicht achterin te laden zal de motor dieper door het water gaan, waardoor de prestaties afnemen.

STARTEN VAN DE MOTOR

Noodstart

Als de trekstarter om wat voor reden dan ook niet goed werkt, kan de motor gestart worden met behulp van het reservestartkoord in de gereedschapset.

MOTORAFDEKKAP

  1. 2/erwijder de afdekkap.

Honda BF2.3D - Noodstart - 2

Verwijder de repeteerstarter door de drie moeren van 5 mm te verwijderen.

STARTEN VAN DE MOTOR

STARTKOORD

  1. Wikkel het reservestartkoord rechtsom om de poelie en trek er stevig aan om de motor te starten.

▲ WAARSCHUWING

Raak de bewegende delen niet aan.

  1. Monteer de repeteerstarter niet en plaats de afdekkap.

▲ WAARSCHUWING

Onbeschermd ronddraaiende delen kunnen verwondingen veroorzaken. Wees bijzonder voorzichtig als de motorafdekkap geplaatst wordt. Gebruik de buitenboordmotor niet zonder motorafdekkap.

Storingzoeken bij startproblemen

SYMPTOOM MOGELIJKEOORZAAK OPLOSSING
De motor slaat niet aan.Clip dodemansschakelaar niet bevestigd.Plaats de clip dodemansschakelaar in de motorstopschakelaar. (blz. 28)
De gashendel/handgreep van de gashendel staat niet in stand START.Beweeg de gashendel/handgreep gashendel naar stand START. (blz. 29)
Geen benzine. Vul benzine bij.(blz. 24)
De brandstofkraan is niet opengezet.Zet de brandstofkraan in stand OPEN. (blz. 27)
Ventilatieknop niet open.Draai ventilatieknop open. (blz. 27)
Motor verzopen.Maak bougie schoon en droog. (blz. 54)
Bougiedop is niet goed geplaatst.Plaats de bougiedop goed. (blz. 54)

WERKING8.

Werking 1.

Invaarprocedure

Tijdens de invaarperiode kunnen de bewegende onderdelen van de motor op elkaar inlopen, hetgeen een positieve invloed heeft op de prestaties en de levensduur van de motor. Laat uw nieuwe buitenboordmotor als volgt inlopen.

Laat de buitenboordmotor gedurende de eerste 10 gebruiksuren met lage toerentallen draaien, vermijd langdurig met volgas draaien en draai het gas niet abrupt open en dicht.

Sturen
Honda BF2.3D - Invaarprocedure - 1

Om de boot naar rechts te draaien, moet de stuurhendel naar links bewogen worden. Om naar links te draaien, moet de stuurhendel naar rechts bewogen worden.

FRICTIEBOUT BESTURING
VERHÖGEN VAN DE FRICTIE VERLAGEN VAN DE FRICTIE

Stel de frictiebout van de stuuruitslag zo af dat een lichte weerstand gevoeld wordt bij het verdraaien, hierdoor zal het sturen geleidelijker gaan.

2. Varen

Uitvoering met GASHENDEL

GASHENDEL
SNEL

Uitvoering met HANDGREEP

HANDGREEP GASHENDEL

HANDGREEP REEP GASHENDEL SNEL SNEL

Beweeg de gashendel/handgreep van de gashendel in de richting SNEL om de snelheid te laten toenemen. Open voor normaal varen het gas voor ongeveer 2/4.

Draai de blokkeerknop van de gasbediening rechtsom om de gasbediening vast te zetten en met een constante snelheid te kunnen varen. Draai de blokkeerknop linksom om deze te deblokkeren en de hoeveelheid gas handmatig te regelen.

▲LET OP

  • Niet gebruiken zonder de motorafdekkap. Onafgeschermde draaiende onderdelen kunnen letsel veroorzaken; en water kan schade aan de motor toebrengen.
  • Controleer of de kantelhendel in stand 'RUN' staat.

OPMERKING:

Passagiers en uitrusting dienen gelijkmatig over de boot verdeeld te worden voor de beste prestaties.

WERKING

3. Achteruitvaren met de buitenboordmotor

Uitvoering met GASHENDEL

GASHENDEL LANGZAAM LANGZAAM

Uitvoering met HANDGREEP

HANDGREEP GASHENDEL FRICTIEKNOP GASHENDEL LANGZAAM LANGZAAM

  1. Voor de uitvoering met gashendel: Zet de gashendel in stand LANGZAAM. Voor de uitvoering met handgreep: Zet de handgreep van de gashendel in stand LANGZAAM en zet deze vast door de frictieknop rechtsom te draaien.

ATTENTIE

Laat de buitenboordmotor eerst LANGZAAM draaien voordat de draairichting omgekeerd wordt (zowel van vooruit naar achteruit als van achteruit naar vooruit), anders kan de boot omslaan.

Honda BF2.3D - ATTENTIE - 1

  1. Draai de motor 180° om achteruit te varen en klap de stuurhendel om zoals aangegeven. Wees bij de uitvoering met handgreep voorzichtig dat u de greep niet beweegt wanneer u de stuurhendel omklapt.

ATTENTIE

Neem bij het achteruit varen de nodige voorzichtigheid in acht om te voorkomen dat de schroef onder water iets raakt.

Kantelen van de motor

Kantel de motor om te voorkomen dat de schroef en het staartstuk de bodem raken als de boot afgemeerd wordt of stilgelegd wordt in ondiep water.

  1. Schakel de motor uit (blz. 40) en zet de brandstofkraan dicht (blz.)41
  2. Sluit de ventilatie van de brandstoftank door de ontluchtingsdop rechtsom te draaien (blz. 4.1
  3. Zorg dat de motor in stand VOORUIT staat. Kantel de motor met behulp van de draagbeugels aan de voor- en achterkant van de motorafdekkap. De veerbelaste kantelblokkering zal automatisch in de juiste positie komen en de motor tegenhouden als deze ongeveer 75° gekanteld is.
  4. Stel de frictiebout af om te voorkomen dat de motor beweegt.

KANTELHEFBOOM TREK

ATTENTIE

  • Wanneer de motor gekanteld wordt in stand ACHTERUIT kan motorolie in de cilinder lekken waardoor de motor niet of slecht start.
  • Gebruik de stuurhendel niet om de buitenboordmotor te kantelen.
  • Houd de buitenboordmotor vast bij de voorste draagbeugel en trek de kantelblokkering voorzichtig naar u toe om de motor in de normale stand te laten zakken.

WERKING

< >

Aanmeren

NEE

Honda BF2.3D - WERKING - 1

Wees bijzonder voorzichtig bij het afmeren van de boot. Voorkom beschadiging van de motor, in het bijzonder als deze gekanteld is. Laat de motor niet tegen de steiger of tegen andere boten aan komen.

Varen in ondiep water

ATTENTIE

Als de trimhoek te groot is tijdens het varen, kan de schroef boven het water uit komen en in de lucht gaan draaien of met een te hoog toerental gaan draaien.

Kantel de motor omhoog bij gebruik in ondiep water, om te voorkomen dat de schroef en het transmissiehuis de bodem raken (zie blz. 37). Als de buitenboordmotor omhoog gekanteld is, vaar dan met lage snelheid.

Gebruik op grote hoogte

Op grote hoogte is het standaard lucht/brandstofmengsel te rijk. Hierdoor zal het vermogen afnemen en het brandstofverbruik toenemen. Een erg rijk mengsel zal ook leiden tot sterke vervuiling van de bougie waardoor de motor moeilijker zal aanslaan.

De prestaties op grote hoogte kunnen worden verbeterd door de carburateur te modificeren. Als de buitenboordmotor permanent op grote hoogte (hoger dan 1.500 m) gebruikt wordt, laat de carburateur dan aanpassen door uw Honda-dealer.

Zelfs met een optimale sproeierbezetting zal het motorvermogen voor elke 300 m hoger 3,5% afnemen. Als de carburateur niet aangepast wordt, zal het vermogen nog meer afnemen.

ATTENTIE

Als de carburateur is afgesteld om op grotere hoogte optimaal te functioneren, zal het lucht/brandstofmengsel te arm zijn voor gebruik op lagere hoogte. Indien een motor met een gemodificeerde carburateur gebruikt wordt beneden de 1.500 m kan de motor oververhit raken en kan ernstige motorschade optreden. Laat de motor voor gebruik op lagere hoogte weer afstellen volgens de fabrieksspecificaties door uw officiële Honda-buitenboordmotordealer.

MOTOR UITZETTEN9.

Motor uitzetten
DODEMANSSCHAKELAAR DODEMANSKOORD CLIP DODEMANSSCHAKELAAR

• In een noodsituatie;
Trek de clip uit de dodemansschakelaar door aan het koord te trekken.

OPMERKING:

Het wordt aangeraden om de motor regelmatig via het dodemanskoord uit te zetten om er zeker van te zijn dat de dodemansschakelaar goed werkt.

Uitvoering met GASHENDEL
Honda BF2.3D - OPMERKING: - 1

Uitvoering met HANDGREEP

HANDGREEP GASHENDEL LANGZAAM LANGZAAM

  • Bij normaal gebruik;
  • Beweeg de gashendel of de handgreep naar stand LANGZAAM.

DODEMANSSCHAKELAAR DRUK

  1. Druk op de dodemansschakelaar totdat de motor stopt.

Wanneer de motor niet stopt als u de dodemansschakelaar indrukt, trek dan aan het dodemanskoordje. Indien de motor blijft lopen, zet dan de benzinekraan op OFF en trek de chokeknop uit waarna de motor zal stoppen.

UIT UIT BRANDSTOFKRAAN

OPMERKING:

Als de motor enige tijd volgas gedraaid heeft, laat deze dan afkoelen door enkele minuten stationair te draaien.

  1. Zet de brandstofkraan UIT.

ONTLUCHTINGSDOP TANKDOP

Draai de ontluchtingsdop dicht.

  1. Verwijder het koord van de motorstopschakelaar en berg dit op.

TRANSPORT10.

⚠ WAARSCHUWING

  • Mors geen brandstof. Gemorste brandstof en brandstofdampen kunnen ontbranden. Verwijder gemorste brandstof alvorens de motor op te slaan of te vervoeren.
  • Rook niet en voorkom open vuur en vonken tijdens het tanken en in ruimten waar brandstof is opgeslagen.

Transport
Honda BF2.3D - ⚠ WAARSCHUWING - 1

Draag de motor aan de draagbeugel of aan de draagbeugel en het handvat onder de sluiting van de motorafdekkap, zoals aangegeven. Draag de motor niet aan de motorafdekkap.

▲LET OP

Draag de buitenboordmotor niet aan de motorafdekkap. De motor kan vallen, waardoor letsel of beschadigingen het gevolg zijn.

ATTENTIE

Voorkom beschadiging van de motor, gebruik deze nooit als handgreep om de boot te tillen of te verplaatsen.

TRANSPORT

Vervoer de motor verticaal of horizontaal zoals aangegeven.

Verticaal vervoeren
Honda BF2.3D - TRANSPORT - 1

  1. Bevestig de motorbeugels aan een motorstandaard en draai de klemschroeven goed vast.

Honda BF2.3D - TRANSPORT - 2

Vervoer de motor zoals hierboven is aangegeven.

TRANSPORT

Horizontaal vervoeren
Honda BF2.3D - TRANSPORT - 1

Laat de motor op de bescherming van deafdekkaprustenenklapde stuurhendel om.

ONJUIST
Honda BF2.3D - TRANSPORT - 2

  • Een andere wijze van vervoer of opslag kan beschadiging en olielekkage veroorzaken.
  • Wanneer de motor gekanteld wordt in stand ACHTERUIT kan motorolie in de cilinder lekken waardoor de motor niet of slecht start.

Transporteren

FRICTIEBOUT BESTURING
VERHÖGEN VAN DE FRICTIE VERLAGEN VAN DE FRICTIE

Tijdens het vervoeren of transporteren van de boot, met bevestigde motor, wordt geadviseerd de motor in de normale gebruiksstand te laten staan met de frictiebout van de stuuruitslag vast aangedraaid.

ATTENTIE

Vervoer de boot nooit als de motor in gekantelde positie staat. De boot en de motor kunnen ernstig beschadigd raken als de motor valt.

Honda BF2.3D - ATTENTIE - 1

De motor dient tijdens vervoer in de normale gebruiksstand te staan. Als er niet voldoende grondspeling is in deze stand, vervoer de motor dan in gekantelde stand en ondersteun deze met een balk tegen de spiegel, of verwijder de motor van de boot.

REINIGEN EN SPOELEN11.

Reinig de motor en spoel deze zorgvuldig af na ieder gebruik in zout of vervuild water. Was de buitenzijde van de buitenboordmotor met schoon, zoet water.

▲WAARSCHUWING

Controleer of de buitenboordmotor deugdelijk bevestigd is.

Periodiek onderhoud en afstellingen zijn belangrijk om de motor in optimale conditie te houden. Voer onderhoud en controles uit volgens het ONDERHOUDSSCHEMA.

⚠ WAARSCHUWING

Zet de motor uit alvorens hier werkzaamheden aan uit te voeren. Zorg ervoor dat de ruimte goed geventileerd is. Laat de motor niet draaien in een afgesloten ruimte. De uitlaatgassen bevatten onder andere het giftige gas koolmonoxide; inademing hiervan kan leiden tot bewusteloosheid en kan zelfs dodelijk zijn.

Plaats, alvorens de motor te starten, de motorafdekkap terug als deze verwijderd was. Houd de motorafdekkap gesloten met behulp van de sluiting.

ATTENTIE

  • Zorg ervoor, wanneer de motor moet draaien, dat het waterniveau minstens 150 mm boven de anticavitatieplaat staat. De motor kan anders oververhit raken.
  • Gebruik voor onderhoud en reparaties alleen originele Honda onderdelen of gelijkwaardige onderdelen. Vervangende onderdelen van mindere kwaliteit kunnen de motor beschadigen.

ONDERHOUD

Gereedschapset en

reserveonderdelen

De volgende gereedschappen en reserveonderdelen worden bij de buitenboordmotor geleverd voor onderhoud, afstellingen en noodreparaties.

Gereedschapset

Honda BF2.3D - reserveonderdelen - 1
SLEUTEL 8 10 mm

Honda BF2.3D - reserveonderdelen - 2
SLEUF-/KRUISKOPSCHROEVENDRAAIER

Honda BF2.3D - reserveonderdelen - 3
CLIP DODEMANSSCHAKELAAR

Honda BF2.3D - reserveonderdelen - 4
GEREEDSCHAPSETUI

Honda BF2.3D - reserveonderdelen - 5
BOUGIESLEUTEL

Honda BF2.3D - reserveonderdelen - 6
COMBINATIETANG

Honda BF2.3D - reserveonderdelen - 7
NOODSTARTKOORD

Reserveonderdelen

Honda BF2.3D - reserveonderdelen - 8

PUNT\NORMALE ONDERHOUDSINTERVAL (3)Voor de werkzaamheden uit binnen de aangegeven termijnen of bedrijfsuren, afhankelijk van wat het eerste wordt bereikt.leder gebruikEerste maand of 10 uur.Elke 6 maanden of 50 uur.Elke jaar of 150 uur.
MotorolieControleer niveau
Wissel
TransmissieolieWissel
StartkoordControleer
GasmechanismeControleer-Stel af○(2)○(2)
KlepspelingControleer-Stel af○(2)
BougiesControleer-Stel af
VervangenElke 200 uur.
Schroef en splitpenControleer
AnodeControleer
Stationair toerentalControleer-Stel af○(2)○(2)
Koppelingsschoen en -trommel(type met koppeling)Vervangen○(2)

OPMERKING:

(1) Voer het onderhoud vaker uit bij gebruik in zout water.
(2) Onderhoud aan deze onderdelen dient door de officiÜle Honda-dealer uitgevoerd te worden, tenzij u beschikt over het juiste gereedschap en de vereiste kennis. Zie het Honda werkplaatshandboek voor onderhoudsprocedures.
(3) Registreer bij professioneel commercieel gebruik het aantal bedrijfsuren, om de onderhoudsintervallen juist te kunnen bepalen.

ONDERHOUD

PUNT\NORMALE ONDERHOUDSINTERVAL (3)Voor de werkzaamheden uit binnen de aangegeven termijnen of bedrijfsuren, afhankelijk van wat het eerste wordt bereikt.leder gebruikEerste maand of 10 uur.Elke 6 maanden of 50 uur.Elke jaar of 150 uur.
Voering en lagerbus zwenkbaar huisVervangenEl ke 3 jaar (2)
WaterdichtheidVervangenEl ke 3 jaar (2)
BrandstofleidingControleer
VervangenElke 2 jaar (indien nodig) (2)
Bouten en moerenControleer op vastzitten○ (2)○ (2)
SmeringBreng vet aan○ (1)○ (1)
Brandstoftank en tankfilterReinig○ (2)
CarterontluchtingsslangControleer○ (2)
DodemansschakelaarControleer

OPMERKING:

(1) Voer het onderhoud vaker uit bij gebruik in zout water.
(2) Onderhoud aan deze onderdelen dient door de officiUle Honda-dealer uitgevoerd te worden, tenzij u beschikt over het juiste gereedschap en de vereiste kennis. Zie het Honda werkplaatshandboek voor onderhoudsprocedures.
(3) Registreer bij professioneel commercieel gebruik het aantal bedrijfsuren, om de onderhoudsintervallen juist te kunnen bepalen.

Onvoldoende of vervuilde olie kan de levensduur van bewegende onderdelen nadelig beïnvloeden.

Was na aanraking met vervuilde olie de handen met zeep en water.

Olieverversingsinterval:

De eerste vervanging 10 bedrijfsuren of één maand na de aanschafdatum, daarna iedere 50 uur of 6 maanden.

Inhoud oliecarter: 0,25 L

Aanbevolen olie: SAE 10W-30 motorolie of gelijkwaardig, API Service classificatie SG, SH of SJ.


Honda BF2.3D - Olieverversingsinterval: - 1

Tap de olie bij warme motor af zodat het aftappen snel en volledig gebeurt.

  1. Draai de brandstofkraan dicht en draai de ontluchtingsdop van de brandstoftank dicht.
  2. Draai de olieaftapplug los en leg de motor op de zijde van de stuurhendel.
  3. Verwijder de olieaftapplug en de sluitring om de olie af te tappen.

OPMERKING:

Voer de gebruikte motorolie op een milieuvriendelijke manier af. Breng de olie bij voorkeur in afgesloten

Vervefer/VaRode motorolie
Honda BF2.3D - OPMERKING: - 1

verpakking naar een plaatselijke garage. Gooi de olie niet weg met het afval en laat deze niet in de grond lopen.

  1. Zet de motor rechtop, plaats een nieuwe ring en draai de aftapplug goed vast.
  2. Verwijder de afdekkap.
  3. Verwijder de olievuldop, vul het carter met de voorgeschreven olie (zie blz. 23ot aan het merkteken maximum niveau.
  4. Plaats de olievuldop.

ONDERHOUD

  1. Plaats de afdekkap.

Verversen staartstukolie

Olieverversingsinterval:

De eerste vervanging 10 bedrijfsuren of één maand na het eerste gebruik, daarna iedere 6 maanden of 50 uur.

Inhoud oliecarter:

0,05 L

Voorgeschreven olie:

SAE \$0 Hypoid transmissieolie of gelijkwaardig, API Service Classificatie (GL-4)

Vervang de staartstukolie bij uitgeschakelde motor, terwijl de motor verticaal staat.

NIVEAUPLUG AFTAPPLUG

  1. Plaats een geschikte opvangbak onder de olie aftapplug om de olie op te vangen, haal dan de niveauplug en de aftapplug eruit.

Honda BF2.3D - Voorgeschreven olie: - 2

  1. Tap de olie volledig af en plaats vervolgens de adapter van de oliepomp in de aftapopening. Als er water of gecontamineerde olie (melkkleurig) uit de aftapplug loopt, laat dan de buitenboordmotor controleren bij een officiële Honda Marine Dealer.
  2. Vul olie bij door de aftapopening, totdat de olie uit de opening van de niveauplug naar buiten stroomt. Plaats dan de niveauplug en de aftapplug terug.

OLIENIVEAUPLUG AANHAALMOMENT: 3,4 N·m (0,35 kgf·m)

Voorkom dat er bij het plaatsen van de aftapplug meer dan 30 cm³ olie gemorst wordt.

OLIE AFTAPPLUG AANHAALMOMENT: 3,4 N·m (0,35 kgf·m)

Controle van startkoord
STARTKOORD

Controleer het startkoord iedere 6 ma anden of na iedere 50 gebruiks u van de buitenboordmotor. Vervang het koord als het gerafeld is.

ONDERHOUD

Onderhoud bougie

Voor een goede werking van de motor moet de bougie goed afgesteld zijn en schoon zijn.

▲LET OP

De bougie kan erg heet worden en ook na het uitzetten van de motor nog enige tijd heet blijven.

Periodieke controle/afstellen:

ledere 50 uur of 6 maanden.

Verversingsinterval:

Elke 200 uur.

Voorgeschreven bougie:

CR4HSB (NGK)

U14FSR-UB (DENSO)

ATTENTIE

Gebruik alleen de aanbevolen bougie of een gelijkwaardige bougie. Een bougie met een verkeerde warmtegraad kan schade aan de motor veroorzaken.

BOUGIESLEUTEL

  1. Verwijder de afdekkap.
  2. Verwijder de bougiedop.
  3. Gebruik de bougiesleutel en de schroevendraaier uit de gereedschapset om de bougie te verwijderen.
  4. Controleer de bougie visueel. Gooi de bougie weg als er zichtbare slijtage is of als de isolator scheurtjes of splinters vertoont. Reinig de bougie met een staalborstel als deze opnieuw wordt gebruikt.

MASSAELEKTRODE ELEKTRODENAFSTAND: 0,6 0,7 mm AFDICHTRING

  1. Meet de elektrodenafstand met een voelermaatje.

De elektrodenafstand dient 0,6 θ,7 mm te zijn. Verbuig de elektrode voorzichtig indien nodig.

ONDERHOUD

  1. Controleer of de afdichtingsring in goede conditie verkeert en draai de bougie met de hand in om schade aan de draad te voorkomen.
  2. Als de bougie goed zit, draai deze dan verder vast met een bougiesleutel om de afdichtring in te drukken.

OPMERKING:

Draai een nieuwe bougie nog een halve slag verder om de afdichtring in te drukken. Draai een gebruikte bougie nog 1/8-1/4 slag verder om de afdichtring in te drukken.

  1. Bevestig de bougiedop.

ATTENTIE

Draai de bougie goed vast. Als de bougie niet goed vastgedraaid is, kan deze erg heet worden en kan de motor beschadigd raken.

  1. Plaats de afdekkap.

ONDERHOUD

Smering

Veeg de buitenzijde van de buitenboordmotor af met een doek die in schone olie gedept is. Breng waterbestendig anticorrosievet aan op de volgende onderdelen:

Periodiek smeren:

De eerste keer smeren na 10 uur of een maand na de aanschafdatum, daarna iedere 50 uur of zes maanden.

OPMERKING:

Breng anticorrosie-olie aan op de draaipunten waar vet niet kan komen.

GASHENDEL GASHENDEL CHokeHEVEL KANTELHEFBOOM STUURHENDEL KLEMSCHROEF SCHARNIERPEN FIGTIEBOUT BESTURING INSTELLINGSBOUT DRUKRING

Vervangen van breekpen
Honda BF2.3D - OPMERKING: - 2

Een breekpen wordt gebruikt om de schroef en de aandrijving te beschermen tegen beschadiging als de draaiende schroef in aanraking komt met een voorwerp.

▲ WAARSCHUWING

  • Verwijder bij het vervangen de clip dodemansschakelaar van de motorstopschakelaar om te voorkomen dat de motor per ongeluk gestart wordt.
  • De schroef is dun en scherp. Draag bij het vervangen werkhandschoenen om uw handen te beschermen.

RESERVE BREEKPENNEN EN SPLITPENNEN
Honda BF2.3D - ▲ WAARSCHUWING - 1

  1. Verwijder de splitpen en de schroef.
  2. Verwijder de gebroken breekpen en plaats een nieuwe.
  3. Plaats de schroef.

SPLITPEN

  1. Plaats een nieuwe splitpen en buig de uiteinden zoals in de afbeelding is aangegeven.

OPMERKING:

- Gebruik een originele Honda-splitpen en buig de uiteinden als volgt om.

ONDERHOUD

Service aan een gezonken motor

Aan een gezonken motor moet onmiddellijk onderhoud gepleegd worden zodra deze uit het water gehaald is, om de kans op corrosie te verminderen.

Breng de buitenboordmotor onmiddellijk naar de dichtstbijzijnde Honda-buitenboordmotor-dealer. Als er geen dealer in de buurt is, handel dan als volgt.

  1. Verwijder de afdekkap en spoel de motor af met zoet water om zout water, zand, modder enz. te verwijderen.
  2. Vang de brandstof uit de tank op in een geschikte bak.
  3. Draai de aftapplug van de carburateur los, tap de inhoud van de carburateur af in een geschikte bak en draai de aftapplug weer vast (zie blz.)60

  4. Ververs de motorolie (zie blz. 51). Als er water in het carter of de motorolie aanwezig was, moet de motorolie nogmaals ververst worden als de motor een 1/2 uur gedraaid heeft.

  5. Verwijder de bougie. Haal de dodemansschakelaar clip uit de dodemansstopschakelaar en trek een aantal malen aan het startkoord om het water uit de cilinders te verwijderen.

ATTENTIE

- Verwijder de clip dodemansschakelaar uit de motorstopschakelaar als de motor gestart wordt met een onderbroken ontstekingscircuit (bougie verwijderd), om elektrische schade aan het ontstekingssysteem te voorkomen.

Honda BF2.3D - ATTENTIE - 1

- Als de motor liep toen deze onder water terecht kwam, kan er ook mechanische schade zijn, zoals een verbogen drijfstang. Als de motor moeilijk rond te draaien is als deze gestart wordt, probeer deze dan niet verder te starten maar repareer eerst de schade.

  1. Giet een theelepel (3-5 cm) ^3 motorolie in het bougiegat. Trek daarna een paar keer aan het startkoord om de cilinder te smeren. Draai de bougie weer vast en verbindt de clip van het dodemanskoordje aan de dodemansschakelaar.

  2. Probeer de motor te starten.

⚠ WAARSCHUWING

Onbeschermd ronddraaiende delen kunnen verwondingen veroorzaken. Wees bijzonder voorzichtig als de motorafdekkap geplaatst wordt. Gebruik de buitenboordmotor niet zonder motorafdekkap.

  • Als de motor niet aanslaat, verwijder dan de bougie, reinig en droog de elektrode. Monteer de bougie en probeer de motor opnieuw te starten.
  • Als de motor aanslaat en geen mechanische schade lijkt te hebben, laat de motor dan ten minste een half uur draaien (het waterniveau moet tot ten minste 150 mm boven de anticavitatieplaat staan).

  • Breng de motor zo snel mogelijk naar een Honda-buitenboordmotor-dealer voor controle en onderhoud.

EMISSIEREGELING

Bij het verbrandingsproces komen koolmonoxide en koolwaterstoffen vrij. De beperking van de uitstoot van koolwaterstoffen is erg belangrijk, omdat deze onder bepaalde omstandigheden reageren onder invloed van zonlicht en er dan smog gevormd wordt. Koolmonoxide reageert niet op deze manier, maar is giftig. Honda Motor Co., Ltd. levert de motoren met een arme afstelling van de carburateur en met andere systemen om de uitstoot van koolmonoxide en koolwaterstoffen te reduceren.

Problemen die van invloed zijn op de emissies(VOOR SCHK en LCHK typen)

Als u een van de volgende symptomen waarneemt, laat uw buitenboordmotor dan controleren en repareren door uw officiële Honda buitenboordmotoren-dealer:

  1. Moeilijk starten of afslaan na het starten
  2. Slecht stationair lopen
  3. Overslaan of terugslaan tijdens acceleratie
  4. Slechte prestaties en hoog brandstofverbruik

13. OPSLAG

Laat voor een optimale levensduur van de motor voor opslag, eerst een onderhoudsbeurt uitvoeren door een officiële Honda-buitenboordmotor-dealer. De volgende procedures kunt u echter als eigenaar zelf uitvoeren met een minimum aan gereedschap.

OPMERKING:

Benzine verouderd erg snel als gevolg van blootstelling aan licht, temperatuur en tijd.

In het ergste geval kan benzine veroudering al optreden na 30 dagen. De motor kan ernstig beschadigd raken wanneer verouderde benzine wordt gebruikt (vervuilde carburateur, defecte kleppen).

Schade welke veroorzaakt wordt door verouderde benzine wordt niet gedekt door garantie.

Om dit te voorkomen dienen onderstaande aanbevelingen streng worden opgevolgd:

  • Gebruik alleen voorgeschreven brandstof (zie blz. 24
  • Gebruik verse en schone benzine.

  • Bewaar benzine in een gecertificeerde benzinetank om snelle veroudering te vertragen.

  • Wanneer verwacht wordt dat de opslag (langer dan 30 dagen) wordt dient de brandstoftank en carburateur afgetapt te worden.

Aftappen van de benzine

▲ WAARSCHUWING

Benzine is uiterst brandbaar en brandstofdamp kan exploderen waardoor ernstig letsel kan ontstaan. Rook niet en voorkom open vuur en vonken. BUITEN BEREIK VAN KINDEREN HOUDEN.

  • Mors geen brandstof. Gemorste brandstof en brandstofdampen kunnen ontbranden. Verwijder gemorste brandstof alvorens de motor op te slaan of te vervoeren.
  • Rook niet en voorkom open vuur en vonken tijdens het tanken en in ruimten waar brandstof is opgeslagen.

Honda BF2.3D - ▲ WAARSCHUWING - 1

  1. Zet de brandstofkraan UIT.
  2. Verwijder de tankdop en giet de brandstof uit de tank in een geschikte bak.

AAN UIT AAN UIT BRANDSTOFKRAAN

Zet de brandstofkraan open, draai de aftapschroef van de carburateur los en tap de brandstof af in een geschikte bak.

  1. Draai de schroef vast na het aftappen.
  2. Controleer of de ontluchtingsdop gesloten is en de brandstofkraan dicht is.

OPSLAG

Motorolie

  1. Ververs de motorolie (blz.)51
  2. Verwijder de bougie (zie blz. 54), en verwijder de clip van de dodemansschakelaar.
  3. Giet een theelepel (3-5 cm) ^3 verse motorolie in de cilinder.
  4. Laat de motor met de repeteerstarter een aantal keren ronddraaien om de olie in de cilinder te verdelen.
  5. Plaats de bougie.

Opslag van de buitenboordmotor

Sla de motor als volgt verticaal of horizontaal op met de stuurhendel omgeklapt.

Sla de buitenboordmotor op in een schone en droge ruimte.

OPMERKING:

Spoel, reinig en onderhoud de buitenboordmotor voordat deze opgeslagen wordt, zoals omschreven op blz. 56

Verticale opslag
Honda BF2.3D - OPMERKING: - 1

  1. Bevestig de motorbeugels aan een motorstandaard en draai de klemschroeven goed vast.

Honda BF2.3D - OPMERKING: - 2

  1. Sla de motor op zoals hierboven is aangegeven.

Horizontale opslag
Honda BF2.3D - OPMERKING: - 3

Laat de motor op de bescherming van deafdekkaprustenenklapde stuurhendel om.
ONJUIST
Honda BF2.3D - OPMERKING: - 4

  • Een andere wijze van vervoer of opslag kan beschadiging en olielekkage veroorzaken.
  • Wanneer de motor gekanteld wordt in stand ACHTERUIT kan motorolie in de cilinder lekken waardoor de motor niet of slecht start.

STORINGZOEKEN14.

<
1. Clip dodemansschakelaar niet bevestigd.
Plaats de clip dodemansschakelaar in de motorstopschakelaar. (blz. 28)
2. De gashendel/handgreep van de gashendel staat niet in stand START.
Beweeg de gashendel of de handgreep naar stand START. (blz. 29)
3. Geen benzine. Vul benzine bij.
(blz. 24)
4. De brandstofkraan is niet opengezet.
Zet de benzinekraan op de "ON" positie. (blz. 27)
5. De ontluchtingsdop is niet open gedraaid.
Open de ontluchtingsdop. (blz. 27)
6. Bereikt de brandstof de carburateur?
Draai de aftapschroef van de carburateur los om te zien of er brandstof in de vlotterkamers is. (blz. 60)
7. Motor verzopen. Maak bougie schoon
en droog. (blz. 54)

Motor slaat niet aan

Honda BF2.3D - Motor slaat niet aan - 1

Honda BF2.3D - Motor slaat niet aan - 2

Honda BF2.3D - Motor slaat niet aan - 3

Honda BF2.3D - Motor slaat niet aan - 4

Honda BF2.3D - Motor slaat niet aan - 5

< Motortoerental schommelt of motor slaat af>

  1. Brandstofniveau is laag. → Brandstof bijvullen. Motor is (blz. 24)
  2. Brandstofffilter is verstopt. Vervang brandstofffilter.
  3. Bougie is vervuild. → Verwijder de bougie en reinig deze. (blz. 54)
  4. Bougie met een verkeerde → Vervangen door een bougie met de juiste warmtegraad. warmtegraad. (blz. 54)
  5. Elektrodenafstand is niet → Elektrodenafstand goed. afstellen. (blz. 54)

  1. Brandstofffilter is verstopt. Vervang brandstofffilter.
  2. Motorolieniveau is laag. Controleer het oliepeil en vul bij tot het juiste niveau. (blz. 23)
  3. Verkeerde schroef gekozen. → Neem contact op met een officiële Honda-
  4. Passagiers zijn niet gelijkmatig verdeeld. → Verdeel de passagiers gelijkmatig.
  5. Buitenboordmotor is niet → Plaats de goed geplaatst. buitenboordmotor in de juiste positie. (blz. 19 tot 21)

〈Motor wordt te heet〉

ovárbelast omdat passagiers niet gelijkmatig over de boot zijn verdeeld of omdat boot te zwaar beladen is. Verdeel de passagiers gelijkmatig. Belast de boot niet te zwaar.
2. Cavitatie. Plaats
Verdeel de passagiers gelijkmatig. Belast de boot niet te zwaar.
buitenboordmotor in juiste positie(blz. 19)

  1. Cavitatie. Plaats
    buitenboordmotor in juiste positie. (blz. 19)
    Vervang de breekpen. (blz. 57)
  2. De breekpen is beschadigd.
    Neem contact op met een officiële Honda-buitenboordmotor-dealer.
  3. Verkeerde schroef gekozen.
    Stel juiste trimhoek in. (blz. 21)
  4. Trimhoek is niet juist.

SPECIFICATIES15.

ModelBF2D
CodeBZBF BZBFBZBK BZBK BZBF
S (Kort)L (Lang)
TypeSCDSD SCHDLQBD
Totale lengte410 mm 410 mm
Totale breedte280 mm280 mm
Totale hoogte945 mm 1.100 mm
Spiegelhoogte571 mm418 mm
Leeggewicht (gewicht)12,5 kg13,0 kg13,5 kg13,5 kg14,0 kg
Vermogen1,5 kW (2,0 pk)
Toerenbereik5.000 6.000 min ^-1 (omw/min)
Motortype4-takt, kopkleppen, UÜncilinder
Cilinderinhoud57,2 cm ^3
KlepspelingInlaat: 0,06 θ,10 mmUitlaat: 0,09 θ,13 mm
Elektrodenaf-stand
StartsysteemTrekstarter
OntstekingTransistor-magneetontsteking
SmeersysteemSpatsmering
Voorgeschreven olieMotor: API standaard SG, SH, SJ SAE 10W-30Transmissiehuis: API standaard (GL-4) SAE 90staartstukolie
Inhoud carterMotor: 0,25 LTransmissiehuis: 0,05 L
KoelsysteemStaartstuklengte Geforceerde luchtkoeling
UitlaatsysteemOnderwater uitlaat
BougieCR4HSB (NGK) U14FSR-UB (DENSO)
BrandstofpompMembraanpomp
BrandstofLoodvrije benzine (91 RON of hoger)
Inhoudbrandstoftank1,0 L
StuurinrichtingHendel
Stuurhoek360°
Spiegelhoek4 stappen (5° -10° -15° -20°)
Kantelhoek75°
Standaardschroef (aantalbladen-diameter ×spoed)3 184 120 mm0,6 0,7 mm

Het vermogen van Honda buitenboordmotoren wordt gemeten volgens ISO8665 (aan de schroef).

SPECIFICATIES

ModelBF2.3D
CodeBAWJBAVJBAWJBAVJBAWJBAVJBAWJBAVJ
S (Kort) L (Lang)
TypeSUSCUSHU SCHUKLULCULHU
SCHU
Totale lengte410 mm 410 mm
Totale breedte280 mm 280 mm
Totale hoogte1.100 mm945 mm
Spiegelhoogte418 mm 571 mm
Leeggewicht (gewicht)12,5 kg13,0 kg13,0 kg13,5 kg13,5 kg13,5 kg13,5 kg14,0 kg
Vermogen1,7 kW (2,3 pk)
Toerenbereik5.000 6.000 min ^-1 (omw/min)
Motortype4-takt, kopkleppen, ÜÜncilinder
Cilinderinhoud57,2 cm ^3
KlepspelingInlaat: 0,06-0,10 mmUitlaat: 0,09 0,13 mm ×
Elektrodenafstand0,6-0,7 mm
StartsysteemTrekstarter
OntstekingTransistor-magneetontsteking
SmeersysteemSpatsmering
Voorgeschreven olieMotor: API standaard SG, SH, SJ SAE 10W-30Transmissiehuis: API standaard (GL-4) SAE 90staartstukolie
Inhoud carterMotor: 0,25 LTransmissiehuis: 0,05 L
KoelsysteemStaartstuklengte Geforceerde luchtkoeling
UitlaatsysteemOnderwater uitlaat
BougieCR4HSB (NGK) U14FSR-UB (DENSO)
BrandstofpompMembraanpomp
BrandstofLoodvrije benzine (91 RON of hoger)
Inhoudbrandstoftank1,0 L
StuurinrichtingHendel
Stuurhoek360°
Spiegelhoek4 stappen (5° -10° -15° -20°)
Kantelhoek75°
Standaardschroef (aantalbladen-diameter ×spoed)3 184 120 mm

Het vermogen van Honda buitenboordmotoren wordt gemeten volgens ISO8665 (aan de schroef).

SPECIFICATIES

Bijgeluiden en trillingen

ModelBF2D·BF2.3D
REGELSYSTEEMT (Kantelhefboom)
Geluidsdruk op oorhoogte gebruiker.(98/37/EC, ICOMIA 39-94)82 dB
Trilling(98/37/EC, ICOMIA 38-94)6,5 (m/s ^2 ) rms

Zie: ICOMIA Standard: Hierin staan de gebruiksomstandigheden en de meetcondities.

BI BI/R UNIT BOBINE DODEMANSSCHAKELAAR BI BOUGIE

BIZWART
RROOD

ADRESSEN VAN HONDA-IMPORTEURS17.

Voor aanvullende informatie, kunt u contact opnemen met het Honda klant informatie centrum op het volgende adres of telefoonnummer:

Voor Europa

AUSTRIA

Honda Austria Gesellschaft

Mbh.

Hondastraße 1

2351 Wiener Neudorf

Voor aanvullende informatie, kunt u contact opnemen met het Honda klant informatie centrum op het volgende adres of telefoonnummer:

Voor Europa (vervolg)

IRELAND

Two Wheels Ltd.

Crosslands Business Park -

Ballymount Rd

Dublin 12

Voor aanvullende informatie, kunt u contact opnemen met het Honda klant informatie centrum op het volgende adres of telefoonnummer:

Voor Europa (vervolg) Voor Australië

Aftappen van de benzine 60

Anode.... 15

Bedieningen.... 11

Bedrading stolrema . 69

Benzine met alcohol 25

Brandstof Hendel 13

Niveau . 24Olieverversen.... 51

Ontluchtingsdop 17

Chokeknop 11

Controles voor het starten 22

Overige controles 26

Verwi de omplaaten motorafdekkap 22 47 Controle vanstarkoord 53 49 Emissier opslagsteem 59 60 Frictie stuurstang 16 motorolie

Gashendel Frictieknop (uitvoering met handgreep).... 13

Handgreep.... 12

hefboom 12

Gebruik op grote hoogte 39

Gereedschapset en reserveonderdelen 48

Handgreep startkoord 11

Identificatie van onderdelen 10

In geval van nood Dodemanskoord/clip dodemansschakelaar.... 14 Starten.... 31

Stopschakelaar....11

Kantelhefboom 15

Kantelen van de motor 37

.Klemschro

Motochema . 69 Bevestiging .... 20

Hoek....20

Motor 24Olieverversen....51

Oliepeil....23

Kijkglas....13

Sluiting afdekkap 16

Onderhoud bougie 54

Omlpråsteln.motorafdekkap....22....47

Frictie stuurstang 16. motorolie

van de buitenboordmotor 62

Plaatsen....18

hoogte 19

Plaatsen 18

Plaats van CE-merk....9

Plaats van veiligheidslabels....8

Reinigen en spoelen.... 46

INDEX

Service aan een motor die onder water is geweest .... 58

Smeren. 56

......Specifications . 66

Spiegelhoek instellingsbout en verstelschroef .... 108

Spiegelhoogte 18

....Starten van de motor . 27

bij startproblemen 33

Stelbout....16

Storingzoeken.... 64

bij startproblemen 33

Uitzetten van de motor.... 40

Varen in ondiep water 39

Veiligheids- 6

maatregelen 6

Verversen staartstukolie 52

Vervoeren op een trailer 45

Vervoeren 42

Werking.34

Wisselen van breekpennen.... 57

HONDA

The Power of Dreams

Honda BF2.3D - HONDA - 1

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Honda

Model : BF2.3D

Categorie : Buitenboordmotor