BREMEN270-1NFA++ - Vriezer Frilec - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BREMEN270-1NFA++ Frilec in PDF-formaat.
| Type product | Vriezer |
| Merk | Frilec |
| Model | BREMEN270-1NFA++ |
| Energieklasse | A++ |
| Netto inhoud (vriezer) | ca. 270 liter |
| Afmetingen (h x b x d) | ca. 185 x 60 x 65 cm |
| Gewicht | ca. 70 kg |
| Klimaatklasse | N-ST |
| Vriescapaciteit | ca. 15 kg/24u |
| Bewaartijd bij stroomuitval | ca. 20 uur |
| Geluidsniveau | ca. 42 dB |
| Ontdooiing | Handmatig |
| Instelbare thermostaat | Ja |
| Deur scharnier | Rechts (omkeerbaar) |
| Aantal planken/ lades | 5 lades |
| Aansluitspanning | 220-240 V / 50 Hz |
| Vermogen | ca. 150 W |
| Stroomverbruik (jaarlijks) | ca. 260 kWh/jaar |
| Reiniging en onderhoud | Regelmatig ontdooien en reinigen met milde zeep |
| Veiligheid | Kinderslot, hoge temperatuuralarm |
| Reserveonderdelen beschikbaar | Ja, via Frilec service |
Veelgestelde vragen - BREMEN270-1NFA++ Frilec
Gebruikersvragen over BREMEN270-1NFA++ Frilec
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vriezer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BREMEN270-1NFA++ - Frilec en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BREMEN270-1NFA++ van het merk Frilec.
GEBRUIKSAANWIJZING BREMEN270-1NFA++ Frilec
Gebruiksaanwijzing Vrieskast
BREMEN270-1NFA++
Leest u deze instructies goed door.
Leest u de gebruiksaanwijzing aandachtig door voordat u het apparaat in gebruik neemt. De gebruiksaanwijzing bevat belangrijke veiligheidsrichtlijnen voor de installatie, het gebruik en het onderhoud van het apparaat. Een correcte bediening draagt bij aan het efficiënte gebruik en minimaliseert het energieverbruik tijdens het gebruik.
Een onjuist gebruik van het apparaat kan gevaarlijk zijn, vooral voor kinderen.
Bewaar de gebruiksaanwijzing voor toekomstig gebruik. Geef het door aan een eventuele volgende eigenaar. Voor vragen over onderwerpen, die volgens u niet voldoende in de gebruiksaanwijzing aan de orde komen kunt u contact opnemen met uw distributeur, een geauthoriseerde technicien of onze servicedienst. Als u een nieuwe gebruiksaanwijzing wilt hebben kunt u ook contact opnemen met de servicedienst.
De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkeling van alle typen en modellen. Alle soorten en modellen kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd qua ontwerp, functies en uitrusting.
Inhoudsopgave
1 Verwijdering van oude apparatuur.... 4
2 Belangrijke gebruik- en veiligheidsvoorschriften.... 5
2.1 Veiligheidsvoorschriften.... 5
2.2 Algemene veiligheidsvoorschriften.... 5
2.3 Speciale veiligheidsvoorschriften.... 6
2.4 Koelvloeistof.... 7
3 Beoogd gebruik.... 7
4 Voor ingebruikname.... 8
4.1 Plaatsen apparaat 8
4.2 Waterpas stellen.... 10
5 Omschrijving apparaat 10
6 Werking.... 11
6.1 Apparaat aanzetten.... 11
6.1 Apparaat aanzetten.... 11
6.2 Temperatuur instellen.... 11
6.1 Apparaat aanzetten.... 11 6.2 Temperatuur instellen.... 11
7 De opslag van levensmiddelen.... 12
7.1 Correcte opslag.... 12
7.2 IJsblokjes maken.... 14
7.1 Correcte opslag.... 12 7.2 IJsblokjes maken.... 14
8 Ontdooien.... 14
9 Apparaat uitschakelen.... 14
8 Ontdooien.... 14 9 Apparaat uitschakelen.... 14
10 Reiniging en onderhoud.... 15
11 Tips voor energiebesparing.... 16
10 Reiniging en onderhoud.... 15 11 Tips voor energiebesparing.... 16
12 Wijzigen deurscharnier.... 17
13 Geluiden tijdens werking apparaat.... 19
14 Storingen en oplossingen.... 20
15 Servicedienst.... 21
17 CE-conformiteitsverklaring.... 22
18 Productblad voor huishoudelijke koelapparaten.... 23
19 Garantie- en servicebepalingen.... 24
12 Wijzigen deurscharnier.... 17 13 Geluiden tijdens werking apparaat.... 19 14 Storingen en oplossingen.... 20 15 Servicedienst.... 21 16 Technische gegevens.... 22 17 CE-conformiteitsverklaring.... 22 18 Productblad voor huishoudelijke koelapparaten.... 23 19 Garantie- en servicebepalingen.... 24
1. Verwijdering van oude apparatuur

Dit apparaat voldoet aan de specificaties van de Europese Afvalbeheer Regelgeving
2012 / 19 / EU
Dit verzekert een correcte verwijdering van het apparaat. Door de milieuvriendelijke afvoer wordt ervoor gezorgd dat eventuele schade aan gezondheid door foutieve verwijdering wordt voorkomen.
Het symbool van de afvalbak op het product of de begeleidende documenten geeft aan dat dit apparaat niet mag worden behandeld als huishoudelijk afval. In plaats hiervan dient het te worden aangeleverd bij de verzamelplaats voor recycling van elektrische en elektronische apparaten.
De verwijdering dient volgens de plaatselijk geldende voorschriften te worden uitgevoerd. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met uw gemeente of afvalbedrijf.
Maak versleten apparatuur onbruikbaar voordat het wordt verwijderd:
- Haal de stekker uit het stopcontact.
- Zorg voor scheiding van de stekker en het netsnoer.
- Verwijder of vernietig eventueel aanwezige klinksluitingen en sloten.
- Verwijder de afdichting van de deur.
Hierdoor voorkomt u dat spelende kinderen zich in het apparaat kunnen opsluiten (verstikkingsgevaar), of in andere levensgevaarlijke situaties terecht kommen. Kinderen herkennen vaak de gevaren niet die liggen in het gebruik van huishoudelijke apparaten. Zorg daarom voor het nodige toezicht en laat de kinderen niet met het apparaat spelen.
2. Belangrijke gebruik- en veiligheidsvoorschriften
2.1 Veiligheidsvoorschriften
Alle veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing zijn voorzien van een waarschuwingsteken. Zij wijzen u tijdig op de mogelijke gevaren. Deze gegevens zijn verplicht om te lezen en op te volgen.
Verklaring van de waarschuwingstekens

GEVAARLIJK
Geeft een gevaarlijke situatie aan die bij niet-naleving leidt tot zwaarwegend letsel of de dood!

WAARSCHUWING
Geeft een gevaarlijke situatie aan die bij niet-naleving kan leiden tot zwaarwegend letsel of de dood!

VOORZICHTIG
Geeft een gevaarlijke situatie aan die bij niet-naleving kan leiden tot licht of matig letsel!
BELANGRIJK
Geeft een situatie aan die bij niet nakomen kan leiden tot grote schade aan eigendommen of het milieu!
2.2 Algemene veiligheidsvoorschriften
- Het apparaat alleen verpakt vervoeren om persoonlijk letsel en schade te voorkomen.
- Het apparaat alleen monteren en aansluiten volgens de instructies van de gebruiksaanwijzing.
- De stekker moet na de installatie nog toegankelijk zijn.
- Trek in een noodgeval direct de stekker uit het stopcontact.

WAARSCHUWING
De stekker en het snoer nooit met vochtige of natte handen in het stopcontact steken of eruit halen. Er bestaat een levensgevaarlijk risico op een elektrische schok!
- Trek de stekker niet aan het netsnoer uit het stopcontact.
- Trek voor iedere reiniging of onderhoudsactie de stekker uit het stopcontact.
- Een beschadigd netsnoer moet onmiddellijk worden vervangen door de leverancier, de dealer of de servicedienst. Als het snoer of de stekker beschadigd is, moet u het apparaat niet meer gebruiken.
- Behalve de in deze gebruiksaanwijzing omschreven reiniging- en onderhoudswerkzaamheden mogen geen ingrepen worden gedaan aan het apparaat.
2.3 Speciale veiligheidsvoorschriften
Veiligheid van kinderen en personen met verminderde capaciteiten

GEVAARLIJK
Verpakkingsmaterialen (bijvoorbeeld plastic zakken en plasticfolie, piepschuim) kunnen gevaarlijk zijn voor kinderen. GEVAAR VOOR VERSTIKKING! Verpakkingsmateriaal uit de buurt houden van kinderen.

GEVAARLIJK
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en ouder en door personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of gebrek aan ervaring en/of gebrek aan kennis als ze onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of ze van deze persoon instructies krijgen hoe het apparaat op een veilige manier moet worden gebruikt en begrijpen wat de mogelijke gevaren zijn.
Kinderen dienen niet met het apparaat te spelen.
Reinigings- en onderhoudswerkzaamheden mogen niet door kinderen worden uitgevoerd zonder toezicht.
Een persoon die verantwoordelijk is voor de veiligheid moet kinderen en kwetsbare personen die het apparaat gebruiken, begeleiden of instrueren.
2.4 Koelvloeistof

VOORZICHTIG
Koelcircuit niet beschadigen
Het apparaat bevat in het koelcircuit de koelvloeistof Isobutan (R600a), een natuurlijk gas met een hoge milieuvriendelijkheid, wat brandbaar is. Let erop dat bij het transport en de installatie van het apparaat geen delen van het koelcircuit worden beschadigd.
Procedure bij een beschadigd koelcircuit:
- Open vuur en ontstekingsbronnen vermijden
- De ruimte, waarin het apparaat staat, goed ventileren.
3. Beoogd gebruik
Het apparaat is bestemd voor huishoudelijk gebruik. Het is geschikt voor het invriezen van levensmiddelen. Als u het apparaat voor commerciële of andere doeleinden dan het invriezen van levensmiddelen gebruikt, dient u er rekening mee te houden dat de fabrikant zich niet aansprakelijk stelt voor eventuele hierdoor opgelopen schade.
Een ombouw en veranderingen aan het apparaat zijn niet toegestaan om veiligheidsredenen.
Het apparaat is niet geschikt om in te bouwen!

WAARSCHUWING
Geen elektrische apparaten in de levensmiddelenopslagruimte gebruiken, die niet door de fabrikant zijn toegestaan.

VOORZICHTIG
Kunststofdelen die gedurende langere tijd vaak met oliën/zuren (dierlijke of plantaardige) in aanraking komen verouderen sneller en kunnen scheuren of breken.

VOORZICHTIG
Het apparaat is niet geschikt voor de opslag en koeling van medicijnen, bloedplasma, laboratoriumpreparaten of andere stoffen of producten die vallen onder de richtlijn 2007/47/EG.
4. Voor ingebruikname
De verpakking moet intact zijn. Controleer het apparaat op transportschade. Een beschadigd apparaat mag onder geen enkele omstandigheid worden gebruikt. Bij beschadigingen neemt u contact op met de leverancier.
Transportbescherming verwijderen
Het apparaat en een deel van het interieur zijn beveiligd voor het transport. Verwijder alle tape aan de linker- en rechterkant van de deur van het apparaat en de geëxpandeerde polystyreen delen vanaf de achterkant (raster / afhankelijk van het model). Eventuele lijmresten kunt u verwijderen met wasbenzine. Verwijder ook alle tape en verpakkingsonderdelen uit de binnenkant van het apparaat.

VOORZICHTIG
Tape niet met een scherp voorwerp, bijvoorbeeld een tapijtmes, doorsnijden. De deurafdichting kan hierdoor worden beschadigd.
Na het transport dient het apparaat 12 uur te blijven staan, zodat de koelvloeistof zich kan verzamelen in de compressor. Het niet nakomen van deze instructie kan de compressor beschadigen en ervoor zorgen dat het apparaat het niet meer doet. De garantie vervalt in dat geval.
Verpakkingsmateriaal
Zorg voor een milieuvriendelijke verwijdering van het verpakkingsmateriaal. Zie ook hoofdstuk 1.
4.1 Plaatsen apparaat
Locatie
De omgevingstemperatuur beïnvloedt het energieverbruik en de goede werking van het apparaat. Daarom dient het apparaat in een goed geventileerde en droge ruimte te staan waarvan de omgevingstemperatuur overeenkomt met de klimaatklasse, waarvoor het apparaat is ontworpen.
Het apparaat niet buiten plaatsen (bijvoorbeeld op het balkon, het terras, in de tuinschuur e.d.).
Let bij de plaats van het apparaat ook op de "Tips voor energiebesparing" in hoofdstuk 11.
De klimaatklasse is te vinden op het typeplaatje dat zich buiten aan de achterkant van het apparaat of in het apparaat bevindt. Bij de technische specificaties is de klimaatklasse ook te zien. Het apparaat moet zodanig worden geplaatst dat het netsnoer bereikbaar is.
De volgende tabel geeft aan welke omgevingstemperatuur bij welke klimaatklasse is ingedeeld:
| SN 10 tot 32°C | N 16 tot 32°C | ST 16 tot 38°C | T 16 tot 43°C |
De luchtcirculatie aan de achter-, zij- en bovenkant van het apparaat zijn van invloed op het energieverbruik en de koel-/vriescapaciteit (afhankelijk van het model). Daarom moet voor een optimale ventilatie van het apparaat het minimale ventilatiegemiddelde worden nageleefd. Hiervoor dient u de maatvoering aan te houden van de hierna vermelde tabellen en tekeningen.
Afmetingen apparaat in mm en graden
| A | B | C | D | E | F | G | H | I | |
| 554 | 1687 | 100 | 551 | 1080 | 75 | 100 | 130° | 990 |
Fig. 1

Fig. 2

Bij een licht oneffen vloeroppervlak kan het apparaat door middel van de voorpootjes in balans worden gebracht.
Draai aan de pootjes totdat het apparaat horizontaal en zonder te wiebelen stevig op de vloer staat.

5. Omschrijving apparaat
Leveringsomvang
1 Vrieskast
5 Vriesladen
1 Klepje
1 Gebruiksaanwijzing
Beschrijving
1 Bedieningspaneel
2 Klepje
3 Bovenste vriesladen
4 IJsblokjesbakje (binnen)
5 Vriesladen
6 Onderste vrieslade
7 Verstelbare pootjes
8 Deur

Opmerking: als gevolg van de continue aanpassing van onze producten kan uw vrieskast enigszins verschillen van deze gebruiksaanwijzing, maar de functies en gebruiksmethoden zijn hetzelfde.
6 Werking
Apparaat reinigen voor ingebruikname
Het apparaat en de accessoires in het apparaat dient u voor de eerste ingebruikname grondig te reinigen. Zie de richtlijnen in het hoofdstuk "Reiniging en onderhoud".
6.1 Apparaat aanzetten
Schakel het apparaat aan via de temperatuurregelaar. De temperatuurregelaar bevindt zich in de rechterbovenhoek aan de voorzijde van het apparaat. Voor het inschakelen van het apparaat draait u de temperatuurregelaar van "MIN" naar rechts naar de gewenste vriesinstelling.
6.2 Temperatuur instellen
Temperatuurregeling
Bedieningspaneel

Het bedieningspaneel dat de temperatuur in de vriezer regelt is in de vriezer geplaatst.
• : schakelt alarmgeluid uit
• Alarm: temperatuurindicatie lampje
• Aan-Uit knop: apparaat in werking
• Super: indicatielampje Super
• Super vriezen: snel temperatuur laten dalen
Super vriezen (knop)
Als u de temperatuur in de vriezer snel wilt laten zakken drukt u op deze knop en het indicatielampje van Super gaat branden. Het apparaat werkt in de stand Super vriezen. Als u de stand Super vriezen wilt beëindigen drukt u opnieuw op de knop Super vriezen, het indicatielampje Super gaat vervolgens uit. Let op! De vriezer stopt automatisch met de stand Supervriezen na 24 uur. Dan gaat ook het indicatielampje Super uit.
Alarm voor de vriezer
Als het apparaat lange tijd zonder stroom heeft gestaan of door andere redenen is gestopt en de binnentemperatuur is gestegen (hoger dan -8°C) gaat het alarmknopje aan.
Als de temperatuur boven -8°C komt begint het alarmknopje te knipperen en klinkt tegelijkertijd het alarmsignaal 3 keer per 10 seconden. Na 2 minuten stopt het alarm automatisch en het temperatuurindicatielampje gaat branden zonder te knipperen.
Als de temperatuur weer lager is dan -8°C gaat het temperatuurindicatielampje weer uit.
(knop)
Tijdens het alarm van de vriezer druk op de knop om het geluidsignaal van het alarm uit te schakelen. Het temperatuurindicatielampje blijft branden, maar knippert niet meer.
Opstarten apparaat en temperatuurinstelling
Stop de stekker in het stopcontact wat is voorzien van aarding.
Instellen Min betekent:
Hoogste temperatuur, warmste instelling Instellen Max betekent:
Laagste temperatuur, koudste instelling.
Voorzichtig bij het draaien! Voorkom dat het regelbereik hoger is dan van Min naar Normaal.
Belangrijk! Wij adviseren in eerste instantie de knop op Normaal te zetten, wilt u de temperatuur warmer of kouder draai dan de knop richting Min of Max. Als u de knop op lager draait kan dit een energiebesparing opleveren. Zet u hem op hoger betekent dit meer energieverbruik.
Belangrijk! Hoge omgevingstemperaturen (bijv. tijdens warme zomerdagen) en een koude instelling van de temperatuurinstelling (instelling Max) kan ervoor zorgen dat de compressor continue loopt!
Oorzaak: als de omgevingstemperatuur hoog is moet de compressor continue draaien om de lage temperatuur in het apparaat te behouden.
7. De opslag van levensmiddelen
7.1 Correcte opslag
Aanbevolen voorzorgsmaatregelen voor een optimaal gebruik van het apparaat:
Alleen onbeschadigde levensmiddelen gebruiken.
Open het apparaat alleen als het nodig is en dan nog zo kort mogelijk.
De vrieskast is geschikt voor langdurige opslag van diepvrieswaren en voor het invriezen van verse (onbeschadigde) levensmiddelen.
Invriezen van verse levensmiddelen
Tijdens het invriezen dient de temperatuur van verse levensmiddelen zo snel mogelijk te worden verlaagd zodat de vorming van ijskristallen zo laag mogelijk is en de structuur van het voedsel niet wordt beschadigd. Als de bevriezing langzaam gebeurt worden er ijskristallen gevormd en dit kan van invloed zijn op de kwaliteit van het voedsel.
Hou daarom rekening met een doorlooptijd van circa 2-3 uur, voordat u het verse voedsel invriest. Draai hiervoor de temperatuurregelaar naar het hoogste niveau (modelafhankelijk).
Laat warme gerechten eerst afkoelen voordat u ze opslaat in de vrieskast. Reeds afgekoelde levensmiddelen verhogen de energie-efficiëntie.
Plaats de in te vriezen verse levensmiddelen in het bovenste vriesvak. Om ervoor te zorgen dat dit altijd mogelijk is dient u het vriesgoed af en toe te herschikken.
Reeds ingevroren levensmiddelen dienen altijd in een van de onderste vriesladen te worden opgeslagen, zodat de bovenste laden beschikbaar zijn voor het invriezen van vers voedsel.
Het vriesgoed dient, wanneer dit mogelijk is, altijd in direct contact te zijn met de bodem van de vrieslade. Laat ruimte tussen de individuele vriesgoederen, zodat de koude lucht voldoende kan circuleren.
Geen levensmiddelen invriezen die al eens ontdooid zijn geweest.
Eenmaal ontdooide levensmiddelen in geen geval een tweede keer invriezen. Vriesgoederen niet met vochtige of natte handen vastpakken: uw handen kunnen eraan vastvriezen. Om veiligheidsredenen zijn de vriesladen uitgerust met een stopsysteem. Ze kunnen echter in hun geheel uit de vrieskast worden gehaald doordat u ze iets optilt en dan eruit trekt. In de omgekeerde volgorde kunt u de laden weer terugplaatsen.
Bewaren van diepvriesproducten/invriezen van verse levensmiddelen
Apparaten met vakken, die met het symbool ** zijn gekenmerkt, dienen voor het bewaren van diepvriesproducten gedurende een periode van maximaal één maand. Apparaten die met het symbool zijn gekenmerkt zijn geschikt voor het bewaren van diepvriesproducten, echter niet voor het invriezen van verse levensmiddelen, terwijl apparaten met het symbool *** voor beide zijn geschikt.
Voor de opslag van diepvriesproducten dient u erop te letten dat de handelaar ze goed opgeslagen heeft gehad en het koelproces niet onderbroken is geweest.
Tijdens een stroomstoring de deur gesloten laten. De ingevroren producten kunnen meerdere uren overleven.

VOORZICHTIG
Sla geen koolzuurhoudende / schuimende dranken op in de vrieskast, vooral mineraalwater, bier, sekt, cola etc.
EXPLOSIEGEVAAR!
Geen opslag van plastic flessen in de vrieskast.
Eet geen levensmiddelen die nog bevroren zijn. Geef de kinderen ook geen ijs wat direct uit de vrieskast komt. Door de kou kan letsel ontstaan in de mond.
De aanraking van diepvriesgoederen, ijs en metaaldelen vanuit de binnenkant van het vriesgedeelte kan bij mensen met een gevoelige huid verbrandingsverschijnselen geven.
VRIESBRAND GEVAAR!

WAARSCHUWING
Geen explosieve stoffen of spuitbussen met brandbare drijfgassen, zoals butaan, propaan enz. in het apparaat opslaan. Zulke spuitbussen zijn herkenbaar aan een vlamsymbool. Eventueel uittredende gassen kunnen ontbranden door elektrische componenten. BRANDGEVAAR!
- Bewaar drank met een hoog alcoholpercentage dicht tegen elkaar en staand. Volg hierbij de richtlijnen van de drankleverancier.
- Niet al te grote hoeveelheden in een keer invriezen. U behoudt de kwaliteit van de levensmiddelen het beste als ze snel tot de kern bevoren worden. De temperatuur tijdens het invriesproces is beïnvloedbaar door de temperatuurregelaar in het koelgedeelte (alleen bij een koelkast met een vriesvak en bij een koel-vriescombinatie).
- Geen levensmiddelen invriezen die al eens ontdooid zijn geweest.
Niet geschikt voor invriezen zijn o.a.:
- Hele eieren (in hun kalkschaal), sla, radijsjes, zure room en mayonaise.
7.2 IJsblokjes maken
Vul het bakje voor ijsblokjes driekwart met water en leg ze op de plank in het bovenste gedeelte van de vrieskast. Een vastgevroren bakje voor ijsblokjes alleen met een stomp voorwerp los stoten (steel van een lepel). De bevroren blokjes komen makkelijk uit het bakje als je het korte tijd onder stromend water houdt.
8. Ontdooien
De vrieskast ontdooit geheel automatisch.

9. Apparaat uitschakelen
Mocht het apparaat voor langere tijd buiten gebruik worden genomen:
- Apparaat uitschakelen.
- Stekker uit stopcontact halen of zekering uitschakelen of eruit draaien.
- Apparaat grondig reinigen (zie hoofdstuk reiniging en onderhoud).
- Deur aansluitend open laten staan om vieze luchtjes te voorkomen.
10. Reiniging en onderhoud
Om hygiënische redenen dient de binnenkant van het apparaat, inclusief de accessoires, regelmatig te worden schoon gemaakt.

VOORZICHTIG
Als u de vrieskast gaat reinigen moet de stekker uit het stopcontact worden gehaald.
- Voordat u gaat reinigen: het apparaat uitschakelen
- Trek de stekker uit het stopcontact of de zekering uitschakelen of eruit draaien!
Ga als volgt te werk:
- Verwijder het voedsel voordat u het apparaat schoonmaakt. Bewaar het voedsel op een koude plaats en dek het goed af.
- Het apparaat nooit met een stoomreiniger schoonmaken. Er zou vocht bij elektrische onderdelen terecht kunnen komen.
- Hete damp kan schade veroorzaken aan kunststof onderdelen.
- Etherische oliën en organische oplosmiddelen kunnen kunststofdelen aantasten, bijvoorbeeld het sap van citroen- of sinaasappelschillen, boterzuur of reinigingsmiddelen die azijnzuur bevatten. Dergelijke stoffen niet in aanraking laten komen met onderdelen van het apparaat.
- Gebruik geen schurende schoonmaakmiddelen.
-
Reinig het apparaat en haar accessoires met een doek met lauwwarm water. Eventueel een beetje normaal afwasmiddel toevoegen.
-
Aansluitend met schoon water navegen en droog wrijven.
- Ophoping van stof bij de condensor verhoogt het energieverbruik; reinig de condensor aan de achterkant van het apparaat éénmaal per jaar met een zachte borstel of een stofzuiger (alleen voor een apparaat met een condensor aan de buitenkant).
- Controleer het dooiwater afvoergaatje aan de achterkant van het apparaat.
- Maak een verstopt afvoergaatje schoon door er bijvoorbeeld een pijpenrager door te halen. Zorg ervoor geen schade aan te brengen aan de buitenkant van het apparaat met scherpe voorwerpen.
- Nadat alles weer droog is het apparaat weer in werking zetten.
Interieur apparaat

VOORZICHTIG
Maak het apparaat schoon met een zachte doek, lauw water en een beetje pH-neutrale afwasvloeistof. Het spoelwater mag niet in de verlichting of door het afvoergaatje in het verdampingsgebied komen.
BELANGRIJK
Maak de schappen of houders nooit schoon in de vaatwasser. De onderdelen kunnen vervormd raken!
11. Tips voor energiebesparing
- Plaats het apparaat in een droge, goed geventileerde ruimte! Het apparaat dient niet te worden geplaatst in direct zonlicht of in de buurt van een warmtebron (zoals een verwarmingselement of een fornuis).
- Indien noodzakelijk, een isolatieplaat gebruiken.
- Laat warme gerechten en drank afkoelen voordat u ze in de vrieskast plaatst.
- Open de deur zo kort mogelijk om het koudeverlies te minimaliseren.
- Om een toename van het energieverbruik te voorkomen, dient u af en toe de achterkant van het apparaat te reinigen.
- Om een grotere opslagruimte te verkrijgen (bijvoorbeeld voor grotere vrieswaren) kunt u de middelste laden verwijderen. De bovenste en onderste schappen en laden dienen, als dit nodig is, als laatste uit het apparaat te worden verwijderd.
- Houd de condensor - het metalen rooster aan de achterkant - altijd schoon. Regelmatig schoonmaken minimaliseert het energieverbruik van het apparaat (afhankelijk van het model niet toegankelijk).
Indien beschikbaar:
- Monteer afstandshouders om het aangegeven energetisch vermogen van het apparaat te verkrijgen (zie de installatie-instructies). Een kleinere wandafstand zal de functie van het apparaat niet beperken. Het energielabel kan dan enigszins stijgen. De afstand van 75 mm mag niet worden overschreden.
- De rangschikking van de interieurdelen heeft geen invloed op de energiebeoordeling van het apparaat.
12. Wijzigen deurscharnier
De opening van de deur kan worden gewijzigd van de rechterzijde (zoals geleverd) naar de linkerzijde, als de locatieplaats dit vereist.
Benodigd gereedschap:
- Moersleutel (8 mm + 10 mm)

- Kruiskopschroevendraaier

- Plamuurmes of dunne schroevendraaier

- Steeksleutel

Leg het apparaat op haar rug voordat u begint, zodat u bij de onderkant kunt. Laat het op een zachte ondergrond liggen van schuim of soortgelijk materiaal om beschadiging van het koelcircuit aan de achterkant te voorkomen.
- Verwijder de 4 sierdopjes van de bovenplaat van de vriezer met een platte schroevendraaier. Verwijder de schroeven eronder met een kruiskopschroevendraaier.

- Gebruik de 8 mm moersleutel om de 3 moeren boven het deurscharnier te verwijderen. Til het scharnier omhoog. Verwijder de deur van de
vriezer.

- Verwijder de pen van het scharnier en plaats het in hetzelfde gaatje aan de tegenovergestelde zijde.

- Verwijder de stelbout van de onderkant van de deur van de vriezer. Plaats de stelbout op de tegenovergestelde zijde.

- Kantel de vriezer iets terug, niet meer dan 45°, om bij de stelbout en de stelpootjes te kunnen. Verwijder het stelpootje en de schroefjes van de stelbout rechtsonder.

- Verwijder de pen van positie 1 en herplaats het op positie 2. Plaats de stelbout op de tegenovergestelde zijde van het apparaat, zet het vast met de 3 schroeven en plaats het stelpootje op de juiste positie.

- De stelbout plaatsen op de tegenovergestelde zijde van het apparaat, vastzetten met 3 schroeven en het stelpootje op de juiste positie plaatsen.

- Als de deurafsluitstrip niet op de ombouw past dient u de strip warm te maken met behulp van heet water en op de juiste positie aan te brengen. Dit kunt u doen met behulp van een haardroger, maar u dient er hierbij voor te zorgen dat de afsluitstrip niet te warm wordt of dat u uw handen niet verbrandt.
Check of de deur horizontaal en verticaal goed is uitgelijnd en dat de afsluitstrip aan alle kanten goed afsluit voordat u schroeven van de deur vastdraait. Plaats de bovenplaat weer op de vriezer en maak de schroeven weer vast.

Verwijder de sierdopjes en schroeven die de deurklink bevestigen aan de rechterzijde van de deur, verwijder de deurklink en draai deze 180° en plaats de klink op de tegenovergestelde zijde, vastzetten met de schroeven en de sierdopjes erop zetten.

Het apparaat herplaatsen, waterpas zetten, minstens 2 uur laten staan en dan de stekker weer in het stopcontact stoppen.
Als u de bovenstaande handelingen niet zelf wilt uitvoeren kunt u contact opnemen met de dichtstbijzijnde servicedienst. De specialist zal de wijziging van het deurscharnier dan op uw eigen kosten uitvoeren. Check nadat de deurscharnieren zijn aangepast of alle schroeven goed vastzitten en dat de magnetische sluiting aan de ombouw is bevestigd.
13. Geluiden tijdens werking apparaat
| GELUIDEN | SOORT GELUID | OORZAAK / OPLOSSING |
| Normale geluiden | Zoemen![]() | Wordt veroorzaakt door de compressor, als hij in werking is |
Vloeistofverplaatsing![]() | Ontstaat door de circulatie van de koelvloeistof in het aggregaat | |
Klikkend geluid![]() | De temperatuurregelaar schakelt de compressor aan of uit | |
| Vervelende geluiden | Trillen van het rooster of van de koelslangen | Check of deze goed vastzitten |
| Rammelende flessen | Laat afstand tussen flessen en andere verpakkingen | |
14. Storingen en oplossingen
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
| 1. Stroomstoring | Als de interne temperatuur van het vriesvak -18°C of minder is wanneer de stroom terugkeert, is uw voedsel veilig. Het voedsel in uw vrieskast blijft ongeveer 15 uur bevroren met de deur gesloten. | Open de deur van de vrieskast niet langer dan noodzakelijk is. |
| 2. De vrieskast is uitzonderlijk koud | Mogelijk hebt u de thermostaat-regelaar per ongeluk in een hogere stand geplaatst. | De thermostaatregelaar aanpassen. |
| 3. De vrieskast is uitzonderlijk warm | De compressor werkt mogelijk niet. | Draai de thermostaatregelaar naar de maximale instelling en wacht een paar minuten. Als er geen zoemend geluid is, werkt het niet. Neem contact op met de plaatselijke winkel waar uw aankoop is gedaan. |
| 4. Het apparaat werkt niet | - Het apparaat is uitgeschakeld of wordt niet van stroom voorzien.- Temperatuurregeling staat ingesteld op "0".- Omgevingstemperatuur is te laag. | - Controleer of de voeding werkt, of zekeringen intact zijn, of de netstekker correct in de contactdoos is gestoken.- Stel de temperatuurregeling in.- Zie hoofdstuk 6.2 |
| 5. Er verschijnt condens op de buitenkant van de vrieskast | Dit kan te wijten zijn aan een verandering in de kamertemperatuur. | Dit kan te wijten zijn aan een verandering in de kamertemperatuur. |

WAARSCHUWING
Reparaties aan elektrische apparaten mogen uitsluitend door hiervoor gekwalificeerde deskundigen worden uitgevoerd. Een verkeerde of onprofessioneel uitgevoerde reparatie kan gevaar opleveren voor de gebruiker en leidt tot verlies van uw garantie.
15. Servicedienst
Als de storing met behulp van de hiervoor aangegeven richtlijnen niet verholpen kan worden kunt u de servicedienst bellen. In dat geval dient u geen verdere werkzaamheden uit te voeren aan de machine, vooral niet aan de elektrische delen van het apparaat.
BELANGRIJK
U dient er rekening mee te houden dat het bezoek van de servicemonteur, ook tijdens de garantieperiode, niet kosteloos is als blijkt dat u het apparaat verkeerd heeft bediend of dat een van de in de lijst genoemde storingen van toepassing is.
| Model | BREMEN 270-1NFA++ |
| Type (Aantal temperatuurregelaars) 1 | |
| Ontdooien | Automatisch |
| Elektrische aansluiting [V/Hz] | 220-240 / 50 |
| Vermogen [W] | 60 |
| Stroomopname [A] | 0,6 |
| Nettogewicht [kg] | 53 |
| EAN Nr. (wit) 4016572016789 | |
| Voor afmetingen en benodigde ruimte zie hoofdstuk „Plaatsen apparaat“ | |
*Technische wijzigingen voorbehouden.
17. CE-conformiteitsverklaring
Dit apparaat voldoet op het moment van de introductie op de markt aan de eisen die zijn vastgelegd in de richtlijn van de Raad betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake elektromagnetische compatibiliteit RL 2014/30/EU en de richtlijn over het gebruik van elektrisch materiaal binnen bepaalde spanningsgrenzen RL 2014/35/EU.
Dit apparaat is voorzien van de CE-markering en heeft een verklaring van overeenstemming die beschikbaar is voor inspectie door de bevoegde autoriteiten voor markttoezicht.
18. Productblad voor huishoudelijke koelapparaten
Volgens EU richtlijn 1060/2010
| Handelsmerk | FRILEC | |
| Model | BREMEN 270-1NFA++ | |
| Categorie 1) | 8 | |
| Energieklasse 2) | A++ | |
| Energieverbruik 3) | kWh/Jaar | 204 |
| Netto-inhoud totaal | I | 183 |
| Netto-inhoud koelgedeelte | I | - |
| Netto-inhoud vriesgedeelte | I | 183 |
| Ster codering 4) | 4 * | |
| Vorstvrij | Ja | |
| Bewaartijd bij storing | h | 10 |
| Invriescapaciteit | kg/24h | 12 |
| Klimaatklasse 5) | N~T | |
| Geluidsniveau | dB(A) re1pW | 45 |
| Type apparaat | Vrijstaand |
1) 1 = Koelkast met een of meerdere schappen voor verse levensmiddelen
2 = Koelkast met kelderzone, keldervak-koeler en wijnopslagkast
3 = Koelkast met een koudezone en koelkast met een 0-sterrenvak
4 = Koelkast met een 1-sterrenvak
5 = Koelkast met een 2-sterrenvak
6 = Koelkast met een 3-sterrenvak
7 = Koel-vries apparaat
8 = Vrieskast
9 = Vrieskist
10 = Koelapparaten voor meerdere doeleinden etc.
2) A+++ (meest efficiënt) tot D (minst efficiënt)
3) Energieverbruik kWh/Jaar, op basis van resultaten van een 24-uurs test. Het daadwerkelijke verbruik hangt af van het gebruik en de locatie van het apparaat.
4) 1-sterrenvak: een-ster compartiment met een nominale temperatuur van -6°C
2-sterrenvak: twee sterren compartiment met een nominale temperatuur van -12°C
3-sterrenvak: drie sterren compartiment met een nominale temperatuur van -18°C
4-sterrenvak: Vriezer voor levensmiddelen (vier sterren compartiment) met een nominale temperatuur van -18°C
5) Klimaatklasse: Dit apparaat is geschikt voor een omgevingstemperatuur tussen minstens en hoogstens:
SN = 10°C - 32°C
N = 16°C - 32°C
ST = 16°C - 38°C
T = 16°C - 43°C
***Het energieverbruik is bepaald met de laagste lade. ***
19. GARANTIEBEPALINGEN
- Deze garantiebepalingen gelden uitsluitend voor de oorspronkelijke koper en voor huishoudelijk gebruik van het apparaat in Nederland. Bij doorverkoop van gebruiker aan gebruiker vervalt de garantie.
- De garantie geldt slechts indien, bij eventueel beroep op de garantiebepalingen, dit garantiebewijs wordt getoond, samen met de originele aankoopnota.
- Geen garantie zal van toepassing zijn op gebreken, veroorzaakt door beschadigingen, ruwe of onoordeelkundige behandeling, nalatigheid van de gebruiker, het gebruik van het apparaat op een onjuiste spanning, of gebruik voor een ander doel dan waarvoor het geleverd werd. Er kan ook geen beroep op de garantie gedaan worden als het typeplaatje met serienummer is veranderd of verwijderd en wanneer door ondeskundigen aan het apparaat is gewerkt.
- Buiten garantie vallen: glas, gloeilampen, kunststof onderdelen of accessoires, draadmanden en/of separatie schotten, lak- en/of emaille beschadigingen.
- De garantie vangt aan op de dag van plaatsing en houdt in: Twee jaar garantie op het gehele koel-vriesmeubel en de elektrische apparatuur zoals thermostaat, thermische beveiliging, relais, ventilator, transformator, schakelaar enz, met uitzondering van de onder 4 genoemde onderdelen.
- De garantie omvat uitsluitend het vervangen van defecte of beschadigde onderdelen voor zover wij ons volgens deze garantiebepalingen verantwoordelijk hebben gesteld.
- Voorrijdkosten, arbeidsloon, transport- en/of verpakkingskosten, alsmede het transportrisico (voor apparaten die slechts in onze eigen werkplaats gerepareerd kunnen worden) worden niet door de garantie gedekt en zijn voor rekening van de gebruiker. Zie ook onze 'servicebepalingen' waarin o.a. de berekening van de voorrijdkosten en het arbeidsloon worden omschreven.
NB: Reparatiekosten moeten direct voldaan worden. Indien facturering van de monteurskosten wordt verlangd, zullen deze worden verhoogd met een bepaald bedrag aan administratiekosten.
-
Wij zijn niet verantwoordelijk voor werkzaamheden of reparatiekosten, niet in onze opdracht door derden uitgevoerd en evenmin voor kosten of gevolgen, hoe dan ook, direct of indirect uit een storing, gebrek of onoordeelkundig gebruik van het apparaat voortvloeiend.
-
Vervanging van onderdelen verlengt de garantietermijn niet.
FRILEC SERVICEBEPALINGEN
- Beschadigde apparaten bij ontvangst niet in gebruik nemen maar direct melden bij uw leverancier. Eventuele terugname van beschadigde, gebruikte apparaten is niet mogelijk.
- De eerste 24 maanden na aankoopdatum wordt voor serviceverlening ten aanzien van gevallen, welke onder deze garantiebepalingen ressorteren, niets in rekening gebracht.
- Vanaf twee jaar na de aankoopdatum worden in rekening gebracht:
a. de voorrijdkosten
b. het arbeidsloon
c. alle vervangen onderdelen.
- Bij klantenbezoek dienen alle kosten en gebruikte materialen à contant te worden voldaan met inachtname van het onder de punten 2-4 van de servicebepalingen genoemde, ongeacht de aard der werkzaamheden.
- Eventuele toezending van onderdelen geschiedt onder rembours.
Voor service:
Frilec
www.domest.nl – zie service
Tel. 0314-346646
Fax. 0314-378232
E-mail: service@domest.nl
Naam/adres/woonplaats koper:
Importeur: DOMEST import - export B.V.
J.F. Kennedylaan 101b NL - 7001 CZ Doetinchem
Tel. 0314 - 362244
Fax 0314-378232
E-mail: service@domest.nl


