ATR-3 - Thermostaat REMKO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis ATR-3 REMKO in PDF-formaat.
| Type product | Klokthermostaat met 2 voelers (differentieelregeling) of 1 voeler (proportionele regeling) |
| Merk | REMKO |
| Model | ATR-3 |
| Afmetingen (B x H x D) | 242 x 185 x 115 mm |
| Gewicht | Niet gespecificeerd, ca. 0,8 kg (schatting) |
| Voedingsspanning | 230 V~ / 50 Hz |
| Maximale stroom | 6,3 A (zekering) |
| Beschermingsgraad | IP 54 (spatwaterdicht) |
| Beschermingsklasse | II volgens DIN EN 60335-1 |
| Temperatuurbereik | 0…30°C instelbaar, begrensd op 5…30°C (dag- en nachttemperatuur) |
| Verschiltemperatuur (dT) | 1…10 K instelbaar |
| Proportionele band (Xp) | 1…5 K instelbaar |
| Thermovoelers | KTY-halfgeleidersensoren, poolonafhankelijk |
| Uitgang ventilator | 80…230 V traploze spanning (fazeschakeling), max. 6,3 A |
| Uitgang verwarming | Potentiaalvrij contact (sluiter), 10 (4) A / 250 V AC |
| Hulprelais | Wisselcontact, 2 (2) A / 250 V AC |
| Analoge uitgang | 0-10 V, max. 1 mA |
| Programmeerbare schakelklok | Elektronische weekschakelklok, 16 programmapunten, gangreserve |
| Weergave | LCD-display met symbolen voor uur, dag, temperatuur en bedrijfstoestand |
| Montage | Wandmontage, geschikt voor overdekte droge ruimtes |
| Onderhoud en reiniging | Alleen stofvrij afnemen met een droge doek; geen water of oplosmiddelen gebruiken |
| Veiligheid | Alleen installatie door erkende elektricien; leidingen onder spanning (230 V) minimaal 4 mm afstand houden van voelerleidingen; uitschakelen stroomkring voor onderhoud |
| Reparatie en reserveonderdelen | Alleen door erkende installateur; bij storing resetten (start-reset of volledige reset); zekering 6,3 A vervangbaar |
| Garantie | Alleen geldig met ingevuld garantiebewijs; geen garantie bij onjuiste installatie of eigenhandige wijzigingen |
Veelgestelde vragen - ATR-3 REMKO
Gebruikersvragen over ATR-3 REMKO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Thermostaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ATR-3 - REMKO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ATR-3 van het merk REMKO.
GEBRUIKSAANWIJZING ATR-3 REMKO
Klokthermostaat met 2 voelers
Uitgave NL - R01
Bediening Techniek
Origineel REMKO
Gebruiksaanwijzingebruiksaar
Gelieve voor het gebruik en de ingebruikname zorgvuldig deze gebruiksaanwijzing te lezen!
Bij niet gepast gebruik of eigenhandig uitgevoerde veranderingen aan de standaarduitvoering en/of instellingen vervalt garantie of verantwoordelijkheid van Remko.
Display van de klokthermostaat 6
Dag- en nachttemperatuur 6
Vorstbeveiligingstemperatuur 6
Druktoets 6
Uitschakelen 6
Reset 6
Klok instellen 7
Keuze van het programma 7
Inhoud
bladzijde
Klok programmeren 8
Instellen van de functies 9
Instellen van de regelparameters 10
Aanwijzingen voor de montage 10+11
Montage van de regeling 12
Montage van de voelers 12
Instelling voor de Remko DVL 13
Aansluitschema 14
Afmetingen 14
Opmerking : Gelieve deze gebruiksaanwijzing steeds in de nabijheid van de klokthermostaat te bewaren.

Werking.
Differentieelregeling met 2 voelers
De elektronische klokthermostaat ATR 3 stuurt traploos het toerental van 1 tot 14 Remko-DVL-dakventilatoren en tegelijkertijd de warme luchtgenerator.
Het apparaat werkt met 2 voelers : een ruimtethermovoeler op werkhoogte en een plafondthermovoeler.
De temperatuur van de onbenutte warmte die tegen het dak verzameld is wordt gemeten door de plafondthermovoeler.
Is de ruimtetemperatuur lager dan de ingestelde waarden ( instelknoppen A en B ) en is tegelijkertijd de verschiltemperatuur tegen het dak hoger dan de ingestelde waarde
( instelknop C ) gaan de Remko-DVL-dakventilatoren draaien en brengen de warme lucht naar onderen. De warmte energie tegen het plafond word in de werkzone terug benut.
Hoe hoger het temperatuursverschil is hoe sneller de dakventilatoren draaien tot en met het maximum. Het minimale en het maximale toerental van de dakventilatoren kan ingesteld worden. ( instelknoppen F en
G). Het ventilatorvermogen wordt getoond in het display K door de indicatoren M. Als de ruimtetemperatuur beneden een ingestelde waarde zakt (instelknop E) wordt de warmelucht generator bij ingeschakeld. De schakelstand word zichtbaar gemaakt door ledlamp N.
Met de digitale klok kunnen de periodes van verwarmen en afkoelen worden ingesteld.
Proportionele regeling 1 voeler
Het apparaat kan, in speciale gevallen, eveneens als zuivere proportio- neleregelaar worden gebruikt. Er kan dan gekozen worden tussen de standen "Verwarmen" en "Koelen".
Bij gebruik van 1 voeler word enkel de ruimtetemperatuur gemeten.
Word de ruimtetemperatuur over- of onderschreden met de ingestelde waarde Xp aan de regelknop D gaan de dakventilatoren werken.
Zakt de ruimtetemperatuur, in de stand "Verwarmen" beneden de ingestelde waarde wordt eveneens de warmelucht generator bij aangeschakeld. In de stand "Koelen" wordt de branderrelais niet geschakeld en wordt de lucht enkel rondgestuurd.
De omschakeling van differentieelregeling naar proportioneelregeling en van "Verwarmen" naar "Koelen" wordt bekomen in de Menu "Instellen van de functies"
De tweede voeler heeft dan geen functie en kan dan als meetpunt gebruikt worden. De melding op het display volgt na 3 seconden na het drukken op de toets SET.
Bedieningselementen Bedieningselementen

A Instelknop voor de dagtemperatuur (referentiewaarde)
B Instelknop voor de nachttemperatuur (referentiewaarde)
C Instelknop van de verschiltemperatuur ( werkhoogte en dak)
D Instelknop voor de proportieregeling
E Instelknop voor het inschakelpunt van de verwarming
F Instelknop voor de minimale snelheid van de dakventilatoren
G Instelknop voor de maximale snelheid van de dakventilatoren
H Druktoetsen voor de programmatie ( klok, programmakeuze)
I Resetknop (verzonken)
J Indicatiesymbolen werkingstoestand
K Display
L Indicatiesymbolen Verwarmen/Koelen ( enkel bij proportionele regeling met 1 voeler )
M Indicatiesymbolen verluchtingsvermogen
N Led lamp Verwarming AAN
O Aansluitklemmen met smeltveiligheid (6,3 A)
De aangeduide waarden in de bovenstaande tekening zijn enkel voorbeeldwaarden en kunnen verschillend zijn van de nodige instelwaarden.
Display van de klokthermostaatDisplay van de kloktherma

In het display worden het uur, dag en actuele temperatuur aan de temperatuurvoeler getoond. Door op de drukknop SET te drukken wordt, gedurende 3 sec., de temperatuur aan de tweede temperatuurvoeler getoond.
DagDay nachttemperatuur en nachttemperatuur
De referentiewaarden van de dag- en nachttemperatuur kunnen onafhankelijk van elkaar ingesteld worden en zijn afhankelijk van de programmakeuze, maatgevend voor de werking. De ondergrens van de referen-tietemperatuur kan door de interne instelling begrensd worden op 5°C.
VorstbeveiligingstemperatuurVorstbeveiligingstemperatuu
De vorstbeveiligingstemperatuur is standaard ingesteld op 5°C. Door gelijktijdig op de drukknoppen + en – te drukken kan de vorstbeveiligingstemperatuur veranderd worden
Druktoets
Door op de druktoets te drukken kan men, bij automatische werking, het programmapunt temperatuur ( omgevingstemperatuur, temperatuursvermindering) veranderen. Het gekozen temperatuursprogramma wordt visueel getoond door de rechtse indicatiesymbolen in het display. Deze functie word opgeheven bij de volgende opvraging in het programma.
Uitschakelen
Door tegelijkertijd te drukken op de drukknoppen Ⓜ en + wordt de regeling uitgeschakeld. Op de rechter zijde van het display zijn geen ikoontjes meer zichtbaar. Het regelapparaat registreert enkel de actuele temperatuur en alle regelfuncties zijn kompleet uitgeschakeld.
ResetReset
Er zijn 2 verschillende resetbewegingen mogelijk :
- Start – Reset :
Door op de druktoets RESET te drukken kan men de installatie terug opstarten na een uitvallen door storing. De klok moet dan wel opnieuw worden ingesteld. De programmakeuze en de instellingen van de parameters blijven behouden.
- Totale- Reset :
Om de installatie opnieuw op te starten met de standaard instellingen moeten de drukknoppen RESET, + en – tegelijkertijd worden ingedrukt.
De drukknop RESET mag gelost worden terwijl de drukknoppen + en – zolang moeten verder ingedrukt blijven tot in het display het versienummer (r 10...) verschijnt.
De klok moet opnieuw worden ingesteld, terwijl de vooraf niet standaard instellingen ( tijdschakelprogramma, en andere parameters ) verdwijnen.
Klok instellenKlok instellen

De klok kan worden ingesteld nadat 3 sec. op de drukknop Ⓛ gedrukt word of bij het weer opstarten via de RESET knop. Wanneer het uur nog niet is ingesteld gaan de cijfers van de klok aan- en uit knipperen.
Door de drukknop SET te bedienen kunnen de gevraagde instelopties (uren -> minuten-> dag) gekozen worden. De gekozen insteloptie word kenbaar gemaakt door aan- en uitknipperen van letters.
De waarde van de gekozen insteloptie kan veranderd worden door de drukknoppen + en – te bedienen, waarna door te drukken op SET de ingestelde keuze wordt vastgelegd.
Na de bevestiging van de dag word het uurwerk, op de seconde precies, gestart. Het toestel keert in deze fase terug wanneer op het menu "klok instellen" gevraagd word. Wanneer gedurende 1 minuut geen enkele drukknop wordt ingedrukt verschijnt het actuele uur terug.
Voorbeeld : Maandag, 10:16 instellen
display druktoets verklaring
| 1. | 3 tijdsinstelling veranderen | |
| 2. | 20:30 +/- uren knipperen; instelling met [-] veranderen | |
| 3. | 10:00 SET instelling bevestigen | |
| 4. | 10:00 +/- minuten knipperen; instelling met [+] veranderen | |
| 5. | 10:16 SET instelling bevestigen | |
| 6. | * +/- dag knippert; instelling met [+/-] veranderen | |
| 7. | * SET instelling bevestigen en stop van de programmering | |
Kouze van het programma

Het kiezen van het hoofdprogramma gebeurt door het bedienen van één van de drie linkse programma drukknoppen. Daarbij kan gekozen worden tussen automatisch werken ⏻, comfortwerking * (continue), en afkoelmodus Ⓗ (continue).
De programma's Uit ^® of vorstbeveiliging ^* kunnen bereikt worden door respectievelijk de bovenste en middelste of de onderste en de middelste linkse drukknoppen te bedienen.
Het gekozen programma word zichtbaar gemaakt door de ikoontjes aan de rechterzijde van het display. Bij het programma automatisch word door een extra indicator de gekozen temperatuurregeling (komfort of af- koelmodus) getoond. In het programma uit is geen ikoontje te zien.
Klok programmerenKlok programmeren

De tijdsinstelling kan worden geprogrammeerd door op de druktoets PROG te drukken. In het display verschijnt het programmanummer ( PO1 tot P16) de daarbij horende tijd en dag en nog de gekozen temperatuurmodus ( comforttempe-
ratuur of afkoeltemperatuur, zie ikoontje rechts)
Door op de toets SET te drukken bekomt men opnieuw de instelpositie (programmanummer -> uur -> dag -> temperatuurmodus). De gekozen insteloptie wordt knipperend getoond.
Door op de druktoetsen + of – te drukken kan de waarde van de respectie- velijke instelpositie veranderd worden en door op SET te drukken kan de ingestelde waarde bevestigd worden.
Door op de toets PROG te drukken en bij knipperend ikoontje van het programmanummer komt men in dat betreffende programmapunt terug hetwelk uit het menu “Tijdsprogramma instellen” gekozen is.
Niet werkzame programmapunten worden getoond door --:-- in het uuricoon.
Standaard zijn volgende instellingen geprogrammeerd :
Ma – Zo: vanaf 06:00 comforttemperatuur
Ma – Vr: vanaf 22:00 afkoeltemperatuur
Za – Zo: vanaf 23:00 afkoeltemperatuur
Voor de instelling van de weekdagen zijn meerdere keuzemogelijkheden :
Dag per dag verschillende uren
Maandag – Vrijdag gelijke schakeltijden
Maandag – Zaterdag gelijke schakeltijden
Maandag – Zondag gelijke schakeltijden
Zaterdag - Zondag gelijke schakeltijden
Voorbeeld :
Programmapunt P02 veranderen in Ma – Za, vanaf 18:30, nachttoestand, (P02)
display druktoets verklaring
| 1. PROG tijdsinstelling veranderen | |
| 2. 22:00 P01 +/- | programmakeuze P01 knippert; instelling met [+] veranderen |
| 3. 22:00 P02 SET instelling bevestigen | |
| 4. 22:00 +/- | tijdsinstelling knipperen; instelling met [-] veranderen |
| 5. 18:30 | SET instelling bevestigen |
| 6. ' ' ' ' ' | +/- dag knippert; instelling met [+] veranderen |
| 7. ' ' ' ' ' | SET instelling bevestigen |
| 8. ▶ C | SET pijl knippert naast nachtmodus; instelling behouden |
| 9. P02 | PROG P02 knippert; Stop van de programmering met [PROG] |
Instellen van de functiesInstellen van de functies

Door 6 seconden lang op de druktoets PROG te drukken komt u in een menu waar u diverse standaardfuncties kunt instellen. In het display wordt links de gekozen functie getoond en rechts de daarbij horende waarde.
Door op de toets SET te drukken bekomt u de gewenste insteloptie. De gekozen insteloptie wordt knipperend getoond.
Door op de druktoetsen + en – te drukken kan men de waarde veranderen en later bevestigen door op SET te drukken.
Na de bevestiging van de laatste functie komt het apparaat terug in de menupositie "instellen van de functie".
Voor het gebruik van het apparaat in combinatie met dakventilatoren Remko DVL kunt u volgende instellingen nemen :
Programmeervoorbeeld differentieelregeling met 2 thermovoelers
display druktoets verklaring
| 1. PROG 6 seconden drukken = instellen van de functies | ||
| 2. SEnS 0.0 +/- sensorgelijkheidstemperatuur (instelling: 0,0) | ||
| 3. SEnS 0.0 SET instelling bevestigen | ||
| 4. I E I +/- schakelklok intern/extern (instelling: intern) | ||
| 5. I E I SET instelling bevestigen | ||
| 6. di Pr di +/- differentieel-/proportioneelreg. (inst.: differentieelreg.) | ||
| 7. di Pr di SET instelling bevestigen | ||
| 8. Sunt 0 +/- temp. begrenzing, onder 5°C (instelling: 0) | ||
| 9. Sunt 0 SET instelling bevestigen | ||
| 10. 0-10 0-1 +/- draairichting analooguitgang (instelling: 0-1) | ||
| 11. 0-10 0-1 SET instelling bevestigen en stop van de programmering |
Programmeervoorbeeld proportioneelregeling met 1 thermovoeler
| 6. | di Pr Pr | +/- | differentieel-/proportioneelreg. | (inst: proportioneelreg.) |
| 7. | di Pr Pr | SET | instelling bevestigen | |
| 8. | H C Co | +/- | verwarmen / afkoelen | (instelling: afkoelen) |
| 9. | H C Co | SET | instelling bevestigen |
Instellen van de regelparametersInstellen van de regelpar

Door 3 seconden lang op de druktoets PROG te drukken komt u in een menu waar u diverse regelparameters kunt instellen. Een regeling van deze regelparameters is niet nodig in combinatie met dakventilatoren Remko DVL. Mocht u per ongeluk
toch in dit menupunt geraken, bediend u de druktoetsen als volgt om het menu te verlaten.
Programmeervoorbeeld
display druktoets verklaring
| 1. Display PROG 3 seconden drukken = parameterinstelling |
| 2. diFH 1.0 SET instelling bevestigen |
| 3. AnLo 0 SET instelling bevestigen |
| 4. AnHi 100 SET instelling bevestigen en stop van de programmering |
Aanwijzingen voor de montage
Voor de erkende elektricien!
• Volgende punten moeten worden vastgelegd voor de montage :
- Aantal en positionering van de dakventilatoren
- Positionering van de voelers
- Positionering van de regeling
- Keuze van de diktes en plaatsing van de toevoer- en stuurkabels
- Lees de montage- en gebruiksvoorschriften van de dakventilatoren. Max. toegelaten afgenomen stroom 6,3 A.
- De aansluiting en dienst na verkoop mag enkel gebeuren door erkende installateurs.
- Vooraleer te werken aan de installatie het volledige elektrische circuit stroomloos maken en er voor zorgen dat deze niet, ongewild, terug wordt ingeschakeld.
- Het aansluitschema voor de toevoerleidingen, dakventilatoren, thermovoelers alsmede de eventuele stuurkabel naar de verwarmingsketel is te vinden op pagina 14.
- Het stuurapparaat mag enkel aan vastliggende elektrische leidingen worden aangesloten en enkel in overdekte en droge ruimtes worden geïnstalleerd.
- Bij de installatie moet erop gelet worden dat leidingen onder netspanning (230 V) zoals de toevoerkabels en/of relaiskabels niet in aanraking komen met de voelerleidingen. De minimum afstand moet 4 mm zijn bij een basisisolering.
- Er moet voor gezorgd worden dat alle leidingen voldoende worden vastgemonteerd op de ondergrond.
- De geldende voorschriften voor de montage uit het ARAB zijn te volgen.
- De voelerleidingen hebben een minimale doorsnede en een maximale lengte vastgelegd in onderstaande tabel!
| max. lengte min. doorsnede (Cu) | |
| 30 m 0,50 mm^2 | |
| 45 m 0,75 mm^2 | |
| 60 m 1,00 mm^2 | |
| 90 m 1,50 mm^2 |

Opgelet : Fouten bij het aansluiten kunnen beschadigingen voortbrengen. Remko is niet verantwoordelijk bij foute aansluitingen of onachtzame handelingen bij de montage.

Opgelet : Zou de installatie niet volgens uw verwachtingen werken gelieve dan eerst de de juistheid van de aansluitingen evenals de elektrische toevoer controleren.

Opgelet : Onderaan het display van de regeling wordt met knipperende ikoontjes getoond dat de dakventilatoren afgeschakeld werden van het regelapparaat ten gevolge van een defect.
Het is niet toegelaten de regeling te gebruiken voor een andere toepassing of anders te bedienen dan vastgelegd in deze gebruiksaanwijzing. Elke eis of verantwoordelijkheid wordt afgewezen.
Bij de verkoop van de installatie moeten de bijgeleverde garantiebewijzen worden ingevuld en terug bezorgd worden aan REMKO GmbH & Co KG. Zonder dit garantiebewijs kan geen enkele aanspraak worden gemaakt op garantie.
Montage van de regeling
De regeling moet worden gemonteerd op een goed toegankelijke plaats buiten de verkeerswegen. Wanneer enkel geautoriseerde mensen deze mogen bedienen dient een extra beveiliging te worden aangebracht.

Een bijgeleverde boormal vereenvoudigd de montage. De bevestigingspunten kunnen eveneens uit naast staande tekening worden overgenomen. De bevestigingsmaterialen zijn niet bijgeleverd.
Na de bevestiging van de regeling kunnen de kabels worden binnengebracht via de voorgepreegde kabeldoorvoeringen onderaan en door de meegeleverde kabeldoorvoeren.
Montage van de thermovoelersMontage van de thermovoe
Om een verschiltemperatuur te kunnen meten zijn twee KTY – thermovoelers nodig.

De bovenste thermovoeler moet tegen het dak worden gemonteerd op een minimum afstand van 3 meter van de dakventilator. Vermijd plaatsingen in de nabijheid van lucht in- en uitgangen ( kanalen, deuren, poorten, e.d.m.). De onderste thermovoeler wordt op een hoogte van ca. 1,5 m gemeonteerd. Er moet gelet worden dat de voeler niet in het stromingsgebied van een ventilator bevindt. Word de voeler op een koude buitenwand gemonteerd moet een isolatieplaat tussen de wand en de voeler worden voorzien.
De thermovoelers worden met 2-aderige kabels aan de regeling gekoppeld. De aansluitingen hebben geen poolrichting. Let wel op de correcte aansluitingen : thermovoeler “ Onder” aan de klemmen 5 + 6; thermovoeler “ Boven “ aan de klemmen 6 + 7.
Waarden voor de controle van het functioneren van de thermovoelers zijn :
⇒ bij 20°C: weerstand ca. 1879 Ω
⇒ bij 30°C: weerstand ca. 2035 Ω
Instellingen voor de REMKO dakventilatoren.Instellingen
| omschrijving symbol | instelbereik | aanbevolen standaardinstelling | actuele in-stelling | |
| schakelverschil verwarming | diFH ± 0,1K.± 3,0K ± 0,2K | |||
| referentiewaarde | Sunt 0°C/5°C 0°C | |||
| instelknop voor dag-temperatuur | * 0°C.... 30°C | gewenste temperatuur | ||
| instelknop voor nacht-temperatuur | C 0°C.... 30°C | gewenste temperatuur | ||
| instelknop voor verschiltemperatuur | dT 1K.... 10K | gewenste verschil-temperatuur | ||
| instelknop voor proportioneelband | Xp 1K.... 5K | 5K | ||
| instelknop voor verwarming aan | verwar-ming | -10K.... -1K | -3K | |
| instelknop voor minimaal toerental | Umin | -..... + | zeer langzaam | |
| instelknop voor maxi-maal toerental | Umax | -..... + | maximaal toerental | |
De aanbevolen standaardinstellingen zijn overwegend als programma- tie- en instellingshulp te zien.
Bij plaatselijke eigenheiden en /of specifieke gebruiken zijn deze instellingen naar wens aan te passen.
AansluitschemaAansluitschema
In combinatie met REMKO DVLIn combinatie met REMKO D'

flowchart
graph TD
A["1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26"] --> B["ruimtevoeler"]
A --> C["dakvoeler"]
C --> D["aansturing verwarming"]
D --> E["dakventilatoren REMKO DVL"]
E --> F["315 mA t"]
E --> G["L' N' PE PE N L"]
E --> H["L N PE"]
E --> I["netaansluiting 230V~ / 50 Hz"]
Afmetingen

Wijzigingen aan de vorm, afmetingen en/of uitvoering zijn voorbehouden
Technische gegevens
Temperatuurbereik 0...30°C, instelbaar; op 5...30°C (dag– en nachttemperatuur) begrensbaar door interne instelling
Temperatuurverschil dT 1...10K, instelbaar
Proportioneelband Xp 1...5K, instelbaar
| Verwarming | -1...-10K, afstand tot de referentie-waarde instelbaar |
| Schakelklok | elektronische weekschakelklok,stapverschil uren ca. 10 minuten,programma wordt voortdurend gevoed |
| Thermovoeler | KTY – halfgeleidersensoren(poolonafhankelijk) |
Uitgangen: ventilatoruitgang ca. 80... 230 V traploze spanning (fazenschakeling) voor de ventilatoren
verwarmingsrelais potentiaal vrij contact (sluiter)
hulprelais potentiaal vrij contact (wisseling) (schakelt met fazenschakeling aan / uit)
analoog uitgang 0-10V, parallel op fazenschakeling (Xp)
6,3A, 230V AC venti. en fazenschakeling 10 (4)A, 250V AC verwarmingsrelais 2 (2)A, 250V AC hulprelais 1 mA max. aan analoog uitgang (0...10 V)
Omkasting afmetingen 242 x 185 x 115 mm (B x H x T)
bevestiging wandmontage
beschermingsgraad IP 54 (spatwaterdicht)
beschermingsklasse II volgens DIN EN 60335-1