CDR930 - CD Speler/Recorder PHILIPS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CDR930 PHILIPS in PDF-formaat.
| Merk | Philips |
| Model | CDR930 |
| Producttype | Cd-speler/recorder |
| Afmetingen (B x H x D) | 435 x 100 x 320 mm |
| Gewicht | 5,0 kg |
| Stroomverbruik | 15 W |
| Opnameformaten | CD-R, CD-RW |
| Afspeelformaten | CD, CD-R, CD-RW, MP3-CD |
| Audio-uitgangen | Analoog (RCA), Digitaal (coaxiaal, optisch) |
| Signaal-ruisverhouding | 100 dB |
| Harmonische vervorming | < 0,005% |
| Frequentiebereik | 20 Hz - 20 kHz |
| Ingangen | Analoog (RCA), Digitaal (coaxiaal, optisch) |
| Koptelefoonuitgang | Ja, 3,5 mm |
| Afstandsbediening | Ja (meegeleverd) |
| Weergave | LED-display |
| Reiniging | Gebruik een zachte, droge doek; geen oplosmiddelen |
| Veiligheid | Lees de veiligheidsinstructies in de handleiding |
| Reparatie | Neem contact op met een erkend servicecentrum |
Veelgestelde vragen - CDR930 PHILIPS
Gebruikersvragen over CDR930 PHILIPS
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw CD Speler/Recorder in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CDR930 - PHILIPS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CDR930 van het merk PHILIPS.
GEBRUIKSAANWIJZING CDR930 PHILIPS
Veiligheidsvoorschriften .... 127
Voorbereiding 128 - 129
Bedieningsknoppen ...... 130 - 132
Bedienen van het systeem... 133 - 135
CD 135 - 137
CD-Recorder 138 - 145
Tuner 146 - 148
Cassette.... 148 - 149
Karaoke 149
AUX/CDR 150
Opnemen 150 - 151
Klok 152
Timer 152 - 153
Onderhoud 153
Verhelpen van storingen ..... 155 - 156
Algemene informatie
- Het typeplaatje (met het serienummer) zit op de achterkant van het systeem.
- Opnemen is slechts geoorloofd als geen inbreuk wordt gemaakt op auteursrechten.
- Dit apparaat voldoet aan de radioontstoringseisen van de Europese Unie.
Met het oog op het milieu
Wij hebben alle overbodig verpakkingsmateriaal weggelaten en ervoor gezorgd dat de verpakking gemakkelijk in drie materialen te scheiden is: karton (doos), polystyreenschuim (buffer) en polyethyleen (zakken, beschermfolie).
Uw systeem bestaat uit materialen die door een gespecialiseerd bedrijf gerecycleerd en hergebruikt kunnen worden. Informeer waar u verpakkingsmateriaal, lege batterijen en oude apparatuur kunt inleveren.
Accessoires (bijgeleverd)
- Afstandsbediening - Batterijen (2 x type AA) voor de afstandsbediening
- AM-raamantenne
– FM-draadantenne
- Netsnoer
- CD-Recorder
Veiligheidsvoorschriften
- Controleer voor u het systeem aansluit of de netspanning op het typeplaatje (of de netspanning die naast de netspanningskiezer staat) overeenkomt met de plaatselijke netspanning. Is dit niet het geval, neem dan contact op met uw leverancier. Het typeplaatje zit op de achterkant van het systeem.
- Verplaats het systeem niet meer als het eenmaal aanstaat.
- Zet het systeem op een stevige ondergrond (bijvoorbeeld een kast).
- Zet het systeem op een plaats waar er voldoende ventilatie mogelijk is om oververhitting van het systeem te voorkomen.
- Het systeem heeft een ingebouwde beveiliging tegen oververhitting.
- Houd het systeem uit de buurt vocht, regen, zand of verwarmingsapparatuur.
- Probeer in geen geval zelf het systeem te repareren want dan vervalt de garantie!
- Als u het systeem vanuit de kou in een warme ruimte brengt, of als u het in een vochtige kamer plaatst dan kan de lens van de cd-speler binnenin het systeem beslaan. In zo'n geval kan de cd-speler niet normaal functioneren. Laat het systeem ongeveer een uur aanstaan zonder cd erin totdat het afspelen van een cd weer normaal mogelijk is.
- Door elektrostatische ontlading kunnen onverwacht problemen ontstaan. Probeer deze te verhelpen door de stekker van het netsnoer uit het stopcontact te halen en enkele seconden later weer aan te sluiten.
- Haal de stekker van het netsnoer uit het stopcontact als u de netvoeding helemaal uit wilt schakelen.

Batterijen niet weggooien, maar inleveren als KCA.

VOORBEREIDING

flowchart
graph TD
A["CD PLAYER"] -->|DIGITAL OPTICAL OUTPUT| B["CD RECORDER"]
B --> C["L"]
B --> D["R"]
B --> E["C"]
B --> F["F"]
G["NANDS"] --> H["IN"]
H --> I["OUT"]
I --> J["ANALOG"]
J --> K["IN"]
K --> L["OUT"]
L --> M["DIGITAL"]
M --> N["IN"]
N --> O["OPTICAL"]
P["AC MARKS"] --> Q["MINI SYSTEM"]
R["FRONT"] --> S["MINI SYSTEM"]
T["UPP"] --> U["UPP"]
V["Netherlands"] --> W["D"]
Aansluitingen op de achterkantAansluitingen algemeen
De aansluitingen die u gebruikt, zijn afhankelijk van de mogelijkheden van uw audio-apparatuur. Raadpleeg hiervoor eerst de gebruiksaanwijzing van uw overige audio-apparatuur.
Digitaal opnemen (optisch of coaxiaal) biedt het beste geluidsresultaat en de meeste gebruiksmogelijkheden (bijvoorbeeld automatische nummering). (De digitaal-optische aansluiting is het minst gevoelig voor externe storingen). Heeft uw apparatuur geen digitale aansluitingen dan zal de hoogwaardige analogd/digitaal-convertor van uw cd-recorder zorgen voor een zeer goed geluidsresultaat van opnames die gemaakt worden vanaf de analoge ingang.
Bij het afspelen krijgt u de beste geluidsweergave via de digitaal-optische uitgang van de cd-recorder. Heeft uw apparatuur geen digitale aansluitingen dan zal de hoogwaardige analogd/digital-convertor van uw cd-recorder zorgen voor een zeer goede geluidsweergave via de analoge uitgang.
Wij raden u aan altijd zowel de digitale als de analoge aansluiting te gebruiken. Op die manier kunt altijd analoog opnemen wanneer digitaal opnemen niet mogelijk is.
VOORBEREIDING
A AM-antenneaansluiting
Sluit de bijgeleverde raamantenne aan op de aansluitbus AM ANTENNA. Plaats de AM-raamantenne zo ver mogelijk van het systeem en verplaats de antenne tot de ontvangst optimaal is.
B FM-draadantenneaansluiting
Sluit de bijgeleverde FM-draadantenne aan op de aansluitbus FM ANTENNA 75 Ω. Verplaats de FM-draadantenne tot de ontvangst optimaal is.
Buitenantenne
U kunt de FM-stereo-ontvangst verbeteren door een FM-buitenantenne aan te sluiten op de aansluitbus FM ANTENNA 75 Ω met behulp van een 75 Ω-coaxkabel.
© Luidsprekeraansluitingen
- Sluit de rechterluidspreker aan op de FRONT-aansluitklemmen R, met de gekleurde draad op de + en de zwarte draad op de —.
- Sluit de linkerluidspreker aan op de FRONT-aansluitklemmen L, met de gekleurde draad op de + en de zwarte draad op de —.
• Zet het afgestripte uiteinde van de kabel

vast in de klem zoals hieronder aangegeven.
D Subwoofer Out-aansluiting
Op de aansluitbus SUBWOOFER OUT kunt u de los verkrijgbare actieve subwoofer aansluiten. De subwoofer geeft enkel de lage tonen weer (bijvoorbeeld explosies, gevechtsgeluiden van ruimteschepen enz). Volg de gebruiksaanwijzing die bij de subwoofer zit.
E Cd-recorderaansluitingen ANALOGE AANSLUITINGEN
Sluit de rode stekkers aan op de aansluitingen R, en de witte stekkers op de aansluitingen L.
Om op te nemen
Verbind de kabel met de ingangen ANALOG IN van de cd-recorder en de uitgang LINE OUT van het minisysteem of uitgangen CDR LINE of TAPE OUT van een versterker.
Opmerking:
- Om rechtstreeks vanaf een cd-speler op te nemen moet de analoge ingang van de cd-recorder verbonden worden met de analoge uitgang van de cd-speler.
Om af te spelen
Verbind de kabel met de uitgangen ANALOG OUT op de cd-recorder en de uitgang AUX/CDR IN van het minisysteem of ingangen van een versterker bijvoorbeeld TAPE IN, CDR of AUX.
Opmerking:
- Gebruik nooit de ingang PHONO.
DIGITALE COAX-AANSLUITINGEN Om op te nemen
Verbind de kabel met de ingang DIGITAL IN van de cd-recorder en de uitgang DIGITAL OUT van het minisysteem of de cd-speler.
Om af te spelen
Verbind de kabel met de uitgangen DIGITAL OUT op de cd-recorder en de digitale coaxingang van de versterker of het opnameapparaat.
Opmerking:
- De digitale coax-aansluiting is enkel vereist indien u wenst op te nemen vanaf een cd-speler met een digitale coax-uitgang.
DIGITAAL-OPTISCHE AANSLUITINGEN Om op te nemen
Verbind een glasvezelkabel (niet bijgeleverd) met de ingang IN OPTICAL van de cd-recorder en de digitaal-optische uitgang van een cd-speler.
Opmerkingen:
- Digitale optische aansluiting is alleen nodig als u wilt opnemen van een CD-speler met een digitale optische uitgang.
- Om af te spelen moeten de digitale coax-uitgang of de analoge uitgang verbonden zijn met een versterker.
- Wanneer u de digitaal-optische (glasvezel)kabel aansluit, moet u erop letten dat u deze volledig aansluit tot u een klik hoort.
- Verwijder de stofkapjes van de digitaal- optische aansluiting (wij adviseren u de kapjes te bewaren).
⑤ Netaansluiting
Verbind nadat alle andere aansluitingen gemaakt zijn, het netsnoer met de netingang op het systeem en stop de stekker in het stopcontact.
Plaatsen van de batterijen in de afstandsbediening
- Plaats de batterijen (type RO6 of AA) in de afstandsbediening zoals aangegeven in het batterijvak.

- Verwijder de batterijen als ze leeg zijn of als u ze langere tijd niet zult gebruiken om te voorkomen dat ze gaan lekken en zo de afstandsbediening beschadigen. Gebruik als u de batterijen vervangt altijd batterijen van het type R06 of AA.
BEDIENINGSKNOPPEN


BEDIENINGSKNOPPEN
Bedieningsknoppen op het systeem en de afstandsbediening
1 STANDBY ON
— om het systeem aan of stand-by te zetten.
- om te EASY SET-functie te gebruiken.
2 DIGITAL SOUND CONTROL (DSC)
— om het gewenste klankeffect te kiezen: OPTIMAL, CLASSIC, TECHNO, JAZZ, ROCK of VOCAL.
- om het surround-effect aan en uit te zetten.
4
- aansluitbus voor een hoofdtelefoon.
5 REC (RECORD)
- om het opnemen op deck 2 te starten. voor de cd-recorder
- om een opname te starten, af te sluiten en te wissen.
— om een cassette met normale snelheid of versneld te kopieren.
7 JOG
— om het gewenste equalizer-display te kiezen.
- om de gewenste DSC-instelling te kiezen. Hiervoor moet u eerst de DSC-functie kiezen.
- om het gewenste niveau te kiezen voor het Incredible Surround-geluid. Hiervoor moet u eerst de Incredible Surround-functie kiezen.
8 PROG (PROGRAM)
- om bij de cd-speler cd-nummers te programmeren of bij de tuner zenders te programmeren.
9 CLOCK/TIMER
- om de tijd weer te geven en om de klok of timer in te stellen.
10 DISPLAY SCREEN
- om te huidige status van het systeem te zien.
11 CD-LADE
12 DIRECT STARTEN VAN EEN CD (DISC 1 / DISC 2 / DISC 3)
- om het cd-vak te kiezen waarmee u het afspelen wilt starten.
13 DISC CHANGE
- om cd's te verwisselen.
14 OPEN•CLOSE
- om de cd-lade te openen of te sluiten. voor de cd-recorder
- om de cd-lade te openen of te sluiten.
15 BRONKEUZE : om te kiezen tussen: CD / (CD 1•2•3)
- om de cd-speler te bedienen. Als de cd-speler stilstaat: om het cd-vak (1, 2 of 3) te kiezen.
TUNER / (BAND)
– om de tuner te bedienen. Als u de tuner gekozen heeft: om het golfgebied (FM, MW of LW) te kiezen.
TAPE / (TAPE 1•2)
- om het cassettedeck te bedienen. Als het cassettedeck stilstaat: om het cassette deck(deck 1 of 2) te kiezen.
AUX / (CDR)
- om het apparaat dat aangesloten is op AUX IN te bedienen (bijvoorbeeld het geluidskanaal van een tv, videorecorder, laserdiskspeler, DVD-speler of cd-recorder). Als u het aangesloten apparaat gekozen heeft, druk dan op AUX of CDR om te kiezen.
16 RDS
- om de soort van RDS-informatie in deze volgorde te kiezen: naam van de zender, programmatype, radiotekst en frequentie.
17 NEWS/TA
- om automatisch op een nieuwsuitzending of verkeersinformatie.
18 A. REV (AUTO REVERSE)
- enkel bij cassettedeck 2.
- om de gewenste manier van afspelen te kiezen (☐ / ☐ / ☐).
19 PER APPARAAT VERSCHILLEND SEARCH ◀◀▶▶ (TUNING ◀◀▶▶)
bij CD ...... om een vorige/ volgende passage te zoeken.
bij TUNER ..... om af te stemmen op een lagere of hogere radiofrequentie.
bij TAPE ...... om de cassette versneld terug of vooruit te spoelen (enkel op deck 2).
voor de cd-recorder....om achteruit/ vooruit te zoeken.
...... verplaatsen van de cursor in het menu/controleren van het programma.
STOP•CLEAR ■
DEMO .... (enkel op het systeem) om het demonstratieprogramma te starten of te beëindigen.
bij CD ...... om het afspelen van een cd te beëindigen en om een programma te wissen.
bij TUNER ..... om het programmeren te beëindigen.
bij TAPE ...... om het afspelen of opnemen te beeindigen.
voor de cd-recorder....om een programma te stoppen of te wissen.
PLAY ▶ / PAUSE II (SIDE A•B)
bij CD ...... om het afspelen te starten of te onderbreken.
bij TAPE ...... om het afspelen te starten.
SIDE: bij het afspelen op deck 2: om de andere kant van de cassette te kiezen.
BEDIENINGSKNOPPEN

voor de cd-recorder....om het afspelen te starten/ te beëindigen.
PREV ◀ / NEXT ▶ (PRESET ▼ ▲)
bij CD ...... om naar het begin van het huidige, vorige of volgende nummer te gaan.
bij TUNER ..... om een geprogrammeerde zender te kiezen.
20 MIC LEVEL
- om het mixniveau in te stellen bij karaoke of bij opnames met microfoon.
|21 VOLUME
- om het volume in te stellen.
22 MIC
- aansluitbus voor een microfoon.
23 DYNAMIC BASS BOOST (DBB)
- om het niveau voor de basversterking te kiezen of om het versterken van de lage tonen aan en uit te zetten.
24 OPEN
- om cassettedeck 2 te openen.
25 CASSETTEDECK 2
26 CASSETTEDECK 1
27 OPEN
- om cassettedeck 1 te openen.
28 Cijfertoetsen 0-9
- (nummers die uit twee cijfers bestaan moeten binnen 2 seconden ingetoetst worden).
- om een cd-nummer in te toetsen (enkel voor cd-r's).
29 REPEAT / INTRO SCAN
- om een nummer, een cd of alle aanwezige cd's te herhalen (enkel voor cd's).
- om de eerste 10 seconden van elk nummer weer te geven (enkel voor cd- r's).
30 SHUFFLE / TRACK INCREMENT
- om alle aanwezige cd's en hun nummers in willekeurige volgorde af te spelen (enkel voor cd's).
- om een hoger nummer te geven tijdens het opnemen (enkel voor cd- r's).
31 ON/OFF (enkel op de cd-recorder)
- om de cd-recorder aan (ON) of uit (OFF) te schakelen.
32 CD-LADE VAN DE CD-RECORDER
33 CANCEL (enkel op de cd-recorder)
- om nummers uit een programma te wissen.
- om in het menu tekst te wissen.
- om naar een hoger menu terug te keren.
34 MENU/STORE (enkel op de cd-recorder)
- om het menu te openen.
- om instellingen in het menu op te slaan.
35 EASY JOG-draaiknop (enkel op de cd-recorder)
- om naar het vorige/ volgende nummer te gaan bij het afspelen of programmeren.
- om het opnameniveau te controleren bij het opnemen.
- om instellingen te kiezen in een menu. ENTER-druktoets
- om de gekozen nummers af te spelen.
- om instellingen te kiezen in een menu.
- om nummers te programmeren.
36 REC TYPE (enkel op de cd-recorder)
- om de manier van opnemen te kiezen.
37| SOURCE (enkel op de cd-recorder)
- om de ingangsbron te kiezen.
38 DISPLAY (enkel op de cd-recorder)
- om informatie/tekst weer te geven in het display.
39 STANDBY-INDICATOR (enkel op de cd-recorder)
40 FINALIZE (enkel op de cd-recorder)
- om het afsluiten te kiezen.
41 ERASE (enkel op de cd-recorder)
- om het wissen te kiezen.
42 SCROLL (enkel op de cd-recorder)
- om het scrollen van tekst in het display te activeren (eenmaal)
43
- om het systeem stand-by te zetten.
Opmerkingen voor de afstandsbediening:
- Kies eerst het apparaat dat u wilt bedienen door op de bijbehorende bronkeuzetoets op de afstandsbediening te drukken (bijvoorbeeld CD 1/2/3, TAPE 1/2 TUNER of CDR).
- Kies vervolgens de gewenste functie (▶,◀,▶, enzovoort).
BEDIENEN VAN HET SYSTEEM

Belangrijk:
Zorg ervoor dat u alle voorbereidingen uitgevoerd heeft voor u begint met het bedienen van het systeem.
Demonstratieprogramma
Het systeem beschikt over een demonstratieprogramma dat u de verschillende mogelijkheden van het systeem laat zien. Zodra u het systeem voor de eerste keer inschakelt, gaat het demonstratieprogramma automatisch van start.
Opmerkingen:
- Als u tijdens het demonstratieprogramma op één van de bronkeuzetoetsen drukt (of op de stand-by-toets) dan schakelt het systeem over op het gekozen apparaat (of stand-by).
- Wordt het systeem stand-by geschakeld dan begint het demonstratieprogramma 5 seconden later opnieuw.
Uitschakelen van het demonstratieprogramma
- Houd STOP•CLEAR ■ (enkel op het systeem) gedurende 5 seconden ingedrukt terwijl het demonstratieprogramma loopt.
→ Het demonstratieprogramma wordt uitgeschakeld.
→ In het display verschijnt "DEMO OFF" (demo uit).
→ Het systeem wordt stand-by geschakeld.
Opmerking:
- Ook al wordt de stekker uit het stopcontact gehaald en weer aangesloten, toch gaat het demonstratieprogramma niet van start tot u het zelf weer inschakelt.
Starten van het demonstratieprogramma
- Houd STOP•CLEAR ■ (enkel op het systeem)gedurende 5 seconden ingedrukt terwijl het systeem stand-by staat.
→ Het demonstratieprogramma gaat van start.
Easy Set
De EASY SET-functie biedt u de mogelijkheid om alle beschikbare radiozenders en RDS-zenders automatisch op te slaan.
1 Houd STANDBY ON (enkel op het systeem) gedurende 5 seconden ingedrukt terwijl het systeem stand-by staat of tijdens het demonstratieprogramma.
→ In het display verschijnt "EASY SET" gevolgd door "TUNER" en vervolgens "AUTO" (automatisch).
→ EASY SET zoekt eerst alle RDS-zenders en daarna achtereenvolgens de zenders op de FM-, MW- en LW-band.
→ Alle aanwezige RDS- en andere zenders met een voldoende sterk signaal worden opgeslagen. In het totaal kunnen 40 zenders opgeslagen worden.
2 Het systeem gaat opnieuw op zoek naar de eerste beschikbare RDS-zender om de RDS-tijd automatisch in te stellen.
- Als de eerste beschikbare geprogrammeerde zender geen RDS-zender is Indien geen RDS-zenders aanwezig zijn, wordt het programmeren automatisch beëindigd.
→ Zodra een zender gevonden is, verschijnt in het display "EASY SET" en vervolgens "TIME" (tijd).
• Tijdens het zoeken naar de RDS-tijd:
→ In het display verschijnt "SEARCH RDS TIME" (zoekt RDS-tijd).
→ Wanneer de RDS-tijd ontvangen wordt, verschijnt "RDS TITIE" (RDS-tijd). De juiste tijd wordt gedurende 2 seconden weergegeven en wordt automatisch opgeslagen.
Opmerkingen:
- EASY SET begint met RDS-zenders. Als daarna nog plaats overblijft om zenders te programmeren, worden achtereenvolgens FM-, MW- en LW-zenders opgeslagen.
- Als u gebruik maakt van de EASY SETfunctie dan worden alle eerder geprogrammeerde zenders uit het geheugen gewist.
BEDIENEN VAN HET SYSTEEM
- Als de EASY SET-functie klaar is dan verschijnt in het display de zender die als laatste geprogrammeerd is of de eerste beschikbare RDS-zender.
- Als de RDS-zender niet binnen 90 seconden de RDS-tijd verstuurt dan wordt het programmeren automatisch beëindigd en verschijnt in het display "NO RDS TIME" (geen RDS-tijd).
Opmerking:
- Als u een ander apparaat wilt kiezen, controleer dan of de linker- en rechteraudio-uitgang van het apparaat (bijvoorbeeld van een tv, een videorecorder, een laserdiskspeler, een DVD-speler of een cd-recorder) aangesloten zijn op de AUX/CDR IN-ingangen.
Aanzetten van het systeem
- Druk op STANDBY ON, CD, TUNER, TAPE of AUX.
U kunt het systeem ook aanzetten door op één van de toetsen voor het direct starten van de cd te drukken.
Stand-by zetten van het systeem
- Druk opnieuw op STANDBY ON of op op de afstandsbediening.
→ Het systeem wordt stand-by geschakeld.
Kiezen van een geluidsbron
- Druk op de gewenste bronkeuzetoets: CD, TUNER, TAPE of AUX.
→ In het display verschijnt de gekozen geluidsbron.
Kiezen van het equalizer- display
U kunt kiezen uit de verschillende equalizer-displays van het systeem. Druk echter niet op de toets DSC of INCREDIBLE SURROUND op het systeem voor u de JOG-knop gebruikt.
- Draai de JOG-knop om het gewenste equalizer-display te kiezen: NORMAAL, VAN BOVEN NAAR BENEDEN of NACHTSTAND.
NORMAAL display

VAN BOVEN NAAR BENEDEN-display

NACHTSTAND-display

Opmerking:
- In de NACHTSTAND gaan alle indicators uit en wordt de helderheid van het display gedimd.
Instellen van de klank
INSTELLEN VAN HET VOLUME
Stel VOLUME in om het volume hoger of lager te zetten.
'In stilte' luisteren
Sluit de stekker van de hoofdtelefoon aan op de uitgang 📋 op de voorkant van het systeem. De luidsprekers worden dan uitgeschakeld.
INCREDIBLE SURROUND - ruimtelijk surround-effect
Het stereogeluid wordt normaal gezien bepaald door de afstand tussen de voorluidsprekers. Als de Incredible Surround-functie ingeschakeld is dan wordt de virtuele afstand tussen de voorluidsprekers vergroot zodat er een enorm ruimtelijk en allesomvattend stereo-effect ontstaat. Hiervoor zijn 12 verschillende Incredible Surround-niveaus beschikbaar.
- Druk op INCREDIBLE SURROUND om het klankeffect aan te zetten.
→ Het INCREDIBLE SURROUND-display gaat aan.
→ In het display verschijnt de melding "IS XX".
Opmerking:
- "XX" is het laatst gekozen Incredible Surround-niveau.
U kunt het Incredible Surround-niveau wijzigen met de JOG-knop.
- Draai de JOG-knop naar het gewenste Incredible Surround-niveau meteen nadat u de Incredible Surround-functie gekozen heeft.
→ Het Incredible Surround-niveau wordt hoger of lager ingesteld tussen niveau 1 en 12.
Uitzetten van Incredible Surround
- Druk opnieuw op INCREDIBLE SURROUND.
→ Het INCREDIBLE SURROUND-display gaat uit.
→ In het display verschijnt "IS OFF" (IS uit).
BEDIENEN VAN HET SYSTEEM CD
DIGITAL SOUND CONTROL (DSC) - digitale klankregeling
Met de DSC-functie kunt u het systeem zo instellen dat muziek van uw keuze optimaal weergegeven wordt.
• Druk op DIGITAL SOUND CONTROL (DSC) om te kiezen tussen OPTIMAL, CLASSIC, TECHNO, JAZZ, ROCK of VOCAL.
→ De gekozen Digital Sound-instelling wordt omcirkeld.
→ In het display verschijnt
"OPTIMAL X, CLASSIC,
TECHNO X, JAZZ X, ROCK
X of VOCAL X". "X" geeft het
gekozen niveau weer.
Voor elke instelling, behalve voor CLASSIC, kunt u met de JOG-knop het niveau wijzigen.
- Kies eerst de gewenste DSC-instelling en draai vervolgens de JOG-knop tot u het gewenste DSC-niveau bereikt heeft. → Het DSC-niveau wordt hoger of lager ingesteld tussen niveau 1 en 5.
Opmerking:
- Wilt u een neutrale instelling, kies dan CLASSIC en schakel de DBB-functie uit.
DYNAMIC BASS BOOST (DBB) - basversterking
Er zijn drie DBB-instellingen voor het versterken van de lage tonen.
- Druk kort op DBB om het basversterkingsniveau te kiezen.
→ Het bijbehorende DBB-niveau wordt omcirkeld en begint te branden.
→ In het display verschijnt "BEAT, PUNCH of BLAST".
Uitzetten van de DBB-functie
- Druk kort op DBB tot in het display "DBB OFF" (DBB uit) verschijnt.
Opmerking: - Sommige cd's of cassettes zijn met een grote dynamiek opgenomen. Er kan dan vervorming optreden als het volume hard staat. Als dit gebeurt dan kunt u het beste de DBB-functie uitzetten of het volume zachter zetten.
Automatisch kiezen van de DSC-DBB-instelling
Voor elke DSC-instelling wordt automatisch de meest geschikte DBB-instelling gekozen. U kunt echter ook handmatig de DBB-instelling kiezen die het beste past voor uw luisteromgeving.

Waarschuwing!
1) Dit apparaat is geschikt voor gewone cd's. Gebruik geen accessoires zoals een cd-adapterring of cd-folie enzovoort; deze kunnen het cd-mechanisme beschadigen.
2) Leg niet meer dan één cd in elk cd-
vak.
3) Houd het systeem niet ondersteboven en voorkom stoten als er cd's in zitten want dan kan het mechanisme vastlopen.
U kunt in het totaal drie cd's in de cd-wisselaar plaatsen en ze achter elkaar afspelen zonder onderbrekingen.
Geschikte cd's
Op dit systeem kunnen de volgende formaten afgespeeld worden: alle audio-cd's, CD-R-DA en CD-RW-DA discs.



CD
Plaatsen van cd's in de wisselaar
1 Druk op CD om de cd-speler te kiezen.
2 Druk op OPEN•CLOSE.
→ De cd-lade komt naar voren.
3 Leg een cd met de bedrukte kant naar boven in het rechtervak.
- In het linkervak kunt u de tweede cd leggen.
- Druk op de DISC CHANGE-toets om de derde cd te plaatsen.
→ De cd-lade draait tot u ook in het lege cd-vak een cd kunt leggen.
4 Druk op OPEN•CLOSE om de cd-lade te sluiten.
→ In het display verschijnen het totale aantal nummers en de speelduur van de als laatste gekozen cd.
Opmerking:
- Om er zeker van te zijn dat het systeem optimaal functioneert, moet u wachten tot de cd-wisselaars de cd('s) volledig gelezen heeft voor u verdergaat.
Direct starten van een cd
U kunt het afspelen van een cd meteen starten door op de toets DISC 1, DISC 2 of DISC 3 te drukken. De cd-speler stopt automatisch aan het einde van de gekozen cd.
— Als de toets verlicht is dan betekent dit dat er een cd in het cd-vak zit.
Afspelen van een cd
1 Druk op PLAY ▶ om het afspelen te starten.
→ In het display verschijnen het cd-vak, het volgnummer en de verstreken speelduur van het nummer dat speelt.
- Druk op PAUSE II om het afspelen te onderbreken.
→ De speelduur knippert. - Druk nogmaals op PLAY ▶ om verder te gaan met afspelen.
2 Druk op STOP•CLEAR ■ om het afspelen te beëindigen.
Opmerking:
- Alle aanwezige cd's worden eenmaal afgespeeld en daarna stopt de speler.
Vervangen van cd's
U kunt de cd's in de twee buitenste vakken vervangen terwijl de cd in het binnenste vak aan het spelen is of terwijl de speler stilstaat.
1 Druk op DISC CHANGE.
→ De cd-lade komt naar voren.
2 Vervang de cd in het linker- en rechter-cd-vak.
- Drukt u nogmaals op DISC CHANGE tijdens het afspelen dan wordt het afspelen van de cd beëindigd.
→ De cd-lade begint te draaien tot het binnenste vak naar buiten komt zodat u ook in dit vak een andere cd kunt plaatsen.
3 Druk op OPEN•CLOSE om de cd-lade te sluiten.
Kiezen van een bepaald cd- nummer
Kiezen van een bepaald cd-nummer terwijl de speler stilstaat
1 Druk op PREV ◀ of NEXT ►I tot het gewenste nummer in het display verschijnt.
2 Druk op PLAY ▶ om het afspelen te starten.
→ In het display verschijnen het gekozen cd-nummer en de verstreken speelduur.
Kiezen van een bepaald nummer tijdens het spelen
1 Druk op PREV ◀ of NEXT ►I tot het gewenste nummer in het display verschijnt.
→ In het display verschijnen het gekozen cd-nummer en de verstreken speelduur.
- Als u eenmaal op PREV ◀ drukt dan gaat de speler terug naar het begin van het nummer dat speelt en begint opnieuw.
Zoeken van een bepaalde passage tijdens het spelen
- Houd ◀◀ of ▶▶ ingedrukt tot u de gewenste passage gevonden heeft. → Het geluid wordt zachter gezet.
- Wanneer u ◀◀ of ▶▶ loslaat dan gaat het afspelen op de normale manier verder.
Programmeren van nummers
Wanneer de cd-speler stilstaat kunt u de nummers van een cd die in het systeem zit programmeren. In het display verschijnt het totale aantal nummers die u in het programma opgeslagen heeft. Er kunnen in het totaal 40 nummers in elke volgorde in het geheugen opgeslagen worden. Als reeds 40 nummers opgeslagen zijn en u probeert nog een nummer te programmeren dan verschijnt in het display "FULL" (vol).
1 Leg de gewenste cd's in de cd-vakken.
2 Druk op PROGRAM om te beginnen met programmeren.
→ In het display knippert het woord PROGRAM (programmeren).
→ Hiermee wordt elke eerder gekozen herhaalfunctie uitgeschakeld.
3 Druk op de gewenste CD-toets (CD 1•2•3) om de cd te kiezen.
4 Druk op PREV ◀ of NEXT ▶ om het gewenste nummer te kiezen.
5 Druk op PROGRAM om het nummer op te slaan.
- Herhaal de stappen 3 tot 5 om nog meer nummers en cd's te programmeren.
6 Druk eenmaal op STOP•CLEAR ■ om het programmeren te beëindigen.
→ In het display verschijnen het totale aantal geprogrammeerde nummers en de totale speelduur.
Opmerkingen:
- Als de totale speelduur hoger is dan "99:59" of als één van de geprogrammeerde nummers een
volgnummer heeft hoger dan 30 dan verschijnt in het display “- - : - - ” in plaats van de totale speelduur.
- Als tijdens het programmeren gedurende 20 seconden geen enkele toets ingedrukt wordt dan wordt het programmeren automatisch beëindigd.
Controleren van het programma
U kunt het programma alleen controleren als de speler stilstaat.
- Druk verschillende keren op PREV ◀ of NEXT ▶ om de geprogrammeerde nummers te controleren.
- Druk op STOP•CLEAR ■ om het controleren te beëindigen.
Afspelen van het programma
1 Druk op PLAY ▶ om het afspelen van het programma te starten.
→ In het display verschijnt "PLAY PROGRAM" (afspelen programma).
→ In het display verschijnen het volgnummer en de verstreken speelduur van het nummer dat speelt.
- Als u op REPEAT drukt tijdens het afspelen van een programma dan worden het nummer dat speelt of alle geprogrammeerde nummers voortdurend herhaald.
→ In het display verschijnt "REPEAT TRACK" of "REPEAT PROGRAM".
→ In het display verschijnenREPEAT en PROGRAM.
2 Druk op STOP•CLEAR ■ om het afspelen van het programma te beeindigen.
Opmerkingen:
- Als u op één van de toetsen CD DIRECT PLAY drukt dan wordt de gekozen cd of het gekozen nummer afgespeeld en wordt het opgeslagen programma tijdelijk genegeerd. Het woord PROGRAM verdwijnt dan ook tijdelijk uit het display en verschijnt opnieuw als het afspelen van de gekozen cd beeindigd is.
- Het herhalen van een cd (REPEAT DISC) wordt uitgeschakeld wanneer het programma begint te spelen.
Wissen van het programma
(terwijl de speler stilstaat)
• Druk op STOP•CLEAR ■
→ In het display verschijnt "PROGRAM CLEARED" (programma gewist).
Opmerking:
- Het programma wordt ook gewist als de netvoeding uitgeschakeld wordt (stekker uit het stopcontact) of als u de cd-lade opent. Als u de cd -lade opent dan worden de nummers van de cd's die in de 2 buitenste vakken liggen gewist en verschijnt in het display "TRACKS CLEARED" (nummers gewist).
Shuffle - afspelen in willekeurige volgorde (enkel via de afstandsbediening)
Bij de shuffle-functie worden alle nummers van alle aanwezige cd's worden in willekeurige volgorde afgespeeld. U kunt deze functie ook gebruiken als u nummers geprogrammeerd heeft.
Om alle nummers van alle cd's in willekeurige volgorde af te spelen
1 Druk op SHUFFLE
→ In het display verschijnt "SHUFFLE".
→ In het display verschijnen het woord SHUFFLE en de willekeurig gekozen cd en nummer.
- De nummers van de verschillende cd's worden nu in willekeurige volgorde afgespeeld to tu op STOP•CLEAR
- Als u tijdens het afspelen in willekeurige volgorde op REPEAT drukt dan wordt het nummer dat speelt of alle aanwezige cd's voortdurend herhaald.
→ In het display verschijnt "TRACK" (nummer) of "ALL" (alle cd's).
→ In het display verschijnen REPEAT en SHUFFLE.
2 Druk opnieuw op SHUFFLE om op de normale manier verder te gaan met afspelen.
→ Het woordSHUFFLE verdwijnt uit het display.
Opmerking:
- Het herhalen van een cd (REPEAT DISC) wordt uitgeschakeld wanneer het afspelen in willekeurige volgorde begint.
Repeat – herhalen (enkel via de afstandsbediening)
Het nummer dat speelt, de cd of alle aanwezige cd's worden telkens opnieuw herhaald.
1 Druk tijdens het afspelen op REPEAT op de afstandsbediening om te kiezen wat u wilt herhalen.
→ In het display verschijnt "TRACK" (nummer), "DISC" (cd), "ALL" (alle cd's) of "OFF" (uit).
→ In het display verschijnt het woord REPEAT (herhalen).
- Het gekozen nummer, de gekozen cd of alle cd's worden keer op keer herhaald tot u op STOP•CLEAR ■ drukt.
2 Druk nogmaals op REPEAT tot in het display "OFF" (uit) verschijnt om op de normale manier verder te gaan met afspelen.
→ Het woord REPEAT verdwijnt uit het display.
Opmerkingen:
— Het herhalen van een cd (REPEAT DISC) is niet mogelijk tijdens het afspelen van een programma of tijdens het afspelen in willekeurige volgorde.
- U kunt ook het afspelen van een programma in willekeurige volgorde herhalen.
→ In het display verschijnt "REPEAT TRACK" of "REPEAT PROGRAM".
→ In het display verschijnen de woorden REPEAT, PROGRAM en SHUFFLE.
CD-RECORDER
Algemene informatie
- Met de cd-recordable/ rewritable-recorder van Philips kunt u uw eigen audio-cd's van hoogwaardige kwaliteit opnemen, afspelen en wissen (u dient de wettelijke beperkingen betreffende kopiëren in acht te nemen). Daarnaast kunt u uiteraard ook alle voorbespeelde audio-cd's afspelen.
- Voor het maken van opnames dient u speciale audio-cd's te gebruiken (enkel voor muziek). Op deze cd's bevinden zich de onderstaande logo's. Het opschrift 'DIGITAL AUDIO' moet aanwezig zijn!
- Cd-audio recordable-cd's (cd-r): helemaal vol met
opnames en afgesloten. Deze cd's kunnen op elke cd- speler en -recorder afgespeeld worden.
- Cd-audio rewritable-cd's (cd-rw): zijn geschikt voor
opnemen, wissen en honderden keer opnieuw opnemen. Wanneer de cd's
afgesloten zijn, kunnen ze op elke cd- rw-compatibele cd-speler en - recorder afgespeeld worden. In de loop van 1999 zullen vrijwel alle nieuwe Philips-cd-spelers en - recorders cd-rw-compatibel zijn.
- Voor en goede werking van het apparaat raden wij u aan enkel audio-cd-r's en audio-cd-rw's van Philips te gebruiken.
- Uw cd-recorder is geschikt voor het afspelen van elke audio-cd, elke afgesloten audio-cd-recordable en elke afgesloten audio-cd-rewritable.
Accessoires (Bijgeleverd)
- 2 Analoge audiokabels (met rode en witte stekkers)
- 1 Digitale coax-kabel (met zwarte stekkers)
- Netsnoer
DISPLAY-indicaties

flowchart
graph TD
A["1"] --> B["2"]
B --> C["3"]
C --> D["4"]
D --> E["5"]
E --> F["6"]
F --> G["7"]
G --> H["8"]
H --> I["9"]
I --> J["10"]
J --> K["11"]
K --> L["12"]
L --> M["13"]
M --> N["14"]
N --> O["15"]
O --> P["16"]
P --> Q["17"]
Q --> R["18"]
R --> S["19"]
S --> T["20"]
T --> U["21"]
U --> V["22"]
V --> W["23"]
W --> X["24"]
X --> Y["25"]
Y --> Z["26"]
Z --> AA["27"]
AA --> AB["28"]
AB --> AC["29"]
AC --> AD["30"]
AD --> AE["31"]
AE --> AF["32"]
AF --> AG["33"]
AG --> AH["34"]
AH --> AI["35"]
AI --> AJ["36"]
AJ --> AK["37"]
AK --> AL["38"]
AL --> AM["39"]
AM --> AN["40"]
1 REM/REC TIME
– de resterende opnametijd/opnametijd.
2 TRACK
- het volgnummer.

- de balans (brandt tijdens het instellen van de balans).
4 TOTAL REM TRACK TIME
- de totale of resterende speelduur van een cd of een nummer.
5 O)
– de afstandsbediening wordt gebruikt.
6 STEP
— geeft het aantal nummers in een programma weer.
7 Nummerbalk
- geeft de nummers op een cd of in een programma weer.
— geeft weer welk nummer aan het spelen is.
8 +20
– de cd of het programma bevat meer dan 20 nummers.
9 SCAN
- brandt als de eerste 10 seconden van elk nummer afgespeeld worden.
10 REPEAT TRACK/ALL
- brandt als een nummer/ de hele cd (of programma) herhaald wordt.
11 SYNC
- er is een automatisch gestarte opname bezig.
12 SHUFFLE ALL
- de nummers worden in willekeurige volgorde afgespeeld.
13 MANUAL
- het handmatige starten van een opname is ingeschakeld.
14 L/R II II
- niveaubalk voor opnemen/ afspelen; geeft het niveau van het audiosignaal weer.
15 PROGRAM
- knippert tijdens het programmeren/brandt als de programmeerfunctie ingeschakeld is.
16 II
– de pauzestand is ingeschakeld.
17
– brandt tijdens het afspelen.
18
- brandt tijdens het opnemen.
19 RW
- er zit een niet-afgesloten cd-r(w) in het apparaat.
20 CD
- er zit een cd in het apparaat (een voorbespeelde cd of een afgesloten cd-r of cd-rw).
21
— brandt tijdens het opnemen.
22| ANALOG
— de analoge ingang is gekozen.
23 OPTICAL I
– de optische ingang l is gekozen voor een externe opname.
24 DIGITAL I
– de digitale ingang l is gekozen voor een externe opname.
DISPLAY-meldingen
De hieronder vermelde en verklaarde meldingen verschijnen in het display om u verder te helpen.
ALGEMEEN
READING .... tijdens het lezen van disc-informatie.
NO DISC ...... er zit geen cd in het apparaat, de cd is onleesbaar of is ondersteboven geplaatst.
PROG FULL ...... het programma is vol.
INSERT DISC...plaats een cd in het apparaat of plaats de cd op de juiste manier.
WRONG DISC .... de cd in het apparaat is geen audio-cd.
CD-RECORDER
UNFINALIZED...niet-afgesloten cd-r(w).
MEMORY xxx% ... geeft aan hoeveel van het tekstgeheugen gebruikt is bij niet-afgesloten cd's.
OPNEMEN
UPDATE .... inhoud van disc bijwerken.
DISC FULL ..... er kunnen geen nieuwe opnames gemaakt worden.
COPY PROTECT...digitaal opnemen is niet mogelijk vanaf de aangesloten bron.
NOT FINALIZED...bij opening van de disc-lade wanneer deze een niet-gefinaliseerde disc bevat
MAK [CD] ...... een automatisch opname van een complete cd wordt gestart en de automatische afsluitfunctie is gekozen.
RECORD DISC...een automatische opname van een complete cd wordt gestart
RECORD TRACK...een automatische opname van een bepaald nummer wordt gestart
REC MANUAL .... handmatig starten van een opname is ingeschakeld.
-XX XX ...... het opnameniveau wordt ingesteld.
CRASE TRACK...wanneer één of meerdere nummers gewist worden.
CRASE DISC .... wanneer een cd gewist wordt.
FINALIZE ....... bij het finaliseren van een disc.
FINALIZED ..... wanneer u een reeds afgesloten cd probeert af te sluiten.
CHECK INPUT ....wanneer u op RECORD drukt terwijl geen digitale bron gevonden wordt.
PRESS RECORD...voor het starten van handmatig opnemen, finaliseren of wissen.
START SOURCE ....om een automatische opname te starten vanaf een bron.
FINALIZED CD ...wanneer u probeert op te nemen op een afgesloten cd-r of een voorbespeelde cd.
UNFINALIZE / PRESS ENTER ...... wanneer u probeert op te nemen op een afgesloten cd-rw.
OVERIGE
NO AUDIO TR .. wanneer de recorder een datafile vindt tijdens het opnemen.
FINALIZE CD ...lasercalibratie 96 maal uitgevoerd, disc finaliseren.
INITIALIZING ...tijdens het kalibreren van het laservermogen bij niet-afgesloten cd's.
OPC ERROR ..... OPC-fout tijdens de OPC-procedure (OPC = Optimum Power Calibration).
RECORD ERROR...opnamefout in het menu.
DISC ERROR .... wanneer u probeert op te nemen op een herstelde cd of wanneer u deze probeert af te sluiten.
MEMORY FULL/FINALIZE CD ...... wanneer het tekstgeheugen vol is. ...... Wilt u een cd toevoegen aan de lijst, sluit dan eerst af of wis een andere cd uit de lijst.
MENUMELDINGEN
NO TRACKS ..... wanneer u probeert tekst in te voeren voor een cd zonder nummers.
ALBUM ARTIST...bij het bewerken of wissen van de naam van een artiest.
RLBUM TITLE...bij het bewerken of wissen van een titel.
TR N ARTIST .. wanneer u de naam van de artiest van een bepaald nummer invoert of wist.
TR N TITLE .... wanneer u de titel van een bepaald nummer invoert of wist.
ERASE OK / ERASE ALL OK ...... wanneer u het wissen moet bevestigen met de ENTER-toets.
ERPSE MEMORY...wanneer u wacht op een bevestiging bij het wissen van een cd.
MEMORY VIEW...wanneer u gekozen heeft om de tekst in het geheugen te bekijken van een niet-afgesloten cd.
MEMORY EMPTY...wanneer u REVIEW gekozen heeft en er geen tekst in het geheugen aanwezig is
AUTO TRACK .... wanneer u de automatische nummering aan (ON) of uit (OFF) wilt zetten.
ON .... automatische nummering aan.
OFF ...... automatische nummering uit.
NO TEXT ...... er is geen tekst opgeslagen op de cd.
CD-RECORDER
Aanzetten van het systeem
1 Steek het bijgeleverde netsnoer in aansluitpunt MAINS op de CD-recorder en steek daarna het andere uiteinde in het stopcontact.
2 Druk op ON/OFF.
3 Door vervolgens op een willekeurige andere toets te drukken wordt de recorder actief.
Opmerking:
- De CD-recorder stellt zich automatisch in op de lokale netspanning.
- Als de CD-recorder uitstaat (OFF) verbruikt hij toch nog stroom. Wilt u dat het apparaat helemaal geen stroom verbruikt, neem dan de stekker uit het stopcontact.
Plaatsen van een cd
1 Druk op OPEN/CLOSE om de cd-lade te openen.
2 Plaats een cd, cd-r of cd-rw in de juiste uitsparing in de lade met het etiket naar boven.
3 Druk op OPEN/CLOSE om de lade te sluiten.
→ De aanduiding "CLOSE" verschijnt, gevolgd door "READING" en het type disc dat u geladen hebt, wordt aangegeven op het display.
- Als een cd-r(w) afgesloten is dan verschijnt in het display CD.
- Als er cd-tekst aanwezig is dan loopt de TITEL/ARTIEST door het display.
Opmerkingen:
- Enkel audio-cd's worden geaccepteerd. Plaatst u een andere cd in het apparaat dan een audio-cd dan verschijnt in het display "WRONG DISC" (foute cd).
- Plaatst u een lege of gedeeltelijk opgenomen cd-r of een niet-afgesloten cd-nv in het apparaat dan zal de cd-recorder de cd kalibreren voor optimaal opnemen. Terwijl dit gebeurt, verschijnt in het display eerst "INITIALIZING" (initialiseert) en vervolgens het aantal audionummers. Het kalibreren kan tot 25 seconden duren.
Opnemen
Belangrijk:
- Wilt u de opgenomen cd-r afspelen op een gewone cd-speler dan moet u deze eerst afsluiten. Zie afsluiten van cd's.
- Afgesloten cd-rw's kunnen enkel afgespeeld worden op cd-rw-compatibele cd-spelers.
- Maak bij opnames vanaf een cd-wisselaar geen gebruik van de mogelijkheid Handmatig Opnemen.
- Neem enkel analoog op als digitaal opnemen niet mogelijk is.
- Als er reeds opnames op de cd staan, zal de cd-recorder automatisch zoeken naar het einde
van het laatste nummer zodat het opnemen vanaf daar kan starten.
- De disc moet nog een resterende opnametijd van minimaal 7 seconden bezitten, anders kunt u het apparaat niet in de opnamewachtstand zetten. In dat geval verschijnt de melding DISC FULL op het display.
- Er kunnen maximaal 99 nummers opgenomen worden op een cd. De minimale lengte van een nummer is 4 seconden.
AUTOMATISCH STARTEN VAN EEN OPNAME
Met deze functie kunt u snel en eenvoudig opnemen op een cd. De nummering wordt automatisch opgezocht op het bronmateriaal. De nummering kan niet handmatig toegevoegd worden. Bij analoge bronnen wordt een stilte van 2,7 seconden of langer automatisch meegenummerd.
Voorbereiding voor automatisch starten van een opname
1 Druk herhaaldelijk op SOURCE om DIGITAL, OPTICAL of ANALOG te kiezen.
→ De indicatie DIGITAL I, OPTICAL I of ANALOG begint te branden.
→ In het display verschijnt "DIGITAL I.OPTICAL of ANALOG".
2 Druk eenmaal op REC TYPE om een hele cd op te nemen; of tweemaal om één nummer op te nemen; of viermaal
om een hele cd op te nemen met de automatische afsluitfunctie.
→ De indicatiesYNC begint te knipperen.
→ In het display verschijnt "RECORD DISC (cd opnemen), RECORD TRACK (nummer opnemen) of MAKE CD (cd maken)".
Automatisch starten van de opname
1 Start het afspelen op de gekozen bron.
→ De cd-recorder begint automatisch op te nemen.
- Om de verlopen opnametijd te controleren drukt u op DISPLAY.
- De recorder stopt automatisch aan het eind van de opname.
2 Om de opname automatisch te stoppen drukt u op STOP ■ op de cd-recorder.
→ De indicatiesYNC verdwijnt en in het display verschijnt "WRIT" (wachten).
- Heeft u op STOP ■ gedrukt binnen 3 seconden nadat het afspelen begonnen was dan wordt geen opname gemaakt.
- Om een opname te onderbreken drukt u op PAUSE II op de cd-recorder.
- Om weer verder te gaan met opnemen drukt u op RECORD op de cd-recorder.
Na het opnemen verschijnt in het display gedurende enkele seconden "UPDATE".
Opmerking:
- Opnames vanaf DAT, DCC of analoge bronnen stoppen pas na een stilte van 20 seconden.
HANDMATIG OPNEMEN
Voorbereiding voor handmatig opnemen
1 Druk herhaaldelijk op SOURCE om DIGITAL, OPTICAL of ANALOG te kiezen.
- Staat de automatische nummering aan (standaardinstelling) dan worden de nummers automatisch in opgaande lijn genummerd tijdens het opnemen.
→ Om de automatische nummering uit te schakelen moet u het menu openen. Wilt u de nummers handmatig in opgaande lijn nummeren, druk dan op TRACK INCREMENT op de afstandsbediening. Zie voor verdere aanwijzingen de Menufunctie. ON (Automatisch)....De
tracknummering wordt automatisch overgenomen van het digitale bronmateriaal.
OFF (Handmatig)....Tracks kunnen handmatig worden genummerd door op TRACK INCR(ement) op de afstandsbediening te drukken. (De minimale lengte van een track is 4 seconden) (Dit kan ook in de functie Auto Track).
- De nummering kan na het opnemen niet meer gewijzigd worden.
2 Druk driemaal op REC TYPE om het handmatig opnemen stand-by te zetten.
→ De indicatie MANUAL begint te knipperen en in het display verschijnt "REC MANUAL" (handmatig opnemen).
3 Start eerst het afspelen op de bron om het opnameniveau optimaal in te stellen op de cd-recorder.
4 Draai EASY JOG tot alle blauwe blokjes van de balk voor het opname-/ afspeelniveau maar zodanig dat de rode blokjes niet constant oplichten tijdens de luidste passages.
→ In het display verschijnt "–xxx 3.8".
5 Stop het bronapparaat.
Starten van een handmatige opname
1 Druk op RECORD op de cd-recorder en start onmiddellijk het afspelen op de gekozen bron om de opname te starten (vanuit stilstand).
→ In het display verschijnen het volgnummer en de opnametijd.
- Om een stilte van 3 seconden op te nemen aan het begin van een nummer drukt u op PAUSE II op de cd-recorder voor u de gekozen bron start.
- Druk op DISPLAY op de cd-recorder om de verstreken opnametijd te controleren (Dit kan ook tijdens het opnemen gebeuren).
2 Druk op STOP ■ op de cd-recorder om de opname te stoppen.
→ In het display verschijnt "WART" (wachten).
- Heeft u op STOP ■ gedrukt binnen 3 seconden nadat u op RECORD gedrukt had dan wordt geen opname gemaakt.
- Om een opname te onderbreken drukt u op PAUSE II op de cd-recorder.
Na het opnemen verschijnt in het display gedurende enkele seconden "UPDATE".
Opmerking:
- Als de automatische nummering aanstaat "AUTO TRACK ON" dan stopt de recorder en wordt het opnemen gedurende 1 minuut stand-by gezet (REC STANDBY) en vervolgens gaat de recorder automatisch in stilstand. Opnames vanaf DAT, DCC of analoge opnames stoppen na een stilte van 20 seconden. Staat de automatische nummering uit "AUTO TRACK OFF" dan wordt het automatisch in stilstand gaan uitgeschakeld.
AFSLUITEN VAN CD-R'S EN CD-RW'S Het afsluiten is heel eenvoudig en noodzakelijk om:
- de opnames te kunnen afspelen op een cd-speler,
- te voorkomen dat later ongewenste opnames gemaakt worden op de cd,
- te voorkomen dat nummers op een cd- rw gewist worden.
Automatisch afsluiten
Automatisch afsluiten is mogelijk wanneer u opneemt met de optie MAKE CD (cd maken).
Handmatig afsluiten
1 Druk op FINALIZE vanuit stilstand.
→ In het display verschijnen "FINALIZE" (afsluiten) en "PRESS RECORD" (druk op RECORD).
2 Druk op RECORD
→ In het display verschijnen "xxx xxx FINAL" en de tijd die ongeveer nodig is om af te sluiten.
- Tijdens het afsluiten telt de tijd in het display af.
→ Wanneer het afsluiten klaar is, verschijnen in het display het totale aantal nummers en de totale opnametijd.
→ Bij cd-r(w)'s verschijnt in het display
CD in plaats van CDR(w).
CD-RECORDER
Opmerkingen:
— Het finaliseren duurt ten minste 2-4 minuten.
- Tijdens het afsluiten kunt u geen andere functies van de cd-recorder bedienen.
AFSLUITEN VAN CD-RW'S ONGEDAAN MAKEN
Enkel voor cd-rw's
Als u meerdere opnames wilt maken (of nummers wilt wissen) op een afgesloten cd dan moet u eerst het afsluiten ongedaan maken. De inhoudsopgave (TOC = Table of Contents) wordt dan verwijderd.
Om het afsluiten ongedaan te maken
1 Druk op REC TYPE of ERASE vanuit stilstand.
→ In het display verschijnen "UNFINALIZE" (afsluiten ongedaan maken) en "PRESS ENTER" (druk op ENTER).
2 Druk op ENTER om het ongedaan maken te bevestigen. → De cd is nu niet langer afgesloten en er kan opnieuw op opgenomen worden.
Opmerkingen:
- Het definaliseren duurt circa 2 min.
- Als u het afsluiten ongedaan maakt van een cd-rw waar tekst op aanwezig is dan wordt deze tekst overgebracht naar het geheugen van de cd-recorder.. Het
kan gebeuren dat het tekstgeheugen vol is. In het display verschijnt dan MEMORY FULL/FINALIZE CD (geheugen vol/ sluit cd af). U zult nu tekst, die opgeslagen is voor andere cd's, moeten wissen of een andere cd afsluiten zodat er geheugenruimte vrijkomt.
WISSEN VAN CD-RW'S
Enkel voor niet-afgesloten cd-rw's
U kunt het volgende wissen:
- één of meerdere nummers vanaf het einde,
- de hele cd.
Om één of meerdere nummers vanaf het einde te wissen
1 Druk eenmaal op ERASE.
→ In het display verschijnen het aantal nummers en hun totale speelduur.
→ In het display verschijnen "ERRSE TRACK" (wis nummer) en "PRESS RECORD" (druk op RECORD).
- Als de cd afgesloten is dan verschijnt in het display cd nadat een cd-rw in de recorder geplaatst is. De recorder vraagt u om eerst het ongedaan maken van het afsluiten te bevestigen. Druk op de ENTER-toets om te bevestigen.
2 Kies het nummer dat u wilt wissen door de EASY JOG-knop naar links te draaien en druk op deze knop om te bevestigen.
→ Het gekozen nummer begint te knipperen in de nummerbalk.
→ Het resterende aantal nummers en de resterende speelduur na het wissen van de gekozen nummers verschijnen in het display.
3 Druk op RECORD.
→ In het display verschijnen "ERRSE" (wissen) en de totale tijd die gewist wordt.
→ Nadat de gekozen nummers gewist zijn verschijnen in het display de resterende nummers en hun totale speelduur.
Om de hele cd te wissen
1 Druk tweemaal op ERASE.
→ Het aantal nummers en hun totale speelduur verschijnen in het display
→ In het display verschijnen "ERASE DISC" (wis cd) en "PRESS RECORD" (druk op RECORD).
- Als de cd afgesloten is dan verschijnt in het display cd nadat een cd-rw in de recorder geplaatst is. De recorder vraagt u om eerst het ongedaan maken van het afsluiten te bevestigen. Druk op de ENTER-toets om te bevestigen.
2 Druk op RECORD
→ In het display verschijnen "ERASE" (wissen) en de totale tijd die gewist wordt.
→ De hele cd wordt gewist.
AFSPELEN
AFSPELEN VAN EEN CD
1 Druk op PLAY ▶ om het afspelen te starten.
→ In het display verschijnen het volgnummer en de verstreken speelduur van het huidige nummer.
2 Druk eenmaal, tweemaal of driemaal op DISPLAY om de volgende informatie te zien:
→ Respectievelijk de resterende speelduur van het nummer, de totale resterende speelduur of tekstinformatie.
3 Druk op PAUSE II om het afspelen tijdelijk te onderbreken.
4 Druk op PLAY ▶ om weer verder te gaan met afspelen.
5 Druk op STOP ■ om het afspelen te beëindigen.
→ In het display verschijnen het aantal nummers en de totale speelduur.
CD-RECORDER
KIEZEN VAN EEN BEPAALD NUMMER Kiezen van een nummer tijdens het afspelen
1 Draai de EASY JOG-knop (of druk op ◀ /▶ op de afstandsbediening) tot het gewenste nummer in het display verschijnt.
→ Het gekozen nummer en de verstreken speelduur verschijnen in het display.
- Drukt u eenmaal op ◀ dan gaat de recorder naar het begin van het huidige nummer en begint het nummer opnieuw te spelen.
Kiezen van een nummer terwijl de recorder stilstaat
1 Draai de EASY JOG-knop (of druk op /▶ op de afstandsbediening) tot het gewenste nummer in het display verschijnt.
2 Druk op ENTER om te bevestigen of op PLAY ▶ om het afspelen te starten.
Opmerking:
- U kunt het gewenste nummer ook intoetsen met de cijfertoetsen op de afstandsbediening.
ZOEKEN
1 Houd REWIND ◀◀ of FFWD ▶▶ ingedrukt.
→ De speler zoekt achteruit of vooruit eerst 10 keer zo snel als normaal met het geluid zachtjes, en vervolgens 50 keer zo snel als normaal zonder geluid.
2 Laat de toets los bij de gewenste passage. → Het afspelen begint bij de gewenste passage.
Opmerking:
- Tijdens het afspelen in willekeurige volgorde (Shuffle), herhalen van een nummer of het afspelen van een programma, wordt enkel gezocht binnen het nummer dat op dat moment speelt.
Programmeren
- U kunt in het totaal 99 nummers programmeren in elke gewenste volgorde.
- U kunt elk nummer ook meer dan één keer programmeren maar elke keer telt als een nummer (STEP - stap).
1 Druk terwijl de recorder stilstaat op PROG op de afstandsbediening om te beginnen met programmeren.
→ De indicatiePROGRAM begint te knipperen en in het display verschijnt "PROGRAM" (programmeren).
2 Kies het gewenste nummer door de EASY JOG-knop naar links of rechts te draaien (of toets in met de cijfertoetsen 0-9 op de afstandsbediening) en druk op de ENTER-toets om op te slaan.
→ Het nummer wordt opgeslagen in het programma.
→ Het volgnummer, de totale duur van het programma en het aantal geprogrammeerde nummers (STEPS - stappen) verschijnen in het display.
3 Herhaal stap 2 voor elk nummer dat u wilt programmeren.
4 Druk opnieuw op STOP ■ of PROG op de afstandsbediening om het programmeren te beëindigen.
5 Druk op PLAY ▶ om het programma af te spelen.
Opmerkingen:
- Wilt u het programma controleren, druk dan op PROG op de afstandsbediening en vervolgens op ◀◀ of ▶▶ terwijl de cd-recorder stilstaat.
- Als u meer dan 99 nummers probeert te programmeren dan verschijnt in het display "PROG FULL" (programma vol).
Wissen van een programma
1 Druk indien nodig op STOP ■ om het afspelen van het programma te beëindigen.
2 Druk opnieuw op STOP ■ om het programma te wissen.
→ De indicatiePROGRAM verdwijnt uit het display.
- Het programma wordt ook gewist als u de cd-lade opent.
CD-RECORDER
Wissen van een nummer uit het programma
1 Druk terwijl de recorder stilstaat op PROG op de afstandsbediening om te beginnen met programmeren.
2 Kies het nummer dat u wilt wissen met ◀◀ of ▶▶.
→ Het volgnummer en de programmastap verschijnen in het display.
3 Druk op CANCEL om het nummer uit het programma te wissen.
→ De resterende programmastappen en de resterende speelduur van het programma verschijnen in het display.
Menu
- De menufunctie biedt een aantal mogelijkheden die niet toegankelijk zijn door middel van de normale toetsen (aan de voorzijde van het apparaat en op de afstandsbediening).
- Via de TEKST-submenu's kunt u cd's of nummers een naam geven. De naam van de cd of van het nummer verschijnt dan in het display tijdens het afspelen.
- In de OPNAME-submenu's kunt u de automatische nummering en de balans instellen.
- Alle instellingen (behalve de balans) die u via het menu invoert worden opgeslagen in het geheugen van de recorder en kunnen te allen tijde opgeroepen en gewijzigd worden.
Algemene bediening
1 Kies terwijl de recorder stilstaat CDR.
2 Druk op STORE/MENU om het menu te openen.
→ In het display verschijnt "TEXT EDIT" (tekst invoeren).
3 Draai EASY JOG om het gewenste submenu te kiezen en druk p ENTER om te bevestigen.
4 Draai EASY JOG om uw keuze te maken binnen het submenu en druk op ENTER om te bevestigen.
5 Druk op STORE/MENU om de instellingen op te slaan en terug te keren naar het submenu.
6 Druk op STOP ■ om de instellingen op te slaan en het menu af te sluiten.
Opmerking:
- U kunt enkel tekst invoeren bij niet- afgesloten cd's (Bij afgesloten cd-rw's moet het afsluiten eerst ongedaan gemaakt worden.)
TEKSTMOGELIJKHEDEN
Opslaan van een naam
1 Kies het submenu TEXT EDIT. → In het display verschijnt "TEXT EDIT" (tekst invoeren).
2 Druk op ENTER om te bevestigen.
3 Draai EASY JOG om de gewenste keuze te maken in het submenu : ALBUM ARTIST (artiest van de cd), ALBUM TITLE (titel van de cd), TRACK 1 ARTIST (artiest van nummer 1), TRACK 1 TITLE (titel van nummer 1) enzovoort.
4 Druk op ENTER om te bevestigen.
5 Draai de EASY JOG-knop om de karakters te kiezen.
- Om een spatie in te voeren tussen de karakters drukt u op ENTER zonder dat u eerst een karakter gekozen heeft.
- Om een karakter te wissen drukt u op CANCEL.
6 Druk op ENTER om de karakters op te slaan en ga naar de volgende cursorpositie.
- Om naar een bepaalde cursorpositie te gaan drukt u op ◀◆ of ►►.
7 Druk op STORE/MENU om de naam die u ingevoerd heeft op te slaan en terug te keren naar het submenu of op STOP ■ om het menu af te sluiten.
Opmerkingen:
- Er kunnen maximaal 60 karakters per onderwerp ingevoerd worden.
- Als de naam van een artiest opgeslagen is voor een bepaald nummer dan wordt deze naam automatisch gekopieerd voor het volgende nummer. U kunt de naam bevestigen door op STORE/MENU te drukken of u kunt een nieuwe naam invoeren zoals hierboven beschreven.
Wissen van een naam
1 Kies het submenu TEXT ERASE.
→ In het display verschijnt "TEXT ERRSE" (tekst wissen).
2 Druk op ENTER om te bevestigen.
3 Draai EASY JOG om de gewenste keuze te maken in het submenu : ALL TEXT (alle tekst), ALBUM TITLE (titel van de cd), ALBUM ARTIST (artiest van de cd), TRACK 1 TITLE (titel van nummer 1), TRACK 1 ARTIST (artiest van nummer 1) enzovoort.
4 Druk op ENTER om te bevestigen.
→ In het display wordt u gevraagd om uw keuze nogmaals te bevestigen; druk opnieuw op ENTER om nogmaals te bevestigen.
5 Druk op STORE/MENU om terug te keren naar het submenu of op STOP ■ om het menu af te sluiten.
Bekijken/wissen van het tekstgeheugen
1 Kies het submenu MEMORY VIEW.
→ In het display verschijnt "MEMORY VIEW" (geheugen bekijken).
2 Druk op ENTER om te bevestigen.
3 Kies de cd die u wilt wissen en druk op ENTER om te bevestigen.
→ In het display verschijnt "ERASE
MEMORY" (geheugen wissen).
4 Druk op ENTER om te wissen.
5 Druk opnieuw op ENTER om het wissen van de tekst voor deze cd nogmaals te bevestigen.
6 Druk op STORE/MENU om terug te keren naar het submenu of op STOP ■ om het menu af te sluiten.
Opmerkingen:
- Als er geen cd's in het geheugen zitten dan verschijnt in het display de boodschap MEMORY EMPTY (geheugen leeg).
- Als het tekstgeheugen van uw cd-recorder vol is dan verschijnt MEMORY FULL (geheugen vol) gevolgd door FINALIZE CD (cd afsluiten). Wilt u een cd toevoegen aan de lijst van cd's waarvoor tekst opgeslagen is dan moet u een cd van de lijst wissen of een andere cd afsluiten. ("waarvoor tekst opgeslagen is")
- MEMORY FULL/FINALIZE CD kan ook verschijnen wanneer u het afsluiten van een cd-rw waarvoor tekst opgeslagen was ongedaan maakt (zie 'Afsluiten van cd-rw's ongedaan maken'). Hetzelfde dient u te doen om geheugenruimte vrij te maken.
OPNAME-INSTELLINGEN Automatische nummering
1 Kies het submenu AUTO TRACKING.
→ In het display verschijnt "AUTO TRACK" (automatisch nummeren).
2 Druk op ENTER om te bevestigen.
3 Kies automatische nummering ON (aan) of OFF (uit) en druk op ENTER om te bevestigen.
→ "☐N" (aan) of "☐FF" (uit) verschijnt gedurende 2 seconden in het display.
- Als u ON (aan) gekozen heeft dan gebeurt de nummering automatisch in opgaande lijn tijdens het opnemen.
- Als u OFF (uit) gekozen heeft dan kunt u de opgenomen nummers zelf een volgnummer geven.
4 Druk op STORE/MENU om de instellingen op te slaan en terug te keren naar het submenu of op STOP ■ om het menu af te sluiten.
BALANS (Enkel actief bij opnemen/ stand-by)
1 Kies het submenu SET BALANCE.
→ In het display verschijnt "SET BALANCE" (balans instellen).
2 Druk op ENTER om te bevestigen.
→ ▲ ▲ en L - 128 R - 128
verschijnen in het display.
3 Draai de EASY JOG-knop om de opnamebalans in te stellen.
- Naar links draaien: het getal links (▶) wordt hoger, rechts wordt lager.
- Naar rechts draaien: het getal rechts (▲) wordt hoger, links wordt lager.
4 Druk op ENTER om te bevestigen.
5 Druk op STORE/MENU om de instellingen op te slaan.
Opmerking:
– De ingestelde balans wordt niet opgeslagen.

TUNER

Opmerking:
- Voor de "EASY SET"-functie, zie pagina 133.
Afstemmen op een radiozender
1 Druk op TUNER (BAND) om de tuner te kiezen.
→ In het display verschijnt "TUNER". Enkele seconden later verschijnt in het display de huidige frequentie.
2 Druk opnieuw op TUNER (BAND) om het gewenste golfgebied te kiezen : FM, MW of LW.
3 Houd TUNING ◀◀ of ▶▶ langer dan één seconde ingedrukt en laat dan los.
→ In het display verschijnt "zoeven" (zoeken) totdat een zender van voldoende sterkte gevonden is.
- Herhaal deze stap tot u de gewenste zender gevonden heeft.
- Als u af wilt stemmen op een zwakke zender, druk dan kort op TUNING ◀ of ► totdatin het display de gewenste frequentie verschijnt en/of totdat de ontvangst optimaal is.
Programmeren van radiozenders
U kunt in het totaal 40 zenders in het geheugen opslaan. Wanneer u afstemt op een geprogrammeerde zender dan verschijnt naast de frequentie in het display het zendernummer.
Automatisch programmeren 1 Druk op TUNER (BAND).
2 Houd PROGRAM langer dan één seconde ingedrukt.
→ In het display begint het woord PROGRAM (programmeren) te knipperen en verschijnt "AUTO".
→ Het systeem begint nu te zoeken naar elke beschikbare zender, eerst op de FM-band en vervolgens de MW- en LW-golfgebieden.
→ Elke beschikbare zender wordt nu automatisch opgeslagen. De frequentie en het zendernummer blijven kort in het display staan.
→ Het zocken wordt beëindigd als alle beschikbare zenders opgeslagen zijn of als alle 40 plaatsen in het geheugen gebruikt zijn.
→ Het systeem blijft afgestemd staan op de zender die als laatste opgeslagen werd.
Opmerkingen:
- U kunt het automatisch programmeren afbreken door op PROGRAM of STOP•CLEAR ■ (enkel op het systeem) te drukken.
- Als u een aantal bestaande geprogrammeerde zenders wilt bewaren, bijvoorbeeld de nummers 1 - 9, kies dan eerst zender 10 voor u begint met het automatisch programmeren. Nu worden alleen de nummers 10 tot 40 geprogrammeerd.
Handmatig programmeren
1 Druk op TUNER (BAND).
2 Druk opnieuw op TUNER (BAND) om het gewenste golfgebied te kiezen : FM, MW of LW.
3 Houd PROGRAM korter dan één seconde ingedrukt.
→ In het display begint het woord PROGRAM (programmeren).
→ De eerstvolgende zendernummer dat beschikbaar is, verschijnt in het display.
4 Druk op TUNING ◀◀ of ▶▶ om af te stemmen op de gewenste frequentie
- Als u de radiozender onder een ander nummer wilt programmeren, druk dan op PRESET ▼ of ▲ om het gewenste nummer te kiezen.
5 Druk opnieuw op PROGRAM
→ Het woord PROGRAM verdwijnt en de zender wordt opgeslagen.
- Herhaal de stappen 3 tot 5 om nog meer zenders op te slaan.
Opmerkingen:
- Als reeds 40 zenders opgeslagen zijn en u probeert nog een zender te programmeren dan verschijnt in het display "FULL" (vol). Wilt u een geprogrammeerde zender vervangen, herhaal dan de stappen 3 tot 5.
- U kunt het handmatig programmeren afbreken door op STOP•CLEAR ■ te drukken.
TUNER
- Als tijdens het programmeren gedurende 20 seconden geen enkele toets ingedrukt wordt dan wordt het programmeren automatisch beëindigd.
Afstemmen op een geprogrammeerde zender
- Druk op PRESET ▼ of ▲ om het gewenste zendernummer te kiezen.
→ Het zendernummer, de frequentie en het golfgebied verschijnen in het display.
Ontvangen van een RDS- zender
RDS (Radio Data System) is een systeern dat aan FM-zenders de mogelijkheid biedt om extra informatie mee te sturen met het normale FM-radiosignaal. Deze extra informatie kan zijn:
- Naam van de zender: De naam van de zender verschijnt in het display.
- Frequentie: De frequentie van de zender verschijnt in het display.
- Programmatype: De volgende programmatypes worden onderscheiden en worden door uw tuner herkend: News (nieuws), Affairs (zaken), Info, Sport, Educate (opvoeding), Drama, Culture (cultuur), Science (wetenschap), Varied (gevarieerd), Pop M (popmuziek),
Rock M(rockmuziek), M.O.R. (middle of the road-muziek), Light M (lichte muziek), Classics (klassieke muziek), Other M (overige muziek), No type (geen van deze types).
- Radiotekst (RT): In het display verschijnen tekstboodschappen.
Als u afgestemd heeft op een RDS-zender, dan verschijnen in het display het RDS-symbool(∅) en de naam van de zender:
- Als de naam van de zender beschikbaar is, dan verschijnt deze normaal gezien in het display. Door herhaaldelijk op de RDS-toets te drukken kunt u de soort van informatie in het display wijzigen:
→ In het display verschijnt achtereenvolgens: NAAM VAN DE ZENDER → PROGRAMMATYPE → RADIOTEKST → FREQUENTIE → NAAM VAN DE ZENDER ...
Opmerking:
- Als u op de RDS-toets drukt en in het display verschijnt "NO RDS" (geen RDS), dan betekent dit dat de zender waarop u afgestemd heeft geen RDS-signaal uitzendt of dat het geen RDS-zender is.
De RDS-tijd
Er zijn RDS-zenders die om de minuut de juiste tijd doorgeven.
Instellen van de klok met het RDS-signaal:
1 Druk op CLOCK/TIMER.
→ In het display verschijnt "---:---" of de huidige tijd.
2 Druk op nogmaals op CLOCK/TIMER om de tijd in te stellen.
→ "00:00" of de huidige tijd begint te knipperen.
3 Druk op RDS
→ In het display verschijnt de melding "SEARCH RDS TIME" (op zoek naar de RDS-tijd).
→ Als de zender de tijd niet meestuurt met het RDS-signaal dan verschijnt in het display "NO RDS TIME" (geen RDS-tijd).
→ Als de RDS-tijd ontvangen is dan verschijnt in het display "RDS TIME" (RDS-tijd). De huidige tijd blijft 2 seconden in het display staan en wordt automatisch opgeslagen.
→ Als binnen 90 seconden geen RDS- tijd ontvangen is dan verschijnt in het display "T1" (geen RDS-tijd).
NEWS/TA (enkel bij zenders met RDS) U kunt de NEWS-functie (nieuwsbericht) of de TA-functie (Traffic Announcement verkeersinformatie) inschakelen vanuit stand-by, tijdens het demonstratieprogramma of terwijl één van de apparaten, behalve de tuner, aanstaat. Als het programmatype News (voor de NEWS-functie) of Traffic Announcement (voor de TA-functie) herkend wordt bij één van de gekozen RDS-zender dan wordt de tuner automatisch aangezet.
De NEWS/TA-toets houdt de volgende volgorde aan:
NEWS → TA → OFF (uit) → NEWS
Inschakelen van de NEWS- of de TA-functie
1 Druk op NEWS/TA om de NEWS-functie te kiezen.
→ In het display verschijnen NEWS (nieuws) en "NEWS".
- Wilt u de TA-functie kiezen, druk dan nogmaals op NEWS/TA.
→ In het display verschijnen TA (verkeersinformatie) en "TA".
2 Wanneer u NEWS of TA gekozen heeft;
- Het systeem gaat op zoek naar RDS-zenders onder de eerste 5 geprogrammeerde zenders en wacht tot het programmatype News of Traffic Announcement beschikbaar wordt bij één van deze RDS-zenders. Tijdens het zoeken:
TUNER
→ Het apparaat dat aan het spelen was, blijft aanstaan.
→ Als geen RDS-zender gevonden is onder de eerste 5 geprogrammeerde zenders dan wordt na het zoeken de NEWS/TA-functie uitgeschakeld. In het display verschijnt dan "NO RDS NEWS" (geen RDS-nieuws) of "NO RDS TA" (geen RDS-verkeersinformatie) en NEWS of TA verdwijnt uit het display.
- Wanneer een nieuwuitzending/verkeersinformatie gevonden wordt dan schakelt het systeem de tuner aan.
→ Het woordNEWS of TA begint te knipperen.
Uitschakelen van de NEWS- of de TA-functie
- Druk op NEWS/TA tot het woord NEWS of TA verdwijnt en in het display "TA OFF"(TA uit) verschijnt.
Opmerkingen:
- Als u naar een zender zonder RDS luistert en u wilt het nieuws of de verkeersinformatie horen, kies dan eerst een ander apparaat (bijvoorbeeld CD, TAPE of AUX) en druk vervolgens op NEWS/TA. - Voor u de NEWS- of TA-functie kunt gebruiken, moet u ervoor zorgen dat de eerste 5 geprogrammeerde zenders RDS-zenders zijn.
- De NEWS/TA-functie werkt slechts één keer nadat deze ingeschakeld werd.
- Tijdens een nieuwuitzending of verkeersinformatie kunt u op elke beschikbarebronkeuzetoets of elke bedieningstoets van de tuner drukken om de NEWS/TA-functieuit te schakelen en het bijbehorende apparaat te kiezen.
- Als het systeem overschakelt op de tuner dan wordt de NEWS/TA-functie uitgeschakeld. In het display verschijnt dan meteen na de melding "TUNER" de melding "NEWS OFF" (NEWS uit) of "TA OFF" (TA uit).
CASSETTE

Plaatsen van een cassette
• Druk op OPEN.
- Het cassettevak gaat open.
- Plaats de cassette met de open kant naar beneden en de volle spoel links.
- Sluit het cassettevak.

CASSETTE KARAOKE
Afspelen van een cassette
1 Druk op TAPE (TAPE 1•2) om het cassettedeck te kiezen.
→ In het display verschijnt "TAPE 1" of "TAPE 2".
- Druk nogmaals op TAPE (TAPE 1•2) om cassettedeck 1 of cassettedeck 2 te kiezen.
2 Plaats de cassette in het gekozen cassettedeck.
3 Druk op PLAY ▶ om het afspelen te starten.
3a(Enkel voor cassettedeck 2)
Druk op ▶ (SIDE A•B) om te kiezen
tussen het afspelen van kant A of B.
→ In het display verschijnt het woord
BACK (achterkant) of FRONT (voorkant)
afhankelijk van de gekozen kant.
3b(Enkel voor cassettedeck 2)
Druk op A. REV om de manier van afspelen te kiezen (zie 'Automatische bandomkeer').
4 Druk op ■ om het afspelen te beëindigen.
Opmerking:
- Wilt u de andere cassettekant kiezen voor het afspelen begint, gebruik dan de SIDE-toets op de afstandsbediening.
(enkel bij cassettedeck 2)
Druk op A. REV om de verschillende manieren van afspelen te kiezen.
- opnemen op of afspelen van één kant van de cassette. De cassette stopt na één kant.
opnemen op of afspelen van beide kanten van de cassette. Daarna stopt de cassette.
(二) ...... continu afspelen van beide kanten van de cassette met een maximum van 10 keer per kant of tot u op ■ drukt.
Versneld terug-/vooruitspoelen
(enkel bij cassettedeck 2)
Als het cassettedeck stilstaat
1 U kunt de cassette versneld terug- of vooruitspoelen met de toetsen ◀◆ of ▶◆.
→ In het display verschijnt “<<” of “>>>” afhankelijk van de toets die u ingedrukt heeft.
→ Het versneld terug- of vooruitspoelen wordt automatisch beeindigd aan het eind van de cassette.
2 Druk op ■ om het versneld terug- of vooruitspoelen te beëindigen.
Tijdens het afspelen
- Houd ◀◀ of ▶▶ ingedrukt tot u de gewenste passage heeft bereikt.
→ Tijdens het zoeken wordt het geluid zachter gezet.
→ Wanneer u ◀◀ of ▶▶ loslaat, wordt de cassette verder afgespeeld.
Opmerkingen:
- Tijdens het terug- of vooruitspoelen van de cassette kunt u ook tegelijk een ander apparaat kiezen (bijvoorbeeld CD, TUNER of AUX).
- Controleer of de band van de cassette goed strak zit en span die indien nodig aan met een potlood. Als de band niet strak zit, kan deze vast komen te zitten in het mechanisme of breken.
- De band van C-120-cassettes is erg dun en kan gemakkelijk vervormd of beschadigd worden. Het is dan ook beter ze niet te gebruiken in dit systeem.
- Bewaar de cassettes op kamertemperatuur en houd ze uit de buurt van magnetische velden (bijvoorbeeld transformators, tv's of luidsprekers).

Mixen met een microfoon
1 Zet de MIC LEVEL-knop op het minimum voor u de microfoon aansluit om te voorkomen dat het geluid gaat rondzingen (bijvoorbeeld een luide pieptoon).
2 Sluit een microfoon aan op de bus MIC.
3 Druk op CD, TUNER, TAPE of AUX.
4 Start het gekozen apparaat.
5 Stel het volume in met de VOLUME-knop.
6 Stel het mixniveau naar wens in met de MIC LEVEL-knop.
7 U kunt nu beginnen zingen of praten in de microfoon.
Opmerking:
- Houd de microfoon uit de buurt van de luidsprekers om rondzingen te voorkomen.
AUX/CDR

Kiezen van andere apparaten
Als u de audio-uitgangen van een extern apparaat (tv, videorecorder, laserdiskspeler, DVD-speler of cd-recorder) aangesloten heeft op de AUX/CDR IN-aansluitingen dan kunt u het geluid van dat apparaat via uw systeem horen.
- Druk op AUX om de cd-recorder (CDR) te kiezen.
→ In het display verschijnt "CDR". - Druk nogmaals op AUX om het externe apparaat te kiezen.
→ In het display verschijnt "RUX".
Opmerkingen:
- Er zijn twee AUX-mogelijkheden:
i. De normale AUX.
ii. De cd-recorder (CDR); hierbij wordt de LINE OUT-uitgangen van dit minisysteem uitgeschakeld. U kunt het geluid dan niet opnemen of beluisteren via de LINEOUT-uitgangen.
- Wij raden u aan niet tegelijkertijd te luisteren naar en een opname te maken van af hetzelfde apparaat.
- U kunt blijven gebruik maken van alle geluidsinstellingen (bijvoorbeeld DSC, DBB, enzovoort).
OPNEMEN

Opmerkingen:
- Als u niet van plan bent om op te nemen via de microfoon, haal dan de stekker van de microfoon uit het systeem zodat u niet per ongeluk mixt met de opnamebron.
- Gebruik voor het opnemen enkel NORMAL-cassettes (IEC-type I) of CHROME-cassettes (IEC-type II).
- Aan het begin en einde van de cassette zit een stukje aanloopband. Daardoor wordt op het begin en op het einde van de cassette gedurende zes tot zeven seconden niets opgenomen.
- Het opnameniveau wordt automatisch ingesteld, ongeacht de volume-, DBB-, Incredible Surround- of DSC-instellingen.
- Om te voorkomen dat u per angeluk een cassette wist kunt u het lipje op de linkerbovenhoek van de cassette uitbreken.
- Als in het display CHECK TAPE" (controleer cassette) verschijnt dan is het beveiligingslipje uitgebroken. Plak dan een stukje plakband over de opening. Let erop dat u de detectieopening voor CHROME-cassettes niet bedekt met plakband.
Opnemen van een ander
apparaat (enkel met cassettedeck 2)
1 Druk op TAPE (TAPE 1•2) om cassettedeck 2 te kiezen.
2 Plaats een lege cassette in cassettedeck 2 met de open kant naar beneden.
3 Druk op SIDE op de afstandsbediening om de cassettekant te kiezen waarop u wilt opnemen.
→ Afhankelijk van de gekozen kant verschijnt in het display het woord BACK (achterkant) of FRONT (voorkant).
4 Druk op CD, TUNER of AUX.
- Start het afspelen op het gekozen apparaat.
5 Druk op REC om te beginnen met opnemen.
De meldingREC (opnemen) begint te knipperen.
6 Druk op ■ om het opnemen te beëindigen.
Opmerkingen:
- Tijdens het opnemen kunt u alleen = of ⊃ kiezen.
- Tijdens het opnemen is het niet mogelijk om naar een ander apparaat te luisteren.
Kopiëren van cassettes (van deck 1 naar deck 2)
1 Druk op TAPE (TAPE 1 • 2) om cassettedeck 2 te kiezen.
2 Plaats een bespeelde cassette in cassettedeck 1 en een lege cassette in cassettedeck 2.
- Let erop dat bij de cassette in deck 1 de volle spoel links zit.
3 (enkel voor cassettedeck 2)
4 Druk eenmaal op DUB (HSD) voor een normale kopieersnelheid of tweemaal (binnen 2 seconden) voor versneld kopieren.
→ In het display verschijnt "NORMAL" (normale snelheid) of "FAST" (verhoogde snelheid) gevolgd door "GUEBING" (kopiëren).
→ Bij versneld kopieren verschijnt in het display HSD (High Speed Dubbing).
- Het kopieren gaat automatisch van start.
→ De meldingREC (opnemen) begint te knipperen.
5 Druk op ■ om het kopiëren te beëindigen.
Opmerkingen:
- Draai aan het einde van kant A de cassettes om naar kant B en herhaal de voorgaande stappen.
- Het kopieren van cassettes is enkel mogelijk van cassettedeck 1 naar cassettedeck 2.
- Voor een goede kopie moet u cassettes met een zelfde speelduur gebruiken.
- Tijdens het kopiëren met verhoogde snelheid terwijl TAPE gekozen is, wordt het geluid zacht gezet.
- Tijdens het kopieren is het mogelijk om naar een ander apparaat te luisteren.
Synchroon starten bij opnemen van een cd
1 Plaats een lege cassette in cassettedeck 2 en een cd in de cd-lade.
2 Druk op CD om de cd-speler te kiezen.
- U kunt de volgorde waarin u de nummers wilt opnemen programmeren (zie Programmeren van nummers). Doet u dit niet dan worden de nummers opgenomen in dezelfde volgorde als op de cd.
3 Druk op REC om de opname te starten. → De meldingREC (opnemen) begint te knipperen.
- De cd begint automatisch te spelen.
4 Druk op ■ om de opname te beëindigen.
Opnemen van het gemixte geluid / opnemen met één druk op de knop
- Als u mixt met de microfoon kunt u het gemixte geluid op cassette opnemen met cassettedeck 2. Dit kan echter niet tijdens het kopieren.
- Opnemen met één druk op de knop: zodra u op REC drukt, wordt het apparaat dat u gekozen heeft (CD, TUNER of AUX) opgenomen op cassettedeck 2.
1 Plaats een lege cassette in cassettedeck 2.
2 Druk op REC om het opnemen te starten.
→ De meldingREC begint te knipperen.
3 Druk op ■ om de opname te beëindigen.
Opmerking:
- Als u TAPE (cassettedeck) gekozen heeft en vervolgens op RECORD drukt dan verschijnt in het display "SELECT SOURCE" (kies geluidsbron). Opnemen met één druk op de knop is niet mogelijk als u TAPE gekozen heeft.
Digitaal opnemen via de uitgang Digital Out
Voor digitaal opnemen van een cd, zie de cd-recorder.
KLOK TIMER

Lezen van de klok
U kunt de klok aflezen (mits die ingesteld staat) vanuit stand-by of terwijl een van de apparaten aanstaat. De tijd verschijnt gedurende 7 seconden in het display.
- Druk kort op CLOCK/TIMER (enkel op het systeem).
→ In het display verschijnt "10:38" (de huidige tijd).
→ Is de klok niet ingesteld dan verschijnt "---:---".
Instellen van de klok
Deze klok heeft een 24-uurssysteem bijvoorbeeld "00:00" of "23:59". Voor u de klok instelt moet u ervoor zorgen dat de tijd in het display weergegeven wordt.
1 Druk op CLOCK/TIMER om de tijd weer te geven.
→ "00:00" of de huidige tijd begint te knipperen.
2 Stel het uur in met ◀ of ►►
3 Stel de minuten in met ◀ of ►.
4 Druk opnieuw op CLOCK/TIMER om de ingestelde tijd vast te leggen.
→ De klok begint te lopen.
- Druk op ■ om het instellen van de klok te beeindigen zonder de ingestelde tijd op te slaan.
Opmerkingen:
- Als tijdens het instellen van de klok gedurende 90 seconden geen enkele toets ingedrukt wordt dan wordt het instellen automatisch beëindigd.
- In geval van stroomonderbreking wordt de ingestelde tijd gewist.
- Voor het instellen van de tijd met het RDS-signaal, zie "Ontvangen van een RDS-zender" in het hoofdstuk TUNER.
Instellen van de timer
- De cd-speler, tuner of cassettedeck 2 kunnen op een ingestelde tijd automatisch aangezet worden. Zo kan het systeem als wekker dienen.
- Controleer of de klok juist staat voor u de timer instelt.
- Eens de timer ingesteld is, blijft deze ingeschakeld.
- Als het systeem met de timer aangezet wordt dan staat het volume eerst op minimum en wordt vervolgens steeds harder tot op het niveau waarop het stond toen u het systeem voor het laatst stand-by zette.
1 Houd CLOCK/TIMER langer dan 2 seconden ingedrukt om de timer te kiezen.
→ "00:00" of de laatste
timerinstelling begint te knipperen.
Het woord TIMER begint te knipperen.
→ Het apparaat dat het laatst voor de timer gekozen werd, is verlicht terwijl de andere apparaten knipperen.
2 Druk op CD, TUNER of TAPE om het gewenste apparaat te kiezen.
- Controleer voor u CD of TAPE kiest eerst of er een cd in de cd-lade zit of een cassette in cassettedeck 2.
3 Druk op ◀◀ of ▶▶ om het uur in te stellen van de tijd waarop de timer moet starten.
4 Druk op ◀ of ▶l om de minuten in te stellen van de tijd waarop de timer moet starten.
5 Druk op CLOCK/TIMER om de starttijd op te slaan.
→ De timer is nu ingeschakeld.
→ Het woord TIMER blijft branden in het display.
- Op de ingestelde tijd zet de timer het gekozen apparaat aan.
→ Het gekozen apparaat begint te spelen.
TIMER ONDERHOUD
Opmerkingen:
- Als tijdens het instellen van de timer gedurende 90 seconden geen enkele toets ingedrukt wordt dan wordt het instellen automatisch beëindigd.
- Als u TUNER gekozen heeft dan wordt de zender waar u het laatst op afgestemd heeft aangezet.
- Als u CD gekozen heeft dan wordt het eerste nummer van de cd die u als laatste gekozen heeft afgespeeld. Als alle cd-vakken leeg zijn dan wordt in plaats van de cd-speler de tuner gekozen.
- Als u TAPE gekozen heeft en de ingestelde tijd wordt bereikt terwijl u aan het kopieren bent dan wordt in plaats van het cassettedeck de tuner gekozen.
Uitschakelen van de timer
1 Druk langer dan 2 seconden op CLOCK/TIMER.
2 Druk op ■ op het systeem om de timer uit te schakelen.
→ De timer is nu uitgeschakeld.
→ In het display verschijnt "OFF" (uit) en het woord TIMER verdwijnt.
Opnieuw inschakelen van de timer (zelfde tijd en zelfde apparaat)
1 Druk langer dan 2 seconden op CLOCK/TIMER.
2 Druk nogmaals op CLOCK/TIMER op de starttijd vast te leggen.
→ De timer is nu ingeschakeld.
→ In het display verschijnt het woord TIMER.
Onderhoud
Schoonmaken van het systeem
- Gebruik een zachte doek die u vochtig maakt met een zacht schoonmaakmiddel. Gebruik geen schoonmaakmiddelen die alcohol, spiritus, ammonia of bijtende middelen bevatten.
Schoonmaken van de cd's
- Als een cd vuil geworden is, maak die dan schoon met een poetsdoek. Wrijf de cd vanuit het midden schoon.
- Gebruik geen oplosmiddelen zoals benzine, verdunner, reinigers die in de handel verkrijgbaar zijn of antistatische sprays die bedoeld zijn voor analoge platen.

Schoonmaken van de CD-lens
- Na langdurig gebruik kan zich vuil en stof verzamelen op de cd-lens. Voor een goede afspeelkwaliteit dient de lens schoongemaakt te worden met Philips-lensreiniger of met een ander reinigingsmiddel dat in de handel verkrijgbaar is. Volg de aanwijzingen die bij de lensreiniger zitten.
Schoonmaken van de koppen en de bandgeleiders
- Voor een goede opname- en afspeelkwaliteit moet u de koppen, de toonas(sen) en de aandrukrol(len) telkens na ongeveer 50 uur gebruik schoonmaken.
- Gebruik een wattenstaafje met een beetje reinigingsvloeistof of alcohol.
- U kunt de koppen ook schoonmaken door een schoonmaakcassette eenmaal af te spelen.
Demagnetiseren van de koppen
- Gebruik een demagnetiseercassette die u bij uw leverancier kunt verkrijgen.

TECHNISCHE GEGEVENS
Technische Gegevens
VERSTERKER
Uitgangsvermogen .....2 x 100 W MPO / 2 x 50 W RMS (1)
Signaal/ruisverhouding ≥ 75 dBA (IEC)
Frequentiebereik 40 – 20000 Hz, ± 3 dB
Ingangsgevoeligheid
AUX/CDR In 500 mV
Uitgangen
Luidsprekers .... ≤ 6 Ω
Hoofdtelefoon 32 Ω - 1000 Ω
Subwoofer Out 1,5 V ± 2 dB, > 22000 Ω
Line Out 500 mV ± 2 dB, > 22000 Ω
Digital Out IEC 958; 44,1 kHz
Aantal programmeerbare nummers 40
Signaal/ruisverhouding ≥ 76 dBA
Kanaalscheiding ≥ 79 dB (1 kHz)
Totale harmonische vervorming ....../<0,02% (1 kHz)
TUNER
Aantal programmeerbare zenders 40
Antennes
Signaal/ruisverhouding
CrO_2 -cassettes (type II) ≥ 50 dBA
Signaal/ruis-verhouding bij afspelen (A-gewogen) .. 100 dB
Signaal/ruis-verhouding bij afspelen 100 dB
Dynamisch bereik cd-r bij afspelen 95 dB
totale harmonische vervorming cd-r bij afspelen
91 dB = 0,0033%
Kanaalscheiding 100 dB
Signaal/ruis-verhouding bij opnemen (A-gewogen) ... 98 dB
Signaal/ruis-verhouding digitaal zonder SRC
gelijk aan de bron
Dynamisch bereik cd-r bij opnemen 92 dB
Totale harmonische vervorming + ruis bij opnemen ... 85 dB
Stroomverbruik
Ingeschakeld 15 W
Stand-by 6 W
Afmetingen (b x h x d) 264 x 86 x 305 mm
Gewicht 4 kg
ALGEMENE GEGEVENS
Materiaal/afwerking polystyreen/metaal
Netspanning 220 - 230 V / 50 Hz
Stroomverbruik
Aan 75 W
Stand-by .... < 15 W
Afmetingen (b x h x d) 265 x 310 x 363 mm
Gewicht (zonder luidsprekers) 7,2 kg
Wijzigingen voorbehouden
Waarschuwing! Probeer in geen geval zelf het systeem te repareren want dan vervalt degarantie. Maak het apparaat niet open want dan loopt u het risico een elektrische schok te krijgen.
- Als zich een probleem voordoet, controleer dan eerst de punten op de onderstaande lijst voor u het systeem in reparatie geeft.
- Kunt u het probleem niet oplossen aan de hand van deze aanwijzingen, raadpleeg dan uw leverancier of serviceorganisatie.
Bediening van de cd-speler
In het display staat "NO DISC" (geen cd).
- De cd ligt ondersteboven in de lade.
→ Leg de cd met de bedrukte kant naar boven. - De lens is beslagen.
→ Wacht tot de lens geacclimatiseerd is. - Er ligt geen cd in de cd-lade.
→ Leg er een cd in. - Er zit vuil of krassen op de cd of de cd is vervormd.
→ Gebruik een andere cd of maak de cd schoon. - Er zit vuil of stof op de cd.
→ Zie hoofdstuk onder Onderhoud.
In het display staat "DISC NOT FINALIZED".
- Er is niet correct opgenomen op de CD-R-DA of CD-RW-DA disc voor gebruik op een normale cd-speler.
→ Lees de gebruiksaanwijzing van uw CD-Rewritable of cd-recorder over het maken van een opname. - Er zit vuil of krassen op de cd.
→ Gebruik een andere cd of maak de cd schoon.
Radio-ontvangst
Slechte radio-ontvangst.
- Het signaal is te zwak.
→ Richt de antenne.
→ Sluit een buitenantenne aan voor een betere ontvangst. - De stereosysteem staat te dicht bij een tv of videorecorder.
→ Zet het stereosysteem verder van de tv of videorecorder af.
In het display staat "HO RDS
TEXT" (geen RDS-tekst).
- Er is geen RDS-tekstinformatie beschikbaar.
→ Stem af op een andere RDS-zender.
Bediening van het cassettedeck
Opnemen en afspelen lukt niet, of verzwakt geluid.
- Vuil op de koppen, toonassen of aandrukrollen.
→ Zie hoofdstuk 'Schoonmaken van de koppen en bandgeleiders'. - De opname/weergavekop is magnetisch geworden.
→ Gebruik een demagnetiseercassette.
Algemeen
Het systeem reageert niet als er een toets ingedrukt wordt.
• Elektrostatische ontlading.
→ Druk op STANDBY-ON om het systeem uit te zetten, haal de stekker uit het stopcontact, steek deze er daarna weer in en zet het systeem weer aan.
Geen of bijna geen geluid.
- Het volume staat te zacht.
→ Stel het volume in. - De hoofdtelefoon is aangesloten.
→ Maak de hoofdtelefoon los. - De luidsprekers zijn verkeerd of niet aangesloten.
→ Controleer of de luidsprekers goed aangesloten zijn.
→ Controleer of de afgestripte luidsprekerkabel in de klem zit.
Linker- en rechterkanaal zijn verwisseld.
- De luidsprekers zijn verkeerd aangesloten.
→ Controleer de aansluitingen en de plaats van de luidsprekers.
Er zijn te weinig lage tonen of het lijkt alsof de ruimtelijke plaatsing van de muziekinstrumenten niet klopt.
- De luidsprekers zijn verkeerd aangesloten.
→ Controleer of de luidsprekers in fase aangesloten zijn; gekleurde/zwarte draden aan gekleurde/zwarte klemmen.
Het systeem reageert niet op de afstandsbediening.
- U heeft het verkeerde apparaat gekozen.
→ Kies het juiste apparaat (CD, TUNER enz.) voor u op een andere toets drukt ▶, ▶, ▶, enz.).
• U zit te ver van het systeem af.
→ Ga dichter bij het systeem zitten.
- De batterijen zitten verkeerd in de afstandsbediening.
→ Let bij het plaatsen van de batterijen op de aangegeven polariteit (+ en -).
- De batterijen zijn leeg.
→ Vervang de batterijen.
VERHELPEN VAN STORINGEN
De timer werkt niet.
- De klok is niet ingesteld.
→ Stel de klok in. - De timer is niet ingeschakeld.
→ Druk op CLOCK/TIMER om de timer in te schakelen. - Het systeem is aan het opnemen.
→ Beëindig het opnemen.
De instellingen van de klok zijn gewist.
- De stroom is uitgevallen.
→ Stel de klok opnieuw in.
Er verschijnt automatisch informatie in het display en de toetsen knipperen continu.
- Het demonstratieprogramma is bezig.
→ Houd ■ (enkel op het systeem) gedurende 5 seconden ingedrukt om het demonstratieprogramma te beëindigen.
U hoort een pieptoon vanaf een extern apparaat.
- Het geluid gaat rondzingen doordat u tegelijk naar het zelfde apparaat luistert en er een opname van maakt.
→ Druk op AUX om de cd-recorder (CDR) te kiezen.
Geen enkele van de verlichte toetsen brandt.
- Het equalizer-display staat in de nachtstand.
→ Draai JOG naar een ander equalizer- display.
Cd-recorder
Het systeem reageert niet.
- De cd-recorder staat stand-by.
→ Druk op een willekeurige toets om de cd-recorder te activeren. - Het systeem is niet ingeschakeld.
→ Zorg dat de ON/OFF-knop ingeschakeld is (ON). - Het netsnoer is niet aangesloten.
→ Zorg dat het netsnoer goed aangesloten is. - De speler reageert niet.
→ Schakel de ON/OFF-knop op de voorkant van de speler uit (OFF) en weer aan (ON).
Geen geluid.
- De audio-apparaten zijn niet of fout aangesloten.
→ Controleer de audio-aansluitingen.
→ Gebruikt u een versterker, probeer dan een andere bron.
Het geluid van de versterker is vervormd.
- De analoge uitgang van de cd-recorder is niet goed aangesloten.
→ Let erop dat de analoge uitgang van de cd-recorder niet aangesloten is op de Phono-ingang van de versterker.
Het afspelen start niet.
- De cd is niet goed in het apparaat geplaatst.
→ Controleer of de cd met het etiket naar boven ligt. - Er zit vuil of stof op de cd.
→ Maak de cd schoon. - De cd is beschadigd.
→ Controleer of de cd beschadigd is door een andere cd te proberen.
Het opnemen lukt niet.
- Er zit vuil of stof op de cd.
→ Maak de cd schoon. - Controleer of de CD-RW een afgesloten cd is.
→ Maak het afsluiten ongedaan.
In het display verschijnt "MRONG BISC" (foute cd).
- De cd is geen audio-cd.
→ Vervang de cd.
In het display verschijnt "CHECK INPUT" (controleer ingang).
• U heeft de verkeerde bron gekozen.
→ Kies de juiste bron.
In het display verschijnt "MEMORY FULL/FINALIZE CD" (geheugen vol/ sluit cd af).
- U moet het afsluiten van de cd-rw ongedaan maken om op te nemen
→ Wis tekst of sluit een cd af om geheugenruimte vrij te maken.
De opname is vervormd.
- Het opnameniveau is niet goed ingesteld.
→ Let erop dat het opnameniveau goed ingesteld is.
In het display verschijnt "DISC RECOVER" (cd herstellen).
- De stroom werd onderbroken tijdens het opnemen.
→ Wacht tot de cd-recorder de cd herstelt.