NAC-HD1 - CD Speler/Recorder SONY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis NAC-HD1 SONY in PDF-formaat.
| Producttype | HDD Netwerk Audio Component met CD-speler/recorder |
| Merk | Sony |
| Model | NAC-HD1 |
| Afmetingen (B×H×D) | 430 × 110 × 290 mm (ongeveer) |
| Gewicht | 7,2 kg (ongeveer) |
| Stroomvoorziening | 230 V wisselstroom, 50/60 Hz |
| Stroomverbruik (in bedrijf) | 48 W |
| Stroomverbruik (stand-by) | 0,5 W (standaard opstartmodus) |
| HDD-capaciteit | 250 GB (ongeveer 224 GB beschikbaar) |
| Ondersteunde audio-indelingen | Linear PCM, ATRAC3, ATRAC3plus, MP3 |
| Maximaal aantal tracks | 40.000 |
| CD-afspeelbaarheid | Audio-CD, CD-R, CD-RW, CD TEXT, MP3-CD |
| Frequentiebereik FM | 87,5 - 108,0 MHz (stappen van 50 kHz) |
| Frequentiebereik AM | 531 - 1602 kHz (stappen van 9 kHz) |
| Ingangen | ANALOG IN (phono), DIGITAL COAXIAL IN (phono), DIGITAL OPTICAL IN (vierkant), USB (type A), LAN (RJ45) |
| Uitgangen | ANALOG OUT 1/2 (phono), PHONES (stereo), DIGITAL COAXIAL OUT (phono), DIGITAL OPTICAL OUT (vierkant), MONITOR OUT (phono) |
| Netwerk | 10BASE-T/100BASE-TX, DLNA-compatibel |
| Bijgeleverde accessoires | Audiokabel, FM-draadantenne, AM-kaderantenne, afstandsbediening, LR6-batterijen (AA), gebruiksaanwijzing |
| Onderhoud en reiniging | Reinig de behuizing met een zachte, droge doek. Gebruik geen oplosmiddelen of schuurmiddelen. CD-lens reinigen indien nodig met een blaasborstel. |
| Veiligheid | KLASSE 1 LASER product; niet blootstellen aan regen of vocht; ventilatieopeningen niet blokkeren; netsnoer loskoppelen bij abnormaal gedrag. |
| Reparatie en reserveonderdelen | Neem contact op met Sony-klantenservice voor reparatie. Reserveonderdelen zijn verkrijgbaar via geautoriseerde servicecentra. |
Veelgestelde vragen - NAC-HD1 SONY
Gebruikersvragen over NAC-HD1 SONY
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw CD Speler/Recorder in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding NAC-HD1 - SONY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. NAC-HD1 van het merk SONY.
GEBRUIKSAANWIJZING NAC-HD1 SONY
- Deze software is gedeeltelijk gebascerd op het werk van de Independent JPEG Group.
OpenMG
zijn handelsmerken van Sony Corporation. • "WALKMAN", van zijn LAKTOO.
gedeponeerde handelsmerken van Sony Corporation. • Octroien in de Verenigde Stalen en in andere landen
vallen onder de licentie van Dolby Laboratories. - MPEG Layer-3 audio coding-technologie en octrooien in licentie van Fraunhofer IJS en Thomson.
- Microsoft en Windows zijn handelsmerken of gedepeoneerde handelsmerken van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en/of andere landen.
- Deze receiver os voorzien van het lettertype (Shin Go R) van MORISAWA & COMPANY LTD. Deze namen zijn handelsmerken van MORISAWA & COMPANY LTD., en het auteursrecht van het lettertype is eigendom van MORISAWA & COMPANY LTD.
- Samengesteld met Linter Database. Copyright © 2006-2007, Brycen Corp., Ltd. Copyright © 1990-2003, Relex, Inc. Alle rechten voorbehouden.
- Muziekerkenningstechnologie en daarmoe verwante gegevens worden verstrekt door Gracenote ^1 . Gracenote is de industriestandaard op het gebied van muziekerkenningstechnologie en het leveren van aanverwante inhoud. Voor meer informatie gaat u naar: www.gracenote.com Cd- en muziekverwante gegevens van Gracenote, Inc., copyright © 2006 Gracenote. Gracenotesoftware, copyright © 2006 Gracenote. Dit product en deze service maken mogelijk gebruik van een van de volgende Amerikaanse octrooicin: €5,987,525; €6,061,680; €6,154,773; €6,161,132; €6,230,192; €6,230,207; €6,240,459; €6,330,593, en andere verstrekte of aangevraagde patenten. Bepaalde diensten geleverd onder licentie van Open Globe, Inc., voor Amerikaans octrooi: €6,304,523. Gracenote en CDBB zijn gedeponeerde handelsmerken van Gracenote. Het logo van Gracenote met bijbehurend lettermtype en het logo 'powered by Gracenote' zijn handelsmeriken van Gracenote.
Voor informatie over het gebruik van de Gracenote service, gaat u naar: www.gracenote.com/corporale

gracenote.
Licentieovereenkomst voor eindgebruikers van Gracenote®
Dit teepassing on het apparatie netar software van "Gracenote," Inc., Emeryelle, California ("Gracenote"). Met de software van Gracenote ("Gracenote software") kan deze toepassing schijf- en de bestandsidentificatie uitvoeren en muziekverwante gegevens ophalen, waaronder informatie over de naam, artiest, track en titel ("Gracenote-gegevens") vanuit online-servers of ingesloten databases (samen "Gracenote-servers"). De toepassing kan tevens andere functies verrichten. U mag Gracenote-gegevens uitsuitend gebruiken door middel van de boogde eindgebruikersfuncties van deze toepassing of dit apparaat.
Printed in Malaysia
U stemt ermee in de Gracenote gegevens, de Gracenote software en Gracenote servers ubluitend voor uw eigen, niet commercieel privegebruik te gebruiken. U stemt ermee in de Gracenote software of welke Gracenote gegevens dan ook niet aan derden toe te wijzen, le kopieren, over te dragen of door te zenden. U STEMT ERMIEF IN DE GRACENOOTE-GEGEVENS, DE GRACENOOTE-SOFTWARE OF DE GRACENOOTE SERVERS UITSLUITEND TE GEBURIKEN OP DE MANIER DIE HIERIN UITDRUKKELIK WORDT TOEGESTAAN.
U stemt ermee in dat uw met exclusieve licente om de Gracenote-gegevens, de Gracenote-software en de Gracenote servers le gebruiken, zal worden behindigd als u inbrekt maakt op deze beperkingen. Als uw licente wordt behindigd, stemt u ermee in op geen enkelde wijze meer gebruik le maken van de Gracenote gegevens, de Gracenote software en de Gracenote-servers. Gracenote behoudt zich alle rechten voor met betrekking tot de Gracenote gegevens, de Gracenote software en de Gracenote-servers, inclusief alle eigendomsrechten. In geen geval is Gracenote aansprakelijk voor betaling aan u voor informatie die u verschaff. U stemt ermeen in dat Gracenote, inc. volgens deze overeenkomst in haar eigen naam rechtstreks mag bezien op naleving van haar rechten jegens u.
De Gracenote-service gebruikt een unieke identificatiecode om query's na te sporen voor statistische doeleinden. Het doel van deze willekeurig toegewezen numerieke code is om de Gracenote-service query's te laten tellen zonder te weten wie u bent. Ga voor meer informatie naar de webpagina over het Privacybeleid van Gracenote voor de Gracenote-service.
De licentië voor de Gracenote-software en alle oaderdelen van de Gracenote-gegevens wordt verstrekt op "AS IS"-basis. Gracenote doct geen tozoggeingen of geen geen garantie, uitdrukkelijk of stilzigheid, over de accuraatheid van alle Gracenote-gegevens in de Gracenote-servers. Gracenote behoudt zich het recht voor om gegevens te verwijderen van de Gracenote-servers of om gegevenscategorieën te wijigen als Gracenote hiertoe voldoende reden ziet. Er wordt geen garantie verstrekt dat de Gracenote software of Gracenote servers geen onjuistheden bevatten of dat het functioneren van de Gracenote software of Gracenote servers ononderbroken zal zijn. Gracenote is niet verplicht u te voorzien van nieuwe, verbierde of extra gegevenstypen of categorieën die Gracenote mogelijk in de teukomst verschaff; Gracenote mag haar services op elk moment beëindigen.
GRACENOTE WIUST ALLA GARANTIES, UITDRUKKFLIK OF STILZWJIGEND, INCLUSIEF MAAR NIET BEPERKT TOT STILZWJIGENDE GARANTIES MET RETREKKING TOT VERKOOPBAARHEID, GESCHIKTHEID VOOR EEN BEPAALD DOEL, EIGENDOMSRECHT EN HET GEEN INBREUK MAKEN OP RECHTEN VAN DERDEN, VAN DE HAND, GRACENOTE VERSTREKT GEEN GARANTIES TEN AANZIEN VAN DE RISULTATEN DIE WORDEN VERKREGEN VOOR UW GEBRAUK VIN GRACENOTE SOFTWARE OF WEIKE GRACENOTE SERVIER DAN OOK. GRACENOTE IS IN GEEN GEVAL AANSPRAEKLIJK VOOR INDIRECTE OF GEVOLGSCHADE, GEDERFIDE WINST OF VERLIES VAN INKOMSTEN. De systeennamen en productnamien die van deze handleiding worden vermeld, zijn over het algenson de handelsmrecka of gadopeoneerde handelsmerken van de betreffende fabrikant. De teckas 794 en 50 worden niet vermeld in deze handleiding.

(1)
http://www.sony.net/
SONY®
3-213-271-43(1)
GIGAJUKE
Gebruiksaanwijzing
HDD Network Audio Component NAC-HD1E
HDD HARD DISK DRIVE

MP3 ATRAC LinearPCM
Muziek beluisteren 20
De vaste schijf (HDD) gebruiken 26
Tracks bewerken in de HDD Jukebox .....54
De timer gebruiken 67
Muziek beluisteren die op een computer is opgeslagen — Network Media .....73
Aansluitingen en instellingen 79
Aanvullende informatie 97
WAARSCHUWING
Stel het toestel niet bloot aan regen of vocht om het risiko van brand of een electrische schok te verlagen.
Om de kans op brand te verkleinen mag u de ventilatieopeningen van het apparaat niet blokkeren met een krant, tafelkleed, gordijn, enz. Plaats ook geen brandende kaarsen op het apparaat.
Om de kans op brand of een elektrische schok te verkleinen, mag u geen voorwerpen met een vloeistof erin, zoals een bloemenvaas, op het apparaat zetten.
Sluit het apparaat aan op een gemakkelijk bereikbaar stopcontact. Als u een abnormaliteit in het apparaat waarneemt, trekt u onmiddellijk de stekker uit het stopcontact.
Installeer de stereo-installatie niet in een krappe ruimte, zoals een boekenkast of ingebouwde kast.
Stel de batterij niet bloot aan extreem hoge temperaturen, zoals direct zonlicht, vuur, enzovoort.
Extreme geluidsdruk van de oortelefoon of hoofdtelefoon kan gehoorbeschadiging tot gevolg hebben.
LET OP
De optische instrumenten in dit product vergroten het risico op oogletsel.

Dit apparaat is geclassificeerd als een KLASSE 1 LASER product. Deze aanduiding bevindt zich aan de achterkant van het apparaat.
Kennisgeving voor klanten: de volgende informatie is alleen van toepassing op apparatuur die wordt verkocht in landen waar EU-richtlijnen van toepassing zijn
De fabrikant van dit product is Sony Corporation, 1-7-1 Konan, Minato-ku, Tokio, Japan.
De geautoriseerde vertegenwoordiger voor EMC en productveiligheid is Sony Deutschland GmbH, Hedelfinger Strasse 61, 70327 Stuttgart, Duitsland.
Voor kwesties met betrekking tot onderhoud of garantie kunt u de adressen in de afzonderlijke onderhoudsof garantiedocumenten raadplegen.

Verwijdering van oude elektrische en elektronische apparaten (Toepasbaar in de Europese Unie en andere
Europese landen met gescheiden ophaalsystemen)
Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop dat dit product niet als huishoudelijk afval mag worden behandeld. Het moet echter naar een plaats worden gebracht waar elektrische en elektronische apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit product op de correcte manier wordt verwijderd, voorkomt u voor mens en milieu negatieve gevolgen die zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalbehandeling. De recycling van materialen draagt bij tot het vrijwaren van natuurlijke bronnen. Voor meer details in verband met het recyclen van dit product, neemt u contact op met de gemeentelijke instanties, het bedrijf of de dienst belast met de verwijdering van huishoudafval of de winkel waar u het product hebt gekocht.
Ook van toepassing op het accessoire: Afstandsbediening

Verwijdering van oude batterijen (in de Europese Unie en andere Europese landen met
afzonderlijke inzamelingssystemen)
Dit symbool op de batterij of verpakking wijst erop dat de meegeleverde batterij van dit product niet als huishoudelijk afval behandeld mag worden. Door deze batterijen op juiste wijze af te voeren, voorkomt u voor mens en milieu negatieve gevolgen die zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalbehandeling. Het recycleren van materialen draagt bij tot het vrijwaren van natuurlijke bronnen.
In het geval dat de producten om redenen van veiligheid, prestaties dan wel in verband met data-integriteit een permanente verbinding met batterij vereisen, dient deze batterij enkel door gekwalificeerd servicepersoneel vervangen te worden. Om ervoor te zorgen dat de batterij op een juiste wijze zal worden behandeld, dient het product aan het eind van zijn levenscyclus overhandigd te worden aan het desbetreffende inzamelingspunt voor de recyclage van elektrisch en elektronisch materiaal.
Voor alle andere batterijen verwijzen we u naar het gedeelte over hoe de batterij veilig uit het product te verwijderen. Overhandig de batterij bij het desbetreffende inzamelingspunt voor de recyclage van batterijen.
Voor meer details in verband met het recyclen van dit product of batterij, neemt u contact op met de gemeentelijke instanties, het bedrijf of de dienst belast met de verwijdering van huishoudafval of de winkel waar u het product hebt gekocht.
Bericht over DualDiscs
Een DualDisc is een tweezijdige disc, waarop aan de ene kant DVD-materiaal is opgenomen en aan de andere kant digitaal audiomateriaal. Echter, aangezien de kant met het audiomateriaal niet voldoet aan de Compact Disc (CD)-norm, wordt een juiste weergave op dit apparaat niet gegarandeerd.
Muziekdiscs die zijn gecodeerd met copyrightbeveiligingstechnologieën
Dit product is ontworpen voor het afspelen van discs die voldoen aan de CD-norm (Compact Disc). Onlangs hebben platenmaastschappijen muziekdiscs op de markt gebracht die zijn gecodeerd met copyrightbeveiligingstechnologieën. Houd er rekening mee dat sommige van deze discs niet voldoen aan de CD-norm en wellicht niet met dit product kunnen worden afgespeeld.
Inhoudsopgave
Voordat u het apparaat gebruikt
Lees de volgende informatie aandachtig door ....7
Aan de slag
Onderdelen en
bedieningselementen......8
Afstandsbediening 8
Hoofdeenheid 10
Basishandelingen ......12
Het apparaat inschakelen 12
De weergavetaal selecteren.... 12
Een functie selecteren 13
Menu's gebruiken 13
De weergavemodus wijzigen 14
Tekst invoeren 15
De Sony-versterker instellen .....17
De klok instellen ....18
De klok handmatig instellen.... 18
De klok instellen via een internetverbinding — NTP .... 19
Muziek beluisteren
Een CD afspelen ....20
Titelinformatie ophalen 21
Informatie over een CD weergeven ..... 22
De radio beluisteren 23
Een radiozender selecteren 23
Radiozenders vooraf instellen 24
Gedetailleerde informatie over een radiozender weergeven 24
Herhaaldelijk afspelen ·
Willekeurig afspelen CD......25
De vaste schijf (HDD) gebruiken
Opnemen op/importeren naar de HDD 26
Materiaal dat kan worden opgenomen/geïmporteerd .... 26
Het apparaat instellen voor opnemen/importeren 28
Een CD opnemen op de HDD ...... 30
Een radio-uitzending opnemen ...... 31
Opnemen vanaf een aangesloten externe component .... 32
Bestanden importeren vanaf een USB-opslagapparaat 33
Bestanden importeren uit een gedeelde map op de computer ...... 33
De HDD Jukebox afspelen ....34
Album- of trackinformatie controlleren 35
De lijstmodus wijzigen 35
Herhaaldelijk afspelen · Willekeurig afspelen .... 39
Zoeken naar albums of tracks 40
Tracks afspelen met x-DJ 41
Hoe functioneert x-DJ? 41
x-DJ gebruiken 42
Music Surfin' gebruiken 43
x-DJ instellen 44
x-DJ-kanalen overzetten 45
Over 12 Tone Analysis ...... 45
Audiogegevens overzetten......46
Overdraagbare indelingen 46
De TRANSFER-toets instellen 46
Tracks overzetten naar een "WALKMAN" (ATRAC AD) 47
Tracks overzetten naar een USB- opslagapparaat .... 48
Tracks overzetten naar een mobiele telefoon 50
Tracks overzetten naar een PSP .... 51
Overige handelingen 52
Albums, tracks of afspeellijsten op het bestemmingsapparaat verwijderen 53
Tracks bewerken in de HDD Jukebox HDD
Over de functies die kunnen worden uitgevoerd ....54
Titelinformatie zoeken en ophalen 55
Albuminformatie zoeken en ophalen 55
Trackinformatie zoeken en ophalen ..... 55
Informatie over meerdere tracks batchgewijs zoeken en ophalen ..... 56
Een map, groep of afspeellijst maken ....56
Een map maken 56
Een groep maken 57
Een afspeellijst maken 57
Titels wijzigen ....58
Opnamen verwijderen ....59
Opnamen verplaatsen ....60
Opgenomen tracks splitsen ......61
Opgenomen tracks samenvoegen 62
De audio-indeling van tracks converteren — Indeling converteren ....63
Beeldbestanden opslaan ....64
Voordat u beelden opslaat 64
Een beeldbestand opslaan 64
De gewenste tracks registeren in een afspeellijst ....65
De track registreren die wordt afgespeeld 65
Meerdere tracks in één keer registreren 66
De timer gebruiken
De slaaptimer gebruiken ......67
De wektimer gebruiken ......68
De opnametimer gebruiken ......69
Een radioprogramma opnemen met de opnametimer 69
Opnemen vanaf een externe component met de opnametimer ... 69
Overige handelingen 71
Muziek beluisteren die op een computer is opgeslagen — Network Media
Muziek beluisteren ....74
Verschillende afspeelmodi 76
Informatie over afspeellijsten of tracks weergeven 77
Handige instellingen ....77
Automatische verbinding met een server instellen .... 77
Het apparaat registreren op een VAIO-computer — Instelling voor beperkte toegang .... 78
Aansluitingen en instellingen
De antennes en de versterker aansluiten ....79
Netwerkverbinding en -configuratie ....82
Verbinding maken met internet ..... 82
Het netwerk instellen 87
De gedeelde map instellen .... 91
Overige instellingen 91
Weergave-instellingen 91
De stand-bymodus instellen 92
Het systeem beheren 92
Een back-up van audiogegevens maken en audiogegevens terugzetten 92
Systeeminformatie controleren .... 96
De systeemtoepassing bijwerken ..... 96
Het systeem formatteren 96
Aanvullende informatie
Problemen oplossen ....97
Voorzorgsmaatregelen 105
Over CD's 106
Over MP3 107
Voordat u het apparaat gebruikt
De bijgeleverde handleidingen en de bijbehorende inhoud
① Handleiding voor snelle aansluiting en bediening

Deze handleiding bevat de basisinformatie die u nodig hebt om het apparaat aan te sluiten en te bedienen. Raadpleeg deze handleiding eerst om het apparaat in te stellen.
②Gebruiksaanwijzing

In deze handleiding vindt u een volledige beschrijving van de verschillende instellingen en bewerkingen en de procedure voor netwerkverbinding. Deze handleiding bevat ook de voorzorgsmaatregelen voor veilig gebruik van het apparaat.
③Website voor klantenondersteuning van Sony Europe
Raadpleeg deze website voor de laatste ondersteuningsinformatie en veelgestelde vragen.
Voor klanten in Europa:
http://support.sony-europe.com/
Deze handleiding gebruiken
In deze handleiding wordt voornamelijk beschreven hoe u het apparaat met de afstandsbediening kunt bedienen. Toetsen en bedieningselementen op de hoofdeenheid met dezelfde of vergelijkbare namen als op de afstandsbediening kunnen worden gebruikt om dezelfde bewerkingen uit te voeren.

Met dit symbool worden HDD Jukebox-functies aangeduid.

Met dit symbool worden CD-functies aangeduid.

Met dit symbool worden "WALKMAN"-functies (ATRAC AD) aangeduid.

Met dit symbool worden functies op het USB-opslagapparaat aangeduid.
Over de weergave
De weergave-inhoud die in deze handleiding wordt weergegeven, kan afwijken van de werkelijke weergave-inhoud op het apparaat.
Lees de volgende informatie aandachtig door
Over de vaste schijf
De vaste schijf kan gemakkelijk worden beschadigd door schokken en trillingen, dus houd rekening met de volgende voorzorgsmaatregelen. Zie pagina 105 voor meer informatie.
- Stel het apparaat niet bloot aan sterke schokken.
- Verplaats het apparaat niet terwijl het netsnoer op het stopcontact is aangesloten.
- Gebruik het apparaat niet op een plaats waar het wordt blootgesteld aan trillingen of op een instabiele ondergrond.
- Verplaats het apparaat niet en koppel het netsnoer niet los terwijl het apparaat opneemt of afspeelt.
- Probeer de vaste schijf niet zelf te vervangen of bij te werken. Dit kan een storing tot gevolg hebben.
Gegevens die verloren gaan door een storing van de vaste schijf, kunnen niet worden hersteld.
Gegevens die op de vaste schijf zijn opgenomen, kunnen tijdens gewone bewerkingen worden beschadigd. Zorg ervoor dat u de functie voor backups op het apparaat gebruikt om regelmatig een back-up van de gegevens te maken op een optionele USB-schijf of in een gedeelde map op de computer. Gegevens die verloren gaan door een beschadigde vaste schijf, worden niet vergoed door Sony.
Over opnemen
- Maak een proefopname voordat u de daadwerkelijke opname maakt, vooral als u belangrijke opnamen wilt maken.
- Mislukte opnamen door een storing van het apparaat worden niet vergoed door Sony.
Storingen die optreden tijdens normaal gebruik van het apparaat, worden gerepareerd door Sony in overeenstemming met de voorwaarden die zijn opgenomen in de beperkte garantie voor dit apparaat. Sony is echter niet aansprakelijk voor problemen met opnemen of afspelen als gevolg van een beschadigd of niet goed functionerend apparaat.
Over services die kunnen worden gebruikt met een internetverbinding
Houd er rekening mee dat beschikbare internetservices kunnen worden gewijzigd of beeindigd zonder voorafgaande kennisgeving.
Onderdelen en bedieningselementen
Afstandsbediening
SLEEP- en TIMER-toetsen
- SLEEP-toets Gebruik deze toets om de instelling voor de slaaptimer op te geven of te bevestigen (pagina 67).
- TIMER-toets Gebruik deze toets om de timer in te stellen (pagina 68 tot en met 72).
FAVORITE-toets
Gebruik deze toets om een track toe te voegen aan "Favorites" in de afspeellijst (pagina 65).
DISPLAY-toets
Gebruik deze toets om de tijdsinformatie te wijzigen (schakelen tussen verstreken tijd en resterende tijd).
I◀◀•PRESET-, ▶▶▶I•PRESET+, ALBUM+ en ALBUM--toetsen
- |◀◀/▶▶|-toetsen Naar het begin van een track gaan.
- PRESET+- en PRESET--toetsen Gebruik deze toetsen om een vooraf ingestelde radiozender te selecteren.
- ALBUM+/ALBUM--toetsen Gebruik deze toets om een album of een groep te selecteren.
Bedieningstoetsen
Gebruik deze toetsen in alle functies om basishandelingen uit te voeren.
- ▷-toets (afspelen)*
- ◀◀◀ (snel terugspoelen) • TUNING- en ▶▶ (snel vooruitspoelen) • TUNING+-toetsen
• III-toets (onderbreken)
- ■-toets (stoppen)

I/⏻-toets (aan/uit)
Het apparaat inschakelen (pagina 12).
Functiekeuzetoetsen
Gebruik deze toetsen om de functie rechtstreeks te selecteren. In de standbymodus kunt u met deze toetsen het apparaat inschakelen en tegelijkertijd het afspelen starten.
- HDD▶-toets (pagina 13, 34)
- CD▶-toets (pagina 13, 20)
- DIGITAL IN-toets (pagina 13, 32)
• ANALOG IN-toets (pagina 13, 32)
● FM/AM-toets (pagina 13, 23, 31)
• NETWORK MEDIA-toets (pagina 13, 74)
• x-DJ-toets (pagina 13, 42)
AMPLIFIER I/⏻-, AMPLIFIER VOLUME+\*- en AMPLIFIER VOLUME-- toetsen
Deze toetsen zijn alleen beschikbaar voor Sonyversterkers (pagina 17).
- AMPLIFIER I/©-toets Gebruik deze toets om een aangesloten versterker in te schakelen.
- AMPLIFIER VOLUME +-
en AMPLIFIER VOLUME
--toetsen
Gebruik deze toetsen om de uitvoer van een aangesloten versterker aan te passen wanneer deze is ingeschakeld.
DIMMER-toets
Gebruik deze toets om te schakelen tussen twee helderheidsniveaus voor het scherm.
Cijfer-\*/teksttoetsen
Gebruik deze toetsen om een track te selecteren tijdens het afspelen of om tekst in te voeren.
• A•Y•M-toetsen
Gebruik deze toetsen om extra kanalen van Music Surfin' te selecteren tijdens x-DJ (pagina 43).
SETUP-toets
Het instelmenu weergeven (pagina 13). Gebruik deze toets om klok- of netwerkinstellingen of andere systeeminstellingen op te geven.
BACK-toets
Gebruik deze toets om terug te gaan naar de vorige weergave (pagina 14).
TRANSFER-toets
Gebruik deze toets om tracks over te zetten naar een "WALKMAN" (ATRAC AD) of ander draagbaar audioapparaat (pagina 47).

HDD REC-toetsen
Gebruik deze toetsen om op te nemen naar de HDD Jukebox.
- HDD REC ●-toets (opname starten) (pagina 30)
- HDD REC II-toets (opname onderbreken) (pagina 31)
- HDD REC ■-toets (opname stoppen) (pagina 30)
DELETE-toets
Gebruik deze toets in elke functie om een item te verwijderen (pagina 59).
LIST-toets
Gebruik deze toets om te schakelen tussen de hoofdweergave en de lijstweergave (pagina 14).
FUNCTION-toets
Het functiemenu weergeven (pagina 13).
Gebruik deze toets om de geluidsbron te selecteren.
OPTIONS-toets
Het optiemenu weergeven (pagina 13).
De menu-items verschillen afhankelijk van de geselecteerde functie.
Menubedieningstoetsen
Gebruik deze toetsen om menu-items te selecteren en menu-instellingen op te geven (pagina 13).
•↑,↓, ← en →-toetsen Gebruik deze toetsen om een menu-item te selecteren of een instelling te wijzigen.
- ENTER-toets Gebruik deze toets om een instelling op te geven.
Met een sterretje (*) worden toetsen aangegeven die zijn voorzien van een voelstip (de cijfertoets "5", de AMPLIFIER VOLUME +-toets en de ▷-toets (afspelen) van de bedieningstoetsen).

Functiekeuzetoetsen
Gebruik deze toetsen om de functie rechtstreeks te selecteren. In de stand-bymodus kunt u met deze toetsen het apparaat inschakelen en tegelijkertijd het afspelen starten.
- HDD▶-toets (pagina 13, 34)
- CD▶-toets (pagina 13, 20)
• FM/AM-toets (pagina 13, 23, 31)
• x-DJ-toets (pagina 13, 42)
TIMER-aanduiding
Met deze aanduiding wordt de status van de timer aangegeven (pagina 68, 69).
FUNCTION-toets
Het functiemenu weergeven (pagina 13).
Gebruik deze toets om de geluidsbron te selecteren.
SETUP-toets
Het instelmenu weergeven (pagina 13).
Gebruik deze toets om klok- en netwerkinstellingen en andere systeeminstellingen op te geven.

HDD ●- en HDD II-toetsen
Gebruik deze toetsen om op te nemen naar de HDD Jukebox.
- HDD ●-toets (opname starten) (pagina 30)
- HDD II-toets (opname onderbreken) (pagina 31)
USB-aansluiting
Gebruik deze aansluiting om een USB-opslagapparaat, "WALKMAN" (ATRAC AD) of ander draagbaar apparaat aan te sluiten (pagina 47 tot en met 51).
BACK-toets
Gebruik deze toets om terug te gaan naar de vorige weergave (pagina 14).
PHONE LEVEL (MIN/MAX)-regelaar
Gebruik deze regelaar om de uitvoer van een aangesloten hoofdtelefoon aan te passen.
OPTIONS-toets
Het optiemenu weergeven (pagina 13). Menu-items verschillen afhankelijk van de geselecteerde functie.
Basishandelingen
Het apparaat inschakelen

1 Sluit het netsnoer aan op een stopcontact.
Het apparaat wordt automatisch ingeschakeld, de standaardinstellingen worden geregistreerd en het apparaat wordt uitgeschakeld.
2 Druk op / (aan/uit).
Het apparaat wordt ingeschakeld.
WAARSCHUWING
Koppel het netsnoer niet los wanneer de standaardinstellingen worden geregistreerd. Als u dit wel doet, kan er een storing optreden.
Het apparaat uitschakelen
Druk op de / -toets op de afstandsbediening of de hoofdeenheid. Het apparaat wordt mogelijk niet onmiddellijk uitgeschakeld. Als dit het geval is, betekent dit dat het apparaat de muziekgegevens op de HDD (vaste schijf) analyseert (zie "Over 12 Tone Analysis" op pagina 45). Wanneer het apparaat de muziekgegevens analyseert, knippert het paneel met verlichting langzaam. Als u de analyse wilt annuleren en het apparaat onmiddellijk wilt uitschakelen, drukt u op de -toets. Als u het apparaat opnieuw wilt inschakelen, drukt u op de / -toets.
Tip
Dit apparaat beschikt over twee opstartmodi: de snelle opstartmodus en de standaardopstartmodus. Zie "De stand-bymodus instellen" op pagina 92 voor meer informatie.
De weergavetaal selecteren
U kunt Engels, Frans, Duits, Italiaans of Spaans selecteren als weergavetaal.

1 Druk op SETUP.
Het instelmenu wordt weergegeven.
2 Druk op / om [Screen setting] te selecteren en druk op ENTER.
Het venster voor het selecteren van de taal wordt weergegeven.
3 Druk op / om de gewenste taal te selecteren bij [Language] en druk op ENTER.
Weergave Te selecteren taal
| English Engels |
| Français Frans |
| Deutsch Duits |
| Italiano Italiaans |
| Español Spaans |
4 Druk op / / / om [Execute] te selecteren en druk op ENTER.
De weergave wordt in de geselecteerde taal weergegeven.
Opmerking
Wanneer u de weergavetaal wijzigt, wordt de invoertaal (pagina 15) ook gewijzigd in de geselecteerde taal.
Tip
Raadpleeg de "Lijst met invoertekens" (pagina 112) voor een overzicht van de tekens die u kunt gebruiken.
Een functie selecteren
De functie rechtstreeks selecteren

| Selecteren (functie) | Druk op (functiekeuzetoets) |
| CD | CD▶ |
| HDD JUKEBOX | HDD▶ |
| FM/AM FM/AM | |
| DIGITAL IN DIGITAL IN | |
| ANALOG IN ANALOG IN | |
| NETWORK MEDIA NETWORK MEDIA | |
| x-DJ x-DJ | |
Het apparaat wordt ingeschakeld en het afspelen wordt gestart met de betreffende functie.
De functie selecteren in het functiemenu

1 Druk op FUNCTION.
Het functiemenu wordt weergegeven.
2 Selecteer een functie met
↑/↓/←/→ en druk op ENTER.
De geselecteerde functie wordt actief.
Het functiemenu annuleren
Druk op FUNCTION of BACK voordat u op ENTER drukt. Het functiemenu verdwijnt.
Menu's gebruiken
Dit apparaat beschikt over drie menu's: het functiemenu, het optiemenu en het instelmenu. Gebruik deze menu's om opnamen te maken, de afspeelmodus te selecteren en andere instellingen op te geven.

1 Druk op de gewenste menutoets (FUNCTION, OPTIONS of SETUP).
Het betreffende menu wordt geopend op het apparaat.
2 Druk op ↑/↓/←/→ om het gewenste item te selecteren.
3 Druk op ENTER.
4 Herhaal stap 2 en 3 als u nog een item wilt instellen.
De procedure annuleren
Druk op BACK.
Functiemenu
Wordt weergegeven wanneer u op de FUNCTION-toets drukt.
Gebruik dit menu om een functie te selecteren.

Wordt weergegeven wanneer u op de OPTIONS-toets drukt.
De items in dit menu verschillen afhankelijk van de geselecteerde functie of weergave.

Wordt weergegeven wanneer u op de SETUP-toets drukt.
Gebruik dit menu om het systeem in te stellen. U kunt dit menu op elk gewenst moment selecteren.

De weergavemodus wijzigen
Er zijn twee weergavemodi: hoofdweergave en lijstweergave.

Druk herhaaldelijk op LIST om de hoofdweergave of de lijstweergave te selecteren.
Hoofdweergave
Dit is de normale weergave. Hierin wordt informatie over de huidige track weergegeven.

Lijstweergave
In deze modus wordt de inhoud van de geselecteerde directory weergegeven. In het onderstaande voorbeeld wordt de inhoud van de trackdirectory weergegeven.

Over trackpictogrammen
Er zijn verschillende trackpictogrammen voor de verschillende trackindelingen.
Pictogram Trackindeling
| ATRAC | |
| MP3 | |
| Linear PCM |
Er is geen lijstweergave voor de functies FM/AM, ANALOG IN, DIGITAL IN en x-DJ.
Wanneer u met of schakelt tussen de verschillende directory's, wordt het betreffende directorypictogram boven aan het scherm gemarkeerd zodat u weet welke directory op dat moment is geselecteerd (album, groep, track, enzovoort).
| Pictogram (voorbeeld) | Directory |
| Tracks | |
| Groepen |
Tekst invoeren
U kunt tekst invoeren wanneer u een label toevoegt aan tracks of radiozenders of wanneer u netwerkinstellingen opgeeft.
De invoertaal selecteren
Selecteer de invoertaal om tekens in die taal in te voeren.
Terwijl het tekstinvoervenster wordt weergegeven (deze pagina), opent u het optiemenu en selecteert u [Language] – [(de gewenste taal)].
Tips
- Als u de invoertaal wijzigt, wordt de weergavetaal (pagina 12) niet gewijzigd.
- Raadpleeg de "Lijst met invoertekens" (pagina 112) voor een overzicht van de tekens die u kunt gebruiken.
Afstandsbediening

1 Cijfer-/teksttoetsen Druk op de toets met de gewenste letter (ABC, DEF, enzovoort). Druk herhaaldelijk op de toets tot de gewenste letter wordt weergegeven.
2 CLEAR-toets Druk op deze toets om een letter te wissen die u zojuist hebt ingevoerd.
3 a/A-toets Druk op deze toets om te schakelen tussen kleine letters en hoofdletters.
4 →-toets Druk op deze toets voordat u op ENTER drukt om naar het vorige teken te gaan.
5 CHARACTER-toets Met deze toets kunt u het tekentype selecteren. Elke keer dat u op de toets drukt, wordt het type als volgt gewijzigd:
- Wanneer de invoertaal is ingesteld op Engels: [Engelse alfanumerieke tekens] → [Engelse alfanumerieke tekens (inclusief tekens met een trema)] → [Cijfers] →...
- Wanneer de invoertaal is ingesteld op een andere taal dan Engels: [Alfanumerieke tekens in de geselecteerde taal] [Cijfers] ...
Vervolg
6 ↑/↓/←/→/ENTER-toetsen
•↑/↓/←/→-toetsen
Gebruik deze toetsen om de cursor te verplaatsen.
- ENTER-toets
Druk op deze toets om een tekenreeks of instelling op te geven.
Tekstinvoervenster

1 Tekstinvoergedeelte
Hier wordt de tekst weergegeven die u invoert.
2 Tekenpalet
Hier worden de tekens weergegeven die u kunt selecteren.
3 Weergave van invoertaal
De geselecteerde invoertaal (pagina 15) wordt weergegeven.
4 Weergave van tekentype
Elke keer dat u op de CHARACTER-toets drukt, wordt de weergave als volgt gewijzigd:
- Wanneer de invoertaal is ingesteld op Engels:
Weergave Tekentype
| a/0 Engelse kleine letters/ hoofdletters en cijfers |
| A/0 Engelse hoofdletters/kleine letters en cijfers |
| à/0 Engelse kleine letters/ hoofdletters (inclusief tekens met een trema) en cijfers |
| À/0 Engelse hoofdletters/kleine letters (inclusief tekens met een trema) en cijfers |
| 0 Cijfers |
- Wanneer de invoertaal is ingesteld op een andere taal dan Engels:
Weergave Tekentype
| a/0 Kleine letters/hoofdletters(inclusief tekens met eentrema) en cijfers |
| A/0 Hoofdletters/kleine letters(inclusief tekens met eentrema) en cijfers |
| 0 Cijfers |
5 Weergave van tekstinvoermodus (overschrijven/invoegen)
6 Weergave van ingevoerde bytes In dit gedeelte wordt [Aantal bytes ingevoerd/het maximum aantal bytes] weergegeven.
Voor het invoeren van één teken is één byte vereist.
Tekst invoeren
U kunt tekst invoeren met de bijgeleverde afstandsbediening, op dezelfde manier als met uw mobiele telefoon.
1 Druk herhaaldelijk op CHARACTER om het gewenste tekentype te selecteren.
2 Druk op de bijbehorende cijfer-/ teksttoetsen om de gewenste tekens in te voeren.
3 Druk op ENTER om de tekenreeks in te voeren.
Overige handelingen
Actie Handeling:
| De vorige status herstellen | Druk op BACK. |
| De cursor verplaatsen | Druk op /// . |
| Hoofdletters/kleine letters invoeren ("A" of "a") | Druk op a/A of druk herhaaldelijk op de bijbehorende cijfer-/ teksttoets. |
| Symbolen invoeren (zoals $) | Open het optiemenu, selecteer [Input symbol] en selecteer vervolgens het gewenste symbool. |
| Tekstinvoermodus wijzigen (overschrijven of invoegen) | Open het optiemenu en selecteer [Insert] of [Overwrite]. |
Dezelfde tekenreeks op een andere plaats gebruiken — Kopiëren/Knippen/Plakken
1 Open het optiemenu, selecteer [Edit] – [Copy] of [Cut] en druk op ENTER.
2 Druk op ←/→ om de eerste letter te selecteren van de tekenreeks die u wilt kopiëren of knippen en druk op ENTER.
3 Druk op / om de laatste letter te selecteren van de tekenreeks die u wilt kopiëren of knippen en druk op ENTER. Als u [Cut] hebt geselecteerd, wordt de tekenreeks verwijderd uit de zin.
4 Verplaats de cursor naar het punt waar u de tekenreeks wilt plakken.
5 Open het optiemenu, selecteer [Edit] – [Paste] en druk op ENTER.
De tekenreeks wordt op dat punt ingevoegd. De tekenreeks wordt ingevoegd zonder de bestaande tekst te overschrijven, zelfs als de invoermodus is ingesteld op "Overwrite".
De Sony-versterker instellen
U kunt de afstandsbediening gebruiken om de Sony-versterker te bedienen (in-/uitschakelen en volume).
Cijfertoetsen (1 - 4)
AMPLIFIER I/
AMPLIFIER VOLUME +/-
Druk op de bijbehorende cijfertoets (1 tot en met 4) terwijl u op AMPLIFIER I/½ drukt om de Sony-versterker te selecteren.
Druk op Type versterker
◆ AMPLIFIER I/○
en 1
Stereoversterker of -receiver van Sony
AMPLIFIER I/ ^1 en 2
Mini-/microsysteem
van Sony
AMPLIFIER I/ ^① en 3
AV-receiver,
meerkanaals versterker
of thuisbioscoop van
Sony
AMPLIFIER I/ ^1 en 4
Thuisbioscoop van Sony
(◆Fabrieksinstelling)
Opmerking
Het is mogelijk om de code van de afstandsbediening te wijzigen om de afstandsbediening compatibel te maken met een meerkanaals versterker of thuisbioscoop. Als u niet weet over welk type Sony-versterker u beschikt, probeert u elk van de vier bovenstaande codes te selecteren om te bepalen welke code overeenkomt met uw versterker. Deze afstandsbediening is mogelijk niet compatibel met bepaalde Sony-producten.
De klok instellen
De tijd op de klok moet correct zijn ingesteld voor een juiste werking van de functies. U kunt de klok handmatig instellen of door verbinding te maken met internet.
De klok handmatig instellen
1 Open het instelmenu, selecteer [Clock setting] en druk op ENTER.

2 Selecteer [Online auto-sync clock setting] en druk op ENTER.
3 Selecteer [Off] en druk op ENTER.
4 Selecteer [Date input] en druk op ENTER.
5 Druk op ←/→ om jaar/maand/dag te selecteren en druk op ↑/↓ om de waarde aan te passen.
De datum wordt in de volgorde jaar, maand en dag ingesteld.
6 Druk op ←/→ om uur/minuten te selecteren, druk op ↑/↓ om de waarde in te stellen en druk op ENTER.
7 Selecteer de gewenste plaats bij [Time zone].
Als de gewenste plaats niet bij [Time zone] wordt weergegeven, selecteert u een plaats die zich in dezelfde tijdzone bevindt als de gewenste plaats.
9 Selecteer [Apply] en druk op ENTER.
De tijd wordt weergegeven bij [Current time].
10 Selecteer [Close] en druk op ENTER.
Opmerking
Wanneer het venster voor de tijdsinstelling wordt weergegeven als het apparaat wordt ingeschakeld, verdwijnt het venster automatisch als er gedurende enige tijd geen handeling wordt uitgevoerd. Als de tijd onjuist is ingesteld, kunt u de tijd correct instellen met het instelmenu.
De datum- en tijdnotatie wijzigen
U kunt de notatie M/D/J, D/M/J of J/M/D selecteren voor de datum en de 12-uurs of 24-uurs notatie voor de tijd.
1 Open het instelmenu, selecteer [Screen setting] en druk op ENTER.
2 Selecteer de datum- en tijdnotatie.
Wanneer u de datumnotatie selecteert:
Selecteer [MM/DD/YYYY], [DD/MM/YYYY] of [YYYY/MM/DD] bij de instelling voor de datumnotatie.
Wanneer u de tijdnotatie selecteert:
Selecteer [HH:MM] (24-uurs notatie) of [HH:MM AM/PM] (12-uurs notatie) bij de instelling voor de tijdnotatie.
3 Selecteer [Execute] en druk op ENTER.
De klok instellen via een internetverbinding — NTP
U kunt de klok instellen door op het apparaat verbinding te maken met de NTP-server (Network Time Protocol) op internet.
Voordat u deze functie gebruikt, moet u ervoor zorgen dat het netwerk al is ingesteld (pagina 82).
1 Open het instelmenu, selecteer [Clock setting] en druk op ENTER.
Het venster voor de klokinstelling wordt weergegeven.
2 Selecteer [Online auto-sync clock setting] en druk op ENTER.
3 Selecteer [On] en druk op ENTER.
4 Selecteer [Server name] en druk op ENTER.
Het tekstinvoervenster wordt weergegeven.
Als [NtpServer] wordt weergegeven, maakt het apparaat verbinding met de ingestelde server. Als de servernaam juist is, gaat u verder met stap 6.
5 Geef de servernaam op en druk op ENTER.
Zie "Tekst invoeren" op pagina 15 voor meer informatie over het invoeren van tekst.
6 Selecteer de gewenste plaats bij [Time zone].
Als de gewenste plaats niet bij [Time zone] wordt weergegeven, selecteert u een plaats die zich in dezelfde tijdzone bevindt als de gewenste plaats.
7 Selecteer [Standard] of [Summer time] bij [Summer time].
8 Selecteer [Apply] en druk op ENTER.
De klok wordt automatisch ingesteld.
9 Selecteer [Close] en druk op ENTER.
De fabrieksinstelling voor de servernaam herstellen
Druk in stap 5 herhaaldelijk op de CLEAR-toets tot de servernaam is verwijderd.
De procedure annuleren
Druk op BACK.
Opmerkingen
- Het apparaat kan wellicht geen verbinding maken met de NTP-server als de internetinstelling niet correct is opgegeven.
- Als u een proxyserver gebruikt, worden overdrachten mogelijk niet doorgestuurd naar de NTP-server. Als dit gebeurt, neemt u contact op met uw internetprovider.
Muziek beluisteren
Een CD afspelen
Met dit apparaat kunnen audio-CD's en CD-R/RW's met MP3-audiotracks worden afgespeeld. Zie pagina 106 voor meer informatie over afspeelbare discs. Zie pagina 80 voor meer informatie over het aansluiten van de versterker.

1 Stel de bronkeuzeschakelaar op de versterker in op de functie voor dit apparaat.
2 Druk op ▲ en plaats een disc in de disclade.
De disclade wordt geopend.

Plaats een disc met de labelzijde omhoog.
De disclade wordt gesloten wanneer u nogmaals op ▲ drukt.
Vervolgens wordt automatisch gezocht naar de titelinformatie voor de disc. Als het apparaat is verbonden met internet, wordt de titelinformatie die zich niet in de database van het apparaat bevindt, van het web gehaald (pagina 82).
3 Druk op CD▶.
Het afspelen wordt gestart.
De indeling (audio-CD of CD-R/RW met MP3-audio) wordt herkend en de juiste modus wordt automatisch ingesteld. Als een disc twee indelingen bevat, moet u de modus handmatig wijzigen (pagina 21).
Over de weergave voor het afspelen van CD's

Tip
In de weergave voor het afspelen van CD's wordt de ID3-informatie op MP3-discs niet weergegeven. Als u deze informatie wilt weergeven, opent u het optiemenu en selecteert u [Display] - [ID3 info] (pagina 22).
Overige handelingen
| Actie Handeling: | |
| Afspelen stoppen | Druk op ■. |
| Afspelen onderbreken | Druk op ||. Druk nogmaals op || of op ▷ om het afspelen te hervatten. |
| Een punt in een track zoeken | Houd ◀◀/▶▶ ingedrukt tijdens het afspelen en laat de toets los op het gewenste punt. |
| De vorige/volgende track selecteren | Druk tijdens het afspelen op ◀◀◀/▶▶I. |
| Een track selecteren | Druk op ↑/↓ (↑/↓/←/→ voor een MP3-disc) om een track te selecteren. |
| Een album selecteren (alleen voor MP3-discs) | Druk op ALBUM+ of ALBUM- om een album te selecteren. |
| De disc verwijderen | Druk op de hoofdeenheid op ▲. |
Een track selecteren met de cijfertoetsen
1 Druk op een cijfertoets terwijl de tracklijst (van de trackdirectory) wordt weergegeven.
Het pop-upvenster voor het invoeren van een tracknummer wordt weergegeven. Voer het tracknummer in.

Voor tracknummers 10 en hoger drukt u voor elk cijfer op een cijfertoets.
Voor 124 drukt u bijvoorbeeld op [1], [2] en [4].
2 Druk op ENTER.
De hoofdweergave wordt opnieuw weergegeven en de geselecteerde track wordt afgespeeld.
Opmerking
In de MP3-modus kunnen tracks niet worden geselecteerd met cijfertoetsen wanneer de albumdirectory wordt weergegeven.
De weergave met tijdsinformatie wijzigen
Druk tijdens het afspelen herhaaldelijk op DISPLAY.
De tijdsinformatie schakelt tussen de verstreken tijd en de resterende tijd.
| ◆ Elapsed time De verstreken tijd wordt weergegeven van de track die momenteel wordt afgespeeld of is onderbroken. | |
| Remaining time | De resterende tijd wordt weergegeven van de track die momenteel wordt afgespeeld of is onderbroken. |
(◆Fabrieksinstelling)
Tip
U kunt ook het optiemenu gebruiken om de tijdsinformatie te wijzigen.
Open het optiemenu en selecteer [Display] - [Time]
De audio-CD- of MP3-modus handmatig wijzigen
Als een disc twee trackindelingen (audio-CD en MP3) bevat, moet u opgeven welke indeling moet worden afgespeeld.
Open het optiemenu en selecteer [Mode switch] - [Audio CD] of [MP3].
Titelinformatie ophalen
Dit apparaat is voorzien van een database met een bepaalde hoeveelheid informatie over CD's die wordt geleverd door de muziekherkenningsservice Gracenote®.
Als het apparaat is verbonden met internet (pagina 82), kunt u met deze functie via het web titelinformatie ophalen die niet is opgenomen in de database.
De muziekherkenningsservice Gracenote® levert informatie als albumnamen, artiestennamen en tracknamen uit zijn online databaseserver met titelinformatie.
Opmerking
Met deze functie kan geen informatie voor gegevens-CD's worden opgehaald.
De titelinformatie handmatig ophalen
Titelinformatie wordt automatisch opgehaald wanneer er een CD wordt geplaatst, maar u kunt deze informatie ook handmatig ophalen.
1 Terwijl het apparaat is gestopt, opent u het optiemenu en selecteert u [Title info] – [Obtain].
Vervolgens wordt de titelinformatie gezocht en worden de zoekresultaten weergegeven.
2 Controleer de zoekresultaten en selecteer [Obtain].
De titelinformatie wordt opgehaald van het web.
Als u op ▷ drukt in plaats van op [Obtain], wordt de CD afgespeeld.
Andere titelinformatie ophalen
Selecteer online [Search] terwijl de zoekresultaten worden weergegeven. Er wordt opnieuw naar titelinformatie gezocht en als er iets wordt gevonden, worden de zoekresultaten bijgewerkt. De zoekresultaten worden ook bijgewerkt als dezelfde informatie wordt gevonden.
De titelinformatie wissen
Open het optiemenu en selecteer [Title info] - [Clear].
De instelling voor het ophalen van titelinformatie wijzigen
1 Open het optiemenu en selecteer [Setting] – [Obtain title info].

2 Selecteer de gewenste instelling voor [Auto title labeling].
◆ On Titelinformatie wordt automatisch opgehaald wanneer er een CD wordt geplaatst.
Off Er wordt niet automatisch titelinformatie opgehaald.
(◆Fabrieksinstelling)
3 Selecteer [Close].
Wanneer er meerdere zoekresultaten worden weergegeven voor een CD
Selecteer de gewenste informatie in de lijst.
Trackinformatie voor een album weergeven
Selecteer het album in de weergegeven lijst.
De gewenste taal voor het weergeven van CD TEXT-informatie instellen
Selecteer de taal voor de instelling [CD TEXT display].
Wanneer u de weergavetaal wijzigt (pagina 12), wordt deze instelling ook gewijzigd.
Tip
Als er geen titelinformatie beschikbaar is, wordt er CD TEXT-informatie weergegeven. CD TEXT-informatie is alleen opgeslagen op discs die de CD TEXT-norm ondersteunen.
Informatie over een CD weergeven
1 Terwijl het apparaat is gestopt, selecteert u de gewenste track in de lijstweergave.
2 Open het optiemenu en selecteer [Display] – [Album info] of [Track info].
| Album info1) | Er wordt gedetailleerde informatie over het album weergegeven (weergave met albumgegevens). |
| Track info1) | Er wordt gedetailleerde informatie over de geselecteerde track weergegeven (weergave met trackgegevens). |
| ID3 info Er wordt ID3-taginformatie weergegeven voor de geselecteerde MP3-track (weergave met trackgegevens (ID3)). | |
1) Alleen voor audio-CD's.

Als u de volledige tekenreeks voor de titel, de artiest, het genre of de albumnaam wilt weergeven ^2) , drukt u op / om het betreffende vak te selecteren en drukt u op ENTER. Druk op / om de weergave te schuiven.
2) Wordt alleen weergegeven in de weergave met trackgegevens (ID3).
De radio beluisteren
Zie pagina 80 voor meer informatie over het aansluiten van de versterker.

Een radiozender selecteren
1 Stel de bronkeuzeschakelaar op de versterker in op de functie voor dit apparaat.
2 Druk op FM/AM of open het functiemenu en selecteer [FM/AM].
3 Druk herhaaldelijk op FM/AM om FM of AM te selecteren.
4 Selecteer een radiozender.
| Handmatig afstemmen | Druk herhaaldelijk op TUNING +/- tot de frequentie van de gewenste radiozender wordt weergegeven. |
| Automatisch afstemmen | Houd TUNING +/- ingedrukt. Het scannen wordt automatisch gestopt wanneer op een zender is afgestemd.Druk op ■ om het scannen te annuleren. |
| Afstemmen op vooraf ingestelde zenders | Als er vooraf ingestelde zenders beschikbaar zijn, drukt u op ↑/↓ of PRESET +/- om de vooraf ingestelde zender te selecteren. |
Over de weergave voor radio- entvangst

* Als de zender RDS-services (Radio Data System) levert, wordt er RDS-informatie weergegeven (alleen op Europese modellen).
Tips
- Als u in een FM-stereo-uitzending ruis hoort, opent u het optiemenu en selecteert u [Setting] - [FM mode] - [Monaural]. U hoort de uitzending in dat geval niet meer in stereo, maar de ontvangst is wel beter. Als u stereo-ontvangst weer wilt instellen, voert u dezelfde procedure uit en selecteert u [Auto stereo].
- Voor een betere ontvangst kunt u ook de richting of locatie van de antenne wijzigen. Plaats de antenne bijvoorbeeld in de buurt van (of buiten) een raam. Als de ontvangst niet beter wordt, kunt u het beste een externe antenne aanschaffen.
Radiozenders vooraf instellen
Een FM-zender vooraf instellen
1 Open de FM/AM-functie en selecteer FM.
2 Open het optiemenu en selecteer [Store preset].
3 Selecteer een voorinstelnummer.
4 Selecteer [Station] en voer de naam van de radiozender in.
Als de in deze stap ingevoerde radiozender informatie via RDS (Radio Data System) levert, wordt deze informatie weergegeven in het gebied voor de zendernaam. Als u deze functie wilt gebruiken, stelt u [Indic. priority] in op [RDS].
Als de zender de RDS-service niet levert, wordt alleen de in deze stap ingevoerde zendernaam weergegeven in dit gebied.
5 Selecteer [Frequency] en pas de frequentie aan met ↑/↓.
Als u [Auto-tuning] selecteert in de vervolgkeuzelijst [Tuning mode], wordt er automatisch gescand tot er een station is gevonden.
6 Selecteer [Apply].
Tip
Als u [Indic. priority] instelt op [Station], maar geen zendernaam invoert in stap 4, wordt er in het gebied voor de zendernaam RDS-informatie weergegeven als deze wordt geleverd door de zender.
Een AM-zender vooraf instellen
1 Open de FM/AM-functie en selecteer AM.
2 Open het optiemenu en selecteer [Store preset].
3 Selecteer een voorinstelnummer.
4 Selecteer [Station] en voer de naam van de radiozender in.
5 Selecteer [Frequency] en pas de frequentie aan met ↑/↓.
Als u [Auto-tuning] selecteert in de vervolgkeuzelijst [Tuning mode], wordt er automatisch gescand tot er een station is gevonden.
6 Selecteer [Apply].
Een andere zender vooraf instellen
Herhaal de procedure vanaf stap 3.
Tip
Als u een FM-stereo-uitzending wilt wijzigen in een mono-uitzending om de ontvangstkwaliteit te verbeteren, selecteert u [FM mode] in de weergave voor het registreren van vooraf ingestelde zenders en selecteert u vervolgens [Monaural]. Als u stereo- ontvangst weer wilt instellen, selecteert u [Auto stereo]. Deze selectie wordt opgeslagen als onderdeel van de instelling voor vooraf ingestelde zenders.
Gedetailleerde informatie over een radiozender weergeven
Open het optiemenu en selecteer [Detail info].
Als u de volledige tekenreeks voor de informatie wilt weergeven, drukt u op ↑/↓ om het vak van de gewenste items te selecteren.
Herhaaldelijk afspelen • Willekeurig afspelen CD
U kunt tracks in willekeurige volgorde beluisteren (willekeurig afspelen) of één track herhaaldelijk beluisteren (herhaaldelijk afspelen).
1 Terwijl het apparaat is gestopt in de CD-functie, opent u het optiemenu en selecteert u [Setting] – [Play mode].

2 Selecteer het item dat u wilt instellen.
3 Stel elk item in.
Selecteer de items in de vervolgkeuzelijst en stel de items in (weergegeven in de "Lijst met instellingen" hieronder).
4 Selecteer [Close].
De instellingen worden weergegeven.

Lijst met instellingen
Play mode
◆ Continue (geen) Alle tracks worden afgespeeld in de volgorde van de CD.
Shuffle De tracks worden afgespeeld in willekeurige volgorde.
(◆Fabrieksinstelling)
Repeat
◆ Off (geen) Herhaaldelijk afspelen is uitgeschakeld.
On Alle tracks op de CD

worden herhaald.
Track Er wordt slechts één track herhaald.
(◆Fabrieksinstelling)
Opnemen op/importeren naar de HDD
U kunt tracks van verschillende geluidsbronnen opnemen in of importeren naar de HDD Jukebox.
Materiaal dat kan worden opgenomen/geïmporteerd
U kunt tracks van de onderstaande geluidsbronnen opnemen of importeren.
| CD Radio Extern | apparaat | USB-opslag-apparaat | Gedeelde map op een computer | ||
| Functie CD FM/AM | ANALOG IN | DIGITAL IN1) | HDD JUKEBOX | HDD JUKEBOX | |
| Te gebruiken toets/menu | HDD REC ●-toets | HDD REC ●-toets | HDD REC ●-toets | Optiemenu ([Import]) | Optiemenu ([Import]) |
| Opname-/ importeenheid | Track/Album — | — Map Map | |||
| Te selecteren audio-indeling tijdens opname/ import | Linear PCM/ ATRAC/MP3 | Linear PCM/ ATRAC/MP3 | Linear PCM/ ATRAC/MP3 | MP3/ Linear PCM2)/ ATRAC2) | MP3/ Linear PCM2)/ ATRAC2) |
| Te selecteren bitsnelheid tijdens opname/import | Bitsnelheid ondersteund door de geselecteerde audio-indeling | Bitsnelheid ondersteund door de geselecteerde audio-indeling | Bitsnelheid ondersteund door de geselecteerde audio-indeling | Dezelfde als die van de bron | Dezelfde als die van de bron |
^1) Opname via DIGITAL IN is niet mogelijk als het digitale signaal* van de bron bescherming tegen digitaal kopieren bevat.
(*: Zoals signalen vanaf digitaal opgenomen MD's of DAT-cassettes van auteursrechtelijk beschermd materiaal of vanaf digitale televisietuners van uitzendingen met kopieerbeveiliging die is ingesteld door de televisiemaatschappijen.)
2) Alleen tracks met de extensie ".oma" en zonder copyrightbeveiliging.
Over audio-indelingen
U kunt de indeling selecteren van de audiogegevens die worden opgeslagen in de HDD Jukebox. Aangezien de hoeveelheid gegevens die kan worden overgedragen en de overdrachtscompatibiliteit met een apparaat of disc afhankelijk is van de audio-indeling, moet u de juiste indeling voor uw omgeving selecteren.
| Linear PCM ATRAC | MP3 | |||
| ATRAC3 ATRAC | 3plus | |||
| Compressie Geen compressie (geluidskwaliteit is gelijk aan die van audio-CD's) | Ongeveer 1/10 van Linear PCM-gegevens | Ongeveer 1/20 van Linear PCM-gegevens | Ongeveer 1/10 van Linear PCM-gegevens | |
| Ondersteunde bewerkingsfuncties | Edit infoDeleteMoveDivideCombineConvert format | Edit infoDeleteMoveDivideCombine | Edit infoDeleteMoveDivideCombine | Edit infoDeleteMove |
| Apparaten* waarnaar de audiogegevens kunnen worden overgedragen | "WALKMAN" (ATRAC AD) | "WALKMAN" (ATRAC AD)PSP | "WALKMAN" (ATRAC AD)PSP | "WALKMAN" (ATRAC AD)USB-opslagapparaat |
* Raadpleeg de website voor klantenondersteuning van Sony Europe op http://support.sony-europe.com/ (alleen voor klanten in Europa) voor compatibele modellen.
Het apparaat instellen voor opnemen/importeren

1 Open het optiemenu voor de betreffende functie en selecteer [Setting] – [Record].
Wanneer de CD-functie is geselecteerd

2 Selecteer het item dat u wilt instellen.
3 Stel het item in.
Selecteer de items in de vervolgkeuzelijst en stel de items in (weergegeven in de "Lijst met instellingen" hieronder).
4 Selecteer [Close].
Lijst met instellingen
Format/Bit rate
In de volgende tabel worden de audio-indelingen weergegeven die u kunt selecteren wanneer u opneemt op de HDD en de betreffende bitsnelheid (dat wil zeggen, het gegevensvolume).
| Format Bit rate | |
| ATRAC3 66kbps | |
| 105kbps | |
| 132kbps | |
| ATRAC3plus 48kbps | |
| 64kbps | |
| 256kbps | |
| ◆ Linear PCM — | |
| MP3 96kbps | |
| 128kbps | |
| 160kbps | |
| 192kbps | |
| 256kbps | |
(◆Fabrieksinstelling)
Monitor sound
Wanneer u een audio-CD opneemt op de HDD, kunt u het geluid controleren tijdens de opname. In dit geval wordt de controle van het geluid gestopt wanneer de opname wordt gestopt.
| On(continue) | Het geluid wordt doorlopend gecontroleerd vanaf de eerste track. |
| On(Intro play) | Het geluid wordt gecontroleerd gedurende de eerste paar seconden van elke track, vanaf de eerste tot en met de laatste track.(Wanneer de volgende track wordt opgenomen, wordt de volgende track gecontroleerd.) |
◆ Off Het geluid wordt niet gecontroleerd. De opname wordt sneller voltooid dan wanneer het geluid wordt gecontroleerd.
(◆Fabrieksinstelling)
Track mark
Tijdens opnemen met de FM/AM-, ANALOG IN- of DIGITAL IN-functie worden trackmarkeringen automatisch toegevoegd. Het interval tussen de trackmarkeringen kan worden opgegeven. Als "Track mark" is ingesteld op "Auto" in de FM/AM-functie, maakt het apparaat onderscheid tussen muziek en spraak en wordt er een trackmarkering tussen beide geplaatst.
FM/AM
| every 10 min Het apparaat voegt | |
| ◆ every 30 min | automatisch op opgegeven intervallen een trackmarkering toe. |
| every 60 min | |
| every 120 min | |
| LEVEL SYNC Het apparaat voegt een trackmarkering toe op basis van het invoerniveau. | |
| Auto Het apparaat voegt een trackmarkering toe tussen muziek en spraak. | |
(◆Fabrieksinstelling)
ANALOG IN en DIGITAL IN*
| every 10 min Het apparaat voegt | |
| every 30 min | automatisch op |
| every 60 min | opgegeven intervallen een trackmarkering toe. |
| every 120 min | |
| ♦ LEVEL SYNC Het apparaat voegt een trackmarkering toe op basis van het invoerniveau. | |
(◆Fabrieksinstelling)
* Als u opneemt vanaf een CD-, MD- of DAT-deck via DIGITAL IN, worden trackmarkeringen toegevoegd op opgegeven intervallen en op dezelfde locaties als in de bron.
LEVEL SYNC level (alleen FM/AM- en ANALOG IN-functies)\*
U kunt het detectieniveau voor het invoersignaal instellen waarop er automatisch een trackmarkering wordt toegevoegd.
| Instelbereik: -96dB tot 0dB◆ -50,0dB | Als het apparaat vanwege ruis moeite heeft om het synchronisatieniveau te detecteren, stelt u een hoger niveau in. De fabrieksinstelling voor het niveau is -50,0 dB. |
(◆Fabrieksinstelling)
* De functie kan alleen worden gebruikt als "Track mark" is ingesteld op "LEVEL SYNC".
Opmerking
Wanneer u opneemt via DIGITAL IN, is het synchronisatieniveau vast ingesteld op -84,0 dB.
SMART SPACE (alleen ANALOG IN- en DIGITAL IN-functies)
| ◆ On Wanneer er gedurende ten minste 3 seconden geen geluid wordt ingevoerd, wordt dit interval met de SMART SPACE-functie vervangen door een lege ruimte van 3 seconden. Wanneer er gedurende ten minste 30 seconden geen geluid wordt ingevoerd, wordt de opname automatisch onderbroken. Na 10 minuten zonder geluidsinvoer wordt de opname automatisch gestopt. Het apparaat detecteert de stille gedeelten op basis van de instelling bij "LEVEL SYNC level". |
Off De SMART SPACE-functie wordt niet gebruikt.
(◆Fabrieksinstelling)
Opmerking
Als u opneemt vanaf een CD-, MD- of DAT-deck via DIGITAL IN, wordt de SMART SPACE-functie automatisch ingesteld op "Off".
Auto title (alleen ANALOG IN- en DIGITAL IN-functies)\*
◆ On Het apparaat haalt automatisch titelinformatie op op basis van de golfvorm van de track.
Off De optie voor automatische titels wordt niet gebruikt.
(◆Fabrieksinstelling)
* De functie kan alleen worden gebruikt als "Track mark" is ingesteld op "LEVEL SYNC".
De opnamebestemming op de HDD wijzigen
Wanneer u tracks van een CD, radio of externe component opneemt, kunt u de bestemming (hieronder weergegeven) selecteren met [Setting] – [Rec destination] in het optiemenu.
◆ My library Deze bestemming is de fabrieksinstelling.
Folder Een lijst met mappen op de HDD Jukebox wordt in een vervolgkeuzelijst weergegeven. Als u een nieuwe map wilt maken, selecteert u [New folder].
(◆Fabrieksinstelling)
Opmerkingen
- De opname-instellingen kunnen niet worden gewijzigd als er wordt opgenomen of als de opname is onderbroken.
- "SMART SPACE" en "LEVEL SYNC level" kunnen alleen worden gebruikt voor tracks die ten minste 16 seconden lang zijn.
- De instelling voor de opnamebestemming kan niet worden gewijzigd tijdens de opname of als de opname is onderbroken.
Tip
Er kan een afzonderlijke opnamebestemming worden ingesteld voor de CD-, FM/AM-, ANALOG IN- en DIGITAL IN-functies.
Een CD opnemen op de HDD
In dit gedeelte wordt beschreven hoe u een audio-CD kunt opnemen in de HDD Jukebox. U kunt afzonderlijke tracks of alle tracks in één keer opnemen.
Alle tracks op een CD opnemen
1 Open het functiemenu en selecteer [CD]. U kunt de volgende items instellen in het optiemenu van de CD-functie (pagina 28 tot en met deze pagina).
2 Plaats een CD in de disclade.
De titelinformatie voor de CD wordt automatisch opgehaald en weergegeven (pagina 21).
3 Druk op HDD REC ●.
De opname wordt gestart.

Wanneer de opname is voltooid, schakelt de weergave automatisch over naar de hoofdweergave van de CD-functie.
Als u de opname wilt annuleren, drukt u op HDD REC ■.
Afzonderlijke tracks selecteren en opnemen
1 Open het functiemenu en selecteer [CD]. U kunt de volgende items instellen in het optiemenu van de CD-functie (pagina 28 tot en met 30).
2 Plaats een CD in de disclade.
3 Druk op HDD REC III als de hoofdweergave wordt weergegeven.
Tracks met vinkjes √ worden opgenomen.

4 Selecteer de tracks die u wilt opnemen. Druk op ENTER om de vinkjes te verwijderen voor tracks die u niet wilt opnemen.
5 Druk op HDD REC ●. De opname wordt gestart.
Tip
Als u alle tracks wilt selecteren, opent u het optiemenu en selecteert u [Select track] – [Select all]. Als u de selectie van alle tracks ongedaan wilt maken, selecteert u [Select track] – [Clear all].
Een radio-uitzending opnemen
In dit gedeelte wordt beschreven hoe u van de radio kunt opnemen in de HDD Jukebox.
1 Druk op FM/AM of open het functiemenu en selecteer [FM/AM]. U kunt de volgende items instellen in het optiemenu van de FM/AM-functie (pagina 28 tot en met 30).
- Format
- Bit rate
- Track mark*
- LEVEL SYNC level
- Recording destination
* Zie "Muziek en spraak automatisch detecteren" (pagina 32) voor meer informatie.
2 Druk op FM/AM om FM of AM te selecteren.
3 Stem af op de radiozender (pagina 23).
4 Druk op HDD REC ●.
De opname wordt gestart.
5 Druk op HDD REC ■.
De opname wordt gestopt.
Als u de opname wilt onderbreken,
drukt u op HDD REC ■■.
Tip
Tijdens de opname wordt een trackmarkering toegevoegd wanneer u op de HDD REC ●-toets drukt (als u voor "Track mark" een andere instelling dan "Auto" hebt opgegeven). Er kunnen alleen trackmarkeringen worden toegevoegd voor tracks die ten minste 16 seconden lang zijn.
Muziek en spraak automatisch detecteren (voor radio- uitzendingen met muziek en gesprekken)
Als "Track mark" is ingesteld op "Auto" in de FM/AM-functie, maakt het apparaat onderscheid tussen muziek en spraak en worden beide in verschillende tracks opgenomen.
Wanner u de inhoud in de HDD Jukebox afspeelt, kunt u alleen de muziek of alleen de gesprekken afspelen door de lijst te wijzigen (pagina 35 en 38).
Opmerking
Zelfs als "Track mark" is ingesteld op "Auto", kan het apparaat mogelijk geen perfect onderscheid maken tussen muziek en spraak, afhankelijk van het geluid.
Tips
- Als u opneemt met "Track mark" ingesteld op "Auto", bestaan de tracktitels uit [T] (spraak) of [M] (muziek), datum, starttijd van de opname en naam van de radiozender (of band en frequentie als er geen naam is geregistreerd).
- Als u opneemt met "Track mark" ingesteld op "Auto", wordt de opname gecategoriseerd als een Radio Talk- of Radio Music-kanaal in x-DJ.
Opnemen vanaf een aangesloten externe component
U kunt analoog of digitaal materiaal in de HDD Jukebox opnemen vanaf een externe component (zoals een draaitafel of MD-deck) die is aangesloten op het apparaat of een versterker.
Zie pagina 80 voor meer informatie over het aansluiten van de versterker.
1 Selecteer de externe component (bron) waarvan u wilt opnemen op de versterker.
2 Druk op ANALOG IN of DIGITAL IN om de functie te selecteren.
U kunt de volgende items instellen in het optiemenu van de ANALOG IN- en DIGITAL IN-functies (pagina 28 tot en met 30).
3 Als u de DIGITAL IN-functie selecteert, drukt u op / om [Coaxial] of [Optical] te selecteren in de hoofdweergave.
4 Speel de bron af die is aangesloten op de versterker.
5 Druk op HDD REC ●.
De opname wordt gestart.
6 Druk op HDD REC ■.
De opname wordt gestopt. De weergave schakelt automatisch over naar de hoofdweergave nadat de opname is gestopt en de titelinformatie wordt opgehaald (alleen als "Auto title" is ingesteld op "On" en "Track mark" is ingesteld op "LEVEL SYNC"). Als u de opname wilt onderbreken, drukt u op HDD REC ■■.
Het invoerniveau aanpassen (wanneer een component alleen is aangesloten op de ANALOG IN-aansluiting)
U kunt het invoerniveau op het apparaat aanpassen. Als het invoerniveau laag is (zoals wanneer u opneemt vanaf een draagbaar apparaat via ANALOG IN), stelt u de gevoeligheid in op [High sens.]. Open het optiemenu en selecteer [Setting] - [Switch In sens.] - [Normal] of [High sens.].
Tips
- Tijdens de opname wordt een trackmarkering toegevoegd wanneer u op de HDD REC ●-toets drukt. Er kunnen alleen trackmarkeringen worden toegevoegd voor tracks die ten minste 16 seconden lang zijn.
- Wanneer "Auto title" is ingesteld op "Off", worden de opnamedatum en -tijd geregistreerd.
Bestanden importeren vanaf een USB-opslagapparaat
U kunt audiobestanden op een USB-opslagapparaat importeren naar de HDD Jukebox.
1 Open het functiemenu en selecteer [HDD JUKEBOX].
2 Sluit het USB-opslagapparaat aan op de USB-aansluiting op het apparaat. Raadpleeg ook de gebruiksaanwijzing van het opslagapparaat.
3 Open het optiemenu en selecteer [Import] – [USB storage].
4 Als het selectievenster voor het opslagmedium wordt weergegeven, selecteert u het opslagmedium.
Als het aangesloten USB-
opslagapparaat maar één station bevat,
wordt het selectievenster voor het
opslagmedium niet weergegeven.
5 Selecteer de albums die u wilt importeren.
De geselecteerde albums worden voorzien van een vinkje √
U kunt een vinkje verwijderen door nogmaals op ENTER te drukken.
6 Selecteer [Import].
Opmerkingen
- U kunt maximaal 10.000 tracks in één keer importeren (pagina 99).
- Als er tegelijkertijd twee USB-opslagapparaten zijn aangesloten op beide aansluitingen (achterzijde en voorzijde), krijgt het apparaat dat aan de voorzijde is aangesloten voorrang.
Bestanden importeren uit een gedeelde map op de computer
Wanneer het apparaat is verbonden met een netwerk, kunt u audiobestanden uit gedeelde mappen op de computer importeren naar de HDD Jukebox. Als u dit wilt doen, moet de map van tevoren worden opgegeven als een gedeelde map (pagina 91).
1 Open het functiemenu en selecteer [HDD JUKEBOX].
2 Open het optiemenu en selecteer [Import] – [PC shared folder].
3 Selecteer de gedeelde map door stap 1 tot en met 3 uit te voeren, zoals hieronder wordt beschreven.
1 Selecteer een van de volgende items.
PC name De computernaam of een IP-adres (maximaal 15 letters/cijfers)
Share name De gedeelde naam die is opgegeven toen de map werd ingesteld als gedeelde map (pagina 91)
User name De gebruikersnaam die is gebruikt voor toegang tot de computer toen de map werd ingesteld als gedeelde map
Password Dit is alleen nodig als een wachtwoord voor de gedeelde map is opgegeven.
2 Geef de tekenreeks op die overeenkomt met het item dat u in stap 1 hebt geselecteerd.
Zie "Tekst invoeren" op pagina 15 voor meer informatie over het invoeren van tekst.
3 Selecteer [Connect].
4 Selecteer de albums die u wilt importeren. De geselecteerde items worden voorzien van een vinkje √ U kunt een vinkje verwijderen door nogmaals op ENTER te drukken.
5 Selecteer [Import].
Opmerking
U kunt maximaal 10.000 tracks in één keer importeren (pagina 99).
De computernaam controleren (bij gebruik van Windows XP Professional)
Ga naar het menu Start en kies [Configuratiescherm] - [Systeem], open het venster Eigenschappen en klik op de tab [Computernaam] om de computernaam weer te geven bij [Volledige computernaam].
Het IP-adres controleren (bij gebruik van Windows XP Professional)
Ga naar het menu Start en kies [Configuratiescherm] - [Netwerkverbindingen], selecteer het gebruikte netwerk en klik op de tab [Ondersteuning] om het IP-adres weer te geven.
De HDD Jukebox afspelen

1 Stel de bronkeuzeschakelaar op de versterker in op de functie voor dit apparaat.
2 Druk op HDD▶.
Het afspelen wordt gestart.
Het afspelen wordt gestart vanaf de track die u als laatste hebt afgespeeld of opgenomen.
Over de afspeelweergave van de HDD Jukebox

Overige handelingen
| Actie Handeling | |
| Afspelen stoppen | Druk op ■. |
| Afspelen onderbreken | Druk op ||. Druk nogmaals op || of ▷ om het afspelen te hervatten. |
| Een punt in een track zoeken | Houd ◀◀/▶▶ ingedrukt tijdens het afspelen en laat de toets los op het gewenste punt. |
| Een vorige/volgende track selecteren | Druk op ◀◀◀/▶▶▶tijdens het afspelen. |
| Een track selecteren | Druk op ↑/↓/←/→ om een track te selecteren. Of druk op de bijbehorende cijfertoets en druk op ENTER (pagina 21). |
| Een album selecteren | Druk op ALBUM+ of ALBUM –. |
| De weergave met tijdsinformatie selecteren | Druk tijdens het afspelen op DISPLAY om te schakelen tussen de verstreken tijd en de resterende tijd, of open het optiemenu en selecteer [Display] – [Time]– [Elapsed time] of [Remaining time] (pagina 21). |
Opmerking
U kunt een track alleen selecteren met de cijfertoetsen als een trackdirectory (pagina 14) wordt weergegeven.
Album- of trackinformatie controleren
1 Selecteer het album of de track die u wilt controlleren.
2 Open het optiemenu en selecteer [Display] – [Album info] of [Track info].

Als u de volledige tekenreeks voor een titel, artiest of genre wilt weergeven, selecteert u het betreffende vak en drukt u op ENTER.
De lijstmodus wijzigen
Tracks op de HDD Jukebox kunnen op verschillende manieren worden weergegeven, op basis van de informatie die voor elke track is opgeslagen. Tracks die worden weergegeven in een bepaalde "lijstmodus" (artiest, album, genre, enzovoort) kunnen achtereenvolgens worden afgespeeld in de volgorde waarin ze worden weergegeven.
1 Open het functiemenu en selecteer [HDD JUKEBOX].

2 Open het optiemenu en selecteer [Mode switch] – [(lijst)] of druk herhaaldelijk op ← om de "Mode"-directory te selecteren en selecteer vervolgens de gewenste lijstmodus. Het apparaat schakelt over naar de geselecteerde lijstmodus (albummodus, artiestenmodus, enzovoort). Als u op ←/→ drukt, wordt de directory van elke lijstmodus gewijzigd. De directorystructuur (lijsttype) voor elke lijstmodus wordt weergegeven in de tabel op pagina 36.
Opmerking
Het is mogelijk dat niet alle tracks worden weergegeven, afhankelijk van het lijsttype.
Lijstmodus Inhoud en
directorystructuur (lijsttype)
◆ Album Albums
| 0 |
[Lijst met albums] - [Lijst met tracks]
Artist Artiesten
[Lijst met artiesten] - [Lijst met albums] - [Lijst met tracks]
Genre Genres
[Lijst met genres] - [Lijst met albums] - [Lijst met tracks]
Recording source
Opnamebronnen
[Lijst met opnamebronnen] – [Lijst met albums] – [Lijst met tracks]
Opnamebron:
CD
Radio
ANALOG IN
DIGITAL IN
Bestand importeren
Folder Mappen
| Category | Page Number | Page Address | |
| Document Type | Document Type | Document Date | |
| Document Type | Document Type | Document Date | |
| Document Type | Document Type | Document Date | |
| Document Type | Document Type | Document Date | |
| Document Type | Document Type | Document Date | |
| Document Type | Document Type | Document Date | |
| Document Type | Document Type | Document Date | |
| Document Type | Document Type | Document Date | |
| Document Type | Document Type | Document Date | |
| Document Type | Document Type | Document Date | |
[Lijst met mappen] - [Lijst met groepen] - [Lijst met tracks]
Playlist Lijst met "Favorites" en andere
afspeellijsten
[Lijst met afspeellijsten] – [Lijst met tracks]

(◆Fabrieksinstelling)
Voorbeelden van de lijsten die voor elke lijstmodus worden weergegeven, worden op pagina 37 en 38 weergegeven.
De volgorde van de inhoud in de lijst wijzigen — Sorteren
U kunt de volgorde wijzigen waarin items in een lijst worden weergegeven.
1 Selecteer de lijst die u wilt sorteren.
2 Open het optiemenu en selecteer [Display] - [Sort] - [(sorteercriterium)].
Lijsttype Sorteercriterium
* De inhoud wordt weergegeven in de volgorde letters, cijfers en symbolen.
Opmerking
Inhoud kan niet worden gesorteerd in de mapmodus of de afspeellijstmodus.
[Voorbeeld 1 voor weergave in lijstmodus]
In het volgende voorbeeld is een CD opgenomen in de map "My library" op de HDD en zijn de eerste en derde track toegevoegd aan "Favorites".
![SONY NAC-HD1 - [Voorbeeld 1 voor weergave in lijstmodus] - 1](/content/2026/06/1157109/images/ce3c712e5ff4fcef58f5abaa1168530627266262d334a4e0e08e0f6d694867de.jpg)
CD "GJ & Friends"
| Track-nummer | Tracknaam Artiestennaam Genre | |
| 1 Fox tail GJ POP | ||
| 2 Jukebox hero Alzeeebra ROCK | ||
| 3 Summer'07 Fern JAZZ | ||
| 4 Grids VETCH ROCK | ||
| 5 KISS Fern POP |
Nadat de tracks zijn opgenomen, wordt de volgorde waarin de tracks worden weergegeven, gewijzigd wanneer een andere lijstmodus wordt gebruikt, zoals in de onderstaande tabellen wordt weergegeven.
![SONY NAC-HD1 - [Voorbeeld 1 voor weergave in lijstmodus] - 2](/content/2026/06/1157109/images/49d7490cd5f1bc09db048198515a031eb6de41f10b3d9d137247ab184cf861d8.jpg)
Albummodus
| Albumdirectory Track directory | |
| GJ & Friends Fox tail | Jukebox heroSummer'07GridsKISS |
![SONY NAC-HD1 - [Voorbeeld 1 voor weergave in lijstmodus] - 3](/content/2026/06/1157109/images/dabd5218dc622c4585defeb7dc0e2e59d44e443aba2b2a0ad157cb1230fb4ebd.jpg)
Artiestenmodus
| Artiesten-directory | — Album-directory | — Track-directory |
| Alzeeebra GJ & Friends | Jukebox hero | |
| Fern | — GJ & Friends | TSummer'07KISS |
| GJ | — GJ & Friends | — Fox tail |
| VETCH | — GJ & Friends | — Grids |
![SONY NAC-HD1 - [Voorbeeld 1 voor weergave in lijstmodus] - 4](/content/2026/06/1157109/images/2f547e57612a28c67c2d979e528966d727910f7d5b4ac22f6fb9886c57d5bb82.jpg)
Genremodus
| Genre-directory | — Album-directory | — Trackdirectory |
| JAZZ | — GJ & Friends | — Summer'07 |
| POP | — GJ & Friends | Fox tailKISS |
| ROCK | — GJ & Friends | Jukebox heroGrids |
![SONY NAC-HD1 - [Voorbeeld 1 voor weergave in lijstmodus] - 5](/content/2026/06/1157109/images/33024f49114798434cb0ad1500089a8df2a6c144a4285c3042af3b4f464f501e.jpg)
Opnamebronmodus
| Opname-bron-directory | — Album-directory | — Trackdirectory |
| CD | — GJ & Friends | Fox tailJukebox heroSummer'07GridsKISS |
![SONY NAC-HD1 - [Voorbeeld 1 voor weergave in lijstmodus] - 6](/content/2026/06/1157109/images/19d923196ee699d9a12a5ba5c8ca9b029b34a7f55dca953cd8d9cba7375e144c.jpg)
Mapmodus
| Map-directory | — Groeps-directory (album) | — Trackdirectory |
| My library | — GJ & Friends | Fox tailJukebox heroSummer'07GridsKISS |
![SONY NAC-HD1 - [Voorbeeld 1 voor weergave in lijstmodus] - 7](/content/2026/06/1157109/images/e4cd929c10cbc7897576c63353d696885ce362c899f38dd18445f2e836ddc8a5.jpg)
Afspeellijstmodus
| Afspeellijst-directory | — Trackdirectory |
| Favorites | Fox tailSummer'07 |
[Voorbeeld 2 voor weergave in lijstmodus]
In dit voorbeeld is een FM GJ-BAY-uitzending opgenomen op 15 januari 2007 vanaf 14:00 tot 14:30 met "Track mark" ingesteld op "Auto".
![SONY NAC-HD1 - [Voorbeeld 2 voor weergave in lijstmodus] - 1](/content/2026/06/1157109/images/a69093ec30093fa9058d2cfc37fdd44bdd643549fa1488a61a4ffd2bd634beac.jpg)
bar_stacked
| Time | Muziek | Gesprek | Gesprek | Muziek | Reclame | Begin (muziek en spraak) | | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | :--- | | 14:00 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | | 14:03 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | | 14:05 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | | 14:08 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | | 14:13 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | | 14:16 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | | 14:20 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |De inhoud is van begin tot eind opgenomen als één album.
| Album: 15/1/2007 14:00 FM GJ-BAY | |
| 1 [M] 15/1/2007 14:00 FM GJ-BAY | |
| 2 [T] 15/1/2007 14:03 FM GJ-BAY | |
| 3 [M] 15/1/2007 14:08 FM GJ-BAY | |
| 4 [T] 15/1/2007 14:13 FM GJ-BAY | |
| 5 [M] 15/1/2007 14:16 FM GJ-BAY | |
| ... | ... |
Opmerkingen
- Een muziekgedeelte dat ten minste 30 seconden lang is, wordt herkend als muziek.
- Als gesprekken en muziek elkaar overlappen, wordt het gehele gedeelte herkend als muziek.
Het opgenomen materiaal wordt in de verschillende lijstmodi weergegeven, zoals in de onderstaande tabellen wordt weergegeven.

Albummodus
| Album-directory | — Trackdirectory |
| 15/1/2007 | [M] 15/1/2007 14:00 FM... |
| 14:00 FM | [T] 15/1/2007 14:03 FM... |
| GJ-BAY | [M] 15/1/2007 14:08 FM... |
| [T] 15/1/2007 14:13 FM... | |
| [M] 15/1/2007 14:16 FM... |

Artiestenmodus
| Artiesten-directory | Album-directory | Trackdirectory |
| GJ-BAY[MUSIC] | 15/1/200714:00 FM... | [M] 15/1/200714:00 FM...[M] 15/1/200714:08 FM... |
| GJ-BAY[TALK] | 15/1/200714:00 FM... | [T] 15/1/200714:03 FM...[T] 15/1/200714:13 FM... |

Genremodus
| Genre-directory | — Album-directory | — Trackdirectory |
| Radio[MUSIC] | T 15/1/200714:00 FM... | T [M] 15/1/200714:00 FM...[M] 15/1/200714:08 FM... |
| Radio[TALK] | T 15/1/200714:00 FM... | T [T] 15/1/200714:03 FM...[T] 15/1/200714:13 FM... |

Opnamebronmodus
| Opname-bron-directory | — Album-directory | — Trackdirectory |
| Radio 15/1/200714:00 FM... | [M] 15/1/200714:00 FM...[T] 15/1/200714:03 FM...[M] 15/1/200714:08 FM... | |
Herhaaldelijk afspelen · Willekeurig afspelen
U kunt tracks in willekeurige volgorde beluisteren (willekeurig afspelen) of één track herhaaldelijk beluisteren (herhaaldelijk afspelen).
1 Terwijl het apparaat is gestopt in de HDD JUKEBOX-functie, opent u het optiemenu en selecteert u [Setting] – [Play mode].

2 Selecteer het item dat u wilt instellen.
3 Stel het item in.
Selecteer de items in de vervolgkeuzelijst en stel de items in (weergegeven in de "Lijst met instellingen" hieronder).
4 Selecteer [Close].
De instellingen worden weergegeven in de hoofdweergave.

Lijst met instellingen
Play mode
| ◆ Continue (geen) | De tracks in de geselecteerde lijst worden op volgorde afgespeeld. |
| Shuffle De tracks in de geselecteerde SHUF | lijst worden in willekeurige volgorde afgespeeld. |
(◆ Fabrieksinstelling)
Play area
De tracks die worden afgespeeld, zijn afhankelijk van de geselecteerde lijstmodus (pagina 35).
Geselecteerde lijstmodus Afspeel-gebied Het apparaat
| Album Album Alle tracks in het | |
| ALBUM | geselecteerde album worden afgespeeld. |
| ◆ All Alle tracks in de ALL | albumlijst worden afgespeeld. |
Artist Album Alle tracks in het
| ALBUM | geselecteerde album worden afgespeeld. |
| Artist Alle tracks in de ARTIST | geselecteerde artiest worden afgespeeld. |
| ◆ All Alle tracks in de ALL | artiestenlijst worden afgespeeld. |
Genre Album Alle tracks in het
| ALBUM | geselecteerde album worden afgespeeld. |
| Genre Alle tracks in het | |
| GENRE | geselecteerde genre worden afgespeeld. |
| ◆ All Alle tracks in de | |
| ALL | genrelijst worden afgespeeld. |
| Geselecteerde lijstmodus | Afspeel-gebied | Het apparaat | |
| Recording source | Album Alle ALBUM | tracks in het geselecteerde album worden afgespeeld. | |
| Recording source SOURCE | Alle tracks worden afgespeeld die vanaf de geselecteerde opnamebron zijn opgenomen. | ||
| ◆ All Alle tracks in de ALL | opnamebronlijst worden afgespeeld. | ||
| Folder Group Alle tracks in de GROUP | geselecteerde groep worden afgespeeld. | ||
| Folder Alle tracks in de FOLDER | geselecteerde map worden afgespeeld. | ||
| ◆ All Alle tracks in de ALL | maplijst worden afgespeeld. | ||
| Playlist List Alle tracks in LIST | de geselecteerde afspeellijst worden afgespeeld. | ||
| ◆ All Alle tracks worden ALL | afgespeeld die in afspeellijsten zijn geregistreerd. | ||
(◆ Fabrieksinstelling)
Repeat
| ◆ Off (geen) Herhaaldelijk afspelen is uitgeschakeld. | |
| On Alle tracks in het afspeelgebied worden herhaald. | |
| Track Er wordt slechts één track herhaald. |
(◆ Fabrieksinstelling)
Zoeken naar albums of tracks
U kunt zoeken naar albums of tracks in de HDD Jukebox. Deze functie kan alleen worden gebruikt als de mapmodus is geselecteerd en het apparaat is gestopt.
1 Terwijl het apparaat is gestopt, opent u het optiemenu en selecteert u [Mode switch] – [Folder]. Het apparaat schakelt over naar de mapmodus.
2 Open het optiemenu en selecteer [Search] – [group] (album) of [Track].

3 Druk op ENTER.
Het invoervenster voor zoekwoorden wordt weergegeven.
4 Geef het zoekwoord op (albumnaam of tracknaam waarnaar u wilt zoeken).
5 Selecteer [Search].
Het zoeken wordt gestart.
Nadat de zoekopdracht is uitgevoerd,
worden de resultaten weergegeven.
Een album of track uit de resultaten weergeven
Selecteer het album of de track.
Terugkeren naar het zoekvenster
Selecteer [Input].
Tracks afspelen met x-DJ
De x-DJ-functie analyseert automatisch de tracks in de HDD Jukebox en categoriseert deze in 23 kanalen op basis van hun kenmerken. U kunt x-DJ gebruiken om tracks af te spelen die passen bij een bepaalde sfeer of een bepaald gedeelte van de dag, bijvoorbeeld tracks waarmee u 's ochtends wilt worden gewekt, rustgevende tracks of opbeurende tracks. x-DJ kan ook tracks samenstellen op basis van artiest en periode.
Hoe functioneert x-DJ?
x-DJ gebruikt 12 Tone Analysis van Sony om de kenmerken te analyseren van de tracks die zijn opgenomen op of geïmporteerd naar de HDD Jukebox en de tracks te categoriseren in 23 kanalen. Eén track kan aan twee of meer kanalen worden toegevoegd. U kunt vanuit deze kanalen rechtstreeks naar de extra kanalen ARTIST, YEAR en MOOD gaan met een functie die "Music Surfin" wordt genoemd.
Lijst met x-DJ-kanalen
| CH. Categorie Kanaalnaam Beschrijving | ||
| 1 ◆ Basic RecommendedRecommended: MorningRecommended: NoonRecommended: AfternoonRecommended: NightRecommended: Midnight | Tracks die worden aanbevolen voor elk moment van de dag | |
| 2 ◆ Basic Favorites 100 tracks die willekeurig zijn verzameld uitFavorites in de afspeellijst | ||
| 3 ◆ Basic Shuffle All 100 tracks die willekeurig zijn verzameld op de HDD | ||
| 4 ◆ Basic Newly Added De 100 tracks die het laatst zijn opgenomen | ||
| 5 Basic Radio Music* Muziektracks die van de radio zijn opgenomen | ||
| 6 Basic Radio Talk* Gesprekken die van de radio zijn opgenomen | ||
| 7 ◆ Feeling Upbeat Frisse, opbeurende, vrolijke tracks | ||
| 8 ◆ Feeling Mellow Rustige, melancholische tracks | ||
| 9 Feeling Energized Up-tempo hardrocktracks | ||
| 10 Feeling Relaxed Langzame, rustige tracks | ||
| 11 Style Lounge Vrolijke poptracks (bossanova, enzovoort) | ||
| 12 Style Jazzy Jazz-tracks | ||
| 13 Style Classical Klassieke tracks | ||
| 14 Style Retro Tracks met een nostalgisch gevoel | ||
| 15 Style Electronic Techno- en trancetracks | ||
| 16 Style Urban Up-tempo rap-, R&B- en soultracks | ||
| 17 ◆ At Home Good Morning Vrolijke, frisse tracks | ||
| 18 ◆ At Home Good Night Kalme, rustige tracks | ||
| 19 At Home Party Time Up-tempo, vrolijke tracks | ||
| 20 Workout Walking Tracks om te wandelen | ||
| 21 Workout Running Tracks om te hardlopen | ||
| 22 Workout Cool down Ambient sound en andere tracks | ||
| 23 Extra Explore Andere soorten tracks | ||
◆ Deze kanalen worden weergegeven, zelfs als er geen geschikte tracks zijn (fabrieksinstellingen).
* Tracks die zijn opgenomen van FM/AM, zijn in het Radio Music- of Radio Talk-kanaal geplaatst als "Track mark" was ingesteld op "Auto" tijdens de opname.
Lijst met Music Surfin'-toetsen
| Toets op de afstands-bediening | Naam van kanaal | Beschrijving |
| A ARTIST Tracks van | dezelfde artiest | |
| Y YEAR Tracks uit | dezelfde periode | |
| M MOOD Tracks voor | dezelfde sfeer | |
x-DJ gebruiken

1 Druk op x-DJ of open het functiemenu en selecteer [x-DJ].
Het selectievenster voor kanalen wordt weergegeven en het apparaat speelt het hoofdgedeelte van de weergegeven track af.

2 Druk op ↑/↓ om een kanaal te selecteren.
Het apparaat speelt het hoofdgedeelte van de eerste track in het geselecteerde kanaal af.
3 Druk op ←/→ om de gewenste track in het kanaal te selecteren.
Elke keer dat u op / drukt, speelt het apparaat het hoofdgedeelte van de geselecteerde track af.
Als u op ENTER drukt, wordt de geselecteerde track afgespeeld vanaf het begin.
Overige handelingen
Actie Handeling:
| Afspelen stoppen | Druk op ■. |
| Afspelen onderbreken | Druk op ||. Druk nogmaals op || of ▷ om het afspelen te hervatten. |
| Een punt in een track zoeken | Houd ◀◀/▶▶ ingedrukt tijdens het afspelen en laat de toets los op het gewenste punt. |
| Een vorige/volgende track selecteren | Druk op |◀◀/▶▶| om een track te selecteren. |
Tip
Wanneer het Radio Music- of Radio Talk-kanaal is geselecteerd, speelt het apparaat de track vanaf het begin af, niet alleen het hoofdgedeelte.
Opmerking
Afhankelijk van de kenmerken van de track kan het apparaat de track in een ander kanaal plaatsen dan u had verwacht, of kan het apparaat een verkeerd gedeelte van de track als hoofdgedeelte selecteren.
Music Surfin' gebruiken
Als u op A, Y of M drukt terwijl een kanaal in x-DJ wordt afgespeeld, maakt het apparaat de volgende tijdelijke kanalen op basis van de tracks in de HDD Jukebox.
- A-toets: ARTIST-kanaal met tracks van de huidige artiest.
- Y-toets: YEAR-kanaal met tracks uit dezelfde periode als de huidige track.
- M-toets: MOOD-kanaal met tracks met een sfeer vergelijkbaar met die van de huidige track.
Als u bijvoorbeeld op de A-toets drukt terwijl u naar uw favoriete artiest luistert, worden alle tracks van de betreffende artiest verzameld en worden deze in een tijdelijk kanaal geplaatst dat u kunt beluisteren.

1 Speel een kanaal af in x-DJ.

2 Druk op A, Y of M.
Het betreffende kanaal wordt weergegeven.
Wanneer u op de A-toets drukt

Wanneer u op de Y-toets drukt

Wanneer u op de M-toets drukt

3 Druk op ←/→ om een track te selecteren en druk op ENTER.
Het afspelen wordt gestart. Als u wilt terugkeren naar een gewoon x-DJ-kanaal vanuit Music Surfin', drukt u op ↑/↓ of BACK.
Opmerkingen
- Alleen tracks met informatie over het jaar van uitgave worden verzameld in het YEAR-kanaal.
- Het jaar dat wordt vermeld voor een track in het YEAR-kanaal, is niet altijd het jaar waarin de track voor het eerst is uitgegeven. Dit komt omdat de informatie die wordt weergegeven, overeenkomt met de CD met de track of het album.
Tip
Tracks in het YEAR-kanaal worden als volgt weergegeven op basis van het aangegeven jaar van uitgave.
• 1900 tot en met 1949:
Tracks worden verzameld en weergegeven als "before 1949".
• 1950 tot en met 1989:
Tracks worden verzameld in eenheden van 10 jaar. Tracks uit de periode 1960 tot en met 1969 worden bijvoorbeeld verzameld en weergegeven als "1960's".
• 1990 tot heden:
Tracks worden verzameld in eenheden van drie jaar (dat wil zeggen, het jaar van de huidige track en het vorige en volgende jaar).
Als u bijvoorbeeld een track uit 1995 selecteert, worden de tracks uit 1994 tot en met 1996 verzameld en weergegeven als "around 1995".
x-DJ instellen
Het kanaal instellen dat wordt geselecteerd wanneer de functie wordt gestart
1 Open het optiemenu en selecteer [Setting] – [Basic].
| Previous CH x-DJ start met het kanaal dat het laatst is geselecteerd. | |
| ◆ Recommended (CH.1) | x-DJ start met het Recommended-kanaal. |
(◆ Fabrieksinstelling)
Tracks registreren in het Favoriteskanaal
Terwijl u een track in x-DJ afspeelt, drukt u op FAVORITE.
De track wordt geregistreerd in het Favoriteskanaal. De track wordt tegelijkertijd ook geregistreerd in "Favorites" in de HDD Jukebox.
Overbodige tracks verbergen
U kunt overbodige tracks die zijn geregistreerd in x-DJ, verbergen zodat deze niet in een kanaal worden weergegeven. U kunt de tracks echter niet verwijderen of verplaatsen naar een ander kanaal.
1 Speel de track af die u wilt verbergen.
2 Druk op DELETE.
Er wordt een pop-upvenster weergegeven.
3 Selecteer [Yes].
Als u de verborgen tracks weer wilt weergeven, opent u het optiemenu en selecteert u [Hide track] – [Release]
Tracks in kanaal 1 tot en met 6 kunnen niet worden verborgen.
Overbodige kanalen verbergen
1 Open het optiemenu en selecteer [Setting] – [Channel display].
De kanaallijst wordt weergegeven en het apparaat speelt het hoofdgedeelte van de tracks in het geselecteerde kanaal af.
2 Verwijder de vinkjes van de kanalen die u wilt verbergen.
Als u de verborgen kanalen weer wilt weergeven, voorziet u de kanalen van een vinkje door op ENTER te drukken.
x-DJ-kanalen overzetten
U kunt een kanaal in de HDD Jukebox registreren als afspeellijst en vervolgens de afspeellijst overzetten naar een "WALKMAN" (ATRAC AD). U kunt maximaal 50 tracks (in het geselecteerde kanaal) selecteren voor de afspeellijst die u wilt overzetten naar de "WALKMAN" (ATRAC AD).
1 Speel een track af in het kanaal dat u wilt overzetten.
2 Open het optiemenu en selecteer [Convert to playlist].
Er wordt een pop-upvenster weergegeven.
3 Selecteer [Execute].
Er wordt een pop-upvenster weergegeven.
4 Selecteer [Close].
Het kanaal wordt geregistreerd als afspeellijst.
5 Voer de procedure bij
"Audiogegevens overzetten" (pagina 46 tot en met 48) uit om de afspeellijst over te zetten naar een "WALKMAN" (ATRAC AD).
Opmerking
In "Quick mode" kunt u een afspeellijst niet overzetten naar een "WALKMAN" (ATRAC AD). U moet de overdracht uitvoeren in "Standard mode".
Tip
U kunt geregistreerde afspeellijsten weergeven door de afspeellijstmodus in de HDD JUKEBOX-functie te selecteren. Afspeellijsten worden weergegeven op kanaalnaam en datum van registratie.
Over 12 Tone Analysis
Met de 12 Tone Analysis-technologie van Sony kan het apparaat de kenmerken van tracks in de HDD Jukebox analyseren en de tracks categoriseren in 23 kanalen op basis van de sfeer van de tracks. Wanneer er vijf tracks in een kanaal zijn verzameld, wordt het kanaal weergegeven.
Als het apparaat in de stand-bymodus staat, wordt er een automatische analyse uitgevoerd. Tijdens de analyse brandt de ON/STANDBY-aanduiding groen en knippert het paneel met verlichting langzaam.
Het duurt ongeveer 15 minuten om een album van 60 minuten te analyseren. Als u een groot aantal muziektracks in één keer opneemt, kan het even duren voordat het apparaat de tracks heeft geanalyseerd.
Opmerking
Zorg ervoor dat u het netsnoer niet loskoppelt wanneer het apparaat de opnamen analyseert. Als u dit wel doet, kan er een storing optreden.
Een analyse annuleren
Druk op ■.
De analyse wordt geannuleerd. Tracks die niet zijn geanalyseerd, worden automatisch geanalyseerd wanneer het apparaat weer overschakelt naar de stand-bymodus.
Tip
Het kan voorkomen dat dezelfde tracks na de analyse is toegewezen aan twee of meer kanalen.
Een analyse handmatig uitvoeren
U kunt handmatig een analyse uitvoeren van de tracks die nog niet zijn geanalyseerd.
1 Terwijl de x-DJ-functie op het apparaat is geactiveerd, opent u het optiemenu en selecteert u [Manual-analysis].
Er wordt een pop-upvenster weergegeven.
Er wordt een pop-upvenster met een tijdbalk weergegeven.
Als u de handeling wilt annuleren, selecteert u [Cancel].
Opmerking
Als u een groot aantal muziektracks in één keer opneemt of importeert, kan het even duren voordat het apparaat de tracks heeft geanalyseerd.
Audiogegevens overzetten
U kunt audiogegevens met ATRAC3-, ATRAC3plus-, MP3- en Linear PCM-indeling overzetten naar een extern draagbaar apparaat dat is aangesloten.
Overdraagbare indelingen
De indelingen die kunnen worden overgezet, zijn afhankelijk van het type apparaat dat is aangesloten. Raadpleeg de website voor klantenondersteuning van Sony Europe op http://support.sony-europe.com/ (alleen voor klanten in Europa) voor apparaten die worden ondersteund.
| Bestemmings-apparaat | Overdraagbare audio-indeling |
| "WALKMAN"(ATRAC AD) | ATRAC3, ATRAC3plus, MP3, Linear PCM |
| USB-opslagapparaat | MP3, Linear PCM^1) |
| Mobiele telefoon | MP3, Linear PCM^1) |
| PSP ATRAC3, ATRAC3plus, MP3^2) , Linear PCM^1) | |
1) Wanneer u audiogegevens in Linear PCM-indeling overzet, kunt u de gewenste indeling voor conversie selecteren. (Het apparaat is in de fabriek ingesteld om audiogegevens in Linear PCM-indeling over te zetten nadat deze zijn geconverteerd naar MP3/128 kbps.)
2) Alleen voor "Memory Stick" PRO Duo
Over overdraagbare gegevens
Het type gegevens (zoals tracks, albums) dat u kunt overzetten naar een aangesloten apparaat, is afhankelijk van het apparaat, zoals in de volgende tabel wordt weergegeven. Zorg ervoor dat u de directory selecteert die hoort bij het type gegevens dat u wilt overzetten. (Als u bijvoorbeeld een album wilt overzetten, selecteert u de albumdirectory.)
| Bestemmings-apparaat | Type gegevens dat kan worden overgezet |
| "WALKMAN" (ATRAC AD), USB-opslagapparaat Mobiele telefoon | Albums, afspeellijsten, tracks |
| PSP Afspeellijsten, tracks | |
Opmerkingen
- Als er tegelijkertijd twee USB-opslagapparaten zijn aangesloten op beide aansluitingen (achterzijde of voorzijde), krijgt het apparaat dat aan de voorzijde is aangesloten voorrang.
- Bestanden met de extensie ".mp3" kunnen alleen worden overgezet naar USB-opslagapparaten of mobiele telefoons.
De TRANSFER-toets instellen
U kunt een bestemming (apparaat) instellen voor de overdracht van gegevens wanneer op de TRANSFER-toets op de afstandsbediening of de hoofdeenheid wordt gedrukt. De bestemming is standaard ingesteld op "WALKMAN" (ATRAC AD).
1 Open het functiemenu en selecteer [HDD JUKEBOX].
2 Open het optiemenu en selecteer [Setting] – [TRANSFER] – [Destination] – [(bestemmingsapparaat)].
3 Als u "WALKMAN" (ATRAC AD) als bestemmingsapparaat hebt geselecteerd, selecteer u [Quick mode] of [Standard mode].
| ◆ Quick mode | Tracks die zijn opgenomen of geïmporteerd na de tijd en datum van de laatste overdracht (in Quick mode), worden per groep weergegeven met vinkjes*. |
| Standard mode | De huidige track of groep of het huidige album wordt weergegeven. |
(◆ Fabrieksinstelling)
* Wanneer u de volgende keer tracks overzet, worden vinkjes toegevoegd aan de tracks (in maximaal 30 groepen) die na de laatste overdracht zijn opgeslagen in de HDD Jukebox. Vinkjes worden niet toegevoegd wanneer het gegevensvolume de capaciteit van het bestemmingsapparaat overschrijdt.
Tracks overzetten naar een "WALKMAN" (ATRAC AD)
Opmerkingen
- Koppel de USB-kabel niet los wanneer u tracks overzet naar een "WALKMAN" (ATRAC AD). Als u dit wel doet, kan er een storing in het apparaat of de "WALKMAN" (ATRAC AD) optreden.
- U kunt met de procedures in dit gedeelte wellicht geen tracks overzetten naar bepaalde "WALKMAN"-modellen. Selecteer in dit geval USB-opslagapparaat als overdrachtsbestemming. Zie "Tracks overzetten naar een USB-opslagapparaat" op pagina 48 voor meer informatie. Raadpleeg de website voor klantenondersteuning van Sony Europe op http://support.sony-europe.com/ (alleen voor klanten in Europa) voor compatibele modellen en compatibele functies voor elk model.
- Als er tegelijkertijd twee "WALKMAN"-modellen (ATRAC AD) zijn aangesloten op beide aansluitingen (achterzijde en voorzijde), krijgt het apparaat dat aan de voorzijde is aangesloten voorrang.
Quick mode
In deze modus worden tracks die na de laatste overdracht zijn opgeslagen in de HDD Jukebox, automatisch geselecteerd. Aangezien het apparaat elke "WALKMAN" (ATRAC AD) herkent die ooit is aangesloten, beschikt het apparaat over de overdrachtsgegevens van elke "WALKMAN" (ATRAC AD). Tracks in Linear PCM-indeling worden automatisch geconverteerd naar MP3/128 kbps wanneer ze worden overgezet.
Tip
Als u tracks in Linear PCM-indeling wilt converteren naar een andere indeling dan MP3/128 kbps, voert u de procedure bij "Standard mode" uit (pagina 48).
1 Sluit de "WALKMAN" (ATRAC AD) aan op een USB-aansluiting op het apparaat.
Raadpleeg ook de gebruiksaanwijzing van de "WALKMAN" (ATRAC AD).
Voorzijde of achterzijde van het apparaat

flowchart
graph TD
A["User Interface"] --> B["USB-aansluiting"]
C["User Interface"] --> D["USB-kabel gelever bij de "WALKMAN" (ATRAC AD)"]
B --> E["USB-aansluiting"]
D --> F[""WALKMAN" (ATRAC AD)"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style C fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style D fill:#ccf,stroke:#333
style E fill:#dfd,stroke:#333
style F fill:#dfd,stroke:#333
2 Open het functiemenu en selecteer [HDD JUKEBOX].
Zorg ervoor dat de TRANSFER-toets is ingesteld op "WALKMAN" (ATRAC AD) (pagina 46).
3 Druk op TRANSFER op de afstandsbediening of de hoofdeenheid.
4 Zorg ervoor dat de groepen die niet zijn overgezet, zijn voorzien van een vinkje √
Verwijder de vinkjes van groepen die u niet wilt overzetten.

Resterende ruimte op het aangesloten apparaat
1 Sluit de "WALKMAN" (ATRAC AD) aan op een USB-aansluiting op het apparaat.
2 Open het functiemenu en selecteer [HDD JUKEBOX].
3 Open het optiemenu en selecteer [Transfer] - ["WALKMAN"] - [Standard mode].
4 Als u tracks in Linear PCM-indeling wilt overzetten in de Linear PCM-indeling of met een andere indeling en bitsnelheid dan MP3/128 kbps, selecteert u [Setting]. Er wordt een venster voor het selecteren van een nieuwe indeling weergegeven. Het apparaat is in de fabriek ingesteld om audiogegevens in Linear PCM-indeling te converteren naar MP3/128 kbps tijdens het overzetten. Als u de indeling en bitsnelheid niet wilt wijzigen, of als u de gegevens in een andere indeling dan Linear PCM wilt overzetten, gaat u naar stap 8.
5 Selecteer [Conversion system] en selecteer vervolgens het gewenste item in de vervolgkeuzelijst.
| ◆ Auto Tracks worden automatisch geselecteerd op het apparaat en overgezet met een indeling die op het aangesloten apparaat kan worden afgespeeld. | |
| Select format | Gebruik dit item om de indeling en bitsnelheid in stap 6 te selecteren. |
(◆ Fabrieksinstelling)
6 Als u [Select format] hebt geselecteerd in stap 5, selecteert u de indeling en bitsnelheid in de vervolgkeuzelijsten [Format] en [Bit rate].
7 Selecteer [Close].
8 Selecteer het album, de afspeellijst, de groep of de track die u wilt overzetten.
9 Selecteer [Execute].
Tips
- Als er bestanden zijn geregistreerd in de prullenbak van de "WALKMAN" (ATRAC AD), wordt een bevestigingsbericht weergegeven op het apparaat en de "WALKMAN" (ATRAC AD).
- Als de afspeellijst is overgezet van de HDD Jukebox naar de "WALKMAN" (ATRAC AD), wordt de afspeellijst ook herkend als afspeellijst op de "WALKMAN" (ATRAC AD).
Opmerkingen
- Als er een netspanningsadapter bij het aangesloten apparaat wordt geleverd, kunt u het apparaat het beste gebruiken op netspanning. Wanneer u het apparaat gebruikt op batterijen, moet u ervoor zorgen dat de batterijen voldoende zijn opgeladen. We geven geen garantie wanneer als gevolg van lege batterijen het apparaat niet goed functioneert, de overdracht mislukt of audiogegevens worden beschadigd.
- Koppel de USB-kabel niet los tijdens de overdracht naar een "WALKMAN" (ATRAC AD). Als u dit wel doet, kan er een storing in het apparaat of de "WALKMAN" (ATRAC AD) optreden.
- Afhankelijk van de indeling die u opgeeft in het vensters voor indelingsconversie, is het wellicht niet mogelijk om de audiogegevens over te zetten naar het bestemmingsmedium. Raadpleeg de technische gegevens van uw "WALKMAN" (ATRAC AD).
Tracks overzetten naar een USB- opslagapparaat
Opmerking
Koppel de USB-kabel niet los wanneer u tracks overzet naar een USB-opslagapparaat. Als u dit wel doet, kan er een storing in het apparaat of het USB-opslagapparaat optreden.
1 Sluit het USB-opslagapparaat aan op de USB-aansluiting op het apparaat.
Raadpleeg ook de gebruiksaanwijzing bij het USB-opslagapparaat.
2 Open het functiemenu en selecteer [HDD JUKEBOX].
Zorg ervoor dat de TRANSFER-toets is ingesteld op het USB-opslagapparaat (pagina 46).
3 Druk op TRANSFER op de afstandsbediening of het apparaat.
4 Als het selectievenster voor het opslagmedium wordt weergegeven, selecteert u het opslagmedium.
Als het aangesloten USB- opslagapparaat maar één station bevat, wordt het selectievenster voor het opslagmedium niet weergegeven.
U kunt de bestemmingsmap op het USB-opslagapparaat en de overdrachtsindeling voor Linear PCM-tracks opgeven.
6 Selecteer [Select folder at destination] en selecteer de bestemmingsmap in de vervolgkeuzelijst.
| ◆ Standard setting | Tracks worden opgeslagen in de map "\\Music". |
| Root setting | Tracks worden opgeslagen in de hoofddirectory van de bestemming. |
| Select Geef de naam van de map op. | |
(◆ Fabrieksinstelling)
7 Als u tracks in Linear PCM-indeling overzet, selecteert u [Conversion system] en selecteert u vervolgens het gewenste item in de vervolgkeuzelijst om de tracks te converteren naar een indeling die kan worden overgezet.
Als u tracks in een andere indeling overzet, gaat u naar stap 9.
| ◆ Auto | Tracks worden automatisch geselecteerd op het apparaat en overgezet met een indeling die op het aangesloten apparaat kan worden afgespeeld. |
| Select format | Gebruik dit item om de bitsnelheid in stap 8 te selecteren. |
(◆ Fabrieksinstelling)
8 Als u [Select format] hebt geselecteerd in stap 7, selecteert u de bitsnelheid in de vervolgkeuzelijst [Bit rate].
Het apparaat keert terug naar het venster voor overdracht naar een USB-opslagapparaat.
10 Selecteer de albums, afspeellijsten, groepen of tracks die u wilt overzetten.

Als er een netspanningsadapter bij het aangesloten apparaat wordt geleverd, kunt u het apparaat het beste gebruiken op netspanning. Wanneer u het apparaat gebruikt op batterijen, moet u ervoor zorgen dat de batterijen voldoende zijn opgeladen. We geven geen garantie wanneer als gevolg van lege batterijen het apparaat niet goed functioneert, de overdracht mislukt of audiogegevens worden beschadigd.
Tracks overzetten naar een mobiele telefoon
1 Sluit de mobiele telefoon aan op een USB-aansluiting op het apparaat.
2 Stel de USB-verbindingsmodus op de mobiele telefoon in.
Raadpleeg de gebruiksaanwijzing bij de mobiele telefoon voor de benodigde procedure.
3 Open het functiemenu en selecteer [HDD JUKEBOX].
Zorg ervoor dat de TRANSFER-toets is ingesteld op de mobiele telefoon (pagina 46).
4 Druk op TRANSFER op de afstandsbediening of het apparaat.
5 Als het selectievenster voor het opslagmedium wordt weergegeven, selecteert u het opslagmedium.
Als de aangesloten mobiele telefoon maar één station bevat, wordt het selectievenster voor het opslagmedium niet weergegeven.
U kunt de bestemmingsmap op de mobiele telefoon en de overdrachtsindeling voor Linear PCM- tracks opgeven.
7 Selecteer [Select folder at destination] en selecteer de bestemmingsmap in de vervolgkeuzelijst.
| ◆ Standard setting | Tracks worden opgeslagen in de map "\\Music"*. |
| Root setting | Tracks worden opgeslagen in de hoofddirectory van de bestemming. |
| Select Geef | de mapnaamop wanneer u debestemmingsmap wijzigt. |
(◆ Fabrieksinstelling)
* Afhankelijk van het model van uw mobiele telefoon is het mogelijk dat tracks in de map "\Music" worden opgeslagen, maar dat ze niet kunnen worden afgespeeld op de telefoon.
8 Als u tracks in Linear PCM-indeling overzet, selecteert u [Conversion system] en selecteert u vervolgens het gewenste item in de vervolgkeuzelijst om de tracks te converteren naar een indeling die kan worden overgezet.
Als u tracks in een andere indeling overzet, gaat u naar stap 10.
| ◆ Auto Tracks worden automatisch geselecteerd op het apparaat en overgezet met een indeling die op het aangesloten apparaat kan worden afgespeeld. | |
| Select format | Gebruik dit item om de bitsnelheid in stap 9 te selecteren. |
(◆ Fabrieksinstelling)
9 Als u [Select format] hebt geselecteerd in stap 8, selecteert u de bitsnelheid in de vervolgkeuzelijst [Bit rate].
10 Selecteer [Close].
11 Selecteer het album, de afspeellijst of de tracks die u wilt overzetten.
12 Selecteer [Execute] of druk op TRANSFER.
Tracks overzetten naar een PSP
1 Sluit de PSP aan op een USB-aansluiting op het apparaat.
2 Stel de USB-verbindingsmodus op de PSP in.
Raadpleeg de gebruiksaanwijzing bij de PSP voor de benodigde procedure.
3 Open het functiemenu en selecteer [HDD JUKEBOX].
Zorg ervoor dat de TRANSFER-toets is ingesteld op de PSP (pagina 46).
4 Druk op TRANSFER op de afstandsbediening of het apparaat.
U kunt de bestemmingsgroep op de PSP en de overdrachtsindeling voor Linear PCM-tracks opgeven.
6 Selecteer [Select group at destination] en selecteer de bestemmingsgroep in de vervolgkeuzelijst.
◆ New group Er wordt een nieuwe groep gemaakt en de geselecteerde tracks worden overgezet naar deze groep.
Select group at destination De geselecteerde tracks worden overgezet naar een bestaande groep.
(◆ Fabrieksinstelling)
7 Als u tracks in Linear PCM-indeling overzet, selecteert u [Conversion system] en selecteert u vervolgens het gewenste item in de vervolgkeuzelijst om de tracks te converteren naar een indeling die kan worden overgezet.
Als u tracks in een andere indeling overzet, gaat u naar stap 9.
| ◆ Auto Audiogegevens worden automatisch geselecteerd op het apparaat en overgezet met een indeling die op het aangesloten apparaat kan worden afgespeeld. | |
| Select format | Gebruik dit item om de indeling en bitsnelheid in stap 8 te selecteren. |
(◆ Fabrieksinstelling)
8 Als u [Select format] hebt geselecteerd in stap 7, selecteert u de indeling en bitsnelheid in de vervolgkeuzelijsten [Format] en [Bit rate].
Tracks overzetten met het optiemenu
1 Sluit het apparaat aan waarnaar u de gegevens wilt overzetten.
2 Open het functiemenu en selecteer [HDD JUKEBOX].
3 Open het optiemenu en selecteer [Transfer] - [(bestemmingsapparaat)].
4 Geef de volgende instelling op die overeenkomt met het aangesloten apparaat.
- Wanneer u tracks overzet naar een "WALKMAN" (ATRAC AD), selecteert u [Quick mode] of [Standard mode]. Als u tracks in Linear PCM-indeling overzet, voert u stap 4 tot en met 7 van de procedure voor "Standard mode" uit (pagina 48).
- Wanneer u tracks overzet naar een USB-opslagapparaat, voert u stap 4 tot en met 9 van de procedure bij "Tracks overzetten naar een USB-opslagapparaat" uit (pagina 49).
- Wanneer u tracks overzet naar een mobiele telefoon, voert u stap 5 tot en met 10 van de procedure bij "Tracks overzetten naar een mobiele telefoon" uit (pagina 50).
- Wanneer u tracks overzet naar een PSP, voert u stap 5 tot en met 9 van de procedure bij "Tracks overzetten naar een PSP" uit (pagina 51).
5 Selecteer de albums, tracks of afspeellijsten die u wilt overzetten.
De overdrachtsbeperkingen voor een track controleren
U kunt de overdrachtsbeperkingen voor een track weergeven door [Display] - [Track info] te selecteren in het optiemenu en [Transfer limit] te bekijken. De beperking wordt aangegeven met een pictogram naast het tracknummer in het selectievenster voor het overzetten van tracks.
| Pictogram Betekenis | |
| Er gelden geen beperkingen voor overdracht. (ATRAC-indeling) | |
| Er gelden geen beperkingen voor overdracht. (MP3-indeling) | |
| Overdracht is slechts mogelijk naar een beperkt aantal "WALKMAN"-modellen (ATRAC AD)*. (Linear PCM-indeling) | |
* Modellen die Linear PCM-bestanden ondersteunen met de extensie ".oma", zoals de NW-S700/600-serie.
Een overdracht annuleren
Druk op BACK en selecteer [Yes].
Wanneer u een overdracht annuleert, kan het enige tijd duren voordat de overdracht wordt gestopt.
Albums, tracks of afspeellijsten op het bestemmingsapparaat verwijderen
Een album of track op het bestemmingsapparaat verwijderen
U kunt albums of tracks op een aangesloten draagbaar apparaat verwijderen.
1 Terwijl de HDD JUKEBOX-functie op het apparaat is geactiveerd, opent u het optiemenu en selecteert u [Delete from dstn] – [(bestemmingsapparaat)] – [(eenheid die u wilt verwijderen)].
2 Selecteer het item dat u wilt verwijderen.
3 Selecteer [Delete].
4 Controleer de inhoud die wordt weergegeven en druk op ENTER.
Opmerkingen
- Koppel het apparaat niet los en schakel het apparaat niet uit voordat het verwijderen is voltooid.
- Als er tracks zijn geregistreerd in de prullenbak van de "WALKMAN" (ATRAC AD), wordt een bevestigingsbericht weergegeven op het apparaat en de "WALKMAN" (ATRAC AD).
Tip
U kunt audiogegevens initialiseren op een aangesloten "WALKMAN" (ATRAC AD) of PSP. Als u dit wilt doen, selecteert u [Format] in het instelvenster voor verwijderen.
Een afspeellijst op het bestemmingsapparaat verwijderen
U kunt een afspeellijst op een aangesloten "WALKMAN" (ATRAC AD) verwijderen. Wanneer u dit doet, wordt de afspeellijst verwijderd, maar de tracks in de afspeellijst niet.
1 Sluit de "WALKMAN" (ATRAC AD) aan op de USB-aansluiting op het apparaat.
2 Terwijl de HDD JUKEBOX-functie op het apparaat is geactiveerd, opent u het optiemenu en selecteert u [Delete from dstn] – ["WALKMAN"] – [Playlist].
3 Selecteer het item dat u wilt verwijderen.
4 Selecteer [Delete].
5 Controleer de inhoud die wordt weergegeven en druk op ENTER.
Over de functies die kunnen worden uitgevoerd
U kunt mappen, albums, groepen, tracks en informatie bewerken die naar de HDD Jukebox zijn geschreven.
| Functienaam Beschrijving |
| Edit info Mapnamen, albumnamen, tracknamen, artiestennamen, genrenamen,groepsnamen en afspeellijstnamen bewerken |
| Beeldbestanden opslaan |
| Delete Mappen, albums, tracks, afspeellijsten of groepen verwijderen |
| Move Mappen, tracks, afspeellijsten of groepen verplaatsen |
| Create Nieuwe mappen, afspeellijsten of groepen maken |
| Add to playlist Tracks aan afspeellijsten toevoegen |
| Convert format Tracks in Linear PCM-indeling converteren naar een andere audio-indeling |
| Divide Een track splitsen* |
| Combine Tracks samenvoegen* |
* Tracks in MP3-indeling kunnen niet worden bewerkt.
Opmerking
U kunt My library in de mapmodus of "Favorites" in de afspeellijstmodus niet bewerken.
Titelinformatie zoeken en ophalen
U kunt titelinformatie zoeken in de database van het apparaat of op internet (wanneer het apparaat verbinding heeft met internet) en de informatie toevoegen aan albums of tracks.
- Albuminformatie zoeken
Het apparaat zoekt naar titelinformatie voor een album op basis van de trackvolgorde van het album en voegt de informatie vervolgens toe aan het album. Als er meerdere versies zijn, kunt u zelf een keuze maken op het apparaat.
- Trackinformatie zoeken
Het apparaat zoekt naar titelinformatie voor elke track, één voor één. Als er meerdere versies zijn, kunt u zelf een keuze maken op het apparaat.
- Informatie over tracks in de HDD Jukebox batchgewijs zoeken
Het apparaat zoekt naar titelinformatie voor tracks die op verschillende tijdstippen in de HDD Jukebox zijn opgenomen. De zoekresultaten worden automatisch opgeslagen.
Albuminformatie zoeken en ophalen
Deze functie is handig voor het toevoegen van titels (albumnaam, artiestennaam, enzovoort) aan een album. Deze functie kan alleen worden uitgevoerd als de tracks in het album dezelfde volgorde hebben als op het oorspronkelijke album.
Als er meerdere zoekresultaten voor de albumtitel worden gevonden, kunt u zelf een keuze maken.
1 Selecteer het album waarvoor u de informatie zoekt, open het optiemenu en selecteer [Obtain title info] – [Album].
Het zoeken wordt gestart. Als de zoekopdracht is voltooid, worden de resultaten weergegeven.
2 Selecteer het gewenste item en selecteer [Obtain].
Trackinformatie zoeken en ophalen
Deze functie zoekt naar de titel voor afzonderlijke tracks. Deze functie is met name handig om verkeerde titels te corrigeren. Als er meerdere zoekresultaten worden gevonden, kunt u zelf een keuze maken.
1 Selecteer de track waarvoor u de informatie zoekt, open het optiemenu en selecteer [Obtain title info] – [Track].
Het zoeken wordt gestart. Als de zoekopdracht is voltooid, worden de resultaten weergegeven.
2 Selecteer het gewenste item en selecteer [Obtain].
Informatie over meerdere tracks batchgewijs zoeken en ophalen
Met deze functie kunt u batchgewijs zoeken naar albums waarvan tracks zijn opgenomen in de HDD Jukebox in een andere volgorde dan op het oorspronkelijke album.
Het apparaat zoekt automatisch één voor één naar de titels van tracks in de albums en slaat de trackinformatie vervolgens met één batchbewerking op. Als er meerdere zoekresultaten voor een track zijn, worden deze niet weergegeven, aangezien de trackinformatie automatisch wordt toegevoegd. Als u een titel wilt wijzigen, kunt u naderhand altijd nog naar de titel van één track zoeken.
Selecteer het album of de track waarvoor u titelinformatie wilt ophalen en selecteer [Obtain title info] – [Block add].
Andere informatie ophalen
Selecteer [Search] in het venster met zoekresultaten voor [Album] of [Track].
Een map, groep of afspeellijst maken
Een map maken
U kunt een nieuwe map maken en tracks in de map opnemen of tracks naar de map verplaatsen. U kunt maximaal 200 mappen in de HDD Jukebox maken.
1 Terwijl het apparaat is gestopt in de HDD JUKEBOX-functie, opent u het optiemenu en selecteert u [Mode switch] – [Folder].
Het apparaat schakelt over naar de mapmodus.
2 Druk herhaaldelijk op ← om de mapdirectory te selecteren.
Er wordt een lijst met mappen weergegeven.

Pictogram voor de mapdirectory
3 Open het optiemenu en selecteer [Edit] – [Create].

Het tekstinvoervenster wordt weergegeven.
5 Geef de titel voor de map op.
Zie "Tekst invoeren" op pagina 15 voor meer informatie over het invoeren van tekst.
Er wordt een nieuwe map gemaakt.
Een groep maken
U kunt een nieuwe groep maken en tracks naar deze groep verplaatsen. U kunt maximaal 20.000 groepen in de HDD Jukebox maken.
1 Terwijl het apparaat is gestopt in de HDD JUKEBOX-functie, opent u het optiemenu en selecteert u [Mode switch] – [Folder]. Het apparaat schakelt over naar de mapmodus.
2 Druk herhaaldelijk op ← om de groepsdirectory te selecteren. Er wordt een lijst met groepen weergegeven.
3 Open het optiemenu en selecteer [Edit] – [Create].

Het tekstinvoervenster wordt weergegeven.
5 Geef de titel voor de groep op.
Er wordt een nieuwe groep gemaakt. Deze wordt als laatste item in de lijst met groepen weergegeven.
Een afspeellijst maken
U kunt een nieuwe afspeellijst maken en tracks in deze afspeellijst registreren. U kunt maximaal 1.000 afspeellijsten in de HDD Jukebox maken.
1 Terwijl het apparaat is gestopt in de HDD JUKEBOX-functie, opent u het optiemenu en selecteert u [Mode switch] – [Playlist]. De afspeellijstdirectory wordt weergegeven. Als de hoofdweergave of trackdirectory wordt weergegeven, drukt u op ← om de afspeellijstdirectory weer te geven.
2 Open het optiemenu en selecteer [Edit] – [Create].

Het tekstinvoervenster wordt weergegeven.
4 Geef de titel voor de afspeellijst op.
5 Selecteer [Create].
Er wordt een nieuwe afspeellijst gemaakt.
Titels wijzigen
U kunt namen van mappen, groepen, albums, tracks, artiesten, genres en afspeellijsten wijzigen.
De namen die u kunt wijzigen, zijn afhankelijk van de lijstmodus of het directoryniveau.
Tracknaam:
Tracknamen kunnen worden gewijzigd in de trackdirectory in elke lijstmodus, met uitzondering van de afspeellijstmodus.
Artiestennaam:
- Artiestennamen kunnen worden gewijzigd in de trackdirectory in elke lijstmodus, met uitzondering van de afspeellijstmodus.
- Artiestennamen kunnen worden gewijzigd in de albumdirectory of de artiestenmodus.
Genrenaam:
- Genrenamen kunnen worden gewijzigd in de trackdirectory in elke lijstmodus, met uitzondering van de afspeellijstmodus.
- Genrenamen kunnen worden gewijzigd in de albumdirectory in de genremodus.
Albumnaam:
- Albumnamen kunnen worden gewijzigd in de trackdirectory in elke lijstmodus, met uitzondering van de afspeellijstmodus.
- Albumnamen kunnen worden gewijzigd in de albumdirectory in de albummodus, de artiestenmodus, de genremodus en de opnamebronmodus.
Groepsnaam:
Groepsnamen kunnen worden gewijzigd in de groepsdirectory in de mapmodus.
Afspeellijstnaam:
Afspeellijstnamen kunnen worden gewijzigd in de lijstdirectory in de afspeellijstmodus.
Mapnaam:
Mapnamen kunnen worden gewijzigd in de mapdirectory in de mapmodus.
1 Open het optiemenu in de HDD JUKEBOX-functie en selecteer [Mode switch] – [(de gewenste lijstmodus)].
2 Selecteer het item (map, album, groep, track of afspeellijst) waarvan u de naam wilt wijzigen.
De informatie die kan worden gewijzigd, is afhankelijk van het item dat u in deze stap selecteert.
3 Open het optiemenu en selecteer [Edit] – [Edit info] – [(het item waarvan u de titel wilt wijzigen)].

4 Bevestig het item dat u wilt wijzigen en druk op ENTER.
Het tekstinvoervenster wordt weergegeven.
Als u de naam van een genre wijzigt, wordt een lijst met genres weergegeven.

Zie "Tekst invoeren" op pagina 15 voor meer informatie over het invoeren van tekst.
Als u de naam van een genre wijzigt, selecteert u een naam in de lijst met genres.
6 Selecteer [Close].
Een nieuw genre maken
U kunt een nieuwe genrenaam maken als de gewenste naam niet in de lijst voorkomt.
1 Selecteer [New genre] in het bewerkingsvenster voor informatie in stap 4 op pagina 58.
Het tekstinvoervenster wordt weergegeven.
2 Geef de genrenaam op.
3 Selecteer [Close].
Een ongebruikt genre wissen
U kunt genres die niet worden gebruikt, wissen in de HDD Jukebox.
1 Selecteer [Clear genre] in het bewerkingsvenster voor informatie in stap 4 op pagina 58.
2 Selecteer [Yes].
Opnamen verwijderen
U kunt mappen, albums, groepen, tracks of afspeellijsten in de HDD Jukebox verwijderen.
Zodra een opgenomen item is verwijderd, kan dit niet weer worden hersteld.
Wanneer u een track verwijdert, worden alle tracks die volgen op de verwijderde track, opnieuw genummerd. Als u bijvoorbeeld track 2 verwijdert, wordt track 3 opnieuw genummerd als track 2.
Voorbeeld: Track B verwijderen

flowchart
graph TD
A["Tracknummer 1"] --> B["A"]
B --> C["B"]
C --> D["C"]
D --> E["D"]
F["Na verwijdering"] --> G["A"]
G --> H["C"]
H --> I["D"]
J["Track 2 verwijderen"] --> K["1"]
K --> L["2"]
L --> M["3"]
M --> N["4"]
1 Open het optiemenu in de HDD JUKEBOX-functie en selecteer [Mode switch] – [(de gewenste lijstmodus)].
2 Druk op ← om de directory te selecteren die hoort bij het item dat u wilt verwijderen.
Als u bijvoorbeeld een album wilt verwijderen, selecteert u de albumdirectory, of als u een track wilt verwijderen, selecteert u de trackdirectory.
3 Open het optiemenu en selecteer [Edit] – [Delete] – [(het item om te verwijderen)] of druk op DELETE op de afstandsbediening.
Het geselecteerde item wordt voorzien van een vinkje √
Als u meerdere items wilt verwijderen, moet u elk gewenste item selecteren en voorzien van een vinkje.

Er wordt een bevestigingsvenster weergegeven.
5 Selecteer [Yes].
Tip
Wanneer u een track in een afspeellijst verwijdert, kunt u kiezen of u de registratie van de track in de afspeellijst wilt verwijderen of dat u de track zelf wilt verwijderen.

Tracks op een "WALKMAN" (ATRAC AD), enzovoort verwijderen
U kunt tracks verwijderen die zijn opgeslagen op een draagbaar apparaat, zoals een "WALKMAN" (ATRAC AD), enzovoort, dat op het apparaat is aangesloten met een USB-kabel. Zie pagina 53 voor meer informatie.
Opnamen verplaatsen
U kunt mappen, groepen, tracks of afspeellijsten verplaatsen naar een opgegeven locatie in de HDD Jukebox. Wanneer u een of meer tracks verplaatst, worden alle tracks automatisch opnieuw genummerd.
Voorbeeld: Track 3 ("C") verplaatsen naar positie 2

flowchart
graph TD
A["1"] --> B["2"]
B --> C["3"]
C --> D["4"]
E["A"] --> F["B"]
F --> G["C"]
G --> H["D"]
I["Na verplaatsing"] --> J["1"]
J --> K["2"]
K --> L["3"]
L --> M["4"]
1 Open het optiemenu in de HDD JUKEBOX-functie en selecteer [Mode switch] – [(de gewenste lijstmodus)].
2 Druk op ← om de directory te selecteren die hoort bij het item dat u wilt verplaatsen.
3 Open het optiemenu en selecteer [Edit] – [Move].
Controleer of het gewenste item is voorzien van een vinkje √ Als u meerdere items wilt verplaatsen, moet u elk gewenste item selecteren en voorzien van een vinkje.

Er wordt een selectievenster weergegeven waarin u de bestemming kunt selecteren.
5 Selecteer de bestemming.
Er wordt een bevestigingsvenster weergegeven.
Als u het item naar een andere map of groep of een ander album wilt verplaatsen, selecteert u de bestemmingsmap, het bestemmingsalbum of de bestemmingsgroep en selecteert u de bestemming in het item met ↑/↓/←/→/ENTER.
6 Selecteer [Yes].
Het item wordt verplaatst naar de geselecteerde locatie.
Opgenomen tracks splitsen
U kunt een opgenomen track opsplitsen in twee tracks. Alle tracks na de gesplitste track worden opnieuw genummerd.
U kunt alleen tracks in Linear PCM- of ATRAC-indeling splitsen.
Voorbeeld: Track B opsplitsen in twee tracks

1 Open het optiemenu in de HDD JUKEBOX-functie en selecteer [Mode switch] – [Folder].
2 Selecteer de track die u wilt splitsen.
3 Open het optiemenu en selecteer [Edit] – [Divide].

De geselecteerde track wordt afgespeeld.
5 Druk op ENTER op het punt waar u de track wilt splitsen.
De eerste twee seconden vanaf het punt waarop u op ENTER hebt gedrukt, worden herhaaldelijk afgespeeld.

Druk op ↑/↓/←/→ om het splitsingspunt (m: minuten, s: seconden of ms: milliseconden) te verplaatsen zodat de eerste twee seconden van de track vanaf dat punt herhaaldelijk worden afgespeeld.
6 Als het splitsingspunt is vastgelegd, drukt u op ENTER.
7 Selecteer [Execute].
De track wordt gesplitst.
Opmerking
Als u een track splitst die in een afspeellijst is geregistreerd, wordt de track uit de afspeellijst verwijderd.
Opgenomen tracks samenvoegen
U kunt twee tracks samenvoegen tot één track. Alle tracks na de nieuwe track worden opnieuw genummerd.
U kunt alleen tracks in Linear PCM- of ATRAC-indeling samenvoegen.
Voorbeeld: Track C samenvoegen met track A

Voorbeeld: Track A samenvoegen met track D

flowchart
graph TD
A["Tracknummer"] -->|1| B["A"]
B --> C["B"]
C --> D["C"]
D --> E["D"]
E --> F["5"]
G["Na samenvoeging"] --> H["1"]
H --> I["B"]
I --> J["C"]
J --> K["D"]
K --> L["A"]
De naam van de samengevoegde track is D.
1 Open het optiemenu in de HDD JUKEBOX-functie en selecteer [Mode switch] – [Folder].
2 Selecteer de eerste track.
3 Open het optiemenu en selecteer [Edit] – [Combine].
Controleer of de geselecteerde track is voorzien van een vinkje √

4 Selecteer de tweede track.
5 Selecteer [Combine].
6 Selecteer [Execute].
De tracks worden samengevoegd in de volgorde waarin u de vinkjes hebt toegevoegd.
De volgorde van de geselecteerde tracks wijzigen
Selecteer [Switch] nadat u stap 5 hebt uitgevoerd.
Opmerkingen
- U kunt tracks met verschillende audio-indelingen of bitsnelheden niet samenvoegen.
- Als u een track in een afspeellijst samenvoegt, wordt de track uit de afspeellijst verwijderd.
De audio-indeling van tracks converteren
— Indeling converteren
U kunt tracks in Linear PCM-indeling converteren naar ATRAC3-, ATRAC3plus-of MP3-indeling.
1 Open de HDD JUKEBOX-functie en selecteer de track waarvan u de indeling wilt converteren.
2 Open het optiemen en selecteer [Edit] – [Convert format]. Controleer of de geselecteerde track is voorzien van een vinkje √ Als u meerdere tracks wilt converteren, moet u elke gewenste track van een vinkje voorzien.

3 Selecteer [Execute]. Selecteer de gewenste indeling (pagina 28) in de vervolgkeuzelijst.

4 Selecteer de bitsnelheid (pagina 28) in de vervolgkeuzelijst.
5 Selecteer [Execute]. De audio-indeling wordt geconverteerd.
Opmerkingen
- U kunt maximaal 99 tracks in één keer converteren.
- U kunt tracks in ATRAC3-, ATRAC3plus- of MP3-indeling niet converteren.
U kunt beeldbestanden uit de gedeelde map* op uw computer importeren via een netwerk of een USB-opslagapparaat en de bestanden opslaan in albums, tracks of afspeellijsten.
De volgende bestandsindelingen kunnen worden opgeslagen.
- JPEG (extensie: jpg of jpeg)
- GIF (extensie: gif)
* Zie pagina 91 voor meer informatie.
Voordat u beelden opslaat
Bestanden die kunnen worden opgeslagen, zijn gemarkeerd met O in de volgende afbeeldingen.
Gedeelde map op uw computer

flowchart
graph TD
A["Gedeelde map"] --> B["Document 1"]
A --> C["Document 2"]
A --> D["Document 3"]
A --> E["Document 4"]
B --> F["Document 5"]
C --> G["Document 6"]
D --> H["Document 7"]
E --> I["Document 8"]
Alleen bestanden in de gedeelde map kunnen worden opgeslagen.
USB-opslagapparaat

flowchart
graph TD
A["root"] --> B["Document 1"]
A --> C["Document 2"]
A --> D["Document 3"]
A --> E["Document 4"]
A --> F["Document 5"]
B --> G["File 1"]
C --> H["File 2"]
D --> I["File 3"]
E --> J["File 4"]
F --> K["File 5"]
Bestanden in directory's tot het derde niveau kunnen worden opgeslagen.
Opmerking
Als er tegelijkertijd twee USB-opslagapparaten zijn aangesloten op beide aansluitingen (achterzijde en voorzijde), krijgt het apparaat dat aan de voorzijde is aangesloten voorrang.
Een beeldbestand opslaan
1 Terwijl de HDD JUKEBOX-functie op het apparaat is geactiveerd, selecteert u het item (album, track of afspeellijst) waarvoor u een beeld wilt opslaan.
2 Open het optiemenu en selecteer [Edit] – [Edit info].

3 Selecteer het item waarvoor u een beeld wilt opslaan.

5 Selecteer het apparaat met het gewenste beeldbestand.
Als u de gedeelde computermap selecteert, wordt het venster met de instellingen voor de gedeelde map weergegeven. Controleer de inhoud, selecteer [Connect] en druk op ENTER (pagina 33).
6 Selecteer het gewenste beeldbestand.
Er wordt een bevestigingsvenster voor het beeld weergegeven.
7 Selecteer [Yes].
Het geselecteerde beeldbestand wordt opgeslagen.
Als het geselecteerde item al een beeldbestand heeft, wordt een bevestigingsvenster voor overschrijven weergegeven. Als u het bestaande beeldbestand wilt vervangen, selecteert u [Yes].
Een beeldbestand verwijderen
Een beeldbestand kan niet worden hersteld nadat het is verwijderd of vervangen.
De gewenste tracks registeren in een afspeellijst
U kunt tracks die op verschillende plaatsen in de HDD Jukebox zijn opgenomen, registreren op één locatie, een zogenaamde "playlist". Naderhand kunt u deze tracks beluisteren of overzetten naar een extern apparaat. "Favorites" in de afspeellijst fungeert ook als het Favorites-kanaal wanneer u de x-DJ-functie gebruikt. U kunt maximaal 10.000 tracks registreren in afspeellijsten.
De track registreren die wordt afgespeeld

Terwijl de HDD JUKEBOX-functie op het apparaat is geactiveerd en de gewenste track wordt afgespeeld, drukt u op FAVORITE.
De track wordt geregistreerd in "Favorites" in de lijst met afspeellijsten.
Opmerking
Tracks kunnen niet met de FAVORITE-toets worden geregistreerd als de afspeellijstmodus is geselecteerd.
De bestemming voor de FAVORITE-toets wijzigen
Wanneer u het apparaat aanschaft, worden geselecteerde tracks automatisch geregistreerd in "Favorites" wanneer u op de FAVORITE-toets drukt. De registratiebestemming kan echter worden gewijzigd. Als u dit wilt doen, moet u van tevoren de bestemmingsafspeellijst maken (pagina 57).
Open het optiemenu, selecteer [Setting] – [FAVORITE] en selecteer bij [Destination] de gewenste afspeellijst die u wilt gebruiken.
Opmerking
Wanneer u tracks wilt beluisteren via het Favoriteskanaal in x-DJ, moet u de tracks registreren in "Favorites". In dit geval moet u ervoor zorgen dat u de registratielocatie niet wijzigt.
Meerdere tracks in één keer registreren
U kunt alle tracks in een album of een groep in één keer in een afspeellijst registreren. Als u tracks in een andere afspeellijst dan "Favorites" wilt registreren, moet u van tevoren de afspeellijst maken (pagina 57).
1 Terwijl de HDD JUKEBOX-functie op het apparaat is geactiveerd, selecteert u het album of de groep die u in een afspeellijst wilt registreren.
2 Open het optiemenu en selecteer [Edit] – [Add to playlist].
Controleer of alle tracks die u wilt registreren, zijn voorzien van een vinkje √
Als u meerdere items wilt registreren, moet u elk gewenste item selecteren en voorzien van een vinkje.

4 Selecteer de afspeellijst waarin u de tracks wilt registreren.
Er wordt een bevestigingsvenster weergegeven.
5 Selecteer [Yes].
De geselecteerde tracks worden geregistreerd in de opgegeven afspeellijst.
Opmerking
Alleen tracks in hetzelfde album of dezelfde groep kunnen in één keer worden geregistreerd.
Tip
U kunt tracks in het Favorites-kanaal van de x-DJ-functie registreren in een afspeellijst. Zie pagina 45 voor meer informatie.
Tracks in een afspeellijst beluisteren
Terwijl de HDD JUKEBOX-functie op het apparaat is geactiveerd, opent u het optiemenu, selecteert u [Mode switch] – [Playlist] en start u het afspelen. Of selecteer het "Favorites"-kanaal in x-DJ. In dit geval worden alleen de tracks afgespeeld die in "Favorites" zijn geregistreerd.
Een afspeellijst overzetten
U kunt een volledige afspeellijst overzetten naar een "WALKMAN" (ATRAC AD). Naderhand wordt de afspeellijst ook als afspeellijst herkend op de "WALKMAN" (ATRAC AD). Zie pagina 47 voor meer informatie.
De timer gebruiken
Het apparaat is uitgerust met drie timerfuncties: de slaaptimer, de wektimer en de opnametimer. U kunt één instelling voor de slaaptimer, drie instellingen voor de wektimer en 10 instellingen voor de opnametimer opgeven.
De timerfunctie werkt als het apparaat is in- of uitgeschakeld. De TIMER-aanduiding brandt of knippert wanneer de timerfunctie actief is.

De slaaptimer gebruiken
U kunt de slaaptimer instellen zodat het apparaat na een bepaalde periode automatisch wordt uitgeschakeld. U kunt de gewenste periode opgeven in stappen van 30 minuten. Deze functie is handig als u in slaap wilt vallen terwijl u naar muziek luistert of als u nog weggaat.
Druk op SLEEP.
Het pop-upmenu voor de slaaptimer wordt weergegeven.
Elke keer dat u op de toets drukt, wordt de tijdsduur als volgt gewijzigd:
$$ \begin{array}{l} \text {Off} \longrightarrow 3 0 \longrightarrow 6 0 \longrightarrow 9 0 \longrightarrow 1 2 0 \longrightarrow 1 5 0 \longrightarrow \ 1 8 0 \longrightarrow \text {Off...} \end{array} $$
U kunt het instellen van de slaaptimer voltooien door de gewenste tijdsduur weer te geven.
De TIMER-aanduiding gaat branden als de slaaptimer actief is.
Opmerkingen
- De instelling voor de slaaptimer wordt geannuleerd als een andere timerfunctie actief is.
- Als een opnametimer is ingesteld, kan de instelling voor de slaaptimer niet overlappen met de begintijd van de ingestelde opnametimer.
De wektimer gebruiken
U kunt de timer instellen zodat het apparaat elke dag op het opgegeven tijdstip automatisch wordt in- en uitgeschakeld. Het apparaat begint automatisch met afspelen wanneer het wordt ingeschakeld. Zorg ervoor dat de klok van tevoren correct is ingesteld (pagina 18). U kunt maximaal drie instellingen opgeven voor de wektimer.
1 Stel de bronkeuzeschakelaar op de versterker in op de functie voor dit apparaat.
2 Druk op TIMER.
De lijst met instellingen wordt weergegeven.
3 Open het optiemenu en selecteer [New setting] – [Wake up playback].

Selecteer de items in de vervolgkeuzelijst en stel de items in (weergegeven in de "Instellingen voor de wektimer" hieronder).
5 Selecteer [OK].
De instelling wordt vastgelegd en wordt in de timerlijst weergegeven.
6 Druk op TIMER of BACK.
De instelling is vastgelegd en de TIMER-aanduiding gaat branden. Wanneer het ingestelde tijdstip wordt bereikt, wordt het afspelen van muziek of de radio gestart. Als de HDD JUKEBOX-functie op het apparaat is geactiveerd, wordt de laatst afgespeelde track afgespeeld. Als de CD-functie op het apparaat is geactiveerd, wordt de eerste track van de geplaatste CD afgespeeld.
Als de x-DJ-functie op het apparaat is geactiveerd, wordt het kanaal afgespeeld dat is ingesteld als geselecteerd kanaal wanneer de functie wordt geactiveerd (pagina 44).
Opmerkingen
- Een instelling voor een wektimer kan niet worden vastgelegd als deze overlapt met een bestaande instelling.
- Bepaalde functies werken niet in de anderhalve minuut voordat een ingestelde wektimer wordt geactiveerd.
- Het activeren van de wektimer kan worden vertraagd door bepaalde handelingen als deze wordt uitgevoerd kort voordat de wektimer moet worden geactiveerd.
Instellingen voor de wektimer
Item Inhoud
| Date Een dag (maand/dag) in de komende 4 weken, inclusief de huidige dag | |
| Every Sat – Every Sun (bepaalde dagen, bijvoorbeeld elke zaterdag, maandag, enzovoort) | |
| Mon – Fri (van maandag tot en met vrijdag) | |
| Mon – Sat (van maandag tot en met zaterdag) | |
| Everyday | |
| Start: | Uur/minuut |
| End: | Uur/minuut |
| Function CD | |
| FM/AM | |
| ◆ HDD JUKEBOX | |
| x-DJ | |
(◆Fabrieksinstelling)
De opnametimer gebruiken
U kunt de timer instellen om een radioprogramma of geluid van een externe component af te spelen die is aangesloten op de ANALOG IN-aansluiting of DIGITAL (COAXIAL/OPTICAL) IN-aansluiting van het apparaat, op te nemen. Als u deze functie wilt gebruiken, moet de klok van tevoren correct zijn ingesteld (pagina 18). U kunt maximaal 10 opname-instellingen opgeven.
Een radioprogramma opnemen met de opnametimer
U kunt een radio-uitzending op een opgegeven tijdstip opnemen. Als u dit wilt doen, moeten de klok en de radiozender van tevoren zijn ingesteld.
1 Druk op TIMER.
De timerlijst wordt weergegeven.
2 Open het optiemenu en selecteer [New setting] – [FM/AM record].

Selecteer de items in de vervolgkeuzelijst en stel de items in (weergegeven in de "Instellingen voor de opnametimer" op pagina 70).
4 Selecteer [OK].
De instelling wordt vastgelegd en wordt in de timerlijst weergegeven.
5 Druk op TIMER of BACK.
De instelling is gereed en de TIMER-aanduiding gaat branden.
Een timeropname stoppen
Druk op ■ of HDD REC ■.
Opmerkingen
- Nadat u een opnametimer hebt ingesteld, kunt u niet een andere opnametimer instellen die overlapt met het tijdstip dat is ingesteld voor de vorige timer. U kunt dit echter wel doen door de vorige instelling uit te stellen (pagina 72).
- Bepaalde functies werken niet in de anderhalve minuut voordat een ingestelde opnametimer wordt geactiveerd.
- Het activeren van de opnametimer kan worden vertraagd door bepaalde handelingen als deze worden uitgevoerd kort voordat de opnametimer moet worden geactiveerd.
- Als u geen titel voor de opname toevoegt, wordt de details van de opname (dat wil zeggen, de opnamedatum en -tijd) automatisch gebruikt als titel.
Opnemen vanaf een externe component met de opnametimer
1 Selecteer de externe component (bron) waarvan u wilt opnemen op de versterker.
2 Druk op TIMER.
3 Open het optiemenu en selecteer [New setting] – [Analog In record] of [Digital In record].

Een timeropname stoppen
Druk op ■ of HDD REC ■.
Instellingen voor de opnametimer
| Item Inhoud | |
| Date Een dag (maand/dag) in de komende 4 weken, inclusief de huidige dag | |
| Every Sat – Every Sun (bepaalde dagen, bijvoorbeeld elke zaterdag, maandag, enzovoort) | |
| Mon – Fri (van maandag tot en met vrijdag) | |
| Mon – Sat (van maandag tot en met zaterdag) | |
| Everyday | |
| Start: | Uur/minuut |
| End: | Uur/minuut |
| Title Ingestelde naam | |
| Band1) | ◆ FM/AM |
| Preset no.1) | Voorinstelnummer |
| Format/Bit rate2) | ATRAC3 66 kbps105 kbps132 kbps |
| ATRAC3plus 48 kbps64 kbps256 kbps | |
| ◆ Linear PCM — | |
| MP3 96 kbps128 kbps160 kbps192 kbps256 kbps | |
| Track mark (interval voor track-markeringen) | every 10 min |
| every 30 min | |
| every 60 min | |
| every 120 min | |
| LEVEL SYNC3) | |
| Auto4) | |
| Auto title5) | ◆ On/Off |
| Input6) | ◆ Optical/Coaxial |
(◆Fabrieksinstelling)
1) Alleen wanneer de FM/AM-functie op het apparaat is geactiveerd.
2) Zie pagina 28 voor meer informatie over de instelling "Format/Bit rate".
3) Zie pagina 29 voor meer informatie over de instelling "LEVEL SYNC". Raadpleeg ook de uitleg voor de instelling "LEVEL SYNC level".
4) Alleen wanneer de FM/AM-functie op het apparaat is geactiveerd. Zie pagina 29 voor meer informatie over de instelling "Auto".
5) Wanneer "Auto title" is ingesteld op "On" (pagina 30) en de ANALOG IN- of DIGITAL IN-functie op het apparaat is geactiveerd, wordt de huidige titel overschreven.
^6) Alleen wanneer de DIGITAL IN-functie op het apparaat is geactiveerd.
Overige handelingen
Een timerinstelling annuleren terwijl de timer wordt uitgevoerd
U kunt een timerinstelling annuleren terwijl de wektimer of de opnametimer wordt uitgevoerd. Als u dit doet, wordt de stoptijd geannuleerd en gaat het opnemen of afspelen vervolgens verder.
Als u een instelling wilt annuleren, opent u het optiemenu terwijl de wektimer of opnametimer wordt uitgevoerd en selecteert u [Timer cancel].
De inhoud van een instelling controleren
Druk op TIMER.
De weergave met de timerlijst wordt weergegeven.
Druk nogmaals op TIMER om de weergave te verbergen.



Pictogram voor opnametimer
Pictogram voor wektimer

Tijd Starttijd en stoptijd van de opnametimer.


(blauw) De opnametimer bevindt zich in de stand-bymodus.

(rood) De opnametimer is geactiveerd.

(grijs) De opnametimer is uitgesteld.

Mislukte opname Dit pictogram wordt weergegeven wanneer de opnametimer is mislukt wegens een stroomstoring of ander probleem. Dit pictogram wordt niet weergegeven wanneer de timer is ingesteld voor regelmatige intervallen, zoals elke dag of elke week. In dat geval blijft de instelling actief, zelfs als er een opname is mislukt. De resultaten van een mislukte opname moeten echter worden verwijderd (deze pagina).
Een timerinstelling verwijderen
1 Druk op TIMER.
De weergave met de timerlijst wordt weergegeven.
2 Selecteer de instelling die u wilt verwijderen.
3 Druk op DELETE of open het optiemenu en selecteer [Delete].
Er wordt een bevestigingsvenster weergegeven.
4 Selecteer [Yes].
De geselecteerde instelling wordt uit de lijst verwijderd.
Als u [No] selecteert, wordt de handeling geannuleerd.
5 Druk op TIMER of BACK.
Een timerinstelling wijzigen
1 Druk op TIMER.
2 Selecteer de instelling die u wilt wijzigen. Het venster voor het wijzigen van de instelling wordt weergegeven.
3 Selecteer het item dat u wilt wijzigen.
4 Pas het item aan.
5 Selecteer [OK].
De nieuwe informatie overschrijft de oude informatie en wordt weergegeven in de timerlijst.
6 Druk op TIMER of BACK.
Tip
U kunt dezelfde handeling uitvoeren met het optiemenu.
Een timerinstelling voor een opname met een regelmatig interval tijdelijk uitstellen — Uitstellen
Als u een timerinstelling uitstelt, kunt u een andere instelling opgeven voor dezelfde tijd.
1 Druk op TIMER.
2 Selecteer de instelling die u wilt uitstellen. Het venster voor opnieuw instellen wordt weergegeven.
3 Stel [Programming] in op [Suspend] in de vervolgkeuzelijst.
4 Selecteer [OK].
De geselecteerde instelling wordt uitgesteld en het bijbehorende pictogram wordt grijs.
5 Druk op TIMER of BACK.
De instelling voor uitstellen wordt automatisch geannuleerd zodra de andere timeropname is uitgevoerd.
Muziek beluisteren die op een computer is opgeslagen — Network Media
Met de NETWORK MEDIA-functie kunt u audiobestanden en beeldbestanden overzetten tussen componenten via een privénetwerk of een gedeeld netwerk (zoals binnen een bedrijf, school of ander gebouw). Dit is mogelijk omdat het apparaat voldoet aan de DLNA (Digital Living Network Alliance) Interoperability Guidelines versie 1.0, waarmee u het apparaat kunt gebruiken als DLNA-compatibele digitale mediaspeler (een client) om audiogegevens af te spelen die zijn opgeslagen op een andere DLNA-compatibele digitale mediaserver*.

* Raadpleeg de website voor klantenondersteuning van Sony Europe op http://support.sony-europe.com/ (alleen voor klanten in Europa) voor de laatste informatie over servers die worden ondersteund door dit apparaat.
Over servers
Bepaalde DLNA-compatibele servers maken het mogelijk dat de client via de NETWORK MEDIA-functie afspeellijsten kan weergeven die zijn opgeslagen in de beheerdatabase voor audiobestanden van de server.
- Servers die ondersteuning bieden voor de weergave van afspeellijsten ( 2)
Sony VAIO-computers met VAIO Media, enzovoort.
Dit apparaat (client) kan afspeellijsten weergeven die zijn gemaakt met de SonicStage-software.

flowchart
graph TD
A["Computer"] --> B["Document"]
A --> C["Document"]
B --> D["Music Note"]
C --> E["Music Note"]
- Andere servers ( ): Andere computers dan de bovenstaande computers.
Dit apparaat (client) geeft de bestandsstructuur weer zoals deze op de computer staat.

flowchart
graph TD
A["Database"] --> B["Cache"]
A --> C["Cache"]
A --> D["Cache"]
B --> E["Music"]
C --> F["Music"]
D --> G["Music"]
E --> H["Output 1"]
F --> I["Output 2"]
G --> J["Output 3"]
Muziek beluisteren
Als voorbeeld van de NETWORK MEDIA-functie worden in dit gedeelte de bewerkingen op het apparaat beschreven wanneer het apparaat is aangesloten op een server die ondersteuning biedt voor de weergave van afspeellijsten.
1 Druk op NETWORK MEDIA of open het functiemen en selecteer [NETWORK MEDIA].
Er wordt een lijst weergegeven met servers die kunnen worden geselecteerd.

- Servers die ondersteuning bieden voor de weergave van afspeellijsten U kunt de lijstmodus (afspeellijstmodus of serverstructuurmodus) selecteren voor servers die ondersteuning bieden voor de weergave van afspeellijsten (pagina 76).
Pictogram Beschrijving Serverstatus
(wit ofzwart1) | Servers diekunnen wordenverbonden(actieve servers) | Verbindingmogelijk |
(wit ofzwart1) | Servers dieniet reageren(servers dieinactief zijnof waarop dewachtmodus ofstand-bymodus is geactiveerd) | Verbinding nietmogelijk2) |
(geel-groen) | De server dieals laatste isverbonden | Verbindingmogelijk |
![]() | Nieuwe server | Verbindingmogelijk |
Pictogram Beschrijving Serverstatus
| Onbekende server | Verbinding mogelijk, de details van de server kunnen niet worden gevonden |
- Andere servers
| Pictogram | Beschrijving Serverstatus | |
(wit ofzwart1) | Servers diekunnen wordenverbonden | Verbindingmogelijk |
(geel-groen) | De server dieals laatste isverbonden | Verbindingmogelijk |
| [SHWT] | Nieuwe server | Verbindingmogelijk |
| [OCHW] | Onbekendeserver | Verbindingmogelijk, dedetails van deserver kunnenniet wordengevonden |
1) De kleur van de pictogrammen verschilt afhankelijk van het geselecteerde weergave-ontwerp (pagina 92). De bovenstaande kleur is van toepassing voor het weergave-ontwerp type 1.
2) Er kan verbinding met een server worden gemaakt wanneer de server zich in een status bevindt waarin deze automatisch kan worden opgestart.
2 Selecteer een server in de lijst met servers die u kunt selecteren.
"Connecting to server." wordt weergegeven, gevolgd door de hoofdweergave.
3 Selecteer de track die u wilt afspelen. Het afspelen wordt gestart.

Opmerking
Terwijl de server verbinding maakt met het apparaat, moet u de server niet uitschakelen en het audiobestand niet van de server verwijderen.
Tip
Als er geen servers in de lijst staan die kunnen worden geselecteerd, opent u het optiemenu en selecteert u [Display] – [Update info].
Overige handelingen
Actie Handeling:
| Afspelen stoppen | Druk op ■. |
| Een vorige/volgende track selecteren | Druk op ◀◀◀/▶▶▶| tijdens het afspelen. |
| Een afspeellijst of track selecteren | Druk op ↑/↓/←/→. |
| Een afspeellijst selecteren | Druk op ALBUM + of ALBUM –. |
| Een tracknummer selecteren met de cijfertoetsen | Druk op de bijbehorende cijfertoets en druk vervolgens op ENTER. |
| De weergave met tijdsinformatie wijzigen | Druk tijdens het afspelen op DISPLAY om te schakelen tussen de verstreken tijd en de resterende tijd, of open het optiemenu en selecteer [Display] – [Time] – [Elapsed time] of [Remaining time] (pagina 21). |
Opmerkingen
- U kunt een track selecteren met de cijfertoetsen, zelfs als de hoofdweergave of tracklijst wordt weergegeven.
- U kunt de tijdinformatie niet wijzigen wanneer het apparaat is gestopt.
- De juiste resterende tijd wordt wellicht niet weergegeven, afhankelijk van de verbonden server.
Over audio-indelingen
De verbonden server kan bepaalde audiogegevens bevatten die niet op het apparaat kunnen worden afgespeeld. Deze tracks kunnen worden aangegeven met een pictogram in de weergave.
Lijstweergave

| Tracks die kunnen worden afgespeeld. | |
| ? | Tracks die worden geanalyseerd. |
| × | Tracks die niet kunnen worden afgespeeld. |
De lijstmodus wijzigen
Wanneer het apparaat is verbonden met een server die ondersteuning biedt voor de weergave van afspeellijsten, kunt u op het apparaat de afspeellijstmodus (de inhoud van de afspeellijsten) of de serverstructuurmodus (de bestandsstructuur op de server) selecteren. Bij verbinding met andere servers kan alleen de serverstructuur worden weergegeven.
Open het optiemenu en selecteer [Mode switch] - [Playlist] of [Server tree].
Afspeellijstmodus

Serverstructuurmodus

Teruggaan naar het venster voor het selecteren van de server
Druk op BACK of open het optiemenu en selecteer [Change level] - [Select server].
Verschillende afspeelmodi
1 Terwijl het apparaat is gestopt, opent u het optiemenu en selecteert u [Setting] – [Play mode].
2 Selecteer het item dat u wilt instellen.
3 Stel elk item in.
Selecteer de items in de vervolgkeuzelijst en stel de items in (weergegeven in de "Lijst met instellingen" hieronder).
4 Selecteer [Close].
De instellingen worden weergegeven in de hoofdweergave.
Lijst met instellingen
Play area
Het afspeelgebied kan alleen worden geselecteerd wanneer de afspeellijstmodus is geselecteerd.
List De tracks in de huidige

afspeellijst worden afgespeeld.
◆ All De tracks op de huidige server ALL worden afgespeeld.
(◆ Fabrieksinstelling)
Repeat
◆ Off (geen) Herhaaldelijk afspelen is uitgeschakeld.
On De tracks in het afspeelgebied worden herhaaldelijk afgespeeld.
Track Eén track wordt herhaaldelijk afgespeeld.
(◆ Fabrieksinstelling)
Informatie over afspeellijsten of tracks weergeven
1 Selecteer de afspeellijst of track waarvoor u de informatie wilt controleren.
2 Open het optiemenu en selecteer [Display] – [Playlist info] of [Track info].

Als u een volledige tekenreeks voor een titel, artiest of genre wilt weergeven, drukt u op ↑/↓ om het betreffende vak te selecteren en drukt u op ENTER. Druk op ↑/↓ om de weergave te schuiven.
Handige instellingen
Automatische verbinding met een server instellen
Als u van tevoren een bepaalde server opgeeft, maakt het apparaat automatisch verbinding met die server wanneer u de NETWORK MEDIA-functie weer activeert. Zelfs als er slechts één server is die met dit apparaat kan worden gebruikt, kunt u de instelling voor automatische verbinding nog steeds opgeven. Schakel de server van tevoren in.
1 Druk op NETWORK MEDIA of open het functiemenu en selecteer [NETWORK MEDIA].
Er wordt een lijst weergegeven met servers die kunnen worden geselecteerd.
2 Selecteer de server die u wilt instellen voor de automatische verbinding, open het optiemenu en selecteer [Setting] – [Auto connect] – [On].
De geselecteerde server wordt ingesteld voor de automatische verbinding. Het apparaat wordt automatisch verbonden met deze server wanneer de NETWORK MEDIA-functie word geactiveerd.
Als u de instelling voor automatische verbinding wilt uitschakelen, selecteert u [Off].

Dit pictogram geeft aan dat de server is ingesteld voor automatische verbinding.
Als de gewenste server niet in de lijst met servers wordt weergegeven
Open het optiemenu en selecteer [Display] - [Update info].
Het kan enige tijd duren voordat de server in de lijst wordt weergegeven.
Opmerkingen
- Een server waarmee nog nooit verbinding is gemaakt, kan niet worden ingesteld voor automatische verbinding. Verbind het apparaat eerst met de nieuwe server en geef vervolgens de instelling op.
- De instelling voor automatische verbinding met de server kan worden gewist als het netsnoer uit het stopcontact wordt gehaald. In dit geval moet u de instelling opnieuw opgeven.
Het apparaat registreren op een VAIO-computer
— Instelling voor beperkte toegang
Als de gebruikte server een Sony VAIO-computer is, kunt u het apparaat registreren op de VAIO-computer zodat geen andere component dan dit apparaat toegang tot de computer kan krijgen.
1 Druk op NETWORK MEDIA of open het functiemen en selecteer [NETWORK MEDIA].
2 Open het optiemenu en selecteer [Setting] – [Register].

Het bericht "Register this product on the server within 5 minutes" wordt weergegeven en het apparaat schakelt over naar de stand-bymodus voor registratie.
Voer de registratie uit op de VAIO-computer. (Als de registratie niet binnen 5 minuten is voltooid, wordt de stand-bymodus voor registratie automatisch geannuleerd.)

4 Als het voltooiingsbericht wordt weergegeven, drukt u op ENTER.
De registratie op de VAIO-computer wordt voltooid.
De lijst met servers die kunnen worden geselecteerd, wordt weergegeven en de VAIO-computer wordt in de lijst weergegeven.
Raadpleeg de website voor klantenondersteuning van Sony Europe op http://support.sony-europe.com/ (alleen voor klanten in Europa) voor meer informatie over bewerkingen op de VAIO-computer.
Opmerking
Als u overschakelt van een bedrade naar een draadloze netwerkverbinding, of omgekeerd, wordt de instelling voor beperkte toegang gewist. In dit geval moet u de instelling opnieuw opgeven.
De antennes en de versterker aansluiten
Sluit de bijgeleverde antennes, de optionele versterker en het netsnoer aan in de volgorde 1 tot en met 5 zoals in de afbeelding wordt aangegeven.
De bijgeleverde antennes zijn bedoeld voor gebruik binnenshuis. Voor een stabiele ontvangst kunt u het beste het apparaat aansluiten op een externe antenne (los verkrijgbaar). Zie pagina 47 voor meer informatie over het aansluiten van draagbare apparaten of optionele componenten.

DIGITAL COAXIAL IN/OUT-aansluitingen
Gebruik een optionele digitale coaxkabel om de COAXIAL OUT-aansluiting te verbinden met de coaxingang op de digitale versterker.
Gebruik een optionele digitale coaxkabel om de COAXIAL IN-aansluiting te verbinden met de coaxuitgang op de digitale versterker, digitale tuner, MD-deck of DAT-deck.
1 Sluit de AM-kaderantenne aan.
Sluit de AM-kaderantenne aan op de aansluitingen voor de AM-antenne op het apparaat.
Trek vervolgens voorzichtig aan het snoer om te controleren of de antenne stevig is aangesloten.

- Houd de AM-kaderantenne uit de buurt van het apparaat en andere AV-apparatuur, omdat dit ruis in de radio-ontvangst kan veroorzaken.
- Controleer of de metalen draden (niet het gedeelte dat is bedekt met isolatiemateriaal) stevig in de antenneaansluitingen zijn geplaatst.
Vervolg
2 Sluit de FM-draadantenne aan.
Sluit de FM-draadantenne aan op de aansluiting voor de FM-antenne op het apparaat.
FM-draadantenne

Opmerkingen
- Wind de FM-draadantenne niet op tijdens het gebruik.
- Nadat u de FM-draadantenne hebt aangesloten, moet u deze neerleggen zodat de antenne zo parallel mogelijk met de vloer loopt.
Als de FM-ontvangst slecht is
Gebruik een in de handel verkrijgbare 75 Ω coaxkabel om het apparaat op een externe antenne aan te sluiten.
Externe antenne

3 Sluit de versterker aan.
Sluit de versterker via de ANALOG IN- en OUT-aansluitingen aan met de audiokabels (één audiokabel wordt bijgeleverd). Zorg ervoor dat u de gekleurde snoeren aansluit op de bijbehorende aansluitingen op het apparaat: rood (rechts) op rood en wit (links) op wit.

Wanneer u een digitaal apparaat, zoals een digitale versterker, aansluit
Gebruik de optionele digitale coaxkabel voor aansluiting op de DIGITAL COAXIAL IN- en OUT-aansluitingen, en gebruik de optionele optisch digitale kabel voor aansluiting op de DIGITAL OPTICAL IN- en OUT-aansluitingen. De DIGITAL (COAXIAL/OPTICAL) OUT-aansluiting is ontworpen voor het controleren van geluid via de aangesloten digitale versterker of een ander apparaat. Het is daarom niet mogelijk om een digitale opname van het signaal te maken op een aangesloten digitaal opnameapparaat, ongeacht het materiaaltype (bron) dat op dit apparaat is opgenomen.
Zorg ervoor dat u de digitale coaxkabel of de optisch digitale kabel niet buigt of vastbindt.
Bij aansluiting op de DIGITAL COAXIAL IN/OUT-aansluitingen:

Bij aansluiting op de DIGITAL OPTICAL IN/OUT-aansluitingen:

flowchart
graph TD
A["Optical"] -->|Signal| B["Optisch digitale kabel (optioneel)"]
B --> C["Digitale Versterker"]
C --> D["Digitale Tuner, MD-deck, DAT-deck, enzovoort"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style C fill:#cfc,stroke:#333
style D fill:#fcc,stroke:#333
4 Sluit het apparaat aan op het netwerk.
Als u beschikt over een netwerkomgeving, kunt u het apparaat verbinden met internet via een netwerkkabel of een draadloos LAN-netwerk met een Ethernet/draadloze LAN-mediaconverter. U kunt gemakkelijk een draadloze LAN-verbinding tot stand brengen door een draadloze BUFFALO USB LAN-adapter aan te sluiten op een USB-aansluiting op het apparaat. Zie "Netwerkverbinding en -configuratie" op pagina 82 voor meer informatie. Met een internetverbinding kunt u verschillende internetfuncties gebruiken (pagina 19, 21, 55, 73 en 96).
5 Sluit het netsnoer aan.
Sluit het netsnoer aan op een stopcontact nadat u alle andere aansluitingen hebt gemaakt.
Het apparaat wordt automatisch ingeschakeld en de standaardinstellingen worden geregistreerd. Wacht tot het apparaat weer wordt uitgeschakeld.
Het registreren van de standaardinstellingen kan enige minuten duren, afhankelijk van de status van het apparaat.
WAARSCHUWING
Koppel het netsnoer niet los terwijl de standaardinstellingen worden geregistreerd. Als u dit wel doet, kan er een storing optreden.
De batterijen in de afstandsbediening plaatsen
Plaats twee batterijen van AA-formaat (R6) (bijgeleverd) in de afstandsbediening met de plus- (+) en minpolen (-) op de juiste plaats.
Als de afstandsbediening het apparaat niet langer kan bedienen, moet u beide batterijen vervangen door nieuwe.

1 Wikkel het antennesnoer los van de antenne.

Antennesnoer
2 Monteer de AM-kaderantenne zodat deze rechtop staat.
Klap de standaard uit, zet de antenne rechtop en plaats deze in de sleuf, zoals in de onderstaande afbeelding wordt weergegeven.

flowchart
graph LR
A["Desktop System"] --> B["Computer Monitor"]
B --> C["Computer Display"]
Netwerkverbinding en -configuratie
Dit apparaat kan met internet worden verbonden via een ADSL-, kabel- (CATV) of glasvezelverbinding (FTTH). Raadpleeg de website voor klantenondersteuning van Sony Europe op http://support.sony-europe.com/ (alleen voor klanten in Europa) voor meer informatie over de verbindingen.
Verbinding maken met internet
Voeg dit apparaat toe aan uw internetomgeving.
Een bedrade internetverbinding gebruiken
Volg de onderstaande stroomdiagram om de juiste verbindingsconfiguratie te selecteren.

flowchart
graph TD
A["Start"] --> B["De computer is al verbonden met internet."]
B -->|Ja| C["U wilt op zowel de computer als het apparaat verbinding maken met internet."]
C -->|Ja| D["Hoe maakt uw computer verbinding met internet?"]
D -->|ADSL| E["Zijn er ongebruikte poorten beschikbaar op de modem of de breedbandrouter?"]
D -->|FTTH| F["Zijn er ongebruikte poorten beschikbaar op het optisch-netwerkapparaat of de breedbandrouter?"]
F -->|Ja| G["Bereid een breedband-router of een hub voor."]
F -->|Nee| H["Bereid een breedband-router of een hub voor."]
G --> I["Pagina 84"]
H --> J["Pagina 85"]
I --> K["C"]
J --> L["D"]
K --> M["Bereid een breedband-router of een hub voor."]
L --> N["CATV"]
M --> O["Nee"]
N --> P["Na"]
O --> Q["Neem een abonnement bij een internetprovider."]
P --> R["Neem een abonnement bij een internetprovider."]
Q --> S["Neem een abonnement bij een internetprovider."]
R --> T["Neem een abonnement bij een internetprovider."]
S --> U["Na"]
T --> V["Na"]
U --> W["Na"]
V --> X["Na"]
W --> Y["Na"]
X --> Z["Na"]
Een draadloos LAN-netwerk gebruiken
Wanneer u het apparaat via een draadloze LAN-verbinding gebruikt, volgt u de onderstaande stroomdiagram om de verbindingsmethode en -configuratie voor het apparaat te selecteren.

flowchart
graph TD
A["Start"] --> B["Beschikt u al over een draadloze LAN-omgeving?"]
B -->|Nee| C["Bereid een draadloze BUFFALO LAN-router (toegangspunt) en een draadloze USB LAN-adapter WLI-U2-KG54* voor."]
B -->|Ja| D["Beschikt u over een Ethernet/draadloze LAN-mediaconverter om aan te sluiten op dit apparaat?"]
D -->|Nee| E["Bereid een draadloze BUFFALO USB LAN-adapter WLI-U2-KG54* voor."]
E --> F["Pagina 86"]
F --> G["Pagina 86"]
G -->|Ja| H["Pagina 86"]
style G fill:#f9f,stroke:#333
Verbindingsvoorbeelden

Eenvoudige verbinding

Probeer de netwerkkabel aan te sluiten die op de computer was aangesloten.
Dit is een gemakkelijke manier om toegang tot internet te krijgen omdat u geen netwerkinstellingen op het apparaat hoeft op te geven.
Als u een internetverbinding wilt hebben zonder de computer te gebruiken, raadpleegt u B tot en met G.

Opmerkingen
- Deze methode voor toegang tot internet is wellicht niet mogelijk voor bepaalde internetproviders.
- Deze methode voor toegang tot internet is wellicht niet mogelijk voor bepaalde internetproviders omdat hiervoor een modem met een ingebouwde router is vereist. Als uw modem niet beschikt over een ingebouwde router, moet u een router voorbereiden.
B
Bij gebruik van CATV

flowchart
graph TD
A["CATV-aansluiting"] --> B["Kabelmodem"]
B --> C["Breedbandrouter"]
C --> D["Computer"]
B --> E["Coaxkabel (optioneel)"]
B --> F["Netwerkkabel (optioneel)"]
E --> G["Achterzijde van het apparaat"]
F --> H["Naar de NETWORK-poort"]
H --> I["Computer"]
! Als er geen ongebruikte poort beschikbaar is op de breedbandrouter, voegt u een hub toe. → ga naar E → Ga naar "Een bedraad LAN-netwerk instellen" op pagina 89.
C
Bij gebruik van ADSL

flowchart
graph TD
A["Telefoon"] --> B["Telefoonsnoer (optioneel)"]
B --> C["Splitter"]
C --> D["ADSL-modem"]
D --> E["Breedbandrouter"]
E --> F["Computer"]
C --> G["Telefoonsnoer (optioneel)"]
G --> H["Netwerkkabel (optioneel)"]
H --> I["Achterzijde van het apparaat"]
I --> J["Naar de NETWORK-poort"]
J --> K["Netwerkkabel (optioneel)"]
K --> L["Breedbandrouter"]
L --> M["Computer"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#f9f,stroke:#333
style C fill:#ccf,stroke:#333
style D fill:#ccf,stroke:#333
style E fill:#ccf,stroke:#333
style F fill:#ccf,stroke:#333
style G fill:#ccf,stroke:#333
style H fill:#ccf,stroke:#333
style I fill:#ccf,stroke:#333
style J fill:#ccf,stroke:#333
style K fill:#ccf,stroke:#333
style L fill:#ccf,stroke:#333
style M fill:#ccf,stroke:#333
! Als u een ADSL-modem met een ingebouwde router gebruikt, kunt u de netwerkkabel aansluiten op een ongebruikte poort op de modem.
Als er geen ongebruikte poort beschikbaar is op de breedbandrouter, voegt u een hub toe.
→ ga naar E
Ga naar "Een bedraad LAN-netwerk instellen" op pagina 89
D
Bij gebruik van glasvezel (FTTH)

flowchart
graph TD
A["Optisch-netwerkapparaat (DCE-apparatuur)"] -->|Internet| B["Glasvezelkabel"]
A -->|Internet| C["Netwerkkabel (optioneel)"]
A --> D["Breedbandrouter"]
D --> E["Computer"]
F["Achterzijde van het apparaat"] --> G["Naar de NETWORK-poort"]
G --> H["Netwerkkabel (optioneel)"]
! Als er geen ongebruikte poort beschikbaar is op de breedbandrouter, voegt u een hub toe.
ga naar E
Ga naar "Een bedraad LAN-netwerk instellen" op pagina 89
E
Bij gebruik van een hub

flowchart
graph TD
A["Breedbandrouter"] -->|Netwerkkabel (optioneel)| B["Hub"]
A -->|Netwerkkabel (optioneel)| C["Scanner"]
A --> D["Computer"]
A --> E["Printer"]
A --> F["Computer"]
A --> G["Anterzijde van het apparaat"]
H["Naar de NETWORK-poort"] --> I["Achterzijde van het apparaat"]
I --> J["Computer"]
Als er geen ongebruikte poort beschikbaar is op de breedbandrouter, voegt u een hub toe en sluit u vervolgens de overige apparaten aan op de hub.
Opmerking
Als er meerdere apparaten op een hub zijn aangesloten en de hub niet beschikt over een ingebouwde router, kan slechts een van de apparaten per keer toegang krijgen tot internet. Als u meerdere apparaten tegelijk wilt verbinden met internet, moet u de hub aansluiten op een breedbandrouter.
Ga naar "Een bedraad LAN-netwerk instellen" op pagina 89.

Wanneer u een Ethernet/draadloze LAN-mediaconverter aansluit op de NETWORK-poort van het apparaat

flowchart
graph TD
A["ADSL-modem of optisch-netwerkapparaat (DCE-apparatuur)"] --> B["Netwerkkabel (optioneel)"]
B --> C["Computer"]
C --> D["Draadloze LAN-router (toegangspunt)"]
D --> E["Achterzijde van het apparaat"]
E --> F["Ethernet/draadloze LAN-mediaconverter (optioneel)"]
F --> G["Netwerkkabel (optioneel)"]
G --> H["Naar de NETWORK-poort"]
Als u de router hebt gewijzigd, moet u de computer instellen voor gebruik met die router. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing die bij de router wordt geleverd voor meer informatie over de instelprocedure.
Ga naar "Een bedraad LAN-netwerk instellen" op pagina 89.

Wanneer u een draadloze LAN-router (toegangspunt) en een draadloze BUFFALO USB LAN-adapter gebruikt

flowchart
graph TD
A["ADSL-modem of optisch-netwerkapparaat (DCE-apparatuur)"] --> B["Netwerkkabel (optioneel)"]
B --> C["Draadloze LAN-router (toegangspunt)"]
C --> D["Computer"]
E["Draadloze BUFFALO USB LAN-adapter WLI-U2-KG54* (optioneel)"] --> F["Naar de USB-aansluiting"]
F --> G["Achterzijde van het apparaat"]
* Voor informatie over andere draadloze USB LAN-adapters dan de WLI-U2-KG54 kunt u de site voor klantenondersteuning van Sony Europe raadplegen op http://support.sony-europe.com/ (alleen voor klanten in Europa).
Opmerking
Wanneer u een draadloze USB LAN-adapter aansluit op de USB-aansluiting aan de achterzijde van het apparaat, moet u ervoor zorgen dat u een USB-verlengsnoer gebruikt voor een betere draadloze ontvangst.
Ga naar "Een draadloos USB LAN-netwerk instellen" op pagina 90.
Het netwerk instellen
Als u op het apparaat verbinding met internet wilt maken, moet u ervoor zorgen dat de netwerkinstellingen op het apparaat correct zijn opgegeven. De instelprocedure is afhankelijk van of de NETWORK-poort of de USB-aansluiting op het apparaat wordt gebruikt om verbinding met internet te maken. Geef de betreffende (alfanumerieke) waarden voor uw breedbandrouter op, zoals in de volgende tabel wordt weergegeven. De items die moeten worden ingesteld, kunnen afwijken, afhankelijk van uw internetprovider. Raadpleeg de documentatie die u hebt ontvangen van uw internetprovider voor meer informatie.
| Items Beschrijving Voorbeelden | ||
| IP address Een numeriek adres dat aan een computer wordt gegeven. Het IP-adres bestaat uit vier reeksen met drie cijfers, van elkaar gescheiden door een punt. | 192.168.xxx.xxx | |
| Subnet mask Cijfers die worden gebruikt om het bereik aan te geven waartoe het IP-adres behoort. | 255.255.xxx.xxx | |
| Default gateway Een apparaat, zoals een computer of een breedbandrouter op een netwerk, dat kan fungeren als gateway wanneer toegang moet worden verkregen tot een andere computer buiten het netwerk. Dit wordt aangegeven met een IP-adres. | 192.168.xxx.xxx | |
| DNS server address (primary/secondary) | Een server die domeinnamen vertaalt in IP-adressen en die wordt aangegeven met een IP-adres.Afhankelijk van de serviceprovider kan dit ook "naamserver", "DNS1/DNS2", "DNS-server" of "domeinserver" worden genoemd. | 192.168.xxx.xxx |
| Proxy Als u proxygegevens hebt ontvangen van de serviceprovider, moet dit item worden ingesteld. Een proxy is een tussenliggende server die, in plaats van het apparaat, toegang zoekt tot de gewenste webserver, via een firewall om ongeautoriseerde toegang van buitenaf te voorkomen. Proxyservers plaatsen gegevens ook in het cachegeheugen om te zorgen voor snellere downloads. | Proxy.xxx.xx.xx | |
| Port Dit is het poortnummer voor een proxyserver. Als u een poortnummer hebt ontvangen van de serviceprovider, moet dit item worden ingesteld.Een poortnummer is vereist om de toepassing te identificeren tussen alle actieve toepassingen op de computer waarmee wordt gecommuniceerd. Toepassingen, zoals browsers en e-mailclients, beschikken over specifieke poortnummers. | 80 | |
Items Beschrijving Voorbeelden
| DHCP DHCP (Dynamic Host Configuration Protocol) is eenprotocol dat automatisch informatie, zoals een IP-adres,toewijst aan een computer (client) die tijdelijk is verbondenmet internet. De DHCP-server onderhoudt andereparameters, zoals IP-adres voor de gatewayserver of DNS-server, subnetmasker en het bereik van IP-adressen dat kanworden geleverd aan clients, en levert de informatie aangebruikers met een inbelverbinding.Wanneer de client de toegang beëindigt, verzamelt deDHCP-server automatisch de adressen en wijst deze toeaan een andere computer. Met het DHCP-protocol kunnengebruikers gemakkelijk verbinding met internet maken,zelfs als ze niet alle netwerkinstellingen weten. Bovendienkan de netwerkbeheerder het DHCP-protocol gebruiken ommeerdere clients gemakkelijk te beheren. |
| Access point* Een toegangspunt is een apparaat dat elektronische signalendoorstuurt om draadloze communicatieapparaten (zoalseen laptop) met elkaar te verbinden in een draadloos LAN-netwerk. |
| SSID* SSID (Service Set Identifier) is een naam waarmee hettoegangspunt wordt aangegeven in een draadloos LAN-netwerk uit de IEEE 802.11x-serie. De naam bestaat uitmaximaal 32 alfanumerieke tekens. |
| Security settings* Beveiligingsinstellingen voorkomen het gebruik vanbestanden of randapparaten of het onderscheppen vaninhoud van communicatie door derden. Dit apparaatkan WEP (Wired Equivalent Privacy) gebruiken alsbeveiligingsinstelling voor het draadloze LAN-netwerk. |
| Network key* De netwerksleutel is een soort wachtwoord dat wordtgebruikt als beveiligingsinstelling. Dezelfde netwerksleutelis vereist voor zowel de draadloze LAN-router als deEthernet/draadloze LAN-mediaconverter of de draadlozeUSB LAN-adapter. De sleutel bestaat uit maximaal 26alfanumerieke tekens. |
* Alleen voor draadloze LAN-netwerken.
Een bedraad LAN-netwerk instellen
In dit gedeelte wordt beschreven hoe u het apparaat kunt instellen voor een bedraad LAN-netwerk of een draadloos LAN-netwerk dat is verbonden via de NETWORK-poort van het apparaat.
1 Open het instelmenu en selecteer [Network].
2 Selecteer [LAN] - [Wired].
3 Selecteer [Wired LAN setting].
"Checking Network setting." wordt weergegeven en het venster voor het instellen van een bedraad LAN-netwerk wordt weergegeven.

○: U hoeft dit item niet in te stellen. △: U moet dit item instellen. Ga naar stap 4.
Als het apparaat problemen ondervindt bij het maken van verbinding met de breedbandrouter of een hub, kunt u het probleem soms verhelpen door [100 Mbps] of [10 Mbps] te selecteren.
6 Controleer of [DHCP] is ingesteld op [All auto]. Het IP-adres wordt automatisch opgehaald. U moet het IP-adres wellicht handmatig opgeven, afhankelijk van uw internetprovider. Zie "Het IP-adres handmatig instellen" voor meer informatie.
7 Selecteer [Apply]. De instelling wordt bijgewerkt.
8 Selecteer [Close]. De weergave keert terug naar het venster voor het instellen van het netwerk.
Het IP-adres handmatig instellen
1 Selecteer [DNS manual] of [All manual] in stap 6 hierboven. U moet de items instellen die zijn gemarkeerd met
2 Selecteer het item dat u wilt instellen.
3 Zet de muisaanwijzer op de parameter en druk op ↑/↓ om elk cijfer op te geven.
Tip
Als u een eerdere instelling wilt herstellen, selecteert u [Undo] voordat u stap 7 van "Een bedraad LAN-netwerk instellen" uitvoert.
Een proxyserver instellen
Deze procedure moet worden uitgevoerd als u een proxyinstelling hebt ontvangen van uw internetprovider. Als dit niet het geval is, kunt u deze procedure overslaan.
1 Selecteer [Proxy setting] in het venster voor het instellen van een bedraad LAN-netwerk.
2 Wijzig de instelling [To Internet] in [Connection via proxy].
3 Geef het adres voor [Proxy server] en het nummer voor [Port] op.
4 Selecteer [Close].
De netwerkstatus controleren
1 Selecteer [Network status check] in het venster voor het instellen van een bedraad LAN-netwerk.

Het apparaat controleert de netwerkstatus.

Als de controle is voltooid, wordt [OK] of [NG] voor elke item weergegeven. Het kan enkele minuten duren voordat de controle is voltooid.
- Als [OK] voor alle items wordt weergegeven, gaat u naar stap 5.
- Als [NG] voor een item wordt weergegeven, gaat u naar stap 3.
3 Selecteer [Details] voor items die zijn aangeduid met [NG].
In de weergave wordt de waarschijnlijke oorzaak van het probleem weergegeven.

4 Nadat u de oorzaak in stap 3 hebt gelezen, volgt u de instructies die worden weergegeven om de instellingen opnieuw op te geven. Vervolgens herhaalt u stap 2 en 3 tot [NG] wordt gewijzigd in [OK].
In bepaalde netwerkomgevingen, zoals het LAN-netwerk in een bedrijf, kan [NG] worden weergegeven, zelfs als alle verbindingen en instellingen correct zijn. In dit geval neemt u contact op met de netwerkbeheerder.
5 Selecteer [Close].
De weergave keert terug naar het venster voor het instellen van het netwerk.
6 Selecteer [Close] of druk op BACK.
Het venster voor het instellen van het netwerk wordt gesloten.
Een draadloos USB LAN-netwerk instellen
1 Open het instelmenu en selecteer [Network].
2 Selecteer [LAN] - [Wireless].
3 Selecteer [Wireless LAN setting].
4 Selecteer [Access point setting] – [Search for available access point].
Selecteer het toegangspunt in de zoekresultaten.
5 Stel de SSID, beveiligingsinstelling en netwerksleutel in en selecteer [Save].
6 Selecteer [Close].
De weergave keert terug naar het venster voor het instellen van een draadloos LAN-toegangspunt.
De weergave keert terug naar het venster voor het instellen van een draadloos LAN-netwerk.
Na deze procedure moet u de instellingen voor het IP-adres en de proxyserver opgeven (hieronder weergegeven).
Tip
U kunt het toegangspunt handmatig instellen in stap 4.
Het IP-adres en de proxyserver instellen
Nadat u het toegangspunt hebt ingesteld, moet u de instellingen voor het IP-adres en de proxyserver opgeven. Voer de procedure uit vanaf stap 4 van "Een bedraad LAN-netwerk instellen" (pagina 89) om deze instellingen op te geven (alleen de benodigde items voor het instellen van het draadloze LAN-netwerk worden weergegeven). Als deze instellingen automatisch worden opgegeven, controleert u de inhoud en selecteert u [Apply].
Opmerking
Als u de USB-adapter hebt losgekoppeld nadat u deze items hebt ingesteld, opent u het instelmenu nogmaals, selecteert u [Network] – [Wireless LAN setting] – [Address setting] en selecteert u [Apply].
De gedeelde map instellen
Als u een map op de computer instelt voor gedeeld gebruik, kunt u audiogegevens of beeldgegevens die op de computer zijn opgeslagen, importeren op het apparaat of een back-up van audiogegevens op het apparaat maken op de computer.
Raadpleeg de gebruiksaanwijzing of Help op uw Windows-computer voor meer informatie.
Windows XP Professional wordt gebruik in de onderstaande voorbeelden.
1 Klik op de computer met de rechtermuisknop op de gewenste map en kies [Delen en beveiliging]. Het venster Eigenschappen wordt weergegeven met het tabblad [Delen].
2 Klik op [Van deze map een gedeelde netwerkmap maken] en [Netwerkgebruikers mogen mijn bestanden wijzigen] om vinkjes toe te voegen.

3 Klik op [OK] om het venster Eigenschappen te sluiten.
Opmerking
Gebruik geen symbolen om de naam van de gedeelde map in het netwerk op te geven.
Overige instellingen
Weergave-instellingen

Het weergaveformaat op het apparaat wijzigen
U kunt kiezen uit twee weergaveformaten.
1 Open het instelmenu en selecteer [System setting].
Het instelvenster wordt weergegeven.
2 Selecteer [Unit display].
3 Selecteer [Wide zoom (16:9)] of [Normal (4:3)].
4 Selecteer [Close].
De schermbeveiliging instellen
Zoals bij een computer kunt u instellen dat een schermbeveiliging wordt weergegeven wanneer u enige tijd geen handelingen uitvoert.
1 Open het instelmenu en selecteer [System setting].
Het instelvenster wordt weergegeven.
2 Selecteer [Screen saver].
3 Selecteer [On].
On Als u 15 minuten geen handelingen uitvoert, wordt de schermbeveiliging ingeschakeld.
◆ Off De schermbeveiliging wordt niet ingeschakeld.
(◆ Fabrieksinstelling)
4 Selecteer [Close].
Het weergave-ontwerp wijzigen
U kunt het weergave-ontwerp op het apparaat selecteren.
1 Open het instelmenu en selecteer [Screen setting].
2 Selecteer [Type 1] of [Type 2].
3 Selecteer [OK].
De weergave wordt gewijzigd in het ontwerp dat u hebt geselecteerd.
De stand-bymodus instellen
1 Open het instelmenu en selecteer [System setting].
| ◆ Quick start-up | Het apparaat reageert snel op handelingen die u uitvoert nadat de stroom is ingeschakeld. Met deze instelling wordt meer stroom verbruikt. |
| Standard start-up | Het apparaat reageert langzaam op handelingen die u uitvoert nadat de stroom is ingeschakeld. Met deze instelling wordt minder stroom verbruikt. |
(◆ Fabrieksinstelling)
4 Selecteer [Close].
Tips
- U kunt zien welke stand-bymodus is geselecteerd aan de hand van de kleur van de ON/STANDBY-aanduiding wanneer u de stroom uitschakelt.
Rood: de stand-bymodus is "Standard start-up".
Oranje: de stand-bymodus is "Quick start-up".
Groen: het apparaat analyseert het geluid (zie "Over 12 Tone Analysis" op pagina 45). - Als de stand-bymodus is ingesteld op "Quick start-up", wordt de interne ventilator soms automatisch ingeschakeld, zelfs als de stroom is uitgeschakeld. Dit is geen storing.
Het systeem beheren
Een back-up van audiogegevens maken en audiogegevens terugzetten
U kunt een back-up van de audiogegevens op de HDD van het apparaat maken in een gedeelde map op de computer of op een USB-schijf. De gegevens van de back-up kunnen worden gebruikt om de gegevens terug te zetten naar de HDD van het apparaat.
Als u eerder een back-up van de gegevens op de HDD hebt gemaakt, kunt u de volgende keer dat u een back-up wilt maken, een incrementele back-up maken om alleen de inhoud op te slaan die is toegevoegd nadat u de laatste back-up hebt gemaakt. Zo neemt het maken van de back-up minder tijd in beslag.
Houd er rekening mee dat de audiogegevens waarvan u een back-up hebt gemaakt, eerst moeten worden gevalideerd wanneer u de gegevens wilt terugzetten naar de HDD van het apparaat. Voor het valideren van de audiogegevens moet een bevestiging worden ontvangen via internet om zo het ongeautoriseerd kopieren van audiogegevens te voorkomen.
Nadat een bepaalde hoeveelheid gegevens op de HDD is opgeslagen, kunt u het beste een back-up maken als voorzorgsmaatregel in geval van onverwachte problemen.
Opmerking
Als u de gegevens waarvan u een back-up hebt gemaakt, wilt terugzetten, moet het apparaat zijn verbonden met internet.
Vereiste indeling en grootte van de vaste schijf voor het maken van back-ups
Als u een back-up van audiogegevens op een USB-schijf wilt maken, moet de vaste schijf het FAT32-bestandssysteem gebruiken.
De vaste schijf moet groter zijn dan de audiogegevens waarvan u de back-up wilt maken.
Zie pagina 110 voor de grootte van de HDD van het apparaat. Als u wilt controleren hoeveel vrije ruimte er nog op de HDD beschikbaar is, bekijkt u de informatie bij [System info] in het optiemenu.
Opmerkingen
- Het maken van een back-up kan zeer lang (tot 60 of 80 uur) duren, afhankelijk van de hoeveelheid gegevens, de USB-schijf, de computer en de netwerkstatus.
- De back-up van de audiogegevens kan niet worden gekopieerd naar of gebruikt op andere apparaten (zoals een computer) dan dit apparaat.
- Als de FAT32-formattering op de USB-schijf is uitgevoerd met een ander apparaat, zoals een computer, wordt de back-up van de audiogegevens gemaakt in de eerste partitie van de USB-schijf. Het is wellicht niet mogelijk een back-up van audiogegevens te maken als er niet voldoende ruimte beschikbaar is in de eerste partitie. Als u meer ruimte nodig hebt, moet u de vaste schijf opnieuw partitioneren op een computer, enzovoort om te zorgen dat er voldoende ruimte beschikbaar wordt voor de back-up.
- Als de USB-schijf niet is geformatteerd, voert u de FAT32-formattering van de eerste partitie uit op dit apparaat (pagina 94) voordat u doorgaat met het maken van een back-up.
- Het maken van een back-up van alleen het nieuwe materiaal kan wellicht niet correct worden gedaan als de klok niet correct is ingesteld.
Een back-up van gegevens maken op de USB-schijf
U kunt een back-up van gegevens op de HDD van het apparaat maken op een USB-schijf (optioneel).
1 Gebruik een USB-kabel om de vaste schijf aan te sluiten op de USB-aansluiting van het apparaat.
Opmerkingen
- Als er tegelijkertijd twee USB-schijven zijn aangesloten op beide USB-aansluitingen (voorzijde en achterzijde), krijgt het apparaat dat aan de voorzijde is aangesloten voorrang.
- Als u de USB-schijf wilt gebruiken die op de USB-aansluiting aan de achterzijde van het apparaat is aangesloten, moet u de USB-schijf aan de voorzijde loskoppelen.
Voorzijde of achterzijde van het apparaat

flowchart
graph TD
A["User Interface"] --> B["USB-Kabel (optioneel)"]
C["User Interface"] --> D["USB-Kabel (optioneel)"]
B --> E["User Interface"]
D --> E
style A fill:#f9f,stroke:#333
style C fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style D fill:#ccf,stroke:#333
- De vorm van de USB-aansluiting verschilt afhankelijk van de USB-schijf die wordt gebruikt.
- Raadpleeg de website voor klantenondersteuning van Sony Europe op http://support.sony-europe.com/ (alleen voor klanten in Europa) voor meer informatie over ondersteunde USB-schijven. Als een USB-schijf die niet wordt ondersteund, op het apparaat wordt aangesloten, kan er een storing in het apparaat optreden.
2 Open het instelmenu en selecteer [Backup]. Het venster voor het instellen van de back-up wordt weergegeven.

Er wordt een selectievenster weergegeven waarin u het bestemmingsstation kunt selecteren.
4 Selecteer [USB hard disk].
Er wordt een bevestigingsvenster voor het geselecteerde station weergegeven.
5 Controleer het weergegeven item en selecteer [Yes].
Het maken van de back-up wordt gestart. Wanneer de back-up is voltooid, wordt "Backup completed normally." weergegeven.
Als er al een back-up van gegevens op het station staat
1 Selecteer [Full backup] of [Incremental backup] in stap 5 van "Een back-up van gegevens maken op de USB-schijf" op pagina 93.
| Full backup De audiogegevens overschrijven de bestaande gegevens. | |
| Incremental backup | Alleen audiogegevens die afwijken van de bestaande gegevens, worden opgeslagen. |
| Back Het maken van een back-up wordt geannuleerd en het apparaat keert terug naar de vorige weergave. | |
2 Selecteer [Yes].
Het maken van de back-up wordt gestart.
Wanneer de back-up is voltooid, wordt "Backup completed normally." weergegeven.
Het maken van een back-up annuleren
1 Selecteer [Cancel] terwijl de back-up wordt gemaakt.
Er wordt een bevestigingsvenster weergegeven.
Gegevens uit een back-up terugzetten
U kunt de gegevens uit de back-up op de externe USB-schijf terugzetten naar de HDD van het apparaat.
1 Selecteer [Restore backup data] – [USB hard disk] in het venster voor het instellen van de back-up.
Er wordt een bevestigingsvenster voor het terugzetten weergegeven.
2 Controleer het weergegeven item en blijf vervolgens [Yes] selecteren.
Het apparaat maakt verbinding met internet en de audiogegevens worden gevalideerd. Nadat de validatie is voltooid, worden de audiogegevens teruggezet naar de HDD. Wanneer het terugzetten is voltooid, wordt "Restored backup data normally." weergegeven.
Als u [Cancel] selecteert terwijl de gegevens worden teruggezet, wordt het terugzetten geannuleerd.
Een USB-schijf formatteren
1 Open het instelmenu en selecteer [Backup]. Het venster voor het instellen van de back-up wordt weergegeven.
2 Open het optiemenu en selecteer [Format USB-HDD].
Er wordt een bevestigingsvenster weergegeven.
3 Controleer het weergegeven item en blijf vervolgens [Yes] selecteren.
De USB-schijf wordt geformatteerd. Wanneer het formatteren is voltooid, wordt "Formatted USB hard disk normally." weergegeven.
Het venster voor het instellen van de back-up wordt opnieuw weergegeven.
Een back-up van gegevens maken in een gedeelde map op de computer
U kunt een back-up van de gegevens op de HDD van het apparaat maken in een gedeelde map op de computer.
Opmerking
Als u de functie voor het maken van een back-up wilt gebruiken, moet een van de volgende Windowsbesturingssystemen in de fabriek op uw computer zijn geïnstalleerd.
Microsoft Windows ^® 2000 Professional Microsoft Windows ^® XP Home Edition Microsoft Windows ^® XP Professional
1 Stel de gedeelde map in (pagina 91).
2 Open het instelmenu en selecteer [Backup]. Het venster voor het instellen van de back-up wordt weergegeven.
3 Selecteer [Backup data].
Er wordt een selectievenster weergegeven waarin u het bestemmingsstation kunt selecteren.
4 Selecteer [Online Windows shared folder].
5 Stel elk item in door stap 1 tot en met 3 hieronder uit te voeren.
1 Selecteer een van de volgende items.
| PC name De computernaam of een IP-adres (maximaal 15 letters/cijfers). |
| Share name De naam die is opgegeventoen de map werd ingesteldals gedeelde map (pagina 91). |
| User name De naam die is gebruikt voortoegang tot de computer toende map werd ingesteld alsgedeelde map. |
| Password Dit is alleen nodig als eenwachtwoord voor de gedeeldemap is opgegeven. |
2 Geef de informatie op voor het item dat u in stap 1 hebt geselecteerd. U kunt alleen alfanumerieke tekens opgeven.
6 Als er al een back-up met gegevens bestaat, gaat u naar stap 7. Als er nog geen back-up met gegevens bestaat, gaat u naar stap 8.
| Full backup De audiogegevensoverschrijven de bestaande gegevens. | |
| Incremental backup | Alleen audiogegevens die afwijken van de bestaande gegevens, worden opgeslagen. |
| Back Het maken van een back-upwordt geannuleerd en het apparaat keert terug naar de vorige weergave. | |
8 Selecteer [Yes]. Het maken van de back-up wordt gestart. Wanneer de back-up is voltooid, wordt "Backup completed normally." weergegeven.
De computernaam controleren (bij gebruik van Windows XP Professional)
Ga naar het menu Start en kies [Configuratiescherm] - [Systeem], open het venster Eigenschappen en klik op de tab [Computernaam] om de computernaam weer te geven bij [Volledige computernaam].
Het IP-adres controleren (bij gebruik van Windows XP Professional)
Ga naar het menu Start en kies [Configuratiescherm] – [Netwerkverbindingen], selecteer het gebruikte netwerk en klik op de tab [Ondersteuning] om het IP-adres weer te geven.
Het maken van een back-up annuleren
1 Selecteer [Cancel] terwijl de back-up wordt gemaakt. Er wordt een bevestigingsvenster weergegeven.
Gegevens uit een back-up terugzetten
U kunt de gegevens uit de back-up in een gedeelde map op de computer terugzetten naar de HDD van het apparaat.
1 Selecteer [Restore backup data] – [Online Windows shared folder] in het venster voor het instellen van de back-up.
2 Stel de gedeelde computermap in en selecteer [Confirm].
3 Controleer het weergegeven item en blijf vervolgens [Yes] selecteren. Het apparaat maakt verbinding met internet en de audiogegevens worden gevalideerd. Nadat de validatie is voltooid, worden de audiogegevens teruggezet naar de HDD. Wanneer het terugzetten is voltooid, wordt "Restored backup data normally." weergegeven. Als u [Cancel] selecteert terwijl de gegevens worden teruggezet, wordt het terugzetten geannuleerd.
Opmerkingen
- Wanneer u het maken van een back-up annuleert, zijn de gegevens waarvan een back-up op het externe apparaat is gemaakt onvolledig en kunnen niet worden gebruikt om gegevens terug te zetten naar de HDD. In dit geval moet u de volledige back-up uitvoeren tot deze is voltooid.
- Wanneer u het terugzetten van gegevens annuleert, zijn de audiogegevens die zijn teruggezet naar de HDD van het apparaat onvolledig en kunnen deze een storing in het apparaat veroorzaken. Om dit te voorkomen moet u het terugzetten opnieuw uitvoeren tot dit is voltooid.
- Formatteren kan niet worden geannuleerd zodra dit is begonnen.
- Er kan geen USB-hub worden gebruikt tussen het apparaat en een extern apparaat.
- Sony biedt geen garantie voor een probleemloze werking wanneer u een USB-verlengsnoer gebruikt om een back-up van gegevens te maken of om gegevens uit een back-up terug te zetten.
- Koppel de USB-kabel of de netwerkkabel niet los en schakel het apparaat niet uit tijdens het maken of terugzetten van een back-up. Als u dit wel doet, kan een storing in het apparaat optreden.
- Geef de naam van de gedeelde map op het netwerk op met alfanumerieke tekens.
Systeeminformatie controleren
U kunt informatie over het systeem weergeven, zoals de resterende ruimte op de HDD, het versienummer van de toepassing en de versie van de microcomputer van het systeem.
Open het instelmenu en selecteer [System info].
Tip
De resterende ruimte op de HDD is de werkelijke ruimte die beschikbaar is voor het opslaan van audiogegevens. De volledige capaciteit is ongeveer 224 GB.
De systeemtoepassing bijwerken
Als u de laatste versie van de systeemtoepassing downloadt, kunt u de nieuwste functies gebruiken. Wanneer een nieuwe update beschikbaar is, wordt u in een bericht hiervan op de hoogte gesteld wanneer het apparaat is ingeschakeld en is verbonden met internet.
1 Open het instelmenu en selecteer [Software update].
Het venster voor het bijwerken van de systeemtoepassing wordt weergegeven.
2 Volg de aanwijzingen die worden weergegeven.
Het bijwerken wordt gestart. Het kan ongeveer een uur duren voordat het bijwerken is voltooid.
Nadat het bijwerken van de toepassing is voltooid, duurt het ongeveer 30 tot 40 minuten voordat het apparaat opnieuw wordt opgestart.
Opmerking
Schakel het apparaat niet uit en koppel de netwerkkabel niet los terwijl de toepassing wordt bijgewerkt.
Het systeem formatteren
Met deze functie wordt het apparaat geformatteerd en wordt de status van het apparaat op het moment van aankoop hersteld. Met dit proces worden alle instellingen en informatie verwijderd (zoals audiogegevens die zijn opgenomen of geïmporteerd in de HDD Jukebox, de klokinstelling en de netwerkinstellingen). De systeemupdates die u met [Software update] hebt uitgevoerd, worden echter niet verwijderd.
1 Open het instelmenu en selecteer [System format].
Er wordt een bevestigingsvenster weergegeven.
2 Selecteer [Yes].
Het formatteren wordt gestart. Het apparaat wordt automatisch een aantal keren opnieuw opgestart tijdens de bewerking. Enkele minuten nadat het apparaat voor het laatst opnieuw is opgestart, wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld.
Aanvullende informatie
Problemen oplossen
Als er een probleem optreedt tijdens het bedienen van het apparaat, moet u de onderstaande stappen uitvoeren voordat u contact opneemt met uw plaatselijke Sony-dealer. Als er een foutbericht wordt weergegeven, kunt u de inhoud hiervan het beste noteren ter referentie.
1 Controleer of het probleem wordt beschreven in dit gedeelte.
2 Controleer de website voor klantenondersteuning van Sony Europe op http://support.sony-europe.com/ (alleen voor klanten in Europa).
Hier vindt u de meest recente ondersteuningsinformatie en antwoorden op veelgestelde vragen.
3 Als u het probleem na stap 1 en 2 nog niet kunt oplossen, moet u contact opnemen met uw plaatselijke Sony-dealer.
Als u al het voorgaande hebt gedaan en het probleem zich blijft voordoen, neemt u contact op met uw plaatselijke Sony-dealer.
Stroom
Het apparaat wordt niet ingeschakeld.
- Sluit het netsnoer stevig aan op het stopcontact.
- Trek de stekker van het netsnoer weer uit het stopcontact. Sluit het netsnoer na ongeveer een minuut weer aan en druk op I/⏻ (aan/uit) om het apparaat in te schakelen.
De berichten "Starting up", "Please wait" en "Turning-off after setting is applied" worden weergegeven en het apparaat wordt automatisch uitgeschakeld.
- Dit duidt niet een probleem. Wanneer het netsnoer is aangesloten, worden automatisch de standaardinstellingen geregistreerd en wordt de stand-bymodus ingeschakeld. Het apparaat wordt uitgeschakeld wanneer u op I/⏻ (aan/uit) drukt.
Het duurt even voordat het apparaat wordt uitgeschakeld terwijl de bovenstaande berichten worden weergegeven.
- Als op de HDD van het apparaat een groot aantal gegevens zijn opgenomen, kan het even duren voordat het apparaat wordt uitgeschakeld.
Het duurt even voordat het apparaat wordt ingeschakeld terwijl de berichten "Starting up" en "Please Wait" worden weergegeven.
- Als u het apparaat gebruikt in een omgeving zonder een breedbandrouter, duurt het ongeveer 30 seconden voordat het apparaat een IP-adres heeft verkregen en is ingeschakeld.
- Het voor het apparaat ingestelde IP-adres wordt al gebruikt door een ander apparaat. Stel een ander IP-adres in.
Het apparaat wordt niet uitgeschakeld.
- De toets I/⏻ (aan/uit) reageert mogelijk niet terwijl de standaardinstellingen worden geregistreerd of het apparaat nog wordt opgestart.
- De ON/STANDBY-aanduiding brandt groen en het paneel met verlichting knippert langzaam terwijl de opgenomen materialen worden geanalyseerd. Als u de analyse wilt annuleren en het apparaat wilt uitschakelen, drukt u op ■ (stoppen).
Weergave
De weergave is vervormd.
- Het apparaat wordt blootgesteld aan schokken of trillingen. Installeer het apparaat op een stabiele locatie.
- In zeldzame gevallen kunnen de kenmerken van de HDD enkele storingen in de weergave veroorzaken. Dit duidt niet op een storing.
Geluidsuitvoer
Er is geen geluid.
- Controleer de aansluitingen van de versterker en controleer of de versterker is ingeschakeld.
- Er kan geen geluidscontrole worden uitgevoerd terwijl de opnametimer wordt uitgevoerd.
- Annuleer de onderbreking.
- Controleer de aansluitingen van de externe component.
Er is een irritante zoem of ruis te horen.
- Houd de geluidssnoeren uit de buurt van schermen, fluorescerend licht of andere elektrische apparaten.
- Installeer het apparaat niet in de nabijheid van schermen of een televisie.
- Als stekkers of aansluitingen vuil zijn, reinigt u deze met een licht met alcohol bevochtigde doek.
- De geplaatste disc bevat krassen of vlekken.
CD
Er wordt niet begonnen met afspelen.
- Controleer of er een disc is geplaatst.
- Plaats de disc met de labelzijde omhoog in de lade (pagina 20).
- De disc moet plat in de lade liggen.
- De geplaatste disc wordt niet ondersteund door het apparaat (pagina 106).
- Er is vocht gecondenseerd in de disclade. Verwijder de disc, schakel het apparaat ongeveer 30 minuten uit en plaats de disc opnieuw (pagina 105).
Er kan niet worden afgespeeld. Het geluid slaat over.
- De disc voldoet niet aan de norm voor audio-CD's.
- De geplaatste disc bevat krassen of vlekken.
Sommige tracks kunnen niet worden afgespeeld.
- Als u een audio-CD-indeling gebruikt voor een disc die in meerdere sessies is opgenomen, kunnen alleen de tracks worden afgespeeld die zijn opgenomen in de eerste sessie.
MP3-bestanden kunnen niet worden afgespeeld.
- MP3-bestanden die niet voldoen aan de ISO 9660 Level 1-, 2- of Joliet-norm, zijn opgenomen op de disc.
- Bestanden zonder de MP3-extensie kunnen niet worden afgespeeld. Als een bestand op een disc geen MP3-bestand is, maar wel een MP3-extensie heeft, wordt geprobeerd dat bestand af te spelen, maar kan er een ruis te horen zijn of een storing optreden in het apparaat.
- De bestanden hebben de MP3-extensie, maar een andere indeling dan MPEG-1 Audio Layer 3.
Artiestennamen kunnen niet worden weergegeven.
- Artiestennamen worden voor MP3-CD's niet weergegeven in de hoofdweergave. U kunt de artiestennaam controleren in de weergave met gedetailleerde trackinformatie (ID3) (pagina 22).
Titelinformatie kan niet worden opgehaald.
- Het apparaat is niet verbonden met een netwerk.
- Er is geen disc geplaatst.
- De MP3-modus is ingesteld.
- De database van de muziekherkenningsservice Gracenote® bevat geen informatie voor de disc (pagina 21).
FM/AM
Er kunnen geen radio-uitzendingen worden ontvangen.
- Sluit de antennes op de juiste wijze aan (pagina 79 tot en met 80).
- Pas de antennepositie aan.
- Gebruik een externe antenne.
RDS werkt niet.
- Stem af op een FM-zender.
HDD Jukebox
Sommige tracks worden niet afgespeeld.
- Voor een bepaald lijsttype wordt geen enkele track weergegeven.
MP3-audiobestanden kunnen niet worden afgespeeld.
- De MP3-audiobestanden zijn opgenomen in een indeling die niet wordt ondersteund.
Een CD kan niet worden opgenomen.
- De disc voldoet niet aan een van de ondersteunde normen voor audio-CD's.
- De disc kan krassen of vlekken bevatten.
Bestanden kunnen niet worden geïmporteerd.
- U kunt maximaal 10.000 tracks in één keer importeren. Verlaag het aantal bestanden tot 10.000 of minder door bestanden te verwijderen (wanneer u importeert van het USB-opslagapparaat) of bestanden te verdelen over verschillende mappen (wanneer u importeert uit een gedeelde computermap).
De items in de lijst met albums, artiesten, enzovoort kunnen niet worden gesorteerd.
- De sorteerfunctie werkt niet voor de mapmodus of afspeellijstmodus.
Er kunnen geen bewerkingen worden uitgevoerd.
- Zie "Over de functies die kunnen worden uitgevoerd" op pagina 54.
De naam kan niet worden gewijzigd.
- Misschien is het niet mogelijk om in bepaalde lijstmodi of directory's tracktitels in een lijstweergave te wijzigen (pagina 58).
Titelinformatie kan niet worden opgehaald.
- Het apparaat is niet verbonden met een netwerk.
- De database van de muziekherkenningsservice Gracenote® bevat geen informatie voor de disc (pagina 21).
- Misschien is het niet mogelijk om titelinformatie op te halen voor tracks die slecht zijn opgenomen; bijvoorbeeld tracks die niet vanaf het begin zijn opgenomen.
- Voor tracks met een lengte van 15 seconden of minder kan geen informatie worden opgehaald.
Tracks kunnen niet worden samengevoegd.
- U kunt geen tracks samenvoegen als de gecombineerde afspeelduur meer dan 120 minuten bedraagt.
- De indeling van de tracks komt niet overeen (bijvoorbeeld wanneer de ene track de Linear PCM-indeling heeft en de andere track de ATRAC-indeling).
- De tracks hebben verschillende bitsnelheden (bijvoorbeeld wanneer de ene track een bitsnelheid van 105 kbps heeft en de andere track een bitsnelheid van 132 kbps).
- De geselecteerde tracks zijn MP3-tracks.
Na veelvuldig bewerken (splitsen en samenvoegen) kunnen de tracks niet meer worden samengevoegd.
- Dit gebeurt vanwege de technische beperkingen van het HDD-systeem. Dit duidt niet op een storing.
Vervolg
Wanneer u van de radio opneemt, worden muzikale en gesproken inhoud niet automatisch onderscheiden.
- Controleer of de instelling "Track mark" voor de opname is ingesteld op "Auto" (pagina 29).
Een track kan niet worden gesplitst.
- U hebt geprobeerd een track aan het begin of einde te splitsen.
- Een track kan niet worden gesplitst als het gevolg hiervan is dat de HDD Jukebox meer dan 40.000 tracks bevat.
- De geselecteerde tracks zijn MP3-tracks.
- De geselecteerde lijstmodus komt niet overeen met de geselecteerde mapmodus.
Bepaalde beeldbestanden worden niet weergegeven.
- Er kunnen maximaal 5.000 beeldbestanden in één keer worden geselecteerd. Beeldbestanden worden op volgorde weergeven, van de nieuwste tot de oudste.
Het apparaat kan geen verbinding maken met het extern aangesloten draagbare apparaat.
- Als zowel op de aansluiting aan de voorzijde als op de aansluiting aan de achterzijde een draagbaar apparaat is aangesloten, moet u een van de twee apparaten verwijderen.
- Sluit de USB-kabel opnieuw aan.
x-DJ
Het gewenste kanaal wordt niet weergegeven.
- Wanneer er vijf tracks in een kanaal zijn verzameld, wordt het kanaal weergegeven.
Een track bevindt zich niet in het verwachte kanaal.
- Aangezien tracks worden gecategoriseerd via 12 Tone Analysis-technologie, kunnen bepaalde tracks in een ander kanaal worden opgenomen dan u verwacht. U kunt deze tracks niet wissen, maar wel verbergen zodat ze niet worden weergegeven (pagina 44).
Er bevinden zich geen tracks in een kanaal.
- Sommige kanalen worden ook weergegeven als er geen overeenkomende tracks zijn (pagina 41).
- Tracks worden alleen in het kanaal Radio Music/Talk opgenomen wanneer de instelling "Track mark" voor de opname is ingesteld op "Auto".
YEAR-kanaal werkt niet goed.
- Alleen tracks met informatie over het jaar van uitgave worden verzameld in het YEAR-kanaal.
- Het jaar dat wordt vermeld voor een track in het YEAR-kanaal, is niet altijd het jaar waarin de track voor het eerst is uitgegeven. Dit komt omdat de informatie die wordt weergegeven, overeenkomt met de CD met de track of het album.
Timer
De opnametimer werkt niet.
- Stel de datum en tijd op de juiste wijze in (pagina's 18 en 69).
- Er is een stroomstoring opgetreden terwijl de timerinstelling zich in de stand-bymodus bevond of het netsnoer was niet aangesloten op een stopcontact.
- Het apparaat wordt blootgesteld aan schokken of trillingen. Installeer het apparaat op een stabiele locatie.
Hoewel de wektimer is ingesteld, wordt pas op het opgegeven tijdstip begonnen met afspelen.
- Stel de datum en tijd op de juiste wijze in (pagina's 18 en 68).
- Er is een stroomstoring opgetreden terwijl de timerinstelling zich in de stand-bymodus bevond of het netsnoer was niet aangesloten op een stopcontact.
- Het apparaat wordt blootgesteld aan schokken of trillingen. Installeer het apparaat op een stabiele locatie.
De door de opnametimer opgenomen inhoud is onvolledig. Aan het begin of in het midden ontbreekt materiaal.
- Stel de datum en tijd op de juiste wijze in (pagina's 18 en 69).
- Er is een stroomstoring opgetreden terwijl de timerinstelling zich in de stand-bymodus bevond of het netsnoer was niet aangesloten op een stopcontact.
- U hebt een bewerking uitgevoerd of u hebt kort voordat de opnametimer werd geactiveerd een back-up van de gegevens gemaakt.
- Het apparaat is blootgesteld aan schokken of trillingen. Installeer het apparaat op een stabiele locatie.
Network Media
U kunt geen verbinding maken met de server (het bericht "Cannot access server." wordt weergegeven).
- Controleer of de netwerkkabel is aangesloten.
- Als er een hub of een router met een ingebouwde hub wordt gebruikt, moet deze zijn ingeschakeld.
- Controleer of de server is ingeschakeld.
- Controleer of het IP-adres van dit apparaat op de juiste wijze is verkregen.
-
Als [DHCP] is ingesteld op [All auto] en het IP-adres op de juiste wijze is verkregen, wordt het IP-adres weergegeven (pagina 89). Als het IP-adres niet wordt weergegeven, controleert u de volgende items.
-
Controleer of de hub of breedbandrouter is ingeschakeld. (Raadpleeg de gebruiksaanwijzingen voor de gebruikte apparatuur.)
- Schakel de breedbandrouter in voordat u het apparaat inschakelt.
- Controleer of de netwerkkabels worden gebruikt om het apparaat, de hub of de breedbandrouter te verbinden (pagina 83 tot en met 86).
-
Controleer of de juiste methode voor het verkrijgen van het IP-adres is gebruikt voor uw netwerkomgeving (pagina 89).
-
Controleer of de standaardinstellingen voor de server op de juiste wijze zijn doorgevoerd.
- Als de ICF-functie (Internet Connection Firewall) is geactiveerd op de server, kan hierdoor worden voorkomen dat het apparaat verbinding maakt met de server. Schakel in dat geval de ICF-functie uit.
- Controleer of het apparaat op de juiste wijze is geregistreerd op de server. Zelfs wanneer u de registratie van het apparaat op de server wist, kan de server worden weergegeven in de lijst met selecteerbare servers op dit apparaat.
- Registreer het apparaat opnieuw op de server.
- Start de server opnieuw op als u met de functie NETWORK MEDIA ook geen verbinding met de server kunt maken wanneer alle instellingen op de juiste wijze zijn opgegeven.
- Als u onlangs van een bekabelde op een draadloze netwerkverbinding bent overgestapt, of andersom, gaat de instelling voor beperkte toegang verloren. Geef in dit geval de instelling voor beperkte toegang opnieuw op.
Het apparaat maakt niet automatisch verbinding met de server.
- Als het apparaat rechtstreeks op de server is aangesloten via een kruiskabel, kan het apparaat mogelijk geen verbinding met de server maken. Verbind het apparaat via een hub met de server.
Het apparaat kan niet worden geregistreerd op een VAIO-computer.
- Controleer of de netwerkverbinding op de juiste wijze tot stand is gebracht en controleer de volgende items.
- Het vinkje bij "Release confirmation number" (Bevestigingsnummer voor ontgrendelen) moet zijn verwijderd.
- De hub of breedbandrouter moet zijn ingeschakeld. (Raadpleeg de gebruiksaanwijzingen voor de gebruikte apparatuur.)
- Schakel de breedbandrouter in voordat u het apparaat inschakelt.
- Controleer of de netwerkkabels worden gebruikt om het apparaat, de hub of de breedbandrouter te verbinden (pagina 83 tot en met 86).
- Controleer of de juiste methode voor het verkrijgen van het IP-adres is gebruikt voor uw netwerkomgeving (pagina 89).
De server waarmee u verbinding wilt maken, wordt niet weergegeven in de lijst met selecteerbare servers.
- Open het optiemenu en selecteer [Display] – [Update info]. Het kan even duren voordat de serverlijst is bijgewerkt. - Controleer of er een muziekserver (toepassing) actief is op de verbonden server.
Als u VAIO Media gebruikt, opent u het venster VAIO Media Server Settings en controleert u of [Status of the server] is ingesteld op [Started].

Het duurt even voordat het apparaat is verbonden met de server.
- Als u voor uw internetverbinding geen breedbandrouter gebruikt, kan het na het inschakelen van het apparaat ongeveer 30 seconden duren voordat er een IP-adres is verkregen en er verbinding tot stand wordt gebracht met de server.
- Het voor het apparaat ingestelde IP-adres wordt al gebruikt door een ander apparaat. Stel een ander IP-adres in.
Er kan geen verbinding met de server worden gemaakt of afspelen is niet mogelijk.
- Als u een breedbandrouter toevoegt nadat u het apparaat zonder een breedbandrouter in de netwerkverbinding hebt gebruikt, kan het IP-adres automatisch worden gewijzigd en is het niet meer mogelijk om verbinding te maken met de server. Ga in dat geval naar de weergave met de lijst met selecteerbare servers en werk de instelling bij om een nieuw IP-adres te verkrijgen. (Zie "De server waarmee u verbinding wilt maken, wordt niet weergegeven in de lijst met selecteerbare servers" op deze pagina.)
Het geluid slaat over.
- Dit probleem kan worden veroorzaakt door de netwerkomgeving.
- Het geluid kan overslaan wanneer op de server een groot aantal toepassingen wordt uitgevoerd. Sluit de andere toepassingen op de server.
- Wanneer het apparaat is verbonden met een draadloos LAN-netwerk, kan dit probleem worden veroorzaakt door elektromagnetische golven.
De audio-indeling die wordt weergegeven op het apparaat, wijkt af van die op de server.
- De audio-indeling voor afspelen via een netwerk wordt weergegeven op het apparaat. Op de server kan een andere indeling worden weergegeven.
Het bericht "Incompatible format found" wordt weergegeven en de track kan niet worden afgespeeld.
- Controleer of het audiobestand op de server is beschadigd of gewist. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de server.
Internet
Het apparaat kan geen verbinding maken met internet.
- Mogelijk kloppen de netwerkinstellingen niet. Neem contact op met uw internetprovider.
- Open het instelmenu en selecteer [Network] – [Network status check] om de netwerkstatus te controleren.
- Controleer of de breedbandrouter juist is ingesteld. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de router en het door de internetprovider geleverde materiaal voor meer informatie over de instelling van de breedbandrouter.
- Controleer of de netwerkkabels goed zijn aangesloten.
- Controleer of voor verbindingen de juiste netwerkkabels worden gebruikt (pagina 83 tot en met 86).
- Het apparaat gebruikt geen ingebouwde router en is rechtstreeks verbonden met een modem. Breng de verbinding via een breedbandrouter tot stand.
- Als u volgens het contract met uw internetprovider slechts met één apparaat tegelijkertijd verbinding met internet kunt maken, kan het apparaat geen verbinding met internet maken wanneer al een ander apparaat met internet is verbonden.
Neem contact op met uw internetprovider.
- Wanneer het apparaat is verbonden via een draadloos LAN-netwerk, kan elektromagnetische straling soms voorkomen dat er een internetverbinding tot stand kan worden gebracht.
Het apparaat kan geen verbinding maken met ADSL.
- Mogelijk hebt u bij het aansluiten van de kabels de telefoonpoort op de splitter aangezien voor de DSL-poort.
- Controleer de lampjes op de ADSL-modem en breedbandrouter. Raadpleeg de gebruiksaanwijzingen van de apparatuur.
Back-ups maken
De gedeelde computermap kan niet worden gevonden.
- Als de ICF-functie (Internet Connection Firewall) is geactiveerd, of wanneer er commerciële antivirussoftware actief is op uw Windows-computer, moet u controleren of voor de gedeelde map op de computer externe toegang is ingesteld. Raadpleeg de gebruiksaanwijzingen van de betreffende apparatuur.
- Controleer of de gedeelde map op de computer de map is waarvan als laatste een back-up is gemaakt.
Na een incrementele back- upbewerking nemen de betreffende gegevens twee keer zoveel ruimte in.
- Toen de incrementele back-up werd uitgevoerd, was de klok onjuist ingesteld (de klok was ingesteld op een tijd voor het moment dat de laatste back-up was uitgevoerd). Stel de klok juist in en voer nogmaals een incrementele back-up uit (pagina 94).
- Voer een volledige back-upbewerking uit (pagina 94).
Tijdens het herstellen van audiogegevens kan er een bericht als het volgende worden weergegeven.
[The backup file that you have just been restored has been subjected to multiple restorations in the past. In the OpenMG system, restrictions may be placed on the restoration of copyrighted materials that have been restored 4 or more times. This message appears when the backup file you are using has been restored 4 or more times.] ([Het back-upbestand dat u zojuist hebt teruggezet, is in het verleden meerdere keren teruggezet. In het OpenMG-systeem kunnen beperkingen zijn ingesteld voor het terugzetten van met copyright beschermde materialen die 4 keer of vaker zijn teruggezet. Dit bericht wordt weergegeven wanneer het gebruikte back-upbestand 4 keer of vaker is teruggezet.])
- Als een hersteld bestand ongeldig wordt vanwege een storing in een randapparaat of een ernstige instabiliteit in het apparaat
- Neem contact op met een geautoriseerde lokale serviceleverancier.
- Als validatie van een bestand zelfs na talloze pogingen mislukt
- Controleer of de computer of vaste schijf met de back-upgegevens beschadigd is.
Overige
Het apparaat werkt niet naar behoren.
- Mogelijk wordt het apparaat blootgesteld aan statische elektriciteit of andere factoren. Start in dat geval het apparaat opnieuw op. Stel het apparaat opnieuw in als het nog niet naar behoren werkt (pagina 105).
- Als er een waarschuwingsbericht wordt weergegeven, voert u de aanwijzingen in het bericht uit.
Er worden vijf alfanumerieke tekens weergegeven.
- De functie voor zelfdiagnose is geactiveerd (pagina 105).
ON/STANDBY-aanduiding knippert (rood).
- De beveiligingsfunctie van de interne stroomvoorziening is geactiveerd. Als dit gebeurt, haalt u de stekker van het netsnoer uit het stopcontact en controleert u de aansluitingen tussen de verschillende componenten. Als er geen problemen zijn opgetreden, controleert u of de ON/STANDBY-aanduiding niet brandt. Vervolgens sluit u het netsnoer weer aan op het stopcontact.
Er kunnen geen digitale opnamen worden gemaakt.
- Er kunnen geen digitale opnamen worden gemaakt als het bronsignaal bescherming tegen digitaal kopieren bevat. In dit geval sluit u de ANALOG IN-aansluitingen van het apparaat aan op de analoge uitgang van het bronapparaat om een analoge opname te maken.
De afstandsbediening werkt niet.
- De batterijen zijn bijna op.
- Er zijn geen batterijen geplaatst.
- Richt de afstandsbediening op de afstandsbedieningssensor van het apparaat (pagina 10).
- In de nabijheid van het apparaat bevindt zich een wisselcircuit voor een fluorescerende lamp. Verplaats het apparaat naar een locatie op geruime afstand van het circuit.
Het bericht "Audio data is corrupted" wordt weergegeven.
Het apparaat trilt of er komt lawaai uit de ventilatieopeningen.
- De trillingen worden veroorzaakt door het snelle draaien van de vaste schijf en het lawaai wordt veroorzaakt door de koelingsventilator. Dit is normaal en duidt niet op storingen.
De trilling of het lawaai in het apparaat neemt toe tijdens het opnemen van een CD.
- De vaste schijf draait sneller tijdens het opnemen van een CD dan tijdens het afspelen van een CD, dus de toename in de trillingen of het lawaai duidt niet op een storing. De hoeveelheid trillingen of lawaai kan afhankelijk zijn van het type CD.
De functie voor zelfdiagnose

Er wordt een servicenummer van vijf alfanumerieke tekens (bijvoorbeeld E 00 11) weergegeven wanneer de
functie voor zelfdiagnose wordt geactiveerd om een abnormale werking te voorkomen. Wanneer dit servicenummer wordt weergegeven, neemt u contact op met een geautoriseerde lokale serviceleverancier en geeft u dit servicenummer door aan de servicemedewerker.
Het apparaat opnieuw instellen
Het is doorgaans niet nodig om het apparaat opnieuw in te stellen. In zeldzame gevallen reageert het apparaat echter niet meer op toets- of schermbewerkingen. In dat geval moet u het apparaat opnieuw instellen door tegelijkertijd op ■ (stoppen) en I/⏻ (aan/uit) op het apparaat te drukken.
De vaste schijf repareren
- De inhoud van de vaste schijf kan tijdens een reparatie of inspectie worden gecontroleerd wanneer er een storing is opgetreden of de vaste schijf moet worden aangepast. Er wordt echter geen back-up van de inhoud gemaakt door Sony.
- De beslissing om de vaste schijf te formatteren of vervangen, wordt genomen door Sony. De inhoud van de vaste schijf, inclusief inhoud die in strijd is met auteursrechtwetten, wordt gewist.
Voorzorgsmaatregelen
Over veiligheid
- Trek de stekker uit het stopcontact als het apparaat langere tijd niet gebruikt zal worden. Als u de stekker uit het stopcontact trekt, moet u altijd de stekker vastpakken. Trek nooit aan het netsnoer.
- Wanneer een vaste of vloeibare stof in het apparaat terechtkomt, verwijdert u het netsnoer uit het stopcontact en moet u het apparaat door gekwalificeerd personeel laten controleren voordat u het weer in gebruik neemt.
- Het netsnoer mag alleen worden vervangen door een gekwalificeerde serviceleverancier.
Over de installatielocatie
- Installeer het apparaat niet op een hellende ondergrond of in extreem warme, koude, stoffige, vuile of vochtige ruimtes, ruimtes die niet goed kunnen worden geventileerd of ruimtes waarin het apparaat wordt blootgesteld aan trillingen, direct zonlicht of fel licht.
- Wees voorzichtig wanneer u het apparaat neerzet op een oppervlak dat met speciale middelen behandeld is (bijvoorbeeld met was, olie, poetsmiddel) omdat dit vlekken of verkleuring van het oppervlak kan veroorzaken.
- Als het apparaat van een koude naar een warme locatie wordt overgebracht of wordt geïnstalleerd in een zeer vochtige ruimte, kan vocht condenseren op de lens in de CD-speler en kan er een storing optreden. Verwijder in dit geval de disc en schakel het apparaat pas na ongeveer een uur uit wanneer het vocht is verdampt.
Over warmteopbouw
- Het is normaal dat het apparaat tijdens bewerkingen warmer wordt. Dit duidt niet op een storing.
- Raak het apparaat niet aan als het continu met een hoog volume is gebruikt. In dat geval kan het apparaat namelijk heet zijn.
- Blokkeer de ventilatiegaten aan de onderzijde van het apparaat niet. Als u dit wel doet, kan de warmte van het apparaat niet worden afgevoerd en kan er een storing optreden. Plaats geen voorwerpen in de buurt van het apparaat waardoor de ventilatiegaten kunnen worden geblokkeerd.
Wanneer het apparaat wordt verplaatst
Verplaats het apparaat niet wanneer hierin een CD is geplaatst. In dat geval kan de CD worden beschadigd.
Over het aanpassen van het volume
CD's reproduceren geluid met aanzienlijk minder ruis dan vinylplaten. Daarom kan een plotselinge volumepiek schade aan de luidsprekers veroorzaken wanneer u het volume verhoogt terwijl u naar een segment met alleen ruis luistert (zoals het geval zou kunnen zijn bij een vinylplaat).
Verlaag het volume voordat u een CD afspeelt.
Rekening houden met anderen
Houd rekening met uw buren, vooral 's avonds en 's nachts.
Over het maken van gegevensback-ups
Audiogegevens en systeeminstellingen die zijn opgeslagen op de vaste schijf van het apparaat, kunnen tijdens reparaties aan het apparaat verloren gaan. Noteer voordat u het apparaat laat repareren de instellingen en gebruik de back-up functie om een back-up van de gegevens op te slaan in een gedeelde map op uw computer of de vaste schijf van een USB-apparaat (zie "Een back-up van audiogegevens maken en audiogegevens terugzetten" op pagina 92).
Gegevens op de HDD van het apparaat kunnen worden beschadigd tijdens normale bewerkingen. Om gegevensverlies te voorkomen, moet u regelmatig back-ups van de gegevens maken. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor gegevensverlies of gegevensbeschadigingen tijdens normaal gebruik of reparaties.
Het apparaat reinigen
Reinig dit apparaat met een zachte doek die licht is bevochtigd met een niet-agressief reinigingsmiddel. Gebruik nooit een schuurspons, bijtend poeder of oplosmiddel, zoals een thinner, benzine of alcohol, of vergelijkbare producten.
Over het netsnoer
Verwijder het netsnoer alleen uit het stopcontact als het apparaat zich in de stand-bymodus bevindt (de ON/STANDBY-aanduiding brandt rood of oranje). Als u het netsnoer verwijdert terwijl het apparaat actief is (de ON/STANDBY-aanduiding brandt groen), kunnen er gegevens verloren gaan of kan er een storing optreden.
Over CD's
Afspeelbare discs
Disctype Logo op de disc
| Audio-CD | ![]() | |
| CD-R/RW (muziekgegevens) | ![]() | ![]() |
| CD-R/RW (MP3-bestanden) | COMPACT DISC ReWritable | COMPACT DISC Recordable |
Op het apparaat kunnen de volgende discs worden afgespeeld
- CD's: Muziek-CD's, CD-R's, CD-RW's en CD TEXT
- MP3-bestanden: CD-ROM's, CD-R's en CD-RW's (opgenomen in een indeling die voldoet aan de ISO 9660 Level 1-2- of Joliet-normen). Multisessie-CD's worden ondersteund.
Discs die NIET kunnen worden afgespeeld op dit systeem
- CD-R/CD-RW's die niet op de juiste wijze zijn gefinaliseerd.
- Foto-CD's
• Gedeelten met gegevens in de CD-Extra-indeling - Gedeelten met gegevens op gecombineerde CD's
- Superaudio-CD's (HD-laag van een hybride disc)
- Discs met een afwijkende vorm (bijvoorbeeld hartvormig, vierkant of stervormig)
• Discs waarop tape, papier of een sticker is geplakt - Gehuurde of gebruikte discs met een zegel waarbij de lijm onder het zegel vandaan komt
- Discs met labels waarvan de inkt plakkerig aanvoelt
• Discs met een adapter of andere accessoires
Opmerkingen
- Als de disc begint met een CD-DA-sessie (of "ATRAC"/MP3-sessie), wordt de disc herkend als een CD-DA-disc (of "ATRAC"/MP3-disc) en worden andere sessies niet afgespeeld.
- Een disc met verschillende CD-indelingen wordt herkend als een CD-DA-disc (audio).
- Sommige CD-R's of CD-RW's worden mogelijk niet afgespeeld op dit apparaat, afhankelijk van de kenmerken en de opnameomstandigheden.
- Het kan even duren voordat wordt begonnen met het afspelen van CD-RW's. Deze CD's hebben namelijk een lagere reflectie-index dan andere typen discs.
- De volgorde waarin MP3-tracks worden afgespeeld, komt mogelijk niet overeen met de aangegeven volgorde op pagina 108 omdat de volgorde mede afhankelijk is van de gebruikte software voor het schrijven van de gegevens.
- Op discs met meer dan 500 tracks aan audiogegevens, worden track 501 en hoger niet herkend.
- Het kan even duren voordat wordt begonnen met het afspelen van discs met een groot aantal directory's of een gecompliceerde structuur. Wanneer u een album opneemt op een disc, kunt u beter niet dieper opnemen dan het tweede subdirectoryniveau.
Tip
Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het CD-R/CD-RW-station voor meer informatie over het schrijven van gegevens naar een disc.
Opmerkingen over discs
- Voordat u een disc afspeelt, moet u deze met een doekje vanuit het midden naar de buitenzijde reinigen.
- Reinig discs niet met oplossingsmiddelen, zoals thinner, of in de winkel verkrijgbare reinigingsmiddelen of anti-statische spray voor vinylplaten.
- Stel discs niet bloot aan direct zonlicht of warmtebronnen, zoals warmtegeleiders, en laat de discs niet achter in een in de zon geparkeerde auto.
Muziekdiscs die zijn gecodeerd met copyrightbeveiligingstechnologieën
Dit product is ontworpen om discs af te spelen die voldoen aan de CD-norm (Compact Disc). Onlangs hebben bepaalde platenmaatschappijen discs op de markt gebracht die zijn gecodeerd met copyrightbeveiligingstechnologieën. Sommige van deze discs voldoen niet aan de CD-norm en kunnen wellicht niet worden afgespeeld met dit product.
Opmerking over DualDiscs
Een DualDisc is een tweezijdige disc, waarop aan de ene kant DVD-materiaal is opgenomen en aan de andere kant digitaal audiomateriaal. Aangezien de kant met het audiomateriaal echter niet voldoet aan de CD-norm (Compact Disc), kan het afspelen op dit product niet worden gegarandeerd.
Over MP3
Op dit apparaat kunnen audiogegevens in de MP3-indeling worden afgespeeld die zijn opgenomen op CD-ROM's, CD-R's en CD-RW's (gegevens-CD's).
Opmerkingen over het afspelen van MP3-discs
- Dit apparaat ondersteunt de MP3-indeling, een bemonsteringsfrequentie van 32, 44,1 of 48 kHz en een bitsnelheid van 32 tot 320 kbps. Als u op dit apparaat een disc afspeelt die is opgenomen met een andere samplefrequentie of bitsnelheid, kunnen er problemen optreden bij het afspelen, kunnen er luide geluiden te horen zijn, kan geluid overslaan of kunnen de luidsprekers worden beschadigd.
- Als een bestand op een disc een MP3-extensie heeft, maar geen MP3-bestand is, kan dat bestand worden overgeslagen of kan er een storing optreden.
- Dit apparaat biedt geen ondersteuning voor bestanden die zijn opgenomen in de MP3 Proindeling.
-
In de volgende gevallen kan de werkelijk verstreken of resterende tijd van een MP3-bestand afwijken van de weergegeven tijd.
-
Bij het afspelen van een MP3-bestand met een variabele bitsnelheid
-
Tijdens het snel vooruit- of terugspoelen
-
Mappen zonder MP3-bestanden worden overgeslagen.
-
Het maximumaantal:
-
MP3-bestanden en mappen op één disc is 500.
- mapniveaus (de boomstructuur van bestanden) is 10.
- Compatibiliteit met alle software voor het coderen/schrijven van MP3-bestanden, MP3-opnameapparatuur en -opnamemedia kan niet worden gegarandeerd. Incompatibele MP3-discs kunnen ruis of onderbrekingen veroorzaken of worden mogelijk helemaal niet afgespeeld.
Directory's en afspeelvolgorde van MP3-bestanden
De album- en trackdirectory's (MP3-bestanden) op een gegevens-CD hebben de structuur die wordt weergegeven in de volgende afbeelding, met de afspeelvolgorde
$$ ① \longrightarrow ② \longrightarrow ③ \longrightarrow ④ \longrightarrow ⑤ \longrightarrow ⑥ \longrightarrow ⑦. $$
Als een album een subalbum bevat, hebben de tracks in het subalbum een hogere afspeelprioriteit (als album is opgenomen in album , wordt track 3 in album bijvoorbeeld eerder afgespeeld dan de andere tracks, zoals track 6 of 7 ).
Albums worden in de lijstweergave van het apparaat weergegeven in de volgorde
$$ Ⓐ \longrightarrow Ⓑ \longrightarrow ⓒ \longrightarrow Ⓓ \longrightarrow ⒲ \longrightarrow Ⓕ \longrightarrow Ⓖ. $$
Albumpictogrammen waaronder geen tracks zijn opgenomen (zoals E in de afbeelding), worden niet weergegeven.
Werkelijke structuur

flowchart
graph TD
A["Disc"] --> B["Eerste directory (hoofdniveau)"]
B --> C["Subdirectory 2"]
B --> D["Subdirectory 3"]
B --> E["Subdirectory 4"]
B --> F["Album"]
B --> G["Track"]
B --> H["①"]
B --> I["②"]
B --> J["③"]
B --> K["④"]
B --> L["⑤"]
B --> M["⑥"]
B --> N["⑦"]
Weergave op het apparaat

flowchart
graph TD
A((Center Node)) --> B["A"]
A --> C["B"]
A --> D["C"]
A --> E["D"]
A --> F["F"]
A --> G["G"]
B --> H["1"]
C --> I["2"]
D --> J["3"]
E --> K["4"]
F --> L["5"]
G --> M["6"]
H --> N["Track"]
I --> N
J --> N
K --> N
L --> N
M --> N
Opmerking
Op het apparaat kan voor een gegevens-CD met MP3-bestanden tot en met subdirectory 10 worden weergegeven.
Technische gegevens
CD-speler
Systeem:
CD- en digitaal-audiosysteem
Eigenschappen van de laserdiode:
Emissieduur: continu
Laser-uitgangsvermogen*: Minder dan 44,6 μW
* Deze uitvoer is de waarde gemeten op een afstand van 200 mm vanaf het oppervlak van de objectieflens op het optisch-opnameblok met een diafragma van 7 mm.
HDD Jukebox
Capaciteit:
250 GB*
Opname-indeling:
Linear PCM
ATRAC3
ATRAC3plus
MP3
Maximale opnametijd:
Ongeveer 11.100 uur (gemeten met ATRAC
48 kbps)
Ongeveer 375 uur (gemeten met Linear PCM)
Maximumaantal tracks:
40.000
* Een deel van het geheugen wordt gebruikt voor systeembeheerfuncties. De werkelijke hoeveelheid beschikbaar geheugen is ongeveer 224 GB (240.518.168.576 bytes).
Tuner
Circuitsysteem:
Kwartsvergrendeling met digitale PLL-frequentiesynthesizer
87,5 - 108,0 MHz (stappen van 50 kHz)
Frequentiebereik (AM):
531 - 1.602 MHz (stappen van 9 kHz)
Ingangen
| Naam van aansluitingen | Aansluitings-type | Ingangs-impedantie | Geschatte invoer |
| ANALOG IN | Phono-aansluiting | 47 kΩ | 0,5 Vrms (standaard-gevoeligheid)0,25 Vrms (hoge gevoeligheid) |
| DIGITAL COAXIAL IN | Phono-aansluiting | 75 Ω | 0,5 Vp-p |
| DIGITAL OPTICAL IN | Vierkante optische aansluiting | — | — |
Uitgangen
| Naam van aansluitingen | Aansluitings-type | Uitgangs-niveau | Belastings-impedantie |
| ANALOG OUT 1 ANALOG OUT 2 | Phono-aansluiting | 2 Vrms (bij 47 kΩ) | 10 kΩ of meer |
| PHONES | Stereo standaard-aansluiting | 15 mW | 32 Ω |
| DIGITAL COAXIAL OUT | Phono-aansluiting | 0,5 Vp-p | 75 Ω |
| DIGITAL OPTICAL OUT | Vierkante optische aansluiting | -18 dBm | (Golflengte: 660 nm) |
| MONITOR OUT | Phono-aansluiting | 1,0 Vp-p | 75 Ω |
Overige terminals/poorten/aansluitingen
Antenneterminals
FM: 75 Ω, ongebalanceerd
AM: Externe antenneterminals
NETWORK-poort:
10BASE-T/100BASE-TX
USB-aansluiting:
USB-type A, USB met hoge snelheid voor het aansluiten van USB-apparaten zoals
Signaal/ruis-verhouding (weergave van HDD):
103 dB of meer
Signaal/ruis-verhouding (analoge opname/
weergave):
98 dB of meer
Dynamisch bereik (weergave van HDD):
98 dB of meer
Dynamisch bereik (analoge opname/weergave):
95 dB of meer
Algemeen
Stroomvereisten:
230 V wisselstroom, 50/60 Hz
Stroomverbruik:
48 W (0,5 W of minder in de standaardopstartmodus)
Afmetingen (b/h/d) (bij benadering):
430 × 110 × 290 mm incl. uitstekende onderdelen en bedieningselementen
Gewicht (bij benadering):
7,2 kg
Temperatuur tijdens gebruik:
+5 °C tot +35 °C
Luchtvochtigheid tijdens gebruik:
25 tot 80 %
Bijgeleverde accessoires:
Audiokabel (1)
FM-draadantenne (1)
AM-kaderantenne (1)
Afstandsbediening (1)
LR6-batterijen (AA-formaat) (2)
Gebruiksaanwijzing (1)
Handleiding voor snelle aansluiting en
bediening (1)
Octrooien in de Verenigde Staten en in andere landen vallen onder de licentie van Dolby Laboratories.
Ontwerp en technische gegevens kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.

• Stroomverbruik in Standby: 0,5 W
- Er werden geen halogene brandvertragende producten gebruikt in de betreffende printplaat/printplaten.
- In het omhulsel werden geen halogeen bevattende brandvertragende producten gebruikt.
Woordenlijst
ADSL
Afkorting van Asymmetric Digital Subscriber Line. ADSL is een soort breedbandlijn. Hiervoor worden de conventionele koperdraden van telefoonlijnen gebruikt, maar ADSL ondersteunt de verzending van grote hoeveelheden gegevens via hoogfrequentiebandbreedte. ADSL is asymmetrisch omdat de upstreamsnelheid (voor gegevens die vanaf de terminal van de gebruiker worden verzonden) hoger is dan de downstreamsnelheid (voor gegevens die van de provider naar de terminal van de gebruiker worden verzonden). De verzendingssnelheid is afhankelijk van het servicecontract.
ATRAC AD
Afkorting voor ATRAC Audio Device. Een algemene term voor apparaten waarop audiogegevens kunnen worden afgespeeld in de ATRAC-indeling.
ATRAC3
Een van de "ATRAC"-audiocompressietechnologieën die door Sony is ontwikkeld voor een hoge geluidskwaliteit met bijna 10 keer de compressiesnelheid van audio-CD's.
ATRAC3plus
ATRAC3plus is een uitgebreide versie van ATRAC3. Hiermee is een 20 keer hogere compressieratio mogelijk dan voor audio-CD's, zonder dat dit ten koste gaat van de geluidskwaliteit.
Bemonsteringsfrequentie
Wanneer audiobronnen van analoge in digitale gegevens worden omgezet, moeten ze worden gewijzigd in cijfers. Dit proces wordt bemonstering genoemd en de bemonsteringsfrequentie verwijst naar het aantal keren per seconde dat de signalen worden gemeten voor de opname. Omdat muziek-CD's 44.100 keer per seconde worden bemonsterd, wordt de bemonsteringsfrequentie uitgedrukt als 44,1 kHz. Over het algemeen kunt u ervan uitgaan dat bij een hogere bemonsteringsfrequentie de kwaliteit van de opname ook hoger is.
Bitsnelheid
De bitsnelheid is een maateenheid voor gegevensvolumes, uitgedrukt in bits per seconde (bps).
Breedband
Algemene naam voor communicatielijnen die een brede frequentiebandbreedte gebruiken voor het met hoge snelheid verzenden en ontvangen van grote hoeveelheden video- of audiogegevens. Momenteel worden ADSL, CATV, FTTH en andere systemen aangeduid als breedband.
Breedbandrouter
Voor internetverbindingen via ADSL of een kabeltelevisielijn worden ADSL-modems of kabelmodems gebruikt. Wanneer meerdere verbonden terminals tegelijkertijd toegang tot internet moeten hebben, wordt echter een breedbandrouter gebruikt.
Byte
Een van de basiseenheden die worden gebruikt voor het uitdrukken van in cijfers omgezette gegevens in computers. In cijfers omgezette gegevens worden doorgaans uitgedrukt in binaire getallen (nullen en enen). Eén gegevenseenheid is één bit. Eén byte bestaat uit acht bits.
Condensatie
Condensatie vindt in het apparaat plaats op plekken waar de temperatuur snel stijgt, bijvoorbeeld wanneer een verwarming wordt aangezet. Als er condensatie optreedt, houdt u het apparaat uitgeschakeld tot het vocht is verdampt.
DHCP
Afkorting van Dynamic Host Configuration Protocol. Een systeem voor het automatisch toewijzen van configuratiegegevens die vereist zijn voor een internetverbinding.
DLNA
Afkorting van Digital Living Network Alliance. DLNA is een non-profitorganisatie die ontwerprichtlijnen opstelt voor digitale inhoud die wordt gedeeld via netwerken.
Ga naar http://www.dlna.org/en/consumer/home voor meer informatie
DNS
Afkorting van Domain Name System. Een server die domeinnamen omzet in IP-adressen of IP-adressen omzet in domeinnamen. Een DNS wordt aangeduid met een IP-adres. Dit wordt ook wel een "DNS-server" genoemd.
Ethernet
Een methode voor het opnemen van computers in een LAN (Local Area Network). Ethernet is ontwikkeld door Xerox Corporation en wordt zeer veel gebruikt voor het maken van LAN's.
ID3
ID3 is informatie (zoals de tracktitel of artiestennaam) die wordt opgenomen in een MP3-bestand. De ID3-tag wordt door dit apparaat gebruikt om trackinformatie weer te geven voor MP3-bestanden.
Internet
Een communicatienetwerk dat computers wereldwijd met elkaar verbindt. Internet ondersteunt een groot aantal services, waaronder e-mail en zoekmachines.
Internetprovider
Een bedrijf dat services met betrekking tot internetverbindingen aanbiedt.
IP-adres
IP-adressen bestaan doorgaans uit vier groepen van drie cijfers. De groepen worden gescheiden door punten (bijvoorbeeld 192.168.239.1). Alle apparaten in een netwerk moeten een IP-adres hebben.
ISO9660
Een norm van de International Organization for Standardization (ISO) waarmee het bestandssysteem van CD-ROM-media wordt gedefinieerd.
LAN
Afkorting van Local Area Network. LAN is een algemene naam voor communicatienetwerken tussen apparaten, waaronder computers, printers en faxmachines, in relatief kleine gebieden, zoals kantoren of gebouwen.
Linear PCM
Linear Pulse Code Modulation, een digitaal audiocoderingssysteem zonder compressie dat in dit apparaat wordt gebruikt voor 16-bits opnamen met een bemonsteringsfrequentie van 44,1 kHz (komt overeen met de norm voor audio-CD's).
MP3
Afkorting van MPEG-1 Audio Layer3. Dit is een norm voor audiobestandscompressie die is vastgesteld door de MPEG (Motion Picture Experts Group), een ISO-werkgroep (International Organization for Standardization). Hiermee kunnen audiobestanden worden gecomprimeerd tot ongeveer 1/10 van de gegevensgrootte van een standaard-CD. Omdat het MP3-coderingsalgoritme vrijgegeven is, zijn er verschillende coderings-/decodingstoepassingen die compatibel zijn met deze norm. De MP3-norm wordt daarom veel gebruikt in de computerwereld.
MSC
MSC verwijst naar de USB Mass Storage Class in dit apparaat. MSC is een protocol voor gegevensoverdracht dat is gedefinieerd door de USB Implementers Forum voor het overbrengen van gegevens via USB naar externe apparaten. Het wordt gebruikt op USB-schijven, USB-geheugens, enzovoort.
MTP
Afkorting voor Media Transfer Protocol. MTP is een technologie voor gegevensoverdracht die is ontwikkeld door Microsoft Corporation. Met dit protocol kunt u beeldgegevens, audiogegevens, videogegevens, enzovoort overbrengen naar compatibele draagbare apparaten.
Proxy
Een programma dat of een server die internettoegang aan computers achter een firewall biedt zodat webpagina's sneller kunnen worden gedownload.
Router
Een apparaat dat netwerken met elkaar verbindt door de protocollen en adressen van elk netwerk om te zetten. Sinds kort zijn er inbelrouters voor verbindingen met ISDN-lijnen en breedbandrouters voor ADSL- en CATV-netwerken beschikbaar. De term router kan naar elk van deze apparaten verwijzen.
USB-opslagapparaat
In deze handleiding is een USB- opslagapparaat een apparaat voor massaopslag dat de USB Mass Storage Class-norm ondersteunt. Deze apparaten, zoals een USB-audiospeler, kunnen worden aangesloten op de USB-aansluiting van het apparaat of van een computer en kunnen worden gebruikt als een verwisselbaar apparaat voor massaopslag.
VAIO Media
VAIO Media is software voor thuisnetwerken die wordt geleverd op Sony VAIO-computers. Een computer kan alleen met dit apparaat worden verbonden als op de computer VAIO Media 4.1 of hoger is geïnstalleerd.
Vaste schijf
Een digitaal gecodeerd opslagapparaat voor grote volumes dat wordt gebruikt in computers en andere digitale apparaten. Omdat een magnetisch schijf- en stationsmechanisme wordt gecombineerd in een geïntegreerd apparaat, kunnen vaste schijven gegevens zeer snel schrijven en lezen en beschikken deze apparaten over ongekende capaciteiten voor het zoeken van gegevens.
Lijst met invoertekens
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z À Á Â Ä Ä Ä E Ç È É É Ê Î Í Í Í D Ñ Ó Ó Ô Ö Ö Ø Ù Ú Û Ù Ý p ß à á â ä ä å æ ç è é ê ë í í õ õ ñ ó ó ó õ ø ú ú û ü ý p ÿ 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 ! ” # \$ % & ’ ( ) * + , - . / : ; < = > ? @ [ \ ] ^ _ ` { | } \~ i ¢ £ α ¥ | § ” © a « ¬ - ® - ° ± 2 3 ’ μ ¶ · , 1 0 » 1/4 1/2 3/4 ¿ × ÷
Index
A
Aansluitingen 79
ANALOG IN/OUT 80
Antennes•Versterker 79
DIGITAL IN/OUT 80
Internet 82
ANALOG IN-aansluiting 79
ANALOG OUT-aansluiting 79
Informatie zoeken 55
Opnemen 30
CD-R/CD-RW 106
Client 73
Computernaam 33, 95
Condensvorming 105
D
Datumnotatie 18
DHCP 88, 110
DIGITAL COAXIAL IN/OUT-aansluiting 79,80
DIGITAL IN 32,69
DIGITAL OPTICAL IN/OUT-aansluiting 79,80
DLNA 73,110
DNS-server 87,111
Draadloos LAN 81, 83, 86, 90
E
Externe component 32, 69
F
Favorieten 65
FM/AM 31, 38, 69
FM-draadantenne 80
FM-radio 23, 24
Formatteren
Systeem 96
USB-schijf 94
Functie 13
Functiemenu 14
G
Gedeelde computermap
Back-up 94
Beelden opslaan 64
Bestanden importeren 33
Instellen 91
Gegevens terugzetten 94
Geluid controleren 28
Genre 36, 37, 58
Gracenote®-
muziekherkenningsservice 21
Groep 57, 58
H
HDD Jukebox 26
Afspelen 34
Bewerken 54
Helderheid (DIMMER) 9
Herhaaldelijk afspelen 25, 40, 76
Herhalingsmodus 25, 40, 76
Hoofdeenheid 10
Hoofdweergave 14
|
ID3 22
Importeren 26
Gedeelde computermap 33
USB-opslagapparaat 33
Informatie weergeven
Afspeellijst 77
CD 22
Radio 24
Instellen 9, 11
Afspeelmodus 25, 39, 76
Automatische verbinding met een server 77
Beperkte toegang 78
FM-modus 24
Gedeelde computermap 91
Instelmenu 14
Invoerniveau 32
Klok 18
Netwerk 87
Opnamebestemming 30
Opnemen/Importeren 28
Overdrachtsbestemming 46
Timer 67
Titelinformatie 22
VAIO-computer 78
Weergave 91
x-DJ 44
Internet
Instellen 87
Verbinding 81, 82
Invoer
ANALOG IN 32,69
Invoergevoeligheid 32
Tekstinvoer 16
IP-adres 34, 87, 89, 111
K
Klok 18
L
LEVEL SYNC-niveau 29
Lijst 36
Afspeellijst/Favorieten 36, 65
Lijstweergave 14
Lijstmodus 35
Serverstructuurmodus 76
Tekstinvoer 16
Weergave 14,76
MONITOR OUT- aansluiting 79
Ondersteuningssite 7
Opnemen 26
Audio-CD 30
Bestemming 30
Externe component 32
Radio-uitzending 31
Instellen 28
Opnametimer 69
Opnieuw instellen 105
Optiemenu 14
Overzetten 46
Bestemming 46
Mobiele telefoon 50
PSP 51
TRANSFER-toets 46
USB-opslagapparaat 48
Voorwaarde 52
Kanaal met favorieten 44
Radiozender 24
Titel automatisch
toevoegen 30
VAIO 78
S
Samenvoegen 62
Schermbeveiliging 91
Server 21, 73, 74
Serverstructuurmodus 76
Slaaptimer 67
SMART SPACE 29
Snelle modus 47
Snelle opstartmodus 92
SonicStage 73
Sorteren 36
Splitsen 61
Standaardgateway 87
Standaardinstelling 12
Standaardopstartmodus 92
Stroom 12
Subnetmasker 87
Systeembeheer 92
Bijwerken 96
Formatteren 96
Informatie weergeven 96
Systeemversie 96
T
Tekstinvoer 15
Kopiëren/Knippen/
Plakken 17
Tekstinvoervenster 16
Toetsen 15
Werking 16
Tijdinformatie 21
Tijdnotatie 18
Timerinstellingen 67
Informatie zoeken 55
Opnemen/Importeren 26
Overzetten 46
Vaste schijf 7, 92, 93, 105
Verplaatsen 60
Versterker 17,80
Verwijderen 59, 65
Timerinstelling 71
Track op het
bestemmingsapparaat 53
W
Willekeurig afspelen 25, 39
X
x-DJ 41
Z
Zelfdiagnosefunctie 105
Zoeken 21, 40, 55
Zomertijdinstelling 18, 19
(wit ofzwart1)
(wit ofzwart1)
(geel-groen)![SONY NAC-HD1 - Druk op NETWORK MEDIA of open het functiemen en selecteer [NETWORK MEDIA]. - 5](/content/2026/06/1157109/images/6bb4c123616ba98460960e7d3c7facdf9f09f8f3c851e852835cca07494571f0.jpg)
(wit ofzwart1)
(geel-groen)

