GWH14-H - Waterverwarmer BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GWH14-H BOSCH in PDF-formaat.
| Type product | Gaskachel (doorstroomboiler) |
| Model | Bosch GWH14-H |
| Afmetingen (B x H x D) | 350 x 655 x 228 mm (WR14-2G formaat) |
| Gewicht | ca. 10 kg |
| Gas type | Normaal gas (G25) of propaan (G31) |
| Nominaal maximaal vermogen (Pn) | 24,4 kW |
| Nominaal minimaal vermogen (Pmin) | 7,5 kW |
| Waterdebiet (min-max) | 2 - 7 l/min |
| Minimale waterdruk | 0,35 bar |
| Maximale waterdruk | 12 bar |
| Ontsteking | Automatisch, elektronisch (hydrogenerator) |
| Waterregeling | Constante stroomregeling; temperatuurregeling via flow |
| Veiligheidsvoorzieningen | Ionisatiesonde, rookgasbeveiliging, temperatuurregelaar |
| Jaarlijks onderhoud vereist | Ja, door erkende installateur |
| Onderdelen | Originele reserveonderdelen verplicht |
| Geschikt voor | CV-label CW3 (WR14-2G) |
| Garantie | Raadpleeg handleiding of leverancier |
Veelgestelde vragen - GWH14-H BOSCH
Gebruikersvragen over GWH14-H BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Waterverwarmer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GWH14-H - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GWH14-H van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING GWH14-H BOSCH
Installatie- en gebruiksaanwijzing
Index
1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen ....3
1.1 Uitleg van de symbolen .... 3
1.2 Voor uw veiligheid .... 3
2 Technische gegevens en afmetingen ..... 4
2.1 Algemene beschrijving 4
2.2 Toelichting bij de modelcode ..... 4
2.3 CW-label 4
2.4 Toebehoren (bij de geiser) ..... 4
2.5 Beschrijving van de geiser ..... 5
2.6 Speciale toebehoren 5
2.7 Afmetingen 6
2.8 Geiser 7
3 Wettelijke regels ....10
4 Voorwaarden voor de installatie .....10
4.1 Belangrijke informatie ..... 10
4.2 Keuze van de locatie voor de installatie .. 10
4.3 Plaatsing van de geiser ..... 11
4.4 Wateraansluiting ..... 11
4.5 Werking van de hydrogenerator ..... 11
4.6 Gasaansluiting ..... 11
4.7 Inbedrijfstelling ..... 11
5 Gebruik....12
5.1 Voor het opstarten van de geiser ..... 12
5.2 De geiser aan- en uitzetten ..... 12
5.3 Wateraanvoer 12
5.4 Vermogensregeling ..... 12
5.5 Temperatuur-/flowregeling ..... 13
6 Instellingen 14
6.1 De geiser instellen ..... 14
6.2 Druk instellen 14
6.3 Ombouwen naar een ander type gas .... 15
7 Onderhoud 16
7.1 Periodieke onderhoudswerkzaamheden .. 16
7.2 Opstarten na onderhouds- werkzaamheden .... 16
7.3 Geiser reinigen ..... 16
7.4 Rookgasbeveiliging ..... 17
8 Problemen 18
8.1 Storingen/oorzaak/oplossing ..... 18
1 Toelichting bij de symbolen en veiligheidsaanwijzingen
1.1 Uitleg van de symbolen
Waarschuwingssymbolen

Veiligheidsinstructies worden omkaderd en aangegeven met een uitroepteken in een gevarendriehoek met grijze achtergrond.

Bij gevaar door elektriciteit wordt het uitroepteken in de gevarendriehoek vervangen door een bliksemsymbool.
Signaalwoorden geven de soort en de mate van de gevolgen aan indien de maatregelen ter voorkoming van het gevaar niet worden nageleefd.
- OPMERKING betekent dat materiële schade kan ontstaan.
- VOORZICHTIG betekent dat licht tot middelzwaar lichamelijk letsel kan ontstaan.
- WAARSCHUWING betekent dat zwaar lichamelijk letsel kan ontstaan.
- GEVAAR betekent dat levensgevaar kan ontstaan.
Informatiesymbool

Belangrijke informatie zonder gevaar voor personen en materialen, wordt tussen twee lijnen geplaatst en aangegeven met een i-symbol in een vierkant.
Aanvullende symbolen
Symbool Betekenis
▶ Handeling
→ Verwijzing naar andere plaatsen in het document of naar andere documenten
- Opsomming
1.2 Voor uw veiligheid
Wanneer u gas ruikt:
▶ Sluit de gaskraan.
▶ Zet de ramen open.
▶ Schakel in geen geval elektrische apparaten in.
▶ Doof eventuele vlammen.
▶ Neem vanaf veilige afstand telefonisch contact op met uw gasleverancier of een erkende installateur.
Wanneer u verbrandingsgassen ruikt:
▶ Trek de stekker van de geiser uit het stopcontact.
▶ Zet deuren en ramen open.
▶ Neem contact op met een installateur.
Plaatsing, aanpassingen
- De plaatsing en aanpassing bij de installatie van de geiser mag alleen door een erkende installateur worden uitgevoerd.
▶ De pijpen voor de verbrandingsgassen mogen niet worden gewijzigd. - Sluit luchtcirculatie-openingen niet af, ook niet gedeeltelijk.
Onderhoud
- De gebruiker moet de geiser onderhouden en regelmatig laten controleren.
▶ De gebruiker is verantwoordelijk voor de veiligheid en milieutechnische verdraagzaamheid van de installatie.
▶ De geiser moet jaarlijks worden onderhouden.
▶ Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt.
Explosieve en licht ontvlambare stoffen
▶ Licht ontvlambare stoffen (papier, oplosmiddelen, inkt enz.) mogen niet in de nabijheid van de geiser worden bewaard.
Verbrandingslucht en omgevingslucht
- Om corrosie te vermijden, moet de verbrandingslucht en omgevingslucht vrij zijn van agressieve stoffen (bijvoorbeeld halogeenkoolwaterstoffen die chlooren fluoridemengsels bevatten).
Informatie voor de klant
- Informeer de klant over de werking en bediening van de geiser.
▶ Waarschuw de klant dat hij zelf geen wijzigingen of reparaties mag uitvoeren.
2 Technische gegevens en afmetingen
2.1 Algemene beschrijving

| Model | WR 11/14/18 -2 G... |
| Categorie | II2L3P |
| Type | B11BS |
Tabel 2
2.2 Toelichting bij de modelcode
Afb. 1 Gaskeurlabel CW2 (uitgebreid)
CW: Dit is een prestatielabel dat aangeeft dat het toestel bij de bereiding van warmwater voldoet aan bepaalde toepassingsklassen voor Comfort Warm Water, aangeduid met de cijfers 1 t/m 6.
CW-label 2: Toestel is geschikt voor:
- een CW-tapdebiet van tenminste 3,6 l/min. van 60 °C.
- een douchefunctie vanaf 3,6 tot tenminste 6 l/min. van 40 °C.

Afb. 2 Gaskeurlabel CW3 (uitgebreid)
CW-label 3: Toestel is geschikt voor:
- een CW-tapdebiet van tenminste 6 l/min. van 60 °C.
- een douchefunctie vanaf 3,6 tot tenminste 6 l/min van 60 °C. (dit komt overeen met 6 tot 10 l/min bij 40 °C).
- het vullen van een bad van 100 liter water van 40 °C gemiddeld, binnen 12 minuten.

Afb. 3 Gaskeurlabel CW4 (uitgebreid)
CW-label 4 (F3255-N): Toestel is geschikt voor:
- een CW-tapdebiet van tenminste 7,5 l/min. van 60 °C.
- een douchefunctie vanaf 3,6 tot tenminste 7,5 l/min van 60 °C. (dit komt overeen met 6 tot 12,5 l/min bij 40 °C).
- het vullen van een bad van 120 liter water van 40 °C gemiddeld, binnen 11 minuten.
| Bosch geiser | Praktijk- waarden | Gaskeurwaarden CW2003 | |||||
| CW klasse1) | Taphoeveelheid bij 60 °C (ΔT = 50K) (l/min) | Taphoeveelheid bij 40 °C (ΔT = 30K) (l/min) | CW tapdebiet (l/min) | Badvulling (l/min) | Effectieve toestelwachttijd (s) | Tapwaterzikdig drukvershil (kPa) | |
| WR11- 2G | 2 | 5,5 9,2 | 3,6 | - | 2) | 22 | <1 |
| WR14- 2G | 3 | 7 | 11,7 | 6 | 12 | 11 | <1 |
| WR18- 2G | 4 | 9 | 15 | 7,5 | 11 | 13 | <1 |
Tabel 4
1) Een classificatie van het toestel op basis van Gaskeur CW-certificatiemetingen. De neetresultaten worden aangeduid met de cijfers I t/m 6
2) niet van toepassing
2.4 Toebehoren (bij de geiser)
• Waterverwarming op gas
- Bevestigingsmaterialen
• Aansluitmaterialen
- Documentatie
2.5 Beschrijving van de geiser
Eenvoudige bediening, want de verwarming is klaar voor gebruik en wordt met een druk op de knop ingeschakeld.
- Op de muur gemonteerde geiser
- Elektronische ontsteking die in werking treedt zodra de waterkraan wordt geopend
- Hydrodynamische generator die voldoende energie produceert om de verwarming te ontsteken en te regelen.
- Aanzienlijke besparing in vergelijking met traditionele verwarmingen door de mogelijkheid om het vermogen in te stellen, waardoor de waakvlam niet meer permanent hoeft te branden
• Normale gas-/LPG-brander
- Semi-permanente waakvlam die alleen werkt gedurende de periode tussen het openen van de waterkraan en de ontsteking van de hoofdbrander
- De warmtewisselaar bevat geen tin- of soldeerverbindingen
- Waterkraan van glasvezel versterkt polyamide, 100% recyclebaar
- De automatische regeling van de watertoevoer zorgt voor een constante stroom, zelfs wanneer de aanvoer-druk fluctueert
- Gasafstelling proportioneel ten opzichte van de waterstroom, zodat een constante hoge temperatuur wordt bereikt.
- Veiligheidsvoorzieningen:
- Ionisatiesonde om te controleren of de brandervlam per ongeluk uit is gegaan
- Rookgasbeveiliging die de geiser uitschakelt, als de schoorsteen niet naar behoren functioneert
- Temperatuurregelaar die de warmtewisselaar beschermt tegen oververhitting.
2.6 Speciale toebehoren
- Omschakelsset van normaal gas naar butaan/propaan en omgekeerd
2.7 Afmetingen


Afb. 4
1 Frontpaneel
2 Opening voor montage aan de muur
3 Temperatuur-/flowregelaar
4 Voedingspanningsregelaar
5 Schakelaar/LED - indicatie van een lage waterdruk
6 LED - controle branderstatus
7 Gasaansluiting
8 Uitlaatgaspijp
9 Rookgasafvoer met terugslagbeveiliging
10 Warmtewisselaar
11 Brander
12 Gaskraan
13 Ontsteking
| Afmetingen (mm) A B C D E F G | H (∅)NG normaal | ||||||||
| WR11-2G 310 580 | 228 | 110 | 463 | 60 | 25 | 1/2" | |||
| WR14-2G 350 655 | 228 | 130 | 510 | 95 | 30 | 1/2" | |||
| WR18-2G 425 655 | 334 | 130 | 540 | 65 | 30 | 1/2" | |||
Tabel 5 Afmetingen
2.8 Geiser

Afb. 5 Functionele beschrijving
3 Temperatuurregelaar
4 Voedingspanningsregelaar
7 Gasleiding
10 Warmtewisselaar
11 Hoofdbrander
13 Ontsteking
14 Waakvlam
15 Ontsteker
16 lonisatiesonde
17 Injector
18 Hydrogenerator
19 Straaldruk voor testpunt brander
20 Langzaam openende ontstekingsklep
21 Venturibuis
22 Waterkraan
23 Besturingsconus
24 Waterstroomregelaar
25 Waterfilter
26 Koudwaterleiding
27 Diafragma
28 Hoofdgaskraan
29 Regelschroef (MAX)
30 Straaldruk voor testpunt inlaat
31 Gasfilter
32 Heetwaterleiding
33 Servoklep
34 Gasklep
35 Waakvlamklep
36 Waakvlaminjector
37 Waakvlamgasleiding
38 Temperatuurregelaar
39 Rookgasbeveiliging
5 Schakelaar/LED - indicatie van een lage waterdruk
6 LED - controle branderstatus
13 Ontsteking
15 Ontsteker
16 Ionisatiesonde
18 Hydrogenerator
29 Rookgasbeveiliging
33 Servoklep (normally open)
35 Waakvlamklep (normally closed)
38 Temperatuurregelaar
40 Diafragmaklep
2.10 Werking
Deze geiser beschikt over een automatische, elektrische ontsteking, waardoor de bediening vereenvoudigd wordt.
▶ Zet hiervoor de schakelaar op aan (afb. 9).
Nadat dit is gedaan, wordt de automatische ontsteker gestart op het moment dat de heetwaterkraan wordt geopend.
Eerst gaat de waakvlam aan en ca. 4 seconden later eveneens de hoofdbrander. De waakvlam gaat na korte tijd weer uit.
Op deze manier wordt veel energie bespaard, omdat de waakvlam slechts gedurende de minimaal noodzakelijke tijd brandt om de hoofdbrander te ontsteken, in tegenstelling tot traditionele ontstekingssystemen waar de waakvlam altijd brandt.

Soms mislukt de ontsteking omdat er nog lucht in de gasleiding zit.
In dat geval:
- Sluit en open de heetwaterkraan om het ontstekingsproces te herhalen totdat alle lucht is verdwenen.
Afvoer en verwarmingsbehoefte
Nom. max. warmteafvoer Pn kW 19,0 24,4 30,7
Nom. min. warmteafvoer Pmin kW 6,2 7,5 8,0
| Afvoer (modulatiereeks) | kW | 6,2 - 19,0 | 7,5 - 24,4 | 8,0 - 30,7 | |
| Nom. max. warmteaanvoer | Qn | kW 21,8 28,0 34,4 | |||
| Nom. min. warmteaanvoer | Qmin | kW 7,1 8,6 9,0 | |||
Gasspecificaties ^1)
Aanvoerdruk
| Normaal gas | G25 | mbar | 25 | 25 | 25 |
| Propaan gas | G31 | mbar | 30 | 30 | 30 |
Verbruik
| Normaal gas | G25 | m ^3 /h | 2,3 2,9 3,7 | ||
| Propaan gas | G31 | kg/h 1,7 2,2 2,7 | |||
| Aantal injectoren | 12 | 14 | 18 |
Specificaties van het watersysteem
| Max. waterdruk2) | pw | bar | 12 | 12 | 12 |
Temperatuurregeling bij maximuminstelling
| Temperatuurstijging | °C 50 | 50 | 50 | ||
| Doorstroomsnelheid | l/min | 2 - 5,5 | 2 - 7 | 2 - 8,8 | |
| Min. bedrijfsdruk | pwmin | bar | 0,35 | 0,35 | 0,45 |
Temperatuurregeling bij minimuminstelling
| Temperatuurstijging | °C 25 | 25 | 25 | |
| Doorstroomsnelheid | l/min | 4 - 11 | 4 - 14 | 4 - 17,6 |
Specificaties rookgas ^3)
| Eisen m.b.t. de trek | mbar | 15 | 15 | 15 |
| Doorstroomsnelheid | g/s 13 | 17 | 22 | |
| Temperatuur | °C 160 | 170 | 180 |
Tabel 6
| 1) Hi 15 °C - 1.013 mbar - droog: normaal gas 34,2 MJ/mPropaan 46,44 MJ/kg (12,9 kWh/kg) | ^3 (9,5 kWh/m ^-3 ) |
2) In verband met de uitzetting van water mag deze waarde niet worden overschreden
3) Bij een maximale warmteafvoer
3 Wettelijke regels
Alle plaatselijke wettelijke en overige regels m.b.t. de installatie en het gebruik van gasgeisers moeten in acht worden genomen. Zie hiervoor de wettelijke regels die in uw land van toepassing zijn.
4 Voorwaarden voor de installatie

De installatie, elektrische aansluiting, gasinstallatie, aansluiting van aan- en afvoerpijpen en de eerste start mogen uitsluitend door een erkende installateur worden uitgevoerd.

De geiser mag alleen worden verkocht in landen zoals genoemd op het typeplaatje.

Het gebruik van deze verwarmingen bij een wateraanvoerdruk van minder dan 0,5 bar wordt afgeraden.
4.1 Belangrijke informatie
▶ Neem voor de installatie contact op de gasleverancier in verband met de huidige wetgeving op het gebied van gasgeisers en de ventilatie ter plaatse.
- Installeer een gasafsluitkraan zo dicht mogelijk bij de geiser.
▶ Na aansluiting op de hoofdgasleiding moet de geiser zorgvuldig worden gereinigd en getest op lekkage, zodat schade door een te hoge druk op de gasregelklep wordt voorkomen; dit moet worden uitgevoerd terwijl de gasklep is gesloten.
- Zorg dat het geïnstalleerde geiser geschikt is voor het type gas dat wordt geleverd.
Zorg dat de doorstroming en drukken voor de geïnstalleerde regelaar geschikt zijn voor het gebruik van de geiser (zie de technische gegevens in de tabel 6).
4.2 Keuze van de locatie voor de installatie
Advies m.b.t. de locatie
- Installeer de geiser niet in ruimtes waar het vrije volume minder is dan 8 m ^3 (exclusief het volume van het meubilair, vooropgesteld dat dit niet meer is dan 2 m ^3 ).
-
Neem de specifieke regels van het betreffende land in acht.
-
Monteer de geiser op een goed geventileerde plaats, waar het niet wordt blootgesteld aan temperaturen onder 0 °C en op een plaats waar een afvoerpijp voor het verbrandingsgas is aangebracht.
- De verwarming mag niet boven een andere warmtebron worden geïnstalleerd.
- Om corrosie te vermijden, mogen producten zoals oplosmiddelen, inkkt, brandbare gassen, lijm of afwasmiddelen, die halogeenkoolwaterstoffen bevatten evenals alle andere producten die corrosie kunnen veroorzaken, niet in de nabijheid van het luchtinlaatrooster worden bewaard.
- Houd rekening met de minimale afstanden voor de installatie zoals aangegeven in afb. 7
Bij gevaar voor bevriezing:
▶ zet de geiser uit.
▶ reinig de geiser (zie hoofdstuk 7.3).

Afb. 7 Minimale afstanden (cm)
Verbrandingslucht
- Het is van het grootste belang dat boilers worden aangesloten op een geschikte rookgasafvoer met een gasdichte aansluiting.
- De schoorsteen moet:
- verticaal verlopen (beperk horizontale delen tot een minimum of sluit deze helemaal uit)
- thermisch geïsoleerd zijn
- een uitgang hebben die uitsteekt boven het hoogste punt van het dak
- In de rookgasaansluiting moet een passende flexibele of starre pijp worden aangebracht. De uitwendige diameter van de pijp mag slechts iets smaller zijn dan de afmetingen zoals gespecificeerd in de matentabel
van de geiser.
- Op het uiteinde van de pijp moet een wind-/regenkap worden aangebracht.

VOORZICHTIG:
Zorg dat het uiteinde van de afvoerpijp tussen de richel en de ring van de rookgasafvoer wordt geplaatst.
Indien niet aan deze voorwaarden kan worden voldaan, dient een andere locatie te worden gekozen.
Oppervlaktetemperatuur
De maximale oppervlaktetemperatuur van de geiser is lager dan 85 °C, met uitzondering van de afvoerpijp voor het verbrandingsgas. Er zijn geen speciale beschermende maatregelen vereist voor brandbare materialen van de woning.
Luchtinlaat
Het vertrek waarin de geiser geïnstalleerd is, moet zijn voorzien van inlaatopeningen voor frisse lucht overeenkomstig de onderstaande tabel.
Tabel 7 Handige plaatsen voor de luchtinlaat
De minimale eisen zijn hierboven opgenomen. De plaatselijke regels moeten te allen tijde in acht worden genomen.
4.3 Plaatsing van de geiser
- Verwijder de temperatuur-/doorstromingsregelaar en de voedingspanningsregeling.
▶ Draai de schroeven van de afdekkap los.
▶ Verwijder de buitenste kast door deze naar u toe trekken en omhoog te tillen.
▶ Bevestig de geiser met de bijgeleverde bussen en haken, zodat hij verticaal hangt.

VOORZICHTIG:
Zorg ervoor, dat de geiser in geen geval te- gen de water- of gasleidingen rust.
4.4 Wateraansluiting
Wij adviseren, de installatie op voorhand te reinigen, omdat de aanwezigheid van vuil de doorstroming kan belemmeren en in extreme gevallen zelfs verstoppingen kan veroorzaken.
▶ Markeer de koudwater- (afb. 8, pos. A) en
heetwaterleidingen (afb. 8, pos. B), zodat ze niet
worden verwisseld.
- Sluit de waterleidingen met de aansluitonderdelen aan op de waterkraan.

Afb. 8 Wateraansluiting

Wij adviseren om een terugslagklep op de aanvoerzijde van de verwarming te monteren, zodat problemen door plotselinge veranderingen van de aanvoerdruk worden voorkomen.
4.5 Werking van de hydrogenerator
De hydrogenerator (hydrodynamische generator) is in het watercircuit aangebracht, tussen de waterkraan en de warmtewisselaar. Dit onderdeel is voorzien van een turbine, die ronddraait wanneer er water langs de schoepen stroomt. Deze beweging wordt overgedragen aan een elektrische generator, die op zijn beurt zorgt voor de voedingsspanning van de onsteking van de verwarming.
De elektrische voedingsspanning die door de HDG wordt geleverd ligt tussen 1,1 en 1,7 V DC. Op deze manier zijn geeen batterijen nodig.
4.6 Gasaansluiting
Alle plaatselijke wettelijke en overige regels m.b.t. de installatie en het gebruik van gasgeisers moeten in acht worden genomen.
Zie hiervoor de wettelijke regels die in uw land van toepassing zijn.
4.7 Inbedrijfstelling
▶ Draai de gas- en waterkraan open en controleer alle aansluitingen op lekkage.
- Controleer de werking van de rookgasbeveiliging zoals beschreven in hoofdstuk 7.4.
5 Gebruik

Open alle water- en gaskleppen. Reinig alle buizen om de aanwezigheid van vreemde voorwerpen uit te sluiten.

VOORZICHTIG:
De voorzijde van de brander kan zeer hoge temperaturen bereiken en dus bij aanraking een mogelijk gevaar voor brandwonden vormen.
5.1 Voor het opstarten van de geiser

VOORZICHTIG:
▶ De geiser moet de eerste keer door een erkende installateur worden opgestart en hij dient de klant alle noodzakelijk informatie voor een optimale werking van de verwarming te verstrekken.
- Controleer of het gas zoals op het typeplaatje wordt aangegeven overeenkomt met het gas dat ter plaatse wordt gebruikt.
▶ Open de gaskraan.
▶ Open de waterkraan.
5.2 De geiser aan- en uitzetten
Aanzetten
▶ Druk op de schakelaar, positie.

Groene lampje aan = hoofdbrander aan

▶ Druk op de schakelaar, positie.
5.3 Wateraanvoer
Als de rode LED begint te knipperen, moet de waterdruk worden gecontroleerd.

5.5 Temperatuur-/flowregeling
▶ Draai de knop tegen de wijzers van de klok in. De waterstroom wordt verhoogd en de temperatuur daalt.

flowchart
graph TD
A["Start"] --> B{Loop Back}
B -->|Yes| C["Process Step"]
B -->|No| D["End"]
Afb. 14
▶ Draai de knop met de wijzers van de klok mee. De waterstroom wordt verminderd en de temperatuur stijgt.
Indien de temperatuur tot de minimaal vereiste waarde wordt verlaagd, wordt zowel het energieverbruik als het risico op kalkafzetting in de warmtewisselaar verminderd.
6 Instellingen
6.1 De geiser instellen

Verzegelde onderdelen mogen niet worden geopend.
Aardgas
Geisers voor aardgas L (G 25) zijn bij aflevering verzegeld, nadat de kleppen in de fabriek overeenkomstig het typeplaatje zijn afgesteld.

Geisers mogen niet worden ontstoken als de aansluitdruk lager dan 20 mbar of hoger dan 30 mbar is.
Vloeibaar gas
Geisers voor propaan (G31) zijn bij aflevering verzegeld, nadat de kleppen in de fabriek overeenkomstig het typeplaatje zijn afgesteld.

GEVAAR:
De onderstaande werkzaamheden moeten door een erkende installateur worden uitgevoerd.
Het vermogen moet overeenkomstig de branderdruk worden afgesteld; hiervoor is een manometer vereist.
6.2 Druk instellen
Toegang tot de stelschroef
▶ Verwijder het voorpaneel van de geiser (zie hoofstuk 4.3).
Manometer aansluiten
▶ Draai de blinde plug los (afb. 15).
- Sluit de manometer voor de branderdruk aan op het meetpunt.

Afb. 15 Drukmeetpunt
Maximale gasstroom instellen
▶ Verwijder de verzegeling van de stelschroef (afb. 16).
▶ Start de geiser op door de vermogensknop helemaal naar links te zetten (maximale positie).

Afb. 16 Stelschroef voor de maximale gasstroom
▶ Open de heetwaterkraan.
▶ Met behulp van de stelschroef (afb. 16), regelt u de druk tot de waarde uit de tabel is bereikt 8.
▶ Stelschroef weer verzegelen.
Minimale gasstroom instellen

De instelling van de minimale gasstroom gebeurt automatisch nadat de maximale gasstroom is ingesteld.
| Aardgas L Propaan gas | |||
| Injector code | WR11-2G | 8708202124(120) | 8708202127(74) |
| 8708202147(130) | 8708202139(76) | ||
| WR14-2G | 8708202126(135) | 8708202184(78) | |
| 8708202114(140) | 8708202148(82) | ||
| WR18-2G | 8708202147(130) | 8708202139(76) | |
| 8708202126(135) | 8708202149(79) | ||
| Aansluit-druk (mbar) | WR11-2GWR14-2GWR18-2G | 25 30 | |
| Brander-druk MAX (mbar) | WR11-2G | 13,2 28,8 | |
| WR14-2G | 11,0 26,7 | ||
| WR18-2G | 11,3 28,5 | ||
Tabel 8 Gasdruk
6.3 Ombouwen naar een ander type gas
Gebruik uitsluitend originele ombouwsets.
Het ombouwen mag alleen worden uitgevoerd door een erkende installateur. De originele ombouwsets worden inclusief montageaanwijzingen geleverd.
7 Onderhoud

Wij adviseren u om jaarlijks de geiser te laten inspecteren door een erkende installateur.

WAARSCHUWING:
Voor aanvang van onderhoudswerkzaamheden:
▶ Sluit de watertoevoer.
▶ Sluit de gaskraan.
- Gebruik uitsluitend originele reserve onderdelen en toebehoren.
▶ Bestel uw reserve onderdelen aan de hand van de onderdelencatalogus.
▶ Vervang gedemonteerde verbindingen en O-ringen door nieuwe. - Gebruik alleen de onderstaande smeermiddelen:
- Hydraulische onderdelen: Unisilikon L 641 (8 709 918 413)
– Schroefdraadverbindingen: HFt 1 v 5 (8 709 918 010)
7.1 Periodieke
onderhoudswerkzaamheden
Functiecontrole
- Controleer of alle veiligheidsvoorzieningen, regel- en bedieningselementen correct functioneren.
Warmtewisselaar
▶ Inspecteer de warmtewisselaar.
▶ Als deze vuil is:
- Verwijder de warmtewisselaar en neem deze uit de begrenzer.
- Reinig de kamer met een hogedrukreiniger.
In geval van vervuiling: week de platen in heet water met een reinigingsmiddel en reinig ze dan zorgvuldig.
- Indien noodzakelijk: kalkaanslag binnenin de warmtewisselaar en van de aansluitleidingen verwijderen door gebruik te maken van een ontkalkingsmiddel.
- Zet de warmtewisselaar weer in elkaar met behulp van nieuwe schroeven.
▶ Monteer de begrenzer op de steun.
Brander
- Inspecteer de brander jaarlijks en reinig deze indien nodig.
▶ Bij extreme vervuiling (vet, roet): de brander demonteren en in heet water met een reinigingsmiddel laten weken, daarna zorgvuldig schoonmaken.
Waterfilter
▶ Vervang het waterfilter in de aanvoer van de waterkraan.
Brander en waakvlaminjector
▶ Verwijder en reinig de waakvlambrander.
▶ Verwijder en reinig de waakvlaminjector.

WAARSCHUWING:
De geiser mag niet worden opgestart, indien het waterfilter nog niet correct is gemonteerd.
7.2 Opstarten na
onderhoudswerkzaamheden
▶ Open alle aansluitingen. Controleer of er nergens gas lekt.
- Zie ook de hoofdstukken 5 "Gebruik" en 6 "Instellingen".
7.3 Geiser reinigen
Ga bij gevaar voor bevriezing als volgt te werk:
▶ Verwijder de borgbeugel van de draadbussen (pos. 1).
▶ Verwijder de draadbussen (pos. 2) van de waterkranen.
▶ Tap al het water uit de geiser af.

Afb. 17 Reiniging
1 Borgbeugel
2 Draadbussen
De rookgasbeveiliging mag in geen geval worden uitgeschakeld, gewijzigd of vervangen door een ander onderdeel.
Bediening en voorzorgsmaatregelen
De rookgasbeveiliging controleert de doeltreffendheid van de rookgasafscheiding via het rookgas. Indien dit ontoereikend is, schakelt de geiser automatisch uit, zodat de verbrandingsdampen niet in het vertrekt terechtkomen waarin de geiser is geïnstalleerd. De rookgasbeveiliging wordt na een afkoelperiode gereset.
Als de geiser tijdens de werking uitschakelt:
▶ het vertrek ventileren.
- wacht ongeveer 10 minuten en start de geiser dan opnieuw.
Als het probleem blijft bestaan, een monteur bellen.

GEVAAR:
De gebruiker mag in geen geval veranderingen aan de geiser aanbrengen.
Onderhoud\*
Ga bij storingen van de rookgasbeveiliging als volgt te werk:
▶ Draai de bevestigingsschroef van de rookgasbeveiliging los.
▶ Demonteer de ontstekingsunit.
▶ Vervang het beschadigde onderdeel en monteer de rookgasbeveiliging in omgekeerde volgorde.
Functiecontrole\*
Werking van de rookgasbeveiliging controleren:
▶ Koppel de rookgasafvoer los;
▶ Vervang de pijp (ca. 50 cm lang) met verzegeld uiteinde;
▶ Breng de pijp verticaal aan;
▶ Start de geiser op het aangegeven vermogen op en stel de temperatuurregelaar in op de maximale temperatuur.
Onder deze omstandigheden zal de geiser na twee minuten uitschakelen. Verwijder de tijdelijke afvoer en sluit de rookgasafvoer weer aan.
* Deze werkzaamheden mogen uitsluitend door een erkende installateur worden uitgevoerd.
8 Problemen
8.1 Storingen/oorzaak/oplossing
De montage, het onderhoud en reparaties mogen alleen worden uitgevoerd door een erkende installateur. Het onderstaande overzicht biedt oplossingen voor mogelijke problemen (oplossingen gevolgd door een asterisk *mogen alleen door een erkende installateur worden uitgevoerd).
| Storing Oorzaak Oplossing | ||
| De verwarming wordt niet ont-stoken. | Schakelaar uitgezet. | Controleer de stand van de schakelaar. |
| Langzame of slechte ontsteking van de brander. | Verminderde waterstroom. | Controleer en corrigeer. |
| De rode LED in de schakelaar knippert. | Verminderde waterstroom. | Controleer en corrigeer. |
| Water heeft lage temperatuur. | Controleer de stand van de temperatuur-regelaar en stel deze overeenkomstig de gewenste watertemperatuur in. | |
| Water wordt niet verwarmd, geen vlam. | Onvoldoende gas. Controleer regelaar, en indien onvol-doende of defect, de regelaar vervan-gen.*Controleer of de gasfles (butaan) tijdens de werking bevoren zijn, zo ja, zet ze dan op een warmere plaats. | |
| De brander gaat tijdens de wer-king van de verwarming uit. | Temperatuurbegrenzer geacti-veerd.Rookgasbeveiliging geactiveerd. | Wacht 10 minuten en start de verwar-ming dan opnieuw op. Indien de storing blijft bestaan, bel dan een erkende instal-lateur.Ventileer het vertrek. Wacht 10 minuten en start de verwarming dan opnieuw op. Indien de storing blijft bestaan, bel dan een erkende installateur. |
| Er is wel een vonk, maar de hoofdbrander wordt niet ont-stoken. | Geen signaal van ionisatiesonde Controleer:• gastoevoer.• ontstekingssysteem (ionisatie-elektro-de en elektrokleppen).* | |
| Verminderde waterstroom. Wateraanvoerdruk onvoldoende.Vuile kranen of mengers.Gaskraan geblokkeerd.Warmtewisselaar geblokkeerd (kalk-aanslag). | Controleer en corrigeer. *Controleer en reinig.Reinig het filter.*Reinigen en zo nodig kalk verwijderen.* | |
Tabel 9
Notities
Bosch Thermotechniek B.V.
Postbus 379
7300 AJ Apeldoorn
Tel: +31 (0) 55 - 543 43 43
Fax: +31 (0) 55 - 543 43 44
www.boschsupportline.nl
infott@nl.bosch.com