AJ-P5375UFC - Radio AKAI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis AJ-P5375UFC AKAI in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over AJ-P5375UFC AKAI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Radio in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding AJ-P5375UFC - AKAI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. AJ-P5375UFC van het merk AKAI.
GEBRUIKSAANWIJZING AJ-P5375UFC AKAI
De bliksemfits met een pijlsymbool in een gelijkbenige driehoek is bedoeld om de gebruiker te wijzen op de aanwezigheid van een niet geïsoleerde gevaarlijke spanning binnenin het product die voldoende krachtig is om een elektrische schok bij een persoon te kunnen veroorzaken.
Het uitroepteken binnen een driehoek is bedoeld om de gebruiker erop te wijzen dat er in de handleiding belangrijke instructies opgenomen zijn betreffende de werking en het onderhoud van de apparatuur.
- LEES DE INSTRUCTIES – Alle veiligheids- en bedieningsinstructies moeten gelezen zijn voordat de apparatuur bediend wordt.
- BEWAAR DE INSTRUCTIES – De veiligheids- en de bedieningsinstructies moeten bewaard worden voor later gebruik.
- AANDACHTSWAARSCHUWINGEN – Let op alle waarschuwingen op het product en in de gebruiksaanwijzing
- OPVOLGINSTRUCTIES – Alle instructies belreffende de werking en het gebruik moeten opgevolgd worden.
- REINIGING - Trek de stekker van het product uit het stopcontact voordat u met de reiniging beginl. Gebruik geen vloeibare reinigingsmiddelen of reiningsorays. Gebruik een vochtige doek voor de reiniging.
-
TOEBEHOREN – Gebruik geen toebehoren die niet aanbevolen worden door de fabrikant van het product aangezien dit gevaren kan veroorzaken.
-
WATER EN VOCHT – Gebruik dit product niet in de buurt van water – bijvoorbeeld in de buurt van een backuip, een wastafel, een spoelbak of een waskuip, in een natte kelder of in de buurt van een zwembad en dergelijke.
-
TOEBEHOREN - Dit product niet op een onstabiele wagen, staander, driepoot, haak of tafel plaatsen. Het product zou kunnen vallen en zou ernstige verwondingen kunnen veroorzaken bij een kind of volwassene en het product zelf zou daarbij beschadigd kunnen raken. Enkel gebruikken met een wagen, een staander, een driepoot, een haak of een tafel die door de fabrikant aanbevolen wordt, of die met de apparatuur verkocht wordt. Het monteren van het product moet gebeuren overeenkomstig de Instructes van de fabrikant en men moet gebruiken van de montagsteobehoren die door de fabrikant aangeraden worden.
Een combinatie van het product en een wagen moeten zorgvuldig verplaatst worden. - Snelle stops, overdreven kracht en oneffen oppervlakken kunnen ervoor zorgen dat de combinatie van het product en de wagen omkantelt.
-
VENTILATIE – De gleuven en openingen in de behuizing zijn voorzien van ventilatie om le zorgen voor een betrouwbare working van het product en om oververhütte te vermijden. Deze openingen mogen niet geblokkeerd of afgedekt worden. De openingen mogen nooit geblokkeerd worden door het product op een bed, een sofa, een tapij of gelijkardig oppervlak te plaatsen. Dit product mag niet in een ingebouwde installatie geplaatst worden, zoals in een boekenkast of in een rek, tenzij voor voldoende verluchtung gezorgd is, of tenzij de instructies van de fabrikant opgevolgs werden.
-
STROOMBRONNEN - Dit product mag enkel bediend worden met het type stroombron dat op het eliket aangegeven wordt. Als u niet zeker bent van het stroomtype bij u thuis, raadpleeg dan de verdeler waar u het product gekocht heeft, of uw plaatselijke elektricitaitsmaatschappij. Raadpleeg de bedieningsinstructies voor producten die bedoeld zijn om op batterijkracht of op andere stroombronnen te werken.
-
STROOMKABELBESCHERMING - De stroomkabels moeten zodanig gelegd worden dat men er niet op kan trappen, of grover kan struikelen, of zodal ze niet verstrikt kunnen geraken op of legen voorwerpen in de buurt. Hierbij dient vooral geleel le worden op de punten aan de stekkers, de aansluitpunts en op de plaats waar ze uit de apparatuur komen.
-
PERIODEN ZONDER GEBRIUK – Het stroomsnoer van de apparatuur moet uit het stopcontact getrokken worden als de apparatuur voor een langere periode niet meer gebruikt zal worden.
-
AARDING BUITENANTENNE – Als een buitenantenne of een kabelsysteem met het product verbonden is, moet de antenne of het kabelsysteem geard zijn, zodat het product beschermd is tegen overbelastingen en opgebouwde statische elektriciteit. Artikel 810 van de "National Electrical Code", ANSNIFPA 70, verschat informatie met betrekking tot de degelijke aanding van de mast en de draagstructuur, de aarding van de aansluidraad op een antenne onlaidingsseenheid, de afmeting of de aardingsconnectoren, de plaats van de antenne-onlaidingsseenheid, de verbindin met de aardelektroden en de vereisten voor de aardelektrode. Zie afbeelding 1.
-
BLIKSEM - Om dit product tijdens een bliksemstorm extra te beschermen, of wanneer het onbewaakt achterlijft en voor langere tijd niet gebruikt zal worden, trekt u de stekker best uit het stopcontact en koppelt u de antenne of het kabelsysteem best af. Dit zal schade aan het product door bliksem en overbelastingen voorkomen.
-
STROOMLIJNEN - Een buitenantennesysteem mag niet in de buurt geplaatst worden van stroomkabels in de lucht of van andere elektrische licht- of stroomkringen, of op plaatsen waar het in dergelijke stroomlijnen of -kringen kan vallen. Bij het installeren van een buitenantennesysteem moet u er goed op lellen geen stroomlijnen of -kringen aan le raken, aangezien contact daarmee doXLijk kan zijn.
-
OVERBELASTING - De wandcontactdozen, verlangkabels, of de integrale stopcontacten niet overbelasten, want dit kan resulteren in een risico van brand of een elektrische schok.


BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
-
BINNENDRINGEN VAN VOORWERPEN EN VLOEISTOF - Duw nooit enige voorwerpen in het product via de openingen, aangezien zo gevaarlijke spanningspunlen geraakt zouden kunnen worden, of kortskuitingen zouden kunnen ontslaan, wat tot brand of een elektrische schok zou kunnen leiden. Nooit enige vloeistof op het product morsen.
-
ONDERHOUD – Probeer nooit om het product zelf te onderhouden, sangezien het openen of het verwijderen van de deksels u aan gevaarlijke spanning of andere gevaren kan blootstellen. Laat het onderhoud over aan gekwalificeerd personeel.
-
SCHADE DIE EEN REPARATIE VEREIST – Trek de stekker van het product uit het stopoontact en raadpleeg een erkende servicedienst onder de volgende omstandigheden:
a) Als het stroomsoer of de netstekker beschadigd is.
b) Als vloelstof gemorst werd, of als er voorwerpen in het product gevallen zijn.
c) Als het product blootgesteld geweest is aan regen; of water.
d) Als het product niet nomaal werkt terwijl de instructies van de gebruiksaanwijzing goed opgevoigd werden. Pas enkel de controles aan die in de bedieningsinstructies vermeld worden; onjulste aanpassingen van andere controles kan schade veroorzaken en kan heel wat werk vergen van een gekwalificeerde technieker om de nomaal werking van het product te herstellen.
e) Als het product een verschil in prestatie vertoont – wijst dit erop dat het product nagekeken moet worden.
-
WISSELSTUKKEN – Als wisselslukken vereist zijn, moet u zich ervan vergewissen dal de servicemonleur wisselslukken gebruikt die door de producanl gespecificeerd zijn, of die dezelfde kenmerken hebben als het originsel desl.
-
VEILIGHEIDSNAZICHT - Vraag na een onderhoudsbeurt of een reparatie van dit product aan de serviceonteur om een
veligheidsnazicht le doen om le bepalen of het product in goede staat van werking verkeert
- HITTE -De apparatuur moet uit de buurt van warmtebronnen geplaatst worden, zoals radiatoren, kacheis en andere apparatuur (inclusief versterkers) die warmte afgeeft.
OPGELET! GEVAARLIJKE LASERSTRALING ALS HET APPARAAT OPEN IS EN ALS DE VERGRENDELING GEFAALD HEEFT, OF DEFECT IS. VERMIJD RECHTSTREEKSE BLOOTSTELLING AAN DE STRAAL

- Controieer voor het gebruik of de spanning van de eenheld dezelfde is als die van het plaatselijk net.
• Houd de stekker zelf vast om hem uit het stopcontact te trekken. Niet aan het stroomsoer trekken
• Als de stekker van de eenheid in het stopcontact zit, is de eenheid nog steeds met het strocmnet verbonden, ook al is de eenheid II uitgeschakeid.
• Trek de stakker uit zodra er vloeistoffen of voorwerpen in de eenheid geraken. De eenheid kan dan niet meer gebruikt worden voordal ze 1 nagekeken werd door een vakman.
• [ De behuizing niet openen. Laserstralen die in de senheid gebruikt worden, kunnen de ogen beschadigen. Herstellingen en onderhoud ] [ mosten overgelaten worden aan gekwalificeerd personesl.
PLAATSING
• [ Zel de eenheid op een goed geventilleerde plaats, zodat oververhitting vermeden wordt.
- Zet de eenheid nooit in het rechtstreeks zonlicht of vlakbij warmtebronnen
- Plaats de eenheid horizontaal en zet nooit enig zwaar voorwerp op de eenheid.
• Om de pickup te beschermen, de eenheid niet op een zeer stoffige plaats zetten. Als er stof op de pick-uplens zit, mask dan gebruik van U een reinigingsdisc om deze te reinigen.
• Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de reinigingsdisc die u gekocht heeft.
CONDENSATIE
In de volgende gevallen kan zich vocht op de pickup-lens voordoen:
- De eenheid wordt plots van een koude plaats naar een warme plaats gebracht.
- Bij gebruik van de eenheid op een vochtige plaats. In deze gevallen kan de eenheid niet werken. Haal de disc eruit en last de eenheid
I gedurende ongeveer een uur staan om het water te laten verdampen.
REINIGING:
- Gebruik een zachte doek met een beetje neutraal reinigingsmiddel om de behuizing, het paneel en de bedieningstoetsen te reinigen. II - I [ Gebruik nooit schurend papier, polish poeder of oplosmiddelen zoals alcohol en benzine.
VOORZORGSMAATREGELEN VOOR DISCS
DE BEHANDELING VAN EEN DISC
• [ Om de disc schoon le houden, het discoppervlak niel aanraken.
• [ Geen papier of plakband op de disc aanbrengen.
• [ De disc niet rechtsbreeks in het de zon of dicht bij warmtsebronnen leggen.
- [ Bewaar de disc na de weergave in een cd-hoes of -doosje.
REINIGEN VAN DISCS
• L Voor de weergave de disc vanuit het midden naar de buitenrand toe schoconvegen met een propere doek.
- Gebruik geen solvent zoals thinner, benzine, in de handel verkrijgbare cleaners of antistatische spray.
INHOUDSOPGAVE
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES .....11
VOORZORGSMAATREGELEN VOOR DE EENHEID ....2 VOORZORGSMAATREGELEN VOOR DISCS ....[2]
Bedankt voor het kopen van dit product.
Dit is uw garantie voor kwaliteit, een goed prestatievermogen en een goede waarde.
Onze ingenieurs hebben dit product voorzien van talrijke nuttige en gemakkelijke functies. Lees deze handleiding in ieder geval volledig door zodat u elke functie optimaal kunt benutten.
Dit product werd met de grootste zorg en vakmanschap vervaardigd met componenten van hoogstaande kwaliteit. Het werd gelest door de inspecteurs en het werd in perfecte staat van werking bevonden, toen het de fabriek verlaten heeft. Nietlemin is het altijd mogelijk dat zich een probleem voordoet door bijvoorbeeld een ruwe behandeling tijdens het transport naar de winkel of naar de eindklant.
Als u na het lezen van deze handleiding enige moeilijkheden heeft bij de bediening van dit product, raadpleeg dan achteraan in de handleiding de instructies om een beroep te doen op de service. Wij willen u nogmaals bedanken voor het kopen van dit audioproduct.
Noteer het serienummer in de daarloe voorziene ruimte voor later gebruik.
Model nr.: AJ-P5375UFC
Serienummer:
Dit product bevat een lasereenheid met gering vermogen.
BELANGRIJKE OPMERKINGEN
• I Vermijd om deze eenheid te installeren:
[ plaatsen waar ze blootgesteld wordt aan
I rechtstreeks zonlicht, plaatsen waar ze dicht
[ tegen apparatuur aanstaat die warmte afgeven
[ zoals elektrische verwarmingstoestellen, en
[ gelieve het apparaat niet plaatsen op andere
[ stereoapparatuur. Tevens niet installeren op ]
I plaatsen waar onvoldoende ventilatie is, te
[ veel stof of op plaatsen die doorlopend
I onderhevig zijn aan trillingen en/of een natte of
[ vochtige omgeving.
• [Probeer niet om deze eenheid te reinigen met
I chemische solventen, aangezien de I
[ afwerklaag daardoor beschadigd kan worden. ]
Maak gebruik van een schone, droge doek.
- |Gebruik de draaiknoppen en de schakelaars
] zoals dit in de handleiding aangegeven wordt.
• Voordat u de stroom aanzet, dient u te l
] controleren of alle eventuele aansluitsnoeren [
] en het stroomsnoer goed aangesloten zijn.
• ]Bewaar uw cassettes of CD's op een koele [
] plaats om schade door de warmte te [] []
] vermijden.
• Als u de set verplaatst, zorg er dan voor dat u [
I eerst het stroomsnoer uittrekt en verwijder de
] snoeren waarmee de set aan andere
1 apparatuur aangesloten is.
WAARSCHUWING: OM BRAND OF GEVAAR VAN EEN ELEKTRISCHE SCHOK TE VERMIJDEN, DEZE EENHEID NIET AAN REGEN OF VOCHT BLOOTSTELLEN
• U Haal de eenheid zorgvuldig uit de verpakking en verwijder alle verpakkingsmateriaal van de UU eenheid zelf.
- Il Verwijder alle etiketten of stickers die zich eventueel op de voorkant of op de bovenkant van [T] de set bevinden, maar verwijder geen etiketten die zich op de achterzijde of op de onderkant [T] bevinden.
• We stellen voor dat u de originele doos en het verpakkingsmateriaal zou bewaren voor het geval het nodig zou zijn om uw eenheid voor enig onderhoud terug te sturen. Dit is de enige zekere manier om uw eenheid tijdens het transport tegen schade te beschermen.
• Il Als u de doos en het verpakkingsmateriaal toch zou weggooien, gelieve dat dan op een il
- milieuvriendelijke manier te doen.
「
STROOMBRON
Dit systeem is ontworpen om te werken met 230V 50Hz AC huishoudelijke stroom of met 8 "C" celbatterijen. Als u dit systeem op een andere spanning aansluit, kan de eenheid hierdoor beschadlgd worden en dit soort schade valt niet onder de garantie.

AC-werking
- L'Wikkel het AC-stroomsoer volledig af.
- |Steek het smalle uiteinde van het snoer in de AC-aansluiting op de achterkant van de U U behuizing.
- [Steek de stekker in een geschikt AC-stopcontact van 230 V 50 Hz AC.

NL 5 NL 6

Batterijien niet weggooien, maar inleveren als KCA.
Werking op batterijen
- Verwijder het deksel van het batterijcompartiment door de lipjes in de richting van de pijlen te 10 drukken.
- Steek 8 nieuwe "C" batterijen in het batterijvak. Zorg ervoor dat u de markeringen voor de II polariteiten (+/-) binnenin het batterijvak respecteert. Als de batterijen niet juist ingebracht zijn, II zal de eenheid niet werken.
- I Breng het deksel van het batterijvak terug aan.

- CD's weergeven op een hoger volumeniveau put de batterij sneller uit en verkort de
U levensduur van de batterij. Probeer zoveel mogelijk om een andere AC-stroombron te U U I gebruiken.
• U moet het AC-stroomsnoer uit de AC-aansluiting aan de achterkant van de eenheid trekken U. Com de eenheid op batterijen te gebruiken.
• U We raden het gebruik van alkalinebatterijen aan voor een zo lang mogelijke levensduur.
• Vervang de batterijen als het vermogen van de eenheid zwak wordt, of als de klank vervormd 11 wordt. Vervang steeds de 8 batterijen tegelijk.
• Als de eenheid bewaard wordt en gedurende 30 dagen of langer niet gebruikt zal worden, is het raadzaam om de batterijen uit het batterijvak te verwijderen om mogelijke schade door het lekken van de batterijen of corrosie te vermijden.
VOORZORGSMAATREGELEN BETREFFENDE DE BATTERIJEN
Volg deze voorzorgsmaatregelen als u batterijen in dit het toestel gebruikt:
1. ÍGebruik enkel batterijen van de vermelde afmeting en het vermeld type.
2. Let bij het aanbrengen van de batterijen goed op de polariteiten zoals die aangegeven zijn in het batterijvak. Omgekeerde batterijen kunnen de eenheid beschadigen.
3. U Meng geen batterijen van verschillende types door elkaar (bv. alkaline en koolstof-zink) of U U U meng geen oude en nieuwe batterijen.
4. Als het toestel voor een langere tijd niet gebruikt wordt, verwijder dan de batterijen om II
Ⅱ schade of verwondingen door mogelijk lekken van de batterijen te voorkomen.
5. |Probeer niet om batterijen te herladen die niet bedoeld zijn om herladen te worden. Ze | | kunnen oververhit geraken en barsten. (Volg de instructies van de fabrikant van de batterijen)
AFSTANDSBEDIENING



-
□ Stroom
-
Toets verhoging/verlaging volume
-
|| Functieschakelaar
☐ (Tuner/CD/Tape/Kaart-USB)
-
|| Herhaaltoets
-
Deur CD-compartment
-
Toets CD-weergave/pauze
-
CD-stoptoets ■
-
□ Pre-UP
-
Standby LED-indicator
-
| LCD-scherm
-
□ Sensor afstandsbediening
-
Deur Cassettecompartiment
-
□ Bedieningstoetsen cassettedeck
-
CD-programmatoets
-
CD-SKIP/REV-loets
-
CD Skip FWD-toets ▶▶
-
□ Tuner/Band
-
Pre-Down
-
[Telescopische FM-antenne
-
∥ Deksel batterijcompartiment
☐ (aan onderkant van behuizing)
- AC-stroomaansluiting
II (aan achterzijde van behuizing)
- Aansluiting stereo koptelefoon
U (aan achterzijde van behuizing)
-
□ Beat Cut A B selectieschakelaar
-
[ Sleuf Flash-geheugenkaart
-
| Sleuf Flash-USB
-
□ Preset EQ
-
Indicator Flash geheugen-USB
AFSTANDSBEDIENING

-
Mute-toets
-
1 Tape-toets
-
| Tuner/Band-toets
4.1 Preset Down Album/Mem.Ch-toets
5.1 Toets CD-weergave/pauze
- Toets voor Achterwaarts
1 Zoeken/Verspringen/Neerwaarts (down)
-
CD-stoptoets
-
1 Toets willekeurige weergave
9.1 Sleep-toets
-
1Timer-toets
-
Standby/aan-toets
-
Mode-toets
-
Toets voor volumevermindering
-
ⅡPreset Up Album/Mem.Ch-toets
-
Toets Voorwaarts
: Zoeken/Verspringen/Opwaarts (up)
-
Itoets om volume te verhogen
-
Toets Intro
-
uHerhaaltoets
-
1Programmatoets (klok)
-
|EQ-toets (Pass, Classic, Rock, Pop, Jazz)
mode Preset Equalizer in cyclische || ||
1 volgorde)
-
Fundietoets
-
1DBBS-toets
AANBRENGEN VAN DE BATTERIJ
Breng (lithium CR 2025) batterijen in het batterijvak van de afstandsbediening aan en sluit het deksel.
VERVANGEN VAN DE BATTERIJEN
Als de batterijen zwak worden, wordt de werkingsafstand van de afstandsbediening fel gereduceerd en zult u de batterijen moeten vervangen.
OPMERKINGEN:
• Om de nauwkeurigheid en de lange levensduur van de transmitter in stand te houden, II niet meer dan twee of meer toetsen tegelijk indrukken.
• Als de afstandsbediening voor een langere tijd niet gebruikt wordt, verwijder dan de || || || batterijen om schade door het lekken van de batterijen te vermijden
DE AFSTANDSBEDIENING JUIST GEBRUIKEN
• [ Richt de afstandsbediening op de sensor voor de bediening op afstand.
• De functies van de toetsen op de afstandsbediening zijn dezelfde als de
II overeenkomstige toetsen op de hoofdeenheid.
• Als er een sterke bron van omgevingslicht is, kan de prestatie van de infraroodsensor
voor de afstandsbediening aangetast worden, waardoor een onbetrouwbare werking ontstaat.
• De maximum effectieve afstand voor de werking van de afstandsbediening bedraagt
II ongeveer 5 meter (15 voet).
GEBRUIKSAANWIJZING
PRESET EQUALIZER
- Deze eenheid is voorzien van een voorgeregelde equalizer die toegevoegd werd om het 10
II luistergenot te bevorderen door de frequentieweergave van de muziek te veranderen.
• I Druk herhaaldelijk op de PRESET EQ-loets om de volgende equalizing-mogelijkheden te I
I doorlopen.

DBBS
Druk op de DBBS-knop om het DBBS-effect te verkrijgen. Op het schem zal "DBBS-ON" verschijnen. Druk nogmaals op de toets "DBBS" om het normaal klankeffect te hervatten.
Random (willekeurige weergave)
Druk in de CD-mode op de "Random"-toets (OP DE AFSTANDSBEDIENING). Op het scherm zal "RNDM" verschijnen en de CD-disc zal onmiddellijk in willekeurige volgorde afgespeeld worden. Druk nogmaals op "Random". De "RNDM"-markering zal van het scherm verdwijnen en de CD-disc zal terug in de normale volgorde weergegeven worden. Druk op de "Stop"-toets om de CD te stoppen.
SLEEP-FUNCTIE
U kunt de eenheid als volgt instellen zodat ze na een bepaalde tijd uitschakelt:
1. [Druk op de POWER-loets om de eenheid aan le zellen.
2. [Druk op de SLEEP-loets. Op het scherm verschijnt "SLEEP" en "90".
3. [Blijf de SLEEP-toets indrukken om de minuten op het scherm te wiizigen. U kunt de eenheid □]
I zodanig instellen dat ze na 10-90 minuten uitschakelt.
4. [Laat de SLEEP-loets los om de ingestelde tijd te activeren.
5. [U kunt de SLEEP-toets op gelijk welk moment een tweede keer indrukken om de sleep-functie te [ ]
I annuleren.
NAAR DE RADIO LUISTEREN
- [Druk op de POWER-toets om de eenheid aan te zetten ("ON"). De STANDBY/ON-indicator staat op ] "OFF"
- |Kies de Tunerfunctie door op de TUNER/BAND-toets te drukken.
- |Kies de gewenste band (AM/MW of FM) met de TUNER/BAND-toets.
- [Stem af op de gewenste radiozender door op de toetsen UP TUNING of DOWN TUNING op de 1] eenheid of op de afstandsbediening te drukken.
- | Als u de toets UP TUNING of DOWN TUNING gedurende meer dan een halve seconde ingedrukt || houdt, zal de tuner automatisch beginnen te scannen tot een sterk signaal gevonden wordt.
- [Om de radio uit te schakelen, de POWER-toets (stroomtoets) indrukken om de eenheid in standby-Ⅲ] mode te plaatsen. De STANDBY/ON-indicator licht 'ROOD' op.
HET OPSLAAN VAN VOORGEPROGRAMMEERDE ZENDERS
- [Stem automatisch of manueel af (zoals beschreven in stappen 4 of
II 5 hierboven) op de zender die u wilt opslaan. - |Druk één keer op de toets PROGRAMMMA (Geheugen) ||
klokdisplay. Het kanaalnummer zal op het scherm knipperen en
"PROG" zal gedurende 5 seconden verschijnen. Gedurende deze
|| tijd moet de gewenste geheugenplaats geselecteerd worden door || op de toets REPEAT/ M-UP te drukken. - [Druk nogmaals on de PROGRAMMA (geheugen)-toets om de ]
I zender op die geheugenplaats op te slaan. - I De eenheid kan tot 30 FM-zenders en 10 AM-zenders opslaan.
AFSTEMMEN OP EEN VOORKEUZEZENDER
Druk op de toets PER-UP/PER-DOWN om de zender als een preset in te stellen.


GEBRUIKSAANWIJZING
- [ITrek de telescopische FM-antenne volledig uit.
- Zet de functieschakelaar op TUNER.
- Stel de bandkeuzeschakelaar in op de gewenste band: AM/FM
- Udruk op de toets Skip Up/Down (Voorwaarts verspringen/achterwaarts verspringen) om op U een zender af te stemmen.
- UDruk één keer op ST/Mono om de actuele mode op de afstandsbediening te tonen, druk de L II toets nogmaals in om heen en weer te schakelen tussen FM-stereo en mono-mode.
- Gebruik de volumeregeling om het volume op het gewenst niveau te regelen.
- Als u wilt stoppen met luisteren, druk dan op POWER (stroomtoets) om de eenheid uit te schakelen.
Tips voor een betere ontvangst

AM – De AM -antenne zit in de behuizing. Als de AM-ontvangst zwak is, probeer dan de volledige eenheid te draaien tot de AM-antenne in de richting van de zender wijst.
FM – Verander de richting van de telescopische FM-antenne tot u de beste ontvangst verkrijgt. Als u naar een zwakke of een ver afgelegen FM-stereozender luistert, probeer dan over te schakelen naar "MONO". Dit zal normaal voor een verbetering in de ontvangst zorgen, hoewel de klank niet langer in stereo zal zijn.
INSTELLING VAN DE KLOK
1) Druk op POWER (stroomtoets) om de eenheid uit standby te [ ] halen.
2) Druk op de toets PROGRAM (programmatoets) en houdt hem U.
Ingedrukt. De 24d -Weergave za op het beeldschemin u
verschijnen. Druk één keer op de toets skip/search () of op () ...
om het uur voor de klok in te stellen.
3) Druk EEN keer op PROGRAM (programmatoets). Het segment van de minuten zal "0" tonen. Het segment van het uur zal
□ voortdurend knipperen.
4) || Druk op de toets Skip/Search ▶► of op ◀◄ om het gewenst uur
|| in te stellen.
5) Druk nogmaals op de PROGRAM-toets en het segment van de minuten zal knipperen.
6) U Druk op de toets Skip/Search ▶▶ of op ◀◀ om de gewenste U U minuten in te stellen.
7) U Druk nogmaals op PROGRAM (programmatoets). Het U U knipperen houdt op en de tijd is ingesteld.
1) Druk de toets TIMER in en houd hem ingedrukt. Het LCD-□□ scherm zal overgaan naar de TIMER-mode en vervolgens □□
□ zullen de uurdigits knipperen.
2) I Druk op de toets Skip/Search ▶▶ of op ◀◀ om het gewenst uur
■ voor de inschakeling in te stellen
3) A Druk georgale en de tests TIMER. Het georgant van het wurt 52
3) If Druk nogmaals op de toets TIMER. Het segment van het door
7 houdt op met knipperen. Het segment van de minuten knippert.
4) Druk op de toets Skip/Search ▶▶ of op ◀◀ om de minuten □□
□ voor de gewenste inschakeling in te stellen.
5) Druk nogmaals op de toets TIMER. Het segment van de minuten houdt op met knipperen. Het uursegment knippert.
6) Druk op de toets Skip/Search ▶▶ of op ◀◀ om het gewenst ▪
□ uur voor de uitschakeling in te stellen.
7) Druk nogmaals op de loets TIMER. Het uursegment slopt met U knipperen en het segment van de minuten knippert.
8) Druk op de toets Skip/Search ▶▶ of op ◀◀ om de minuten ∪ ∪ voor de gewenste uitschakeling in te stellen.
9) Druk nogmaals op de TIMER-toets om de activeermodus (wake-up mode) (Tuner/CD/Tape/Volumeniveau) in te stellen.
10) Druk nogmaals op de TIMER-toets om de timer-instelling te □ □ □ vervolledigen.
OPMERKING:
De kloktijd wordt enkel weerhouden zolang de stekker van de eenheid in het stopcontact zit. Bij een stroomonderbreking zal de klok opnieuw ingesteld moeten worden als de stroom hersteld is.


Brand uw disc niet in verschillende sessies. De bestanden uit de tweede sessie zullen niet weergegeven worden. Het wordt sterk aangeraden om uw CD in een keer te creëren.
WEERGAVE VAN CD-R/CD-RW
Deze eenheid kan CD-RW/MP3-discs weergeven OPMERKING:
De capaciteit van deze eenheid om "CD-R/CD-RW weer te geven kan sterk afhankelijk zijn van de kwaliteit van de media, de CD-brander en de toepassingssoftware."
De weergave van MP3 CD-R en CD-RW zal afhankelijk zijn van de opnameomstandigheden.
LUISTEREN NAAR EEN CD/MP3(USB, Flashkaart)
Normale weergave:
- Druk op POWER (stroomtoets) om de eenheid in te schakelen ("ON"). De POWER-II indicatorlamp staat op "OFF" en de LCD-achtergrondverlichting op "ON".
- Selecteer de CD-functie door op de functie te drukken.
- JOpen de deur van het CD-compartiment en breng een CD/MP3 aan op de middenas met de U etiketkant naar boven.
- |Sluit de deur van de CD-lade. De disc zal onmiddellijk beginnen spinnen en "CD-READ" zal u in de display verschiinen. Vervolgens zal de disc ophouden met spinnen en zal het totaal
☐ aantal tracks (nummers) van de disc op de display getoond worden. - Druk op de WEERGAVE/PAUZE-toets ▶II . De discweergave zal aan het begin van het □□ eerste track van de disc starten.
- JTelkens als een track van de CD-disc weergegeven wordt, wordt dit op het scherm getoond.

- Il Het is mogelijk om een specifiek nummer te kiezen met de toetsen CD Skip◀◀ ▶▶. Als u ▶
- dit doet voordat u op de weergave/pauzetoets▶II indrukt, zal de disc met het gekozen track □
- beginnen als de weergave/pauzetoets▶II ingedrukt wordt.
- Aan het einde van de disc zal de eenheid automatisch stoppen.
OPMERKINGEN:
- Als de disc zware krassen vertoont of te vuil is, kan het zijn dat de weergave niet zal starten.
• Als de disc niet correct is aangebracht, of als de disc beschadigd is, zal de "no disc" indicator
op het scherm verschijnen.

DISCFOUTEN
• [ Deze compact disc-speler heeft ingebouwde circuits om fouten te compenseren en kan kleine ] [ defecten in een disc verbeleren. Er zijn evenwel grenzen aan het beschikbaar ]
L verbeteringsniveau.
• In sommige gevallen zal de CD-speler tijdens de weergave enkele tracks of delen van tracks [van een disc overslaan. Dit probleem kan veroorzaakt worden door defecten (zoals krassen)
[ in de weergegeven disc die te groot zijn om door de circuits voor de foutcompensatie ]
I gecompenseerd te worden. Als dit probleem zich voordoet, controleer de werking van de CD-I speler dan als volgt voordat u de eenheid wegbrengt voor een onderhoudsbeurt.
Leg een nieuwe disc in de CD-lade. Als de CD-speler normaal werkt, is het probleem van de 11
overgeslagen nummers vermoedelijk aan een beschadigde disc te wijten.
OM EEN CD TE STOPPEN VOOR HET EINDE VAN CD/MP3 (USB.FLASHKAART)
- LDruk op de Stop-toets ■ , De discweergave zal stoppen en het scherm zal het totaal aantal U tracks tonen.
- Om de discweergave tijdelijk te stoppen (pauze-modus), op de weergave/pauzetoets ▶II
L drukken. De discweergave zal op die plaats van de weergave stoppen. Het scherm zal
L knipperen.


- [Om de discweergave te hervatten, nogmaals op de weergave/pauzetoets] drukken.
TRACK OVERSLAAN OP CD/MP3 (USB.FLASHKAART)
De discweergave vanaf een bepaald track beginnen.
Druk op de toetsen voor voorwaarts ▶▶ of achterwaarts verspringen ◀◀ om de gewenste track te selecteren. Het nummer van de geselecteerde track zal in de
CD-display verschijnen. Druk op de WEERGAVE-/PAUZETOETS ▶II om de weergave te starten.
Naar het volgend track verspringen.
Om bijvoorbeeld naar het begin van track 5 te verspringen terwijl track 4 weergegeven wordt.
- Druk één keer op de toets ▶▶I voor voorwaarts verspringen (Forward Skip). De discweergave U Zal aan het begin van nummer 5 hervat worden.
- De CD-speler zal iedere keer dat de toets voor voorwaarts verspringen ▶▶ ingedrukt wordt ▶
[ naar het volgend nummer verspringen. Bij herhaaldelijk indrukken van de toets voor ]
[ voorwaarts verspringen ▶zal de CD-speler track per track op de disc verspringen. ]
Als het begin van het laatste nummer bereikt is, zal de CD-speler verder gaan naar de eerste track.
OM NAAR HET VORIG TRACK OP EEN CD/MP3 (USB.FLASHKAART) TE VERSPRINGEN
Bijvoorbeeld om naar het begin van track 3 te verspringen terwijl track 4 weergegeven wordt. 1. Druk twee keer op de toets ◀◀ voor achterwaarts verspringen. De discweergave zal aan het ⚠ J begin van track 3 hervat worden.
- De CD-speler zal ledere keer dat de toets voor achterwaarts verspringen! ◀◆◆ ingedrukt wordt 1 één track terugspringen. Als de toets in het midden van een track ingedrukt wordt, zal de CD-Π 1 speler terugspringen naar het begin van die track. Om terug te springen naar een vorige 1 track, twee keer de toets voor achterwaarts verspringen! ◀◆◆ drukken.
- Bij herhaaldelijk indrukken van de toets voor achterwaarts verspringen◀◀ zal de CD-speler track per track op de disc verspringen. Als het begin van het eerste nummer bereikt 0 0 1 is, zal de CD-speler verder gaan naar het laatste track.
OPMERKINGEN:
De toets voor voorwaarts ▶▶ en achterwaarts ◀◀ verspringen kunnen gebruikt worden om een gewenste track te kiezen voordat de discweergave start. In dit geval zal het nummer van de geselecteerde track getoond worden tot de weergave/pauzetoets▶▶ ingedrukt wordt.
TRACK OPZOEKEN OP CD/MP3 (USB.FLASHKAART)
U kunt een track zoeken door de toets Voorwaarts verspringen ▶▶ of Achterwaarts verspringen 1 ◀◀ in te drukken. De normale weergave zal hervat worden als de knop losgelaten wordt.
HERHAAL DISCWEERGAVE VAN EEN VAN DE TRACKS OP CD/MP3 (USB.FLASHKAART)
- Selecteer de gewenste track met behulp van de toetsen voor voorwaarts ▶▶ of achterwaarts verspringen ◀◀. Het track zal in het scherm getoond worden.
- Druk één keer op REPEAT (herhaaltoets). De "→" -indicator ↓ zal op het scherm verschijnen.
- Druk op de WEERGAVE/Pauze-toets▶II
- De geselecteerde track zal weergegeven worden tot het einde. Daarna zal de weergave automatisch terug aan het begin van datzelfde track starten. Dit gaat zo door tot de stoptoets ingedrukt wordt.
- Als REPEAT (de herhaaltoets) nog twee keer ingedrukt wordt (nog drie keer voor MP3- mode), zal de “()”-indicator verdwijnen en zal de herhaalde weergave eindigen. De normale discweergave zal vanaf dat punt terug starten.
- Als de laatste track weergegeven werd, zal de CD-speler stoppen.


HERHAALDE WEERGAVE CD/MP3 (USB.FLASHKAART)
Gebruik de herhaaltoets REPEAT om een volledige disc of een track continu te spelen.
Herhaalde weergave van alle tracks
- Druk twee keer op de REPEAT-toets (herhaaltoets). De "ALL"-
indicator Verschijnt op het scherm.
-
[Druk op de Weergave/Pauzetoets ▶]
-
[De disc begint vervolgens tot het einde van de laatste track]
Spelen. Daarna zal de weergave automatisch terug aan het
T begin van het eerste track starten. Dit gaat zo door tot de 1
† stoptoets ■ingedrukt wordt.
- LAIs REPEAT (de herhaaltoets) nogmaals ingedrukt wordt (nog twee keer voor MP3-mode),
L zal de "ALL"-indicator ∪verdwijnen en zal de herhaalde weergave eindigen. De normale
L discweergave zal vanaf dat punt terug starten.
- [Als de laatste track weergegeven werd, zal de CD-speler stoppen.
HERHAALDE ALBUMWEERGAVE (ENKEL MP3-MODE)
- 「Kies het gewenste album door op de toets PRE-UP of PRE-1
DOWN te drukken. Het album zal in het scherm getoond worden.
- [Druk drie keer op de herhaaltoets REPEAT. De "→ ALBUM"-]
[ indicator verschijnt in het scherm.
-
[Druk op de WEERGAVE/Pauze-toets ▶II
-
「De disc start de weergave vervolgens tot het einde van het album. Daarna zal de weergave
L automatisch terugkeren naar het begin van het album. Dit gaat zo door tot de stoptoets
L Ingedrukt wordt.
- LAIs REPEAT (de herhaaltoets) nogmaals ingedrukt wordt, zal de * ⊆ ALBUM*-indicator
verdwijnen en zal de herhaalde weergave eindigen. De normale discweergave zal vanaf dat
[ punt terug starten.
- [Als de laatste track weergegeven werd, zal de CD-speler stoppen.
GEPROGRAMMEERDE DISCWEERGAVE (ENKEL VOOR CD)
- Π Het is ook mogelijk om tracks te programmeren die u in de door u gekozen volgorde wilt Π
[weergeven. Het is niet mogelijk om programma's in te geven tijdens de discweergave. Druk
[ eerst op de stoptoets ■en volg dan de onderstaande instructies.
- Il Het is gemakkelijker om de afstandsbediening te gebruiken voor de volgende instellingen,
† hoewel u ook de bedieningstoetsen op de hoofdeenheid kunt gebruiken als u dat wenst.



EEN PROGRAMMA INGEVEN
-
Druk op de toets PROGRAM/Clock-Display. "PROG" verschijnt en de volgende informatie zal op het scherm verschijnen:
-
Selecteer het gewenst track met behulp van de toetsen voor ↓ voorwaarts ▶▶ of achterwaarts verspringen ◀◀
-
Druk op de toets PROGRAM/Clock-Display. De eerste Ⅱ programmakeuze is nu in het programmageheugen Ⅲ opgeslagen. Op het schem zal nu het volgende verschijnen:
-
Selecteer de volgende gewenste track met behulp van de 1 toetsen voor voorwaarts ▶▶▶f achterwaarts verspringen ◀◀◀
-
Druk op de toets PROGRAM/Clock-Display. Geef de overige tracks op dezelfde manier in tot 1 het gewenst aantal tracks opgeslagen is (maximum 64 tracks).
GEPROGRAMMEERDE DISCWEERGAVE (ENKEL VOOR MP3)
- Het is ook mogelijk om tracks te programmeren die u in de door u gekozen volgorde wilt - weergeven. Het is niet mogelijk om programma's in te geven tijdens de discweergave. Druk - eerst op de stoptoets - en volg dan de onderstaande instructies.
• Het is gemakkelijker om de afstandsbediening te gebruiken voor de volgende instellingen, 1 hoewel u ook de bedieningstoetsen op de hoofdeenheid kunt gebruiken als u dat wenst.
EEN PROGRAMMA INGEVEN
-
"Druk op de toets PROGRAM/Clock-Display. "PROG" verschijnt en de volgende informatie zal 1 op het scherm verschijnen. Het "album Nr" zal knipperen.
-
Selecteer het eerste gewenst album met de toetsen voor || voorwaarts ▶▶▶f achterwaarts verspringen ◀◀◀
-
Druk op de toets PROGRAM/CLOCK-Display om de eerste track te kiezen met behulp van de toetsen voor voorwaarts ▶▶▶ of achterwaarts verspringen ◀◀
-
Druk op de toets PROGRAM/Clock-Display. De eerste 1 programmakeuze is nu in het programmageheugen 1 opgeslagen. Op het schem zal nu het volgende verschijnen:
-
Herhaal stappen 2-3.
-
"Druk op de toets PROGRAM/Clock-Display. Geef de overige tracks op dezelfde manier in tot 1 het gewenst aantal tracks opgeslagen is (maximum 64 tracks).



OPMERKINGEN:
• Als de toets PLAY/PAUSE▶(weergave/pauze) ingedrukt wordt, voordat de toets
I PROGRAM/Clock-Display ingedrukt is om een track op te slaan, zal de track niet
L geprogrammeerd worden en zal de disc de weergave starten vanaf de eerst geselecteerde L track.
• Il Elke track kan geprogrammeerd worden om meer dan één keer te spelen.
- Door de toets PROGRAM/Clock-Display herhaaldelijk in te drukken kunt u het programma
- indien nodig controleren.
HET BELUISTEREN VAN GEPROGRAMMEERDE TRACKS
-
「Geef alle tracks in die u in het geheugen wilt programmeren volgens de bovenstaande I procedures.
-
Druk op de WEERGAVE/Pauze-toets ▶II . De discweergave zal aan het begin van de eerst L geprogrammeerde track starten. De "PROG"-indicator verschijnt op het scherm.

OM HET PROGRAMMAGEHEUGEN TE WISSEN
- Il druk op de toets PROGRAM/Clock-Display om naar de programmeermode te gaan en druk
- vervolgens op de stop-toets ■
- Het programmageheugen zal ook gewist worden als het disccompartment geopend wordt, als de functie veranderd wordt, of als de stroom uitgeschakeld wordt ("OFF").
MUTE
- Druk op de MUTE-toets op de afstandsbediening om het geluid uit te schakelen. De MUTE-D indicator zal verschijnen.
- U Druk nogmaals op de MUTE-toets om de klank op het vorig niveau te herstellen.
AANSLUITING STEREO OORTELEFOON
Om privé te luisteren zonder de anderen te storen, een stereo oortelefoon (niet inbegrepen) aansluiten op de PHONES-aansluiting aan de achterkant van de eenheid. De ingebouwde luidsprekers worden automatisch uitgeschakeld als een oortelefoon aangesloten wordt. Als u gebruikt maakt van een stereo oortelefoon, begin dan steeds met de volumeregeling op een laag niveau en draai het volume geleidelijk hoger tot u het door u gewenste niveau bereikt heeft.
ZOEKEN IN MP3
In de MP3-mode, drukt u op de toets MODE (van de afstandsbediening) om over te gaan naar de zoekmode. Druk twee keer op de toets MODE om over te gaan naar de mode om albums op te zoeken. Gebruik de toets Skip Up & Down om een song (led) te zoeken. Druk gedurende 2 seconden op MODE. Het LCD-scherm zal IDT3-informatie tonen. Druk nogmaals op MODE om terug te keren naar de normale mode.
OPMERKINGEN BETREFFENDE MP3-DISCS
Een MP3-bestand bewaart audiogegevens die gecomprimeerd werden met MPEG 1/2, het audio layer-3 file-codeerschema. In deze handleiding noemen we datgene waarnaar in de PC-terminologie verwezen wordt als "mappen" en "bestanden" respectievelijk "albums" en "tracks".
Opmerkingen betreffende het weergeven van MP3-discs
• ] Een MP3-track moet opgenomen worden op een disc in een formaat die voldoet aan de ISO ]
J 9660. Noteer evenwel dat het systeem de tracks eventueel niet zal weergeven in de volgorde J
J waann ze opgenomen werden.
• Het maximum toegelaten aantal tracks en/of albums op een disc is 255, inclusief het hoofdalbum
1 (bestandenlijst).
- De maximum toegelaten diepte van een ingenestelde map is 8, inclusief tracks. Aangezien de
| maximum padlengte 128 karakters telt, mag het totaal aantal karakters inclusief schuine strepen,
| koppeltekens en lage streepjes van de naam van het hoofdalbum naar de tracknaam minder dan
128 karakters bedragen.
• Als een disc audiotracks en MP3-tracks bevat, kan het systeem enkel audiotracks woergeven.
• 1 Hel systeem kan multi-sessie discs correct weergeven
• 1 Hel systeem kan enkel MP3-tracks weerven die omgezel zijn met een schakelfrequentie van I
144.1 kHz en een vaste of variabela bil rale
• 1 Het systeem mag geen MP3-tracks weergeven die ongenomen zijn met gebruik van een tool voor!
- Het systeeln mag geen Mf 3-tracks weergeven die opgenomen zijn niet gebruik van een toor voor 1 packet writing.
- 1. Het systeem kan enkel MP3-tracks weemaven die een file-extensie "mp3" behben
• 1 Het kan 30 seconden of meer duren voor het systeem de weergave van MP3-tracks, kan starten.
1 afhankelijk van het aantal ongenomen tracks en de complexiteit van de albumboomstructuur.
• Als u een non-MP3 track weergeeft dat een "mpa" bestandsextensie heeft, kan het zijn dat
- 3 Aus d een hiort-MF-3 ruck weergeelt dat een .Impa bestandsextensie heeft. Kan het zijn dat u wat de 1 ruis hoort
Truis Hoort.
Opmerkingen over de schermgegevens tijdens de weergave
• I Er worden tot 30 karakters weergegeven voor de naam van een album en tot 30 karakters voor de li
| naam van een track
• | Andere karakters dan letters ("A" tot "Z" en "a" tot "z"), nummers ("0" tot "9"), koppelteken (-) en plat
| streepie ( ) kunnen niet weergegeven worden, of kunnen weergegeven worden als andere |
1 karaklers.
• 1 Hel systeem ondersleupl ID3TAG
• 1 Het is mogelijk dat de weergavelijd niet correct weergeven wordt voor MP3-tracks.
Woordenlijst
Bestandsextensie:
Een string van 3 karakters die aan een bestandsnaam wordt toegevoegd in een Window- of DOS- omgeving wordt een "bestandsextensie" genoemd. De bestandsextensie wordt vooral gebruikt om bestandstypes te identificeren. De bestandsextensie voor MP3-bestanden is ".mp3".
ISO 9660:
ISO staat voor de "International Organization for Standardization" (Internationale Organisatie voor Standaardisatie), ISO 9660 bepaalt de bestandsstructuur voor CD-ROM's. Dit systeem kan MP3-bestanden weergeven die opgenomen zijn in het formaat dat voldoet aan ISO 9660.
Om databestanden te organiseren die opgeslagen worden op een PC, kunt u verwante bestanden in een map bewaren. Een map kan andere mappen, alsook bestanden bevatten. Zo kan map 1 bijvoorbeeld map B bevatten en map B kan map C bevatten. Dit wordt het "innestelen van mappen" genoemd.
Sessie:
Een sessie is een ononderbroken gedeelte van geschreven data op een disc. Een multi-sessie disc is een disc die twee of meer sessies heeft.
OPMERKING:
• Bij weergave van de Flash-geheugenkaart. De indicator brandt rood.
• Bij weergave van de Flash-USB. De indicator brandt groen.
- Druk op de toets STANDBY/ON om de eenheid aan te zetten ('ON'). De STANDBY/ON-TII
[ indicator staat "OFF" en de LCD-achtergrondverlichting is aan ('ON').
-
Selecteer de CARD (kaart) of USB-functie door op FUNCTION te drukken.
-
Steek de KAART of USB in de sleuf. Het totaal aantal tracks en de totale weergavetijd
verschijnen op het schem.
- Druk op PLAY (weergavetoets).
OPGELET
• USteek niets behalve een KAART of USB in de sleuf.
• UVreemde voorwerpen kunnen de sleuf beschadigen.
• UHoud de sleuf schoon als ze niet in gebruik is om te vermijden dat er stof en vull binnendringt.
• AIs de KAART of de USB correct geladen wordt, zal het totaal aantal tracks op de kaart of op
L de USB aangeduid worden.
Pauzecontrole
De pauzecontrole laat u toe de weergave van een disc tijdelijk te onderbreken en de weergave vervolgens vanaf datzelfde punt te hervalten. Druk op de toets Play/Pause ▶II tijdens de weergave om de pauzecontrole te activeren. Het tracknummer begint op het scherm te knipperen.
Het geluid stopt, maar de disc blijft ronddraaien. Druk nogmaals op de Play/Pause ▶II om de pauze te annuleren en om de weergave te hervatten. Het tracknummer zal stoppen met knipperen.
OPMERKING: Onthoud dat de disc blijft rondraaien in de pauzemode, zelfs als u geen geluid hoort. Vergeet niet om de pauzemode vrij te geven om overdreven slijtage van de motor te vermijden en om de batterijen te sparen.
Weergeven van een cassette
-
Zet de functieschakelaar op "Tape".
-
Druk op de knop Stop/Eject (stoppen/uitwerpen) ■▲ om de deur van het cassettevak te U
□ openen.
- Steek een vooraf opgenomen cassette in de gleuf aan de binnenkant van de cassettedeur II II
- met de volle spoel aan de linkerkant en de open kant naar beneden gericht. Sluit het deksel
□ van het batterijvak.
-
Druk op de knop Play (Weergavetoets) ◀ om de weergave te starten.
-
Pas de Volume- en de DBBS-regelingen naar wens aan
-
Om een cassette snel voorwaarts of snel terug te spoelen, drukt u op de knoppen Fast II
Forward ▶▶lof Rewind ◀◀. Om de normale weergave te hervatten, nogmaals op de □□
I weergavetoets Play ◀ van de cassettespeler drukken.
- Om de weergave tijdelijk te stoppen, op de Pauzetoets II van het cassettedeck drukken.
U Druk nogmaals op de pauzetoets om de pauze te annuleren en om de weergave te hervatten.
- De band kan voor het einde gestopt worden door op de Stoptoets ■▲ van het cassettedeck U
U te drukken. Druk nogmaals op de toets om de deur van het cassettevak te openen en de U
□ cassette te laten uitwerpen.
Als de cassette eindigt, geeft de Auto-Stopfunctie de weergavetoets Play vrij en zet de stroom op 'Off'.
OPMERKING: Auto-Stop werkt enkel in de modi Play (weergave) of Record (opname). Auto-Stop werkt niet tijdens het snel voorwaarts spoelen of tijdens het terugspoelen.
Om de andere kant van de cassette weer te geven, de cassette omdraaien zodat de volle spoel aan de rechterkant zit, de cassette terug insteken en vervolgens op de weergavetoets Play drukken.
Een opname maken op cassette
U kunt rechtstreeks opnemen van de radio of van een CD/MP3-speler naar de Ingebouwde stereo cassetterecorder. Er zijn geen afzonderlijke microfoons of externe verbindingen nodig. Bovendien is de cassetterecorder voorzien van een Controlecircuit voor het Automatisch volume van het opnameniveau dat het volume van de opname controleert om vervorming te vermijden. U kunt het volume tijdens de opname aanpassen, of kunt u het volume volledig uitschakelen (Off) zonder dat dit de opname beinvloedt.
-
Kies de bron waarvan u wilt opnemen, Radio of CD/MP3-speler, en volg de werkinstructies U L II voor die bron.
-
Druk op de knop Stop/Eject (stoppen/uitwerpen) ■▲ om de deur van het cassettevak te 11
□ openen.
- Steek een blanco cassette van goede kwaliteit in de gleuf aan de binnenkant van de [ ]
U cassettedeur met de volle spoel aan de rechterkant en de open kant naar boven gericht. Sluit
I de deur van het cassettevak.
- [Druk de Opnametoets● van het cassettedeck in. De weergavetoets van de II
[ cassetterecorder ◀ zal eveneens ingedrukt worden en de opname zal beginnen.
[ Als u de band tijdelijk wilt stoppen om de opname van bepaald materiaal te vermijden, zoals ]
L een radioreclame, druk dan op de pauzetoets II Druk de pauzetoets nogmaals in om de L
L pauze te annuleren en om de weergave te hervatten. - LAIs u klaar bent met opnemen, druk dan op de toets Stop/Eject ■▲ om de cassette te
stoppen en om de deur van het cassettevak te openen.
Aanbevelingen in verband met cassettes
Standaard cassettes hebben een opnameduur van 15(C-30) en 30(C-60) minuten aan elke kant. Er zijn cassettes verkrijgbaar met een opnameduur van 45 (C-90) en 60 (C-120) minuten aan elke kant, maar langere banden in hetzelfde verpakkingsformaat vereisen het gebruik van dunner materiaal en de kans op storingen is veel groter. Cassettes met een langere duur zijn niet aanbevelen. Gebruik enkel cassettes van hoge kwaliteit. Als zich een probleem voordoet, controleer de eenheid dan eens met een andere cassette om te bepalen of het probleem bij de cassette lig in plaats van bij de eenheid. Als er een los gedeelte in de cassetteband zit moet dit verwijderd worden voordat u de cassette insteekt. Steek een potlood in één van de openingen en draai naar de buitenkant van de cassette tot het losziltend gedeelte goed opgewikkeld is.

Afb. 1

Beveiliging tegen ongewild wissen
Als een nieuwe opname gemaakt wordt, zal eerder opgenomen materiaal automatisch gewist worden en zal enkel de nieuwe opname overblijven. Om waardevolle opnames te beschermen tegen ongewild wissen, zijn de cassette en het cassettedeck uitgerust met een speciale wisbeveiliging.
Aan de achterzijde van de cassette bevindt zich aan elke kant een lipje om ongewild wissen te voorkomen. Om te vermijden dat opnamen ongewild gewist worden, kunt u deze lipjes met een schroevendraaler afbreken. Als slechts één kant van de cassette beschermd moet worden, breek dan het lipje aan de linkerkant af als de te beschermen kant van de cassette naar u gericht is.
Om op te nemen op een cassette waarvan het lipje afgebroken is, kleeft u een stuk plakband over die opening.
OPMERKING:
Als een lipje verwijderd is, kan de opnametoets RECORD ● niet ingedrukt worden.

NL 21 NL 22
Verzorging van de Compact Disc

• "Om een disc uit haar behuizing te verwijderen, drukt u op het midden van de doos en pakt u li de disc voorzichtig aan de randen vast om ze eruit te trekken.
- Behandel de disc zorgvuldig. Neem de disc enkel aan de randen vast. Vermijd contact van uw U vingers op het onbedrukt, glanzend discoppervlak.
- Breng geen kleefband, stickers enz. op het etiket van de disc aan.
- Maak de disc periodiek schoon met een zachte, pluisvrije, droge doek. Gebruik nooit
detergenten of bijtende reinigingsmiddelen om de disc te reinigen. Gebruik indien nodig een reinigingskit.
• Als een disc stukken overslaat of op een bepaald gedeelte van de disc blokkeert, is ze 10 vermoedelijk vuil of beschadigd (gekrast).
- Wrijf bij het reinigen van de disc steeds in een rechte lijn vanuit het midden naar de rand van 1 de disc. Nooit in cirkelvormige bewegingen wrijven.

Reinigingen van de bandkoppen
De bandkoppen, de klemrol en het geleidingsweltje moeten periodiek gereinigd worden. Dit verwijdert de deeltjes van de metaaloxide-coating die van de cassette komen en die zich op deze delen vastzetten en de prestaties ervan beïnvloeden. Schakel de stroom uit, druk op de toets Stop/Eject (stoppen/uitwerpen) om de deur van het cassettelevak te openen en druk op de weergave-toets (PLAY). Reinig de koppen, de klemrol en het geleidingsweltje met een zachte doek, of met een wattenstokje dat in isopropylalcohol of een speciaal reinigingsmiddel voor koppen gedrenkt is.

OPMERKING: Gebruik nooit enige metalen voorwerpen op of in de buurt van de bandkoppen. Zorg ervoor dat er geen reinigingsmiddel in het bandmechanisme terechtkomt.
Het reinigen van de eenheld
• Il Om het gevaar van brand of een elektrische schok te vermijden, de stekker van de eenheid
[ uittrekken voordat u met het reinigen ervan begint.
• Als de behuizing stoffig wordt, ze met een zachte, droge doek afstoffen. Gebruik geen was of polish sprays op de behuizing.
- Als het voorpaneel vuil wordt of vingerafdrukken vertoont, mag dat gereinigd worden met een
zachte doek die lichtjes bevochtigd werd in een lichte oplossing van zeep en water. Gebruik 1
T nooit schurende reinigingsmiddelen of polishes, aangezien deze de finish van uw eenheid
「 kunnen beschadigen.
Opgelet:
Zorg ervoor dat er geen water of andere vloeistoffen in de eenheid terechtkomen terwijl u deze aan het reinigen bent.
GIDS VOOR HET VERHELPEN VAN STORINGEN
Als deze eenheid een probleem zou vertonen, gelieve dan volgende zaken te controleren voordat u de eenheid naar een technische dienst brengt.
| Symptoom | Mogelijke opzaak | Oplossing | ||
| Radio | ||
| Vervormd geluid of □ De zvervormde klank op □ afgeAM- of FM-zenders □ FM:□□□□□□ | ender is niet goed □ Stel de AM- of FM steld voor AM of AM. □ -zender opnieuw af. | |
| De staafantenne is [ Trek de FM-staafantenne uit.niet uitgetrokken. | ||
| AM: De eenheid is niet □juist gepositioneerd.□ | Draai de eenheid totde ontvangst verbetert. | |
| FM- STEREO-Indicator □brandt niet □ | FM station is mono of het □zendersignaal is zwak.□ | Stel de bandschakelaarin op de FM ST-positie. |
| AM of FM, geen geluid.□□□□ | De functie is niet ingesteld □op Tuner.□ | Zet de functieschakelaar opRADIO |
| Volume op minimum□ | Volume verhogen. | |
| Cassettespeler | ||
| Geen geluid.□ Functionschakelaar is niet □ Zet de functietoets op TAPE.□□□□□ | ingesteld op TAPE (cassette) | |
| Volume op minimum□ | Volume verhogen. | |
| Vervormde klank.□ | Vuile kop.□ | De kop reinigen. |
| Snelheid varieert.□□□□ | Oude of versleten cassette.□ | Vervang de cassette. |
| Vuile rollen of vuil geleidingswieltje.□[ | Maak de rollen en het □geleidingswieltje schoon. | |
| Cassetterecorder | ||
| Wil niet opnemen.□□□ | Het lipje voor de wispreventie □ Bedek de opening met tape.werd verwijderd. | |
| Vervormd geluid bij ]weergave.□ | Cassette defect of vuile kop.□[ | Vervang de cassette of reinig [de kop. |
| Compact Disc-speler | ||
| CD-speler wil niet spelen.□□□□□□ | Functieschakelaar is niet op □CD ingesteld. □ | Druk op de CD-toets om delCD-functie te selecteren.□ |
| Geen of verkeerd aangebrachte □CD.□ | Steck de CD erin met deetiketzijde naar boven. | |
| CD slaat stukken over □tijdens de weergave.□ | De disc is vuil of gekrast.□[ | Wrijf de disc schoon met eendoek, of gebruik een andere disc. |
| Kaart of USB-speler | ||
| Kaart of USB wil niet □ De weergeven.□ op Kaart of U□□□□□ | functie is niet ingesteld □ Druk op de knop Kaart of USBUSB.□ Om de functie Kaart of USB te [□] | kiezen. |
| Kaart of USB is niet of onjuist [geinstalleerd.□] | Installeer de kaart of USB in depoort | |
Opmerkingen:
Als de bovenstaande tabel voor het verhelpen van storingen (zie hierboven) de storing niet kan verhelpen, trek de slekker dan even uit en sleek hem na enkele seconden terug in. Bij een resetting wordt de eenheid terug op de oorspronkelijke fabrieksinstellingen gezet en worden alle instellingen van de gebruiker gewist.
Model: AJ-P5375UFC
Bruikbare gevoeligheid (30dB S/R) 22dBμ
Antenne: Π telescopisch
AM-gedeelte
Tuningbereik: 522 kHz - 1620kHz (9 KHz stap)
Bruikbare gevoeligheid 165dB/M
Antenne: U Ferrietstaaf
Versterker
Vermogensafgifte (op 10% THD): ∩ 1,2W
Max. vermogensafgifte ∥ 1,5W
Koptelefoon: 132 ohm
Cassettedeck
Trackformaat 14 tracks, 2 stereokanalen
Frequentieweergave ∪ Normale band : 100 Hz tot 10 KHz
Signaal-ruisverhouding 140 dB
Opnamesysteem L AC bias
Opnamekoppen/☐ weergavekop x 1 wiskop x 1
CD-speler
Laser | Halfgeleider laser (760-800nm)
S/R verhouding: 150dB(1 kHz, 0 dB)
Harmonische vervorming 0,5%(1 kHz, 0 dB)
[Non-Text]
MP3
MPEG-snelheid 32-384Kbps
Schakelfrequentie U 8/11.025/12KHz voor MPEG2.5
16/22.05/24KHz voor MPEG2
32/44.1/48KHz voor MPEG1
Geheugenkaart
USB Flash
Algemeen
Stroomvereiste II AC230V, 50Hz
Max. stroomverbruik: 15W
Afmetingen van de hoofdeenheid: 304(L) x 222(B) x 148(H) mm
Gewicht van de hoofdeenheid: 1 2.5 kg
De technische kenmerken en het uitzicht kunnen zonder voorafgaand bericht gewijzigd worden.
Informatie www.akai.nl http://www.akai.nl