M 638 - Magnetron MIELE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis M 638 MIELE in PDF-formaat.
| Producttype | Magnetron (Magnetronoven) |
| Merk | Miele |
| Model | M 638 |
| Kleur | Roestvrij staal / Wit |
| Type installatie | Inbouw of vrijstaand |
| Afmetingen (B x H x D) | ca. 50 x 30 x 40 cm |
| Gewicht | ca. 15 kg |
| Vermogen | 900 W (magnetron) |
| Capaciteit | 25 liter |
| Functies | Ontdooien, opwarmen, grillen, automatische programma's |
| Aantal vermogensstanden | 5 |
| Timer | Ja, tot 99 minuten |
| Kinderslot | Ja |
| Deursysteem | Scharnierdeur met grendel |
| Binnenverlichting | LED |
| Materiaal | Roestvrij staal (buiten), emaille (binnen) |
| Energieverbruik | ca. 0,9 kWh per gebruikscyclus |
| Netsnoer | 1,5 m |
| Inhoud | 25 liter |
| Geluidsniveau | ca. 50 dB |
| Veiligheid | Oververhittingsbeveiliging, automatische uitschakeling |
| Onderhoud | Reinig met vochtige doek, geen schurende middelen |
| Reparatie en reserveonderdelen | Via Miele service of erkende dealers |
| Garantie | 2 jaar fabrieksgarantie |
Veelgestelde vragen - M 638 MIELE
Gebruikersvragen over M 638 MIELE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Magnetron in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding M 638 - MIELE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. M 638 van het merk MIELE.
GEBRUIKSAANWIJZING M 638 MIELE
Lees beslist de gebruiksaanwijzing voordat u uw apparaat plaatst, installeert en in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt onnodige schade aan uw apparaat.

M.-Nr. 05 785 120
Algemeen 4
Een bijdrage aan de bescherming van het milieu....5
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen 6
Principe....12
Servies dat geschikt is voor de magnetron....13
Materiaal en vorm 13
Het testen van serviesgoed....15
Accessoires 16
Bijgeleverde accessoires....16
Deksel....16
Glazen opvangschaal....17
Bakplaat 17
Extra accessoire 17
Gourmet-plaat....17
Vóór gebruik....18
Dagtijd instellen....18
Dagtijd corrigeren 18
Dagtijdweergave uitzetten....18
Nachtschakeling 18
Kookwekker 18
Deur openen 19
Deur sluiten 19
Akoestisch signaal....19
Vergrendeling....19
Bediening 20
Verwarmingsssoorten 20
Magnetron 21
Vermogensstand....21
Tijd voor het ontdooien, verwarmen en koken 21
Serviesgoed in het apparaat zetten 21
Draaiplateau 21
Bereidingsproces starten 22
Bereidingsproces onderbreken / voortzetten 22
Instellingen wijzigen 22
Bereidingsproces wissen 22
Warmhoudautomaat. 23
Quick-Start (programmeerbaar) 23
Programmeerbare eindtijd 24
Verwarmen 25
Koken 26
Ontdooien / ontdooien en bereiden 27
Inmaken 28
Praktische tips 29
Grilleren 30
Combinatie magnetron en grill. 31
Grilleren met luchtcirculatie 32
Combinatie van magnetron en grilleren met luchtcirculatie . . . . . . . . . . . . . . . . 33
Hetelucht....34
Combinatie van magnetron en hetelucht. 35
Automatische programma's 36
Geteste gerechten 37
Reiniging en onderhoud 39
Nuttige tips 42
Plaatsen en aansluiten 45
①Deur
②Deurslot
③Grillelement
④Bedieningspaneel
⑤Grillrooster
⑥Draaiplateau
⑦Bakplaat
⑧Glazen opvangschaal
⑨Keramisch spatscherm
⑩Klok met display
⑪Functieschakelaar voor magnetron- vermogen en automatische programma's
⑫Draaiknop: tijd, gewicht, temperatuur
⑬Toets "Grilleren 📋"
⑭Toets "Grilleren met lucht-circulatie 🔒"
⑮Toets "Hetelucht 🔒"
⑯Toets dagtijd
⑰Toets kookwekker
⑱Stoptoets / wistoets
⑲Toets draaiplateau UIT
⑳Toets START /
Quick-Start (programmeerbaar) ◆
②1Deuropener
Gebruik van de magnetron
- Door een tijd en een vermogen in te stellen, kunt u voedingsmiddelen ont-dooien, verwarmen en koken.
- Diepvriesproducten kunt u ontdooien en meteen daarna bereiden.
- U kunt uw magnetron als "kleine keukenhulp" gebruiken, bijvoorbeeld voor het laten rijzen van deeg, het smelten van chocolade of boter, het oplossen van gelatine en het inma- ken van kleine hoeveelheden fruit, groente of vlees.
Het verpakkingsmateriaal
De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschade. Het verpak-kingsmateriaal is uitgekozen met het oog op een zo gering mogelijke belasting van het milieu en de mogelijkheden voor recycling.
Hergebruik van het verpakkingsmateriaal remt de afvalproductie en het gebruik van grondstoffen. Vaak neemt de leverancier de verpakking terug. Als u de verpakking zelf wegdoet, informeer dan bij de reinigingsdienst van uw gemeente waar u die kunt afgeven.
Het afdanken van het apparaat
Van een afgedankt apparaat kunnen de onderdelen vaak nog waardevol zijn.
Zorg er daarom voor dat uw oude apparaat via de dealer of de gemeente gerecycled kan worden. Zorgt u ervoor dat het afgedankte apparaat tot die tijd buiten het bereik van kinderen wordt opgeslagen.
Zie ook het hoofdstuk "Veiligheidsin-structies en waarschuwingen".
Wanneer u het apparaat afdankt, trek dan de stekker uit het stopcontact. Maak de stekker en de aan-sluitkabel onbruikbaar. U voorkomt daarmee dat het apparaat gevaar oplevert, bijvoorbeeld voor spelende kinderen.
Dit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsbepalingen. Onjuist gebruik echter kan persoonlijk letsel of beschadiging van het apparaat tot gevolg hebben.
Lees daarom de gebruiksaanwijzing aandachtig door, voordat u het apparaat in gebruik neemt. In de gebruiksaanwijzing vindt u belangrijke instructies met betrekking tot veiligheid, gebruik en onderhoud.
Bewaar de gebruiksaanwijzing zorgvuldig en geef deze door aan een eventuele volgende eigenaar!
Verantwoord gebruik
Deze magnetron is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik en wel voor het ontdooien, verwarmen, koken, bakken, grilleren en inmaken van voedingsmiddelen. Gebruik voor andere doeleinden is voor eigen risico en kan gevaarlijk zijn. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die wordt veroorzaakt door gebruik voor andere doeleinden dan hier aangegeven of door foutieve bedie- ning.
Gebruik de magnetron nooit voor het bewaren of drogen van ontvlambare producten. Aanwezig water verdampt en er ontstaat brandgevaar.
Kinderen mogen het apparaat alleen zonder toezicht gebruiken als ze weten hoe ze het apparaat veilig moeten bedienen. De kinderen moeten zich bewust zijn van de gevaren van een foutieve bediening.
- Gebruik de magnetron niet als – de deur verbogen is.
– de deurscharnieren los zitten.
- er gaatjes of scheuren in de ommanteling, de deur, de deurdichting of de binnenwanden van het apparaat zitten. Als de magnetron wel wordt ingeschakeld, kunnen er microgolven vrijkomen die gevaarlijk kunnen zijn voor de gebruiker.
Ondeskundig uitgevoerde installatie-, reparatie- en onderhoudswerkzaamheden leveren gevaar op voor de gebruiker. De fabrikant kan daarvoor niet aansprakelijk worden gesteld. Laat installatie-, reparatie- en onderhoudswerkzaamheden uitsluitend door erkende vakmensen uitvoeren.
Maak de ommanteling van het apparaat nooit open. Als onder spanning staande delen worden aangeraakt en/of als er iets aan de elektrische of mechanische opbouw van het apparaat wordt veranderd, kan de gebruiker gevaar lopen (bijvoorbeeld een elektrische schok). Bovendien is het mogelijk dat het apparaat dan niet meer goed functioneert.
Als de aansluitkabel beschadigd is, moet deze door de Technische Dienst worden vervangen of door een door de fabrikant opgeleide vakman.
Voordat u het apparaat aansluit, dient u de aansluitgegevens (spanning en frequentie) op het typeplaatje te vergelijken met de waarden van het elektriciteitsnet. Deze gegevens moeten beslist overeenkomen om beschadiging van het apparaat te voorkomen. Raadpleeg bij twijfel een elektricien.
De elektrische veiligheid van het apparaat is uitsluitend gegarandeerd, als het wordt aangesloten op een aardingssysteem dat volgens de geldende veiligheidsbepalingen is ge-installeerd. Het is zeer belangrijk dat wordt nagegaan of aan deze fundamentele veiligheidsvoorwaarde is voldaan en dat de huisinstallatie bij twijfel door een vakman wordt geïnspecteerd. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die wordt veroorzaakt door een ontbrekende of beschadigde aarddraad (bijvoorbeeld een elektrische schok).
Er staat alleen dan geen elektrische spanning op het apparaat als aan één van de volgende voorwaarden is voldaan:
- als de stekker uit het stopcontact is getrokken.
Trek daarbij aan de stekker en niet aan de aansluitkabel.
- als de hoofdschakelaar van de huisinstallatie is uitgeschakeld.
- als de zekering van de huisinstallatie er geheel is uitgedraaid.
Het apparaat mag niet via een verlengsnoer op het elektriciteitsnet worden aangesloten. Met verlengsnoeren kan een veilig gebruik van het apparaat niet worden gewaarborgd (er kan bijvoorbeeld oververhitting ont-staan).
Dit apparaat mag uitsluitend door een vakman op een niet-stationaire locatie (bijvoorbeeld een boot of camper) worden ingebouwd en aangesloten. Hierbij moet aan alle voorwaarden voor een veilig gebruik worden voldaan.
Gebruik
Zorg ervoor dat voedsel altijd voldoende wordt verwarmd. De tijd die daarvoor nodig is, hangt af van verschillende factoren, zoals de temperatuur van het gerecht op het moment dat het in de magnetron wordt gezet, de hoeveelheid, het soort voedsel, de kwaliteit ervan en mogelijke wijzigingen in het recept.
Eventuele bacteriën in het eten worden alleen gedood wanneer de temperatuur hoog genoeg is (>70 °C) en lang genoeg wordt aangehouden (>10 min.). Wanneer u twijfelt of een gerecht voldoende is verwarmd, verleng dan de bereidingstijd nog iets.
Het is belangrijk dat de temperatuur in het gerecht gelijkmatig wordt verdeeld en hoog genoeg is. Roer het gerecht daarom regelmatig door of keer het. Let ook op de aangegeven doorwarmtijden (de tijd waarin de warmte zich gelijkmatig verdeelt) bij het ontdooien, verwarmen en koken.
Houd bij ontdooien, verwarmen of koken met de magnetron rekening met het feit dat de bereidingstijden vaak veel korter zijn dan op een kookplaat of in een gewone oven. Als gerechten te lang in de magnetron staan, drogen ze uit en kunnen zelfs in brand vliegen.
Gevaar voor brand bestaat ook als u bijvoorbeeld brood in de magnetron verwarmt of bloemen en kruiden te lang droogt. Blijf er dus bij staan!
Kussens met kersenpitten en dergelijke mogen niet in de magnetron worden verhit. Zulke kussens kunnen in brand raken, ook nadat ze uit het apparaat zijn gehaald. Brandgevaar!
Zet de magnetron niet op het hoogste vermogen, wanneer u leeg serviesgoed wilt verwarmen of kruiden wilt drogen. De magnetron zou beschadigd kunnen raken, omdat er te weinig in staat.
Verwarm eten of drinken nooit in een gesloten potje of fles. Anders ontstaat er druk waardoor het potje of de fles uiteen kan spatten. U zou hierbij letsel kunnen oplopen! Bij zuigflessen moeten de dop en de speen van tevoren worden verwijderd.
Als u de gerechten uit de magnetron haalt, controleer dan of de temperatuur goed is. Let vooral bij babyvoeding op de juiste temperatuur!
Babyvoeding goed doorroeren of schudden. Proef er zelf even van, zodat u zeker weet dat de baby zich er niet aan brandt. Meet de juiste temperatuur niet aan de temperatuur van het serviesgoed! Als gerechten in de magnetron worden verwarmd, ontstaat de warmte in het voedsel zelf, waardoor het serviesgoed minder heet wordt. Het serviesgoed wordt alleen warm door de warmte die het gerecht afgeeft.
Als u een vloeistof wilt verwarmen, zet dan het bijgeleverde kookstaafje in de beker of het glas.

Als u het kookstaafje niet gebruikt, is het mogelijk dat bij het koken en vooral het naverwarmen van vloeistoffen het kookpunt wordt bereikt, zonder dat de bekende luchtbelletjes opstijgen. De vloeistof kookt dan niet gelijkmatig. Als u nu het glas of de beker uit de magnetron haalt, kan de vloeistof ineens gaan borrelen en overkoken. U kunt zich daarbij branden.
Als de vloeistof nog in de magnetron staat en plotseling hevig gaat koken, kan de deur openspringen. U kunt daarbij letsel oplopen. Bovendien kan het apparaat beschadigd raken. U voorkomt dit door het kookstaafje te gebruiken.
Laat de deur van de magnetron dicht als de voedingsmiddelen in de binnenruimte rook ontwikkelen. Eventuele vlammen worden op deze manier gedoofd. Zet de magnetron uit (druk twee keer op de toets Stop/C) en trek de stekker uit het stopcontact. Open de deur pas wanneer de rook is weggetrokken.
Verwarm nooit onverdunde alcohol. Alcohol kan in brand raken.
Gebruik voor het inmaken nooit conservenblikken. Deze kunnen door overdruk uiteenspatten. U kunt daarbij letsel oplopen en het apparaat kan beschadigd raken.
Gebruik in de magnetron geen metalen pannen, geen aluminiumfolie, geen bestek, geen serviesgoed met een metalen laagje, geen kristal dat lood bevat, geen schalen met een kar-telrand, geen kunststof die niet tegen hitte bestand is en geen houten ser-viesgoed. Gebruik ook geen metalen clips, geen kunststof en papieren clips waar ijzerdraad in zit en geen slag-roombekertjes waarvan het dekseltje niet helemaal is verwijderd. Als u deze voorwerpen wel gebruikt, kan het ser-viesgoed beschadigd raken of kan er brand ontstaan.
Het bijgevoegde verstelbare rooster is speciaal ontwikkeld voor de magnetron en kan dus zonder problemen worden gebruikt.
Blijf bij het apparaat als u voedingsmiddelen bereidt in wegwerpbakjes van kunststof, papier of andere brandbare stoffen. Wegwerpbakjes van kunststof zijn geschikt als ze voldoen aan de eisen die in de rubriek "Kunststof" staan.
Kook eieren alleen met speciaal serviesgoed. Verwarm ook geen hardgekookte eieren in de magnetron. Door de druk kunnen ze uiteenspatten, ook nadat u ze uit de magnetron heeft gehaald.
Eieren zonder schaal mogen in de magnetron worden bereid als u van tevoren een paar gaatjes in de dooier prikt. Als u dit niet doet, kan het eigeel er na het koken onder hoge druk uitspuiten. U kunt daarbij letsel oplopen.
Bij voedingsmiddelen waarvan de schil of het vel hard is (tomaten, aubergines, worstjes, etc.), moet u eerst een paar gaatjes of inkepingen in de schil of het vel maken, voordat de voedingsmiddelen in de magnetron worden verwarmd. Op deze manier kan de waterdamp ontsnappen en voorkomt u dat de voedingsmiddelen ontploffen.
Verwarm in de magnetron geen gerechten in isolatieverpakking, zoals braadzakken voor kip. Deze verpakkingen bestaan onder meer uit een laagje aluminiumfolie dat de microgolven terugkaatst. Hierdoor kan de verpakking oververhit raken en in brand vliegen.
Zet de magnetron pas aan als er een gerecht of bruineringservies in staat en plaats altijd het draaiplateau.
Houd de magnetron goed in de gaten als u met olie of vetten werkt. Olie en vet kunnen in brand raken.
Gebruik in de magnetron geen serviesgoed met holle handgrepen en knoppen. Hierin kan zich vocht ophopen, waardoor druk ontstaat en het servies uiteen kan spatten. U loopt daarbij het risico zich te verwonden. Als deze delen goed ontlucht zijn, kunt u het servies wel gebruiken.
Bij alle verwarmingsssoorten (behalve als u alleen de magnetronfunctie gebruikt) worden de wanden, het grillelement, de geleiderails, de deur en de ommanteling van het apparaat heet! Zorg ervoor dat kinderen het apparaat niet aanraken als het aan staat. Er bestaat gevaar voor verbrandingen!
Draag bij of na bakken, braden of grilleren altijd ovenwanten als u gerechten in het apparaat zet of als u deze eruit haalt. U kunt zich anders branden!
Het rooster, de glazen opvang-
schaal en de bakplaat worden bij
gebruik heet. U kunt zich eraan
branden!
U mag de bakplaat alleen gebruiken voor de verwarmingsssoort "Hetelucht" (zonder bijschakeling van de magnetronfunctie).
Zet de (hete) glazen opvangschaal niet op een koud oppervlak, zoals een granieten werkblad of tegeltjes, anders kan de schaal beschadigd raken. Gebruik eventueel een onderzetter.
Gebruik het apparaat niet om er een ruimte mee te verwarmen.
Door de hoge temperaturen in het apparaat kunnen licht ontvlambare voorwerpen, die zich in de buurt bevinden, vlam vatten.
Gebruik het apparaat niet als werkblad. De warmte aan de bovenkant van het apparaat kan er toe leiden dat bepaalde stoffen smelten.
Onderbreek het bereidingsproces als u de temperatuur van het ge-recht wilt meten. Gebruik nooit kwik- of vloeistofthermometers, aangezien deze niet geschikt zijn voor hoge temperatu-ren en gemakkelijk breken. Gebruik uit-sluitend speciale thermometers.
Gebruik voor het reinigen van het apparaat nooit een stoomreiniger.
De stoom kan in aanraking komen met delen die onder spanning staan en kortsluiting veroorzaken.
Let op het volgende als u bruineringsservies gebruikt
Draag altijd ovenwanten als u bruineringsservies aanraakt. U kunt zich anders branden!
Zet bruineringsservies altijd op een onderzetter als het warm is. Het werkblad kan anders beschadigd raken.
Gebruik bruineringsservies alleen in de magnetron of om gerechten te serveren. Als u het voor traditionele bereidingswijzen gebruikt, wordt de speciale glazuurlaag beschadigd.
Het afdanken van het apparaat
Zorg dat afgedankte apparaten niet meer gebruikt kunnen worden.
Trek daartoe de stekker uit de contactdoos en maak de stekker en de aan-sluitkabel onbruikbaar. U voorkomt zo dat iemand oneigenlijk gebruik maakt van het apparaat.
Wanneer de "Veiligheidsinstructies en waarschuwingen" niet worden opgevolgd, kan de fabrikant niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die daarvan het gevolg is.
In de magnetron worden gerechten in korte tijd ontdooid, verwarmd en gekookt.
Hoe werkt de magnetron?
In het apparaat zit een magnetronbuis. Deze zet stroom om in elektromagnetische golven: de micro-golven. Deze microgolven worden gelijkmatig over de binnenruimte verdeeld. Bovendien worden ze door de zijwanden gereflecteerd, zodat ze van alle kanten bij en in het voedsel kunnen komen. Is het draaiplateau ingeschakeld, dan is de verdeling nog beter.
Omdat de microgolven bij en in het gerecht moeten kunnen komen, moet het serviesgoed geschikt zijn voor gebruik in de magnetron. Microgolven dringen door porselein, glas, karton en kunststof heen, maar niet door metaal. Gebruik daarom geen metalen pannen of schalen of pannen en schalen met een metaalhoudend decorlaagje. Metaal kaatst de golven terug, waardoor von-ken kunnen ontstaan.
Als het juiste servies wordt gebruikt, dringen de microgolven meteen door tot in het gerecht. Voedingsmiddelen bestaan uit moleculen. Deze moleculen, vooral watermoleculen, worden door de microgolven in trilling gebracht (maar liefst 2,5 miljard bewegingen per seconde). Hierdoor ontstaat warmte die zich vanaf de buitenkant van het voedsel naar binnen verplaatst. Hoe meer water een gerecht bevat, des te sneller werkt de magnetron.
De warmte ontstaat dus direct in het gerecht, waardoor
- een gerecht over het algemeen met weinig of geen toevoeging van vloeistof of vet in de magnetron kan worden bereid.
- ontdooien, verwarmen en koken sneller gaan dan met een traditionele oven.
- voedingsstoffen zoals vitaminen en mineralen voor het grootste deel behouden blijven.
- de natuurlijke kleur en smaak van de gerechten nauwelijks veranderen.
De magnetron wordt uitgeschakeld, zo- dra u het bereidingsproces onderbreekt of de deur van het apparaat opent. Tij- dens een bereiding biedt de gesloten deur voldoende bescherming tegen de microgolven. De deur mag niet beschadigd zijn!
De microgolven

- worden door metaal teruggekaatst.

- dringen door glas, porselein, etc.

- worden door het gerecht opgenomen.
Materiaal en vorm
Het materiaal en de vorm van het ser- viesgoed kunnen van invloed zijn op de bereidingstijd. Het beste kunt u ronde of ovale platte schalen gebruiken. De gerechten worden dan gelijkmatiger verwarmd dan in rechthoekige schalen.
Metaal
Metalen schalen, aluminiumfolie en bestek zijn niet geschikt voor gebruik in de magnetron, evenmin als serviesgoed met een metalen laagje (bijvoorbeeld een goudkleurig of kobaltblauw decorrandje).
Metaal kaatst microgolven terug, waar- door het gerecht niet warm kan worden.
Uitzonderingen:
- Kant-en-klaarmaaltijden in aluminium bakjes
Deze kunnen in de magnetron worden ontdooid en verwarmd. Verwijder altijd van tevoren het deksel. Op deze manier worden de gerechten echter alleen van boven verwarmd. Wanneer u het gerecht uit de verpakking haalt en in een geschikte schaal doet, wordt de warmte over het algemeen gelijkmatiger verdeeld.
Aluminium bakjes kunnen gaan kraken of zelfs vonken afgeven.
- Aluminiumfolie
Vlees met een onregelmatige vorm, zoals gevogelte, wordt het beste ontdooid en bereid als u de platte delen de laatste paar minuten met stukjes aluminiumfolie afdekt.
De folie moet minstens 2 cm van de binnenwanden van het apparaat verwijderd blijven!
- Metalen spiesen en klemmen
Deze kunt u alleen gebruiken als het vlees veel groter is dan het metaal.
Glas
Vuurvast glas en keramisch glas zijn zeer geschikt.
Kristalglas (dat vaak lood bevat) en glazen schalen met een gekartelde rand kunnen uiteenspatten. Ze zijn dan ook niet geschikt.
Porselein
Porseleinen serviesgoed is zeer geschikt.
Het mag echter geen metalen decoratie (zoals een goudrand) hebben en geen holle handgrepen.
Aardewerk
Beschilderd aardewerk is alleen geschikt als het motief zich onder een glazuurlaag bevindt.
Aardewerk kan heet worden.
Servies met een glazuurlaagje of verf
Sommige glazuur- en verfsoorten bevatten metaal.
Daarom is dit serviesgoed niet geschikt voor de magnetron.
Kunststof
Kunststof serviesgoed mag alleen voor de verwarmingsssoort "Magnetron" worden gebruikt, dus niet voor andere verwarmingsssoorten. Het materiaal moet bestand zijn tegen temperaturen van minimaal 110 °C.
Kunststof die niet hittebestendig is, kan vervormen of zelfs smelten.
Kunststof serviesgoed voor de magnetron is verkrijgbaar in speciaalzaken.
Kunststof serviesgoed van melamine is niet geschikt, omdat het energie opneemt en daardoor te heet wordt. Informeer dus altijd eerst van welk materiaal het kunststof serviesgoed is.
Serviesgoed van piepschuim, bijvoorbeeld polystyreen, kunt u gebruiken als u gerechten maar eventjes wilt verwarmen.
Kunststof kookbuiltjes kunt u gebruiken voor het verwarmen en ko-ken van de inhoud. Prik eerst gaatjes in het builtje zodat de stoom eruit kan.
Daardoor voorkomt u dat de druk te hoog wordt en het builtje uiteenspat.
U kunt ook braadfolie en braadzakken gebruiken. De braadfolie moet ca. 40 cm en de braadzak ca. 20 cm langer zijn dan het vlees. Het geheel moet zorgvuldig worden dichtgemaakt met een draadje (garen). De uiteinden kunt u omslaan en dichtbinden. Prik er gaatjes in volgens de aanwijzingen op de verpakking.
Gebruik geen metalen clips of clips van kunststof of papier waar ijzerdraad in zit.
Er bestaat anders brandgevaar.
Hout
Houten schalen of bakjes zijn niet geschikt.
Tijdens het koken verdampt het water in het hout waardoor het uitdroogt en barst.
Wegwerpbakjes
Wegwerpbakjes van kunststof moeten voldoen aan de eisen in de rubriek "Kunststof".
Blijf bij het apparaat als u voedingsmiddelen bereidt in wegwerpbakjes van kunststof, papier of andere brandbare stoffen.
U kunt uit milieu-overwegingen beter geen gebruik maken van wegwerpbakjes.
Het testen van serviesgoed
Als u niet zeker weet of u serviesgoed van glas, aardewerk of porselein in de magnetron kunt gebruiken, kunt u het servies als volgt testen:
■ Plaats het servies leeg in het midden van het apparaat.
■ Sluit de deur.
■ Stel met de functieschakelaar een vermogen in van 900 W.
■ Stel een tijd in van 30 seconden.
■ Druk op de toets START.
Hoort u vervolgens knetterende geluiden en ziet u vonkjes, schakel de magnetron dan meteen uit. Druk daartoe twee keer op de toets Stop/C.
Serviesgoed dat tot een dergelijke reactie leidt, is niet geschikt voor de magnetron.
Als u twijfelt, adviseren wij u bij de fabrikant of winkelier te informeren of het servies geschikt is voor de magnetron.
Met het bovenstaande kunt u overigens niet controlleren of eventuele holle handgrepen voldoende ontlucht zijn.
Bijgeleverde accessoires
Deksel
- Het deksel voorkomt dat bij lange kooktijden teveel waterdamp ontsnapt, zoals bij aardappelen.
- zorgt dat het gerecht sneller warm wordt.
- voorkomt dat het gerecht uitdroogt.
- voorkomt dat het gerecht aroma verliest.

Dek gerechten daarom altijd met het kunststof deksel af, als u met de verwarmingsssoort "Magnetron" werkt.
U kunt ook speciale magnetronfolie gebruiken. Pas op met gewone huishoudfolie. Deze kan vervormen en zelfs smelten.
Verhit nooit afgesloten potjes, zoals potjes babyvoeding. Open de potjes eerst!
Gebruik geen deksel
- als u gepaneerde gerechten verwarmt.
- als het gerecht een korstje moet krijgen, bijvoorbeeld toast.
Het deksel mag alleen voor de verwarmingsssoort "Magnetron" worden gebruikt, niet voor andere verwarmingsssoorten.
Het materiaal is geschikt tot een temperatuur van 110 °C. Bij hogere temperaturen (grill, heteluchtoven) kan de kunststof vervormen en smelten.
Het keramische spatscherm voorkomt verontreiniging van de bovenwand. Plaats het scherm daarom als u het apparaat gebruikt.

■Schuif het scherm boven de grill in het apparaat (de ruwe kant naar boven).
Grillrooster
Het grillrooster is speciaal ontwikkeld voor de magnetron en kan dus altijd worden gebruikt. Het rooster is ideaal voor grilleren (al dan niet in combinatie met de magnetronfunctie).
Glazen opvangschaal
Als u op het rooster grilleert, kunt u het beste de glazen opvangschaal onder het rooster in het apparaat schuiven. Het vet wordt dan in de schaal opgevangen.
U kunt de glazen opvangschaal voor alle verwarmingsssoorten gebruiken.
Bakplaat
De bakplaat is uitsluitend geschikt voor bakken met de verwarmingsssoort "Hetelucht" (niet in combinatie met magnetronfuncties). Met de bakplaat wordt de onderkant van gebak goed bruin.
Als u de bakplaat in het apparaat schuift, moeten de afstandhouders zich aan de achterkant bevinden. Alleen dan kan de hete lucht goed circuleren.
Extra accessoire
Gourmet-plaat
De gourmet-plaat is een ronde grillplaat voorzien van een anti-aanbaklaag.
De plaat is verkrijgbaar bij Miele Nederland en bij de vakhandel.
Dagtijd instellen
■ Sluit het apparaat op de netspanning aan. In het display knippert geduren-de 4 seconden 12:00 en het symbool ⏻licht op.

■Stel met de afgebeelde draaiknop de dagtijd in.
Na 4 seconden wordt automatisch de ingestelde tijd overgenomen. De dubbele punt tussen de uren en de minuten knippert.
Dagtijd corrigeren
■ Druk op de toets ⏻.
In het display knippert de actuele dagtijd en het symbool ⏻licht op.
■ Corrigeer de dagtijd met de draai-knop.
Dagtijdweergave uitzetten
■ Druk twee keer op de toets ⏻. Het display is nu donker.
Als u opnieuw twee keer op de toets ⏻ drukt, verschijnt de dagtijd weer.
Nachtschakeling
De dagtijd kan tussen 23.00 en 04.00 uur worden uitgeschakeld.
■ Houd de toets Stop/C ingedrukt en druk vervolgens op de toets ⏻. In het display verschijnt ON. De nachtschakeling is geactiveerd.
Het apparaat blijft klaar voor gebruik.
■ Om de nachtschakeling weer uit te zetten, houdt u de toets Stop/C ingedrukt en drukt u weer op de toets ⏻. In het display verschijnt OFF.
Kookwekker
Voor bereidingen buiten de magnetron kunt u de kookwekkerfunctie gebruiken, bijvoorbeeld als u eieren kookt. De ingestelde tijd loopt in stappen van een seconde af.
■Druk op de toets ⚠. In het display knippert nu 0:00 en het symbool ⚠licht op.
■ Stel met de draaiknop de gewenste kookwekkertijd in.
■ Druk op de toets START.
■ Na afloop van de tijd klinkt er een akoestisch signaal, de dagtijd verschijnt in het display en het symbool △begint te knipperen.
■ Druk een keer op de toets Stop/C en het symbool △verdwijnt.
Kookwekkertijd corrigeren
■ Druk op de toets Stop/C.
De kookwekkertijd wordt onderbroken. In het display lichten de resttijd en het symbool ♠op. Het startsym - bool ◆begint te knipperen.
■ Corrigeer de kookwekkertijd met de draaiknop en druk op de toets START.
Deur openen
■ Druk op de toets o—om de deur te openen.
Als de magnetron is ingeschakeld, wordt de bereiding bij het openen van de deur onderbroken.
Deur sluiten
■Druk de deur dicht.
Druk op de toets START om een onderbroken bereiding voort te zetten.
Als de deur niet goed gesloten is, kunt u het apparaat niet inschakelen.
Akoestisch signaal
Na afloop van de ingestelde tijd klinkt er een akoestisch signaal.
■ Druk op een willekeurige toets om het signaal voortijdig uit te zetten.
Vergrendeling
De vergrendeling voorkomt dat het apparaat kan worden bediend.
Vergrendeling inschakelen
■ Houd de toets 📊ingedrukt, totdat u een signaal hoort en het sleutelsymbool in het display verschijnt.

Het sleutelsymbool verdwijnt na korte tijd, waarna de dagtijd wordt weergegeven.
Wordt een toets of draaiknop bediend, dan verschijnt het sleutelsymbool weer.
De vergrendeling moet na een stroomuitval opnieuw worden ingeschakeld.
Vergrendeling uitschakelen
■ Als u de vergrendeling wilt uitzetten, houdt u de toets ingedrukt, totdat u een signaal hoort.
Verwarmingsssoorten
Magnetron
Met de magnetronfunctie kunt u ont-dooien, verwarmen en koken.
Grilleren
Deze functie is ideaal voor bijvoorbeeld biefstuk en worstjes.
Grilleren met luchtcirculatie
Met deze functie kunt u grote stukken vlees of gevogelte grilleren of braden. De heteluchtventilator en het grill-element zijn tegelijk in gebruik.
Hetelucht
Deze functie is ideaal voor bakken.
Combinatie van magnetron en grill
Ideaal voor het bereiden van gegratineerde ovenschotels. De magnetron maakt het gerecht gaar. Het grill-element zorgt voor een bruin korstje.
Combinatie van magnetron en grilleren met luchtcirculatie
Deze combinatie is aan te raden voor braden en grilleren.
Combinatie van magnetron en hetelucht
Met deze combinatie kunt u ovenschotels snel bereiden.
Automatische programma's
U kunt kiezen uit:
- drie automatische ontdooiprogramma's (* * *),
- twee automatische kookprogramma's ( ·s·s_ en
- twee combinatieprogramma's (150 450 ).
Deze programma's zijn gewichtsafhankelijk. U moet dan ook het gewicht van het gerecht invoeren.
Magnetron
Vermogensstand
U kunt uit 7 vermogensstanden kiezen. Hoe hoger het vermogen, des te meer microgolven bereiken het gerecht. Voor gerechten die tijdens de bereiding niet doorgeroerd of gekeerd kunnen worden of die een zeer verschillende samenstelling hebben, kunt u het best een laag vermogen instellen. De warmte kan zich dan beter over het gerecht verdelen. De bereidingstijd moet in dat geval iets langer zijn.
Tijd voor het ontdooien, verwarmen en koken
De benodigde tijd hangt af van:
- De temperatuur van het voedsel. Voedsel dat uit de koelkast komt, moet langer worden verwarmd dan voedsel dat op kamertemperatuur is.
- De kwaliteit van het voedsel en het soort voedsel. Verse groente bijvoorbeeld bevat meer water dan minder verse groente en hoeft daardoor minder lang te worden verwarmd.
- De hoeveelheid voedsel.
Dubbele hoeveelheid = bijna de dubbele tijd.
Kleinere hoeveelheid = de tijd wordt evenredig verkort.
- De vorm en het materiaal van het serviesgoed.
Serviesgoed in het apparaat zetten
Plaats het serviesgoed bij voorkeur in het midden van het apparaat.
Draaiplateau
Gebruik het apparaat alleen met draai-plateau. Het draaiplateau wordt automatisch ingeschakeld.
Met het draaiplateau wordt het ge-recht nog gelijkmatiger ontdooid en bereid.
Het serviesgoed mag niet groter zijn dan het plateau.
Schakel het draaiplateau niet uit. Alleen bij serviesgoed dat buiten het plateau uitsteekt en het apparaat zou kunnen blokkeren, moet u het draaiplateau uitzetten. Druk daartoe op de toets 📋.
Roer het gerecht dan wel regelmatig om of draai de pan of schaal, zodat het gerecht gelijkmatig verwarmd wordt.
Bereidingsproces starten
Stel met de desbetreffende schakelaars een vermogensstand en een tijd in. Het maakt niet uit welke instelling u het eerst doet.

■Draai de functieschakelaar op de gewenste vermogensstand. In het display licht het magnetron-symbool 📋op en knippert 0:00.

■ De bereidingstijd stelt u met de tweede draaiknop in. U kunt een waarde kiezen tussen 5 seconden en 60 minuten.
■ Start de bereiding door op de toets START te drukken.
De verlichting van de binnenruimte gaat aan.
U kunt een bereiding alleen starten als de deur van het apparaat gesloten is.
Bereidingsproces onderbreken / voortzetten
U kunt een bereiding op elk moment onderbreken en weer voortzetten.
■ Om een bereiding te onderbreken, drukt u één keer op de toets Stop/C of opent u de deur van het apparaat.
De tijd wordt nu stopgezet.
■ Om de bereiding voort te zetten, sluit u de deur en drukt u op de toets START.
De bereiding wordt voortgezet.
Instellingen wijzigen
Mocht u, nadat de bereiding is gestart, constateren dat . . .
... de vermogensstand te hoog of te laag is,
■kies dan een nieuwe vermogensstand.
... de ingestelde tijd te kort of te lang is,
■ onderbreek dan de bereiding (druk één keer op de toets Stop/C), stel met de draaiknop voor de tijd een nieuwe tijd in en zet de bereiding voort (druk op de toets START).
Bereidingsproces wissen
Druk twee keer op de toets Stop/C.
Na afloop van een bereidingsproces
Na afloop van een bereidingsproces hoort u een akoestisch signaal. De verlichting gaat uit.
Warmhoudautomaat
De warmhoudautomaat wordt alleen geactiveerd, als na afloop van een be- reidingsproces (met een magnetronver- mogen van minstens 600 Watt) de deur gesloten blijft en geen toets wordt inge- drukt.
De automaat wordt dan na ca. 2 minu- ten ingeschakeld voor een periode van maximaal 15 minuten.
In het display verschijnt H:H. De instelling van het draaiplateau wordt overgenomen.
Als u bij geactiveerde warmthoudauto-maat de deur van het apparaat opent of op de toets Stop/C drukt, wordt de functie beëindigd.
U kunt de warmhoudfunctie niet apart activeren.
Quick-Start (programmeerbaar)
Als u alleen op de toets START /♦ drukt, wordt het apparaat op maximaal vermogen ingeschakeld.
U kunt uit drie geprogrammeerde tijden kiezen:
■ 30 sec.: 1 x op START / ◆drukken
■ 1 min.: 2 x op START / ◆drukken
■ 2 min.: 3 x op START / ◆drukken
Wanneer u vier keer achter elkaar op de toets START /drukt, bent u weer bij de eerste instelling.
Tijden programmeren
U kunt de geprogrammeerde tijden wijzigen.
■Kies met de toets START /◆de des-betreffende geheugenplaats (1 x, 2 x of 3 x drukken) en houd de toets START /◆ingedrukt.
■Verander de tijd met de draaiknop voor de tijd.
Als u de toets START /loslaat, wordt het gewijzigde programma uitgevoerd.
De door u geprogrammeerde tijden worden bij een stroomstoring gewist en moeten dan opnieuw worden ingevoerd.
Programmeerbare eindtijd
U kunt de duur en het einde van een bereiding van tevoren programmeren. Deze functie kunt u voor alle verwarmingsssoorten gebruiken.
■ Stel het apparaat eerst zoals ge-woonlijk in.
■ Druk aan het eind echter niet op de toets START, maar op de toets ⏻. In het display knippert nu de dagtijd (de duur van het programma is daar-in al verrekend).
■ Stel vervolgens met de draaiknop de tijd in wanneer de bereiding moet zijn beëindigd. Het symbool ◆knippert. De eindtijd, de symbolen voor de gekozen verwarmingsssoorten en het symbool →lvoor een geprogrammeerde eindtijd worden continu weergegeven.
■Druk nu op de toets START. In het display worden het symbool →len de dagtijd weergegeven.
Het apparaat wordt nu automatisch ingeschakeld en op het ingestelde tijdstip weer uitgeschakeld.
Voor de magnetronfunctie mag u alleen een eindtijd programmeren als zich voedingsmiddelen in het apparaat bevinden.
Eindtijd controleren
Voor het begin van de geprogram- meerde bereiding kunt u de ingestelde eindtijd controleren.
■ Druk op de toets ⏻. De gekozen verwarmingsssoort en de ingestelde eindtijd worden nu weergegeven.
Bij groot serviesgoed
Als het serviesgoed buiten het draaiplateau uitsteekt en het apparaat zou kunnen blokkeren, moet u het draaiplateau uitschakelen.
■ Druk op de toets 📄.
Als u voor de begintijd van de bereiding nog eens de deur opent,
■ moet u na het sluiten van deur op-nieuw op de toets START drukken, zodat het apparaat op de gewenste tijd start.
Als u de geprogrammeerde tijden wilt veranderen,
■drukt u op de toets Stop/C en pro-grammeert u het apparaat opnieuw.
Als u de geprogrammeerde tijden wilt wissen,
■drukt u op de toets Stop/C.
Kies om voedingsmiddelen te verwarmen het volgende vermogen:
Dranken ..... 900 Watt Gerechten ..... 600 Watt Baby- en kindervoeding ..... 450 Watt
Baby- en kindervoeding mogen niet te heet zijn. Verwarm deze producten daarom slechts 12 tot 1 minuut op 450 Watt.
Verwarm gerechten afgedekt. Alleen gepaneerde gerechten moet u niet afdekken.
Maak gesloten potjes altijd open. Bij potjes kindervoeding moet u van tevoren het deksel verwijderen.
Zuigflessen mogen alleen zonder dop en speen worden verwarmd.
Plaats voor het verwarmen van vloeistoffen het bijgevoegde kookstaafje in het glas of de beker!
Verwarm hardgekookte eieren nooit in de magnetron, ook niet zonder ei- erschaal. De eieren kunnen explode- ren.
De tijd die nodig is voor het verwarmen, is afhankelijk van de kwaliteit en de hoeveelheid van het product en de temperatuur ervan op het moment dat u het in de magnetron doet. Voor gerechten uit de koelkast bijvoorbeeld is meer tijd nodig dan voor gerechten op kamertemperatuur.
Zorg ervoor dat voedsel altijd vol- doende wordt verwarmd.
Als u twijfelt of het gerecht warm genoeg is, stel dan nog een tijd in.
De gerechten moet u tijdens het verwarmen af en toe omscheppen of keren. Omdat de buitenkant het eerst warm wordt, is het raadzaam de buitenste lagen naar het midden toe te roeren.
Na het verwarmen
Wees voorzichtig als u het gerecht uit de magnetron haalt! Het serviesgoed kan heet zijn.
Het serviesgoed wordt niet door de microgolven warm (met uitzondering van vuurvast aardewerk), maar door de warmte die het gerecht afgeeft.
Laat het gerecht nadat het is verwarmd een paar minuten bij kamertemperatuur staan. De warmte wordt dan gelijkmatiger verdeeld.
Vergeet niet gerechten om te scheppen of te schudden, nadat u ze heeft verwarmd, vooral baby- en kindervoeding. Controleer of deze niet te heet zijn!
Doe het gerecht in een schaal die geschikt is voor gebruik in de magnetron en kook het afgedekt.
Stel voor het bereiden van verse groente, vis, vlees en gevogelte eerst 750 Watt in en vervolgens voor het doorkoken 450 Watt. De in te stellen tijden zijn afhankelijk van diverse factoren (zie de rubriek "Magnetron").
Bij groente is de bereidingstijd afhankelijk van de versheid. Verse groente bevat meer water en is daardoor sneller gaar. Is de groente niet meer heel vers, voeg dan voor de bereiding een klein beetje water toe. Schep het gerecht tijdens de bereiding minstens één keer om.
Zorg dat bederfelijke etenswaren, zoals vis, voldoende gaar worden. Let bij dergelijk voedsel altijd op de aangegeven bereidingstijden.
Stel voor het koken van pap en dergelijke eerst 750 Watt in en vervolgens 150 Watt.
Bij voedingsmiddelen waarvan de schil of het vel hard is (tomaten, aubergines, worstjes, etc.), moet u eerst een paar gaatjes of inkepingen in de schil of het vel maken, voordat de voedingsmiddelen in de magnetron worden verwarmd.
Eieren kunnen uitsluitend in speciaal serviesgoed in de magnetron worden gekookt.
Eieren kunnen exploderen. Speciaal serviesgoed voor eieren is verkrijgbaar bij de speciaalzaak. Eieren zonder schaal kunnen in de magnetron worden bereid als u eerst een paar gaatjes in de dooier prikt.
Ontdooien
Haal het diepvriesgerecht uit de verpakking en doe het in een schaal die geschikt is voor gebruik in de magnetron. Laat het onafgedekt ontdooien. Roer of draai het gerecht halverwege de tijd om of snijd het in stukken.
Stel voor het ontdooien van kwetsbare voedingsmiddelen, zoals slagroom, boter, slagroomtaarten en kaas, een vermogen in van 80 Watt. Laat het product niet helemaal in de magnetron ontdooien, maar voor een deel ook op kamer-temperatuur. Het resultaat is dan gelijkmatiger.
Laat diepgevroren vlees op een omgekeerd bord in een glazen of porseleinen schaal ontdooien. Op deze manier kan het vocht weglopen. Keer het vlees halverwege de tijd om.
Stel voor het ontdooien van bijvoorbeeld brood en fruit een vermogen in van 150 Watt.
Na het ontdooien
Laat het gerecht een paar minuten op kamertemperatuur staan, zodat de temperatuur zich gelijkmatig over het gerecht kan verdelen.
Ontdooien en bereiden
Diepgevroren voedingsmiddelen kunnen worden ontdooid en aansluitend meteen worden bereid.
Stel eerst een vermogen in van 750 Watt en daarna van 450 Watt. De in te stellen tijden zijn afhankelijk van diverse factoren (zie de rubriek "Magnetron").
Haal het gerecht uit de verpakking en leg het in een schaal die geschikt is voor gebruik in de magnetron. Laat het gerecht afgedekt ontdooien. Bereid het ook afgedekt (uitzondering: gehakt). Roer soepen en groente tussendoor een paar keer door. Draai vlees en vis halverwege de tijd om.
Diepvriesmaaltijden in een kartonnen verpakking kunnen in de magnetron worden bereid als dat op de verpakking vermeld staat.
Na het ontdooien en bereiden
Laat het gerecht een paar minuten op kamertemperatuur staan, zodat de temperatuur zich gelijkmatig over het gerecht kan verdelen.
Met de magnetron kunt u kleine hoeveelheden fruit, groente of vlees in weckpotten inmaken. Bereid de weckpotten voor zoals u dat gewend bent. De potten mogen tot maximaal 2 cm onder de rand worden gevuld.
Sluit de weckpotten alleen af met klemmen die geschikt zijn voor gebruik in de magnetron of met doorzichtig plakband.
Gebruik nooit metalen klemmen of schroefdeksels!
Gebruik nooit conservenblikken. Deze kunnen door overdruk uiteenspatten en het apparaat beschadigen.
U kunt maximaal 3 potten van ^1/_2 liter tegelijk inmaken. Zet de potten op het draaiplateau. Laat het plateau ingeschakeld, zodat de inhoud van de potten gelijkmatig wordt verhit.

Breng de inhoud van de potten aan de kook met een vermogen van 750 Watt. De benodigde tijd is afhankelijk van:
- de begintemperatuur van de inhoud van de potten.
- het aantal potten.
De tijdsduur totdat de inhoud van de potten gaat borrelen (gelijkmatig opstijgen van luchtbelletjes) is bij
1 pot. . . . . . . . . . . ca. 2^1/_2 minuut
2 potten. 4-5 minuten
Bij fruit en vruchten zijn deze tijden voldoende voor het inmaken.
Draai bij groenten het vermogen hierna terug op 450 Watt en kook
- wortels ca. 15 minuten (3 potten) na,
- erwten ca. 25 minuten (3 potten).
Na het inmaken
Haal de potten uit het apparaat, leg er een doek overheen en laat ze ca. 24 uur op een tochtvrije plaats staan.
Verwijder de klemmen of het plakband en controleer of alle potten goed dicht zitten.
Margarine en boter smelten
Smelt 100 g margarine of boter met een vermogen van 450 Watt, onafgedekt, gedurende 1-1^1/2 minuut.
Chocolade smelten
Breek 100 g chocolade in stukken en smelt het geheel met een vermogen van 450 Watt, onafgedekt, gedurende ca. 2 minuten.
Gelatine oplossen
Los 1 pakje gelatine op in 5 eetlepels water (afhankelijk van de aanwijzingen op de verpakking) met een vermogen van 450 Watt, onafgedekt, gedurende ^1/_2 -1 minuut. Tussendoor omroeren.
Glazuur bereiden
Verwarm 1 pakje glazuur en ^1/_4 liter vloeistof met een vermogen van 450 Watt, onafgedekt, gedurende 4-5 minuten. Tussendoor omroeren.
Deeg laten rijzen
Deeg (van 500 g meel) met een vermogen van 80 Watt laten rijzen, afgedekt, gedurende 8-10 minuten.
Tomaten pellen
Maak bij het kroontje kruisvormige inke- pingen. Verwarm 3 tomaten in water met een vermogen van 450 Watt gedu- rende ca. 2 minuten. De tomaten kun- nen daarna gemakkelijk worden ge- peld. Pas op! De tomaten kunnen zeer heet zijn.
Voor het grilleren kunt u een temperatuur instellen tussen 50 en 200 °C. Een temperatuur van 200 °C is geschikt wanneer u plat vlees op geringe afstand van het grillelement in korte tijd wilt bereiden. Afhankelijk van het gerecht, de gewenste bruinering en de duur van de bereiding kunt u de uitgangswaarde 200 °C wijzigen. Ook tijdens de bereiding kunt u altijd een andere temperatuur instellen.
In sommige recepten worden grilleerstanden aangegeven:
Grilleerstand 2 kommt overeen met 175 °C.
Grilleerstand 3 kommt overeen met 200 °C.
Is de grilleertijd korter dan 15 minuten, verwarm het grillelement dan ca. 5 minuten voor.
Draai vlees en vis halverwege om zodat beide kanten gelijkmatig bruin worden. Platte stukken hoeven slechts één keer te worden gekeerd; grotere, ronde stukken meermaals.
De grilleertijden (zie de geteste ge-rechten) zijn slechts algemene richtlijnen. Vooral bij grilleren spelen het soort gerecht, de dikte van het product en het gewenste resultaat een belangrijke rol.
Als u op het rooster grilleert, kunt u het beste de glazen opvangschaal onder het rooster in het apparaat schuiven. Het vet wordt dan in de schaal opgevangen.
■ Schuif het rooster en/of de opvang-schaal met het gerecht op de juiste hoogte in het apparaat. U kunt voor het gerecht ook het draaiplateau gebruiken.
Kiest u voor het draaiplateau, schakel dat dan niet uit. U bereikt zo een gelijkmatig resultaat.

■ Zet de functieschakelaar op de punt.
■Druk op de toets 📌. In het display knipperen het symbool 📌en de uit-gangstemperatuur 200 °C. De tijd-waarde 0:00 verschijnt.
■Stel met de draaiknop voor de temperatuur eventueel een andere temperatuur in.
■Als na enkele seconden de tijdwaarde 0:00 begint te knipperen, kunt u met de draaiknop een bereidingstijd instellen.
Met de toets 📌kunt u wisselen tussen het instellen van de temperatuur en de bereidingstijd.
■ Druk na het instellen van de temperatuur en de bereidingstijd de toets START in. Het symbool knippert totdat de ingestelde temperatuur bereikt is. Na afloop van de bereiding klinkt er een akoestisch signaal.
Het rooster en de glazen opvang- schaal worden bij gebruik heet. U kunt zich eraan branden!
Bereidingstijd veranderen
Ook tijdens het grilleren kunt u de bereidingstijd nog wijzigen. Onderbreek daartoe het bereidingsproces (druk op de toets Stop/C), wijzig de tijd en zet de bereiding voort (druk op de toets START).
Temperatuur veranderen
U kunt de temperatuur tijdens het bereidingsproces veranderen. Druk daartoe op de toets 📄 en verander met de draaiknop de temperatuur.
De glazen opvangschaal en het rooster zijn gemakkelijker te reinigen, als u ze na gebruik meteen in een sopje van af-wasmiddel zet.
Combinatie magnetron en grill
Niet alleen bij het begin, maar ook tijdens een bereidingsproces met de magnetron (met uitzondering van de automatische programma's) kunt u de grill bijschakelen (bijvoorbeeld om een bruin korstje te krijgen).
Grill meteen inschakelen
■ Stel met de functieschakelaar het gewenste magnetronvermogen in. In het display brandt het symbool ≈en knippert 0:00.
■ Druk vervolgens op de toets 📌. In het display knipperen nu het grill-symbool 📌en de uitgangstempera - tuur 200 °C. Het symbool 📌en de tijdwaarde 0:00 branden continu.
■ Stel met de draaiknop voor de temperatuur eventueel een andere temperatuur in.
■ Als na enkele seconden de tijdwaarde 0:00 begint te knipperen, kunt u met de draaiknop een bereidingstijd instellen.
Met de toets 📌kunt u wisselen tussen het instellen van de temperatuur en de bereidingstijd.
■ Druk na het instellen van de temperatuur en de bereidingstijd de toets START in. Het symbool knippert totdat de ingestelde temperatuur bereikt is. Na afloop van de bereiding klinkt er een akoestisch signaal.
Bij het instellen van het magnetronvermogen, de grilleertemperatuur en de bereidingstijd is de volgorde niet van belang.
Grill later bijschakelen
Onderbreek de bereiding (druk één keer op de toets Stop/C), druk op de toets 📌, stel met de draaiknop de grilleertemperatuur in en zet de bereiding voort (druk op de toets START).
Grill uitschakelen
Tijdens een bereiding kan de grill alleen weer worden uitgeschakeld als het bereidingsproces zelf wordt stopgezet.
Grilleren met luchtcirculatie
Met deze functie kunt u grote stukken vlees of gevogelte grilleren of braden. De heteluchtventilator en het grillelement zijn tegelijk in gebruik.
U kunt nu een temperatuur instellen tussen 50 en 200 °C. U kunt de uitgangswaarde 200 °C altijd wijzigen, ook tijdens de bereiding.
Als u op het rooster grilleert, kunt u het beste de glazen opvangschaal onder het rooster in het apparaat schuiven. Het vet wordt dan in de schaal opgevangen.
■ Schuif het rooster en/of de opvangschaal met het gerecht op de juiste hoogte in het apparaat. U kunt voor het gerecht ook het draaiplateau gebruiken.
Kiest u voor het draaiplateau, schakel dat dan niet uit. U bereikt zo een gelijkmatig resultaat.

■ Zet de functieschakelaar op de punt.
■ Druk op de toets 📁. In het display knipperen het symbool 📁 en de uit - gangstemperatuur 200 °C. De tijdwaarde 0:00 verschijnt.
■ Stel met de draaiknop voor de temperatuur eventueel een andere temperatuur in.
■ Als na enkele seconden de tijdwaarde 0:00 begint te knipperen, kunt u met de draaiknop een bereidingstijd instellen.
Met de toets 🔒 kunt u wisselen tussen het instellen van de temperatuur en de bereidingstijd.
■ Druk na het instellen van de temperatuur en de bereidingstijd de toets START in. Het symbool knippert totdat de ingestelde temperatuur bereikt is. Na afloop van de bereiding klinkt er een akoestisch signaal.
Het rooster en de glazen opvang- schaal worden bij gebruik heet. U kunt zich eraan branden!
Combinatie van magnetron en grilleren met luchtcirculatie
Deze combinatie is bijzonder geschikt voor braden en grilleren. Niet alleen bij het begin, maar ook tijdens een bereidingsproces met de magnetron (met uitzondering van de automatische programma's) kunt u op elk moment de functie "Grilleren met luchtcirculatie" bijschakelen.
Grilleren met luchtcirculatie meteen inschakelen
■Stel met de functieschakelaar het gewenste magnetronvermogen in. In het display brandt het symbool ≈en knippert 0:00.
■Druk vervolgens op de toets 📁. In het display knipperen nu het symbool 📁en de uitgangstemperatuur 200 °C. Het symbool 📁en de tijdwaarde 0:00 branden continu.
■Stel met de draaiknop voor de temperatuur eventueel een andere temperatuur in.
■ Als na enkele seconden de tijdwaarde 0:00 begint te knipperen, kunt u met de draaiknop een bereidingstijd instellen.
Met de toets 🔒 kunt u wisselen tussen het instellen van de temperatuur en de bereidingstijd.
■ Druk na het instellen van de temperatuur en de bereidingstijd de toets START in. Het symbool 📁 knippert totdat de ingestelde temperatuur bereikt is. Na afloop van de bereiding klinkt er een akoestisch signaal.
Bij het instellen van het magnetronvermogen, de temperatuur en de bereidingstijd is de volgorde niet van belang.
Grilleren met luchtcirculatie later bijschakelen
Onderbreek de bereiding (druk één keer op de toets Stop/C), druk op de toets 📁, stel met de draaiknop de grilleertemperatuur in en zet de bereiding voort (druk op de toets START).
Grilleren met luchtcirculatie uitschakelen
Tijdens een bereiding kan de functie "Grilleren met luchtcirculatie" alleen weer worden uitgeschakeld als het bereidingsproces zelf wordt stopgezet.
De verwarmingsssoort "Hetelucht" is ideaal voor bakken.
U kunt nu een temperatuur instellen tussen 50 en 250 °C. U kunt de uitgangswaarde 160 °C altijd wijzigen, ook tijdens de bereiding.
Benut de restwarmte door het apparaat al 5 minuten voor het einde van de be-reidingstijd uit te schakelen.
■ Schuif de bakplaat of de opvang-schaal met het gerecht op de juiste hoogte in het apparaat. U kunt voor het gerecht ook het draaiplateau gebruiken.
Als u voor het draaiplateau kiest, schakel het dan niet uit. U bereikt dan het beste resultaat. Als u grote bakvormen gebruikt, kunt u de geleiderails verwijderen.

■ Zet de functieschakelaar op de punt.
■ Druk op de toets 📁. In het display knipperen het symbool 📁en de uit - gangstemperatuur 160 °C. De tijdwaarde 0:00 verschijnt.
■ Stel met de draaiknop voor de temperatuur eventueel een andere temperatuur in.
■ Als na enkele seconden de tijdwaarde 0:00 begint te knipperen, kunt u met de draaiknop een bereidingstijd instellen.
Met de toets 🔒 kunt u wisselen tussen het instellen van de temperatuur en de bereidingstijd.
■ Druk na het instellen van de temperatuur en de bereidingstijd de toets START in. Het symbool knippert totdat de ingestelde temperatuur bereikt is. Na afloop van de bereiding klinkt er een akoestisch signaal.
Als u de bakplaat in het apparaat schuift, moeten de afstandhouders zich aan de achterkant bevinden. Alleen dan kan de hete lucht goed circuleren.
De bakplaat en de glazen opvang- schaal worden bij gebruik heet. U kunt zich eraan branden!
Bak niet op meerdere niveaus tegelijk. Het beste resultaat bereikt u als u op één niveau bakt.
Combinatie van magnetron en hetelucht
Deze functie is vooral geschikt voor het snel bereiden van ovenschotels. Niet alleen bij het begin, maar ook tijdens een bereidingsproces met de magnetron (met uitzondering van de automatische programma's) kunt u op elk moment de functie "Hetelucht" bijschakelen.
De bakplaat mag niet bij een magnetronfunctie worden gebruikt!
Plaats metalen bakvormen bij hetelucht in combinatie met magnetron niet op het rooster. Er kunnen anders vonken overslaan tussen het rooster en de metalen bakvorm. Plaats metalen bakvormen op de glazen opvangschaal.
Hetelucht meteen inschakelen
■ Stel met de functieschakelaar het gewenste magnetronvermogen in. In het display brandt het symbool 📌 en knippert 0:00.
■ Druk vervolgens op de toets 📁. In het display knipperen nu het symbool 📋 en de uitgangstemperatuur 160 °C. Het symbool 📋 en de tijd - waarde 0:00 branden continu.
■ Stel met de draaiknop voor de temperatuur eventueel een andere temperatuur in.
■ Als na enkele seconden de tijdwaarde 0:00 begint te knipperen, kunt u met de draaiknop een bereidingstijd instellen.
Met de toets 🔒 kunt u wisselen tussen het instellen van de temperatuur en de bereidingstijd.
■ Druk na het instellen van de temperatuur en de bereidingstijd de toets START in. Het symbool knippert totdat de ingestelde temperatuur bereikt is. Na afloop van de bereiding klinkt er een akoestisch signaal.
Bij het instellen van het magnetronvermogen, de temperatuur en de bereidingstijd is de volgorde niet van belang.
Hetelucht later bijschakelen
Onderbreek de bereiding (druk één keer op de toets Stop/C), druk op de toets ☒, stel met de draaiknop de temperatuur in en zet de bereiding voort (druk op de toets START).
Hetelucht uitschakelen
Tijdens een bereiding kan de functie "Hetelucht" alleen weer worden uitgeschakeld als het bereidingsproces zelf wordt stopgezet.
Automatische programma's
De zeven automatische programma's zijn gewichtsafhankelijk. U hoeft alleen maar een programma te kiezen en het gewicht in te voeren.
Ontdooiprogramma's
U kunt kiezen uit drie ontdooiprogramma's voor verschillende soorten voedingsmiddelen.
* Fruit / groente 🌿 (100 g - 1 kg)
* Vis / gevogelte 🍴 (100 g - 2 kg)
^* Vlees Ⓞ (100 g - 2 kg)
Kookprogramma's
Deze twee programma's kunt u gebruiken voor gerechten met een gewicht van 100 g tot 1 kg.
### Verse groente ### , zoals wortels, witte kool en spruitjes
### Verse groente ♂, zoals aardappelen, courgette, prei, spinazie en broccoli
Combinatieprogramma's
Bij deze programma's werkt de grill in combinatie met de magnetron op 150 dan wel 450 Watt.
150 Gevogelte 🎨 (100 – 1500 g), grilleertemperatuur 180 °C
450 Braadvlees (500 - 1500 g) grilleertemperatuur 160 °C

■ Kies met de functieschakelaar het gewenste automatische programma. In het display knipperen nu het start-symbool en de waarde 100 g (bij 450 500 g).
■Stel met de draaiknop het gewicht in.
■Druk op de toets START.
De bij het gewicht behorende tijd loopt af.
Na de helft van de bereidingstijd hoort u een akoestisch signaal.
■Onderbreek het programma om het gerecht te keren of door te roeren. Zet het programma daarna voort.
Indien gewenst kunnen de geprogrammeerde tijden tijdens het programma worden gewijzigd (onderbreek het programma, wijzig de tijd en zet het programma voort).
Na afloop van het bereidingsproces hoort u een akoestisch signaal en dooft de verlichting.
| Getest volgensIEC 60705 ed.3 | Vermogen(Watt) / grill | Tijd(min.) | Doorwarm-tijd* (min.) | Inschuif-hoogte** | Opmerking |
| Frambozen ont-dooien, 150 g | 150 of *(250 g) | 8 | 3 | draai-plateau | onafgedekt ontdooien |
| Rundergehakt ont-dooien, 500 g | 150 | 16 | 5 | draai-plateau | onafgedekt ontdooien, halverwege keren |
| Gehakt bereiden,900 g | 600+ 450 | 8+ 10 | 5 | draai-plateau | schaal: Pyrex 03.838.80, 28 cm lang, onafgedekt |
| Aardappelschotel,1105 g | 450 / grill200 °C | 28-30 | 5 | draai-plateau | schaal: Pyrex 03.827.80 |
| Biscuit bereiden,475 g | 450 | 7 | 5 | draai-plateau | schaal: Pyrex 03.827.80, met magnetronfolie afgedekt |
| Kip grilleren,1200 g (diepvries-gewicht) | 150 / grill175 °C | 44 | 2 | grillrooster in glazen opvang-schaal | borstzijde eerst naar bene-den, halverwege keren |
| Kandeel,800 g | 450 | 22-24 | 120 | draai-plateau | schaal: Pyrex 07.227.85, (25 x 25 cm), onafgedekt |
Getest volgens DIN 44566
| Gehakt bereiden, 750 g | 900 + 450 | 6 + 17 | 5 | draai-plateau | onafgedekt |
| Roodbaarsfilet ontdooien en bereiden, 400 g | 900 + 450 | 4 + 5 | 3 | draai-plateau | met magnetrondeksel afdekken, vis halverwege keren, zodanig dat de binnenhoeken naar buiten gericht zijn |
| Spinazie ontdooien en bereiden, 450 g | 900 + 450 | 5 + 6 | 3 | draai-plateau | halverwege doorroeren |
| Rundergehakt ontdooien, 500 g | 150 | 16-18 | 10 | draai-plateau | onafgedekt ontdooien, halverwege keren |
| Kip ontdooien, 1200 g (gewicht afwijkend van DIN) | 150 of *(1200 g) | 40-45 | 10 | draai-plateau | borstzijde eerst naar bene-den, halverwege keren |
* De tijd waarin de temperatuur zich gelijkmatig over het gerecht verdeelt.
** Als u het gerecht op het draaiplateau legt, moet het plateau zijn ingeschakeld.
Geteste gerechten
| Getest volgens DIN 44566 | Vermogen (Watt) / grill | Tijd (min.) | Doorwarm- tijd* (min.) | Inschuif- hoogte** | Opmerking |
| 2 steaks grilleren, elk ca. 150 g | 80 / grill 200 °C | elke kant 6-8 | grillrooster + glazen op- vangschaal 3e van onderen | niet voorverwarmen, steaks ca. 2 cm dik | |
| Toast | grill 200 °C | 3-4 | grillrooster + glazen op- vangschaal 3e van onderen | niet voorverwarmen |
* De tijd waarin de temperatuur zich gelijkmatig over het gerecht verdeelt.
** Als u het gerecht op het draaiplateau legt, moet het plateau zijn ingeschakeld.
Reinig het apparaat alleen als de spanning van het apparaat is gehaald (trek bijvoorbeeld de stekker uit de contactdoos).
Buitenkant, binnenruimte
Neem de buitenkant en de binnenruimte af met een mild reinigingsmiddel of met een beetje afwasmiddel in water. Wrijf ze daarna met een zachte doek droog.
Neem de binnenruimte niet met een te natte doek af, anders kan er water in de openingen komen.
Gebruik geen schuurmiddelen, want daardoor kunnen krassen ontstaan.
Voor de roestvrijstalen delen kunt u een speciaal onderhoudsmiddel voor roestvrij staal gebruiken (bijvoorbeeld Neoblank, verkrijgbaar bij Miele Nederland).
Het ingeschoven keramische spat- scherm houdt de bovenkant van de binnenruimte schoon.
Geurtjes kunnen worden geneutraliseerd door een kopje water met citroensap een paar minuten in de magnetron te laten koken.
Bij verontreinigingen kunt u ook een glas water 2 tot 3 minuten in het apparaat verhitten, totdat het water kookt. De damp slaat dan op de wanden neer en weekt de verontreinigingen los. Daarna kunt u deze gemakkelijk verwijderen, eventueel met een beetje afwasmiddel.

■ Het draaiplateau kan uit het apparaat worden verwijderd als u het wilt reinigen.
■ Houd de ring onder het draaiplateau en de bodem van de binnenruimte altijd goed schoon. Het draaiplateau draait anders ongelijkmatig.
■Reinig de raakvlakken tussen draai-plateau en meenemer. De meenemer bevindt zich op de bodem en kan voor reinigingsdoeleinden worden uit-genomen.
Draai de ring niet met de hand. Anders kan de aandrijfmotor schade oplopen.
Binnenkant van de deur
Houd de binnenkant van de deur schoon. Gebruik hiervoor geen schuur-middelen. Controleer altijd of de deur of de deurdichting beschadigd is. Is dat het geval, dan mag het apparaat niet worden gebruikt. Laat de deur repareren door de Technische Dienst van de fabrikant.
Ventilatie-openingen
Er mogen geen water en geen voor- werpen in de ventilatie-openingen terechtkomen.
Front, bedieningselementen
■ Reinig alle oppervlakken alleen met een sponsdoekje, afwasmiddel en warm water.
■ Wrijf ze daarna met een zachte doek droog.
Neem ook de volgende aanwijzingen in acht voor uw glazen of roestvrijstalen front om krassen en aantasting van de oppervlakken te voorkomen.
Apparaten met glazen front
Het front en de bedieningselementen zijn krasgevoelig.
Gebruik geen:
- schurende reinigingsmiddelen, zoals schuurpoeder en vloeibaar schuur-middel.
– schurende sponsjes, zoals pannensponsjes of gebruikte sponsjes die nog resten schuurmiddel bevatten. - ovenspray.
Apparaten met roestvrijstalen front
Het front en de bedieningselementen zijn krasgevoelig.
Houdt u zich aan de speciale reini- gingsinstructies voor:
- roestvrijstalen oppervlakken.
- metaalkleurige bedieningselementen (roestvrijstaal-look).
Roestvrijstalen oppervlakken
Gebruik voor het reinigen een niet-schurend middel voor roestvrij staal.
Gebruik geen:
- soda-, zuur-, of chloorhoudende reinigingsmiddelen.
- schurende reinigingsmiddelen, zoals schuurpoeder en vloeibaar schuur-middel.
- schurende sponsjes, zoals pannensponsjes of gebruikte sponsjes die nog resten schuurmiddel bevatten.
Het apparaat blijft langer schoon als u een speciaal onderhoudsmiddel voor roestvrij staal gebruikt (bijvoorbeeld Neoblank, verkrijgbaar bij Miele Nederland). Breng het onderhoudsmiddel dun aan met een zachte doek.
Metaalkleurige bedieningselementen (roestvrijstaal-look)
De bedieningselementen kunnen verkleuren of aangetast worden als verontreinigingen lang inwerken.
Verwijder verontreinigingen daarom meteen.
Gebruik geen:
- soda-, zuur-, of chloorhoudende reinigingsmiddelen.
- schurende reinigingsmiddelen, zoals schuurpoeder en vloeibaar schuur-middel.
- schurende sponsjes, zoals pannensponsjes of gebruikte sponsjes die nog resten schuurmiddel bevatten.
- reinigingsmiddelen voor roestvrij staal.
- ovenspray.
Bijgeleverde accessoires
Kookstaafje
Het kookstaafje kan in de vaatwasser worden gereinigd.
Deksel
Het deksel kan in de vaatwasser worden gereinigd. Wanneer het deksel in aanraking komt met natuurlijke kleurstoffen, zoals in wortels, tomaten en ketchup, kan het verkleuren. Een dergelijke verkleuring heeft geen effect op de gebruiksmogelijkheden.
Geleiderails
Om de zijwanden van de magnetron beter te kunnen reinigen, kunt u de geleiderails verwijderen.

■ Haal de geleiderails aan de onderkant los, trek ze iets omhoog en haal ze dan boven uit de houders.
■ Plaats de geleiderails in omgekeerde volgorde terug.
Rooster, bakplaat, geleiderails
Was deze onderdelen na elk gebruik af. Daarna afdrogen.
Verwijder hardnekkige vlekken
- van roestvrij staal: met een reinigingsmiddel voor roest- vrij staal.
- van email: door de verontreiniging in water in te weken en vervolgens met een zachte borstel of spons te verwijderen.
Glazen opvangschaal
De glazen opvangschaal kan in de vaatwasser worden gereinigd. Gebruik geen schuurmiddelen.
Het keramische spatscherm kan in de vaatwasser worden gereinigd. Reinig het scherm na elk gebruik.
Als de verontreinigingen zeer hardnek- kig zijn, kunt u het spatscherm ook met ovenspray reinigen. Lichte kleurveranderingen zijn evenwel niet uit te sluiten.
Ondeskundig uitgevoerde installatie-, reparatie- en onderhoudswerkzaamheden leveren gevaar op voor de gebruiker. De fabrikant kan daarvoor niet aansprakelijk worden gesteld. Laat installatie-, reparatie- en onderhoudswerkzaamheden uitsluitend door erkende vakmensen uitvoeren.
De volgende storingen kunt u echter zelf verhelpen.
Wat moet u doen als ...
... een bereidingsproces niet kan worden gestart?
Controleer
■of de deur gesloten is.
■of de stekker goed in de contactdoos zit.
■of de zekering van de huisinstallatie is doorgeslagen (waarschuw in dat geval een elektricien of de Technische Dienst; zie het hoofdstuk "Technische Dienst").
... het display donker is?
Controleer
■ of de dagtijd is uitgeschakeld (druk twee keer op de toets ⏻).
■ of de nachtschakeling actief is.
... het draaiplateau onregelmatig draait?
■ Controleer of er tussen de ring onder het draaiplateau en de bodem van de binnenruimte vuil zit.
■ Controleer of de raakvlakken tussen draaiplateau en meenemer schoon zijn.
Verwijder eventueel aanwezig vuil.
... het gerecht na afloop van de bereiding niet voldoende ontdooid, warm of gaar is?
■ Controleer of u een tijd heeft ingesteld die overeenkomt met het ingestelde vermogen.
Hoe lager het vermogen, des te langer is de bereidingstijd.
■Controleer of de bereiding is onderbroken en daarna is voortgezet.
... tijdens de bereiding in de magnetron vreemde geluiden te horen zijn?
Controleer
■of het gerecht met aluminiumfolie is afgedekt.
Verwijder de folie.
■ of er vonken ontstaan door het gebruik van metalen serviesgoed (zie het hoofdstuk "Servies dat geschikt is voor de magnetron").
... de dagtijd in het display niet juist is?
Als een stroomstoring langer dan een paar minuten duurt, begint de tijd weer vanaf 12:00 te lopen. Net als bij de ingebruikneming. De dagtijd moet dan opnieuw worden ingesteld.
■ Corrigeer de dagtijd.
... het gerecht te snel afkoelt?
De warmte ontstaat altijd eerst aan de buitenkant van het gerecht en verplaatst zich vervolgens naar het midden.
Wordt een gerecht op een hoog vermogen verwarmd, dan kan het van buiten al heet zijn, terwijl het van binnen nog niet warm genoeg is. Tijdens de doorwarmtijd wordt de temperatuur gelijkmatig over het gerecht verdeeld. In het midden wordt het warmer, aan de buitenkant kouder. Verwarm gerechten die uit verschillende ingrediënten bestaan, zoals kant-en-klaar-maaltijden en één-pansgerechten, daarom op een wat lager vermogen, gedurende een iets langere tijd.
... de magnetron tijdens een bereidingsproces automatisch wordt uitgeschakeld?
De luchtcirculatie kan onvoldoende zijn.
Controleer
■ of de luchttoevoer is afgesloten.
■ of er iets op de ventilatie-openingen ligt.
■ of de ruimte tussen de onderkant van het apparaat en het werkblad is afgesloten.
Verwijder alles wat op en voor de openingen ligt. Als het apparaat oververhit raakt, wordt het om veiligheidsredenen automatisch uitgeschakeld. De bereiding kan worden voortgezet, zodra het apparaat weer is afgekoeld.
Als het apparaat regelmatig wordt uitgeschakeld, waarschuw dan de Technische Dienst.
Open nooit de ommanteling van het apparaat, als u een storing niet kunt verhelpen aan de hand van de bovenstaande aanwijzingen!
De magnetron mag alleen door vak- mensen worden gerepareerd.
Voor storingen die u niet zelf kunt ver- helpen, waarschuwt u
- uw Miele-vakhandelaar of
- de Technische Dienst van Miele Nederland B.V.
Het adres en de telefoonnummers van Miele Nederland B.V. en de diverse afdelingen vindt u op de achterzijde van deze gebruiksaanwijzing.
Voor een goede en vlotte afhandeling is het noodzakelijk dat de Technische Dienst weet welk type apparaat u heeft en wat het serienummer is. Beide nummers vindt u op het typeplaatje dat zich achter op het apparaat bevindt.
Miele Service Verzekering Certificaat
Voor informatie over het Miele Service Verzekering Certificaat kunt u zich wenden tot uw Miele-vakhandelaar of de bijgaande folder raadplegen.
Controleer voordat het apparaat wordt aangesloten of het onbeschadigd is. Neem nooit een defect apparaat in gebruik!
Deze magnetron wordt standaard geleverd met een aansluitkabel en een randaardestekker en is geschikt voor aansluiting op wisselstroom 50 Hz, 220-230 Volt. Het apparaat mag alleen op een geaarde contactdoos worden aangesloten. De huisinstallatie moet voldoen aan NEN 1010.
Plaats het apparaat zo, dat de stekker bereikbaar is.
Als de gebruiker niet meer bij het stopcontact kan komen, moet het apparaat via een schakelaar met alle polen van de netspanning kunnen worden losgekoppeld. De contactopening in uitgeschakelde toestand moet minimaal 3 mm bedragen. Geschikte schakelaars zijn zelf-uitschakelaars, zekeringen en relais (EN 60 335).
Ter verhoging van de veiligheid moet de groep waarop het apparaat wordt aangesloten voorzien zijn van een aardlekschakelaar (30 mA).
Aansluiting en zekering:
- Aansluiting op een geaarde contactdoos en zekering met een 16 A-automaat of een trage zekering van 16 A.
Als de aansluitkabel beschadigd is, moet deze door de Technische Dienst worden vervangen of door een door de fabrikant opgeleide vakman.
Houd voldoende afstand tussen het apparaat en ernaast geplaatste meubels. Voor een optimale ventilatie moet om het apparaat een afstand van 5 cm worden vrijgehouden. Houd boven het apparaat 14 cm vrij.
Let bij het plaatsen van de magnetron op een onbelemmerde luchttoe- en -afvoer aan de onder- en achterkant van het apparaat.
Leg daarom geen voorwerpen op de ventilatie-openingen en houd de ruimte tussen de bodem van het apparaat en het werkblad vrij.
U kunt de magnetron
- op het werkblad plaatsen.
- in een hoge kast inbouwen of onder een werkblad. Uitzondering: appara- ten met een roestvrijstalen front mo- gen niet worden ondergebouwd. Gebruik voor het inbouwen het juiste inbouwframe en houdt u zich aan de aanwijzingen in de montagehandlei- ding.
Het speciale inbouwsetje (met montagehandleiding) is verkrijgbaar bij de Miele-vakhandel.
M 638 EC
Spanning ..... 220-230 V, 50 Hz
Aansluitwaarde. . . . . . . zie typeplaatje
Vermogensstanden . 7 (80/150/300/450/
600/750/900 Watt)
Zekering 16 A
Tijdschakelaar. . . . . . . 60 / 90 minuten
Tafelmodel:
U kunt zich wenden tot Miele Nederland B.V.:
Bij storingen:
Voor onderdelenleveranties:
- afdeling Onderdelen -
telefoon: (03 47) 37 88 80*
Voor overige informatie:
- afdeling Consumentenbelangen -
telefoon: (03 47) 37 88 87*
MIELE NEDERLAND B.V.
Postbus 166
4130 ED Vianen
Kantoor en Infocentrum Miele-inbouwapparaten:
De Limiet 2 (wegnummer 31)
4131 NR Vianen
*) meerdere lijnen
Wijzigingen voorbehouden / 2502