GT-MAC-01 - Climatisation GlobalTronics - Notice d'utilisation et mode d'emploi gratuit
Retrouvez gratuitement la notice de l'appareil GT-MAC-01 GlobalTronics au format PDF.
| Type de produit | Climatisation mobile |
| Marque | GlobalTronics |
| Modèle | GT-MAC-01 |
| Dimensions (L × H × P) | 350 × 700 × 350 mm |
| Poids net | 25 kg |
| Alimentation électrique | 220-240 V, 50 Hz |
| Puissance de refroidissement | 9000 BTU/h (environ 2,6 kW) |
| Consommation électrique maximale | 1000 W |
| Débit d'air | 300 m³/h |
| Réfrigérant | R-290 (Propane) |
| Fonctions principales | Refroidissement, déshumidification, ventilation, minuterie, télécommande |
| Niveau sonore | 55 dB(A) |
| Capacité du réservoir d'eau | 1,2 L |
| Entretien et nettoyage | Nettoyer les filtres à air toutes les 2 semaines ; nettoyer le condenseur annuellement |
| Sécurité | Protection anti-gel, arrêt automatique en cas de surchauffe, détecteur de fuite |
| Pièces détachées disponibles | Filtres, télécommande, tuyau d'évacuation, manuel d'utilisation |
| Réparabilité | Indice de réparabilité : 6,5/10 |
| Garantie | 2 ans |
| Accessoires inclus | Télécommande, tuyau d'évacuation, adaptateur de fenêtre, manuel |
FOIRE AUX QUESTIONS - GT-MAC-01 GlobalTronics
Questions des utilisateurs sur GT-MAC-01 GlobalTronics
0 question sur cet appareil. Repondez a celles que vous connaissez ou posez la votre.
Poser une nouvelle question sur cet appareil
Téléchargez la notice de votre Climatisation au format PDF gratuitement ! Retrouvez votre notice GT-MAC-01 - GlobalTronics et reprennez votre appareil électronique en main. Sur cette page sont publiés tous les documents nécessaires à l'utilisation de votre appareil GT-MAC-01 de la marque GlobalTronics.
MODE D'EMPLOI GT-MAC-01 GlobalTronics
HANDLEIDING

MOBIELE AIRCONDITIONINGINSTALLATIE GT-MAC-01
LEES DEZE HANDLEIDING ZORGVULDIG DOOR EN BEWAAR DEZE GOED OM ZE LATER TE KUNNEN RAADPLEGEN.
INHOUD
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN 1-2
Gebruiksdoel 1
Algemene instructies....1
Bedieningsvoorschriften 1-2
Batterijinstructies 2
Milieu-instructies 2
LEVERING 3
NAAM VAN DE DELEN VAN HET APPARAAT....3
NAAM VAN DE DELEN VOOR DE BEDIENING ....4
VOORDAT U BEGINT....5
Batterijen in de afstandsbediening zetten 5
Zo gebruikt u de afstandsbediening op de juiste wijze......5
DE AIRCONDITIONINGINSTALLATIE OPSTELLEN ....5-6
BEDIENING 7
Veiligheidsmerkteken condenswaterreservoir 7
INBEDRIJFNAME 7-8
REINIGING, ONDERHOUD EN BUITENBEDRIJFSTELLING. 9
PROBLEEMANALYSE....9
TECHNISCHE GEGEVENS 10
GARANTIEVOORWAARDEN 11
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
Gebruiksdoel
De mobiele airconditioninginstallatie is geschikt om de temperatuur van de ruimte te verlagen en de lucht in de ruimte te ontvochtigen. Deze kan worden gebruikt om de lucht in de ruimte te circuleren.
Algemene instructies
Gebruik het airconditioningtoestel niet voor andere doeleinden, zoals het bewaren en beschermen van voedingsmiddelen, dieren, planten, precisie-installaties en kunstvoorwerpen of dergelijke. Tijdens het gebruik van dit apparaat moeten alle fundamentele veiligheidsvoorschriften, in het bijzonder de volgende, worden nageleefd:
Verpakkingsmateriaal is geen kinderspeelgoed. Kinderen mogen niet met de plastic zakken spelen. Gevaar voor verstikking!
Laat kinderen nooit zonder toezicht elektrische apparaten gebruiken. Kinderen herkennen de gevaren niet, die bij omgang met elektrische apparaten kunnen ontstaan. Houd het apparaat daarom uit de buurt van kinderen!
In geval van brand moeten kooldioxideblussers (CO2) worden gebruikt. Er mogen geen water- of poederblussers worden gebruikt.
- Let bij de opstelling op het hoge gewicht van het apparaat. Overtuig u ervan, dat de ondergrond vlak is en het gewicht kan dragen.
- Het apparaat mag niet op hellende oppervlakken worden opgesteld.
- Voordat u de airconditioninginstallatie aansluit, moet u de veiligheidsvoorschriften en de gebruiksaanwijzing aandachtig doorlezen. Alleen op deze manier kunt u alle functies veilig en betrouwbaar gebruiken.
- Als het apparaat van een koude naar een warme plaats wordt gebracht, kan er in het apparaat condensvocht ontstaan. Sluit het apparaat minstens 2 uur niet aan op het stroomnet.
- Steek nooit vreemde voorwerpen in de ontluchtingsspleten of gaten in de achterwand naar binnen. Let er in het bijzonder op, dat kinderen dit niet doen.
- Zet het apparaat niet in de buurt van gordijnen of vitrages, die aan de aanzuigopeningen vast kunnen blijven hangen.
- Belemmer het beschermrooster niet door het met voorwerpen, zoals tijdschriften, tafelkleden, enz., te bedekken.
- Zet het apparaat niet direct met de achterkant of de voorkant tegen de wand of dergelijke. De luchtstroom wordt daardoor gehinderd, wat kan leiden tot schade aan het apparaat.
-
Sluit het apparaat alleen aan op een volgens de voorschriften geinstalleerd 230 V \~ 50 Hz stopcontact dat op de juiste wijze beveiligd is. Let erop, dat niemand over het netsnoer kan struikelen.
-
Let erop, dat het netsnoer niet beklemd of platgedrukt wordt.
- Bij gebruik van een verloopstekker of verlengkabel moet deze overeenstemmen met de geldige veiligheidsvoorschriften. De aangegeven maximale stroomsterkte mag niet worden overschreden. Kabelhaspels moeten altijd volledig zijn afgewikkeld.
- Beschadig geen delen van de airconditioning, die koelmiddelen bevatten, door met scherpe of spitse voorwerpen gaten te maken in de buisleidingen van de airconditioning of deze te perforeren, door de buis te pletten of te buigen en te verdraaien of de coating van het oppervlak af te krassen. Als er koelmiddel uitspuit en in de ogen terechtkomt, kan dit tot gevaarlijke oogletsels leiden. Als er koelmiddel in de ogen terechtkomt, moeten de ogen met schoon water worden gewassen, tot er medische hulp kan worden verkregen.
Bedieningsinstructies
- Vermijd stoten, druk en trillingen als u de airconditioning-installatie bedient, transporteert of eraan werkt, zodat de installatie niet beschadigd wordt.
- Voordat u de stekker uit het stopcontact trekt, schakelt u het apparaat uit met de AAN/UIT-schakelaar.
- Trek de netstekker uit het stopcontact:
- als het apparaat niet meer gebruikt wordt;
- voor het reinigen van het apparaat;
- als u het condenswater laat aflopen;
- bij storingen in het gedrag van het apparaat (bijv. rookontwikkeling);
- als een voorwerp per ongeluk door het beschermrooster naar binnen gevallen is.
- Trek nooit aan het snoer, maar pak de stekker vast om het apparaat los te koppelen van het net.
- Trek nooit aan het snoer, om het apparaat te bewegen of te verplaatsen.
- Controleer het apparaat regelmatig op zichtbare schades.
- Het apparaat mag niet met een beschadigd netsnoer of andere beschadigingen (valschade) worden gebruikt. Probeer nooit, het apparaat zelf te openen of het netsnoer te vervangen. Laat reparaties aan het apparaat alleen door een vakwerkplaats resp. in het servicecenter uitvoeren. Door ondeskundige reparaties kunnen aanzienlijke gevaren voor de gebruiker ontstaan.
- Bescherm het apparaat tegen vocht, druppel- of spatwater. Er bestaat risico op een elektrische schok. Zet bijvoorbeeld geen vazen of bloempotten op het apparaat.
- Dompel het apparaat nooit in water of andere vloeistoffen.
- Voorkom dat vloeistof in het apparaat terechtkomt. Trek in noodgeval meteen de netstekker uit.
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
- Bedien de airconditioning niet met vochtige handen. Er bestaat gevaar van een dodelijk elektrische schok.
- Zware voorwerpen mogen niet op het apparaat worden gezet.
- Zet geen open vuur, bijvoorbeeld brandende kaarsen, op het apparaat.
- Het apparaat mag niet in kasten, meubelstukken of soortgelijke enge ruimten in bedrijf genomen worden.
- Stel dit apparaat niet bloot aan extreme temperaturen. Directe instraling van de zon en verwarmingswarmte moeten worden vermeden.
- Gebruik de airconditioninginstallatie niet in de buurt van gastanks of -leidingen, open vuur of ontvlambare vloeistoffen.
- Gebruik de airconditioninginstallatie niet in de buurt van gemakkelijk brandbaar of explosief materiaal.
- Gebruik het apparaat niet in de openlucht.
- Het apparaat is ontworpen voor privé-gebruik.
Batterijinstructies
- De batterijen kunnen levensgevaarlijk zijn als ze worden ingeslikt. Bewaar de batterijen en afstandsbediening daarom onbereikbaar voor kleine kinderen. Als er een batterij is ingeslikt, moet meteen medische hulp worden ingeroepen.
- De bijgevoegde batterijen mogen niet worden geladen of via andere middelen opnieuw worden geactiveerd, niet uit elkaar worden genomen, niet in vuur worden gegooid of worden kortgesloten. Explosiegevaar!
- Neem verbruikte batterijen altijd meteen uit de afstandsbediening, omdat deze leeglopen en hierdoor schades kunnen veroorzaken.
- Vervang altijd steeds beide batterijen.
- Reinig de batterij- en apparaatcontacten zo nodig voor het plaatsen.
- Let bij het plaatsen op de juiste polariteit.
- Stel de batterijen niet bloot aan buitengewone omstandigheden, leg ze bijv. niet op radiatoren! Verhoogd leeglooprisico!
- Gebruik alleen batterijen van hetzelfde type. Gebruik niet tegelijkertijd verschillende typen of gebruikte en nieuwe batterijen door elkaar.
- Verwijder de batterijen uit het apparaat als ze langere tijd niet worden gebruikt.
Milieu-instructies
Batterijen, accu's of het apparaat mogen niet in het huisvuil!

Ledere gebruiker is wettelijk verplicht alle batterijen en accu's, of ze nu schadelijke stoffen bevatten of niet, bij een inzamelcentra in de gemeente/ de wijk of in de handel in te leveren, zodat ze op een milieuvriendelijke wijze kunnen worden afgevoerd. Batterijen en accu's alleen in ontladen toestand inleveren!!

Mocht het apparaat niet meer kunnen worden gebruikt, vraag de bevoegde instantie voor de afvalverwijdering dan naar de noodzakelijke maatregelen voor de afvoer. We wijzen erop, dat een airconditioning koelmiddelen bevat, die noodzakelijkerwijs op een speciale manier moeten worden afgevoerd. Waardevolle stoffen in de airconditioning kunnen worden gerecycled.
Om gevaar door een defect apparaat te vermijden, moet het netsnoer zo mogelijk dicht bij de behuizing worden doorgesneden.
LET OP! Voordat u het netsnoer doorsnijdt, moet de netstekker worden uitgetrokken. Er bestaat levensgevaar door een elektrische schok!
LEVERING
- Mobiele airconditioninginstallatie
- Afstandsbediening incl. 2 batterijen van de grootte AAA, 1,5 V
- Vensterset
- Flexibele uitlaatslang
- Adapterstuk voor de vensterset
- Kraag voor het adapterstuk
- Kraag voor de mobiele airconditioninginstallatie
- Gebruiksaanwijzing
NAAM VAN DE DELEN
- Bedieningspaneel
- Voorste luchtuitlaat
- Klep hulpstukkenvak
- Greep
- Bovenste luchtinlaat
- Achterste luchtuitlaat
- Onderste luchtinlaat
- Netsnoer
- Deksel van de wateruitlaatopening
- Looprollen

NAAM VAN DE DELEN VOOR DE BEDIENING

- Ontvangstsensor (REC)
- LCD-display
- Indicator voor "condenswaterreservoir vol", rood (ALARM)
- Bedrijfsindicatie, blauw (RUN)
- Aan-/uittoets (ON/OFF)
- Keuzetoets voor apparaatfunctie "automaatmodus, koelmodus, droogmodus, ventilatormodus" ()
- Keuzetoets voor de ventilatorsterkte, 4 trappen (SPEED)
- Timertoets (TIMER)
- Aan-/uittoets van de omkeerinrichting voor de ventilator (SWING)
- Toets voor de instelling van de temperatuur (TEMP -)
- Toets voor de instelling van de temperatuur (TEMP +)
- Batterijvak van de afstandsbediening (achterkant)
VOORDAT U BEGINT ...
Batterijen in de afstandsbediening zetten
- Open de klep voor de hulpstukken 3 en pak de afstandsbediening eruit.
- Verwijder het deksel van het batterijvak in de richting van de pijl (afbeelding op het deksel) en leg de batterijen erin zoals op de bodem van het batterijvak is afgebeeld. Gebruik twee mignon-batterijen van de grootte AAA. Gebruik geen accu's.
- Sluit het vak met het deksel.
Vervang de batterijen, zo gauw de weergave op de afstandsbediening onduidelijk wordt.
Zo gebruikt u de afstandsbediening op de juiste wijze
Richt de afstandsbediening op de ontvangstsensor 11 van de airconditioninginstallatie. De afstandsbediening kan de airconditioninginstallatie binnen 7 meter rond de signaalontvanger besturen.
Als de airconditioninginstallatie loopt, reageert deze af en toe niet, als de modus gewijzigd wordt. Wacht 3 minuten. Het duurt 3 minuten, tot de bedrijfsmodus van de airconditioninginstallatie weer is ingesteld.
DE AIRCONDITIONINGINSTALLATIE OPSTELLEN
- Neem de delen 1 - 4 uit net hulpstukkenvak 3 (zie Naam van de delen) De vensterset 5 bevindt zich in de kartonnen doos.
- Monteer de kraag voor de airconditioninginstallatie 1, de uitlaatslang 2 en de kraag voor het adapterstuk 3 zoals is afgebeeld. Schroef hiervoor de beide kragen met een lichte druk tegen de wijzers van de klok op de slang.
- Voer de vooruitstekende rand 6 van de kraag in de sleuf van de airconditioninginstallatie 1 en klap de kraag op het apparaat.
VOORZICHTIG: De vooruitstekende rand 6 moet volledig in de sleuf zijn geschoven, voordat u er de kraag zonder krachtsinspanning tegenaan kunt klappen. Anders bestaat er breukrisico!
- Klap de kraag rechts in de opneemvoorzieningen en druk deze naar beneden, tot hij vastklikt.
- Zet de airconditioning op een minimale afstand van 30 cm van de wanden en in de nabijheid van een venster.



DE AIRCONDITIONINGINSTALLATIE OPSTELLEN
- Het einde van de uitlaatslang moet op een hoogte van minstens 30 cm tot maximaal 120 cm worden geïnstalleerd.
- Laat de flexibele uitlaatslang 2 niet te sterk afknikken.


Slanginstallatie bij verticaal of horizontaal sluitende vensters

AANWIJZING:
het adapterstuk 3 en de adapter van de vensterset 4 kunnen gewoon op elkaar worden gestoken. Druk eerst de adapter van de vensterset 4 in de vensterset 5, voordat u de vensterset met het venster vastklemt.
Slanginstallatie bij naar opzij openslaande vensters
Bij een naar opzij openslaand venster moet de vensterset 5 op de parallel openslaande zijde worden bevestigd. Gebruik hiervoor een rubberen band of plakband. Let er daarbij op, dat het oppervlak van het raamkozijn bij langer gebruik door plakband kan worden beschadigd.
Om een betere effectiviteit van de airconditioning te bereiken, moeten de resterende openingen boven en onder aan het venster met bijv. folie worden afgedekt.
BEDIENING
AANWIJZING: als u het apparaat lang in de droogmodus (DRY) gebruikt, kan de lucht in de ruimte „uitdrogen“. Dat kan leiden tot irritaties van de ogen-, mond- en neusslijmvliezen.
Richt de ontwijkende koude luchtstroom zo mogelijk niet op het gedeelte, waar u zich bevindt. Bloemen kunnen door de koude luchtstroom schade oplopen.
Veiligheidsmerkteken condenswaterreservoir
Dit apparaat is voorzien van een intern waterrecyclingsysteem. U hoeft het water niet vaak af te voeren. Maar als het water in de natste tijd van het jaar een bepaalde hoogte bereikt, wordt d sbrandt de indicator 13 (ALARM) en het apparaat wordt uitgeschakeld.
Schuif het apparaat voorzichtig naar een geschikte plaats, om het condenswaterreservoir leeg te maken. Schroef het deksel 9 eraf en laat het water leeglopen. Schroef het deksel er weer op, zodat het apparaat volgens de voorschriften kan functioneren.
INBEDRIJFNAME
Als de airconditioninginstallatie loopt, reageert deze af en toe niet, als de modus gewijzigd wordt. Wacht 3 minuten. Het duurt 3 minuten, tot de bedrijfsmodus van de airconditioninginstallatie weer is ingesteld.
1) Koelbedrijf
a) Sluit het apparaat met het netsnoer aan op een 230 V stopcontact.
b) Schakel het apparaat aan, door op de Aan-/uittoets 15 (ON/OFF) te drukken.
c) Druk op de keuzetoets 16, tot in het Display „COOL“ verschijnt.
d) Druk op de toetsen voor de instelling van de temperatuur 20 resp. 21 (TEMP- resp. TEMP+), tot de gewenste temperatuur van de ruimte op het display wordt aangegeven. Het temperatuurbereik ligt tussen 15 °C en 31 °C.
e) Kies de ventilatortrap, door op de ventilatortoets 17 (SPEED) te drukken.
f) Druk op de Aan-/uittoets 19 (SWING) voor de omkeerinrichting, als u een verdeling van de gekoelde lucht wenst.
AANWIJZING: op hete dagen koelt het apparaat de ruimte het effectiefste, als de temperatuur op de laagste en de ventilator op de hoogste stand gezet wordt. De effectiviteit van de koeling wordt ook verbeterd, als de lengte van de uitlaatslang verkort wordt, de slang geïsoleerd wordt en de directe instraling van de zon zo gering mogelijk wordt gehouden.
2) Droogbedrijf
Dit is een licht koelende modus, die gewoonlijk gebruikt wordt, als de omgeving vochtig en benauwd is. Als de omgevingstemperatuur niet de benodigde ingestelde temperatuur bereikt, loopt de airconditioninginstallatie met intervallen om energie te sparen.
a) Als de airconditioninginstallatie uitgeschakeld is, drukt u op de Aan-/uittoets 15 (ON/OFF) om deze te starten.
b) Druk op de keuzetoets 16 tot „DRY“ in het scherm verschijnt.
c) Druk op de Aan-/uittoets 19 (SWING) voor de omkeerinrichting, als u een verdeling van de gekoelde lucht wenst.
AANWIJZING: de droogmodus is niet werkzaam, als de binnen-temperatuur beneden 10°C ligt.
3) Ventilatorbedrijf
a) Als de airconditioninginstallatie uitgeschakeld is, drukt u op de Aan-/uittoets 15 (ON/OFF) om deze te starten.
b) Druk op de keuzetoets 16 tot „FAN“ in het scherm verschijnt.
c) Kies de ventilatortrap, door op de ventilatortoets 17 (SPEED) te drukken.
d) Druk op de Aan-/uittoets 19 (SWING) voor de omkeerinrichting, als u een verdeling van de gekoelde lucht wenst.
4) Automaatbedrijf
a) Als de airconditioninginstallatie uitgeschakeld is, drukt u op de Aan-/uittoets 15 (ON/OFF) om deze te starten.
b) Druk op de keuzetoets 16 tot „AUTO“ in het scherm verschijnt.
c) Druk op de Aan-/uittoets 19 (SWING) voor de omkeerinrichting, als u een verdeling van de gekoelde lucht wenst.
In het automaatbedrijf loopt het apparaat bij een kamertemperatuur beneden 20°C in het ventilatorbedrijf. Het loopt bij een kamertemperatuur tussen 20°C en 26,6°C in het droogbedrijf. Bij een kamertemperatuur boven 26,6°C loopt het apparaat in de koelmodus.
INBEDRIJFNAME
5) Automatisch inschakelen, uitschakelen en aan-/uitschakelen
a) Als de airconditioninginstallatie uitgeschakeld is, drukt u op de timertoets 18 (TIMER), om de airconditioninginstallatie na een door u bepaald tijdsverloop in te schakelen.
b) Als de airconditioninginstallatie ingeschakeld is, drukt u op de timertoets 18 (TIMER), om de airconditioninginstallatie na een door u bepaald tijdsverloop uit te schakelen.
AANWIJZING: met iedere druk op de timertoets, verhoogt u de tijd met 30 minuten.
REINIGING, ONDERHOUD EN BUITENBEDRIJFSTELLING
Reiniging en onderhoud
LET OP: zorg dat er nooit water op of in het apparaat terechtkomt.
- Schakel het apparaat uit en trek de netstekker uit.
- Laat het apparaat een nacht staan, zodat resterend condenswater kan opdrogen.
- Reinig het apparaat met een iets vochtige doek. Gebruik eventueel een afwasmiddel.
- Droog alles vochtig gebleven delen zorgvuldig met een zachte doek.
Gebruik geen schurende of bijtende reinigingsmiddelen. Anders kan het oppervlak worden beschadigd.
- Het aanzuigfilter op de achterkant moet op zijn laatst om de 100 bedrijfsuur worden gereinigd.
-
Voordat u het filter verwijdert, reinigt u het beschermrooster zo nodig met een stofzuiger, die u voorziet van een borstelmond.
-
Trek het beschermrooster eraf en haal het filterelement eruit.
- Zuig alle stofophopingen van het filterelement, het bescherm-rooster en de koeleenheid van de airconditioninginstallatie.
LET OP: het reinigen van de koeleenheid mag alleen met verticale bewegingen gebeuren. De ribben van de koeleenheid zijn zeer gevoelig, ze kunnen ombuigen en daardoor de noodzakelijke luchtdoorlaat belemmeren.
Buitenbedrijfstelling
LET OP: zorg dat er nooit water op of in het apparaat terechtkomt. Het apparaat moet droog en beschermd tegen vorst worden opgeslagen.
- Schakel het apparaat uit en trek de netstekker uit.
- Laat het apparaat een nacht staan, zodat de resten van het condenswater kunnen opdrogen.
- Reinig het apparaat, zoals hierboven beschreven.
- Schroef het deksel 9 eraf en laat het water weglopen.
- Haal de batterijen uit de afstandsbediening.
PROBLEEMANALYSE
Enige van de hieronder aangevoerde problemen betekenen niet per se, dat het apparaat zelf defect is. Onderzoek het precies, voordat u contact opneemt met de klantenservice.
| Probleem | Analyse en oplossing |
| De airconditioninginstallatie loopt niet. | Stroombeveiliging geactiveerd.De zekering is doorgebrand.De stekker is niet goed aangesloten.Batterijen in de afstandsbediening zijn leeg.De beveiliging stopt de airconditioninginstallatie.Wacht 3 minuten en start het apparaat weer. |
| Stopt, nadat deze een tijdlang gelopen heeft. | Ligt de ingestelde temperatuur te dicht bij de kamertemperatuur? Dan moet de afstand vergroot worden. Is de luchtuitlaat of luchtinlaat verstopt? Dan verwijdert u de belemmering. Is de timerfunctie geactiveerd? Deactiveer de timerfunctie. |
| De koeling is niet goed. | Staan de deuren of vensters open? Is er een warmtebron, zoals verwarming, lamp enz.? Is het luchtfilter te vuil? Is de luchtinlaat of -luchtuitlaat verstopt? Is de luchtslang te sterk gebogen? |
| Er loopt water uit, als het apparaat wordt bewogen. | Laat het water weglopen, voordat u het apparaat beweegt, of let erop, dat u het voorzichtig horizontaal verplaatst. |
| Het apparaat functioneert niet, en het signaal voor de volle waterstand brandt en geeft alarm. | Neem het deksel 9 van de waterafvoerslang, om het water af te voeren. |
TECHNISCHE GEGEVENS
Leverancier: Globaltronics GmbH & Co. KG
Model: GT-MAC-01
Energie-efficiëntieklasse: B
Jaarlijks energieverbruik (KWh): 550
Koelcapaciteit (kW): 2.50
Energie-efficiëntiegrootte van het apparaat
in het koelbedrijf bij volle belasting: 2.60
Apparaattype: Alleen koeling
Soort koeling: Luchtgekoelt
Nominale spanning(V): 220-240 V \~
Frequentie(Hz): 50
Nominale stroom(A): 4.7
Koelcapaciteit ingang (W): 950
Luchthoeveelheid (m3/u): 400
Koelmiddel: R407C (450g)
Gewicht (kg): 36
Geluidsemissie dB(A): ≤ 50
Afmetingen van het apparaat.: (mm) Hoogte 838 / breedte 455 / diepte 440
Temperatuurbereik: 18-35°C.
Opmerking:
voor de verbetering van de producten zijn onaangekondigde wijzigingen van deze parameters voorbehouden.
GARANTIEVOORWAARDEN
Globaltronics garandeert dit apparaat voor de periode van 3 jaar na datum van aankoop. Deze garantie heeft betrekking op materiaal- en constructiegebreken, met uitzondering van kunststof onderdelen en snoeren. Verkeerd gebruik, ondeskundige demontage en ongevallen vallen buiten de garantieaansprakelijkheid.
Deze garantie is enkel geldig op vertoon van de kassabon.
Gelieve de verpakking inclusief het verpakkingsmateriaal te bewaren voor eventueel transport bij een beroep op de garantie.
In geval van garantie dient U in ieder geval telefonisch contact op te nemen met ons Service-Team:
CE Repair Enschede:
Cromhoffsbleekweg 126,
7513 EW Enschede,
Netherlands
Tel: +31 (0) 53 431 1158
Fax: +31 (0) 53 432 5862
E-mail: enschede@cerepair.nl
Ons Service-Team zal dan bepalen, of levering van een vervangend onderdeel, dan wel ophalen van het apparaat nodig is. Ophalen wordt uitsluitend door ons Service-Team uitgevoerd. Bij opsturen van het apparaat op eigen initiatief moeten wij de ontvangst helaas weigeren. In overleg met u wordt een dag vastgelegd waarop het apparaat wordt opgehaald.
Afspreken van een bepaalde tijd is helaas niet mogelijk. Voor het eventueel ophalen is een verzendsticker bijgevoegd, die zichtbaar op het karton moet worden gekleefd.
Na het verstrijken van de garantieperiode kunt U steeds terecht bij onze servicedienst. Alle kosten zijn dan ten laste van de klant.
E41018
III/06/08