EC3230AOW1 - Vriezer ELECTROLUX - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis EC3230AOW1 ELECTROLUX in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over EC3230AOW1 ELECTROLUX
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vriezer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EC3230AOW1 - ELECTROLUX en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EC3230AOW1 van het merk ELECTROLUX.
GEBRUIKSAANWIJZING EC3230AOW1 ELECTROLUX
NL VRIESKIST GEBRUIKSAANWIJZING 2
FR CONGÉLATEUR COFFRE NOTICE D'UTILISATION 17
PT ARCA CONGELADORA MANUAL DE INSTRUÇÕES 34
Bedankt om een Electrolux-apparaat te kopen. U koos voor een product dat jaren professionele ervaring en innovatie bevat. Ingenieus en stijlvol, het werd ontworpen met u in het achterhoofd. Wanneer u het gebruikt, kunt u er op vertrouwen dat u keer op keer fantastische resultaten zult krijgen.
Welkom bij Electrolux.
Ga naar onze website voor:

Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen en onderhoudsinformatie: www.electrolux.com

Registreer uw product voor een betere service: www.electrolux.com/productregistration

Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor uw apparaat: www.electrolux.com/shop
KLANTENSERVICE
Wij raden altijd het gebruik van originele onderdelen aan.
Zorg er als u contact opneemt met de klantenservice voor dat u de volgende gegevens bij de hand hebt.
De informatie staat op het typeplaatje. model, productnummer, serienummer.

Waarschuwing - Belangrijke veiligheidsinformatie.
Algemene informatie en tips
Milieu-informatie
Wijzigingen voorbehouden.
1. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
In het belang van uw veiligheid en om een correct gebruik te kunnen waarborgen is het van belang dat u, alvorens het apparaat te installeren en in gebruik te nemen, deze gebruiksaanwijzing, inclusief de tips en waarschuwingen, grondig doorleest. Om onnodige vergissingen en ongevallen te voorkomen is het belangrijk ervoor te zorgen dat alle mensen die het apparaat gebruiken, volledig bekend zijn met de werking ervan en de veiligheidsvoorzieningen. Bewaar deze instructies en zorg ervoor dat zij bij het apparaat blijven als het wordt verplaatst of verkocht, zodat ieder-een die het apparaat gedurende zijn hele levensduur gebruikt, naar behoren is geïn-formeerd over het gebruik en de veiligheid van het apparaat.
Voor de veiligheid van mensen en eigendommen dient u zich aan de voorzorgsmaatregelen uit dit instructieboekje te houden, de fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door het niet opvolgen van de aanwijzingen veroorzaakt is.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen
- Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (waaronder begrepen kinderen) met verminderde fysieke, zintuiglijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, tenzij dit onder toezicht gebeurt van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon of tenzij zij van een dergelijke persoon instructie hebben ontvangen over het gebruik van het apparaat.
Houd kinderen uit de buurt om te voorkomen dat ze met het apparaat gaan spelen.
- Houd alle verpakkingsmateriaal buiten het bereik van kinderen. Gevaar voor verstikking.
- Als u het apparaat afdankt trek dan de stekker uit het stopcontact, snij de voedingskabel door (zo dicht mogelijk bij het apparaat) en verwijder de deur om te voorkomen dat kinderen een elektrische schok krijgen of zichzelf in het apparaat opsluiten.
- Als dit apparaat, dat voorzien is van een magnetische deursluiting, een ouder
apparaat vervangt, dat voorzien is van een veerslot (slot) op de deur of het deksel, zorg er dan voor dat u het slot onbruikbaar maakt voordat u het oude apparaat weggooit. Dit voorkomt dat kinderen er in opgesloten kunnen ra- ken.
1.2 Algemene veiligheid

WAARSCHUWING!
Houd de ventilatieopeningen altijd vrij van obstructies; dit geldt zowel voor losstaande als ingebouwde modellen.
- Dit apparaat is bedoeld voor het bewaren van levensmiddelen en/of dranken in een gewoon huishouden en gelijkaardig gebruik zoals:
- personeelskeukens in winkels, kantoren of andere werkomgevingen;
- door gasten in hotels, motels en andere residentiële omgevingen;
- bed-and-breakfast-accommodatie;
-
catering en gelijkaardige niet-commercieel gebruik.
-
Gebruik geen mechanische hulpmiddelen of kunstgrepen om het ontdooiproces te versnellen.
- Gebruik geen andere elektrische apparaten (bijvoorbeeld ijsmachines) in koelkasten, tenzij ze voor dit doel goedgekeurd zijn door de fabrikant.
- Let op dat u het koelcircuit niet beschadigt.
- Het koelmiddel isobutaan (R600a) bevindt zich in het koelcircuit van het apparaat, dit is een natuurlijk gas dat weliswaar milieuvriendelijk is, maar ook uiterst ontvlambaar.
Controleer of de onderdelen van het koelcircuit tijdens transport en installatie van het apparaat niet beschadigd zijn geraakt.
Indien het koelcircuit beschadigd is:
- open vuur en ontstekingsbronnen vermijden
- de ruimte waar het apparaat zich bevindt grondig ventileren
- Het is gevaarlijk om wijzigingen aan te brengen in de specificaties of dit product op enigerlei wijze te modificeren. Een beschadigd netsnoer kan kortsluiting, brand en/of een elektrische schok veroorzaken.

WAARSCHUWING!
Alle elektrische onderdelen (net- snoer, stekker, compressor) mo- gen om gevaar te voorkomen uit- sluitend worden vervangen door een erkende onderhoudsdienst of gekwalificeerd onderhoudsperso- neel.
- Het netsnoer mag niet verlengd worden.
- Verzeker u ervan dat de stekker niet platgedrukt of beschadigd wordt door de achterkant van het apparaat. Een platgedrukte of beschadigde stekker kan oververhit raken en brand veroorzaken.
- Verzeker u ervan dat u de stekker van het apparaat kunt bereiken.
- Trek niet aan het snoer.
- Als de stekker los zit, steek hem dan niet in het stopcontact. Dan bestaat er een risico op een elektrische schok of brand.
-
U mag het apparaat niet gebruiken zonder het afdekkapje (indien van toepassing) van het lampje.
-
Dit apparaat is zwaar. Wees voorzichtig als u het apparaat verplaatst.
- Haal geen artikelen uit het vriesvak en raak ze niet aan als uw handen vochtig/nat zijn, dit kan uw huid beschadigen of vrieswonden veroorzaken.
- Stel het apparaat niet langdurig bloot aan direct zonlicht.
- De eventuele gloeilampen in dit apparaat zijn speciaal geselecteerd en uitsluitend bedoeld voor gebruik in huishoudelijke apparaten. De lampjes zijn niet geschikt voor de verlichting van ruimtes.
1.3 Dagelijks gebruik
- Zet geen hete potten op de kunststof onderdelen in het apparaat.
-
Bewaar geen brandbare gassen of vloeistoffen in het apparaat, deze kunnen ontploffen.
-
Zet geen levensmiddelen direct tegen de luchtopening in de achterwand. (Als het apparaat rijpvrij is)
- Diepgevroren voedsel mag niet opnieuw worden ingevroren als het eenmaal ontdooid is.
- Bewaar voorverpakte diepvriesproducten volgens de aanwijzingen van de fabrikant.
- U dient zich strikt te houden aan de aanbevelingen van de fabrikant van het apparaat met betrekking tot het bewaren van voedsel. Raadpleeg de betreffende aanwijzingen.
- Leg geen koolzuurhoudende of mousserende dranken in de vriezer, deze veroorzaken druk op de fles die daardoor kan ontploffen, dit kan schade toebrengen aan het apparaat.
- IJslollies kunnen vrieswonden veroorzaken als ze rechtstreeks vanuit het apparaat geconsumeerd worden.
1.4 Onderhoud en reiniging
- Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudswerkzaamheden verricht.
- Maak het apparaat niet schoon met metalen voorwerpen.
- Gebruik geen scherpe voorwerpen om ijs van het apparaat te krabben. Gebruik een kunststof schraper.
1.5 Installatie

Voor de aansluiting van elektriciteit dienen de instructies in de desbetreffende paragrafen nauwgezet te worden opgevolgd.
- Pak het apparaat uit en controleer of er beschadigingen zijn. Sluit het apparaat niet aan als het beschadigd is. Meld mogelijke beschadigingen onmiddellijk bij de winkel waar u het apparaat gekocht heeft. Gooi in dat geval de verpakking niet weg.
- Wij adviseren u om vier uur te wachten voordat u het apparaat aansluit, dan kan de olie terugvloeien in de compres-sor.
- Rond het apparaat dient adequate luchtcirculatie te zijn, anders kan dit tot oververhitting leiden. Om voldoende
ventilatie te verkrijgen de instructies met betrekking tot de installatie opvolgen.
- Het apparaat mag niet vlakbij radiatoren of kooktoestellen geplaatst worden.
- Zorg ervoor dat de stekker na installatie van het apparaat toegankelijk is.
1.6 Onderhoud
- Alle elektrotechnische werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van onderhoud aan het apparaat, dienen uitgevoerd te worden door een gekwalificeerd elektricien of competent persoon.
- Dit product mag alleen worden onderhouden door een erkend onderhoudscentrum en er dient alleen gebruik te worden gemaakt van originele reserveonderdelen.
1.7 Bescherming van het milieu

Dit apparaat bevat geen gassen die de ozonlaag kunnen beschadi-
gen, niet in het koelcircuit en evenmin in de isolatiematerialen. Het apparaat mag niet worden weggegooid bij het normale huishoudelijke afval. Het isolatie-schuim bevat ontvlambare gas-sen: het apparaat moet wegge-gooid worden conform de van toepassing zijnde regels die u bij de lokale overheidsinstanties kunt verkrijgen. Voorkom beschadiging aan de koeleenheid, vooral aan de achterkant bij de warmtewisse-laar. De materialen die gebruikt zijn voor dit apparaat en die voor-zien zijn van het symbool ⚙ zijn recyclebaar.
2. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT

1 Handgreep deksel
2 Typeplaatje
3 Bedieningspaneel en temperatuurregeling
4 Dooiwaterafvoer
5 Klep:gemakkelijk te openen deksel
6 Laag vriessysteem
7 Verlichting
3. BEDIENING
3.1 Inschakelen

text_image
Off 0 1 A 6 2 B 5 3 4 CA Thermostaatknop
B Halfgeladen positie
C Volgeladen positie
3.2 Uitschakelen
Draai om het apparaat uit te zetten de thermostaatknop naar de "OFF"-positie.
3.3 Temperatuurregeling
De temperatuur in het apparaat wordt ge- regeld door de thermostaatknop op het bedieningspaneel.
Ga als volgt te werk om het apparaat in werking te stellen:
Steek dan de stekker in het stopcontact. Draai de thermostaatknop naar de volgeladen positie en wacht 24 uur voordat u voedsel in de koelkast plaatst, zodat de correcte temperatuur kan worden bereikt. Pas de thermostaatknop aan volgens de hoeveelheid opgeslagen voeding.
- draai de thermostaatknop op een lagere stand om de minimale koude te verkrijgen.
- draai de thermostaatknop op een hogere stand om de maximale koude te verkrijgen.

Bij het invriezen van kleinere volu- mes voeding is de positie Halfge- laden de meest geschikte. Bij het invriezen van grote volumes voeding is de positie Volgeladen de meest geschikte.
4. BEDIENINGSPANEEEL

text_image
1 2 3 Off 1 2 5 4 *1 Temperatuurknop
2 Controlelampje
3 Alarmlampje hoge temperatuur
4.1 Alarm hoge temperatuur
Een toename van de temperatuur in de vriezer (bijvoorbeeld door stroomuitval) wordt aangeduid door het gaan branden van het alarmlampje
Leg tijdens de alarmfase geen voedsel in de vriezer.
Als de normale omstandigheden hersteld worden gaat het alarmlampje automatisch uit.
Voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt, wast u de binnenkant en de interne accessoires met lauwwarm water en een beetje neutrale zeep om de typi-
sche geur van een nieuw product weg te nemen. Droog daarna grondig af.

Gebruik geen oplosmiddelen of schuurmiddelen. Deze beschadigen de lak.
6.1 Vers voedsel invriezen
Het vriesvak is geschikt voor het invriezen van vers voedsel en voor het voor een lange periode bewaren van ingevroren en diepgevroren voedsel.
De maximale hoeveelheid voedsel die in 24 uur kan worden ingevroren wordt aangegeven op het typeplaatje ^1)
Het invriesproces duurt 24 uur: voeg gedurende deze periode niet meer in te vriezen voedsel toe.
6.2 Het bewaren van ingevroren voedsel
Als u het apparaat voor het eerst, of na een periode dat het niet gebruikt is, in-schakelt, moet het apparaat voordat u er producten in plaatst eerst minstens 24 uur werken met de thermostaatknop in de stand.

In het geval van onbedoelde ont-dooiing, bijvoorbeeld als de stroom langer is uitgevallen dan de duur die op de kaart met technische kenmerken onder "maxi-male bewaartijd bij stroomuitval" is vermeld, moet het ontdooide voedsel snel geconsumeerd worden of onmiddellijk bereid worden en dan weer worden ingevroren (nadat het afgekoeld is).
6.3 Het openen en sluiten van het deksel
Omdat het deksel is uitgerust met een strak sluitende afsluiting, is het niet gemakkelijk om hem direct na het sluiten opnieuw te openen (door het vacuum dat aan de binnenkant wordt gevormd). Wacht een paar minuten voordat u het apparaat weer opent. De vacuumklep zal u helpen om het deksel te openen.

WAARSCHUWING!
Trek nooit met grote kracht aan het handvat.
6.4 Low frost System (Anti-rijpsysteem)
Het apparaat is uitgerust met een laag vriessysteem (er bevindt zich een afsluiter in de achterkant aan de binnenzijde van de vriezer) die de vorming van ijs in de vrieskist tot 80 percent vermindert.
6.5 Opslagmanden

text_image
A BHang de manden aan de bovenrand van de vriezer (A) of plaats ze in de vriezer (B). Draai de handvaten voor deze twee posities zoals getoond in de afbeelding en zet ze vast

text_image
230 8066069461061 120113361611De manden schuiven in elkaar De onderstaande afbeeldingen tonen hoe- veel manden in de verschillende vriezer- modellen kunnen worden geplaatst U kunt extra manden kopen bij uw plaat- selijke klantenservice
7. NUTTIGE AANWIJZINGEN EN TIPS
7.1 Tips voor het invriezen
Om u te helpen om het beste van het invriesproces te maken, volgen hier een paar belangrijke tips:
- de maximale hoeveelheid voedsel die in 24 uur ingevroren kan worden. is vermeld op het typeplaatje;
- het invriesproces duurt 24 uur. Voeg gedurende deze periode niet meer in te vriezen voedsel toe;
- vries alleen vers en grondig schoongemaakte levensmiddelen van uitstekende kwaliteit in;
- bereid het voedsel in kleine porties voor, zo kan het snel en volledig worden ingevroren en zo kunt u later alleen die hoeveelheid laten ontdooien die u nodig heeft;
- wikkel het voedsel in aluminiumfolie of plastic en zorg ervoor dat de pakjes luchtdicht zijn;
-
leg vers, nog niet ingevroren voedsel niet tegen het al ingevroren voedsel, om te voorkomen dat dit laatste warm wordt;
-
smalle pakjes zijn makkelijker op te bergen dan dikke; zout maakt voedsel minder lang houdbaar;
- water bevriest, als dit rechtstreeks uit het vriesvak geconsumeerd wordt, kan het aan de huid vastvriezen;
- het is aan te bevelen de invriesdatum op elk pakje te vermelden, dan kunt u zien hoe lang het al bewaard is;
7.2 Tips voor het bewaren van ingevroren voedsel
Om de beste resultaten van dit apparaat te verkrijgen, dient u:
- er zich van te verzekeren dat de commercieel ingevroren levensmiddelen op geschikte wijze door de detailhandelaar werden opgeslagen;
- ervoor te zorgen dat de ingevroren levensmiddelen zo snel mogelijk van de winkel naar uw vriezer gebracht worden;
- het deksel niet vaak te openen of langer open te laten dan strikt noodzakelijk.
- Als voedsel eenmaal ontdooid is, be- derft het snel en kan het niet opnieuw worden ingevroren.
- Bewaar het voedsel niet langer dan de door de fabrikant aangegeven bewaarperiode.
8. ONDERHOUD EN REINIGING

LET OP!
Voordat u welke onderhoudshandeling dan ook verricht, de stekker uit het stopcontact trekken.

Het koelcircuit van dit apparaat bevat koolwaterstoffen; onderhoud en herladen mag alleen uitgevoerd worden door bevoegde technici.
8.1 Periodieke reiniging
- Schakel het apparaat uit.
- Trek de stekker uit het stopcontact.
- Maak het apparaat en toebehoren regelmatig schoon met warm water en neutrale zeep. Maak de afsluiting van het deksel voorzichtig schoon.
- Maak het apparaat volledig droog.
- Steek de stekker in het stopcontact.
- Schakel het apparaat in.

LET OP!
Gebruik geen schoonmaakmiddelen, schuurmiddelen, sterk geparfumeerde schoonmaakproducten of boenwas om de binnenkant van het apparaat schoon te maken.
Voorkom schade aan het koelsysteem.

Het is niet nodig om het compressorgedeelte schoon te maken.
Veel normaal verkrijgbare keukenreinigers bevatten chemicaliën die de kunststoffen die in dit apparaat gebruikt zijn kunnen aantasten/beschadigen. Daarom wordt het aanbevolen de buitenkant van dit apparaat alleen schoon te maken met warm water met een beetje afwasmiddel.
8.2 De vriezer ontdooien
Ontdooi de vriezer wanneer de rijplaag een dikte van ongeveer 10-15 mm bereikt heeft.
Het beste moment om de vriezer te ont-dooien is wanneer deze geen of weinig voedsel bevat.
Volg onderstaande aanwijzingen om de rijp te verwijderen:
- Schakel het apparaat uit.
- Verwijder al het ingevroren voedsel, wikkel het in een paar lagen krantenpapier en leg het op een koele plaats.
- Laat het deksel open, haal de dop van de ontdooiwaterafvoer en vang al het dooiwater op in een bak. Gebruik een schraper om het ijs snel te verwijderen.
- Na afloop van het ontdooien de binnenkant grondig droog maken en de dop terugzetten.
- Schakel het apparaat in.
- Zet de thermostaatknop op de maximale koude en laat het apparaat twee tot drie uur in deze instelling werken.
- Zet het eerder verwijderde voedsel terug in het vriesvak.

Gebruik nooit scherpe metalen gereedschappen om rijp af te schrapen omdat u hiermee het apparaat kunt beschadigen. Gebruik geen mechanische of kunstmatige middelen om het ontdooi-proces te versnellen, behalve die middelen die door de fabrikant zijn aanbevolen. Een temperatuurstijging tijdens het ontdooien van de ingevroren levensmiddelen kan de veilige bewaartijd verkorten.
De hoeveelheid rijp op de wanden van het apparaat wordt vergroot door de hoge mate van vocht in de buitenomgeving en als het voedsel niet goed is verpakt.
8.3 Periodes dat het apparaat niet gebruikt wordt
Als het apparaat gedurende lange tijd niet gebruikt wordt, neem dan de volgende voorzorgsmaatregelen:
- Schakel het apparaat uit.
- Trek de stekker uit het stopcontact.
-
Haal al het voedsel eruit.
-
Ontdooi het apparaat en toebehoren en maak alles schoon.
- Laat het deksel open om onaangename geurtjes te voorkomen.

Als uw apparaat aan blijft staan, vraag dan iemand om het zo nu en dan te controleren, om te voorkomen dat het bewaarde voedsel bederft als de stroom uitvalt.
9. PROBLEMEN OPLOSSEN

LET OP!
Voordat u storingen opspoort, de stekker uit het stopcontact trekken.
Het opsporen van storingen die niet in deze handleiding vermeld zijn, dient te worden verricht door een gekwalificeerd technicus of competent persoon.

Er zijn tijdens de normale werking geluiden te horen (compressor, koelcircuit).
| Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing | ||
| Het apparaat maakt lawaai. | Het apparaat wordt niet goed ondersteund. | Controleer of het apparaat stabiel staat (alle vier de voetjes moeten op de vloer staan). |
| De compressor werkt continu. | De temperatuur is niet goed ingesteld. | Stel een hogere temperatuur in. |
| Het deksel is te vaak geo-pend. | Laat het deksel niet langer open dan nodig is. | |
| Het deksel is niet goed ge-sloten. | Controleer of het deksel goed sluit en dat de pakkin-gen onbeschadigd en schoon zijn. | |
| Er zijn grote hoeveelhedenvoedsel tegelijk in de vrie-zer geplaatst. | Wacht een paar uur en controleer dan nogmaals de temperatuur. | |
| Het voedsel dat in het ap-paraat werd geplaatst was te warm. | Laat voedsel afkoelen tot kamertemperatuur voordat u het opslaat. | |
| De temperatuur van deruimte waarin het apparaat zich bevindt is te hoog voor efficiënte werking. | Probeer de temperatuur in de ruimte waarin het appa-raat staat te verlagen. | |
| Het alarmlampje voor hoge tempera-tuur brandt. | Het is te warm in de vrie-zer. | Raadpleeg "Alarm hoge temperatuur". |
| De kist is kortgeleden aan-gezet en de temperatuur is nog steeds te hoog. | Raadpleeg "Alarm hoge temperatuur". | |
| Er is te veel rijp en ijs. | De producten zijn niet op de juiste wijze verpakt. | Pak de producten beter in. |
| Het deksel is niet goeddicht of niet strak genoeg gesloten. | Controleer of het deksel goed sluit en dat de pakkin-gen onbeschadigd en schoon zijn. | |
| De temperatuur is niet goed ingesteld. | Stel een hogere tempera-tuur in. | |
| De dop van de wateraf-voer bevindt zich niet op de juiste plaats. | Plaats de dop voor de wa-terafvoer op de juiste ma-nier. | |
| Het deksel sluit niet volledig. | Er is overmatige rijp. Verwijder de overmatige rijp. | |
| De pakkingen van het dek-sel zijn vies of plakkerig. | Maak de pakkingen van het deksel schoon. | |
| Het deksel wordt geblok-keerd door voedselverpak-kingen. | Rangschik de verpakkingen op de juiste wijze, zie de sticker in het apparaat. | |
| Het deksel gaat moeilijk open. | De pakkingen van het dek-sel zijn vies of plakkerig. | Maak de pakkingen van het deksel schoon. |
| De klep is geblokkeerd. | Controleer de klep. | |
| Het lampje brandt niet. | Het lampje is stuk. Raadpleeg "Het lampje ver-vangen". | |
| Het is te warm in de vriezer. | De temperatuur is niet goed ingesteld. | Stel een lagere temperatuur in. |
| Het deksel sluit niet strakaf of is niet op de juiste manier gesloten. | Controleer of het deksel goed sluit en dat de pakkin-gen onbeschadigd en schoon zijn. | |
| Het apparaat was voor hetvriezen niet voldoende voorgekoeld. | Laat het apparaat lang ge-noeg voorkoelen. | |
| Er zijn grote hoeveelhedenvoedsel tegelijk in de vrie-zer geplaatst. | Wacht een paar uur en controleer dan nogmaals de temperatuur. Doe de vol-gende keer kleinere hoe-veelheden in te vriezen voedsel per keer in de vrie-zer. | |
| Het voedsel dat in het ap-paraat werd geplaatst was te warm. | Laat voedsel afkoelen tot kamertemperatuur voordat u het opslaat. | |
| In te vriezen producten zijn te dicht bij elkaar ge- plaatst. | Plaats de producten zoda- nig dat koude lucht daar- tussen kan circuleren. | |
| Het deksel is te vaak geo- pend. | Probeer het deksel niet te vaak te openen. | |
| Het deksel is lang open geweest. | Laat het deksel niet langer open dan nodig is. | |
| Het is te koud in de vriezer. | De temperatuur is niet goed ingesteld. | Stel een hogere tempera- tuur in. |
| Het apparaat werkt helemaal niet. De koeling en de ver- lichting werken niet. | De stekker zit niet goed in het stopcontact. | Sluit de stekker goed aan. |
| De stroom bereikt het ap- paraat niet. | Probeer een ander elek- trisch apparaat op het stop- contact aan te sluiten. | |
| Het apparaat staat niet aan. | Schakel het apparaat in. | |
| Er staat geen spanning op het stopcontact (probeer een ander apparaat er op aan te sluiten). | Bel een elektriciën. | |
9.1 Klantenservice
Als het apparaat nog steeds niet naar behoren werkt na uitvoeren van de bovenstaande controles, neem dan contact op met de dichtstbijzijnde klantenservice.
Om snel geholpen te kunnen worden is het van belang dat u het model en serie-nummer van uw apparaat doorgeeft. Deze kunt u vinden op het garantiebewijs of op het typeplaatje aan de rechterkant aan de buitenkant van het apparaat.
9.2 Het lampje vervangen

- Trek de stekker uit het stopcontact.
- Vervang het kapotte lampje door een nieuw lampje met hetzelfde vermogen dat specifiek bedoeld is voor huishoudelijke apparaten. (het maximale vermogen wordt getoond op de afdekking van het lampje)
- Steek de stekker in het stopcontact.
- Open het deksel Controleer of het lampje gaat branden.

WAARSCHUWING!
Verwijder de afdekking van het lampje op het moment van vervangen niet.
Laat de vriezer niet werken als de afdekking van het lampje beschadigd is of ontbreekt.
10. MONTAGE
10.1 Opstelling

WAARSCHUWING!
Wanneer u een oud apparaat met een slot of een vergrendeling op het deksel afvoert, moet u ervoor zorgen dat dit onklaar wordt gemaakt om te voorkomen dat kleine kinderen erin opgesloten raken.

De stekker van het apparaat moet na installatie toegankelijk zijn.
Dit apparaat kan in een droge, goed geventileerde binnenruimte (garage of kelder) geïnstalleerd worden, maar voor de beste prestatie kunt u het apparaat beter installeren op een plaats waar de omgevingstemperatuur overeenkomt met de klimaatklasse die staat aangegeven op het typeplaatje van het apparaat
| Kli-maat-klasse | Omgevingstemperatuur |
| SN +10°C tot + 32°C | |
| N +16°C tot + 32°C | |
| ST +16°C tot + 38°C | |
| T +16°C tot + 43°C | |
10.2 Aansluiting op het elektriciteitsnet
Zorg er vóór het aansluiten voor dat het voltage en de frequentie op het typepla-
11. LAWAAI
Tijdens normaal gebruik hoort u geluiden (compressor, koelmiddelcirculatie).
tje overeenkomen met de stroomtoevoer in uw huis.
Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact. De netsnoerstekker is voorzien van een contact voor dit doel Als het stopcontact niet geaard is, sluit het apparaat dan aan op een afzonderlijk aardepunt, in overeenstemming met de geldende regels, raadpleeg hiervoor een gekwalificeerd elektricien De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden als bovenstaande veiligheidsvoorschriften niet opgevolgd worden.
Dit apparaat voldoet aan de EU-richtlijnen.
10.3 Ventilatievereisten
- Plaats de vriezer in horizontale positie op een stevig oppervlak. De kist moet op alle vier de voetjes staan.
- Zorg ervoor dat de ruimte tussen het apparaat en de achterwand 5 cm is.
- Zorg ervoor dat de ruimte tussen het apparaat en de zijkanten 5 cm is.
De luchtstroom achter het apparaat moet voldoende zijn.

text_image
OK SSSRRR! HISSS! BLUBB! CLICK! BRRR! CRACK!
text_image
SSSRRR! SSSRRR! CLICK! CLICK!
text_image
HISSS! HISSS! BRRR! BRRR!
text_image
BLUBB! BLUBB! CRACK! CR| Afmetingen | Hoogte x Breedte x Diepte (mm): | Overige technische informatie is vermeld op het typeplaatje aan de rechterkant aan de buiten- kant van het apparaat. |
| 876 × 1061 × 665 | ||
| Tijdsduur | 32 uur | |
13. MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool ⚙. Gooi de verpakking in een geschikte
verzamelcontainer om het te recyclen. Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en
elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool ✉ niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.
SOMMAIRE
- INSTRUCTIONS DE SÉCURITÉ 18
- DESCRIPTION DE L'APPAREIL 22
- FONCTIONNEMENT 23
- BANDEAU DE COMMANDE 23
- PREMIÈRE UTILISATION 24
- UTILISATION QUOTIDIENNE 24
- CONSEILS UTILES 25
- ENTRETIEN ET NETTOYAGE 26
- EN CAS D'ANOMALIE DE FONCTIONNEMENT 27
- INSTALLATION 30
- BRUITS 31
- CARACTÉRISTIQUES TECHNIQUES 32