KUMK82F1 - Koelkast NEFF - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KUMK82F1 NEFF in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over KUMK82F1 NEFF
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KUMK82F1 - NEFF en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KUMK82F1 van het merk NEFF.
GEBRUIKSAANWIJZING KUMK82F1 NEFF
[nl] Gebruikershandleiding
KU121..

text_image
1 2 3 4 5 A B1

flowchart
graph TD
A["1"] --> B["3"]
B --> C["64"]
C --> D["52"]
D --> E["2°C"]
E --> F["3°C"]
F --> G["4°C"]
G --> H["6°C"]
H --> I["①"]
2

Raadpleeg de Digitale Gebruikersgids voor meer informatie.

1.1 Algemene aanwijzingen ..... 78
1.2 Bestemming van het apparaat 78
1.3 Inperking van de gebruikers ... 78
1.4 Veiliger transport 78
1.5 Veilige installatie.... 79
1.6 Veilig gebruik.... 80
1.7 Beschadigd apparaat...... 82
2 Het voorkomen van materiële schade 83
3 Milieubescherming en bespa- ring.... 83
3.1 Afvoeren van de verpakking ... 83
3.2 Energie besparen.... 83
4 Opstellen en aansluiten...... 84
4.1 Leveringsomvang 84
4.2 Criteria voor de opstellocatie .. 84
4.3 Apparaat monteren 85
4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden 85
4.5 Apparaat elektrisch aansluiten.... 85
5 Uw apparaat leren kennen...... 85
5.1 Apparaat.... 85
5.2 Bedieningspaneel.... 86
7.1 Apparaat inschakelen.... 87
7.2 Opmerkingen bij het gebruik .. 87
7.3 Machine uitschakelen...... 87
7.4 Temperatuur instellen...... 87
8 Extra functies 87
8.1 Superkoelen 87
8.2 Sabbat-modus 88
9 Alarm.... 88
9.1 Deuralarm.... 88
10 Home Connect 88
10.1 Home Connect app instellen.... 89
10.2 Home Connect instellen..... 89
10.3 Schakel de verbinding met het thuisnetwerk (WiFi) in..... 89
10.4 Schakel de verbinding met het thuisnetwerk (WiFi) uit..... 89
10.5 Update van de Home Connect software installeren ..... 89
10.6 Home Connect instellingen resetten.... 89
10.7 Bescherming persoonsgegevens.... 90
11 Koelvak.... 90
11.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koel-vak.... 90
11.2 Koudezones in het koelvak... 90
11.3 Sticker "OK"...... 91
12 Onderste gedeelte.... 91
12.1 Levensmiddelen bewaren
in het onderste gedeelte ..... 91
13 Ontdooien.... 91
13.1 Ontdooien in het koelvak. ..... 91
14 Reiniging en onderhoud...... 91
14.1 Apparaat voorbereiden
voor reiniging.... 92
14.2 Apparaat schoonmaken...... 92
14.3 De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen.... 92
14.4 Onderdelen eruit halen...... 93
14.5 Apparaatonderdelen de-
monteren 93
15 Storingen verhelpen 94
16 Opslaan en afvoeren.... 96
16.1 Apparaat buiten gebruik stellen 96
16.2 Afvoeren van uw oude apparaat 96
17 Servicedienst.... 96
17.1 Productnummer (E-Nr.), productienummer (FD) en volgnummer (Z-Nr.) 97
19 Conformiteitsverklaring...... 98

1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
■ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
■ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor la-ter gebruik of voor volgende eigenaren.
■ Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Dit apparaat is uitsluitend voor onderbouw bedoeld.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
■ voor het koelen van levensmiddelen.
■ voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
■ tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toe-zicht staan of zijn geïinstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.
Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/diepvriezer vullen en legen.
1.4 Veiliger transport
Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.
▶ Het apparaat niet alleen optillen.
1.5 Veilige installatie
⚠ WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geinstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.
- Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd.
- Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
- Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd.
- Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met warmtebronnen in contact brengen.
Wanneer de ventilatieopeningen van het apparaat zijn gesloten, dan kan bij een lek van het koude circuit een brandbaar gas-lucht-mengsel ontstaan.
- Ventilatieopeningen in de behuizing van het apparaat of in de in-bouwbehuizing niet afsluiten.
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters en netsnoeren gebruiken.
nl Veiligheid
- Wanneer het netsnoer te kort is en er geen langer netsnoer beschikbaar is, neem dan contact op met een elektrospeciaalzaak om de huisinstallatie aan te passen.
Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden.
- Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen niet aan de achterkant van de apparaten plaatsen.
1.6 Veilig gebruik
⚠ WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.
▶ Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid. - Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
▶ Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
▶ Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
Door beschadiging van de koudemiddelkringloop kan brandbaar koudemiddel lekken en exploderen.
- Gebruik voor het versnellen van het ontdooien geen andere mechanische inrichtingen of andere middelen dan diegene die door de fabrikant zijn aanbevolen.
- Maak vastgevroren levensmiddelen met een stomp voorwerp los, bijv. met een steel van een houten lepel.
Producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen kunnen exploderen, bijv. spuitbussen.
▶ Bewaar geen producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen in het apparaat.
Elektrische apparaten binnenin het apparaat kunnen tot een brand leiden, bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders.
- Gebruik geen elektrische apparaten binnenin het apparaat.
Letsel aan de ogen door lekkend brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen.
- De buizen van de koudemiddelkringloop en de isolatie niet beschadigen.
⚠️ VOORZICHTIG – Kans op gevaar voor de gezondheid!
Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van levensmiddelen te voorkomen.
- Wanneer de deur langere tijd wordt geopend, kan dit leiden tot een aanzienlijke temperatuurstijging in de vakken van het apparaat.
- Maak de oppervlakken, die met levensmiddelen en toegankelijke afvoersystemen in contact komen, regelmatig schoon.
- Rauw vlees en vis in geschikte containers in de koelkast dusdanig bewaren dat het niet in contact komt met andere levensmiddelen of op deze drupt.
- Wanneer het koel-/vriesapparaat langere tijd leeg staat, het apparaat uitschakelen, ontdooien, reinigen en de deur open laten, om schimmelvorming te voorkomen.
Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Wanneer zure levensmiddelen in contact komen met aluminium in contact komen, dan kunnen aluminium- nen overdragen naar de levensmiddelen.
▶ Verontreinigde levensmiddelen niet consumeren.
1.7 Beschadigd apparaat
⚠ WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
▶ Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Contact opnemen met de servicedienst. → Pagina 96 Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.
Houd vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat.
▶ Ventileer de ruimte.
▶ Het apparaat uitschakelen. → Pagina 87
- De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
▶ Neem contact op met de service. → Pagina 96
2 Het voorkomen van materiële schade
LET OP!
Door het gebruik van de plint, laden of apparaatdeuren als zitvlak of opstapje kan het apparaat beschadigd raken.
- Niet op de plint, laden of deuren staat of leunen.
Door verontreinigingen met olie of vet kunnen kunststofdelen en deurafdichtingen poreus worden.
- Houd kunststofdelen en deuraf-dichtingen olie- en vetvrij.
Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Bij contact met zuurhoudende levensmiddelen corrodeert en verkleurt het aluminium.
- Levensmiddelen uitsluitend verpakt in het apparaat bewaren.
Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.
- Nooit uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigen.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpak- king
De verpakkingsmaterialen zijn milieu-vriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Keuze van de opstellingslocatie
■ Stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht.
■ Plaats het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen:
- Houd 30 mm afstand aan tot elektrische- of gasfornuizen.
- Houd 300 mm afstand aan tot olie- en kolenfornuizen.
■ Nooit de externe ventilatie-opening afdekken of dicht maken.
Energie besparen bij het gebruik.
Opmerking: De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.
■ Open het apparaat slechts kort en sluit het zorgvuldig.
■ De inwendige ventilatieopeningen of de externe ventilatieroosters nooit afdekken of blokkeren.
■ Transporteer gekoelde levensmiddelen in een koeltas en leg ze snel in het apparaat.
■ Warm voedsel en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen.
■ Leg om de koude van de diepvriesproducten te benutten, deze ter ontdooiing in het koelvak.
■ Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de achterwand.
4 Opstellen en aansluiten
4.1 Leveringsomvang
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.
Neem bij klachten met uw dealer of onze servicedienst → Pagina 96 contact op.
De levering bestaat uit:
■ Onderbouwapparaat
■ Uitrusting en accessoires ^1
■ Montagemateriaal
■ Montagehandleiding
■ Gebruiksaanwijzing
■ Klantenservice overzicht
■ Garantiebijlagé
■ Energielabel
■ Informatie over energieverbruik en geluiden
■ Informatie over Home Connect
4.2 Criteria voor de opstello- catie
⚠️ WAARSCHUWING
Kans op explosie!
Wanneer het apparaat in een te kleine ruimte staat, kan er bij een lek van het koudecircuit een brandbaar gas-luchtmengsel ontstaan.
- Stel het apparaat uitsluitend op in een ruimte, welke tenminste een volume heeft van 1 m ^3 per 8 g koudemiddel. De hoeveelheid van het koudemiddel staat op het typeplaatje. → Fig. 1 / 3
Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 35 bedragen.
De ondergrond moet stabiel genoeg zijn om het gewicht van het apparaat te dragen.
Toegestane ruimtetemperatuur
De toegestane kamertemperatuur is afhankelijk van de klimaatklasse van het apparaat.
De klimaatklasse vindt u op het typeplaatje. → Fig. 1 / 3
| Klimaat-klasse | Toegestane ruimte-temperatuur |
| SN 10 °C...32 °C | |
| N 16 °C...32 °C | |
| ST 16 °C...38 °C | |
| T 16 °C...43 °C | |
Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentemperatuur.
Wanneer u een apparaat van de klimaatklasse SN gebruikt bij lagere kamertemperaturen, dan kunnen beschadigingen aan het apparaat tot een kamertemperatuur van 5 °C worden uitgesloten.
Nismaten
Neem de nisafmetingen in acht als u uw apparaat in de nis inbouwt. Bij afwijkingen kunnen problemen optreden tijdens de installatie van het apparaat.
Nisdiepte
Bouw het apparaat in de aanbevolen nisdiepte van 560 mm in.
Bij een kleinere nisdiepte wordt het energieverbruik iets hoger. De nisdiepte moet minimaal 550 mm bedragen.
Nisbreedte
Voor het apparaat is een binnenbreedte van de meubelnis van minimaal 600 mm noodzakelijk.
Over-and-Under- en Side-by-Side-opstelling
Als u 2 koeltoestellen boven of naast elkaar wilt opstellen, moet u tussen de toestellen minimaal een tussenafstand van 150 mm aanhouden. Voor bepaalde toestellen is een opstelling zonder minimumafstand mogelijk. Neem hiervoor contact op met uw dealer of keukeninstallateur.
4.3 Apparaat monteren

WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Vloeistof in de bedieningselementen kan gevaarlijk zijn.
- Altijd de meegeleverde nisafdekking overeenkomstig meegeleverde montagehandleiding monteren.
- Het apparaat conform meegeleverde montagehandleiding monteren.
4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden
- Haal het informatiemateriaal er uit.
- Verwijder de beschermfolie en transportborgingen, bijv. plakstrips en karton.
- Het apparaat voor de eerste keer reinigen. → Pagina 92
4.5 Apparaat elektrisch aan-sluiten
-
De apparaatstekker van het aansluitsnoer aan het apparaat aansluiten.
-
De netstekker van het aansluit-snoer van het apparaat in een stopcontact in de omgeving van het apparaat steken.
De aansluitgegevens van het apparaat staan op het typeplaatje.
→ Fig. 1/3
-
De netstekker op vastheid controleren.
-
Het temperatuurdisplay toont een animatie en het bedieningspaneel is geblokkeerd.
- Het apparaat is gebruiksklaar wanneer de animatie is afgelopen en een LED van het temperatuurdisplay brandt.
5 Uw apparaat leren kennen
5.1 Apparaat
Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.
Opmerking: Verschillen tussen uw apparaat en de afbeeldingen zijn mogelijk op basis van uitrusting en grootte.
→ Fig. 1
A Koelvak → Pagina 90
B Onderste gedeelte → Pagina 91
1 Bedieningspaneel → Pagina 86
2 Verlichting
3 Typeplaatje → Pagina 97
4 Ventilatierooster aan buitenkant
5 Deurrek voor grote flessen → Pagina 86
5.2 Bedieningspaneel
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
→ Fig. 2
| 1 | schakelt de verbinding met het WiFi thuisnetwerk in of uit. |
| 2 | brandt, wanneer de gebruikersgedefinieerde instellingen via de Home Connect app zijn ingesteld. Meer informatie kunt u vinden in de Home Connect app. |
| 3 | > stelt de temperatuur van het koelvak in. |
| 4 | > brandt wanneer het alarm is ingeschakeld. |
| 5 | brandt, wanneer Superkoe-len is ingeschakeld. |
| 6 | Toont de ingestelde temperatuur van het koelvak in °C. |
| 7 | 1 schakelt het apparaat in of uit. |
6 Uitrusting
De uitrusting van uw apparaat is modelafhankelijk.
6.1 Legplateau
Om de schappen naar wens te variëren, kunt u het schap uitnemen en op een andere positie weer plaatsen.
→ "Plateau verwijderen", Pagina 93
6.2 Deurrekken
Om het deurrek naar behoefte te variëren kunt u het deurrek er uit nemen en op een andere positie weer plaatsen.
→ "Deurrek verwijderen", Pagina 93
6.3 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd. De accessoires van het apparaat zijn afhankelijk van het model.
Eierplateau
Bewaar eieren veilig op het eierplateau.
Flessenhouder
De flessenhouder voorkomt dat fles- sen bij het openen en sluiten van de apparaatdeur kantelen.
→ Fig. 3
Flessenhouder verwijderen
- Deurrek voor grote flessen verwijderen. → Pagina 93
- De flessenhouder voor de achterwand van het deurrek voor grote flessen eerst links ①en vervolgens rechts ②losmaken, en tot slot de flessenhouder schuin naar boven verwijderen ③
→ Fig. 4
- Het apparaat elektrisch aansluiten. → Pagina 85
Opmerking: Wanneer het apparaat eerder via het bedieningspaneel werd uitgeschakeld, ①3 seconden ingedrukt houden.
- Het temperatuurdisplay toont een animatie en het bedieningspaneel is geblokkeerd.
- Het apparaat is gebruiksklaar wanneer de animatie is afgelopen en een LED van het temperatuurdisplay brandt.
√ Het apparaat begint te koelen. - De gewenste temperatuur instellen. → Pagina 87
7.2 Opmerkingen bij het gebruik
■ Wanneer u het apparaat heeft ingeschakeld, duurt het tot enkele uren voordat de ingestelde temperatuur wordt bereikt.
Plaats geen levensmiddelen in het apparaat voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.
■ Wanneer u de deur sluit, kan een onderdruk ontstaan. De deur gaat dan alleen moeilijker open. Wacht een ogenblik tot de onderdruk wordt gecompenseerd.
■ De temperatuur in het apparaat varieert door de volgende condities:
- Het aantal keer dat het apparaat wordt geopend
- Beladingshoeveelheid
- Temperatuur van de vers opge- slagen levensmiddelen
- Omgevingstemperatuur
- Direct instralend zonlicht
7.3 Machine uitschakelen
▶ ①3 Seconden ingedrukt houden.
7.4 Temperatuur instellen Koelvaktemperatuur instellen
- Druk net zo vaak op >, totdat de temperatuuraanduiding de gewenste temperatuurinstelling weergeeft.
De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4 °C.
→ "Sticker "OK" ", Pagina 91
8 Extra functies
Kom te weten over welke instelbare extra functies uw apparaat beschikt. Via de Home Connect app kunnen andere aanvullende functies worden ingesteld.
8.1 Superkoelen
Bij het Superkoelen koelt het koelvak zo koud mogelijk.
Schakel Superkoelen in voor het bewaren van grote hoeveelheden levensmiddelen in het koelvak.
Opmerking: Als Superkoelen is ingeschakeld, kan er meer geluid ont-staan.
Superkoelen inschakelen
- Zo vaak op > drukken tot ✉ brandt.
Opmerking: Na ca. 15 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.
Superkoelen uitschakelen
- Zo vaak op >drukken tot de gewenste temperatuur op het temperatuurdisplay wordt toont.
8.2 Sabbat-modus
Opdat u het apparaat ook op sabbat kunt gebruiken, schakelt de Sabbatmodus alle niet absoluut benodigde functies uit.
Tijdens de Sabbat-modus zijn de volgende functies uitgeschakeld:
■ Superkoelen
- Alarm
■ Binnenverlichting
■ Akoestische signalen
■ Meldingen op het bedieningspaneel
Opmerking: Tijdens de Sabbat-modus is de verlichting van het bedieningspaneel gedimd.
Sabbat-modus inschakelen
-
15 seconden ingedrukt houden, totdat een tweede akoestische signaal klinkt.
brandt.
Opmerking: Na ca. 80 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.
Sabbat-modus uitschakelen
- >15 seconden ingedrukt houden, totdat een tweede akoestische signaal klinkt.
9 Alarm
9.1 Deuralarm
Als de deur van het apparaat langere tijd open staat wordt het deuralarm ingeschakeld.
Er klinkt een waarschuwingssignaal en >brandt.
Na 10 minuten knippert de binnen-verlichting.
Deuralarm uitschakelen
- De apparaatdeur sluiten of op> drukken.
√ Het waarschuwingssignaal is uitgeschakeld.
10 Home Connect
Dit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uw apparaat met een mobiel eindapparaat om functies te kunnen bedienen via de Home Connect app te bedienen.
De Home Connect diensten zijn niet in elk land beschikbaar. De beschikbaarheid van de functie Home Connect is afhankelijk van de beschikbaarheid van de Home Connect diensten in uw land. Informatie hierover vindt u op: www.home-connect.com.
Om Home Connect te kunnen gebruiken, dient u eerst de verbinding met het WLAN-thuisnetwerk (Wi-Fi ^1 ) en met de Home Connect app te configureren.
Na het inschakelen van het apparaat ten minste 3 minuten wachten tot de interne initialisatie van het apparaat is voltooid. Configureer pas dan Home Connect.
De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces. Volg de aanwijzingen in de Home Connect app om de instellingen aan te brengen.
Tip: Neem ook de aanwijzingen in de Home Connect app in acht.
Opmerkingen
■ Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook worden
nageleefd wanneer u het apparaat via de Home Connect app bedient. → "Veiligheid", Pagina 78
■ De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Home Connect app niet mogelijk.
- Installeer de Home Connect app op het mobiele eindapparaat.
- De Home Connect app starten en de toegang voor Home Connect instellen. De Home Connect app leidt u door het gehele aanmeldingsproces.
10.2 Home Connect instellen
Vereisten
■ De Home Connect app is op het mobiele eindapparaat geïnstalleerd.
■ Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ontvangst van het thuisnetwerk (wifi).
- De Home Connect app openen en de volgende QR-code scannen.

text_image
RFSM0Z01- De aanwijzingen van de Home Connect app opvolgen.
10.3 Schakel de verbinding met het thuisnetwerk (WiFi) in
▶ Op 📤drukken.
10.4 Schakel de verbinding met het thuisnetwerk (WiFi) uit
▶ Op 📤drukken.
10.5 Update van de Home Connect software installeren
Opmerking: Wanneer een update van de Home Connect software beschikbaar is, dan verschijnt een melding in de Home Connect app.
- Volg om de update van de Home Connect software te installeren, de aanwijzingen in de Home Connect app op.
√ Tijdens de installatie is het bedie-ningspaneel deels geblokkeerd.
10.6 Home Connect instellingen resetten
Als het tot verbindingsproblemen van uw apparaat met uw thuisnetwerk (WiFi) komt of als u uw apparaat in een ander thuisnetwerk (WiFi) wilt aanmelden, kunt u de Home Connect instellingen terugzetten.
▶ 6 seconden ingedrukt houden, totdat dooft.
√ De Home Connect instellingen zijn gereset.
10.7 Bescherming persoons- gegevens
Neem de aanwijzingen m.b.t. de bescherming van de persoonsgegevens in acht.
Wanneer uw apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een thuisnetwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie):
■ Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaat-sleutels en het MAC-adres van de ingebouwde WiFi communicatiemodule).
■ Veiligheidscertificaat van de WiFi-communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).
■ De actuele software- en hardware-versie van uw huishoudapparaat.
■ Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.
Opmerking: Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.
11 Koelvak
In het koelvak kunt u vlees, worst, vis, melkproducten, eieren, bereide gerechten en brood en banket bewaren.
De temperatuur is van 2 °C tot 6 °C instelbaar.
Door de koelopslag kunt u ook licht bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe lager de gekozen temperatuur is, des te langer blijven de levensmiddelen vers.
11.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak
■ Alleen verse en onbeschadigde levensmiddelen inruimen.
■ Bewaar de levensmiddelen lucht-dicht verpakt of afgedekt.
- Om de luchtcirculatie niet te hinderen en het bevriezen van levensmiddelen te vermijden, de levensmiddelen niet direct tegen de achterwand plaatsen.
■ Laat warme etenswaren en dranken eerst afkoelen.
■ Houd de door de fabrikant vermelde houdbaarheidsdatum of gebruiksdatum in acht.
11.2 Koudezones in het koel- vak
Door de luchtcirculatie in et koelvak ontstaan verschillende koudezones.
Koudste zone
De koudste zone is tussen de op de zijkant gestempelde pijl en het eronder liggende legplateau.
Tip: Bewaar snel bedervende levensmiddelen in de koudste zone, bijv. vis, worst en vlees.
Warmste zone
De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.
Tip: Bewaar minder gevoelige levensmiddelen in de warmste zone, bijv. harde kaas en boter. Hierdoor komt het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de boter smeerbaar.
11.3 Sticker "OK"
Met de sticker OK kunt u controleren of in het koelvak de voor de levensmiddelen aanbevolen veilige temperatuurbereiken van +4°C of kouder bereikt zijn.
De sticker OK wordt niet bij alle modellen meegeleverd.
Wanneer de sticker OK niet weergeeft, dan de temperatuur stapsgewijze verlagen.
→ "Koelvaktemperatuur instellen", Pagina 87
Na ingebruikneming van het apparaat kan het tot wel 12 uur duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.

Correcte instelling
12 Onderste gedeelte
In het onderste gedeelte kunt u net zulke levensmiddelen bewaren als in het koelvak.
De temperatuur van het onderste ge- deelte komt overeen met die van de rest van het koelvak. → Pagina 90
12.1 Levensmiddelen bewaren in het onderste ge-deelte
- Om levensmiddelen in het onderste gedeelte te bewaren, de afdekking boven het onderste gedeelte naar achteren schuiven.
$$ \rightarrow \text { Fig. } \boxed {5} $$
13 Ontdooien
13.1 Ontdooien in het koel- vak.
Tijdens het gebruik vormen zich op de achterwand van het koelvak afhankelijk van de werking waterdruppels of rijp. De achterwand van het koelvak ontdooit automatisch.
Het dooiwater loopt via de dooiwater-goot in het afvoergat naar de verdampingsschaal en hoeft niet worden afgeveegd.
Neem de volgende informatie in acht om ervoor te zorgen dat dooiwater kan weglopen en geurvorming wordt vermeden: De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen → Pagina 92.
14 Reiniging en onder- houd
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
De reiniging van ontoegankelijke plaatsen moet door de servicedienst worden uitgevoerd. Aan de reiniging door de servicedienst kunnen kosten verbonden zijn.
14.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging
- Het apparaat uitschakelen.
→ Pagina 87 - Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen. - Alle levensmiddelen eruit halen en op een koele plaats bewaren.
Indien beschikbaar koelementen op de levensmiddelen leggen. - Als een rijplaag voorhanden is, deze laten ontdooien.
- Verwijder alle uitrustingsdelen en accessoires uit het apparaat.
→ Pagina 93
14.2 Apparaat schoonmaken
⚠ WAARSCHUWING Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedruk-reiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Vloeistof in de verlichting of in de bedieningselementen kan gevaarlijk zijn.
- Het afwaswater mag niet in de verlichting of in de bedieningselementen terechtkomen.
LET OP!
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Geen harde schuur- of afwas-sponsjes gebruiken.
- Geen scherpe of schurende reini-gingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
Wanneer vloeistof in het afvoergat komt, kan de verdampingsschaal overstromen.
- Het sop mag niet in het afvoergat komen.
Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren. -
Nooit uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigen.
-
Apparaat voorbereiden voor reiniging. → Pagina 92
- Het apparaat, de uitrustingsdelen, de accessoires en de deurafdichtingen met een vaatdoek, lauw water en een beetje pH-neutraal af-wasmiddel reinigen.
- Met een zachte, droge doek grondig nadrogen.
- De uitrustingsdelen plaatsen.
- Het apparaat elektrisch aansluiten. → Pagina 85
- Doe de levensmiddelen in het apparaat.
14.3 De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen.
Reinig de dooiwatergoot en het afvoergat regelmatig, om ervoor te zorgen dat het dooiwater kan weglopen.
-
Het plateau boven het onderste gedeelte verwijderen.
→ Pagina 93 -
Reinig de dooiwatergoot en het afvoergat voorzichtig, bijv. met een wattenstaafje.
→ Fig. 6
14.4 Onderdelen eruit halen
Neem wanneer u de uitrustingsdelen grondig wilt reinigen deze uit het apparaat.
Plateau verwijderen
- Het plateau aan de voorzijde opti-
len ① er uit trekken en verwijde-
ren ②
→ Fig. 7
Deurrek verwijderen
- Het deurrek omhoog tillen en verwijderen.
→ Fig. 8
14.5 Apparaatonderdelen de- monteren
Als u uw apparaat grondig wilt reinigen, kunt u bepaalde onderdelen uit uw apparaat demonteren.
Afdekking boven het onderste gedeelte verwijderen
- Deurrek voor grote flessen verwijderen. → Pagina 93
- De afdekking boven het onderste gedeelte tot de aanslag er uit trekken ① over de aanslag tillen ② en naar onderen er uit zwenken ③
→ Fig. 9
15 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
Storing Oorzaak en probleemoplossing
| Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden. | Het presentatielicht is ingeschakeld.1. Koppel het apparaat los van de voedingspanning.Haal stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit.2. Wacht 2 minuten.3. Sluit het apparaat opnieuw aan. → Pagina 854. Houd >ingedrukt, tot 4 akoestische signalen heb-ben geklonken.5. Controleer na korte tijd of uw apparaat koelt. |
| LED-verlichting functi-oneert niet. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk.► Neem contact op met de servicedienst.Het nummer van de servicedienst vindt u in het bij-gevoegde overzicht van servicediensten. |
| Home Connect functi-oneert niet correct. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk.► Ga naar www.home-connect.com. |
| Het alarmsignaal is te horen.Het deuralarm is ingeschakeld. | Deur van het apparaat is open.► Sluit de deur van het apparaat. |
Storing Oorzaak en probleemoplossing
| Temperatuur wijkt erg af van de instelling. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk.1. Schakel het apparaat uit. → Pagina 872. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in. → Pagina 87- Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur opnieuw.- Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag opnieuw. |
| Bodem van het koel-vak is nat. | De dooiwatergoot of het afvoergat is verstopt.► De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen. → Pagina 92 |
| Het apparaat borrelt, zoemt of gorgelt of klikt. | Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator. Er stroomt koudemiddel door de buizen.Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in-of uit.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
| Apparaat produceert geluiden. | Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen.► Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat. |
| Flessen of containers raken elkaar.► Haal flessen of containers van elkaar. |
16 Opslaan en afvoeren
16.1 Apparaat buiten gebruik stellen
- Het apparaat uitschakelen.
→ Pagina 87 - Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen. - Alle levensmiddelen verwijderen.
- Het apparaat ontdooien.
→ Pagina 91 - Het apparaat reinigen.
→ Pagina 92 - Om de ventilatie van het interieur te waarborgen het apparaat geopend laten.
16.2 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
⚠️ WAARSCHUWING
Kans op gevaar voor de gezondheid!
Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar gera- ken.
- Om te voorkomen dat kinderen in het apparaat kruipen legplateaus en lades niet uit het apparaat nemen.
- Kinderen uit de buurt van een afgedankt apparaat houden.
Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.
- De buizen van de koudemiddelkringloop en de isolatie niet beschadigen.
- De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- Het netsnoer doorknippen.
- Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
17 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel
brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantie- voorwaarden gratis. De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar in overeenstemming met de geldende plaatselijke garanti- voorwaarden. De garantievoor- waarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft.
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.), het productienummer (FD) en het volgnummer (Z-Nr.) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de service- dienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.
17.1 Productnummer (E-Nr.), productienummer (FD) en volgnummer (Z-Nr.)
Het productnummer (E-Nr.), het productienummer (FD) en het volgnummer (Z-Nr.) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
→ Fig. 1 / 3
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.
→ Fig. 1 / 3
Dit product bevat een lichtbron van energieklasse F. De lichtbron is leverbaar als reserveonderdeel en mag uitsluitend door een hiervoor getrainde monteur worden vervangen. Meer informatie over uw model vindt u op het internet onder https://eprel.ec.europa.eu/¹. Dit webadres verwijst naar de officiële EU-product-databank EPREL. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.
18.1 Informatie over vrije software en opensource-software
Dit product bevat softwarecomponenten die door de houders van de intellectuele eigendom als vrije software of opensourcesoftware zijn gelicenti-eerd.
De informatie over de betreffende licentie is in het huishoudapparaat opgeslagen. Daarnaast kunt u deze licentie-informatie via de Home Connect app raadplegen: 'Profiel -> Juri-
nl Conformiteitsverklaring
dische informatie -> Licentie-informatie'.¹ Verder kunt u de licentie-informatie downloaden via de productwebsite. (Zoek daarvoor op de productwebsite naar uw apparaatmodel en de bijbehorende documentatie.) In plaats daarvan kunt u de betreffende informatie ook aanvragen via ossrequest@bshg.com of BSH Hausgeräte GmbH, Carl-Wery-Str. 34, D-81739 München. De broncode wordt u op verzoek ter beschikking gesteld. Zend een daartoe strekkend verzoek naar ossrequest@bshg.com of BSH Hausgeräte GmbH, Carl-Wery-Str. 34, D-81739 München. Onderwerp: „OSSREQUEST“ De kosten voor de afhandeling van uw verzoek worden u in rekening gebracht. Dit aanbod geldt gedurende drie jaar vanaf de datum van aankoop of ten minste gedurende de periode waarin wij support en reserve-onderdelen voor het betreffende apparaat bieden.
2,4-GHz-band (2400–2483,5 MHz): max. 100 mW 5-GHz-band (5150–5350 MHz + 5470–5725 MHz): max. 150 mW
19 Conformiteitsverkla- ring
Hierbij verklaart BSH Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de fundamentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de Richtlijn 2014/53/EU. Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder www.neff-home.com op de productpagina van uw apparaat bij de aan-vullende documenten.

| BE BG CZ DK DE EE IE el ES | |||||||
| FR HR IT CY LI LV LT LU HU | |||||||
| MT NL AT PL PT RO SI SK FI | |||||||
| SE NO CH TR IS UK (NI) | |||||||
| 5 GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis. | |||||||
| AL | GA | MD | ME | MK | RS | UK | UA |
| 5 GHz WLAN (WiFi): alleen voor het gebruik binnenshuis. | |||||||
