OAG7M28XEW - Vriezer AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis OAG7M28XEW AEG in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over OAG7M28XEW AEG
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vriezer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding OAG7M28XEW - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. OAG7M28XEW van het merk AEG.
GEBRUIKSAANWIJZING OAG7M28XEW AEG
NL Gebruiksaanwijzing | Vriezer 2
Welkom bij AEG! Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebt gekozen.

Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:
www.aeg.com/support
Wijzigingen voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
- VEILIGHEIDSINFORMATIE....2
- VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN....4
- INSTALLEREN....6
- BEDIENING....9
- DAGELIJKS GEBRUIK.... 11
- TIPS EN ADVIES.... 13
- ONDERHOUD EN REINIGING....14
- PROBLEEMOPLOSSING.... 15
- GELUIDEN....17
- TECHNISCHE GEGEVENS....18
- INFORMATIE VOOR TESTINSTITUTEN.... 18
- MILIEUBESCHERMING....18
1. AVEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen in de leeftijd van 3 tot 8 jaar en personen met zeer uitgebreide en complexe beperkingen mogen het apparaat in- en
2 NEDERLANDS
uitladen op voorwaarde dat ze de juiste instructies hebben gekregen. Kinderen jonger dan 3 jaar dienen, tenzij zijn voortdurend onder toezicht staan, bij het apparaat uit de buurt te worden gehouden.
- Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zij gaan spelen met het apparaat.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
1.2 Algemene veiligheid
- Dit apparaat is alleen bedoeld voor het bewaren van voedsel en dranken.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt.
- Neem de volgende instructies in acht om besmetting van voedsel te voorkomen:
– open de deur niet gedurende lange perioden;
– reinig regelmatig oppervlakken die in contact kunnen komen met voedsel en toegankelijke afwateringssystemen;
- WAARSCHUWING: Houd de ventilatieopeningen vrij van obstructies. Dit geldt zowel voor losstaande als ingebouwde modellen.
- WAARSCHUWING: Gebruik geen mechanische apparaten of andere middelen om het ontdooiproces te versnellen, behalve de middelen die door de fabrikant worden aanbevolen.
-
WAARSCHUWING: Beschadig het koelcircuit niet.
-
WAARSCHUWING: Gebruik geen elektrische apparaten in de bewaarvakken van het apparaat, tenzij dit het type is dat door de fabrikant wordt aanbevolen.
- Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
- Reinig het apparaat met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale reinigingsmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
- Als het apparaat lange tijd leeg is, schakel het dan uit, ontdooi, reinig en droog het en laat de deur open om te voorkomen dat er schimmel in het apparaat ontstaat.
- Bewaar geen explosieve stoffen zoals spuitbussen met een ontvlambaar drijfgas in dit apparaat.
- Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, een erkende serviceverlener of vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen.
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installeren

WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
- Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
- Zorg ervoor dat rondom het apparaat de lucht vrij kan circuleren.
-
Bij de eerste installatie of na het omdraaien van de deur moet u minstens 4 uur wachten voordat u het apparaat op de stroom aansluit. Dit is om de olie terug te laten stromen in de compressor.
-
Trek de stekker uit het stopcontact voordat u handelingen aan het apparaat uitvoert (bijv. het omdraaien van de deur).
- Installeer het apparaat niet in de buurt van radiatoren of fornuizen, ovens of kookplaten, tenzij anders aangegeven in de installatie-instructies.
- Stel het apparaat niet bloot aan regen.
- Installeer het apparaat niet als er direct zonlicht is.
- Installeer dit apparaat niet in ruimtes die te vochtig of te koud zijn.
- Als je het apparaat verplaatst, til het dan op aan de voorrand, om krassen op de vloer te voorkomen.
2.2 Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
4 NEDERLANDS

WAARSCHUWING!
Zorg er bij het plaatsen van het apparaat voor dat het stroomsnoer niet klem zit of wordt beschadigd.

WAARSCHUWING!
Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
- Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
- Gebruik altijd een juist geïnstalleerd schokbestendig stopcontact.
- Zorg ervoor dat de elektrische onderdelen (bijv. stekker, netsnoer, compressor) niet beschadigd raken. Neem contact met de Bevoegde Servicedienst of een elektricien om de elektrische onderdelen te wijzigen.
- Het netsnoer moet onder het niveau van de stekker blijven.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
- Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
2.3 Gebruik

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.

Het apparaat bevat ontvlambaar gas, isobutaan (R600a), een aardgas met een hoge ecologische compatibiliteit. Zorg ervoor dat u het koelcircuit dat isobutaan bevat, niet beschadigt.
- De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
- Zet geen elektrische apparaten (bijv. ijsvormers) in het apparaat, tenzij dit van toepassing is op de fabrikant.
- Als er schade optreedt aan het koelcircuit, zorg er dan voor dat er geen vlammen en
ontstekingsbronnen in de kamer aanwezig zijn. Ventileer de kamer.
- Laat geen hete voorwerpen de kunststof onderdelen van het apparaat aanraken.
- Zet geen frisdranken in het vriesvak. Hierdoor ontstaat er druk op de drankverpakking.
- Bewaar geen ontvlambare gassen en vloeistoffen in het apparaat.
- Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
- Raak de compressor of de condensator niet aan. Ze zijn heet.
- Verwijder of raak geen voorwerpen uit het vriesvak als je handen nat of vochtig zijn.
• Vries voedsel dat ontdooid is niet opnieuw in. - Bewaar de voedingswaren volgens de instructies op de verpakking.
- Wikkel het voedsel in eender welk contactmateriaal voor voedsel alvorens het in het vriesvak te plaatsen.
- Zorg dat er geen voedsel in contact komt met de binnenwanden van de compartimenten van het apparaat.
2.4 Binnenverlichting

WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrische schokken.
- Dit product bevat een of meer lichtbronnen van energie-efficiëntieklasse F.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
2.5 Onderhoud en reiniging

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht.
- Het koelcircuit van dit apparaat bevat koolwaterstoffen. Enkel bevoegde personen mogen de eenheid onderhouden en herladen.
- Controleer regelmatig de afvoer van het apparaat en reinig het indien nodig. Indien de afvoer verstopt is, zal er water op de bodem van het apparaat liggen.
2.6 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Houd er rekening mee dat zelfreparatie of niet-professionele reparatie gevolgen kan hebben voor de veiligheid en de garantie kan doen vervallen.
- De volgende reserveonderdelen zullen gedurende 7 jaar nadat het model niet meer verkrijgbaar is verkrijgbaar zijn: thermostaten, temperatuursensoren, printplaten, lichtbronnen, deurgrepen, deurscharnieren, platen en mandjes. Houd er rekening mee dat sommige van deze
reserveonderdelen alleen beschikbaar zijn voor professionele reparateurs en dat niet alle reserveonderdelen relevant zijn voor alle modellen.
- Deurpakkingen zijn beschikbaar tot 10 jaar nadat het model is stopgezet.
2.7 Verwijdering

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Haal de stekker uit het stopcontact.
- Snij het netsnoer van het apparaat af en gooi dit weg.
- Verwijder de deur om te voorkomen dat kinderen en huisdieren opgesloten raken in het apparaat.
- Het koelcircuit en de isolatiematerialen van dit apparaat zijn ozonvriendelijk.
- Het isolatieschuim bevat ontvlambare gassen. Neem contact met uw plaatselijke overheid voor informatie m.b.t. correcte afvalverwerking van het apparaat.
- Veroorzaak geen schade aan het deel van de koeleenheid dat zich naast de warmtewisselaar bevindt.
3. INSTALLEREN

WAARSCHUWING!
Zie de hoofdstukken over veiligheid.
3.1 Afmetingen

text_image
H1 H2
text_image
D1 W1
text_image
D2 W2
text_image
W3
text_image
90° D3Totale afmetingen ^1
| H1 mm 1860 |
| W1 mm 595 |
| D1 mm 650 |
^1 de hoogte, breedte en diepte van het apparaat zijn exclusief de handgreep
Benodigde ruimte tijdens gebruik ^2
| H2 mm 1900 |
| W2 mm 600 |
| D2 mm 718 |
^2 de hoogte, breedte en diepte van het apparaat inclusief de handgreep, plus de ruimte die nodig is voor vrije circulatie van de koellucht
Totale benodigde ruimte in gebruik ^3
| H2 mm 1900 |
| W3 mm 649 |
| D3 mm 1224 |
^3 de hoogte, breedte en diepte van het apparaat inclusief de handgreep, plus de ruimte die nodig is voor vrije circulatie van de koellucht, plus de ruimte die nodig is om de deur te openen tot de minimale hoek waarbij de volledige inhoud kan worden uitgenomen.
3.2 Locatie
Dit apparaat is niet bedoeld om te worden gebruikt als een ingebouwd apparaat.
Wanneer het apparaat op een andere manier dan vrijstaand wordt geïnstalleerd, met inachtneming van de ruimte die nodig is voor de gebruiksaftmetingen, zal het apparaat
correct functioneren, maar het energieverbruik kan licht toenemen.
Installeer het apparaat niet in de buurt van een warmtebron (oven, kachels, radiatoren, fornuizen of kookplaten) of op een plek met direct zonlicht om de beste functionaliteit van het apparaat te garanderen. Zorg ervoor dat lucht vrij kan circuleren rond de achterkant van de kast.
Dit apparaat moet op een droge, goed geventileerde plaats binnenshuis worden geïnstalleerd.
Als het apparaat onder een hangende wandkast wordt geplaatst, moet een minimale afstand tussen de bovenkant van het apparaat en de wandkast worden aangehouden om optimale prestaties te kunnen garanderen. In het ideale geval dient het apparaat echter niet onder hangende wandkasten worden geplaatst. Met de verstelbare pootjes onder het apparaat zorgt u ervoor dat het apparaat waterpas staat.

LET OP!
Als u het apparaat tegen de wand plaatst, maak dan gebruik van de meegeleverde afstandhouders of houd rekening met de minimumafstand die in de installatie-instructies wordt aangegeven.

LET OP!
Als u het apparaat met de zijkant tegen een wand installeert, raadpleeg dan de installatie-instructies zodat u weet wat de minimale afstand moet zijn tussen de wand en de zijkant van het apparaat waar de deurscharnieren zijn. Dit is om voor voldoende ruimte te zorgen voor het openen van de deur als de interne apparatuur moet worden verwijderd (bijv. bij reiniging).
Dit apparaat is bedoeld voor gebruik bij een omgevingstemperatuur variërend van 10°C tot 43°C.

De juiste werking van het apparaat kan enkel worden gegarandeerd bij het opgegeven temperatuurbereik.

Mocht je vragen hebben over de plek waar je het apparaat moet installeren, neem dan contact op met de leverancier, de klantenservice of het dichtstbijzijnde bevoegde servicecentrum.

Het moet mogelijk zijn om het apparaat van de hoofdstroomtoevoer af te halen. De stekker moet daarom na de installatie gemakkelijk toegankelijk zijn.
3.3 Elektrische aansluiting
- Controleer, voordat je de stekker in het stopcontact steekt, of de spanning en frequentie die op het typeplaatje staan overeenkomen met je huishoudelijke voeding.
- Het apparaat moet geaard zijn. De stekker van de voedingskabel is hiervoor voorzien van een contact. Als het stopcontact voor huishoudelijk gebruik niet geaard is, sluit je het apparaat aan op een aparte aarding in overeenstemming met de huidige voorschriften. Raadpleeg hiervoor een gekwalificeerde elektricien.
- Indien de bovenstaande veiligheidsmaatregelen niet in acht worden genomen, wijst de fabrikant alle verantwoordelijkheid van de hand.
3.4 Waterpas zetten
Zorg ervoor dat het apparaat bij het plaatsen waterpas staat. Dit kan worden gedaan met behulp van twee verstelbare pootjes aan de onderkant aan de voorzijde.
3.5 Afstandhouders achter
In de zak met de documentatie bevinden zich twee afstandsstukken die moeten worden aangebracht, zoals weergegeven in de afbeelding.
Als je het apparaat in een vrijstaande installatie tegen een muur plaatst, installeer dan de achterste afstandhouders om de minimaal mogelijke afstand voor luchtcirculatie te garanderen.

Raadpleeg het afzonderlijke document met instructies voor installatie en omdraaien van de deur.

LET OP!
Bedek tijdens iedere fase van het omdraaien van de deur de vloer met een duurzaam materiaal, om krassen te voorkomen.
3.7 Gemakkelijk te openen
De koellucht trekt zich samen in het apparaat en veroorzaakt zuigkracht, waardoor het
moeilijk wordt om de deur te openen. Om het openen van het apparaat te vergemakkelijken, gebruik je een zelfklevende bovenlaag van de zak met documentatie.
De bovenlaag installeren:
- Verwijder de voering van de achterkant van de bovenlaag.
- Plak de bekleding op het frame aan de onderkant van het apparaat, op een afstand van minimaal 60 mm tot 100 mm van het scharnier.

text_image
60-100 mm
Houd de bovenlaag uit de buurt van kinderen. Gevaar van inslikken.
4. BEDIENING
4.1 Bedieningspaneel

text_image
1 2 3 -16 -18 -20 -22 -241 Knop voor temperatuurregeling
2 Super Freeze-indicatielampje
3 Alarmindicatielampje
4 Controlelampjes temperatuur
4.2 In- en uitschakelen
Steek de stekker in het wandstopcontact om het apparaat in te schakelen.

Als het apparaat voor de eerste keer wordt ingeschakeld, kan de binnenverlichting na een vertraging van één minuut vanwege openingstesten gaan branden.
Haal de stekker uit het stopcontact om het apparaat uit te schakelen.
4.3 Temperatuurregeling
De aanbevolen standaardtemperatuur is:
- -18°C voor de vriezer.
Het temperatuurbereik kan variëren tussen -16°C en -24°C.
Om de temperatuur van het apparaat in te stellen, druk je herhaaldelijk op de temperatuurregeltoets totdat je de gewenste temperatuur van het vak bereikt.
Houd er bij het instellen rekening mee dat de temperatuur in het apparaat afhankelijk is van:
- de omgevingstemperatuur;
- hoe vaak de deur wordt geopend;
- de hoeveelheid voedsel die wordt bewaard;
- de locatie van het apparaat. Een gemiddelde instelling is over het algemeen optimaal.
De temperatuurlampjes tonen de ingestelde temperatuur.

De ingestelde temperatuur wordt binnen 24 uur bereikt.
4.4 Hoge temperatuur-alarm

Het alarm wordt geactiveerd wanneer je het apparaat voor de eerste keer aansluit.
Het alarm wordt geactiveerd als de temperatuur in het apparaat te hoog is.
Tijdens het alarm:
• de alarmindicator knippert,
- het etmperatuurindicator -24 knippert,
- het akoestische alarm piept.
Het alarm uitschakelen
- Druk op een toets op het bedieningspaneel om het alarm te deactiveren. Het alarmlampje brandt totdat de temperatuur is hersteld.
- Alarmpiepen wordt na 1 uur automatisch uitgeschakeld. Alarmindicator knippert en temperatuurindicator -24 knippert.
- Als het apparaat weer op de ingestelde temperatuur is, gaan de alarmpieptoon. Controleer of het voedsel erin niet is bedorven of ontdooid. Zo ja, raadpleeg dan het gedeelte "Ontdooien".

Raadpleeg het gedeelte "Temperatuurregeling" om de temperatuur van het apparaat in te stellen.
4.5 Super Freeze-functie
De Super Freeze-functie wordt gebruikt voor het voorvriezen en snel invriezen in volgorde van het vriesvak. Het versnelt het invriezen van vers voedsel en beschermt tegelijkertijd voedsel dat reeds is opgeslagen tegen ongewenste opwarming.

Activeer om vers voedsel in te vriezen de Super Freeze-functie ten minste 3 uur voordat je het voedsel erin plaatst om het voorvriezen te voltooien.
Om deze functie in te schakelen, druk je herhaaldelijk op de temperatuurregelknop totdat het Super Freeze-indicatielampje verschijnt.
Deze functie stopt automatisch na 24 uur.
Je kunt de Super Freeze-functie uitschakelen voordat deze automatisch wordt beëindigd door de procedure te herhalen totdat het Super Freeze-lampje uit gaat of door een andere ingestelde temperatuur van het vriesvak te selecteren.
4.6 Alarmsignaal
In geval van problemen met de koeling, stroomuitval of aanzienlijke temperatuurveranderingen in uw apparaat, gaat het alarmlampje rood branden en is het geluid aan.

Het alarm kan gaan branden wanneer je het apparaat voor de eerste keer aansluit.
Raadpleeg het hoofdstuk
"Probleemoplossing" voor meer mogelijke oorzaken van het activeren van het alarm en oplossingen voor het uitschakelen ervan.
4.7 Standby-modus
Activeer de Standby-modus om de functie / vriezen uit te schakelen en zo het energieverbruik van het apparaat te verlagen.
Om de Standby-modus in te schakelen:
-
Stel de temperatuur in voor -16°C. Raadpleeg het gedeelte "Temperatuurregeling".
-
Houd de temperatuurregelknop ingedrukt totdat alle temperatuurlampjes 3 keer knipperen.
i
Als je op de temperatuurregelknop drukt terwijl de Standby-modus aanstaat, knipperen alle temperatuurlampjes 3 keer.
Je kunt de Standby modus uitschakelen door de bovenstaande procedure te herhalen.
i
Tijdens de Standby -modus kan de temperatuur in het apparaat boven de ingestelde uitkomen -16°C. Als dat gebeurt nadat de modus is uitgeschakeld, gaat het alarmlampje branden en klinkt er een geluid. Als het apparaat automatisch de temperatuur verlaagt, worden het alarmlampje en het geluidsalarm uitgeschakeld.
5. DAGELIJKS GEBRUIK
5.1 Verwijderen en installeren van het deurschap
Het deurschap verwijderen:
- Houd de linkerkant van het schap vast.
- Til de rechterkant van het schap op totdat dit loskomt van de bevestiging.

- Til de linkerkant van het schap op en verwijder het schap.
Het schap terug op zijn plaats plaats en:
- Plaats het schap plat op de deur.
- Duw tegelijkertijd twee zijden van het schap naar beneden, zodat het schap op beide bevestigingen past.
5.2 De vrieslades verwijderen en installeren
Een lade uit het vriesvak verwijderen:
- Open de vriezerdeur volledig.
- Trek de lade naar buiten totdat hij stopt.
- Til de voorkant van de lade iets op en maak deze los van het apparaat.

Voer de bovenstaande stappen in omgekeerde volgorde uit om de lade terug in zijn oorspronkelijke positie te plaatsen.
5.3 MULTIFLOW
Het koelvak is uitgerust met het MULTIFLOW-apparaat, dat snelle en effectievere koeling van levensmiddelen mogelijk maakt en een gelijkmatigere temperatuur in elk deel van het koelvak handhaaft.
Dit apparaat wordt automatisch geactiveerd wanneer dat nodig is.

MULTIFLOW werkt alleen als de deur gesloten is.

Blokkeer de ventilatieopeningen niet, om een betere koeling mogelijk te maken.

Verwijder het MULTIFLOW-paneel niet. Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen. Raadpleeg voor reinigingsinstructies het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging".
5.4 Vers voedsel invriezen
Het vriesvak is geschikt voor het invriezen van vers voedsel en voor het gedurende een lange periode bewaren van ingevroren en diepgevroren voedsel.
Activeer om vers voedsel in te vriezen de functie Super Freeze ten minste 3 uur voordat u het in te vriezen voedsel in het vriesvak legt.
De maximale hoeveelheid voedsel dat kan worden ingevroren zonder ander vers voedsel toe te voegen, gedurende 24 uur, staat aangegeven op het typeplaatje (een label dat zich aan de binnenkant van het apparaat bevindt).
Wanneer het invriesproces is voltooid, keert het apparaat terug naar de vorige ingestelde temperatuur (zie "Super Freeze"-functie).
Raadpleeg "Tips voor het invriezen" voor meer informatie
5.5 Het bewaren van ingevroren voedsel
Als u het apparaat voor het eerst of na een periode waarin het niet is gebruikt inschakelt, dient u voordat u de producten in het vak legt het apparaat minstens 3 uur te laten werken met de Super Freeze-functie ingeschakeld.
De vrieslades zorgen ervoor dat je het gewenste voedsel snel en eenvoudig kan terugvinden. Verwijder alle lades als er grote hoeveelheden voedsel bewaard moeten worden, behalve de onderste lade die nodig is voor een goede luchtcirculatie.
Leg de etenswaar op de schappen minstens 15 mm verwijderd van de deur.

LET OP!
Bij onbedoelde ontdooiing door bijvoorbeeld stroomuitval, waarbij de stroom langer is uitgeschakeld dan de waarde die op het typeplaatje staat onder 'tijdsduur', moet het ontdooide voedsel snel worden geconsumeerd of onmiddellijk worden bereid, vervolgens afgekoeld en daarna opnieuw worden ingevroren.
5.6 Ontdooien
Diepgevroren of ingevroren voedsel kan voor gebruik in de koelkast of op kamertemperatuur worden ontdooid, afhankelijk van de hoeveelheid tijd die hiervoor nodig is.
Kleine etenswaren kunnen zelfs rechtstreeks vanuit de vriezer gebruikt worden om mee te koken: in dit geval duurt het koken langer.
5.7 IJsblokjesvorm
Dit apparaat is uitgerust met een of meer ijsblokjesvormen voor het maken van ijsblokjes.
i
Gebruik geen metalen instrumenten om de ijsblokjesvormen uit de vriezer te halen.
-
Vul de ijsblokjesvormen met water.
-
Zet ze in het.
6. TIPS EN ADVIES
6.1 Tips voor energiebesparing
- De interne configuratie van het apparaat zorgt voor het meest efficiënte energiegebruik.
- Open de deur niet te vaak of laat deze niet langer open staan dan noodzakelijk.
- Hoe kouder de temperatuurinstelling, hoe hoger het energieverbruik.
- Zorg voor een goede ventilatie. Dek de ventilatieroosters of -gaten niet af.
6.2 Tips voor het invriezen
• Activeer de Super Freeze-functie ten minste 3 uur voordat u het voedsel in het vriesvak legt.
- Vóór het invriezen verpakken en verzegelen van vers voedsel in: aluminiumfolie, plastic folie of zakken, luchtdichte containers met deksel.
- Verdeel voor efficiënter invriezen en ontdooien het voedsel in kleine porties.
- Het wordt aanbevolen om etiketten en datums op al uw diepvriesproducten te plakken. Dit zal helpen voedingsmiddelen te identificeren en te weten wanneer ze moeten worden gebruikt voordat ze bederven.
- Het voedsel moet vers zijn wanneer het wordt ingevroren om een goede kwaliteit te behouden. Vooral groenten en fruit moeten na de oogst worden ingevroren om al hun voedingsstoffen te behouden.
- Flessen of blikken met vloeistoffen niet invriezen, in het bijzonder dranken die kooldioxide bevatten - ze kunnen exploderen tijdens het invriezen.
- Plaats geen warm voedsel in het koelvak. Koel het af bij kamertemperatuur voordat u het in het vak plaatst.
- Om te voorkomen dat de temperatuur van al ingevroren voedsel toeneemt, dient u vers voedsel hier niet direct naast te plaatsen. Plaats voedsel op
kamertemperatuur in het deel van het vriesvak waar geen bevroren voedsel is.
- IJsblokjes, ingevroren water of waterijsjes niet meteen nadat ze uit de vriezer zijn gehaald opeten. Gevaar voor bevriezing.
- Ontdooid voedsel niet opnieuw invriezen. Als het voedsel ontdooid is, kook het dan, koel het af en vries het dan in.
6.3 Tips voor het bewaren van ingevroren voedsel

- Het vriesvak is het vak gemarkeerd met
- Een hogere temperatuurinstelling in het apparaat kan leiden tot een kortere houdbaarheid.
- Het hele vriesvak is geschikt voor de opslag van diepvriesproducten.
- Laat voldoende ruimte rond het voedsel om de lucht vrij te laten circuleren.
- Raadpleeg voor adequate opslag het etiket van de voedselverpakking om de houdbaarheid van voedsel te bekijken.
- Het is belangrijk om het voedsel zodanig in te pakken dat er geen water, vocht of condens bij kan komen.
6.4 Winkeltips
Na het boodschappen doen:
- Zorg ervoor dat de verpakking niet beschadigd is - het voedsel kan bedorven zijn. Als de verpakking gezwollen of nat is, is deze mogelijk niet in de optimale omstandigheden opgeslagen en is het ontdooien mogelijk al begonnen.
- Om het ontdooiproces te beperken, koopt u diepvriesproducten aan het einde van uw boodschappen en vervoert u ze in een thermische en geïsoleerde koeltas.
-
Plaats de diepvriesproducten onmiddellijk na terugkomst uit de winkel in de vriezer.
-
Als voedsel zelfs gedeeltelijk ontdooid is, mag u het niet opnieuw invriezen. Consumeer het zo snel mogelijk.
- Respecteer de vervaldatum en de bewaarinformatie op de verpakking.
6.5 Houdbaarheid
| Soort voedsel Houdbaarheid (maan- den) | |
| Brood 3 | |
| Fruit (met uitzondering van citrusvruchten) 6 - 12 | |
| Groenten 8 - 10 | |
| Restjes zonder vlees 1 - 2 | |
| Zuivelproducten: | |
| Boter | 6 - 9 |
| Zachte kaas (zoals mozzarella) | 3 - 4 |
| Harde kaas (zoals Parmezaanse kaas, cheddar) | 6 |
| Vis/Zeevruchten: | |
| Vette vis (zoals zalm, makreel) | 2 - 3 |
| Magere vis (zoals kabeljauw, bot) | 4 - 6 |
| Garnalen | 12 |
| Gepelde mosselen en mosselen | 3 - 4 |
| Gekookte vis | 1 - 2 |
| Vlees: | |
| Gevogelte | 9 - 12 |
| Rundvlees | 6 - 12 |
| Varkensvlees | 4 - 6 |
| Lamsvlees | 6 - 9 |
| Worst | 1 - 2 |
| Ham | 1 - 2 |
| Restjes met vlees | 2 - 3 |
7. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING!
Zie de hoofdstukken over veiligheid.
7.1 Het reinigen van de binnenkant
Voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt, moet u de binnenkant en de interne accessoires wassen met lauwwarm water en een beetje neutrale zeep om de typische geur van een nieuw product te verwijderen. Daarna moet u het grondig drogen.

LET OP!
Gebruik geen reinigingsmiddelen, schuurpoeders, chloor of reinigers op oliebasis. Deze beschadigen de afwerking.

LET OP!
De accessoires en onderdelen van het apparaat zijn niet vaatwasserbestendig.
7.2 Periodieke reiniging
De apparatuur moet regelmatig worden gereinigd:
- Reinig de binnenkant en de accessoires met lauw water en wat neutrale zeep.
- Controleer de afdichtingen regelmatig en wrijf ze schoon om u ervan te verzekeren dat ze schoon en vrij van resten zijn.
- Reinig de condensor ten minste tweemaal per jaar met een borstel.
- Reinig de verdamperbak regelmatig om opgehoopt water te verwijderen.
- Spoel en droog grondig.
7.3 Het apparaat ontdooien
Het ontdooien van het vriesvak gebeurt automatisch. Desondanks kan er een laag rijp ontstaan op de binnenwanden van het
vriesvak als de vriezerdeur vaak wordt geopend of te lang open wordt gehouden.
7.4 Periodes dat het apparaat niet gebruikt wordt
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen als het apparaat gedurende lange periodes niet gebruikt wordt:
- Koppel het apparaat los van de stroomtoevoer.
- Verwijder alle etenswaren.
- Reinig het apparaat en alle accessoires.
- Laat de deur open staan om onaangename luchtjes te voorkomen.
Zie de hoofdstukken over veiligheid.
8.1 Wat te doen als...
| Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing | ||
| Het apparaat werkt niet. Het apparaat werd uitgeschakeld. Schakel het apparaat in. | ||
| De stekker zit niet goed in het stop-contact. | Steek de stekker goed in het stop-contact. | |
| Er staat geen spanning op het stop-contact. | Sluit het apparaat aan op een ander stopcontact. Neem contact op met een erkend elektrotechnisch installateur. | |
| Het apparaat is lawaaiig. Het apparaat staat niet stabiel. Controleer of het apparaat stabiel staat. | ||
| De compressor werkt voortdurend. De temperatuur is verkeerd ingesteld. | Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie-ning". | |
| Er werden veel voedingsproducten in een keer opgeborgen. | Wacht een paar uur en controleer dan de temperatuur opnieuw. | |
| De temperatuur in de ruimte is te hoog. | Raadpleeg het hoofdstuk "Installe-ren". | |
| De temperatuur van de voedings-producten in het apparaat was te hoog. | Laat voedingsproducten afkoelen tot kamertemperatuur voordat je ze op-bergt. | |
| De deur is niet goed gesloten. Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten". | ||
| De Super Freeze-functie is ingeschakeld. | Zie de rubriek over 'Super Freeze-functie'. | |
| De compressor start niet onmiddel- lijk na het drukken op de 'Super Freeze', of na het veranderen van de temperatuur. | De compressor start niet direct. Dit is normaal en geen storing. | |
| De deur is niet goed gemonteerd of dekt het ventilatierooster af. | Het apparaat staat niet waterpas. Raadpleeg de installatie-instructies. | |
| Deur gaat moeilijk open. Je probeerde deur direct nadat je die sloot opnieuw te openen. | Wacht even met de deur openen nadat je die hebt gesloten. | |
| De verlichting werkt niet. De stand-bystand van de verlichting is ingeschakeld. | Sluit en open de deur. | |
| De lamp is defect. Neem contact op met de dichtstbij-zijnde klantenservice. | ||
| Er is te veel bevroren rijp en ijs. De deur is niet goed gesloten. Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten". | ||
| Het deurrubber is vervormd of vuil. Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten". | ||
| De voedingsproducten is niet goed verpakt. | Verpak de voedingsproducten beter. | |
| De temperatuur is verkeerd inge-steld. | Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie- ning". | |
| Apparaat is volledig geladen en is ingesteld op de laagste tempera-tuur. | Stel een hogere temperatuur in. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie- ning". | |
| De ingestelde temperatuur in het apparaat is te laag en de omge- vingstemperatuur is te hoog. | Stel een hogere temperatuur in. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie- ning". | |
| Er stroomt water op de vloer. De smeltwaterafvoer is niet aange- sloten op de verdampschaal boven de compressor. | Sluit de smeltwaterafvoer aan op de verdampschaal. | |
| De temperatuur kan niet worden in-gesteld. | De Super Freeze-functie is inge-schakeld. | Schakel de Super Freeze-functie handmatig uit of wacht tot de functie automatisch uitschakelt om de tem- peratuur in te stellen. Zie de rubriek over 'Super Freeze-functie'. |
| De temperatuur in het apparaat is te laag/te hoog. | De temperatuur is niet correct inge-steld. | Stel een hogere/lagere temperatuur in. |
| De deur is niet goed gesloten. Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten". | ||
| De temperatuur van de voedings-producten is te hoog. | Laat de voedingsproducten afkoelen tot kamertemperatuur voordat je ze opbergt. | |
| Er worden veel voedingsproducten in een keer opgeborgen. | Berg minder voedingsproducten in een keer op. | |
| De deur werd vaak geopend. Open de deur alleen als dat nodig is. | ||
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
| De Super Freeze-functie is ingeschakeld. | Zie de rubriek over ‘Super Freeze-functie’. | |
| Er wordt geen koude lucht gecircu-leerd in het apparaat. | Zorg ervoor dat er koude lucht in het apparaat circuleert. Raadpleeg het hoofdstuk "Tips en advies". | |

Bel, wanneer het advies niet tot resultaten leidt, de dichtstbijzijnde servicedienst voor dit merk.
8.2 Het lampje vervangen
Het apparaat is uitgerust met een LED-lampje aan de binnenkant met een lange levensduur.
Alleen service mag het verlichtingsapparaat vervangen. Neem contact op met onze erkende servicedienst.
8.3 De deur sluiten
- Reinig de deurpakkingen.
- Pas zo nodig de deur aan. Zie hoofdstuk Installeren.
- Vervang indien nodig de defecte deurpakkingen. Neem contact op met de erkende servicedienst.
9. GELUIDEN

text_image
SSSRRR! BRRR! CLICK! OK ) ) BLUBB! HISSS!De technische gegevens staan op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat en op het energielabel.
De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een internetkoppeling naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPREL-database. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd.
Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de koppeling https://eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die u vindt op het typeplaatje van het apparaat.
Zie de koppeling www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel.
11. INFORMATIE VOOR TESTINSTITUTEN
De installatie en voorbereiding van het toestel voor elke EcoDesign-verificatie moet in overeenstemming zijn met EN 62552. De ventilatievoorschriften, de afmetingen van de uitsparingen en de minimale open afstanden aan de achterzijde moeten voldoen aan de
voorschriften van deze gebruikershandleiding in hoofdstuk 3. Neem contact op met de fabrikant voor verdere informatie, inclusief laadplannen.
12. MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het symbool Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten.
Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.