WX531.9 - Zaag WORX - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis WX531.9 WORX in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over WX531.9 WORX
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding WX531.9 - WORX en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. WX531.9 van het merk WORX.
GEBRUIKSAANWIJZING WX531.9 WORX
WAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaarschuwingen, instructies, raties en specificaties die bij dit trisch gereedschap werden meegeleverd.
Het niet opvolgen van alle onderstaande voorschriften kan tot een elektrische schok, brand en/of ernstig persoonlijk letsel leiden.
Bewaar alle waarschuwingen en instructies voor latere naslag.
De term “(elektrisch) gereedschap” in de waarschuwingen hieronder, verwijst naar uw op netspanning werkende gereedschap (met stroomdraad) of uw accugereedschap (draadloos).
1) WERKGEBIED
a) Houd uw werkgebied schoon en zorg ervoor dat deze goed verlicht is. In rommelige en slecht verlichte werkgebieden gebeuren sneller ongelukken.
b) Gebruik elektrisch gereedschap niet in explosieve atmosferen, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrisch gereedschap veroorzaakt vonken die de stof of de gassen kunnen doen ontvlammen.
c) Houd kinderen en omstanders uit de buurt terwijl u met elektrisch gereedschap werkt. Afleidingen kunnen ervoor zorgen dat u de controle over het gereedschap verliest.
a) De stekker van het elektrisch gereedschap moet passen in het stopcontact. Pas de stekker op geen enkele manier aan om te zorgen dat hij wel past. Gebruik geen adapterstekkers terwijl u geaard elektrisch gereedschap gebruikt. Onaangepaste stekkers die in het stopcontact passen, verminderen de kans op een elektrische schok.
b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde of gegronde oppervlakken, zoals buizen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Als uw lichaam geaard of gegrond is, is er een grotere kans op een elektrische schok.
c) Stel uw elektrische gereedschap niet bloot aan regen of natte omstandigheden. Water dat elektrisch gereedschap kan binnendringen, vergroot de kans op een elektrische schok.
d) Gebruik de stroomdraad niet op een andere manier dan waarvoor deze gemaakt is. Trek niet aan de stroomdraad, ook niet om de stekker uit het stopcontact te krijgen en draag
het gereedschap niet door het aan de stroomdraad vast te houden. Houd de stroomdraad uit de buurt van hitte, olie, scherpe hoeken en bewegende onderdelen. Beschadigde of verwarde stroomdraden vergroten de kans op een elektrische schok.
e) Wanneer u het elektrische gereedschap buitenshuis gebruikt, dient u te zorgen voor een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis, vermindert de kans op een elektrische schok.
f) Moet een krachtmachine in een vochtige locatie worden gebruikt, gebruik dan een aardlekschakelaar (ALS). Een ALS vermindert het gevaar op elektrische schokken.
3) PERSOONLIJKE VEILIGHEID
a) Blijf alert, kijk waar u mee bezig bent en gebruik uw gezonde verstand wanneer u met elektrisch gereedschap werkt. Gebruik geen elektrisch gereedschap wanneer u moe bent of onder de invloed van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van elektrisch gereedschap kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
b) Gebruik een veiligheidsuitrusting.
Draag altijd oogbescherming. Een
veiligheidsuitrusting, zoals een stofmasker,
schoenen met antislipzolen, een
veiligheidshelm, of oorbescherming die onder
de juiste omstandigheden gebruikt wordt,
vermindert de kans op persoonlijk letsel.
c) Pas op dat het apparaat niet onbedoeld wordt gestart. Zorg ervoor dat de schakelaar uit staat voordat u de voeding en/of batterij aansluit, en als u de machine oppakt en draagt. Gereedschap dragen terwijl u uw vinger op de schakelaar houdt, of de stekker in het stopcontact steken terwijl het gereedschap ingeschakeld staat, is vragen om ongelukken.
d) Verwijder inbussleutels of moersleutels voordat u het gereedschap inschakelt. Een sleutel die nog in of op een draaiend onderdeel van het elektrische gereedschap zit, kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
e) Werk niet boven uw macht. Zorg er altijd voor dat u stevig staat en goed in balans bent. Hierdoor heft u betere controle over het gereedschap in onverwachte situaties.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houd uw haar en kleding uit de buurt van bewegende onderdelen. Loszittende kleding, sieraden of lang haar kan vast komen te zitten in bewegende onderdelen.
g) Wanneer er apparaten worden bijgeleverd voor stofafzuiging en -opvang, zorg er dan voor dat deze aangesloten zijn en op
de juiste manier gebruikt worden. Het gebruik van deze apparaten vermindert de gevaren die door stof kunnen ontstaan.
h) Als u gereedschap veelvuldig gebruikt, dan kan dit leiden tot het negeren van de veiligheidsprincipes, probeer dit te vermijden. Een achteloze actie kan binnen een fractie van een seconde leiden tot ernstig letsel.
4) GEBRUIK EN ONDERHOUD VAN ELEKTRISCH GEREEDSCHAP
a) Forceer het gereedschap niet. Gebruik gereedschap dat voor de toepassing geschikt is. Het gebruik van geschikt gereedschap levert beter werk af en werkt veiliger als het gebruikt wordt op de snelheid waar het voor ontworpen is.
b) Gebruik het gereedschap niet wanneer de aan/uitschakelaar niet functioneert. Gereedschap dat niet kan worden bediend met behulp van de schakelaar is gevaarlijk en dient te worden gerepareerd.
c) Haal de stekker uit het stopcontact en/of verwijder de accu, indien deze kan worden verwijderd, uit het gereedschap voordat u instellingen veranderd, toebehoren vervangt of de machine opbergt. Deze preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen de kans op het ongewild inschakelen van het gereedschap.
d) Berg gereedschap dat niet gebruikt wordt buiten het bereik van kinderen op en laat personen die niet bekend zijn met het gereedschap of met deze veiligheidsinstructies het gereedschap niet bedienen. Elektrisch gereedschap kan in de handen van ongetrainde gebruikers gevaarlijk zijn.
e) Onderhouden van het gereedschap en accessoires. Controleer of bewegende onderdelen nog goed uitgelijnd staan, of ze niet ergens vastzitten en controleer op elke andere omstandigheid die ervoor kan zorgen dat het gereedschap niet goed functioneert. Wanneer het gereedschap beschadigd is, dient u het te repareren voordat u het in gebruik neemt. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhouden elektrisch gereedschap.
f) Houd snijdend gereedschap schoon en scherp. Goed onderhouden snijdend gereedschap met scherpe zaagbladen/messen zal minder snel vastlopen en is makkelijker te bedienen.
g) Gebruik het gereedschap, de accessoires, de bitjes, enz. in overeenstemming met deze instructies en op de manier zoals bedoeld voor het specifieke type elektrisch gereedschap, rekening houdend met de werkomstandigheden en het uit te voeren werk. Het gereedschap gebruiken voor andere doeleinden dan waar
deze voor ontworpen is, kan gevaarlijke situaties opleveren.
h) Houd de handgrepen en grijpoppervlakten droog, schoon en vrij van olie en smeermiddel. Glibberige handgrepen en grijpoppervlakken laten geen veilige hantering toe, en zorgen ervoor dat u geen controle hebt over het gereedschap in onverwachte omstandigheden.
5) GEBRUIK EN ONDERHOUD VAN ACCUGEREEDSCHAP
a) Laad het accupack alleen op met de door de fabrikant aangegeven oplader. Een oplader die geschikt is voor het ene type accupack, kan brand veroorzaken wanneer die gebruikt wordt voor een ander type accupack.
b) Gebruik het gereedschap uitsluitend met het aangegeven accupack. Door het gebruik van andere accupacks ontstaat de kans op letsel of brand.
c) Wanneer het accupack niet gebruikt wordt, dient u het uit de buurt te houden van metalen voorwerpen, zoals paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een verbinding kunnen maken tussen de contactpunten van de terminal. Het kortsluiten van de accuterminals kan zorgen voor brandwonden of brand.
d) Onder extreme omstandigheden kan er vloeistof uit de accu lopen; raak deze vloeistof niet aan. Wanneer u toch onverhoopt met de vloeistof in aanraking komt, dient u dit onmiddellijk af te spoelen met water. Wanneer de vloeistof in de ogen komt, dient u zo snel mogelijk een arts te raadplegen. Vloeistof die afkomstig is uit de accu kan irritatie of brandwonden veroorzaken.
e) Gebruik geen accu of gereedschap dat beschadigd of aangepast is. Beschadigde of aangepaste accu's kunnen onvoorspelbaar reageren, wat kan leiden tot brand, explosie of het veroorzaken van letsel.
f) Stel een accu of gereedschap niet bloot aan vuur of extreme temperatuur. Blootstelling aan brand of een temperatuur boven 130°C kan explosie veroorzaken.
g) Volg alle instructies en laad de accu of het gereedschap niet op buiten het temperatuurbereik dat vermeld is in de handleiding. Onjuist opladen of opladen bij temperaturen buiten het aangegeven bereik kan de accu beschadigen en het risico op brand vergroten.
6) SERVICE
a) Laat uw elektrisch gereedschap repareren door een bevoegde reparateur die alleen originele reserveonderdelen gebruikt. Zo bent u er zeker van dat uw gereedschap veilig blijft.
b) Repareer nooit beschadigde accu's. Reparatie van accu's mag alleen worden uitgevoerd door de fabrikant of geautoriseerde onderhoudstechnici.
VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR ALLE ZAGEN
ZAAGMETHODE
a) WAARSCHUWING Houd handen uit de buurt van het zaaggedeelte van het blad. Wanneer beide handen de zaag vasthouden, kunt u zich niet in de handen zagen.
b) Reik niet onder het werkobject. De beschermkap kan u onder het werkobject niet tegen het zaagblad beschermen.
c) Stel de zaagdiepte in op de dikte van het werkobject. Er moet minder dan één tand zichtbaar zijn onder het werkobject.
d) Houd het werkobject nooit met de handen vast of over uw been. Zet het werkobject vast op een stabiel platform.
Het is belangrijk om het object voldoende te ondersteunen, zodat uw lichaam niet geraakt kan worden, het zaagblad niet vast kan lopen en u de controle over de machine niet verliest.
e) Houd de machine alleen vast bij de geïsoleerde handgrepen, waneer uw werkzaamheden tot gevolg kunnen hebben dat het accessoire in contact komt met bverborgen bedrading. Komt het accessoire in contact met een spanningvoerende draad, dank omen de metalen delen van de machine onder spanning staan, wat dodelijk kan zijn voor de gebruiker.
f) Gebruik bij het schulpen altijd een langsgeleider of een richtliniaal. Dit zorgt voor een nauwkeurige snede en u verminder de kans op een vastgelopen zaagblad.
g) Gebruik altijd zaagbladen met opspandoorngaten van de juiste grootte en vorm. Zaagbladen die niet overeenkomen met de hardware van de zaag zullen excentrisch draaien waardoor u de controle over het apparaat verliest.
h) Gebruik nooit beschadigde of onjuiste bouten of ringen voor het zaagblad. De ringen en moeren voor het zaagblad zijn speciaal ontworpen voor deze zaag zodat deze optimaal presteert en veilig gebruikt kan worden.
OVERIGE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR ALLE ZAGEN
Oorzaken en voorkoming van terugslag
— terugslag is een plotselinge reactie als het zaagblad klemt, vastloopt of niet goed uitgelijnd is. Hierdoor schiet de zaag omhoog, uit het werkobject en richting de bediener;
— als het blad klemt of sterk vastloopt omdat de zaagsnede te smal wordt, stopt het zaagblad en als gevolg van de motorreactie schiet het apparaat snel terug richting de bediener;
— als het blad knikt of niet goed is uitgelijnd, zullen de tanden aan de achterkant van het blad in het bovenste oppervlak van het hout zagen, zodat het blad uit de zaagsnede komt en terugschiet richting de bediener.
Terugslag is het gevolg van verkeerd gebruik en/of onjuiste bediening of omstandigheden. Dit kan voorkomen worden door de juiste voorzorgsmaatregelen te nemen, zoals hieronder vermeld.
a) Houd de zaag goed vast en plaats uw armen zodanig dat u de kracht van een terugslag kunt weerstaan. Ga met uw lichaam aan een van beiden zijden van het zaagblad staan, maar niet op één lijn met het zaagblad. Terugslag kan ervoor zorgen dat de zaag terugschiet, maar de kracht ervan kan worden weerstaan door de bediener, indien deze de juiste voorzorgsmaatregelen heeft getroffen.
b) Als het blad vastloopt, of als de snee om welke reden dan ook wordt onderbroken, laat dan de schakelaar los en houd de zaag bewegingsloos in het materiaal totdat het zaagblad volledig stilstaat. Probeer nooit de zaag uit het werkobject te halen of terug te trekken terwijl het blad nog beweegt; dit kan een terugslag veroorzaken. Onderzoek en corrigeer zaken ter voorkoming van het vastlopen van het blad.
c) Als u de zaag opnieuw aanzet in het werkobject, centreer het zaagblad dan in de zaagsnede en controleer of de zaagtanden niet vastzitten in het materiaal. Als het zaagblad vastloopt, kan deze omhoog gaan of een terugslag geven zodra de zaag opnieuw wordt gestart.
d) Ondersteun grote panelen om zo het risico op het klemmen van het blad en terugslag te voorkomen. Grote panelen kunnen onder hun gewicht doorzakken. Ondersteuning dient te worden geplaatst aan beide zijden onder het paneel, nabij de zaagsnede en de rand van het paneel.
e) Gebruik geen stompe of beschadigde zaagbladen. Onscherpe of onjuist ingestelde bladen produceren een smalle zaagsnede en dit zorgt voor extra frictie, het vastlopen van het blad en een terugslag.
f) Bladdiepte en de sluithefbomen voor het instellen van de afschuining moeten goed zijn vergrendeld voordat u kunt gaan zagen. Als deze instellingen verschuiven tijdens het zagen, kan het zaagblad vastlopen en een terugslag veroorzaken.
g) Wees extra zorgvuldig als u rechtstreeks in een bestaande wand zaagt of andere blinde gebieden. Het uitstekende zaagblad zaagt mogelijk in voorwerpen die een terugslag
VELLIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR HET ZAGEN MET INTERNE PENDELBEVEILIGING
Functie zaagkap onderaan
a) Controleer voor ieder gebruik of de onderste beveiliging op de juiste manier is vergrendeld. Gebruik de zaag niet als de onderste bescherming niet vrij beweegt en onmiddellijk sluit. Klem of bind de onderste bescherming nooit vast in de open positie. Als de zaag onopzettelijk valt, kan de onderste bescherming verbuigen. Trek de onderste bescherming omhoog met de terugtrekhendel en zorg ervoor dat deze vrij kan bewegen en het blad of welk ander deel niet raakt in alle hoeken of zaagdiepten.
b) Controleer de werking van de veer van de onderste bescherming. Als de bescherming en de veer niet goed functioneren, dienen deze voor gebruik te worden gerepareerd. De onderste bescherming werkt misschien niet goed als gevolg van beschadigde onderdelen, gomachtige aanslag of vuil.
c) De onderste bescherming dient alleen handmatig te worden teruggetrokken bij speciale sneden zoals rechtstreeks in een oppervlak of samengestelde sneden. Trek de onderste bescherming omhoog met behulp van de terugtrekhendel en zodra het blad in het materiaal gaat, dient u de onderste bescherming los te laten. Bij alle andere zaagbewerkingen, werkt de onderste bescherming automatisch.
d) Let erop dat de onderste bescherming altijd over het blad zit voordat de zaag op een werkbank of de grond wordt gezet. Bij een onbeschermd zaagblad waarbij de motor niet actief is, loopt de zaag terug en snijdt deze in alles wat in de weg zit. Denk eraan dat het even duurt
EXTRA VEILIGHEIDSREGELS VOOR UW CIRKELZAAG
- Gebruik alleen zaagbladen die door de fabrikant worden aanbevolen en beantwoorden aan EN 847-1, als ze bedoeld zijn voor hout en gelijkaardige materialen.
- Gebruik geen schuurschijven.
- Gebruik alleen de bladdiameter(s) volgens de markeringen.
- Identificeer het juiste zaagblad voor het te zagen materiaal.
- Gebruik alleen zaagbladen die gemarkeerd zijn met een snelheid die gelijk is aan of hoger dan
AANVULLENDE VEILIGHEIDSWAARSCH- UWINGEN VOOR HET SNIJDEN VAN TEGELS
a) Voor optimale veiligheid moet de bijgeleverde beschermkap stevig op het gereedschap worden bevestigd en geplaatst zodat er zo min mogelijk risico is op contact tussen slijpschijf en gebruiker. Zorg dat uzelf en omstanders afstand houden van het schaafvlak van de ronddraaiende slijpschijf. De kap beschermt de gebruiker tegen brokstukken van het wiel en onbedoeld aanraken van het wiel.
b) Gebruik alleen diamanten doorslijpschijven voor uw elektrisch gereedschap. Het feit dat een accessoire op de machine past, betekent niet dat de veilige werking gegarandeerd is.
c) De nominale snelheid van een accessoire moet minstens zo groot zijn als de maximale snelheid van de machine.
Accessoires die op een te hoge snelheid worden gebruikt, kunnen uit elkaar vliegen.
d) Wielen mogen alleen worden gebruikt voor aanbevolen toepassingen. Probeer bijvoorbeeld niet te slijpen met de kant van een snijwiel. Een schurend snijwiel is bedoeld voor het slijpen van de oppervlakte – door kracht op de zijkant uit te oefenen zou het wielen uit elkaar kunnen liegen.
e) Gebruik steeds onbeschadigde wielflenzen die de juiste grootte en vorm hebben voor het gebruikte wiel. De juiste wielflenzen ondersteunen het wiel en verminderen de kans dat het wiel breekt.
f) Gebruik geen afgeslepen wielen van een machine die werkt met een groter vermogen. Een wiel dat geschikt is voor een groter vermogen, is niet geschikt voor de hogere snelheid van een kleinere machine en zou kunnen breken.
g) De buitendiameter en de dikte van een accessoire moeten binnen de capaciteit van de machine passen. Accessoires van de verkeerde grootte kunnen niet goed beschermd en bediend worden.
h) Slijpschijven en flenzen moeten nauwkeurig op de uitgaande as van het elektrische gereedschap passen. Inzetgereedschappen die niet nauwkeurig op de uitgaande as van het elektrische gereedschap passen, draaien ongelijkmat trillen sterk en kunnen tot het verlies van de controle leiden.
i) Houd de machine alleen vast bij de geïsoleerde handgrepen, waneer uw werkzaamheden tot gevolg kunnen hebben dat het accessoire in contact
komt met bverborgen bedrading. Contact met een draad die onder stroom staat, zorgt ervoor dat de metalen delen van de machine ook onder stroom komen te staan, waardoor u een elektrische schok kunt krijgen.
j) Draag persoonlijke beschermingsmiddelen. Afhankelijk van de werkzaamheden draagt u hoofdbescherming of een veiligheidsbril. Draag zonodig een stofmasker, gehoorbescherming, handschoenen en een schort waarmee afgeslepen materiaal en delen van het werkstuk mee kunnen worden opgevangen. De oogbescherming moet geschikt zijn om rondvliegende deeltjes op te vangen die bij de werkzaamheden ontstaan. Het stofmasker moet geschikt zijn om deeltjes uit de lucht te filteren. Langdurige blootstelling aan lawaai kan tot gehoorschade leiden.
k) Houd omstanders op een veilige afstand van het werkgebied. Iedereen die zich in het werkgebied bevindt moet persoonlijke beschermingsmiddelen dragen. Brokstukken van het werkstuk of gebroken inzetgereedschappen kunnen wegvliegen en verwondingen veroorzaken, ook buiten de directe werkomgeving.
I) Houd de machine alleen vast bij de geïsoleerde handgrepen, waneer uw werkzaamheden tot gevolg kunnen hebben dat het accessoire in contact komt met bverborgen bedrading. Contact met een draad die onder stroom staat, zorgt ervoor dat de metalen delen van de machine ook onder stroom komen te staan, waardoor u een elektrische schok kunt krijgen.
m) Leg de machine nooit neer als het accessoire nog in beweging is. Het draaiende inzetgereedschap kan in contact komen met het oppervlak, waardoor u de controle over het elektrische gereedschap kunt verliezen.
n) Laat de machine niet draaien terwijl u hem opzij draagt. Door onbedoeld contact met het draaiende accessoire kan uw kleding worden gegrepen, waardoor de machine in aanraking met uw lichaam komt.
o) Maak de ventilatieopeningen van de machine geregeld schoon. De ventilator van de motor brengt stof binnen de behuizing en door ophoping van metalen deeltjes kan ere en elektrisch gevaar ontstaan
p) Gebruik de machine niet bij ontbrandbare materialen. Ze zouden door vonken in brand kunnen raken.
TERUGSLAG EN DAARMEE VERWANTE WAARSCHUWINGEN
Terugslag is een plotse reactie op een geklemde of vastzittende draaischijf. Klemmen of vastzitten veroorzaakt het snel stilvallen van de draaischijf die op zijn beurt ervoor zorgt dat het ongecontroleerde elektrische gereedschap in de tegenovergestelde richting van de rotatie van de schijf wordt geforceerd op het punt van de verbinding.
Bijvoorbeeld, als een slijpwiel in het werkstuk blijft klemzitten, dan zal de rand van het wiel zich in de oppervlakte van het materiaal graven waarna het wiel naar buiten schiet. Het wiel kan in de richting van de gebruiker schieten of in de andere richting, afhankelijk van de bewegingsrichting van het wiel op het moment dat het vast bleef zitten. Een schuurwiel kan onder die omstandigheden ook breken.
Terugslag is het gevolg van verkeerd gebruik van een machine en/of onjuiste bedrijfsprocedures en -omstandigheden. Met de juiste maatregelen kan het vermeden worden, zoals hieronder is beschreven.
a) Houd de machine stevig vast en zorg ervoor dat lichaam en armen in een zodanige positie staan dat u de terugslagkrachten kunt weerstaan. Maak steeds gebruik van het hulphandvat, als het aanwezig is, zodat u tijdens het opstarten maximale beheersing hebt over terugslag en koppelreacties.
De gebruiker kan koppelreacties en terugslagkrachten beheersen met de juiste voorzorgsmaatregelen.
b) Houd uw hand nooit bij het draaiende accessoire. Het accessoire kan over uw hand terugslaan.
c) Zorg dat uw lichaam niet in een lijn met de draaischijf staat. Bij terugslag schiet de machine in een richting die tegengesteld is aan de beweging van het wiel, op het moment dat het wiel vastklemt.
d) Wees voorzichtig bij het werken langs hoeken, scherpe randen e.d. zodat vermeden wordt dat de machine terugstuitert en het accessoire blijft vastzitten. Hoeken, scherpe randen en stuiteren kunnen het draaiende accessoire vastgrijpen waardoor u de macht over de machine verliest of er terugslag optreedt.
e) Maak geen zaagketting vast, houtsnijvlad, gesegmenteerde diamantschijf met een perifere opening van meer dan 10 mm of een getand zaagblad. Dergelijke gereedschappen geven vaak terugslag en het gevaar dat u de macht over de machine verliest.
f) "Knel" het wiel niet of oefen geen overmatige druk uit. Probeer niet extra diep te snijden. Door overbelasting van het wiel vergroot u de kans dat het wiel verbuigt of in de snede blijft vastzitten, waardoor het wiel terugslaat of breekt.
g) Blijft het wiel vastzetten of moeten de werkzaamheden onderbroken worden, schakel de machine dan uit en houd hem stil tot het wiel volledig tot stilstand is gekomen. Probeer nooit om de nog draaiende doorslijpschijf uit de groef te trekken. Anders
kan een terugslag het gevolg zijn. Onderzoek de oorzaak van het vastzittende wiel en neem maatregelen om het probleem te verhelpen.
h) Herstart de machine niet in het werkstuk. Laat het wiel tot volle snelheid komen en breng het weer terug in de snede. Het wiel kan vastklemmen, weglopen en terugslaan als de machine wordt gestart met het wiel in het werkstu
i) Ondersteun panelen en grote werkstukken om het gevaar van vastklemmen en terugslag te vermijden. Een groot werkstuk kan onder eigen gewicht doorzakken. Ondersteun het werkstuk in de buurt van de snijlijn en aan de rand van het werkstuk, aan weerszijden van het wiel.
j) Wees extra voorzichtig bij het maken van een "zaksnede" tussen bestaande muren of in een ander blind gebied. Het uitstekende wiel kan in contact komen met gas- en waterbuizen, met elektrische bedrading of andere voorwerpen waardoor er terugslag ontstaat.
AANVULLENDE VEILIGHEIDSREGELS
1. Draag altijd een stofmasker.
VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR HET ACCUPACK
a) Batterijcellen en accupacks mogen niet gedemonteerd, geopend of vernietigd worden.
b) Sluit accupacks niet kort. Bewaar
occupacks niet willekeurig in een doos
of lade waar ze elkaar kunnen kortsluiten
of door geleidende voorwerpen
kortgesloten kunnen worden. Houd het
accupack op een afstand van andere metalen
voorwerpen als paperclips, muntstukken,
sleutels, nagels, schroeven en andere kleine
metalen voorwerpen die de contacten van
de accupack kunnen verbinden. Kortgesloten
contacten van accupacks kunnen brandwonden
of brand veroorzaken.
c) Stel accupacks niet bloot aan warmte of vuur. Vermijd opslag in direct zonlicht.
d) Stel accupacks niet bloot aan mechanische schokken.
e) Als een accu lekt dient men voorzichtig te zijn dat de vloeistof niet in contact komt met de huid of de ogen. Als dat toch gebeurt spoelt men de huid onder stromend water en raadpleegt men een arts.
f) Raadpleeg meteen een arts wanneer een batterij of accupack is ingeslikt.
g) Houd batterijcellen en accupacks schoon
en droog.
h) Veeg de aansluitingen van het accupack schoon met een droge doek als ze vuil zijn geworden.
i) Accupacks moeten voor gebruik worden opgeladen. Lees de gebruiksaanwijzing voor de juiste laadinstructies.
j) Laat accupacks niet langdurig opladen als ze niet worden gebruikt.
k) Na een lange opslagperiode kan het nodig zijn het accupack enkele keren op te laden en te ontladen voor een optimale prestatie.
I) Accupacks presteren het best bij normale kamertemperatuur (20 °C ± 5 °C).
m) Wanneer u accupacks wegwerpt, dient u accupacks van verschillende elektrochemische systemen van elkaar afgezonderd te houden.
n) Laad alleen op met een lader met de technische gegevens van WORX. Gebruik geen andere lader dan de lader die specifiek voor dat doel met de apparatuur is meegeleverd. Een lader voor één type accupack geschikt is kan een brandgevaar inhouden wanneer gebruikt met een ander type.
o) Gebruikt geen accupack dat niet bedoeld is voor gebruik met deze apparatuur.
p) Houd accupacks buiten het bereik van kinderen.
q) Bewaar de oorspronkelijke instructies van het product voor latere gebruik.
r) Verwijder het batterijpakket uit de apparatuur als het niet in gebruik is.
s) Volg de juiste procedure voor afvalverwijdering na afdanken van dit apparaat.
t) Gebruik geen cellen van verschillende fabrikanten, capaciteit, afmetingen of typen binnen een apparaat.
u) Verwijder het accupack niet uit de originele verpakking, tot dit nodig is voor gebruik.
v) Let op de plus (+) en min (-) markeringen op de accu en zorg voor correct gebruik.
SYMBOLEN
| Om het risico op letsels te beperken, moet u de gebruikershandleiding lezen | |
| Waarschuwing | |
![]() | Draag oogbescherming |
![]() | Draag oogbescherming |
![]() | Draag een stofmasker |
![]() | Accu's kunnen in de waterkringloop terechtkomen als ze op onjuiste wijze worden weggegooid, wat gevaarlijk kan zijn voor het ecosysteem. Gooi afgedankte accu's niet weg bij het ongesorteerde huishoudelijke afval. |
![]() | Niet verbranden |
![]() | Zorg ervoor dat de batterij voorafgaand aan het verwisselen van de accessoires wordt verwijderd. |
![]() | Draag beschermende handschoenen |
![]() | Li-lon-accu Dit product is uitgerust met een symbool dat 'gescheiden inzameling' aanduidt voor alle accu's. Ze worden dan gerecycled of gedemonteerd om de impact op het milieu te verminderen. Accu's kunnen gevaarlijk zijn voor het milieu en de menselijke gezondheid, omdat ze gevaarlijke stoffen bevatten. |
![]() | |
![]() | Zaagblad (TCT) |
![]() | Hout |
![]() | Metaal |
![]() | Aluminium |
![]() | Plastic |
![]() | Schurende snijschijf |
![]() | Zaagblad (HCS) |
![]() | Tegels |
![]() | Onjuist |
![]() | Goed |
![]() | Vergrendelen |
![]() | Ontgrendelen |
![]() | Afgedankte elektrische producten mogen niet bij het normale huisafval terechtkomen. Breng deze producten waar mogelijk naar een recyclecentrum bij u in de buurt. Vraag de verkoper of de gemeente informatie en advies over het recyclen van elektrische apparatuur. |
ONDERDELENLIJST
- VEILIGHEIDSCHAKELAAR
- AAN/UIT-SCHAKELAAR
- ZACHTE HANDGREEP
- INBUSSLEUTEL
- HENDEL VOOR BLADAFSCHERMING
- BLADAFSCHERMING
- VOETPLAAT
- PARALLEL GELEIDER
- ZAAGMARKERING 0°
- ZAAGMARKERING 45°
- SPANINSTALLATIE PARALLEL-GELEIDER
- AFSTELHENDEL SCHUINE KANT
- UITLAAT VOOR ZAAGSEL
- Stofzuigeradapter
- BEVESTIGDE BLADAFSCHERMING BOVENAAN
- VERGRENDELKNOP SPIL
- HENDEL VOOR DIEPTEVERSTELLING
- BLADBOUT
- BUITENSTE FLENS
- ZAAGBLAD*
- BINNENSTE FLENS
- ACCUPACK *
* Niet alle afgebeelde of beschreven toebehoren worden standaard meegeleverd
TECHNISCHE GEGEVENS
Type WX531 WX531.X (5- aanduiding van machinerie, kenmerkend van Zaag)
| WX531 WX531.X** | |
| Spanning 20V | ==Max^*** |
| Nominaal toerental | 6900/min |
| Toerental onbelast | 6900/min |
| Grootte van zaagblad | 24T Zaagblad (TCT) (WA5100) | 115mm x 1.5mmx 9.5mmx 24T |
| 60T Zaagblad (HCS) (WA8302) | 115mm x 1.2mm x 9.5mmx 60T | |
| Schurende snijschijf (WA5048) | 115mm x 1.6mm x 9.5mmx60 G | |
| Zaagcapaciteit | zaagdiepte bij 90° 41 mm | |
| zaagdiepte bij 45° 29.5mm | ||
| Hellingscapaciteit | 0-46° | |
| Gewicht machine ( Kaal gereedschap) | 1.71kg | |
** X = 1-999, A-Z, M1-M9 zijn alleen voor verschillende klanten, er zijn geen veiligheidsgerelateerde wijzigingen tussen deze modellen._
*** Spanning gemeten zonder belasting.
Beginspanning batterij bereikt maximum 20 volt.
Nominale spanning is 18 volt.
| Categorie | Typ Hoedanigheid |
| 20V Accu | WA3550 1.5Ah |
| WA3550.1 1.5Ah | |
| WA3551 2.0Ah | |
| WA3551.1 2.0Ah | |
| WA3553 4.0Ah | |
| 20V Lader | WA3880 2.0A |
| WA3760 0.4A | |
| WA3869 2.0A |
We raden u aan om accessoires te kopen in de winkel waar het gereedschap wordt verkocht. Zie het accessoirepakket voor meer informatie. Winkelpersoneel kan u helpen en adviseren.
GELUIDSPRODUCTIE (ZAGEN IN HOUT/ZAGEN IN METAAL)
| A-gewogen geluidsdruk L | _pA =81.2dB(A) |
| A-gewogen geluidsvermogen L | _wA =92.2dB(A) |
| K_pA & K_wA | 3dB(A) |
Totale trillingswaarden (som triax vector) bepaald volgens EN 62841:
| Trillingswaarde: | Zagen in hout: a_h,w = 0.469m/s^2 |
| Onzekerheid K = 1.5m/s2 | |
| Zagen in metaal: a_h,M = 0.455m/s^2 | |
| Onzekerheid K = 1.5m/s2 |
De totale waarde van trillingen en geluidsemissie werden gemeten volgens een standaard testmethode en kunnen worden gebruikt om gereedschappen te vergelijken.
De totale waarde van trillingen en geluidsemissie kunnen ook voor een voorlopige beoordeling van de blootstelling worden gebruikt.
WAARSCHUWING: Trillingen en geluidsemissie die tijdens het gebruik van het gereedschap optreden, kunnen verschillen van de opgegeven waarde, dit is afhankelijk van de manier
waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het werkstuk dat wordt bewerkt, afhankelijk van de volgende voorbeelden en andere variaties in de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt: Hoe de machine gebruikt wordt en hoe het materiaal gesneden of geboord wordt. De conditie en de onderhoudstoestand van de machine.
Gebruik van de juiste toebehoren. Zorg ervoor dat ze scherp zijn en in goede conditie.
Hoe stevig de handgreep wordt vastgehouden en of er anti-trilling en -geluidsaccessoires worden gebruikt.
De machine moet gebruik worden zoals door de ontwerper bedoeld is en in overeenstemming met deze instructies.
Deze machine kan een trillingssyndroom in hand en arm veroorzaken als hij niet op de juiste wijze gehanteerd wordt.
WAARSCHUWING: Voor de nauwkeurigheid moet bij een schatting van het blootstellingsniveau in de feitelijke gebruiksomstandigheden rekening worden gehouden met alle delen van de bewerking, zoals het moment dat de machine wordt uitgeschakeld en de tijden waarop de machine loopt zonder daadwerkelijk gebruikt te worden. Dit kan het blootstellingsniveau over de totale werkperiode aanzienlijk verminderen.
Het risico op blootstelling aan trillingen en geluid verminderen.
Gebruik ALTIJD scherpe beitels, boren en zaagbladen.
Onderhoud de machine volgens deze instructies en houd hem goed gesmeerd (voor zover van toepassing).
Als het gereedschap regelmatig wordt gebruikt, investeer dan in anti-trilling en -geluidsaccessoires. Plan de werkzaamheden zodat de taken met veel trillingen over een aantal dagen verspreid worden.
TRILLINGSGEGEVENS (ZAGEN IN TEGELS)
Totale trillingswaarden (som triax vector) bepaald volgens EN 60745:
| Trillingswaarde: | Zagen in tegels a_h = 0.466m/s^2 |
| Onzekerheid K = 1.5m/s ^2 |
De opgegeven totale trillingswaarde kan worden gebruikt om een gereedschap met een ander te vergelijken en kan ook dienen als een voorlopige beoordeling van de blootstelling.
WAARSCHUWING: De
trillingsemissiewaarde tijdens het feitelijke gebruik van dit elektrisch gereedschap kan afwijken van de opgegeven waarde, afhankelijk van de wijze
waarop het gereedschap wordt gebruikt, zoals in de volgende voorbeelden:
Hoe de machine gebruikt wordt en hoe het materiaal gesneden of geboord wordt.
Of het gereedschap in goede staat verkeerd en correct wordt onderhouden.
Gebruik van de juiste toebehoren voor het gereedschap en of deze scherp zijn en in goede staat verkeren.
De stevigheid van de grip op de handgrepen en het eventuele gebruik van antivibratie-accessoires.
En of het gereedschap wordt gebruikt waarvoor het ontworpen is en in overeenstemming met deze instructies.
Dit gereedschap kan een trillingssyndroom in de handen en armen veroorzaken als het niet op de juiste wijze gehanteerd wordt.

WAARSCHUWING: Voor de nauwkeurigheid moet bij een schatting van het
blootstellingsniveau in de feitelijke gebruiksomstandigheden rekening worden gehouden met alle delen van de bedrijfscyclus, zoals het moment waarop het gereedschap wordt uitgeschakeld en terwijl het gereedschap in werking is zonder daadwerkelijk gebruikt te worden. Dit kan het blootstellingsniveau over de totale werkperiode aanzienlijk verminderen.
Help de blootstelling aan trillingen te minimaliseren.
Gebruik ALTIJD scherpe beitels, boren en zaagbladen
Onderhoud de machine volgens deze instructies en houd hem goed gesmeerd (voor zover van toepassing)
Schaf antivibratie-accessoires aan wanneer u het gereedschap geregeld gebruikt.
Plan de werkzaamheden zodat de taken met veel trillingen over een aantal dagen verspreid worden.
BEDIENINGSINSTRUCTIES

OPMERKING: Lees het instructieboekje aandachtig voor gebruik van het gereedschap.
WAARSCHUWING: Maak de hendel niet los, vóórdat het zaagblad geheel stilstaat en raak het zaagblad niet aan als het zaagblad draait.
Gebruik volgens bestemming:
Het gereedschap is bedoeld voor het in de lengte en kruiselings zagen van hout, en andere materialen in rechte lijnen, terwijl het stevig op het werkstuk rust.
ASSEMBLAGE EN BEDIENING
| ACTIE FIGUUR | |
| VOOR GEBRUIK | |
| De accu verwijderen Zie Fig. A1 | |
| De batterij opladen Zie Fig.A2 | |
| De accu installeren Zie Fig. A3 | |
| MONTAGE | |
| Het blad monteren en verwijderenOPMERKING:voor losdraaien of vastdraaien van de bladbout moet de spilvergrendelknop worden ingedrukt.WAARSCHUWING:Verwijder vóórdat u het zaagblad vervangt altijd eerst de accu! | Zie Fig. B |
| Veiligheidsschakelaar en Aan/Uit-schakelaarWAARSCHUWING:Leg uw handen niet rond de grondplaat om letsel door het scherpe zaagblad te voorkopenOPMERKING:Wanneer u het gereedschap gebruikt, sluit u de stofadapter aan op de stofafscheider. | Zie Fig. C |
| Kruis- en schulpzagenOPMERKING:Lijn de snijlijn van het zaagblad uit met het snijpunt 0°. | Zie Fig. D1, D2 |
| Parallel Geleider Zie Fig.E1, E2 | |
| Zaag diepte Aanpassen Zie Fig. | F1, F2 |
| Zaag hoek AanpassenOPMERKING:Lijn de snijlijn van het zaagblad uit met het snijpunt 45°. | Zie Fig. G |
| Zak/Bad Zie Fig. H1, H2 | |
| Zaagsel Verwijderen Zie Fig.. I |
Wordt de machine te heet, laat hem dan 2 à 3 minuten onbelast draaien om de motor af te koelen. Vermijd langdurig gebruik bij zeer lage snelheden. Bescherm de zaagbladen tegen schokken en stoten. Te sterke voorwaartse aandrukkracht beperkt de capaciteit van het gereedschap aanzienlijk en bekort de levensduur van het zaagblad. Zaagcapaciteit en zaagkwaliteit zijn in belangrijke mate afhankelijk van de toestand en de tandvorm van het zaagblad. Gebruik daarom alleen scherpe, voor het te bewerken materiaal geschikte zaagbladen. Te gebruiken messen: 24 tanden voor algemeen
werk, ong. 40 tanden voor fijnere bewerkingen, meer dan 40 tanden voor een zeer fijne bewerkingen in delicate oppervlakken, diamant voor tegels, cementplaat, enz. Gebruik alleen de aanbevolen zaagbladen.
ONDERHOUD
Verwijder het accupack voordat u eventuele aanpassingen, reparaties of onderhoud uitvoert.
Houd uw gereedschappen scherp en schoon voor betere en veiligere prestaties. Volg de instructies voor het smeren en vervangen van toebehoren.
Inspecteer periodiek de kabels van het gereedschap. Als ze beschadigd zijn moet u ze laten repareren door een erkend onderhoudscentrum. Uw gereedschap vereist geen smering of onderhoud. Dit gereedschap bevat geen onderdelen die door de gebruiker dienen te worden onderhouden. Gebruik nooit water of chemische reinigingsmiddelen voor het schoonmaken van uw elektrische gereedschap. Veeg schoon met een droge doek. Bewaar uw elektrische gereedschap altijd op een droge plaats. Houd de ventilatiegleuven van de motor schoon. Houd alle bedieningselementen vrij van stof.
Verwijder zaagsel en houtkrullen geregeld van de kap en de voetplaat om zeker te zijn van goede prestaties.
PROBLEMEN OPLOSSEN
| Probleem Mogelijke oplossing | ||
| Machine start niet als de aan/uitschakelaar bediend wordt. | Accu niet aangesloten.Accu is leeg.Koolborstels versleten | Controleer of de accu goed is aangesloten en of de aansluiting functioneert.De batterij opladenLaat de koolborstels door een bevoegde reparateur vervangen. |
| Zaagdiepte is minder dan is ingesteld. | Opgehoopt zaagsel aan de achterkant van de voetplaat. | Schud het zaagsel weg. Overweeg om stofafzuiging te gebruiken. |
| Zaagblad draait door of slipt Zaagblad | zit niet stevig vast op de as. | Verwijder het zaagblad en monteer het zoals beschreven onder Het blad monteren en verwijderen |
| Er wordt geen rechte snede gemaakt. | Zaagblad is bot.Zaagblad is niet goed gemonteerd.Zaagblad wordt niet goed geleid. | Monteer een nieuw, scherp zaagblad. Controleer of het zaagblad goed gemonteerd is.Gebruik een parallelle geleider. |
| Terugslag bij het beginnen van een snede | Tanden van zaagblad bevinden zich misschien al in het materiaal wanneer men begint.Zaagblad draait niet snel genoeg | Als u de zaag opnieuw aanzet in het werkobject, centreer het zaagblad dan in de zaagsnede en controleer of de zaagtanden niet vastzitten in het materiaal.Laat het zaagblad op snelheid komen voordat u met zagen begint |
VOOR GEREEDSCHAP MET ACCU'S
De omgevingstemperatuur voor het gebruik en de opslag van het gereedschap ligt tussen 0°C-45°C. De aanbevolen omgevingstemperatuur voor het oplaadsysteem tijdens het opladen ligt tussen 0°C-40°C.
BESCHERMING VAN HET MILIEU

Afgedankte elektrische producten mogen niet bij het normale huisafval terechtkomen. Breng deze producten waar mogelijk naar een recyclecentrum bij u in de buurt. Vraag de verkoper of de gemeente informatie en advies over het recyclen van elektrische apparatuur.
CONFORMITEITVERKLARING
Wij,
Positec Germany GmbH
Grüner Weg 10, 50825 Cologne, Germany
Verklaren dat het product
Beschrijving Accu Cirkelzaag
Type WX531 WX531.X (5- aanduiding van machinerie, kenmerkend van Zaag)
Functie snijden van verschillende materialen met een draaiende getande zaagblad
Overeenkomt met de volgende richtlijnen:
2006/42/EC
2014/30/EU
2011/65/EU&(EU)2015/863
Overeenkomt met de volgende richtlijnen:
EN 62841-1
EN 62841-2-5
EN 55014-1
EN 55014-2
EN 60745-1
EN 60745-2-22
EN 61000-3-2
EN 61000-3-3
De persoon die bevoegd is om het technische bestand te compileren,
Naam Marcel Filz
Adres Positec Germany GmbH
Grüner Weg 10, 50825 Cologne, Germany

text_image
M A
text_image
C€2019/11/26
Allen Ding
Plaatsvervangend Chief Ingenieur,
Testen en Certificering
Positec Technology (China) Co., Ltd





















