MKG21VADE0 - Vriezer SIEMENS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MKG21VADE0 SIEMENS in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over MKG21VADE0 SIEMENS
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vriezer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MKG21VADE0 - SIEMENS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MKG21VADE0 van het merk SIEMENS.
GEBRUIKSAANWIJZING MKG21VADE0 SIEMENS
nl Gebruiksaanwijzing

Veiligheid.... 111
Algemene aanwijzingen 111
Bestemming van het apparaat..... 111
Inperking van de gebruikers ..... 112
Veiliger transport 112
Veilige installatie.... 112
Veilig gebruik.... 113
Beschadigd apparaat.... 116
Het voorkomen van materiële schade 118
Milieubescherming en besparing.... 118
Afvoeren van de verpakking ..... 118
Energie besparen.... 118
Opstellen en aansluiten...... 119
Leveringsomvang 119
Apparaat opstellen en aansluiten.... 119
Criteria voor de opstellocatie ..... 120
Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden 120
Apparaat elektrisch aansluiten..... 121
Uw apparaat leren kennen...... 121
Apparaat.... 121
Bedieningselementen.... 121
Opmerkingen bij het gebruik ..... 122
Machine uitschakelen.... 122
Temperatuur instellen.... 122
Extra functies 122
Automatisch Supervriezen...... 122
Handmatig Supervriezen...... 123
Alarm.... 123
Deuralarm.... 123
Temperatuuralarm 123
Vriesvak.... 124
Invriescapaciteit...... 124
Vriesvakvolume volledig gebruiken.... 124
Tips voor het inkopen van diepvrieskost 124
Tips voor het bewaren van le- vensmiddelen in het vriesvak...... 124
Kleinere hoeveelheid levensmid- delen snel bevriezen .... 125
Tips voor het bevriezen van ver- se levensmiddelen 125
Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij -18 °C.... 126
Diepvrieskalender.... 126
Ontdooimethodes voor diepvrieswaren 126
Ontdooien.... 126
Ontdooien in het vriesvak ...... 126
Reiniging en onderhoud...... 127
Apparaat voorbereiden voor reiniging.... 127
Apparaat schoonmaken...... 127
Onderdelen eruit halen 128
Storingen verhelpen 129
Functiestoringen.... 129
Aanwijzingen op het display ..... 130
Temperatuurprobleem.... 130
Geluiden 130
Geurtjes 131
Apparaatzelftest uitvoeren...... 132
Opslaan en afvoeren.... 132
Apparaat buiten gebruik stellen ... 132
Afvoeren van uw oude apparaat.. 132
nl
Servicedienst.... 133
Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD) 133
Houd de informatie omtrent veiligheid aan, zodat u het apparaat veilig kunt gebruiken.
Dit apparaat is conform de desbetreffende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten en is ontstoord.
Algemene aanwijzingen
Hier vindt u algemene informatie over deze gebruiksaanwijzing.
■ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kunt u het apparaat veilig en efficiënt gebruiken.
■ Deze gebruiksaanwijzing is bestemd voor de gebruiker van het apparaat.
■ Neem de veiligheidsvoorschriften en waarschuwingen in acht.
■ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
■ Controleer het apparaat na het uitpakken. Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
Bestemming van het apparaat
Om het apparaat veilig en op de juiste manier te gebruiken dient u de aanwijzingen over het beoogd gebruik in acht te nemen.
Dit apparaat is uitsluitend voor de inbouw bedoeld. Installatiehandleiding aanhouden.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
■ volgens deze gebruiksaanwijzing.
■ om levensmiddelen in te vriezen en voor ijsbereiding.
■ voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
■ tot een hoogte van maximaal 2000 m boven zeeniveau.
Inperking van de gebruikers
Voorkom risico's voor kinderen en kwetsbare personen.
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toe-zicht staan of zijn geïinstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.
Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/diepvriezer vullen en legen.
Veiliger transport
Houd de veiligheidsaanwijzingen aan wanneer u het apparaat transporteert.
⚠ WAARSCHUWING – Gevaar voor letsel!
Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.
▶ Het apparaat niet alleen optillen.
Veilige installatie
Houd deze veiligheidsaanwijzingen in acht bij de installatie van het apparaat.
⚠ WAARSCHUWING – Gevaar voor een elektrische schok!
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.
- Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd.
- Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
- Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften worden ingebouwd.
▶ Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.
■ Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
- Als het netsnoer te kort is, contact opnemen met de servicedienst.
▶ Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters gebruiken.

Draagbare meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden.
- Plaats geen draagbare meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen achter het apparaat.
Veilig gebruik
Neem bij gebruik van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.
⚠ WAARSCHUWING – Gevaar voor een elektrische schok!
■ Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met hete apparaatonderdelen of warmtebronnen in contact brengen.
nl Veiligheid
- Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen.
- Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.
■ Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.
▶ Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid. - Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
■ Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
▶ Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
▶ Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
■ Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
■ Elektrische apparaten binnenin het apparaat kunnen explode- ren, bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders.
- Gebruik geen elektrische apparaten binnenin het apparaat.
■ Mechanische inrichtingen of andere middelen kunnen de koudekringloop beschadigen, brandbaar koudemiddel kan lekken en exploderen.
- Gebruik voor het versnellen van het ontdooien geen andere mechanische inrichtingen of andere middelen dan diegene die door de fabrikant zijn aanbevolen.
■ Producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen kunnen exploderen, bijv. spuitbussen.
▶ Bewaar geen producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen in het apparaat.
De dampen van brandbare vloeistoffen kunnen ontsteken (explosieve verbranding)
- Dranken met een hoog alcoholpercentage uitsluitend goed afgesloten en staand bewaren.
⚠ WAARSCHUWING – Gevaar voor letsel!
■ Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten.
- Geen flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank in het vriesvak bewaren.
■ Letsel aan de ogen door lekkend brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen.
▶ Beschadig de leidingen van de koudemiddelkringloop en isolatie niet.
■ Het apparaat kan kantelen.
▶ Niet op de plint, laden of deuren staat of leunen.
⚠ WAARSCHUWING – Gevaar voor verbranding!
Sommige onderdelen van het apparaat worden tijdens het gebruik heet.
▶ Raak de hete onderdelen nooit aan.
▶ Houd kinderen uit de buurt.
Contact met diepvrieswaren en koude oppervlakken kan tot brandwonden door koude leiden.
- Nooit diepvrieswaren in de mond nemen nadat deze uit het vriesvak werden genomen.
▶ Voorkom dat de huid langdurig in contact komt met diepvrieswaren, ijs en de buizen in het vriesvak.
⚠️ VOORZICHTIG – Gezondheidsrisico!
Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van levensmiddelen te voorkomen.
- Wanneer de deur langere tijd wordt geopend, kan dit leiden tot een aanzienlijke temperatuurstijging in de vakken van het apparaat.
nl Veiligheid
- Maak de oppervlakken, die met levensmiddelen en toegan-kelijke afvoersystemen in contact komen, regelmatig schoon.
- Wanneer het koel-/vriesapparaat langere tijd leeg staat, het apparaat uitschakelen, ontdooien, reinigen en de deur open laten, om schimmelvorming te voorkomen.
Beschadigd apparaat
Neem deze veiligheidsvoorschriften in acht als uw apparaat beschadigd is.
⚠ WAARSCHUWING – Gevaar voor een elektrische schok!
■ Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
▶ Nooit een beschadigde apparaat gebruiken.
- Nooit een apparaat met gescheurd of gebroken oppervlak gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
▶ Neem contact op met de servicedienst. → Pagina 133
▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
■ Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
▶ Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koude-middel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.
- Houd vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat.
▶ Ventileer de ruimte.
▶ Het apparaat uitschakelen. → Pagina 122
▶ De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
▶ Neem contact op met de service-afdeling. → Pagina 133
Het voorkomen van mate- riële schade
Ter voorkoming van materiële schade, aan het apparaat, de accessoires of keukenvoorwerpen dient u de aanwijzingen in acht te nemen.
LET OP!
■ Door verontreinigingen met olie of vet kunnen kunststofdelen en deurafdichtingen poreus worden.
- Houd kunststofdelen en deuraf-dichtingen olie- en vetvrij.
■ Door het gebruik van de plint, la- den of apparaatdeuren als zitvlak of opstapje kan het apparaat be- schadigd raken.
- Niet op de plint, laden of deuren staat of leunen.
Milieubescherming en be- sparing
Bescherm het milieu door het apparaat op een hulpbronnenbesparende manier te gebruiken en herbruikbare materialen op de juiste manier af te voeren.
Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieu-vriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Keuze van de opstellingslocatie
Houd deze aanwijzing aan wanneer u het apparaat plaatst.
■ Stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht.
■ Plaats het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen:
- Houd 30 mm afstand aan tot elektrische- of gasfornuizen.
- Houd 30 cm afstand aan tot olie- en kolenfornuizen.
+ Het apparaat hoeft bij lagere omgevingstemperaturen minder vaak te koelen.
■ Een nisdiepte van 560 mm gebruiken.
■ Ventilatieopeningen niet afdekken of blokkeren.
■ Ventileer de ruimte dagelijks.
+ De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm.
Het apparaat hoeft minder vaak te koelen.
Energie besparen bij het gebruik.
Houd deze aanwijzing aan wanneer u uw apparaat gebruikt.
Aanwijzing De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.
■ Ventilatieopeningen niet afdekken of blokkeren.
+ De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm.
■ Open de ovendeur slechts kort.
■ Transporteer gekoelde levensmiddelen in een koeltas en leg ze snel in het apparaat.
■ Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen.
■ Leg om de koude van de diepvriesproducten te benutten, deze ter ontdooiing in het koelvak.
+ De lucht in het apparaat warmt niet zo sterk op.
Het apparaat hoeft minder vaak te koelen.
■ Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de achterwand.
■ Verpak de levensmiddelen lucht-dicht.
+ De lucht kan circuleren en de luchtvochtigheid blijft constant.
■ Vriesvak regelmatig ontdooien.
+ Een vorstvrij vriesvak is stroombesparend en koelt de diepvrieswaren optimaal.
■ Deur van het vriesvak slechts kortstondig openen en zorgvuldig sluiten.
+ Een gesloten deur van het vriesvak beschermt het vriesvak tegen sterke verijzing.
Opstellen en aansluiten
Waar en hoe u het apparaat het beste opstelt, komt u hier te weten. Bovendien komt u te weten hoe u het apparaat op het elektriciteitsnet aansluit.
Leveringsomvang
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering. Neem bij klachten met uw dealer of onze servicedienst → Pagina 133 contact op.
De levering bestaat uit:
Inbouw
■ Uitrusting en accessoires ^1
■ Installatiemateriaal
■ Installatiehandleiding
■ Gebruiksaanwijzing
■ Klantenserviceboekje
■ Garantiebijlagé
■ Energielabel
■ Productgegevensblad
■ Informatie over energieverbruik en geluiden
Apparaat opstellen en aan- sluiten
Voorwaarde: De leveringsomvang van het apparaat is gecontroleerd. → Pagina 119
- Houd de criteria aan voor de op- stellocatie van het apparaat. → Pagina 120
- Installeer het apparaat overeenkomstig de meegeleverde installatiehandleiding.
-
Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden. → Pagina 120
-
Het apparaat elektrisch aansluiten.
→ Pagina 121
Criteria voor de opstellocatie
Houd deze aanwijzing aan wanneer u het apparaat plaatst.

WAARSCHUWING
Explosiegevaar!
Wanneer het apparaat in een te kleine ruimte staat, kan er bij een lek van het koudecircuit een brandbaar gas-luchtmengsel ontstaan.
- Stel het apparaat uitsluitend op in een ruimte, welke tenminste een volume heeft van 1 m ^3 per 8 g koudemiddel. De hoeveelheid van het koudemiddel staat op het typeplaatje. → Afb. 1 / 3
Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 45 bedragen.
De ondergrond moet stabiel genoeg zijn om het gewicht van het apparaat te dragen.
Toegestane ruimtetemperatuur
De toegestane kamertemperatuur is afhankelijk van de klimaatklasse van het apparaat.
De klimaatklasse vindt u op het typeplaatje. → Afb. 1/3
| Klimaatklasse | Toegestane ruimtetemperatuur |
| SN 10 °C...32 °C | |
| N 16 °C...32 °C | |
| ST 16 °C...38 °C | |
| T 16 °C...43 °C |
Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentemperatuur.
Wanneer u een apparaat van de klimaatklasse SN gebruikt bij lagere kamertemperaturen, dan kunnen be-
schadigingen aan het apparaat tot een kamertemperatuur van 5 °C worden uitgesloten.
Nismaten
Neem de nisafmetingen in acht als u uw apparaat in de meubelnis in- bouwt. Bij afwijkingen kunnen proble- men optreden tijdens de installatie van het apparaat.
Nisdiepte
Bouw het apparaat in de aanbevolen nisdiepte van 560 mm in.
Bij een kleinere nisdiepte wordt het energieverbruik iets hoger. De nis-diepte moet minimaal 550 mm bedragen.
Nisbreedte
Voor het apparaat is een meubelnis met een binnenbreedte van minimaal 560 mm nodig.
Als u 2 apparaten naast elkaar wilt opstellen, moet u tussen de apparaten minimaal een tussenafstand van 150 mm aanhouden.
Over-and-under-opstelling
Boven uw apparaat kunt u nog een koelkast opstellen.
Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden
- Haal het informatiemateriaal er uit.
- Verwijder de beschermfolie en transportborgingen, bijv. plakstrips en karton.
- Het apparaat voor de eerste keer reinigen. → Pagina 127
Apparaat elektrisch aansluiten
- De netstekker van het aansluit-snoer van het apparaat in een stopcontact in de omgeving van het apparaat steken.
De aansluitgegevens van het apparaat staan op het typeplaatje.
→ Afb. 1 / 3
- De netstekker op vastheid controleren.
√ Het apparaat is nu gereed voor gebruik.
Uw apparaat leren kennen
Lees meer over de onderdelen van uw apparaat.
Apparaat
Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.
→ Afb. 1
| 1 | Bedieningselementen |
| 2 | Diepvrieslade |
| 3 | Typeplaatje |
Aanwijzing Verschillen tussen uw apparaat en de afbeeldingen zijn mogelijk op basis van uitrusting en grootte.
Bedieningselementen
Via de bedieningselementen kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
→ Afb. 2
1 °C stelt de temperatuur van het vriesvak in.
| 2 | super brandt, wanneer Supervriezen is ingeschakeld. |
| 3 | Toont de ingestelde temperatuur van het vriesvak in °C. |
| 4 | 1 schakelt het apparaat in of uit. |
Uitrusting
Hier krijgt u een overzicht van de accessoires behorende bij uw apparaat en de manier waarop ze worden gebruikt.
De uitrusting van uw apparaat is modelafhankelijk.
Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn speciaal op uw apparaat af-gestemd. Hier krijgt u een overzicht van de accessoires behorende bij uw apparaat en de manier waarop ze worden gebruikt.
De accessoires van het apparaat zijn afhankelijk van het model.
Koude-accu
Gebruik de koude-accu voor het tijdelijk koel houden van levensmiddelen, bijv. in een koeltas.
Tip: De koude-accu vertraagt bij het uitvallen van de stroom of bij een storing het verwarmen van de opgeslagen diepvrieswaren.
IJsblokjesschaal
Gebruik de ijsblokjesschaal om ijsblokjes te maken.
IJsblokjes maken
- De ijsblokjesschaal voor 34 met water vullen en in het vriesvak plaatsen.
Vastgevroren ijsblokjesschaal alleen met een bot voorwerp, bijv. steel van een lepel, losmaken.
nl De Bediening in essentie
- Om de ijsblokjesschaal los te maken de ijsblokjesschaal iets verbui-gen of kort onder stromend water houden.
De Bediening in essentie
Hier wordt de bediening van het apparaat in essentie beschreven.
Apparaat inschakelen
- Indrukken.
√ Het apparaat begint te koelen.
- Er weerklinkt een waarschuwingssignaal en de temperatuurindicatie knippert omdat het vriesvak nog te warm is.
- Het waarschuwingssignaal met °C uitschakelen.
√ °C gaat uit zodra de ingestelde temperatuur is bereikt.
- De gewenste temperatuur instellen. → Pagina 122
Opmerkingen bij het gebruik
■ Wanneer u het apparaat heeft ingeschakeld, wordt de ingestelde temperatuur pas na enkele uren bereikt. Geen levensmiddelen in het apparaat doen voordat de temperatuur is bereikt.
■ De kopzijden en de bovenzijde van de behuizing worden tijdelijk licht verwarmd. Dit voorkomt vorming van condenswater in de zone van de deurafdichting.
■ Als u de deur van het vriesvak sluit, kan een onderdruk ontstaan en u kunt de deur van het vriesvak niet direct opnieuw openen. Wacht een ogenblik tot de onderdruk wordt gecompenseerd.
Machine uitschakelen
▶ Ⓐ indrukken.
√ Het apparaat koelt niet meer.
Temperatuur instellen
Nadat u het apparaat heeft ingeschakeld, kunt u de temperatuur instellen.
Vriesvaktemperatuur instellen
- Zo vaak op °drukken tot de temperatuurindicatie de gewenste temperatuur toont.
De aanbevolen temperatuur in het vriesvak bedraagt -18 °C.
Extra functies
Kom te weten over welke instelbare extra functies uw apparaat beschikt.
Automatisch Supervriezen
Het automatisch Supervriezen schakelt bij het inruimen van warme levensmiddelen automatisch in. Bij het automatisch Supervriezen koelt het vriesvak duidelijk op een lagere temperatuur dan bij de normale werking. Hierdoor bevriezen levensmiddelen snel tot in de kern. Als het automatische Supervriezen is ingeschakeld, brandt suken er kunnen meer geluiden ontstaan. Het apparaat schakelt na het verstrijken van het automatisch Supervriezen op normale werking.
Automatisch Supervriezen annuleren
- Zo vaak op °Cdrukken tot de temperatuurindicatie de gewenste temperatuur toont.
Handmatig Supervriezen
Bij het Supervriezen koelt het vriesvak zo koud mogelijk. Hierdoor bevriezen levensmiddelen snel tot in de kern.
Schakel Supervriezen 4 tot 6 uur voor het inladen van een hoeveelheid levensmiddelen vanaf 2 kg in het vriesvak in.
Om het invriesvermogen te benutten, gebruikt u Supervriezen.
→ "Voorwaarden voor invriesvermo-gen", Pagina 124
Aanwijzing Als Supervriezen is ingeschakeld, kan er meer geluid ont-staan.
Handmatig Supervriezen inschakelen
- Zo vaak op °Cdrukken tot super brandt.
Aanwijzing Na ca. 60 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.
Handmatig Supervriezen uitschakelen
- Zo vaak op °Cdrukken tot de temperatuurindicatie de gewenste temperatuur toont.
Alarm
Uw apparaat beschikt over alarm- functies.
Deuralarm
Als de deur van het apparaat langere tijd openstaat wordt het deuralarm ingeschakeld.
Waarschuwingssignaal (deuralarm) uitschakelen
- De apparaatdeur sluiten of op °C drukken.
√ Het waarschuwingssignaal is uitgeschakeld.
Temperatuuralarm
Wanneer het te warm is in het vriesvak, wordt het temperatuuralarm geactiveerd.
⚠️ VOORZICHTIG Gezondheidsrisico!
Bij het ontdooien kan er bacterievorming optreden en kunnen de diepvrieswaren bederven.
▶ Half of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen.
- Het voedsel pas na het koken of braden opnieuw invriezen.
- De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten.
Zonder gevaar voor de diepvrieswaren kan het temperatuuralarm in volgende gevallen inschakelen:
■ Het apparaat wordt in gebruik genomen.
■ Er worden grote hoeveelheden verse levensmiddelen ingeruimd.
■ De deur van het vriesvak is te lang geopend.
Waarschuwingssignaal (temperatuuralarm) uitschakelen
▶ °C indrukken.
√ De temperatuurindicatie toont opnieuw de ingestelde temperatuur.
Vriesvak
In het vriesvak kunt u diepvrieswaren bewaren, levensmiddelen bevriezen en ijsblokjes maken.
De temperatuur is van -16 °C tot -24 °C instelbaar.
Langdurig bewaren van levensmiddelen moet op een temperatuur van - 18 °C of lager gebeuren.
Door het invriezen kunt u bederfelijke levensmiddelen gedurende lange tijd bewaren. De lage temperaturen vertragen of stoppen het bederven.
De tijd die nodig is om verse levensmiddelen volledig diep te vriezen is afhankelijk van verschillende factoren:
■ Ingestelde temperatuur
■ Levensmiddel (grootte en soort)
■ Bewaarde hoeveelheid
■ Reeds bewaarde hoeveelheid levensmiddelen
Invriescapaciteit
Het invriesvermogen geeft aan welke hoeveelheid levensmiddelen in hoeveel uur tot in de kern kan worden ingvroren.
Informatie over het invriesvermogen vindt u op het typeplaatje. → Afb. 1/
3
Voorwaarden voor invriesvermogen
- Ca. 24 uur vóór het inladen van verse levensmiddelen, Supervriezen inschakelen.
→ "Handmatig Supervriezen in-schakelen", Pagina 123
- Eerst het bovenste vak vullen met levensmiddelen. Daar bevriezen de levensmiddelen het snelst.
- Wanneer het bovenste vak niet groot genoeg is, de resterende hoeveelheid in het vak eronder in- ruimen.
Vriesvakvolume volledig gebruiken
Kom te weten hoe u de maximale hoeveelheid diepvriesproducten in het vriesvak onderbrengt.
- Alle uitrustingsdelen verwijderen. → Pagina 128
- Levensmiddelen rechtstreeks op de legplateaus en de bodem van het vriesvak bewaren.
Tips voor het inkopen van diepvrieskost
Neem de tips in acht als u diepvries-kost inkoopt.
■ Op onbeschadigde verpakking letten.
■ Op de houdbaarheidsdatum letten.
- De temperatuur in de supermarkt-vriezer moet -18^ of kouder zijn.
- De diepvriesketen niet onderbreken. Diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in het vriesvak leggen.
Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak
Neem de tips in acht als u levensmiddelen in het vriesvak inruimt.
- Om grotere hoeveelheden verse levensmiddelen snel en voorzichtig in te vriezen, deze in de bovenste diepvrieslade leggen.
■ De levensmiddelen naast elkaar in de vakken of diepvriesladen leggen.
In te vriezen levensmiddelen niet in aanraking brengen met ingevroren levensmiddelen.
Indien nodig diepgevroren levensmiddelen in het vriesvak veranderen van positie.
■ Voor een goede luchtcirculatie in het apparaat de diepvrieslade tot aan de aanslag inschuiven.
Kleinere hoeveelheid levens- middelen snel bevriezen
Neem de aanwijzingen in acht als u een kleinere hoeveelheid levensmiddelen snel wilt bevriezen.
-
De levensmiddelen van rechts beginnend in de bovenste diepvrieslade leggen.
-
De levensmiddelen over een groot oppervlak verdelen.
Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen
Neem de tips in acht als u verse levensmiddelen invriest.
■ Alleen verse en onberispelijke levensmiddelen bevriezen.
■ Voor het verbruik gekookte, gebra- den of gebakken levensmiddelen zijn geschikter dan rauw te eten le- vensmiddelen.
- Om voedingswaarde, aroma en kleur te behouden, moet u bepaalde levensmiddelen voorbereiden om in te vriezen.
- Groente: wassen, kleiner maken, blancheren.
- Fruit: wassen, ontpitten en eventueel schillen, eventueel suiker of ascorbinezuuroplossing toevoegen.
Meer aanwijzingen vindt u in de desbetreffende literatuur.
Over het invriezen van geschikte levensmiddelen
■ Brood en banket
■ Vis en zeevruchten
■ Vlees
■ Wild en gevogelte
■ Groente, fruit en kruiden
■ Eieren zonder schaal
■ Melkproducten, bijv. kaas, boter en kwark
■ Bereide gerechten en kliekjes, zoals soep, stoofschotels, gaar vlees en gare vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete toetjes
Over het invriezen van ongeschikte levensmiddelen
■ Groentesoorten die meestal rauw worden gegeten, zoals kropsla en radijsjes
■ Ongepelde of hardgekookte eieren
■ Wijndruiven/druiven
■ Hele appels, peren en perziken
■ Yoghurt, dikke zure melk, zure room, crème fraîche en mayonaise
Diepvrieswaren verpakken
Als u geschikt verpakkingsmateriaal en de juiste soort verpakking kiest, kunt u de productkwaliteit in hoge mate behouden en vriesbrand vermijden.
- De levensmiddelen in de verpakking leggen.
Geschikte verpakking:
– Kunststoffolie van polyethyleen
- Buisfolie van polyethyleen
- Diepsvrieszakjes van polyethyleen
- Diepvriesdozen
Niet geschikt als verpakking:
- (in)pakpapier
- Perkamentpapier
- Cellofaan
- Aluminiumfolie
- Vuilniszakken en gebruikte plastic zakken
nl Ontdooien
- De lucht eruit drukken.
- De verpakking luchtdicht afsluiten om te voorkomen dat de levensmiddelen hun smaak verliezen of uitdrogen.
Geschikte afsluitingen:
- Rubberringen
- Kunststofclips
-
Koudebestendig plakband
-
De verpakking met de inhoud van de invriesdatum voorzien.
Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij -18 °C
Neem de bewaartijden in acht als u levensmiddelen invriest.
Levensmiddel Bewaartijd
| Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banket | Tot 6 maanden |
| Gevogelte, vlees Tot 8 maanden | |
| Groente, fruit Tot 12 maanden | |
Diepvrieskalender
De erop gedrukte vrieskalender geeft de maximale bewaartijd in maanden aan bij een constante temperatuur van -18 °C.
Ontdooimethodes voor diepvrieswaren
Om de productkwaliteit zo goed mogelijk te behouden, de ontdooimethode aan levensmiddel en gebruiksdoel aanpassen.
⚠️ VOORZICHTIG Gezondheidsrisico!
Bij het ontdooien kan er bacterievorming optreden en kunnen de diepvrieswaren bederven.
▶ Half of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen.
- Het voedsel pas na het koken of braden opnieuw invriezen.
- De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten.
| Ontdooimethode Levensmiddel | |
| Koelvak Dierlijke levensmidde- len, zoals vis, vlees, kaas, kwark | |
| Omgevingstempe- Brood ratuur | |
| Magnetron Levensmiddelen voor di- recte consumptie of di- recte toebereiding | |
| Oven of fornuis Levensmiddelen voor di- recte consumptie of di- recte toebereiding |
Ontdooien
Houdt u de informatie aan, wanneer u uw apparaat wilt ontdooien.
Ontdooien in het vriesvak
Omdat de diepvrieswaren niet mogen ontdooien, ontdooit het vriesvak niet automatisch. Een laag rijp in het vriesvak vermindert de afgifte van koude aan de diepvrieswaren en verhoogt het energieverbruik.
Vriesvak ontdooien
Het vriesvak regelmatig ontdooien.
- Ca. 4 uur voor het ontdooien Supervriezen inschakelen.
→ "Handmatig Supervriezen in-schakelen", Pagina 123
De levensmiddelen bereiken hierdoor heel lage temperaturen en u kunt de levensmiddelen langer op kamertemperatuur bewaren.
-
De diepvrieslade met de diepvrieswaren verwijderen en op een koele plaats bewaren. Koude-accu's, indien voorhanden, op de dievrieswaren leggen.
-
Het apparaat uitschakelen.
→ Pagina 122
- Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
-
Om het ontdooien te versnellen, een pan met heet water op een onderzetter in het vriesvak zetten.
-
Het dooiwater met een zachte doek of een spons opvegen.
-
Het vriesvak met een zachte, droge doek droogwrijven.
-
Het apparaat elektrisch aansluiten.
-
Het apparaat inschakelen.
→ Pagina 122
- De diepvrieslade met de diepvrieswaren opnieuw plaatsen.
Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
Apparaat voorbereiden voor reiniging
Informatie over de wijze waarop u uw apparaat voorbereid voor reiniging
- Het apparaat uitschakelen.
→ Pagina 122
- Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Haal alle levensmiddelen uit het apparaat en bewaar deze op een koele plek.
Indien beschikbaar koelementen op de levensmiddelen leggen.
-
Als een rijplaag voorhanden is, deze laten ontdooien.
-
Neem alle uitrustingsdelen uit het apparaat. → Pagina 128
Apparaat schoonmaken
Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zodat het niet door een verkeerde reiniging of ongeschikte schoonmaakmiddelen beschadigd raakt.
⚠ WAARSCHUWING
Gevaar voor een elektrische schok!
■ Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hoge-drukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
■ Vloeistof in de verlichting kan gevaarlijk zijn.
- Het sop mag niet in de verlichting terechtkomen.
LET OP!
- Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Geen harde schuur- of afwas-sponsjes gebruiken.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
■ Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.
▶ Reinig nooit plateaus en houders in de vaatwasser.
nl Reiniging en onderhoud
- Apparaat voorbereiden voor reini- ging. → Pagina 127
- Het apparaat, de uitrustingsdelen en de deurafdichting met een vaatdoek, lauwwarm water en een beetje pH-neutraal afwasmiddel reinigen.
- Met een zachte, droge doek grondig nadrogen.
- Plaats de uitrustingsdelen in het apparaat.
- Het apparaat elektrisch aansluiten.
- Het apparaat inschakelen. → Pagina 122
- Doe de levensmiddelen in het apparaat.
Onderdelen eruit halen
Neem wanneer u de uitrustingsdelen grondig wilt reinigen deze uit het apparaat.
Vriesvaklegplateau verwijderen
- Het vriesvaklegplateau uittrekken en verwijderen.
→ Afb. 3
Diepvrieslade verwijderen
-
De diepvrieslade tot aan de aan- slag uittrekken.
-
De diepvrieslade vooraan optillen ① en eruit halen ②
→ Afb. 4
Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING
Gevaar voor een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor repa- ratie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Functiestoringen
| Storing Oorzaak Verhelpen van storingen | ||
| Apparaat werkt niet.Er brandt geen enkele indicatie. | De stekker zit niet goed in het stopcontact. | ► Sluit de stekker aan. |
| De zekering is geactiveerd. | ► Controleer de zekeringen. | |
| De stroom is uitgevallen.1. Controleer of er stroom is.2. Koude-accu's, indien voorhanden, op de dievrieswaren leggen. | ||
| Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden. | Het presentatielicht is ingeschakeld. | ► Voer de apparaatzelftest uit.→ Pagina 132√ Na het verstrijken van de apparaat-zelftest gaat het apparaat weer over op normale werking. |
| De koelmachine schakelt va-ker en langer in. | Apparaatdeur werd vaak geopend. | ► Open de apparaatdeur niet onnodig. |
| De ventilatieopeningen zijn afgedekt. | ► Verwijder blokkades voor de venti-latie-openingen | |
| Automatisch Supervriezen schakelt niet in. | Geen fout. Apparaat beslist zelfstandig of het automa-tisch Supervriezen nodig is en schakelt het automatisch in of uit. | Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
Aanwijzingen op het display
| Storing Oorzaak Verhelpen van storingen | ||
| Temperatuurindicatie knip-pert en waarschuwingssig-naal weerklinkt. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. | ▸ Druk op °C√ Schakel het alarm uit. |
| Deur van het apparaat is open. | ▸ Sluit de deur van het apparaat. | |
| De ventilatieopeningen zijn afgedekt. | ▸ Verwijder blokkades voor de venti-latie-openingen | |
| Er zijn grotere hoeveelheden verse levensmiddelen inge-ruimd. | ▸ Overschrijd het vriesvermogen niet.→ "Invriescapaciteit", Pagina 124 | |
Temperatuurprobleem
| Storing Oorzaak Verhelpen van storingen | ||
| Temperatuur wijkt erg af van de instelling. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. | 1. Schakel het apparaat uit. → Pagina 1222. Schakel het apparaat na ca. 5 minu-ten opnieuw in. → Pagina 122- Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur op-nieuw.- Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag op-nieuw. |
Geluiden
| Storing Oorzaak Verhelpen van storingen | ||
| Apparaat bromt. Geen storing. | Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator. | Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
| Apparaat borrelt, zoemt of gorgelt. | Geen storing. Er stroomt koudemiddel door de buizen. | Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
| Apparaat klikt. Geen storing. | Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in- of uit. | Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
| Apparaat produceert geluiden. | Het apparaat staat niet waterpas. | ► Stel het apparaat horizontaal met behulp van een waterpas. Leg er zo nodig iets onder. |
Storing Oorzaak Verhelpen van storingen
| Apparaat produceert geluiden. | Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen. | ► Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat. |
| Serviesgoed raakt elkaar. | ► Zet het serviesgoed verder uit elkaar. | |
| Supervriezen is ingeschakeld. | Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
Geurtjes
| Storing Oorzaak Verhelpen van storingen | ||
| Het apparaat ruikt onaange-naam. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. | 1. Bereide het apparaat voor om te reinigen. → Pagina 1272. Reinig het apparaat. → Pagina 1273. Reinig alle levensmiddelenverpak-kingen.4. Verpak sterk ruikende levensmid-delen luchtdicht om geurvorming te voorkomen.5. Controleer na 24 uur opnieuw of er luchtjes zijn ontstaan. |
Apparaatzelftest uitvoeren
- Het apparaat uitschakelen.
→ Pagina 122
- Het apparaat na ca. 5 minuten op-nieuw inschakelen. → Pagina 122
- Binnen 10 seconden na het in-schakelen °Cgedurende 3 tot 5 se- conden ingedrukt houden tot -24 °C op de temperatuurindicatie brandt en een akoestisch signaal weerklinkt.
√ De apparaatzelftest start wanneer de temperatuurindicaties na elkaar gaan branden.
√ Tijdens de apparaatzelftest weerklinkt tussendoor een lang akoes-tisch signaal.
- Als na het einde van de apparaat-zelftest 2 akoestische signalen weerklinken en de temperatuurindicatie de ingestelde temperatuur toont, is uw apparaat in orde. Het apparaat gaat over op de normale werking.
Als het vriesvak voor de apparaat-zelftest te warm was, schakelt het temperatuuralarm in.
→ "Waarschuwingssignaal (deuralarm) uitschakelen", Pagina 123
- Als na het einde van de apparaat-zelftest gedurende 10 secon-den knippert, contact opnemen met de service.
Opslaan en afvoeren
Hier krijgt u uitleg over de manier waarop u het apparaat voorbereidt voor de opslag. Daarnaast leggen we u uit hoe u oude apparaten dient af te voeren.
Apparaat buiten gebruik stellen
- Het apparaat uitschakelen.
→ Pagina 122 - Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen. - Het apparaat ontdooien.
→ Pagina 126 - Het apparaat reinigen.
→ Pagina 127 - Laat de deur van het apparaat open.
Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar gera- ken.
- Om te voorkomen dat kinderen in het apparaat kruipen legplateaus en lades niet uit het apparaat nemen.
-
Kinderen uit de buurt van een afgedankt apparaat houden.
-
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
-
Het netsnoer doorknippen.
-
Het apparaat milieuvriendelijk afvoeren.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terug-neming en verwerking van oude apparaten.
Servicedienst
Als u vragen hebt, een storing aan het apparaat niet zelf kunt verhelpen of als het apparaat moet worden gerepareerd, neem dan contact op met onze servicedienst.
Veel problemen kunt u via de informatie voor het verhelpen van storingen in deze gebruiksaanwijzing of op onze website zelf verhelpen. Als dit niet het geval is, neem dan contact op met onze servicedienst.
We vinden altijd een passende oplossing en proberen onnodig bezoek van de servicetechnicus te vermijden. We zorgen ervoor dat het apparaat zowel binnen de garantieperiode als na het verstrijken van de fabrieksgarantie met originele reserveonderdelen door geschoolde servicetechnici wordt gerepareerd.
Om veiligheidsredenen mag alleen geschoold vakpersoneel reparaties aan het apparaat uitvoeren. De garantieclaim vervalt indien reparaties of ingrepen worden uitgevoerd door personen die daartoe niet door ons zijn gemachtigd, dan wel indien onze apparaten worden voorzien van vervangende onderdelen, aanvullende
onderdelen of accessoires die geen originele onderdelen zijn en daardoor een defect wordt veroorzaakt.
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Aanwijzing Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantie- voorwaarden gratis. De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar (behalve in Denemarken en Zweden waar de duur 1 jaar bedraagt) in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantie- voorwaarden. De garantievoorwaarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft.
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de service-dienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.
Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
→ Afb. 1 / 3
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
Technische gegevens
Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.
→ Afb. 1/3
Overige informatie over uw model vindt u op het internet onder https://www.bsh-group.com/energylabel ^1 . Dit webadres bevat een link naar de officiële EU-productdatabase EPREL, waarvan de URL ten tijde van het drukken nog niet was gepubliceerd. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.
BSH Hausgeräte GmbH
Carl-Wery-Straße 34
81739 München
GERMANY
Gefabriceerd door BSH Hausgeräte GmbH onder handelsmerklicentie van Siemens AG