CK786NSE0 - Koelkast CONSTRUCTA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CK786NSE0 CONSTRUCTA in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over CK786NSE0 CONSTRUCTA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CK786NSE0 - CONSTRUCTA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CK786NSE0 van het merk CONSTRUCTA.
GEBRUIKSAANWIJZING CK786NSE0 CONSTRUCTA
1.1 Algemene aanwijzingen 57
1.2 Bestemming van het apparaat 57
1.3 Inperking van de gebruikers ... 57
1.4 Veiliger transport 57
1.5Veilige installment. 58
1.6 Veilig gebruik 59
1.7 Beschadigd apparatus 61
2 Het voorkomen van materieleschade 63
3 Milieubescherming en besparing 63
3.1 Afvoeren van de verpakking ... 63
3.2 Energie bespare 63
4 Opstellen en aansluiten 64
4.1 Leveringsomvang 64
4.2 Criteria voor de opstellocatie .. 64
4.3 Apparaat monteren 65
4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden 65
4.5 Apparaat elektrisch aanslui- ten 65
5Uwapparaatlerenkennen. 65
5.1 Apparaat 65
5.2 Bedieningspaneel 65
6Uitrusting. 66
6.1 Legplateau 66
6.2 Groente- en fruitlade.. 66
6.3 Deurrekken 66
6.4 Accessoires 66
7 De Bediening in essentie. 66
7.1 Apparaat inschakelen 66
7.2 Opmerkingen bij het gebruik .. 66
7.3 Machine uitschakelen 67
7.4 Temperatuur instellen 67
8Extra functions 67
8.1 Super-functie 67
9 Alarm 68
9.1 Deuralarm 68
9.2 Ventilatorialarm 68
10 Koelvak 68
10.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak 68
10.2 Koudezones in het koelvak... 68
10.3 Sticker "OK" 69
11 Vriesvak 69
11.1 Invriescapaciteit 69
11.2 Vriesvakvolume volledig gebruiken 69
11.3 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak. 70
11.4 Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen 70
11.5 Houdbaarheid van de diep-vrieswaren bij -18 °C 70
11.6 Ontdooimethodes voor diepvrieswaren 70
12 Ontdooien. 71
12.1 Ontdooien in het koelvak. 71
12.2 Ontdooien in het vriesvak .... 71
13 Reiniging en onderhoud.... 71
13.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging 71
13.2 Apparaat schoonmaken..... 72
13.3 De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen 72
13.4 Onderdelen eruit halen 72
14 Storingen verhelpen 74
14.1 Stroomuitval. 77
14.2 Apparaatzelftest uitvoeren.... 77
nl
15 Opslaan en afvoeren 77
15.1 Apparaat buiten gebruik stellen 77
15.2 Afvoeren van uw oude ap-paraat 78
16 Servicedienst 78
16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD) 79
Neem de volgende verilgheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
- Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
Sluit het apparaat in geval van transportschade nicht aan.
1.2 Bestemming van het apparatus
Dit apparaat is uitsluitend voor de inbouw bedoeld.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
- om levensmiddelen te koelen en in te vriezen en voor de bereiding van ijsblokjes.
- voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
tot een hoogte van 2000 m boven zeiniveau.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8aar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijkke beperkin-gen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zich onder toe-zicht staan of+zijn geinstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de waaruit resulterende bevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen nicht met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoudogens nicht worden uitgevoerd door kinderen indien denen nicht onder toezicht staan.
Kinderen vanaf 3aar enjonger dan 8aar mogen de koelkast/ diepvriezer vullen en legen.
1.4 Veiliger transport
WAARSCHUWING-Kans op letse!
Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.
- Het apparaat nicht alleen optillen.
nl
1.5 Veilige installment
WAARSCHUWING - Kans op elektrische schok!
Ondeskundige installations zijn gevaarlijk.
-
Het apparaat uitsluitend aansluten en gebruiken volgens de gelegevens op het typeplaatje.
-
Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geinstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluten.
-
Het randaardesystem van de elektrische huisinstallatie要去 conform de elektrotechnische voorschriften zich geinstalleerd.
Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijschakelaar of besturing op afstand.
- Wanner het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanner vrij teogang nicht möglich is, moet in de vast geplaatste elektrische installmentie een scheidingsinrichting volgens de installmentevoorschriftenং ingebouwd.
Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer nicht worden afgeklemd of beschadigd.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
Nooit het aansluitsnoer met warmtebronnen in contact brengen.
WAARSCHUWING - Kans op explosie!
Wanneer de ventilatieopeningen van het apparaat+zijn gesloten, dan kan bij eenlek van het koude circuit een brandhaar gas-luchtmengsel ontstaan.
- Ventilatieopeneringen in de behuizing van het apparaat of in de inbouwbehuizing Niet aflsuiten.
Het gebruik van een verlengd netsnoer en Niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
-
Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
-
Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters en netsnoeren gebruiken.
Wanneer het netsnoer te kort is en er geen langer netsnoer beschikbaar is, neem dan contact op met een elektrospecialzaak om de huisinstallatie aan te passen.
Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen können oververhit raken en tot brand leiden.
Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen nicht aan de achterkant van de apparatenplaatsen.
1.6 Veilig gezruik
WAARSCHUWING-Kans op elektrische schok!
Binnendringend�回t kan een elektrische schok veroorzaken.
- Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.
Stel het apparaat nooit bloot aan große hitte en vochtigheid. - Geen stoomreiniger of hagedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Kinderen können verpakkingsmaterialial over het hoofd trekken en hierin verstrikraken en stikken.
Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
Laat kinderen nicht met verpakkingsmaterialial spelen.
Kinderen können keine onderdelen inademen of inslikken en hier-door stikken.
Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen nicht met keine onderdelen latenten spelen.
WAARSCHUWING - Kans op explosie!
Door beschadiging van de koudemiddelkringloop kan brandbaar koudemiddellekken en exploderen.
- Gebruik voor het versnellen van het ontdooien geen andere mechanische inrichtingen of andere middelen dan diegene die door de fabrikant� aanbevolen.
Maak vastgevroren levensmiddelen met een stomp voorwerp los, bijv. met een steel van een houten lepel.
nl
Producten met brandbare vrijfussen en explosieve stoffen kūn- nen exploderen, bijv. spuitbussen.
Bewaar geen producten met brandbare vrijfgaussen en explosieve stoffen in het apparaat.
WAARSCHUWING-Kans op brand!
Elektrische apparaten binnenin het apparaat kunnen tot een brand leiden, bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders.
- Gebruik geen elektrische apparaten binnenin het apparaat.
WAARSCHUWING-Kans op letsel!
Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank können barsten.
- Geen flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank in het vriesvak bewaren.
Letsel aan de ogen door lekkend brandaar koudemiddel enschadelijke gassen.
- De buizen van de koudemiddelkringloop en de isolatie nicht beschadigen.
WAARSCHUWING - Kans op koude-brandwonden!
Contact met diepvrieswaren en koude oppervlakken kan tot brandwonden door koude leiden.
Nooit diepvrieswaren in de mond nemen nadat deze uit het vriesvak werden genomen.
Vermijd langer contact van de huid met diepvrieswaren, ijs en oppervlakken van het vriesvak.
VOORZICHTIG - Kans op gevaar voor de gezondheid!
Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van levensmiddelen te voorkomen.
- Wanneer de deur langerearend wordt geopend, kan dit leiden tot een aanzienlijke temperatuurstijging in de vakken van het apparaat.
Maak de oppervlakken, die met levensmiddelen en toegankelijke afvoersystemen in contact komen, regelmatig schoon.
Rauw vlees en vis in geschikte containers in de koelkast dusdanig bewaren dat het Niet in contact kommt met andere levensmiddelen of op deze drupt.
Wanneer het koel-/vriesapparaat langereijd leeg staat, het apparaat uitschakelen, ontdooien, reinigen en de deur open lately, om schimmelvorming te voorkomen.
Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kuren aluminium bevatten. Wanner zure levensmiddelen in contact komen met aluminium in contact komen, dan kuren aluminiumionen overdragen maar de levensmiddelen.
- Verontreinigde levensmiddelen nicht consumesen.
1.7 Beschadigd apparatus
WAARSCHUWING-Kans op elektrische schok!
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
Nooit een beschadigd apparatusat gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Contact opnemen met de servicedienst. Page 78 Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Alleen waarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden verrangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijigbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
nl

Bij beschadiging van de leidingen kuren brandhaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.
Houd vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat.
Ventileer de ruimte.
Het apparatusuitschakelen. Pagina 67
- De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of dezekering in de meterkast uitschakelen.
Neem contact op met de service. Pagina 78
2 Het voorkomen van materiele schade
LET OP!
Door het gebruik van de plint, laden of apparaatdeuren als zitvlak of opstapje kan het apparaat beschadigd raken.
Niet op de plint, laden of deuren staat of leunen.
Door verontreinigungen met olie of vet kuren kunststofdelen en deurafdichtingen pereus worden.
Houd kunststofdelen en deuraf-dichtingen olie- en vetvrij.
Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kutnen aluminium bevatten. Bij contact met zuurhoudende levensmiddelen corrodeert en verkleurt het aluminium.
Levensmiddelen uitsluitend verpakt in het apparaat bewaren.
Wanner u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze verrormen of verkleuren.
Nooit uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigen.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en können worden hergebruikt.
De afzonderlijke componenten op soort geschienen afvoeren.
3.2 Energie bespare
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Keuze van de opstellingslocatie
Stel het apparaat nicht bloot aan direct zonlicht.
- Plaats het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen:
- Houd 30~mm afstand aan tot elektrische- of gasfornuizen.
-
Houd 300mm afstand aan tot olie- en kolenfornuizen.
-
De externe ventilatieopeningen nooit afdekken of blokkeren.
Energie besparen bij het gebruik.
Opmerking: Deplaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.
- Open het apparaat slechts kort en sluit het zorgvuldig.
- De binnenste ventilatieopengingen of de externe ventilatieopengingen nooit afdekken of blokkeren.
Transporteer gekoelde levensmiddelen in een koeltas en leg ze snel in het apparaat.
Warm voedsel en dranken eerst la- ten afkoelen, daarna in het appa- raat plaatsen.
Leg om de koude van de diep-vriesproducten te benutten,dezeter ontdooing in het koelvak.
Laat altijd wat ruimte:tussen de levensmiddelen en de hinterwand.
4 Opstellen en aansluiten
4.1 Leveringsomvang
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering. Neem bij klachten met uw dealer of once servicedienst Pagina 78 contact op.
De levering bestaatuit:
Inbouw
Uitrusting en accessoires
Montagematerialiaal
Montagehandleiding
Gebruiksaanwijzing
Klantenservice overzicht
Garantiebjlagé
Energielabel
- Informatie over energieverbruik en geluiden
4.2 Criteria voor de opstello-catie

WAARSCHUWING
Kans op explosie!
Wanner het apparaat in een te kleine ruimte staat, kan er bij een lek van het koudecircuit een brandhaar gasluchtmensel ontstaan.
Stel het apparaat uitsluitend op in een ruimte, welke tenminste een volume heeft van 1m^3 per 8 g koudemiddel. De hoeveelheid van het koudemiddel staat op het typeplaatje. Fig. 1/3
Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 65 bedragen.
De ondergrond moet stabel genoeg zichon om het gewicht van het apparaat te dragen.
Dit apparatus is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 10^ tot 38^ .
Het apparatus is volledig functioneel binnen de toegestane binnentemperatuur.
Wanneer u het apparaat gebruikt bij lagere kamertemperaturen, dan kunnen beschadigingen aan het apparaat tot een kamertemperatuur van 5^ worden uitgesloten.
Nismaten
Neem de nisafmetingen in acht als u uw apparaat in de nis inbouwt. Bij afwijkingen+kennen problemen optredenijdens de installmentie van het apparaat.
Nisdiepte
Bouw het apparaat in de aanbevolen nisdiepte van 560~mm in.
Bij eenkleinere nisdiepte wordt het energieverbruikiets hoger.De nisdiepte moet minimaal 550~mm bedragen.
Nisbreedte
Voor het apparaat is een meubelnis met een binnenbreedte van minimaal 560~mm nodig.
Over-and-Under- en Side-by-Sideopstelling
Als u 2 koeltoestellen boven of naast elkaar wilt opstellen, moet u tussen de toestellen minimaal een tussenafstand van 150~mm aanhouden. Voor bepaalde toestellen is een opstelling zonder minimumafstand möglichk. Neem hiervoor contact op met uw dealer of keukeninstalleur.
4.3 Apparaat monteren
- Het apparaat conform meegeleverde montagehandleiding monteren.
4.4 Het apparaat voor het eerste gezbruik voorbereiden
- Haal het informatiemateriaal er UIT.
- Verwijder de beschermfolie en transportborgingen, bijv. plakstripsen karton.
- Het apparaat voor de eerste koer reinigen. Pagina 72
4.5 Apparaat elektrisch aansluten
- De apparaatstekker van het aansluitsnoer aan het apparaat aansluiten.
- De netstekker van het aansluit-snoer van het apparaat in een stopcontact in de omgeving van het apparaat steken.
De aansluitgegevens van het apparaat staan op het typeplaatje.
Fig. 1/3
- De netstekker op vastheid contro-leren.
Het apparatus is nu gereed voor gebruik.
5 Uw apparatusat leren kenne
5.1 Apparaat
Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.
Fig. 1, Verschillen tussen uw apparaat en de afbeeldingen zichmoglelijk op basis van uitrusting en grootte.
A
Koelvak Pagina 68
| B | Vriesvak → Pagina 69 |
| 1 | Bedieningspaneel → Pagina 65 |
| 2 | Groente- en fruitlade → Pagina 66 |
| 3 | Typeplaatje → Pagina 79 |
| 4 | Diepvrieslade → Pagina 73 |
| 5 | Deurrek voor große flessen → Pagina 66 |
5.2 Bedieningspaneel
Via het bedieningsveld kut u alle functies van uw apparaat instellen en informatatie krijgen over de gebruikstoestand.
Fig. 2
| 1 | super schakelt de Super-function in of uit. |
| 2 | > stelt de temperatuur van het koelvak in. |
| 3 | > brandt wonneer het alarm is ingeschakeld. |
| 4 | Toont de ingestelde temperatuur van het koelvak in °C. |
| 5 | ① 3 sec. schakelt het apparaat in of uit. |
6 Ultrusting
De uitrusting van uw apparaat is modelafhankelijk.
6.1 Legplateau
Om de schappenaar wens te varieken, kunt u het schap uitmelen en opeen andere positie weeplaatsen.
"Plateau verwijderen", Pagina 72
6.2 Groente- en fruitlade
Bewaar vers fruit en groente verpakt in de fruit- en groentelade.
Bewaar gesneden fruit en groente afgedekt of luchtdicht verpakt.
Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich in de fruit- en groentelade condenswater vormen.
Verwijder het condenswater met een droge doeK.
Om ervoor te zorgen dat de kwaliteit en het aroma behouden blijven, moet u koudegevoelig fruit en groente buiten het apparaat bewaren bij temperaturen van ca. 8^ tot 12^ , bijv. ananas, bananen, citrusvruchten, augurken, courgette, paprika, tomaten en aardappelen.
6.3 Deurrekken
Om het deurrek maar behoefte te variërenkest u het deurrek eruit nemen en op een andere positie weeerplaatsen.
"Deurrek verwijderen", Pagina 72
6.4 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zich op het apparaat afgestemd. De accessoires van het apparaat zich afhankelijk van het model.
Eierplateau
Bewaar eieren veilig op het eierplateau.
IJsblokjesschaal
Gebruik de ijsblokjesschaal om ijsblokjes te make.
IJsblokjes make
Gebruik voor het make van ijsblokjesuitsluitend drinkwater.
- Vul de schaal voor ijsblokjes voor 3 / 4 met drinkwater enplaats deze in het diepvriesvak.
Maak vastgevroren levensmidden met een stomp voorwerp los, bijv. met een steel van een houten lepel.
- Om de ijsblokjesschaal los te make n de ijsblokjesschaal iets torderen of kort onder stromend water houlden.
7 De Bediening in essen-tie
7.1 Apparaat inschakelen
- Het apparatus Elektrisch aansluiten.
Pagina 65
Opmerking: Wanner het apparaat erder via het bedieningspaneel werk uitgeschakeld, 3 sec. 3 seconden ingedrukt honden.
Het apparatus begint te koelen.
- De gewenste temperatuur instellen.
Pagina 67
7.2 Opmerkingen bij het gebruik
Wanneer u het apparaat heeft ingeschakeld, duurt het tot enkele uren voordat de ingestelde temperatur wird bereikt.
Plaats geen levensmiddelen in het apparaat voordat de ingesteldetemperatuur is bereikt.
- De behuizing rond het vriesvak worden tijdelijk Licht verwarmd. Dit voorkomtORMing van condenswater in de zone van de deurafdichting.
Let er bij het sluiten van de deur op dat de deur Niet door product worden geblokkeerd.
Wonneer u de deur sluit, kan een onderdruk ontstaan. De deur gaat dan alleen moeilijker open. Wacht een ogenblick tot de onderdruk worden gecompenseerd. -
De temperatuur in het apparaat varieert door de volgende condities:
-
Het aantal keer dat het apparaat wordt geopend
- Beladingshoeveelheid
- Temperatur van de vers opgeslagen levensmiddelen
- Omgevingstemperatuur
- Direct instralend zonlicht
7.3 Machine uitschakelen
- ③ sec. 3 Seconden ingedrukt honden.
7.4 Temperatur instellen
Koelvaktemperatuur instellen
- Druk net zo vaak op>, totdat de temperatuuraanduiding de gewenste temperatuurinstelling weer-geeft.
De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4^
"Sticker"OK",Pagina 69
Vriesvaktemperatuur instellen
- Om de vriesvaktemperatuur in te stellen, de koelvaktemperatuur wijzigen Pagina 67.
De koelvaktemperatuur beinvloedt de vriesvaktemperatuur. Hoger ingestelde koelvaktemperaturen zorgen voor hogere vriesvaktemperaturen.
8 Extra functions
Kom te weten over welke instelbare extra functies uw apparaat beschikt.
8.1 Super-functie
Bij de Super-functie koelen het koelvak en het vriesvak sterker.
Schakel de Super-functie 4 tot 6 uur voor het opslaan van een hoeveelheid levensmiddelen vanaf 2kg in.
Om het invriesvermogen te benutten, gebruikt u de Super-functie.
"Invriescapaciteit",agina 69
Opmerking: Als de Super-functie is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.
Super-functie inschakelen
super indrukken.
"super" brandt.
Opmerking: Na ca. 50 uur schakelt het apparaat over op de normale werkung.
Super-functie uitschakelen
Druk net zo vaak op super tot het temperatuurdisplay de gewenste temperatuur weergeeft.
9 Alarm
9.1 Deuralarm
Als de deur van het apparaat langere tijd open staat worden het deuralarm ingeschakeld.
Er klinkt een waarschuwingssignaal en brandt.
Na 10 minutes knippert de binnenverlichting.
Deuralarm uitschakelen
De apparataatdeur sluiten of op>drukken.
Het waarschuwingssignaal is uitgeschakeld.
9.2 Ventilatorialarm
Als de ventilator van het vriesvak uitvalt, schakelt het ventilatorialarm in. >alsmede alle led's van de temperatuuraanwijzing knipperen en er klinkte een waarschuwingssignaal.
Opmerking: Het apparaat koelt nicht更是. De aanwezigte krine koelproducten enkleine diepvriesproducten können bederven.
Ventilatoralm uitschakelen
1.Druk op
Het waarschuwingssignaal is uitgeschakeld.
De temperatuurindicatie toont op-nieuw de ingestelde temperatuur.
- Neem contact op met de serviceafdeling.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.
10 Koelvak
In het koelvak=kunt u vlees, worst vis, melkproducten, eieren, bereide gerechten en brood en banket bewaren.
De temperatuur is van 2^ tot 8^ instelbaar.
Door de koelopslag kunt u ooklicht bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe lager de gekozen temperatuur is, deste langer blijven de levensmiddelen vers.
10.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak
Alleen verse en onbeschadigde levensmiddelen inruimen.
Bewaar de levensmiddelen lucht-dicht verpakt of afgedekt.
- Om de luchtcirculatie nicht te hinderen en het bevriezen van levens-middelen te vermijden, de levens-middelen nicht direct gegen de achterwand plaatsen.
Laat warme etenswaren en dranken eerst afkoelen.
Houd de door de fabrikant vermeling houdbaarheidsdatum of gebruiksdatum in acht.
10.2 Koudezones in het koelvak
Door de luchtcirculatie in et koelvak ontstaan verschillende koudezones.
Koudste zone
De koudste zone is tussen het legplateau boven de groentelade en het zich waarboven bevindende legplateau.
Tip: Bewaar snel bedervende levensmiddelen in de koudste zone, bijv. vis, worst en vlees.
Warmste zone
De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.
Tip: Bewaar minder gevoelige levensmiddelen in de warmste zone, bijv. harde kaas en boter. Hierdoor komt het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de botersmeerbaar.
10.3 Sticker "OK"
Met de sticker OK=kunt u controleren of in het koelvak de voor de levensmiddelen aanbevolen veilige temperatuurbereiken van +4^ of kouder bereikt+zijn.
De sticker OK worden nicht bij alle modellen meegeleverd.
Wanner de sticker OK nicht weergeeft, dan de temperatuur stapsgewijze verlagen.
"Koelvaktemperatuur instellen",
Pagina 67
Na ingebruikneming van het appar- raat kan het tot wel 12 uur duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.

Correcte instelling
11 Vriesvak
In het vriesvak(Int u diepvrieswaren bewaren, levensmiddelen bevriezen en ijsblokjes make.
De temperatuur in het vriesvak is afhankelijk van de temperatuur in het koelvak.
Langdurig bewaren van levensmidden要去en temperatuur van - 18^ oflager gebeuren.
Door het invriezen(Int) u bederfelijke levensmiddelen gedurende lange tijd bewaren. De lage temperaturen vertragen of stoppen het bederven.
11.1 Invriescapaciteit
Het invriesvermogen geeft aan welke hoeveelheid levensmiddelen in hoeveel uur tot in de Kern kan worden ingevroren.
Informatie over het invriesvermogen vindt u op het typeplaatje. Fig. 1/
3
Voorwaarden voor invriesvermogen
- Ca. 24 eer voor het inladen van verse levensmiddelen Super-function inschakelen.
"Super-functie inschakelen",
Pagina 67 - De levensmiddelen eerst in de bovenste diepvrieslade leggen.
- Verse levensmiddlesen zo zich mogelijk bij de zijwanden invriezen.
11.2 Vriesvakvolume volledig gebruiken
Kom te weten hoe u de maximale hoeweelheid diepvriesproducten in het vriesvak kunt doein.
- Tot op de onderste diepvrieslade alle uitrustingsdelenuit het vriesvak verwijderen. Pagina 72
- Begin met het stapelen van de levensmiddelen in de onderste diepvrieslade.
nl
11.3 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak
Bewaar de levensmiddelen lucht-dicht verpakt.
- Breng in te vriezen levensmiddelen Niet in aanraking met ingevroen levensmiddelen.
- De levensmiddelen naast elkaar in de diepvriesladen leggen.
Voor een goede luchtcirculatie in het apparaat de diepvrieslade tot aan de aanslag inschuiven.
11.4 Tips voor het bevriezen van verse levensminderlen
Alleen verse en onberispelijke levensmiddelen bevriezen.
Levensmiddelen per portie invri- zen.
Bereide levensmiddelen zijn beter geschikt dan rauw eetbare levensmiddelen.
Groente voor het invriezen wassen, kleiner make en blancheren.
Fruit voor het invriezen wassen, ontpitten en eventueel schillen, eventueel suiker of ascombinezuroplossing toevoegen.
Voor het invriezen geschikte levensmiddelen zijn bijv. bakwaren, vis en zeevruchten, vlees, wild en gevogelte, eieren zonder schaal, kaas, poter, kwark, Kant-en-klaargerechten en etensresten.
Voor het invriezen ongeschikte levensmiddelen zijn bijv. kropsla, radijsjes, eieren met schaal, druiven, rode appels en peren, yoghurt, zure room, crème fraîche en mayonnaise.
Diepvrieswaren verpakken
Geschikt verpakkingsmaterial en de juiste soort verpakking behouden in hoge mate de productkwaliteit en vermijden vriesbrand.
- De levensmiddelen in de verpakking leggen.
- De lucht eruit drukken.
- De verpakking luchtdicht afsluiten om te voorkomen dat de levensmiddelen hun smaak verliezen of uitdrogen.
- De verpakking met de inhoud van de invriesdatum voorzien.
11.5 Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij -18^
| Product Bewaartijd | |
| Vis, worst, klaarge-maakte gerechten, brood en banket | Tot 6 maan-den |
| Gevogelte, vlees Tot 8 maan-den | |
| Groente, fruit Tot 12 maan-den | |
De erop gedrukke vrieskalender geeft de maximale bewaartijd in maanden aan bij een constante temperatuur van -18^
11.6 Ontdooimethododes voor diepvrieswaren
VOORZICHTIG
Kans op gevaar voor de gezondheid!
Bij het ontdooien kuren bacteriën zich vermeerdenen en kuren de diepvrieswaren bederven.
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren nicht opniew invriezen.
- Het voedsel pas na koken of bra-den opniew invriezen.
De maximale bewaartijd nicht meer ten volle benutten.
Dierlijke levensmiddelen in het koelvak ontdooien, bijv. vis, vlees, kaas en kwark.
Brood bij kamertemperatuur ont-dooien.
Levensmiddelen voor directe consumptie in de magnetron, in de oven of op de kookplaat bereiden.
12 Ontdooien
12.1 Ontdooien in het koelvak.
Tijdens het gebruik vormen zich op dechterwand van het koelvak afhankelijk van de werking waterdruppels of rijp. Dechterwand van het koelvak ontdooit automatisch.
Fig. 3
Het dooiwater loopt via de dooiwatergoot in het afvoergat maar de verdampingsschaal en hoeft nicht worden afgeveegd.
Neem de volgende informatatie in acht om ervoor te zorgen dat dooiwater kan weglopen en geurvorming worden vermeden: De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen Pagina 72.
12.2 Ontdooien in het vriesvak
Door het volledig automatische "NoFrost"-systeme blijft het vriesvak vorstvrij. Ontdooien is Niet nodig.
13 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
De reiniging van ontogankelijkeplaatsen要去 door de servicedienst worden uitgevoerd. Aan de reiniging door de servicedienst konnen kosten verbonden zijn.
13.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging
- Het apparatusuitschakelen.
$$ \rightarrow \text {P a g i n a} 6 7 $$
- Haal de stekker van het apparaatuit het stopcontact.
De stekker van het netsnoeruit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Alle levensmiddelen eruit halen en op een koele plaats bewaren.
Indien beschikbaar koeelementen op de levensmiddelen leggen.
- Verwijder alle uitrustingsdelen en accessoiresuit het apparaat.
Pagina 72
nl
13.2 Apparaat schoonmaken
WAARSCHUWING Kans op elektrische scl
Binnendringend vocht kan een schokveroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hagedruk-reiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Vloeistof in de verlichting of in de bedieningselementen kan gevaarlijk sein. - Het afwaswater mag nicht in de verlichting of in de bedieningselementen terechtkommen.
LET OP!
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Geen harde schuur- of afwassponsies gebruiken.
- Geen scherpe of schurende reingingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reingingsmiddelen gebruiken.
Wanneer vloeistof in het afvoergat komt, kan de verdampingsschaal overstromen.
- Het sop mag nicht in het afvoergat komen.
Wanner u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deutsche cervormen of verkleuren.
Nooit uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigen.
- Apparaat voorbereiden voor reining. Pagina 71
- Het apparaat, de uitrustingsdelen, de accessoires en de deurafdichtingen met een vaatdoek, lauw water en een beetje pH-neutraal af-wasmiddel reinigen.
- Met een zachte, droge doek grondig nadrogen.
-
De uitrustingsdelenplaatsen.
-
Het apparaat elektrisch aansluiten. Pagina 65
- Doe de levensmiddelen in het apparaat.
13.3 De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen.
Reinig de dooiwatergoot en het afvoergat regelmatig, om ervoor te zorgen dat het dooiwater kan weglopen.
Reinig de dooiwatergoot en het afvoergat voorzichtig, bijv. met een wattenstaafje.
$$ \rightarrow \text {F i g .} \boxed {4} $$

13.4 Onderdelen eruit halen
Neem wanner u de uitrustingsdelen grondig wilt reinigen unde het apparaat.
Plateau verwijderen
- Het plateau aan de voorzijde optillen ① eruit trekken en verwijderen ②
$$ \rightarrow F i g. \quad 5 $$
Deurrek verwijderen
- Het deurrek omhoog tillen en verwiederen.
$$ \rightarrow F i g. \quad 6 $$
Groente- en fruitlade verwijderen
- De fruit- en groentelade tot de aanslag uittrekken.
- Til de fruit- en groentelade aan de voorzijde op ① en verwijder deze ②
$$ \rightarrow F i g. \boxed {7} $$
Diepvrieslade verwijderen
- De diepvrieslade tot aan de aanslag uittrekken.
- De diepvrieslade vooraan optillen ① en eruit halen ②
Fig. 8
Ladefront verwijdermen
U kunt het ladefront van de fruit en groentelade en de vriesproductenla- de verwijderen voor het gemakkelijker schoonmaken.
Druk de klikhaken aan de zijkant van de lade in ① en verwijder het ladefront middels een draaibeweging van de lade ②
Fig. 9
14 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat(Int)kunt u zelf verhelpen.Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatatie over het verhelpen van storingen.Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparations zijn gevaarlijk.
- Alleen waarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaatuitvoeren.
Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat. - Wanner de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden verrangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
Storing Oorzaak en probleemoplossing
| Apparaat koelt nicht, in- dicates en verlichting branden. | Het presentatielicht is ingeschakeld. • Voer de apparaatzelftest uit. → Page 77 • Na het verstreijken van de apparaatzelftest gaat het apparaat waar over op normale werkung. |
| LED-verlichting functi- oneert nicht. | Verschillende oorzaken�显示屏. • Neem contact op met de servicedienst. Het nummer van de servicedienst vindt u in het bij- gevoegde overzicht van servicediensten. |
| De koelmachine scha- kelt vaker en langer in. | Het apparaat is te vaak geopend. • Open de apparaatdeur Niet onnodig. |
| Externale ventilatieopeningen�显示屏 aufgedekt. • Verwijder hindernissen voór de externe ventilatie- openingen. | |
| Geen storing. Moderne koelapparaten schakelen va- ker in en hebben verschillende vermogensstanden om efficientre te koelen. • Verwijder hindernissen voór de externe ventilatie- openingen. • Stel het apparaat met de grootst möglichke afstand tot verwarmingselementen, fornuis en andere warm- tebronnen op. Vermijd langdurig direct zonlicht op het apparaat. • Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is. | |
| Storing Oorzaak en probleemoplossing | |
| De koelmachine scha-kelt vaker en langer in. | Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen. |
| Op dechterwand van het koelvak vomt zich een vorstlaag. | Geen storing. Moderne koelapparaten zorgen voor een gelijkmatigere temperatuur in het koelvak. Dechterwand van het koelvak worden regelmatig automatisch ontdooid. • Open de deur van het apparaat slechts zo kort als möglich is. • Verpak de levensmiddelen luchtdicht of dek de levensmiddelen af. • Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen. • Laat algijd wat ruimte:tussen de levensmiddelen en de binnenwanden. |
| Het alarmsignaal is te horen. Het deuralarm is ingeschakeld. | Deur van het apparaat is open. • Sluit de deur van het apparaat. |
| Temperatuur wijkt erg af van de instelling. | Verschillende oorzaken zijn möglich. 1. Schakel het apparaat uit. → Page 67 2. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in. → Page 66 - Als de temperatuur te hoog is, controller dan de temperatuur na eenaar uw opnieuw. - Als de temperatuur te laag is, controller de temperatuur dan de volgende dag opnieuw. |
| Bodem van het koel-vak is nat. | De dooiwatergoot of het afvoergat is verstopt. • De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen. → Page 72 |
| Het apparaat bromt, borrelt, zoemt, gorgelt, klikt, of maakt knakge-luiden. | Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator. Er stroomt koudemiddel door de buizen. Motor, schakelaars of magnetoventielen schakelen in-of uit. Het automatische ontdooisystem treedt in werk. Geen handeling vereist. Geen handeling vereist. |
| Apparaat producerert geluiden. | Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen. ► Controller de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat. |
| Flessen of containers raken elkaar. ► Haal flessen of containers van elkaar. | |
| Super-functie is ingeschakeld. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. | |
14.1 Stroomuitval
Tijdens een stroomuitval stijgt de temperatuur in het apparaat, hierdoor verkort de bewaartijd en de kwaliteit van de diepvriesproducten vermindt.
Op unsere website van uw apparaat vindt in de technische gegevens debewaartijd van de diepvriesproducten in geval van een storing.
Opmerkingen
Het apparaat tijdens een stroomuitval zo weinig möglich openen en geen andere levensmiddelen inruimen.
- De kwaliteit van de levensmiddelen onmiddelijk na de stroomuitval controlleren.
Diepvriesproducten die ontdooid en warmer dan 5^ zich, weggoieten.
- Licht ontdooide diepvriesproducten koken of bakken en ofwel verbruiken of opniew invriezen.
14.2 Apparaatzeltestuitvoeren
Uw apparaat beschikt over een apparaatzeltest, welke storingen weergeeft, die uw service kan verhelpen.
- Het apparatusuitschakelen.
Pagina 67 - Haal de stekker van het apparaatuit het stopcontact.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen. - Het apparaat na 5 minuten opniew elektrisch aansluiten.
Pagina 65 -
Het apparaat inschakelen.
Pagina 66 -
Binnen 10 seconden na het in-schakelen > gedurende 3 tot 5 se-. conden ingedrukt houden tot er een akoestisch signaal werkblinkt.
De apparataatzelftest start wanneer de temperatuurindicaties na elkaar gaan branden.
Wanneer na het einde van de apparaatzeltest 2 akoestische signalen werkblinken en de temperatuur-display de ingestelde temperatuur weergeeft, dan zich de temperatuursensoren van uw apparaat in orde. Het apparaat gaat over op de normale werking.
- Wonneer na het einde van de zelf-test van het apparaat 5 akoestische signalen klinken en de leds van de temperatuuraanwijzing met verschillende helderheid branden, neem dan contact op met de service. De leds gezven de servicedienst aanwijzingen omtrent de actuèle storing.
15 Opslaan en afvoeren
15.1 Apparaat buiten gezruik stellen
- Het apparatusuitschakelen.
Pagina 67 - Haal de stekker van het apparaatuit het stopcontact.
De stekker van het netsnoeruit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Alle levensmiddelen verwijderen.
- Het apparatus reinigen.
Pagina 72
- Om de ventilatie van het interieur te waarborgen het apparaat geopend lately.
nl
15.2 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijk afvoer kuren waardevolle grondstoffen opniewuwerden gebruikt.

WAARSCHUWING
Kans op gevaar voor de gezondheid!
Kinderen können zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar gereken.
- Om te voorkomen dat kinderen in het apparaat kruipen legplateaus en lades Niet uit het apparaat nemen.
- Kinderen uit de buurt van een afgedankt apparaat honden.

WAARSCHUWING
Kans op brand!
Bij beschadiging van de leidingen kuren brandbaar koudemiddel enschadelijke gassen ontsnappen enontsteken.
De buizen van de koudemiddelkringloop en de isolatie nicht beschadigen.
- De stekker van het netsnoeruit het stopcontact trekken.
- Het netsnoer doorknippen.
- Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kurz u informatatie verkrijgen over de actuèle afvoermethoden.

Dit apparatus is gekenmerkt in overeenstemming met de Europeserechtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektroni
sche apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlij geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
16 Servicedienst
Originele verrangende onderdelen die relevantlijk voor de werkinq in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kut u voor de duur van ten minste 10aar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij荃 serviceedienst verkrijgen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicededienst is in het kader van deplaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden Gratis. De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2aar in overeenstemming met de geldendeplaatselijk garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doeen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijkrecht heeft.
Gedetailleerde informatatie over de garantiepiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij once servicedienst, uw dealer of op once website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparatusaat nodig.
De contactgeevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op unsere website.
16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparatus.
Fig. 1/3
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden,kest u de gegevens noteren.
Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.
Fig. 1/3
Dit product bevat eenlichtbron van energieklasse E. Delichtbron is leverbaar als reserveonderdeel en mag uitsluitend door een hiervoor getrainde monteur worden verrangen. Meer informatie over uw model vindt u op het internet onder https://eprel.ec.europa.eu/1. Dit webadres verwijst maar de officiele EU-product-databank EPREL. Volg dan de aanwijzingen bij het zoekenaar het model op. De modelidentificatie bestaatuit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.
BSH Hausgeräte GmbH
Carl-Wery-Straße 34
81739 München, GERMANY
de,fr,nl

9001705249
041216