NII64B10IB - Fornuis AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis NII64B10IB AEG in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over NII64B10IB AEG
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding NII64B10IB - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. NII64B10IB van het merk AEG.
GEBRUIKSAANWIJZING NII64B10IB AEG
NL Gebruiksaanwijzing | Kookplaat 2
Welkom bij AEG! Hartelijk dank dat je voor once apparatuur heb gekozen.

Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:
www.aeg.com/support
Wijzigingen voorbehouden.
INHOUDSOPGAVE
1.VEILIGHEIDSINFORMATIE 2
2.VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN 5
3. INSTALLATIE 7
4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT 10
5.VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK. 11
6.DAGELIJKSGEBRUIK 12
7. EXTRA FUNCTIONS 15
8.AANWIJZINGEN EN TIPS. 18
9. ONDERHOUD EN REINIGING 21
10.PROBLEEMOPLOSSING 21
11. TECHNISCHE GEGEVENS 24
12. ENERGIEZUINIGHEID 24
13.MILIEUBESCHERMING 25
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installmentie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is nicht verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installmentie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies.altijd op een veilige, toegankelijk plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare Personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8年龄段 en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zich onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zich de bevaren begrijpen. Kinderenjonger dan 8年龄段 en Personen met zware en complexe
2 NEDERLANDS
beperkingen dienen.altijduit de buurt van het apparaat te worden gehonden, tenzij ze voortdurend onder toezurecht staan.
- Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zich gaan spelen met het apparaat.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen. - Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
- Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in cantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijk gebruiksniveauaus nicht overschrijdt.
WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heetijdens het gebruik. U dient te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.
WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk়n en tot brand leiden. - Rook is een indication van oververhitting. Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen. Schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met bijv. een branddeken of deksel.
WAARSCHUWING: Het apparaat mag Niet van stroom worden voorzien door een extern schakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat door
het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit worden geschakeld.
- OPGELET: Tijdens het kookproces要去 in de buurt blijven (zelfs bij de automatische kookfuncties). Een kort kookproces要去 voortdurend bewaakt worden.
WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken. - Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen Niet op het oppervlak van de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet+kennen worden.
- Gebruik het apparaat Niet voordat u het in de ingebouwde constructie installeert.
- Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te makeen.
- Schakel het kookplaatelement na elk gebruik UIT met de bedieningstoetsen. Vertrouw Niet op de pandetector.
WAARSCHUWING: Als het oppervlak gebarsten is, schakte het apparaat dan uit om de kans op elektrische schokken te vermijden. In het geval het apparaatrechtstreeks op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem algtd contact op met de erkende servicedienst. - Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden verrangen door de fabrikant, een erkende service of vergelijkbaar gekwalificeerde Personen om gevaar te voorkomen.
WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschemmers die door de fabrikant van het kookapparaat� ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt� aangegeven of kookplaatbeschemmers die in het apparaat� geintegreerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschemmers kan ongelukken veroorzaken.
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installeren

WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installmenttechnicus mag dit apparaat installereren.

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialien.
- Installee en gebruik geen beschadigd apparatus.
- Volg de installment-instructies die zijn meegeleverd met het apparatus.
- Houd de minimumafstand maar andere apparaten en units in acht.
- Pas.altijd op bij verplaatsing van het apparaat,want het is zwaar. Gebruik.altijd veiligheidshandschoenen en geslotenschoeisel.
Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht. - Bescherm de bodem van het apparaat gegen stoom en vocht.
- Installee het apparaat Niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam worden geopend.
- Elk apparatus heeft koelventilatoren op de bodem.
-
Als het apparaat gemonteerd wordt boven een lade:
-
Leg geenkleine dingen of papier dewelke kuren binnengezogen worden,omentum de koelventilatoren kuren beschadigen of het koelsysteme kuren belemmeren.
-
Houd een minimumafstand van 2 cm tussen de bodem van het apparaat en de voorwerpen die u in de lade opbergt.
-
Verwijder de afterschadingsspanelen die in de kast onder het apparaat zijn geinstalleerd.
2.2 Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Alle elektrische aansluitingen要去en worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien.
, moet het apparaat geaard worden. - Verzeker gezelf ervan dat de stekker uithet stopcontact is getrokken, voordat jewelke werkzaamheden dan ook uitvoert.
Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom. - Controller of het apparaat correct geinstalleerd is. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van toepassing) hunnen ertoe leiden dat de contactklem te heet worden.
- Gebruik het juiste netsnoer.
- Zorg dat de stroomkabel Niet verstrikt raakt.
- Controller of er een aardlekschakelaar is geinstalleerd.
- Gebruik de trekontlastingsklem op de kabel.
Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hare apparaat of heet kookgerei Niet aanraakt als je het apparaat op een nabijgelegen contactdoos aansluit. - Gebruik geen adapters met meertere stekkers en verlangkabels.
- Zorg ervoor dat je de stekker (indien van toepassing) of het netsnoer Niet beschadigt. Neem contact op met ons erkende servicecentrum of een elektricien om een beschadigde stroomkabel te verrangen.
- De schokbescherming van delen onder stroom en geisoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het nicht zonder gereedschap kan worden verplaatst.
-
Steek de stekker pas in het stopcontact als de installmentie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installmentie bereikbaar is.
-
Als het stopcontact los zit, mag u de stekker Niet in het stopcontact steken.
- Trek Niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek.altijd aan de stekker.
- Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen要去en uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
- De elektrische installmentie要去en isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat要去en contactopening hebben met een minimale bredte van 3 mm.
- Als de E3-code op het scherm verschijnt, koppelt u de kookplaat onmiddelijk los en contrôleert u of de elektrische aansluiting en de netspanning correct�.
2.3 Gebruik

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.
- De specificatie van dit apparaat nicht wijzigen.
- Verwijder voor het eerste gebruik alle verpakkingsmaterialen, etiketten en beschermfolie (indien van toepassing).
- Zorg ervoor dat de ventilatieopengingen Niet geblokkeerd worden.
- Laat het apparaatijdens de werkking nicht onbeheerd anschter.
- Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik.
- Plaats geen bestek of deksels van steelpannen op de kookzones. Ze können het worden.
- Gebruik het apparaat Niet met natte handen of als het contact maakt met water.
- Gebruik het apparaat Niet als werkblad of als opslagoppervlak.
-
Als het oppervlak van het apparaat gebarsten is, koppel het apparaat dan onmiddelijk los van de stroomtoevoer. Dit dient om een elektrische schok te voorkomen.
-
Gebruikers met een pacemaker moeten een afstand van minimaal 30~cm aanhonden tot de inductiekookzones als het apparatus in werkig is.
- Als u voedsel in hete olieplaatst, kan het spatten.
- Gebruik geen aluminiumfolie of andere materialen tussen het kookoppervlak en het kookgerei, tenzij anders aangegeven door de fabrikant van dit apparatus.
- Gebruik alleen accessoires die door defabrikant voor dit apparaat worden aanbevolen.

WAARSCHUWING!
Risico op brand en explosie.
- Wanner ne verwarmd worden, können vetten en oliën ontvlambare dampen afgeven. Houd open vuur of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vetten en oliën wanner u ermee koott.
- De dampen die boven erg hete olie ontstaan hunnen spontaan ontbranden.
- Gebrukke olie, die voedselresten kan bevatten, kan ontbranden bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer worden gebruikt.
- Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtigং met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.

WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het apparaat.
- Laat geen heet kookgerei op het bedieningspaneel staan.
Leg geen hete deksel op het glazen oppervlak van de kookplaat. - Laat kookgerei niedroogkoken.
Zorg ervoor dat je geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat LAST vallen. Het oppervlak kan beschadigd raken. - Schakel de kookzones nicht verwijl er leeg kookgerei of geen kookgerei op geplaatst is.
Kookgerei gemaakt van gietijzer of met een beschadigde bodem kan krassen op het glas/glaskeramiek veroorzaken. Til deze voorwerpen altijd op als je ze op de kookplaat要去verplaatsen.
2.4 Onderhoud en reiniging
- Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak anschueruitgaat.
Schakel het apparaat UIT en laat het afkoelen voordat u het schoonmaakt. - Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
- Reinig het apparaat met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schurende producten, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen, tensij anders aangegeven.
2.5 Service
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk
worden verkocht: Deze lampen+zijn bedoeld om bestand teলenextreme fysielse omstandigheden in huishoudelijkke apparaten,zoals temperatuur,trillingen, vochtigheid,ofzijnbedoeldom informatatie tegeven over de operationele status van het apparaat.Ze zichniet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zichniet geschikt voor verlichting in huishoudelijkke ruimten.
2.6 Verwijdering

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Neem contact op met uwplaatselijke overheid voor informatatie over het afvoeren van het apparatus.
Haal de stekker uit het stopcontact. - Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
3. INSTALLATION

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
3.1 Voor montage
Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat.
Serienummer
3.2 Ingebouwde kookplaten
Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt nadat zij ingebouwd zich in geschikte inbouwunits of werkbladen die aan de normen voldoen.
3.3 Aansluitsnoer
- De kookplaat worden geleverd met een aansluitkabel
- Gebruik als verwangting van het beschadigde netsnoer het volgende snoertype: H05V2V2-F die bestand is tegen een temperatuur van 90^ of
hoger. Een enkele draad要去en minimale doorsnede hebben volgens de onderstaande tabel. Neem contact op met once serviceafdeling. Het verrangen van de verbinderingskabel mag alleen worden gedaan door een gekwalificierde elektricien.

WAARSCHUWING!
Alle elektrische aansluitingen要去en door een gekwalificeerde elektricien worden aangelegd.

LET OPI!
Aansluitingen via contactpluggen zijn verboden.

LET OP!
Boor of soldeer de draaduiteinden nicht. Het is verboden.

LET OP!
Sluit de kabel Niet aan zonder de huls voor het kabeluiteinde.
Eenfasige aansluiting
- Verwijder de huls voor het kabeluiteinde van de zwarte, bruine en blauwe draden.
- Verwijder een deel van de isolatie van de bruine, zwarte en blauwe kabeluiteinden.
- Sluit de uiteinden van zwarte en bruine kabels aan.
- Breng een neue draadeindhuls aan op het uiteinde van de gedeelde draad (special gereedschap vereist).
- Sluit de uiteinden van twee blauwe kabels aan.
- Breng een neue draadeindhuls aan op het uiteinde van de gedeelde draad (special gereedschap vereist).
Tweefasige aansluiting
- Verwijder de kabeleindhovens van de blauwe draden.
- Verwijder een deel van de isolatie van de blauwe kabeluiteinden.
- Sluit de uiteinden van twee blauwe kabels aan.
- Breng een neue kabeleindhovens aan op het gemeinschappelijkke kabeluiteinde (special gereedschap vereist).

| NL 220 - 240 V~ | Tweefasige aansluiting: 400 V2N~ Eenfasige aansluiting: 220 - 240 V~ |
| 5x1,5 mm² 5x1,5 mm² of 4x2,5 mm² 5x1,5 mm² of 3x4 mm² | |
| Groen - geel Groen - geel Groen - geel | |
| N Blauw en blauw N Blauw en blauw N Blauw en blauw | |
| L1 Zwart L1 Zwart L Zwart en bruin | |
| L2 Bruin L2 Bruin | |
3.4 De afdichting bevestigen - Geintegreerde installment
- Reinig de sponningen in het werkblad.
- Snijd de meegeleverde 3 × 10 ~mm aufdichtingsstreep in vier strepen. De strepen要去en bezelfde lenghte hebben als de sponningen.
- Knip de uiteinden van de strepen in een hoek van 45^ . Ze要去en nauwkeurig in de hoeken van de sponningen passen.
- Bevestig de strepen aan de rabbels. Rek de strippen nicht UIT. Plak de uiteinden van de strippen nicht over elkaar heb.
Dicht na plaatsing van de kookplaat de kiertussen het werkblad en het glaskeramiek met
siliconenkit. Zorg ervoor dat de siliconen nicht onder het glaskeramiek komen.
3.5 Montage
Als je de kookplaat onder een kap installeert, raadpleeg je de installment-instructies van de afzuigkap voor de minimumafstandussen de apparaten.

Als het apparaat boven een lade worden geinstalleerd, kan de ventilatie van de kookplaat de artikelen die zich in de lade bevindenijdens het bereidingsproces opwarmen.


Zoek de videotutorial "Hoe installeert u uw AEG inductiekookplaat - inbouwinstallatie" door de volledige naam die in de onderstaande afbeelding staat in te typen.

YouTube
www.youtube.com/electrolux www.youtube.com/aeg
4.1 Indeling van het kookoppervlak

1 Inductie kookzone
2 Bedieningspaneel

Raadpleeg 'Technische gegevens' voor gedetailleerde informatatie over de maten van de kookzones.
4.2 Indeling bedieningspaneel

Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedieren. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt.
| Tip- toets | Functie Omschrijving | |
| 1 | ① | Aan / Uit Het apparaat in- en uitschakelen. |
| 2 | || | Pauze De functie in- en uitschakelen. |
| 3 | ◎ | Timer De functie instellen. |
| 4 | +/- | - Deijd verlungen of verdorten. |
| 5 | - Timerdisplay Deijd in minuten weergeven. | |
| 6 | ◎ | SenseBoil® SenseBoil®. Om de temperatuur van het water automatisch aan te passen, zDat het nicht kookt zodia het kookpunt is bereikt. |
| 7 | □ | Bridge De functie in- en uitschakelen. |
| 8 | AUTO | Hob²Hood De handmatige modus van functie in- en uitschakelen. |
| 9 | - Bedieningsstrip Het instellen van de kookstand. | |
| 10 | P | PowerBoost Het inschakelen van de functie. |
| 11 | ® | Blokkering / Kinderbeveiligingsin- Het bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen. richting |
4.3 Indicatielampjes op de display
| Indicatielampje Omschrijving | |
| E + cijfer | Er is een storing. |
| E/7 | OptiHeat Control (3 stappen Restwarmte-indicator): doorgaan met koken/warm hou-den/restwarmte. |
5. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 Energiebeperking
Energiebeperking bpaalt hoeveel stroom de kookplaat in totaal gebrukt, binnen de grenzen van de zekeringscapacitiet van de huisinstallatie.
De kookplaat is standard op het hoogst mogelijk vermogensniveau ingesteld.
Om het vermogensniveau te verlagen of verhogen:
- Open het menu: houd 3 seconds ingedrukt. Houd verwolgens ingedrukt.
- Druk op de timer aan de voorzijde tot P verschijnt.
- Druk op /op die timer aan de voorkant om het vermogensniveau in te stellen.
4. Druk op om af te sluiten. Vermogensniveauaus
Zie het hoofdstuk 'Technische gegevens'.

LET OP!
Zorg ervoor dat het gekozen vermogen aansluit op de zekeringenkast in huis.

LET OP!
Als het vermogen lager is dan 2000 W, kunt u SenseBoil® nicht activeren.
P73—7350W
P15—1500W
P20—2000W
P25—2500W
P30—3000W
P35—3500W
P40—4000W
P45—4500W
P50—5000W
P60—6000W
6. DAGELIJKS GEBRUK

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
6.1 In- en uitschakelen
Houd ingedrukt om de kookplaat in of uitte schakelen.
6.2 Pandetectie
Deze functie geeft de aanwezigheid van kookgerei op de kookplaat aan en schakelt de kookzonesuit als erijdens een kooksessie geen kookgerei worden gedetecteerd.
Als je kookgerei op een kookzone staat voordat je een kookstand selecteert, verschijnt het indicatielampje boven 0 op de regelbalk.
Als je kookgerei uit een geactiveerde kookzone verwijdert en deze tijdelijk opzij zet, gaan de indicatielampjes boven de bijbehorende regelbalk knipperen. Als je het kookgerei Niet binnen 120 seconden terugplaatst op de geactiveerde kookzone, worden de kookzone automatischuitgeschakeld.
Plaats het kookgerei weeop de kookzones binnen de aangegeven time-out om het koken te hervatten.
6.3 De kookzones gebruiken
Plaats het kookgerei in het midden van de gekozen kookzone. Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmetingen van pannen aan.

Gebruik voor een optimale warmteoverdracht kookgerei met een bodem diameter die vergelijkbaar is met de grotte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in "Technische gegevens" > "Specificatie van de kookzone"). Zorg ervoor dat het kookgerei geschikt is voor inductiekookplaten. Kijk voor meer informatie op types kookgerei in het hoofdstuk 'Hints en tips'.
U kunt met de functie Bridge groot kookgerei op twee kookzones tegelijkkertijd koken. Het kookgerei dient het midden van beiden zones te bedekken, maar Niet voor bij de gebiedsmarkering komen. Als het kookgereiCUSSEN beide middenzones wordt geplaatst, wordt de functie Bridge nicht geactiveerd.


6.4 Warmte-instelling

- Druk op de gewenste warmte-insteling op de regelbalk.
De individielampjes boven de regelbalk verschijnen tot het geselecteerde warmteniveau. - Druk op 0 om een kookzone uit te schakelen.
6.5 PowerBoost
Deze functie maakt meer vermogen beschikbaar voor de inductiekookzones.De functie kan voor een beperkte tijdsduur vooruitsluitend de inductiekookzone wordengeactiveerd.Daarna wordt deinductiekookzone automatischteruggeschakeldaar de hoogste kookstand.
i
Zie het hoofdstuk 'Technische gegevens'.
Om de functie voor een kookzone in te schakelen: raak P aan.
De functie uitschakelen: wijzig de kookstand.
Zlang het indicatielampjeat, bestaat er een risico opponden door restwarmte.
De inductiekookzones creeren de voor het kookproces benodigde warmterechtstreeks in de bodem van het kookgerei. Het glaskeramiek worden verwarmd door de warmte van het kookgerei.
De individielampjes verschijnen als een kookzone heet is. De aanduidingen tonen het niveau van de restwarmte voor de kookzones die je momenteel gezruikt:
- doorgaan met koken,
warm houden,
- restwarmte.
Het indicatielampje kan ook verschijnen:
-
voor de aangrenzende kookzones, zichs als je ze Niet gebruikt,
-
als er heet kookgerei op de koude kookzone worden geplaatst.
- als de kookplaat is uitgeschakeld, maar de kookzone nog heet is.
Het indicatielampje verdwijnt als de kookzone is afgekoeld.
6.7 Timer
Timer met aftelfunctie
Gebruik deze functie om aan te given hoelang een kookzone moet werken tijdens een enkele kooksessie.
Stel eerst de wartme-instelling voor de geselecteerde kookzone in en stel daarna de functie in.
-
Druk op 00 verschijnt op het timerdisplay.
-
Druk op + of op om de hijd in te stellen (00-99 minutes).
-
Druk op om de timer te starten of wacht 3 seconden. De timer begint af te tellen
Om de hijd te wijzigen: selecteer de kookzone met en druk op of
Om de functie uit te schakelen: selecteer de kookzone met en druk op. De resterendeijd teht terug tot 00.
De timer is klaar met aftellen, er klinkt een signaal en 00 knippert. Schakelt de kookzoneuit. Druk op een willekeurig symbol om het signaal en te knipperen te stoppen.
Kookwekker
U kunt deze functie gebruiken als kookwekker verwijl de kookplaat is ingeschakeld maar de kookzones nicht werken. De kookstand toont 00.
-
Druk op
-
Druk op + of om de tijd in te stellen. De timer is maar met aftellen, er klinkt een signaal en 00 knippert. Druk op een willekeurig symbol om het signaal en te knipperen te stoppen.
Om de functie uit te schakelen: tik op en druk op . De resterende tijd telt terug tot 00.
Als er meertere zones actief zijn en het verbruike vermogen de limiet van de stroomtoevoer overschrijdt, verdweit deze functie het beschikbare vermogen:tussen alle kookzones.De kookplaat regelt de warmteinstallingen om de zekeringen van de installment in het huis te beschemen.
- Als de kookplaat de limiet van het maximaal beschikbare vermogen bereikt (zie het typeplaatje) worden het vermogen van de kookzones automatisch verlaagd.
- De warmte-instelling van de als eerste gekozen kookzone heeft.altijd prioriteit. Het resterende vermogen za tussen de overige kookzones worden verdeld, in omgekeerde volgorde van selectie.
- Voor kookzones met verminderd vermogen knippert het bedieningspaneel tweemaal en toont het de maximaal mogelijkke warmte-installingen.
Wacht totdat het display stocht met knipperen of verlaag de opwarmstand van de geselecteerde kookzone als LASTe. De kookzones blijven werken met de verlaagde warmte-installling. Wijzig indien nodig handmatig de warmte-installingen van de kookzones.
6.9 SenseBoil®
De functie past de temperatuur van het water automatisch aan zodate pan Niet overkookt zodra het kookpunt is bereikt.

Wanner er nog restwarmte (7) /(-) op de kookzone die u wilt gebruik aanwezig is, klinkt er een akoestisch signaal en za de functie nicht starten. De functie werkt nicht met kookgerei m anti-aanbaklaag.
LET OPI!
Gebruik de functie Niet met leeg kookgerei.
Laat de kookplaat Niet onbeheerd awhile de functie in werkig is.
- Plaats pannen gemvuld met 1 - 5 l koud water op de beschikbare kookzones waarvoor u de functie wilt starten.
Als u slechts eén pan op eén kookzone plaatst, start de functie automatisch. - Raak dan om de kookplaat in te schakelen.
3.Raak aan om de functie te activeren.
Er P verschijnt een knipperend indicatielampje hierboven voor elke kookzone waarop u de functie momenteel kut gebruiken.
- Raak ergens op de schuifregelaar van de gekozen kookzone aan.
De functie start.
Zodra de functie start, verschijnen de indicatielampjes boven de schuifregelaar en begint de animatie te draaien.

Als u binnen 5 seconden geen pan op een van de kookzonesplaatst, worden de functie automatisch uitgeschakeld.
Wanneer de functie het kookpunt bereikt, geeft de kookplaat een akoestisch signaal en verandert het verwarmingsniveau automatisch ineen standard sudderniveau.
Raak 0 aan om de functie uit te schakelen voordat het kookpunt is bereikt.
Om de functie uit te schakelen nadat het kookpunt is bereikt, raakt u de schuifregelaar aan en past u de kookstand handmatig aan.
Als u de pan activeert Pauze of verwijdert, wordt de functieuitgeschakeld.
Als u een Timer met aftelfunctie op een van de kookzonesplaatst en de ingesteldeijd is verstreten voordat het kookpunt is bereikt, worden de functie automatischuitgeschakeld.
Tips en advies:
- De functie is het meest geschikt voor het koken van water en het koken van aardappelen.
- De functie werkkt möglichk Niet goed voor waterkokers en pressopotjes op de kachel.
Vul tussen de helft en driekwart van de pan met koud kraanwater en LAST 4 cm vanaf de rand van de pan leeg. Gebruik Niet minder dan 1 ofeer dan 5 I water. Zorg ervoor dat het totale volume van het water (of het water en de aardappelen) tussen 1-5 kg ligt.

Voor het beste resultaat kookit u hele, ongeschilde, middelgrote aardappelen. Zorg ervoor dat u de aardappelen nicht te strak verpakt.
- Vermijd tijdens de opwarmfase energiek roeren in andere potten en parallelle kookprocessen (zoals frituren of koken) op andere kookzones.
Vermijd externe trillingen (bijvoorbeeld door een blender te gebruiken of een mobiele telefoon naast de kookplaat te plaatsen) wonneer de functie actief is.
- Afhankelijk van het soort gerecht en kookgerei(Int)kunt u de kookstand aanpassen nadat het kookpunt is bereikt.
- Voeg zout toe zodra het kookpunt is bereikt.
- Gebruik een deksel om energie te besparen.
6.10 Menustructuur
De tabel toont de basismenestructuur.
7. EXTRA FUNCTIONS
7.1 Automatische uitschakeling
De functie schakelt de kookplaat automatisch uit als:
- alle kookzones zijn uitgeschakeld,
Gebruikersinstellungen
| Sym- bool | Instellingen Mogelijk opties |
| b Geluid Aan / Uit (--) | |
| P Energiebeperking 15 - 73 | |
| H Afzuigkapmodus 0 - 6 | |
| E Alarm / foutgeschiedenis | De liest met recente alarmen / fouten. |
Om gebruikersinstellungen in te voeren: 3
Seconden ingedrukt houd Houd nervolgens ingedrukt. De instellenings verschijnen op de timer van de linker kookzones.
Navigeren door het menu: het menu bestaat uit het instellingssymbol en een waarde. Het symbool verschijnt op de timer aan de achterkant en de waarde verschijnt op de timer aan de voorkant. Om tussen deinstallingen te navigeren, druk je op op de timer aan de voorzijde. Druk op of op de timer aan de voorzijde om de instellingswaarde te wijzigen.
Om het menu te verlaten: druk op ①
OffSound Control
Je kunt de geluiden in / uitschakelen in Menu > Gebruikersinstallingen.
i
Zie "Menstructuur".
Wanner de geluiden uit+zijn, kun je het geluid nog steeds horen als:
·u abhraakt,
- de timer gaat UIT,
- druk je op een inactief symbool.
- je na het inschakelen van de kookplaat geen kookstand of ventilatorsnelheid instelt,
- je iets hebt gemorst of langer dan 10 seconden iets op het bedieningspaneel
hebt gelegd (een pan, doek). Er klinkt een signaal en de kookplaat wordenuitgeschakeld. Verwijder het object of reinig het bedieningspaneel.
- het apparaat te heet worden (bijv. als een steelpan droogkookt). Laat de kookzone afkoelen voordat je de kookplaat wee gebruikt.
- je een kookzone nicht uitschakelt of de kookstand wijzigt. Na enigeijd worden de kookplaat uitgeschakeld.
De relatie tussen de kookstand en deijd waarna het apparaat wordenuitgeschakeld:
Warmte-instelling De kookplaat wordenuitgeschakeld na
1-26uur
3-45uur
54eur
6-91,5 uur
7.2 Pauze
Deze functie stelt alle kookzones in die op de laagste warmte-instelling werken.
Als de functie in werkung is kuren ① en II worden gebrukt. Alle andere symbolen op het bedieningspaneel zijn vergrendeld.
De functie stopt de timerfuncties nicht.
- Om de functie in te schakelen: druk op II.
De warmte-instelling worden verlaagd maar 1. - Om de functie uit te schakelen, druk op II.
De vorige kookstand gaat aan.
7.3 Blokkering
U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl de kookplaat in werkig is. Dit voorkomt een onbedoelde wijziging van de kookstand
Stel eerst de kookstand.
Om de functie in te schakelen: druk op Om de functie uit te schakelen: druk nogmaals op
i
De functie worden uitgeschakeld, als je de kookplaat uitschakelt.
7.4 Kinderbeveiligingsinrichting
Deze functie voorkomt onbedoeld gebruik van de kookplaat.
Om de functie te activeren: druk op ①Stel geenin. Houd ② seconden ingedrukt tot het indicatielampje boven het symbol verschijnt. Schakel de kookplaatuit met ①.
i
Als je de kookplaat uitschakelt, is de functie nog steeds actief. Het indicatielampje hierboven brandt.
Om de functie uit te schakelen: druk op ①
Stel geen kookstandin. Houd 3 seconden ingedrukt totdat het indicatielampje boven het symbool verdwijnt. Schakel de kookplaat uit met ①.
Koken met de functie ingeschakeld: druk op en druk verwolgens 3 seconden op tot het indicatielampje boven het symbol verdwijnt. Je kurz de kookplaat bedieren. Als je de kookplaat uitschakelt met de - functie, werkt wee.
7.5 Bridge
i
De functie werkt als de pan de middelpunten van beiden zones bedekt. Raadpleeg "De kookzones gebruiken" voor meer informatie over de juisteplaatsing van kookgerei. De functie werkt nicht verwijl SenseBoil® in werkig is.
De functie verbindt twee kookzones en ze werken als een kookzone.
Stel eerst de kookstand in voor een van de kookzones aan de linkerkant.
Om de functie te activeren: raak aan. Raak een van de regelsensoren aan om de warmte-instelling in te stellen of te wijzigen.
Om de functie uit te schakelen: raak aan. De kookzones werken onafhankelijk van elkaar.
7.6 Hob²Hood
Het is een geavanceerde automatische functie die de kookplaat op een speciale kap aansluit. Zowel de kookplaat als de afzuigkap hebben een infraroodontvanger. Snelheid van de ventilator worden automatisch bepaald op basis van modusinstelling en temperatuur van de heetste pan op de kookplaat. Je kurz de ventilator ook handmatig van de kookplaat bedieren.
i
Bij de meeste afzuigkappen is het afstandsbedieningssystem in eerste instantie uitgeschakeld. Activeer het voordat je de functie gebruikt. Zie voor meer informatie de gebruikershandleiding van de afzuigkap.
De functie automatisch bedieren
Om de functie te bedieren, stelt u de automatische modus automatisch in op H1 - H6. De kookplaat is oorspronkelijk ingesteld op H5. De afzuigkap reageert wanner u de kookplaat bedient. De kookplaat herkent de temperatuur van de pannen automatisch en stelt de snelheid van de ventilator erop af.
Automatische modi
| Automata- tisch lampje | Koken1) | Bakken2) | |
| H0 Uit Uit Uit | |||
| H1 Aan Uit Uit | |||
| H2 3) | Aan Ventilator-snelheid 1 | Ventilator-snelheid 1 | |
| H3 Aan Uit Ventilator- | snelheid 1 | ||
| H4 Aan Ventilator- | snelheid 1 | Ventilator-snelheid 1 | |
| Automata- tisch lampje | Koken1) | Bakken2) |
| H5 Aan Ventilator- | snelheid 1 | Ventilator- snelheid 2 |
| H6 Aan Ventilator- | snelheid 2 | Ventilator- snelheid 3 |
1) De kookplaat detecteert het kookproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus.
2) De kookplaat detecteert het bakproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus.
3) Deze modus activeert de ventilator en de verlichting en reageert nicht op de temperatuur.
De automatische modus wijdigen
- De kookplaat uitschakelen.
- Druk 3 seconden op . Het display gaat aan en weeruit.
3.Druk 3 seconden op - Druk een paur keer in tot H gaat branden.
- Druk op van de timer om een automatische modus te selecteren.
i
Schakel de automatische modus van de functieuitomdeafzuiigkaprechtstreeks op het afzuiigkappaneel te bedieren.
i
Als je klaar bent met koken en de kookplaat uitschakelt, werkt de ventilator möglich nog even. Daarna schakelt het systeme de ventilator automatisch uit en worden voorkomen dat je de ventilator per ongeluk in de komende 30 seconden activeert.
De ventilatorsnelheid handmatig bedieren Je kunt de functie ook handmatig bedieren.
Druk hiervoor op als de kookplaat actief is. Hierdoor wordt de automatische werking van de functie uitgeschakeld en kun je de ventilatorsnelheid handmatig wijzigen. Als je op drukt, worden de ventilatorsnelheid met een verhoogd. Als je een intensief niveau
bereikt en weeop drukt, stel je de ventilatorsnelheid in op 0 waardoor de afzuigkapventilator uitschakelt. Om de ventilator weer te starten met ventilatorsnelheid 1, druk op ATO
i
Schakel de kookplaatuit en weeer aan om automatische bediening van de functie te activeren.
Het lampje inschakelen
Je kunt de kookplaat instellen om het Licht automatisch te activeren wanner je de kookplaat activeert. Zet waaroor de automatische modus op H1-H6.
i
Het lampje op de afzuigkap gaat 2\ minuten na het uitschakelen van de\ kookplaat UIT.
8. AANWIJZINGEN EN TIPS

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
8.1 Pannen
i
Voor inductiekookzones creëert een sterk elektromagnetisch veld de hitte in de pannen zeer snug.
Gebruik de inductiekookzones met geschikte pannen.
- Om oververhitting te voorkomen en de prestaties van de zones te verbeteren,要去 het kookgerei zo dik en vlak möglichelijk়n.
Zorg ervoor dat bodems schoon en droog zichn voordat het kookgerei op de kookplaat worden gezet. - Let er altijd op dat u het kookgerei nicht schuift of wrijft op de randen en hoeken van het glas, odomat dit het glasoppervlak kan beschadigen.
Panmaterialen
- goed: gietijzer, staal, geëmailleerd staal, roestvrij staal,meerlaagse bodem (aangemerkt als geschikt door de fabrikant).
- nied goed: aluminium, koper, messing, glas, keramiek, porselein.
Een pan is geschikt voor een inductiekookplaat als:
water op de hoogste kookstand binnen korteijd worden verwarmd,
- een magneto op de onderkant van het kookgerei plakt.
Afmetingen van pannen
- Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmetingen van pannen aan. Raadpleeg "Technische gegevens" > "Specificatie van kookzones" voor de juiste afmetingen van kookgerei. Plaats het kookgerei in het midden van de gekozen kookzone.
-
De efficientie van een kookzone hangt samen met de diameter van de pan. Gebruik voor een optimale warmteverdracht kookgerei met een bodem diameter die vergelijkbaar is met de grotte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in "Technische gegevens" > "Specificatie van de kookzone").
-
Pannen met een diameter kleiner dan een bepaalde kookzone ontvangen slechts een deel van het vermogen dat door de kookzone worden opgewekt, wat resulteert in een langzamere opwarming.
- Gebruik zowel om veiligheidsredenen als voor optimale kookresultaten geen pannen groter dan aangegeven in de kookzonespecificaties. Zorg ervoor dat pannenijdens het koken Niet zich bij het bedieningspaneel blijven. Dit kan invloed hebben op de werkking van het bedieningspaneel of onbedoeld de kookplaatfuncties activeren.
i
Raadpleeg de technische gegevens.
8.2 Geluidenijdens bedrijf

Deze geluiden zijn normal en hebben niets met een defect te make. Geluiden van kookgerei konnen varieren afhankelijk van het materiaal van het kookgerei en het vermogen.
Geluiden gerelateerd aan kookgerei:
- kraakgeluid: kookgerei is gemaakt van verschillende materialen (sandwich-constructie).
- fluitend geluid: bij gebruik van een kookzone met een hoge kookstand en als het kookgerei is gemaat van verschillende materialen (een sandwich-constructie).
- bromgeluid: als u een hoge kookstand gebrukt.
Kookplaatgerelateerde geluiden:
- klikken: er treedt elektrische schakeling op.
-
sissen, zoemen: de ventilator werkt.
-
ritmisch geluid: kookgerei worden gedetecteerd.
Om energia te besparen schakelt het verwarmingselement van de kookzone eerderuit dan het signaal van de timer met aftelfunctie klinkt. Het verschil in werkingsstijd hangt af van het niveau van de kookstand en de tijd dat u kockt.
8.4 Vereenvoudigde kookgids
De correlatie:tussen de kookstand en het stroomverbruik van de kookzone is nicht linear. Wanner u de kookstand verhoogt, is dit Niet proportioneel met de toename in stroomverbruik van de kookzone. Het betekent dat een kookzone op de medium kookstand minder dan de helft van het vermogen gezruikt.

De gegevens in de tabel dieren alleen als richtlijn.
| Warmte-instel- ling | Gebruik om het volgende te doen: | Tijd (min) | Tips |
| 1 Houd gekocht voedsel warm. indien no-dig | Doe een deksel op het kookgerei. | ||
| 1 - 2 Hollandisesaus, smelten: boter, cho- colade, gelatine. | 5 - 25 Roer af en toe. | ||
| 2 Stollen: luchtige omeletten, gebakken eieren. | 10 - 40 Kook met een deksel erop. | ||
| 2 - 3 Zachtjes aan de kook brengen van rijst en gerechten op basis van melk, reeds bereide gerechten opwarmen. | 25 - 50 Voeg minimaal twee koer zo veel vocht toe als rijst en roer gerechten op melkbasis halverwege de procedure door. | ||
| 3 - 4 Stoofgroenten, vis, vlees. 20 - 45 Voeg een paue eetlepels water toe. | Controleer de hoeveelheid water tij-dens het proces. | ||
| 4 - 5 Stoom aardappelen en andere groen-ten. | 20 - 60 Bedek de bodem van de pan met 1-2 cm water. Controleer het waterpeil tij-dens het proces. Houd het deksel op de pan. | ||
| 4 - 5 Kook grotere hoeveelheden voedsel, stoofschotels en soepen. | 60 - 150 Tot 3 I vloeistof plus ingredienten. | ||
| 6 - 7 Zacht bakken: | escalope, kalfscordon bleu, koteletten, rissoles, worstjes, le- ver, roux, eieren, pannenkoeken, do- nuts. | indien no- dig | Draai om wanneer nodig. |
| 7 - 8 Flink bakken, hash browns, lendenbief- stuk, steaks. | 5 - 15 Draai om wanneer nodig. | ||
| 9 Kook water, kook pasta, schroei vlees (goulash, braadpan), frituur frietjes. | |||
| P | Kook groe hoeveelheden water. PowerBoost is ingeschakeld. | ||
8.5 Praktische tips voor Hob²Hood
Wonneer je de kookplaat gebruikt met de functie:
- Bescherm het paneel van de kap gegen direct zonlicht.
- Schijn geen halogeenlicht op het paneel van de kap.
- Dek het bedieningspaneel van de afzuigkap Niet af.
- Onderbreek het signaal tussen de kookplaat en de afzuiigkap Niet (bijvoorbeeld met een hand, een handgreep van een pan of een große pan). Zie de afbeelding.
De kap hieronder is alleen bedoeld ter illustratie.

i
Andere op afstand bediende apparaten kuren het signaal hinderen. Gebruik dergelijkke apparaten Niet in de buurt van de kookplaat verwijl Hob2Hood ingeschakeld is.
Afzuigkappen met de Hob²Hood-functie Voor het volledige assortment afzuigkappen dat met deze functie werkt, raadpleeg je once website van de consument. De AEG-afzuigkappen die met deze functie werken,要去en het symbool hebben.
9. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
9.1 Algemene informatie
- Reinig de kookplaat na elk gebruik.
- Gebruik alsijd kookgerei met een schone bodem.
- Krassen of donkere vlekken op het oppervlak hebben geen invloed op de werkking van de kookplaat.
- Gebruik een specifiek schoonmaakmiddel voor het oppervlak van de kookplaat.
- Gebruik algijd een schraper die worden aanbevolen voor kookplaten met een glazen oppervlak. Gebruik de schraper alleen als extra hulpmiddel voor het reinigen van het glas na de standardreinigingsprocedure.

WAARSCHUWING!
Gebruik geen messen of anderscherp, metalen gereedschap om het glasoppervlak te reinigen.
9.2 Het kookplaat reinigen
- Verwijder onmiddelijk: gesmolten kunststof, plastic folie, zout, suiker en suikerhoudend voedsel, anders kan dit schade aan de kookplaat veroorzaken. Doe voorzichtig om brandwonden te voorkomen. Gebruik de speciale schaper op de glazen plaat en verwijder resten door het blad over het oppervlak te schuiven.
- Verwijder dit als de kookplaat voldoende afgekoeld is: kalkringen, waterringen, vetvlekken, glanzende metaalverkleuring. Reinig de kookplaat met een vochtige doek en een beetje nietschurend reinigingsmiddel. Veeg de kookplaat na het reinigen droog met een zachte doek.
- Verwijder glanzende metaalverkleuring: reinig het glazen oppervlak met een doek en een oplossing van water met azijn.
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
10.1 Wat要去je doen als ...
Problem Mogelijk oorzaak Oplossing
| Je kunt de kookplaat nicht inscha-kelen of bedieren. | De kookplaat is Niet aangesloten op een stopcontact of Niet goed gein-stalleerd. | Controller of de kookplaat goed aan-gesloten is op het lichtnet. |
| De zekering is doorgeslagen. Verzeker je ervan dat de zekering de | oorzaak van de storing is. Als de zeke-tingen koer op keer doorslaan, neem je contact op met een erkende installa-teur. | |
| Je stelde gedurende 60 seconden geen kookstand in. | Schakel de kookplaat opnieuw in en stel de kookstand binnen 60 seconden in. | |
| Problem Mogelijk oorzaak Oplossing | ||
| Je heb 2 ofmeer sensorvelden te-gelijkertijd aangeraakt. | Raak slechts=eén sensorveld aan. | |
| Pauze is in werkung. Zie "Pause". | ||
| Water of vetlekken op het bedie-ningspaneel. | Reinig het bedieningspaneel. | |
| Je kunt een constant piepgeluid horen. | De elektrische aansluiting is ver-keerd. | Trek de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Laat de installation-controlleder door een erkende elektricien. |
| Je kunt de maximale warmte-stand Niet instellen voor[eén van de kookzones. | De andere zones verbruiken het maximaal beschikbare vermogen. Je kookplaat werkt correct. | Verlaag de warmtestand van de andere- re kookzones die op bezelfde fase+zijn aangesloten. Zie 'Stroommanage-ment'. |
| Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat worden uitzgeschakeld. Als de kookplaat worden uitzgeschakeld, klinkt er een geluids-signaal. | Je hebiet op een ofmeer sensor- velden geplaatst. | Verwijder het voorwerp van de sensor- velden. |
| De kookplaat worden uitzgeschakeld. | Je hebiet op het sensorveld①geplaatst. | Verwijder het voorwerp van het sen-sorveld. |
| De restwarmte-indicator gaat Niet aan. | De zone is Niet heet onderdeze slechts kortstondig is gebruikt, of de sensor is beschadigd. | Als de zone voldoende lang gebruikt is om heet teijken, neem je contact op met een erkende servicedienst. |
| Hob?Hood werkkt Niet. Je hebtet het bedieningspaneel afge- dekt. | Verwijder het voorwerp van het bedie-ningspaneel. | |
| Je maakt gebruik van een hele hoge pan die het signaal blokkeert. | Gebruik eenkleinerere pan, verander van kookzone of bedien de afzuigkap handmatig. | |
| Het bedieningspaneel worden heet bij aanraking. | Het kookgerei is te groot of je plaatst het te zich bij het bedieningspaneel. | Plaats grotere pannen indien möglich op dechterste kookzones. |
| Er klinkt geen geluidsignaal wan- neer je de tiptoetsen van het be-dieningspaneel aanraakt. | De signalen zijn uit. Schakel de geluiden in. Raadpleeg 'Dagelijks gebruik'. | |
| Het indicatielampje boven het symbool haat aan. | Kinderbeveiligingsinrichting of Blo-kering werkt. | Zie "Kinderbeveiliging" en "Blokke-ring". |
| De bedieningsbalk knippert. Er staat geen pan op de zone, of de zone is Niet volledig bedekt. | Zet een pan op de zone, zodat de pan de zone volledig bedekt. | |
| De pan is Niet geschikt. Gebruik kookgerei dat geschikt is voor | inductiekookplaten. Zie'Aanwijzingen en tips'. | |
| De diameter van de bodem van de pan is te Klein voor de zone. | Gebruik pannen met de juiste afmetin-gen. Raadpleeg de technische gege-vens. | |
| Probleem Mogelijk oorzaak Oplossing | ||
| Opwarmen duurt lang. Pan is teklein en ontvangt slechtes een deel van het vermogen dat door de kookzone worden gezeneerde. | Gebruik voor een optimale warmte-overdracht kookgerei met een bodem-diameter die vergelijkbaar is met de grotte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in "Technische gege-vens" > "Sificatie van de kookzo-ne"). | |
| F en verschijnen tegelijkker-tijd. | Het vermogen is te laag vanwege een ongeschiedte of lege pan. | Gebruik het geschichte type pannen. Zie 'Aanwijzingen en tips' en 'Techni-sche gegevens'. Activeer geen zones waarop een lege pan is geplaatst. |
| F en verschijnen tegelijkker-tijd. | De pan is leeg of bevat andere vloei-stof dan water, bijvoorbeld olie. | Vermijd gebruik van deze functie met andere vloeistoffen dan water. |
| F en verschijnen tegelijkker-tijd. | Er bevindt zich te veel of te weinig water in de pan. Je heb ander voedsel gekocht dan water en aardappelen. Het koopunt werk verplaatst in deijd, en Sense-Boil® kon Niet goed werken. | Kook alleen water en aardappelen met behulp van SenseBoil®. Zie "Aanwij-zingen en tips". |
| Je hoor een piepgeluid. De indi-catoren boven aanipperen en SenseBoil® start nicht. | Geen van de kookzones is+kaar voor gebruik met SenseBoil®. Er is wat restwarmte op de kookzones die je wiltkiezen of die nog in gebruikijken. | Rond je vorige kookactiviteiten af en kies een vrij kookzone zonder enige restwarmte. |
| SenseBoil®werk Niet. Het vermogen van de kookplaat is te laag. | Stel het vermogensniveau in op een hogere waarde. Zorg ervoor dat het gekozen vermogen aansluit op de ze-keringenkast in HIS. Raadpleeg "Voor het eerste gebruik > " Energiebeper-king". | |
| E en een getal gaan branden. | Er is een fout opgetreden in de kookplaat. | Schakel de kookplaat uit en schakelDEXE Na 30 seconden weein. Wan-meer Weer perschijnt, trek je de stekker van de kookplaat uit het stop-contact. Steek de stekker van de kook-plaat er na 30 seconden weein. Als het probleem zich blijft voordoen, neem je contact op met een erkende servicedienst. |
10.2 Als je geen oplossing kunt vinden...
Als je Niet zich het probleem(Int)kunt verhopen, neem dan contact op met je verkoper of een erkende serviceafdeling. Geef de gegevens op het typeplaatje.Zorg ervoor dat je de
kookplaat correct gebruikt. Als dit nicht het geval is, is het onderhoud van een servicemonteur of dealer nicht gratis, ookijdens de garantieperiode. De informatatie over garantieperiode en geauthoriseerde servicecentra vind je in het garantieboekje.
Inductie 7.35 kW Gemaakt in: Duitsland
Serienr. 7.35 kW
AEG

11.2 Specificatie kookzones
| Kookzone Nominal vermo-gen (max warmte-instelling) [W] | PowerBoost [W] | PowerBoost maximale duur [min] | Diameter van het kookgerei [mm] |
| Links voor 2300 3200 10 125 - 210 | |||
| Linksijken 2300 3200 10 125 - 210 | |||
| Rechtsvoor 1400 2500 4 125 - 145 | |||
| Rechtsachter 1800 2800 10 145 - 180 |
Het vermogen van de kookzones kan binnen een bepaalde keine marge verschillen van de gegevens in de tabel. Dit kan veranderen afhankelijk van het materiaal en de afmetingen van het kookgerei.
Gebruik voor een optimale warmteoverdracht en kookresultaat kookgerei met een
bodem diameter die vergelijkbaar is met de groote van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in de tabel). Gebruik geen kookgerei dat groter is dan de diameter van de kookzone.
12. ENERGIEZUINIGHEID
12.1 Productinformationé volgens de EU Ecodesign regulering
| Modelnummer NII64B10IB | ||
| Type kookplaat Inbouwkookplaat | ||
| Aantal kookzones 4 | ||
| Verwarmingstechnologie | Inductie | |
| Diameter van Ronde kookzones (Ø) | Links voor | 21.0 cm |
| Linksijken | 21.0 cm | |
| Rechtsvoor | 14.5 cm | |
| Rechtsachter | 18.0 cm | |
| Energieverbruik per kookzone (EC electric cooking) Links voor | 188.9 Wh/kg | |
| Links anschter | 188.9 Wh/kg | |
| Rechtsvoor | 183.4 Wh/kg | |
| Rechtsachter | 178.8 Wh/kg | |
| Energieverbruik van de kookplaat (EC electric hob) 185.0 Wh/kg | ||
IEC / EN 60350-2 - Huishoudelijkke elektrische kookapparaten - Deel 2: Kookplaten - Methoden voor het meten van prestaties.
De energiemetingen betreffende het kookgebied worden geidentificerd door de markingsen van de respectievelijke kookzones.
12.2 Energiebesparende
Je kunt energie besparenijdens het dagelijkkoken als je de onderstaande aanwijzingen volgt.
- Gebruik bij het opwarmen van water alleen de hoeveelheid die je nodig hebt.
- Plaats, indien möglichk, alsijd de deksels op het kookgerei.
- Plaats het kookgerei direct in het midden van de kookzone.
- Gebruik de restwarmte om het voedsel warm te houden of om het te lately smelten.
12.3 Productinformatie voor stroomverbruik en maximaleijd om de toepasselijkke modus voor laag vermogen te bereiken
Stroomverbruik inuit-modus 0.3 W
De maximaleijd die de apparatuur nodig heeft om automatisch de toepasselijke 2 min modus voor laag vermogen te bereiken
13. MILIEUBESCHERMING
Recycler de materialen met het symbol Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren.
Beschem het milieu en de volksgezondheid en recycler op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten.
Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool Niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het productaar het milieuustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.