HI642TTC - Fornuis HOOVER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HI642TTC HOOVER in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HI642TTC - HOOVER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HI642TTC van het merk HOOVER.
GEBRUIKSAANWIJZING HI642TTC HOOVER
- Utilisez des casseroles dont le diamètre est aussi large que le dessin de la zone sélectionnée.NL-1 Waarschuwingen voor de veiligheid Uw veiligheid is belangrijk voor ons. Lees deze informatie voordat u de kookplaat gebruikt. Installatie Gevaar voor elektrische schok
- Trek de stekker van het apparaat uit het stopcontact voordat u werkzaamheden of onderhoud uitvoert.
- Aansluiting op een goed geaarde bedrading is essentieel en verplicht.
- Wijzigingen aan de bedrading in woonhuizen mogen alleen door een gekwalificeerde elektricien worden uitgevoerd.
- Het niet opvolgen van dit advies kan leiden tot een elektrische schok of de dood. Snijgevaar
- Wees voorzichtig: de randen van het paneel zijn scherp.
- Als u niet voorzichtig bent kan dat resulteren in letsel of snijwonden. Belangrijke veiligheidsinstructies
- Lees deze instructies zorgvuldig door voordat u dit apparaat installeert of gebruikt.
- Er mogen nooit brandbare materialen of producten op dit apparaat worden geplaatst.
- Stel deze informatie ter beschikking van de persoon die verantwoordelijk is voor het installeren van het apparaat, omdat dit de installatiekosten kan verlagen.NL-2
- Om gevaar te voorkomen, moet dit apparaat worden geïnstalleerd volgens deze installatie- instructies.
- Dit apparaat mag alleen door een daarvoor gekwalificeerde persoon worden geïnstalleerd en geaard.
- Dit apparaat moet worden aangesloten op een circuit waarin een isolerende schakelaar is opgenomen die volledige ontkoppeling van de voeding mogelijk maakt.
- Als u het apparaat niet correct installeert, kunnen garantie- of aansprakelijkheidsclaims komen te vervallen. Bediening en onderhoud Gevaar voor elektrische schok
- Kook niet op een gebroken of gebarsten kookplaat. Als het oppervlak van de kookplaat breekt of barst, moet u het apparaat onmiddellijk uitschakelen via de netvoeding (wandschakelaar) en contact opnemen met een gekwalificeerde monteur.
- Schakel de kookplaat uit bij de muur voordat u hem schoonmaakt of onderhoud uitvoert.
- Het niet opvolgen van dit advies kan leiden tot een elektrische schok of de dood. Gezondheidsrisico
- Dit apparaat voldoet aan de elektromagnetische veiligheidsnormen.NL-3
- Personen met pacemakers of andere elektrische implantaten (zoals insulinepompen) moeten echter hun arts of de fabrikant van het implantaat raadplegen voordat zij dit apparaat gebruiken om er zeker van te zijn dat het elektromagnetische veld geen invloed heeft op hun implantaat.
- Het niet opvolgen van dit advies kan leiden tot de dood. Gevaar voor hete oppervlakken
- Tijdens het gebruik worden toegankelijke delen van dit apparaat heet genoeg om brandwonden te veroorzaken.
- Zorg ervoor dat uw lichaam, kleding of enig ander artikel dat geen geschikt kookgerei is niet in contact komt met het inductieglas totdat het oppervlak is afgekoeld.
- Metalen voorwerpen zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op de kookplaat worden geplaatst. Ze kunnen namelijk heet worden
- Houd kinderen uit de buurt.
- De stelen van steelpannen kunnen heet zijn bij aanraken. Controleer of de stelen van steelpannen zich niet boven andere kookzones die zijn ingeschakeld bevinden. Houd de stelen buiten het bereik van kinderen.
- Het niet opvolgen van dit advies kan brandwonden en -blaren veroorzaken.NL-4 Snijgevaar
- Het vlijmscherpe mes van een kookplaatschraper ligt bloot wanneer de veiligheidskap wordt teruggetrokken. Wees uiterst voorzichtig en bewaar altijd veilig en buiten het bereik van kinderen.
- Als u niet voorzichtig bent kan dat resulteren in letsel of snijwonden. Belangrijke veiligheidsinstructies
- Laat het apparaat nooit onbewaakt achter wanneer het in gebruik is. Overkoken veroorzaakt rook en vetvlekken die kunnen ontbranden.
- Gebruik het apparaat nooit als werk- of opbergoppervlak.
- Laat geen voorwerpen of bestek op het apparaat achter.
- Plaats geen magnetiseerbare voorwerpen (bijv., creditcards, geheugenkaarten) of elektronische apparaten (bijv., computers, MP3-spelers) in de buurt van het apparaat. Deze kunnen namelijk worden beïnvloed door het elektromagnetische veld.
- Gebruik het apparaat nooit om de kamer op te warmen of te verwarmen.
- Zet na gebruik altijd de kookzones en de kookplaat uit zoals beschreven in deze handleiding (d.w.z. met behulp van de tiptoetsen). Vertrouw niet op de functieNL-5 voor pandetectie om de kookzones uit te schakelen wanneer u de pannen verwijdert.
- Laat kinderen niet met het apparaat spelen of erop zitten, staan of klimmen.
- Bewaar geen voorwerpen die interessant zijn voor kinderen in kasten boven het apparaat. Kinderen die op de kookplaat klimmen, kunnen ernstig gewond raken.
- Laat kinderen niet alleen of onbeheerd in de ruimte waar het apparaat wordt gebruikt.
- Bij kinderen of personen met een handicap die hun vermogen om het apparaat te gebruiken beperkt, moet een verantwoordelijke en kundige persoon zijn om hen te helpen bij het gebruik ervan. Deze instructeur moet ervan overtuigd zijn dat zij het apparaat kunnen gebruiken zonder gevaar voor zichzelf of de omgeving.
- Repareer of vervang geen onderdelen van het apparaat tenzij specifiek aanbevolen in de handleiding. Alle andere onderhoudswerkzaamheden moeten door een gekwalificeerd monteur worden uitgevoerd.
- Gebruik geen stoomreiniger om de kookplaat schoon te maken.
- Geen zware voorwerpen op uw kookplaat plaatsen of laten vallen.
- Niet op de kookplaat gaan staan.NL-6
- Gebruik geen pannen met scherpe randen en sleep pannen niet over het oppervlak van het inductieglas, aangezien dit het glas kan krassen.
- Gebruik geen schuursponsjes of andere schurende reinigingsmiddelen om uw kookplaat schoon te maken. Deze kunnen namelijk het inductieglas krassen.
- Als het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, diens servicevertegenwoordiger of vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen.
- Dit apparaat is bedoeld voor huishoudelijk gebruik of voor soortgelijke toepassingen, zoals: -personeelskeukens in winkels, kantoren en andere werkomgevingen; - boerderijen; - door klanten in hotels, motels en andere woonomgevingen; - bed-en-breakfastom- gevingen.
- WAARSCHUWING: Tijdens het gebruik worden het apparaat en de toegankelijke delen ervan heet. Voorkom aanraking van de verwarmingselementen. Houd kinderen tot 8 jaar uit de buurt, tenzij zij voortdurend onder toezicht worden gehouden.NL-7
- Dit apparaat mag worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of met een gebrek aan kennis en ervaring, mits zij onder toezicht worden gehouden of instructies hebben gekregen om het apparaat veilig te kunnen gebruiken en de gevaren begrijpen die ermee gepaard gaan.
- Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Het schoonmaken en het onderhoud mag niet door kinderen worden uitgevoerd als er geen toezicht is.
- WAARSCHUWING: Onbeheerd koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en brand veroorzaken. Probeer NOOIT om\brand met water te blussen, maar schakel het apparaat uit en bedek de vlam dan met bijvoorbeeld een deksel of een branddeken.
- WAARSCHUWING: Brandgevaar: gebruik de kookoppervlakken niet als bewaarplek voor spullen.
- Waarschuwing: Als het oppervlak van kookplaten van glas, keramiek of soortgelijke materialen die onder stroom staande onderdelen beschermen gebarsten is, dan schakelt u het apparaat uit om de kans op een elektrische schok te vermijden
- U mag geen stoomreiniger gebruiken.NL-8
- Het apparaat is niet bedoeld te worden gebruikt met een externe timer of afzonderlijk afstandsbedieningssysteem. VOORZICHTIG: Blijf toezien tijdens het bereidingsproces. Een kort bereidingsproces moet continu in het oog worden gehouden. WAARSCHUWING: Om te voorkomen dat het apparaat kantelt, moet dit stabiliserende middel worden geïnstalleerd. Raadpleeg de instructies voor de installatie. WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookbeveiligingen die door de fabrikant van het kooktoestel zijn ontworpen of in de gebruiksaanwijzing van het apparaat als geschikt zijn aangegeven of kookbeveiligingen die in het apparaat zijn ingebouwd. Het gebruik van verkeerde beveiligingen kan ongevallen veroorzaken. Dit apparaat bevat alleen een aardeverbinding voor functionele doeleinden. Gefeliciteerd met de aankoop van uw nieuwe inductiekookplaat. Wij raden u aan de tijd te nemen om deze instructie-/installatiehandleiding te lezen om volledig te begrijpen hoe u het apparaat moet installeren en gebruiken. Lees vóór installatie de paragraaf over installatie. Lees voor gebruik zorgvuldig alle veiligheidsinstructies en bewaar deze instructie-/installatiehandleiding voor toekomstig gebruik.NL-9 Overzicht van het product Bovenaanzicht
voor de keuze van de verwarmingszone
3. Toets voor regelen
6. Toets van de boost-functie
7. Bediening van de pauzefunctieNL-10
Een woord over inductiekoken Koken met inductie is een veilige, geavanceerde, efficiënte en zuinige kooktechnologie. Het werkt door middel van elektromagnetische trillingen die rechtstreeks in de pan warmte opwekken, in plaats van indirect door het glasoppervlak te verwarmen. Het glas wordt alleen heet omdat de pan uiteindelijk warm wordt.
ijzeren pan magnetisch circuit keramische glasplaat inductiespoel geïnduceerde stromen
Voordat u uw nieuwe inductiekookplaat gebruikt Lees deze handleiding, besteed in het bijzonder aandacht aan de paragraaf ‘Veiligheidswaarschuwingen’. Verwijder eventuele beschermfolies die nog op uw inductiekookplaat zitten. De tiptoetsen gebruiken De bedieningstoetsen reageren op aanraking, dus u hoeft geen druk uit te oefenen. Gebruik uw gehele vingertop, niet alleen het puntje ervan. Elke keer als een aanraking wordt geregistreerd dan hoort u een pieptoon. Zorg ervoor dat de bedieningstoetsen altijd schoon en droog zijn en dat zie niet door een voorwerp (bijv., bestek of een doek) worden afgedekt. Zelfs een dun laagje water kan de toetsen moeilijk te bedienen maken.NL-11 Het juiste kookgerei kiezen
- Gebruik alleen kookgerei met een bodem die geschikt is voor koken met inductie. Kijk naar het inductiesymbool op de verpakking of op de onderkant van de pan.
- U kunt controleren of uw kookgerei geschikt is door een magneettest uit te voeren. Beweeg een magneet naar de onderkant van de pan. Als hij wordt aangetrokken tot de pan, dan is de pan geschikt voor inductie.
- Als u geen magneet heeft:
1. Doe wat water in de pan die u wilt controleren.
2. Als niet knippert op het display en het water opwarmt, dan is de pan geschikt.
- Kookgerei dat is gemaakt van de volgende materialen is niet geschikt: puur roestvrij staal, aluminium of koper zonder magneetbasis, glas, hout, porselein, keramiek en aardewerk. Gebruik geen kookgerei met scherpe randen of een kromme bodem. Controleer of de onderkant van uw pan glad is, plat op het glas staat en is net zo groot is als de kookzone. Gebruik pannen waarvan de diameter net zo groot is als de weergave van de geselecteerde zone. Als de pan iets breder is, zal de energie optimaal worden gebruikt. Als u een kleinere pan gebruikt, kan dit minder efficiënt zijn dan verwacht. Plaats uw pan altijd in het midden van de kookzone. Til pannen altijd van de inductiekookplaat – niet verschuiven, hierdoor kan het glas krassen.NL-12 Afmetingen van de pannen De kookzones hebben een limiet, die automatisch is aangepast aan de diameter van de pan. De bodem van deze pan moet echter een minimumdiameter hebben volgens de overeenkomstige kookzone. Om het beste rendement uit uw kookplaat te behalen, moet u de pan in het midden van de kookzone plaatsen. De basisdiameter van inductiekookgerei Kookzone Minimum (mm) 1, 2, 3, 4 (180 mm)
Het bovenstaande kan variëren afhankelijk van de kwaliteit van de gebruikte pan. Uw inductiekookplaat gebruiken Beginnen met koken
1. Raak de toets AAN/UIT aan.
Als de stroom is ingeschakeld, klinkt de zoemer eenmaal, alle displays geven "-" of "- -" weer, wat aangeeft dat de inductiekookplaat in stand-bymodus staat.
2. Plaats een geschikte pan op de kookzone die u wilt
gebruiken. Zorg ervoor dat de onderkant van de pan en het oppervlak van de kookzone schoon en droog zijn.
3. Raak de bediening van de selectie van
de verwarmingszone aan en een indicator naast de toets gaat knipperen.
4. Stel een vermogensniveau in door de "-" of "+" aan te raken.
a. Als u niet binnen 1 minuut een verwarmingszone kiest, dan wordt de inductiekookplaat automatisch uitgeschakeld. U moet opnieuw beginnen bij stap 1.
b. U kunt de warmte-instelling op elk moment tijdens het koken wijzigen.NL-13 Als op het display afwisselend knippert met de warmte-instelling Dit betekent dat: u geen pan op de juiste kookzone hebt geplaatst, of de pan die u gebruikt niet geschikt is voor koken met inductie, of de pan is te klein of is niet goed in het midden van de kookzone geplaatst. Er vindt geen verwarming plaats tenzij zich een geschikte pan op de kookzone bevindt. Het display wordt na 1 minuut automatisch uitgeschakeld als er geen geschikte pan op staat. Wanneer u klaar bent met koken
1. Raak de selectietoets aan van de verwarmingszone die u wilt
2. Zet de kookzone uit door de "-" aan te raken en omlaag te scrollen naar
"0" of de toetsen "+" en "-" tegelijk gedurende 1 seconde ingedrukt te houden, het vermogen wordt direct tot "0" verlaagd. Zorg ervoor dat het aan/uit-display eerst "0" aangeeft en daarna "H".
3. Zet het hele kookplaat uit door de AAN/UIT-toets aan
4. Pas op voor hete oppervlakken
'H' geeft aan welke kookzone heet is. De ‘H’ zal verdwijnen wanneer het oppervlak is afgekoeld tot een veilige temperatuur. Hij kan ook worden gebruikt als een energiebesparingsfunctie als u andere pannen wilt verwarmen, gebruik dan de verwarmingsplaat die nog warm is. In het geval van een stroomonderbreking terwijl "H" wordt weergegeven, moet u er op letten dat het kookoppervlak niet meer wordt aangeraakt, zelfs als de "H" niet meer wordt weergegeven wanneer de stroom terug is.NL-14 Het vermogensbeheer gebruiken Met behulp van vermogensbeheer kunt u het totale vermogen instellen op 2,5kW/ 3,0kW/ 4,5k W/ 6,5kW en 7,4kW. De standaard totale vermogensinstelling is het maximale vermogensniveau. Het instellen van het totale vermogensniveau om aan uw behoefte te voldoen
1. Zorg ervoor dat de kookplaat is uitgeschakeld.
Let op: u kunt alleen het vermogensbeheer instellen wanneer de kookplaat is uitgeschakeld.
2. Druk op de toets "Pauzefunctie" en houd 5 seconden vast.
De zoemer piept één keer.
3. Nadat u de pieptoon hoort, tikt u tegelijkertijd op "+" en "-" en houdt u die
3 seconden vast; op de timerindicator knippert het vorige totale vermogensniveau, bijv. '2,5'. Houd "+" en "-" opnieuw 1 seconde ingedrukt om over te schakelen naar een ander vermogensniveau, bijvoorbeeld 3,0. Wanneer het gewenste vermogen knippert, drukt u op de toets "Pauzefunctie" en houd u die 5 seconden vast. De zoemer piept 10 keer. Dit betekent dat u klaar bent met de instelling. Opmerking:
1. Na stap 2 moet u binnen 3 seconden na het horen van de pieptoon
de "+" en "-" aanraken. Anders moet u opnieuw beginnen vanaf stap 2.
2. Als u klaar bent, wacht dan tot het einde van 10 pieptonen. Raak tijdens deze
periode geen enkele toets aan. Anders is de instelling ongeldig. Regels voor vermogensbeheer Als het totale vermogen de beperking van 2,5kw, 3,0kw, 4,5kw, 5,5kw, 6,5kw of 7,4kw overschrijdt (afhankelijk van het niveau dat u hebt ingesteld), kunt u de vermogensfase van de zones niet verhogen. Als u de fase verhoogt door '+' aan te raken, piept de kookplaat 3 keer en geeft de indicator een knipperende 'Pn' weer. Dan moet u de vermogensfase van andere zones verminderen voordat u het vermogen van de zone in kwestie verhoogt.NL-15 De Boost gebruiken Boost is de functie die in één seconde het vermogen van een zone verhoogt en 5 minuten duurt. Zo kunt u krachtiger en sneller koken. De boost gebruiken om een groter vermogen te krijgen
1. Druk op de selectietoets van de verwarmingszone die u een boost
wilt geven, een indicator naast de toets knippert.
2. Druk op de toets boost, de verwarmingszone begint te werken
Op het aan/uit-display wordt "P" getoond om aan te geven dat de zone een boost heeft.
3. Het boostvermogen duurt 5 minuten en dan gaat de zone terug naar
4. Als u de boost tijdens deze 5 minuten wilt annuleren, drukt u op de selectietoets van
de verwarmingszone; er knippert een indicator naast de toets. Druk vervolgens op de Boost-toets; de verwarmingszone gaat terug naar vermogensfase 9. Beperkingen bij het gebruik De vier zones zijn verdeeld in twee groepen. Als u in de ene groep boost gebruikt op één zone, zorg er dan eerst voor dat de andere zone op/onder vermogensniveau 5 werkt.NL-16 De pauzefunctie gebruiken De pauzefunctie kan op elk moment tijdens het koken worden gebruikt. Het maakt het mogelijk om de inductiekookplaat te stoppen en terug te komen.
1. Zorg ervoor dat de kookzone werkt.
2. Druk op de toets van de pauzefunctie; de kookzone-indicator geeft "ll" aan.
En dan wordt de werking van de inductiekookplaat uitgeschakeld voor alle kookzones, behalve de pauzefunctie, en de aan/uit- en vergrendeltoets.
3. Om de pauzestatus te annuleren, drukt u op de pauzefunctietoets, dan gaat
de kookzone terug naar de vermogensfase die u daarvoor had ingesteld.
Groep a Groep bNL-17 De bedieningselementen vergrendelen U kunt de bedieningselementen vergrendelen om onbedoeld gebruik te voorkomen (bijvoorbeeld kinderen die per ongeluk de kookzones aanzetten). Wanneer de bedieningselementen zijn vergrendeld, worden alle bedieningselementen uitgeschakeld, behalve de AAN/UIT-toets. De bedieningselementen vergrendelen Druk op de toets voor toetsvergrendeling. De timer-indicator geeft " Lo " weer De bedieningselementen ontgrendelen
1. Zorg ervoor dat de inductiekookplaat is ingeschakeld.
2. Raak de toetsvergrendeling aan en houd een tijdje vast
3. U kunt nu beginnen met het gebruik van uw inductiekookplaat.
Wanneer de kookplaat zich in de vergrendelde modus bevindt, zijn alle bedieningselementen uitgeschakeld, behalve de AAN/UIT-toets. U kunt de inductiekookplaat in noodgevallen altijd uitschakelen met de AAN/UIT-toets, maar u moet bij het volgende gebruik eerst de kookplaat ontgrendelen. Beveiliging tegen overtemperatuur Een bijgeleverde temperatuursensor kan de temperatuur in de inductiekookplaat controleren. Als er een te hoge temperatuur wordt gedetecteerd, stopt de inductiekookplaat automatisch. Beveiliging tegen morsen De bescherming tegen morsen is een beveiligingsfunctie. Deze schakelt de kookplaat automatisch uit binnen 10 s als het water naar het bedieningspaneel stroomt, terwijl de zoemer 1 seconde piept. Detectie van kleine voorwerpen Wanneer een ongeschikte maat of niet-magnetische pan (bijv., aluminium) of een ander klein item (bijv., mes, vork, sleutel) op de kookplaat is achtergelaten, gaat de kookplaat na 1 minuut automatisch in stand-by. De ventilator zal de inductiekookplaat nog 1 minuut verder afkoelen. Automatische uitschakelingsbeveiliging Automatische uitschakeling is een veiligheidsfunctie voor uw inductiekookplaat. Het schakelt automatisch alles uit als u ooit vergeet uw kookplaat uit te schakelen. De standaard werktijden voor verschillende vermogensniveaus worden weergegeven in de onderstaande tabel:NL-18 Vermogensniveau
Standaard werktimer (uur)
Wanneer de pan wordt verwijderd, kan de inductiekookplaat onmiddellijk stoppen met verwarmen en wordt de kookplaat na 2 minuten automatisch uitgeschakeld.
Mensen met een pacemaker moeten hun arts raadplegen voordat ze dit toestel gebruiken. De timer gebruiken U kunt de timer op twee verschillende manieren gebruiken: U kunt hem gebruiken als een minutenherinnering. In dat geval schakelt de timer geen kookzone uit wanneer de ingestelde tijd om is. U kunt hem instellen om één kookzone uit te zetten wanneer de ingestelde tijd om is. U kunt de timer tot 99 minuten instellen. De timer gebruiken als minutenherinnering Als u geen kookzone selecteert
1. Zorg ervoor dat de kookplaat aan staat.
Opmerking: u kunt de minutenherinnering ook gebruiken als u geen kookzone selecteert.
2. Druk op timerregeling; de herinneringsindicator gaat
knipperen en "30" wordt weergegeven op het timerdisplay.
3. Stel de tijd in door de toets "-" of "+" aan te raken
Tip: Raak de toetsen "-" of "+" één keer aan om te verlagen of verhogen met 1 minuut. Raak de timertoetsen "-" of "+" aan en houd vast om te verminderen of te vermeerderen met 10 minuten.
4. Annuleer de tijd door de timerregeling aan te raken; "00" wordt weergegeven
op het display van de minuten.NL-19
5. Wanneer de tijd is ingesteld, wordt automatisch begonnen
met aftellen. Op het display wordt de resterende tijd weergegeven en de timer-indicator knippert gedurende 5 seconden.
6. De zoemer klinkt 30 seconden en de timer-indicator geeft
"- - " weer wanneer de ingestelde tijd om is.
De timer instellen om één kookzone uit te schakelen Kookzones die voor deze functie worden ingesteld, zullen:
1. Raak de selectietoets van de verwarmingszone aan waarvoor
2. Druk op timerregeling; de herinneringsindicator gaat
knipperen en "30" wordt weergegeven op het timerdisplay.
3. Stel de tijd in door de toets "-" of "+" aan te raken.
Tip: Raak de toets "-" of "+" één keer aan om te verminderen of te vermeerderen met 1 minuut. Raak de timertoetsen "-" of "+" aan en houd vast om te verminderen of te vermeerderen met 10 minuten. Als de ingestelde tijd langer is dan 99 minuten, keert de timer automatisch terug naar 0 minuten.
4. Wanneer de tijd is ingesteld, wordt automatisch begonnen
met aftellen. Op het display wordt de resterende tijd weergegeven en de timer-indicator knippert gedurende 5 seconden.
OPMERKING: De rode stip naast de vermogensniveau- indicator licht op, wat aangeeft dat de zone is geselecteerd.
5. Om de timer te annuleren, raakt u de selectietoets van de verwarmingszone aan
en dan de timertoets; de timer wordt geannuleerd en "00" wordt weergegeven in het minutendisplay en dan "--".NL-20
6. Wanneer de kooktimer afloopt, wordt de bijbehorende
kookzone automatisch uitgeschakeld en wordt "H" weergegeven.
Andere kookzones blijven functioneren als ze eerder zijn ingeschakeld. De timer instellen om meer dan één kookzone uit te schakelen
1. Als u deze functie in meer dan één verwarmingszone gebruikt, toont de timer-
indicator de kortste tijd. (bijv. zone 1# insteltijd van 3 minuten, zone 2# insteltijd van 6 minuten, de timerindicator toont "3".) OPMERKING: De knipperende rode stip naast de vermogensindicator betekent dat de timerindicator de tijd van de verwarmingszone aangeeft. Als u de ingestelde tijd van een andere verwarmingszone wilt controleren, drukt u op de selectietoets van de verwarmingszone. De timer geeft de ingestelde tijd aan.
(ingesteld op 6 minuten)
(ingesteld op 3 minuten)
2. Wanneer de kooktimer afloopt, wordt de bijbehorende verwarmingszone
automatisch uitgeschakeld en toont "H". OPMERKING: Als u de tijd na het instellen van de timer wilt wijzigen, moet u beginnen vanaf stap 1NL-21 Onderhoud en reiniging Wat? Hoe? Belangrijk! Dagelijks vuil op glas (vingerafdrukken, sporen, vlekken die door voedsel of niet- suikerige gemorste etenswaren op het glas achterblijven)
1. Schakel de stroom naar
kookplaatreiniger terwijl het glas nog warm is (maar niet heet!)
3. Veeg nat af en droog
met een schone doek of keukenpapier.
4. Schakel de stroom naar
de kookplaat weer in.
- Wanneer de stroom naar de kookplaat is uitgeschakeld, is er geen indicatie van een ‘warm oppervlak’, maar de kook- zone kan nog steeds heet zijn! Wees uiterst voorzichtig.
- Schuursponsjes voor intensief gebruik, sommige nylon schuursponsjes en agressieve/ schurende schoonmaakmiddelen kunnen krassen achterlaten op het glas. Lees altijd het etiket om te controleren of uw schoonmaakmiddel of schuursponsje geschikt is.
- Laat geen restanten van reinigingsmiddelen achter op de kookplaat: dit kan vlekken achterlaten op het glas. Resten van overkoken, smelten en hete suikerige gemorste etenswaren op het glas Verwijder deze onmiddellijk met een bakspatel, paletmes of scheermesschraper die geschikt is voor kookplaten met inductieglas, maar pas op voor hete kookzoneoppervlakken:
1. Schakel de stroom naar
de kookplaat uit bij de muur.
2. Houd het mes of gerei
in een hoek van 30° en schraap het vuil of het gemorste naar een koel gedeelte van de kookplaat.
3. Veeg het vuil of de gemorste
resten af met een vaatdoekje of keukenpapier.
4. Volg de stappen 2 tot
en met 4 bij ‘Dagelijks vuil op glas’ hierboven.
- Verwijder vlekken die achterblijven door smelten en suikerachtig voedsel of resten van overkoken zo snel mogelijk. Als u op het laat afkoelen op het glas, kan het lastig te verwijderen zijn en zelfs het glasoppervlak permanent beschadigen.
- Snijgevaar: Wanneer de bescher- ming is teruggetrokken, is het mes van een schraper vlijmscherp. Wees uiterst voorzichtig en bewaar altijd veilig en buiten het bereik van kinderen. Resten van overgekookt voedsel op de tiptoetsen
1. Schakel de stroom naar
2. Laat de resten weken
3. Veeg de tiptoetsen schoon
met een schone vochtige spons of doek.
4. Veeg het oppervlak
helemaal droog met keukenpapier.
5. Schakel de stroom naar
de kookplaat weer in.
- De kookplaat kan piepen en zichzelf uitschakelen en de tiptoetsen functioneren mogelijk niet als er vloeistof op ligt. Zorg ervoor dat de tiptoetsen droog zijn geveegd voordat u de kookplaat weer inschakelt.NL-22 Tips en trucs Probleem Mogelijke oorzaken Wat u moet doen De inductiekookplaat kan niet worden ingeschakeld. Geen stroom. Zorg ervoor dat de inductiekookplaat op de voeding is aangesloten en dat de inductiekookplaat aan staat. Controleer of de stroom in uw huis of omgeving is uitgevallen. Als u alles hebt gecontroleerd en het probleem blijft bestaan, bel dan een gekwalificeerde monteur. De tiptoetsen reageren niet. De bedieningselementen zijn vergrendeld. Ontgrendel de bedieningselementen. Raadpleeg de paragraaf ‘Uw inductiekookplaat gebruiken’ voor instructies. De tiptoetsen zijn moeilijk te bedienen. Er kan een dun laagje water op de bedieningselementen liggen of u gebruikt het puntje van uw vinger bij het aanraken van de bedieningselementen. Zorg ervoor dat de tiptoetsen droog zijn gebruik uw gehele vingertop bij het aanraken van de bedieningselementen. Het glas wordt bekrast. Scherp kookgerei. Gebruik kookgerei met een vlakke en gladde bodem. Raadpleeg ‘Het juiste kookgerei kiezen’. Ongeschikte, schurende schuursponsjes of reinigings- middelen gebruikt. Zie ‘Onderhoud en reiniging’. Sommige pannen maken krakende of het klikkende geluiden. Dit kan worden veroorzaakt door de constructie van uw kookgerei (lagen van verschillende metalen die anders vibreren). Dit is normaal voor kookgerei en geeft geen fout aan. De inductiekookplaat maakt een laag zoemend geluid wanneer gebruikt met een hoge warmte-instelling. Dit wordt veroorzaakt door de technologie van koken met inductie. Dit is normaal, maar het geluid moet stiller worden of volledig verdwijnen wanneer u de warmte- instelling verlaagt. Ventilatorgeluid afkomstig van de inductiekookplaat. Er is een ingebouwde koelventilator ingebouwd in uw inductiekookplaat om te voorkomen dat de elektronica oververhit raakt. Deze kan blijven draaien, zelfs nadat u de inductiekook- plaat hebt uitgeschakeld. Dit is normaal en er is geen actie nodig. Schakel de voeding naar de inductiekookplaat niet uit bij de muur terwijl de ventilator draait. Pannen worden niet heet en verschijnen op het display. De inductiekookplaat kan de pan niet detecteren omdat deze niet geschikt is voor inductie. Gebruik kookgerei dat geschikt is voor koken met inductie. Raadpleeg de paragraaf ‘Het juiste kookgerei kiezen’. De inductiekookplaat kan de pan niet detecteren omdat deze te klein is voor de kookzone of er niet goed centraal op staat. Plaats de pan in het midden van de kookzone en zorg ervoor dat de bodem overeenkomt met de grootte van de kookzone.NL-23 De inductiekook- plaat of een kookzone heeft zichzelf onverwacht uitgeschakeld, er klinkt een waarschuwingstoon en er wordt een foutcode weergegeven (meestal afwisselend één of twee cijfers in het display van de kooktimer). Technische fout. Noteer de foutletters en -nummers, schakel de voeding naar de inductiekookplaat uit bij de muur en neem contact op met een gekwalificeerd monteur. Weergave van storing en inspectie Als er een afwijking optreedt, zal de inductiekookplaat automatisch de beschermende toestand invoeren en de bijbehorende beschermcodes weergeven: Probleem Mogelijke oorzaken Wat u moet doen F3/F4 Storing temperatuursensor van de inductiespoel Neem contact op met de leverancier. F9/FA Storing temperatuursensor van de IGBT. Neem contact op met de leverancier. E1/E2 Abnormale voedingsspanning Controleer of de stroomtoevoer normaal is. Zet aan als de stroomtoevoer weer normaal is.
Hoge temperatuur van de temperatuursensor van de inductiespoel Neem contact op met de leverancier.
Hoge temperatuur van de IGBT-temperatuursensor Start opnieuw nadat de kookplaat is afgekoeld. De bovenstaande informatie is de beoordeling en inspectie van gebruikelijke storingen. Haal de eenheid niet zelf uit elkaar om gevaren en schade aan de inductiekookplaat te voorkomen.NL-24 Technische specificatie Kookplaat HI642TTC Kookzones 4 zones Voedingsspanning 220-240V~, 50-60Hz Geïnstalleerde elektrische voeding 2,5kw:2250-2750W of 3,0 kW:2700-3300 W of 4,5kW:4050-4950 W of 6,5kW:5850-7150 W of 7,4kW:6600-7400 W Productgrootte LxBxH (mm) 590X520X55 Inbouwafmetingen AxB (mm) 560X490 Het gewicht en de afmetingen zijn bij benadering. Omdat wij voortdurend streven naar verbetering van onze producten kunnen wij specificaties en ontwerpen zonder voorafgaande kennisgeving veranderen. Installatie Keuze van installatiematerialen Maak een opening in het aanrechtblad volgens de in de tekening getoonde afmetingen. Voor installatie en gebruik moet een minimale ruimte van 5 cm rondom het gat behouden blijven. Zorg ervoor dat het aanrechtblad ten minste 30 mm dik is. Selecteer hittebestendig materiaal voor het werkoppervlak om een grotere vervorming door de warmtestraling van de kookplaat te voorkomen. Zoals hieronder aangegeven:NL-25 L(mm) W(mm) H(mm) D(mm) A(mm) B(mm) X(mm)
50 mini Zorg er altijd voor dat de inductiekookplaat goed geventileerd is en dat de luchtinlaat en -uitlaat niet geblokkeerd worden. Zorg ervoor dat de inductiekookplaat goed werkt. Zoals hieronder weergegeven
Opmerking: De veiligheidsafstand tussen de kookplaat en de kast boven de kookplaat moet ten minste 760 mm zijn.
50 mini 20 mini Luchtinlaat Luchtuitlaat 5 mm Voordat u de kookplaat installeert, moet u het volgende controleren het werkoppervlak is vierkant en waterpas, en er zijn geen structurele delen die niet voldoen aan de ruimtevereisten het werkoppervlak is gemaakt van een hittebestendig materiaal als de kookplaat boven een oven is geïnstalleerd, heeft de oven een ingebouwde koelventilator de installatie moet voldoen aan alle ruimtevereisten en de toepasselijke normen en voorschriften AFDICHTINGNL-26 een geschikte scheidingsschakelaar voor volledige ontkoppeling van de netvoeding is geïntegreerd in de permanente bedrading, gemonteerd en geplaatst om te voldoen aan de lokale bedradingsregels en -voorschriften. De scheidingsschakelaar moet van een goedgekeurd type zijn en een scheiding met een luchtopening bij alle polen bieden van 3 mm (of bij alle actieve [fase]geleiders als de lokale bedradingsregels deze variatie op de vereisten toestaan) de scheidingsschakelaar moet gemakkelijk toegankelijk zijn voor de klant als de kookplaat is geïnstalleerd u raadpleegt de lokale bouwautoriteiten en statuten als u twijfelt over de installatie u gebruikt hittebestendige en gemakkelijk te reinigen afwerkingen (zoals keramische tegels) voor de wandoppervlakken die de kookplaat omringen. Wanneer u de kookplaat hebt geïnstalleerd, moet u het volgende controleren de voedingskabel is niet toegankelijk via kastdeuren of laden er is voldoende frisse lucht van buiten de kasten naar de onderkant van de kookplaat als de kookplaat boven een lade of kastruimte is geïnstalleerd, moet onder de onderkant van de kookplaat een thermische beschermingsbarrière zijn geplaatst de scheidingsschakelaar is gemakkelijk toegankelijk voor de klant Voordat de bevestigingsbeugels worden geplaatst Het toestel moet op een stabiel, glad oppervlak worden geplaatst (gebruik de verpakking). Oefen geen kracht uit op de bedieningselementen die naar buiten steken vanuit de kookplaat. De positie van de beugels aanpassen Bevestig de kookplaat op het werkoppervlak door de 4 beugels op de onderste behuizing van de kookplaat te schroeven (zie afbeelding) na installatie.
Schroef Beugel Schroefgat Onderste behuizingNL-27 Voorzorgsmaatregelen
1. De inductiekookplaat moet worden geïnstalleerd door gekwalificeerd personeel
of gekwalificeerde monteurs. Wij hebben professionals voor u klaar staan. Voer deze handeling nooit zelf uit.
2. De kookplaat mag niet direct boven een vaatwasser, koelkast, vriezer,
wasmachine of wasdroger worden geïnstalleerd, omdat het vocht daarvan de elektronica van de kookplaat kan beschadigen.
3. De inductiekookplaat moet zodanig worden geïnstalleerd dat een betere
hittestraling kan worden gegarandeerd om de betrouwbaarheid van de kookplaat te vergroten.
4. De wand en de geïnduceerde verwarmingszone boven het
aanrechtbladoppervlak moeten bestand zijn tegen hitte.
5. Om beschadiging te voorkomen, moeten de sandwichlaag en lijm bestand
zijn tegen hitte. De kookplaat aansluiten op de netvoeding
Deze kookplaat mag alleen door een passend gekwalificeerde persoon worden aangesloten op de netvoeding. Voordat u de kookplaat aansluit op de netvoeding, moet u het volgende controleren:
1. het huishoudelijke bedradingssysteem is geschikt voor het vermogen van
2. de spanning komt overeen met de waarde aangegeven op het typeplaatje
3. de voedingskabelsecties zijn bestand tegen de op het typeplaatje gespecificeerde
belasting. Gebruik geen adapters, begrenzers of extra stekkerdozen om de kookplaat aan te sluiten op de netvoeding; dit kan oververhitting en brand kunnen veroorzaken. De voedingskabel mag geen warme onderdelen aanraken en moet zodanige worden geplaatst dat de temperatuur op geen enkel punt hoger is dan 75°C.
Controleer met een elektricien of het huishoudelijke bedradingssysteem zonder aanpassingen geschikt is. Eventuele wijzigingen mogen alleen door een gekwalificeerde elektricien worden aangebracht. glas bevestigingsbeugel schroef ST3.5*8 Onderste behuizing werkblad/keukenkastNL-28 De stroomvoorziening moet worden aangesloten overeenkomstig de desbetreffende norm, of één enkele stroomonderbreker. De wijze van aansluiten wordt hieronder getoond. Als het snoer beschadigd is of moet worden vervangen, moet dit met speciaal gereedschap worden uitgevoerd door de aftersales-vertegenwoordiger, om ongevallen te voorkomen. Als het apparaat rechtstreeks op het elektriciteitsnet wordt aangesloten, moet een omnipolaire stroomonderbreker worden geïnstalleerd met een minimale opening van 3 mm tussen de contacten. De installateur moet ervoor zorgen dat de juiste elektrische aansluiting is uitgevoerd en dat alles voldoet aan de veiligheidsvoorschriften. De kabel mag niet gebogen of samengedrukt zijn. De kabel moet regelmatig worden gecontroleerd en mag alleen worden vervangen door erkende monteurs.
Dit apparaat is gemarkeerd in overeenstemming met de Europese Richtlijn 2012/19/EG betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA). De AEEA bevatten zowel vervuilende stoffen (die een negatief effect op het milieu kunnen hebben) als basiscomponenten (die hergebruikt kunnen worden). Het is belangrijk dat de AEEA specifieke behandelingen ondergaan om de vervuilende stoffen op de juiste wijze te verwijderen en af te voeren en alle materialen terug te winnen. Individuen kunnen een belangrijke rol spelen om ervoor te zorgen dat de AEEA geen milieuprobleem worden; het is van essentieel belang om enkele basisregels te volgen: - de AEEA mag niet worden behandeld als huishoudelijk afval; - de AEEA moet naar speciale inzamelgebieden worden gebracht, die beheerd worden door het gemeentebestuur of een geregistreerd bedrijf. In veel landen worden grote AEEA thuis opgehaald. Wanneer u een nieuw apparaat koopt, kan het oude teruggegeven worden aan de leverancier die het gratis moet accepteren met dien verstande dat het apparaat van een gelijkwaardig type is en dezelfde functies heeft als het gekochte apparaat.
Stroomkabel Zwart Bruin Blauw Geel/groen Stroomkabel Stroomkabel Stroomkabel Grijs Ingang Ingang Ingang Ingang Zwart Zwart Bruin Bruin Zwart Bruin Grijs Grijs Grijs Blauw Blauw Blauw Geel/groen Geel/groen Geel/groenNL-29 Productinformatie voor huishoudelijke elektrische kookplaten die voldoen aan Verordening (EU) nr. 66/2014 van de Commissie
Positie Symbool Waarde Eenheid Identificatie van het model
Elektrische kookplaat
Aantal kookzones en/ of -gebieden zones
Verwarmings- technologie (inductiekook- zones en kook- gebieden, stralingskook- zones, vaste platen) Inductie- kookzones
Inductiekook- gebieden
Voor cirkelvormige kookzones of -gebieden: diameter van nuttige oppervlakte per elektrisch verwarmde kookzone, afgerond tot op de dichtstbijzijnde 5 mm Linksachter
Voor niet-circulaire kookzones of -gebieden: lengte en breedte van het nuttige oppervlak per elektrisch verwarmde kookzone of -gebied, afgerond op 5 mm Linksachter
Energieverbruik voor de kookzone of -gebied, berekend per kg Linksachter EG-elektrisch koken 193,5 Wh/kg Midden achter EG-elektrisch koken
Wh/kg Rechtsvoor EG-elektrisch koken 195,6 Wh/kg Energieverbruik voor de kookplaat berekend per kg
EG-elektrische kookplaat 194,7 Wh/kg Toegepaste standaard: EN 60350-2 Huishoudelijke elektrische kooktoestellen - Deel 2: Kookplaten - Methoden voor het meten van de prestaties Suggesties voor energiebesparing:
- Om het beste rendement uit uw kookplaat te behalen, moet u de pan in het midden van de kookzone plaatsen.
- Door het gebruik van een deksel neemt de kooktijd af en bespaart u energie door de warmte te behouden.
- Beperk de hoeveelheid vloeistof of vet om de kooktijden te verkorten.
- Begin de bereiding op een hoge stand en verlaag de stand wanneer het goed doorgewarmd is.
- Gebruik pannen waarvan de diameter net zo groot is als de weergave van de geselecteerde zone.
Notice-Facile