Texas RL 460 TRW - Grasmaaier

RL 460 TRW - Grasmaaier Texas - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis RL 460 TRW Texas in PDF-formaat.

📄 81 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice Texas RL 460 TRW - page 48

Gebruikersvragen over RL 460 TRW Texas

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RL 460 TRW - Texas en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RL 460 TRW van het merk Texas.

GEBRUIKSAANWIJZING RL 460 TRW Texas

  • Identificatie van de onderdelen p. 40
  • Montage p. 40
  • Kabel Bijstellen p. 41
  • Accu (Elektrische starter)* p. 41
  • Bediening p. 41
  • Watermondstuk p. 42
  • Olie verversen p. 42
  • Luchtfilter p. 43
  • Mes p. 43
  • Bougie p. 43
  • Opslag en onderhoud p. 43
  • Garantie p. 43
  • Technische specificaties p. 59
  • Problemen oplossen p. 68
  • CE Certificaat van Conformiteit Veiligheid Installatie Plaats geen handen of voeten naast of onder draaiende delen. Lees deze handleiding zorgvuldig Zorg ervoor dat u de verschillende bedieningsknoppen, instellingen en hendels van de apparatuur kent. Weet hoe u de eenheid moet stilzetten en zorg ervoor dat u bekend bent met de noodstop. Sta nooit toe dat kinderen of mensen die niet bekend zijn met deze instructies het apparaat gebruiken. Wees erop attent, dat plaatselijke regelgeving de leeftijd van de operator kan beperken. Gebruik het apparaat niet als u zich onwel of moe voelt of als u alcohol of drugs heeft gebruikt. Inspecteer het apparaat altijd voor gebruik. Zorg ervoor dat er geen versleten of beschadigde onderdelen zijn. Vervang versleten of beschadigde elementen en bouten paarsgewijs om balans te behouden. De operator van het apparaat is verantwoordelijk voor de veiligheid van mensen. Gebruik het apparaat nooit in de buurt van kinderen of dieren. De operator van het apparaat wordt aansprakelijk gehouden voor eventuele ongelukken of letsel aan derden en hun eigendommen. Inspecteer het gebied waar het apparaat gebruikt wordt zorgvuldig en verplaats, indien nodig, eventuele vreemde voorwerpen. Geen brandstof bijvullen als het apparaat binnen staat of wanneer de motor draait. Gemorste benzine is extreem brandbaar, nooit bijvullen als de motor nog heet is. Veeg eventueel gemorste benzine af voordat u de motor start. Gemorste benzine op een hete motor kan brand of een explosie veroorzaken! Laarzen met antislip zolen met stalen mantel zijn verplicht. Vermijd ruimvallende kleding. Bediening Stop de motor onmiddellijk na het raken van een vreemd voorwerp, verwijder de bougiedop en controleer de motor grondig op beschadigingen. Repareer de beschadigingen voordat u verder gaat. Wanneer het apparaat overmatig begint te trillen stopt u de motor en controleert u meteen wat de oorzaak is. Trillingen zijn meestal een waarschuwing voor beschadigingen. Schakel de motor altijd uit en zorg ervoor dat alle bewegende delen geheel gestopt zijn, voordat u eventuele reparaties, aanpassingen of inspecties uitvoert. Wees extreem voorzichtig bij gebruik op hellingen. Gebruik het apparaat nooit op hoge snelheid. Overbelast de capaciteit van het apparaat niet door te proberen een te hoge snelheid te hanteren. Vervoer geen passagiers. Sta nooit toe dat er omstanders vóór de eenheid staan. Gebruik het apparaat alleen bij daglicht of in volledig verlichte gebieden. Zorg voor een stabiele positie en houdt de hendels altijd stevig vast. Zorg dat u altijd loopt, nooit rennen. Gebruik het apparaat niet als u op blote voeten loopt of sandalen draagt. Wees extreem voorzichtig wanneer u van richting verandert op hellingen. Probeer nooit aanpassingen te doen, terwijl de motor nog loopt. Wees extreem voorzichtig wanneer u achteruit rijdt of het apparaat achteruit trekt. Gebruik het apparaat nooit binnen of in gebieden met weinig ventilatie. De uitlaatgassen van het apparaat bevat koolmonoxide. Nalaten om te controleren kan leiden tot blijvend letsel of overlijden. Benzine veiligheid Wees extreem voorzichtig bij het gebruik van benzine. Benzine is extreem ontvlambaar en de dampen zijn explosief. Er kan ernstig persoonlijk letsel ontstaan als benzine op uzelf of uw kleding wordt gemorst. Reinig uw huid en trek onmiddellijk andere kleren aan! Gebruik alleen een goedgekeurd benzinereservoir. Gebruik geen frisdrankflessen en dergelijke! Doof alle sigaretten, sigaren, pijpen en andere ontstekingsbronnen. Vul uw apparaat nooit bij als het binnen staat. Laat de motor afkoelen voordat u deze bijvult. Vul de benzinetank nooit verder dan 2.5 cm onder de vuller, zodat de brandstof de ruimte heeft om uit te zetten. Zorg er na het bijvullen voor, dat de dop goed dichtgedraaid is. Gebruik bij het bijvullen nooit de vastzetinrichting op het benzinepistool. Niet roken tijdens het bijvullen. Vul nooit benzine bij in een gebouw of op plekken waar de benzinedampen in aanraking kunnen komen met een ontstekingsbron. Houd benzine en motor uit de buurt van apparatuur, waakvlammen, barbecues, elektrische apparaten, elektrisch gereedschap, etc. Onderhoud en opslag De motor moet stilgezet worden tijdens het uitvoeren van onderhoud en schoonmaakwerkzaamheden, tijdens het vervangen van gereedschap en tijdens het transport met middelen, anders dan zijn eigen vermogen. Controleer regelmatig of alle bouten en moeren goed vastzitten. Draai deze zo nodig vast.40 De motor moet compleet afgekoeld zijn, voordat u het apparaat binnen in de stalling zet of afdekt. Wanneer het apparaat enige tijd niet gebruikt is, leest u dan de instructies in deze handleiding. Bewaar of vervang zo nodig veiligheids- en instructielabels. Gebruik alleen originele reserveonderdelen of accessoires. Wanneer geen originele onderdelen of accessoires worden gebruikt, vervalt de aansprakelijkheid. Overig De motor wordt niet gevuld met olie geleverd. Controleer voor het starten altijd het oliepeil. In de fabriek gemonteerde besturingsapparaten, zoals de op een hendel bevestigde koppelingskabel, mogen niet verwijderd of blootgesteld worden. Laat de benzinetank alleen in de buitenlucht leeglopen. Benzine is extreem ontvlambaar en de dampen zijn explosief. Zorg ervoor dat het apparaat goed is vastgezet tijdens het transport op een open laadbak etc. p. 71

Gooi overbodige elektrische producten niet bij het huishoudelijk afval. Dit gereedschap moet naar uw plaatselijk recyclestation gebracht worden en op veilige wijze worden verwerkt. De grasmaaier is geproduceerd conform de nieuwste veiligheidsvoorschriften. Die bevatten een messenrem die de motor en messen binnen 3 seconden stilzet wanner de messenrem. Elke voorzorgsmaatregel is alleen effectief wanneer deze exact wordt opgevolgd. Gebruik de volgende beschrijving wanneer u uw grasmaaier monteert. Identificatie van de onderdelen Zie afbeelding ID Opmerking: de afbeeldingen kunnen van uw huidige model afwijken A. Handgreep voor drive B. Handgreep voor motorrem C. Terugloopstarter D. Vleugelmoer E. Achterwaartse uitworpbeschermer met afstandhouders* F. Watermondstuk* G. Grasopvangbak H. Benzine vuldop

  • kan afwijken van uw huidige model.

Montage Uitpakken Afbeelding M1 Verwijder de maaier uit de doos door het apparaat er aan de zijkant uit te trekken. De doos bevat: 1 stuks maaier 4 sets vleugelmoeren bestaande uit vleugelmoeren, bouten en sluitringen. (Zie ID; D) 2 stuks afstandhouders (Zie ID; E) Waarschuwing: Zorg ervoor dat er geen gaten in de kabels komen Handgreep en hoogte-instelling: Afbeelding M2 De handgrepen zijn in hoogte verstelbaar. Dit betekent dat ze zo versteld kunnen worden dat het voor u het beste past. Het is handig om voordat u de handgreep installeert te bepalen welke hoogte voor u het beste is.

1. Monteer de onderstel buis van de handgreep op de

hoogte die voor u goed is. "H" is de hoge stand en "L" is de lage stand.

2. Bevestig de vleugelmoer vanaf de binnenkant van

de zijbeugel en in de onderste handgreep.

3. Bevestig de bovenste handgreep op de onderste.

Zet de vleugelmoer vast vanaf de binnenkant van de handgreep.

4. Maak de kabel op maat en zet deze vast met

kabelklemmen. De motorremkabel monteren: Afbeelding M3

1. Duw de bovenste handgreep ID:B zachtjes naar

2. Steek de motorremkabel vanaf de buitenkant in het

gat in de beugel op handgreep ID:B en zet deze vast. De drive-kabel monteren: Afbeelding M3

1. Duw de onderst handgreep ID:A zachtjes naar

2. Steek de drive-kabel vanaf de binnenkant in het gat

in de beugel op handgreep ID:A en zet deze vast. De terugloopstarter monteren: Afbeelding M4

1. Trek aan de handgreep voor de motorrem om het

startkoord los te trekken van de motor.

2. Trek het startkoord voorzichtig van de motor

(Handgreep van motorrem MOET vastgehouden worden)

3. Bevestig de greep van de starter op de bovenkant

4. Laat de handgreep van de motorrem en de greep

van de starter los. De pantserplaat bevestigen: afbeelding M5*

1. Voor modellen met pantserplaat met bekerhouder

volg afbeelding M5-1

2. Voor modellen met pantserplaat volg afbeelding

  • Let op: Niet alle modellen hebben een pantserplaat De grasopvangbak monteren: Afbeelding M6

1. Klik het frame op de grasopvangbak.

Op de grasopvangbak zit een handige indicator die laat zien op de bak vol zit met gras en geleegd moet worden.41 Achteruitworpbeschermer* Afbeelding M7-1 Als u wilt maaien zonder grasopvangbak is het belangrijk om de twee afstandhouders te bevestigen.

1. Plaats de 2 houders (ID:E) onder de

achteruitworpbeschermer. Let op: De afstandhouders zijn alleen voor achteruitworp! Anders moeten ze worden verwijderd. Waarschuwing: Als de twee houders niet gemonteerd zijn. Zal de maaier moeite hebben om het gras kwijt te raken. Mulchingplug: Afbeelding M7-2

1. Plaats de mulchingplug en verwijder de zij-

uitworpbeschermer als u met mulchingfunctie wilt maaien. NB Gebruik geen grasopvangbak Belangrijk: Denk eraan om de mulchingplug te verwijderen als u de grasopvangbak gebruikt. Zij-uitworpbeschermer: Afbeelding M7-3*

1. Til de zijbeschermer op en plaats de zij-

uitworpbeschermer. Plaats vervolgens de mulchingplug in de achter uitwerper om met zij- uitwerpfunctie te maaien. NB Gebruik geen grasopvangbak

  • Let op: Niet alle modellen hebben een zij- uitworpbeschermer Kabel Bijstellen Het kan nodig zijn om de volgende kabels bij te stellen: Afbeelding A1

2. Kabel voor motorrem

3. Kabel voor gaskabel

Let op: De choke-kabel kan niet bijgesteld worden! De drive-kabel bijstellen: Afbeelding A1-1 Als u speling in de drive-kabel signaleert, kan dit opgelost worden door simpelweg de bout aan de kabel vast of los te draaien.

1. Vastdraaien met de klok mee - de kabel

2. Vastdraaien tegen de klok in - de kabel spannen.

De motorremkabel bijstellen: Afbeelding A1-2 Als u speling in de motorremkabel signaleert, kan dit opgelost worden door simpelweg de bout op het motorblok vast of los te draaien. De gaskabel bijstellen: Afbeelding A1-3 Als u speling in de gaskabel signaleert, kan dit opgelost worden door simpelweg de bout op het motorblok vast of los te draaien. Accu (Elektrische starter)* Laad de accu voor gebruik op Voordat u de elektrische startfunctie gebruikt, moet de accu gedurende 5 uur zijn opgeladen. Steek de starterstekker in het gat in de accu en verbind de oplader met een stroomvoorziening. Zie afbeelding. A4

Opladen gedurende het seizoen De accu wordt tijdens gebruik een beetje opgeladen, dus het zal hoogstwaarschijnlijk nodig zijn om de accu tijdens het seizoen een aantal malen op te laden - afhankelijk van het aantal starts/stops van de motor. Zet hem ongeveer 5 uur aan de lader. Opslag van accu De accu moet tijdens de winter altijd droog en warm worden opgeslagen. Stel hem nooit bloot aan lage temperaturen. Laat de accu helemaal op voordat u deze opslaat en zet de grasmaaier vervolgens op een plek waar deze niet wordt blootgesteld aan vorst. Bedek de accu eventueel met een dik kleed of iets dergelijks, wanneer de maaier in een schuur/garage staat waar het koud kan worden. Laat de accu gedurende de winter 1-2 keer op om te garanderen dat de accu zijn volledige vermogen behoudt. Onjuiste opslag kan de accu beschadigen en wordt niet gedekt door de garantie.

  • Let op: Niet alle modellen hebben elektrische starter Bediening Voor het starten altijd olie controleren en bijvullen! Lees de instructies in bijgevoegde beginhandleiding en pas deze toe! Het oliepeil moet altijd tussen min. en max. op de peilstok liggen. Vul met SAE-30 olie. Er moet in totaal 0,6 liter olie in de motor zitten. Gebruik alleen loodvrije E5 benzine voor de motor. Gooi de tank nooit te vol. Maaihoogte-instelling: Afbeelding F1 (de afbeeldingen kunnen van uw huidige model afwijken) De maaier heeft 6 verschillende hoogten. De maaihoogte varieert van 28 mm tot 75 mm Start: Start de maaier nooit direct op lang gras. Terugloop met primer, afbeelding F2

1. Druk een aantal malen op de primer, druk eerst 1-3

keer en vul dat, indien nodig, aan met max. 3-5 keer. Let op: Het is niet mogelijk om de motor te verzuipen

2. Houd de handgreep voor de motorrem vast;

hierdoor wordt de motorrem ontkoppeld.

3. Trek voorzichtig aan de terugloopstarter totdat u

weerstand in het touw voelt, trek vervolgens snel en krachtig. Laat de terugloopstarter geen moment los, maar schuif hem zachtjes in de startstand.

4. Houd de greep voor eigen aandrijving vast om te

beginnen met maaien. Terugloop met choke, gashendel afbeelding F3-A

1. Bij koude motor zet u de chokehendel op "Choke" -

Bij warme motor zet u de chokehendel op "Run"

2. Zet de gashendel op vol "Rabbit"(A)

3. Houd de handgreep voor de motorrem vast;

hierdoor wordt de motorrem ontkoppeld.

4. Trek voorzichtig aan de terugloopstarter totdat u

weerstand in het touw voelt, trek vervolgens snel42 en krachtig. Laat de terugloopstarter geen moment los, maar schuif hem zachtjes in de startpositie.

5. Stel de gashendel indien nodig bij en zet de

chokehendel terug in de "run"-stand. (alleen koude motor)

6. Houd de greep voor eigen aandrijving vast om te

beginnen met maaien. Elektrische starter, afbeelding F3-B Om te voorkomen dat de machine wordt gestart, moet de startknop van de machine worden verwijderd en veilig opgeslagen wanneer de machine niet wordt gebruikt.

1. Bij koude motor zet u de chokehendel op "Choke" -

Bij warme motor zet u de chokehendel op "Run"

2. Zet de gashendel op vol "Rabbit"(A)

3. Houd de handgreep voor de motorrem vast;

hierdoor wordt de motorrem ontkoppeld.

4. Wanneer u de machine wilt starten, steekt u de

startknop (B) in het contactslot onder de stuurstang en drukt u hem in.

5. Houd de knop vast totdat de motor start en laat

6. Stel de gashendel indien nodig bij en zet de

chokehendel terug in de "run"-stand. (alleen koude motor)

7. Houd de greep voor eigen aandrijving vast om te

beginnen met maaien. Terugloop met choke, gashendel afbeelding F3-C*

1. Bij koude motor zet u de chokehendel op "Choke" -

Bij warme motor zet u de chokehendel op "Run"

2. Houd de handgreep voor de motorrem vast;

hierdoor wordt de motorrem ontkoppeld.

3. Trek voorzichtig aan de terugloopstarter totdat u

weerstand in het touw voelt, trek vervolgens snel en krachtig. Laat de terugloopstarter geen moment los, maar schuif hem zachtjes in de startstand.

5. Zet de snelheidshendel in de versnelling van 1 tot 4

6. Houd de greep voor eigen aandrijving vast om te

beginnen met maaien.

  • Let op: Niet alle modellen zijn uitgerust met een chokehendel. Let op: Zo lang er met het apparaat wordt gemaaid, moet de greep voor de motorrem ingeschakeld zijn. Gashendel* De motorsnelheid kan tijdens het rijden worden aangepast. Draai aan de gashendel om de rpm aan te passen. (ID: M) Voor de beste maairesultaten wordt aanbevolen om vol gas te draaien.
  • Let op: Niet alle modellen hebben gasbediening Snelheid regelen* De snelheid kan tijdens het rijden worden aangepast van 2.7 - 5.0 km/h. Activeer de rechterhendel op het dashboard en zet deze in een van de 4 verschillende snelheden. Bij het rijden in de laagste twee snelheden zal de snelheid niet significant verschillend zijn. Wijzig de versnelling (snelheid) alleen wanneer de machine draait met zelf-aandrijving ingeschakeld. Dit garandeert minimale slijtage van de aandrijfriem en zorgt ervoor dat gemakkelijk kan worden geschakeld. Wanneer wordt geschakeld wanneer de machine niet beweegt, bestaat de kans dat de riem eraf valt zodra de machine begint te bewegen. Daarnaast bestaat het risico dat de kabel en de riem worden beschadigd.
  • Let op: Niet alle modellen hebben een gashendel Stop: Afbeelding F4

1. Ontkoppel de motorrem en de greep voor eigen

aandrijving om de maaier en de motor uit de schakelen Let op: De messen blijven tot 3 seconden na het stoppen draaien. Watermondstuk De linkerkant van het maaidek is uitgerust met een watermondstuk om het dek te wassen. (Zie afbeelding ID-F)

  • Wanneer u de waterinlaat gebruikt, moet de machine op de laagste hoogtestand zijn ingeschakeld en op een grasveld staan. Dit zorgt ervoor dat het water onder de kap blijft. Als u dit niet doet, kan er water op de versnellingsbak en koppelingskabels spatten, wat de kans op corrosie of kabelbreuk vergroot.
  • Bevestig aan slang aan het mondstuk.
  • Draai de waterkraan open en start de motor.
  • Het draaien van de messen zorgt ervoor dat het water de onderkant van het dek reinigt.
  • Let op: Niet alle modellen hebben een watermondstuk Let op: Voor het beste resultaat kunt u het dek het beste direct na elke maaibeurt met de watermondstukfunctie schoonmaken. Als het gras opdroogt, werkt deze functie niet optimaal. Olie verversen Olie moet voor de eerste keer na 5 uur vervangen worden en daarna minimaal 1 keer per jaar. U heeft hiervoor een olieafscheider-uitrusting nodig. Artikel nummer: 40-11336 Olie en olieafscheider-uitrusting zijn niet inbegrepen Gebruik een afscheider-uitrusting en handel als volgt:

1. Zet de motor aan en laat deze 5 min lopen of totdat

de motor heet is. Een hete motor maakt de olie vloeibaar, waardoor het eenvoudiger weg kan lopen.

2. Zuig de olie eruit door het olievulgat door de spuit

te gebruiken die bij de olieafscheider-uitrusting zit. Gebruik de slang om de opvangbak te bereiken.

3. Giet de gebruikte olie over in een leeg reservoir.

4. Vul de motor met SAE-30 olie.

5. Controleer het oliepeil met behulp van de peilstok.

(Min / Max) Denk eraan de gebruikte olie op verantwoorde wijze weg te gooien. Gebruik uw plaatselijke recyclestation.43 Luchtfilter Het luchtfilter moet regelmatig gecontroleerd en schoongemaakt worden. Als het filter lange tijd niet schoongemaakt is, zal het vermogen van de motor minder worden. Zie afbeelding A2

1. Maak schoon rond het luchtfilter, voordat u de dop

2. Druk de twee flappen naar beneden en duw

zachtjes tegen de beschermer

3. Verwijder het papieren filter voorzichtig en

controleer dit. Borstel het af met een zachte borstel. Als het erg vuil is, moet u het vervangen. Wees voorzichtig, zodat er geen vuil in de inlaat komt.

4. Was het zwarte schuimelement aan de rechterkant

met warm water en zeep.

5. Druk het water uit het schuimelement en laat dat

drogen. Doe een paar druppels SAE-30 olie op het filter om het licht te bevochtigen. Pers voorzichtig eventueel overtollige olie uit het schuimelement en bevestig dit weer.

6. Let erop dat alle onderdelen op juiste wijze zijn

gemonteerd en goed zijn gesloten, zoals weergegeven op de foto. Mes Controle van het mes

  • Til de motor vanaf de voorzijde omhoog.
  • Controleer het mes op beschadigingen, scheuren of overmatige roest of corrosie.
  • Controleer of de bout van het mes goed vastzit. Let op: Een bot mes kan geslepen worden! Maar een versleten, verbogen, gescheurd of anderszins beschadigd mes moet vervangen worden.

Het mes verwijderen: Zie afbeelding A3 Als u het mes verwijdert om het te slijpen of te vervangen, moet u een momentsleutel en een paar zware handschoenen gebruiken om uw handen te beschermen.

1. Draai de bout van het mes los. Gebruik een stuk

hout om te voorkomen dat het mes ronddraait.

2. Verwijder de bout, sluitring, mes en meshouder in

3. Slijp of vervang het mes.

4. Plaats meshouder, mes, sluitring en bout in die

5. Draai de bout van het mes vast (50 Nm). Gebruik

een stuk hout om te voorkomen dat het mes ronddraait. Waarschuwing: Een mes moet dusdanig geslepen worden dat het 100% in balans is, anders kan het trillingen veroorzaken die de motor kunnen beschadigen. Schade aan de motor door verkeerd slijpen wordt niet gedekt door de garantie. We raden daarom aan om het mes te laten slijpen door een professional. Bougie

1. Verwijder de bougie

2. Borstel vuil van de bougie.

3. Gebruik een bougiesleutel om de bougie los te

5. Maak de bougie schoon met een staalborstel.

6. Meet de elektrode en zorg ervoor dat de elektrode

7. De afstand moet zijn: 0,7 tot 0,8 mm

8. Als de bougie niet beschadigd is kunt u deze

terugplaatsen of vervangen. Artikel number: 40-11294

9. Sluit de bougie weer aan

Opslag en onderhoud Onderhoud uw grasmaaier: Controleer alle bouten, schroeven, moeren en het dek. Zorg er altijd voor dat het mes scherp is. Het is verstandig om uw grasmaaier jaarlijks te laten controleren door uw geautoriseerde dealer. Bekijk uw dichtstbijzijnde service center op www.texas.dk. Opslag: Stal de grasmaaier na gebruik in een droge en schone ruimte. Maak het apparaat na elke maaibeurt schoon. Verwijder gras en vuil van de onderkant van het dek. Voor het optillen van de maaier (voor reiniging) wordt aanbevolen om de voorkant op te tillen (max. 45 graden) Als u de maaier op de zijkant draait, moeten de carburateur en het luchtfilter altijd naar boven wijzen, omdat anders de olie kan weglopen en de motor kan beschadigen. Let op dat u vóór het onderhoud aan uw maaier de bougie verwijdert. Winteropslag: Maak de benzinetank leeg en laat de motor lopen totdat de benzine in de carburateur opgebruikt is. Bougie verwijderd. Verwijder de bougie en giet een theelepel olie (motorolie) in de opening. Trek aan de starter om de olie te verspreiden. Monteer de bougie, maar geen kabel. Ververs de olie cf. bovenstaande paragraaf. Maak ten slotte de maaier grondig schoon. Dep een doek in olie en smeer de verschillende onderdelen om roest te voorkomen. Garantie

  • Er zit 2 jaar garantie op uw grasmaaier.
  • De garantie dekt materialen en/of vakmanschap.
  • Geen garantie voor schade als gevolg van slijtage, slechte behandeling en gebrekkig onderhoud.
  • De garantie dekt niet het schoonmaken van het brandstofsysteem, het vervangen/bijstellen van het startkoord, startveren, bougies, mes/meshouder, bandjes en kabels of een accu, omdat dat de gevolgen van normaal gebruik zijn.
  • De garantie dekt geen gevallen waarin niet- originele onderdelen zijn gebruikt.
  • Of een geval een garantieclaim is of niet wordt in elk individueel geval bepaald door een geautoriseerd service center.
  • Uw kassabon is uw garantiebewijs, bewaar deze dus op een veilige plaats.
  • Als u de motor start zonder olie toe te voegen, zal deze beschadigd raken en kan deze niet gerepareerd worden. Deze gevallen worden daarom niet gedekt door de garantie. ONTHOUD: Bij aankoop van reserveonderdelen, alsmede bij het verzoek tot een reparatie onder de garantie, moeten het model- en serienummer altijd vermeld worden. U kunt deze vinden op het CE-label op het apparaat! I44 IT Traduzione delle istruzioni originali Sicurezza ................................................................... 44

Als uw probleem hierboven niet is beschreven, neemt u dan contact op met een goedgekeurd service centre of met Texas A/S. Moeilijk te starten Probleem Oorzaak Oplossing Over het algemeen moeilijk te starten

  • Verkeerde startprocedure
  • Volg de startinstructies in de handleiding nauwgezet. De startkabel zit erg strak (start niet)
  • De remhendel wordt niet geactiveerd
  • Het apparaat staat in hoog gras
  • Activeer de remhendel en trek aan het startkoord.
  • Verplaats het apparaat uit het hoge gras en herhaal de startprocedure. Stel de hoogte in op de hoogste stand, zodat het mes vrijkomt van het gras. Het apparaat start niet als aan het startkoord wordt getrokken of op de elektrische startknop wordt gedrukt (of de starter "klikt" bij een poging tot een elektrische start)
  • De remhendel wordt niet geactiveerd
  • De draden zijn niet verbonden met de accu
  • De remkabel is onjuist ingesteld
  • Het apparaat staat in hoog gras
  • Motor wordt niet gevuld voor het starten
  • De choke staat niet in de juiste standd
  • Geen benzine meer in de brandstoftank
  • De benzine is meer dan 3 maanden oud
  • Activeer de motorremhendel en druk op de elektrische startknop.
  • Controleer of de draden verbonden zijn van de accu naar de motor en de startknop.
  • Stel de motorremkabel bij volgens de instructies in de handleiding
  • Verplaats het apparaat uit het hoge gras om het te starten. Kantel het apparaat bij het starten. Zet de hoogte-instelling op de hoogste stand, zodat het mes vrij kan draaien.
  • Druk vóór het starten 1-3 op de primer.
  • Zet de chokehendel in een andere stand.
  • Controleer en vul de brandstoftank met benzine.
  • Laat oude benzine weglopen uit de brandstoftank en carburateur en vul deze met nieuwe benzine. Geen ontstekingsvonk (start niet)
  • De bougiekap zit los
  • De bougie is vochtig of vuil
  • Teveel afstand tussen de bougie en de elektrode
  • Het luchtfilter is vies of functioneert niet
  • Controleer op de dop stevig vastzit aan de bougie.
  • Controleer of er geen vuil op de bougie zit volgens de instructies in de handleiding.
  • Controleer de afstand tot de bougie en pas deze aan volgens de instructies in de handleiding. Verwijder eventueel de bougie.
  • Controleer het luchtfilter op vuil en maak het schoon volgens de instructies in de handleiding. De maaier start, maar loopt niet gelijkmatig Probleem Oorzaak Oplossing Onvoldoende omwentelingen van de motor
  • Hendel staat in de "Choke" stand
  • De gashendel staat op "Turtle"
  • Zet de hendel in de "Run"-stand.
  • Zet de gashendel op "Rabbit". De achterwielen trekken niet, of maar een klein beetje
  • De koppelingskabel zit te strak/te los
  • De lagers in de achterwielen zijn versleten
  • Pas de koppelingskabel aan volgens de instructies in de handleiding.
  • Vervang de lagers. De motor loopt niet gelijkmatig en/of zijn prestaties worden tijdens het maaien minder
  • De bougiekap zit los
  • Teveel afstand tussen de bougie en de elektrode
  • Het luchtfilter is vies of functioneert niet
  • Controleer op de dop stevig vastzit aan de bougie.
  • Controleer of de bougie schoon en niet beschadigd is volgens de instructies in de handleiding.
  • Controleer de afstand tot de bougie en pas deze aan volgens de instructies in de handleiding.
  • Controleer het luchtfilter op vuil en maak het schoon volgens de instructies in de handleiding.
  • Wacht een aantal minuten en probeer opnieuw te starten.
  • Draai de gaskabel strakker volgens de instructies in de handleiding.
  • Maak de carburateur schoon. De motor stopt niet Probleem Oorzaak Oplossing Het apparaat stopt niet na 5 seconden
  • De motorremkabel draait te strak
  • Controleer de motorremkabel en stel deze bij volgens de instructies in de handleiding.Ricerca guasti
Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Texas

Model : RL 460 TRW

Categorie : Grasmaaier