5GB71250 - Fornuis BLAUPUNKT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 5GB71250 BLAUPUNKT in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 5GB71250 - BLAUPUNKT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 5GB71250 van het merk BLAUPUNKT.
GEBRUIKSAANWIJZING 5GB71250 BLAUPUNKT
■ Si le problème n’a pas pu être résolu, veuillez contacter le service clientèle.65 Inhoud Voorwoord Veiligheidsaanwijzingen 66 Veiligheidsaanwijzingen 67 Installatie 68 Kinderveiligheid 69 Tijdens het gebruik 71 Reiniging en service 71 Milieu-informatie Gebruik en onderhoud 72 Beschrijving van het apparaat 73 Gebruik van het apparaat 75 Veiligheids- en energiebesparingstips 76 Reiniging en onderhoud Technische aanwijzingen 78 Gebruik 79 Opstelling 80 Installatie van het apparaat 81 Gasaansluiting 82 Gasspecificatie 83 Elektrische aansluitingen 84 Gasinstelling 85 Probleemoplossing66 Veiligheidsaanwijzingen ■ Neem de tijd, deze gebruiksaanwijzing te lezen, voor u het apparaat installeert of gebruikt. ■ Deze gebruiksaanwijzing moet worden bewaard voor alle toekomstige vragen. Wanneer het apparaat wordt verkocht of aan een andere persoon overdragen, moet ook deze gebruiksaanwijzing aan de nieuwe gebruiker worden doorgegeven. ■ De fabrikant wijst elke aansprakelijkheid bij niet-naleving van deze veiligheidsmaatregelen af. ■ De volgende opmerkingen zijn zo opgesteld, dat ze gemakkelijk begrijpelijk zijn, zodat ongelukken door misbruik bij voorbaat vermeden en het apparaat comfortabeler bediend kan worden. ■ Lees de volgende hoofdstukken zorgvuldig door.
Gevaar / waarschuwing De niet-naleving van dit teken kan leiden tot ernstige verwondingen of de dood.
Let op De niet-naleving van dit teken kan leiden tot ernstige verwondingen of de dood. ■ De volgende tekens worden in de gebruiksaanwijzing gebruikt:
Geen vuurgereedschap
■ Wanneer gas naar buiten komt, gaat u als volgt te werk: - Schakel het licht niet in. - Schakel geen elektrisch apparaat in/uit en raak geen stekker aan. - Gebruik geen telefoon. 1 Stop het gebruik van het product en sluit de middelste klep. 2 Open de ramen om te ventileren. 3 Neem contact op met onze klantenservice door gebruik te maken van een buitentelefoon.
- Het brandgas bevat mercaptaan (geur van rot(te) knoflook of ei), zodat u een gaslek al kunt ruiken, wanneer slechts 1/1000 van het gas in de lucht is. Gevaar67 Installatie
Waarschuwing ■ Dit apparaat moet conform de geldende voorschriften worden geïnstalleerd en alleen worden gebruikt in een goed geventileerde ruimte. ■ Zorg er voor de installatie voor, dat de gas- en stroomvoorziening overeenstemt met het op het typeplaatje aangegeven type.
LPG 220V-240V ■ Wanneer dit apparaat wordt geïnstalleerd in watervoertuigen of caravans, moet het niet worden gebruikt als ruimteverwarming. ■ De gasleiding en de elektrische kabel moeten zo zijn geplaatst, dat ze geen delen of het apparaat aanraken. Let op ■ Dit apparaat moet door een gekwalificeerde technicus of installateur worden geïnstalleerd. ■ De instelvoorwaarden voor dit apparaat zijn aangegeven op het etiket of het typeplaatje. ■ Verwijder alle verpakkingen, voor u het apparaat in bedrijf neemt. ■ Vergewis u er na het uitpakken van het apparaat van, dat het product niet beschadigd is en dat de aansluitkabel zich in perfecte toestand bevindt. Neem anders voor de installatie van het apparaat contact op met de dealer. ■ De aangrenzende meubels en alle in de installatie gebruikte materialen moeten tijdens het gebruik een minimumtemperatuur van 85 °C boven de omgevingstemperatuur van de ruimte, waarin ze zich bevinden, kunnen weerstaan. ■ Indien de brandervlammen per ongeluk worden gedoofd, schakelt u de branderbesturing uit en wacht minstens een minuut, tot u hem opnieuw ontsteekt. ■ Het gebruik van een gasfornuis genereert warmte en vochtigheid in de ruimte, waarin het apparaat is geïnstalleerd. Let op een goede ventilatie van de keuken: Houd de voorziene ventilatiegaten open of installeer een mechanische ventilatievoorziening (mechanische afzuigkap). ■ Een langer intensief gebruik van het apparaat kan een extra ventilatie vereisen, bijvoorbeeld het openen van een venster of een krachtigere mechanische ventilatie, indien aanwezig.68 Kinderveiligheid
Waarschuwing Let op ■ Laat geen kinderen in de buurt van het apparaat spelen. Het apparaat wordt heet, wanneer het in bedrijf is. Kinderen moeten tot de afkoeling uit de buurt worden gehouden. ■ Dit apparaat is ontworpen voor gebruik door volwassenen. ■ Kinderen kunnen zich ook verwonden, wanneer ze pannen of potten van het apparaat trekken. ■ Dit apparaat mag niet worden gebruikt door kinderen of andere personen, wiens fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of gebrekkige ervaring en kennis ze hinderen, het apparaat veilig zonder toezicht of begeleiding door een verantwoordelijke persoon te gebruiken.69 Tijdens het gebruik
Waarschuwing ■ Gebruik het apparaat alleen voor de bereiding van gerechten. ■ Voer geen wijzigingen aan het apparaat uit. Het brandergebied is niet ontworpen voor gebruik met een externe timer of een afzonderlijk afstandsbedieningssysteem. ■ Het gebruik van een gasfornuis genereert warmte en vochtigheid in de ruimte, waarin het apparaat is geïnstalleerd. Let op een goede ventilatie van de keuken: Houd de voorziene ventilatiegaten open of installeer een mechanische ventilatievoorziening (mechanische afzuigkap). ■ Gebruik dit apparaat niet, wanneer het met water in aanraking komt. Bedien dit apparaat niet met natte handen. ■ Gebruik geen grote doeken, theedoeken of dergelijke, omdat de uiteinden de vlammen kunnen raken en in brand kunnen vliegen. ■ De verwarm- en kookvlakken van het apparaat worden tijdens het gebruik heet. Wees altijd voorzichtig. ■ Laat het apparaat bij het koken nooit onbeheerd. ■ Gebruik geen onstabiele of vormloze pannen, omdat deze kunnen kantelen of per ongeluk geleegd kunnen worden.70 Tijdens het gebruik
Let op ■ Gebruik of bewaar in de buurt van dit apparaat geen brandbare materialen. ■ Bederfelijke levensmiddelen, kunststofartikelen en aerosolen kunnen door de inwerking van warmte nadelig worden beïnvloed en moeten niet boven of onder het apparaat bewaard worden. ■ Sproei tijdens bedrijf geen aerosolen in de buurt van dit apparaat. ■ Let erop, dat de bedieningsknoppen zich bij niet-gebruik in de positie ● bevinden. ■ Dit apparaat is uitsluitend bedoeld om thuis te koken. Het apparaat is niet ontworpen voor commerciële of industriële doeleinden. ■ Een langer intensief gebruik van het apparaat kan een extra ventilatie vereisen, bijvoorbeeld het openen van een venster of een krachtigere mechanische ventilatie, indien aanwezig. ■ Gebruik bij het aanraken van hete potten en pannen hittebestendige pannenlappen of handschoenen. ■ Laat bij het optillen van kookgerei geen pannenlappen in de buurt van open vlammen terechtkomen. ■ Let erop, dat pannenlappen of handschoenen niet vochtig of nat worden, omdat daardoor de warmte sneller door het materiaal wordt getransporteerd en het gevaar bestaat, dat u zich verbrandt. ■ Gebruik de brander alleen, wanneer u er potten en pannen op hebt gezet. Verwarm geen legen potten of pannen. ■ Gebruik op het apparaat nooit schalen van kunststof of aluminiumfolie. ■ Bij het gebruik van andere elektrische apparaten moet erop worden gelet, dat de kabel niet met de oppervlakken van het kookgedeelte in aanraking komt. ■ Wanneer u mechanische delen in uw lichaam hebt, bijvoorbeeld een kunstmatige hartklep, raadpleegt u voor gebruik van het apparaat een arts. ■ Gebruik geen theedoeken of soortgelijke materialen in plaats van een pannenlap. Deze doeken kunnen boven een hete brander in brand vliegen. ■ Bij het gebruik van glazen kookgerei moet erop worden gelet, dat het is ontworpen voor het koken op de bovenste plaat. Wanneer het oppervlak uit gebarsten glas bestaat, schakelt u het apparaat uit, om een elektrische schok te vermijden. ■ Draai de grepen van het kookgerei opzij of naar het midden, zodat ze zich niet boven aangrenzende branders uitstrekken, om brandwonden, de ontsteking van brandbare materialen en morsen te minimaliseren. ■ Schakel de brander altijd uit, voor u het kookgerei verwijdert. ■ Wees altijd waakzaam, wanneer levensmiddelen bij hoge vlamintensiteit worden gebraden. ■ Verwarm vet altijd langzaam en pas op, terwijl het wordt verhit. ■ Levensmiddelen, die moeten worden gefrituurd, moeten zo droog mogelijk zijn. Vorst op diepvriesproducten of vochtigheid op verse levensmiddelen kan ertoe leiden, dat heet vet uit de pan spat. ■ Probeer nooit, een pan met heet vet, in het bijzonder een friteuse, te bewegen. Wacht, tot het vet volledig is afgekoeld.71 Reiniging en service
Waarschuwing ■ Gebruik nooit schurende of bijtende reinigingsmiddelen. Let op ■ Dit apparaat mag alleen worden gerepareerd of onderhouden door een geautoriseerde servicetechnicus en er mogen alleen originele reserve- onderdelen worden gebruikt. Benzol Verdunne
■ Voor u het apparaat reinigt, moet u het van het net loskoppelen en laten afkoelen. ■ Voor de reiniging van het apparaat mag u geen stoomreiniger of andere hogedrukreinigers gebruiken. ■ Gooi de verpakking na de installatie weg, rekening houdend met de veiligheid en het milieu. ■ Wanneer u een oud apparaat afvoert, maakt u het onbruikbaar, door de kabel af te knippen. Correcte verwijdering van dit product (Afvoeren van oude elektrische en elektronische apparaten) ■ Deze markering op het product of zijn handboeken verwijst ernaar, dat het aan het einde van de levensduur niet samen met ander huishoudelijk afval mag worden afgevoerd. Om mogelijke schade aan het milieu of de menselijke gezondheid als gevolg van ongecontroleerde afvalverwijdering te voorkomen, moet het apparaat op verantwoorde wijze worden gerecycled om duurzaam hergebruik van hulpbronnen te bevorderen. ■ Particuliere gebruikers moeten contact opnemen met de dealer, bij wie ze dit product hebben gekocht, of met hun lokale overheidskantoor, om uit te vinden waar en hoe ze dit product op een milieuvriendelijke manier kunnen laten recyclen. ■ Commerciële gebruikers moeten contact opnemen met hun leverancier en de algemene voorwaarden van het koopcontract controleren. Dit product mag voor de verwijdering niet worden gemengd met ander industrieel afval.72 Beschrijving van het apparaat
Elektrische aansluiting Brandereigenscha ppen ΣQn
Roestvast staal 750x510x90 Continue ontsteking G1/2 schroefdraa
Snel (1), Halfsnel (2), Hulpbrander (1), Drievoudige kroon (1) 11,1 kW73 Beschrijving van het apparaat Toebehoren
Afdichtingsmiddel (4)
Handleiding Handboek (1)
Gebruik van het apparaat De volgende symbolen verschijnen op het bedieningspaneel naast elke bedieningsgreep:
Zwarte circuit: Gas uit
Kleine vlam: minimale instelling ■ De minimale instelling is aan het einde van het linksom draaien van de bedieningshendel. ■ Alle bedrijfsposities moeten tussen de maximale en minimale positie worden gekozen. ■ Het symbool op het bedieningspaneel naast de bedieningsgreep geeft aan, welke brander hij inschakelt. Automatische ontsteking met vlamuitvalbeveiliging Het apparaat is aan elke brander uitgerust met een vlamuitvalbeveiliging, die de gasstroom naar de branderkop bij doven van de vlam moet stoppen.74 Gebruik van het apparaat
Automatische ontsteking met vlamuitvalbeveiliging Het apparaat is aan elke brander uitgerust met een vlamuitvalbeveiliging, die de gasstroom naar de branderkop bij doven van de vlam moet stoppen. Een brander aansteken: o Druk de bedieningsknop van de aan te steken brander in en draai hem linksom naar de maximale positie. o Als u de bedieningsknop ingedrukt houdt, schakelt de automatische ontbranding van de brander in. o Als de vlam van het brander is ontstoken, moet u de bedieningsknop nog 15 seconden lang ingedrukt houden. Wanneer de brander na 15 seconden niet is ontstoken, stopt u het gebruik van het apparaat en opent de klep en/of wacht u minstens 1 minuut, voor u een nog een keer probeert de brander aan te steken. o Na deze 15-seconden-interval moet u voor regeling van de vlam de bedieningsknop verder linksom draaien, tot de vlam op een geschikt niveau staat. De bedrijfspositie MOET zich tussen maximale en de minimale positie bevinden. o Om de brander uit te schakelen, draait u de bedieningsknop tot de aanslag rechtsom, om het gas af te sluiten. o In het geval van een stroomuitval kunnen de branders door zorgvuldig gebruik van een lucifer worden aangestoken.75 Veiligheids- en energiebesparingstips - De diameter van de pot-/panbodem moet overeenkomen met de brander. BRANDER POT/PAN
■ Gebruik geen kookgerei, dat over de rand van de brander uitsteekt. min. max. Drievoudige kroon 200mm 240 mm Snel 200mm 240 mm Halfsnel 160mm 180mm Hulpbrander 120mm 160mm
Gebruik bij grote branders geen kookgerei met een kleine diameter. De vlam mag nooit aan de zijkanten van het kookgerei opkomen. Gebruik voor iedere brander altijd geschikt kookgerei, om gasverspilling en verkleuring van het kookgerei te vermijden.
Vermijd het, te koken zonder deksel of met half verwijderd deksel, omdat dit energie verspilt. Leg een deksel op het kookgerei.
Gebruik geen potten/pannen met een bolle of holle bodem. Gebruik alleen potten/pannen met een dikke, platte bodem.
Plaats het kookgerei niet aan één zijde van een brander, omdat het kan kantelen. Plaats het kookgerei altijd recht boven de brander en niet alleen aan één zijde.
Gebruik geen kookgerei met een grote diameter in de buurt van de bedieningsknoppen. Dit zou de bedieningsknoppen kunnen raken of er zo dichtbij staan, dat ze de temperatuur in dit bereik verhogen en schade kunnen veroorzaken.
Plaats kookgerei nooit direct op de brander. Plaats het kookgerei op de pandrager.
Leg niets tussen pot/pan en pandrager, omdat dit kan leiden tot zware schade aan het apparaat.
Gebruik geen te zwaar kookgerei en sla niet met zware voorwerpen op de kookplaat. Behandel het kookgerei voorzichtig, wanneer het op de brander staat.
■ Er wordt niet aangeraden, pannen of grillstenen gelijktijdig op meerdere branders te verwarmen, omdat de daaruit resulterende warmteontwikkeling het apparaat kan beschadigen. ■ Laat de bovenkant van de kookplaat en de pandrager na gebruik afkoelen, voor u ze aanraakt. ■ Zodra een vloeistof begint te koken, draait u de vlam zo laag, dat de vloeistof alleen nog zacht suddert.76 Reiniging en onderhoud
■ Reinigingswerkzaamheden mogen alleen bij volledig afgekoeld apparaat worden uitgevoerd. ■ Voor aanvang van het reinigingsproces moet het apparaat van het stroomnet worden gescheiden. ■ Reinig het apparaat regelmatig, bij voorkeur na elk gebruik. ■ Schurende reinigingsmiddelen of scherpe voorwerpen beschadigen het apparaatoppervlak. Reinig het apparaat alleen met water en wat afwasmiddel. Aanbevolen Niet aanbevolen
■ Veeg de kookplaat regelmatig af met een zachte doek, die is gedrenkt in warm water en wat afwasmiddel. ■ Droog de kookplaat na de reiniging grondig af. ■ Verwijder zoute levensmiddelen of vloeistoffen zo snel mogelijk grondig van de kookplaat, om het gevaar van corrosie te vermijden. ■ Roestvast stalen delen van het apparaat kunnen met de tijd verkleuren. Dit is op grond van de hoge temperaturen normaal. Na elk gebruik van het apparaat moeten deze delen met een voor roestvast staal geschikt product worden gereinigd. Kookveld ■ Neem de pandrager eraf. ■ Reinig de pandrager en de bedieningselementen met een vochtige doek, afwasmiddel en warm water. Laat sterke verontreinigingen eerst inweken. ■ Droog alles met een schone, zachte doek. Pandragers en bedieningselementen Zachte doek Neutraal reinigingsmiddel Nylonborstel Voedingsolie Schuurmiddelen Verdunner/ benzeen Zure/alkalische reinigingsmiddelen Metaalborstel77 Reiniging en onderhoud
■ Bouw de hulp-, halfsnelle , snelle en drievoudige kroonbranders als volgt weer samen:
1. Plaats de vlamverdeler (4) zo op de branderpot (5), dat de ontsteking en de
vlambewaking zich uitstrekken via de respectieve gaten in de vlamverdeler. De vlamverdeler moet goed zijn geplaatst.
2. Plaats de branderdeksels (1,2,3) zo op de vlamontsteker (4), dat de houderstiften in de
respectieve uitsparingen passen.
Vervang de delen na de reiniging in de juiste volgorde. - Verwissel niet de boven- en onderkant. - De fixeerpennen moeten precies in de uitsparingen passen. BRANDER ■ Verwijder branderdeksel en vlamverdeler, door ze naar boven en van de kookplaat weg te trekken. ■ Laat ze weken in heet water en een beetje afwasmiddel. ■ Droog ze vervolgens zorgvuldig af. Let erop, dat de vlamgaten schoon en volledig droog zijn. ■ Veeg de vaste delen van de branderpot af met een vochtige doek en droog ze vervolgens. ■ Veeg de ontsteking en vlambewaking voorzichtig af met een goed uitgewrongen doek en droog ze met een schone doek. ■ Vergewis u ervan, dat de injector niet geblokkeerd is, voor u de brander weer op de kookplaat zet.78 Gebruik
■ Voer geen wijzigingen aan het apparaat uit. ■ Dit apparaat moet door een geautoriseerde technicus of installateur worden geïnstalleerd. ■ Vergewis u er voor de installatie van, dat de lokale distributieomstandigheden (type gas en gasdruk) en de instelling van het apparaat compatibel zijn. ■ De instelvoorwaarden voor dit apparaat zijn aangegeven op het etiket of het typeplaatje. ■ Dit apparaat is niet aangesloten op een evacuatieapparaat voor verbrandingsproducten. Het moet conform de geldende installatievoorschriften worden geïnstalleerd en aangesloten. Er moet bijzondere aandacht worden besteed aan de van toepassing zijnde vereisten voor de ventilatie. ■ Schakel voor de installatie de gas- en stroomtoevoer naar het apparaat uit. ■ Alle apparaten, die elektrische componenten bevatten, moeten worden geaard. ■ Zorg ervoor, dat de gasleiding en de elektrische kabel zo zijn geplaatst, dat ze geen delen van het apparaat, die heet kunnen worden, raken. ■ Gasleidingen of aansluitingen mogen niet door andere apparaten verbogen of geblokkeerd worden. ■ Controleer de afmetingen van het apparaat en de afmetingen van de te zagen spleet in het keukenblok. ■ De boven het werkblad, direct naast het apparaat, aanwezige platen moeten van niet brandbaar materiaal zijn. Zowel het gecoate oppervlak als de voor de bevestiging gebruikte lijm moet hittebestendig zijn. ■ Schakel de apparaatkraan in en steek elke brander aan. Er moet een heldere blauwe vlam zonder geel gedeelte te zien zijn. Als de brander afwijkingen vertoont, controleert u het volgende: - Branderdeksel correct geplaatst? - Vlamverdeler goed geplaatst? - Brander verticaal op de injectornippel uitgelijnd? ■ Na de installatie door de monteur moet een volledige functiecontrole en een controle op mogelijke lekkages worden uitgevoerd. ■ De flexibele slang moet zo worden gemonteerd dat hij niet in contact komt met een bewegend deel van de behuizing en niet door een gebied gaat dat overbelast zou kunnen worden. ■ Smeer de in de fabriek gemaakte kranen, om aan de vereisten van alle actieve kookplaten te voldoen. Waarschuwingen79 Opstelling
■ Dit apparaat is voorzien voor de inbouw in een keukenblok of een 600 mm hoog werkblad, waarbij de volgende minimumafstanden moeten worden aangehouden; o De randen van de kookplaat moeten een minimale afstand van 60 mm tot een zij- of rugwand hebben. o 700 mm afstand tussen het hoogste punt van de kookplaat (inclusief de branders) en de onderzijde van een horizontaal oppervlak direct erboven. o 400 mm tussen de kookplaten, vooropgesteld, dat de onderzijde van het horizontale vlak met de buitenrand van de kookplaat overeenstemt. Is de onderzijde van het horizontale vlak kleiner dan 400 mm, moet deze minstens 50 mm van de buitenkanten van de kookplaat verwijderd zijn. o 50 mm afstand rondom het apparaat en tussen de kookplaat en brandbare materialen. o Afstand van minstens 25 mm en maximaal 74 mm tussen de onderkant van het apparaat en een daaronder liggend vlak.
- Wanneer boven een oven een kookplaat moet worden geïnstalleerd, moet hij over een geforceerde ventilatie beschikken. - Controleer de afmetingen van de oven in de installatiehandleiding. - De afmetingen van de uitsparing moeten overeenkomen met de specificaties. VEREISTE AFSTANDEN
25 mm (MIN.) 45 mm80 Installatie van het apparaat
1. Verwijder de pandrager, het branderdeksel en de
vlamverdeler. Draai het apparaat voorzichtig ondersteboven en plaats het op een gepolsterde ondergrond. Let erop, dat de ontsteking en de vlambewaking tijdens dit proces niet worden beschadigd.
2. Breng het meegeleverde afdichtingsmiddel rond de
rand van het apparaat aan.
3. Laat geen spleet in het afdichtingsmiddel. Het mag
elkaar niet overlappen. Afdichtingsmiddel De dikke van het afdichtingsmiddel bedraagt 3 mm. De breedte van het afdichtingsmiddel bedraagt 10 mm. Aanzicht van onderen
Gebruik geen siliconenkit, om het apparaat af te dichten. Dit zou het in de toekomst moeilijker maken, het apparaat uit de opening te verwijderen, in het bijzonder wanneer met moet worden onderhouden.
1. Plaats de houder (B) op de gaten, die overeenkomen
met de maat van de schroeven. In elke hoek van de kookplaat (H) zijn er meerdere schroefgaten. Draai één schroef (C) door de houder (B) licht aan, zodat de houder aan de kookplaat is bevestigd, u echter de positie nog kunt instellen.
2. Draai de kookplaat voorzichtig weer om en laat hem dan
voorzichtig in de opening zakken, die u hebt uitgezaagd.
3. Plaats de houders aan de onderkant van de kookplaat in
een voor uw werkblad geschikte positie. Draai dan de schroeven (C) volledig aan, om de kookplaat in positie te houden. (A) AFDICHTSTRIP (C) SCHROEF (B) HOUDER81 Gasaansluiting
■ Dit apparaat moet conform de installatievoorschriften van het land, waarin het apparaat moet worden gebruikt, geïnstalleerd en aangesloten worden. ■ Dit apparaat is geschikt voor gebruik met vloeibaar gas en aardgas. De omschakeling naar vloeibaar gas en aardgas mag alleen door een gekwalificeerde persoon worden uitgevoerd.
o Het is wettelijk voorgeschreven, dat alle gasapparaten door een gekwalificeerde persoon conform de actuele uitgave van de voorschriften voor gasveiligheid en gebruik worden geïnstalleerd. o Het is in uw belang en in het belang van de veiligheid om de naleving van de wet te waarborgen. o In Groot-Brittannië werken GASSAFE-geregistreerde installateurs volgens veilige praktijknormen. De kookplaat moet ook worden geïnstalleerd in overeenstemming met de actuele editie van BS 6172. Een verkeerde installatie van de kookplaat kan leiden tot vervallen van de garantie, de aansprakelijkheidsclaims en tot strafvervolging.
Richtlijnen voor de vervanging van de gastoevoer en de installatie: LPG > NG NG > LPG Gasleiding Gasleiding Afdichting Afdichting G1/2" buskoppeling Ø11,5 buskoppeling82 Gascategorie, gassoort en bestemmingsland (voor alle modellen) Land / Country Soort aardgas / Soort natuurlijk gas Soort vloeibaar gas (toebehoren) / type of liquefied petroleum gas(accessory)* Duitsland / Germany G20/20 G30/50 Oostenrijk / Austria Zwitserland /Switzerland G30/29 Italië / Italy Spanje / Spain België / Belgium Groot-Brittannië / Great Britain Frankrijk / France Luxemburg / Luxembourg
- De gaskookplaat is vooraf ingesteld op aardgas (20 mbar) Kan worden omgeschakeld naar vloeibaar gas (niet begrepen in de leveringsomvang) De passende toebehoren vindt u onder www.blaupunkt-einbaugeraete.de
Gassoort & druk Warmte-inbreng en openingsgrootte (mm)
■ Dit apparaat moet worden geaard. ■ Dit apparaat is ontworpen voor de aansluiting op een stroomvoorziening met 220-240 V en
■ De draden in het netsnoer zijn overeenkomstig de volgende code ingekleurd: - Groen/geel = aarde - Blauw = neutraal - Bruin = stroomvoerend
■ De groen/gele draad moet worden aangesloten aan de klem, die is gemarkeerd met de letter E of met het aardingssymbool.84 Gasinstelling
■ Neem bij de omschakeling van één gassoort naar een andere veiligheidsmaatregelen. ■ Alle werkzaamheden mogen alleen door een gekwalificeerde technicus worden uitgevoerd. ■ Voor u begint, schakelt u de gas- en stroomtoevoer naar het apparaat uit.
■ De kraanschacht mag niet worden gedemonteerd. Vervang in het geval van een functiestoring de complete kraan. ■ Voor u de brander weer op de kookplaat installeert, verzekert u, dat de injector niet is geblokkeerd. ■ Na de ombouwing van de gasvoorziening moet een volledige functiecontrole en een controle op mogelijke lekkages worden uitgevoerd. (bijvoorbeeld met zeepwater of een gaswaarschuwingssensor)
■ Na afsluiting van de ombouwing moet een gekwalificeerde technicus of installateur de juiste gascategorie met „V“ markeren, zodat deze overeenstemt met de instelling op het typeplaatje. Daarbij moet de „V“-markering van de voorafgaande instelling worden verwijderd. Vervang de injector van de brander. Instelling van het minimale niveau van de vlam Verwijder de pandrager, het branderdeksel en de vlamverdeler. Maak de injector met een 7 mm dopsleutel los en vervang hem door de voorgeschreven injector voor de nieuwe gassoort. Monteer alle componenten weer zorgvuldig. Na de vervanging van de injectoren moet u de injector vast aandraaien. Injector Draaischakelaar Kraan Afdichtring ①! Draai de draadtap voor de kraan terug tot het minimum ② Verwijder de draaischakelaar van de kraan en steek een kleine platte schroevendraaier in het midden van de kraanschacht. ③ Bij de juiste instelling heeft de vlam een lengte van ca. 3-4 mm. - Bij butaan-/propaangas moet de instelschroef stevig worden vastgeschroefd. - Plaats de draaischakelaar weer terug. Let erop, dat de vlam niet dooft, wanneer u snel van maximale naar minimale doorstroming wisselt. Wanneer dit het geval is, verwijdert u de draaischakelaar nogmaals en voert verdere instellingen aan de gasstroom uit. Vervolgens controleert u opnieuw, of de instelling correct is. ④ Herhaal deze procedure voor ieder van de gaskranen. Instelschroef85 Probleemoplossing ■ Reparaties mogen alleen door een erkende technicus worden uitgevoerd. Ondeskundige reparaties kunnen leiden tot aanzienlijke gevaren voor u en anderen. ■ Enkele kleine problemen kunnen echter als volgt worden opgelost: Probleem Waarschijnlijke oorzaak Oplossing Geen ontsteking Geen vonk Controleer de stroomvoorziening.
Het branderdeksel is slecht gemonteerd. Monteer het deksel correct.
De gastoevoer is gesloten. Open de gastoevoer volledig. Slechte ontbranding De gastoevoer is niet volledig geopend. Open de gastoevoer volledig. Het branderdeksel is slecht gemonteerd. Monteer het deksel correct. De bougie is vervuild met vreemde voorwerpen. Veeg vreemde voorwerpen met een droge doek weg. De branders zijn nat. Droog het deksel van de brander zorgvuldig. De gaten in de vlamverdeler zijn verstopt. Reinig de vlamverdeler. Geluiden tijdens verbranding en ontsteking Het branderdeksel is slecht gemonteerd. Monteer het branderdeksel correct. De vlam gaat uit bij gebruik. De vlambewaking is vervuild met vreemde voorwerpen. Reinig de vlambewaking. Het te garen product is overgekookt en heeft de vlam gedoofd. Schakel de brander uit. Wacht een minuut en steek de brander weer aan. Een sterke trek kan de vlam hebben uitgeblazen. Schakel de brander uit en controleer het kookgebied op trek, bijvoorbeeld door geopende ramen. Wacht een minuut en steek de brander weer aan. Gele vlam De gaten in de vlamverdeler zijn verstopt. Reinig de vlamverdeler. Er wordt ander gas gebruikt. Controleer het gebruikte gas. Instabiele vlam Het branderdeksel is slecht gemonteerd. Monteer het branderdeksel correct. Gasgeur Gaslekkage Stop het gebruik van het product en sluit de middelste klep. Open de ramen om te ventileren. Neem contact op met onze klantenservice door gebruik te maken van een buitentelefoon.
Notice-Facile