KIV354RVS - Fornuis ETNA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KIV354RVS ETNA in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KIV354RVS - ETNA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KIV354RVS van het merk ETNA.
GEBRUIKSAANWIJZING KIV354RVS ETNA
Milieuaspecten Afvoeren toestel en verpakking 24NL 4 Inleiding Deze kookplaat is ontworpen voor de echte kookliefhebber. Koken op een inductiekookplaat heeft een aantal voordelen. Het is makkelijk, omdat de kookplaat snel reageert en ook op een zeer laag vermogen is in te stellen. Bovendien kunt u dankzij het hoge vermogen gerechten zeer snel aan de kook brengen. Door de ruime afstanden tussen de kookzones kunt u comfortabel koken. Koken op een inductiekookplaat is anders dan koken op een traditioneel apparaat. Bij inductiekoken wordt gebruikgemaakt van een magnetisch veld om warmte op te wekken. Dit betekent dat u niet zomaar een willekeurige pan kunt gebruiken. In het hoofdstuk ‘Pannen’ vindt u hierover meer informatie. Voor optimale veiligheid is de inductiekookplaat uitgerust met meerdere temperatuurbeveiligingen en een restwarmte-indicator die laat zien welke kookzones nog heet zijn. In deze gebruiksaanwijzing staat beschreven hoe u de inductiekookplaat optimaal kunt gebruiken. Naast informatie over de bediening vindt u hierin ook achtergrondinformatie die van pas kan komen bij het gebruik van het apparaat. Verder vindt u ook kooktabellen en onderhoudstips. Lees de gebruiksaanwijzing door voordat u het apparaat in gebruik neemt en bewaar deze op een veilige plaats voor toekomstig gebruik. Daarnaast dient de gebruiksaanwijzing ook als naslagwerk voor servicemonteurs. De installatie-instructies worden afzonderlijk meegeleverd. Veel kookplezier! UW KOOKPLAATNL 5 UW KOOKPLAAT Beschrijving
6. Selectietoets kookzone
▷ Vermogensaanduiding ▷ Restwarmte indicatie ▷ Punt voor indicatie kookwekker aktief
11. Tijdsweergave bij instellen van de keukenwekker of kookwekker
117 7NL 6 VEILIGHEID Lees eerst de afzonderlijke veiligheidsinstructies voordat u het apparaat in gebruik neemt! Temperatuurbeveiliging Een sensor controleert continu de temperatuur van bepaalde onderdelen van de kookplaat. Elke kookzone is voorzien van een sensor die continu de temperatuur van de bodem van de pan controleert om risico op oververhitting te voorkomen wanneer een pan droogkookt. Bij een te hoge temperatuur wordt het vermogen van de kookplaat automatisch verlaagd of wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld. Kookduurbegrenzer De kookduurbegrenzer is een veiligheidsfunctie van uw kookplaat. Deze wordt geactiveerd als u vergeet de kookplaat uit te schakelen. Afhankelijk van de gekozen instelling wordt de kookduur als volgt begrensd: Kookstand De kookzone wordt automatisch uitgeschakeld na:
1,5 uur P 5 minuten (schakelt vervolgens naar niveau 9)NL 7 GEBRUIK Inductiegeluiden Een tikkend geluid
- Dit wordt veroorzaakt door de vermogensbegrenzer op de linker- en rechterzones. Ook bij lagere instellingen kunt u een tikkend geluid horen. Pannen maken geluid
- Pannen kunnen tijdens het koken geluid maken. Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. Bij hoge instellingen is dit bij bepaalde pannen een heel normaal verschijnsel. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat. De ventilator maakt geluid
- Het apparaat is voorzien van een ventilator om de levensduur van de elektronica te verlengen. Als u het apparaat intensief gebruikt, wordt de ventilator ingeschakeld om het apparaat te koelen en hoort u een zoemend geluid. De ventilator blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld. Pannen
- Plaats een pan altijd in het midden van een kookzone.
- Voor inductiekoken zijn pannen van een bepaalde kwaliteit vereist.
- Gebruik alleen pannen die geschikt zijn voor elektrisch koken en inductiekoken. Deze moeten beschikken over: ▷ een dikke bodem (minimaal 2,25 mm); ▷ een schone en vlakke bodem.
- De meest geschikte pannen zijn voorzien van het keurmerk ‘Class Induction’. Gebruik op de inductiekookplaat geen pannen waarmee al eerder op een gaskookplaat is gekookt. Deze zijn ongeschikt. Met een magneet kunt u controleren of uw pannen geschikt zijn. De pan is geschikt als de magneet door de bodem van de pan wordt aangetrokken. Geschikt Ongeschikt Speciale roestvrijstalen pannen Aardewerk Class Induction Roestvrij staal Slijtvaste geëmailleerde pannen Porselein Geëmailleerde gietijzeren pannen Koper/aluminium/kunststofNL 8 GEBRUIK Wees voorzichtig met geëmailleerde pannen van plaatstaal! Het emaille kan afsplinteren (het emaille komt los van het staal) als u de kookplaat op een hoge stand inschakelt terwijl de pan (te) droog is. De panbodem kan kromtrekken, bijvoorbeeld vanwege oververhitting of door gebruik van een te hoog vermogen.
- Gebruik nooit pannen met een vervormde basis. Een holle of bolle bodem kan de werking van de beveiliging tegen oververhitting belemmeren. Het toestel wordt te warm. Hierdoor kan de glasplaat barsten en de panbodem smelten.
- Schade die het gevolg is van het gebruik van ongeschikte pannen of van droogkoken, valt buiten de garantie. Minimale pandiameter
- De minimale pandiameter bedraagt 12 cm.
- U bereikt het beste resultaat met een pan van dezelfde diameter als de kookzone. Als de pan te klein is, wordt de kookzone niet ingeschakeld. Snelkookpannen
- Inductiekoken is bij uitstek geschikt voor het gebruik van snelkookpannen. De kookzone reageert zeer snel, waardoor de snelkookpan ook snel op druk is. Het kookproces stopt onmiddellijk zodra u een kookzone uitschakelt. Pendelen van het vermogen
- Een eigenschap van deze inductiekookplaat is het ‘pendelen’ van het vermogen bij standen lager dan 8. Het lijkt of een kookzone in- en uitschakelt, maar dat is niet het geval. De zone schakelt het vermogen telkens in en weer uit; de zone blijft dus gewoon aan op de ingestelde stand. De twee kleine zones pendelen minder dan de twee grote zones. Dit pendelen is normaal voor deze inductiekookplaat en kan geen kwaad. Het is geen defect aan uw inductiekookplaat.NL 9 Meldingen op de kookplaat displays
display Status Vermogen van kookzone: 1 = lage instelling, 9 = hoge instelling Boost-functie actief Kinderslotfunctie geselecteerd Geen (geschikte) pan op kookzone (pandetectiesymbool) Warmhoud functie actief Restwarmte-indicator: de kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicator waarmee wordt aangegeven welke kookzone nog warm is. Ondanks dat de kookplaat is uitgeschakeld, blijft de indicator H zichtbaar zolang de kookzone warm is! Raak de kookzones niet aan wanneer deze indicator brandt. Gevaar! Risico op brandwonden. Foutcode: zie de probleemoplossingstabel Foutcode: zie de probleemoplossingstabel Kookinstellingen Aangezien de instellingen afhankelijk zijn van de hoeveelheid en samenstelling van het gerecht en de gebruikte pan, geldt de onderstaande tabel alleen als richtlijn. Gebruik de boost-instelling voor:
- snel aan de kook brengen van voedsel of vloeistof;
- slinken van groene groenten;
- verhitten van olie en vet;
- wokken. Gebruik instelling 9 voor:
- aanbraden van vlees;
- bakken van omeletten;
- bakken van gekookte aardappelen;
- frituren van voedsel. GEBRUIKNL 10 Gebruik instelling 7 en 8 voor:
- bakken van dikke pannenkoeken;
- bakken van dikke lappen gepaneerd vlees;
- bakken van bacon (vet);
- koken van rauwe aardappelen;
- bakken van wentelteefjes;
- bakken van gepaneerde vis;
- doorkoken van pasta; Gebruik instelling 4-6 voor:
- doorkoken van grote hoeveelheden;
- ontdooien van harde groenten;
- bakken en garen van dun vlees. Gebruik instelling 1-3 voor:
- zacht koken van groenten;
- smelten van kaas. GEBRUIKNL 11 Bereiding starten Gebruik van de aanraaktoetsen Plaats het uiteinde van uw vinger plat op de tiptoets. Oefen geen druk uit. De tiptoetsen reageren op een lichte aanraking van het uiteinde van uw vinger. Bedien de aanraaktoetsen alleen met uw vinger. De tiptoets laat bij aanraking een kort geluidssignaal horen.
1. Raak de Aan/Uit-toets aan en houd deze vast totdat u een geluidssignaal hoort.
▷ Er klinkt een enkel geluidssignaal en in de display verschijnt bij elke kookzone een ‘0’ waarvan de punt knippert. ▷ Wanneer u geen verdere actie onderneemt, schakelt de kookzone na 20 seconden vanzelf uit.
2. Plaats een geschikte pan op een kookzone.
▷ Zorg ervoor dat de onderzijde van de pan en het oppervlak van de kookzone schoon en droog zijn.
3. Druk op de toets van de kookzone die moet worden ingeschakeld om de kookzone te
activeren. ▷ In de display dimmen de vermogensstanden van de kookzones die niet geactiveerd zijn en de punten verdwijnen.
4. Druk op de – of + toets om de gewenste vermogensstand in te stellen.
▷ De kookzones zijn in 9 kookstanden, een warmhoudstand en een ‘boost’stand instelbaar. Raadpleeg het overzicht met kookinstellingen om de juiste stand te kiezen. ▷ Wanneer u direct de – toets selecteert, schakelt de kookzone in op vermogensstand 9. ▷ Het ingestelde vermogen verschijnt in de display. Na een aantal seconden worden alle vermogensstanden weer fel verlicht en de kookzone schakelt in. BEDIENINGNL 12
- Wilt u nog een kookzone inschakelen, dan drukt u op de toets van de desbetreffende kookzone om de zone te activeren.
- In de display dimmen de vermogensstanden van de kookzones die niet geactiveerd zijn. Ook de vermogensstanden van de ingeschakelde zones dimmen.
- Selecteer met de – of + toets het gewenste vermogen.
- Het ingestelde vermogen verschijnt in de display. Na een aantal seconden worden alle vermogensstanden weer fel verlicht en de kookzone schakelt in. Wanneer het symbool voor pandetectie knippert:
- hebt u de pan niet op de juiste kookzone geplaatst;
- is de gebruikte pan niet geschikt voor inductiekoken;
- is de pan te klein of niet goed op de kookzone geplaatst. ▷ De plaat wordt niet warm totdat er een geschikte pan op de kookzone is geplaatst. ▷ Het display wordt na 2 minuten automatisch uitgeschakeld als er geen geschikte pan op de plaat wordt gezet. De kookplaat wordt automatisch uitgeschakeld als deze gedurende 20 seconden niet wordt gebruikt. Let op! Niet alle 4 zones kunnen tegelijk op een hoge stand (stand 9 of boost stand, afhankelijk van het model) worden ingesteld. De 4 zones kunnen tegelijk maximaal op stand 8 of 9 (afhankelijk van het model) worden ingesteld. Indien een hogere stand gewenst is dient eerst een andere zone in een lagere stand gezet te worden. Het toestel geeft dan een pieptoon en het ingestelde vermogen in het display gaat knipperen. Stel dan de zone’s in op een lagere stand! BEDIENINGNL 13 Klaar met koken
1. Zet de vermogensstand op nul (0) om de kookzone uit te schakelen. U kunt ook tegelijkertijd
op de - toets en de + toets drukken om de kookzone uit te schakelen.
2. Schakel de inductiekookplaat uit door de Aan/Uit-toets aan te raken.
Het symbool H wordt weergegeven op het display van de kookzone, als die te heet is om te worden aangeraakt. De letter H verdwijnt wanneer het oppervlak is afgekoeld tot een veilige temperatuur. U kunt ook energie besparen door een nog hete kookzone te gebruiken om andere pannen te verwarmen. Boost inschakelen De ‘boost’ functie kunt u gebruiken om gedurende 5 minuten op het hoogste vermogen te koken. Na het verstrijken van de boosttijd wordt het vermogen automatisch op stand 9 gezet.
1. Zet een pan op een kookzone.
2. Druk op de aan-/uittoets.
3. Druk op de toets van de kookzone die moet worden ingeschakeld om de kookzone te
4. Druk op de – toets om vermogensstand ‘9’ in te stellen.
▷ Vermogenstand ‘9’ verschijnt in de display.
5. Druk daarna meteen op de + toets om ‘boost’ in te stellen.
▷ ‘P’ verschijnt in de display. Na een aantal seconden worden alle vermogensstanden weer fel verlicht en de kookzone schakelt in op het allerhoogste vermogen. BEDIENINGNL 14 Kinderslot U kunt de kookplaat met het kinderslot vergrendelen. Onbedoeld inschakelen van de kookzones wordt hiermee voorkomen. Kinderslot inschakelen
1. Druk op de aan-/uittoets.
▷ In de display van elke kookzone verschijnt een ‘0’.
2. Druk, gedurende minimaal drie seconden, gelijktijdig op de toets voor de kookzone
linksachter en de - toets. ▷ In de display van elke kookzone verschijnt enkele seconden een ‘L’ als teken dat het kinderslot is ingeschakeld. Kinderslot uitschakelen
1. Druk op de aan-/uittoets.
▷ In de display van elke kookzone verschijnt een ‘L’.
2. Druk, gedurende minimaal drie seconden, gelijktijdig op de toets voor de kookzone
linksachter en de - toets. ▷ In de display van elke kookzone verschijnt enkele seconden een ‘0’ als teken dat het kinderslot is uitgeschakeld. Kookwekker/keukenwekker
- U kunt voor elke actieve kookzone een kookwekker instellen.
- De kookplaat heeft ook een keukenwekker. Zowel de kookwekker als de keukenwekker kan op maximaal 99 minuten worden ingesteld.
- De keukenwekker werkt op dezelfde manier als de kookwekker, maar is niet aan een kookzone gekoppeld. Wanneer de kookplaat wordt uitgeschakeld, loopt de keukenwekker door.
- De keukenwekker kan alleen worden uitgeschakeld of aangepast wanneer de kookplaat is ingeschakeld. BEDIENINGNL 15 Selecteer de gewenste functie:
- Kookwekker : de wekker is gekoppeld aan een actieve kookzone. Nadat de ingestelde tijd is verstreken, wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld.
- Keukenwekker : geen van de kookzones wordt uitgeschakeld nadat de ingestelde tijd is verstreken. Er klinkt alleen een alarm. ▷ Druk op een willekeurige toets om het alarm te stoppen. De keukenwekker gebruiken
1. Schakel de kookplaat in.
2. Druk tegelijkertijd op de – en + toets.
▷ De tijdsinstelling ‘0 0’ van de wekker wordt weergegeven in de bovenste twee displays. De onderste twee displays zijn uitgeschakeld.
3. Druk op de – of + toets om de gewenste tijd in te stellen.
▷ Wanneer u eerst op de - toets drukt, staat de tijd meteen ingesteld op 30 minuten. ▷ Indien u de - of + toets ingedrukt houdt, loopt de tijd in toenemend tempo op of af. ▷ De tijdsinstelling is enkele seconden zichtbaar; hierna geven twee knipperende punten aan dat de wekker aftelt. ▷ Nadat de ingestelde tijd is afgelopen knippert ‘0 0’ in de display. U hoort bovendien een zich herhalend, kort geluidssignaal. Schakel de wekker en het geluidssignaal uit door op een willekeurige toets te drukken. Indien u dit niet doet, schakelt het geluidssignaal na 2 minuten automatisch uit. BEDIENINGNL 16 De kookwekker gebruiken
1. Selecteer een ingeschakelde kookzone.
2. Druk tegelijkertijd op de – en + toets.
▷ De tijdsinstelling ‘0 0’ van de geactiveerde kookzone wordt weergegeven in de bovenste twee displays en bij de kookzone zelf verschijnt een knipperende punt om aan te geven dat voor die kookzone de timer kan worden ingesteld.
3. Druk op de – of + toets om de gewenste tijd in te stellen.
▷ Wanneer u eerst op de - toets drukt, staat de tijd meteen ingesteld op 30 minuten. ▷ Indien u de - of + toets ingedrukt houdt, loopt de tijd in toenemend tempo op of af. ▷ De tijdsinstelling is enkele seconden zichtbaar; hierna worden alle ingestelde vermogens weergegeven en bij de kookzone waarvoor een timer is ingesteld staat een punt. ▷ Nadat de ingestelde tijd is afgelopen knippert ‘0 0’ in de display en de punt van de timer. De kookzone schakelt uit. U hoort bovendien een zich herhalend, kort geluidssignaal. Schakel het geluidssignaal uit door op een willekeurige toets te drukken. Indien u dit niet doet, schakelt het geluidssignaal na 2 minuten automatisch uit. Let op! Als er geen kookzone geactiveerd is en u drukt tegelijk op de - en + toets, verschijnt de tijdsinstelling van de wekker (er knippert geen punt bij een kookzone)! Door nogmaals (meerdere keren) tegelijkertijd op de - en + toets te drukken, verschijnt de tijdsinstelling van een ingeschakelde kookzone (de punt knippert bij de desbetreffende kookzone). Tip Controleer de resterende tijd door (meerdere keren) tegelijkertijd op de – en + toets te drukken. De tijd die in de display verschijnt is van de ingeschakelde kookzone met knipperende punt of van de wekker (er knippert geen punt). Pas eventueel de tijd aan met de – of + toets. BEDIENINGNL 17 Warmhoudfunctie Deze functie houdt het gerecht op een vaste lage warmhoud temperatuur. Als de warmhoudfunctie is geactiveerd, verschijnt er een ‘u’ symbool op het bijbehorende display. Warmhoudfunctie inschakelen
1. Zet een pan op de kookzone.
2. Druk op de Aan/Uittoets.
3. Druk op een kookzone toets.
4. Druk op de + toets en stel de kookzone op stand 1.
5. Druk op de - toets om de warmhoudfunctie te selecteren.
▷ Symbool ‘u’ verschijnt in de display. Warmhoudfunctie uitschakelen
1. Zet de vermogensstand op nul (0) om de kookzone uit te schakelen.
2. Schakel de inductiekookplaat uit door de Aan/Uit-toets aan te raken.
BEDIENINGNL 18 Reiniging Activeer het kinderslot voordat u de kookplaat gaat reinigen. Wij raden u aan het apparaat na elk gebruik te reinigen. Zo voorkomt u dat overgekookt eten de glasplaat kan beschadigen. Dagelijkse reiniging
1. Gebruik een vochtige doek en een mild reinigingsmiddel (afwasmiddel) om het apparaat te
2. Droog het apparaat af met een stukje keukenrol of een doek.
1. Verwijder eventuele etensresten, verbrand vet, suiker of hardnekkige vlekken direct van de
keramische kookplaat met een schraper, zelfs als de kookplaat nog heet is! Suiker en/of andere etensresten kunnen het keramisch oppervlak permanent beschadigen. ▷ Houd de schraper onder de juiste hoek vast (45° tot 60° ten opzichte van het glasoppervlak). Druk de schraper voorzichtig tegen het glas en schuif de schraper over het oppervlak om het vuil te verwijderen. Zorg ervoor dat de kunststof handgreep van de schraper (waarvan sommige modellen zijn voorzien) niet in contact komt met een hete kookzone. ▷ Druk de schraper niet loodrecht op het glas. ▷ Schraap niet met de punt van de schraper over het oppervlak van de kookplaat. Dit kan permanente krassen in het glas veroorzaken.
2. Nadat u hardnekkige vlekken van het glas hebt verwijderd, volgt u de stappen voor
dagelijkse reiniging om de kookplaat schoon te maken.
3. Als u niet tevreden bent over het resultaat, kunt u de bovenstaande reinigingsstappen zo
vaak als gewenst herhalen. Gebruik geen bijtende reinigingsmiddelen; deze kunnen krassen veroorzaken. Gebruik geen staalwol, schuursponsjes of andere scherpe voorwerpen om het apparaat te reinigen. De kookplaat kan nog zeer heet zijn na het koken! Raak het hete oppervlak niet rechtstreeks aan. Gebruik zo nodig ovenwanten om brandwonden te voorkomen als u direct na het koken gaat schoonmaken. ONDERHOUDNL 19 Algemeen Wanneer u een barst in het glas ziet (hoe klein ook), schakelt u de kookplaat onmiddellijk uit, haalt u de stekker uit het stopcontact en zet u de (automatische) zekering(en) in de meterkast uit. Bij een permanente aansluiting zet u de stroomtoevoer op nul. Neem contact op met de serviceafdeling. Storingstabel Als het apparaat niet naar behoren werkt, betekent dit niet altijd dat het defect is. Probeer het probleem eerst zelf op te lossen door de onderstaande punten na te lopen. U kunt voor meer informatie ook terecht op de website ‘www.etna.nl/www.etna.be’. Symptoom Mogelijke oorzaak Oplossing De ventilatie blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld. Afkoeling van de kookplaat. Normale werking. De kookplaat geeft bij de eerste kookbeurten een lichte geur af. Opwarmen nieuw toestel. Dit is normaal en verdwijnt na enkele keren koken. Ventileer de keuken. U hoort een licht tikkend geluid op uw kookplaat. Ook bij lage kookstanden kan een zacht tikkend geluid optreden. Normale werking. De kookpannen maken lawaai tijdens het koken. Dit wordt veroorzaakt door de doorstroming van de energie van de kookplaat naar de kookpan. Bij een hoge kookstand is dit normaal bij bepaalde pannen. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat. Nadat u een kookzone heeft ingeschakeld blijft de display knipperen. Er verschijnt een pan detectie symbool ( U ) in de display. De gebruikte kookpan is niet geschikt voor koken op inductie of heeft een te kleine diameter. Gebruik een goede pan. Storingscode Het bedieningspaneel is vuil of er ligt water op. Reinig het bedieningspaneel. U hebt op twee of meer toetsen tegelijk gedrukt. Druk op niet meer dan één toets tegelijkertijd. Een kookzone stopt plotseling met de werking en er klinkt eensignaal. De ingestelde timertijd isvoorbij. Schakel het signaal uit door op een willekeurige toets tedrukken. PROBLEMEN OPLOSSENNL 20 Symptoom Mogelijke oorzaak Oplossing De kookplaat werkt niet en er verschijnt niets in de display. Geen stroomtoevoer door defecte voeding of foutieve aansluiting. Controleer de zekering of de elektrische schakelaar (bij een toestel zonder stekker). Bij het inschakelen van de kookplaat slaat de zekering van de installatie door. Verkeerde aansluiting van dekookplaat. Controleer de elektrische aansluiting. Foutcode ER03. Het bedieningspaneel is vervuild of er ligt water op. Bedieningspaneel schoonmaken. U hebt een toets te lang bediend. Bedien de toetsen niet telang. Foutcode E3. Verkeerde pan gebruikt. Gebruik een geschikte pan voor inductiekoken. Foutcode E2. Toestel oververhit. Het toestel laten afkoelen en opnieuw beginnen metkoken. Foutcode E5 / E6. Spanning te hoog en/of niet goed aangesloten. Laat uw aansluiting wijzigen. Overige foutcodes. Generator defect. Neem contact op met de servicedienst. PROBLEMEN OPLOSSENNL 21 INSTALLATIE Lees eerst de afzonderlijke veiligheidsinstructies voordat u het apparaat gaat installeren!
KIV360WIT KIV254RVS / KIV354RVS
Model KIV360WIT en KIV354RVS zijn als een 2 fase kookgroep op de netvoeding aangesloten. Ondanks dat dit de meest toegepaste aansluiting is, kan de plaatselijke aansluitsituatie alsnog afwijken. Raadpleeg daarom altijd het separate installatievoorschrift! Mocht het toestel niet werken laat dan een erkend installateur de perilex wandcontactdoos aanpassen.Kookgroep aansluiting!2-2N 230V 50Hz 2x 16A
- Plaats de kookplaat op een vlakke, stabiele, horizontale ondergrond.• Houd minstens 2,5 cm vrije ruimte rondom the kookplaat.• Na plaatsing moet de wandcontactdoos altijd bereikbaar zijn.• De muren en het werkblad rond het toestel moeten hittebestendig zijn tot een temperatuur van minimaal 85 ˚C. Ook al wordt het toestel zelf niet heet, de warmte van een hete pan kan de muur verkleuren of vervormen.• De aansluitkabel mag niet in aanraking komen met onderdelen die heet kunnen worden.
- Plaats geen (licht) ontvlambare of vervormbare voorwerpen onder, of in de directe nabijheid van de kookplaat.• Het toestel moet op een geaard stopcontact worden aangesloten.NL 22 Deze toestellen voldoen aan alle relevante CE richtlijnen. Kookplaattype KIV360WIT KIV354RVS KIV254RVS Inductie x x x Aansluiting 230V 50/60Hz 230V 50/60Hz 230V 50/60Hz Aantal fasen 2 2 1 Aansluitstekker Perilex Perilex Schuko Max. vermogen kookzones en diameter in cm Linksvoor 1,85 kW (Ø 16 cm) 1,85 kW (Ø 16 cm) 1,85 kW (Ø 16 cm) Linksachter 3,0 kW (Ø 20 cm) 3,0 kW (Ø 20 cm) 2,1 kW (Ø 18 cm) Rechtsachter 1,85 kW (Ø 16 cm) 1,85 kW (Ø 16 cm) 1,85 kW (Ø 16 cm) Rechtsvoor 2,1 kW (Ø 18 cm) 2,1 kW (Ø 18 cm) 2,1 kW (Ø 18 cm) Aansluitwaarde Totale aansluitwaarde 7360 W 7360 W 3680 W Maten Toestel breedte x diepte 60 x 56 cm 54 x 56 cm 54 x 56 cm Informatie volgens verordening (EU) 66/2014 Metingen volgens EN60350-2 Modelaanduiding KIV360WIT KIV354RVS Type kookplaat Inductiekookplaat Aantal elektrische kookzones en/of kookgebieden 4 Verwarmingstechnologie Inductiekookzones Voor ronde elektrische kookzones: de diameter van het bruikbare oppervlak per elektrisch verwarmde kookzone in cm 20,0 2x 16,0 18,0 Energieverbruik per kookzone of kookgebied berekend per kg (EC elektrische kookplaat ) in Wh/kg 185,2 184 167,8 Energieverbruik voor de kookplaat berekend per kg (EC elektrische kookplaat ) in Wh/kg 180,25 TECHNISCHE SPECIFICATIESNL 23 Modelaanduiding KIV254RVS Type kookplaat Inductiekookplaat Aantal elektrische kookzones en/of kookgebieden 4 Verwarmingstechnologie Inductiekookzones Voor ronde elektrische kookzones: de diameter van het bruikbare oppervlak per elektrisch verwarmde kookzone in cm 2x 16,0 2x 18,0 Energieverbruik per kookzone of kookgebied berekend per kg (EC elektrische kookplaat ) in Wh/kg 184 167,8 Energieverbruik voor de kookplaat berekend per kg (EC elektrische kookplaat ) in Wh/kg 175,9 Tips om energiezuinig te koken
- Gebruik altijd het juiste formaat pan voor de hoeveelheid voedsel.
- Kook met zo weinig mogelijk water.
- Kook op maat, gebruik de juiste pan voor de kookzone.
- Kook altijd met deksel op de pan; dat zorgt ervoor dat de warmte in de pan blijft.
- Als iets eenmaal kookt, kan de kookzone lager gezet of soms zelfs helemaal uit.
- Gebruik een stoompan om groenten te koken. Op die manier kunnen verschillende lagen groenten op 1 kookzone gekookt worden.
- Met een snelkookpan is voedsel veel sneller klaar.
- Gebruik bij een elektrische kookplaat een pan met een vlakke bodem. TECHNISCHE SPECIFICATIESNL 24 MILIEUASPECTEN Verpakking en apparaat afdanken Bij de productie van dit apparaat is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit apparaat moet aan het einde van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgedankt. De overheid kan u hierover informatie verstrekken. De verpakking van het apparaat is recyclebaar. Mogelijk zijn de volgende materialen gebruikt:
- CFK-vrij polystyreen (PS-hardschuim). Deze materialen moeten op verantwoorde wijze en conform de overheidsvoorschriften worden afgedankt. Om te wijzen op de noodzaak van gescheiden inzameling van elektrische huishoudelijke apparatuur, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet met het gewone huisvuil mag worden meegegeven. Het apparaat moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze dienst aanbiedt. Het apart inleveren van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid, en zorgt ervoor dat de materialen in deze apparaten kunnen worden teruggewonnen, waardoor in aanzienlijke mate kan worden bespaard op energie en grondstoffen. Verklaring van conformiteit Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de toepasselijke Europese richtlijnen, normen en voorschriften, evenals aan alle vereisten in de normen waarnaar wordt verwezen.EN 3 CONTENTS Your hob Introduction 4 Induction hob 5 Safety Temperature safety 6 Cooking-time limiter 6 Use Induction noises 7 Pans 7 Indications in the display 9 Cooking settings 9 Operation Start cooking 11 Finish cooking 13 Child proof lock 14 Cooking-timer/minute minder 14 Keep warm function 17 Maintenance Cleaning 18 Troubleshooting General 19 Troubleshooting table 19 Installation
Notice-Facile