SJFTB01ITXWDEU - Vriezer SHARP - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis SJFTB01ITXWDEU SHARP in PDF-formaat.

📄 160 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice SHARP SJFTB01ITXWDEU - page 71
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SHARP

Model : SJFTB01ITXWDEU

Categorie : Vriezer

Download de handleiding voor uw Vriezer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SJFTB01ITXWDEU - SHARP en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SJFTB01ITXWDEU van het merk SHARP.

GEBRUIKSAANWIJZING SJFTB01ITXWDEU SHARP

1.1 Algemene veiligheidswaarschuwingen

Lees deze gebruikershandleiding nauwkeurig door. WAARSCHUWING! Houd de ventilatieopeningen in de apparaatbehuizing of de ingebouwde structuur vrij. WAARSCHUWING: Gebruik geen mechanische apparaten of anderen middelen dan die door de fabrikant worden aanbevolen om het ontdooiingproces te versnellen. WAARSCHUWING: Gebruik geen elektrische apparaten in de voedselcompartimenten van het apparaat, tenzij deze van het soort zijn dat wordt aanbevolen door de fabrikant. WAARSCHUWING: Beschadig het circuit van de koelkast niet. WAARSCHUWING: Zorg er bij het plaatsen van het apparaat voor dat de stroomkabel niet verstrikt of beschadigd raakt. WAARSCHUWING: Plaats geen meervoudige stekkerdozen of draagbare stopcontacten aan de achterkant van het apparaat. WAARSCHUWING: Om gevaar door instabiliteit van het apparaat te voorkomen moet het in overeenstemming met de instructies worden vastgezet.NL -70 Als uw apparaat gebruikmaakt van de koelvloeistof R600a (u ziet dit in de informatie op het etiket op de koelkast), moet u tijdens vervoer en installatie heel voorzichtig zijn om te voorkomen dat de koelelementen beschadigen. R600a is wel een milieuvriendelijk en natuurlijk gas, maar het is explosief. Daarom moet u de ruimte waar het apparaat wordt geplaatst een paar minuten ventileren en open vuur weghouden, voor het geval dat door beschadiging van de koelelementen gas lekt.

  • Tijdens het dragen en plaatsen van de koelkast moet het koelgascircuit niet beschadigd worden.
  • Bewaar geen explosieve substanties zoals spuitbussen met ontvlambaar drijfgas in dit apparaat.
  • Dit apparaat is bestemd voor huishoudelijk gebruik of soortgelijke toepassingen zoals: – personeelskeukens in winkels, kantoren en andere bedrijfsomgevingen; – boerderijen en gasten in hotels, motels of andere verblijfsomgevingen; – omgevingen voor overnachting met ontbijt; – catering en soortgelijke niet-commerciële toepassingen.
  • Als het stopcontact niet aansluit op de koelkaststekker moet deze om gevaar te voorkomen vervangen worden door de fabrikant, zijn serviceagent of soortgelijk gekwaliceerd persoon.NL -71
  • De stroomkabel van uw koelkast is uitgerust met een speciaal geaarde stekker. Deze stekker dient met een speciaal geaard stopcontact worden gebruikt met een waarde van minimaal 16 ampères. Als u niet over een dergelijk stopcontact in uw huis beschikt, dient u dit door een gekwaliceerde elektricien te laten aanleggen.
  • Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en personen met gereduceerde fysieke, zintuiglijke of mentale capaciteiten, of een gebrek aan ervaring en kennis, mits ze onder toezicht staan of instructies kregen betre󰀨ende het veilige gebruik van het apparaat en de gevaren ervan inzien. Laat kinderen niet met het apparaat spelen. Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en gebruike rsonderhoudswerkzaamheden uitvoeren.
  • Kinderen tussen de 3 en 8 jaar oud mogen koelapparaten in- en uitruimen. Kinderen zijn niet toegestaan reinigings- of onderhoudswerkzaamheden voor gebruikers op het apparaat uit te voeren. Zeer jonge kinderen (tussen de 0 en 3 jaar oud) mogen het apparaat niet gebruiken. Jonge kinderen (tussen de 3 en 8 jaar oud) mogen het apparaat niet gebruiken, mits ze onder voortdurend toezicht staan. Oudere kinderen (tussen de 8 en 14 jaar oud) en kwetsbare personen mogen het apparaat op veilige wijze gebruiken als ze onder geschikt toezicht staan of instructies hebben gekregen over de gebruik van het apparaat.NL -72 Zeer kwetsbare personen mogen het apparaat niet gebruiken mits ze onder voortdurend toezicht staan.
  • Als het stroomsnoer beschadigd is, moet deze om gevaar te voorkomen vervangen worden door de fabrikant, zijn serviceagent of soortgelijk gekwaliceerd persoon.
  • Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik op hoogtes van boven de 2.000 m. Om aantasting van voedsel te voorkomen, dient u de volgende instructies in acht te nemen:
  • Het langere perioden openen van de deur kan een aanzienlijke temperatuurstijging veroorzaken in de schappen van het apparaat.
  • Reinig oppervlakken die in contact komen met voedsel en toegankelijke afvoersystemen regelmatig
  • Bewaar rauw vlees en vis in geschikte schalen in de koelkast, zodat deze niet in contact komen met ander voedsel of hierop kunnen lekken.
  • Vriesvakken met twee sterren zijn geschikt voor het bewaren van diepvriesproducten, en het bewaren of maken van ijs of ijsblokjes.
  • Vriesvakken met een, twee of drie sterren zijn niet geschikt voor het invriezen van vers voedsel.
  • Als het koelapparaat lange perioden leegstaat, schakel het dan uit, laat het ontdooien, maak het schoon en droog, en laat de deur open om te voorkomen dat er binnenin het apparaat schimmelvorming optreedt.NL -73

1.2 Installatiewaarschuwingen

Houd voordat u uw koelvriescombinatie voor het eerst in gebruik neemt rekening met de volgende punten:

  • De bedrijfsspanning voor uw koelvriescombinatie is 220-240 V bij 50Hz.
  • De stekker moet na installatie toegankelijk zijn.
  • Uw koelvriescombinatie kan bij het eerste gebruik een geur afgeven. Dit is normaal en de geur zal verdwijnen als uw koelvriescombinatie gaat koelen.
  • Zorg er vóór het aansluiten van uw koelvriescombinatie voor dat de informatie op het typeplaatje (voltage en aansluitvermogen) overeenkomt met de netstroom. Raadpleeg bij twijfel een erkende elektricien.
  • Plug de stekker in een stopcontact met een e󰀩ciënte aarding. Indien het stopcontact geen aarding heeft of wanneer de stekker niet overeenkomt, bevelen we aan dat u een erkende elektricien om hulp vraagt.
  • Het apparaat moet worden aangesloten op een correct geïnstalleerd gezekerd stopcontact. De stroomtoevoer (AC) en voltage op het werkpunt moet overeenkomen met de details op het typeplaatje van het apparaat (het typeplaatje bevindt zich binnenin het apparaat).
  • Wij zijn niet aansprakelijk voor schade die voortkomt uit onjuist gebruik.
  • Plaats uw koelvriescombinatie dusdanig dat deze niet aan direct zonlicht wordt blootgesteld.
  • Gebruik uw koelvriescombinatie nooit buiten en stel hem niet bloot aan regen.
  • Uw apparaat dient minimaal 50 cm van hittebronnen zoals een fornuis, gasoven en radiator te worden geplaatst en minimaal 5 cm van elektrische ovens.
  • Als uw koelvriescombinatie naast een andere vriezer wordt geplaatst, moet er minstens 2 cm ruimte tussen hen in zijn om vochtaanwas op de buitenkant te voorkomen.
  • Bedek de body of bovenkant van de koelvriescombinatie niet met kant. Dit beïnvloedt de prestatie van uw koelvriescombinatie.
  • Aan de bovenkant van uw apparaat is een ruimte van ten minste 150 mm vereist. Niets op uw apparaat plaatsen.
  • Geen zware voorwerpen op het apparaat plaatsen.
  • Reinig het apparaat grondig voor het eerste gebruik (zie Reiniging en onderhoud).
  • Veeg voor gebruik van uw koelvriescombinatie alle onderdelen schoon met een oplossing van warm water met een theelepel natriumbicarbonaat. Spoel daarna af met water en droog. Plaats na reiniging alle onderdelen terug op de koelvriescombinatie.
  • Gebruik de regelbare voorpootjes om uw apparaat waterpas en stabiel te zetten. U kunt de pootjes aanpassen door ze in beide richtingen te draaien. Dit moet worden gedaan voordat er etenswaar in het apparaat wordt geplaatst.
  • Installeer de twee kunststof afstandshouders (het onderdelen met de zwarte vinnen -condensator- op de achterkant) door deze 90° te draaien (zoals aangegeven in de afbeelding) om te voorkomen dat de condensator de wand raakt.
  • De afstand tussen het apparaat en de achterwand moet maximaal 75 mm zijn.
  • Gebruik geen verlengsnoer om uw koelvriescombinatie aan te sluiten op de netstroom.
  • Gebruik geen beschadigde, gescheurde of oude stekkers.
  • Het snoer niet buigen, uitrekken of beschadigen.NL -74
  • Gebruik geen stekkeradapter.
  • Dit apparaat is ontworpen voor gebruik door volwassenen. Laat kinderen niet spelen met het apparaat of aan de deur hangen.
  • Stroomsnoer/stekker nooit aanraken met natte handen. Dit kan kortsluiting of een elektrische schok veroorzaken.
  • Plaats geen glazen essen of blikjes in het gedeelte om ijs te maken, want deze kunnen barsten als de inhoud bevriest.
  • Zet geen explosieve of ontvlambare materialen in de koelkast. Plaats dranken met een hoog alcoholpercentage verticaal in het koelgedeelte en zorg daarbij dat de doppen goed gesloten zijn.
  • Raak bij het uitnemen van ijs uit het gedeelte om ijs te maken, het ijs niet aan. Dit kan vriesbrandwonden en/of sneden veroorzaken.
  • Raak bevroren etenswaar niet met natte handen aan. Eet geen ijs(blokjes) direct nadat u dit uit het gedeelte om ijs te maken heeft verwijderd.
  • Vries ontdooide diepvriesproducten niet opnieuw in. Dit kan gezondheidsproblemen zoals voedselvergiftiging veroorzaken. Oude en kapotte koelkasten
  • Als uw oude koelkast of vriezer van een slot is voorzien, dient u dit te breken of te verwijderen voordat u zich van het apparaat ontdoet, omdat kinderen erin opgesloten kunnen raken en zo een ongeluk kunnen veroorzaken.
  • Oude koelkasten en diepvriezers bevatten isolatiemateriaal en koelmiddel met CFC. Zorg er daarom voor dat u het milieu niet belast als u uw oude koelkast of diepvriezer weggooit. CE-conformiteitsverklaring We verklaren dat onze producten de van toepassing zijnde Europese richtlijnen, bepalingen en voorschriften, en de vereisten die zijn opgesomd in de aangegeven standaarden naleven. Weggooien van uw oude apparaat Het symbool op het product of op de verpakking geeft aan dat dit product niet mag worden behandeld als huishoudafval. In plaats daarvan moet het worden ingeleverd bij een inzamelpunt voor recycling van elektrische en elektronische apparatuur. Door ervoor te zorgen dat dit product correct wordt weggegooid, helpt u potentiële negatieve consequenties aan het milieu en de gezondheid van de mens te voorkomen die anders veroorzaakt zouden kunnen worden als dit product op onjuiste manier wordt verwijderd. Neem voor meer details over recycling van dit product contact op met uw plaatselijke gemeente, de afvalverwijderingsdienst of de winkel waar u het product heeft gekocht. Verpakking en het milieu Het verpakkingsmateriaal beschermt uw machine tegen beschadiging die tijdens het transport kan optreden. Het verpakkingsmateriaal is milieuvriendelijk en recyclebaar. Het gebruik van gerecycled materiaal vermindert het verbruik van grondsto󰀨en en daarmee de afvalproductie. Opmerkingen:
  • Lees de instructiehandleiding zorgvuldig door voordat u uw apparaat installeert en gebruikt. We zijn niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door verkeerd gebruik.
  • Volg alle instructies op uw apparaat en in de instructiehandleiding op en hou deze handleiding op een veilige plaats voor het geval u in de toekomst problemen moet oplossen.
  • Dit apparaat is vervaardigd voor huishoudelijk gebruik en kan uitsluitend worden gebruik in huishoudelijke omgeving en voor de gespeciceerde doeleinden. Het is niet geschikt voor commercieel of gemeenschappelijk gebruik. Dergelijk gebruik laat de garantie van het apparaat vervallen en ons bedrijf is niet aansprakelijk voor de geleden verliezen.NL -75
  • Dit apparaat werd vervaardigd voor huishoudelijk gebruik en is uitsluitend geschikt voor het koelen / bewaren van etenswaren. Het is niet geschikt voor commercieel of gemeenschappelijk gebruik en/of het bewaren van andere substanties dan etenswaren. Ons bedrijf is niet aansprakelijk voor verliezen die worden geleden door onjuist gebruik van het apparaat.

2 BESCHRIJVING VAN HET

APPARAAT Dit apparaat is niet bedoeld te worden gebruikt als inbouwapparaat.

Deze presentatie is alleen bedoeld als informatie over de onderdelen van het apparaat. Onderdelen kunnen afhankelijk van het toestelmodel variëren. A) Diepvriesgedeelte B) Koelkastgedeelte

2) Kunststof ijsschraper *

6) Deksel van groentelade

  • In bepaalde modellen Algemene opmerkingen: Vak voor vers voedsel (koelkast): Het meest e󰀩ciënte energiegebruik wordt gegarandeerd als de laden onderin het apparaat zijn geplaatst en de schappen gelijkmatig verdeeld zijn. De stand van de deurschappen is niet van invloed op het energieverbruik. Diepvriesgedeelte (diepvriezer): Het meest e󰀩ciënte energiegebruik wordt gegarandeerd als de laden en bakken zich op de bewaarpositie bevinden.NL -76

Benodigde ruimte tijdens gebruik

de hoogte, breedte en diepte van het apparaat inclusief de handgreep en bovendien de ruimte die nodig is voor vrije circulatie van de koellucht. Totale ruimte tijdens gebruik

de hoogte, breedte en diepte van het apparaat, inclusief de handgreep, en bovendien de ruimte die nodig is voor vrije circulatie van de koellucht, en daarbij de ruimte die nodig is om de deur op de minimale hoek te openen om alle binnenapparatuur te kunnen verwijderen. Algemene afmetingen

de hoogte, breedte en diepte van het apparaat zonder de handgreep en pootjes.

technologie Door de mantel rondom de verdamper biedt de Less Frost-technologie een e󰀩ciëntere koeling, moet minder manueel worden ontdooit en hebt u meer opslagruimte.

3.2 Thermostaatinstelling

De thermostaat van de koelkast en diepvriezer regelt automatisch de temperatuur in de koel- en vriesvakken. Koelkasttemperaturen kunnen worden verkregen door de knop naar hogere cijfers te draaien; 1 tot 3, 1 tot 5 of SV (maximale cijfers om de thermostaat is afhankelijk van uw product.) Belangrijke opmerking: Probeer de knop niet voorbij stand 1 te draaien. Dit stopt de werking van uw apparaat. Superschakelaar (in bepaalde modellen) Thermostaatknop Lampafdekking (afbeeldingen zijn representatief) Thermostaatinstellingen: 1 – 2 : Voor het kort bewaren van voedsel 3 – 4 : Voor het lang bewaren van voedsel 5 : Maximale koelstand. Het apparaat zal langer werken. Wijzig indien nodig de temperatuurinstelling. Als het apparaat voorzien in van een SV- stand:

  • Draai de knop naar SV om vers voedsel snel in te vriezen. In deze stand werkt het vriesvak bij lagere temperaturen. Draai nadat uw voedsel is ingevroren de thermostaatknop terug naar zijn stand voor normaal gebruik. Als u de SV- stand niet wijzigt, schakelt uw apparaat automatisch terug naar zijn laatst gebruikte thermostaatstand volgens de tijd die in de opmerking wordt aangeduid. Zet de thermostaatschakelaar terug naar de SV-stand en schakel hem naar normaal gebruik volgens de tijd die in de opmerking wordt aangeduid. Als de thermostaatschakelaar in de SV- stand staat bij de eerste inschakeling van uw apparaat, zal uw apparaat automatisch terugkeren naar de werking in thermostaatstand 3 volgens de tijd die in de opmerking wordt aangeduid. Snelvriezen: Deze schakelaar moet worden gebruikt als schakelaar voor snelvriezen. Voor maximale diepvriescapaciteit dient u deze schakelaar 24 uur voordat u het verse voedsel plaatst in te schakelen. Na het plaatsen van vers voedsel in de vriezer, is het doorgaans voldoende om deze 24 uur AAN te zetten. Zet deze schakelaar 24 uur na het plaatsen van vers voedsel uit om stroom te besparen. Winterschakelaar: Als de omgevingstemperatuur lager is dan 16

moet deze schakelaar worden gebruikt als winterschakelaar. Hij behoudt uw koelkast boven de 0

C bij een lage omgevingstemperatuur.

  • Uw apparaat is ontworpen om te werken binnen bereiken van omgevingstemperatuur zoals gespeciceerd in de normen, volgens de klimaatklasse die op het typeplaatje staat vermeld. Het wordt niet aanbevolen uw koelkast te gebruiken in omgevingen die buiten de aangegeven temperatuurbereiken vallen. Dit zal de koele󰀩ciëntie van het apparaat verminderen.
  • Temperatuuraanpassingen moeten worden uitgevoerd in overeenstemming met het aantal malen dat de deur wordt geopend, de hoeveelheid voedsel dat in het apparaat wordt bewaard en de omgevingstemperatuur van waar het apparaat zich bevindt.
  • Als het apparaat voor het eerst wordtNL -78 ingeschakeld, moet het 24 uur draaien om de werkingstemperatuur te bereiken. Open de deur tijdens deze periode niet en bewaar er geen grote hoeveelheden voedsel in.
  • Er wordt gebruik gemaakt van een vertragingsfunctie van 5 minuten om te voorkomen dat de compressor van uw apparaat beschadigt als u de stekker van het apparaat in het stopcontact steekt of eruit trekt, of als er zich een stroomstoring voordoet. Uw koelkast zal na 5 minuten normaal gaan werken. Klimaatklasse en betekenis: T (tropisch): Dit koelapparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 16°C tot 43°C. ST (subtropisch): Dit koelapparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 16°C tot 38°C. N (matig): Dit koelapparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 16°C tot 32°C. SN (uitgebreid matig): Dit koelapparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 10°C tot 32°C.

3.4 Temperatuuraanduiding

Om u te helpen uw koelkast beter in te stellen hebben we deze uitgerust met een temperatuuraanduiding die zich bevindt in het koudste deel. Zorg er voor een betere bewaring van het voedsel in uw koelkast, in het bijzonder in het koudste deel, voor dat het bericht ‘OK’ op de temperatuuraanduiding verschijnt. Als « OK » niet verschijnt, betekent dit dat de temperatuur niet goed in ingesteld. Als u de aanduiding niet goed kunt zien, zorg er dan voor dat deze goed verlicht is. Wacht na iedere wijziging van de temperatuurinstelling op de stabilisatie van de temperatuur in het apparaat voordat u, indien nodig, verdergaat met een nieuwe temperatuurinstelling. Wijzig de stand van de temperatuurinstelling in toenemende mate en wacht minstens 12 uur voordat u opnieuw controleert en een potentiële wijziging aanbrengt. OPMERKING: Nadat de deur herhaaldelijk (of voor langere tijd) is geopend of nadat er vers voedsel in het apparaat is geplaatst, is het normaal dat de aanduiding ‘OK’ niet in de temperatuuraanduiding verschijnt. Als er zich een buitengewone vorming van ijskristallen voordoet in het koelkastgedeelte (bodem van het apparaat), verdamper (te vol geladen apparaat, hoge kamertemperatuur, regelmatig openen van de deur), zet u de temperatuurinstelling op een lagere stand totdat de afkoelingsperiodes van de compressor weer worden verkregen. Bewaar het voedsel in het koudste deel van de koelkast. Uw voedsel wordt beter bewaard als u het in het meest geschikte koelgedeelte legt. Het koudste deel bevindt zich net boven de groentelade. Het volgende symbool geeft het koudste deel van uw koelkast aan. Om er zeker van te zijn dat u een lage temperatuur in dit gedeelte heeft, zorgt u ervoor dat het schap is geplaatst op het niveau van dit symbool, zoals getoond in de afbeelding. De bovenste limiet van het koudste gedeelte wordt aangeduid door de onderkant van de sticker (punt van de pijl). Het bovenste schap voor het koudste gedeelte moet zich op hetzelfde niveau bevinden als de pijlpunt. Het koudste gedeelte bevindt zich onder dit niveau. Deze schappen zijn verplaatsbaar, dus zorg ervoor dat ze zich altijd op hetzelfde niveau bevinden met deze zonelimieten zoals beschreven op de stickers om de temperatuur in dit gedeelte te garanderen. OKNL -79

Visuele en tekstuele omschrijvingen op het gedeelte van de accessoires kunnen afhankelijk van het model van uw apparaat variëren.

3.5.1 IJsblokjesvorm (in bepaalde

  • Vul de ijsblokjesvorm met water en plaats in het diepvriesgedeelte.
  • Nadat het water volledig bevroren is, kunt u de ijsblokjesvorm buigen zoals hieronder om de ijsblokjes te verwijderen.

3.5.2 De kunststof krabber (in bepaalde

modellen) Na verloop van tijd kan er in bepaalde delen van de diepvriezer rijp ontstaan. De opgehoopte rijp in de diepvriezer dient regelmatig te worden verwijderd. Gebruik indien nodig de bijgeleverde kunststof krabber. Gebruik hiervoor geen scherpe metalen voorwerpen. Deze kunnen het koelcircuit doorboren en onherstelbare schade aan de eenheid veroorzaken.

3.5.3 De essenhouder (in bepaalde

modellen) Gebruik de essenhouder om te voorkomen dat essen wegglijden of omvallen.

3.5.4 Verstelbaar deurschap (in bepaalde

modellen) Met het verstelbare deurschap kunt u met zes verschillende hoogte-instellingen uw gewenste opbergschappen creëren. De positie van het verstelbare deurschap wijzigen; houd de onderkant van het schap vast en trek aan de knoppen aan de zijkant van het deurschap in de richting van de pijl. (afb.1) Plaats het deurschap op de gewenste hoogte door het op en neer te bewegen. Nadat u de gewenste positie voor het deurschap heeft verkregen, laat u de knoppen aan de zijkant van het deurschap los (afb. 2). Voordat u het deurschap loslaat, beweegt u het op en neer om er zeker van te zijn dat het deurschap bevestigd is. Opmerking: Voordat het deurschap wordt geladen, moet u het schap aan de onderkant ondersteunen. Anders zou het deurschap door het gewicht uit de rail kunnen vallen. Zo kan er schade aan het deurschap of de rail ontstaan. Afb. 1 Afb. 2NL -80

  • Om de vochtigheid te verminderen en de rijpvorming die daarmee gepaard gaat te voorkomen, moeten vloeisto󰀨en altijd in de koelkast worden bewaard in afgesloten bakjes. IJsvorming concentreert zich doorgaans in de koudste delen van de verdampende vloeistof en uw apparaat zal met de tijd vaker moeten worden ontdooit.
  • Bereide gerechten moeten afgedekt blijven als ze in de koelkast worden bewaard. Plaats geen warm voedsel in de koelkast. Plaats het als het is afgekoeld, anders zal de temperatuur/vochtigheid in de koelkast toenemen de de e󰀩ciëntie van de koelkast verminderen.
  • Zorg dat er geen items in direct contact staan met de achterwand van het apparaat. Want dit zorgt voor ijsvorming en de verpakking zal zich hieraan hechten. Open de deuren niet vaak.
  • We raden aan vlees en schoongemaakte vis los ingewikkeld te bewaren op het glazen schap net boven de groentelade. Hier is de lucht koeler en dit biedt de beste bewaarcondities.
  • Bewaar los fruit en groenten los in de groentenladen.
  • Het afzonderlijk bewaren van fruit en groenten voorkomt dat ethyleengevoelige groenten (groene bladgroente, broccoli, wortel, enz.) worden aangetast door fruit dat ethyleen afgeeft (banaan, perzik, abrikoos, vijg, enz.)
  • Plaats geen natte groenten in de koelkast.
  • De bewaartijd van alle etenswaar is afhankelijk van de kwaliteit die de etenswaar had toen u het plaatste en de ononderbroken koelcyclus die vooraf ging aan de bewaring in de koelkast.
  • Het vocht dat uit vlees lekt kan andere producten in de koelkast besmetten. U moet vleesproducten verpakken en gelekte vloeisto󰀨en op de schappen schoonmaken.
  • Plaats geen etenswaren voor de luchtdoorgang.
  • Consumeer verpakte etenswaar voor de aanbevolen vervaldatum. Laat voedsel niet in contact komen met de temperatuursensor, die zich bevindt in het koelvak, om het koelvak van de optimale temperatuur te voorzien.
  • Voor normale werkomstandigheden is het voldoende de temperatuur van uw koelkast in te stellen op +4°C.
  • De temperatuur van het koelvak moet zich bevinden tussen de 0 en 8°C, vers voedsel onder de 0°C bevriest en rottende bacteriën vermenigvuldigen zich boven de 8°C en bederven het voedsel.
  • Zet heet voedsel niet direct in de koelkast, maar wacht tot het afkoelt. Heet voedsel verhoogt de temperatuur van uw koelkast en kan voedselvergiftiging veroorzaken en uw voedsel onnodig laten bederven.
  • Vlees, vis e.d. dient te worden bewaard in het koelervak van voedsel en het groentevak heeft de voorkeur voor groenten (indien aanwezig).
  • Om kruisbesmetting te voorkomen, moeten vleesproducten en fruit/groenten niet samen bewaard worden.
  • Voedsel dient in gesloten containers of afgedekt in de koelkast te worden geplaatst om vorming van vocht en geuren te voorkomen. De onderstaande tabel is een snelle gids die de meest e󰀩ciënte manier aangeeft hoe het merendeel van de voedselgroepen in uw koelvak te bewaren. Etenswaar Maximale bewaarperiode Hoe en waar te bewaren Groenten en fruit 1 week Groentevak Vlees en vis

Wikkel in plastic folie, zakjes of in een vleesschaal en bewaar op het glazen schapNL -81 Etenswaar Maximale bewaarperiode Hoe en waar te bewaren Verse kaas 3 - 4 dagen In het bestemde deurschap Boter en margarine 1 week In het bestemde deurschap Product in es/pak, zoals melk en yoghurt Tot de vervaldatum die door de producent wordt aanbevolen In het bestemde deurschap Eieren 1 maand In het bestemde eierrek Bereid voedsel 2 dagen Alle schappen OPMERKING: Geen aardappelen, uien of knoook in de koelkast bewaren.

4.2 Diepvriesgedeelte

  • De vriezer wordt gebruikt voor het bewaren van bevroren voedsel, invriezen van vers voedsel en het maken van ijsblokjes.
  • Vloeibaar voedsel moet worden ingevroren in plastic bakjes en ander voedsel moet worden ingevroren in plastic folie of zakken. Voor het invriezen van vers voedsel; wikkel vers voedsel goed afgedicht in, zodat de verpakking luchtdicht is en niet lekt. Speciale vrieszakken, aluminium folie, plastic zakjes en kunststo󰀨en bakken zijn hier ideaal voor.
  • Plaats verse levensmiddelen niet tegen reeds ingevroren levensmiddelen, want zo kunnen reeds ingevroren levensmiddelen ontdooien.
  • Verdeel het verse voedsel voor het in te vriezen in porties die in een keer geconsumeerd kunnen worden.
  • Consumeer ontdooid voedsel binnen korte tijd na ontdooien.
  • Volg altijd de instructies van de producent op de verpakking op bij het bewaren van diepvriesvoedsel. Indien geen informatie op de verpakking wordt vermeld, dient u de levensmiddelen niet langer dan 3 maanden vanaf de datum van aankoop te bewaren.
  • Zorg er bij de aankoop van diepvriesproducten voor dat deze zijn bewaard onder de geschikte condities en dat de verpakking niet beschadigd is.
  • Diepvriesproducten moeten in geschikte bakken worden vervoerd en zo snel mogelijk in de diepvriezer worden geplaatst.
  • Koop geen diepvriesproducten waarvan de verpakking tekenen van vocht of abnormale uitzetting vertoont. Deze kunnen mogelijk zijn bewaard bij ongeschikte temperatuur en de inhoud kan bedorven zijn.
  • De bewaartijd van ingevroren levensmiddelen is afhankelijk van de kamertemperatuur, de instelling van de thermostaat, hoe vaak de deur wordt geopend, het soort voedsel en de tijd die nodig was om het product van de winkel naar uw huis over te brengen. Volg altijd de instructies die op de verpakking staan afgedrukt en overschrijd nooit de aangegeven maximum bewaartijd.
  • Als de deur van de diepvriezer voor een lange tijd open heeft gestaan of niet goed sluit, zal er rijpvorming plaatsvinden die e󰀩ciënte luchtcirculatie in de weg staat. Los dit op door de stekker van de diepvriezer uit het stopcontact te trekken en hem te laten ontdooien. Maak de vriezer na volledig te zijn ontdooid schoon.
  • De capaciteit van de vriezer die op het etiket wordt vermeld is de capaciteit zonder manden, deksels enz.
  • Vries ontdooid voedsel niet opnieuw in. Dit kan uw gezondheid in gevaar brengen en problemen als voedselvergiftiging veroorzaken. OPMERKING: Als u tracht de deur van de vriezer te openen meteen nadat u deze heeft gesloten, merkt u dat dat niet makkelijk gaat. Dit is normaal. Nadat het evenwicht is teruggekeerd, zal de deur makkelijk opengaan.NL -82 De onderstaande tabel is een snelle gids die de meest e󰀩ciënte manier aangeeft hoe het merendeel van de voedselgroepen in uw vriesvak te bewaren. Vlees en vis Voorbereiden Maximale bewaarperiode (maanden) Biefstuk In folie wikkelen 6 - 8 Lamsvlees In folie wikkelen 6 - 8 Kalfsbraadstuk In folie wikkelen 6 - 8 Kalfsvlees in blokjes In kleine stukjes 6 - 8 Lamsvlees in blokjes In stukjes 4 - 8 Gehakt Verpakt zonder kruiden 1 - 3 Orgaanvlees (in stukjes) In stukjes 1 - 3 Bolognese-worst/salami Moet worden verpakt zelfs als er een vel omzit Kip en kalkoen In folie wikkelen 4 - 6 Gans en eend In folie wikkelen 4 - 6 Hert, konijn, wildzwijn In porties van 2,5 kg en als lets 6 - 8 Zoetwatervis (zalm, karper, meerval) Ontdoe de vis van de ingewanden en schubben, was en droog de vis. Verwijder indien nodig de kop en staart.

Schelpdieren Schoongemaakt en in een zak 4 - 6 Kaviaar In zijn verpakking, in een aluminium of plastic bakje 2 - 3 Slakken In zout water of in een aluminium of plastic bakje 3 OPMERKING: Ontdooit vlees dient als vers vlees te worden bereid. Als het vlees na het ontdooien niet wordt bereidt, mag het niet opnieuw worden ingevroren. Groenten en fruit Voorbereiden Maximale bewaarperiode (maanden) Snijbonen en bonen Gewassen, in kleine stukjes gesneden en gekookt in water

Bonen Gedopt en gekookt in water 12 Kool Gewassen en gekookt in water 6 - 8 Wortel Gewassen, in plakjes gesneden en gekookt in water 12 Paprika Snijd de steel eraf, snijd doormidden en verwijder de zaadlijsten en kook in water

Spinazie Was en kook in water 6 - 9 Bloemkool Haal het blad eraf, snijd het hart in stukjes en laat het even staan in water met wat citroensap

Aubergine Wassen en in stukken van 2 cm snijden 10 - 12 Maïs Was en verpak met steel of als maïskolf 12 Appel en peer Schil en snijd in plakken 8 - 10 Abrikoos en perzik Snijd doormidden en verwijder de pit 4 - 6NL -83 Groenten en fruit Voorbereiden Maximale bewaarperiode (maanden) Aardbeien en bosbessen Wassen en schoonmaken 8 - 12 Gekookt fruit Voeg 10% suiker aan het bakje toe 12 Groenten en fruit Voorbereiden Maximale bewaarperiode (maanden) Pruimen, kersen, zure bessen Wassen en de steeltjes verwijderen 8 - 12 Maximale bewaarperiode (maanden) Ontdooiperiode op kamertemperatuur (in uren) Ontdooiperiode in oven (in minuten) Brood 4 - 6 2 - 3 4 - 5 (220-225°C) Koekjes 3 - 6 1 - 1,5 5 - 8 (190-200°C) Gebak 1 - 3 2 - 3 5 - 10 (200-225°C) Taart 1 - 1,5 3 - 4 5 - 8 (190-200°C) Filodeeg 2 - 3 1 - 1,5 5 - 8 (190-200°C) Pizza 2 - 3 2 - 4 15 - 20 (200°C) Zuivelproducten Voorbereiden Maximale bewaarperiode (maanden) Bewaarwijze Pak (homogene) melk In eigen verpakking 2 - 3 Pure melk - in eigen verpakking Kaas, met uitzondering van witte kaas In plakken 6 - 8 Voor lang bewaren moet de oorspronkelijke verpakking worden gebruikt. Voor langere perioden moet het in folie worden gewikkeld. Boter, margarine In eigen verpakking 6

5 REINIGING EN ONDERHOUD

Verwijder de stekker uit het stopcontact voor het reinigen. Giet geen water in en over uw apparaat. Gebruik geen schurende producten, schoonmaakmiddelen of zeep om uw apparaat te reinigen. Na het reinigen afspoelen met schoon water en zorgvuldig drogen. Steek na het reinigen de stekker weer in het stopcontact met droge handen.

  • Zorg ervoor dat er geen water terechtkomt in de lampbehuizing en andere elektrische onderdelen.
  • Het apparaat moet regelmatig gereinigd worden met een oplossing van natriumbicarbonaat en lauw water.
  • Reinig de accessoires afzonderlijk handmatig met zeep en water. Was de accessoires niet in de vaatwasmachine.
  • Reinig de condensator minstens tweemaal per jaar met een borstel. Dit draagt bij aan energiebesparing en verhoogt de productiviteit. De stekker van het apparaat moet tijdens het reinigen uit het stopcontact zijn getrokken.NL -84

Ontdooien van het koelkastgedeelte

  • Het ontdooien vindt in het koelkastgedeelte tijdens de werking automatisch plaats. Het water wordt opgevangen in het verdampingsreservoir en automatisch verdampt.
  • Het verdampingsreservoir en de waterafvoeropening moeten periodiek gereinigd worden met de ontdooiplug om te verhinderen dat zich onderin de koelkast water verzamelt in plaats van weg te stromen.
  • U kunt de waterafvoeropening ook reinigen door er een half glas water door te gieten. Ontdooiproces diepvriezer
  • Binnenin uw diepvriezer hopen zich, afhankelijk van hoelang de deur openstaat of de hoeveelheid vloeistof dat geplaatst is, kleine hoeveelheden rijp op. Het is van belang ervoor te zorgen dat er zich geen rijp of ijs vormt op plaatsen waar dit van invloed is op het goed afsluiten van de deur. Dit kan zorgen dat lucht de kast binnenkomt en voortdurend draaien van de compressor veroorzaken. Dunne rijpvorming is behoorlijk zacht en kan met een borstel of plastic krabbel worden verwijderd. Gebruik geen metalen of scherpe krabbers, mechanische apparaten of anderen middelen om het ontdooiproces te versnellen. Verwijder alle losgeraakte rijp uit de bodem van de kast. Het is voor verwijdering van dunne rijp niet noodzakelijk het apparaat uit te schakelen.
  • Voor verwijdering van zware ijsvorming dient u de stekker van het apparaat uit het stopcontact te trekken en de inhoud in kartonnen dozen te doen en die in dikke dekens of lagen papier wikkelen om alles koud te houden. Het ontdooien is het meest e󰀨ectief bij een bijna lege diepvriezer en dient zo snel mogelijk te worden uitgevoerd om te voorkomen dat de inhoud ontdooit.
  • Gebruik geen metalen of scherpe krabbers, mechanische apparaten of anderen middelen om het ontdooiproces te versnellen. Een temperatuurverhoging in het ingevroren voedsel tijdens het ontdooien verkort de houdbaarheid. Houd de inhoud goed ingewikkeld en koel terwijl de ontdooiing plaatsvindt.
  • Droog de binnenkant van het vak met een spons of een schone doek.
  • Een of meerdere kommen warm water in het diepvriesvak kan het ontdooiproces versnellen.
  • Controleer de inhoud bij het terugplaatsen in de diepvriezer. Als blijkt dat een pakket ontdooid is, dient het binnen 24 uur opgegeten te worden of te worden bereid en daarna opnieuw worden ingevroren.
  • Reinig nadat het ontdooien voltooid is de binnenkant van het apparaat met warm water en wat zuiveringszout enNL -85 droog het daarna grondig af. Was alle uitneembare delen op dezelfde wijze en zet alles weer in elkaar. Steek de stekker van het apparaat weer in het stopcontact en laat het apparaat 2 tot 3 uur op instellingsnummer MAX staan voordat u het voedsel terug in de diepvriezer plaatst. Vervangen van ledverlichting Neem contact op met het dichtstbijzijnde erkende servicecentrum om leds te vervangen. Opmerking: Het aantal en de plaats van de ledstrips kunnen afhankelijk van het model verschillen. Als het product met een ledlamp is uitgerust Dit product bevat een lichtbron van energie- e󰀩ciëntieklasse <E>. Indien product uitgerust met LED- strip(s) of LED-kaart(en) Dit product bevat een lichtbron van energie- e󰀩ciëntieklasse <F>.

6 VERVOER EN VERPLAATSEN

6.1 Vervoer en van plaats veranderen

  • Originele verpakkingen en piepschuim kan voor hertransport bewaard worden (optioneel).
  • U moet uw apparaat stevig verpakken en met banden of sterke touwen vastmaken en de instructies voor vervoer op de verpakking opvolgen.
  • Verwijder alle beweegbare delen of maak ze met banden vast aan het apparaat om ze tijdens herplaatsing of vervoer te behoeden tegen schokken. Draag uw apparaat altijd in verticale stand.

6.2 Omzetten van de deur

  • Als de deurhendels van uw apparaat op de voorkant van de deur zijn gemonteerd, is het niet mogelijk de draairichting van de deur te veranderen.
  • Op modellen zonder handvaten is het mogelijk om de draairichting van de deur van uw koelkast te veranderen.
  • Als de draairichting van uw koelkast deur veranderd kan worden, moet u hiervoor contact opnemen met de dichtstbijzijnde erkende onderhoudsdienst.

OPNEEMT MET KLANTENSERVICE Als u een probleem ondervindt met uw apparaat, controleer dan het volgende voordat u contact op neemt met de klantenservice. Uw apparaat werkt niet Controleer of:

  • de stekker correct in het stopcontact is gestoken;
  • de stekker of zekering is gesprongen;
  • het stopcontact defect is. Steek om dit te controleren de stekker van een functionerend apparaat in hetzelfde stopcontact. Het apparaat presteert slecht Controleer of:
  • het apparaat overladen is;
  • de deur van het apparaat goed gesloten is;
  • er geen stof op de condensator zit;
  • er zich voldoende ruimte aan de achterkant en zijkanten bevindt. Uw apparaat werkt luidruchtig Normale geluiden Krakend geluid komt voor:
  • tijdens het automatisch ontdooien;
  • als het apparaat wordt gekoeld of opwarmt (door uitzetting van materiaal in het apparaat).NL -86 Kort krakend geluid komt voor: wanneer de compressor door de thermostaat in en uit wordt geschakeld. Motorgeluiden: geeft aan dat de compressor normaal werkt. De compressor kan korte tijd meer geluid produceren als deze voor het eerst wordt geactiveerd. Pruttel- en spettergeluid komt voor: door de stroom van koelvloeistof in de leidingen van het systeem. Waterstromingsgeluid komt voor: door water dat naar de verdampbak loopt. Dit geluid is normaal tijdens het ontdooien. Geluid van blazen van lucht: dit komt voor in bepaalde modellen tijdens normale werking van het systeem door de circulatie van lucht. De randen van het apparaat die de deurnaden raken zijn warm De oppervlakken die de deurnaden raken kunnen, in het bijzonder tijdens de zomer (warme seizoenen), warmen worden tijdens de werking van de compressor. Dit is normaal. Er bestaat een ophoping van vocht in het apparaat Controleer of:
  • alle etenswaren juist zijn verpakt; bakjes droog zijn voordat ze in het apparaat worden gezet;
  • de deuren van het apparaat frequent worden geopend. De vochtigheid in de omgeving komt bij het openen van de deuren in het apparaat terecht. De vochtigheid neemt toe als de deuren vaker worden geopend, in het bijzonder als de vochtigheid in de ruimte hoog is. De deur opent of sluit niet correct Controleer of:
  • er levensmiddelen of verpakkingen het sluiten van de deur in de weg staan;
  • de scharnieren kapot of gescheurd zijn;
  • uw apparaat op een vlakke ondergrond staat.
  • De compressor kan luid draaien of het geluid van de compressor/koelkast kan verhogen bij sommige modellen wanneer ze in bepaalde omstandigheden werken als het product voor de eerste keer wordt aangesloten, afhankelijk van wijzigingen in de omgevingstemperatuur of verandering in gebruik. Dit is normaal. Wanneer de koelkast de vereiste temperatuur bereikt, vermindert het geluid automatisch. Aanbevelingen
  • Wacht nadat het apparaat uitgeschakeld is of de stekker uit het stopcontact is getrokken 5 minuten voordat u de stekker weer terugsteekt of het apparaat weer inschakelt om te voorkomen dat de compressor schade oploopt.
  • Als u uw apparaat gedurende lange tijd (bijv. in de zomervakantie) gebruikt, trek dan de stekker eruit. Reinig uw apparaat zoals beschreven in hoofdstuk over reiniging en laat de deur open om de vorming van vocht en geuren te voorkomen.
  • Als een bepaald probleem blijft bestaan nadat u alle bovenstaande instructies heeft opgevolgd, neemt u contact op met de dichtstbijzijnde erkende onderhoudsservice.
  • Het apparaat dat u heeft gekocht is uitsluitend ontworpen voor huishoudelijk gebruik. Het is niet geschikt voor commercieel of gemeenschappelijk gebruik. Als de consument het apparaat gebruikt op een wijze die hier niet aan voldoet, benadrukken we dat de fabrikant en het verkooppunt niet aansprakelijk zijn voor reparatie en storingen binnen de garantieperiode.

1. Installeer het apparaat in een koele,

goed geventileerde ruimte, maar niet in direct zonlicht, noch dichtbij een warmtebron (zoals een radiator of oven), ander moet een isolatieplaat worden gebruikt.NL -87

2. Laat warme etenswaar en dranken

afkoelen voordat u ze in het apparaat plaatst.

3. Plaats ontdooiend voedsel in het

koelkastgedeelte indien beschikbaar. De lage temperatuur van het ingevroren voedsel zal helpen het koelkastgedeelte te koelen wanneer het ontdooit. Dit zal energie besparen. Het ontdooien van ingevroren voedsel buiten het apparaat is energieverspilling.

4. Dranken en andere vloeisto󰀨en moeten

in het apparaat worden afgedekt. Als ze onafgedekt blijven zal de vochtigheid in het apparaat toenemen en het apparaat meer energie verbruiken. Het afdekken van dranken en vloeisto󰀨en behoudt beter het aroma en de smaak.

5. Vermijd het lang open laten staan van

de deuren en het frequent openen van de deuren. Warme lucht kan dan in het apparaat komen en ervoor zorgen dat de compressor onnodig vaak aanslaat.

6. Houd de deksels van vakken met een

andere temperatuur in het apparaat gesloten (zoals de groentelade en koeler indien beschikbaar).

7. Houd deurpakkingen schoon en

buigzaam. Vervang de pakking als deze versleten is. 9 TECHNISCHE GEGEVENS De technische informatie staat vermeld op het typeplaatje op de binnenkant van het apparaat en op het energielabel. De QR-code op het energielabel dat met het apparaat wordt geleverd, voorziet in een weblink naar de informatie die betrekking heeft op de prestaties van het apparaat in de EPREL-database. Bewaar het energielabel ter naslagwerk bij de gebruikershandleiding en alle andere documenten die met dit apparaat zijn geleverd. U kunt dezelfde informatie over EPREL vinden via de link https://eprel.ec.europa.eu, de modelnaam en het productnummer dat u aantreft op het typeplaatje van het apparaat. Gebruik de link www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel. 10 INFORMATIE VOOR TESTINSTITUTEN Installatie en voorbereiding van het apparaat voor EcoDesign-keuring dienen te voldoen aan EN 62552. De ventilatievereisten, afmetingen van de nis en minimale vrije ruimte aan de achterkant dienen te voldoen aan de vereisten van DEEL 2 in deze gebruikershandleiding. Neem contact op met de fabrikant voor eventuele verdere informatie, waaronder laadplannen.

11 SERVICE EN ONDERDELEN

Gebruik altijd originele reserveonderdelen. Zorg ervoor dat u de volgende gegevens bij de hand hebt wanneer u contact opneemt met ons geautoriseerde servicecentrum: model, serienummer en service-index. De informatie staat op het typeplaatje. Wijzigingen voorbehouden. De originele reserveonderdelen voor sommige specieke componenten zijn beschikbaar gedurende minimaal 7 tot 10 jaar, afhankelijk van het type component, vanaf het in de handel brengen van de laatste stuks van het model. Bezoek onze website om: www.sharphomeappliances.comES - 88 Gracias por elegir este producto. Este Manual de usuario contiene información de seguridad e instrucciones importantes relacionadas con el uso y mantenimiento del aparato. Tómese el tiempo que necesite para leer este Manual de usuario antes de usar el aparato y guárdelo por si tuviese que consultarlo más adelante. Icono Tipo Signicado ADVERTENCIA Riesgo de lesión grave o muerte RIESGO DE DESCARGA ELÉCTRICA Riesgo de voltaje peligroso INCENDIO Advertencia; Riesgo de incendio / materiales inamables PRECAUCIÓN Riesgo de lesiones o daños materiales IMPORTANTE / NOTA Uso correcto del sistemaES - 89 ÍNDICE